CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Toelichting bestemmingsplan ‘Hornweg tussen 293 en 309’

1b. Commissie Ruimte Oordeelsvormend 17 september 2024, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘Hornweg tussen 293 en 309’12.421 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bestemmingsplan

Hornweg tussen 293 en 309

Bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309

Projectnummer 0485059.100 Revisie 00 Datum 3 oktober 2024

Auteur(s)

Opdrachtgever

datum vrijgave beschrijving revisie vastgesteld

goedkeuring

vrijgave

Copyright © Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4

Inleiding Aanleiding en doel Ligging en begrenzing plangebied Vigerende plannen Leeswijzer

5 5 5 6 7

Hoofdstuk 2 2.1 2.2

Planbeschrijving Huidige situatie Voorgenomen initiatief

9 9 10

Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 3.4

Beleidskader Inleiding Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid

13 13 13 16 17

Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12

Omgevingsaspecten Inleiding Verkeer en parkeren Archeologie en cultuurhistorie Bedrijven en milieuzonering Water Bodem Stikstof Externe veiligheid Geluid Ecologie Luchtkwaliteit Vormvrije m.e.r. beoordeling

23 23 23 24 26 27 29 30 31 32 34 36 38

Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3 5.4

Uitvoerbaarheid Inleiding Actuele regionale behoefte Maatschappelijke uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid

41 41 41 41 42

Hoofdstuk 6 6.1 6.2 6.3 6.4

Juridische toelichting Inleiding Voorgeschreven standaarden Systematiek van de planregels Artikelgewijze toelichting

43 43 43 43 44

Toelichting

blad 3 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

blad 4 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Hoofdstuk 1

1.1

Inleiding

Aanleiding en doel BNVB Projects is voornemens om op een braakliggend perceel aan de Hornweg in Aalsmeer drie vrijstaande woningen met in totaal 9 parkeerplaatsen te realiseren. Het perceel bevindt zich tussen Hornweg 293 en 309 in en bestaat uit kavel 6423 en 8784. De richtlijnen voor de herontwikkeling zijn vastgesteld in het lintenbeleid van de gemeente Aalsmeer.

Figuur 1. Braakliggend plangebied

1.2

Ligging en begrenzing plangebied De Hornweg in gemeente Aalsmeer is een lange straat die begint bij de Zwarte weg en eindigt bij de Palingstraat (figuur 2). Het plangebied ligt aan de westzijde van de straat. Op figuur 2 is te zien waar het plangebied zich precies bevindt aan de Hornweg.

blad 5 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Figuur 2. Hornweg en plangebied Het oppervlakte van het totale plangebied bedraagt ca. 2.660 m2. In de huidige situatie wordt het perceel niet gebruikt en heeft daarbij ook geen adresaanduiding.

Figuur 3. Plangebied Aan de noordzijde van de Hornweg bevinden zich woningen en aan de zuidelijke kant van de weg bevinden zich vooral agrarische bedrijven met bedrijfswoningen. Veel van deze bedrijven zijn ook bereikbaar vanaf de Legmeerdijk (N231).

1.3

Vigerende plannen Het vigerende bestemmingsplan is het bestemmingsplan 'Nieuw Oosteinde' , dat op 13 juni 2013 is vastgesteld (figuur 4). Op de gronden in het plangebied zijn de volgende bestemmingen en aanduidingen van kracht: Enkel bestemming 'Agrarisch - Tuinbouw' met daarbinnen ruimte voor agrarische bedrijfsuitoefening door middel van open teelt en glastuinbouw.

blad 6 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Het plangebied heeft de enkelbestemming 'Agrarisch'. Binnen deze bestemming geldt een bouwvlak met een maximum bouwhoogte van 8m en een maximum goothoogte van 5m. Het bouwvlak heeft een oppervlakte van ca. 1.035 m2.

Figuur 4. Vigerende bestemmingsplan (bron: ruimtelijkeplannen.nl) Het plan voor de bouw van 3 woningen is niet mogelijk binnen het huidige bestemmingsplan. De bestaande bouw en gebruiksmogelijkheden worden met dit nieuwe bestemmingsplan herzien.

1.4

Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt de huidige situatie en het voorgenomen initiatief van het plan doorgenomen. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 de juridische vertaling van de visie van het bestemmingsplan doorgenomen. In hoofdstuk 4 komt de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan aan bod. Hoofdstuk 5 tot en met 7 geven de achtergronden, motivatie en toelichting op de gemaakte keuzen weer die hebben geleid tot de planopzet. In hoofdstuk 5 wordt een beschrijving van het plangebied gegeven. Vervolgens worden in hoofdstuk 6 de beleidskaders doorgenomen. De omgevingsaspecten komen aan bod in het laatste hoofdstuk.

blad 7 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Figuur 5. Vooraanzicht plangebied vanaf de Hornweg

blad 8 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Hoofdstuk 2

Planbeschrijving

2.1

Huidige situatie Geschiedenis De plek Oosteinde waar de Hornweg zich bevindt is een buurtschap in de gemeente Aalsmeer. Oosteinde ligt ten oosten van het dorp Aalsmeer. Het oudste gedeelte van Oosteinde vormt een lintbebouwing. Noordelijk van de lintbebouwing ligt de Haarlemmermeer en zuidelijk het voormalige Oosteinderpoel. De Oosteinderpoelpolder werd in 1886 drooggelegd, hierdoor kreeg de buurt een veel landelijker karakter. Het gebied bevindt zich tussen de Legmeerdijk en de Ringvaart rond de Haarlemmermeerpolder. Tussen deze twee gebieden werden gelijk de Aalsmeerderweg, de Hornweg, de Machineweg en de Kerkweg ingericht. Van oorsprong hadden deze linten een agrarisch karakter. De agrarische bedrijfswoningen stonden dan in het lint en de agrarische bedrijfsbebouwing daarachter. Het buitengebied Aalsmeer is van oorsprong veelal een glastuinbouwgebied. Het ruimtegebruik van dit gebied is intensiever geworden en kent daardoor ook een grotere bebouwingsdichtheid. De bebouwingslinten hadden bij ontstaan een hoge landschappelijke, ecologische en cultuurhistorische kwaliteit. Er zijn echter ontwikkelingen die dit beeld bedreigen. Er zijn door verschillende trends en ontwikkelingen veel glastuinbedrijven verdwenen en de agrarische bedrijfswoningen worden steeds vaker gebruikt als burgerwoningen.

Ook zijn er bedrijven gekomen in de bebouwingslinten en dat zorgt ervoor dat de lintbebouwing wordt onderbroken. Plangebied Het plangebied is gelegen aan de Hornweg tussen nummer 293 en 309. De Hornweg is een straat met lintbebouwing. Specifieke kernmerken van deze lintbebouwing zijn: weg met een groene uitstraling; diversiteit in bebouwingsdichtheden; diversiteit in architectuur; en vrijstaande kleinschalige woonbebouwing evenwijdig aan de (weg) ontginningsas. Ten westen van het plangebied loopt de provinciale weg N201 en ten oosten / zuiden ligt de N231, zoals te zien is in figuur 6. Nieuwbouwproject Nieuw Oosteinde ligt ten noorden van het plangebied. Het centrum van Aalsmeer ligt op vrij grote afstand ten westen van het plangebied. Het plangebied bevindt zich in Oosteinde (buurtschap van de gemeente Aalsmeer). Toegang tot de Hornweg is mogelijk via de Machineweg, gelegen in het midden van de Hornweg, of via de Zwarteweg en Middenweg, aan het begin van de Hornweg in het westen. Daarnaast is er nog de mogelijkheid om via de Palingstraat aan het einde van de Hornweg in het oosten de straat te betreden. Ook is de straat lopend te bereiken via het looppad vanaf de Legmeerdijk.

blad 9 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Figuur 6. Omgeving plangebied

