MPP Buitenruimte Aalsmeer 2022-2025 - Raadsvoorstel.docx
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Raadsvoorstel nr
Portefeuillehouders
Z22-029049 Datum B&W-besluit
10 mei 2022
Afdeling
Burgemeester, wethouder mr. R.K. van Rijn, MBA
Projecten en Advies Buitenruimte
Behandelend ambtenaar (voor technische vragen) Voor de vergadering van raad d.d.
7 juli 2022 Behandelen in de raadscommissie op
Bas van Viegen, 06-10115188, b.van.viegen@amstelveen.nl Ruimte en Economie
31 mei en 14 juni 2022
Onderwerp
Meerjarenprojectenplan (MPP) Buitenruimte Aalsmeer 2022-2025 Gevraagd besluit
1. kennis te nemen van het Meerjarenprojectenplan (MPP) Buitenruimte Aalsmeer 20222025, verwerkt in een budgettenlijst (geheime bijlage 1), een indicatieve planningslijst (bijlage 2) en een tekstuele toelichting (bijlage 3); 2. de Nota Civieltechnische Kunstwerken vast te stellen (bijlage 4); 3. de jaarschijven 2022 tot en met 2025 van het Meerjarenprojectenplan te verwerken in de meerjarenbegroting, inclusief de bijbehorende mutaties van de betreffende reserves, conform de uitwerking in het raadsvoorstel en de bijlagen 1 tot en met 3; 4. de bij de begroting 2022 vastgestelde gewijzigde financieringssystematiek in het kader van de motie RAP-Raad te verwerken in het MPP Buitenruimte; 5. vanwege beslispunt 4 een bedrag voor reeds gestarte projecten van € 2.025.678,05 over te hevelen van de Reserve dekking kapitaallasten verkeer en vervoer naar de Reserve Buitenruimte en een bedrag van € 226.117,47 over te hevelen van de Reserve dekking kapitaallasten groen, water en recreatie naar de Reserve Buitenruimte; 6.
de projecten gekoppeld aan de Reserve Bovenwijkse Voorzieningen te integreren in het MPP Buitenruimte, het saldo van de Reserve Bovenwijkse Voorzieningen van 1-12022 over te hevelen naar de Reserve Buitenruimte, de afdrachten van gebiedsontwikkelingen en bouwprojecten ten behoeve van bovenwijkse infrastructuur per 1-1-2022 te storten in de Reserve Buitenruimte en de Reserve Bovenwijkse Voorzieningen op te heffen; 7. de twee begrotingsposten voor kapitaallasten ten gevolge van "investeringen maatschappelijk nut UPA" en voor kapitaallasten "algemene baten en lasten" samen te voegen onder de noemer "stelpost kapitaallasten investeringen maatschappelijk nut", de kapitaallasten voor de investeringsprojecten van het MPP volgens de nieuwe systematiek jaarlijks ten laste te brengen van deze stelpost, en het verschil tussen de begrote kapitaallasten en de werkelijke kapitaallasten jaarlijks bij de 2e bestuursrapportage te verrekenen met de dotatie aan de Reserve Buitenruimte; 8. de dotatie aan de Reserve Buitenruimte met ingang van 1-1-2022 structureel te verlagen met € 23.000 en met ingang van 1-1-2023 structureel te verlagen met € 112.000, omdat de bijbehorende budgetten voor groenmaatregelen als aparte exploitatiebudgetten buiten het MPP worden begroot; 9.
de afschrijvingstermijnen voor de volgende assets aan te passen: - verhardingen (nu 25 jaar) opsplitsen in wegen op veengrond (25 jaar) en wegen overig incl. fundering (50 jaar) - openbare verlichting en verkeersinstallaties (van 15 naar 25 jaar) - duikers (van 50 naar 100 jaar) 10. de neerwaartse bijstelling in 2022 van de kredietbedragen riolering beschikbaar te houden voor het Meerjarenprojectenplan vanaf 2023.
[.docx]
Pagina
2 van 17
WAT WILLEN WE BEREIKEN EN WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN Wat willen we bereiken (effectindicatoren)
-
Planmatig op orde houden en verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte. Financiële dekking verkrijgen voor de uitvoering van werken in de periode 2022-2025 om dit te bereiken. Belangrijke stappen zetten in de uitvoering van de motie RAP-Raad en eerdere reeds genomen besluiten verwerken in het MPP Buitenruimte.
Wat gaan we daarvoor doen (prestatie-indicatoren)
We actualiseren het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte, net als ieder jaar. Daarbij verwerken we de nieuwe financieringssystematiek voor investeringen in de buitenruimte zoals dat bij de begroting 2022 door de raad is besloten. Ook integreren we de bovenwijkse infraprojecten in het programma buitenruimte. Deze projecten verliepen tot nu toe via de Reserve Bovenwijkse Voorzieningen, die kan worden opgeheven. In het MPP is de financiering van onderhoud aan en vervanging van civieltechnische kunstwerken integraal meegenomen conform scenario 2 van de reeds door burgemeester en wethouders vastgestelde Nota Civieltechnische Kunstwerken. Daarmee kan de Nota ook door de raad worden vastgesteld. Onderhoudsprojecten/beheerbudgetten worden vanaf nu ten laste van de Reserve Buitenruimte gebracht en voor investeringsprojecten wordt gebruik gemaakt van een aparte begrotingspost voor kapitaallasten buitenruimteprojecten maatschappelijk nut. De beide financiële bronnen hangen nauw met elkaar samen omdat de beheer- en investeringsprojecten en de kapitaallasten jaarlijks nogal fluctueren. Het saldo tussen de begrotingsruimte voor kapitaallasten en de werkelijk benodigde/geboekte kapitaallasten gaat zowel bij een negatief als bij een positief resultaat in mindering gebracht op dan wel toegevoegd aan de dotatie aan de Reserve Buitenruimte.
Met het nieuwe MPP is op basis van de huidige begroting 2022 financiële ruimte voor voldoende budget voor investeringen in wegen, civieltechnische kunstwerken, groenvoorzieningen, speeltuinen, openbare verlichting, verkeersregelinstallaties en bovenwijkse infrastructuur voor de komende 30 jaar. Voor riolering geldt een aparte weg. Op basis van het GRP is zes jaar vooruit gepland. De investeringsruimte voor riolering wordt in 2026 herzien. De verantwoordingssystematiek met betrekking tot het MPP Buitenruimte wijzigt niet en blijft ingebed in de P&C-cyclus.
ACHTERGROND EN OVERWEGINGEN Programma (speerpunt)
Programma 4: Openbare ruimte Aanleiding en toelichting
Aanleiding en vertrekpunt Dit MPP is opgesteld in overeenstemming met de nieuwe financieringssystematiek, waarbij het uitgangspunt is dat structurele lasten ook structureel in de begroting gedekt worden. Waar het MPP in voorgaande jaren een horizon van vier jaar had, is in dit MPP 30 jaar naar voren gekeken om te kijken of de kosten en investeringen ook op een langere termijn gedekt kunnen worden.
