Besluitenlijst Oordeelsvormende vergadering d.d. 13 februari 2024
Tekst van het document
OPENBAAR
Besluitenlijst Oordeelvormende vergadering van 13 februari 2024 – Raadzaal Aanvang: 19:30 uur Aanwezig:
Voorzitter: De heer Belterman De leden: Agendapunt 2: de heren Van Lochem, Holtman, Rijks, Ebbers en Hollema en de dames Te Grotenhuis en Hoezen. Agendapunt 3: de heren Holtman, Rijks, Hüning, en Van der Graaff en de dames Kraaijenbrink, Te Grotenhuis en Hoezen. Namens het college: Burgemeester Stapelkamp (agendapunt 2) en wethouder Wikkerink (agendapunt 3) Griffier: de heer Fiering
1. Opening De voorzitter opent de vergadering en heet eenieder welkom. 2. Voorstel tot instemmen met het ontwerp Meerjarenbeleidsplan Politie 2024-2027. Eerste termijn. De heer Rijks: De presentatie van de politie gaf voldoende duidelijkheid m.b.t. het meerjarenbeleidsplan. Blij met de extra fte’s maar echt tevreden toch ook weer niet. Wij hadden graag gezien dat er nog wat extra blauw op straat te zien zou zijn. Wellicht draagt de nieuwe systematiek van afweging te zijne tijd hiertoe bij. Wij zijn akkoord met het voorstel en hebben geen vragen of discussiepunten. De heer Ebbers: Helder verhaal vanuit de politie. Meer blauw op straat is altijd goed. Maar daarvoor moeten we in Den Haag zijn. Ook wij hebben geen discussiepunten en zullen hiermee instemmen. Mevrouw Te Grotenhuis: Ook wij kunnen instemmen met het meerjarenbeleidsplan. Wij zijn blij om te zien dat de ambitie uit het integraal veiligheidsplan geborgd zijn in het meerjarenbeleidsplan. Mooi om te horen dat het aantal fte’s wordt uitgebreid en zeker ook dat de digitale veiligheid en zorgveiligheid nu in beide plannen terugkomen. Wij hopen dat de drie grote onderwerpen die nu de prioriteit hebben gekregen ook de komende jaren de volle aandacht gaan krijgen zodat zeker de digitale transitie goed doorgevoerd zal worden. Geen discussiepunten. De heer Holtman: Een goed en helder plan.
Goede thema’s die worden gekozen daar kunnen wij helemaal achter staan. Geen discussiepunten. Wel een vraag richting de portefeuillehouder. De capaciteit van de politie staat altijd onder druk. Maar we hebben ook gehoord; ‘wij kunnen het werk nu ook goed uitvoeren’. Wat als op termijn blijkt dat dit echt onder druk komt te staan. Hoe komen dat soort signalen dan hier en wat kunnen wij daar dan mee? De heer Hollema: Een goed geschreven beleidsplan. Mooi dat er extra fte’s zijn. Er is een duidelijke prioriteit verschuiving. Een massieve verschuiving naar het digitale in de breedste zin van het woord. Echt een erkenning dat de digitale samenleving in al haar aspecten echt onontkoombaar is geworden. De stelling wordt ingezet dat niet alles in één keer kan. De D66 is vóór het meerjarenplan. Bijgevoegd bij de stukken zat ook het Uitvoeringsplan van de gemeente. Dat bleef naar ons gevoel achter wat digitaal betreft. Moeten we daar niet ook een stap bijzetten? Opmerking: we moeten voorkomen dat alle drugscriminaliteit als ondermijning wordt beschouwd. Dat beeld kregen we bijna bij de beeldvorming. Het gaat echt om de vermenging met de bovenwereld. Dat kan ook digitaal zijn. En niet op alles het stempel ondermijning zetten. Daar moeten we echt mee oppassen. Mevrouw Hoezen: Ook de fractie van de Progressieve Partij kan zich vinden in het meerjarenbeleidsplan.
