CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Toelichting bestemmingsplan GPA DG4

3.Raad (besluitvormend) 11 juli 2024, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘Green Park Aalsmeer Deelgebied 4’.31.771 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

Inhoudsopgave

Toelichting

3

Hoofdstuk 1 INLEIDING 1.1 Aanleiding en doelstelling 1.2 Ligging en begrenzing plangebied 1.3 Geldende bestemmingsplannen 1.4 Leeswijzer

3 3 3 4 5

Hoofdstuk 2 VISIE PLANGEBIED 2.1 Uitgangspunten 2.2 Ruimtelijke en functionele aspecten planontwikkeling 2.3 Ruimtelijke en functionele aspecten bestaande functies 2.4 Verkeersafwikkeling en parkeren 2.5 Water 2.6 Energie en duurzaamheid

7 7 8 10 11 11 12

Hoofdstuk 3 PLANOPZET 3.1 Algemeen 3.2 De planregels en bestemmingen

13 13 13

Hoofdstuk 4 UITVOERBAARHEID 4.1 Actuele regionale behoefte 4.2 Verkeerstechnische uitvoerbaarheid 4.3 Economische uitvoerbaarheid 4.4 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 4.5 Handhaving

17 17 18 20 21 22

Hoofdstuk 5 BESCHRIJVING HUIDIGE SITUATIE PLANGEBIED 5.1 Ruimtelijke karakteristiek 5.2 Functioneel gebruik

24 24 31

Hoofdstuk 6 BELEIDSKADER 6.1 Inleiding 6.2 Rijksbeleid 6.3 Provinciaal en regionaal beleid 6.4 Gemeentelijk beleid

34 34 34 37 40

Hoofdstuk 7 OMGEVINGSKWALITEIT 7.1 M.e.r.-beoordeling 7.2 Bodem 7.3 Water 7.4 Cultuurhistorie en archeologie 7.5 Geluid 7.6 Bedrijven en milieuzonering 7.7 Luchtkwaliteit 7.8 Externe veiligheid 7.9 Natuur 7.10 Duurzaam bouwen en energie 7.11 Schaduw

52 52 52 54 58 63 65 67 68 70 72 73

2

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

Toelichting Hoofdstuk 1 1.1

INLEIDING

Aanleiding en doelstelling

Het bestemmingsplan was tot aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet (per 1 januari 2024) het belangrijkste publiekrechtelijk instrument om doelstellingen te realiseren. In de tot 1 januari 2024 geldende Wet ruimtelijke ordening (hierna Wro) was het bestemmingsplan een belangrijk – zo niet het belangrijkste –normstellende instrumentarium voor het ruimtelijk beleid. Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet maakt elk geldend bestemmingsplan van rechtswege onderdeel uit van het tijdelijk deel van het omgevingsplan Aalsmeer. Bestemmingsplannen die digitaal en (minimaal) voor 1 januari 2024 als ontwerp ter inzage zijn gelegd, kunnen op basis van de Invoeringswet ook na 1 januari 2024 nog worden vastgesteld. Het voorliggende bestemmingsplan is als ontwerp voor 1 januari 2024 ter inzage gelegd. Na vaststelling zal het bestemmingsplan onderdeel uitmaken van het tijdelijk deel van het omgevingsplan Aalsmeer. Tot 7 december 2017 gold voor deelgebied 4 van bedrijventerrein Green Park Aalsmeer een bestemmingsplan dat in december 2007 onherroepelijk was geworden na uitspraak door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (zie paragraaf 1.3.

Uit de Wet ruimtelijke ordening volgt dat het bestemmingsplan 10 jaar na dato (dus per december 2017) 'verouderd' zou zijn en daarom geactualiseerd diende te worden conform de voorgeschreven 'standaarden ruimtelijke ordening' en digitaliseringsvereisten. Omdat het voorliggende bestemmingsplan niet tijdig gereed zou zijn is op 7 december 2017 een beheersverordening vastgesteld, welke uitgaat van de bestaande situatie. Deze beheersverordening was ter overbrugging tussen het tot 7 december 2017 geldende bestemmingsplan en het voorliggende bestemmingsplan. Met het voorliggende bestemmingsplan wordt beoogd om voor deelgebied 4 weer een actueel planologisch kader te bieden voor de ontwikkeling van het deelgebied. Daarbij is de wens om rekening te houden met enkele beleidsmatige ontwikkelingen die sinds de vaststelling van het voorheen geldende bestemmingsplan hebben plaatsgevonden, met name als gevolg van de Structuurvisie Green Park Aalsmeer 2016 (zie hoofdstuk 6 van deze toelichting). Het doel van het bestemmingsplan is om de beoogde herontwikkeling van deelgebied 4 planologisch mogelijk te maken en, daar waar nodig, flexibiliteit toe te passen. Voor delen van het aangrenzende lint langs de Aalsmeerderweg gaat het in dit bestemmingsplan om het conserveren en beheren van de bestaande situatie en eventueel consolideren van het bestaande juridisch-planologisch kader.

