Beantwoording aanvullende vragen Begroting 2023.pdf
Tekst van het document
Aanvullende beleidsvragen begroting 2023
27 oktober 2022
Algemeen Nr. A.1 PP
Bladzijde/vraag 200.000 voor DZH, 250.000 voor RO, 400.000 voor Sociaal Domein, 250.000 voor gemeenschapshuizen, 200.000 voor uitvoeringsprogramma. Als de raad niet kiest voor deze vage budgetten, maar de AR ophoogt met dezelfde (geoormerkte) bedragen; wat zijn dan de consequenties (gelet op kwaliteit, snelheid van handelen, democratische besluitvorming, ed.)?
Antwoord Het belangrijkste nadeel van het schrappen van de richtinggevende budgetten zit in het tempo waarmee er geacteerd kan worden. Formeel moet er dan door het college worden gewacht met het maken van kosten, totdat er budgetten door de raad zijn vastgesteld. Dat kan via de tussentijdse rapportages of via een begrotingswijziging, maar zo’n procedure kost tijd, in de regel minimaal twee maanden.
Programma 1 Ruimte Nr. 1.1 CU
1.2 PP
Bladzijde/vraag Toiletvoorziening centrum Dinxperlo: 1. De kosten worden nu geschat op 100.000 tot 150.000 euro. Een paar jaar geleden werd dit geschat op 60.000 / 65.000 euro. Vanwaar dit grote verschil? Kunnen deze bedragen nader onderbouwd worden? 2. Zijn er andere opties denkbaar, niet zijnde een separate toiletvoorziening of binnen bestaande bebouwing (zoals horeca)? Ofwel, zijn er voorbeelden van geschikte alternatieven voor het centrum van Dinxperlo? 3. Zijn er best practices te delen uit andere gemeenten omtrent dit vraagstuk? Energietransitie ; blz. 20; vraag/antwoord 1.17. “ Eigenaren zijn primair verantwoordelijk voor het verduurzamen van hun woningen of bedrijven. De invloed van een gemeente zit vooral in het stimuleren, voorlichten, subsidiëren, duurzaamheidsleningen aanbieden, etc. Hiervoor zijn in de begroting middelen opgenomen.” 1. Kunt u aangeven waarom u hoeveel voor deze onderdelen hebt gebudgetteerd? (m.a.w. welk effect beoogt u met welke maatrelen en budget?) 2. Naast stimuleren, voorlichten kan handhaving een belangrijk instrument zijn. Wanneer / In hoeverre kiest u voor dit instrument? Bijvoorbeeld: kantoren zijn verplicht om per 1-1-2023 label C te hebben. Wordt er extra budget vrijgemaakt om hierop te handhaven? Indien ja: welk plan ligt hieronder? Indien nee, waarom niet?
Aanvullende vragen Begroting 2023
Antwoord 1. Zoals in de beantwoording al is aangegeven heeft dit te maken met stijgende kosten. Denk hierbij aan materiaalkosten, nutsvoorzieningen, realisatiekosten, ontwerpkosten, etc. Dit is uiteraard ook afhankelijk van het soort toilet, de locatie, de inpassing, etc. 2. Daar is enkele jaren geleden al naar gekeken en daarom is besloten om aan te sluiten bij ‘Hoge Nood’ initiatief als geschikt alternatief. 3. Zoals in de oordeelsvormende raad al aangegeven zijn de voorbeelden in de regio beperkt en zijn er ook twijfels of deze wel naar wens functioneren. Daarnaast dient ook te worden opgemerkt dat elke situatie, ligging of toepassing anders is waardoor het ook moeilijk is om best practices te vinden waar de situatie vergelijkbaar is met bijvoorbeeld Dinxperlo.