Duidelijke, verhelderende presentaties tijdens de beeldvorming. De definitie ‘ondermijning’ zou niet te breed moeten worden getrokken. Niet alle strafbare feiten zijn ondermijning. De definitie van ondermijning is heel belangrijk. Is het zinvol om het daar eens over te hebben of we daar nog wat meer aandacht voor moeten hebben? De heer Van Lochem: Het was een goede presentie. De CDA-fractie kan instemmen. Geen discussiepunten.
Vragen: - Wat als er knelpunten zijn bv. op capaciteit. Hoe kun je daar dan nog op sturen? Discussiepunten: - Digitaal een stap bijzetten in het gemeentelijk Uitvoeringsplan. Aansluitend wat er bij de politie gaat gebeuren. - Zinvol om nog eens te spreken over de definitie van ondermijning. Reactie college: Burgemeeser Stapelkamp: Meer blauw op straat. We krijgen wel iets meer mensen, maar belangrijker is dat we meer blauw op de digitale snelweg hebben. Daar wordt voor gezorgd met de nieuwe eenheid Web en Wijk. Dat is een forse organisatiewijziging. Als er capaciteit te kort is dan ga je prioriteren. De politie staat onder het Openbaar Ministerie voor wat het strafrecht betreft. daar gaat de burgemeester niet over. Aanvullend, ondersteunend kunnen wij bestuursrechtelijk wel wat doen. De eerste preventie, handhaving, controle kunnen we allemaal doen, dit is allemaal bestuursrecht. Maar het echte strafrecht valt buiten onze bevoegdheid. Rechtbanken hebben bv. besloten een aantal zaken ‘weg te gooien’. Dat is ook een vorm van het oplossen van de beperkte capaciteit. Door bepaalde zaken niet te doen. Dat zal op lokaal niveau af en toe ook zijn. Het werken in de wijk kan dan soms weleens wegvallen. De heer Hollema: Waar doelt u nu precies op als u zegt: “misschien loopt er iets door elkaar heen”? Burgemeester Stapelkamp: Het stuk gaat erg in op cybercrime, digitale criminaliteit.
Criminaliteit is wel het onderdeel van de politie en feitelijk onder het openbaar gezag van het OM. Digitale criminaliteit gebeurt niet in de openbare ruimte. Daar ligt vooral een taak van de burgemeester. Openbare orde en veiligheid. Wie is er op het digitale net verantwoordelijk? Daar zit bij ons gelukkig nog weinig orde verstoring. Zorg en veiligheid op internet zit meer bij de strafrechtelijke kant. Als u ideeën heeft wat wij daar binnen het IVP nog extra zouden moeten doen, dan horen we het graag. Wij hebben al ingezet in ons eigen IVP dat wij meer die preventieve kant willen doen. Veel meer kunnen wij op dat vlak nu niet doen. De heer Hollema: Wij stellen vast dat in het meerjarenbeleidsplan van de politie staat dat de samenleving in al haar aspecten digitaal geworden is. Daar zie je een echte verschuiving. Dit zien wij minder in het eigen veiligheidsplan. Dit moet wel een signaal zijn dat we daar beter over na moeten gaan denken. Burgemeester Stapelkamp: Rondom ondermijning gebruiken wij steeds meer data gericht werken. Dat is ook een vorm van digitalisering. Het integraal veiligheidsplan van de gemeente is vooral gericht op openbare orde en op de zorgkanten ervan. Bestrijden van digitaal onrecht is veel lastiger en veel meer dan preventie kunnen wij daar niet doen.
