CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

A20. Raadsmededeling 21-2026 Beantwoording vragen GB en CU over Toekomstbestendig begraafplaatsenbeleid

Gemeenteraad 21 april 2026, gemeente AaltenBij agendapunt: Mededelingen van de voorzitter en advies van de agendacommissie over de ingekomen stukken5.551 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp

: : : : : :

21-2026 6 februari 2026 José Walvoort H.J. Groters Beantwoording vragen Gemeentebelangen en ChristenUnie over Toekomstbestendig begraafplaatsenbeleid

Aanleiding: Er zijn schriftelijke vragen gesteld door Gemeentebelangen en ChristenUnie naar aanleiding van de bijeenkomst van het Raadsvoorstel toekomstbestendig begraafplaatsenbeleid. Inhoud mededeling: Op 3 februari 2026 vond de beeldvormende bijeenkomst plaats over het begraafplaatsenbeleid naar aanleiding daarvan zijn de volgende vragen gesteld door Gemeentebelangen (de heer Bulsink) en de ChristenUnie (de heer Holtman). Gemeentebelangen Vraag 1: Zie artikel 19 van de nieuw vast te stellen beheerverordening: Wat is de reden dat de termijn voor de overschrijving van rechten van 1 jaar naar 6 maanden is teruggebracht? Antwoord: In het verleden gold een termijn van één jaar waarbinnen een nieuwe rechthebbende moest worden aangewezen, bijvoorbeeld na het overlijden van de huidige rechthebbende. Uit de praktijk is gebleken dat deze termijn in de meeste gevallen niet nodig is: het aanwijzen van een nieuwe rechthebbende gebeurt doorgaans sneller. Daarnaast wordt het wenselijk geacht dat de rechtspositie rondom het graf zo spoedig mogelijk wordt verduidelijkt. Om die reden is ervoor gekozen de termijn te verkorten naar zes maanden Vraag 2: Op welke wijze wordt dit aan betrokkenen kenbaar gemaakt, hoe wordt hierover gecommuniceerd? Antwoord: Wanneer een rechthebbende van een graf overlijdt, wordt de volgende persoon in de volgorde van rechthebbenden door de gemeente aangeschreven.

Dit betreft doorgaans een kind, broer, zus of een ander familielid. In deze schriftelijke kennisgeving wordt gewezen op het overlijden van de rechthebbende en wordt verzocht om binnen de gestelde termijn het rechthebbendeschap over te nemen of kenbaar te maken wie dit zal doen.

Pagina 1 van 2

ChristenUnie: Vraag 1: Tijdens de beeldvorming is gesproken over het (introduceren van verschillende vormen van) asbestemming en de communicatie met en tussen de GUV over dit punt. Ook heeft de raad een uitvoerige brief van de GUV ontvangen. We zien een geschil, zowel op inhoud als op wijze van communiceren. De ChristenUnie ontvangt daarom graag een helder en leesbaar relaas van communicatie met en tussen de gemeente en GUV over deze thematiek, welke afspraken waarover en wanneer zijn gemaakt en een analyse plus duiding van het verschil van inzicht tussen de gemeente en de GUV. Ook ontvangen wij een idee van het college hoe met dit verschil van inzicht en interpretatieverschil wil omgegaan, ook in relatie tot eerdere toezeggingen door de gemeente. Antwoord: Op de participatie bijeenkomst “Toekomstbestendig begraafplaatsenbeleid gemeente Aalten” van 18 april was een afgevaardigde van GUV aanwezig. Daar zijn alle toekomstplannen besproken. Als bijlage voegen we de verslagen toe van ons gesprek met de GUV (de heer van Asselt) op 5 december 2024 en het vervolg gesprek van 17 maart 2025. Daarnaast heeft de wethouder nog verschillende keren contact met de heer van Asselt gehad. Vraag 2: Bij de eerdere behandeling van het stuk, maar ook door één van de insprekers, is benoemd dat het begraafplaatsenbeleid grotendeels technisch en financieel van aard is.

Tegelijk staat in het beleidsstuk dat “Het behoud en onderhoud van cultuurhistorie en erfgoed is een speerpunt van beleid” en verder staat “Als lokale overheid hebben we daarom, in het algemeen belang, een belangrijke rol in het behoud en onderhoud van cultuurhistorie en erfgoed”. Als ChristenUnie beamen we dat. De vraag is echter, op welke wijze komt deze verantwoordelijkheid en rol tot uiting? Ofwel, wat doet de gemeente Aalten nu precies om dit behouden? Welke activiteiten worden verricht dat in stand te houden? En wat wordt gedaan wanneer er sprake is van vervallen zaken? Antwoord: Aangezien er van veel graven die zijn uitgegeven voor onbepaalde tijd geen rechthebbende meer geregistreerd staat kunnen op dit moment nabestaanden niet aangesproken worden. Het traceren van mogelijke nabestaanden is een moeilijk en kostbaar traject. In 2025 starten met het zoeken van nabestaanden. (al gestart en er zijn al reacties van de bordjes die bij graven staan) Wanneer we geen nabestaanden kunnen vinden plaatsen we een bordje bij de graven dat we op zoek zijn naar nabestaanden van het bewuste graf. Gedurende een jaar laten we deze bordjes staan en melden zich er geen nabestaanden vervalt het graf aan de gemeente. De gemeente Aalten zal dan het verzoek doen of ze rechthebbende willen zijn van het graf.

