CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

A2. Raadsmededeling 136-2025 Eindproducten project 'Water en Bodemsturend' en uitkomsten Bovenregionale Stresstest

Gemeenteraad 27 januari 2026, gemeente AaltenBij agendapunt: Mededelingen van de voorzitter en advies van de agendacommissie over de ingekomen stukken29.368 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp

: : : : : :

136-2025 5 november 2025 11 november 2025 I.H. Epping H.J. Groters Eindproducten project 'Water en Bodemsturend' en uitkomsten Bovenregionale Stresstest

Aanleiding: De gemeente Aalten werkt actief aan klimaatadaptatie en waterveiligheid. In dit kader zijn twee belangrijke trajecten afgerond: het project Water en Bodem Sturend Achterhoek+ (WBS A+), waarin Aalten als pilotgemeente heeft gefungeerd, en de Bovenregionale Stresstest voor het beheergebied van Waterschap Rijn en IJssel. Beide initiatieven bieden concrete handvatten voor het verbeteren van ruimtelijke besluitvorming en het vergroten van de weerbaarheid tegen extreme weersomstandigheden. Door deze trajecten te combineren ontstaat een krachtig fundament voor toekomstbestendige ruimtelijke ontwikkeling in de regio.

Inhoud mededeling: 1. Water en Bodem Sturend Achterhoek+ (WBS A+) Het project WBS A+ is succesvol afgerond. Dit heeft geleid tot een signaleringskaart met voorbeeldmaatregelen en een handleiding, bedoeld om water- en bodemsystemen beter te integreren in ruimtelijke afwegingen. Aalten heeft als pilotgemeente actief bijgedragen aan de ontwikkeling van dit instrument. De gemeente Aalten gaat de signaleringskaart WBS A+, inclusief voorbeeldmaatregelen en handleiding toepassen bij de afweging over locatiekeuze en inrichting van nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Ook gaat de gemeente de periode tot 2027 gebruiken als leerperiode en deze af te ronden met een evaluatie van het instrument inclusief een verkenning of en hoe nadere borging van het instrument wenselijk en doelmatig is. Door het instrument gezamenlijk binnen Achterhoek+ toe te passen, ontstaat een gelijk speelveld en regionale meerwaarde. Hierbij een link naar de signaleringskaart, op de pagina zelf is er ook een link naar het voorbeeldenboek: De water- en bodemsignaleringskaart . Om hierover te communiceren wordt er een persbericht verspreid. 2. Bovenregionale Stresstest In juli 2025 is de rapportage “Bovenregionale Stresstest” gepubliceerd.

Deze stresstest is uitgevoerd door HKV in opdracht van Waterschap Rijn en IJssel en provincie Gelderland, in samenwerking met gemeenten, provincies, veiligheidsregio’s en Rijkswaterstaat. De stresstest biedt inzicht in de mogelijke gevolgen van extreme neerslaggebeurtenissen zoals de Limburgse bui van 2021. Belangrijkste bevindingen: • Nederland is onvoldoende voorbereid op bovenregionale neerslagextremen; • De waterbeelden tonen urgentie en handelingsperspectief, met name voor de Oude IJsselzone;

Pagina 1 van 2

• •

De aanpak vraagt om een meerlaagse strategie: preventie, ruimtelijke inrichting, crisisbeheersing, waterbewustzijn en herstel; De resultaten worden opgenomen in de Landelijke Database Overstromingen (LDO) en sluiten aan bij het Programmaplan Aanpak Droogte Achterhoek en Liemers 2025–2026.

De inzichten uit de stresstest vormen een waardevolle onderlegger voor de signaleringskaart WBS A+ en versterken het fundament voor klimaatbestendige ruimtelijke ontwikkeling. De kaartbeelden van de stresstest zijn hier te raadplegen: Bovenregionale Stresstest De gemeente Aalten heeft kennisgenomen van de resultaten van de bovenregionale stresstest (juli 2025) en gaat de inzichten benutten bij ruimtelijke visies, plannen, calamiteitenbestrijding en risicodialogen. Beide trajecten onderstrepen het belang van een integrale en proactieve aanpak van klimaatadaptatie. Door de inzichten uit de stresstest te koppelen aan het instrument WBS A+ ontstaat een sterk fundament voor toekomstbestendige ruimtelijke ontwikkeling in de regio. De volgende stukken zijn voor u bijgevoegd: 1. Rapportage Water en Bodem Sturend Achterhoek+ 2. Rapportage Bovenregionale Stresstest WRIJ

Pagina 2 van 2

Water en Bodem Sturend Achterhoek+ Rapportage

Waterschap Rijn en IJssel 11 juli 2025

Project Opdrachtgever

Document Status Datum Referentie

Projectcode Projectleider Projectdirecteur

Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door

Water en Bodem Sturend Achterhoek+ Waterschap Rijn en IJssel

Rapportage Definitief 11 juli 2025 142573/25-010.984

142573 ir. D.B. van den Heuvel ir. M.H. Mondeel

ir. J.A.L. Tjia, O. Klijn MSc, L. Keip MSc ir. D.B. van den Heuvel ir. D.B. van den Heuvel

Paraaf

Adres

Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 Postbus 233 7400 AE Deventer +31 (0)570 69 79 11 www.witteveenbos.com KvK 38020751

Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos, noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Tekst- en datamining van (delen van) dit document, evenals enige verwerking of reproductie ervan door middel van kunstmatige intelligentie technologieën is uitdrukkelijk niet toegestaan, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Dit document (of delen ervan) mag niet worden verveelvoudigd en/of anderszins worden gebruikt op enigerlei wijze voor het trainen van kunstmatige intelligentie technologieën, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.

INHOUDSOPGAVE

1

INLEIDING

4

1.1

Aanleiding

4

1.2

Doel van het project

4

1.3

Leeswijzer

5

2

SIGNALERINGSKAART

6

2.1

Visie en uitgangspunten Signaleringskaart WBS

6

2.2

Opbouw legenda Signaleringskaart

6

2.3

Opbouw Signaleringskaart

7

2.3.1 2.3.2

7 8

Methodiek totstandkoming kaartbeeld Onderliggende kaartlagen

3

HANDLEIDING EN STAPPENPLAN

14

3.1

Handleiding webviewer

14

3.1.1 3.1.2

14 15

3.2

3.3

StoryMap Webviewer Signaleringskaart

Stappenplan: als hulpmiddel voor het maken van locatieafwegingen

19

3.2.1 3.2.2 3.2.3

20 20 21

Stap 1: inventariseren mogelijke locaties Stap 2: analyseer WBS-aspecten met behulp van de Signaleringskaart Stap 3: afwegen en kiezen van een voorkeurslocatie

Stappenplan: als hulpmiddel voor het maken van inrichtingskeuzes

21

3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.3.4 3.3.5

22 22 22 23 23

Stap 1: afbakening van het plangebied Stap 2: analyseren van de Signaleringskaart en aanvullende kaarten Stap 3: kiezen van passende maatregelen uit het Voorbeeldenboek Stap 4: integreren van maatregelen in het ontwerp Stap 5: vastleggen en borgen van de maatregelen

Laatste pagina

Bijlage(n) I

Beeldenboek mogelijke maatregelen

23 Aantal pagina's

1 INLEIDING 1.1

Aanleiding

In november 2022 is de kamerbrief Water en Bodem Sturend (WBS) verschenen. Hierin worden 33 structurerende keuzes benoemd, gekoppeld aan gebiedstypen. De structurerende keuzes zijn geformuleerd op nationaal niveau en daardoor abstract. In oktober 2024 heeft het nieuwe kabinet een nieuwe kamerbrief gepubliceerd. Daarin wordt het principe ‘rekening houden met water en bodem’ benoemd. Inhoudelijk blijven de structurerende keuzes en uitgangspunten voor WBS staan. Regionaal komt WBS aan de orde in de bestuurlijke visie Samenwerken aan Water Achterhoek+ (2024) en het Programmaplan Aanpak Droogte en Wateroverlast 2025-2026 voor de Achterhoek en de Liemers. Daarnaast zijn enkele inhoudelijke ontwikkelingen van de laatste jaren van belang: - de Achterhoekse gemeenten hebben samen met het waterschap gewerkt aan stresstesten voor klimaatverandering. Op dit moment wordt gewerkt aan de actualisatie daarvan; - het document ‘Watersysteem in balans’ is verschenen. Dit vormt een handelingsperspectief voor droogte; - de provincie en het waterschap hebben gewerkt aan de bovenregionale stresstest. Daarin worden de effecten van een langdurige, regionale extreme bui (‘Limburgbui’) in kaart gebracht. Vanuit dit voortraject is de benodigde kennis ontwikkeld om WBS concreter te maken voor stedelijke ontwikkelingen.

