Besluitenlijst Oordeelsvormende vergadering II d.d. 7 juni 2022.pdf
Tekst van het document
OPENBAAR
Besluitenlijst Oordeelvormende vergadering van 07 juni 2022 Aanvang: 19.30 uur – Zaal Lintelo Aanwezig:
Voorzitter: Mevrouw Van Alstede De leden: Agendapunt 2: De dames Ten Bruin, Diepenbroek, Van Santen, Deunk, Oonk en de heren Rijks en Van der Graaff Agendapunt 3: De dames Te Grotenhuis, Diepenbroek, Van Santen, Kraaijenbrink, Oonk en de heren Rijks en Van der Graaff Namens het college: Wethouder Wikkerink, Wethouder te Lindert Griffier: de heer ter Beest
2. Voorstel tot vaststellen start nota inclusie 2022 Eerste termijn: Mevrouw van Santen: CU is blij met de startnota en heeft de beeldvorming als zeer prettig ervaren. Het is CU nog niet duidelijk hoe het project verder vorm wordt gegeven. Hoe gaat het proces eruitzien en hoe wordt de raad geïnformeerd? Dit is ook een mogelijk discussiepunt. In het gesprek tijdens de beeldvorming kwam onder andere naar voren dat brieven van de gemeente soms nog moeilijk te lezen. Winkels die niet altijd even toegankelijk zijn voor mensen in een rolstoel en kinderwagen. Ook zijn er mensen die niet naar een winkel gaan omdat er te veel prikkels zijn. Hoe kunnen we hier mee omgaan? Dat horen we graag van de andere fracties. Mevrouw Oonk: VVD is positief over de nota en de insteek. De tafeltjes avond was zeer positief. Prioritering is een ding. VVD heeft drie punten. Het eerste is communicatie, Hoe kunnen we de burger beter bereiken. De pagina’s in Aalten Vooruit zijn soms misschien wel te vol. Het tweede punt gaat over het loket, hier willen we misschien wel een discussiepunt van maken. Is dit hetzelfde loket als waar we in het sociaal domein om vragen? Vraag aan de wethouders: hoe ziet zo’n loket eruit? Waarom is het er nog niet? Waarom duurt dat zo lang? Het laatste punt is: hoe blijven we als raad aangesloten. Dit sluit aan op het punt van CU.
Mevrouw Ten Bruin: BBB-HMV is positief over de nota, vorige week tijdens de tafeltjesavond ook goede gesprekken gevoerd. Wat opvalt is dat bepaalde groepen hebben meegeholpen bij het opstellen van de Nota, maar dat ook wel groepen missen. Hoe gaan we ervoor zorgen dat alle groepen inwoners vertegenwoordigd worden bij de uitwerking? Er wordt in de Nota gerefereerd naar passend onderwijs, daar wordt altijd heel van verwacht en willen ook graag alle kinderen op ‘normale’ scholen plaatsen, maar het is niet zaligmakend. Sommige kinderen zijn beter af op speciaal onderwijs. Graag een reactie van de wethouder en de andere fracties hierop. Tijdens het gesprek kwam ook nog naar voren dat verzorgenden soms te veel willen zorgen. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat verzorgenden soms wat minder zorgen, maar juist proberen die groepen wat zelfstandiger te krijgen. Mevrouw Diepenbroek: PP vindt het mooi een stuk! In de uitvoering moet gaan blijken of het gaat lopen zoals wij graag willen. Het was een mooi gesprek vorige week. Ook wij kunnen ons aansluiten bij het punt over hoe het proces in de gaten wordt gehouden. Wij willen ook nog aandacht voor de communicatie en dan niet de communicatie die per se op niveau B2 moet plaatsvinden, maar de communicatie naar alle inwoners, Want wij vinden dat inclusie begint bij begrip voor elkaar.
