Besluitenlijst Oordeelsvormende vergadering d.d. 14 februari 2023.pdf
Tekst van het document
OPENBAAR
Besluitenlijst Oordeelvormende vergadering van 14 februari 2023. Aanvang: 19.30 uur Aanwezig:
Voorzitter: de heer A. Walter De leden: Agendapunt 2: de heren Holtman, Weevers, Polman, Navis, Hollema, Bulsink en Koskamp. Agendapunt 3: de heren Logmans, Bauhuis, Belterman, Ebbers, Hollema, Bulsink en Wijbrans. Namens het college: Agendapunt 2: wethouder Kok. Agendapunt 3: wethouder Groters. Griffier: mevrouw Smit
2. Voorstel tot vaststellen van de Regionale Woonagenda 2023-2030. Eerste termijn. De heer Polman: Blij met de update van deze regionale woonagenda. Er is veel aandacht, op hoofdlijnen voor de juiste thema’s. Wij vinden het jammer dat voor het begrip betaalbaar wordt aangesloten bij de NHG-grens (Nationale Hypotheek Garantie) van € 355.000 en dat hier de concrete doelstellingen op worden gebaseerd. Vaak wordt € 250.000 genoemd. Helaas staan daar geen concrete doelstellingen tegenover. Het is een flink verschil met de € 230.000 die wij in onze gemeente hebben. Hoe wordt dit lokaal uitgewerkt? Wat is leidend, de regionale woonagenda, onze woningbouwstrategie, afwegingskader? De CDA-fractie is blij met de nieuwe woonagenda en erkent de thema’s die genoemd worden. De heer Weevers: Prima dat er regionaal wordt nagedacht en samengewerkt aan het woonvraagstuk. Wij zijn bang dat de partijen die betrokken zijn bij het opstellen van de woonagenda door hun achtergrond niet de belangen van de lagere inkomensgroepen voorop hebben gesteld. De Board wordt gedomineerd door vertegenwoordigers van grote bedrijven en grote instellingen. Het lage percentage sociale huur kan daar goed een gevolg van zijn. Landelijk wordt gestreefd naar 30% sociale huurwoningen. Met 28% in de nieuwbouw wordt dit nooit gehaald hier in de regio.
Onze regio heeft haar eigen kenmerken die eventuele afwijkingen goed kunnen motiveren. 51% van de Aaltense bevolking behoort tot de doelgroep van de woningcorporaties. Slechts 18% van onze voorraad is sociale huur. Met 28% sociale huur bij nieuwbouw wordt deze mis-match nooit goed gemaakt. De fractie van de PP pleit voor verhoging van de sociale woningbouw. Dit kunnen we doen op lokaal niveau, door de vrije ruimte te benutten of door een amendement op de regionale woonagenda. Een tweede mis-match is het groeiende aandeel kleine huishoudens en de geringe beschikbaarheid van kleine woningen in onze gemeente. De fractie van de PP pleit voor de bouw van kleine woningen. Dit komt de betaalbaarheid ook ten goede. In de regionale woonagenda wordt dit kwalitatieve aspect niet meegenomen. Er komt nog een uitvoeringsprogramma. Wij hopen dat dit hierin wordt meegenomen. Zo niet, dan kunnen we het altijd nog lokaal regelen. De heer Hollema: Dit is de meest ruime agenda in jaren. Goed dat er onderscheid wordt gemaakt in de doelgroepen. Over betaalbaarheid moeten we het zeker hebben. Deze visie wordt uiteindelijk door de provincie vastgesteld. Hoeveel kunnen we dat nog inbrengen? Er zit veel ruimte in en geen dwingende zaken. Wij willen inzetten op vooruit kijken, hoe gaan we dit lokaal toepassen. Als je betaalbaarheid wilt hebben, moet je ook kijken naar andersoortige woningbouw.
Duurzaamheid heeft nu een echt belangrijke plek in de agenda. We zien wel dat die volgend is en niet agenda-settend. Hoe stevig is die ambitie echt en hoe concreet is dat nu. Moet dit niet wat concreter? De heer Holtman: Uitvoerig plan, helder geschreven en bevat een goed verhaal. De regionale woonagenda sluit grotendeels goed aan bij de lokale visie die eerder is opgesteld. Er zijn heldere antwoorden gegeven en ook de presentatie was helder. Er is een uitvoerig proces doorlopen, regionaal aangevlogen waarbij met veel partijen is afgestemd. Het plan kent forse ambities. Het toevoegen van ruim 11.000 woningen tot 2030. De fractie van de CU onderschrijft die ambities want de nood is hoog.
Wij wachten het uitvoeringsprogramma met spanning af. Ook t.a.v. het afwegingskader zien wij dit graag tegemoet. De bandbreedte die is opgenomen zoals het voorgenomen aantal woningen lezen wij als een gegeven en die zijn acceptabel. Een doorn in het oog is de categorie betaalbare woningen. Betaalbaarheid wordt ingeschaald op € 355.000 en voor de Achterhoek voor een deel € 250.000. Ook het totaal aantal sociale huurwoningen, nu 18% en als doel 28%, wat we dus niet gaan halen, is voor ons niet acceptabel. Als we dit plan realiseren, worden er veel te weinig goedkope woningen gerealiseerd, zowel koop als huur. Onvoldoende woningen voor starters, alleenstaanden, senioren en gezinnen die het minder breed hebben, terwijl er een grote urgentie bestaat voor dat soort type woningen. Het aspect van betaalbaarheid is voor de fractie van de CU punt van discussie in de brede zin. Wij zijn voornemens om hier een amendement of motie in te dienen. Dit plan bestrijkt ongeveer 10 jaar. Hoe wil het college gaan voorzien in voldoende en juiste woningen op korte termijn? 1 of 2 jaar. Waarom geen flex-woningen of noodwoningen? De heer Koskamp: Er worden goede doelen gesteld. Woningbouwstrategie van de gemeente Aalten ligt iets hoger dan de regionale woningbouwstrategie. Wij hopen dat we daar werkelijk aan vasthouden.