Het gemeentelijk beleid is erop gericht toe te werken naar grotere uniformiteit en daardoor meer rechtsgelijkheid van de bestemmingsplannen. De oostelijke strook van deelgebied 4 maakt onderdeel uit van het centrumgebied 'Green Square'. Deze strook krijgt een andere thematische invulling dan het voorliggende bestemmingsplan. Er is daarom besloten om deze strook geen onderdeel te laten zijn van het voorliggende bestemmingsplan.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het gebied van het bestemmingsplan (hierna: plangebied) is gelegen in het noorden van de gemeente Aalsmeer en heeft betrekking op een deel van de Oosteinderpoelpolder. Het plangebied wordt globaal begrensd door: in het noorden: de gronden achter het zuidelijke woonlint van de Aalsmeerderweg; in het oosten: de toekomstige Green Squarestrook ten westen van de Burgemeester Brouwersweg (N201); in het zuiden: het toekomstige tracé van de Middenweg; in het westen: de watergang ten oosten van de huidige verbindingsweg tussen de Middenweg en de Aalsmeerderweg.

3

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

Tezamen vormen de hiervoor genoemde plangrenzen deelgebied 4 van bedrijventerrein Green Park Aalsmeer met enkele achterpercelen van het aangrenzende woonlint langs de Aalsmeerderweg. De grenzen van het voorliggende bestemmingsplan sluiten nagenoeg volledig aan op omliggende geldende bestemmingsplannen, zoals het bestemmingsplan Landelijk Gebied Oost en het bestemmingsplan Green Park Aalsmeer Middenweg en deelgebieden 3, 5 en 7. Wel is aan de noord- en zuidkant rekening gehouden met enkele beperkte grenscorrecties.

Afbeelding: Globale begrenzing plangebied indicatief weergegeven (bron: https://earth.google.com/)

1.3

Geldende bestemmingsplannen

Tot aan het moment dat het voorliggende bestemmingsplan in werking is getreden zijn binnen het plangebied de volgende planregimes van kracht: De beheersverordening “Green Park Aalsmeer 2017”, zoals vastgesteld door de raad van de gemeente Aalsmeer op 7 december 2017; Het bestemmingsplan "Landelijk Gebied Oost", zoals vastgesteld door de raad van de gemeente Aalsmeer op 9 december 2015; Paraplubestemmingsplan "Kamerverhuurbedrijf Aalsmeer", zoals vastgesteld door de raad van de gemeente Aalsmeer op 2 december 2021; Paraplubestemmingsplan "'Datacenter Aalsmeer", zoals vastgesteld door de raad van de gemeente

4

Green Park Aalsmeer deelgebied 4 Aalsmeer op 16 november 2023. De beheersverordening geldt voor het grootste deel van het plangebied, het bestemmingsplan "Landelijk Gebied Oost" alleen voor enkele achterpercelen van het zuidelijke woonlint langs de Aalsmeerderweg. De beide paraplubestemmingsplannen gelden voor de gehele gemeente maar wordt voor wat betreft het paraplubestemmingsplan "Kamerverhuurbedrijf Aalsmeer" verder buiten beschouwing gelaten aangezien in het voorliggende bestemmingsplan geen kamerverhuurbedrijven mogelijk zijn gemaakt. De beheersverordening heeft betrekking op de N201, de deelgebieden 2, 4 en 6 van Green Park Aalsmeer, het terrein van Royal FloraHolland en het aangrenzende woonlint van de Aalsmeerderweg. Met de beheersverordening is ter plaatse van deelgebied 4 (tijdelijk) uitgegaan van de bestaande situatie, in afwachting van het voorliggende bestemmingsplan. Voordat de beheersverordening was vastgesteld golden de volgende bestemmingsplannen: Het bestemmingsplan “N201-zone”, zoals vastgesteld door de raad van de gemeente Aalsmeer op 14 februari 2002 en gedeeltelijk goedgekeurd door gedeputeerde staten van Noord-Holland op 27 januari 2004 en 28 november 2006. Het gehele bestemmingsplan is op 5 december 2007 na uitspraak door de Raad van State onherroepelijk geworden; Op 27 januari 2005 heeft de gemeenteraad een 1e herziening vastgesteld voor de N201-zone.