De heer Hollema: Bent u het met mij eens dat orde zich ook uitstrekt tot digitale orde? Dus dat het zich ook uitstrekt tot de online samenleving? Burgemeester Stapelkamp: Daar zijn uitgebreide studies naar gedaan en dit is erg ingewikkeld en nog erg onduidelijk. Iemand die 2 meter buiten de gemeentegrens een oproep doet om hier te gaan rellen, wat is dan rol? Die is niet zo heel erg groot. Dit onderwerp volgen wij zeker. Het is nog niet zo eenvoudig wat de bevoegdheden van een burgemeester hierin zijn. De heer Holtman: Dit meerjarenbeleidsplan gaat uit van meer capaciteit. Kunt u ook aangeven dat als het echt onder druk komt te staan, dat wij dat dan ook te horen krijgen. Zodat we daar ook over kunnen spreken? Burgemeester Stapelkamp. Elk jaar krijgen we het IVP. Als er echt grote problemen zijn dan is het prima om daar met elkaar over te spreken. Drugs en ondermijning. Iemand die een paar plantjes heeft zou je niet direct ondermijning noemen. Maar vergeet niet dat het vaak verbonden zit met een groot systeem. Waar onder- en boven wereld elkaar raken. Mevrouw Hoezen: Criminaliteit en bestrijding is een taak van politie en justitie en niet zozeer van de gemeente die meer gaat over de openbare orde. Maar gaat ook over iedereen die gelieerd is aan de gemeentelijke organisatie. Burgemeester Stapelkamp: Bestuursrechtelijke handhaving is onze taak.
De bestuursrechtelijke handhaving kan ook een relatie hebben met criminele activiteiten. Wij zijn ons er zeker van bewust daar waar het ons eigen personeel betreft. Daarvoor zijn wij ook intern mee bezig. Het RIEC heeft een weerbaarheidsscan gedaan. Daar zitten aspecten in waar wij zelf ook op moeten letten. Het is zeker een punt en dit geldt ook voor bestuurders en raadsleden. De heer Van Lochem: Het ging over prioritering. Er werd een soort oproep gedaan om ons als raad bij te betrekken op welke wijze dan ook. Wij horen u zeggen: “werken in de wijk kan dan misschien wel wegvallen”. De landelijke korpschef zegt dat het dicht bij de burger staan door de politie juist terug moet
2
komen. Dat werkt ook preventief. Het dicht bij de burger staan – de wijkagent – moet wel de tijd krijgen om zijn burgers en netwerk te kennen. Burgemeester Stapelkamp: Daar zitten wij op één lijn. We komen een heel eind met onze wijkagenten en de gemeentelijke Boa’s. Tweede termijn. Discussiepunt: Zinvol om nog eens te spreken over de definitie van ondermijning. Mevrouw Hoezen: De definitie: Wat is ondermijning? Is er behoefte bij de raad om daar een visie over te hebben. Of vertrouwen we erop dat de portefeuillehouder dit helder genoeg heeft? De heer Rijks: Als dat de vraag is dan kunnen we snel verder door aan de burgemeester te vragen om zijn definitie voor ondermijning eens op papier te zetten. Deze kan hij naar ons toe te sturen, zodat wij daarna kunnen besluiten om daar eens een keer met elkaar over te gaan praten. De heer Holtman: Voor de CU- fractie hoeft dit niet. Er zijn al heel veel mensen die zich hebben gebogen over het begrip ondermijning. Het gaat om strafbare feiten die tussen de boven- en onderwereld vermengd gaat. Dat is het ongrijpbare. Laten we de portefeuillehouder en ambtelijk apparaat niet bezig houden met allerlei definities. De vraagstukken zijn helder en laten we vooral aan de slag gaan. De heer Hollema: In de beeldvorming hebben we de historie meegekregen. Het zou goed zijn om de exercitie die 6 jaar geleden gedaan is te actualiseren.
Dan bekijken met de inzichten die er dan zijn of dit nog helemaal actueel is of dat we accentverschillen moeten gaan maken. Dat hoeft niet de komende maand, maar bv. volgend jaar en dat we het er dan over kunnen hebben. Dat zou een goede stap zijn. Mevrouw Te Grotenhuis: Een keer actualiseren is niet verkeerd. Maar om over elke definitie te gaan discussiëren? We kunnen onze tijd wel beter benutten. De heer Holtman: We moeten ons wel goed realiseren wat de implicaties zijn van een mogelijke actualisatie. Wordt het RIEC gevraagd en om die risico’s allemaal in kaart te brengen met bijbehorende parameters? Dat is een iets grotere opgave dan dat je het iets bij kan stellen. Dan is het ook de vraag waar we het dan over hebben. Want dat is echt een inhoudelijke exercitie. Actualisatie zullen ze vast wel op de rol hebben staan. Mevrouw Hoezen: We moeten ons als raad ook niet te veel focussen op criminaliteit in onze gemeente, want dat is onze taak niet. We moeten kijken naar waar ondermijning ons raakt. Zo nodig komen we tzt hierop terug. Discussiepunt: Digitaal een stap bijzetten in het gemeentelijk Uitvoeringsplan. Aansluitend wat er bij de politie gaat gebeuren. De heer Hollema: Het gaat niet om het 2024 plan. Dat is prima. Uit het meerjarenplan van de politie blijkt dat massief wordt ingezet op digitalisering. Bij het uitvoeringsplan is geacteerd op het oude beleid.