Wat is in deze zin leidend? Voor welk doel gaan we? Woondeal, 750 – Regionale woonagenda 385 – en de gemeente 1050. Wat gaan we op korte termijn realiseren? Hoe gaan we bouwen? De heer Bulsink: Helder is dat de gemeenten in de Achterhoek in volle breedte voor uitdagende opgaven staan voor de woningbouwmarkt. De presentatie in de beeldvormende bijeenkomst was hier ook duidelijk in. Een niet geringe ambitie en opgave. Daarnaast is de regionale woonagenda ook de basis voor het toevoegen van woningen aan onze eigen voorraad tot 2030. Een reden des te meer om met de regionale woonagenda in te stemmen. Wij vragen ons wel af wat wij als gemeente zelf kunnen doen om het proces, met name voor de lokale woonagenda, te versnellen. Geen discussiepunten. De heer Navis: Wij zijn gekozen voor de gemeente Aalten, niet voor de regio Achterhoek. Onze bevoegdheid strekt tot de gemeentegrenzen van onze gemeente. In onze optiek is het onjuist dat wij deze regionale woonagenda moeten vaststellen. Het college is verantwoordelijk voor het opstellen van de regionale visie en als gemeenteraad mogen wij deze laten vergezellen van een inhoudelijke reactie. Gedeputeerde Staten stelt de regionale woonagenda vast. Moet deze regionale visie worden vastgesteld of voor kennisgeving worden aangenomen? Inhoudelijk kunnen wij ons aansluiten bij voorgaande sprekers. Wij zien dit wel als een moment opname.
De uitgangspunten lijken ons begrijpelijk onderbouwd te zijn. Toch heeft de VVD -fractie een grotere ambitie. Wij zien dit als minimumaantallen. Wanneer moeten wij deze grotere ambities uiten? Nu, of bij het vertalen naar het lokale beleid? Reactie college. Wethouder Kok: Het mooie is dat wij al een lokale woonagenda hebben. Deze is al gemaakt omdat wij de veranderingen in de markt, de woonomstandigheden, prijspeilen etc. al zagen. Deze regionale woonagenda sluit heel erg aan bij de afspraken die wij in het verleden al gemaakt hebben. Daardoor kon hij voldoende inbrengen in deze regionale agenda en passend bij het beleid dat al door u is vastgesteld. Dus er is niet heel veel nieuws onder de zon. Een regionale woonagenda is wel belangrijk in het kader van de provinciale verordening, zodat daar plannen op getoetst kunnen worden. Als we het niet vaststellen, moeten we met ieder apart plan naar de regio en de provincie om ieder plan beoordeelt te krijgen. Dus het is zeker van belang dat de regionale woonagenda vastgesteld wordt. De heer Navis: Waaruit volgt dat de gemeenteraad van Aalten de regionale woonagenda zelf moet vaststellen? Wethouder Kok: De vorige regionale woonagenda is ook vastgesteld door de gemeenteraad. In de (nog niet vastgestelde) provinciale verordening staat; “per regio stellen de gemeentebesturen een regionale woonagenda op”.
Onze uitleg van gemeentebestuur is dat dit zowel de gemeenteraad als het college is. De heer Navis: De wethouder moet de gemeenteraad juist voorlichten. Hij zegt terecht dat er sprake is van het opstellen van de regionale woonagenda door de afzonderlijke gemeenten. Lid 2 zegt; ‘GS stelt vast’. Dat is een wezenlijk verschil. Wethouder Kok: Gemeentebesturen stellen de regionale woonagenda op en de provincie stelt het vast. Hij staat overal op de raadsagenda. Wij zouden het onverstandig vinden als u het voorstel niet vaststelt. Zeker in het kader van de regionale samenwerking. U neemt een risico in de toekomst bij bestemmingsplannen. Als die getoetst worden aan de niet door de raad vastgestelde regionale woonagenda. De heer Holtman: De fractie van de CU is van mening dat het goed is dat we het vaststellen. Daarmee hebben we ook de ruimte om het stuk te amenderen. Kan de wethouder bevestigen dat als wij een geamendeerd voorstel indienen, dit ook wordt geëffectueerd? Kan het zijn dat er 7 regionale woonvisies zijn? Wethouder Kok: Neen, er is één regionale woonvisie. Als u hem amendeert zal deze in zijn geheel naar alle gemeenteraden terug moeten.
