Bijlage 2 – Concept Begroting 2026 incl meerjarenbegroting 2026-2029
Tekst van het document
Actualisatie 2025 en Begroting 2026 14 april 2025
Gemeenschappelijke Regeling Openbare Gezondheidszorg Amstelland
1
Inhoudsopgave Voorwoord Programma’s 1.1 Gezond leven 1.2 Leefomgeving 1.3 Infectieziekten, CSG en tuberculosebestrijding 1.4 Hygiëne en Inspectie 1.5 Jeugdgezondheidszorg 1.6 Maatschappelijke Geestelijke Gezondheidszorg (MGGZ) 1.7 Forensische Geneeskunde en Medische Advisering 1.8 Bedrijfsvoering 1.9 Algemene dekkingsmiddelen 1.9.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 1.9.2 Solvabiliteitsratio 1.9.3 Netto schuldquote 1.9.4 Structurele exploitatieruimte 1.9.5 EMU-saldo 1.9.6 Onderhoud kapitaalgoederen 1.9.7 Financiering 1.9.8 Overhead 1.9.9 Wet normering topinkomens (WNT) 1.10 Baten en lasten 1.11 Meerjarenraming 2025 - 2029 1.11.1 Meerjarenraming per taakveld 1.12 Meerjarenbalans 2025 – 2029 1.13 Toelichtingen 1.13.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 1.13.2 Toelichting op de baten en lasten 1.13.3 Toelichting op de meerjarenbegroting 1.13.4 Toelichting op de meerjarenbalans
3 5 6 7 8 10 12 18 19 20 21 21 24 24 24 24 24 24 25 25 26 27 28 29 30 30 30 32 32
Bijlage 1 – Begroting per taak
33
2
Voorwoord
Voor u ligt de actualisatie 2025 en de begroting 2026 van de Gemeenschappelijke Regeling Openbare Gezondheidszorg Amstelland (GR OGZ Amstelland), gebaseerd op de taken zoals beschreven in het productenboek en het basispakket Jeugdgezondheidszorg (JGZ), en de bestuurlijk gemaakte afspraken die daarbij horen. Begroting 2025 t.o.v. de geactualiseerde begroting 2024 Er wordt geïndexeerd volgens de richtlijnen van de gemeente Amsterdam. De begroting 2025 was met 3 procent gebaseerd op een nominale ontwikkeling voor de lonen in 2024. Naast de indexatie is in 2025 zichtbaar dat er € 130.000 bij is gekomen voor de Visinorm. De Visinorm betreft een formatienorm die landelijk is vastgesteld voor het uitvoeren van de kerntaken van afdeling Infectieziekten. Daarnaast is er in 2025 een daling van € 21.454 omdat het thematisch onderzoek door Technische hygiënezorg (THZ) niet meer in de GR is opgenomen. Verder was de verwachting dat in 2025 € 63.405 minder besteed werd aan de uitvoering van plustaken door de jeugdgezondheidszorg. Geactualiseerd begroting 2025 t.o.v. de begroting 2025 In deze actualisatie 2025 is die indexatie met 2 procent verhoogd naar 5 procent. Het totaalbedrag in de geactualiseerde begroting wordt over de deelnemende gemeenten verdeeld naar de inwoneraantallen per 1 januari 2024 volgens het CBS.
Hiernaast is er een stijging van € 102.268 bij JGZ, deze stijging komt door een geactualiseerde berekening van de benodigde inzet in 2025. Ook bij Inspectie Kinderopvang is er naast de indexatie een stijging van de verwachte lasten voor een bedrag van € 10.617, dit is toe te rekenen aan de verwachtte benodigde uren voor inspecties. Daarnaast is in de geactualiseerde begroting een bezuiniging verwerkt van € 23.489. Dit komt voort uit de bezuinigsopdracht ter hoogte van € 100.000. Het resterend bezuinigingsbedrag betreft jeugdgezondheidszorg en gaat in 2026 bezuinigd worden. De bezuiniging is naar rato verdeeld over de afdelingen en daarmee programmaonderdelen van deze begroting. De bijdrage aan de soapoli, tuberculosebestrijding en het verhogen van vaccinatiegraden zijn buiten de bezuinigingen gehouden. Hieronder zijn deze mutaties op een rij gezet:
Begroting 2026 In de begroting 2026 is een procentuele verhoging toegepast van 5%. Bij JGZ is de stijging van de verwachte lasten berekend op basis van de verwachte benodigde inzet en hierdoor vallen de verwachte lasten lager uit dan de indexatie. In de begroting 2026 is ook de bezuiniging van € 20.000 van Jeugdgezondheidszorg verwerkt en de vrijval van de reserve van het resultaat 2024. Voor Inspectie Kinderopvang dalen de verwachtte lasten met € 24.993 vanwege de herijking van het aantal eisen. De 3
rijksmiddelen die hiervoor eenmalig in 2025 beschikbaar waren vervallen in 2026. Hieronder zijn deze mutaties op een rij gezet.
Voor de resterende jaren 2027 tot en met 2029 is het indexeringspercentage niet opgenomen, dit wordt nog bepaald. Er wordt onderscheid gemaakt in taken die uitgevoerd worden voor alle gemeenten, en plustaken die slechts enkele gemeenten afnemen. Plustaken worden uiteraard enkel in rekening gebracht bij de gemeenten die daarvoor kiezen. De bedragen per basis- en/of plustaak worden met de GR afgerekend op basis van daadwerkelijke kosten. En dit gebeurt te zijner tijd aan de hand van de inwoneraantallen per 1 januari 2025.
Bron: CBS
De meerjarenraming van de totale jaarbijdrage per deelnemende gemeenten is in onderstaand tabel weergegeven.
Voor een specificatie per taak verwijzen wij u naar paragraaf 1.11.
4
Programma’s
De GR OGZ Amstelland is er primair voor de uitvoering van de taken die door de dienst in het kader van de Wet publieke gezondheid (Wpg) standaard worden uitgevoerd voor alle gemeenten, zoals beschreven in het productenboek en het basispakket Jeugdgezondheidszorg. Daarnaast is het mogelijk voor de gemeenten om extra taken af te nemen, de zogenaamde plustaken. De Wpg bepaalt dat elke veiligheidsregio een GGD in stand moet houden en een aantal taken op het terrein van publieke gezondheid gezamenlijk uit moet voeren. Deze gezamenlijkheid is bedoeld om ook in tijden van een crisis een goed werkende organisatie op regionaal niveau te hebben, die gemeenten kunnen ondersteunen bij de aanpak van de crisis. De deelnemende gemeenten hebben deze gemeenschappelijke regeling opgericht met het doel de taken op het terrein van de publieke gezondheid in gezamenlijkheid uit te voeren om op die manier invulling te geven aan de artikelen 1 en 2 van de Wet publieke gezondheid. Er is daarbij sprake van onderstaande activiteiten. De basistaken betreffen: • • • • • • • • • • •
Preventieprogramma’s, advisering Monitoring Milieu & Gezondheid Algemene Infectieziektebestrijding Tuberculosebestrijding Centrum seksuele gezondheid (SOA Polikliniek) Technische Hygiënezorg Inspectie Kinderopvang Jeugdgezondheidszorg Maatschappelijke en geestelijke gezondheidszorg Lijkschouwing
De plustaken: • •
Diverse plustaken jeugdgezondheidszorg Ondersteuning meldpunten zorg en overlast (Wijk GGD)
Naast het bovengenoemde zijn er nog taken die de GGD uitvoert voor de publieke gezondheid maar waarvoor gemeenten niet meefinancieren. Die zijn heel verschillend. Het kan gaan over onderzoek, crisesbeheersing, voorlichting of medische advisering. Het draait altijd om de publieke gezondheid
5
1.1 Gezond leven De afdeling Gezond Leven zal ook in 2026 de activiteiten uitvoeren zoals opgenomen in het productenboek. Hieronder valt de aanpak Gezonde School op het Voortgezet Onderwijs en als plustaak de ondersteuning van Primair Onderwijsscholen bij gezonde leefstijl1. Voortbouwend op onder andere de uitkomsten van de gezondheidsmonitors en regionale en lokale beleidsprioriteiten, adviseren we over preventie en gezondheidsbevordering en delen we kennis en ontwikkelingen. In het begin van 2026 wordt door team Monitoring in gesprekken met de gemeenten een verdere verdieping gegeven op de data van de gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen. In het voorjaar van 2026 worden de vragenlijsten voor de jeugdmonitor (klas 2 en 4 Voortgezet Onderwijs) voorbereid. In het najaar van 2026 wordt het veldwerk voor deze monitor verricht. De bezuiniging vanaf 2025 ter hoogte van circa € 5.500 voor Gezond Leven wordt ingevuld door minder advies en ondersteuning op de gezondheidsthema’s van de adviseur gezondheid en preventie. Er zal minder deelgenomen worden aan thematafel Ouderen en andere thematafels.