De vraag is dan ook dat de rechthebbende het graf moet gaan onderhouden en de kosten zijn voor rekening van de rechthebbende? Zo nee, dan kunnen ze afstand doen van het graf en vervalt het graf aan de gemeente Aalten. De gemeente kan deze grafplekken opnieuw uitgeven of een andere bestemming geven. Voor vervallen zaken waar wel een rechthebbende van is zullen we aanschrijven met het verzoek het graf te onderhouden en als dit niet wordt gedaan door rechthebbende dan zal de gemeente Aalten het onderhoud doen maar zijn de kosten voor de rechthebbende. Vraag 3: Welke mogelijkheden zie het college om – aanvullend op dit beleidsstuk – te zorgen dat de historische begraafplaatsen in de gemeente Aalten worden ingericht als gedenkparken. En wat is daarvoor nodig? Antwoord: Voor het behoud van de monumenten wordt een apart project opgestart. Dit gaat gebeuren in samenwerking met deskundigen, belanghebbenden en vrijwilligers. Alle monumenten zullen dan in kaart worden gebracht. Hiervoor komt er een separaat Raadsvoorstel. Bijlage: Verslag GUV 5 december 2024 Verslag GUV 17 maart 2025 Raadsvoorstel 27 augustus 2019 Pagina 2 van 2

Verslag van het gesprek betreffende de begraafplaatsen van de gemeente Aalten

Datum van het gesprek: 17 maart 2025 Deelnemers: … (GUV) De heer E. Groters + drie ambtelijk medewerkers gemeente Aalten

As bestemmingen begraafplaatsen Aalten Naar aanleiding van het vorige overleg heeft de gemeente een aantal zaken uitgezocht. En is tot de conclusie gekomen dat er alleen op begraafplaats Berkenhove geen as bestemmingen meer mogen plaatsvinden. Over de andere begraafplaatsen binnen de gemeente Aalten wordt niets gezegd. De heer Van Asselt geeft m.b.t. dit onderwerp aan het hier niet mee eens te zijn, maar het hier ambtelijk bij te laten. Wel zoekt hij misschien nog contact met de plaatselijke politiek.

Gemeentelijke uitvaart Er is een gemeentelijke uitvaart geweest die geregeld is door een uitvaartondernemer van buiten de gemeente Aalten. Hier is mailcontact over geweest met mevrouw (…), Teammanager Mens en Samenleving. De heer (…) heeft zich verwonderd dat is aangegeven dat de GUV te duur was aangezien ze geen offerte hebben mogen uitbrengen. Wethouder Groters bespreekt in de B&W vergadering of de GUV in het vervolg een offerte mag maken wanneer er een inwoner uit de gemeente Aalten “gemeentelijk moet worden begraven”. Ambtelijk wordt aangegeven dat dit verder onderzocht wordt en dat de heer (…) hierover via e-mail een antwoord krijgt van mevrouw (…).

Raadsvoorstel AGENDAPUNT NO. 8 Voorstel tot verbetering van de kostendekkendheid van de begraafplaatsen

AAN DE RAAD

Samenvatting De gemeenteraad wordt voorgesteld in te stemmen met een pakket maatregelen waardoor op de korte, middellange en lange termijn een verbetering van de kostendekkendheid van de gemeentelijke begraafplaatsen kan worden gerealiseerd.

Inleiding Al langere tijd is de kostendekkendheid van (het beheer en het onderhoud van) de gemeentelijke begraafplaatsen reden tot zorg. Momenteel is het dekkingspercentage circa 40 %. In de vorm van een presentatie in september 2018 en in mei 2019 is de gemeenteraad geïnformeerd over de (historische) oorzaken die ten grondslag liggen aan de problematiek, de actuele stand van zaken en de toekomstverwachting bij ongewijzigd beleid. In de presentatie van 13 mei 2019 zijn aan de raad bovendien een aantal ideeën voor verbetering gepresenteerd en is toegezegd dat in de raadsvergadering van 17 september 2019 een pakket concrete maatregelen wordt voorgelegd. Ook is de raad(-sleden) gevraagd zelf ideeën voor verbetering aan te dragen. Naar aanleiding daarvan zijn ook enkele reacties binnengekomen. Hierna worden diverse concrete maatregelen uiteengezet. Sommige maatregelen hebben op korte termijn financieel effect. Voor andere maatregelen geldt dat een wezenlijk financieel effect pas op middellange of lange termijn kan worden verwacht, al dan niet afhankelijk van onzekere factoren of de vervulling van bepaalde voorwaarden. Waar dat aan de orde en mogelijk is wordt per maatregel het financiële effect op korte termijn berekend.

Beschrijving beleidsterrein inclusief toepasselijke regelgeving Beleidsterrein begraafplaatsen. Wet op de Lijkbezorging. Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Aalten 2014. Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2019 inclusief tarieventabel.