Figuur 7. Huidige situatie Hornweg

2.2

Voorgenomen initiatief Voorgenomen initiatief Het perceel tussen Hornweg 293 en 309 wordt ontwikkeld met drie vrijstaande woningen. Deze woningen krijgen ieder een eigen kavel. Kavel A, B en C zijn vrijwel identieke kavels. In figuur 8 is de verbeelding van het kavelpaspoort te zien. De kavels zijn nagenoeg van dezelfde grootte en bieden voor elke woning identieke bouwvlakken en bouwmogelijkheden

blad 10 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

conform gelijke afmetingen. BNVB Projects heeft reeds een principeverzoek ingediend voor het plan. Uit reactie van de gemeente blijkt dat er tegen de realisatie van de drie woningen geen bezwaren zijn, mits wordt voldaan aan de onderstaande eisen (Reactie principeverzoek Hornweg, email gemeente Amstelveen d.d. 11 januari 2023). Het plan voldoet aan deze eisen. Stedenbouwkundige eisen De inrichting van de kavels en bebouwing wordt vormgegeven aan de hand van het gemeentelijk lintenbeleid (2e herziening). Dit betekent dat de volgende eisen van toepassing zijn. Deze specifieke eisen zijn gesteld om de Hornweg zijn huidige identiteit te versterken.

Goothoogte maximaal 4,5 meter (gootlijn mag voor maximaal 30% per dakvlak worden doorsneden); De woningen dienen te worden gerealiseerd met een zadeldak dan wel een mansardekap haaks op de Hornweg; De breedte van de woning mag niet meer bedragen dan 50% van de breedte van de kavel (exclusief vergunningsvrij); De diepte van de woning mag niet meer bedragen van 15 meter (exclusief vergunningsvrij); Geen twee identieke woningen naast elkaar, verschillen in architectonische vormgeving; Bijgebouwen zijn uitsluitend toegestaan voor zover vergunningsvrij; Tenminste 2 parkeerplaatsen op eigen terrein; en Minimale breedte van de kavel van 25 meter voor vrijstaande woningen, tenzij de kavel onderdeel uitmaakt van een reeks van kavels (A,B en C) met een smallere kavelbreedte. In de directe omgeving van de projectlocatie komen meerdere kleine kavels voor die een vergelijkbare breedte hebben als de geprojecteerde kavels in het projectgebied. Derhalve kan van deze eis worden afgeweken en kunnen er drie in plaats van twee woningen worden gerealiseerd (bron: reactie principeverzoek gemeente Amstelveen, d.d. 11 januari 2023).

blad 11 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Figuur 8. Verbeelding kavelpaspoort

blad 12 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Hoofdstuk 3

3.1

Beleidskader

Inleiding In dit hoofdstuk staat een samenvatting van de ruimtelijke beleidskaders die van toepassing zijn voor het plangebied. Iedere paragraaf besluit met een conclusie waarin de betekenis van het beleid voor het project en plangebied is opgenomen.

3.2

Rijksbeleid 3.2.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld; deze is op 15 september 2020 bekend gemaakt. In de NOVI zijn de kaders van het nieuwe rijksbeleid opgenomen. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (2012) wordt door deze nieuwe omgevingsvisie vervangen. De NOVI is ontwikkeld in nauwe samenwerking met provincies, gemeenten, waterschappen, maatschappelijke instellingen en burgers. De NOVI is een instrument van de nieuwe Omgevingswet en loopt vooruit op de inwerkingtreding van die wet. Het is de eerste integrale nationale beleidsvisie conform de Omgevingswet. Vanwege het uitstel van de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de NOVI vastgesteld onder de Wet ruimtelijke ordening als structuurvisie. De inrichting van de NOVI sluit aan op de voorwaarden die op basis van de Omgevingswet aan de visie worden gesteld. Zodra de Omgevingswet in werking is getreden, zal deze structuurvisie gelden als de Nationale Omgevingsvisie, zoals in de Omgevingswet bedoeld. De NOVI bestaat uit een visie, toelichting en uitvoeringsagenda. De visie De NOVI bevat de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Nederland staat voor een groot aantal opgaven, op het gebied van klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw.

De NOVI biedt daarbij een perspectief om deze grote opgaven aan te pakken. Omgevingskwaliteit is daarbij het kernbegrip. Uitvoeringsagenda In de uitvoeringsagenda staat aangegeven hoe het Rijk invulling geeft aan zijn rol bij de uitvoering van de NOVI. In de Uitvoeringsagenda is onder andere een overzicht van instrumenten en (gebiedsgerichte) programma's op de verschillende beleidsterreinen opgenomen. De Uitvoeringsagenda zal, indien nodig, jaarlijks worden geactualiseerd. In de uitvoeringsagenda worden de opgaven centraal gesteld aan de hand van vier prioriteiten. De Uitvoeringsagenda beschrijft de volgende vier prioriteiten: 1. 2. 3. 4.

Ruimte voor klimaatadaptie en energietransitie Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Het doel van de Omgevingswet is het bereiken van een balans tussen: '(a) het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede blad 13 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

omgevingskwaliteit en (b) doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften'. Beschermen en ontwikkelen sluiten elkaar niet per definitie uit en kunnen elkaar zelfs versterken. Echter, beschermen en ontwikkelen gaan niet altijd en overal zonder meer samen en ze zijn soms onverenigbaar. Een optimale balans tussen deze twee vergt steeds een zorgvuldige afweging en prioritering van ongelijksoortige belangen. Om dit afwegingsproces en de omgeving inclusieve benadering richting te geven, is in de NOVI een drietal afwegingsprincipes geformuleerd: Combineren boven enkelvoudig; Kenmerken & identiteit; Afwentelen voorkomen. 3.2.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening De structuurvisie infrastructuur en ruimte is vertaald in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Dit besluit omvat alle ruimtelijke rijksbelangen die juridisch doorwerken op het niveau van bestemmings-en inpassingsplannen. Met het Barro maakt het Rijk proactief duidelijk waar provinciale verordening, inpassingsplannen en gemeentelijke bestemmingsplannen aan moeten voldoen. Uit de regels en kaarten behorende bij het besluit kan worden afgeleid welke aspecten relevant zijn voor het ruimtelijke besluit. Gemeente Aalsmeer ligt binnen de regio Noordwest-Nederland.

Voor deze regio gelden onder meer de volgende opgaven van nationaal belang: Het versterken van de mainport Schiphol en het bijbehorende netwerk van verbindingen door het opstellen van de Rijksstructuurvisie voor de Schipholregio (SMASH); Het robuust en compleet maken van het hoofdenergie netwerk (380 kV); Het tot stand brengen en beschermen van de (herijkte) EHS, inclusief de Natura 2000-gebieden. Uit deze drie hoofddoelen komen onderwerpen voort die van nationaal belang zijn. Structuurvisies hebben geen bindende werking voor andere overheden dan de overheid die de visie heeft vastgesteld. De nationale belangen uit de structuurvisie die juridische borging vragen, worden daarom geborgd in het besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), de Amvb Ruimte. Deze Amvb is gericht op doorwerking van nationale belangen in het Barro zijn bepalingen opgenomen ten aanzien van: 1. Rijksvaarwegen; 2. Project Mainportontwikkeling Rotterdam; 3. Kustfundament; 4. Grote rivieren; 5. Waddenzee en waddengebied; 6. Defensie; 7. Hoofdwegen en hoofdspoorwegen; 8. Elektriciteitsvoorziening; 9. Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen; 10. Ecologische hoofdstructuur; 11. Primaire waterkeringen buiten het kustfundament; 12. IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); 13. Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarden.