Pagina
3 van 17
De uitgangspositie bij het oppakken van deze actie door het college was dat er in de huidige beheer- en projectenbegroting voor de buitenruimte – met de vastgestelde beleidsplannen en de huidige onderhoudsstaat van het areaal als basis – reeds een structureel tekort aan middelen voor de buitenruimte beschikbaar was. Immers, de Nota Wegen geeft aan dat met ingang van 2023 structureel ongeveer 4 miljoen per jaar nodig is om het areaal op orde te houden, waar gemiddeld ongeveer 2 miljoen per jaar beschikbaar is. Op ongeveer € 100.000 per jaar na is er überhaupt geen budget voor onderhoud aan en vervanging van kunstwerken. Daarnaast ging de kwaliteit van het groen en van de speeltuinen zienderogen achteruit. Inspecties als basis voor assetmanagement Inmiddels heeft het college inspecties laten verrichten aan het wegennet, aan alle civieltechnische kunstwerken, aan het bomenareaal en aan zo'n 80% van het rioleringsstelsel. Ook is een aanvang gemaakt met het optuigen van assetmanagement en concreter risicogestuurd beheer. Daarbij dient aangetekend te worden dat het beheer bij gebrek aan structureel voldoende budget reeds langere tijd risicogestuurd plaatsvindt. Vervanging van assets wordt zo lang mogelijk uitgesteld en indien de veiligheidsrisico's te groot worden, worden maatregelen ingepland en uitgevoerd, in het algemeen binnen de bestaande financiële kaders.
Dat leidde er onder andere toe dat de vervanging van de Aardbeienbrug, de Barende Brug en de Brug Kerkweg 2 noodgedwongen via de Reserve Buitenruimte zijn gefinancierd. Met het uitvoeren van de inspecties, het combineren van assetmanagement met risicogestuurd beheer en het tijdiger in beeld hebben van welke noodzakelijke beheermaatregelen moeten worden ingepland en hiervoor een meerjarig financieringsvoorstel neer te leggen, wordt hierop meer grip gekregen. Bomen Het areaal aan bomen is in 2021 goed in beeld gebracht. Dit heeft geleid tot een nieuw bomenplan dat is vastgesteld in de raad. Hierbij is een incidenteel budget van € 192.000 beschikbaar gesteld voor het inlopen van snoeiachterstanden en de raad heeft een incidenteel budget van € 95.000 beschikbaar gesteld voor vergroeningsinitiatieven vanuit bewoners. Ook is het structurele budget voor vervanging van bomen met € 67.000 per jaar opgehoogd. Speeltuinen Zoals bekend moet er in Aalsmeer en Kudelstaart heel wat gebeuren op het gebied van speeltuinen. De kwaliteit van veel speeltuinen is onder de maat. In de afgelopen jaren zijn reeds enkele speeltuinen behoorlijk opgeknapt en vernieuwd. De raad heeft in 2021 eenmalig een extra budget van € 100.000 beschikbaar gesteld en wilde een structurele verhoging afwegen bij de integrale herziening van het MPP.
Voor deze structurele € 100.000 extra per jaar is naar verwachting ruimte binnen het nieuwe MPP, zonder dat aanvullende dekking nodig is. Vooralsnog is voor de periode 2022-2025 een inhaalslag geprogrammeerd met € 100.000 extra per jaar. In 2025 wordt de balans opnieuw opgemaakt en wordt besloten of een structurele verhoging noodzakelijk is. Civieltechnische kunstwerken Op basis van de inspecties van kunstwerken is een Nota Civieltechnische Kunstwerken opgesteld met drie scenario's met een langetermijndoorkijk. Deze Nota is als bijlage 4 bij dit raadsvoorstel gevoegd. Het college van B&W heeft deze nota in april 2021 vastgesteld en daarbij bepaald dat de nota alleen gelijktijdig met een integraal financieel perspectief op de buitenruimte aan de raad zal worden aangeboden. Daarom wordt de nota nu als bijlage bij het herziene MPP aan de raad aangeboden. De afgelopen jaren zijn Rijkswaterstaat, provincie en gemeenten door heel Nederland gestart met het in beeld brengen en op orde brengen van het areaal aan civieltechnische kunstwerken. Het gaat hierbij om de objecten bruggen, duikers, tunnels/viaducten,
Pagina
4 van 17
kademuren, damwanden, beschoeiingen, steigers en geluidsschermen. Kunstwerken die zijn gebouwd met een levensduur van 50 tot 100 jaar hebben sinds hun oplevering een steeds grotere belasting te verduren gekregen, als gevolg van de toenemende verkeersintensiteit. De Nota Kunstwerken biedt een samenhangend beleidskader voor duurzame instandhouding van het areaal van civieltechnische kunstwerken van de gemeente Aalsmeer, met een inhoudelijke en financiële uitwerking met 3 scenario’s. In totaal gaat het om 365 objecten. Het doel van de Nota Kunstwerken is het onderbouwen van het benodigde budget voor de periode tot en met 2030, met een doorkijk van de globale investeringsbehoefte op de middellange termijn. Hierbij maakt de nota onderscheid in klein onderhoud, groot onderhoud en vervangingsinvesteringen. De instandhouding van de civieltechnische kunstwerken draagt bij aan de bereikbaarheid en leefbaarheid binnen de gemeente Aalsmeer. Adequaat en doelmatig beheer en onderhoud is essentieel voor het veilig en functioneel houden van het areaal. De ambitie bestaat om het areaal verder op orde te brengen en te verduurzamen, en daarmee de veiligheid, functionaliteit en bereikbaarheid binnen de gemeente Aalsmeer te behouden en te verbeteren. In de aankomende decennia ligt een vervangings- en renovatieopgave te wachten om alle kunstwerken veilig in bedrijf te houden.
Hiervoor is budget nodig. Wegen De Nota Wegen uit 2017 is nog onverminderd actueel. De Nota biedt hoogover een beeld van het totale areaal en de benodigde financiële middelen om dit areaal op orde te houden. Het onderdeel wegen is echter veruit de lastigste discipline voor het optuigen van het assetmanagement. Het areaal bestaat uit tienduizenden wegvakken van verschillende materialen, waarvoor doorgaans alleen visuele inspecties uitgevoerd zijn, maar waarvan de staat van de ondergrond/bodem, de fundering en de onderlagen van de verharding vaak niet bekend is. Ook is doorgaans niet bekend of er sprake is van vervuiling. Op basis van recente visuele inspecties (2020) kan wel worden geconcludeerd dat er nog een lange weg te gaan is en dat de eerste incidentele vijf miljoen euro die in 2017 beschikbaar zijn gesteld slechts een begin vormden voor het op orde brengen van het areaal. De structurele behoefte aan € 4 miljoen budget per jaar blijft daarmee overeind. Vooral het optuigen van het assetmanagement voor het onderdeel wegen is dus een ingrijpende operatie waardoor het nu nog te vroeg is om dit te implementeren. Verkeersinstallaties Deze vormen in tegenstelling tot de wegen een zeer overzichtelijk geheel. Het assetmanagement hiervoor is op orde. Aalsmeer kent vier eigen verkeersregelinstallaties (verkeerslichten met alle straatmeubilair, bekabeling en detectie).