We doen op een aantal punten iets. Moeten we daarin ook een versnelling aanbrengen? De heer Holtman: We hebben een Integraal Veiligheidsplan vastgesteld in 2023. Daar is een hele paragraaf gewijd aan digitale veiligheid en weerbaarheid. Waarbij de focus ligt op digitale weerbaarheid en handelingsperspectief. Dat lijkt ons de basis voor het uitvoeringsplan. Als we kunnen onderstrepen dat het goed uitgewerkt wordt voor volgend jaar, dan lijkt ons dat voldoende. Conclusie. De voorzitter concludeert dat er geen toezegging is gedaan en dat dit voorstel als stemstuk met stemverklaring naar de raadsvergadering van 27 januari 2024 kan. 3. Voorstel tot indienen van een zienswijze met betrekking tot de Uitgangspuntennota 2024 van de GGD-NOG. Eerste termijn. Mevrouw Kraaijenbrink: N.a.v. de beeldvormende vergadering van vorige week waren er een aantal vragen. Jammer dat er bij de beeldvorming bijna geen antwoorden gegeven konden worden en dat deze allemaal richting GGD doorgespeeld moesten worden. Gelukkig zijn ze voor vanavond beantwoord. De antwoorden zorgen bij de CDA-fractie voor verdere vragen. Er wordt gesproken over de vaccinatiecentra en de extra kosten die dit met zich meebrengt voor de gemeente.
Wij hebben begrepen dat het beleid rond vaccinatiecentra vanuit VWS komt en opgedragen wordt aan de GGD-en en dat de betaling van deze kosten middels een bijdrage uit het Gemeentefonds komt. Dit lezen wij niet terug in de antwoorden. Graag een verduidelijking. Vallen voorlichting, benaderen van de nieuwkomers en samenwerking met
3
andere partijen hier ook onder? De gemeente Winterswijk wil een zienswijze indienen waarbij ze de GGD verzoeken bij het opstellen van de begroting 2025 te zoeken naar bezuinigingsmogelijkheden. De CDAfractie kan zich vinden in deze zienswijze en is van plan hiervoor een amendement in te dienen. In de uitgangspuntennota staan een aantal uitgangspunten genoemd die extra inzet gaan kosten van de GGD, zoals de vaccinatiecentra, meer aan de nieuwkomers en aanpassing van het Rijksvaccinatieprogramma. Het lijkt ons goed dat er naast deze nieuwe inzet ook gekeken gaat worden naar huidige maatregelen en of hier misschien bezuinigingen mogelijk zijn. Mevrouw Hoezen: Wij hebben geen opmerkingen en kunnen ons vinden in het voorstel. De heer Van der Graaff: Wij sluiten ons aan bij de ingebrachte punten van de CDA-fractie. Het wordt allemaal wat duurder als je een fijnmaziger netwerk gaat optuigen. In hoeverre wordt er creatief naar gekeken. De heer Holtman: We hebben een duidelijke presentatie gekregen. Fijnmazig is een onderdeel om ook laagdrempelig te kunnen zijn. De gepresenteerde grafieken over de vaccinatiegraad laat zien dat vaccinaties in de tijd naar beneden gaan. Een zorgelijk beeld. We dringen er daarom op aan dat voorlichting en laagdrempelige toegang nog meer aandacht krijgt.