2
De heer Holtman: We hebben dus de ruimte om zoveel mogelijk te amenderen? Begrijpen wij dit goed? Wethouder Kok: Neen, dan begrijpt u het niet goed. Bij verschillende gemeenten is dit als hamerstuk behandeld. Als u het amendeert, zal de regionale woonagenda overal wellicht weer opnieuw vastgesteld moeten worden. Betaalbaarheid. Je kunt je afvragen of € 355.000 nog betaalbaar is. Daarom hebben we in de regio de afspraak gemaakt dat wij voor de betaalbaarheid de doelstelling lager zouden willen hebben. € 250.000. Het is ons voorstel om dit in het Uitnodigingskader vast te leggen. Ons afwegingskader heeft 2 grenzen€ 230.000 en € 300.000. Onze grenzen liggen lager dan de regionale grenzen. Het is vrij aan de gemeenteraad om die grenzen straks te verlagen. De vraag is dan wel of de ambitie van 1050 woningen gehaald gaat worden, gezien de prijsontwikkelingen. Wij komen nog terug bij de vaststellen van de maxima aantallen. Het verzoek tot het verhogen van de sociale woningbouw. Ook de partners aan de thematafels hebben belang bij de sociale huisvesting van hun doelgroep. Onderdeel van de thematafels zijn de woningcorporaties in de Achterhoek. De heer Weevers: Het is algemeen bekend dat er een grote kloof is in de inkomenspiramide. Die kloof is alleen maar groter geworden. Wethouder Kok: Bij de beraadslagingen over dit onderwerp is dit zeker geen onder geschoven kindje geweest.
Verhoging van het aandeel sociale woningbouw. Hier volgen we ook voor een deel de landelijke woondeal. De coöperaties gaan ook aan de slag om sociale huurwoningen te bouwen. Maar ook zij hebben een investeringsplafond. Een landelijke gemeente zoals Aalten is anders ingericht dan een stadse gemeente. Er is op dit moment een grotere vraag aan huurwoningen. Daarom wordt dat ook extra op ingezet. Bv. de Ludgerstraat. Wij denken zeker na over flexibele invulling van woningbouw. Wij zijn aan het kijken hoe wij extra woningen kunnen realiseren voor de diverse doelgroepen. Daar wordt ook capaciteit op ingezet om dit te realiseren. En daar zijn flex-woningen zeker een onderdeel van. De heer Holtman: Dit horen we al langer. Wij krijgen de indruk dat er vrij weinig gebeurt op dit thema. Wethouder Kok: Die indruk is niet terecht. Er wordt heel veel tijd en energie in gestoken. Het komt er echt aan. Zeer binnenkort worden in het college alle mogelijke locaties afgewogen. Er is een positief gesprek geweest met de projectleider die mogelijk aangesteld gaat worden. Het heeft met handjes te maken, die nu binnen bereik zijn. Opgave verduurzaming woningbezit. 90% tot 95% van de woningen die nodig zijn, die zijn er al. Daar ligt de opgave om die te verduurzamen. Daar neemt de corporatie al een behoorlijk aandeel in. De regio wil dit ook voor het private bezit.
Daar zijn allerlei actieprogramma’s opgestart. Wooncoaches zijn al aangesteld of worden aangesteld, waardoor mensen bezocht kunnen worden en geënthousiasmeerd kunnen worden. De lat is wat hoger komen te liggen bij inwoners zelf door de energiecrisis. Verduurzaming is niet alleen een ideëel doel maar ook een financieel punt. Wij verwachten dat nu meer zichtbaar wordt wat daaraan gedaan is. De opgave is best groot en wordt hier gelukkig ook benoemd. De heer Hollema: Wij hebben gezegd dat het niet concreet was. Het verbeteren wordt niet gedefinieerd. Wethouder Kok: Verbeteren is wel wat geconcretiseerd daar waar het gaat over energie labels met corporaties. Zo concreet is het bij particulier bezit niet. Daar zal nog een nadere inhoud aan moeten worden gegeven. Wat gebeurt er als we het niet vaststellen? Als het geamendeerd wordt vastgesteld, wat gebeurt er dan? U heeft als gemeenteraad de mogelijkheid om daarop te amenderen. Hier ligt een goed afgestemd product waar we als gemeente Aalten heel goed mee uit de voeten kunnen. In het Uitnodigingskader kunnen we nog onze lokale accenten in zetten. De lokale agenda past één op één in de regionale agenda. Wij willen u niet motiveren om amendementen in te dienen. Ons doel wordt vastgesteld in onze lokale woonagenda van 1050 woningen. Daar blijven we voor gaan. Dit is een richting.
Het moet niet alleen over aantallen gaan maar ook over de juiste woningen in de juiste snelheid. We willen snel aan de slag om die woningen te bouwen. Met het vaststellen van onze lokale woonagenda en deze regionale woonagenda is het een verdubbeling van de bouwcapaciteit t.o.v. wat we de laatste jaren hebben gehad. U bent geïnformeerd met alle locaties die we in zicht hebben. Daar zal heel veel tijd en geld en middelen ingestoken moeten worden om het ook te realiseren. De heer Hollema: 750 is het minimum. We streven om 1050 te halen? Wethouder Kok: Die 750 komt uit de woondeal. Dat is het doel maar ook het minimum. We willen ook adaptief programmeren. We maken ook plannen om versneld, meer te kunnen doen. Voor ons huidige afwegingskader worden de plannen nog aan getoetst. Die is voor betaalbare woningen max € 230.000 in de eerste categorie. De volgende categorie is € 300.000. In de woondeal is dat verhoogd. De betaalbaarheid moet 60% onder de NHG -grens liggen. Die is € 355.000. Waarvan ongeveer een derde deel in de sociale huur moet komen, dat is 28%. Ons afwegingskader heeft aangetoond dat met prijspeil 2020 eerdergenoemd bedrag van € 250.000 nog te realiseren was. Bij grotere plannen lukt dat zeker. Alle plannen die nu bij ons voorbij komen worden beoordeeld aan het afwegingskader en daar is de betaalbaarheid één van de belangrijke categorieën.