1. Budget staat in de Programmabegroting 2023 onder ‘milieubeheer’. In deze begroting is niet in detail aangegeven hoe veel en waarom voor deze onderdelen is gebudgetteerd. In de onderliggende stukken is dit uiteraard wel vermeld. Bijvoorbeeld in de aanvraag van het Agem-energieloket is het benodigd budget, de doelstelling en het beoogd effect aangegeven. Voor de budgetten van de duurzaamheidsleningen (TBW-lening) is dit bij de invoering onderbouwd. Ook bij projecten als ‘zonnige daken’, ‘zon op dak’ ed. is dit in het projectvoorstel opgenomen. Deze budgetten wordt overgenomen in de begroting. 2. In de opdracht (HUP) en het toegewezen budget aan de ODA zit ook het toezicht en handhaving voor wat betreft duurzaamheid bij bedrijven. Handhaving en toezicht op de naleving van de label-c verplichting voor kantoren is opgenomen in het uitvoeringsprogramma van de Omgevingsdienst Achterhoek.
1
1.3 PP
1.4 PP
1.5 D66
N.a.v. het antwoord op vraag 1.30 (blz. 24 begroting) graag een nadere verduidelijking: 1. Hoe kan het opp. bomen in Aalten hoog zijn en de natuurkwaliteit slecht (in grafiek Milieu en energie)? 2. Voor het bepalen van de opp. bomen (grafiek blz. 24) wordt verwezen naar Climate Adaptation Services. Hoe betrouwbaar is deze bron? Als we in Statline kijken heeft Aalten een zeer laag % bos (4,3% t.o.v. 14,8 % in Nl). Hoe verklaart u deze enorme verschillen? Is Statline niet een meer betrouwbare bron voor deze indicator? Pag. 18. RPW. Is het wel verstandig om in te zetten op uitbreiding bedrijventerrein nu er zo’n tekort aan personeel is? Vanwege de arbeidsmarktsituatie zou het gevaar aanwezig kunnen zijn dat de bedrijventerreinen gevuld worden met “dozen” en magazijnen voor opslag (niet arbeidsintensief). Aanbieden van ruimte staat meer doordachte keuzes in de weg en we hebben al een gevecht om de ruimte. Moeten we niet juist proberen in te dikken dan uit te breiden ook gezien de noties uit “brede welvaart” (grenzen aan de groei)? In de meerjarenbegroting is € 200.000 opgenomen voor de uitvoeringskosten van het Klimaatakkoord, dit komt overeen met door het rijk beschikbare middelen in 2022 middels een overbruggingskrediet.
Echter in de VNG-ledenbrief “Rijksbegroting 2023 en de gevolgen voor gemeenten” lezen we dat er in 2023 voor alle gemeenten gezamenlijk ruim driemaal zoveel beschikbaar is als in 2022 en dat dit in de jaren hierna nog verder oploopt. In 2022 heeft het kabinet namelijk 70 miljoen beschikbaar gesteld voor decentrale overheden voor uitvoering klimaatakkoord. Het kabinet trekt voor de komende de volgende reeks uit voor uitvoeringsmiddelen (zie onderstaand). Verder lezen we dat: “Om zoveel mogelijk zekerheid en comfort aan gemeenten te kunnen bieden in verband met hun eigen begrotingsvoorstellen voor 2023, is er afgesproken dat er in de eerste helft van oktober vanuit het ministerie van EZK een brief aan gemeenten wordt gestuurd met meer informatie over de voor hen beschikbare middelen en het verdere proces.
1. De oppervlakte bomen zegt niets over de natuurkwaliteit. De natuurkwaliteit wordt bepaald door andere waarden. Daar wordt voornamelijk gekeken naar de oppervlakte natuur (land- en binnenwater, excl. rijks wateren) in % van de oppervlakte land en binnenwater van de gemeente. 2. In Statline gaat het over % bos en de indicator oppervlakte bomen gaat over de totale oppervlakte van o.a. laanbeplanting, houtsingels, bos, etc. Zo ontstaat een beeld of een gemeente veel/weinig bomen heeft in vergelijking met andere gemeenten. De indicator komt van waarstaatjegemeente.nl welke dergelijke data via verschillende bronnen bundelt, filtert, bewerkt en presenteert.