3.2.3 Luchthavenindelingbesluit Schiphol (LIB) Vanaf 20 februari 2003 is het Luchthavenindelingbesluit Schiphol (LIB) van kracht, welke nadien enkele malen is gewijzigd. Dit besluit wijst rond het luchthavengebied een beperkingengebied aan. Binnen dat gebied gelden regels voor beperkingen van bestemming en gebruik van grond. Het gaat om beperkingen voor bebouwing, hoogte en het realiseren blad 14 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

van vogelaantrekkende bestemmingen, vogelaantrekkend gebruik, windturbines en lasers. Het voorliggend plangebied ligt net buiten het beperkingsgebied van de LIB (figuur 9). Dit betekent dat nieuwbouw van geluidgevoelige bestemmingen zoals woningen niet getoetst hoeven te worden met betrekking tot de LIB.

Figuur 9. LIB 5 zone 3.2.4 Ladder voor duurzame verstedelijking (artikel 3.1.6 Bro) (2017) De ladder voor duurzame verstedelijking is opgenomen in artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (bro). De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuw stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, moet een beschrijving bevatten van de behoefte aan die ontwikkeling, en indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan voorzien. De beoogde ontwikkeling voorziet in een toename van drie woningen. Voor de ladder is een toetsing nodig vanaf 11 woningen of toevoeging van 500 m2 bvo aan een ander stedelijke functie. De ontwikkeling op de Hornweg is dus niet ladderplichtig. 3.2.5 Conclusie De bouw van 3 woningen aan de Hornweg past binnen de Nationale Omgevingsvisie en het Barro. Het plan sluit met name aan bij de tweede en derde prioriteit 'duurzaam economisch groeipotentieel' en 'sterke en gezonde steden en regio's'. De NOVI heeft echter een dusdanig abstractieniveau dat er geen directe uitgangspunten of uitvoeringsprogramma's op voorliggend plan van toepassing zijn. De NOVI dient op regionaal niveau uitgewerkt te worden zodat een gebiedsgerichte aanpak en maatwerk mogelijk is.

Deze uitwerking heeft nog niet plaatsgevonden en is bovendien op een schaalniveau die het onderhavig besluitgebied overstijgt Het bestemmingsplan is niet in strijd met nationale belangen. Het plan is geen nieuwe stedelijke ontwikkeling en er is voldoende regionale vraag naar het beoogde woonprogramma.

blad 15 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

3.3

Provinciaal beleid 3.3.1 Omgevingsvisie NH 2050 (2018) De Omgevingsvisie Noord Holland 2050 is vastgesteld op 19 november 2018. De provincie wil balans tussen economische groei en leefbaarheid, is het centrale uitgangpunt van de Omgevingsvisie Noord Holland 2050. Dit betekent dat in heel Noord-Holland een basiskwaliteit van de leefomgeving wordt gegarandeerd. Er zijn randvoorwaarden geformuleerd hoe om te gaan met klimaatverandering. De provincie ontwikkelt zoveel mogelijk natuurinclusief en met behoud van (karakteristieke) landschappen, clustert ruimtelijke economische ontwikkelingen rond infrastructuur en houdt rekening met de ondergrond. In de visie zijn 5 bewegingen met ontwikkelprincipes beschreven voor de ontwikkeling van de leefomgeving. 1. 2. 3. 4. 5.

Dynamisch schiereiland. Hierin is het benutten van de unieke ligging van Noord-Holland, te midden van water, leidend. Metropool in ontwikkeling. Hierin wordt beschreven hoe de metropoolregio Amsterdam steeds meer als één stad functioneert. Sterke kernen, sterke regio's gaat over de ontwikkeling van centrumgemeenten die de gehele regio waarin ze liggen vitaal houden. Nieuwe energie, benut de economische kansen van de energietransitie. Natuurlijk en vitaal landelijke omgeving, staan het ontwikkelen van natuurwaarden en een economisch duurzame agrarische sector centraal.

De woningbehoefte wordt vooral in en aansluitend op het bestaande verstedelijkte gebieden gepland, in overeenstemming met kwalitatieve behoeftes en trends. Wonen en werken worden zoveel mogelijk binnenstedelijk gerealiseerd en geconcentreerd. De vraag naar woningen houdt aan, evenals de vraag naar ruimte voor recreatie en andere functies. Tegelijkertijd wil de provincie de landschappen in de metropoolregio Amsterdam sparen. De bebouwingsopgave moet dan ook zoveel mogelijk binnen bestaande kernen plaatsvinden, met een voorkeur voor knooppunten van openbaar vervoer. Verdichting vraagt steeds meer inventiviteit en bestuurskracht. De bebouwde omgeving wordt steeds intensiever gebruikt, de plancapaciteit binnenstedelijk blijkt door een andere kijk op de stad en stedelijkheid een stuk groter te zijn dan lang is gedacht. En zowel bij bestaande bouw als nieuwbouw moet worden ingezet op besparing van energie, en klimaat adaptieve ruimtelijke inrichtingen bij nieuwbouw ook op circulair bouwen. Dit alles moet samengaan met de verdere verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving. Wonen en werken worden binnenstedelijk geconcentreerd (transformeren, bundelen, verdichten). Hierbij houdt de provincie oog voor behoud en versterking van de leefbaarheid in bestaande en nieuwe gebieden.

De provincie houdt ook een vinger aan de pols voor wat betreft de kwalitatieve en kwantitatieve ontwikkeling van de vraag. Regionale afspraken over stedelijke ontwikkelingen moeten bij de vraag blijven aansluiten. Uitgangspunt is-en daarop zal het verkeers- en vervoersnetwerk worden geoptimaliseerd dat men zich effectief, veilig en efficiënt kan verplaatsen, waarbij de negatieve gevolgen van de mobiliteit op klimaat, gezondheid, natuur en landschap steeds nadrukkelijk meegewogen worden. Daarbij heeft men zoveel mogelijk keuzevrijheid in het bepalen van zijn of haar vervoerswijze. De provincie streeft naar compacte en goed bereikbare steden en dorpen met daartussen groene ruimte. Met als doel een beter leefklimaat. Dit sluit aan bij de hoofdambitie van de Omgevingsvisie: balans tussen economische groei en leefbaarheid. De provincie wil knooppuntontwikkeling stimuleren. Met als doel korte reistijden, groen en voorzieningen blad 16 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

dichtbij, snellere routes naar stations, minder uitstoot en behoud van waardevolle natuurlandschappen. Het programma sluit aan op het generieke ontwikkel principe waarbij nieuwe ruimtelijke economische ontwikkelingen zoveel mogelijk worden gesitueerd nabij knooppunten en hoogwaardig OV. Verder geeft het programma invulling aan de principes die gelden voor de bewegingen Metropool in ontwikkeling en sterke kernen, sterke regio's. 3.3.2 Omgevingsverordening Noord-Holland 2020 (vastgesteld 22 oktober 2020) Het beleid voor de fysieke leefomgeving zoals opgenomen in de omgevingsvisie Noord-Holland 2050 is vertaald in regels die in de omgevingsverordening Noord-Holland 2020 zijn vastgelegd. De omgevingsverordening Noord-Holland 2020 stelt algemene regels aan bestemmingsplannen met als doel het veiligstellen van de provinciale belangen. De volgende regels gelden in het plangebied: Soortenbescherming en houtopstanden / herbeplanting Verbod geitenhouderij en windturbines Beschrijving hoe klimaatadaptatie in de ontwikkeling is verwerkt Het plan is een kleinschalige ontwikkeling die niet tot significante aantasting tot gevolg heeft van de kernkwaliteiten van het gebied. Het is daarmee niet in strijd met de omgevingsverordening Noord-Holland. 3.3.3 Conclusie Aalsmeer is onderdeel van de metropoolregio Amsterdam.

De locatie ligt binnen bestaand stedelijk gebied en binnen de invloedssfeer van hoogwaardig openbaar vervoer. De locatie van de ontwikkeling geeft daarmee invulling aan het provinciale beleid om zoveel mogelijk woningen en voorzieningen binnenstedelijk en binnen de invloedssfeer van hoogwaardig OV te realiseren.