Wij hebben verschillende instrumenten om het voor kopers ook betaalbaar te houden. Bv. startersleningen en
3
proberen de grondprijs zo laag mogelijk te houden daar waar we actief bezig zijn met grondbeleid. Wij doen veel aan die betaalbaarheid. Maar als u de grenzen zo legt dat er niet meer voor gebouwd kan worden, dan schieten we wel het doel voorbij. Er ligt een enorme uitdaging om nu al binnen deze grenzen de woningen gebouwd te krijgen. Wij komen met een voorstel voor het afwegen van het afwegingskader/uitnodigingskader waarin we de ambitie van die € 250.000 ook willen vastleggen. De heer Holtman: Het aspect van die betaalbaarheid, projectontwikkelaars. Er wordt hier een beeld neergezet dat het anders niet te doen is. Een gemiste kans is dat 7 regionale gemeenten in regionaal verband zeggen; je moet € 60.000 per jaar verdienen om 250.000 voor een woning te kunnen realiseren. Voor wie – behalve als je boven de 35 zit - is dit haalbaar? Waarom is niet gezegd; beste woningcorporaties, projectontwikkelaars, beste bouwers, wij pleiten voor een ander signaal. Maar nee, we lezen hier een landelijke grens. Waarom hebben we daar de krachten niet gebundeld? Wethouder Kok: Dat is wel gebeurd in deze regionale woonagenda. Daarom is er een ambitie neergelegd dat wij betaalbaarheid niet bij € 335.000 willen, maar dat die terug moet voor een groot deel naar € 250.000 ten opzichte van de woondeal. En die willen wij in ons uitnodigingskader ook gaan vastleggen.
De heer Holtman: Dus uw stelling is een deel genoemde 251 betaalbare woningen - betaalbare koop van € 355.000 – betaalbaar is. Dat is de stelling van het college? Wethouder Kok: Dat begrijpt u goed. Het is niet alleen de stelling van het college maar ook de stelling van de regio. En van alle partners die meegedaan hebben in dit regionaal overleg. Het is een door de drie O’s ontwikkelde woningbouwstrategie. U kunt straks in het uitnodigingskader veel lager gaan zitten. Opgemerkt wordt dat er dan geen woning meer wordt gebouwd. De heer Navis: Als wij als gemeente Aalten een grotere ambitie hebben dan in deze regionale woonagenda staat, waar kunnen wij dit dan het beste besluiten? Nu, of bij de lokale woonagenda? Wethouder Kok: Dit kunt u bij allebei in dienen. Maar in principe hoort dit in onze lokale woonagenda. Vragen: • Hoe wordt dit lokaal uitgewerkt? Wat is leidend, de regionale woonagenda, onze woningbouw strategie, het afwegingskader? Vraag is voldoende beantwoord. •
Hoe wil het college gaan voorzien in voldoende en juiste woningen op korte termijn? Flexwoningen of noodwoningen. Vraag is voldoende beantwoord.
•
Voor welk doel gaan we? Vraag is voldoende beantwoord.
•
Wanneer grotere ambities uiten, nu of bij het vertalen naar het lokale beleid? Vraag is voldoende beantwoord.
Discussiepunten. • Verhoging van de sociale woningbouw door vrije ruimte te benutten of amendement op de regionale woonagenda. • Betaalbaarheid. • Andersoortige woningbouw. Appartementencomplexen, duplex-woningen. • Concretere ambitie duurzaamheid. • Moet deze regionale visie worden vastgesteld of t.k.n. aangenomen. Tweede termijn. Discussiepunt: Verhoging sociale woningbouw -flexwoningen – versneld bouwen etc. Wethouder Kok heeft toegezegd op korte termijn te komen met een korte termijnplan over woningen (flexwoningen, noodwoningen etc). Discussiepunt: Betaalbaarheid en andersoortige woningbouw. De heer Weevers: Betaalbaarheid heeft te maken met koopgrenzen. Voor € 250.000 hypotheek heb je al € 60.000 per jaar nodig. Daarmee laten we al zien dat een koopwoning niet beschikbaar komt voor het merendeel van de Aaltense bevolking. We moeten volop inzetten op sociale huur. De heer Navis: Wat stelt u dan voor? De heer Weevers: Een verdubbeling van het percentage. Dat is een forse opgave voor de bouwers. Woningcorporaties kunnen goedkoop geld lenen.
4
De heer Holtman: Wij onderschrijven de woorden van de PP-fractie. We moeten niet in de valkuil trappen dat een aantal dingen niet mogelijk zijn en dat de markt ons tot een aantal dingen dwingt. We mogen best wel visie en ambitie hebben. We zijn er om de belangen te behartigen voor o.a. voldoende huisvesting voor al onze inwoners. We moeten hier als raad de visie uitspreken dat we gaan voor betaalbare woningen. (huurwoningen of kleiner gaan bouwen). Als bouwers zeggen; dat doen we niet dan heb je een ander vraagstuk. Maar op voorhand al te zeggen dat wij ons hieraan conformeren want de markt is zo ingewikkeld, gaat ons echt een brug te ver. We laten hiermee inwoners in de kou staan. De heer Navis: We zijn het allemaal eens dat er voldoende beschikbaar moeten zijn voor onze inwoners. Als er vraag is naar goedkope woningbouw en die kan gebouwd worden dan kun je daar niet op tegen zijn. 18% huurwoningen past bij onze gemeente. Ambitie gaat van 18% naar 28%. Wij zouden het prima vinden als er meer woningen worden gebouwd in de goedkopere klasse maar willen ervoor waken dat dit dan niet ten koste moet gaan van die andere woningen. Prima om het totaal op te hogen en in te steken op goedkopere woningen maar niet ten koste van de overige aantallen. De heer Hollema: Makkelijk om te zeggen dat we ambitie moeten hebben en het moet goedkoper.