Omdat WBS richtinggevend wordt voor stedelijke ontwikkelingen, is er behoefte om hiermee te leren werken in de praktijk aan de hand van concrete handvatten die helpen bij locatieafwegingen en inrichtingskeuzes op basis van feiten.

1.2

Doel van het project

Tussen september 2024 en juli 2025 is het project Water en Bodem Sturend (WBS) Achterhoek+ uitgevoerd. Het project is een initiatief van de werkregio Achterhoek+1. Het belangrijkste doel van het project is om de abstracte structurerende keuzes voor water en bodem sturend te vertalen naar een praktisch toepasbaar instrument voor overheden en ontwikkelaars die actief zijn in Achterhoek+-gebied, bij locatiekeuzes en inrichting van woon- en werklocaties (stedelijke ontwikkelingen). Het project heeft geleid tot twee hoofdproducten: 1 een Signaleringskaart waarmee uitdagingen vanuit het water- en bodemsysteem voor stedelijke ontwikkeling gesignaleerd worden. De kaart is met toelichting beschikbaar in een digitale viewer (zogenaamde StoryMap); 2 een handreiking WBS voor stedelijke ontwikkeling met praktische tools om WBS toe te passen in ruimtelijke ordening. De handreiking bevat de volgende informatie: · een toelichting bij de Signaleringskaart en het gebruik ervan; 1 In de Samenwerking Water Achterhoek+ werken de gemeenten, waterschap Rijn en IJssel, provincie

Gelderland en Vitens samen aan water en klimaatadaptatie. De aangesloten gemeenten zijn: Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doesburg, Doetinchem, Lochem, Montferland, Oost-Gelre, Oude IJsselstreek, Winterswijk en Zutphen.

4 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

·

· 1

2

1.3

een Voorbeeldenboek met (mogelijke) maatregelen voor een klimaatbestendige bebouwde omgeving. Deze dienen als inspiratie om uitdagingen vanuit het water- en bodemsysteem het hoofd te bieden. Deze zijn opgenomen in bijlage I; concrete stappenplannen voor 2 belangrijke beslismomenten in de stedelijke ontwikkeling verstandige locatieafwegingen te maken voor toekomstige stedelijke ontwikkeling. Dit speelt voor ruimtelijke plannen waar nog geen vaste plangrenzen zijn en nog locaties worden afgewogen; verstandige inrichtingskeuzes te maken voor stedelijke ontwikkeling. Dit speelt voor ruimtelijke plannen waar al vaste grenzen zijn, maar de inrichting nog niet definitief is.

Leeswijzer

Dit document omvat de handreiking WBS met praktische tools om WBS toe te passen in ruimtelijke ordening: - hoofdstuk 2 licht toe hoe de Signaleringskaart tot stand is gekomen en hoe de kaart is opgebouwd; - hoofdstuk 3 bevat een handleiding van de Storymap en de Signaleringskaart. Daarnaast zijn er twee stappenplannen die gevolgd kunnen worden hoe de Signaleringskaart kan helpen bij het maken van locatieafwegingen of inrichtingskeuzes; - bijlage I bevat het Voorbeeldenboek met (mogelijke) maatregelen die inspiratie kunnen bieden bij WBS gerelateerde inrichtingsvraagstukken.

5 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

2 SIGNALERINGSKAART In dit hoofdstuk wordt de Signaleringskaart voor WBS Achterhoek+ samen met onderliggende lagen toegelicht. De gehanteerde legenda samen met bepaalde keuzes die daarin gemaakt zijn, worden uitgelegd. Per kaart worden de gebruikte bronnen en de gehanteerde categorieën toegelicht. Dit geeft een overzicht van de opbouw van de Signaleringskaart voor WBS in de Achterhoek+ en hoe deze toegepast kan worden in stedelijke in- en uitbreidingsopgaven.

2.1

Visie en uitgangspunten Signaleringskaart WBS

De Signaleringskaart signaleert op welke locaties in de Achterhoek+ (grote) uitdagingen liggen vanuit het bodem- en watersysteem voor verdere stedelijke ontwikkelingen. Op die manier hebben alle partijen tijdig inzicht in de opgave en de omvang daarvan. De kaart is gebaseerd op onveranderbare feitelijkheden in het bodem- en watersysteem en maakt geen nieuw beleid. De Signaleringskaart wordt gebruikt in combinatie met het stappenplan in Hoofdstuk 3 en het Voorbeeldenboek in Bijlage I3.3.5I. De kaart geeft dan niet alleen weer waar wel of geen uitdagingen spelen, maar biedt ook inspiratie voor water en bodem sturende maatregelen bij stedelijke ontwikkelingen. Onze visie op WBS-maatregelen is dat deze het bodem- en watersysteem zo min mogelijk naar de hand van de mens zetten.

2.2

Opbouw legenda Signaleringskaart

Voor de Signaleringskaart WBS Achterhoek+ zijn dezelfde uitgangspunten gehanteerd als de Signaleringskaart van het Rijk. Dit is te zien in de legenda in afbeelding 2.1. Voor de Achterhoek+ worden er twee ‘Ja, mits’ categorieën gehanteerd in plaats van drie zoals bij het Rijk. Deze categorieën zijn op basis van gehanteerde uitgangspunten per kaart onder te verdelen: - Ja, hier zijn geen grote belemmeringen vanuit het water- en bodemsysteem, maar basismaatregelen blijven altijd noodzakelijk en de leidende principes van WBS gelden altijd (zoals het principe dat er niet afgewenteld mag worden). De basisinspanning is ook vastgelegd in de Waterschapsverordening; - ja, mits (aangepast bouwen): hier kan ontwikkeld worden, maar er gelden aandachtspunten voor 1 of meerdere bodem- en wateraspecten. Daarvoor zijn maatregelen noodzakelijk, maar deze maatregelen kennen een beperkte omvang en complexiteit; - ja, mits (sterk aangepast bouwen): hier kan wel ontwikkeld worden, maar er liggen diverse grotere opgaven vanuit het bodem- en watersysteem. Deze vereisen relatief grootschalige en complexe maatregelen.

De maatregelen dienen zoveel mogelijk uit te gaan van water en bodem sturend; - nee, tenzij (transformatie van bodem- en watersysteem en sterk aangepast bouwen): bouwen is hier nu niet verboden, maar wordt sterk afgeraden omdat er vaak een transformatie van het bodem- en watersysteem nodig is (zoals grootschalig ophogen, watersystemen omleggen of dempen en zo het watersysteem naar de eigen hand te zetten). De reden is dat hier grootschalige wateroverlast en onveilige situaties kunnen optreden en/of hier bouwen lock-ins richting de toekomst oplevert; - nee, niet bouwen (huidig beleid): bouwen is hier al verboden op grond van huidige (wettelijke) bepalingen in de Provinciale Omgevingsverordening (POV), Waterschapsverordening, etc.

6 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

Afbeelding 2.1 Legenda Signaleringskaart WBS Achterhoek+

2.3

Opbouw Signaleringskaart

Dit hoofdstuk beschrijft in meer detail hoe de Signaleringskaart tot stand komt. Hierin spelen de onderliggende kaartlagen een belangrijke rol.

2.3.1

Methodiek totstandkoming kaartbeeld

De totaalkaart signaleert voor het gehele Achterhoek+-gebied1 op welke plaatsen stedelijke uitbreiding mogelijk is en of er opgaven vanuit het water- en bodemsysteem zijn te verwachten. Dit wordt gedaan met de kleuren uit de legenda. Voor 8 bodem- en waterthema’s zijn gegevens verzameld en op kaart gezet voor de Achterhoek+. Deze objectieve en waardeoordeelvrije gegevens vormen de onderliggende kaartlagen. Zie paragraaf 2.3.2 voor een beschrijving van de onderliggende lagen. De Signaleringskaart beperkt zich tot aspecten rondom WBS en moet dus gecombineerd worden met overige lagen voor stedelijke ontwikkelingen (bijvoorbeeld archeologie, ecologie, mobiliteit, etc.). De onderliggende kaarten zijn allemaal ingevuld conform een eigen legenda (zie afbeelding 2.1 en paragraaf 2.3.2). Voor de categorie ‘ja, mits’ is onderscheid gemaakt naar de omvang van de opgave. Bijvoorbeeld een kleine of grote waterdiepte op straat bij extreme neerslag. Dit is gedaan op basis van expert judgement en bestaande normen of richtlijnen voor (grond)wateroverlast. De grenswaarden verschillen per onderliggende kaart en zijn weergegeven in de legenda’s van de onderliggende kaarten (paragraaf 2.3.2). Op deze manier ontstaan 8 onderliggende kaarten met een signaalkleur variërend van groen tot rood.