Dat zou ik graag mee willen geven en ik ben benieuwd hoe de wethouders daarnaar kijken. De heer Rijks: GB ziet de nota als een mooi startpunt voor verdere ontwikkeling. 3 woorden vielen aan bijna alle tafels dat zijn: communicatie, toegankelijkheid en draagvlak. We hebben de culturele minderheden en mensen met een (forse) lichamelijke beperking gemist tijdens de tafeltjesavond. We kunnen begrijpen dat het soms moeilijk is om iedereen (alle doelgroepen) aan tafel te krijgen. We kunnen ons voorstellen dat voor sommige mensen die aan het begin van het proces afhaakten een maatje zou kunnen helpen om ze wel mee te laten doen. De communicatie en begrijpelijke taal zijn een
helder punt waarnaar ook de sociale raad refereert. Passend onderwijs is een onderwerp naar mijn hart. Ik vind het belangrijk dat we zoveel mogelijk kinderen mee kunnen laten doen aan de maatschappij. Mevrouw Deunk: Ook vanuit het CDA de complimenten voor het stuk. Het was een mooie beeldvorming op een leuke manier georganiseerd. Persoonlijk miste ik cluster 1; blind en slechtziendheid. Ik hoop dat ze wel zijn meegenomen. De loketfunctie en toegankelijkheid gaan we graag het gesprek over aan. De heer van der Graaff: D66 heeft enkele discussiepunten. D66 mist diversiteit als thema in deze nota inclusie. Dat verwondert ons wel omdat er zolang aan deze nota gewerkt is en D66 hier regelmatig om heeft gevraagd. Onze ambitie met betrekking tot LHBTIQ+ is om de mogelijkheid om een regenbooggemeente te worden serieus te onderzoeken. Hangt de vlag al aan de Hofstraat? Welke lading geven we hieraan? Het tweede punt vanuit D66 is de reikwijdte vanuit de doelgroep. Dit is ook al eerder genoemd hieraan tafel. Ervaringsdeskundigheid is goed, maar laat hen (zoals GB voorstelt) met zijn tweeën komen en zet daar ook coaching naast. Heb ook oog voor andere doelgroepen als mensen met mentale problemen, LHBTIQ+, arbeidsmigranten, statushouders. Ten derde stelt D66 een jaarlijkse evaluatie voor waarin de raad kan aanscherpen en actualiseren.
Reactie college: Wethouder Wikkerink: Dank voor alle complimenten. Het is een lang proces geweest, maar gedurende dit proces kwam ik erachter dat dat niet voor niks is geweest als je alle doelgroepen goed wilt betrekken. De werkwijze met de klankbordgroep was erg goed. Hierdoor is het geen stuk geworden die bedacht is door de gemeente, maar een die ontstaan is vanuit de doelgroep zelf. Soms ging het moeizaam, zeker als gevolg van corona, sommige mensen haakten af, anderen sloten aan. Het is de bedoeling om door te gaan met de klankbordgroep en meer (groepen) mensen betrekken bij de uitvoering van deze nota. We gaan werken met verschillende werkgroepen waarin verschillende doelgroepen samen werken met ambtenaren. De werkgroepen bepalen ook de prioriteitsstelling. Als zij aangeven dat een bepaald onderwerp belangrijk is, gaan ze als eerste daarmee aan het werk. Je kunt stellen dat we in deze nota geen kant en klare oplossingen aanbieden, maar een soort agenda waar we mee aan de gang gaan de komende tijd. Het is jammer dat niet alle groepen vertegenwoordigd zijn, wij zouden ook het liefst zien dat dat gebeurt. Het is jammer dat sommigen afhaken. Het is een dynamisch proces waarin mensen aanhaken en soms afhaken. We gaan werkgroepen maken met mensen uit de doelgroepen en ambtenaren zodat inclusie ook door de hele organisatie heen gedragen gaat worden.
