04-bijlage 1 Notitie Afronding takendiscussie.pdf
Tekst van het document
Afronding van de takendiscussie November 2021 Werkgroep Takendiscussie: Lia de Waard, Marcel Companjen en Jorik Huizinga
1
Inleiding Vanaf het voorjaar van 2020 heeft het AB – parallel aan, en soms belemmerd door de Corona-crisis – in het kader van deze takendiscussie gesproken over bestuurlijke richting aan takenpakket en werkwijze van de GGD. In deze notitie presenteert de Werkgroep Takendiscussie de eindresultaten van de takendiscussie over de GGD NOG. We beschrijven eerst de aanleiding voor de takendiscussie en gaan daarna in op de bouwstenen die tijdens de dialoog zijn opgeleverd. Vervolgens schetsen we de keuzes die voorliggen om de takendiscussie af te sluiten.
De aanleiding voor de takendiscussie De aanleiding voor de takendiscussie bestaat uit twee elementen: een zoektocht naar het tegengaan van de gesignaleerde kwetsbaarheid van de GGD en naar besparingsmogelijkheden voor de gemeenten. Startpunt voor de discussie ligt net voor het uitbreken van de Coronacrisis. In februari 2020 schetst de directeur Publieke Gezondheid haar indrukken van de organisatie sinds ze in oktober 2019 gestart is. De DPG signaleert een kwetsbare GGD, die aanzienlijke risico’s op kwaliteit en continuïteit laat zien. Als mogelijke oorzaken noemt zij het in verhouding (met andere GGD ‘en) smalle takenpakket en de mate waarin collectieve afstemming plaatsvindt. In het tweede kwartaal van 2020 brengen enkele gemeente(rade)n als zienswijze bij de begroting van de GGD in om, gezien de financiële positie van gemeenten, (ook) bij de GGD NOG te zoeken naar mogelijkheden voor kostenbesparing.
Eerste bouwstenen van de takendiscussie; koersnotitie en benchmark Op basis van een gespreksronde met medewerkers van GGD en van gemeenten door de procesbegeleider constateert onze werkgroep eind 2020 dat het van belang is het gesprek over de taken van de GGD te starten bij de gewenste manier van samenwerken tussen gemeenten en GGD. Keuzes op dit meer fundamentele niveau zijn immers bepalend voor keuzes rondom het takenpakket. Over de gewenste wijze van samenwerken heeft het AB een aantal keer indringend gesproken. Daarbij zijn ook inzichten uit de kring van betrokken ambtenaren betrokken. De resultaten van de bespreking zijn vastgelegd in een Koersnotitie (zie bijlage 1). Kern daarvan is: De besluitvorming die de basisinfrastructuur aangaat is altijd regionaal (NOG-niveau), en gemeenten worden vroeg in het ontwikkelproces van nieuwe producten en diensten betrokken. De Koersnotitie is door het AB op 8 juli 2021 vastgesteld. Parallel hieraan is aan bureau Lysias gevraagd om een quick scan uit te voeren naar het kostenniveau en takenpakket van de GGD NOG. De rapportage van Lysias is bijgevoegd als bijlage 2. Lysias concludeert dat de GGD NOG de kleinste zelfstandige GGD van Nederland is en haar kostenniveau te omschrijven valt als gemiddeld tot laag. Wel drukt de overhead relatief zwaarder op de begroting dan bij andere GGD’en.
Voor een combinatie van versterken van de GGD-organisatie en het realiseren van kostenbesparingen gaf Lysias twee strategische opties ter overweging mee: het toevoegen van taken aan het takenpakket van de GGD en het verkennen van synergievoordelen in de ondersteunende bedrijfsprocessen door samenwerking met andere organisaties.
2
Kwetsbaarheid van de GGD geduid De processen bij de GGD zijn bijzonder slank ingericht. Onder stabiele omstandigheden is de GGD in staat veel maatschappelijke waarde voor relatief weinig publieke middelen te leveren. Maar in tijden waarin veel nieuwe vragen op de GGD afkomen begint het te knellen. Op verzoek van de werkgroep heeft de GGD in een notitie in kaart gebracht welke aandachtspunten de uitvoering van de koersnotitie verhinderen en of waar niet voldaan kan worden aan landelijke wet- & regelgeving. De 8 aandachtspunten zijn: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Beter inspelen op de vraag van gemeenten Vanuit partnerschap afspraken maken Data: veiligheidsrisico’s wegnemen en gemeenten beter faciliteren met data Arbeidsmarkt Bedrijfsvoering Communicatie Medische milieukunde Infectieziektebestrijding + crisis & rampenbestrijding
Deze aandachtspunten zijn verder uitgewerkt in de notitie ‘Koersnotitie in de praktijk brengen’.