1 Indien beschikbaar en aangevraagd kunnen scholen met rijkssubsidies extra worden ondersteund.
6
1.2 Leefomgeving Op het gebied van Milieu en Gezondheid stelt de GGD kennis en kunde beschikbaar. De activiteiten blijven gelijk, ook met de bezuiniging per 2025. Voor het volgen van (regionale en landelijke) ontwikkelingen nemen we deel aan netwerken. Door de bezuiniging zal mogelijk een vertraging optreden bij het oppakken van meldingen en/of verstrekte adviezen en voorlichting kunnen afnemen. De taken veranderen niet, we: • onderhouden het netwerk binnen de diverse gemeenten en reageren op vragen, meldingen en klachten van burgers en het geven van voorlichting; • bieden ondersteuning en beleidsadvies op onderwerpen zoals luchtkwaliteit, geluidsoverlast (waaronder laag frequent geluid), ruimtelijke ordening en de grote bouwopgave in de regio, houtrookoverlast, windturbines, Schiphol, de omgevingswet, elektromagnetische velden, chemische stoffen, waterkwaliteit, loden drinkwaterleidingen, bodemsaneringen, asbest, binnenmilieu in woningen en scholen, stilte, groen in de stad, MER-procedures, eikenprocessierups; • dragen bij aan projecten en beleidsplannen in de Amstellandgemeenten, zoals actieplannen luchtkwaliteit en geluid, een richtlijn gevoelige bestemmingen, projecten rond specifieke bouwplannen, de omgevingswet, enzovoorts; • stellen onderzoek in naar de kwaliteit van het binnenmilieu op een school of kinderdagverblijf.
7
1.3 Infectieziekten, CSG en tuberculosebestrijding De GGD voert op basis van de Wet publieke gezondheid (Wpg) kerntaken uit op het gebied van infectieziektebestrijding. Deze taken omvatten het geven van advies en voorlichting, het uitvoeren van bron- en contactonderzoek en het behandelen van infectieziekten waar nodig. Sinds december 2023 geldt de nieuwe landelijke VISI-norm, gebaseerd op ervaringen tijdens de COVID-19 pandemie. Deze norm bepaalt de benodigde basisbezetting voor een effectieve uitvoering van deze kerntaken. De pandemie heeft aangetoond dat de bezetting bij de GGD onvoldoende was. Het Rijk heeft in 2023-2024 incidenteel extra middelen beschikbaar gesteld. Vanaf 2025 zorgen gemeenten voor de financiering van een benodigde basisbezetting voor een effectieve infectieziektebestrijding. De bezuiniging vanaf 2025 wordt opgevangen zonder wijziging van de taken. 3.1 Infectieziekten De GGD in de regio Amstelland staat voor een aantal uitdagingen die leiden tot meer infectiemeldingen en uitbraken. Dit komt mede door bevolkingsgroei, toename van kwetsbare groepen, een afname van de vaccinatiegraad en klimaatverandering, wat risico’s op ziekten die worden overgedragen door muggen en teken vergroot. We zullen de impact op de inwoners van bezuiniging van circa € 6.000 per 2025 tot een minimum beperken.
Verdere bezuinigingen op Algemene Infectieziekten en de bezuinigingen die vermeld staan in het hoofdlijnenakkoord van het rijk zetten de basisbezetting (opgenomen in de zogeheten VISI-norm) verder onder druk. De VISI-norm dient om de capaciteit voor een kwalitatief verantwoorde wijze van Infectieziektebestrijding op peil te houden. Als die vermindert wordt het lastiger snel te reageren op uitbraken en neemt het risico op verspreiden van infecties toeneemt. Voorbereiding op toekomstige uitbraken blijft essentieel en wettelijk verplicht. Het is echter onzeker of het Rijk na 2025 aanvullende financiering biedt voor pandemische paraatheid. Binnen dit programma wordt vooralsnog extra ingezet op: meer voorlichting en onderzoek, werven en opleiden van personeel van hoge kwaliteit en een sturende rol binnen bovenregionale en landelijke samenwerkingsverbanden. In de miljoenennota is echter een bezuiniging van 300 miljoen euro aangekondigd. Naar verwachting komt het Rijk snel met een oplossing om de financiering voor pandemische paraatheid structureel te borgen. De GGD blijft zich hier onverminderd hard voor maken. 3.2 Tuberculosebestrijding Tuberculose (tbc) is een meldingsplichtige ziekte vanwege de besmettelijkheid van longtuberculose en het risico voor de volksgezondheid. De bestrijding richt zich op het opsporen en behandelen van de ziekte tbc en van tbc-infecties (TBI).
De infecties zijn niet besmettelijk. Het doel is om nieuwe gevallen van de ziekte tbc en verdere verspreiding te voorkomen. De grootste groep van de screening komt uit hoog-incidentielanden, zoals India. Behandeling duurt minimaal zes maanden bij de ziekte tbc en drie maanden bij een infectie. Na een aantal jaren stijging van de instroom van immigranten, lijkt dit aantal in 2024 te stabiliseren. De verhoging van het budget per 2025 heeft ertoe geleid dat we deze groep tijdig kunnen blijven screenen met normalisatie van de werkdruk. Daarbij kunnen we ons nu richten op het verder optimaliseren van ons screeningsbeleid van deze en andere risicogroepen; de immigranten screenen we sinds oktober 2024 op een eerder moment op een tuberculose-infectie, tegelijkertijd met de verplichte binnenkomstscreening (longfoto). Naar verwachting zal met het aangepaste beleid het aantal gevonden tuberculose infecties toenemen, hetgeen betekent dat onze preventieve werkzaamheden uitbreiden ter voorkoming van nieuwe gevallen van de ziekte tbc. 3.3 Centrum Seksuele Gezondheid Het centrum seksuele gezondheid Amsterdam (CSGA) voert binnen de GR bron-en contactopsporing uit wanneer een soa geconstateerd is. Het betreft een gemeentelijke taak die buiten de landelijke financiering valt. Gemeenten moeten deze taak zelf financieren.