Voorlichting en communicatie is een van de prioriteiten uit de nota en geldt ook voor onze medewerkers. Laaggeletterdheid wordt genoemd. We hebben een nota laaggeletterdheid die lokaal en regionaal wordt uitgerold. Hierbij is ook extra aandacht voor digitale vaardigheid samen met kruiswerk en de bibliotheken. We zijn aan het nadenken over de loketfunctie. Enerzijds wordt gezegd dat het goed zou zijn om één loket ergens in de gemeente te hebben, misschien wel gekoppeld aan het gemeentehuis, bijvoorbeeld de oude Rabobank. Anderzijds moet je misschien wel steunpunten in wijken creëren. Hier moeten we nog goed over nadenken, want dit heeft ook alles te maken met de toegang tot zorg, Daar komen we z.s.m. op terug, want dit is een belangrijk onderwerp. Mevrouw Oonk: wat bedoelt de wethouder met zo snel mogelijk? Is dat voor de zomer al? Wethouder Wikkerink: Nee daar gaan we goed over nadenken. Dit jaar krijgt u daar antwoord op. Dit wordt ook onderdeel van het uitvoeringsprogramma sociaal domein. Het loket in de nota inclusie is hetzelfde loket als in de nota sociaal domein. Uiteraard gaat er terugkoppeling plaatsvinden over de voortgang. Dat vinden wij ook erg belangrijk. Dit wordt overigens ook genoemd in de nota. Wellicht in de commissie sociaal domein. Mevrouw Diepenbroek wijst op het belang van goede communicatie richting alle inwoners.
Ik ben dat met haar eens, want inclusie heeft alles te maken met het feit dat we een samenleving zijn waarin iedereen een plek krijgt. Cluster 1, ik weet niet of het de bedoeling is dat alle doelgroepen mee kunnen doen in de klankbordgroep. D66 wijst op diversiteit, we gaan hier de komende tijd, in 2022 maken we een programma voor diversiteit. Mevrouw Deunk: Ik wil nog even benoemen dat als je praat over toegankelijkheid in de breedste zin van het woord het erg belangrijk is om cluster 1 mensen (blinden en slechtzienden) te betrekken en mee te nemen. Wethouder Wikkerink: Dit hebben we al gedaan met het stembureau. Er was een speciaal stembureau ingericht in de voormalige Rabobank. We hebben op het netvlies dat deze groep belangrijk is. In de loop van 2022 gaan we aan de slag met diversiteit. We gaan de vlag uithangen en onderzoeken of we kunnen aansluiten bij de gemeente Winterswijk en Oost Gelre. Dat moet nog uitgewerkt worden. We willen dit heel graag, maar dan wel met mensen uit de doelgroep en helaas zijn er nog geen mensen uit de LHBTIQ+ aangesloten in het panel. Er zijn lijntjes uitgezet.
2
Wethouder Te Lindert: Deze startnota is niet een uitputtende lijst van alle doelgroepen. We blijven openstaan voor groepen mensen die niet of onvoldoende vertegenwoordigd zijn. Wat betreft het prikkelarme uurtje. Het is een mooi idee, maar het is belangrijk dit onderwerp te bespreken met de mensen die het betreft, de ervaringsdeskundigen. Dus erg goed dat jullie er met elkaar over van gedachten wisselen, maar ga het gesprek vooral aan met de mensen om wie het gaat. Nu over het onderwijs. Wat mevrouw Ten Bruin aangeeft over passend onderwijs is mij uit het hart gegrepen. Ik zou het zelf gezegd kunnen hebben. Passend onderwijs moet vooral niet een vergaarbak zijn waarin iedereen in het onderwijs mee te laten. Inclusiviteit in het onderwijs is erg belangrijk en we zijn hierover in gesprek met de scholen, maar ook met de kinderopvang. We gaan ons met het onderwijs aansluiten bij de gelijke kansenalliantie, wat alles te maken heeft met inclusiviteit, hetgeen heel goed is. Het is goed voor kinderen die naar het speciaal onderwijs gaan, maar ook voor de kinderen die naar regulier onderwijs gaan om kennis te maken met hele maatschappij. Maar er zijn wel grenzen aan en die grenzen moeten we goed in de gaten houden met elkaar. Het speciaal onderwijs zal in mijn optiek altijd blijven bestaan.