Inhoudelijke toelichting op het voorstel Verbetering van de kostendekkendheid van de begraafplaatsen kan worden gerealiseerd door:

A. Verhoging van de inkomsten, of; B__ Verlaging van de onkosten.

Pagina 1 van 8

A. Verhoging van de inkomsten. A.1. Verhoging grafrechten voorde primaire instandhoudingstermijn en verlenging van de

graftermijn. De hoogte van de grafrechten in Aalten is vergeleken met het gemiddelde op regionaal niveau. Gebleken is dat de gemiddelde grafrechten voor 10 jaar voor een dubbel hoog graf in de regio € 1.252 bedragen terwijl in Aalten daarvoor slechts € 805 wordt gerekend. Voorgesteld wordt daarom de grafrechten met ingang van het jaar 2020 te verhogen naar € 1.252 per 10 jaar, zowel voor de primaire uitgifte als voor verlenging van het grafrecht. In de jaren 2016 tot en met 2018 werden gemiddeld 65 nieuwe graven uitgegeven. Er vanuit gaande dat ondanks de verhoging van de grafrechten het gemiddeld aantal per jaar uitgegeven graven niet verandert stijgen de inkomsten uit grafrechten met ingang van het jaar 2020 met 65 x € 447 = minimaal € 29.055. Naar mate meer nabestaanden kiezen voor een primaire instandhoudingstermijn van 20 of 30 jaar (in plaatse van een primaire instandhoudingstermijn van 10 jaar) stijgen de inkomsten evenredig daaraan. Vanaf 2023 vervallen de grafrechten van de eerste onder een instandhoudingstermijn uitgegeven graven ("termijngraven" ter onderscheiding van "koopgraven") in de voormalige gemeente Aalten. Vanaf 2035 geldt dat voor die graven in de voormalige gemeente Dinxperlo. Vanaf 2014 kunnen nabestaanden ook kiezen voor een primaire instandhoudingstermijn van slechts 10 jaar.

De rechthebbenden op die graven slaan vanaf het jaar 2024 voor de keus om het grafrecht tegen betaling te verlengen dan wel op te geven. Al naar gelang het aantal rechthebbenden op die graven dat kiest voor verlenging van de instandhoudingstermijn heeft verhoging van de grafrechten naar het regionale gemiddelde dus vanaf 2023 nog een grotere toename van de inkomsten uit grafrechten tot gevolg. Voorstel A1: Instemmen met een wijziging van de Tarieventabel behorend bij de Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten ("de tarieventabel") in die zin dat met ingang van het jaar 2020 de grafrechten voor de instandhouding van een graf voor een termijn van 10 jaar worden verhoogd van € 805 naar € 1.252.

A.2. Verhogen van de begrafenisleges. Voorlopen. Hoewel niet verplicht is het bij uitvaarten (begrafenis, as verstrooiing of urn bijzetting) op onze gemeentelijke begraafplaatsen gebruik dat de begraafplaatsbeheerder bij de plechtigheid op de begraafplaats aanwezig is en "voorloopt". Per begrafenis zijn met dat voorlopen minstens 2,5 arbeidsuren gemoeid (douchen, omkleden, plechtigheid, weer omkleden). De door de begraafplaatsbeheerder in het kader van het voorlopen verrichte dienst kan echter ook door de uitvaartverzorger worden verricht. Het ligt daarom voor de hand het voorlopen door de begraafplaatsbeheerder als een extra dienst aan te bieden waarvoor nabestaanden kunnen kiezen en waarvoor dan extra leges in rekening worden gebracht. In de begroting 2019 is het uniforme uurtarief voor de doorberekening van diverse werkzaamheden bepaald op €65. Uitgaande van 2,5 arbeidsuren zijn de meerkosten voor de dienst "voorlopen" per uitvaart 2,5 x € 65 = € 162,50. Uitgaande van gemiddeld ongeveer 150 uitvaarten per jaar leidt deze maatregel tot een voordeel van 150 x € 162,50 = € 24.375, in de vorm van extra begrafenisleges Dit geldt echter alleen wanneer alle nabestaanden zouden kiezen voor de dienst voorlopen, ook wanneer zij daarvoor extra moeten betalen.

Omdat het kiezen voor die dienst conform dit voorstel een forse toeslag op de begrafenisleges betekent is het reëel ervan uit te gaan dat dan in maximaal 25% van de gevallen nog maar daarvoor wordt gekozen. De extra inkomsten uit leges van deze maatregel zullen daarom waarschijnlijk niet meer dan ongeveer € 6.000 bedragen. Al naar gelang het aantal nabestaanden dat van het voorlopen afziet hoeven overigens anderzijds minder arbeidsuren te worden doorbelast op de kostenplaats "begraven".

Bijzondere uren. Op grond van artikel 8 van de Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Aalten 2014 ( de "beheersverordening") is begraven, het bijzetten van asurnen en het verstrooien van crematie as mogelijk tijdens werkdagen en op zaterdagen van 09.00 uur tot 16.00 uur. Voor de gehele Pagina 2 van 8