De onderliggende kaarten worden zodanig gecombineerd, dat het eindbeeld op een specifieke locatie de kleur heeft van het meest beperkende onderliggende kaartbeeld. De ‘zwaarste’ categorie per gebied is dus leidend voor het eindbeeld (van zwaar naar licht: rood, paars, oranje, geel, groen).

1

Er wordt nog gewerkt aan het toevoegen van het gebied De Hoven in Zutphen, wat valt onder Waterschap Vallei en Veluwe. Dit wordt naar verwachting toegevoegd in de definitieve versie van de Signaleringskaart.

7 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

-

voorbeeld: locatie X kent geen uitdagingen, behalve een zeer hoge Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand (GHG) in 2050. De kleur is oranje, want dit is de maatgevende, beperkende factor; voorbeeld 2: locatie Y kent geen rode/paarse categorieën. Maar de locatie is wel kwetsbaar voor hoge GHG (aangepast bouwen), wateroverlast vanuit de lokale stresstest (aangepast bouwen) en ligt in een gebied met enige bodemdaling (aangepast bouwen). De kleur is geel, want de zwaarste onderliggende categorie is geel. Hierbij maakt het niet uit dat er meerdere uitdagingen spelen.

Webviewer Om de totaalkaart goed te begrijpen, is het van belang om te weten welke onderliggende kaart een bepaalde kleur geeft aan een gebied. Dit is opgenomen in de webviewer waarin de Signaleringskaart wordt weergegeven. De gebruiker kan per locatie bekijken welke onderliggende kaarten leiden tot de signaalkleur. Het kan ook voorkomen dat een gebied een opeenstapeling van kleuren op eenzelfde locatie bevat. Dit zijn locaties waar meerdere uitdagingen spelen, waar goed naar de thema’s moet worden gekeken die deze kleuren veroorzaken. Om dit beter te begrijpen moeten de individuele kaarten van de verschillende thema’s samen met hun eigen legenda worden bekeken.

2.3.2

Onderliggende kaartlagen

Tabel 2.1 bevat een overzicht van de onderliggende kaartlagen, de parameters die zij weergeven en de bronhouder. Nota bene: een deel van de gemeente Zutphen valt onder het werkgebied van Waterschap Vallei en Veluwe (WSVV). De brondata verschilt voor sommige kaartlagen voor het deel van de Signaleringskaart in WSVV-werkgebied. Dit is weergegeven. Tabel 2.1 Overzicht van onderliggende kaartlagen Nummer

Kaartlaag

Weergegeven parameter(s)

Bronhouder

1

hoge grondwaterstanden

gemodelleerde GHG in 2050 + klimaatverandering (WH)

WRIJ, WSVV

2

wateroverlast (bovenregionale stresstest)

maximale gemodelleerde waterdiepte in de bovenregionale stresstest (‘Limburgbui’)

WRIJ

Voor WSVV-gebied: resultaat NBWtoetsing bij T100-neerslag

WSVV

maximale gemodelleerde waterdiepte in de lokale stresstest (T100, 70 mm in 1 uur)

WRIJ

WSVV-gebied: idem, maar 60 mm in 1 uur

WSVV

3

wateroverlast lokale stresstest

4

bergingsgebieden WRIJ

aangewezen waterbergingsgebieden in de Legger van WRIJ. Voor WSVV is dit niet relevant in het gebied

WRIJ

5

waterveiligheid

waterkeringen en beschermingszones in beheer van WRIJ en het Rijk overstromingsdieptes T1.000

WRIJ, WSVV (regionaal) Rijk (nationaal)

6

verzakkingen en bodemdaling

gebieden gevoelig voor bodemdaling als gevolg van ophogen en ontwikkeling

Klimaateffectatlas (Deltares)

7

drinkwater

beschermingszones rondom drinkwaterwinningen

provincie Gelderland

8

oppervlaktewater

bestaand oppervlaktewater in beheer bij WRIJ, WSVV en Rijkswaterstaat

Legger WRIJ, WSVV Kader Richtlijn Water (KRW)en natuurwateren WRIJ Legger Rijkswaterstaat

8 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

Kans optreden hoge grondwaterstand Inhoud Input voor deze kaart betreft de gemodelleerde gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) in 2050 bij klimaatverandering (scenario WH). De GHG wordt gevormd door output van het model AMIGO, met een resolutie van 25x25m. Deze kaart is waardeoordeelvrij op basis van de bestaande informatie en omvat geen mogelijke veranderingen in de grondwaterstanden als gevolg van beleid en projecten. In werkelijkheid wordt er gesproken over ambities om in de Achterhoek 100mm extra regenwaterberging in de bodem te realiseren (Aanpak Droogte en Wateroverlast Achterhoek en Liemers). Het realiseren van (delen van) deze aanpak zal gevolgen hebben voor de grondwaterstand. Deze gevolgen zijn nog geen werkelijkheid, en daarom niet meegenomen in de Signaleringskaart Categorisering Voor de categorisering zijn de volgende grenzen aangehouden: - groen: toekomstige GHG > 70 cm -mv. Dit is gebaseerd op de norm voor ontwateringsdiepte in stedelijk gebied (op de meeste plaatsen 70 cm); - geel: toekomstige GHG tussen 30 en 70 cm -mv. Bij deze GHG geldt dat ontwikkeling kan plaatsvinden, maar dat er wel aandachtspunten gelden voor de uitvoering, omdat niet zomaar kan worden voldaan aan de ontwateringsnorm. Bijvoorbeeld door kruipruimteloos te bouwen; - oranje: toekomstige GHG < 30 cm -mv.

Bij deze GHG geldt dat ontwikkeling kan plaatsvinden, maar dat er wel aandachtspunten gelden voor de uitvoering. Dit zijn gebieden waarbij de toekomstige grondwaterstanden dicht onder maaiveld liggen; - paars: n.v.t; - rood: n.v.t; - wanneer er op een locatie geen (betrouwbare) data beschikbaar is, wordt dit gearceerd op de kaart, dit geldt specifiek alleen voor dit thema. Duiding kaartbeeld Het volgende valt op: - in veel bestaand stedelijk gebied en hoger gelegen locaties kleurt de kaart groen (grote ontwateringsdiepte); - in veel natuur- en landbouwgebieden kleurt de kaart geel of oranje. Hier voldoet de ontwateringsdiepte in de toekomst (klimaatverandering 2050) zonder ingrepen niet aan de ontwateringsnorm voor stedelijk gebied. Daarbij wordt opgemerkt dat bebouwd gebied vaak werd opgehoogd; - in sommige gebieden (met name flanken van het Winterswijks plateau) is de grondwatermodellering niet voldoende accuraat om conclusies aan te verbinden. Deze gebieden zijn gearceerd op te kaart. Kans optreden wateroverlast (bovenregionale stresstest) Inhoud Input voor deze kaart betreft de gemodelleerde resultaten van de bovenregionale stresstest van Waterschap Rijn en IJssel. Hierbij is het scenario van de Limburgbui gemodelleerd, waarbij 200 mm in twee dagen achtereenvolgens in het stroomgebied van het watersysteem valt.

Dit zijn extreme situaties, die tegenwoordig regelmatig voorkomen op verschillende locaties in Europa. Bij de Limburgbui valt zoveel neerslag, dat het watersysteem van het waterschap vol raakt. De overtollige neerslag zorgt dan voor ernstige wateroverlast met lokaal grote waterdiepte en hoge stroomsnelheden. Dit heeft gevolgen voor de veiligheid.

9 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

Categorisering De categorieën van de kaart zijn gebaseerd op de normen waarbij wateroverlast nog acceptabel is. Bij een waterdiepte groter dan 30 cm kunnen er gevaarlijke situaties ontstaan. Daarom is hier gekozen voor ‘nee tenzij’. Voor de categorisering zijn de volgende grenzen aangehouden: - groen: < 10 cm waterdiepte op maaiveld (mv). Bij deze inundatie geldt dat ontwikkeling kan plaatsvinden, met inachtneming van de basismaatregelen voor klimaatadaptief bouwen. Eens in de zoveel tijd zal enige inundatie geaccepteerd moeten worden. Daarnaast kan er worden gedacht aan zandzakken of schotten; - geel: 10-30 cm waterdiepte op mv. Bij deze inundatie geldt dat ontwikkeling kan plaatsvinden, maar dat er wel aandachtspunten gelden voor de uitvoering. Bijvoorbeeld door vitale infrastructuur hier niet te plaatsen of door te bouwen op palen; - oranje: n.v.t; - paars: > 30 cm waterdiepte op mv. Hierbij kunnen gevaarlijke situaties (langdurige wateroverlast, hoge stroomsnelheden) ontstaan, daarom is hier gekozen voor ‘Nee, tenzij’. Op deze plekken is het onwenselijk om te ontwikkelen. Ontwikkelingen leiden al snel tot afwentelen van wateroverlast; - rood: n.v.t. Duiding kaartbeeld Op de kaart is vooral het gebied rondom de Oude IJssel paars uitgelicht in de categorie ‘nee, tenzij’.