We zullen het in de uitvoeringsagenda moeten hebben over andersoortige woningen. Modulair bouwen, appartementen- complexen, duplex etc. Je moet wel een eerlijk verhaal hebben. Een doorzonwoning kost nu eenmaal geld. De heer Polman: Dit is juist iets wat in een uitvoeringsagenda uitgewerkt kan worden. We spreken nu over de ambitie die we hebben. Als we de ambitie van de PP-fractie willen gaan halen dan moet eigenlijk de hele planning voor de komende jaren naar sociale huur. Dat is ook niet eerlijk, want de vraag bestaat niet alleen uit sociale huur. De toename in aanbod moet ook op een gelijke wijze verdeeld zijn. De heer Weevers: Het percentage zou verdubbeld moeten worden naar 56% niet naar 100%. De heer Polman: Wat ik bedoelde met 100% was dat uw verdubbeling naar 56%, ertoe leidt dat de woningbouwambitie die we hebben uitgesproken, 1050, dat die voor 100% opgaat aan het realiseren van van die stijging. Dat lijkt ons niet wenselijk. De heer Weevers: 28% sociale woningbouw die in de regionale woonagenda is opgenomen, is in de nieuwbouw. Daar hebben we het nu over. Door dat percentage te verhogen gaat heel langzaam het percentage van 18% naar boven. Dat betekent niet dat we nu 100% sociale woningbouw moeten gaan plegen.
De heer Hollema: Ten koste van wat wilt u dit naar 56% brengen? De heer Weevers: Dit zouden we kunnen doen door de vrije ruimte te gebruiken in ons lokale beleid ofwel door een amendement. Dit gaat niet ten koste van het deel betaalbare koop. De heer Koskamp: De vraag is groter dan alleen sociale huurwoningen. Het komt allemaal terug bij betaalbaarheid en daarvoor moeten we echt anders gaan bouwen. Wij denken dat we eerder in die richting moeten zoeken. De heer Polman: Dit is de interessantste afweging van allemaal. Deze verwachten wij eigenlijk wel meer uitgewerkt in de lokale uitvoeringsagenda. Haalbaar en betaalbaar. De heer Hollema: Dit is wel het moment om het college een stuur mee te geven waar ze mee aan de slag kunnen. De heer Weevers: De fractie van de PP overweegt een motie voor het college om daarmee aan de slag te gaan. Discussiepunt: Concretere ambitie duurzaamheid. Voldoende besproken. Discussiepunt: Moet deze regionale visie worden vastgesteld of t.k.n. worden aangenomen. De heer Navis: Andere gemeenten stellen het ook vast, dus moeten wij dat ook doen? Als wij het niet vaststellen komen onze bestemmingsplannen in gevaar? Het doemscenario zoals wordt geschetst klopt in onze ogen niet. Wellicht is het een juridische discussie. Wij stellen voor om de regionale woonagenda voor kennisgeving aan te nemen. De heer Hollema: Wij hebben het nu over het interne proces.
Wij zijn onderdeel van het gemeentebestuur om het op te stellen. We zeggen alleen dat het college goed werk heeft verricht, niet meer en niet minder. De heer Bulsink: Is het een principieel vraagstuk? De heer Navis: Wij willen de juiste besluiten nemen. Samenwerking willen we stimuleren. Wij zijn voor vaststellen van lokaal beleid. Daarvoor zijn wij gekozen. De heer Hollema: Door 7 gemeenteraden wordt dit goedgekeurd en door Provinciale Staten. Democratische legitimiteit is hier toch niet aan de orde.
5
De heer Holtman: Het wordt nu ter vaststelling aan ons voorgelegd. Als je hiermee instemt dan betekent het wel dat dit de koers is voor de komende jaren. Wij willen wel de vrijheid hebben om eventueel amendementen in te dienen. Dat zou toch geen probleem hoeven zijn? De heer Navis: Als we het voor kennisgeving aannemen hebben we ons niet geconformeerd aan datgene wat in de regionale woonagenda staat. Dan zijn we vrij om in het lokale beleid eigen keuzes te maken. Die keuzes zullen passen binnen de regionale woonagenda. Zolang ze passen, is GS daar ook mee akkoord. Wij leggen ons met het raadsbesluit nu vast op die keuzes. Dan kunnen die straks niet afwijken van wat u lokaal kiest. Conclusie. De voorzitter concludeert dat er toezeggingen zijn gedaan: • Op korte termijn een korte termijnplan over woningen (flexwoningen, noodwoningen etc). • Voorstel voor het afwegen van het afwegingskader/uitnodigingskader waarin de ambitie van € 250.000 wordt vastgelegd. Dit voorstel gaat als bespreekstuk naar de raadsvergadering van 28 februari 2023 omdat er een amendement is aangekondigd. 3.Voorstel tot vaststellen klimaatadaptatiestrategie Aalten. Eerste termijn. De heer Ebbers: Het plan is een mooi beginpunt voor de klimaatadaptatie. Wij missen een concrete doelstellingen aanpak voor de gemeente Aalten. Het voorbeeld van de 3-30-300 richtlijn spreekt boekdelen.