De heer Van der Graaff: Hoe kijkt u naar jonge mantelzorgers als klankbordgroep om het gesprek aan te gaan met het onderwijs, zowel PO als VO om daarmee het gesprek over kansengelijkheid aan te gaan. Wethouder Te Lindert: Ook deze groep mensen hoort daar zeker in thuis en ook daar gaan de gelijke kansen toenemen als het onderwijs zich daarvan bewust is. Het is wel zaak om deze groep vertegenwoordigd te krijgen in het gesprek over gelijke kansen. De heer Van der Graaff: ziet u daarbij ook een rol voor iemand vanuit het onderwijs om daar een coachende rol in te krijgen. Wethouder Te Lindert: Dat zou mogelijk moeten zijn, maar de uitwerking moet plaatsvinden met mensen uit het onderwijs. Mevrouw Ten Bruin: Het is mooi dat de wethouder het eens is dat speciaal onderwijs zou moeten blijven bestaan. Is het zo dat het budget daarvoor steeds kleiner wordt? Kinderen met fysieke klachten kunnen wel meedraaien in het reguliere onderwijs, maar voor kinderen met psychische klachten is het steeds lastiger. Blijven er voldoende plekken voor speciale kinderen? Wethouder Te Lindert: Dat is niet aan de gemeente of de middelen in het onderwijs in voldoende mate naar de scholen gaan. We zijn er natuurlijk wel voor de scholen om daarover mee te denken.
Dat als je inclusief onderwijs nastreeft, dat daarmee ook de kennis en expertise, de ruimte en alles wat je nodig hebt en eventuele aanpassingen dat dat via het passend onderwijs ook op de goeie plek terecht gaat komen. We zijn als gemeente ambitieus als het gaat om het creëren van Integrale Kind Centra (IKC) die we ook inclusief gaan maken. Ik wil nog wat benoemen over de loketfunctie. Ik vind dat we in de zoektocht naar zo’n loket ook de jeugd mee moeten nemen en dat zouden zomaar die IKC’s kunnen zijn om daar zo’n steunpunt in te richten. De heer Van der Graaff: Heel goed punt, steunpunten op locatie, maar hoe gaan we dan om met schaamte? Dat mensen niet open en bloot zo’n steunpunt binnen willen gaan. Wethouder Te Lindert: Ik ben geneigd om te zeggen dat als je zo’n steunpunt binnengaat, dan valt het minder op dat je een vraag hebt omdat je er toch moet zijn om je kind naar school te brengen. Maar we zoeken ook naar digitale mogelijkheden om je vraag neer te kunnen leggen. Ik wil de plek van de kinderen ook nog even benoemen. We hebben al een kinderraad, maar het is wens (en de gesprekken met Figulus zijn al opgestart) om ook richting een jongerenraad te gaan. Waarbij we ook de kinderraad doorzetten. We willen de stap zetten om ook de wat oudere jeugd te betrekken en een plek te geven in het meedenken over beleid.