gemeentelijke organisatie, dus ook voor de begraafplaatsbeheerders, geldt echter dat voor op zaterdag gewerkte uren een toeslag geldt van 75 %. Deze toeslag wordt momenteel niet doorberekend. Voorgesteld wordt daarom de Beheersverordening en tarieventabel zodanig te wijzigen dat voor het begraven, het bijzetten van asurnen en het verstrooien van crematie as op zaterdag de dan geldende toeslag op het loon wordt doorberekend. Begrijpelijkerwijs hebben veel nabestaanden een voorkeur voor de zaterdag als dag voor de uitvaart. Van de gemiddeld 150 begravingen, asurnbijzettingen en as verstrooiingen per jaar vindt minimaal een kwart op zaterdag plaats. Daarvan uitgaande levert het doorrekenen van de loontoeslag op zaterdag op jaarbasis naar verwachting ongeveer € 10.000 extra inkomsten uit begraafleges op. Voorstel A2: Instemmen met een zodanige wijziging van de beheersverordening en de tarieventabel dat de extra loonkosten voor een begrafenis op zaterdag in de begrafenisleges worden doorberekend. A.3. Koopgraven weer financieel laten bijdragen. Van het totaalaantal van 7.500 geregistreerde graven in de gemeente Aalten is slechts ongeveer een derde een termijngraf (dus "betalend" in die zin, dat aan die graven een instandhoudingstermijn is verbonden, na afloop waarvan weer grafrechten verschuldigd zijn).

Ongeveer 5.000 graven betreft koopgraven" met (hoogst waarschijnlijk) een in principe onbegrensde instandhoudingstermijn. Deze graven dragen niet (meer) bij aan de kosten van beheer en onderhoud. De praktijk heeft geleerd dat door allerlei (on-)voorzienbare wijzigingen in de omstandigheden het decennialang uitgeven van graven zonder begrensde instandhoudingstermijn desastreus heeft uitgepakt voor de kostendekkendheid van de begraafplaatsen. Door vanaf 1993 (Aalten) resp. 2003 (Dinxperlo} enkel nog termijngraven uit te geven is een eerste stap gezet naar een structurele verbetering van het kostenplaatje van de begraafplaatsen. Nu er, door al dan niet voorzienbare ontwikkelingen en omstandigheden, feitelijk sprake is van een groot financieel tekort is het niet meer dan redelijk en eigenlijk ook onvermijdbaar dat ook de groep niet betalende graven op enige wijze weer aan de bestrijding van de kosten gaat bijdragen. Wat betreft de mogelijkheden daartoe moet een onderscheid worden gemaakt tussen graven waarvoor een geregistreerde rechthebbende in leven en traceerbaar is en graven waarvoor dat niet zo is. Als er geen sprake is van een in leven en traceerbaar zijnde geregistreerde rechthebbende kan via de Basis Registratie Personen worden nagezocht of er van de in een koopgraf begraven persoon nog nabestaanden in leven zijn.

Is dat zo dan kan de nabestaande worden aangeboden rechthebbende op het graf te worden. Hij moet dan wel bereid zijn daarvoor weer grafrechten te gaan betalen. Omdat het om een oorspronkelijk koopgraf gaat is het redelijk niet het volledig grafrecht (maar bijvoorbeeld de helft daarvan) in rekening te brengen. Als eventuele nabestaanden geen rechthebbende wensen te worden dan kan, afhankelijk van de staat van het graf, een ruimingsprocedure worden gestart. Zonder expliciete toestemming van een rechthebbende is het overigens op basis van het overgangsrecht in de Wet op de Lijkbezorging pas mogelijk een graf te ruimen na 2030. Als er wel sprake is van een levende en traceerbare rechthebbende op een koopgraf dan is het (waarschijnlijk) niet mogelijk die rechthebbende te verplichten wederom grafrechten te gaan betalen. Wat dan nog resteert is te appelleren aan zijn gevoel van redelijkheid en loyaliteit zodat hij vrijwillig instemt met het wederom betalen van grafrecht {of eventueel toestemming geeft het graf te ruimen). De hierboven beschreven varianten voor het wederom financieel laten bijdragen van koopgraven gaan gepaard met arbeidsintensief veld- en archiefonderzoek en veel procedurele arbeidsuren.

Omdat het in zijn totaliteit gaat om een grote oppervlakte begraafplaats en om een grote hoeveelheid koopgraven en de te doorlopen procedures vaak ingewikkeld en langdurig zijn is er sprake van een omvangrijke administratief-juridische inhaalslag waarvoor eenmalig geld beschikbaar moet worden gesteld. De extra kosten zijn afhankelijk van de besluitvorming van uw raad per onderdeel van dit voorstel. De raad wordt daarom in een later stadium geïnformeerd over de hoogte van de extra kosten. Wil men voor de toekomst een structureel adequaat administratief-juridisch beheer van de begraafplaatsen waarborgen dan moet er bovendien rekening worden gehouden worden dat daarmee meer arbeidsuren op jaarbasis zijn gemoeid dan tot op heden daarin is geïnvesteerd. Daarnaast moet er rekening mee worden gehouden dat een en ander pas op de middellange tot lange termijn een substantieel effect heeft.

