CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Was wordt tabel.docx

3.Raad (besluitvormend) 4 maart 2021, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Wijzigingen Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) Aalsmeer3.265 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage bij Wijziging APV Was/wordt tabellen In de tabel wordt eerst aangegeven welk artikel(onderdeel) wijzigt met daarbij een verwijzing naar het bijbehorende wijzigingsbesluit. In de linkerkolom (“WAS”) staat de bestaande tekst, waarbij de woorden en leestekens die wijzigen zijn onderstreept. In de rechterkolom (“WORDT”) staat de voorgestelde nieuwe tekst, waarbij de nieuwe woorden en leestekens zijn vetgedrukt. Onder elke voorgestelde wijziging staat een korte toelichting, soms voor een aantal artikelen samen. Was/ wordt lijst ten behoeve van de wijzigingen APV Aalsmeer Was Wordt Artikel 2:10 Voorwerpen op of aan de weg, achtste lid (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit) 8. Op de ontheffing bedoeld in het vierde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

8. Op de aanvraag om een ontheffing bedoeld in het vierde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Toelichting Redactionele verbetering Was Wordt Artikel 2:11 (Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg, vijfde lid (artikel I, onderdeel B, van het wijzigingsbesluit) 5. Op de vergunning bedoeld in het eerste lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

5. Op de aanvraag om een vergunning bedoeld in het eerste lid is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Toelichting Redactionele verbetering Was Artikel 2:24 Begripsbepaling, eerste lid, onder b (artikel I, onderdeel C, van het wijzigingsbesluit)

Wordt

1b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid aanhef en onder h van de Gemeentewet en artikel 5:22 van deze verordening;

1b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid aanhef en onder g van de Gemeentewet en artikel 5:22 van deze verordening;

Toelichting Correctie van de verwijzing naar artikel 160 van de Gemeentewet Was Wordt Artikel 2:25 Evenement, achtste lid én tiende lid (artikel I, onderdeel D, van het wijzigingsbesluit) 8. In aanvulling op artikel 1:8 van deze verordening kan een vergunning voor vechtsportwedstrijden en gala's geweigerd worden als de natuurlijke personen

8. In aanvulling op artikel 1:8 van deze verordening kan een vergunning voor vechtsportwedstrijden en gala’s geweigerd worden als de natuurlijke personen

1

die het evenement organiseren van slecht levensgedrag zijn.

die het evenement organiseren in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn.

10. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

10. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Toelichting - Achtste lid: Aanpassing gelijk aan de formulering van slecht levensgedrag in artikel 2:28, derde lid, onder b - Tiende lid: Redactionele verbetering Was Wordt Artikel 2:28 Exploitatie openbare inrichting, derde lid, onder b én zesde lid (artikel I, onderdeel E, van het wijzigingsbesluit) 3b. de exploitant van de openbare inrichting in enig opzicht van slecht levensgedrag is; 6. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de vergunning bedoeld in het eerste lid en op de vrijstelling bedoeld in het vijfde lid.

3b. de exploitant of de leidinggevende van de openbare inrichting in enig opzicht van slecht levensgedrag is; 6. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de aanvraag om een vergunning bedoeld in het eerste lid en op de vrijstelling bedoeld in het vijfde lid.

Toelichting - Derde lid, onder b: toevoeging van “leidinggevende”, waardoor een vergunning geheel of gedeeltelijk geweigerd kan worden als de leidinggevende (niet alleen de exploitant) in enig opzicht van slecht levensgedrag is. In de Drank- en Horecawet geldt deze eis reeds voor leidinggevende. Met deze wijziging wordt hierbij aangesloten. - Zesde lid: Redactionele verbetering Was Wordt Artikel 2:29 Sluitingstijd, tiende lid (artikel 1, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit) 10. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

10. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Toelichting Redactionele verbetering Was Artikel 2:39 Speelgelegenheden, vierde lid (artikel I, onderdeel B, van het wijzigingsbesluit)

Wordt

4. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

4. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Was Wordt Artikel 2:41 Betreden gesloten woning of lokaal, derde lid (artikel I, onderdeel F, van het wijzigingsbesluit) 3. Deze verboden zijn niet van toepassing op 3. Deze verboden zijn niet van toepassing op personen wier aanwezigheid in de woning of het personen wier aanwezigheid in de woning of het lokaal wegens dringende reden noodzakelijk is.