3.4

Gemeentelijk beleid 3.4.1 Gebiedsvisie Aalsmeer 2020 Het actuele ruimtelijke beleid van de gemeente is neergelegd in de Gebiedsvisie Aalsmeer 2020, zoals vastgesteld door de raad van de gemeente op 26 november 2009. De Gebiedsvisie heeft de status van structuurvisie op grond van de Wet ruimtelijke ordening. Ingevolge de gebiedsvisie dient het ruimtelijke beleid van de gemeente gericht te zijn op een duurzame en kwalitatief sterke ontwikkeling van economie, wonen en recreatie met als voorwaarde het behoud van de leefbaarheid, het dorpse karakter, de bereikbaarheid en het op peil brengen en houden van voorzieningen. De aandacht dient verlegd te worden van uitbreiding naar verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving. Functies of ontwikkelingen die dit frustreren moeten worden tegengegaan. Uit de gebiedsvisie volgt voor het plangebied een aantal thema's die in het kader van de kwaliteit van de leefomgeving aandacht behoeven: Ruimtelijk karakter Voor Aalsmeer zijn er goede mogelijkheden in een ontwikkelingsrichting die uitgaat van het besef dat de gemeente Aalsmeer over unieke cultuurhistorische en landschappelijke kwaliteiten beschikt. De ruimtelijke structuren zoals de Westeinderplassen, de Bovenlanden, de historische dorpskernen en de lintstructuren, vertellen gezamenlijk het

blad 17 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

verhaal van de ontstaansgeschiedenis van de gemeente. Groen en water De gebiedsvisie richt zich op het creëren van een duidelijke hoofdstructuur en het verkrijgen van meer kwaliteit op het gebied van groen en water op wijkniveau. Door de schaarse ruimte zijn de mogelijkheden daarvoor echter beperkt en is daarom maatwerk gewenst. Behoud en herstel van bestaande structurele water- en groenelementen zijn daarom belangrijke doelen in de gebiedsvisie. Deze doelen kunnen op hoofdlijn worden bereikt door op gemeenteniveau: de Westeinderplassen en Bovenlanden aan te wijzen als structuurdragers van het groen-blauw netwerk; de gebieden die deel uitmaken van het Groene Hart en de sloopzone (veiligheidscontour Schiphol) aan te wijzen als kansrijke zoeklocaties voor verdere structuurversterking van groen en water; de parken als de groene parels van Aalsmeer te beschouwen. En op wijkniveau: aandacht voor de aanwezigheid van groen en water in en nabij nieuwe en bestaande woongebieden. Wonen Op het gebied van wonen wil de gemeente de accenten verleggen en meer aandacht besteden aan de kwaliteit van de woonomgeving. Maar tegelijkertijd wil Aalsmeer ook het woningaanbod op peil houden en in de toekomst geschikte woningen kunnen blijven aanbieden, passend bij de vraag en het karakter van Aalsmeer.

De volgende aspecten zijn daarbij van belang: meer differentiatie in het woningbouwprogramma, aandacht voor de woonomgeving, duurzaam bouwen en duurzame energie, herstructurering en het op peil houden van het woningaanbod. 3.4.2 Nota Parkeernomen Aalsmeer 2016 Eind 2012 heeft het CROW (Landelijk kenniscentrum voor verkeer en vervoer) nieuwe parkeerkencijfers gepubliceerd. De 'oude' cijfers dateren van 2004 en dienden als basis voor de parkeernormen zoals vastgesteld in het Aalsmeer Verkeer- en Vervoerplan (AVVP). In het AVVP zijn echter alleen normen opgenomen voor de categorie 'wonen'. De aanleiding voor deze Nota Parkeernormen Aalsmeer is als volgt: Naast de normen voor de categorie wonen zijn er nog geen parkeernormen vastgesteld voor Aalsmeer (en Kudelstaart); De parkeernormen uit 2004 en uit het AVVP zijn niet meer actueel; De nieuwe kencijfers van het CROW zijn gebaseerd op de meest actuele en recente ervaringscijfers; Parkeernormen moeten vanaf 2018 zijn opgenomen in bestemmingsplannen. Door in toekomstige bestemmingsplannen via de regels een verwijzing op te nemen naar deze Nota Parkeernormen inclusief toepassingsregels wordt aan deze verplichting voldaan en geldt voor iedereen een eenduidig kader. Het vaststellen van parkeernormen en toepassingsregels is om diverse redenen belangrijk blad 18 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

en nuttig. Door het parkeren nadrukkelijk te toetsen en de juiste parkeernorm zo vroeg mogelijk in een planproces te bepalen wordt parkeeroverlast voorkomen en wordt de verkeersveiligheid verbeterd. Indien een ontwikkelaar namelijk te weinig parkeerplaatsen realiseert op eigen terrein, gaan er ook mensen in de omgeving parkeren met mogelijk parkeeroverlast en verkeersonveilige situaties tot gevolg. Voor burgers, bedrijven en ontwikkelaars is met deze nota duidelijk welke normen gehanteerd worden bij een aanvraag. Bovendien bevat de nota duidelijke toepassingsregels om uit te leggen hoe de parkeernormen gehanteerd moeten worden. Hierdoor zorgen we er als gemeente voor dat er voldoende parkeerplaatsen aanwezig zijn en dat mogelijk verwachte parkeerproblemen vanaf het begin van het planproces worden voorkomen. De parkeernormen zijn toegepast op voorliggend plan. Hiervoor wordt verwezen naar paragraaf 4.2. 3.4.3 Woonvisie 2011 – 2020 Op 14 juli 2011 heeft de gemeenteraad de Woonvisie Aalsmeer 2011-2020 vastgesteld. De woonvisie Aalsmeer verwoordt het woonbeleid van de gemeente voor de periode 2011-2020.

Speerpunten zijn: het inspelen op woonwensen, een blijvende zorg voor betaalbaarheid, een voldoende aanbod in de sociale huur, een goede woonruimteverdeling, een goede bereikbaarheid van de koopsector, de beperking van de energielasten, meer kansen voor jongeren/starters op de woningmarkt, een zorgzame gemeente en een ombuiging van kwantiteit naar kwaliteit. Het woonbeleid is vertaald in een woningbouwprogramma. Het woningbouwprogramma sluit aan bij de gewenste aandacht voor betaalbaarheid. Daarnaast wordt er gestreefd naar een grotere variatie van het woonaanbod. De gemeente zet in op variatie op kleine schaal. Dat sluit aan bij de dorpse sfeer en voorkomt het gevoel in een grootschalige nieuwbouwwijk te wonen. Begin 2014 is er een herijking van dit woonbeleid geweest. De conclusie uit deze herijking was dat de doelstellingen uit de Aalsmeerse Woonvisie nog steeds van kracht was, maar dat er in de uitvoering een aantal aanpassingen noodzakelijk was. Dit is vastgelegd in de 'Actualisatie uitvoeringsprogramma Woonvisie Aalsmeer 2014'. Als gevolg van veranderende marktomstandigheden, veranderde wetgeving (Woningwet en Huisvestingswet 2015) is er behoefte aan een actueel uitvoeringsprogramma. De Woonagenda voorziet in deze behoefte.