Pagina 3 van 8

De raad dient door middel van een wijziging van de geldende regelgeving (beheersverordening en de tarieventabel tarieventabel) de juridische basis te scheppen voor de hierboven genoemde varianten. Voorstel A3: 1. De beheersverordening en de tarieventabel zodanig wijzigen dat deze een basis biedt voor het wederom in rekening brengen van grafrecht voor koopgraven waarvoor een nieuwe rechthebbende wordt geregistreerd. 2. Instemmen met het benaderen van rechthebbenden op koopgraven en te appelleren aan hun redelijkheids- en loyaliteitsgevoel om hen te bewegen wederom grafrecht te gaan betalen. 3. Als de rechthebbende aangeeft het eeuwigdurend grafrecht voort te willen zetten wordt dat gerespecteerd mits het graf adequaat wordt onderhouden. A.4. Asurnen en asbestemming op Varsseveldsestraatweg en Piet Heinstraat. Hoewel de begraafplaats aan de Piet Heinstaat in Aalten niet formeel gesloten is warden er al langere tijd geen nieuwe graven meer uitgegeven en er is ook geen sprake meer van bestaande begraafrechten. Voor de begraafplaats aan de Varsseveldsestraatweg geldt hetzelfde met dien verstande dat daar nog wel enkele personen het recht hebben om begraven te worden in een reeds bestaand graf. Op deze begraafplaatsen vindt echter ook geen asbestemming meer plaats in de zin van het bijzetten van asurnen en het verstrooien van crematie as.

Het bijzetten van asurnen heeft geen effect op de mogelijkheid van formele sluiting en ruiming van een begraafplaats omdat, anders dan bij lijken, voor asurnen geen wettelijke grafrusttermijn geldt en de urnen gemakkelijk kunnen worden verplaatst. Bovendien spreekt de mogelijkheid van asbestemming op begraafplaatsen in de bebouwde kom allicht bepaalde inwoners aan, bijvoorbeeld vanwege de geringe afstand tot hun woning of vanwege het feit dat de begraafplaats een voor de familie lange geschiedenis kent omdat er al veel generaties zijn begraven. Omdat de inactieve begraafplaatsen nog steeds een op die functie toegesneden bestemming hebben is er in planologisch opzicht geen beletsel voor gebruik als zodanig. De mogelijkheid van as verstrooiing is overigens wel milieu hygiënisch beperkt in die zin dat het aantal verstrooiingen op jaarbasis per vierkante meter is gemaximeerd. Uit een milieutechnisch onderzoek moet blijken of de begraafplaatsen reële mogelijkheden voor asverstrooiing bieden. Daarnaast is met name in de bebouwde kom het belang van omwonenden een zwaarwegend aandachtpunt.

Afgezien van het feit dat de mogelijkheid van het bijzetten van asurnen en het verstrooien van crematie as op deze begraafplaatsen allicht in een lokale behoefte voorziet betekent het ook dat in de vorm van grafrecht voor urnkelders en leges toestemming asverstrooiing extra inkomsten kunnen worden gegenereerd. De aanleg van voorzieningen voor asurnen (bijvoorbeeld urnkelders of een urnenmuur) en verstrooiingsplaatsen vergt uiteraard wel een voorafgaande financiële investering. Daarvoor is nog geen budget opgenomen in de begroting. Voorstel A4: In beginsel instemmen met de asbestemmingsfunctie van de begraafplaatsen Varsseveldsestraatweg en Piet Heinstraat en het verrichten van een onderzoek naar de (on)mogelijkheden daarvan en de daarmee gepaard gaande kosten. A.5. Mogelijk maken van bijzondere vormen van begraven op bestaande begraafplaatsen. Aan nieuwe en bijzondere vormen van begraven, bijvoorbeeld natuurbegraven en (kleine) bovengrondse mausolea, blijkt steeds meer maatschappelijke behoefte te bestaan. De nieuwe en bijzondere vormen van begraven bieden wellicht ook een mogelijkheid om extra inkomsten uit de bestaande begraafplaatsen te genereren. Voor enkele Aaltense begraafplaatsen, bijvoorbeeld Berkenhove en Kloosterdijk Bredevoort, geldt dat in het verleden rekening is gehouden met een grotere toekomstige begraafcapaciteit dan noodzakelijk.

Grotere delen van die begraafplaatsen zijn daarom feitelijk nog steeds niet in gebruik als begraafplaats en liggen braak. Deze braakliggende gedeelten kunnen wellicht worden ingericht voor bijzondere en nieuwe vormen van begraven. De Aaltense regelgeving inzake begraafplaatsen en lijkbezorging voorziet momenteel nog niet in bijzondere vormen van begraven. Zo zijn de regels omtrent grafbedekkingen nog steeds toegesneden op de traditionele grafmonumenten. De raad wordt gevraagd een positieve grondhouding ten opzichte van nieuwe vormen van begraven aan te nemen en ermee in te stemmen dat het college onderzoekt Pagina 4 van 8

welke delen van begraafplaatsen geschikt zijn voor dergelijk vormen van begraven en welke aanpassingen in de gemeentelijke regelgeving moeten worden aangebracht om een en ander mogelijk te maken. Uitgangspunt van dat onderzoek is uiteraard dat de benodigde toekomstige "reguliere" begraafcapaciteit niet in gevaar komt. Voorstel A5: Een positieve grondhouding aannemen met betrekking tot nieuwe en bijzondere vormen van begraven en ermee in te stemmen dat het college onderzoekt welke delen van begraafplaatsen daarvoor een mogelijkheid bieden, welke kosten zijn gemoeid met het als zodanig inrichten van die delen en welk wijzigingen van en aanvullingen op de lokale regelgeving omtrent begraafplaatsen en lijkbezorging noodzakelijk zijn. B. Vermindering van de kosten. B.1. Vermindering van de kosten door het ruimen van graven. Het ruimen van graven en het onderhoudsvriendelijk inrichten van de daardoor vrijgekomen ruimte wordt vaak genoemd als een mogelijkheid tot kostenbesparing. De begraafplaatsen worden echter al langere tijd waar mogelijk onderhoudsarm ingericht. Bovendien is de termijn waarop een koopgraf kan worden geruimd zeer afhankelijk van de omstandigheden (is er wel of niet een rechthebbende, stemt de rechthebbende wel of niet in met ruiming, is het graf verwaarloosd enz.).