Discussiepunten: • Hoe gaan we de uitvoering van de Nota gaan borgen en structureren in een periodiek overleg waarin we kunnen bijsturen. • Hoe kijken de ander raadsleden naar een prikkelarm uurtje? • Hoe krijgen we verzorgenden zover dat ze bewoners helpen zelfstandiger te worden. Tweede termijn: Discussiepunt: Hoe gaan we de uitvoering van de Nota gaan borgen en structureren in een periodiek overleg waarin we kunnen bijsturen. Mevrouw Van Santen: CU denkt dat het goed is om het onderwerp ieder jaar terug te laten komen om een duidelijk beeld te krijgen van hoe het er allemaal uit gaat zien. Mevrouw Oonk: Wat VVD betreft is het een goed idee om periodiek geïnformeerd te worden bijvoorbeeld in de Commissie Sociaal Domein. Tijdens de tafeltjesavond werd al wel duidelijk dat de projectgroep verantwoording af kan en wil leggen. Hoe vaak moeten ze zelf bepalen
3
De heer Van der Graaff: D66 vindt dat het aan ons als raad is om te bepalen wanneer wij geïnformeerd worden over de voortgang. Ik ben wel benieuwd hoe jullie dat zien en hoe vaak. De heer Rijks: Als straks bekend is met welke onderwerpen ze aan de slag gaan kunnen we aan de projectgroep vragen wanneer zij ons kunnen informeren? Als een onderwerp is afgerond kunnen ze ons daarover rapporteren en ik schat in dat we dan 1 keer per jaar uitgebreid kunnen evalueren met elkaar. De heer Van der Graaff: Dat is 1 punt, thematisch evalueren, maar we gaan toch ook het geheel evalueren? We gaan met een aantal thema’s aan de gang. Hoe gaan we dat geheel bijhouden? De heer Rijks: Ik heb van de wethouders begrepen dat ze gaan proberen die groepen zo volledig mogelijk te maken, dat moeten we dan ook aan de wethouders laten. Voor ons zijn daarna alleen de thema’s van belang. Mevrouw Diepenbroek: Er is al verschillende keren benoemd dat het moeilijk is om mensen te vinden. Misschien is het ook een opdracht aan ons als raad om als wij mensen kennen, hen te vragen om mee te doen. De heer Van der Graaff: Ik zie daar een terechte oproep van u. Dat wij als raad ook de hand uitsteken. Misschien moeten wij een oproep laten plaatsen in de krant.
Discussiepunt: Hoe kijken de ander raadsleden naar een prikkelarm uurtje? Mevrouw Ten Bruin: We hebben zoiets ook gehad in de coronatijd en daar werkte dat niet altijd even goed. We moeten natuurlijk ook naar de kosten/baten kijken of dit zin heeft. Mevrouw Diepenbroek: Ik heb de vraag ook gehoord tijdens de tafeltjesavond. We moeten ons natuurlijk ook afvragen of het nodig is dat de radio keihard aanstaat tijdens het boodschappen doen. Ik begrijp de vraag van CU goed, moeten we een prikkelarm uurtje of moet de radio gewoon zachter. Mevrouw van Santen: Dat is niet helemaal mijn punt. Mijn punt is meer, gaan we een uitzondering maken voor deze doelgroep? Of gaan we ons best doen om deze mensen mee te laten doen? De heer Rijks: We moeten geen uitzonderingen maken. Als wij goede ideeën hebben moeten wij ondernemers hierin meenemen en vragen het over te nemen. Laat iedereen daarin ook vooral zijn eigen verantwoordelijkheid nemen. Mevrouw Oonk: Ik zit er beetje tussenin. Je wilt dat iedereen erbij hoort en niet iets anders bedenken. Ondernemers doen dat wel als hen dat geld op kan leveren. VVD houdt wel van eigen verantwoordelijkheid. Mevrouw Deunk: Ik vind dit een mooie, maar ook lastige discussie. De deelnemer aan de tafeltjesavond was heel duidelijk. Zij vindt het niet prettig in een supermarkt omdat het zo druk is. Ik heb zelf een slechtziende zoon en het is niet makkelijk.
Hij kan niet op een druk moment met veel vakkenvullers naar de Albert Heijn voor een boodschap voor een pak melk. Natuurlijk wil ik dat hij normaal kan functioneren. Maar dat kan niet. Want op momenten dat de vakken gevuld worden is het te druk. Wij lopen daarom heen en zien waar we moeten zijn, maar iemand die slechtziend is kan dat niet. We willen wel inclusief zijn, maar wat ook de deelnemer aan de tafeltjesavond vorige week zei, ik ga liever niet, want het is te druk of er zijn te veel prikkels. Het is een lastige discussie, maar ook mooi. Het volksfeest in Aalten heeft jarenlang een prikkelarme start gehad op verzoek van Estinea. Het is er echter ook weer op verzoek Estinea weer afgehaald omdat zij op een gegeven moment vonden dat hun cliënten ‘gewoon’ mee moesten kunnen doen. Ergens zou het mooi zijn dat je bij organisatoren de bewustwording erin krijgt dat soms een half uurtje voor opening het al toegankelijk is voor mensen die moeite hebben met de prikkels die drukte met zich meebrengt. De heer Van der Graaff: Volgens mij vraagt dit om maatwerk en bewustwording. Als de bewustwording omhooggaat kan er op maat soms een uitzondering gemaakt worden. Mevrouw van Santen: Daarom is het goed dat dit terug gaat komen. Discussiepunt: Hoe krijgen we verzorgenden zover dat ze bewoners helpen zelfstandiger te worden.
