CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

Besluitenlijst Oordeelsvormende vergadering d.d. 12 maart 2024

Gemeenteraad 26 maart 2024, gemeente AaltenBij agendapunt: Vaststellen van de besluitenlijst van de oordeelsvormende vergadering van 12 maart 20243.747 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

OPENBAAR

Besluitenlijst Oordeelvormende vergadering van 12 maart 2024. Aanvang: 19:30 uur Aanwezig:

Voorzitter: De heer Walter De leden: de heren Assink (agendapunt 2) Belterman (agendapunt 3), Meerdink (agendapunt 2), Holtman, Rijks, Ebbers, Weevers en Hollema. De fractie van BBB-HMV was bij agendapunt 3 niet vertegenwoordigd. Namens het college: Wethouder Kok (agendapunt 2) en wethouder Groters en de heer Eskes (agendapunt 3) Griffier: mevrouw Smit

1. Opening De voorzitter opent de vergadering en heet eenieder welkom. 2. Voorstel tot vaststellen van het bestemmingsplan Kern Aalten, Hogestraat 3436. Eerste termijn. De heer Assink: Na Obelink, vrijetijdswinkel, EDAH, ELKA, drankenwinkel en Brezan automaterialen krijgt de voormalige winkelbestemming, de bestemming wonen. Een woonbestemming. Een bestemming waar wij als CDA vaak op hebben aangedrongen. Wat duurde het lang voordat partijen een akkoord hadden voor 11 sociale huurwoningen. Maar gelukkig het is bijna zover dat de sloopkogel aan geslingerd kan worden en de aannemer aan de slag kan met het bouwen van de zo broodnodige huurwoningen. Alles wordt op deze plek beter, minder steen, meer wonen, meer biodiversiteit en meer groen. Mooi plan op deze plek. Een dankjewel voor de medewerkers van De Woonplaats en de gemeentelijke ambtenaren dat op deze plek deze mooie ontwikkeling uitgedacht is en ook zeker komt. In één ding zijn we wel wat teleurgesteld. De landelijke overheid maakt sier door te melden dat er minimaal € 250 miljoen beschikbaar is om woningbouwprojecten te ondersteunen. Na gedane aanvraag grijpen we als gemeente en De Woonplaats mis. Teleurstelling in de landelijke overheid. Akkoord met dit voorstel. Nu niet meer treuzelen, maar aan de slag.

De heer Weevers: Ook de PP fractie is zeer content met het feit dat hier zulke mooie sociale huurwoningen worden gerealiseerd. Moeten wij toch niet iets opnemen over circulair bouwen? Die noodzaak wordt steeds duidelijker. Het is mogelijk om dit in een omgevingsplan of bestemmingsplan op te nemen. Als hier steun voor is dan willen wij hiervoor een amendement opstellen. De heer Hollema: De fractie van D66 is blij met deze ontwikkeling. Het ligt al heel lang braak, het is mooi dat het eindelijk gesaneerd gaat worden. Super dat hier appartementen komen op een aantrekkelijke locatie. Het enige waar je nog aan zou kunnen denken is de maximale bouwhoogte van 11 meter. Daar zou je nog naar kunnen kijken. De verbeelding zoals die is opgenomen ziet er goed uit. Passend bij de omgeving. De heer Holtman: De fractie van de CU wil eigenlijk alleen maar complimenten geven. Mooi plan, goed plan, bijdrage van 11 sociale huurwoningen. Van harte akkoord. De heer Meerdink: BBB-HMV is content dat daar iets komt dat daarbij hoort. Je zou de bouw op een duurzame wijze kunnen realiseren, mits het past bij de omgeving. Van harte akkoord. De heer Ebbers: De VVD-fractie vindt het een goed plan, goed dat die verpauperde panden worden aangepakt en worden omgezet in woningen. De heer Rijks: De fractie van GB is blij met het opknappen van dit stukje van de Hogestraat. Ooit het eind van een winkelgebied.

Wij hebben al vaker aangegeven om te kijken of je ook winkels kunt ombouwen tot woningen. Er komen hier 11 appartementen. De fractie van GB gaat akkoord. Discussiepunten: Iets opnemen over circulair bouwen in omgevingsplan of bestemmingsplan.