Daardoor is het in een keer geheel ruimen van aaneengesloten delen van een begraafplaats in de praktijk meestal niet mogelijk. Van de onder een termijn uitgegeven graven lopen de eerste instandhoudingstermijnen pas in 2023 af. Een gedeelte van de rechthebbenden op die graven zal kiezen voor verlenging van de instandhoudingstermijn en een gedeelte zal daarvan afzien. Dat betekent dat er ook door de ruiming van onder termijn uitgegeven graven te zijner tijd ook geen grote aaneengesloten delen van begraafplaatsen vrij komen. Al met al kan met hel ruimen van graven en het vervolgens onderhoudsvriendelijk herinrichten van de vrijgekomen ruimte dus in het beste geval slechts een zeer marginale besparing op de bestaande onderhoudskosten worden gerealiseerd. Als echter door een adequaat ruimingsbeleid wordt voorkomen dat een begraafplaats wegens gebrek aan begraafruimte moet worden uitgebreid kan men wel spreken van een kosten beheersend effect. Bovendien leidt het ruimen van (koop)graven ook tot een verhoging van de inkomsten als de vrijgekomen grafruimte wordt heruitgegeven in de vorm van termijngraven waarvoor weer grafrecht wordt betaald. Tot en met 2023 moet voldoende begraafcapaciteit worden gewaarborgd door ruiming van koopgraven.

De vanaf 2023 vrijkomende de termijngraven waarvan instandhoudingstermijn niet wordt verlengd zullen waarschijnlijk voor een belangrijk deel al voorzien in structureel voldoende begraafcapaciteit. Ook uit het oogpunt van rechtsgelijkheid is hel van belang dat termijngraven waarvan de termijn door de rechthebbende niet wordt verlengd zo spoedig afloop van de instandhoudingstermijn ook daadwerkelijk worden geruimd. Het kan immers niet zo zijn dat termijngraven in stand blijven ondanks het feit dat er niet meer voor wordt betaald terwijl rechthebbenden op andere graven wel moeten betalen voor de instandhouding. In de gemeente Aalten zijn geen individuele grafmonumenten aangewezen als (gemeentelijk) monument. Hoewel ze geen formele monumentenstatus hebben zijn diverse individuele graven echter wel aangemerkt als cultuur-historisch waardevol. Advisering en besluitvorming over ruiming van graven gebeurt altijd met inachtneming hiervan. Voorstel B1: Het ruimen van graven in combinatie met het onderhoudsvriendelijk herinrichten van de vrijgekomen ruimte niet (langer) aanmerken als een reële kostenbesparende maatregel. Als primaire doelstelling van het ruimingsbeleid tot 2023 hanteren dat daardoor structureel in de benodigde begraafcapaciteit per begraafplaats wordt voorzien. B.2. Formele sluiting van begraafplaatsen.

In het verleden is ook de formele sluiting van inactieve begraafplaatsen geopperd als mogelijkheid van kostenbesparing. Door formele sluiting en bestemming van de begraafplaats als openbaar groen zou gebruik kunnen worden gemaakt van het Btw compensatiefonds waardoor de onderhoudskosten van de gesloten begraafplaats met 21 % zouden dalen. Feitelijk is op dit moment alleen sluiting van de Pagina 5 van 8

begraafplaats aan de Piet Heinstraat mogelijk omdat op alle andere begraafplaatsen nog graven worden uitgegeven of daarop nog oude begraafrechten rusten. Daardoor is de te behalen kostenbesparing al marginaal. Bovendien zou het door de sluiting ook onmogelijk worden die begraafplaats weer te gaan gebruiken voor asbestemming (zie maatregel A.4.). Daarnaast wordt in de loop van dit jaar een uitspraak van de Hoge Raad verwacht als gevolg waarvan de exploitatiekosten van alle gemeentelijke begraafplaatsen voortaan in aanmerking komen voor het Btw compensatiefonds. De Advocaat-Generaal heeft de Hoge Raad ten aanzien daarvan positief geadviseerd. Over de totale exploitatiekosten van de gemeentelijke begraafplaatsen zou daarmee structureel een besparing op de onderhoudskosten van ongeveer € 15.000 per jaar worden gerealiseerd. Voorstel B2: Afzien van het formeel sluiten van begraafplaatsen omdat dat niet tot een substantiële kostenbesparing kan leiden en bovendien de exploitatiemogelijkheden van de begraafplaatsen beperkt. Gebruik maken van het Btw-compensatiefonds indien en zodra dat op basis van nieuwe jurisprudentie is toegestaan.