Het is van belang dat de GGD naar haar inwoners toekomt of opzoekt en niet alleen vanaf bepaalde centra opereert. Voor nu akkoord en geen discussiepunten. Mevrouw Te Grotenhuis: Ook de BBB-HMV fractie vond het jammer dat er bijna geen vragen in de beeldvorming beantwoord konden worden. Wij vragen ons af of het oprichten van vaccinatiecentra ook werkelijk gaat zorgen dat meer mensen zich laten vaccineren. Er moet gekeken worden naar de gehele bevolking. Er wordt nu gekeken naar kwetsbare groepen. Je sluit andere groepen daarmee uit. Het lijkt een landelijke trend te worden dat mensen zelf op onderzoek uitgaan. Niet dat wij alleen gaan kijken bij nieuwkomers. Wij hechten er wel waarde aan dat er voldoende aandacht wordt gegeven aan het vaccineren van het Rijksvaccinatieprogramma. De heer Hüning: Zonde dat er weinig antwoorden gegeven konden worden. Er is een vraag gesteld over de vaccinatiegraad in Aalten 95% en in Winterswijk 90%. Door de GGD wordt geantwoord dat Yunio mogelijk een verklaring kan geven voor deze percentages. Dat vinden wij geen geruststellend antwoord. Daar begint het en als dan die vaccinatiegraad onder de 90% komt, vinden wij dit best wel zorgelijk. We hopen dat de GGD dichter bij de burger voldoende medewerkers kunnen werven. Dat is ook nog de vraag. Je hoort nu overal dat er personeelstekorten zijn.
De heer Rijks: De fractie van GemeenteBelangen kan zich vinden in de zienswijze. Er is een vraag gesteld over de vaccinatiegraad m.b.t. de DTKP. Het antwoord is dat dit aan Yunio moet worden gevraagd. Dat heeft ons verbaasd. Misschien goed om dit alsnog aan Yunio te vragen. De reden van de lage vaccinatiegraad in Winterswijk zou best eens kunnen overslaan naar Aalten en misschien kunnen wij daarvan leren en maatregelen nemen. Maakt het breed. Zorg ervoor dat niet alleen bepaalde doelgroep, maar alle mensen die in aanmerking komen voor vaccinaties op de hoogte zijn van wat er gebeurt en niet aan de haal gaan met allerlei andere verhalen. Vragen: - Verduidelijking betaling van de kosten van de vaccinatiecentra middels een bijdrage uit het Gemeentefonds. Vallen voorlichting, benaderen van de nieuwkomers en samenwerking met andere partijen hier ook onder? - Kijken naar mogelijkheden voor bezuinigingen - Door optuigen meer fijnmaziger netwerk wordt het duurder. Wordt er creatief gekeken naar samenwerking met bv. huisartsenposten? - Vaccinatiegraad zuigelingen. Kan dit nog bij Yunio worden nagevraagd? Discussiepunten: - Zienswijze met verzoek bij het opstellen van de begroting 2025 van de GGD te zoeken naar bezuinigingsmogelijkheden. - Gaan meer vaccinatiecentra ervoor zorgen dat meer mensen zich laten vaccineren.
Reactie college: Wethouder Wikkerink: Wat hier voorligt zijn de beleidsuitgangspunten voor de begroting 2025, dus niet de begroting zelf. Die komt nog en daar kunt u ook nog een zienswijze opgeven. De mogelijkheid voor gemeenten om zienswijze te geven op de beleidsuitgangspunten is nieuw. De vragen die in de beeldvorming gesteld werden gingen hoofdzakelijk over de uitwerking van die beleidsuitgangspunten. Op aangeven van VWS moeten er in 2025 vaccinatiecentra komen bij de GGD. Dat is VWS van plan. Er worden veel vragen gesteld hoe dat dan wordt ingericht. Dat weten we allemaal nog niet want daar zijn nog geen instructies voor. We weten wel dat de huidige organisatie van het vaccinatiestelsel versnipperd
4
is, waardoor gezondheidswinst blijft liggen. Daarom is het Ministerie van VWS van plan om een vaccinatievoorziening voor volwassenen bij de GGD in te richten. Dus dat zijn nog plannen. Er wordt verteld wat er allemaal aan de hand is en wat we in 2025 kunnen verwachten. Als dat leidt tot financiële gevolgen dan komt dat in de begroting 2025. Daar kan de raad vragen over stellen of een zienswijze indienen. Op dit moment is dat nog niet bekend. Dit geldt ook voor het Rijksvaccinatieprogramma. Dat het uitgebreid wordt en dat het anders georganiseerd wordt, dat wordt hier aangekondigd. Hoe dat precies gebeurt en wat voor gevolgen dat heeft, weten we nog niet precies. Dat zijn uitgangspunten die in dit document staan. Het zijn beleidsvoornemens die niet door de GGD bedacht zijn. Hier gingen de vragen over die niet beantwoord konden worden. Dan de aandacht die u vraagt over de bezuinigingen bij de GGD. Het college stelt dat niet voor. Waarom niet? De GGD is een zeer solide financiële organisatie. We zitten met een GGD die het minst robuust is qua omvang van heel Nederland. Daarvoor is in 2021 het plan GGD -robuust aangenomen. Daar zitten een aantal maatregelen in om de organisatie van de GGD te versterken. Waaronder de zoektocht van de samenwerking met de VNOG. Maar ook een nieuwe functiewaardering voor verpleegkundigen.