De provincie heeft de 1e herziening op 23 augustus 2005 en 28 november 2006 goedgekeurd. De 1e herziening is eveneens op 5 december 2007 onherroepelijk geworden na uitspraak door de Raad van State. Dit bestemmingsplan en de 1e herziening hadden betrekking op de N201, de voormalige glastuinbouwgronden en de aangrenzende woonlinten van de Aalsmeerderweg en de Hornweg. Met het bestemmingsplan en de herziening werd beoogd om de aanleg van de N201 mogelijk te maken, alsmede de ontwikkeling van het aangrenzende bedrijvenpark Green Park Aalsmeer. Voor de gronden ter plaatse van het bedrijvenpark gold een uit te werken bestemming. Na de vaststelling van het bestemmingsplan “N201-zone” en de herziening is het bestemmingsplan “Parapluherziening Schipholcontouren” op 2 november 2006 vastgesteld door de raad van de gemeente Aalsmeer. Dit parapluplan is in werking getreden op 9 april 2007. Met dit bestemmingsplan zijn alle voorheen vigerende bestemmingsplannen in de gemeente Aalsmeer in een keer in overeenstemming gebracht met de regelgeving die voortvloeit uit het Luchthavenindelingbesluit Schiphol. Ook is het bestemmingsplan “Partiële herziening N201-zone-Schiphol parkeren” op 9 februari 2017 vastgesteld door de raad van de gemeente Aalsmeer.

Met dit bestemmingsplan is beoogd om het gebruik van 'Schipholparkeren' in enkele deelgebieden buiten zone 3 van het Luchthavenindelingbesluit uit te sluiten, met uitzondering van bestaande bedrijven die legaal Schipholparkeren aanbieden. Het bestemmingsplan "Landelijk Gebied Oost", welke van toepassing is op enkele achterpercelen van het zuidelijke woonlint van de Aalsmeerderweg, is een overwegend conserverend bestemmingsplan. Het paraplubestemmingsplan "'Datacenter Aalsmeer" geldt voor de gehele gemeente en voorkomt dat er nieuwe datacenters met een bruto vloeroppervlak van meer dan 2.000 m² en een elektrisch aansluitvermogen van meer dan 5 MVA kunnen worden gerealiseerd.

1.4

Leeswijzer

In hoofdstuk twee worden de uitgangspunten van het ruimtegebruik voor de komende tien jaar gegeven. Hoofdstuk drie bevat de juridische vertaling van de visie van het bestemmingsplan. In hoofdstuk vier komt de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan aan bod. Om een indruk te krijgen wat met het bestemmingsplan wordt beoogd en hoe het juridisch vertaald wordt, is het lezen van deze hoofdstukken voldoende. Hoofdstuk vijf tot en met zeven geven de achtergronden, toelichting en motivatie op de gemaakte keuzen weer die uiteindelijk hebben geleid tot de planopzet. In hoofdstuk vijf wordt een beschrijving van

5

Green Park Aalsmeer deelgebied 4 het plangebied gegeven. Hoofdstuk zes gaat verder in op de beleidskaders. In het laatste hoofdstuk komen de omgevingsaspecten aan bod.

6

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

Hoofdstuk 2 2.1

VISIE PLANGEBIED

Uitgangspunten

Zoals reeds gememoreerd in hoofdstuk 1 van deze toelichting, is het doel van het bestemmingsplan om een juridisch actueel kader te bieden voor de herontwikkeling van deelgebied 4 van bedrijventerrein Green Park Aalsmeer. De herontwikkeling van deelgebied 4 was al mogelijk gemaakt in het voorheen geldende bestemmingsplan “N201-zone”, met dien verstande dat er uit werd gegaan van bedrijfspercelen en er een bouwverbod gold zolang er geen uitwerkingsplan voor de betreffende gronden is vastgesteld. De voortzetting van het beleid om deelgebied 4 te herontwikkelen past in het vigerende beleid van de diverse overheden (zie hoofdstuk 6). Voor de achterpercelen van de lintbebouwing ten zuiden van de Aalsmeerderweg is sprake van consoliderend bestemmen doordat uit wordt gegaan van het feitelijke gebruik als bedrijf of tuin/erf. De gronden in de strook achter de lintbebouwing die niet in eigendom zijn van de bewoners krijgen grotendeels een groen/blauwe invulling als buffer tussen de bedrijfspercelen van deelgebied 4 en de woonpercelen langs de Aalsmeerderweg. De exacte begrenzing tussen de tuinen/erven en de groen/blauwe bufferzone is nog niet overal bekend.