Dit komt mede doordat de Oude IJssel in dit gebied vrij afwatert en geen formele keringen kent die het achterliggende gebied beschermen. Meer in het algemeen geldt dat laaggelegen gebieden kwetsbaar zijn voor ernstige wateroverlast door deze bui. Kans optreden wateroverlast (lokale stresstest) Inhoud Input voor deze kaart betreft de gemodelleerde resultaten van een piekbui T=100 jaar (70 mm in 1 uur) van de lokale stresstesten in de Achterhoek. De achterliggende modelleerbenadering is sterk verschillend van de Limburgbui. De lokale stresstest gaat uit van kortdurende, lokale piekneerslag. Daarbij speelt vooral het stedelijk watersysteem en verhard oppervlak een rol. Eventuele wateroverlast is meestal korterdurend van aard. Categorisering Voor de categorisering zijn de volgende grenzen aangehouden: - groen: < 10 cm waterdiepte op mv. Bij deze inundatie geldt dat ontwikkeling kan plaatsvinden, met inachtneming van de basismaatregelen voor klimaatadaptief bouwen. Ook mag geen wateroverlast worden afgewenteld; - geel: 10-30 cm waterdiepte op mv. Bij deze inundatie geldt dat ontwikkeling kan plaatsvinden, maar dat er maatregelen getroffen moeten worden binnen de ontwikkeling om regelmatige inpandige wateroverlast te voorkomen; bijvoorbeeld door het aanleggen van wadi's; - oranje: >30 cm waterdiepte op mv.

Bij deze inundatie geldt dat ontwikkeling kan plaatsvinden, maar dat er grote aandachtspunten gelden voor de uitvoering. Er zijn namelijk grote risico’s op terugkerende inpandige wateroverlast met schade tot gevolg; - paars: n.v.t; - rood: n.v.t. Duiding kaartbeeld De kaart voor de Achterhoek kleurt grotendeels groen, waarbij er dus grotendeels minder dan 10 cm waterdiepte op het maaiveld wordt berekend. Rondom de Oude IJssel en het oostelijke deel van de BovenSlinge kleuren oranje, waar rekening moet worden gehouden met benodigde maatregelen wanneer dit locaties voor ontwikkelingen zouden zijn. Ook geven deze kaarten gebieden weer waar het beste ruimte aan water kan worden gegeven, door bijvoorbeeld wadi’s te creëren op plekken die laag liggen en geel of oranje kleuren. Daarbij dient wel rekening te worden gehouden met de toekomstige ambities om meer water te bergen in de bodem. Als bijvoorbeeld potentiële wadi’s de helft van het jaar vol staan door hoge grondwaterstanden, kunnen ze immers geen water bergen.

10 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

Bergingsgebieden Inhoud In deze kaart worden gebieden gesignaleerd die zijn aangewezen als bergingsgebied, op basis van de Legger van Waterschap Rijn en IJssel. Categorisering De aangewezen bergingsgebieden worden rood gekleurd, op basis van regelgeving zijn dit gebieden waar in de bestaande situatie al geen ontwikkelingen mogen plaatsvinden. Dit is verboden in de Waterschapsverordening. De rest van de categorieën zijn daarom ook niet van toepassing, het overige gebied kleurt daarom groen. Voor de categorisering zijn de volgende grenzen aangehouden: - groen: overig; - geel: n.v.t.; - oranje: n.v.t.; - paars: n.v.t.; - rood: Bergingsgebieden, verboden in de Waterschapsverordening om te ontwikkelen. Duiding kaartbeeld De kaart toont de 3 bergingsgebieden binnen het Achterhoek+-gebied. Hier kan niet worden gebouwd. Waterveiligheid Inhoud In deze kaart worden de rivierlopen (inclusief winterbed) van de rivieren gesignaleerd, evenals alle zoneringen rondom waterkeringen. De data zijn afkomstig uit de Leggers van WRIJ en Rijkswaterstaat. In buitendijkse gebieden en uiterwaarden gelden strenge beperkingen voor bebouwing. Daarnaast stelt de Waterschapsverordening eisen aan bebouwing in en rond de kern- en beschermingszones van waterkeringen.

Daarnaast bevat de kaart een signaleringskleur voor gebieden die kunnen overstromen vanuit grote wateren, zoals bijvoorbeeld de IJssel bij een dijkdoorbraak. Categorisering Voor de categorisering zijn de volgende grenzen aangehouden: - groen: overig (inclusief buitenbeschermingszone 2, want is alleen relevant voor windmolens); - geel: Buitenbeschermingszone 1. Hier gelden regels voor, maar die zijn niet direct bijzonder belemmerend voor woningbouw. Er gelden wel regels voor ontgravingen, kabels en leidingen, en holle bebouwing. Dit vanwege het borgen van de stabiliteit van de kering; - geel: maximale waterdiepte bij een overstroming (door bijvoorbeeld dijkdoorbraak) > 30 cm. De kans op een overstroming is klein, maar bij waterdieptes groter dan 30 cm wordt wel aanbevolen om aangepast te bouwen voor bijvoorbeeld vitale en kwetsbare functies. - oranje: n.v.t; - paars: · profiel van vrije ruimte bij keringen. Dit is een reserveringsgebied voor toekomstige dijkversterkingen; · beschermingszone. Deze zorgt ervoor dat de kering ook bij hoogwater stabiel blijft. De beschermingszone is zoveel mogelijk lokaal op maat gemaakt en ontwikkelingen zijn hier ongewenst; - rood: kernzone keringen + uiterwaarden. Hier is het verboden volgens vigerende wet- en regelgeving te bouwen. N.B.: WRIJ hanteert ook een buitenbeschermingszone 2.

Deze is niet relevant voor woningbouw en bedrijventerreinen en daarom niet opgenomen in de Signaleringskaart. Buitenbeschermingszone 2 is wél relevant voor andere typen bebouwing, zoals energie-infrastructuur, windmolens, mijnbouw, et cetera.

11 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

Duiding kaartbeeld Op de kaart kleuren de IJssel en uiterwaarden, reserveringszones en keringen rood. De buitenbeschermingszones 1 van de keringen kleuren geel, hier kan wel ontwikkeld worden mits er rekening wordt gehouden met aangepast bouwen m.b.t. waterveiligheid (zoals geen ontgravingen). Kans op verzakkingen/bodemdaling Inhoud Op deze kaart worden zettingsgevoelige gronden aangewezen. De kaartlaag is afkomstig uit de Klimaateffectatlas. Op de kaart worden gebieden gesignaleerd die gevoelig zijn voor bodemdaling als gevolg van ophoging van het maaiveld in gebieden met klei of veen. Meestal is de bodem in zo’n gebied te slap om direct op te bouwen, of de bodem is al gedaald. In beide gevallen moet de bodem opgehoogd worden, maar het gevolg van ophoging is dat de bodem verder daalt. De kaart geeft de verwachting weer voor verdere bodemdaling na ophoging met 1 meter zand in 30 jaar tijd. De kaart bevat dus geen informatie over autonome bodemdaling. Een dalende bodem is op termijn problematisch voor bebouwing. Bijvoorbeeld vanwege scheuren en schade aan funderingen. Maar ook doordat de bebouwing lager komt te liggen en daardoor kwetsbaarder is voor wateroverlast. Categorisering Voor de categorisering zijn de volgende grenzen aangehouden: - groen: overig; - geel: > 20 cm.

Hier kan ontwikkeld worden mits er rekening wordt gehouden met bijvoorbeeld licht ophoogmateriaal of lichte constructies. - oranje: n.v.t.; - paars: n.v.t.; - rood: n.v.t. Duiding kaartbeeld Op de kaart is vooral de grond rondom de rivieren gesignaleerd als ‘ja, mits’, waarbij er zetting van meer dan 20 cm kan optreden als gevolg van 1 meter ophoging met zand in 30 jaar tijd. Dit zijn vooral de gebieden rond de (voormalige) rivieren. Het overige gebied kleurt groen. Drinkwater Inhoud Op deze kaart worden waterwingebieden, grondwaterbeschermingsgebieden en Aanvullende Strategische Voorraden (ASV)-gebieden aangegeven zoals aangewezen door de Provincie Gelderland in de Provinciale Omgevingsverordening (POV). Waterwingebieden zijn rood gekleurd, want dit zijn gebieden waar op basis van de POV niet ontwikkeld mag worden. Ook zijn er beschermingszones en reserveringszones, waar rekening mee moet worden gehouden bij locatieafwegingen van ontwikkelingen.