Die zitten ook in deze begroting verwerkt, € 40.000 en € 45.000. Daarmee gaat de begroting omhoog. Dan is er een verhoging vanwege de indexatie en het zou onverstandig zijn om daar nog aan te knabbelen omdat dit één van de mooiste berekeningen is voor gemeenschappelijke regelingen. Dat we niet maar met de waan van de dag indexeren maar over een aantal jaren met de CBS-cijfers. En dan kom je op dit moment uit op een indexatie van 7,25%. Het kan volgend jaar best zijn dat de prijzen wat omhoog zijn gegaan, maar doordat de indexatie over twee jaar wordt uitgesmeerd, kan de indexatie wat lager zijn. Het is een heel doordacht systeem. Opgemerkt wordt dat van de GGD verwacht mag worden, dat zij zeer kritisch is met de uitgaven. Dat heeft de GGD ook bewezen. In Covid-tijd was het een grote projectorganisatie. Nu wordt het weer afgeschaald naar een normale projectorganisatie. Men zeilt scherp aan de wind voor wat betreft de uitgaven. De heer Van der Graaff: We hebben een enorme pandemie achter de rug waarbij het goed was dat de GGD snel kon groeien. We willen per definitie niet persé bezuinigen, maar het lijkt erop dat in één keer veel meer geld aan ons wordt gevraagd. Aangegeven wordt dat de gestelde vragen te vroeg komen. Wethouder Wikkerink: Voor wat betreft die vaccinatiecentra en de uitbreiding van de programma’s daar zijn nog geen financiële gevolgen van bekend.
Ik ga ervanuit dat dit gaat zoals het altijd gaat, namelijk of het wordt rechtstreeks door het Rijk betaald – zoals de Covid middelen – of de gemeenten krijgen in het Gemeentefonds financiële middelen. De raad gaat over de besteding van de Algemene uitkering. Het is al eens eerder gebeurt dat de GGD dringend aan de gemeente heeft gevraagd om geld dat bestemd is voor een bepaalde activiteit van de GGD, door te sluizen naar de GGD. Die discussie komt bij de begroting. Vooruitlopend heeft het college gezegd dat de vaccinatiecentra goed bereikbaar moeten zijn. Dat is zienswijze één. De andere zienwijze is dat nu niet alleen ingezet wordt op ouders van kinderen, maar juist ook op volwassenen die om allerlei redenen minder willen vaccineren. Dat zijn de twee zienswijzen die wij voorstellen. De heer Holtman: Wij begrijpen dat dingen nog onduidelijk zijn. Wij willen u vragen om daar wel scherp op te zijn. Je kunt vaccinatiecentra gaan inrichten op verzoek van VWS en daar gelden voor krijgen. Echter de zienswijze kan er ook toe leiden dat de gemeente extra financiële middelen beschikbaar moet stellen. VWS kan dan zeggen dat is allemaal heel leuk, maar dat is voor uw eigen rekening. Wethouder Wikkerink: Hier durf ik nauwelijks een uitspraak over te doen. Het is maar net hoe het ingericht gaat worden. De zienswijze houdt rekening met de goede bereikbaarheid op het platteland.