Onderzoeken samenwerking De Quick scan van Lysias is besproken met de leden van het AB op 8 april. Tijdens de bespreking is gebleken dat er onvoldoende draagvlak was binnen het AB voor een gesprek over het toevoegen van taken aan de GGD. De werkgroep concludeerde daaruit dat het niet zinvol was om daarvoor vervolgstappen in gang te zetten. Meer steun was er voor het verkennen van samenwerkingsmogelijkheden op het gebied van bedrijfsvoering met organisaties als de Veiligheidsregio, Veilig Thuis en (een toevoeging vanuit het AB) andere GGD’en. In de daarop volgende individuele gespreksronde bleek vooral draagvlak voor een verkenning van samenwerking met de Veiligheidsregio en Het Service Centrum. Lysias heeft daarop een rapportage opgesteld met een weging van de samenwerkingsmogelijkheden met deze beide organisaties. De aandachtspunten uit de notitie ‘Koersnotitie in de praktijk brengen’ dienden daarbij als leidraad. De conclusies van dit rapport zijn dat samenwerking met beide partijen zinvol is. Met name door het aspect van een te verwachten aanzienlijke kwaliteitswinst en reductie van kwetsbaarheid op meerdere vlakken. Er is eveneens onderzocht welke synergievoordelen gerealiseerd kunnen worden. Voor samenwerking met de VNOG taxeert Lysias dat er beperkte kostenbesparingen mogelijk zijn, in de orde van grootte van enkele tienduizenden euro’s.
Kostenbesparing door samenwerking met HSC acht Lysias aannemelijk, maar dit terugbrengen tot een exacte berekening blijkt lastig door 3 elementen: De daling van kosten bij NOG als gevolg van overheveling naar HSC; de stijging van kosten van HSC door toename van het takenpakket; het effect van de herverdeling via de verdeelsleutels tussen de moederorganisaties. Een nadere analyse is noodzakelijk voordat een definitief besluit genomen kan worden.
Financiën In de notitie ‘Koersnotitie in de praktijk brengen’ is een schets gegeven van de kosten die gemoeid zijn met de aanpak van de eerste 7 aandachtspunten. De afgelopen twee maanden is deze schets verder aangescherpt en uitgewerkt. De benodigde structurele en incidentele kosten vallen daarbij 3
lager uit dan eerder geschetst. Verdere kostenbesparingen die mogelijk door synergievoordelen in de samenwerking met de VNOG en HSC kunnen worden behaald zijn nog niet ingeboekt vanwege de hierboven al genoemde onzekerheid. Structurele kosten voor de aanpak van de aandachtspunten bedragen €565.000 per jaar. Dit betreft overheadkosten die zowel aan de basis- als de plustaken toegerekend worden. De toerekening is op basis van de door het AB vastgestelde uitgangspunten. Een bedrag van € 225.000 wordt gedekt door hogere tarieven op plusproducten. Daarmee leveren ook derden (zoals reizigers en politie/justitie) die diensten van de GGD NOG afnemen een bijdrage aan de versteviging van de GGD. Het restant € 340.000 wordt gedekt door een verhoging van de inwonerbijdrage van 2,69%. Met nog slechts twee maanden te gaan tot aanvang van het jaar 2022 is het voorstel om de kosten van de aanpak in dat jaar op een andere wijze te dekken dan via verhoging van de inwonerbijdrage. De verwachting is dat de GGD vanuit het budget voor COVID-19 bestrijding van het ministerie van VWS middelen kan reserveren voor de opgelopen achterstanden bij de ondersteuning tijdens de COVID-19 bestrijding. We verwachten dat we minimaal € 340.000 kunnen reserveren. Mocht we meer kunnen reserveren dan brengen we dit extra bedrag in mindering op de incidentele kosten van 2023 t/m 2025.