12 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

Categorisering Voor de categorisering zijn de volgende grenzen aangehouden: - groen: overig; - geel: de ASV-gebieden, gebieden in Nederland die door de provincie worden aangewezen als mogelijke plek voor een drinkwatervoorziening. Hier zou in theorie ontwikkeld kunnen worden. Het betreffen geen reserveringen waar wettelijke restricties aan hangen. - oranje: De grondwaterbeschermingsgebieden (GWBG). De reden voor deze categorie is dat grootschalige ontwikkeling in GWBG niet gewenst is, maar ook niet strikt verboden. Er gelden wel strenge beperkingen op boringen en het gebruik van bijvoorbeeld Warmte- en Koude Opslag (WKO)systemen, hier moet rekening mee worden gehouden bij het type ontwikkeling op deze locatie. - paars: n.v.t.; - rood: waterwingebieden. Hier is bouwen verboden. Duiding kaartbeeld Op de kaart zijn in rood de waterwingebieden te zien, met daaromheen de grondwaterbeschermingsgebieden in het oranje. Ook zijn er een aantal ASV-gebieden op de kaart die geel kleuren, deze liggen vooral rond de IJssel en in het stroomgebied van de Oude IJssel. Oppervlaktewater Inhoud Bestaand oppervlaktewater wordt op deze kaart op basis van de Legger van Waterschap Rijn en IJssel aangegeven. Hiermee worden bedoeld de oppervlaktewaterlichamen van het regionale watersysteem met bijbehorende zones, uiterwaarden, kaden en kunstwerken zoals aangegeven in de Legger.

Gemeentelijke en particuliere wateren staan bijvoorbeeld niet apart op de kaart. Bij stedelijke ontwikkelingen is het mogelijk om kleinere wateren en watergangen om te leggen. Voor de grote beken, KRW-lichamen en natuurwateren ligt dit veel complexer. Hiermee is rekening gehouden in de categorisering. Categorisering Voor de categorisering zijn de volgende grenzen aangehouden: - groen: overig; - geel: n.v.t.; - oranje: n.v.t; - paars: bestaand oppervlaktewater is van belang voor water en bodem sturend. Ontwikkelen op plaatsen waar zich oppervlaktewater bevindt, vereist altijd een transformatie van het watersysteem. - rood: n.v.t. Duiding kaartbeeld De kaart toont de oppervlaktewateren in beheer van WRIJ, en dus geen gemeentelijke of particuliere wateren.

13 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

3 HANDLEIDING EN STAPPENPLAN Dit hoofdstuk geeft eerst een handleiding voor het gebruik van de webviewer Signaleringskaart. Het gebruik ervan gaat via een website, daarnaast wordt het mogelijk gemaakt om de kaart als Web Map Service (WMS)/Web Feature Service (WFS) laag te exporteren om te gebruiken in de eigen systemen van gemeenten. Deze handleiding beschrijft het gebruik van de digitale webviewer. Daarna volgen twee stappenplannen voor het gebruik van de Signaleringskaart en het bijbehorende (Voor)beeldenboek voor WBS in de Achterhoek+-werkregio. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen twee functies die het instrument kan vervullen: - helpen bij afwegen van geschikte locaties voor ontwikkelingen: locatieafwegingen. Het instrument helpt om verschillende locaties op de aspecten water en bodem tegen elkaar af te wegen; - helpen bij ontwerpen: inrichtingskeuzes. Als de ruimtelijke contouren van het plan al vastliggen, dan helpt het instrument om klimaatadaptieve maatregelen nader te detailleren.

3.1

Handleiding webviewer

De digitale Signaleringskaart is toegankelijk via een webviewer. Voordat de digitale Signaleringskaart wordt geraadpleegd, is het belangrijk om de StoryMap goed te bekijken.

3.1.1

StoryMap

De StoryMap geeft een introductie over de Signaleringskaart, welke informatie de kaart bevat en ook wat de kaart niet bevat. Voordat de Signaleringskaart wordt getoond, wordt de gebruiker stapsgewijs door de introductie heen geleid. De introductie legt onder andere uit dat WBS één van de aspecten waar rekening mee gehouden moet worden bij stedelijke ontwikkelingen. Andere aspecten (zoals ecologie, cultuurhistorie en archeologie) moeten altijd worden meegenomen bij de gewenste ontwikkeling en er dienen altijd andere gebiedsspecifieke eigenschappen te worden geraadpleegd. In afbeelding 3.1 is de eerste pagina van de StoryMap te zien.

14 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

Afbeelding 3.1 Preview Storymap

3.1.2

Webviewer Signaleringskaart

In afbeelding 3.2 is de overzichtskaart van de Signaleringskaart te zien wanneer deze wordt geopend. In de afbeelding zijn nummers aangegeven bij specifieke onderdelen/knoppen waarvan het gebruik hieronder wordt toegelicht.

Afbeelding 3.2 Overzicht digitale Signaleringskaart met nummers (blauw omlijnd) voor toelichting onderdelen

15 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

1

2 3 4

5

in- en uitzoomknoppen: hiermee kun je in- en uitzoomen op de kaart. Daarnaast kan dit ook door te scrollen met de muis. Om de gekleurde cellen te kunnen selecteren moet er verder worden ingezoomd op de kaart. Het kan even duren voordat de kaart volledig is geladen; terug naar basisinstellingen: hiermee ga je terug naar de basisinstellingen; reset kaartoriëntatie: hiermee ga je terug naar de oorspronkelijke oriëntatie van de kaart zoals hierboven getoond; zoeken: wanneer je op het icoon van de zoeker klikt, kun je een locatie op de kaart te zoeken door een adres is te vullen;

meten: wanneer je op het icoon van het meetlint klikt wordt het mogelijk om op twee manieren een oppervlak of lengte te meten; · Met het linker icoon kun je een lijn of een omtrek meten. Door te klikken of op de enter te drukken (afhankelijk van de webrowser) wordt de lijn gesloten.

16 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

·

6

met het rechter icoon kan je een polygoon maken en het oppervlak meten. Door middel van klikken of op de enter te drukken (afhankelijk van de webrowser) kan het polygoon worden gesloten.

legenda: de legenda geeft weer welke categoriën de Signaleringskaart bevat.

17 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

7

in het onderdeel Signaleringskaart kan je de zichtbaarheid van de Signaleringskaart aanpassen. · door op het oogje te klikken kan de laag aan/uit worden gezet, evenals de onderliggende kaarten (bijvoorbeeld de laag ‘Signaleringskaart rood’, die alleen de rode categorie bevat); · door op de drie puntjes achter de kaartnaam te klikken kan je de transparantie aanpassen. Wanneer je hierop klikt, verschijnt er een schuifbalk en kan je de transparantie aanpassen naar het gewenste niveau.

8

wanneer je op een individuele cel klikt op de Signaleringskaart, verschijnt er in het blauw omlijnde kader het watersysteemtype, de opgaven en de mogelijke maatregelen bij ontwikkeling waaraan je kunt denken. Hieronder staat wat elk kopje toelicht: · watersysteemtype: de kenmerken van het watersysteemtype van gekozen de locatie wordt hier toegelicht. Op basis van deze kenmerken kun je kansen voor stedelijke ontwikkelingen signaleren die passen bij het natuurlijke watersysteemtype wat hier wordt aangegeven; · opgaven: door een cel te selecteren worden in dit deel de opgave(n) getoond die op de gekozen locatie spelen. Vanuit de lijst met opgaven kunnen de originele bronbestanden worden geraadpleegd via de ‘lees meer’-knop (betreft openbare data). De verschillende opgaven zijn toegelicht in paragraaf 2.3.2; · mogelijke maatregelen: onder de opgave(n) worden voorbeelden van passende maatregelen en meekoppelkansen getoond, deze worden ook toegelicht in het Voorbeeldenboek.

18 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

9

ondergronden: wanneer je op de ondergronden klikt, kan de ondergrond (basiskaart) aangepast worden in de pop-up. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk om een luchtfoto als basiskaart in te stellen.

10 de Signaleringskaart: de kaart bevat de WBS-thema’s voor de Achterhoek+. Door in te zoomen op de kaart, verschijnen de individuele cellen die je kunt selecteren. Door te klikken op de cellen kun je zien welke uitdagingen en kansen er zijn op bepaalde locaties.