2.1.1

Wijzigingen naar aanleiding van beleid

Het beleid voor het plangebied komt tot uitdrukking in algemene beleidskader zoals beschreven in hoofdstuk 6 van deze toelichting. Daarbij is met name het beleid van belang dat is neergelegd in de Structuurvisie Green Park Aalsmeer 2016 en de Provinciale Omgevingsverordening. Uitgangspunt in het genoemde beleid is dat het plangebied onderdeel is van Green Park Aalsmeer en in de Structuurvisie Green Park Aalsmeer (wederom) is aangewezen als locatie voor nieuwe bedrijfskavels. Het huidige beleid voor de locatie komt overeen met het beleid dat gold ten tijde van het voorheen geldende bestemmingsplan. In dat bestemmingsplan is ook uitgegaan van bedrijven. Het voorliggende bestemmingsplan gaat nu conform de Structuurvisie Green Park Aalsmeer 2016 voor het plangebied uit van kavels voor gemengde bedrijvigheid met bijbehorende functies, welke zullen worden ontsloten via een beugelweg vanaf de Middenweg. Kantoren zijn voorzien in de zone langs de N201, deze zone bevindt zich buiten het plangebied van het bestemmingsplan. Functioneel gezien is het nu voorliggende bestemmingsplan in planologisch opzicht dus consoliderend. De voortzetting van het beleid om deelgebied 4 te herontwikkelen als bedrijventerrein past, gelet op hoofdstuk 6, in het vigerende beleid van de diverse overheden. In het deelgebied bevindt zich een perceel dat wordt gebruikt voor Schipholparkeren (Middenweg 7).

Dit perceel zal in de toekomst ook deels voor Schipholparkeren worden gebruikt maar dan in een gebouwde parkeervoorziening. In de huidige situatie vindt het Schipholparkeren plaats op maaiveldniveau. Door het parkeren in een gebouwde parkeervoorziening onder te brengen kan het perceel intensiever worden gebruikt en kan de overlast voor de omgeving worden beperkt. In het plangebied bevinden zich enkele bestaande bedrijfspercelen waar geen grootschalige herontwikkeling wordt voorzien. Deze percelen zijn daarom conserverend bestemd, dat wil zeggen dat er uit is gegaan van de huidige situatie. Het gaat om de percelen aan de westzijde van het plangebied (Middenweg 1 t/m 5 en enkele percelen achter Aalsmeerderweg (o.a. 72 t/m 74A). Wel is rekening gehouden met een beperkte uitbreiding van het bestaande bedrijf op het perceel Middenweg 1. Het consoliderend bestemmen van de percelen Middenweg 1 t/m 5 en enkele percelen achter Aalsmeerderweg strookt met het gemeentelijk beleid en het beleid van de diverse andere overheden. Specifiek voor woonbebouwing in de linten heeft de gemeenteraad de beleidsnota "Ruimtelijke beoordeling bouwen in de Linten van Aalsmeer" vastgesteld. Deze beleidsnota geeft regels voor de gewenste bebouwingsmassa en verschijningsvorm van de woningen langs een aantal linten binnen de gemeente (zie verder subparagraaf 6.4.8).

Het bestemmingsplan is hiermee in overeenstemming gebracht voor wat betreft een tweetal onbebouwde percelen die in het bestemmingsplan "Landelijk Gebied Oost" nog voor agrarische doeleinden zijn bestemd (achter Aalsmeerderweg 94 en achter Aalsmeerderweg 132 en 134). De betreffende stroken zijn inmiddels niet meer in gebruik als 7

Green Park Aalsmeer deelgebied 4 tuinlandbouw maar onderdeel van de tuinen en erven van de woningen op Aalsmeerderweg 94 en Aalsmeerderweg 132 en 134. Het bestemmingsplan maakt ter plaatse geen nieuwe woningen mogelijk maar wel bijbehorende bouwwerken ten behoeve van een woning.

2.1.2

Wijziging naar aanleiding van relevante wet- en regelgeving

Op 1 januari 2018 is het Luchthavenindelingbesluit gewijzigd in werking getreden. De regelwijziging ziet onder andere toe op een eigen bevoegdheid voor het lokaal bestuur om binnen bestaand stedelijk gebied woningen toe te voegen binnen zone 4 van het Luchthavenindelingbesluit. De regels in het bestemmingsplan zijn aangepast conform de nieuwe wetgeving waarbij ook enkele nieuwe woningen mogelijk zijn gemaakt. Deze nieuwe woningen voldoen aan het Luchthavenindelingbesluit (zie paragraaf 6.2.3). Per 1 november 2014 zijn de regels met betrekking tot vergunningsvrij bouwen gewijzigd in het Besluit omgevingsrecht. De nieuwe regeling staat niet langer geïsoleerd van de bebouwingregeling in het bestemmingsplan en is van invloed op de wijze van bestemmen en het toebedelen van erfbebouwing. Tot slot is de meest recente Provinciale Omgevingsverordening, zoals de Provincie Noord-Holland heeft vastgesteld, verwerkt in de regels van het bestemmingsplan.