Reactie college: Wethouder Kok: Reactie op het onderdeel om circulair bouwen mee te nemen als onderdeel van het bestemmingsplan. Wij hebben wel beleid opgenomen in het Uitnodigingskader. Initiatieven leggen we langs die meetlat en als dat positief is, dan kunnen de plannen uitgewerkt worden. Dit woningbouwplan is hier ook langs gelegd en kent een hele lange geschiedenis. Wij zijn blij met het moment waar we nu zijn. Dat we een plan hebben dat gedragen is door De Woonplaats, door de omgeving en waar we ook nog provinciale subsidie voor krijgen. Wij willen adviseren om dit niet in gevaar te brengen om het bestemmingsplan aan te passen, want er is nog geen omgevingsvergunning aangevraagd. Er is dan een bestemmingsplan, maar de vraag is of er dan een omgevingsvergunning verleend gaat worden. Of het plan dan nog wel gerealiseerd gaat worden. We kunnen niet altijd aan alle wensen die we hebben voldoen. Dit sociale woningbouwplan in het centrum met een bepaalde kwaliteit moet met beide handen worden aangegrepen. De heer Holtman: Wat is het risico dat u voorziet? Wethouder Kok: Dat het partnerschap met De Woonplaats een deuk oploopt. Op het moment dat het bestemmingsplan wordt aangepast is de vraag of er nog wel een omgevingsvergunning wordt aangevraagd. Door dit toe te voegen grijpt De Woonplaats wellicht aan om aan te geven dat het plan financieel niet haalbaar meer is.

De heer Hollema: U heeft eerder toegelicht dat De Woonplaats een enthousiaste deelnemer is van samen biobased bouwen. Nu lijkt u te zeggen dat De Woonplaats niet open staat voor circulair biobased bouwen voor deze plek. Wethouder Kok: Dit plan komt van heel ver. Dit plan heeft ook een geschiedenis bij De Woonplaats. Dit was geen onderdeel van de portefeuille van De Woonplaats toen het nog alleen De Woonplaats was en nog niet onderdeel van de WSD- Dinxperlo. WSD- Dinxperlo heeft het ooit aangekocht voor een bepaalde prijs. Om dit te realiseren zit er wel ergens een grens aan. De Woonplaats wil een omgevingsvergunning aanvragen wat past binnen het bestemmingsplan. Wij willen niet het risico lopen dat De Woonplaats besluit om geen omgevingsvergunning aan te vragen. Daarmee is niet gezegd dat De Woonplaats niet circulair wil bouwen, maar we zijn de procedure ingegaan met het bestemmingsplan met daarbij een beeld van hoe het zou moeten worden. Dit is ook richting de omgeving gecommuniceerd. Het is niet handig om het nu aan te passen. De heer Meerdink: Wij begrijpen de angst van de wethouder, dat het niet zou leiden tot een aanvraag voor een omgevingsvergunning. Dit is het laatst wat onze bedoeling zou zijn. Maar een gesprek aangaan met De Woonplaats lijkt ons toch vrij onschuldig.

De heer Hollema: Bent u wel bereid De Woonplaats te stimuleren of te vragen, wat hier mogelijk is op biobased circulair bouwen? Wethouder Kok: Die vraag kunnen we altijd stellen. Maar wij weten het antwoord ook al. Wij doen graag efficiënte dingen. Tweede termijn. Discussiepunt: Iets opnemen over circulair bouwen in omgevingsplan of bestemmingsplan. De heer Weevers: Financieel hoeft dit geen risico te vormen voor het aanscherpen van dit bestemmingsplan. De Woonplaats doet al enthousiast mee aan het duurzaam isoleren van woningen. Een aantal bouwbedrijven is al zover dat zij voor dezelfde prijs als traditioneel circulair kunnen bouwen. Het past ook niet om de raad te dreigen dat iets niet doorgaat. De raad zelf heeft het recht en is ook bij machte om daar een eigen oordeel over te vellen. En dreigementen vinden wij hier niet in passen. Wij begrijpen dat er een hele geschiedenis aan vooral is gegaan, maar inmiddels zijn de tijden veranderd. Het zou echt een gemiste kans zijn als we dat hier in dit plan aan ons voorbij laten gaan. De heer Assink: Als CDA-fractie zijn we zeker voor het verduurzamen. Waar u op doelt is stro inblazen bij isolatiewoningen. Dat is een proef van 2 woningen van De Woonplaats en Wonion met strobouw. Circulair bouwen is nog een heel ander verhaal. In zijn algemeenheid zal het altijd kostenverhogend zijn. De procedures worden ook verlengd.