3.4.4 Het Lintenbeleid Het doel van de op 22 december 2011 vastgestelde beleidsnota "Ruimtelijke beoordeling bouwen in de Linten van Aalsmeer" is om te komen tot een helder toetsingskader voor het beoordelen van ontwikkelen in woonlinten. Inzet van het beleid is om bestaande lintenstructuur te behouden en te versterken. De linten van Aalsmeer hebben van oorsprong een hoge landschappelijke, ecologische en cultuurhistorische kwaliteit. De Hornweg is een planmatig aangelegde lint. Dit zijn linten die zijn aangelegd na de droogmaking van een polder. Het grote verschil met de historische linten is dat de wegen van de planmatig aangelegde linten kaarsrecht zijn. Op 31 oktober 2013 heeft de gemeenteraad het Lintenbeleid 1e herziening vastgesteld. In dit beleidsdocument zijn de linten van Aalsmeer beschreven en is aangegeven onder welke ruimtelijke randvoorwaarden het toevoegen van een woning is toegestaan. Bovendien zijn stedenbouwkundige - en architectonische uitgangspunten opgenomen waaraan het bouwen van een woning in de linten van Aalsmeer moet voldoen.

blad 19 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Op 18 juni 2020 is het Lintenbeleid tweede herziening vastgesteld. Behoefte was aan het aanscherpen en actualiseren van dit beleid op onderdelen. Dit heeft onder andere te maken met de gewijzigde wetgeving ten aanzien van vergunningvrij bouwen en ervaringen uit de praktijk. De gewijzigde inzichten van het Lintenbeleid tweede herziening zijn, voor zover relevant voor dit bestemmingsplan, overgenomen in de regels van het bestemmingsplan. De Hornweg is aangelegd na de droogmaking van de Oosteinderpoel. Deze weg wordt gekenmerkt door overwegend vrijstaande kleinschalige woonbebouwing, één bouwlaag met kap. Het is een van de weinig linten in Aalsmeer waar, door de aanwezigheid van laanbeplanting, de weg een groene (lommerrijke) uitstraling heeft. De bomen dragen bij aan de belevingswaarde van deze weg. Achter de lintbebouwing bevinden zich Green Park Aalsmeer (bedrijventerrein) en het nieuwbouw project nieuw oosteinde. De nieuwe N201 maakt ook een doorsnijding over de Hornweg met een viaduct. Door al deze nieuwe ontwikkelingen heeft dit gebied z'n oorspronkelijke agrarische functie verloren. Een van de weinige boerderijen (Hornweg 261) is enkele jaren geleden aangewezen als gemeentelijk monument. De Hornweg maakt de laatste jaren een belangrijke verandering door.

Met name werd de achter de Hornweg gelegen woonbebouwing gekenmerkt door het gebruik van de gronden voor agrarische doeleinden. Door de komst van Green Park Aalsmeer en de bouw van Nieuw-Oosteinde onderging dit gebied een ware gedaante verandering. Bij dergelijke grootschalige ontwikkelingen is het handhaven dan wel versterken van de lintbebouwing van wezenlijk belang voor het behouden van de identiteit van de Hornweg zelf. Specifieke kenmerken Hornweg: Weg met een belangrijke verkeersfunctie voor het lokale verkeer; Weg met een groene uitstraling door de laanbeplanting; Diversiteit in architectuur; Woningen evenwijdig aan de (weg) ontginningsas; Weg met verschillende identiteiten (door Green Park Aalsmeer, langs Nieuw Oosteinde, verlegde N201); Oorspronkelijke bebouwing veelal kleinschalig en karakteristiek, schaalvergroting bij nieuwe woningen.

Tegen de realisatie van de drie woningen bestaan geen stedenbouwkundige bezwaren mits wordt voldaan aan de navolgende eisen uit het lintenbeleid 2e herziening: Goothoogte maximaal 4,5 meter (gootlijn mag voor maximaal 30% per dakvlak worden doorsneden); De woningen dienen te worden gerealiseerd met een zadeldak dan wel een mansadekap haaks op de Hornweg; De breedte van de woning mag niet meer bedragen dan 50% van de breedte van de kavel (exclusief vergunningsvrij); De diepte van de woning mag niet meer bedragen van 15 meter (exclusief vergunningsvrij); Geen twee identieke woningen naast elkaar, verschillen in architectonische vormgeving; Bijgebouwen zijn uitsluitend toegestaan voor zover vergunningsvrij; Tenminste 2 parkeerplaatsen op eigen terrein; en Minimale breedte kavel van 25 meter voor vrijstaande woningen, tenzij de kavel onderdeel uitmaakt van een reeks van kavels (A,B en C) met een smallere kavelbreedte. 3.4.5 Groenvisie Op 2 oktober 2014 heeft de gemeenteraad van Aalsmeer de Groenvisie 'Groen en blauw voor jou' vastgesteld. De visie geeft inzicht in de koers voor beleid, inrichting en beheer van het groen voor heel Aalsmeer. Een doel van de groenvisie is het verbeteren van de ruimtelijke blad 20 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

structuur door samenhang van groen en water te bevorderen. De Aalsmeerse leefkwaliteit wordt verstrekt door waardevol groen te behouden en de functionaliteit van het groen te versterken. Dit leidt ertoe dat Aalsmeer door bewoners en bezoekers als een waterrijke en groene, bloemrijke gemeente wordt ervaren. Om deze functionaliteit te versterken staan twee doelen centraal: 1.

Het verbeteren van de ruimtelijke structuur door groene-blauwe samenhang aan te brengen en verbindingen te leggen; 2. het verbeteren van de toegankelijkheid en beleefbaarheid van het groen en water voor omwonenden en recreanten. In het Lintenbeleid staat dat de bebouwingslinten groene en recreatieve zones moet versterken. Deze wordt gekenmerkt door smalle kavels, een sloot langs het lint met overwegend groene (niet verharde) erven met bescheiden beschoeiing en een eenvoudige brug bij elke kavel. 3.4.6 Conclusie Het plan past op alle onderdelen binnen het gemeentelijk beleid. De ontwikkeling is in overeenstemming met de Woonvisie en Gebiedsvisie Aalsmeer. Het plan voorziet in de bouw van 3 woningen. De beoogde ontwikkeling kent geen bezwaren, mits wordt voldaan aan de gestelde eisen van het lintenbeleid. Het plan voldoet aan deze eisen. De ontwikkeling zorgt voor toevoeging van vrijstaande kleinschalige variërende woningbouw. Dit is één van de kenmerken van de Hornweg. De ontwikkeling zorgt voor een versterking van de identiteit van de Hornweg zelf. Hiermee is het plan passend binnen de kaders van de Groenvisie en het Lintenbeleid van Aalsmeer.

blad 21 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

blad 22 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Hoofdstuk 4

4.1

Omgevingsaspecten

Inleiding Voor de ontwikkeling van het perceel op de Hornweg is het belangrijk dat tijdens de bouwfase en in de nieuwe situatie sprake is van een goede omgevingssituatie. Deze omgevingstoets gaat in op de verschillende relevante milieuaspecten en op andere omgevingsaspecten, zoals archeologie en cultuurhistorie.

4.2

Verkeer en parkeren Toetsingskader Ruimtelijke ontwikkelingen kunnen ervoor zorgen dat de bestaande behoefte aan parkeerplaatsen verandert. In het kader van een goede ruimtelijke ontwikkeling is het noodzakelijk inzicht te verkrijgen in de verkeerseffecten, waaronder de afwikkeling in en rondom het plangebied. In deze paragraaf wordt ingegaan op de verkeersgeneratie en parkeerbehoefte. Bij de ontwikkeling van de drie vrijstaande woningen op de Hornweg worden voor iedere woning 3 parkeerplaatsen gerealiseerd op eigen terrein (zie Lintenbeleid 2e herziening). Dit houdt in dat er in totaal 9 parkeerplaatsen op het perceel worden gerealiseerd. Onderzoek Voor het berekenen van de verkeersgeneratie en parkeerbehoefte is gebruik gemaakt van de kerncijfers van het CROW. Er is hierbij uitgegaan van een 'matig stedelijk gebied' in de 'rest van de bebouwde kom'. Deze voorwaarden hebben invloed op de mate van verkeersgeneratie. De parkeerbehoefte wordt ook getoetst aan de parkeernorm van Aalsmeer. Huidige situatie In de huidige situatie is er voor het braakliggende perceel geen verkeersgeneratie en parkeerbehoefte. Toekomstige situatie parkeerbehoefte In de toekomstige situatie komen er drie vrijstaande woningen met ieder een bouwvlak (bebouwbaar oppervlak) van ca. 125 m2. Voor de toekomstige situatie worden de normen van de gemeente Aalsmeer aangehouden.