2.2

Ruimtelijke en functionele aspecten planontwikkeling

Binnen het plangebied van het bestemmingsplan en gedurende de wettelijke looptijd van het bestemmingsplan zal deelgebied 4 worden herontwikkeld voor wat betreft een groot deel van het gebied dat is gelegen tussen het polderlint ten zuiden van de Aalsmeerderweg, de strook ten westen van de N201, het toekomstige tracé van de Middenweg en de twee bestaande bedrijfskavels langs de verbindingsweg tussen de Aalsmeerderweg en de Middenweg. Het te herontwikkelen deel van het plangebied bevindt zich ter plaatse van een voormalig glastuinbouwgebied. Hier hebben zich in de loop der tijd al enkele niet-agrarische bedrijven gevestigd, zoals bedrijven die Schipholparkeren aanbieden en een distributiecentrum van een landelijk opererend tuincentrum (Intratuin). In 2020 is er een aanvraag ingediend voor sloopnieuwbouw van het distributiecentrum van Intratuin, in het oostelijk deel van het plangebied. De omgevingsvergunning voor de nieuwbouw is in 2021 verleend en het bedrijfskavel is in 2022 opgeleverd. Voor het perceel ten zuiden van de nieuwbouw is in 2022 eveneens een omgevingsvergunning voor een nieuw bedrijfskavel met bedrijfsgebouw aangevraagd en verleend. Het bedrijfskavel is in 2023 opgeleverd. De overige bedrijfskavels volgen vanaf medio 2024. Voor het te herontwikkelen deel van het plangebied is vanwege de omvang en de ligging gezocht naar een logische en efficiënte indeling.

Mede bepalend daarbij zijn de behoefte aan bedrijfskavels en randvoorwaarden vanwege geluid en verkeer: Voor de regio Amstelland-Meerlanden is in de periode van 2016-2030 een ruimtevraag van 135 tot 180 ha aan nieuwe bedrijventerreinen. Green Park Aalsmeer maakt volgens de regionale afspraken onderdeel uit van het harde planaanbod om in de regionale behoefte aan bedrijventerreinen te voorzien (zie ook hoofdstuk 6). Het plangebied ligt geheel in de invloedssfeer van Schiphol. Het beperkt de ruimtelijke mogelijkheden en heeft een grote invloed op de leefbaarheid in het gebied. Het plangebied ligt geheel binnen de zone waar in beginsel geen geluidsgevoelige bestemmingen zijn toegestaan, tenzij het bestaande geluidsgevoelige bestemmingen betreft, compensatie van eerder gesloopte woningen of opvulling van open gaten in het woonlint. Gelet op deze beperking zijn geluidsgevoelige bestemmingen als wonen, onderwijs en kinderdagverblijf niet aan de orde in deelgebied 4. Mede gelet op de behoefte aan bedrijfskavels (zie hiervoor) is deelgebied 4 geschikt voor een invulling met bedrijfskavels. De ontsluiting van het te ontwikkelen deel van het plangebied vindt plaats vanaf de Middenweg. Direct ten oosten van Middenweg 7 wordt een nieuwe aansluiting op de Middenweg gemaakt. De bedrijfsstraat zal in de vorm van een beugelweg in fases worden aangelegd.

Aan de oostzijde van deelgebied 4 krijgt de beugelweg, Andorraweg genaamd, ook een aansluiting op de Middenweg.

8

Green Park Aalsmeer deelgebied 4 Bestaande ontsluitingswegen vanaf de Aalsmeerderweg naar het gebied achter de woonkavels komen te vervallen ten behoeve van een veilige en logische verkeersafwikkeling. Door het verkeer van en naar de nieuwe bedrijfskavels en naar het perceel Middenweg 7 (Schipholparkeren) uitsluitend nog via de nieuwe beugelweg te laten verlopen wordt de druk op het bestaande lint verminderd, wordt sluipverkeer tegengegaan en wordt de doorstroming en verkeersveiligheid van de Aalsmeerderweg verbeterd. De twee bestaande bedrijfskavels aan de westzijde van het deelgebied zullen, net als in de bestaande situatie, ontsloten worden via een in- en uitrit op de verbindingsweg tussen de Middenweg en de Aalsmeerderweg. De toekomstige bedrijfskavels mogen, afhankelijk van de locatie, in beginsel worden gebruikt voor bedrijven in categorie t/m 3.2. Alleen aan de kant van de woningen aan de Aalsmeerderweg zijn juist lagere categorieën toegestaan en er is aan deze zijde een bufferzone voorzien. Deze functies zullen hierna kort worden toegelicht, evenals de nieuwe beugelweg.