B.3. Afsplitsing en herbestemming van delen van begraafplaatsen. Voor de begraafplaatsen Berkenhove en Kloosterdijk geldt dat een groot deel van het terrein feitelijk nog niet in gebruik is als begraafplaats en braak ligt. Voor andere begraafplaatsen, zoals Varsseveldssestraatweg en Kerkhofpad, geldt dat zich op grote delen ervan nagenoeg geen graven meer bevinden en de graven die er nog zijn zwaar vervallen zijn. Voor dergelijke delen ligt het voor de hand te onderzoeken of een zinvolle andere functie en dus afsplitsing van de begraafplaats mogelijkheid is. Als gevolg van de afsplitsing vermindert het totaaloppervlak te onderhouden begraafplaats en dalen dus de onderhoudskosten. Uitgangspunt is uiteraard dat door de afsplitsing de benodigde toekomstige "reguliere" begraafcapaciteit niet in gevaar komt. Afhankelijk van de omstandigheden kan onder een zinvolle andere functie worden verstaan een andere functie als openbare ruimte, bijvoorbeeld parkeerplaats, maar ook een andere particuliere functie, bijvoorbeeld als akker of als achtererf bij een woning. Wat betreft afsplitsing lijken de oude begraafplaats Dinxperlo en de begraafplaats Kloosterdijk vooralsnog de beste mogelijkheden te bieden. Een groot deel aan de zijde van het Kerkhofpad van de oude begraafplaats Dinxperlo is nagenoeg leeg.

Dit deel zou, afgesplitst en heringericht als openbare parkeerplaats, een bijdrage kunnen leveren aan vermindering van de parkeerproblematiek (op met name de vrijdag) in het centrum van Dinxperlo. De begraafplaats aan de Kloosterdijk is omringd door agrarische gronden. Wellicht heeft de eigenaar van de aangrenzende landbouwgrond interesse in overname van het braak liggende deel van de begraafplaats. In de gemeente Aalten zijn geen individuele grafmonumenten aangewezen als (gemeentelijk) monument. Wel zijn op sommige begraafplaatsen bepaalde structuren en bouwwerken (bijvoorbeeld poort, baarhuisje) aangewezen als (gemeentelijk) monument. Hoewel ze geen formele monumentenstatus hebben zijn diverse individuele graven echter wel aangemerkt als cultuurhistorisch waardevol. Advisering en besluitvorming over ruiming van graven en/of afsplitsing van delen van begraafplaatsen gebeurt altijd met inachtneming hiervan. Voorstel B3: Instemmen met het afsplitsen van delen van begraafplaatsen die daarvoor in aanmerking komen omdat ze geen of nagenoeg geen begraaffunctie (meer) hebben terwijl een andere zinvolle openbare of particuliere functie mogelijk is. C. Reserve onderhoud begraafplaaten. Begraafrechten voor een graf worden in een keer betaald, terwijl daar bijvoorbeeld voor (minimaal) 10 jaar onderhoud uit bekostigd moet worden.

Er kan voor worden gekozen om de toekomstige waarde van dat onderhoud contant te maken (terug te rekenen) en dit bedrag in een in te richten nieuwe reserve Onderhoud begraafplaatsen te zetten in het jaar dat de grafrechten betaald worden. Die reserve wordt dan in de volgende jaren aangesproken voor het betreffende onderhoud van dat jaar. We stellen echter voor dit in dit stadium nog niet te doen. Door het voeden van de reserve ontstaat namelijk een gat in de begroting ter hoogte van de toevoeging aan die reserve. Dat zijn extra kosten in de begroting. Gezien de huidige druk op de begroting komt dat niet goed uit. Daarnaast wordt de boekhouding ingewikkelder en komt er weer een reserve bij. Deze methodiek wordt niettemin zeker Pagina 6 van 8

actueel op het moment dat wij weer grafrechten gaan innen van de huidige 5.000 stuks niet betalende graven (of deze gaan ruimen). Voor het merendeel van de graven geldt dat waarschijnlijk echter pas vanaf het jaar 2030. Voorstel C: Vooralsnog afzien het in reserve zetten van de contante waarde van het toekomstig onderhoud en het jaarlijks vrij te laten vallen. D. Suggesties en voorstellen uit de raad. Bij brief van 20 mei 2019 heeft de ChristenUnie de volgende vragen gesteld: 1. Is het mogelijk de katholieke begraafplaats Piet Heinstraat te sluiten en levert dat een kostenbesparing van betekenis op? 2. Kan er een onderzoek kan worden gedaan naar de mogelijkheid van natuurbegraven op de bestaande begraafplaatsen? 3. Welk verschil maakt het als kosten van begraafplaatsonderhoud worden overgeheveld naar onderhoud gemeentelijk groen? Op vragen 1. en 2. wordt onder Argumenten A5 en B2 antwoord gegeven. Wat betreft vraag 3 wordt opgemerkt dat zo'n overheveling kan worden overwogen omdat daardoor in de begroting een beter beeld ontstaat van de verdeling van de kosten van het onderhoud van de openbare ruimte. Als immers op een begraafplaats feitelijk geen graven meer worden uitgegeven (en die begraafplaats dus geen inkomsten meer genereert) is er wat voor te zeggen dat die begraafplaats dan enkel nog een functie heeft als (gedenk-)park, dus openbaar groen.