Op basis van de gestelde uitgangspunten van de parkeernota van de gemeente Aalsmeer bedraagt de huidige parkeernorm 2,2 per woning (> 140 m2). Dit houdt in dat er per blad 23 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

vrijstaande woning 2,2 parkeerplekken moeten worden gerealiseerd. In totaal zijn dat 6,6 parkeerplekken voor drie vrijstaande woningen van > 140 m2. De huidige parkeerbehoefte bedraagt op dit moment nog 0 voor het perceel. Voor de parkeerbehoefte van de nieuwe ontwikkeling geldt dat deze 6,6 parkeerplaatsen bedraagt. De ontwikkeling resulteert in 9 parkeerplaatsen op eigen erf. Dit is 2,4 meer dan de benodigde hoeveelheid volgens de nota van de gemeente Aalsmeer. Hier is voor gekozen omdat er in het omliggend gebied geen parkeermogelijkheden zijn voor bijvoorbeeld bezoekers. Het plan voorziet daarmee in ruim voldoende parkeerplaatsen incl. bezoek. Toekomstige situatie verkeersgeneratie Voor de nieuwe situatie wordt weer uitgegaan van de drie vrijstaande woningen.

Op basis van de gestelde uitgangspunten bedraagt de verkeersgeneratie in de toekomstige situatie minimaal 23 voertuigen per weekdag en maximaal 26. Om de verkeersgeneratie per werkdag te berekenen, moet de verkeersgeneratie met factor 1,33 worden vermenigvuldigd (conform CROW). De totale verkeersgeneratie per werkdag bedraagt minimaal 26 en maximaal 29 motorvoertuigbewegingen. Conclusie Voor de verkeersgeneratie geldt dat de huidige verkeersgeneratie 0 motorvoertuigbewegingen per weekdag bedraagt. Op basis van CROW-publicatie 381 is berekend dat de toekomstige verkeersgeneratie maximaal 26 motorvoertuigbewegingen per weekdag bedraagt. Dit is een dusdanig lage verkeersgeneratie dat de effecten op de omgeving nauwelijks merkbaar zullen zijn en dat het niet aannemelijk is dat de toename van het verkeer tot hinder zal leiden. Het plan voldoet aan de gemeentelijke parkeernormen. Verkeer en parkeren vormen hiermee geen belemmering voor het beoogde plan.

4.3

Archeologie en cultuurhistorie Toetsingskader De erfgoedwet bundelt bestaande wet- en regelgeving voor behoud en beheer van het cultureel erfgoed in Nederland. De wet regelt tevens de bescherming van archeologisch erfgoed in de bodem. De uitvoering van de Erfgoedwet en de integratie van archeologie en ruimtelijke ordening is een primair gemeentelijke opgave. In het proces van ruimtelijke ordening moet tijdig rekening worden gehouden met de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden. Op die manier komt er ruimte voor de overweging van archeologievriendelijke alternatieven. Rijk, provincies en gemeenten (laten) bepalen welke archeologische waarden bedreigd worden bij ruimtelijke plannen. Tijdens de voorbereiding van deze plannen is (vroeg)tijdig archeologische (voor)onderzoek belangrijk. De keuze voor een andere bouwlocatie voorkomt de verstoring van belangrijke bodemvondsten. Als dit geen optie is, bestaat de mogelijkheid om binnen de bouwlocatie zelf naar een archeologievriendelijke aanpak te streven. In het uiterste geval wordt een archeologische opgraving uitgevoerd.

blad 24 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Beleidsnota Archeologie Aalsmeer 2016 In de Nota Archeologie Aalsmeer 2016 staat dat de gemeente 5 verschillende categorieën hanteert voor archeologie. Hieronder zijn de categorieën weergegeven in een tabel.

Onderzoek Op basis van het vigerende bestemmingsplan 'Nieuw Oosteinde' geldt geen archeologische verwachtingswaarde voor het plangebied. In onderstaande figuur is een uitsnede te zien van de Archeologiekaart van Aalsmeer. Het plangebied bevindt zich in categorie 5.

Figuur 10. Archeologiekaart Aalsmeer (Bron: Beleidsnota Archeologiekaart Aalsmeer) Cultuurhistorie Het plangebied is gelegen op een regionale wandelroute. Rijks, provinciale en gemeentelijke monumenten bevinden zich allemaal in het westen en noorden van Aalsmeer. Er bevinden zich geen monumenten in en rondom het plangebied. Conclusie Het aspect archeologie en cultuurhistorie vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

blad 25 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

4.4

Bedrijven en milieuzonering Toetsingskader In het kader van een goede ruimtelijke ordening is ruimtelijke afstemming tussen bedrijfsactiviteiten, voorzieningen en gevoelige functies (woningen) noodzakelijk. Milieuaspecten worden geregeld via de daartoe geëigende wetgeving, maar daar waar het de ruimtelijke ordening raakt, dient met deze aspecten rekening te worden gehouden. Het gaat dan om de situering van milieugevoelige objecten ten opzichte van milieuhinderlijke elementen. De toelaatbaarheid van gevoelige functies nabij bedrijvigheid kan globaal worden beoordeeld met behulp van de methodiek van de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' (2009). Hiervoor geldt onderstaande afstandstabel ten aanzien van geluid, stof, gevaar en geur.

Onderzoek Hornweg 293 en de huidige woningen op de Hornweg worden aangemerkt als zijnde 'gemengd gebied'. Er is sprake van matige tot sterke functiemenging met agrarische en andere bedrijvigheid, veelal gelegen aan de achterzijde van het woonlint. Door de komst van Green Park Aalsmeer (bedrijventerrein voor sierteelt en logistiek) en de rustige woonwijk 'Nieuw Oosteinde' heeft de Hornweg zijn oorspronkelijke agrarische functie verloren. Volgens vigerend bestemmingsplan 'Nieuw Oosteinde' zijn er in de omgeving van het gehele plangebied (Nieuw Oosteinde) geen bedrijven gevestigd waarvoor vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening met richtafstanden tot de nabijgelegen woonbebouwing rekening moet worden gehouden. In het bestemmingsplan aan de zuidelijke kant van Hornweg 293 – 309, 'Landelijk Gebied Oost', bevinden zich enkele bedrijven met milieucategorie 1 en 2. Voor de betreffende beoogde woningen op het perceel tussen Hornweg 293 en 309 (gemengd gebied) moet een afstand worden aangehouden van 10 meter. Deze afstand is in overeenstemming met het besluit Glastuinbouw, waarin ook een afstand van 10 meter wordt genoemd. In een gemengd gebied als de Hornweg zijn tuinbouwbedrijven tot en met de milieucategorie 2 met een richtafstand van 10 meter goed verenigbaar met het woonlint.

In de kaart hieronder is te zien dat het gebied ten zuiden van de Hornweg bestaat uit glastuinbouwbedrijven. De afstand van het plangebied tot de zuidelijke kant van de Hornweg bedraagt meer dan 10 meter.

blad 26 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Figuur 11. Glastuinbouw gebied ten zuiden van Hornweg en plangebied Conclusie Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. Alle (glastuin)bedrijven bevinden zich op meer dan 10 meter afstand van het plangebied.