Daarnaast heeft Aalsmeer dynamische reisinformatiepanelen bij bushaltes staan. Openbare verlichting Vervanging van openbare verlichting gebeurt in het algemeen per streng en wordt daarom gezien als investering en niet als verzameling losse assets zoals bij bomen. Daarom worden de te vervangen strengen als investering geactiveerd volgens de nieuwe systematiek. Op basis van de inspecties en de inventarisatie ten behoeve van het assetmanagement is gebleken dat een jaarlijks vervangingsbudget van ongeveer € 150.000 nodig is om het areaal goed op orde te kunnen houden. Deze ruimte is aanwezig binnen het investeringsplan. Tot nu toe werd jaarlijks € 100.000 als nader in te vullen vervangingsbudget geprogrammeerd, en daarbij werden zo nu en dan grotere vervangingsprojecten apart geprogrammeerd. Gemiddeld wijzigt het jaarlijkse investeringsbudget voor verlichting dan ook niet. Integrale herziening van het MPP Buitenruimte
Pagina
5 van 17
Hoewel het voorbereiden van het assetmanagement en het uitgebreid inspecteren van het areaal dus in volle gang is, zijn in de tussentijd al besluiten genomen in de gemeenteraad om te komen tot een gezonde meerjarige financiële situatie voor Aalsmeer. Deze besluiten leiden ertoe dat de financieringssystematiek voor de buitenruimte in stappen aangepast wordt. Allereerst worden deze besluiten nu vertaald in het nieuwe MPP. Deze stap ligt nu aan u voor. Vervolgens, als er meer stappen gezet zijn op het gebied van assetmanagement, wordt de reserve buitenruimte naar verwachting omgebouwd naar een voorziening onderhoud buitenruimte, waardoor de beheersing wordt verbeterd. Met inachtneming van de structurele tekorten op de beheerbegroting voor wegen, kunstwerken en groen en van de grote investeringsbehoefte die er in Aalsmeer is voor nieuwe infrastructuur, maar zich ook bewust van de onder druk staande meerjarige gemeentebegroting, heeft de raad in 2021 de volgende besluiten genomen, die van belang zijn voor de herziening van het MPP Buitenruimte: De huidige dotatie aan de reserve Buitenruimte van € 1.990.000 per jaar wordt met ingang van 2022 gekort met € 425.000 per jaar, en met ingang van 2024 weer verhoogd met € 1.200.000. Per saldo komt er dus vanaf 2024 € 775.000 per jaar bij.
De investeringssystematiek wijzigt van 'sparen vooraf en afschrijven via een storting vanuit de reserve buitenruimte in de reserve dekking kapitaallasten' naar 'lenen, kapitaliseren en op termijn toewerken naar structurele dekking van kapitaallasten in de begroting'. Voor de dekking van deze kapitaallasten is een jaarlijks budget van € 712.000 in de begroting opgenomen. Deze € 712.000 is niet per definitie geheel in te zetten voor investeringen in de openbare ruimte. Niet uitgesloten is dat deze ook gebruikt wordt voor investeringen in bijvoorbeeld maatschappelijk vastgoed. Vooralsnog is er bij het MPPrekenmodel wel van uitgegaan dat deze volledig inzetbaar is. Daarentegen zijn ook de mogelijke longlist-investeringsprojecten hiermee doorgerekend, waarin nog politieke keuzes gemaakt kunnen worden. Op basis van het Bomenplan Aalsmeer wordt de dotatie aan de Reserve Buitenruimte verhoogd met € 67.000 per jaar en zijn enkele eenmalige budgetten beschikbaar gesteld. Deze besluiten hebben samen met de motie RAP-Raad uit 2020 het belangrijkste financiële kader gevormd voor herziening van het MPP Buitenruimte en voor het bieden van een langetermijnperspectief op middelgroot en groot onderhoud en nieuwe investeringen.
Daarnaast geldt als uitgangspunt dat budgetten voor klein onderhoud zo veel mogelijk via de dienstverleningsovereenkomst met de Meerlanden, via de kernorganisatie van Aalsmeer, en via de exploitatiebegroting buiten het MPP worden weggezet. Het nieuwe MPP bevat met ingang van 2022 geen budgetten voor klein onderhoud meer. Tot nu toe verloopt de financiering van projecten in de openbare ruimte via twee programma's: het MPP Buitenruimte en Bovenwijkse voorzieningen. Via het Meerjarenprojectenplan (MPP) Buitenruimte worden werken in de buitenruimte voorbereid en uitgevoerd. Het gaat daarbij om werkzaamheden op het gebied van wegen, openbare verlichting, verkeer, verkeersinstallaties, groen, water, spelen en riolering. Voor het MPP zijn meerdere financieringsbronnen beschikbaar: Een investeringsruimte voor zes jaar vervanging van rioleringen, gebaseerd op het Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2026. Iedere zes jaar wordt het GRP herzien en wordt op basis van actuele inspecties, inzichten en beleid bepaald wat er nodig is. Hierop wordt de rioolheffing en het verdelen van de inkomsten over vervanging en exploitatie gebaseerd. Voor de beschikbaar gestelde investeringsruimte kunnen rioleringsprojecten worden geprogrammeerd. Deze investeringsruimte voor het MPP voor de periode 20212026 was bepaald op € 10.979.000.
Pagina
-
-
-
-
6 van 17
Een investeringsruimte voor vervanging van wegen. Jaarlijks is een investeringsruimte van € 1.207.000 beschikbaar, die vertaald wordt naar kapitaallasten op de begroting. Dit is feitelijk al volgens de nieuwe investeringssystematiek. De jaarlijkse kapitaallasten zijn nu nog beperkt, maar zullen op termijn opbouwen naar structureel € 1.207.000. De Reserve Buitenruimte. De jaarlijkse dotatie aan deze reserve is bedoeld voor onderhoud en investeringen in de buitenruimte voor alle disciplines, met uitzondering van vervanging van wegen en rioleringen. De dotatie wordt (theoretisch gezien) gebaseerd op of bijgesteld aan de hand van beleids- en beheerplannen per vakdiscipline. Bijdragen van andere overheden, zoals de Vervoerregio Amsterdam, de Provincie NoordHolland en het Rijk, die subsidieregelingen hebben voor buitenruimteprojecten. Ook de Stichting Leefomgeving Schiphol draagt bij aan gemeentelijke projecten. De bijdragen van de Vervoerregio vanuit de Brede Doeluitkering zijn bedoeld voor verbeteringen op het gebied van verkeersveiligheid, hoofdfietsinfrastructuur, openbaarvervoervoorzieningen, fietsenstallingen en bereikbaarheid regionaal wegennet. Incidentele bijdragen vanuit andere gemeentelijke reserves (zoals de algemene reserve) of vanuit budgetten van andere afdelingen zoals stedelijke ontwikkeling.
