Bijlage 3 - Stikstofdepositieberekening - begeleidende rapportage
Tekst van het document
Stikstofdepositieberekening Uiterweg 93 Aalsmeer
A
Kerkewijk 156
3904 JJ Veenendaal Dreef 4C 7202 AG Zutphen T
0318 – 505 637
E
info@kubiek.nu WWW .KUBIEK .NU
Stikstofdepositieberekening Uiterweg 93 Aalsmeer
PLANGEGEVENS Projectnummer Titel Projectleider Auteur
K23333 Stikstofdepositieberekening Aalsmeer, Uiterweg 93 P. Keizer M. Ottink
Datum
18 november 2024
2
stikstofdepositieberekening
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ................................................................................................................................................................................................................. 3 1.
2.
3.
Inleiding ...................................................................................................................................................................................................................... 4 1.1
Aanleiding..................................................................................................................................................................................................... 4
1.2
Wettelijk kader .......................................................................................................................................................................................... 4
Stikstofdepositie................................................................................................................................................................................................. 6 2.1
Ligging ten opzichte van Natura 2000-gebieden....................................................................................................... 6
2.2
Uitgangspunten ...................................................................................................................................................................................... 6
Conclusie ................................................................................................................................................................................................................... 9
Bijlagen: Bijlage 1 – Gebruikersfase Bijlage 2 – Realisatiefase Bijlage 3 – Inzet materieel realisatiefase
3
1. Inleiding In deze rapportage zijn de rekenresultaten te vinden van de berekening die is uitgevoerd met de AERIUS Calculator om de stikstofdepositie op Natura 2000-gebied te bepalen ten gevolge van een ruimtelijke ontwikkeling. Er zijn geen rekenresultaten gevonden hoger dan 0,00 mol/ha/jaar. 1.1
Aanleiding
Initiatiefnemer is voornemens om een bestaande woonark te verplaatsen. Het betreft hier een verplaatsing van enkele tientallen meters. Om een nieuwe locatie voor de woonark te realiseren dient er grond te worden afgegraven, om zo circa 150 m2 nieuw wateroppervlak te creëren. Tevens wordt er op het land een drietal parkeerplaatsen gerealiseerd. De oude/voormalige locatie van de woonark zal niet worden gewijzigd, zodoende vinden hier geen werkzaamheden plaats. In onderstaande locatie is de planlocatie nader aangeduid.
Afbeelding 1 - Oude (onder) en nieuwe (boven) locatie woonark (bron: www.perceelloep.nl)
1.2
Wettelijk kader
Voorheen diende op grond van het Programma Aanpak Stikstof (PAS), welke in juli 2015 van kracht werd, berekend te worden of een nieuwe (bouw)activiteit tot een significante toename leidde van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Onder het PAS golden enkele drempel- en grenswaarden. Deze waarden bepaalden of een toename van stikstofdepositie significant was en zo ja, of er dan een meldingsplicht of een vergunningplicht
4
stikstofdepositieberekening
gold. Door te rekenen met het voorgeschreven rekenprogramma AERIUS Calculator werd automatisch met die drempelwaarden rekening gehouden. In het geval van de meldingsplicht kon de planontwikkeling aanspraak kan maken op benutting van de ontwikkelingsruimte die voor een Natura 2000-gebied gold, totdat deze niet meer voorradig was. Als gevolg van de uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 mag het PAS niet meer gebruikt worden als toestemmingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen die leiden tot een toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden. De drempel- en grenswaarden uit het PAS zijn daarmee ook niet meer van toepassing. Ten behoeve van een voortoets in het kader van Bal, Artikel 11.6, lid 2 onder a en b is de toekomstige situatie berekend. Sinds de vernieuwing van de AERIUS Calculator op 16 september 2019, en na de laatste update van 1 oktober 2024, kan correct berekend worden of er überhaupt sprake is van stikstofdepositie op Natura 2000-gebied. Daarbij dient zowel de gebruikersfase als de realisatiefase doorgerekend te worden. Zodra er geen rekenresultaten boven de 0,00 mol/ha/jaar zijn, is er geen belemmering voor een plan op het gebied van stikstofdepositie.
5
2.
Stikstofdepositie
Nieuwe plannen moeten beoordeeld worden op de mogelijke stikstofdepositie op nabijgelegen Natura 2000-gebieden. Om inzicht te krijgen in de mogelijke stikstofdepositie, gaat dit hoofdstuk in op de afstand van de planlocatie tot Natura 2000-gebieden, de referentiesituatie en de toekomstige situatie. Om de toekomstige situatie te realiseren zal er een realisatiefase zijn welke ook inzichtelijk wordt gemaakt. 2.1
Ligging ten opzichte van Natura 2000-gebieden
In onderstaande afbeelding is de ligging van de planlocatie ten opzichte van Natura 2000-gebied weergegeven. Hieruit blijkt dat het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied, Botshol, op circa 11.500 meter afstand van de planlocatie ligt.