In de beantwoording van onze gestelde vragen wordt deze richtlijn al afgezwakt tot streven. Dat lijkt logisch wanneer we de financiële consequenties niet kunnen overzien. Hoe wil het college dit aanpakken? Moet het in de publieke ruimte worden gerealiseerd of moeten grondeigenaren ook uitvoering geven aan dit plan. We begrijpen de strategie, maar hoort het dan in dit document thuis? Zou, na het vaststellen van deze strategie niet het één en ander eerst concreet gebiedsgericht uitgewerkt moeten worden? De VVD- fractie vindt het een algemeen verhaal. Wat is er nu specifiek aan de Aaltense aanpak. De strategie kan vrijwel in iedere gemeente worden vastgesteld. Welke maatregelen zijn nu specifiek op de Aaltense situatie afgestemd? Waar doen we wat, in welk gebied? Wat gaan we anders doen dan nu? Wat verandert er als we dit stuk vaststellen? Het college vraagt € 150.000 voor de uitvoeringsagenda. Graag zien wij een concrete invulling van deze strategie, voordat er geld beschikbaar gesteld kan worden. Het plan van aanpak moet meetbaar en toetsbaar zijn. De heer Bulsink: Het voorstel geeft voor de fractie van GB geen aanleiding tot discussiepunten. Dat het klimaat veranderd mag voor iedereen duidelijk zijn. droogte, hitte stress en wateroverlast vormen een gevaar voor de samenleving en vragen om maatregelen.
Of de voorgestelde maatregelen in de komende 27 jaar tot 2050 afdoende is, zal moeten blijken. Belangrijk punt is, om de inwoners hierin mee te nemen en te motiveren welke maatregelen zij kunnen en moeten treffen. Wij regeren met dit besluit over ons graf heen. Niet erg, maar wel noodzakelijk voor de generaties na ons. De heer Wijbrans: Positief. In het stuk wordt genoemd dat de looptijd van zo’n cyclus 6 jaar is. Gezien de urgentie van het dossier willen wij voorstellen vaker terug te rapporteren, 1 keer per 3 jaar. Klimaat opwarming betekent dat er meer energie in de atmosfeer is en dat zien we ook al gebeuren bij het doorrekenen van het precipitatiemodel met 100 mm buien. Sinds 2010 hebben we in Munster een atmosferisch aneurysma gehad. Waar de bui een sterkte had van 200-300 mm. Moeten wij een conservatieve inschatting aanhouden van 100 mm of zijn extremere buien ook in de Achterhoek te voorzien? Meer energie in de atmosfeer vertaalt zich ook in wind. In het stuk missen wij de schade door wind en de aanpassing op heftige stormen. De heer Logmans: We hebben een goede presentatie gehad. De complexiteit werd heel duidelijk aangegeven. We weten en doen al veel. Als je het niet begrijpt hoe moet je dan meedoen? Wat er soms geschreven wordt is soms zo moeilijk te begrijpen. Willen we iedereen meekrijgen dan is educatie van groot belang.
Dat is in de beantwoording van de vragen niet erg goed naar voren gekomen. Het is niet alleen de schooljeugd, het zijn ook de huidige inwoners. Die moeten mee en weten wat er nu eigenlijk precies gebeurt. Hoe wil de wethouder, naast de schooljeugd de ouderen meenemen? Problematiek over het bouwen en klimaat adaptatie. Bijten deze programma’s elkaar niet? Voorbeeldfunctie van de gemeente had wat meer uitgesproken mogen staan in het voorstel. De heer Hollema: In grote lijnen positief. Goede presentatie. In het stuk staat dat het een concept is want we hebben geen risicodialogen gehaald. Over 6 jaar hebben we een keer een definitieve versie. Prima om het te combineren met de Omgevingsvisie, maar wel over 3 jaar die input in een volgende versie. Afkoppelen van hemelwater is een super effectieve maatregel. Ambitie is 70% afgekoppeld in 2050. Dit kunnen we doen door ons bestaande beleid door te zetten. Moet daar niet een stapje bij? 3-30-300
6
richtlijn. Willen we hier echt mee aan de slag? Is dit genoeg of moet dat meer? Klimaatadaptatie gaat alleen over de kernen. Wij hadden graag een completer beeld willen hebben voor ons grondgebied. Bij de communicatie naar de raad en de samenleving moet dit toch bij elkaar gebracht worden. De heer Bauhuis: Klimaatadaptatie wordt een noodzaak. Blij dat er nu aan gewerkt gaat worden. Plan ziet er goed uit en we zijn blij met de koppelkansen. 3-30-300 is een mooi streven. Klimaatadaptatie steunt ons in de noodzaak om bomen te behouden. Wij zouden graag zien dat de kapverordening zou worden geactualiseerd. 1 keer in de 6 jaar evalueren, lijkt ons niet verstandig. De heer Belterman: Klimaatveranderingen blijft een actueel onderwerp waar inwoners veel mee te maken hebben. We merken de gevolgen. Het is goed dat er een klimaatadaptatiestrategie is opgesteld zodat we maatregelen kunnen nemen. Er ligt een gedegen plan met duidelijke uitgangspunten, waarbij gezocht wordt naar mee-koppelkansen. De CDA-fractie kijkt uit naar concrete voorstellen om hiermee in onze gemeente aan de slag te gaan. Wij vinden het essentieel dat inwoners actief betrokken worden. Onze vraag is waar het budget van € 150.000 precies aan besteed wordt.