Tzt kan worden bekeken of de verstrekte middelen door het Rijk voldoende zijn. Als er bv. één grote locatie moet komen en wij vinden dat er zes centra moeten komen terwijl er maar geld is voor vijf centra, dan gaan we voor vijf locaties. De begroting moet niet extra belast worden. De heer Rijks: Kan de vraag over zuigelingen nog doorgestuurd worden naar Yunio? Wethouder Wikkerink zegt toe dit te zullen doen. Tweede termijn. Discussiepunt: Zienswijze met verzoek bij het opstellen van de begroting 2025 van de GGD te zoeken naar bezuinigingsmogelijkheden. Mevrouw Kraaijenbrink: De wethouder geeft aan dat het eigenlijk te vroeg is om daar iets over te zeggen omdat het allemaal nog te onduidelijk is. Moeten we dit dan pas bij de begroting doen? Mevrouw Hoezen: Gaat het dan om de vraag aan de GGD om te bezuinigen? Waarom zouden ze moeten bezuinigen? Heeft u aanleiding om te denken dat dat aan de orde is. Mevrouw Kraaijenbrink: Het gaat erom dat de GGD bekijkt of bepaalde zaken anders kunnen worden gedaan en die dan minder geld kosten door het op een andere manier in te richten.
5
Mevrouw Hoezen: De GGD verwijst ook naar het ravijnjaar dat er voor de gemeente aankomt en dat zij zich daar ook bewust van zijn. Wij gaan ervan uit dat zij beseffen dat de gemeente geen geldboom in de tuin heeft staan. De heer Van der Graaff: Wij zijn niet per definitie voor een bezuiniging. Maar wel voor het creatief kijken naar wat we willen. We hebben hier een ander gebied dan in het westen van het land. Dat vraagt om andere creatieve oplossingen. En hoe kunnen we dat dan doen? Daar willen we toe oproepen en als we daarmee wat geld kunnen besparen, dan zou dat mooi zijn. Als dat niet zo is dan moeten we dat heroverwegen. We zitten er ten dele hetzelfde in met het verschil dat wij niet persé willen bezuinigen. Wees wel kritisch waar het geld naar toe gaat. We zijn wel gebaat bij een goede en wendbare GGD. Mevrouw Te Grotenhuis: Echte bezuinigingen stellen wij op dit moment ook niet voor. Voor creatieve oplossingen zeker wel. Daarvoor moet ook gekeken worden in de IZA. De heer Rijks: Wanneer we deze vraag stellen aan de GGD dan moeten we vanaf nu aan alle organisaties waarmee we samenwerken deze vraag stellen. Wij gaan ervan uit dat deze organisaties die al zolang op een goede robuuste manier hun organisaties leiden - eruit halen wat erin zit. Voor de fractie van GemeenteBelangen is het niet nodig.
De heer Hüning vindt het goed dat dergelijke organisaties nog eens kijken naar creatieve oplossingen. Misschien dat daar wat aan de kosten gedaan kan worden. De heer Holtman: De programmabegroting 2024 gaat voor de gemeente Aalten uit van € 560.000. We gaan nu met de bijstelling voor 2025 naar ruim € 610.000. Dat is € 50.000 extra. We hebben er belang bij dat we een goede gemeenschappelijke regeling hebben die gezondheidstaken uitvoert. Nu is het moment om aan de GGD te vragen om met het verhogen van de kosten enige terughoudendheid om te gaan. De heer Van der Graaff: U kijkt daar nu technisch naar. Er zijn meer gemeenschappelijke regelingen en overal moet er meer geld bij. Hoe beschouwt u dan het belang van de GGD? Gezien wat we net achter de kiezen hebben en de ontwikkelingen die eraan komen. Snapt u dan dat het wel meer geld kan kosten? De heer Holtman: We hebben er allemaal baat bij dat we een goede GGD hebben die in geval van nood of crisis kan optreden. Dat mag geld kosten en het is ook logisch dat - zeker in een duurder wordende tijd - er geld bij geraamd moet worden. Wat opvalt is dat alle gemeenschappelijke regelingen het enorm opplussen. Als je dan vraagt waar het precies naar toe gaat, krijgen we daar moeilijk de vinger achter.