2

lokaal of een daarbij behorend erf wegens dringende reden noodzakelijk is. Toelichting Redactionele verbetering, evenals in lid 1 en 2 van dit artikel wordt ook ‘ een daarbij behorend erf’ benoemd. Toelichting Redactionele verbetering Nieuwe tekst Artikel 2:48a Lachgasverbod (artikel I, onderdeel G, van het wijzigingsbesluit) 1. Het is verboden op een openbare plaats die deel uitmaakt van een door het college ter bescherming van de openbare orde of het woon- en leefklimaat aangewezen gebied distikstofmonoxide (lachgas) recreatief als roesmiddel te gebruiken, voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen bij zich te hebben. 2. Het college kan in het aanwijzingsbesluit het in het eerste lid bedoelde verbod beperken tot bepaalde tijden. Toelichting Recreatief gebruik van lachgas leidt tot schade aan de volksgezondheid en samenleving en vormt een probleem in Nederland. Voorgesteld wordt om vooruitlopend op de toevoeging van Lachgas aan de Opiumwet een verbodsbepaling op te nemen in de APV waardoor het college bepaalde gebieden binnen de gemeente aan kan wijzen waar het verboden is om lachgas te gebruiken. Dit is een aanvulling op de beoogde wijziging van de Opiumwet, waarin zowel handel als bezit wordt verboden.

Was Wordt Artikel 2.67 Verplichtingen met betrekking tot het verkoopregister, vierde lid (Artikel I, onderdeel H, van het wijzigingsbesluit) 4. Op de vrijstelling is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

4. Op de aanvraag om een vrijstelling is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Toelichting Redactionele verbetering Nieuwe tekst Artikel 2:68 Voorschriften als bedoeld in artikel 437 van het Wetboek van Strafrecht (artikel I, onderdeel I, van het wijzigingsbesluit) De handelaar of een voor hem handelend persoon is verplicht: a. de burgemeester binnen drie dagen schriftelijk in kennis te stellen: 1o. dat hij het beroep van handelaar uitoefent met vermelding van zijn woonadres en het adres van de bij zijn onderneming behorende vestiging; 2o. van een verandering van de onder 1o bedoelde adressen; 3o. dat hij het beroep van handelaar niet langer uitoefent; 4o. dat hij enig goed kan verkrijgen dat redelijkerwijs van een misdrijf afkomstig is of voor de rechthebbende verloren is gegaan. b. de burgemeester op eerste aanvraag zijn administratie of register ter inzage te geven; c. aan de hoofdingang van elke vestiging een kenteken te hebben waarop zijn naam en de aard van de onderneming duidelijk zichtbaar zijn; d. een door opkoop verkregen goed gedurende de eerste drie dagen in bewaring te houden in de staat waarin het goed verkregen is. Toelichting

3

Het Wetboek van Strafrecht bevat enkele bepalingen die de bestrijding van heling op het oog hebben. De bestuurlijke aanpak van heling binnen de gemeente kan een belangrijke aanvulling vormen op het strafrechtelijk optreden. Om deze aanpak te versterken wordt dit artikel opgenomen met voorschriften die in het algemeen het gevaar voor heling beogen te voorkomen. Onder a, ten eerste Artikel 437ter, tweede lid, van het WvSr legt de handelaar de verplichting op de burgemeester of door hem aangewezen ambtenaren tevoren schriftelijk in kennis te stellen als hij van het opkopen een beroep of gewoonte maakt. De wetgever heeft afgezien van een regeling om de uitoefening van het opkopersbedrijf aan een voorafgaande toelating door het gemeentebestuur te binden. De aanmeldingsplicht is in onderdeel a, sub 1e, nader uitgewerkt. Onder a. ten tweede en derde Als zich wijzigingen in het adres of beroep van de handelaar voordoen, dient de burgemeester hiervan in kennis te worden gesteld. De politie kan hierdoor de registratie van de handelaren actueel houden. Onder a, ten vierde Hier spelen onder meer de omstandigheden waaronder het goed aan de handelaar wordt aangeboden en diens wetenschap zelf een rol. De inhoud van deze bepaling ligt dicht tegen die van artikel 437bis, eerste lid, van het WvSr aan. Hier is het echter de ondernemer die het initiatief moet nemen.