Het is al een locatie dat met hangen en wurgen financieel rond is te krijgen. De heer Weevers: Wij vinden het nogal een uitspraak dat de procedure weer verlengd gaat worden. Het bestemmingsplan is de basis en daarna worden de plannen ontwikkelt en wordt de vergunning aangevraagd. De heer Assink: Wij nemen aan dat De Woonplaats al behoorlijk wat rekenwerk heeft gedaan en dat er al richtprijzen zijn afgegeven. Het is een locatie die financieel moeilijk rond is te krijgen. Laten we niet treuzelen maar bouwen. We moeten nog 700 woningen bouwen. Wellicht zijn er in de toekomst locaties te vinden waar we een proef kunnen doen met circulair bouwen. Om hier nu één minuut voor twaalf een wending te maken? De woorden van de wethouder nemen wij ter harte.

2

De heer Hollema: We weten niet of we zo ver willen gaan om het bestemmingsplan aan te passen. Dan kom je in heel ingewikkelde discussies. Misschien is het maken van een motie om de wethouder aan te moedigen een suggestie? Het moet ook aan de NPG voldoen. De NPG wordt steeds strenger. Dat gaat over circulair bouwen. Daar zijn al normen voor. Het gaat er niet om dat er helemaal niets mag. Er moet hier al rekening mee worden gehouden. Het gaat altijd om de mate van. Er zijn steeds meer aannemers en projectontwikkelaars die juist inzetten op 50% circulair bouwen, want dat is fiscaal ontzettend gunstig. Er is van alles op dat gebied gaande waarbij het zeker een terechte vraag is om voor zo’n project. Het is nog niet gebouwd. Er moet nog van alles uitgezocht worden. Samen biobased bouwen is een veel bredere samenwerking, waar het om veel meer aspecten gaat. Moet het 100% circulaire zijn? Dit is volgens ons ook niet wat hier wordt bedoeld. Het gaat altijd om de mate van. 100% haalt niemand. Kijken wat mogelijk is, lijkt ons voor zo’n project een hele goede. De heer Holtman: Dit plan ligt klaar en is in overleg met de woningbouwcorporatie opgesteld. Daar moeten we blij mee zijn. Laten we nu hiermee doorgaan. Een ander spoor is dat als wij dat aspect van circulair bouwen echt belangrijk vinden. Dat moet aan de voorkant als een kader worden meegegeven. Niet nu aan de achterkant.

Je moet nu geen dingen gaan toevoegen waarvan je kunt zeggen dat ze frictie gaat creëren en onszelf als minder betrouwbaar positioneren. Goed om de discussie te voeren naar de toekomst, kaderstellend, maar laten we dat voor nu niet doen. De heer Rijks sluit zich aan bij de woorden van de CU. We moeten hier nu niet gaan ingrijpen met een amendement. De tip vanuit de raad om te proberen zo duurzaam mogelijk te werken, geldt voor iedereen. Hoe meer circulair, hoe eerder de gemeente positief zal reageren. Vooral bij particulieren. Dit zijn ondernemers. Laat het initiatief uitgevoerd worden zoals ze het met elkaar hebben opgezet. Daar zijn ze het met elkaar over eens en zo kunnen we op een zo snel mogelijk manier weer 11 mensen onderdak geven. De heer Assink: We moeten niet de spelregels veranderen terwijl de wedstrijd reeds begonnen is. In de toekomst kunnen we hier zeker naar kijken, maar we moeten nu niet allerlei dingen erbij halen. De heer Hollema: De suggestie wordt gewekt dat er helemaal geen beleid is rond circulair en biobased bouwen. Dat is verre van niet waar. We hebben al heel veel kaders gezet. Juist ook op Achterhoeks niveau. We hebben een lokaal beleid vastgesteld. Het is niet zo dat we de spelregels gaan veranderen.