3.2

Stappenplan: als hulpmiddel voor het maken van locatieafwegingen

Belangrijk om te weten vooraf De Signaleringskaart is specifiek gericht op de principes van Water en Bodem Sturend (WBS). Dit betekent dat deze kaart enkel de water- en bodemgerelateerde randvoorwaarden voor stedelijke ontwikkeling

19 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

signaleert. Andere aspecten, zoals ecologie, archeologie, cultuurhistorie, stedenbouw, verkeer, financiële randvoorwaarden, et cetera zijn niet in de kaart opgenomen. Deze kunnen wel van invloed zijn op stedelijke ontwikkelingen. Bij de beoordeling van een locatie moeten deze aspecten aanvullend worden meegenomen in het proces.

3.2.1 1

2

verzamel informatie over opgaven en gewenste ontwikkelingen · gebruik bestaande beleidsplannen, verkenningen en visies van de gemeente en provincie; · gebruik gegevens van woningcorporaties en ontwikkelaars; · bepaal de omvang van het plan: gewenste aantal woningen, aantal hectare bedrijventerrein, etc. breng in kaart welke locaties in aanmerking komen voor de gewenste ontwikkeling en baken deze af · houd ook rekening met andere omgevingsfactoren zoals nabijheid van voorzieningen, eigendomssituatie en bestaande infrastructuur; · in veel gevallen zijn al zoekgebieden beschikbaar voor stedelijke ontwikkelingen.

3.2.2 1

2

3

4

Stap 1: inventariseren mogelijke locaties

Stap 2: analyseer WBS-aspecten met behulp van de Signaleringskaart

raadpleeg de Signaleringskaart in de webviewer en zoom naar het plangebied · noteer per locatie de kleurcoderingen (groen, geel, oranje, paars, rood); - groen: ‘Ja, standaard inpassing’ hier zijn geen belemmeringen vanuit WBS, maar er moet altijd rekening worden gehouden met standaard inpassingsmaatregelen. Het uitgangspunt blijft dat er geen lock-ins worden gecreëerd en dat er niet wordt afgewenteld. Dit betekent dat de ontwikkeling er niet voor zorgt dat toekomstige ingrepen onmogelijk worden gemaakt of dat er in de toekomst situaties ontstaan die onwenselijk zijn; - geel: aangepast bouwen, maatregelen vereist; - oranje: sterk aangepast bouwen, substantiële maatregelen vereist. Dit vergt ook investeringen; - paars: ‘Nee, tenzij’; transformatie van systeem en sterk aangepast bouwen, alleen ontwikkeling mogelijk onder strikte voorwaarden. Op deze locaties wordt het watersysteem getransformeerd of zou je niet willen ontwikkelen om in de toekomst lock-ins te voorkomen. Daarnaast vergt dit grote investeringen; - rood: stedelijke ontwikkeling niet toegestaan volgens bestaande wet- en regelgeving; · klik op de laagstructuur in de viewer om te zien welke water- en bodemfactoren van invloed zijn (bijvoorbeeld hoge grondwaterstand, wateroverlast, bodemdaling).

Daarnaast zijn er ook basiskaarten beschikbaar, zoals hoogtekaarten, en gebiedstypekaarten die inzicht geven in landschapstypen (bijv. beekdal, hoge gronden, etc.). Gebruik deze aanvullende kaarten om een vollediger beeld te krijgen van de ruimtelijke en hydrologische situatie op de locatie; analyseer onderliggende kaarten per locatie; · klik op locaties met een specifieke kleur om te zien waardoor de kleur wordt veroorzaakt. · gebruik aanvullende kaarten zoals hoogtekaarten, gebiedstypekaarten en (indien beschikbaar) lokale data van bodem- en watersysteem. Die gegevens helpen om de eigenschappen van het gebied te duiden. schat in of ontwikkeling mogelijk en wenselijk is op de locaties, gegeven de kleuren uit de Signaleringskaart. De volgende vragen helpen daarbij: · is het mogelijk om het plan te ontwikkelen zonder dat er wateroverlast wordt afgewenteld op toekomstige generaties of op andere gebieden? · is het mogelijk om het plan te ontwikkelen zonder dat we het omliggende gebied ‘op slot’ zetten voor andere ontwikkelingen en functies? · past het plan binnen de bestaande visies voor een toekomstbestendige leefomgeving? maak een inschatting van het type en de zwaarte van benodigde maatregelen per locatie; · In deze fase is het nog niet mogelijk of nodig om maatregelen in detail te bepalen.

Maar op basis van de kleuren van de Signaleringskaart kan een specialist wel iets zeggen over de omvang van eventuele maatregelen en de impact of kosten daarvan;

20 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

·

·

gebruik hiervoor het Voorbeeldenboek: per type opgave (bijv. hoge grondwaterstand, wateroverlast, bodemdaling) worden voorbeeldmaatregelen gegeven die inzicht geven in de oplossingsrichting, ruimtelijke impact en complexiteit; is het mogelijk om het plan te ontwikkelen met inachtneming van de vereiste maatregelen? Zijn de maatregelen niet onevenredig kostbaar en leiden ze niet tot problemen elders?

Geïsoleerde paarse of oranje cellen Het kan gebeuren dat in een overwegend groen of geel gebied, toch enkele oranje of paarse cellen zitten. Dit betekent dan niet direct dat het gebied ongeschikt is voor bebouwing. In ieder stedelijk ontwikkelingsplan zal een deel van het gebied worden aangewezen voor groen of waterberging, en niet voor bebouwing. Het is belangrijk om te begrijpen waarom bepaalde cellen paars of oranje kleuren. Dit wordt duidelijk door op de cellen te klikken. Daarnaast helpt het om na te gaan tot welk watersysteemtype het gebied behoort. Maak met specialisten de afweging of een bepaald gebied kansrijk is voor stedelijke ontwikkeling, ook als er enkele geïsoleerde paarse of oranje cellen in het gebied liggen. Daarbij blijft wel gelden dat bouwen verboden is in de rode gebieden op grond van bestaande regelgeving.

3.2.3 1

2

3

4

Stap 3: afwegen en kiezen van een voorkeurslocatie

breng de resultaten van de analyse per locatie overzichtelijk in beeld; · maak per locatie een beknopt profiel: kleurcodering, dominante WBS-opgaven, verwachte zwaarte van maatregelen (lichte, substantiële of zware opgave), globale uitvoerbaarheid; · geef hierbij ook aan welke voorbeeldmaatregelen uit het Voorbeeldenboek relevant zijn voor de locatie; vergelijk de locaties systematisch op basis van WBS-criteria; · beoordeel hoe robuust en toekomstbestendig een ontwikkeling op de betreffende locatie is; · vergelijk de maatregelen die nodig zijn om een robuust ontwerp te realiseren. Welke locaties vragen relatief eenvoudige ingrepen, en welke vereisen zware en dure maatregelen? · betrek bij deze afweging ook meekoppelkansen met andere beleidsdoelen zoals natuurontwikkeling, klimaatadaptatie of mobiliteit; maak een integrale afweging en stel een voorkeurslocatie of shortlist vast; · organiseer een multidisciplinair overleg waarin de analyse wordt gedeeld met andere relevante disciplines, zoals ecologie, archeologie, cultuurhistorie, mobiliteit, energie en sociaal beleid; · zorg dat inzichten vanuit deze disciplines worden meegenomen in de integrale beoordeling van de locatiegeschiktheid; · baseer de keuze op de robuustheid, uitvoerbaarheid, maatschappelijke meerwaarde en kosteninschatting.

Schenk daarin ook aandacht aan andere ruimtelijke belangen zoals ecologie, archeologie en infrastructuur; · leg de afweging vast, inclusief motivatie; gebruik deze voorkeurslocatie(s) als uitgangspunt voor verdere planvorming; · In vervolgfases kunnen de maatregelen verder worden uitgewerkt met behulp van het Voorbeeldenboek en andere instrumenten.

3.3

Stappenplan: als hulpmiddel voor het maken van inrichtingskeuzes

De volgende stappen slaan op het gebruik van de Signaleringskaart als tool bij het maken van keuzes voor de inrichting van een plangebied.

21 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

3.3.1 1

2

controleer de vastgestelde grenzen en contouren van het plangebied. · gebruik de bestaande ruimtelijke plannen, bestemmingsplannen en ontwikkelkaders. · zorg ervoor dat het plangebied correct is vastgelegd en stem dit af met projectontwikkelaars en andere betrokken partijen. bepaal de ruimtelijke kaders met behulp van de Signaleringskaart. · wat is de functie van het gebied (bijv. woonwijk, bedrijventerrein)? · welke bouwkundige, stedenbouwkundige en landschappelijke randvoorwaarden zijn al vastgesteld? · raadpleeg ook reeds beschikbare documentatie zoals (voor)ontwerpen, stedenbouwkundige plannen of ontwikkelvisies en functionele kaders van de ontwikkeling.