Mevrouw Diepenbroek: Ik vind dit punt wel bijzonder want volgens mij worden heel veel mensen al opgeleid om mensen juist te begeleiden en niet per se te verzorgen en ik denk dat daar de kern zit. Dat mensen meer gefocust zijn op begeleiden naar zelfredzaamheid en wat kan diegene. Ik denk dat mensen die in de zorg werken met zorg als basis misschien met een cursus meer bewust worden van de mogelijkheden tot zelfredzaamheid. Dit ligt ook meer bij de organisaties waar deze mensen werken en misschien minder bij de gemeente. Die bewustwording kunnen we misschien wel vergroten. Mevrouw Ten Bruin: We hebben vorige week de tafeltjesavond gehad, zou het een idee zijn om dat ook eens met mensen van Estinea het gesprek aan te gaan? De heer Van der Graaff: Misschien kunnen we met zijn allen (als Raad) eens op bezoek bij de klankbordgroep van Estinea.
4
Conclusie. De voorzitter concludeert dat het stuk rijp is voor de raad. Er is een voornemen om een motie in te dienen. Dit voorstel wordt daarom als bespreekstuk voor de raadsvergadering van 21 juni 2022 geagendeerd.
3. Voorstel tot kennisnemen van voorlopige jaarstukken 2021 en geen zienswijzen in te brengen op de concept Programmabegroting 2023 en de twee begrotingswijzigingen 2023 van de GGD NOG Robuust en de Jeugdgezondheid adolescenten Eerste termijn: Mevrouw Diepenbroek: PP stemt in met het voorstel, geen discussiepunten. De heer Rijks: GB stemt in met het voorstel, geen discussiepunten. Mevrouw Kraaijenbrink: CDA stemt in met het voorstel. Wel 1 vraag over de programmabegroting. De GGD doet veel in het kader van preventie, ook lezen we dat ze meer in gaan zetten m.b.t. adolescenten. De gemeente Aalten heeft samen met andere gemeenten in Oost-Achterhoek het preventieplatform jeugd opgetuigd. Beide zijn goede initiatieven. Voorkomen moet worden dat zaken dubbel gedaan worden. Daarom zouden we graag zien dat de GGD en het PPJ elkaar versterken. Hoe kijkt de wethouder hiernaar? De heer Van der Graaff: Wij zagen in de stukken dat andere gemeenteraden wel door het college worden uitgenodigd een zienswijze in te dienen. Ons college doet dat niet, zeker omdat de GGD anders gaat werken is het als raad misschien goed om juist wel een zienswijze in te dienen, hoe wij wensen dat de GGD functioneert. Mevrouw van Santen: CU stemt in en heeft geen discussiepunten. Mevrouw Oonk: VVD is het eens met het voorstel en heeft geen discussiepunten. Mevrouw Te Grotenhuis: Eens met het voorstel.
Het valt ons op dat met een minimale stijging wordt gerekend. Is dat reëel tot de recente kostenstijgingen? Reactie college: Wethouder Wikkerink: Laat ik beginnen met hetgeen dat mevrouw Kraaijenbrink naar voren brengt. Dit is namelijk precies de aanleiding geweest van de takendiscussie die afgelopen anderhalf jaar heeft plaatsgevonden. En die door middel van deze begroting omgevormd is naar GGD Robuust. Want een van de kritiekpunten op de GGD was dat de GGD wel van de gemeenten is, maar dat aan de voorkant sturen som heel erg lastig was. De samenwerking op het gebied van preventie Jeugd is een heel mooi voorbeeld. Er wordt nu veel intensiever samengewerkt met de gemeenten aan de voorkant in het PPJ. Bijvoorbeeld in de programma’s Kansrijke Start en Nu niet Zwanger. Datzelfde zie je ook bij de adolescenten, die nu bij de inwonerbijdrage is inbegrepen. Dus ja, er is veel aandacht vanuit de GGD op samenwerking. De heer van der Graaff: U legt de bal mooi voor, willen wij als gemeente Aalten dan niet wat meer sturen. Wat willen wij? Andere gemeenten hebben dat ook gedaan. Die hebben een zienswijze ingebracht. Kunt daarover wat zeggen. Wethouder Wikkerink: Afgelopen zomer hebben we de kaderbrief behandeld er is ook een voorlichting geweest van de GGD waarin de hele gang van zaken is toegelicht rondom GGD-Robuust.