De vraag is: “heeft u naar die spelregels gekeken en wat gaat u hiermee doen”? Dat is toch een redelijk vraag? De heer Meerdink: Toen de omgevingswet van kracht is geworden zijn er procedureafspraken gemaakt dat er in feite al een voorontwerp wordt opgesteld tussen bouwer en gemeente. De heer Weevers: Blij dat iedereen circulair bouwen en duurzaamheid belangrijk vinden. Wij begrijpen het bezwaar om het nu nog in te brengen. Een amendement achten wij volstrekt kansloos. Maar we gaan nog wel even nadenken over mogelijk een andere strategie. Wethouder Kok: Het ging over spelregels. Dit hebben we inderdaad afgesproken. Deze spelregels zijn uit het afwegingskader. Toekomstige bouwplannen waaronder o.a. circulair bouwen zitten in het Uitnodigingskader. Dat is door u vastgesteld en daar toetsen we aan. Als u straks bij ieder plan weer andere dingen gaat vragen die al wel in het Uitnodigingskader staan dan worden we een onbetrouwbare overheid. Conclusie. De voorzitter concludeert dat er geen toezegging is gedaan en dat dit voorstel als stemstuk met stemverklaring naar de raadsvergadering van 26 maart 2024 kan. 3. Raadsmededeling 10-2024 Beantwoording vragen D66 fractie n.a.v. raadsmededeling 1572023 Evaluatie UKZW en Raadsmededeling 157-2023 Evaluatie Uitnodigingskader zon en wind (Ukzw). M.b.t dit agendapunt zijn er 2 brieven binnengekomen.

Deze zijn bij de stukken van het betreffende agendapunt gevoegd. Eerste termijn. De heer Rijks: We hebben in de krant nog nooit een verslag gelezen van een wedstrijd die nog niet gespeeld is. Er is niets groots gebeurd, dus wat moeten we evalueren? Laten we dat niet doen. De beantwoording vonden wij heel duidelijk. M.b.t. tot de 2 brieven die zijn binnengekomen vragen wij ons af

3

wat deze in directe zin te maken hebben met deze evaluatie. Dat we daar een keer op terug moeten komen en over die kaders moeten praten, dat lijkt ons duidelijk. De heer Ebbers: Er is weinig te evalueren omdat er weinig is gebeurd. Waarom is er niets gebeurd? Dat vragen wij ons af gezien het initiatief aan de Wikkerinkweg. Afgevraagd wordt of dat misschien invloed heeft gehad op eventuele aanvragen. Naar aanleiding van de beeldvorming en de brieven die wij binnen hebben gekregen lijkt er een beetje ruis op de lijn te zitten ten aanzien van het stukje ‘wind’. Hoe verhoudt dit Ukzw zich nu tot de RES en het Regionale Uitvoeringsprogramma. Hier zijn ook vragen over gesteld. In de beantwoording is aangekondigd dat het zoekgebied voor wind vergroot zou kunnen worden. Zou dit dan nu niet verwerkt moeten worden tijdens de evaluatie van dit Ukzw? Blijven we dan wel een beetje in de pas lopen met het RES? De heer Holtman: Er is gezegd dat na 2 jaar de Ukzw wordt geëvalueerd. Er zijn heel veel ontwikkelingen gaande. De provincie heeft wat uitspraken gedaan over zon op land. We hebben wel degelijk een aanvraag gehad. De energieopwekking is een groot vraagstuk waar in de afgelopen jaren zich veel ontwikkelingen hebben afgespeeld. Het is dan goed om te kijken of het vastgestelde instrument heeft gebracht wat we ervan hadden verwacht. Heeft het ons dichter bij ons doel gebracht.

In die zin kunnen wij ons goed voorstellen dat we dit wel degelijk gaan evalueren. We hebben hier een forse discussie gehad over windturbines. Eén van de schrijvers van de brieven merkt terecht op dat de rust nu wel terug gekeerd is. Als je gaat evalueren levert dat ook heel veel onrust op. Mag dat een reden zijn om iets niet te evalueren? Wij denken van niet, dus wij neigen naar, wel evalueren. Maar dit is wel een aspect waar we wel degelijk rekening mee moeten houden. De heer Hollema: Er is inderdaad afgesproken dat we na 2 jaar gingen evalueren. Niet zozeer of er nieuwe aanvragen waren maar om nieuwe ontwikkelingen mee te nemen. Nieuw ontwikkelingen zijn er volop. Genoemd zijn al plan MER van de provincie die een groter zoekgebied heeft. Er zijn nieuwe landelijke regels in de maak over geluid en zonneparken, energiehubs, energieopslag etc. Allerlei aspecten die met het energielandschap te maken hebben. Het Ukzw staat niet op zichzelf. Dat is de uitwerking om de RES in 2030 te halen. Daar is het een instrument voor. Er komt een nieuwe RES 2.0 aan. Ook daar zullen aspecten in staan die meegenomen moeten worden. Er zijn wel degelijk aanvragen geweest. Hagenwind, Wikkerinkweg etc. Het feit dat er niet meer aanvragen zijn is op zich al een punt om te evalueren. Helemaal eens met de fractie van de CU dat het wel op een dermate manier moet gebeuren dat de rust er is.