4.5

Water Onderzoek (Antea Group, Watertoets Hornweg Aalsmeer, 30 juni 2023) Het plangebied bevindt zich in Aalsmeer, tussen de Hornweg 293 en 309. Het plangebied ligt oostelijk van de N201 en westelijk van de N231. Het maaiveld varieert van ca. NAP -3,9 m tot ca. NAP -3,7 m. De bodem bestaat conform REGIS en GeoTOP tot ca. NAP -11 m uit een Holocene deklaag (HLc). De Holocene deklaag tot een diepte van ca. NAP -10,75 m uit kleiig zand, zandige klei en leem. Daaronder ligt tot ca. NAP -11,25 m een laag veen. Onder de Holocene deklaag liggen zandlagen behorende tot de formaties van Boxtel en Kreftenheye tot een diepte van ca. NAP -28 m. Deze zandlagen hebben een doorlatendheid variërend van 2,5 m/d tot 50 m/d. Vervolgens zijn tot een diepte van NAP -35 m gestuwde afzettingen aanwezig, deze bestaan uit fijn, midden en grof zand, en kleiig zand, zandige klei en leem. Daaronder zijn zandlagen behorende tot de formaties van Urk en Sterksel aanwezig tot een diepte van NAP -60 m, met doorlatendheden variërend van 10 m/d tot 50 m/d. Van NAP -60 m tot NAP -65 m is een slecht doorlatende laag behorende tot de formatie van Waalre aanwezig, met een weerstand variërend van 100 tot 1000 dagen. Conform lokale ondiepe boringen bestaat de bovengrond uit een kleilaag variërend in dikte van 1 tot 5 meter. Bij de twee oostelijke boringen ligt boven de kleilaag een veenlaag met een dikte van 2 meter.

Onder de kleilaag ligt een zandlaag variërend in dikte van 2 tot 4 meter, bij de meest westelijke boring is een kleilaag aanwezig tussen de zandlagen. Onder de zandlaag zijn vervolgens een kleilaag, veenlaag en zand aanwezig. Conform lokale diepe boringen bestaat de diepe ondergrond voornamelijk uit zand, van wisselende categorie. In de zuidelijke boring zijn enkele kleilagen aanwezig,

blad 27 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

zowel in de bovengrond als in de diepere ondergrond. De grondwaterstanden worden grotendeels bepaald door de oppervlaktewaterpeilen rondom het plangebied. De grondwaterpeilen fluctueren snel en hebben een bolling onder het perceel. In de huidige situatie is drainage aanwezig. Waterberging In het plangebied zullen drie woningen gerealiseerd worden. Elke woning heeft een bouwvlak van 125 m2 . Daarnaast zullen er negen parkeerplaatsen komen van elk 6 m2 , dit bedraagt in totaal 54 m2 . Dit betekent dat in ieder geval 430 m2 van het plangebied verhard is. Het totale plangebied bedraagt 2.660 m2 , waarvan 240 m2 water. Het Hoogheemraadschap van Rijnland gaat uit van 25% verharding van het plangebied (557 m2) naast de 430 m2 aan bebouwing en parkeerplaatsen. Dit tezamen komt neer op 987 m2 extra verharding. Hiervan dient 15%, te weten 148 m2, als compensatie van versnelde afvoer als open water uitgevoerd te worden, een en ander conform het beleid van Rijnland in het plangebied of daarbuiten. De hoeveelheid watercompensatie is afhankelijk van de hoeveelheid toegenomen verharding. Er wordt daarom gerekend met drie scenario's, deze scenario's betreffen de hoeveelheid verharding naast de woning en parkeerplaatsen. Het is namelijk aannemelijk dat er extra verharding zal komen op de kavels, dit in de vorm van bijvoorbeeld schuurtjes, terrassen of paden.

Hiervoor wordt gerekend met een scenario zonder extra verharding, en met een extra verharding ter grootte van 60%, 75% of 90% van het oppervlak van de kavels minus de huizen. De benodigde watercompensatie voor deze scenario's bedraagt 64 m2 tot 341 m2 . Vanuit de gemeente Aalsmeer geldt als waterbergingseis dat 70 mm geborgen moet kunnen worden, primair in het oppervlaktewater. Dit gaat om minimaal 10% van de planoppervlakte. Dit komt overeen met 267 m2 . De waterbergingseis van het waterschap resulteert in een groter benodigd compensatie oppervlak, daarom is deze waterbergingseis maatgevend. Deze compensatie kan gerealiseerd worden door water te graven op de uiteindes van de kavels, met ca. 7,2 m wordt aan de waterbergingseis voldaan. Watersysteem De ontwikkeling heeft invloed op de watergangen nabij het plangebied. Hemelwater wordt afgevoerd naar de watergangen, wat kan zorgen voor peilstijging. Vanwege de benodigde watercompensatie vanuit de gemeente zal er extra water gegraven worden, dit zorgt voor uitbreiding van het bestaande watersysteem. De verwachting is dat dit extra wateroppervlak de afstromende hemelafvoer kan opvangen, dus dat er geen peilstijging plaats zal vinden. Grondwater Om het risico op grondwateroverlast te beperken dient de drooglegging voldoende te zijn.

De drooglegging is de afstand tussen het oppervlaktewaterpeil en het maaiveld, voor het plangebied is dit ca. 1,2 m. Met een opbolling van ca. 30 à 40 cm resulteert dit in een grondwaterstand van ca. 0,8 tot 0,9 m -mv. Het is onbekend of er kelders of kruipruimtes gerealiseerd gaan worden. Eventuele kelderconstructies zullen te allen tijd waterdicht aangelegd moeten worden. Het advies is om het bouwpeil te relateren aan de drooglegging. Hemelwaterafvoer Vanuit de gemeente wordt voor de omgang met hemelwater de voorkeursvolgorde vasthouden-bergen-afvoeren gehanteerd. Bij voorkeur wordt water vast gehouden, dit kan middels doorlatende goten, groene daken, infiltratie in terreinverlagingen in groen, etc. Pas daarna wordt water geborgen in het stedelijk watersysteem. Pas bij volledige benutting van blad 28 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

de berging wordt het overtollige hemelwater afgevoerd naar het regionale watersysteem. Daarom wordt aangeraden om zo veel mogelijk oppervlak van het plangebied onverhard te laten, zodat hemelwater kan infiltreren. Indien infiltratie- of bergingsvoorzieningen aangelegd zullen worden, dienen deze boven de GHG aangelegd te worden. Vuilwaterafvoer De nieuwe bebouwing kan worden aangesloten op de bestaande riolering. Voor het aansluiten van de nieuwe bebouwing op de bestaande riolering moet een rioleringsplan worden opgesteld. Hierover dient met de gemeente Aalsmeer te worden afgestemd. Waterkwaliteit Bij het verwerken (infiltreren of afvoeren) van afstromend hemelwater dient rekening te worden gehouden met de kwaliteit van het water. Tevens dient gewerkt te worden met niet-uitlogende materialen. Dit beide om te voorkomen dat de waterkwaliteit verslechtert. Bij het graven van de watercompensatie moet de aanleg van de natuurvriendelijke oevers worden overwogen. Een natuurvriendelijke oever komt door de zuiverende werking ten goede aan de waterkwaliteit en bevordert de biodiversiteit. Waterkeringen De ontwikkeling heeft geen invloed op primaire of regionale waterkeringen. Klimaatadaptatie Er zijn vanuit de gemeente en het waterschap geen eisen gesteld aan het realiseren van waterberging middels infiltratie of berging in de bodem. Omtrent klimaatadaptatie is dit echter wel aangeraden.