Bijdragen vanuit de algemene reserve worden voor specifieke projecten gedaan, die bijvoorbeeld via een extra kredietaanvraag bij de Kadernota of een bestuursrapportage worden toegekend. Het gaat hierbij in de regel om grote projecten, waarvoor binnen het MPP onvoldoende financiële ruimte is, maar waarvoor de afwikkeling via het MPP wel nuttig is.
Via de Reserve Bovenwijkse Voorzieningen wordt bovenwijkse infrastructuur gerealiseerd. De reserve wordt gevoed door afdrachten van projectontwikkelaars ten behoeve van de bovenwijkse infrastructuur die nodig is om hun projectgebied veilig te bereiken en in de toekomst veilig bereikbaar te houden. Die afdrachten zijn verre van voldoende om de bovenwijkse infrastructuur aan te leggen, omdat de meeste infrastructuur slechts ten dele aan een project kan worden toegerekend. In de praktijk moet de reserve regelmatig aangevuld worden vanuit de algemene middelen. Dit komt ook omdat het in de regel om grote dure projecten gaat, zoals de herinrichting van de Burgemeester Kasteleinweg en de aanleg van de Burgemeester Hoffscholteweg. In wezen gaat het echter om vergelijkbare projecten met de projecten die via het MPP lopen, omdat er geen sprake is van gebiedsontwikkeling/grondexploitaties, maar alleen van de aanleg of aanpassing van infrastructuur. De systematiek voor de financiering van buitenruimteprojecten kan voor beide programma's (buitenruimte en bovenwijkse voorzieningen) worden gelijkgetrokken en geïntegreerd.
Doordat de meerjarenplanning en financiering voor de buitenruimte programmatisch en gestructureerd is opgebouwd, wordt bewaakt en wordt gerapporteerd aan de raad, wordt geadviseerd de beide programma's samen te voegen en de financiering van bovenwijkse infrastructuur te integreren in het programma buitenruimte. In de praktijk gaat het momenteel nog om drie lopende projecten: de afronding van de herinrichting van de Burgemeester Kasteleinweg de aanleg van de verlengde Molenvlietweg de aanleg van de Burgemeester Hoffscholteweg Door samenvoegen van beide programma's kan de Reserve Bovenwijkse Voorzieningen worden opgeheven. Opbouw van het herziene MPP Buitenruimte Door de hierboven genoemde besluiten en de integratie van bovenwijkse infrastructuur in het MPP is het herziene MPP nu opgebouwd uit de volgende typen budgetten: beheerbudgetten: structurele beheerbudgetten voor middelgroot en groot onderhoud, voor onderzoeken en voor kleine maatregelen
Pagina
-
7 van 17
incidentele budgetten voor maatregelen die niet als investering kunnen worden gezien structurele investeringsbudgetten voor de vervanging van verschillende assets, waarvan de te vervangen assets nader bepaald moeten worden incidentele investeringsbudgetten voor specifieke projecten
De incidentele investeringsbudgetten zijn nader in te delen: twee investeringsbudgetten die volgens de oude systematiek nog direct worden afgerekend met de reserves dekking kapitaallasten (t.b.v. afronding Waterfront en afronding Burgemeester Kasteleinweg) investeringsbudgetten voor de periode 2022-2025 volgens de nieuwe investeringssystematiek investeringsbudgetten die voor 100% ten laste komen van het GRP De beheerbudgetten worden ten laste gebracht van de Reserve Buitenruimte. Voor de kapitaallasten voor investeringsprojecten nieuwe systematiek komt een aparte begrotingspost op de gemeentebegroting. Meer hierover staat in de paragraaf Financiën. Achter het MPP gaat een rekenmodel schuil, dat het programma voor een periode van 30 jaar financieel doorrekent qua kapitaallasten en gevoed wordt met structurele en incidentele dotaties, verwachte afdrachten vanuit gebiedsontwikkelingen en investeringsruimte op basis van begrote kapitaallasten. Daarbij is ook een aanzienlijke ruimte gereserveerd voor nog niet geprogrammeerde projecten waarvoor op termijn naar verwachting financiële ruimte moet worden gezocht, bijvoorbeeld omdat ze verder weg in de tijd liggen, of omdat ze nadere politieke afweging vergen.
Zo zijn enkele grote investeringsprojecten voor de doorrekening toegevoegd, waaronder een flinke investering in de Uiterweg, het project Van CleeffkadeRaadhuisplein-Stationsweg, investeringen in het MRA-hoofdfietsnet en het verbeteren van de bereikbaarheid van Kudelstaart en een structurele verhoging van het investeringsbudget voor speeltuinen. In totaal gaat het in deze doorrekening om meer dan 20 miljoen euro. In bijlage 3 worden de typen beheerbudgetten en alle investeringsprojecten uitgebreider toegelicht. Motie RAP-Raad De nu voorliggende integrale herziening van het MPP Buitenruimte en de integratie van het bestedingsplan bovenwijkse voorzieningen in het programma buitenruimte vormen de eerste stappen bij het implementeren van de motie RAP-Raad. Zo is het functioneren van de reserve bovenwijkse voorzieningen geëvalueerd, wat heeft geleid tot het samenvoegen van deze reserve met het programma buitenruimte om meer grip te krijgen op de programmering en financiering van de hieraan gekoppelde budgetten, om de financieringssystematiek gelijk te trekken en beter meerjarig te kunnen plannen. Daarnaast is in het MPP beter onderscheid gemaakt in beheerbudgetten voor middelgroot/groot onderhoud en eenmalige investeringsprojecten, waarbij budgetten voor klein onderhoud uit het MPP verdwijnen en worden ondergebracht bij de kernorganisatie Aalsmeer of in een exploitatiebudget.
Daarmee wordt ook meer rechtgedaan aan waar een egalisatiereserve voor bedoeld is. Daarnaast wordt hard gewerkt aan het beter optuigen van het assetmanagement binnen de verschillende beheerdisciplines. Waar mogelijk zijn de resultaten al verwerkt in het nieuwe MPP door de op basis van de beheer- en beleidsplannen benodigde budgetten in het programma te verwerken en door te rekenen en de assets waarvoor de vervangingshorizon bekend is een plek te geven in het rekenmodel voor de komende 30 jaar. Een volgende stap is dat de reserve buitenruimte kan worden omgevormd naar een voorziening onderhoud buitenruimte. Vooruitlopend hierop werken we al zo veel mogelijk risicogestuurd. Maatregelen worden niet alleen gepland op basis van technische ouderdom. Er volgt altijd een inspectie of onderdelen van de openbare ruimte wel echt vervangen moeten worden, of deze nog deels mee kunnen of zodanig hersteld kunnen worden dat de levensduur wordt verlengd of dat de
Pagina
8 van 17
vervanging kan worden uitgesteld. Dat leidt er onder andere toe dat reeds geprogrammeerde projecten doorschuiven naar latere jaren en andere maatregelen tussentijds worden ingepast of naar voren worden geschoven.