8
Het centrum seksuele gezondheid in het kort Het centrum seksuele gezondheid Amsterdam houdt zich bezig met de soa-bestrijding en het bevorderen van de seksuele gezondheid in Amsterdam en Amstelland. Het betreft aanbod voor specifieke doelgroepen2, zoals geformuleerd in de regeling aanvullende seksuele gezondheidszorg. Binnen deze regeling verzorgt het centrum seksuele gezondheid met landelijke middelen consulten curatieve soa-zorg, waarin aandacht is voor testen, behandelen en preventie. Ook biedt het centrum PrEP-consulten, waarmee wordt ingezet op de preventie van hiv-infecties. Jongeren tot 25 jaar kunnen daarnaast terecht op de seksualiteitsspreekuren, waar vooral veel hulpvragen over anticonceptie, seksueel geweld en rond zwangerschap worden besproken. Het centrum seksuele gezondheid Amsterdam is bovendien regionaal coördinator van de landelijke regeling aanvullende seksuele gezondheid. Landelijke ontwikkelingen De activiteiten van het centrum seksuele gezondheid worden hoofdzakelijk gefinancierd vanuit de landelijke regeling aanvullende seksuele gezondheid. Het betreft een regeling met een specifieke uitkering (SPUK). In het regeerprogramma van kabinet Schoof is opgenomen dat SPUKs overgeheveld en gedecentraliseerd worden naar gemeenten en worden gekort met 10 procent. Tijdens dit schrijven is hier nog geen definitief besluit over genomen.
Het centrum seksuele gezondheid houdt in ieder geval rekening met een korting op de landelijke uitkering. Met als risico dat aanvullende seksuele gezondheidszorg minder toegankelijk wordt voor de doelgroepen.
2 Waaronder mannen die seks hebben met mannen (MSM), mensen die gewaarschuwd zijn n.a.v. bron- en
contactonderzoek, slachtoffers van seksueel geweld, sekswerkers.
9
1.4 Hygiëne en Inspectie In het kader van de GR OGZ Amstelland voert het team Hygiëne en Inspectie twee taken uit: • Toezicht op kinderopvang (kinderdagverblijven, buitenschoolse opvang, gastouderbureaus, gastouders) en tatoeage- en piercingstudio’s. De laatste taak is extern gefinancierd. • Advies in het kader van de Wet publieke gezondheid om de hygiëne en infectiepreventie bij diverse instellingen en collectieve voorzieningen te verbeteren. De bezuiniging per 2025 is verwerkt door te stoppen met de bijdragen aan informatiebijeenkomsten voor houders van kinderopvangorganisatie (circa € 6.500). En door minder frequent aandacht te besteden aan de lijst met instellingen waar een verhoogd risico is op de verspreiding van pathogene micro-organismen. Dit gezien de aard van de doelgroep en de omstandigheden waaronder de activiteiten worden verricht. Door de lijst eens per twee jaar te actualiseren wordt circa € 500 bezuinigd. 4.1 Inspectie Kinderopvang De inspectie Kinderopvang inspecteert jaarlijks alle kinderdagverblijven, buitenschoolse opvang, gastouderbureaus en 50% van de gastouders. Als het team Inspectie Kinderopvang bij een inspectie aanleiding voor handhaving ziet, stuurt zij een signaal naar de afdeling handhaving van de betreffende gemeente. Na de handhaving door de gemeente krijgt de Inspectie Kinderopvang opdracht om de naleving te onderzoeken.
In de afgelopen jaren is geleidelijk het flexibele toezicht ingevoerd. Dit houdt in dat per locatie wordt bekeken welke inspectie-eisen worden beoordeeld en dat geen sprake is van een verplichte set aan inspectie-eisen die bij elke locatie wordt beoordeeld. Het toezicht is daardoor minder voorspelbaar en meer maatwerk. In 2025 is er een incidentele toename van de kosten. Dit heeft te maken met de herijking van een aantal eisen. Om die reden zijn er voor 2025 extra Rijksmiddelen (ca. € 25.000) ter beschikking gesteld voor het toezicht. In 2026 zijn die Rijksmiddelen er niet meer. Voor 2025 is het benodigd bedrag € 509.756. Dit heeft te maken met het feit dat er alleen voor 2025 extra Rijksmiddelen beschikbaar zijn gesteld. De begroting voor 2026 is € 509.756 – € 24.993 = € 484.763 x 5% = € 509.001. In de geactualiseerde begroting 2025 en begroting 2026 zijn de bedragen hierop aangepast en wijkt de toename daarom af van de indexatie. De arbeidsmarktkrapte in de kinderopvang zorgt er daarentegen nog steeds voor dat er weinig nieuwe aanvragen voor kinderopvang, buitenschoolse opvang en gastouderopvang zijn.
10
4.2 Hygiënezorg en Legionellapreventie Op basis van de Wet publieke gezondheid voert Hygiëne & Inspectie de volgende taken uit: Legionella preventie Dit betreft bronopsporing bij patiënten met legionellose en het geven van advies aan instellingen/bedrijven als een verhoogde concentratie legionellabacteriën in hun leidingwater is aangetroffen. Algemene technische hygiënezorg (THZ) De GGD functioneert als vraagbaak op het gebied van hygiëne en infectiepreventie. Zorginstellingen en publieke voorzieningen moeten te allen tijde een vraag over hygiëne en infectiepreventie aan de GGD kunnen stellen. De deskundige infectiepreventie van de GGD kan de voorziening van een antwoord of advies op maat voorzien. Om zicht te hebben op de publieke voorzieningen en de eventueel aanwezige risico’s op het gebied van technische hygiënezorg, houden we eenmaal per 2 jaar een actuele lijst bij van instellingen met een verhoogd risico. Daarnaast bieden we ondersteuning aan collectieve voorzieningen bij een uitbraak van infectieziekten. Dit is een wettelijke taak van gemeenten met als doel de verdere verspreiding van een infectieziekte te voorkomen. Het team Hygiëne & Inspectie geeft ook advies over de te nemen hygiënemaatregelen om toekomstige uitbraken te voorkomen. Hiervoor bezoeken we locaties, kijken mee en adviseren en geven indien nodig een voorlichting gegeven aan de medewerkers.
Tot en met 2024 is als plustaak thematisch onderzoek ingekocht. Vanaf 2025 is hiervoor geen budget gereserveerd.
11
1.5 Jeugdgezondheidszorg Hier staan we voor De Jeugdgezondheidszorg van de GGD Amsterdam is er voor alle (ongeboren) kinderen, jongeren tot 18 jaar en hun ouder(s) /verzorger(s) in Amstelland. We volgen preventief de ontwikkeling en gezondheid van jeugdigen en voeren het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) uit. Ouders, jeugdigen en professionals kunnen bij ons terecht voor informatie en advies over opgroeien en opvoeden. Daarnaast monitoren we de gezondheid van groepen jeugdigen. Op basis van data en trends kijken we gericht wat er speelt en adviseren we wat nodig is. We zijn een netwerkorganisatie en werken op individueel en collectief niveau samen met onze partners uit het sociale-, medische- en publieke gezondheidsdomein. Hier gaan we voor Alle jeugdigen hebben gelijke kansen om gezond en veilig op te groeien en zich optimaal te ontwikkelen. Daarom geven we extra aandacht en zorg aan kinderen en gezinnen waarbij dit (tijdelijk) niet vanzelfsprekend is. We sluiten aan bij de leefwereld van jeugdigen en ouders. Dit doen we door wijkgericht te werken en zorg op maat te bieden. We geloven in de eigen (veer)kracht van jeugdigen en gezinnen. Samen kijken we naar mogelijkheden in plaats van belemmeringen, zodat een kind met zelfvertrouwen de toekomst tegemoet gaat en optimaal kan deelnemen aan de maatschappij.