Omdat ondanks zo'n overheveling over de gehele begroting bezien de kosten gelijk is dit niet als maatregel in dit voorstel opgenomen. Tijdens de presentatie op 13 mei 2019 wees raadslid H.J. Meerdink erop dat een groot deel van de begraafplaats aan de Kloosterdijk nog niet in gebruik is genomen als begraafplaats en wellicht in aanmerking komt om te worden afgesplitst. Onder B.3. wordt hieraan aandacht besteed. Tijdens de presentatie op 13 mei 2019 deed raadslid H.W. Hartemink de suggestie de contante waarde van het toekomstig onderhoud in een reserve te zetten en jaarlijks vrij te laten vallen. Op deze suggestie wordt ingegaan onder C.

Alternatieve beleidskeuzes Wanneer geen maatregelen worden getroffen zal de kostendekkendheid van de begraafplaatsen nog een aantal jaren terug blijven lopen en zich uiteindelijk stabiliseren op een aanzienlijk lager percentage van kostendekkendheid dan de huidige 40%.

Financiële consequenties Wanneer conform voorstel wordt besloten leiden de onder A.1. en A.2.voorgestelde maatregelen al met ingang van de jaar 2020 tot extra inkomsten. Ook kan de hoogte van die extra inkomsten met een redelijke male van zekerheid worden bepaald. In totaal gaat het om een bedrag van ongeveer € 45.000 per jaar. Daarbij wordt wellicht ten overvloede nogmaals opgemerkt dat niet kan worden voorspeld welk percentage van de nabestaanden nog zal kiezen voor de dienst voorlopen als daarvoor extra leges in rekening worden gebracht. Het voorstel betreffende wijziging van de regelgeving en wijziging van de tarieven voor leges en grafrechten wordt in het vierde kwartaal 2019 aan de raad voorgelegd. Zodat de tariefwijzigingen vanaf 2020 gaan gelden. Voor de overige maatregelen geldt dat er in dil stadium nog sprake is van zo veel onzekerheden en onduidelijkheden dat vooralsnog geen betrouwbare prognoses kunnen worden gemaakt. Deze onzekerheden en onduidelijkheden kunnen alleen worden weggenomen door te beginnen met het toepassen van de maatregelen. Vervolgens komt jaar na jaar steeds meer informatie beschikbaar zodat het gaandeweg steeds betrouwbaardere prognoses kunnen worden opgesteld.

Pagina 7 van 8

Participatie en Communicatie Op diverse momenten zullen publicaties op de website en in Aalten Actueel plaatsvinden. Overige communicatie via aanschrijving van rechthebbenden en nabestaanden, publicatieborden op begraafplaatsen, bij graven geplaatste berichten enz.

Vervolgstappen inclusief tijdpad Aanpassing gemeentelijke regelgeving: derde kwartaal 2019. Implementatie met ingang van het jaar 2020, te beginnen met grafrechten en begraafleges.

Bijlagen Collegebesluit 27 augustus 2019. Concept raadsbesluit.

Aalten, 27 augustus 2019

Burgemeester en wethouders van de gemeente Aalten,

drs. A.J.M. Gildhuis secretaris/algemeen directeur

mr. A.B. Stapelkamp burgemeester

ChristenUnie

Amendement 8.2. Raadsvergadering 17 september 2019 Agendapunt 8. Voorstel tot verbetering van de kostendekkendheid van de begraafplaatsen. Amendement van de fracties van het CDA, de ChristenUnie, de VVD en D66.

De fracties stellen voor om Voorstel A4 als volgt te wijzigen:

Voorstel A4: het verrichten van een onderzoek naar de (on)mogelijkheden van een afbestemmingsfunctie van de begraafplaatsen Varsseveldsestraatweg en Piet Heinstraat en de daarmee gepaard gaande kosten.

\}

Toelichting. Het college stelt in voorstel A4 voor om in beginsel in te stemmen met de asbestemmingsfunctie van de begraafplaatsen Varsseveldseweg en Piet Heinstraat en het verrichten van een onderzoek naar de (on)mogelijkheden daarvan en de daarmee gepaard gaande kosten. De fracties stellen middels dit amendement voor om nu nog niet in te stemmen met de adbestemmingsfunctie van de genoemde begraafplaatsen maar eerst een onderzoek te laten verrichten naar de (on)mogelijkheden en de kosten daarvan. Op basis van de resultaten van dit onderzoek kan de raad een weloverwogen besluit nemen over de asbestemmingsfunctie van de genoemde begraafplaatsen.

l

De raad van de gemeente Aalten gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 27 augustus 2019; gelet op het aangenomen amendement 8.2 over de asbestemmingsfunctie van begraafplaatsen; gelet op het bepaalde in de Wet op de lijkbezorging;

BESLUIT

in te stemmen met de voorgestelde maatregelen ter verbetering van de kostendekkendheid van de begraafplaatsen met dien verstande dat voorstel A4 als volgt luidt:

Voorstel A4: het verrichten van een onderzoek naar de (on)mogelijkheden van een afbestemmingsfunclie van de begraafplaatsen Varsseveldsestraatweg en Piet Heinstraat en de daarmee gepaard gaande kosten.

AALTEN, 17 september 2019 De Raad voornoemd,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=d68d6d4f-80e6-468b-bf13-632738aaebb4