Een aantal resultaten van RES 2.0 en plan Mer laten langer op zich wachten. Deze resultaten zou je eigenlijk wel willen meenemen. De D66- fractie stelt voor om dit wel te evalueren maar hier na de zomer mee aan de slag te gaan. Dan kun je het voorbereiden. Aan het eind van het jaar heb je dan de resultaten van het plan Mer. Begin volgend jaar kunnen de resultaten hiervan worden besproken. Het heet nu het Ukzw, maar eigenlijk gaat het over het energielandschap. In de tussentijd zijn er twee ontwikkelingen die bepalend zijn. Energieopslag, wat steeds belangrijker wordt. Er is een tijdelijke aanvraag voor 10 jaar. Die dingen blijven voor altijd, dus moet je daar geen kader voor opstellen? Is het dan niet logisch om dit hierin mee te nemen? Ook energiehubs. Bedrijventerreinen die van elkaars stroom gebruik kunnen maken, zodat je ook de congestie kunt tegengaan. Een element is alles wat met energielandschap te maken heeft. Moet je dat niet meenemen in een bredere evaluatie? Waar staan we nu met RES, Hagenwind, zon? De heer Weevers: Wij hebben een Uitnodigingskader opgesteld. Als je een uitnodiging stuurt en er komt niemand, dan is die uitnodiging niet goed geweest. Alleen al daarom moet je nadenken of dat beter kan. De PP-fractie is voorstander van een evaluatie. De heer Belterman: De fractie van het CDA kan voor een groot deel aansluiten bij de woorden van de fractie van GB.

Het gaat in de eerste plaats over een evaluatie. Er is net wel wat verduidelijking gekomen van de D66-fractie. Het is vooral ook belangrijk om ontwikkelingen mee te nemen en wat ons betreft ook te voorkomen dat je keer op keer gaat evalueren en wijzigen en daarin de ontwikkelingen niet meeneemt. Plan Mer is nog in ontwikkeling. Dit geldt ook voor de RES. Laten we met elkaar kijken naar ontwikkelingen die spelen. Vragen: - Moet een eventuele vergroting van het zoekgebied voor wind niet verwerkt worden tijdens de evaluatie van dit Ukzw en blijven we dan in de pas lopen met het RES. Discussiepunten: - Na de zomer beginnen met de evaluatie en begin volgend jaar de resultaten bespreken. - Moet de opslag meegenomen worden? Het heet nu Ukzw maar het gaat over het energielandschap. Moeten elementen die met het energielandschap te maken hebben niet meegenomen worden in een bredere evaluatie.

4

-

Evalueren waar we nu staan met RES, Hagenwind, zonne-energie etc. zodat we hier weer besluiten kunnen nemen. Reactie college. Wethouder Groters: Ook wij zouden heel graag willen evalueren. Alleen als we het nu zouden doen dan is de kans heel groot dat we over een paar maanden opnieuw moeten gaan evalueren omdat dan een aantal dingen bekend zijn. Plan Mer komt eind april. De landelijke milieunormen staan nu voor eind juni. We gaan ook in regioverband de RES 2.0 met elkaar bespreken. Als we nu gaan evalueren dat weten we zeker dat we aan het eind van het jaar nog een keer moeten evalueren. Wij kunnen ons vinden in het voorstel van de D66-fractie om eind van dit jaar of begin volgend jaar te evalueren. Er werd nog gesproken over het vergroten van het zoekgebied. Het plan Mer is uitgegaan van de zoekgebieden zoals ze in RES 1.0 staan. Die zijn iets groter dan de zoekgebieden die de raad heeft vastgesteld. Er zijn inderdaad nieuwe ontwikkelingen, zoals het EOS, energiehubs. Deze zouden we in het nieuwe Uitnodigingskader wel mee kunnen nemen, als deze consequenties hebben op het hele landschap. De heer Holtman: U geeft aan om na de zomerperiode te evalueren. In de raadsmededeling staat: ‘welke invloed zal RES 2.0 kunnen hebben op het Uitnodigingskader, is het niet verstandig om dit in kaart te brengen’.