Pagina
9 van 17
Afschrijvingstermijnen Bij het uitwerken van het rekenmodel voor de afschrijving van alle assets is gebleken dat de vastgestelde afschrijvingstermijnen in Aalsmeer niet altijd overeenkomen met wat landelijk gebruikelijk en realistisch is. Voorgesteld wordt om de afschrijvingstermijnen voor grond-, weg- en waterbouwkundige werken als volgt aan te passen: Nu: Verhardingen geen specificatie wegen op veengrond wegen overig (incl. fundering)
Wordt:
25 25 50
Verkeersinstallatie
15
25
Openbare verlichting
15
25
Openbaar groen (gras, bermen en beplanting)
25
25
Bomenstructuur
40
40
Beschoeiing en vooroevers
30
30
Betonnen/composiet brug (verkeersfunctie)
100
100
Houten brug (langzaam verkeer)
25
25
Stalen brug (verkeersfunctie)
50
50
Speeltoestellen
15
15
Straatmeubilair (bankjes, prullenbakken, paaltjes, fietsenrekken)
15
15
Duikers
50
100
Voor wegen op veengrond blijft de afschrijvingstermijn 25 jaar. Een beperkt deel van Aalsmeer ligt op het zogenaamde 'bovenland'. Deze wegen klinken sneller in en verzakken/zakken ongelijkmatig. Voor de overige wegen overig is het zo, dat het in Nederland (ook in het westen) gebruikelijk is wegen inclusief fundering af te schrijven in 45 tot 60 jaar. Tussentijds moet dan twee keer de deklaag (bij asfalt) vervangen worden, en halverwege de levensduur wordt groot onderhoud gepleegd (het hele asfaltpakket vervangen, of de verharding bij elementenverhardingen herstraten met behoud van de fundering). Door de afschrijftermijn voor wegen op 50 jaar te zetten, sluit de afschrijftermijn aan bij die van de riolering (ook 50 jaar) en wordt het hele pakket idealiter gelijktijdig vervangen bij een reconstructie. Voor verkeersinstallaties geldt dat het grootste deel van de installatie 25 tot 30 jaar mee gaat (straatmeubilair, bekabeling, detectie) en dat de regelautomaat zelf normaliter 15 jaar, maar praktisch gezien doorgaans zeker 20 jaar mee gaat. Gemiddeld kan dan prima 25 jaar aangehouden worden. Openbare verlichting (lichtmasten en armaturen) gaan tegenwoordig ook gemiddeld 25 jaar mee. Duikers zijn betonnen kunstwerken en die gaan net als de betonnen bruggen normaliter 100 jaar mee.
Daarom wordt geadviseerd de afschrijftermijnen van de meeste wegen, van verkeersinstallaties, openbare verlichting en duikers te verlengen. Afwijkingen programma's 2022 ten opzichte van de 2e bestuursrapportage 2021 Bij de 2e Bestuursrapportage 2021 werd voor 2022 een netto omzet voorspeld van € 15,8 miljoen (inclusief de bovenwijkse projecten en inclusief overhead). Dit is naar beneden bijgesteld. Nu wordt als gevolg van voortschrijdend inzicht verwacht een netto omzet van € 9,8 miljoen te realiseren in 2022. De grootste afwijkingen ten opzichte van de 2e Bestuursrapportage zijn: De reconstructie Zijdstraat start weliswaar in 2022, maar wordt grotendeels in de eerste helft van 2023 gerealiseerd. In 2022 dienen diverse kabels en leidingen te worden verlegd, voordat de daadwerkelijke nieuwe aanleg kan starten. Voor de reconstructie van de eerste fase van de Machineweg geldt eveneens dat de grootste kosten in 2023 worden gemaakt. In 2022 kan de aanbesteding van het
Pagina
-
-
-
10 van 17
engineering&construct-contract pas starten als door de Vervoerregio en de gemeenteraad is ingestemd met de financiering. In de tussentijd vinden alle grondaankopen en de verlegging van kabels en leidingen plaats. De aanleg van de brug in de Lijnbaan schuift eveneens door naar 2023. Er vindt eerst nog discussie plaats over de manier waarop doorgaand verkeer over de Lijnbaan tegen gegaan dient te worden. De uitkomst daarvan is van invloed op de breedte van de brug. Bovendien moeten ook hier ten behoeve van de realisatie van de brug kabels en leidingen te worden verlegd. De aanleg van de Burgemeester Hoffscholteweg kan nog niet in 2022 worden afgerond, omdat het tracé van de weg nog niet volledig beschikbaar is. Daarom schuift ook hier het grootste deel van het 2022-budget door naar 2023. De aanleg van het fietspad langs de Bilderdammerweg schuift naar 2023, omdat in 2022 eerst de kabels en leidingen moeten worden verlegd. De reconstructie van de Rietwijkeroordweg en Noordpolderweg lijkt op basis van de laatste raming iets voordeliger uit te vallen. Vanwege de omvang van het project wordt wel een risicoreservering in 2023 begroot.
Deze zes projecten zorgen in totaal voor een verschuiving van ongeveer 6 miljoen. De overige bijstellingen houden elkaar ongeveer in evenwicht. Voor een gedetailleerd overzicht van mutaties wordt verwezen naar bijlage 1. Daarbij is het goed te weten dat vanwege de integrale herziening van het programma sommige projectnamen zijn gewijzigd, projecten zijn samengevoegd of juist opgesplitst en projecten van categorie zijn gewisseld (zij zijn bijvoorbeeld investeringsproject geworden in plaats van beheerbudget, omdat volledige vervanging plaatsvindt in plaats van groot onderhoud). Bijlage 1 geeft hiervan een zo goed mogelijk beeld. Het MPP is een omvangrijk programma met vele projecten. De prognoses van vrijwel alle beheer- en projectbudgetten worden gedurende het jaar bijgesteld. Soms kunnen de verwachte kosten wat omlaag, bijvoorbeeld omdat risico's zich niet voordoen of bepaalde werkzaamheden kunnen worden uitgesteld. Soms doen zich juist wel risico's voor en moeten budgetten wat omhoog worden bijgesteld. Het komt ook voor dat nieuwe projecten aan het programma worden toegevoegd, bijvoorbeeld op basis van inspecties, wensen vanuit bewoners, urgente schades aan objecten in de buitenruimte, etcetera. Diverse budgetten worden ten opzichte van de 2e bestuursrapportage en de jaarrekening naar boven of naar beneden bijgesteld. Vaak gaat het hierbij om fasering of herprioritering.