De zienswijze die andere gemeenten hebben ingebracht waren op die kaderbrief en niet zozeer op de begroting. Als we toen hadden aangeven welke kant het op zou moeten dan hadden we dat teruggezien in deze begroting. Het staat natuurlijk iedereen vrij een zienswijze in te dienen. Wij als college vinden dat niet nodig omdat we het eens met de richting die de GGD op wil gaan, naar een robuuste GGD. Mevrouw Van Santen: U geeft dus aan dat, als we een zienswijze hadden willen indienen, dit beter bij de kaderbrief gepast had. Wethouder Wikkerink: Ja, dat klopt, maar als u wilt, kan het nu ook nog. Maar een kaderbrief komt elk jaar en elk jaar kan de raad een zienswijze indienen. Ik zou het toejuichen als de raad met een zienswijze op inhoud komt. Vaak gaat het alleen om de gemeentelijke bijdrage. De heer van der Graaff: U geeft enerzijds aan dat u als college instemt met de gekozen lijn van de GGD, anderzijds zou u het toejuichen dat wij als raad een zienswijze op inhoud zouden indienen. Welke vorm kunnen wij daarover dan afspreken. Legt u ons dan de volgende keer voor dat wij een zienswijze in kunnen dienen of legt u dat terug bij ons?
5
Mevrouw Van Alstede: Ik ga even inbreken. Een zienswijze mag u altijd indienen. Dat is helemaal aan de raad zelf. Daar hoeft het college niet op te adviseren. Als het college zelf ziet dat ze het niet helemaal eens zijn met een begroting, of een kaderbrief, dan kunnen ze de raad daarop attenderen en adviseren. Maar dat neemt niet weg dat we er ook als raad zelf iets van mogen vinden. Daar hoeve we niet het college op te bevragen. Die verantwoordelijkheid ligt ook niet bij het college. Wethouder Wikkerink: Dit klopt helemaal, soms adviseren we wel een zienswijze in te dienen en soms adviseren we dit niet. Mevrouw Van Alstede: Nog even ter informatie. Een zienswijze zou je kunnen vergelijken met motie zoals wij die in de raad kennen, maar dat kan niet omdat het een gemeenschappelijke regeling betreft, maar dan noem je het zienswijze omdat je die aan het college mee geeft om in te brengen in het algemeen bestuur. Wethouder Wikkerink: Wat betreft het punt van mevrouw Te Grotenhuis. De indexering die de GGD toepast is reëel wat het college betreft. De GGD heeft als een van weinige gemeenschappelijke regelingen een systeem vastgesteld voor indexering. Vorig jaar kwam dat systeem uit op 2,9% indexering. Voor dit jaar komt ie op ruim 6% uit en daar zijn dan ook al prijsstijgingen in meegenomen. Of dat voldoende is, is natuurlijk onzeker in deze tijden.
Discussiepunten: • Geen discussiepunten
Conclusie. De voorzitter concludeert dat er geen discussiepunten zijn. Ook zijn er geen toezeggingen gedaan. Het voorstel gaat als stemstuk naar de raadsvergadering van 21 juni 2022.
Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Aalten in de openbare vergadering van 21 juni 2022.
M.A.J.B. Fiering raadsgriffier
mr. A.B. Stapelkamp voorzitter
6