Hieronder worden eerst relevante ontwikkelingen besproken die JGZ raken, daarna wordt beschreven wat we willen bereiken en wat we daarvoor gaan doen. Tenslotte worden de kosten weergegeven. Ontwikkelingen die de JGZ raken Er speelt een aantal landelijke en lokale ontwikkelingen die van invloed zijn op de Jeugdgezondheidszorg en op de begroting voor 2026. Landelijke ontwikkelingen Uit het regeerakkoord en de miljoenennota blijkt dat het huidige kabinet de komende jaren fors gaat bezuinigen op publieke gezondheid. Zo verdwijnen belangrijke financiële middelen voor de uitvoering van het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Daarnaast wordt er fors gesneden in de specifieke uitkeringen en subsidies van VWS. Dit zal de GGD en ook de JGZ raken. Dit gaat ten koste van preventie en de ‘beweging naar de voorkant’. De JGZ heeft alle kinderen en ouders in beeld en speelt een belangrijke rol door het signaleren, klein houden van vragen en zorgen over opvoeden en opgroeien om te voorkomen dat deze uitgroeien tot grotere problemen. Hiermee dragen we bij aan de beperking van de instroom in duurdere (jeugd)hulp. Daarbij werken JGZ professionals vanuit een brede blik en kijken zij ook naar achterliggende oorzaken van gezondheidsproblemen, zoals armoede en psychische problematiek van ouders. Deze leiden heel vaak tot stress in een gezin.
De professionals kijken wat en wie er nodig is om de oorzaak op te lossen. Vaak is dat niet jeugdhulp, maar bijvoorbeeld hulp bij het verminderen van schulden. Door op de JGZ en preventie te bezuinigen, verwachten we dat de vraag naar jeugdhulp en zorg toenemen. Rijksvaccinatieprogramma Met de vaccinaties uit het Rijksvaccinatieprogramma worden kinderen beschermd tegen besmettelijke infectieziekten. Hoge vaccinatiegraden zijn belangrijk om mensen tegen deze ernstige ziektes te kunnen blijven beschermen en om uitbraken te voorkomen. Er zijn veel ontwikkelingen rondom het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). De volgende ontwikkelingen zijn relevant voor 2026: • In 2023 zagen we landelijk en ook in Amstelland opnieuw een daling in de vaccinatiegraden onder kinderen en jongeren. Dit is zorgelijk, een daling betekent meer risico voor de volksgezondheid. De JGZ merkt dat zij steeds meer inspanningen moet doen om (ouders van) kinderen en jongeren die zich niet laten vaccineren, te bereiken. We verwachten dat er de 12
komende jaren extra inspanningen nodig zijn om de vaccinatiegraden binnen de streefnorm van de WHO te brengen en te houden. In 2024 zijn we al gestart met het laagdrempelig vaccineren in de buurt. Er wordt momenteel gewerkt aan een regio brede analyse van de vaccinatiegraden met bijbehorende aanpak en interventies voor het verhogen van de vaccinatiegraden. We verwachten de tweede helft van 2025 de gerichte interventies in te kunnen zetten. Om dit in 2026 te kunnen blijven doen en daadwerkelijk impact en resultaat te creëren, zijn financiële middelen nodig voor 2026 en verder. We weten uit ervaring dat het verhogen van de vaccinatiegraden een langere adem vergt. •
VWS heeft naar aanleiding van advies van de Gezondheidsraad besloten een viertal RVP-schema wijzigingen door te voeren vanaf eind 2024. Dit betekent dat kinderen en jongeren bepaalde vaccinaties op een andere leeftijd gaan krijgen. Deze verschuivingen in het RVP schema hebben grote impact op organisatie en uitvoering van het RVP gedurende meerdere jaren tot 2030. VWS dekt tussen 2025-2030 eenmalig kosten voor de implementatie van de RVP-schema wijzigingen.. De financiering voor de vier wijzigingen loopt via het gemeentefonds.
•
De Gezondheidsraad heeft begin 2024 geadviseerd om alle baby’s in Nederland in hun eerste levensjaar de RSV-prik aan te bieden. De staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft dat advies overgenomen. Het streven is om de prik vanaf het najaar van 2025 in het RVP op te nemen.
Kansrijke Start: de eerste 1000 dagen aanpak In 2026 gaan we door met Kansrijke Start. Elk kind dat geboren wordt in een kwetsbare situatie heeft een grotere kans op een achterstand in de ontwikkeling ten opzichte van een kind dat geboren wordt in een situatie zonder problemen. We willen dat alle kinderen en jongeren in Amstelland kansrijk opgroeien in een veilige, sociale en gezonde omgeving en dat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen. De gemeenten in de regio Amstelland zijn actief in het uitdragen van het belang van Kansrijke Start. Samenwerking met partners in het publieke, sociale, medische en veiligheidsdomein is hierbij essentieel. De JGZ wil de samenwerking met partners verder versterken en uitbouwen. De JGZ is een belangrijke partner in de geboortezorgketen en kan met de prenatale huisbezoeken tijdens de zwangerschap voor kwetsbare gezinnen voor een doorgaande lijn pre- naar postnataal en daarmee voor continuïteit in zorg. In 2026 blijven we om die reden investeren in goede contacten en samenwerkingsafspraken in de keten en blijven we inzetten op interventies die bijdragen aan een Kansrijke Start, zoals Centering Parenting.
Intensievere trajecten ziekteverzuimbegeleiding Uit diverse onderzoeken en ook in de praktijk merken we dat er in het voortgezet onderwijs een grotere groep leerlingen is, die mentale gezondheidsproblemen heeft en schoolverzuim en -uitval toeneemt . Als gevolg hiervan zien we een toename in het aantal aanmeldingen voor ziekteverzuimbegeleiding van leerlingen. De jeugdartsen zetten zich samen met partners in om te voorkomen dat deze leerlingen langdurig uitvallen. We zien dat de problemen waar deze leerlingen mee kampen zwaarder zijn en de trajecten intensiever. Veel van deze leerlingen hebben specialistische jeugdhulp nodig. Er zijn echter lange wachtlijsten. Dit betekent dat de JGZ vaak deze wachtperiode moet overbruggen. Dit vraagt meer inzet van jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen. Zorg voor nieuwkomers en vluchtelingen In de regio Amstelland wonen relatief veel nieuwkomers en vluchtelingen. De JGZ biedt deze groep zorg op maat, we zien die (kwetsbare) gezinnen die onze ondersteuning en zorg nodig hebben. Wanneer nodig geven we vaccinaties. Ook wijzen we gezinnen de weg in de Nederlandse gezondheidszorg, bijvoorbeeld naar de huisarts of de tandarts. We merken dat het bereiken van en de zorg voor kwetsbare nieuwkomers intensief is en zorgt voor extra inspanningen voor de JGZ.