Een belangrijke verklaring hiervoor is de volgende. Naast de jaarlijks terugkerende beheerbudgetten worden de projecten die op afzienbare termijn in beeld zijn doorgaans geprogrammeerd binnen de tijdshorizon van het MPP (vier jaar). Niet alle projecten zijn daarbij urgent, zodat bij de bijstellingen van het MPP (na inspecties en onderzoeken) opnieuw naar de prioriteiten gekeken kan worden. Daarbij worden bij de 2e bestuursrapportage vooral budgetten bijgesteld van het lopende jaar, waarbij deze gefaseerd moeten worden indien de risico's zich voordoen uit de vorige alinea. Deze budgetten schuiven dan door naar het jaar erna. Dat gebeurt ook bij de jaarrekening voor de lopende projecten. Na bijstelling van de begroting is er dan doorgaans sprake van een te hoge en niet meer realistische begroting in het jaar dat het hele MPP weer wordt geactualiseerd. Dat leidt in de regel weer tot het doorschuiven van andere projecten met een jaar. Beslispunt 10 zorgt ervoor dat de investeringsruimte wel beschikbaar blijft voor uitvoering in latere jaren. Hierbij dient dit jaar aangetekend te worden dat het programma van 2023 nog steeds erg omvangrijk is en naar verwachting in de loop van dit jaar of volgend jaar nog moet worden bijgesteld. Zie hiervoor de kanttekeningen. In de bijlagen 1 tot en met 3 staat meer achtergrondinformatie.
In de geheime bijlage 1 staat het totaaloverzicht van beheer- en projectbudgetten voor de komende vier jaar. In bijlage 2
Pagina
11 van 17
staat een indicatieve planning per beheer- en projectbudget. Deze is in een aparte bijlage opgenomen omdat deze indicatieve planning niet geheim hoeft te worden verklaard. In bijlage 3 staan omschrijvingen per project en vindt u nog een uitgebreidere toelichting op de opbouw van het programma en de achterliggende beleidsvelden. Het grootste project dat naar verwachting geheel in 2022 wordt gerealiseerd, is de reconstructie van de Rietwijkeroordweg en de Noordpolderweg. Daarnaast worden projecten die al eerder gestart zijn afgerond of vervolgd in 2022 (zoals het Groene Lint, trottoirs langs de Aalsmeerderweg, het Waterfront, de aanleg van de nieuwe wegen Burgemeester Hoffscholteweg en Verlengde Molenvlietweg, de reconstructie van de Pontweg en de Anjerhof, de herinrichting van het parkeerterrein e.o. bij De Bloemhof. Er wordt een start gemaakt met, of de voorbereiding gaat verder van, de projecten Zijdstraat, Machineweg, fietspaden Molenvlietweg-Zwarteweg, herinrichting Dorpsstraat-Lijnbaan en parkeerterrein Sportpark Sportlaan. De budgetten die vanuit het bomenplan zijn toegekend, worden onder andere ingezet om snoeiachterstanden weg te werken, nieuwe bomen te planten en groeninitiatieven van bewoners te ondersteunen.
En daarnaast gaat het reguliere jaarlijkse vervangings- en beheerwerk gewoon door, zoals: vervangen van beplanting, speelplaatsen en openbare verlichting vervangen van speelplaatsen aanpassen van allerhande verkeerssituaties groot onderhoud aan en vervanging van asfaltwegen en elementenverhardingen herstel van kabelsleuven (beperkt) beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken kleine maatregelen op het gebied van water en recreatie baggeren
Argumenten
Programma is financieel haalbaar binnen bestaande financiële kaders Door het MPP Buitenruimte vast te stellen, de begrotingswijzigingen te verwerken en de budgetten beschikbaar te stellen kunnen de werken uit Bijlage 1 voorbereid en in uitvoering gebracht worden. De geprogrammeerde projecten kunnen in de periode 2022-2025 gefinancierd worden met bestaande beschikbare middelen. Hierbij is uitgegaan van: de jaarlijkse dotatie aan de reserve buitenruimte en de reeds besloten korting daarop vanaf 2022 alsmede de reeds besloten jaarlijkse verhoging daarvan vanaf 2024 de reeds besloten jaarlijkse investeringsruimte wegen het vastgestelde GRP de reeds in de begroting opgenomen stelpost kapitaallasten de reeds besloten gewijzigde investeringssystematiek Programma biedt ruimte om beleid uit te voeren en areaal op orde te houden Het herziene programma en de herziene financieringssystematiek leiden ertoe dat de vastgestelde beleidsplannen kunnen worden uitgevoerd, dat er financiële ruimte is om het areaal op orde te houden met budgetten die aansluiten bij deze beleidsnota's en dat er bovendien ruimte is om de in de nog niet vastgestelde Nota Civieltechnische Kunstwerken aangegeven benodigde budgetten een plek te geven. Dit is van groot belang om de veiligheid van deze kunstwerken te kunnen waarborgen.
Het nieuwe MPP bevat ruimte voor gewenste bovenwijkse infrastructuur en sluit aan bij de Nota Wegen, de Bomennota en de Mobiliteitsagenda. Motie RAP-Raad De nu voorliggende integrale herziening van het MPP Buitenruimte en de integratie van het bestedingsplan bovenwijkse voorzieningen in het programma buitenruimte vormen
Pagina
12 van 17
belangrijke stappen bij het implementeren van de motie RAP-Raad. Voor een toelichting wordt verwezen naar de paragraaf Aanleiding en toelichting hierboven. Geheimhouding is van belang Bijlage 1 'Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2022-2025 (budgettenlijst) wordt in handen gesteld van raadsleden. Om deze reden is het nodig dat de raad de eerder door het college van B&W opgelegde geheimhouding op deze bijlage bekrachtigt op basis van artikel 25, lid 3 van de Gemeentewet juncto artikel 10, lid 2 sub b en g van de Wet openbaarheid van bestuur. De bijlage bevat de lijst met alle geplande werken inclusief de begrote budgetten. Het gaat hierbij om reguliere beheerbudgetten en eenmalige projectbudgetten. De geheimhouding van de incidentele budgetten is van belang vanwege het financiële en economische belang van de gemeente en het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel van derden. Kanttekeningen
-
-
-
-
In het voorliggende MPP is ervan uitgegaan dat de 1e bestuursrapportage 2022 ongewijzigd wordt vastgesteld door de raad. De daarin opgenomen beslispunten zijn reeds verwerkt in dit MPP. Ook is rekening gehouden met de voor de Kadernota en het Collegeuitvoeringsprogramma aangevraagde € 300.000 voor de bijdrage aan AGV voor ophoging van de Meester Jac. Takkade. Indien hierover anders besloten wordt, dan wordt het programma navenant herzien bij de eerstvolgende actualisatie. Het MPP Buitenruimte en het bestedingsplan bovenwijkse voorzieningen zijn volledig herzien. De nieuwe financieringssystematiek leidt tot een administratieve aardverschuiving op de achtergrond, waarbij niet meer vier, maar dertig jaar vooruit is gepland en alle investeringsbudgetten zijn vertaald in kapitaallasten en waarbij bovendien diverse beleids- en beheerplannen zijn geïntegreerd. Gelijktijdig wordt het assetmanagement opgetuigd en stapje voor stapje in het MPP geïntegreerd. Hoewel dit alles met de grootste zorgvuldigheid gebeurt, bestaat het risico op administratieve foutjes die te zijner tijd moeten worden rechtgezet. Dit risico lijkt overigens beperkt. Voor 2022 ligt een realistisch programma voor met netto € 9,8 miljoen aan programma. Het jaarprogramma voor 2023 is met de huidige inzichten ambitieus ingestoken met netto 21 miljoen.