2.2.1

Beugelweg

Ter ontsluiting van de nieuwe bedrijfskavels deelgebied 4 is een beugelweg voorzien die op twee punten aan zal sluiten op de Middenweg. De situering van de beugelweg ligt inmiddels vast, evenals de naam (Andorraweg). De aansluiting van de Andorraweg aan de oostzijde van het plangebied zal uitkomen op een rotonde, ter plaatse van de kruising van de Middenweg met de westelijke op- en afrit van de N201.

2.2.2

Bedrijven

Aalsmeer kenmerkt zich als een ondernemersgemeente op het gebied van onder meer glastuinbouwgelieerde bedrijvigheid, watersport en jachtbouw. Aalsmeer bevindt zich in een gunstige economische uitgangspositie. De gemeente ligt in een gebied met veel economische activiteiten, een hoge vestigingsdruk van bedrijven en een groot consumentenpotentieel. In het grootste deel van het plangebied zijn nieuwe bedrijfskavels mogelijk gemaakt. Het totaal bruto vloeroppervlak dat ter plaatse van de nieuwe bedrijfskavels mag worden gebouwd bedraagt 47.000 m². Deze omvang sluit aan bij hetgeen dat is onderzocht in het verkeersonderzoek (zie paragraaf 4.2). Naast bedrijven zijn ook bijbehorende functies als niet-zelfstandige kantoren, productiegebonden detailhandel, internetwinkels zonder fysiek bezoekmogelijkheid, verkeer (ontsluitingswegen), groen en water toegestaan. Zelfstandige kantoren zijn niet toegestaan in dit deel van deelgebied 4. Voor de bedrijfskavels geldt dat bedrijven in categorie t/m 3.2 als bedoeld in de Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn toegestaan, waarbij in de nabijheid van de woningen alleen lagere categorieën zijn toegestaan. De uiteindelijke kavels mogen in beginsel voor maximaal 70% worden bebouwd zodat er onbebouwde ruimte beschikbaar blijft voor opslag en parkeren op eigen terrein.

Wel is er in afwijking van de Structuurvisie in bepaalde gevallen een hoger maximum bebouwingspercentage mogelijk, namelijk 80% in plaats van 70%. Dit vanwege de centrale ligging van deelgebied 4 binnen Green Park Aalsmeer en de ligging direct langs de N201. Een hogere bebouwingsdichtheid is alleen mogelijk indien er voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd en er sprake is van een verantwoorde stedenbouwkundige en landschappelijke inpassing. Gebouwen op de bedrijfskavels mogen maximaal 15 meter hoog worden, met uitzondering van de zuidoosthoek van deelgebied 4 waar maximaal 20 meter is toegestaan vanwege de ligging nabij de kruising van de N201 en de Middenweg. Daarnaast geldt er een maximum bouwhoogte van 9 meter voor de delen van de bedrijfskavels die op minder dan 50 meter afstand zijn gelegen van de woonpercelen die in het aangrenzende bestemmingsplan "Landelijk Gebied Oost" als 'Wonen - Lintbebouwing' zijn bestemd. In deelgebied 4 past het aanbieden van grote bedrijfskavels. Deze bedrijfskavels kunnen aangesloten worden op de Middenweg en de Ongestoorde Logistieke Verbinding (OLV), waardoor grootschalige logistieke bedrijven een passende plek binnen Green Park Aalsmeer kan worden aangeboden. Dit sluit

9

Green Park Aalsmeer deelgebied 4 ook goed aan de ligging binnen zone 3 van het Luchthavenindelingbesluit. Vanwege bestaand legaal gebruik mag een deel van de gronden tussen de Middenweg en de Aalsmeerderweg worden gebruikt voor het bedrijfsmatig aanbieden van Schipholparkeren. De bedoeling is om het huidige perceel te gaan intensiveren door het Schipholparkeren in een gebouwde parkeervoorziening te laten plaatsvinden. Er zijn dan maximaal 2.820 parkeerplaatsen toegestaan, ook weer conform het uitgangspunt in het verkeersonderzoek (zie paragraaf 4.2). De bereikbaarheid van de nieuwe bedrijfskavels zal worden gewaarborgd door de nieuwe beugelweg Andorraweg. De situering van deze beugelweg ligt vast. Parkeren vindt plaats op eigen terrein waarbij uit wordt gegaan van de parkeernormen die tot op heden ook zijn toegepast in andere deelgebieden van Green Park Aalsmeer.