Vragen: • Moeten wij de conservatieve inschatting aanhouden van 100 mm? • Waarom zijn de kans op grotere incidenten door windhozen en schade door wind in dit stuk niet meegenomen? • Hoe wil de wethouder, naast de schooljeugd de ouderen meenemen? • Bouwen en klimaat adaptatie. Bijten deze programma’s elkaar niet? • Waar wordt het budget van € 150.000 precies aan besteed? Discussiepunten. • Moet de strategie niet concreter • Beschikbaar stellen € 150.000 voor uitvoeringsagenda • Terug rapporteren 1 keer per 3 jaar. • Voorbeeldfunctie van de gemeente. Groene daken etc. • Ambitie afkoppelen hemelwater – moet daar niet een stapje bij. • 3-30-300 aan de slag met groen, is dit genoeg of moet dat meer? • Completer beeld voor ons grondgebied. • Actualiseren kapverordening Reactie college. Wethouder Groters: Het gaat hier om de definitieve klimaatadaptatiestrategie van de gemeente Aalten. In het document leggen we uit wat de aanleiding is. Wat de gevolgen zijn voor onze gemeente. Wat onze ambitie is en wat we eraan willen doen. En, ja waarschijnlijk is deze voor heel veel andere gemeenten ook toepasbaar. Het wordt natter, warmer en droger in Aalten. Onze ambitie is om ervoor te zorgen dat de inwoners en bedrijven geen echte overlast gaan ondervinden. Wij kunnen dit niet alleen en zullen dus samen met de inwoners, bedrijven en andere instanties moeten werken aan bewustwording.
Dit gaan we doen door educatie aan scholen en voorlichting aan ouderen. We gaan ook allerlei projecten opzetten en proberen de gemeente meer klimaat robuuster te maken. Deze uitvoeringsagenda loopt tot 2030. Toegezegd wordt om de acties niet elke 6 jaar maar elke 3 jaar te evalueren en eventueel bij te stellen. De heer Hollema: Over 3 jaar zijn de risicodialogen gevoerd als onderdeel van het Omgevingsvisie traject. Dat dan de complete versie kan worden vastgesteld inclusief de risicodialogen? Wethouder Groters: Ja. € 150.000 is bedoeld voor een aantal activiteiten in 2023. Deze staan onderaan het raadsvoorstel. Eén van die dingen is een nadere uitwerking van de uitvoeringsagenda, zodat we die wat concreter en meetbaar kunnen maken. Dit jaar zal vooral een jaar zijn om te werken aan de voorbereiding zodat we de komende jaren echt aan de slag kunnen. De heer Belterman: Dus dit is vooral voor een projectmanager? Die gaat allerlei dingen uitzoeken en dat zijn de concrete voorbeelden die u net noemt. Wethouder Groters: Correct. De risico’s van heftige stormen zijn niet landelijk meegenomen, daarom hebben wij dit ook niet voor de gemeente Aalten gedaan. Ik neem de opmerking voor kennisgeving aan, maar spreker doet er op dit moment even niets mee. 3-30-300 werd een aantal keren genoemd.
In den lande is naar voren gekomen dat dit wel een mooi uitgangspunt is om wat aan die hitte te doen. Als Aalten hebben wij dit overgenomen, maar wel duidelijk dat dit een streven is. Het is geen wet van meden en perzen om te zorgen dat het overal zo is. De heer Bauhuis: Als het wel een streven is, kunnen we dan een inschatting maken, bv. met een kaartje hoe dicht we erbij zitten, hoe moeilijk het zal worden om dat te doen? Wethouder Groters: Die vraag is al beantwoord. Op dit moment is dat niet mogelijk maar we willen daar wel het komende jaar mee aan de slag gaan.
7
De heer Hollema: Waar moeten we aan denken als we hiermee aan de slag gaan. Particulier groen aanpakken, meer openbaar groen, verkopen van openbaar groen? Wethouder Groters: U geeft zelf het antwoord al. Dat zijn dingen die we gaan doen en die we dit jaar verder uit gaan werken. De heer Belterman: De 3-30-300 regeling wordt uitgezocht. Is dat dan ook een onderdeel wat de projectleider gaat uitzoeken. Is het dan mogelijk dat we dit iets beter in beeld krijgen en dat het in het onderzoek wordt meegenomen? Wethouder Groters: Ja, we gaan binnen de gemeente kijken hoe we die 3-30-300 voor de hele gemeente waar kunnen maken. De heer Logmans: Wordt de 3-30-300 regeling en de kapvergunning aan elkaar gekoppeld? Wethouder Groters: Vooralsnog is het niet het plan om de kapvergunning aan te passen. Voorbeeldfunctie van de gemeente. We hebben als gemeente geen panden waar platte daken of licht schuine daken op zitten om daar groene daken van te maken. Maar mochten die er wel zijn dan zou het goed zijn om dit als voorbeeldfunctie te doen. De heer Logmans: Het groene dak was niet specifiek voor een gemeentelijk gebouw maar dat de gemeente het initiatief neemt om groene daken als voorbeeldfunctie te gaan gebruiken. Dat kan bij een particulier zijn.