In het Regionale Programma Werklocaties (RPW) 2019-2023 is vastgesteld dat bij de kern Aalten behoefte bestaat aan uitbreiding van bedrijventerrein: 5 ha op de korte termijn (tot 2023), uit te breiden tot 8 à 10 ha op de langere termijn (2023-2030). De behoefte naar deze uitbreiding blijft ongewijzigd. Op de bestaande bedrijventerreinen in Aalten is niet/nauwelijks ruimte meer beschikbaar om ‘in te dikken’. Dit tegen de achtergrond van de in het RPW geconstateerde groei van de vraag, leidt dit tot een toenemende spanning op de beschikbare ruimte waardoor uitbreiding onderzocht dient te worden.
Nee, het college heeft de bedoelde brief van het Ministerie van EZK nog niet ontvangen. Wij kunnen dan ook niet aangeven wat de hiervoor beschikbare middelen in 2023 en de daaropvolgende jaren zullen zijn en wanneer de definitieve toekenning van de middelen voor 2023 plaatsvindt.
De D66 fractie overweegt een amendement op begroting m.b.t. Aanvullende vragen Begroting 2023
2
uitvoeringskosten klimaatakkoord in de meerjarenbegroting. Voorafgaand heeft de D66 fractie de volgende vragen: ● Heeft het college de desbetreffende brief ontvangen van EZK? ● Wat wordt in de brief gemeld over de voor de gemeente Aalten beschikbare middelen in 2023 en de daaropvolgende jaren? ● Wanneer, volgens de brief, vindt de definitieve toekenning voor de middelen van 2023 plaats? VNG-ledenbrief “Rijksbegroting 2023 en de gevolgen voor gemeenten” Voor de uitvoeringsmiddelen trekt het kabinet de volgende reeks uit:
Dit is bestemd voor gemeenten, provincies en het nationale programma RES. Met het rijk is afgesproken dat er ruim 100 miljoen extra naar 2023 wordt geschoven (uit de jaren 2026 en 2027). Door een schrijffout is deze schuif niet in de begroting terecht gekomen. Het ministerie van EZK heeft toegezegd dit te herstellen in een nota van wijziging die in oktober of november naar de Kamer wordt gestuurd. Het bedrag voor uitvoeringsmiddelen komt daarmee op circa € 385 miljoen. Daarnaast is van 2023 tot 2025 elk jaar € 15 miljoen beschikbaar voor het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW). € 6 miljoen daarvan wordt gebruikt voor de landelijke organisatie en € 9 miljoen gaat naar een regionale ondersteuningsstructuur voor gemeenten. Wat betekent dit voor gemeenten? Voor gemeenten komt er naar verwachting circa € 353 miljoen beschikbaar aan uitvoeringsmiddelen Klimaat. Dat is ruim driemaal zoveel als in 2022 (circa € 115 miljoen), al zal de verdeelsleutel anders zijn. In 2024 en verder stijgt deze bijdrage verder door. Het rijk is nu in samenspraak met de koepels een uitkeringsregeling aan het opstellen. Verwachting is dat deze rond 1 januari 2023 klaar is. Daarna volgt nog de individuele toekenning aan gemeenten.
Om zoveel mogelijk zekerheid en comfort aan gemeenten te kunnen bieden in verband met hun eigen begrotingsvoorstellen voor 2023, is er afgesproken dat er in de eerste helft van oktober vanuit het ministerie van EZK een brief aan gemeenten wordt gestuurd met meer informatie over de voor hen beschikbare middelen en het verdere proces.
Aanvullende vragen Begroting 2023
3
Programma 2 Sociaal Domein Nr. 2.1 CU
Bladzijde/vraag Jeugdzorg: 1. In hoeverre is het monitoren van jeugdzorg / Wmo (aantal cliënten, de zorguitgaven, verantwoording, kwaliteit etc.) onderdeel geweest van het aanbestedingsbestek / plan van eisen? Ofwel, wat voorwaarden/eisen/KPI’s zijn hierover opgenomen en aan welke afspraken zijn aanbieders te houden? 2. Welke concrete afspraak is nu te maken t.a.v. van het delen van cijfers (aantallen en uitgaven) rondom jeugdzorg/Wmo over 2022? De wethouder gaf immers tijdens de oordeelsvorming aan (lees toezegging) dit op te pakken en de raad daarover te informeren. Wanneer gaat dit plaatsvinden?