13
Arbeidsmarkt De JGZ wil een aantrekkelijke werkgever blijven. Professionals werven, boeien en binden blijft een opgave in de krappe arbeidsmarkt. We blijven hierop inzetten. Ook gaan we door met het herverdelen van taken tussen beroepsgroepen ( jeugdarts- jeugdverpleegkundig- en doktersassistent). Verder kijken we hoe we slimmer kunnen samenwerken met onze partners, zodat we de benodigde zorg in de toekomst kunnen blijven bieden aan kinderen en gezinnen. Stelselwijzigingen In de gemeenten in Amstelland zijn de jeugdstelsels in ontwikkeling. De gemeenten zetten binnen de beschikbare middelen in op een sterke sociale basis en op tijdige en passende hulp dichtbij en op maat. De JGZ signaleert, normaliseert, kijkt naar onderliggende factoren van gezondheidsproblemen en schakelt hulp in waar nodig. Helaas is er sprake van wachtlijsten voor het inschakelen van specialistische jeugdhulp. De periode die de JGZ in deze gevallen vaak overbrugt, zorgt voor extra druk op het werk van de JGZ. Huisvesting JGZ Toekomstbestendige en optimale huisvesting van de JGZ in Amstelland is belangrijk. De locatie moet voor ouders en kinderen uitnodigend zijn om naar toe te komen. Dat betekent prettig, laagdrempelig en goed bereikbaar zijn.
Naast dit belang, speelt er een aantal strategische vraagstukken en ontwikkelingen rondom huisvesting, bijvoorbeeld of de JGZ eventueel samen met een partner gehuisvest kan worden ter versterking van de samenwerking. Om deze redenen is het belangrijk dat de GR Amstelland en GGD/JGZ tot een gemeenschappelijk huisvestingsplan komen. De eerste stappen hiervoor zijn gezet. De gemeenten zijn verantwoordelijk voor financiering van de huisvesting van de JGZ teams. De GGD/JGZ levert input op het gebied van wensen en behoeften ten aanzien huisvesting zodat de gemeenten dit kunnen meenemen in hun plan. Besluitvorming over het ontwikkelen van het huisvestingsplan door de regio moet nog plaatsvinden. De kosten hiervoor kunnen daarom nog niet concreet in deze begroting worden meegenomen, maar komen na akkoord aanvullend op deze begroting.
Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? Inzetten op het verhogen van de vaccinatiegraden: voor de uitvoering van het Rijksvaccinatieprogramma zijn aanvullende maatregelen nodig om kinderen en ouders te bereiken en de vaccinatiegraden binnen de streefwaarden van de WHO te houden (zie paragraaf ‘Rijksvaccinatieprogramma’). We werken aan een regiobrede verkenning met aanpak en passende interventies, aansluitend bij de behoefte van ouders en jongeren. Continueren belangrijke thema’s en interventies: we blijven ons inzetten op belangrijke thema’s zoals Kansrijke Start, het tegengaan van overgewicht en obesitas, van schoolverzuim onder jongeren en digitalisering. Versterken van outreachend, datagestuurd werken en het bieden van zorg op maat: we willen die gezinnen, groepen en scholen die de JGZ het hardst nodig hebben nog beter bereiken door het datagestuurd en outreachend werken verder te versterken. Hierbij is het van belang om beschikbare data te benutten om te onderbouwen welke gezondheidsvraagstukken er spelen per gemeente, om mede op basis daarvan effectieve preventie en zorg in te zetten, die aansluit op de vragen en omstandigheden van specifieke doelgroepen en gemeenten. We bieden meer zorg op maat aan kinderen, jongeren en ouders.
We doen dit door samen met ouders en jongeren de zorgbehoefte af te stemmen en afspraken te maken over een flexibele invulling van de contactmomenten. Versterken integrale blik: we richten ons met name op het versterken van de samenwerking met de sociale wijkteams, huisartsen, de geboortezorgketen en de informele zorg.
14
Begroting De begroting is ingedeeld in vier leeftijdsgroepen en twee aparte interventies. De leeftijdsgroepen zijn 04 jaar Baby/Peuter, 4-12 jaar Schoolkind, 12-18 jaar Adolescent en 0-18 jaar Speciaal Onderwijs. De aanvullende interventies zijn Stevig Ouderschap en JGZ op het MBO. In onderstaande tabellen staan de verwachte kindaantallen die zijn gebruikt voor de begrotingen van 2024, 2025 en 2026. Het gaat hier om de kinderen onder zorg, niet het aantal woonachtig in een gemeente. Het aantal kinderen is de basis voor de berekening van de wettelijke taak. Daarmee is het aantal kinderen onder zorg de variabele factor die een kostenstijging of -daling beïnvloedt. Kinderen onder zorg
Begroting Begroting Begroting 2024 2026 2025 1.754 1.705 1.675 0-jarigen 1-4 6.327 6.200 6.092 18.909 18.464 18.321 PO (4 t/m 12) VO (11 t/m 18) 9.905 9.919 9.824 SO 99 99 94 36.994 36.387 36.006 Totaal Tabel 1: Ontwikkeling kindaantallen
Het aantal kinderen 0-4 onder zorg is iets gedaald ten opzichte van de aantallen die zijn meegenomen in de begroting 2024 en 2025. We zien nog steeds een daling in het aandeel van de 0-jarigen, net als de voorgaande 2-jarigen. Als we de aantallen leerlingen voor de begroting 2026 vergelijken met de aantallen begroting 2025, dan zien we dat het aantal PO-, VO- en SO-leerlingen licht daalt ten opzichte van vorig jaar. We zien dus een algehele daling van kinderen en leerlingen onder zorg voor Amstelland. Wat gaat het kosten? Een belangrijke basis voor het opstellen van de begroting is het aantal kinderen onder zorg. In de vorige paragraaf is de ontwikkeling van de kindaantallen weergegeven en toegelicht. De veranderingen in kindaantallen hebben effect op de fte’s die we inzetten om het basispakket uit te voeren. Wijzigingen in aantallen kinderen veroorzaken verschuivingen in de fte’s van de verschillende functies. Het Rijksvaccinatieprogramma is opgenomen in het basispakket JGZ. Voor de uitvoering van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) ontvangen gemeenten een vergoeding via de uitkering uit het Gemeentefonds. Voor enkele onderdelen van het RVP ontvangt de GGD/JGZ echter rechtstreeks een vergoeding. Het gaat op dit moment om; hielprikje, Rota-vaccinatie en Maternale Griepvaccin.
Deze vergoeding verlaagd dus de lasten van de GR Amstelland voor het basispakket JGZ In opdracht van de regiogemeenten, is de GGD met een verkenning gestart naar wat er nodig is om de vaccinatiegraden in de regio te verhogen. De eerste tussenresultaten zijn gepresenteerd. Er is echter nog geen volledig beeld van wat er nodig is. Vandaar dat het bedrag dat voor de uitvoering van de maatregelen een schatting is. Het bedrag is gelijk gehouden aan het bedrag in de Begroting 2025. Het daadwerkelijke bedrag volgt uit de verkenning. De huidige Oekraïense kinderen onder zorg zijn opgenomen in de kindaantallen. Dit betekent dat de basiszorg (=wettelijke taak) voor deze kinderen is verwerkt in de begroting. Daarmee is er vanuit gegaan dat zij geen aanvullende zorg behoeven en/of extra tijd/kosten vergen. Aanvullende zorg en/of extra tijd is voor 2026 financieel dus nog niet geregeld. Mogelijk wordt hierop terug gekomen.