Wethouder Groters: In het stuk staat dat we bezig zijn een subsidie te maken voor groene daken en misschien dat het mooi is dat we ergens een ‘demonstratie dak’ kunnen neerleggen. De heer Ebbers: Wat behelst dit plan nu, hoe gaan we het concretiseren ook richting de raad? Wethouder Groters: We gaan dit jaar de uitvoeringsagenda verder uitwerken en daar komen vanzelf wat concrete acties uit. Op onderdelen wordt het uitgewerkt. De heer Hollema: Er is nog geen antwoord gekomen op de vraag over wat Aalten in het buitengebied gaat doen. Wethouder Groters: In het buitengebied zullen we de samenwerking gaan zoeken met andere partijen. Waterschap en grondeigenaren. We zullen proberen te stimuleren om mee te werken. Misschien met subsidies of dat soort dingen. Dit gaan we ook dit jaar verder uitwerken. De heer Hollema: Kan dit in de communicatie naar de samenleving en de raad meegenomen worden zodat het één verhaal wordt? Kan het buitengebied meegenomen worden in deze klimaatstrategie? Wethouder Groters: Toegezegd wordt dat dit in de verdere uitwerking van de uitvoeringsagenda wordt meegenomen. De heer Wijbrans: Er zal meer water opgeslagen moeten worden. Niet alleen in het buitengebied maar ook in de kern van Aalten. Gemeente is verantwoordelijk in de kernen maar ook het Waterschap. Hoe is de verantwoordelijkheid van de gemeente ten opzichte van het Waterschap.
Wethouder Groters: In overleg met het Waterschap en de provincie zullen we kijken wat de mogelijkheden zijn en of er mee-koppelkansen zijn om dingen op te pakken. Tweede termijn. Discussiepunt: Moet de strategie niet concreter. Voldoende beantwoord. Discussiepunt: Beschikbaar stellen € 150.000 voor uitvoeringsagenda. De heer Ebbers: Lopen we niet op de zaken vooruit om nu al € 150.000 budget vrij te geven? Terwijl er nog geen uitvoeringsagenda is. De heer Bauhuis: Als we dit geld niet investeren krijgen we geen uitgewerkte betere plannen. De heer Belterman: Je zult een keer moeten beginnen. Daar hebben we nu budget voor om dit goed te laten onderzoeken. De wethouder heeft wat concrete acties genoemd. We wachten die uitvoeringsagenda af waarin dit concreet wordt. De heer Logmans: Met educatie kun je niet vroeg genoeg mee beginnen. Als je snel wilt beginnen moet je nu geld hebben. Goed dat er een budget beschikbaar komt. De heer Hollema: Dingen concreet uitzoeken kost ook geld. Daar moet je budget voor beschikbaar stellen. De heer Ebbers: Voldoende besproken. Discussiepunt: Terug rapporteren 1 keer per 3 jaar. Toegezegd wordt om de acties elke 3 jaar te evalueren. Discussiepunt: Voorbeeldfunctie van de gemeente. Groene daken etc. Voldoende beantwoord.
8
Discussiepunt: Ambitie afkoppelen hemelwater. De heer Hollema: Het afkoppelen van hemelwater is de meest effectieve manier wordt aangegeven. Als we op de huidige manier doorgaan komen we over 27 jaar uit op 70%. Moeten we dan niet het percentage verhogen? De heer Wijbrans: We moeten meer water vasthouden. Hoe ziet u dit. De heer Hollema: Wij hebben geen analyse gezien waarin wordt gezegd dat 70% het maximum is. Laten we die analyse wel maken. Met hoeveel weinig moeite kunnen we dan nog wat meer halen. De heer Belterman: Er wordt een uitvoeringsagenda opgesteld en dat er input wordt opgehaald. Dat is het moment om te kijken of het allemaal lukt. En vanuit daar dan verder te checken. Ambities stellen is goed maar we moeten wel realistische ambities hebben. De heer Bauhuis: Het is goed om te kijken naar het uitvoeringsprogramma. Wij hopen dat bij de opstelling van het uitvoeringsprogramma wel gekeken wordt naar de extra mogelijkheden die we hebben. De heer Hollema: Het is één van de concrete doelen die hier genoemd worden. Er ligt een prachtig plan. Het voelt als een anticlimax om te zeggen dat we niets extra’s hoeven te doen om dit voor elkaar te krijgen. Discussiepunt: 3-30-300 aan de slag met groen, is dit genoeg of moet dat meer De heer Bauhuis: Men is niet voornemens de kapverordening aan te passen. Wij vinden het wel verstandig om het kapbeleid bij te stellen.
We gaan streven naar veel meer bomen. 2050 is een tijd vooruit, maar een korte tijd als je een grote boom wilt. We willen actualiseren dat we extra zuinig moeten zijn op de bomen die we hebben. De heer Belterman: Wat is het bezwaar tegen het huidige kapbeleid? De heer Bauhuis: Er wordt redelijk makkelijk toestemming gegeven om bomen te kappen. Bv. bij AVAterrein. De insteek moet zijn dat we maximaal proberen om bomen te behouden. De heer Hollema: Nu is wel een meetmoment. Moeten we een aantal dingen niet opnieuw bekijken en ook het kapbeleid tegen het licht houden? De heer Wijbrans: Misschien is het ook een idee om het plantbeleid aan te passen. Bomen planten die ook kunnen overleven in een ander klimaat. Discussiepunt: Completer beeld voor ons grondgebied. Voldoende beantwoord. Discussiepunt: Actualiseren kapverordening Voldoende beantwoord. Conclusie. De voorzitter concludeert dat er toezeggingen zijn gedaan nl: * Elke 3 jaar evalueren en eventueel bijstellen acties klimaatadaptatiestrategie inclusief de risicodialogen. * Het buitengebied meenemen in deze klimaatadaptatiestrategie en in de communicatie naar de samenleving en de raad. Toegezegd is dat dit in de verdere uitwerking van de uitvoeringsagenda wordt meegenomen. Dit voorstel gaat als bespreekstuk naar de raadsvergadering van 28 februari 2023 omdat er een motie of amendement is aangekondigd.
Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Aalten in de openbare vergadering van 28 februari 2023.
M.A.J.B. Fiering raadsgriffier
mr. A.B. Stapelkamp voorzitter
9