Afbeelding 2 - Ligging planlocatie (i) t.o.v. dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied (bron: AERIUS Calculator)
2.2
Uitgangspunten
Voor het berekenen van de stikstofdepositie in de relevante Natura 2000-gebieden in de omgeving van het plangebied, is gebruik gemaakt van AERIUS Calculator versie 2024 (beschikbaar sinds 1 oktober 2024). In de berekeningen zijn de emissies van NOx en NH3 van de relevante emissiebronnen meegenomen. 2.2.1
Referentiesituatie
Gezien er binnen de gebruikersfase en realisatiefase geen sprake is van een depositie hoger dan 0,00 mol/ha/jaar, is de referentiesituatie niet meegenomen in deze berekening.
6
stikstofdepositieberekening
2.2.2
Gebruikersfase
In de nieuwe situatie wordt een bestaande woonark naar een nieuwe ligplaats verplaatst. Hierbij vinden er geen aanpassingen aan de woonark zelf plaats. Voor de emissie van de bestaande woonark is uitgegaan van het kengetal van een bestaande, vrijstaande woning, met een emissie van 3,59 kg NOx. Verkeersgeneratie Tevens vindt er stikstofemissie plaats door de verkeersgeneratie van de woonark. Conform CROW publicatie 744 ‘Parkeerkencijfers 2024, basis voor parkeernormering’ heeft een vrijstaande woning een verkeersgeneratie van maximaal 8,6 mvt ‘licht verkeer’ per etmaal. Dit is gebaseerd op een locatie in de ‘rest bebouwde kom’ van ‘zeer sterk stedelijk gebied’. Voor de volledigheid is ook een verkeersgeneratie van zwaar vrachtverkeer opgenomen, uitgaande van 0,02 ritten per woning per etmaal. De bronlijn loopt vanaf de planlocatie via de Uiterweg in oostelijke richting tot aan de rotonde met de Burgemeester Kasteleinweg en de Oosteinderweg. Hier gaat het verkeer op in het heersende verkeersbeeld. Koude start Naast de verkeersgeneratie is in de berekening de ‘koude start’ van voertuigen opgenomen. Voertuigen met een koude motor stoten meer emissie uit dan met een warme motor. In de ‘Handreiking Koude Start’ wordt uitgegaan van 2 koude starts per woning, en 1 koude start per openbare parkeerplaats, per etmaal.
Binnen het initiatief worden geen openbare parkeerplaatsen gerealiseerd, zodoende is gerekend met 2 koude starts. De emissie van koude starts vindt plaats in de eerste 10 tot 30 seconden, de bron is zodoende ingetekend op de locatie van de parkeerplaatsen. Als peiljaar is gekozen voor 2026. Conclusie
Uit de berekening blijkt dat er in de gebruikersfase geen stikstofdepositie plaatsvindt op Natura 2000gebied. De rekenresultaten zijn te vinden in bijlage 1. 2.2.3
Realisatiefase
Om het plan te kunnen realiseren zijn er werkzaamheden nodig. Hoewel wordt getracht om zo efficiënt en duurzaam mogelijk te bouwen, is het niet mogelijk om een volledig stikstofemissieloze realisatiefase te bewerkstelligen. Er wordt gebruik gemaakt van machines, maar er is ook een verkeersaantrekkende werking door bouwverkeer.
7
Als peiljaar is gekozen voor 2025. Werkverkeer
Om de verplaatsing mogelijk te maken zal er sprake zijn van werkverkeer. Voor het realiseren van de ligplaats (uitgraven ligplaats gereed maken perceel) wordt er gerekend op 10 vrachten ‘zwaar vrachtverkeer’ om grond af te voeren. Verder voorziet deze berekening in 10 ritten ‘middelzwaar vrachtverkeer’. Daarnaast zal werkend personeel zorgen voor 100 ritten met ‘licht verkeer’. De aantallen zijn ruim ingeschat en verdubbeld ingevoerd (verkeer gaat heen én weer). Tevens is het stationair draaien van het aantal vrachten zwaar vrachtverkeer opgenomen in de berekening middels een bronlijn door het gehele plangebied. De emissie is bepaald conform bijlage 1 van de Instructie Gegevensinvoer 2023.2, waarbij voor elk voertuig uit is gegaan van 0,5 uur stationair draaien. In de berekening komt dit neer op 0,0045 kg NH3 en 0,3729 kg NOx. Voor de ritten licht verkeer is tevens uitgegaan van 1 koude start per voertuig, ervan uitgaande dat dit werkend personeel betreft die de gehele dag op locatie aanwezig zijn. Daarnaast wordt de woonark over het water versleept naar de nieuwe ligplaats. Hiervoor is in de berekening rekening gehouden met een duwstel die eenmaal per jaar 100% beladen is. Dit is een zwaar worst case scenario gezien het laadvermogen van een duwstel. Hiermee wordt aangetoond dat de verplaatsing geen belemmering heeft op het gebied van stikstofdepositie. Inzet mobiele werktuigen
Om de bouw mogelijk te maken, zal gebruik gemaakt worden van mobiele werktuigen. Er is gerekend op de inzet van werktuigen zoals is opgenomen in bijlage 3. Conclusie
De rekenresultaten zijn te vinden in bijlage 2. Er zijn geen rekenresultaten gevonden hoger dan 0,00 mol/ha/jaar.
8
stikstofdepositieberekening
3. Conclusie Uit de berekeningen blijkt dat er door de gewenste ontwikkeling geen strijdigheden ontstaan met de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebied. Er vindt geen stikstofdepositie plaats op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden.
9
10
stikstofdepositieberekening