Deze bepaling kan niet in strijd worden geacht met de artikelen 160 en 161 van het WvSv. Onder b In artikel 437, eerste lid, onder c, van het WvSr wordt aan de daartoe aangewezen ambtenaar de bevoegdheid gegeven om inzage te hebben in het inkoopregister. De bevoegdheid tot inzage in het verkoopregister is niet aangegeven in het WvSr, zodat een regeling in de APV noodzakelijk is. Door de bevoegdheid tot inzage van het verkoopregister bij de daartoe aangewezen ambtenaar te leggen, kan deze ambtenaar zowel het inkoop als het verkoopregister inzien. Onder d Bij een regeling tot effectieve helingbestrijding mag een bepaling betreffende de vervreemding van door opkoop verkregen goederen niet ontbreken. Artikel 2:68, onder d, voorziet hierin. De bepaling sluit nauw aan op hetgeen bepaald is in artikel 437, eerste lid, onder d en f, van het WvSr. Daar is de handelaar of een voor hem handelend persoon die in strijd met een schriftelijke last van de burgemeester (of een vanwege hem gegeven last) bepaalde goederen vervreemdt, of niet in bewaring geeft, of die niet voldoet aan de daarbij gegeven aanwijzingen, strafbaar gesteld. In onderdeel d is gekozen voor een termijn van drie dagen, zodat de bedrijfsvoering van de handelaren niet al te zeer wordt belemmerd.

Was

Wordt

Artikel 3:5 Gedragseisen exploitant en beheerder, eerste lid, onder a (Artikel I, onderdeel J, van het wijzigingsbesluit) 1. De exploitant en/of de beheerder: 1. De exploitant en/of de beheerder: a. staat niet onder curatele en is niet ontzet uit a. staat niet onder curatele; de ouderlijke macht of de voogdij; Toelichting Door de inwerkingtreding van de Wet herziening kinderbeschermingsmaatregel (Stb. 2014/131) is niet langer sprake van ontheffing of ontzetting uit het ouderlijk gezag of de voogdij, maar van beëindiging van ouderlijk gezag of voogdij. Dit deel uit artikel 3:5, eerste lid, onder a, is daarom geschrapt. Beëindiging van het ouderlijk gezag is veel ruimer dan de zeer beperkte groep ontzette ouders. (Voor de Drank- en Horecawet was één van de weigeringsgronden destijds ook dat degene die de vergunning aanvraagt niet uit het ouderlijk gezag mag zijn gezet. Dit vereiste is in 2015 vervallen.) Was Wordt Artikel 3:13 Weigeringsgronden, eerste lid (Artikel I, onderdeel K, van het wijzigingsbesluit)

4

1.

De vergunning bedoeld in artikel 3:4, eerste lid, wordt geweigerd indien: a. de exploitant en/of de beheerder niet voldoet aan de in artikel 3:5 gestelde eisen; b. de vestiging of de exploitatie van de seksinrichting of het escortbedrijf in strijd is met een geldend bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan, voorbereidingsbesluit, stadsvernieuwingsplan of leefmilieuverordening; c. er aanwijzingen zijn dat in de seksinrichting of het escortbedrijf personen werkzaam zijn of zullen zijn in strijd met artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht of met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet bepaalde; d. het maximum aantal vergunningen, zoals bedoeld in artikel 3:4, derde en vierde lid, is bereikt.

1.

De vergunning bedoeld in artikel 3:4, eerste lid, wordt, onverminderd het bepaalde in artikel 1:8, geweigerd indien: a. de exploitant en/of de beheerder niet voldoet aan de in artikel 3:5 gestelde eisen; b. de vestiging of de exploitatie van de seksinrichting of het escortbedrijf in strijd is met een geldend bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan, voorbereidingsbesluit, stadsvernieuwingsplan of leefmilieuverordening; c. er aanwijzingen zijn dat in de seksinrichting of het escortbedrijf personen werkzaam zijn of zullen zijn in strijd met artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht of met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet bepaalde; d. het maximum aantal vergunningen, zoals bedoeld in artikel 3:4, derde en vierde lid, is bereikt.

Toelichting De in het eerste lid genoemde weigeringsgronden dienen als aanvulling op de algemene weigeringsgronden van artikel 1:8. Dat is in de aanhef tot uitdrukking gebracht.

