Was wordt lijst OOV- gerelateerde wijzigingsvoorstellen APV
Tekst van het document
Was/ wordt lijst inhoudelijke wijzigingsvoorstellen Aalsmeer In de ‘bestaande tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert, cursief gezet en – als het een facultatieve bepaling betreft – eveneens onderstreept (aangezien dan de hele bepaling cursief is i.v.m. het facultatieve karakter). In de ‘nieuwe tekst’ zijn de nieuwe woorden en leestekens vet gedrukt.
Artikel 1.1 wordt als volgt gewijzigd Bestaande tekst Artikel 1.1 Begripsbepalingen
Nieuwe tekst Artikel 1.1 Begripsbepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
In deze verordening wordt verstaan onder:
1. bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994;
1. bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994;
2. bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning;
2. bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning;
3. bouwwerk: hetgeen in artikel 1 van de gemeentelijke Bouwverordening daaronder wordt verstaan;
3. bouwwerk: hetgeen in artikel 1 van de gemeentelijke Bouwverordening daaronder wordt verstaan;
4. college: het college van burgemeester en wethouders;
4. college: het college van burgemeester en wethouders;
5. gebouw: hetgeen in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet daaronder wordt verstaan;
5. gebouw: hetgeen in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet daaronder wordt verstaan;
6. handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen;
6. handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen;
1
7. kajuitboot: elk vaartuig dat is voorzien van een opbouw en/of inbouw, die een hoogte heeft van meer dan 1,60 meter, gemeten vanaf het diepste punt van het scheepsvlak, niet bedoeld voor bewoning; 8. openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn; 9. openbare plaats: hetgeen in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties daaronder wordt verstaan; 10. rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht; 11. vaartuig: een voorwerp, dat bestemd of ingericht is, voor het vervoer over water, van personen en-of goederen, dan wel een drijvend werktuig niet zijnde een woonark. 12. weg: hetgeen in artikel 1, eerste lid, onder b van de Wegenverkeerswet 1994 daaronder wordt verstaan.
7. kajuitboot: elk vaartuig dat is voorzien van een opbouw en/of inbouw, die een hoogte heeft van meer dan 1,60 meter, gemeten vanaf het diepste punt van het scheepsvlak, niet bedoeld voor bewoning; 8. openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn; 9. openbare plaats: hetgeen in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties daaronder wordt verstaan; 10. rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht; 11. vaartuig: een voorwerp, dat bestemd of ingericht is, voor het vervoer over water, van personen en-of goederen, dan wel een drijvend werktuig niet zijnde een woonark. 12. weg: hetgeen in artikel 1, eerste lid, onder b van de Wegenverkeerswet 1994 daaronder wordt verstaan. 13. Feest: een vermakelijke en vreugdevolle sociale gelegenheid. 14. Partyschip: elk vaartuig, drijvend voorwerp en drijvende inrichting, met inbegrip van een vaartuig zonder waterverplaatsing, gebruikt of geschikt om te worden gebruikt als middel van vervoer te water.
