Bijlage 2 Bijlagen toelichting bestemmingsplan ‘Hornweg tussen 293 en 309’_Optimized
Tekst van het document
In de figuren 1.1 en 1.2 is de ligging van het plangebied weergegeven.
Figuur 1.1. Globale ligging van het plangebied (rood omkaderd) ten opzichte van de omgeving. Bron: PDOK, kaart 2023.
blad 4 van 33
datum 24 april 2023 projectnummer 0485059.100 betreft Natuurtoets Hornweg Aalsmeer
Figuur 1.2. Gedetailleerde ligging van het plangebied (rood omkaderd). Bron: PDOK, kaart 2023
1.2
Doel Het doel van de natuurtoets is om een goed eerste beeld te krijgen van de (beschermde) natuurwaarden die in het plangebied en de (directe) omgeving aanwezig (kunnen) zijn. Dit gebeurt door het uitvoeren van een bureaustudie en oriënterend terreinbezoek. Op basis hiervan wordt getoetst of in het kader van de Wnb als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling negatieve effecten kunnen optreden. Daarnaast wordt ingegaan op de eventuele vervolgstappen die noodzakelijk zijn.
1.3
Leeswijzer De natuurtoets is als volgt opgebouwd: Hoofdstuk 1 beschrijft de aanleiding van de natuurtoets en voorgenomen ontwikkeling; Hoofdstuk 2 beschrijft het gebied en toetst de (in de omgeving) aanwezige beschermde soorten, beschermde gebieden en beschermde houtopstanden aan de natuurwetgeving en overige beleidskaders. Tevens wordt hier kort aandacht besteed aan kansen voor de natuur; Hoofdstuk 3 bevat de conclusies en advies over de te nemen vervolgstappen. In bijlage 1 wordt het wettelijk kader beschreven. In bijlage 2 wordt de methodiek van voorliggende natuurtoets beschreven.
blad 5 van 33
datum 24 april 2023 projectnummer 0485059.100 betreft Natuurtoets Hornweg Aalsmeer
2.
Effectbeschrijving en -beoordeling In paragraaf 2.1 wordt allereerst een gebiedsbeschrijving van het plangebied gegeven. Vervolgens wordt in paragraaf 2.2 de effectbepaling van het plan gegeven. In paragraaf 2.3 t/m paragraaf 2.7 wordt respectievelijk ingegaan op de aanwezigheid van en toetsing aan de Wnb van beschermde soorten en aanwezige invasieve soorten, Natura 2000-gebieden, NNN, overig provinciaal beleid van de provincie Noord-Holland en beschermde houtopstanden. In paragraaf 2.8 worden kansen voor het verhogen van de natuurwaarden in het plangebied uiteengezet. Indien blijkt dat een onderdeel van paragraaf 2.3 t/m paragraaf 2.7 niet relevant is voor voorliggend planvoornemen, vindt er geen toetsing van het voornemen aan de Wnb (of ander relevant beleidskader) van dat onderdeel plaats.
2.1
Gebiedsbeschrijving: resultaat terreinbezoek Op 6 april is vanaf circa 11:00 uur een oriënterend terreinbezoek uitgevoerd door een deskundig ecoloog van Antea Group bij bewolkt weer met een temperatuur van circa 7 °C. Tijdens het terreinbezoek is het plangebied te voet geïnspecteerd. Het plangebied is een klein braakliggend terrein in een gebied met afwisselende bebouwing en percelen met een agrarische functie, gelegen aan de Hornweg in Aalsmeer. Het gebied in de directe omgeving is waterrijk en het perceel wordt omsloten door drie watergangen. Hierbij gaat het om één grote watergang en twee kleinere watergangen die het perceel scheiden van de naastgelegen percelen. Het terrein is grotendeels onbegroeid of begroeid met een korte kruidenvegetatie kenmerkend voor ruderale gronden. De grond van het terrein was ten tijden van het veldbezoek droog, hard en vrij van plekken met stagnerend water. Opslag van bomen of struweel is geheel afwezig. Het perceel is niet volledig omheind met hekwerk en wordt gebruikt als hondenuitlaatplaats. Het perceel is in het verleden in gebruik geweest als agrarisch terrein. De twee kleine watergangen die het plangebied scheiden van aangrenzende percelen zijn vrij van watervegetatie, troebel en ondiep. In figuur 2.1 is een impressie gegeven van het plangebied.
blad 6 van 33
datum 24 april 2023 projectnummer 0485059.100 betreft Natuurtoets Hornweg Aalsmeer
Figuur 2.1. Impressie van het plangebied.
2.2
Effectbepaling voornemen De volgende activiteiten vinden plaats als gevolg van het planvoornemen die een effect kunnen hebben op (het leefgebied van) (beschermde) soorten en beschermde gebieden: -
2.3
Er wordt mogelijk (tijdelijke) verlichting geplaatst; Er is sprake van geluidsverstoring/optische verstoring gedurende de werkzaamheden; Er is mogelijk sprake van geluidsverstoring/optische verstoring in de gebruiksfase van de woningen, na voltooiing van de werkzaamheden.
Soortbescherming In de onderstaande paragrafen worden per soortgroep de resultaten van het bureauonderzoek en het oriënterend terreinbezoek beschreven. Op basis van het bureauonderzoek en het oriënterend terreinbezoek wordt ingegaan op de mogelijk effecten die als gevolg van het planvoornemen op mogelijk aanwezige beschermde soorten kunnen optreden. Indien negatieve effecten op beschermde soorten niet zijn uit te sluiten, wordt geadviseerd over de te nemen vervolgstappen.
2.3.1
Vogels Soorten met een jaarrond beschermd nest (categorie 1 t/m 4) Tabel 2.1: Overzicht van waargenomen vogelsoorten met een jaarrond beschermd nest in de omgeving van het plangebied (met een straal van 2,5 km)(NDFF, 2018-2023).
Soort Buizerd Gierzwaluw Havik Huismus Sperwer Wespendief
Categorie 4 2 4 2 4 4
Zoals blijkt uit de bureaustudie is een aantal vogelsoorten waargenomen in de omgeving van het plangebied waarvan de broedplaatsen jaarrond beschermd zijn en waar bij verwijdering of aantasting van de vaste rust- en verblijfplaats, alsook bij wezenlijke aantasting van de functionele leefomgeving, altijd ontheffing moet worden aangevraagd. Dit zijn boombroedende soorten (zoals buizerd en sperwer) en gebouwbroedende soorten (zoals huismus en gierzwaluw) en overige soorten (zoals grote gele kwikstaart en steenuil). Deze laatstgenoemde soortgroep is niet in de omgeving waargenomen en heeft geen potentieel leefgebied in (de omgeving van) het plangebied. Deze worden daarom niet verder behandeld. Tijdens het terreinbezoek zijn bij de omliggende percelen van het plangebied verschillende groepjes huismussen waargenomen, in het plangebied echter niet. Overige soorten met een jaarrond beschermd nest zijn niet waargenomen tijdens het terreinbezoek. Boombewonende soorten Tijdens het terreinbezoek zijn in (de directe omgeving van) het plangebied geen grote nesten in bomen aangetroffen die kunnen toebehoren aan boombroedende soorten met een jaarrond beschermd nest. De aanwezigheid van nestplaatsen van boombroedende soorten met een jaarrond beschermd nest kan in (de directe omgeving van) het plangebied worden uitgesloten.
Het plangebied kan wel onderdeel uitmaken van de functionele leefomgeving van boombroedende vogelsoorten met een jaarrond beschermd nesten die in de
blad 7 van 33