Was

Wordt

Artikel 5:1 Begripsbepalingen (artikel I, onderdeel M, van het wijzigingsbesluit) In deze afdeling wordt verstaan onder:

In deze afdeling wordt verstaan onder:

a. a. voertuigen: voertuigen als bedoeld in artikel 1, voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in onder al, van het Reglement verkeersregels en artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV 1990) met uitzondering van verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine kleine wagens zoals kruiwagens, kinderwagens en wagens, zoals kruiwagens en kinderwagens, en rolstoelen; rolstoelen; Toelichting Redactionele verbetering Was Wordt Artikel 5.2 Parkeren van voertuigen van autobedrijf en dergelijke, vijfde lid (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit) 5. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

5. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Toelichting Redactionele verbetering Was Artikel 5.6 Kampeermiddelen e.a., vierde lid (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit)

Wordt

4. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

4. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

5

Toelichting Redactionele verbetering Was Artikel 5.8 Parkeren van grote voertuigen, vierde lid (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit)

Wordt

4. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

4. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Toelichting Redactionele verbetering Was Wordt Artikel 5.13 Inzameling van geld of goederen, zesde lid (artikel I, onderdeel B, van het wijzigingsbesluit) 6. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

6. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Toelichting Redactionele verbetering Was Artikel 5.14 Begripsbepaling, tweede lid, onder b (artikel I, onderdeel M, van het wijzigingsbesluit)

Wordt

2b. het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel het aanbieden van diensten op jaarmarkten en markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet of artikel 5:22;

2b. het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel het aanbieden van diensten op jaarmarkten en markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet of artikel 5:22 van deze Verordening;

Toelichting Correctie van de verwijzing naar artikel 160 van de Gemeentewet Was Wordt Artikel 5.15 Ventverbod, derde lid (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit) 3. Op de ontheffing bedoeld in het tweede lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

3. Op de aanvraag om een ontheffing bedoeld in het tweede lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Toelichting Redactionele verbetering Was Artikel 5.17 Begripsbepaling, tweede lid, onder a (artikel I, onderdeel C, van het wijzigingsbesluit)

Wordt

6

2a. een vaste plaats op een jaarmarkt of markt als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder h, van de Gemeentewet;

2a. een vaste plaats op een jaarmarkt of markt als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet;

Toelichting Correctie van de verwijzing naar artikel 160 van de Gemeentewet Was Wordt Artikel 5.18 Standplaatsvergunning en weigeringsgronden, vierde lid (artikel I, onderdeel B, van het wijzigingsbesluit) 4. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

4. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Toelichting Redactionele verbetering Was Artikel 5.32 Crossterreinen, eerste lid (artikel I, onderdeel N, van het wijzigingsbesluit)

Wordt

1. Het is verboden op enig terrein, geen weg zijnde, met een motorvoertuig of een bromfiets een wedstrijd dan wel, ter voorbereiding van een wedstrijd, een trainings- of proefrit te houden of te doen houden dan wel daaraan deel te nemen, dan wel een motorvoertuig of een bromfiets met het kennelijke doel daartoe aanwezig te hebben

1. Het is verboden op enig terrein, geen weg zijnde, met een motorvoertuig of een bromfiets te crossen buiten wedstrijdverband, een wedstrijd dan wel, ter voorbereiding van een wedstrijd, een trainings- of proefrit te houden of te doen houden dan wel daaraan deel te nemen, dan wel een motorvoertuig of een bromfiets met het kennelijke doel daartoe aanwezig te hebben.

Toelichting Om (geluids-)overlast veroorzaakt door recreatief (dus niet ter voorbereiding op wedstrijden) crossen tegen te gaan, wordt voorgesteld om het crossen buiten wedstrijdverband aan het eerst lid van dit artikel toe te voegen. Was Wordt Artikel 5.36 Verboden plaatsen, vierde lid (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit) 4. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

4. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Toelichting Redactionele verbetering Was Artikel 6:1 Strafbepaling, tweede lid (artikel I, onderdeel O, van het wijzigingsbesluit)

Wordt

2. In afwijking van het eerste en tweede lid is artikel 1a van de Wet op de economische delicten van toepassing op overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2:10, vijfde lid, 2:11, tweede lid, 2:12, eerste lid en 4:11, eerste lid.

2. In afwijking van het eerste lid is artikel 1a van de Wet op de economische delicten van toepassing op overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2:10 en 2:11 als sprake is van een

7

omgevingsvergunningplichtige activiteit, artikel 2:12, eerste lid, en artikel 4:11, eerste lid. Toelichting In het vijfde lid van artikel 2:10 staat geen verbod. Hetzelfde geldt voor de verwijzing naar artikel 2:11. De tekst is daarom verduidelijkt door het verbod te duiden als omgevingsvergunningplichtige activiteit.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=c89f03cf-fe50-438d-8bcb-806625cb9d19