Artikel 2:25 (leden 5, 6, 7 en 8) wordt als volgt gewijzigd:
2
Bestaande tekst Artikel 2:25 Evenementenvergunning 1. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, indien: a. er een organisator is; b. de organisator ten minste 15 werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan via een volledig ingevuld formulier "Melding klein evenement". 3. De burgemeester kan na ontvangst van de melding besluiten een klein evenement te verbieden, indien er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. 4. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid en de bescherming van het milieu nadere regels stellen ten aanzien van evenementen. 5. In afwijking van artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een regulier evenement te weigeren als minder dan 8 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 6. In afwijking van artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een aandacht evenement te weigeren als minder dan 12 weken voorafgaand
Nieuwe tekst Artikel 2:25 Evenementenvergunning 1. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, indien: a. er een organisator is; b. de organisator ten minste 15 werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan via een volledig ingevuld formulier "Melding klein evenement". 3. De burgemeester kan na ontvangst van de melding besluiten een klein evenement te verbieden, indien er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. 4. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid en de bescherming van het milieu nadere regels stellen ten aanzien van evenementen. 5. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een regulier evenement te weigeren als minder dan 8 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 6. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een aandacht evenement te weigeren als minder dan 12
3
aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 7. In afwijking van artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een risico evenement te weigeren als: a. het risico evenement niet door de organisator daarvan voor 1 december van het voorafgaande jaar en tot 1 jaar voorafgaand aan het evenement is gemeld via het meldingsformulier risico evenement; b. minder dan 26 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 8. In aanvulling op artikel 1:8 van deze verordening kan een vergunning voor vechtsportwedstrijden en -gala's geweigerd worden als de natuurlijke personen die het evenement organiseren van in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn. 9. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994. 10. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 7. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een risico evenement te weigeren als: a. het risico evenement niet door de organisator daarvan voor 1 december van het voorafgaande jaar en tot 1 jaar voorafgaand aan het evenement is gemeld via het meldingsformulier risico evenement; b. minder dan 26 weken voorafgaand aan de eerste dag van het evenement geen volledige aanvraag is ingediend. 8. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 van deze verordening kan een vergunning voor vechtsportwedstrijden en -gala's geweigerd worden als de natuurlijke personen die het evenement organiseren van in enig opzicht van slecht levensgedrag zijn. 9. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994. 10. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
4
Na artikel 2.26 wordt toegevoegd: Bestaande tekst -
Nieuwe tekst Artikel 2.27 Partyschepen 1. Het is verboden om op een partyschip gelegenheid te geven tot het deelnemen aan een activiteit die gerelateerd kan worden aan een feest, of hieraan deel te nemen, indien dit gepaard gaat met een concrete (vrees voor) openbare orde verstoring c.q. onveiligheid voor de (potentiële) bezoekers. 2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op vergunde rondvaartboten
Artikel 2.48a wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2.48a Lachgasverbod 1. Het is verboden op een openbare plaats die deel uitmaakt van een door het college ter bescherming van de openbare orde of het woon- en leefklimaat aangewezen gebied distikstofmonoxide (lachgas) of daarop gelijkend waar recreatief als roesmiddel te gebruiken, voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen bij zich te hebben.
Nieuwe tekst Artikel 2.48a Lachgasverbod Vervallen
2. Het college kan in het aanwijzingsbesluit het in het eerste lid bedoelde verbod beperken tot bepaalde tijden.
5
Toelichting Algemeen Zie ook de onderstaande artikelsgewijze toelichting: Artikel 1.1 Begripsbepalingen Door het ontstaan van het fenomeen van (varende) partyschepen op de Westeinderplassen is er behoefte aan een definitie hiervan. Gezien het om activiteiten die te gerelateerd zijn aan een feest, is het voorstel ook om een definitie van een feest toe te voegen aan dit artikel van de APV. Artikel 2.27 Partyschepen (Dance)feesten op partyschepen passen niet binnen de visie van een veilige, verantwoorde manier van recreatie op de Westereinderplassen. Op basis van meerdere constateringen bij dergelijke activiteiten in het verleden is geconcludeerd dat de risico’s voor de openbare orde en veiligheid, voor de potentiële bezoekers en voor de leefbaarheid in het gebied op/ rondom de Westeinderplassen noodzaak geven tot het weren van deze vorm van recreatie op deze plassen. Artikel 2.48a Lachgasverbod Deze lokale gebiedsgerichte verbodsbepaling is in 2020 toegevoegd aan de APV. In aanloop naar het toevoegen van lachgas aan lijst II van de Opiumwet was behoefte om lokaal op te kunnen treden tegen het gebruik hiervan en de overlast die daardoor ontstond. Inmiddels is lachgas toegevoegd aan lijst II van de Opiumwet. Hiermee is het per 1 januari 2023 verboden om lachgas binnen of buiten Nederland te brengen, te verkopen of te hebben. Dit maakt een specifiek lokaal verbod overbodig.
6