En dan geeft u als antwoord; ‘de RES 2.0 zal naar verwachting geen nieuwe zoekgebieden definiëren en ook het aansturen op het uitbreiden van zonnevelden lijkt niet aannemelijk. De RES 2.0 vormt geen verwachte aanleiding voor een aanpassing van het ruimtelijk kader’. Is de RES 2.0 nu wel een aanleiding om ons Uitnodigingskader bij te stellen of aan te passen? De heer Groters: Op dit moment is die verwachting er niet. Maar dit heeft ook te maken met de uitkomsten van het plan Mer. Daar kan iets uitkomen wat dan weer het hele RES overhoop haalt. De heer Belterman: Kunt u het tijdsplan voor de RES 2.0 en het plan Mer duidelijker maken? Dat geeft ook wat meer richting. Wethouder Groters: Zoals het nu staat komt het plan Mer eind april en de landelijke milieunormen eind juni. Zodra deze twee documenten er zijn gaan we uiteraard verder praten over het RES. De heer Rijks: Als je met de nieuwste gegevens ook het Uitnodigingskader aanpast, dan kunnen we daarmee ook weer een stap vooruitzetten. Zien wij dit goed? Wethouder Groters: Dat ziet u goed. Tweede termijn. Discussiepunt: Na de zomer beginnen met de evaluatie en begin volgend jaar de resultaten bespreken. De heer Weevers: Eens. De heer Holtman: Goed om te evalueren, goed om te koppelen. De heer Ebbers: We horen een toezegging voor die evaluatie.

De heer Hollema: Goed dat we hier over gesproken hebben en dat de tijdslijnen nu helder zijn. En dat we hier later dit jaar over spreken. Discussiepunt: Moet de opslag meegenomen worden? Het heet nu Ukzw maar het gaat over het energielandschap. Moeten elementen die met het energielandschap te maken hebben niet meegenomen worden in een bredere evaluatie. De heer Hollema: Op het energielandschap is dit relevant. Wij zijn blij met de toezegging dat energieopslag en energiehubs worden meegenomen. Of het dan nog Ukzw moet heten dat zien we dan wel weer. De heer Holtman: Volgens ons moet je dit wel knippen. Ons voorstel is om er dan een addendum van te maken. Evalueer het kader, waar heeft het gewerkt en waar heeft het niet gewerkt. Vervolgens zie je dat er behoefte is in de buitenwereld en dan kun je het mooi toevoegen. Discussiepunt: Evalueren waar we nu staan met RES, Hagenwind, zonne-energie etc. zodat we hier weer besluiten kunnen nemen. De heer Hollema: Je wilt geen onrust creëren. Dat is al een reden om alle feiten op tafel te hebben, om de onrust te kunnen beheersen. Wij willen graag nog het volgende meegeven. Zorg dat er goede antwoorden worden gegeven op vragen zoals: waar staan we nu, hoe komen we daar verder e.d. Zodat we een goede start maken en dat iedereen zich gehoord voelt, maar dat we wel echte stappen maken.

5

Conclusie. De voorzitter concludeert dat er toezeggingen zijn gedaan: • •

Zodra het RES 2.0 duidelijk is wordt het Ukzw geëvalueerd. Eind 2024/begin 2025. Nieuwe ontwikkelingen zoals EOS en energiehubs meenemen in het nieuwe Uitnodigingskader.

De voorzitter concludeert vervolgens dat deze raadsmededeling voldoende is besproken en niet naar de raadsvergadering van 26 maart 2024 gaat. 4. Sluiting De voorzitter sluit om 20.20 uur de vergadering.

Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Aalten in de openbare vergadering van 26 maart 2024.

M.A.J.B. Fiering raadsgriffier

mr. A.B. Stapelkamp voorzitter

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=28f2334d-1109-4308-985f-c11f1bde80f2