2.2 CU
VNOG/brandweer: Risicoprofiel: eerder is toegezegd dat er een lokaal/specifiek risicoprofiel voor de gemeente Aalten gemaakt zou worden. Wat is hiervan de stand van zaken? Wanneer kan onze raad deze tegemoetzien?
Antwoord 1. In de gunningsfase is aan zorgaanbieders gevraagd om in hun plan van aanpak voorstellen te doen voor KPI’s op verschillende niveaus: algemeen, perceel en segmentspecifiek. In de overeenkomst met de zorgaanbieders is vervolgens opgenomen dat er overleg wordt gevoerd tussen gemeenten en zorgaanbieders over de KPI’s en dat zorgaanbieders bereid zijn om deze vervolgens te monitoren. Het gaat hier concreet om de uitvoering van de overeenkomst, prestaties van de overeenkomst (KPI`s) waaronder kwaliteit van zorg, financiële uitnutting van het budget, ontwikkelingen bij Opdrachtnemer, ontwikkelingen bij Opdrachtgever en de samenwerking tussen de partijen. 2. Op dit moment is er nog geen set aan KPI’s vastgesteld. Wel wordt hier op korte termijn met aanbieders handen en voeten aan gegeven door o.a. het inrichten van accountteams die met de aanbieders hierover in gesprek gaan. Verder staat de productieverantwoording en het accountantsprotocol op de agenda van de financials. Zodra hier meer duidelijkheid over bestaat, wordt de raad nader geïnformeerd. Ondertussen wordt in Aalten ambtelijk gewerkt aan een lokale monitor inclusief de nieuwe bekostigingsvorm. Wij streven ernaar de eerste versie van dit vernieuwde dashboard eind november gereed te hebben (RM 159-2022).
Bij de vaststelling van het regionaal risicoprofiel is door de VNOG toegezegd dat de VNOG in Aalten een lokale risicoanalyse wordt gedaan, op basis waarvan risicobeheersingsmaatregelen worden getroffen en inwoners worden betrokken. Dit komt tot uitdrukking in de projecten Risq en het programma Zelfredzaam & Risicobewust. In deze beide projecten zit de gemeente Aalten vooraan als het gaat om de lopende campagnes binnen de VNOG. Eind 2021 is de rapportage Risicobewust Aalten opgeleverd op basis van onderzoek onder inwoners van de gemeente Aalten. Dit is de onderlegger voor het campagneplan komende jaren gericht op risicobewustwording en gedragsbeïnvloeding van inwoners. Het project Risq werkt aan de ontwikkeling van een applicatie waarin woningen en woongebouwen zijn geselecteerd met (kans op) een verhoogd risico. Aalten zit in de eerste groep gemeenten waar een inventarisatie plaatsvindt. Na analyse worden inzichten via Risq beschikbaar gesteld aan onder meer de lokale adviseur brandveiligheid en de postcommandant voor toepassing in het kader van risicogericht informeren, adviseren en oefenen. Aanbod en achtergrondinformatie: Daarnaast wil de VNOG het aanbod doen om vanuit de VNOG met (inhoudelijke) verantwoordelijken samen met de vraagsteller in te zoomen op het vraagstuk om ook meer duiding te geven aan o.a. Risq.
In de toekomst willen wij op lokaal (lees: wijk en buurt) niveau meer inzicht gaan bieden in aanwezige risico’s. Het project Risq richt zich nu op het maatschappelijk thema ‘gebouwde omgeving’ en daarin specifiek de gebruiksfunctie ‘wonen’. We willen op basis van diverse openbare brondata en eigen inventarisatie de woningen en woongebouwen in beeld brengen met een verhoogd risico. Dit doen we op basis van een analyse waarin we maatgevende praktijkscenario’s hanteren. Het is uiteindelijk de bedoeling dat Risq de inzichten gaat bieden waarop we in de toekomst niet allen meer risicogericht kunnen informeren en adviseren, maar ook vanuit de brandweerposten kunnen oefenen. Naar verwachting komt deze applicatie in het tweede kwartaal van 2023 beschikbaar.
Aanvullende vragen Begroting 2023
4