Naar verwachting zal het programma voor 2023 bij een eerstvolgende actualisatie worden bijgesteld en verdeeld over de jaren 2023-2024. Gelijktijdig met de 2e bestuursrapportage wordt in beeld gebracht om welke projecten dit gaat en wordt de programmering weer geactualiseerd, met het oog op de liquiditeitspositie van de gemeente. Met de oplopende inflatie is in de doorrekeningen geen rekening gehouden.
Financiën
In de voorgaande jaren is bij actualisatie van het MPP Buitenruimte steeds aangegeven wat de verschillen waren tussen de bijgestelde begroting, de 2e bestuursrapportage van het voorafgaande jaar en de jaarrekening van het voorafgaande jaar. Door de nu voorliggende samenvoeging van de reserves Buitenruimte en Bovenwijkse Voorzieningen, en door de integrale herziening van de financieringssystematiek, is deze vergelijking niet voor 100% mogelijk, maar in de geheime bijlage 1 wordt zo goed mogelijk weergegeven wat de verschillen zijn ten opzichte van vorig jaar. Hieronder wordt inzicht gegeven in de financiële stand van zaken en de financiële meerjarenplanning op hoofdlijnen. De budgetten per project staan in de vertrouwelijke bijlage. Financiële bronnen Reserve Buitenruimte per 1-1-2022: Reserve Bovenwijks per 1-1-2022:
€ 10.951.182 € 2.955.896
Pagina
Totaal vertrekpunt per 1-1-2022:
€ 13.907.078
13 van 17
Pagina
Benodigd voor beheerbudgetten 2022: Benodigd voor beheerbudgetten 2023: Benodigd voor beheerbudgetten 2024: Benodigd voor beheerbudgetten 2025:
€ € € €
14 van 17
2.582.000 2.510.000 2.805.000 2.775.000 (jaarlijks va. 2025)
Begrote dotaties / verwachte beschikbaar komende middelen voor het programma: Reserve Buitenruimte 2022: € 1.598.200 Reserve Buitenruimte 2023: € 1.486.200 Reserve Buitenruimte 2024 en verder: € 2.686.200 per jaar Afdrachten bovenwijkse projecten: € 270.000 per jaar (inschatting) Stelpost kapitaallasten inv.projecten: € 712.000 per jaar Beschikbaar voor kap.lasten wegen 2022: € 69.200 Beschikbaar voor kap.lasten wegen 2023: € 222.500 Beschikbaar voor kap.lasten wegen 2024: € 276.200 Beschikbaar voor kap.lasten wegen 2025: € 298.400 Daarnaast is gerekend met enkele eenmalige dotaties en kortingen: 2022 Terugstortingen vanuit res.dekk.kap.lasten: € 2.251.796 + 2022 Bomenplan (snoeien, vergroening): € 287.000 + 2022 Kasteleinweg en Waterfront 1e burap: € 721.000 + 2022 Assetmanagement en LIOR: € 54.000 – 2023 Assetmanagement: € 15.000 – 2023 Bijdrage voor dijkverbetering Takkade: € 300.000 + Naast de eigen financiële bronnen komt er regelmatig ook subsidie vanuit de Vervoerregio beschikbaar voor projecten. In het rekenmodel is rekening gehouden met indicatief verwachte netto-kosten voor de gemeente, na aftrek van mogelijke subsidies, maar de daadwerkelijke hoogte van de bijdragen is niet op voorhand zeker. Wijze van financiering In de P&C-cyclus van de gemeente wordt gewerkt op basis van kalenderjaren. De investeringsprojecten houden hier echter geen rekening mee.
Hierdoor ontstaat verschil tussen de begrote kapitaallasten en de werkelijke kapitaallasten. Dit verschil is puur een verschuiving tussen kalenderjaren. Daarom wordt voorgesteld om jaarlijks bij de 2e bestuursrapportage het (gebleken) verschil tussen de begrote en werkelijk geboekte kapitaallasten te verrekenen met de dotatie aan de Reserve Buitenruimte. In de eerste paar jaar leidt dat naar verwachting tot een extra dotatie aan de reserve, in de jaren daarna juist tot een steeds grotere vermindering van de dotatie aan de reserve, omdat de werkelijke kapitaallasten dan groter worden dan de begrote kapitaallasten op de stelpost. Dat leidt op termijn tot een geleidelijke daling van de middelen in de Reserve Buitenruimte. Op deze wijze worden de lasten geëgaliseerd. Investeringsruimte riolering (GRP) Naast de hierboven genoemde middelen is er voor investeringsprojecten riolering een investeringsruimte riolering beschikbaar voor de periode 2021-2026 op basis van het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP). Per 1-1-2022 resteert er nog ruim € 9,7 miljoen voor projecten t/m eind 2026. In 2026 wordt het GRP herzien en volgt beschikbaarstelling van nieuw budget voor de periode daarna. Tot en met eind 2026 is er nog een kleine miljoen beschikbaar voor nog niet geprogrammeerde maatregelen.
Deze ruimte is naar verwachting nodig om de riolering in het project Van Cleeffkade-Stationsweg-Raadhuisplein aan te passen en/of te vervangen.