2.2.3

Bufferzone

Tussen de percelen van de lintbebouwing langs de Aalsmeerderweg en de bedrijfskavels komt een bufferzone van circa 25 meter. De bufferzone zorgt voor een ruimtelijke afscheiding tussen de woonpercelen en de bedrijfskavels. De precieze begrenzing van de bufferzone wordt nader uitgewerkt. In beginsel mogen er geen gebouwen worden gebouwd in de bufferzone. In de bufferzone is vooral plek voor water en groenvoorzieningen. Het merendeel van de benodigde waterberging zal naar verwachting in de bufferzone worden gerealiseerd maar dat is nog niet geheel zeker. Binnen de bufferzone bevinden zich momenteel al enkele (achter)tuinen en erven en enkele kleinschaligere bedrijfskavels. Deze (achter)tuinen, erven en bedrijfskavels blijven vooralsnog gehandhaafd. Dat geldt ook voor de ontsluitiingen van de bestaande bedrijfskavels op de Aalsmeerderweg.

2.3

Ruimtelijke en functionele aspecten bestaande functies

Binnen het plangebied komen de volgende bestaande functies voor die volgens een vaste systematiek zijn bestemd.

2.3.1

Bedrijven

Voor de bedrijfspercelen aan de westzijde van het plangebied wordt uitgegaan van de bestaande situatie. Het gaat om de percelen Middenweg 1 t/m 5. Voor deze percelen is grotendeels uitgegaan van de huidige bebouwing. Alleen is uitbreiding van het bestaande bedrijfsgebouw op Middenweg 1 mogelijk gemaakt. Overige beperkte uitbreiding van één of meerdere bedrijfsgebouwen is alleen mogelijk via een separate planologische procedure. Ook voor de bestaande bedrijven is milieuzonering toegepast waardoor, afhankelijk van de ligging ten opzichte van woningen, bepaalde milieucategorieën zijn toegestaan. Ook zijn parkeernormen opgenomen om te voorkomen dat er elders parkeeroverlast ontstaat. Voor de percelen waar nu al legaal Schipholparkeren plaatsvindt wordt, mede vanwege de beperkingen vanuit het Luchthavenindelingsbesluit, wederom uitgegaan van Schipholparkeren. Het gebruik als Schipholparkeren sluit aan bij de ligging in zone 3 van het LIB. Het zuidelijk deel van het perceel Middenweg 7 is uitsluitend bestemd voor Schipholparkeren waarbij andere bedrijfsfuncties in beginsel niet zijn toegestaan. Bij het andere perceel aan de Middenweg is Schipholparkeren als één van de functies toegestaan.

10

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

2.3.2

Wonen

In het plangebied bevindt zich een tweetal stroken achter Aalsmeerderweg 94 en achter Aalsmeerderweg 132 en 134 waarop in het verleden tuinlandbouw heeft plaatsgevonden. De betreffende stroken zijn inmiddels niet meer in gebruik als tuinlandbouw maar onderdeel van de tuinen en erven van de woningen op Aalsmeerderweg 94, 132 en 134. De stroken hebben daarom de bestemming 'Wonen Lintbebouwing' gekregen met regels die aansluiten op het daarvoor opgestelde specifieke lintenbeleid.

2.4

Verkeersafwikkeling en parkeren

Het plangebied is gelegen tussen de Aalsmeerdweg, de N201, de Middenweg en de verbindingsweg tussen de Middenweg en de Aalsmeerderweg. De bestaande bedrijven zijn gesitueerd aan het lint van de Aalsmeerderweg of aan de verbindingsweg tussen de Middenweg en de Aalsmeerderweg, waar zij ook op ontsluiten. De functies in het te herontwikkelen deel van het plangebied en het bestaande Schipholparkeren op Middenweg 7 zullen ontsluiten op de nieuw aan te leggen beugelweg (Andorraweg). In de Nota Parkeernormen Aalsmeer 2016 staan de richtlijnen voor het aantal parkeerplaatsen per categorie. Voor de bedrijfskavels zijn echter specifieke parkeernormen opgenomen vanwege de praktijkervaring binnen bedrijventerrein Green Park Aalsmeer.