Aan de ene kant denken we, laten we de GGD de ruimte en het vertrouwen geven en aan de andere kant denken we, misschien is het niet zo verkeerd om te vragen om enigszins terughoudend om te gaan met het verhogen van deze kosten. Mevrouw Hoezen: We moeten als gemeenteraad controleren, we hebben een budgetrecht, dus daar moeten we kritisch op zijn. Dit moeten we dan doen als de begroting voorligt. Waar we naar moeten kijken is of er specifieke posten misschien meer zijn gestegen dan voorgaande jaren en dan moeten we vragen om een toelichting en uitleg. En als het niet goed wordt uitgelegd kan worden aangegeven dat wij het niet gaan doen. Maar niet nu op voorhand. De heer Holtman: De fractie van de ChristenUnie zegt niet dat er nu geld afgehaald moet worden. Het is zoeken naar het geven van de juiste middelen om de taken goed en adequaat uit te kunnen voeren. Anderzijds moet er in dit geval 10% bij. Dat is deel uitlegbaar door de gestegen kosten en extra taken. Dat heeft impact op de uitgaven van de gemeente Aalten. Aan de GGD mag best worden gevraagd om in kaart brengen op welke posten er iets minder gedaan zou kunnen worden en waar enige terughoudendheid betracht zou kunnen. Dat is iets anders dan we gaan post A, B, C. schrappen. Daar is spreker geen voorstander van. Wethouder Wikkerink: De vraag is waar precies die forse stijging in zit. Die zit in twee dingen.
Die € 40.000 en € 45.000 om de functiewaardering in te halen van de verpleegsters en verplegers. We krijgen geen verplegers en we moeten met die functiewaardering naar het gemiddelde in Nederland. De tweede, is de genoemde 7,25%. Dat is het afgesproken indexatiesysteem. Als het niet uitkomt kun je het systeem wel veranderen, maar dat wordt afgeraden. Je moet je wel aan je eigen besluiten houden. We willen de GGD robuust met goede arbeidsvoorwaarden zodat we ook de mensen kunnen aantrekken die nodig zijn. De heer Holtman: Dit begrijpen we ook. We zeggen ook niet dat we dat ter discussie moeten stellen. Maar als je een signaal zou willen afgeven richting de GGD over terughoudend omgaan met budgetten voor de jaren daarna, dan is dit het moment. Dan ben je bij de begroting te laat, dan kun je alleen zeggen, post A, B, C. kan weg. De kosten van alle gemeenschappelijke regelingen stijgen fors. Aan de GR-en kan worden gevraagd om terughoudend met het verhogen van de kosten om te gaan en bij het opstellen van de begroting hier rekening mee te houden.
6
Discussiepunt. Gaan meer vaccinatiecentra ervoor zorgen dat meer mensen zich laten vaccineren De heer Van der Graaff: We begrijpen dat we hier naar een fijnmaziger netwerk toe moeten. We ondersteunen ook de zienswijze. Kunnen we daar creatief naar kijken door bv. de GGD op locatie te zetten daar waar mensen vaccinatie en voorlichting behoeven. De GGD heeft ook andere taken dan vaccineren. Wellicht kan hier ook naar gekeken worden. Is dit de fase om dit bij de wethouder te adresseren? Is het relevant dat wij hier nu een discussie over voeren of moeten we dit op een later punt doen? De voorzitter concludeert dat de fracties aangeven hier nu geen discussie over te willen voeren. Conclusie. De voorzitter concludeert dat er een toezegging is gedaan: •
De vraag over vaccinaties bij zuigelingen wordt doorgestuurd naar Yunio.
De voorzitter concludeert vervolgens dat dit voorstel als bespreekstuk naar de raadsvergadering van 27 februari 2024 kan. 4. Sluiting De voorzitter sluit om 20.45 uur de vergadering.
Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Aalten in de openbare vergadering van 27 februari 2024.
M.A.J.B. Fiering raadsgriffier
mr. A.B. Stapelkamp voorzitter
7