3.3.2 1 2

3

Stap 1: afbakening van het plangebied

Stap 2: analyseren van de Signaleringskaart en aanvullende kaarten

open de webviewer van de Signaleringskaart en zoom in op het plangebied; bekijk de kleurcodes binnen het plangebied. · groen: ‘Ja, standaard inpassing’ hier zijn geen belemmeringen voor WBS, maar er moet altijd rekening worden gehouden met standaard inpassingsmaatregelen. Het uitgangspunt blijft dat er geen lock-ins worden gecreëerd en dat er niet wordt afgewenteld. Dit betekent dat de ontwikkeling er niet voor zorgt dat toekomstige ingrepen onmogelijk worden gemaakt of dat er in de toekomst situaties ontstaan die onwenselijk zijn; · geel: aangepast bouwen, maatregelen vereist; · oranje: sterk aangepast bouwen, substantiële maatregelen vereist. Dit vergt ook investeringen; · paars: ‘Nee, tenzij’; transformatie van systeem en sterk aangepast bouwen, alleen ontwikkeling mogelijk onder strikte voorwaarden. Op deze locaties wordt het watersysteem getransformeerd of zou je niet willen ontwikkelen om in de toekomst lock-ins te voorkomen. Daarnaast vergt dit grote investeringen; · rood: stedelijke ontwikkeling niet toegestaan volgens bestaande wet- en regelgeving. analyseer de onderliggende kaartlagen. · controleer per deelgebied welke WBS-factoren het ontwerp beïnvloeden (bijv. wateroverlast, bodemdaling, hoogwaterveiligheid); · raadpleeg basiskaarten zoals hoogtekaarten en gebiedstypekaarten (bijv.

beekdal, hoge gronden); · houd rekening met aanvullende aspecten zoals ecologie, archeologie en infrastructuur, die niet in de Signaleringskaart staan.

Geïsoleerde paarse of oranje cellen Het kan gebeuren dat in een overwegend groen of geel gebied, toch enkele oranje, paarse cellen zitten. Dit betekent dan niet direct dat het gebied ongeschikt is voor bebouwing. Het kan zelfs betekenen dat er kansen zijn voor een meer natuurlijke waterberging, bijvoorbeeld doordat een deel van het gebied lager ligt dan de rest. Een lager gebied kan bijvoorbeeld relatief eenvoudig worden ingezet als toekomstig oppervlaktewater of als wadi. Benut deze informatie dus bij stap 3. Daarbij blijft wel gelden dat bouwen verboden is in de rode gebieden op grond van bestaande regelgeving.

3.3.3 1

Stap 3: kiezen van passende maatregelen uit het Voorbeeldenboek

raadpleeg het Voorbeeldenboek en selecteer maatregelen per deelgebied. De viewer geeft al suggesties per gebied voor maatregelen. Deze worden verder toegelicht in het Voorbeeldenboek. · wateroverlast → wadi’s, infiltratievoorzieningen, verhoogde bouwpeilen; · hoge grondwaterstand → kruipruimteloos bouwen, waterrobuuste buitenruimte; · bodemdaling → licht ophoogmateriaal, lichtgewicht bouwen; · waterveiligheid → dijkversterking, bouwen op terpen, retentiegebieden;

22 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

2

3

4

stem maatregelen af op ruimtelijke en functionele eisen; · hoe passen de maatregelen binnen de stedelijke structuur? · welke combinaties versterken elkaar (bijv. wateropvang in groene zones)? signaleer meekoppelkansen; · veel maatregelen bieden meekoppelkansen. Bijvoorbeeld tegen hittestress of voor meer biodiversiteit. Het Voorbeeldenboek geeft hier ook richting in; evalueer de haalbaarheid en effectiviteit van maatregelen; · zijn de maatregelen financieel en technisch haalbaar? · sluiten ze aan op de gemeentelijke beleidskaders?

3.3.4 1

2

3

werk maatregelen verder uit in het stedenbouwkundig ontwerp; · verwerk de gekozen WBS-maatregelen in inrichtingsplannen en bouw- en/of gebruiksregels; · pas de maatregelen aan op schaalniveau: wijk, straat, perceel; stem het ontwerp af met stakeholders; · bespreek de gekozen oplossingen met stedenbouwkundigen, hydrologen en landschapsarchitecten; · betrek ontwikkelaars en bewoners om draagvlak te creëren; controleer of de maatregelen voldoen aan de WBS-doelstellingen; · wordt water en bodem sturend gehandhaafd? Controleer of geen afwenteling plaatsvindt van wateroverlast en of het plan niet leidt tot lock-ins in de omgeving; · zijn er aanvullende ontwerpaanpassingen nodig?

3.3.5 1

2

3

Stap 4: integreren van maatregelen in het ontwerp

Stap 5: vastleggen en borgen van de maatregelen

leg de maatregelen vast in planregels en vergunningen; · zorg dat WBS-maatregelen (zorgvuldig) in het omgevingsplan worden opgenomen; · maak afspraken over de verantwoordelijkheid voor beheer en onderhoud; borg de maatregelen in de uitvoeringsfase; · controleer bij de uitvoering of maatregelen correct worden toegepast; · houd toezicht op aanleg en kwaliteit van water- en bodemvoorzieningen; monitor en evalueer de effecten na realisatie; · zijn de maatregelen effectief? · indien nodig: bijsturen en optimaliseren.

23 | 23

Witteveen+Bos | 142573/25-008.967 | definitief

Bijlage(n)

I BIJLAGE: VOORBEELDENBOEK MOGELIJKE MAATREGELEN

Witteveen+Bos | 142573/25-010.984 | Bijlage I | Definitief

VOORBEELDENBOEK: M O G E L I J K E M A AT R E G E L E N VO O R E E N K L I M A AT R O B U U S T E BEBOUWDE OMGEVING - BIJLAGE SIGNALERINGSKAART

H+N+S Landschapsarchitecten

10-07-2025

INHOUD 1. INLEIDING

3. SPECIFIEKE MAATREGELEN

12

1.1 WAAROM EEN VOORBEELDENBOEK?

3

4.1 KRUIPRUIMTELOOS BOUWEN

14

1.2 AANDACHTSPUNTEN VOOR GEBRUIK

4

4.2 WATERDICHT BOUWEN

15

1.3 CATEGORIEËN MAATREGELEN EN LEGENDA

4

4.3 (GROND)WATERROBUUSTE BUITENRUIMTE

16

4.4 RETENTIEGEBIEDEN AANLEGGEN

17

4.5 BESCHERMEN VITALE FUNCTIES/INFRASTRUCTUUR

18

4.6 TERPBOUW

19

4.7 WADI’S

20

4.8 BOUWEN OP PALEN (PAALWONINGEN)

21

4.9 DRIJVEND BOUWEN

22

4.10 LICHT OPHOOGMATERIAAL

23

4.11 LICHTGEWICHT BOUWEN

24

4.12 OVERIG

25

2. HET BODEM EN WATERSYSTEEM

H+N+S Landschapsarchitecten

3

6

3. BASISMAATREGELEN

8

3.1 MINIMALISEREN VERHARDING

9

3.2 DOORLATENDE VERHARDING

9

3.3 INFILTRATIEHULPMIDDELEN

9

3.4 GROENE DAKEN

10

3.5 POLDERDAK

10

3.6 GROENE OMGEVING

10

3.7 LOKALE LAAGTE

11

3.8 INFILTRATIEGREPPELS

11

3.9 REGENTON

11

inleiding

3

1. INLEIDING In dit voorbeeldenboek worden mogelijke maatregelen voor een klimaatrobuuste bebouwde

Onze gezamenlijke visie op de mogelijke maatregelen is dat deze de natuurlijke werking van het

omgeving gepresenteerd. De mogelijke maatregelen zijn gekoppeld aan specifieke opgaven

bodem- en watersysteem als vertrekpunt nemen, adaptief zijn en niet gecorrigeerd hoeven te

die afleesbaar zijn in de signaleringskaart (bijvoorbeeld een hoge grondwaterstand of

worden door technische ingrepen. De maatregelen zijn adaptief en gaan uit van de natuurlijke

overstromingsrisico’s). In dit hoofdstuk beschrijven we hoe het voorbeeldenboek gebruikt

werking van het systeem. Daarom zijn traditionele technische maatregelen zoals het toepassen

dient te worden en zijn een aantal leidende principes meegegeven. In hoofdstuk 2 wordt de

van drainage of grootschalig ophogen niet opgenomen. Daarnaast zijn er drie leidende principes

context van het bodem- en watersysteem voor de Achterhoek en Liemers geschetst aan de

om WBS te kunnen ontwikkelen:

hand van de onderverdeling in watersysteemtypen (welke ook als laag afleesbaar zijn in de signaleringskaart). In hoofdstuk 3 worden de ‘basismaatregelen’ (no-regret maatregelen)

Niet afwentelen: we wentelen de uitdagingen vanuit het

beschreven die in alle situaties, ook als er geen specifieke opgaven vanuit de signaleringskaart

water- en bodemsysteem niet af. Dit houdt in dat problemen

worden gesignaleerd, overwogen dienen te worden. In hoofdstuk 4 worden ‘specifieke

of nadelige gevolgen die samenhangen met water en

maatregelen’ beschreven die ingezet kunnen worden om concrete opgaven vanuit het bodem-

bodem niet doorgeschoven worden naar anderen, zoals

en watersysteem te ondervangen. Sommige maatregelen bieden ook kansen en oplossingen voor

toekomstige generaties, andere gebieden, andere overheden/

andere opgaven zoals ecologie, hittestress, waterkwaliteit, droogte en ruimtelijke kwaliteit. Deze

maatschappelijke sectoren. Problemen met water en bodem

‘koppelkansen’ zijn opgenomen bij de betreffende maatregelen.

dienen dus in principe binnen eigen gebied te worden opgelost.