Wegens klimaatverandering en toenemende periodes van droogte in de zomer is het waardevol om hemelwater te infiltreren of bergen in de bodem. Dit kan middels specifieke voorzieningen (bijv. groene daken of infiltratiekratten), maar het helpt ook al aanzienlijk om zo weinig mogelijk oppervlak in de tuinen verhard te maken. Tevens neemt de hittestress toe vanwege de toename aan verharding. Om dit te verlichten is het raadzaam om vegetatie aan te leggen in de tuinen. Vegetatie heeft daarnaast ook een positief effect op de biodiversiteit. Conclusie Het plangebied heeft voldoende ruimte om de benodigde watercompensatie in de vorm van extra oppervlaktewater te realiseren. Er zijn vanuit de waterhuishouding beschouwd geen redenen om bezwaren te hebben tegen de voorgenomen ontwikkeling. De primaire watergang wordt op de plankaart aangeduid met de enkelbestemming oppervlaktewater. De overige watergangen worden niet als enkelbestemming op de plankaart opgenomen. Het aanleggen van water en waterhuishoudkundige voorzieningen wordt in de regels mogelijk gemaakt op alle gronden.

4.6

Bodem Toetsingskader Volgens artikel 3.1.6., van het Besluit ruimtelijke ordening dient in verband met de uitvoerbaarheid van een plan onderzoek te worden verricht naar de bodemgesteldheid in

blad 29 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

het plangebied. Bij functiewijzigingen dient te worden bekeken of de bodemkwaliteit voldoende is voor de beoogde nieuwe functie. De bodem moet geschikt zijn voor het beoogde woongebruik. Onderzoek Met de ontwikkelende partij is een 'schone grond verklaring' overeengekomen op basis waarvan de woningen kunnen worden gerealiseerd. Conclusie Ten aanzien van bodem zijn er geen belemmeringen voor de beoogde ontwikkeling.

4.7

Stikstof Toetsingskader In het kader van de Wet natuurbescherming moet beoordeeld worden of een plan/ project leidt tot een verslechtering van de kwaliteit van de beschermde habitats en de habitats van soorten binnen de Natura 2000-gebieden. Hiervoor is een stikstofdepositieberekening uitgevoerd voor de bouw- en gebruiksfase met het rekenprogramma AERIUS Calculator (Stikstofberekeningen woningbouw Hornweg Aalsmeer, november 2023). Onderzoek De ligging van het plangebied ten opzichte van Natura 2000-gebieden is weergegeven in figuur 12. De ontwikkeling ligt op 7,5 kilometer van het Natura 2000-gebied 'Botshol'. Het natuurgebied is stikstof overbelast en heeft de status: Habitatrichtlijn. De Wet natuurbescherming (Wnb) schrijft voor dat voor alle (nieuwe) activiteiten die significante (negatieve) gevolgen kunnen hebben op de beschermde habitats in de Natura 2000-gebieden een beoordeling uitgevoerd moet worden. Om deze reden is de bijdrage van het voornemen aan de stikstofdepositie in de Natura 2000-gebieden in beeld gebracht en beoordeeld.

blad 30 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Figuur 12. Ligging van stikstofgevoelige natuurgebieden ten opzichte van het plangebied (AERIUS, 2023) Uit de berekeningen van de realisatiefase en gebruiksfase blijkt dat het voornemen niet leidt tot een toename van stikstofdepositie ter plaatse van enig Natura 2000-gebied. Significante gevolgen voor Natura 2000-gebieden ten gevolge van stikstofdepositie zijn daarmee uitgesloten. Het aspect stikstofdepositie staat verdere besluitvorming derhalve niet in de weg. Conclusie Ten aanzien van stikstof zijn er geen belemmeringen voor de beoogde ontwikkeling.

4.8

Externe veiligheid Toetsingskader Externe veiligheid beschrijft de risico's die ontstaan als gevolg van opslag of handelingen met gevaarlijke stoffen. Dit kan betrekking hebben op inrichtingen (bedrijven) of transportroutes. Op beide categorieën is verschillende wet- en regelgeving van toepassing. Voor inrichtingen is het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) het relevante beleidskader, voor buisleidingen is dit het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb). Het beleid voor transportmodaliteiten staat in het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt). Onderzoek Het project betreft een kwetsbaar object met woningen maar ligt niet binnen het invloedsgebied van een risicobron. Ten aanzien van calamiteiten is het gebied voldoende bereikbaar voor hulpverleningsvoertuigen.

blad 31 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

Conclusie Ten aanzien van externe veiligheid zijn er geen belemmeringen voor de beoogde ontwikkeling.

4.9

Geluid De wet geluidhinder bevat geluidnormen en richtlijnen met betrekking tot de toelaatbaarheid van geluidsniveaus als gevolg van rail- en wegverkeerslawaai, industrielawaai en luchtvaartlawaai. Op grond van de Wet geluidhinder gelden zones rond geluidbronnen met een grote geluiduitstraling, zoals (spoor)wegen en industrieterreinen. Toetsingskader De nieuw te bouwen woningen liggen binnen de zone van de Hornweg en de N231 Legmeerdijk. De N231 is gelegen in buitenstedelijk gebied en heeft twee rijstroken, de Hornweg ligt in binnenstedelijk gebied en heeft 1 rijstrook. In de zin van de Wet geluidhinder is de zonebreedte van deze wegen respectievelijk 250 en 200 meter. Op de N231 geldt een maximumsnelheid van 60 km/uur voor een groot gedeelte, voor een kleiner deel is de maximumsnelheid ook 50 km/u. Voor de Hornweg geldt een maximumsnelheid van 50 km/u . De aftrek ex artikel 110g Wgh bedraagt derhalve 5 dB voor beide wegen. De nieuw te bouwen woningen zijn gelegen in het stedelijk gebied. Op de bebouwing zijn de volgende grenswaarden van toepassing, weergegeven in onderstaande tabel. Tabel: Grenswaarden plansituatie na aftrek ex artikel 110g Wgh

Geluidbeleid gemeente Aalsmeer De wettelijk maximaal verleenbare hogere waarden worden in de Beleidsnota geluid van de regio Amstelland – de Meerlanden aangehouden. De regio Amstelland – de Meerlanden hanteert een toetsingskader dat aansluit bij het voorkeursprincipe voor geluidreducerende maatregelen uit de Wet geluidhinder, namelijk: bronmaatregelen, overdrachtsmaatregelen en maatregelen bij de ontvanger. Voor aanvullende maatregelen, motivatie en procedures wordt er verwezen naar het hogere waardenbeleid Regio Amstelland – Meerlanden. Resultaten Met behulp van het geluidrekenmodel is op alle beoordelingspunten de geluidbelasting vanwege de meegenomen wegen voor het richtjaar 2033 berekend. De resultaten zijn in eerste instantie per weg weergegeven. Daarnaast is op iedere zijde van het bouwvlak de geluidbelasting berekend (Antea Group, Akoestisch onderzoek bestemmingsplan Hornweg te Aalsmeer, 16 juni 2023). Berekeningsresultaten per beoordelingspunt en hoogte zijn per bron weergegeven in het onderzoeksrapport. Geluidbelasting per weg Hornweg In onderstaande tabel zijn de maatgevende rekenresultaten weergegeven voor de blad 32 van 45

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan Hornweg tussen 293 en 309 Gemeente Aalsmeer Projectnummer 0485059.100

geluidbelasting ten gevolge van de Hornweg op de gevels van de woningen. Tabel: Rekenresultaten geluidbelasting Hornweg, inclusief aftrek ex artikel 110g Wgh

Uit de rekenresultaten blijkt dat de geluidbelasting ten gevolge van de Hornweg ten hoogste 55 dB inclusief aftrekt ex artikel 110g Wgh bedraagt. De geluidbelasting voldoet hiermee niet aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. N231 Legmeerdijk In onderstaande tabel zijn enkele maatgevende rekenresultaten weergegeven voor de geluidbelasting ten gevolge van de Legmeerdijk op de gevels van de woningen. Tabel: Rekenresultaten geluidbelasting N231 Legmeerdijk , inclusief aftrek ex artikel 110g Wgh

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=fc602331-d10a-42f4-ad4c-fc04524eee22