Pagina
15 van 17
Samenvatting verwachte kosten 2022-2025 per taakveld Er is per discipline een prognose van lasten en baten per jaarschijf voor de periode 20222025 opgesteld. Deze prognose is een momentopname want de werken hebben veelal een langere doorlooptijd en zijn afhankelijk van diverse, veelal externe, factoren. In de planning kunnen dus gedurende het lopende jaar wijzigingen optreden. Door middel van de reguliere P&C-cyclus wordt hierover gerapporteerd. De werkzaamheden die aan de Meerlanden zijn uitbesteed en de werkzaamheden van de kernorganisatie Aalsmeer vallen niet onder het MPP. Alle hieronder genoemde budgetten per taakveld zijn exclusief 4% overhead. De overhead wordt niet over alle kosten in rekening gebracht en deze wordt bovendien apart afgerekend en verantwoord op programma 7, ten laste van de Reserve Buitenruimte. Deze is dus als aparte regel opgenomen in de tabel. Beheerbudgetten: Taakveld
2022
2023
2024
2025
* 1.000 euro Structureel
2.1 Verkeer en vervoer
1.782
1.939
2.229
2.229
2.229
5.7 Groen en spelen
629
399
394
364
364
5.7 Water
125
125
125
125
125
Overhead
47
46
56
56
56
2.582
2.510
2.805
2.775
2.775
Totaal
Investeringskredieten (indicatief): Taakveld
2022
2023
2024
* 1.000 euro 2025
2.1 Verkeer en vervoer
5.256
14.241
7.674
9.706
5.7 Groen en spelen
339
696
223
223
5.7 Water
216
312
102
523
1.153
3.098
762
3.833
7.2 Riolering * Overhead
222
632
329
502
Totaal
7.186
18.969
9.080
14.775
* 7.2 Kosten riolering verlopen via GRP/rioolheffing
Bijbehorende te verwachten kapitaallasten investeringen (excl. afronding Waterfront en Burgemeester Kasteleinweg, die volgens de oude systematiek afgerekend worden):
Taakveld
* 1.000 euro 2024 2025
2022
2023
2.1 Verkeer en vervoer
0
131
478
652
5.7 Groen en spelen
0
18
37
52
5.7 Water
0
6
19
21
Totaal
0
154
533
725
7.2 Riolering *
0
17
87
98
* 7.2 Kosten riolering verlopen via GRP/rioolheffing
Afdrachten gebiedsontwikkelingen voor bovenwijkse infrastructuur Een vreemde eend in de bijt is nog de verwachte afdracht voor bovenwijkse infrastructuur vanuit gebiedsontwikkelingen. Waar deze afdrachten voorheen in de Reserve Bovenwijks werden gestort, zijn deze bijdragen in de nieuwe systematiek nodig voor kapitaallasten ten behoeve van investeringsprojecten. Vooralsnog is ervoor gekozen deze afdrachten in de Reserve Buitenruimte te laten storten en op deze manier mee te laten nemen in de verrekening tussen kapitaallasten en dotaties. Na verloop van tijd moet blijken of deze systematiek werkbaar en houdbaar is. Er is nu gerekend met een totale inkomst van ongeveer 5,4 miljoen in de komende jaren. Deze volgt uit de Nota Kostenverhaal Bovenwijkse Voorzieningen, die in 2021 is vastgesteld in de raad. Deze Nota
Pagina
16 van 17
heeft een kortere planhorizon, maar de inkomsten zijn nog wat onzeker. Daarom zijn de totale inkomsten voor de doorrekening van het nieuwe MPP gespreid over 20 jaar en daarmee voorzichtig geraamd. Het nieuwe programma buitenruimte uit de geheime bijlage 1 is doorgerekend voor een periode van 30 jaar en met de beschikbare en hierboven aangegeven financiële bronnen is dit programma haalbaar, inclusief een ruime reservering voor nieuwe projecten. Daarmee biedt het huidige programma bovendien genoeg flexibiliteit om onzekerheden op te vangen. Communicatie
Bijlage 1 van het 'Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2022-2025 (budgettenlijst)' wordt, na besluitvorming door de raad over het bekrachtigen van de geheimhouding, gepubliceerd in iBABS ten behoeve van raadsleden en fractieassistenten. Deze bijlage is geheim aangezien na het raadsbesluit aanbestedingen volgen en informatie uit de geheime bijlage van invloed kan zijn op het resultaat van de aanbestedingen. De indicatieve planning en de tekstuele toelichting (bijlagen 2 en 3) zijn wel openbaar beschikbaar. Waar mogelijk zijn in bijlage 3 ook budgetten of totaalbedragen benoemd die niet geheim hoeven te zijn. Procedure
Verantwoording vindt plaats in de P&C-cyclus. Bijlagen
Bijlage 1: Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2022-2025 (budgettenlijst, geheim) Bijlage 2: Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2022-2025 (indicatieve planning) Bijlage 3: Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2022-2025 (tekstuele toelichting) Bijlage 4: Nota Civieltechnische Kunstwerken Aalsmeer 2021-2025 De secretaris,
De voorzitter,
drs. Sj. Vellenga
mr. G.E. Oude Kotte
BEHANDELING RAAD Wijziging/aanvullingen na behandeling raadscommissie
Het voorstel aan de raad is
Ongewijzigd aanvaard Gewijzigd aanvaard Verworpen
RAADSBESLUIT Besluit
Aanvaarde amendementen / moties
Pagina
1.
17 van 17
kennis te nemen van het Meerjarenprojectenplan (MPP) Buitenruimte Aalsmeer 20222025, verwerkt in een budgettenlijst (geheime bijlage 1), een indicatieve planningslijst (bijlage 2) en een tekstuele toelichting (bijlage 3); 2. de Nota Civieltechnische Kunstwerken vast te stellen (bijlage 4); 3. de jaarschijven 2022 tot en met 2025 van het Meerjarenprojectenplan te verwerken in de meerjarenbegroting, inclusief de bijbehorende mutaties van de betreffende reserves, conform de uitwerking in het raadsvoorstel en de bijlagen 1 tot en met 3; 4. de bij de begroting 2022 vastgestelde gewijzigde financieringssystematiek in het kader van de motie RAP-Raad te verwerken in het MPP Buitenruimte; 5. vanwege beslispunt 4 een bedrag voor reeds gestarte projecten van € 2.025.678,05 over te hevelen van de Reserve dekking kapitaallasten verkeer en vervoer naar de Reserve Buitenruimte en een bedrag van € 226.117,47 over te hevelen van de Reserve dekking kapitaallasten groen, water en recreatie naar de Reserve Buitenruimte; 6.
de projecten gekoppeld aan de Reserve Bovenwijkse Voorzieningen te integreren in het MPP Buitenruimte, het saldo van de Reserve Bovenwijkse Voorzieningen van 1-1-2022 over te hevelen naar de Reserve Buitenruimte, de afdrachten van gebiedsontwikkelingen en bouwprojecten ten behoeve van bovenwijkse infrastructuur per 1-1-2022 te storten in de Reserve Buitenruimte en de Reserve Bovenwijkse Voorzieningen op te heffen; 7. de twee begrotingsposten voor kapitaallasten ten gevolge van "investeringen maatschappelijk nut UPA" en voor kapitaallasten "algemene baten en lasten" samen te voegen onder de noemer "stelpost kapitaallasten investeringen maatschappelijk nut", de kapitaallasten voor de investeringsprojecten van het MPP volgens de nieuwe systematiek jaarlijks ten laste te brengen van deze stelpost, en het verschil tussen de begrote kapitaallasten en de werkelijke kapitaallasten jaarlijks bij de 2e bestuursrapportage te verrekenen met de dotatie aan de Reserve Buitenruimte; 8. de dotatie aan de Reserve Buitenruimte met ingang van 1-1-2022 structureel te verlagen met € 23.000 en met ingang van 1-1-2023 structureel te verlagen met € 112.000, omdat de bijbehorende budgetten voor groenmaatregelen als aparte exploitatiebudgetten buiten het MPP worden begroot; 9.
de afschrijvingstermijnen voor de volgende assets aan te passen: - verhardingen (nu 25 jaar) opsplitsen in wegen op veengrond (25 jaar) en wegen overig incl. fundering (50 jaar) - openbare verlichting en verkeersinstallaties (van 15 naar 25 jaar) - duikers (van 50 naar 100 jaar) 10. de neerwaartse bijstelling in 2022 van de kredietbedragen riolering beschikbaar te houden voor het Meerjarenprojectenplan vanaf 2023. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 7 juli 2022. De griffier,
De voorzitter,
O. van Kolck
mr. G.E. Oude Kotte