1.1 WAAROM EEN VOORBEELDENBOEK?

Voorkom lock-ins: we maken nu keuzes die de toekomstige aanpasbaarheid en ontwikkeling niet belemmeren. Daarmee

Uiteindelijk wordt de signaleringskaart (‘wat ontwikkel je waar’) gebruikt in combinatie met dit

houden we ruimte om in te spelen op veranderende

voorbeeldenboek (‘hoe ontwikkel je een klimaatrobuuste bebouwde omgeving’). De combinatie

omstandigheden of nieuwe behoeften. Bijvoorbeeld een

van kaart en voorbeeldenboek dient ter inspiratie bij het ontwerpen van stedelijke ontwikkeling

laaggelegen gebied met hoge waterdynamiek dat in de

volgens het principe Water en Bodem Sturend (hierna WBS).

toekomst een gepaste locatie kan zijn voor waterberging of natuur. Benut koppelkansen: we benutten kansen om bij te dragen aan een gezonder en natuurlijker bodem- en watersysteem en zoeken middels een integrale ontwerphouding actief naar koppelkansen bij gebiedsontwikkeling.

Fig. 1 Een ruimtelijke ordening volgens water- en bodem sturend (“Op Waterbasis”, bron: Deltares, BoschSlabbers & Sweco, 2021)

4

B O U W S T E N E N B O E K · WAT E R- E N B O D E M S I G N A L E R I N G S K A A RT

1.2 AANDACHTSPUNTEN VOOR GEBRUIK

1.3 C AT E G O R I E Ë N M A AT R E G E L E N E N L E G E N DA

De signaleringskaart doet alleen uitspraken over de geschiktheid van een gebied voor stedelijke

Op basis van eerder toegepaste voorbeelden en maatregelen hebben we een overzicht van

ontwikkeling in relatie tot feitelijke water- en bodemeigenschappen. Het is daarmee slechts één

mogelijke maatregelen opgesteld. Deze maatregelen zijn opgedeeld in twee hoofdcategorieën:

specifieke invalshoek om tot een afwegingskader te komen. Houd ook altijd rekening met andere aspecten (bijvoorbeeld ecologie, cultuurhistorie en mobiliteit). Daarnaast heeft de kaart een

Basismaatregelen (hoofdstuk 3)

bepaalde abstractie bij het inzoomen tot op kavelniveau. Beschouw dus altijd of er gebiedsspecifieke

No-regret maatregelen die in alle situaties overwogen dienen te worden, ook als er geen

water- en bodemeigenschappen zijn die niet afleesbaar zijn in de signaleringskaart.

specifieke opgaven vanuit het bodem- en watersysteem spelen (groen, geel, oranje en paars gebied).

diffe

Stap 1: inventariseren krijg zicht op de verschillende compontenten van de opgaven vanuit het bodem- en watersysteem.

differentiatie mL XS S M Maatregelen die reageren op specifieke opgaven vanuit het bodem- en watersysteem (geel,

Combineer dit met het inzicht op alle andere relevante aspecten/ontwerpkeuzes en nadere

oranje en paars gebied).

Verken de opgave op basis van de signaleringskaart in dialoog met experts en belanghebbenden en

Specifieke maatregelen (hoofdstuk 4)

gebiedsspecifieke informatie over het water- en bodemsysteem.

XS < 3 woningen

S 3 tot 10 woningen M 10 tot 30 woningen L30 tot 100

Per maatregel zijn de volgende INDIVIDUELE kenmerken Woningen KAVEL in relatie tot hun ERF functioneren of toepasbaarheid BUURTSCHAP

Stap 2: toepassen

beschreven:

Maak vanuit het verkregen integrale beeld op de opgave een selectie van de meest kansrijke maatregelen uit dit voorbeeldenboek. Hanteer altijd de drie leidende principes en het overzicht van basismaatregelen, ook als er geen specfieke opgaven spelen vanuit het bodem- en watersysteem. Spelen er wel opgaven vanuit het bodem- en watersysteem? Hanteer dan ook het XSoverzicht XS S XS

< 3 woningen < 1 HA 3 tot 10 woningen1 - 10 HA 10 tot 30 woningen 10 - 20 HA30 tot 100 woningen 20 - 5

Woningen Bedrijven - Type toepassing: woningen / BEDRIJFSERF bedrijven INDIVIDUELE KAVEL BEDRIJFSWONING ERF

differentiatie differentiatie maatregelen maatregelen per differentiatie schaal vanper differentiatie maatregelen deschaal ontwikkeling vandifferentiatie per maatregelen de ontwikkeling schaal vanper maatregelen deschaal ontwikkeling vanper deschaal ontwikkeling van de ontwikkeling

Bedrijven

XS

BEDRIJFSWONING

S XS XS

BEDRIJFSERF

M S S

Woningen Woningen Woningen INDIVIDUELEmogelijke KAVEL Woningen INDIVIDUELE KAVEL Woningen ERFINDIVIDUELE KAVEL ERF INDIVIDUELE BUURTSCHAP KAVEL ERF INDIVIDUELE BUURTSCHAP KAVEL ERF L WIJK BUURTSCHAP ERFL WIJK BUURTSCHAP XL WIJK L WIJKBUURTSCHAP XL WIJK L WIJK de maatregelen ten opzichte van het aangrenzend gebied? En houd rekening met

XL WIJK L WIJK

XL WIJK

XL WIJK

< 1 HAbestaande < 1 HA 1 - 10 groenHA< 1 HA 1 - 10 HA<10 1 HA - 20 1HA- 10 HA <101 HA - 20 HA 1 - 20 10 -HA 5010 HA- 201HA -20 50 10 HA- >2050HAHA 20 - 5010HA->2050 HA 50 HA > 5020 HA- 50 HA > 10 50 HA > 50 HA <103- HA woningen 3HAtot <203-10 woningen woningen 3 tot tot 10 30woningen woningen meervoudige invulling via de koppelkansen: zijn er koppelingen te maken metBEDRIJFSWONING de BEDRIJFSWONING BEDRIJFSERF BEDRIJFSWONING BEDRIJFSERF BEDRIJFSWONING WIJKBEDRIJF BEDRIJFSERF BEDRIJFSWONING WIJKBEDRIJF BEDRIJFSERF WIJKBEDRIJF BEDRIJFSERF WIJKBEDRIJF WIJKBEDRIJF

blauwe dooradering t.b.v. ecologie, hittestress en ruimtelijke kwaliteit?

Bedrijven

Bedrijven

WIJKBEDRIJF

L WIJK

Bedrijven

L BEDRIJFSZONE

Woningen Bedrijven

<INDIVIDUELE 3 woningen ERF KAVEL

BEDRIJFSZONE XL 3 tot BUURTSCHAP 10 ERF woningen

L BEDRIJFSZONEBEDRIJFSZONE L BEDRIJFSZONE L BEDRIJFSZONE L BEDRIJFSZONE XL BEDRIJFSZONE XL BEDRIJFSZONE XL BEDRIJFSZONE XL

INDIVIDUELEWoningen KAVEL

Woningen

< 1 HA BEDRIJFSWONING Bedrijven

Bedrijven

WIJKBEDRIJF

ML M

< 3 woningen < 3 woningen 3 tot 10 woningen < 3 woningen 3 tot 10 woningen <103 tot woningen 303 tot woningen 10 <woningen 103tot woningen 303 woningen tot 30 10 tot woningen 100 10 tot woningen 3030 totwoningen tot 10 100 woningen 10 woningen tot>30 10030 woningen woningen tot 100tot > woningen 30 10030 woningen woningen tot 100 woningen > 100 30 woningen tot 100 woningen > 100 woningen> 100 woningen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=63d35637-7fff-4426-8ad1-8803fe11bf91