15
Begroting naar leeftijdscategorie (Tabel wordt nog aangepast) 2025 2025 Basispakket leeftijdscategorie Actualisatie x € 1.000 x € 1.000 2.977 3.064 0-4 jaar Baby/Peuter 1.218 1.254 4-12 jaar Schoolkind 750 772 12-18 jaar Adolescent 29 30 0-18 jaar Speciaal Onderwijs 62 64 MBO 99 102 Stevig Ouderschap 674 694 Overige materiële lasten 5.809 5.980 Totaal uitgaven
2026 x € 1.000 3.188 1.319 825 31 67 108 698 6.237
Rijksvaccinatie programma
100
100
100
Totaal uitgaven
5.909
6.080
6.337
Verschil 2026 en 2025 actualisatie x € 1.000 125 65 53 1 3 6 4 256
% stijging of daling 4,1% 5,2% 6,9% 2,6% 5,5% 5,4% 0,6% 4,3% 104,2%
Toelichting wijzigingen Bovenstaande tabellen laten zien dat de begrote kosten 2026 van de JGZ ten opzichte van de geactualiseerde begroting 2025 niet zijn toegenomen. Desondanks zijn er enkele opmerkingen over de Begroting 2026 te maken: • • •
De begrote kindaantallen van 0-4 jaar nemen af. De aantallen 4-12 jaar en die van 12-18 jaar zijn nagenoeg gelijk gebleven. Deze wijzigingen hebben in totaal geen noemenswaardige invloed op het aantal fte primair proces. In de Begroting 2026 is een stijging van de nominale ontwikkeling 2026 verwerkt. Daarnaast heeft de halverwege 2023 doorgevoerde reorganisatie van het planbureau heeft een positief effect op de lasten GR Amstelland.
16
Plustaken Kosten van plusproducten zijn apart opgenomen onder ‘Plustaken’ en komen niet ten laste van de overige gemeenten. Afgesproken is wel dat afrekening van plusproducten via de GR OGZ Amstelland afrekening verloopt. Echter worden enkele plusproducten op verzoek van de gemeente rechtstreeks met hen verrekend. Deze zijn niet opgenomen in onderstaand overzicht
17
1.6 Maatschappelijke Geestelijke Gezondheidszorg (MGGZ) Rond de maatschappelijke geestelijke gezondheidszorg (MGGZ) is de verandering in gang gezet om de beschikbaarheid van het advies- en meldpunt OGGZ uit te breiden voor de gemeenten Amstelveen en Aalsmeer. Zij maken nu ook binnen kantoortijden gebruik van het meldpunt. Voorheen verzorgden zij op weekdagen binnen kantoortijden zelf de beschikbaarheid. De beschikbaarheid van het Advies- en Meldpunt OGGZ is nu voor de gehele regio Amsterdam – Amstelland vergelijkbaar. Deze aanpassing hangt samen met de wens van beide gemeenten om de route van zorgmeldingen voor burgers te verhelderen en niet langer via het Sociaal Loket te laten verlopen. Er is afgesproken dat deze aanpassing in de route wordt geëvalueerd en zo nodig zal worden vertaald in financiële consequenties. Het is nog te vroeg om daar nu al iets over te zeggen. Voor het overige heeft de bezuiniging in 2025 naar verwachting weinig effect op de dagelijkse uitvoering van OGGZ-taken.
18
1.7 Forensische Geneeskunde en Medische Advisering De afdeling Forensische Geneeskunde en Medisch Advisering (FGMA) levert onder meer de inzet van onafhankelijke artsen bij onderzoek van slachtoffers van zedendelicten en geweld, bij lijkschouwingen en bij keuringen voor bijzondere bijstand. Voor de GR OGZ Amstelland levert de FGMA lijkschouwingen en euthanasieverklaringen. In 2026 zijn er geen veranderingen wat betreft de uitvoering van deze activiteiten. Zoals vorig jaar aangekondigd is er wel een nieuw landelijk tarievensysteem en kostprijsmodel. De uitwerkingen van deze veranderingen konden in afwachting van informatie vanuit het Rijk nog niet meegenomen worden voor deze begroting. Daadwerkelijk uitgevoerde lijkschouwingen en euthanasieverklaringen worden conform de GRsystematiek apart aan de gemeenten doorbelast. Daarnaast wordt een beschikbaarheid Lijkschouw verrekend.
19
1.8 Bedrijfsvoering De bedrijfsvoering wordt uitgevoerd door de GGD Amsterdam. De primaire taken van de GGD worden ondersteund door de teams personeel & organisatie, facilitaire zaken & huisvesting, ICT en financiën (PIJOFACH functies).
20
1.9 Algemene dekkingsmiddelen Er is geen sprake van algemene dekkingsmiddelen binnen de GR OGZ Amstelland. De kosten die worden gemaakt in verband met de uitvoering van het gezamenlijke takenpakket en voor de instandhouding van de bedrijfsvoering organisatie, worden naar evenredigheid van het aantal inwoners verdeeld over de gemeenten die hiervoor een bijdrage uit het gemeentefonds ontvangen. Voor de uitvoering van alle activiteiten wordt er in de begroting een totaal bedrag vastgesteld per gemeente, waarin zowel de basistaken (wettelijke taken), de bedrijfsvoering en plustaken zijn opgenomen. Aan het einde van het jaar wordt het resultaat afgerekend op basis van daadwerkelijke kosten. Het totaal bedrag wordt over de deelnemende gemeenten verdeeld volgens de inwoneraantallen per 01-01-2024 van het CBS. Bij plustaken worden de kosten van die taken verdeeld over de gemeenten waar de taken zijn uitgevoerd. Ook dat gebeurt op basis van de inwoneraantallen per 01-01-2024. Financiering geschiedt volledig via de vijf deelnemende gemeenten Aalsmeer, Amstelveen, Diemen, Ouder-Amstel en Uithoorn. Dit heeft als gevolg dat er door de GR geen zelfstandige financieringstransacties worden aangegaan. Betaling geschiedt via een bankrekening van de Bank Nederlandse Gemeenten.
Verplichte paragrafen Paragrafen die niet terugkomen in dit jaarverslag zijn ‘Lokale heffingen’, ‘Verbonden partijen’ en ‘Grondbeleid’. Deze zijn niet van toepassing.
1.9.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing In de paragraaf weerstandsvermogen dient een inventarisatie te worden geven van de risico’s en van de weerstandscapaciteit, evenals een inventarisatie van het beleid ter zake. De Gemeenschappelijke Regeling Openbare Gezondheidszorg Amstelland loopt risico’s. Een deel van deze risico’s wordt afgedekt door het treffen van maatregelen. De paragraaf risicomanagement en weerstandsvermogen gaat in op de vraag in welke mate de financiële positie toereikend is om de financiële gevolgen van de risico’s op te kunnen vangen. Anders gezegd: hoe is de relatie tussen de risico’s waar geen maatregelen voor zijn getroffen en de capaciteit van middelen en mogelijkheden die de organisatie heeft om de niet begrote kosten op te vangen. De weerstandscapaciteit (algemene reserve) van de GR OGZ Amstelland bedraagt na de jaarrekening 2025 € 680.680. De gemeenschappelijke regeling moet een basis set van financiële kengetallen opnemen in de begroting en de jaarrekening. Het betreft hier netto schuldquota, solvabiliteitsratio en structurele exploitatieruimte. Naast de door het Besluit Begrotingsverantwoording voorgeschreven kengetallen, is tevens de weerstandsratio toegevoegd.