De incidentele kosten kunnen voor een deel gedekt worden uit de bestemmingsreserve frictiebijdrage Apeldoorn. Daarnaast heeft de GGD de afgelopen jaren steeds een klein positief saldo in de jaarrekening. Dit is voornamelijk het gevolg van hogere opbrengsten dan vooraf geraamd. In deze opbrengsten is ook dekking voor de overhead opgenomen, die niet altijd volledig wordt ingezet. Het uitgangspunt is dat in de periode 2022-2025 jaarlijks een positief saldo van € 100.000 gepresenteerd kan worden. Dit zetten we in als dekking voor de incidentele kosten. Belangrijke kanttekening hierbij is dat als het positief saldo niet of niet helemaal wordt gerealiseerd de gemeenten alsnog gevraagd wordt een bijdrage te leveren. Per saldo resteert er een incidentele investering van ruim € 1,1 miljoen, verdeeld over de jaren 20232025. In bijgevoegde tabel ziet u wat dat per gemeente per jaar betekent. De organisatieverandering brengt ook een risico op boventalligheid met zich mee. We hebben dit risico ingeschat op ruim € 0,3 miljoen. GGD NOG gaat haar uiterste best doen om dit risico zo klein mogelijk te houden. De kosten die hieruit voortvloeien kunnen we financieren uit de algemene risico reserve. Deze komt dan mogelijk onder de norm waardoor de gemeenten jaarlijks uit het jaarrekeningsaldo de reserve moeten aanvullen.
4
Bijlagen Financieel overzicht van de aandachtspunten uit “Koersnotitie in de praktijk brengen” Structureel Dekking Inwonerbijdrage Covid resultaat Tarief plustaken
Incidenteel start 1 april 2022
Dekking Frictiebijdrage Saldo reservering Totaal dekking Bijdrage gemeente totaal incidenteel aandeel Algemene gezondheid 54% aandeel Jeugdgezondheid 46%
2022 565.000
2023 565.000
2024 565.000
2025 2026 565.000 565.000
0 340.000 225.000 565.000
340.000 0 225.000 565.000
340.000 0 225.000 565.000
340.000 340.000 0 0 225.000 225.000 565.000 565.000
2022 744.000 -186.000 558.000
2023 675.000 186.000 861.000
2024 463.000 0 463.000
2025 342.000 0 342.000
2026 0 0 0
458.000 100.000 558.000
199.000 100.000 299.000
0 100.000 100.000
0 100.000 100.000
0 0 0
0 0 0
562.000 303.480 258.520
363.000 196.020 166.980
242.000 130.680 111.320
0 0 0
5
Incidenteel per gemeente Aalten Berkelland Bronckhorst Doetinchem Montferland Oost Gelre Oude IJsselstreek Winterswijk
inwoners 27.120 43.846 36.083 58.263 36.038 29.572 39.349 29.041
2022 0 0 0 0 0 0 0 0
2023 20.419 33.012 27.167 43.867 27.133 22.265 29.626 21.865
2024 13.189 21.323 17.547 28.334 17.526 14.381 19.136 14.123
2025 8.792 14.215 11.698 18.889 11.684 9.587 12.757 9.415
Apeldoorn Brummen Epe Hattem Heerde Lochem Voorst Zutphen
164.770 20.877 33.197 12.226 18.774 33.944 24.797 48.099
0 0 0 0 0 0 0 0
60.151 15.718 24.994 9.205 14.135 25.557 18.670 36.214
38.852 10.153 16.144 5.946 9.130 16.507 12.059 23.391
25.901 6.768 10.763 3.964 6.087 11.005 8.039 15.594
0 0 0 0 0 0 0 0
124.904 32.640 51.901 19.114 29.352 53.069 38.768 75.199
36.390 9.509 15.121 5.569 8.551 15.461 11.295 21.909
Elburg Ermelo Harderwijk Nunspeet Oldebroek Putten
23.429 27.017 48.722 28.029 23.756 24.370
0 0 0 0 0 0
17.640 20.341 36.683 21.103 17.886 18.348
11.394 13.139 23.694 13.631 11.553 11.851
7.596 8.759 15.796 9.087 7.702 7.901
0 0 0 0 0 0
36.629 42.239 76.173 43.821 37.141 38.101
10.672 12.306 22.193 12.767 10.821 11.100
Totaal
831.319
0
562.000
363.000
242.000
2026 totaal 0 42.400 0 68.550 0 56.413 0 91.090 0 56.343 0 46.233 0 61.519 0 45.403
structureel bijdrage vanaf 2023 12.353 19.972 16.436 26.539 16.415 13.470 17.923 13.228
0 1.167.000
percentage stijging tov huidige 340.000 2,69% inwonerbijdrage
6