21
Risicoprofiel (Strategisch) Risico
Waarde
Kans klasse
Mate van beïnvloeding
Beheersing
1
Bij staken overeenkomst met Amsterdam dient de GR de boekwaarde van de investeringen aan Amsterdam te betalen.
Boekwaarde investeringen 31-12-2025 = € 91.393.
1
Hoog
2
Krap zijn en blijven van de arbeidsmarkt voor artsen en verpleegkundigen maakt dat vacatures moeilijk vervuld worden.
Risico is dat JGZ een lager bereik haalt en onvoldoende kan voldoen aan de maatschappelijke opdracht. Risico is niet financieel.
2
Laag
- Blijven investeren in werving en opleiding voor jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen. - Innovatieve wervingsacties uitzetten in samenwerking met vacatureloket en andere partners. - Mogelijkheden om secundaire arbeidsvoorwaarden aan te passen om medewerkers wonend buiten Amsterdam aan te kunnen nemen.
3
BTW kwestie: loopt vanaf 2008. De GGD heeft, samen met PWC, aan het ministerie gevraagd of de GGD BTW in rekening moet brengen over de geleverde diensten aan de GR Amstelland.
21% van de kosten bedrijfsvoering ad € 765.883 = € 160.835.
3
Laag
Er is geen antwoord van het Ministerie ontvangen. In overleg met Fiscaal Advies & Control (FAC) is afgesproken een reactie van de Belastingdienst af te wachten.
Bij staken overeenkomst met Amsterdam kan er nog sprake zijn van lopende huurcontracten m.b.t. de panden die als JGZ locatie gebruikt worden.
Bij beëindiging per 31-12-2025 zal er nog € 1.137.393 aan huur betaald moeten worden.
1
Hoog
Dit is financieel het grootste risico, maar de kans dat dit zich voordoet is zeer klein. Beheersing zit vooral in het in goed overleg blijven met elkaar.
4
Gedurende 5 jaar = € 804.177.
Referentiebeelden Kwantiteit
Kans
Toelichting kans klasse
klasse
10%
0 of 1 keer per 10 jaar
1
Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het onwaarschijnlijk is dat deze zich in de komende jaren voordoen.
30%
1 keer per 5-10 jaar
2
Deze klasse hanteren we voor risico’s waarvan het niet waarschijnlijk is dat ze zich in het komende jaar voordoen.
50%
1 keer per 2-5 jaar
3
Deze klasse hanteren we voor risico’s die zich in het komende jaar wel maar ook niet kunnen voordoen.
70%
1 keer per 1-2 jaar
4
90%
1 keer per jaar of vaker
5
Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het waarschijnlijk is dat ze zich in het komende jaar zullen voordoen. Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het zeer waarschijnlijk is dat ze zich in het komende jaar gaan voordoen.
22
De totale gevolgen van de risico’s bedragen € 2.024.229. Met bovenstaand classificering wordt de kans klasse toegepast op de risico’s. In de berekening waarbij de kans klasse wordt toegepast vallen de financiële gevolgen van de aangegeven risico’s op een waarde van € 514.725. Het weerstandscapaciteit bedraagt per 31-12-2024 € 680.680, dit leidt tot een ratio weerstandsvermogen van 1.32, wat voldoende is.
Ratio weerstandsvermogen =
Waarderingscijfer A B C D E F
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
Ratio >2.0 1.4-2.0 1.0-1.4 0.8-1.0 0.6-0.8 <0.6
€ 680.680 =
= 1.32 € 514.725
Betekenis uitstekend ruim voldoende voldoende matig onvoldoende ruim onvoldoende
23
1.9.2 Solvabiliteitsratio Het totaal vermogen van de Gemeenschappelijke Regeling Openbare Gezondheidszorg Amstelland bestaat voor 100% uit eigen vermogen, waarmee het een solvabiliteitsratio heeft van 1.0.
1.9.3 Netto schuldquote De netto schuldquote is een raming van het totaal van de volgende financiële vaste activa: • uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente typische looptijd van één jaar of langer; • uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met een rente typische looptijd van één jaar of langer; • overige uitzettingen met een rente typische looptijd van één jaar of langer. Deze zijn in het geval van de GR OGZ Amstelland nul.
1.9.4 Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. De baten komen voornamelijk voort uit de algemene uitkering van het gemeentefonds en zijn structureel van aard.
1.9.5 EMU-saldo Het EMU-saldo wordt op de volgende wijze gedefinieerd: (O-x) – (U-y) = EMU-saldo Hierbij staat O voor de inkomsten (ontvangsten) in een jaar, U voor de uitgaven en x en y voor respectievelijk de inkomsten en uitgaven ten aanzien van aandelen in bedrijven en kredietverstrekking. De opbrengst van de verkoop van aandelen telt dus niet als inkomsten, de aankoop niet als uitgaven. Verder telt lenen en het ontvangen van een aflossing niet als inkomen, en uitlenen en aflossen niet als uitgaven. Het EMU-saldo van de GR OGZ Amstelland is nul, omdat de inkomsten gelijk zijn aan de uitgaven, zonder dat daar inkomsten en/of uitgaven t.a.v. aandelen en kredietverstrekking doorheen lopen.
1.9.6 Onderhoud kapitaalgoederen De GR OGZ Amstelland heeft zelf geen kapitaalgoederen, maar de GGD namens de GR wel. Deze hebben allen betrekking op vernieuwing en onderhoud van de JGZ locaties. Nieuwe investeringen zullen direct gedekt gaan worden vanuit de reserve huisvesting. Hierdoor zullen de kapitaallasten steeds verder zakken tot nul.
1.9.7 Financiering Vanaf begrotingsjaar 2017 is het verplicht om rente toe te rekenen aan programma’s op basis van de omvang van de activa binnen de programma’s. Vanaf begrotingsjaar 2018 moet de rekenrente volgens een vaste formule worden berekend en kan de gemeenteraad deze niet meer vrij bepalen. De invloed van
24
de gemeenteraad op het renteresultaat is vanaf dat moment beperkt tot de keuze om wel of geen rente over het eigen vermogen te berekenen. De omvang van de rente die over het eigen vermogen mag worden berekend, is met ingang van de begroting 2017 gemaximeerd op het gemiddelde rentepercentage dat de gemeente over haar extern aangetrokken leningen betaalt. Het bestuur van de GR OGZ Amstelland heeft tot op heden geen opdracht gegeven om rente over haar eigen vermogen te berekenen.
1.9.8 Overhead De bedrijfsvoering wordt uitgevoerd door de GGD Amsterdam. De primaire taken van de GGD worden ondersteund door de teams personeel & organisatie, facilitaire zaken & huisvesting, ICT & DIV en financiën (PIJOFACH functies). De budgetten t.b.v. GR OGZ Amstelland worden in de begroting vastgesteld door het bestaande budget te verhogen met de nominale ontwikkeling, indien van toepassing.
1.9.9 Wet normering topinkomens (WNT) De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector, kortweg Wet normering topinkomens (WNT), die op 1 januari 2013 in werking is getreden, stelt een maximum aan de bezoldiging van (gewezen) topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector. De bezoldiging van topfunctionarissen dient, ongeacht de hoogte, openbaar gemaakt te worden in de jaarstukken. De voorwaarde is dat zij binnen een periode van 18 maanden meer dan 6 maanden werkzaam zijn geweest voor de (semi-)publieke instelling. De maximale bezoldigingsnorm is in 2024 €233.000, inclusief onkostenvergoedingen en overige beloningen. De WNT kent een verbod op het verstrekken van variabele beloning aan topfunctionarissen. Tevens mag het salaris niet meer worden doorbetaald gedurende een periode waarin de (gewezen) topfunctionaris geen arbeid meer levert. De WNT is niet van toepassing op de Gemeenschappelijke Regeling Openbare Gezondheidszorg Amstelland, aangezien zij zelf geen personeel in dienst heeft. Aan de bestuursleden wordt vanuit de GR geen vergoeding verstrekt. Financieel overzicht 2025 Op de volgende pagina’s wordt de geactualiseerde begroting 2025 en verder cijfermatig behandeld.
Nominale ontwikkeling meerjaren Er is voor de geactualiseerde begroting 2025 gerekend met een nominale ontwikkeling van 2% omdat bij de begroting 2025 reeds uitgegaan was van 3%. In de begroting 2026 is uitgegaan van een nominale ontwikkeling van 5%. De daaropvolgende jaren is er een nominale ontwikkeling toegepast van nul procent. In deze begroting worden de taakvelden ook genoemd, omdat dit een vereiste vanuit Besluit Begrotingsverantwoording (BBV) is.
25
1.10 Baten en lasten
26
1.11 Meerjarenraming 2025 - 2029
27
1.11.1 Meerjarenraming per taakveld
28
1.12 Meerjarenbalans 2025 – 2029 Activa
Passiva
29
1.13 Toelichtingen De begroting is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft.
1.13.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Omgang met overschotten en/of tekorten Een overschot of tekort t.o.v. de begroting komt bij ongewijzigd beleid ten gunste c.q. ten laste van de Gemeenschappelijke Regeling Openbare Gezondheidszorg Amstelland.
1.13.2 Toelichting op de baten en lasten Alle relevante inhoudelijke toelichtingen per programma is opgenomen in hoofdstuk 1 Programma’s. Algemene toelichting baten De baten van GR OGZ Amstelland vloeien voort uit gemeentelijke bijdragen en vergoedingen vanuit het Rijk. De bijdragen van gemeenten zijn de opbrengsten vanuit de periodieke facturatie aan de vijf gemeenten. Deze periode factureringen geschieden op basis van de vastgestelde begroting. Ten behoeve van hielprikken, welke uitgevoerd wordt door Jeugdgezondheidszorg, wordt er een bijdrage geleverd vanuit het RIVM. Tot slot kunnen meerkosten gedeclareerd worden bij het ministerie van VWS. Algemene toelichting kosten De kosten worden geschat aan de hand van de geraamde baten. Hierdoor komt het begrotingssaldo, na dotaties en onttrekkingen aan reserves, op 0. De kostensoorten die geraamd zijn om de taken uit te voeren worden hieronder toelichting. Personeelskosten Onder deze post vallen de directe personeelslasten van de formatie die uitsluitend voor GR OGZ Amstelland werkzaamheden uitvoert. Deze formatie heeft enkel betrekking tot het GR OGZ Amstelland team binnen de afdeling Jeugdgezondheidszorg. 30
Overige goederen en diensten Dit is een verzamelpost van goederen en diensten om de activiteiten uit het ‘Productenboek OGZ Amstelland’ ten uitvoer te brengen. Het heeft voornamelijk betrekking op de doorbelasting van zowel bedrijfsvoering als huisvesting. Het laatste omvat voornamelijk huur- en servicekosten. Kapitaallasten Aan deze lasten liggen de afschrijvingen en toegerekende omslagrente van kapitaalgoederen ten grondslag. Een kapitaalgoed is dit boekjaar volledig afgeschreven waarbij in de begroting per abuis de rentelast van het desbetreffende kapitaalgoed niet is meegenomen. Hierdoor ontstaat er een klein verschil. Bankkosten Onder deze post vallen kosten van het betalingsverkeer en de servicekosten. De bankkosten worden niet begroot waardoor de afwijking overeenkomstig het totaal van de bankkosten is. Interne leveranties Onder interne leveranties vallen personeelskosten die doorbelast worden aan GR OGZ Amstelland op basis van uur x tarief. Deze lasten vloeien voort uit personeel die ingezet worden ten dienste van GR OGZ Amstelland taken. Toelichting incidentele baten en lasten Volgens het BBV dient de staat van baten en lasten ook een overzicht te bevatten van incidentele baten en lasten. In de begrotingen van GR OGZ Amstelland zijn er geen incidentele baten en lasten opgenomen.
De baten en lasten van GR OGZ Amstelland keren periodiek terug in de meerjarenraming en zo ook in de jaarrekening. Er geldt een structureel bestaand beleid. De mutaties in de reserves zijn tevens structureel van aard, omdat de mutaties voor een periode van langer dan drie jaar plaatsvinden. Het overzicht van de incidentele baten en lasten is te zien in onderstaand tabel. Elk jaar wordt conform afspraak € 40.000 gedoteerd in de reserve Gezondheidsmonitor die weer om de 2 jaar vrijvalt. Het bestuur heeft in 2025 besloten om een bedrag van € 55.000 van het resultaat 2024 te gebruiken ten behoeve van de bezuiniging van JGZ die in 2026 zal plaatsvinden. Hiervoor is in 2025 een reserve gevormd ten laste van het resultaat 2024.
Toelichting op onvoorzien De BBV schrijft tevens voor dat een ‘het geraamde bedrag voor onvoorzien’ opgenomen dient te worden in het overzicht van baten en lasten. In de begroting van de GR OGZ Amstelland 2021 is geen post onvoorzien opgenomen. Onvoorziene uitgaven kunnen gedekt worden uit de Algemene Reserve waarvoor jaarlijks een bedrag gedoteerd wordt.
GR OGZ Amstelland
2024
2025
2026
2027
2028
2029
31
Gebruik onvoorzien
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
1.13.3 Toelichting op de meerjarenbegroting De geactualiseerde begroting 2025 is opgesteld waarbij een nominale ontwikkeling van 2% van toepassing is nadat bij de begroting 2025 al 3% is gehanteerd. Voor 2026 is uitgegaan van een indexatie van 5% . De opvolgende jaren 2027 tot en met 2029 is vooralsnog uitgegaan van een nulpercentage.
1.13.4 Toelichting op de meerjarenbalans Activa ▪
Op de bankrekening van de GR OGZ Amstelland worden in principe alleen nog mutaties in reserves verwerkt en de resultaten per jaar verrekend met de gemeenten.
Passiva ▪
▪
▪
Tot en met 2026 vindt er een reserve mutatie plaats ten behoeve van de taak Gezondheidsmonitor welke, om de twee jaar, gedurende twee jaren achter elkaar uitgevoerd wordt. In 2024 bedraagt de reserve Huisvesting € 320.152. Dat bedraagt 3,27% van de begroting 2025. Conform de afspraken in de Gemeenschappelijke Regeling mag deze maximaal 5,00% van de begroting bedragen. Vanaf 2022 is de reserve niet meer gegroeid omdat de gemeente Diemen zich dan volledig had ingekocht. Dit betekent, omdat de begroting door prijsindexering wel blijft groeien, dat deze reserve procentueel zal afnemen. De reserve gezondheidsmonitor is in 2024 en zal in 2025 aangesproken worden. Vanaf 2026 zal er gedurende drie jaar € 40.000 worden gedoteerd aan deze reserve om per 2028 weer de gezondheidsmonitor uit te kunnen voeren.
32
Bijlage 1 – Begroting per taak
33