2.5

Water

In het plangebied is momenteel water aanwezig langs de de verbindingsweg tussen de Middenweg en de Aalsmeerderweg, achter een deel van de lintbebouwing van de Aalsmeerderweg en rondom het perceel waar Schipholparkeren (Middenweg 7) plaatsvindt. Het bestemmingsplan maakt de herontwikkeling van deelgebied 4 mogelijk maar deze herontwikkeling was ook al mogelijk in het voorheen geldende bestemmingsplan. Het voorliggende bestemmingsplan staat in planologische zin geen substantiële toename van verharding toe. In feitelijk opzicht zal er als gevolg van de herontwikkeling van deelgebied 4 wel een toename van verharding gaan plaatsvinden omdat een deel van de gronden in deelgebied 4 op dit moment onverhard is. In het verleden zijn voor Green Park Aalsmeer afspraken gemaakt met het Hoogheemraadschap Rijnland om te voorkomen dat het waterbergend vermogen binnen Green Park Aalsmeer afneemt. De wateropgave is daarbij vastgelegd op 11% waterberging voor het bedrijventerrein Green Park Aalsmeer (inclusief de N201). Conform de wens van het Hoogheemraadschap dient in elk deelgebied minimaal 8% waterberging aanwezig te zijn, waarbij de resterende 3% elders binnen de grenzen van Green Park Aalsmeer gerealiseerd kan worden (waarbij rekening dient te worden gehouden met de aanwezige peilvakken).

De waterhuishouding van het onderhavige plangebied is onderdeel van het waterplan zoals dat is vastgelegd in het rapport “Green Park Aalsmeer; Waterhuishouding en Riolering”, d.d. 2 oktober 2006. Dit plan heeft de instemming van het Hoogheemraadschap van Rijnland (d.d. 7 maart 2007, zie bijlage 1) en is op 5 oktober 2009 vergund door het Hoogheemraadschap van Rijnland onder raamvergunning V.46760. Op basis van deze raamvergunning wordt 4 weken vóór uitvoering van werkzaamheden schriftelijk met (detail)tekeningen en dwarsprofielen melding gedaan bij het Hoogheemraadschap. De uitvoering start niet eerder dan dat een schriftelijk “Verklaring van geen bezwaar” is ontvangen van het Hoogheemraadschap (zie bijlage 1). Gelet op de hiervoor genoemde afspraken is de verplichting om 11% van het totale oppervlak van deelgebied 4 met water te compenseren (met een ondergrens van 8% binnen het deelgebied) onderdeel van de toets door het Hoogheemraadschap.

11

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

2.6

Energie en duurzaamheid

De komende tijd zal de energietransitie voor het plangebied nader worden uitgewerkt. Bedrijfsgebouwen zijn nog niet verplicht aardgasvrij, maar dat kan veranderen in de planperiode. De gemeenten in de Metropool Amsterdam hebben gezamenlijk besloten dat alle nieuwbouwwoningen waarover het besluit tot bouw na 1 juli 2018 wordt genomen, worden opgeleverd zonder aardgasaansluiting. Ook de woningen in het plangebied zullen dus gasloos worden opgeleverd. Het plangebied is in beginsel geschikt voor het gebruik van bodemenergie, maar bij veel vraag kan een vorm van ondergrondse ordening vereist zijn.

12

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

Hoofdstuk 3 3.1

PLANOPZET

Algemeen

In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de wijze waarop de gewenste ruimtelijke en functionele ontwikkeling van het plangebied juridisch is vertaald. In het voorgaande hoofdstuk is beschreven welke ontwikkelingen in het plangebied plaatsvinden. In dit hoofdstuk wordt aangegeven welke juridisch-planologische instrumenten daarbij worden ingezet. De Wet ruimtelijke ordening (Wro) die per 1 juli 2008 in werking is getreden verplicht gemeenten tot het opstellen van een bestemmingsplan voor het gehele grondgebied. In de Wro en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is nader uitgewerkt uit welke onderdelen een bestemmingsplan in ieder geval moet bestaan. Voor het bestemmingsplan is gebruik gemaakt van de in de Wet ruimtelijke ordening opgenomen standaardvorm van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP 2012). Het juridische deel van het bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding en de regels. Deze onderdelen zijn bindend voor de burger. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden en gebouwen en bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor de toepassing van de regels alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen. De toelichting is niet juridisch bindend, maar wordt als handvat en beleidskader/interpretatiekader voor het bestemmingsplan gebruikt.

3.2

De planregels en bestemmingen

3.2.1

Hoofdstukindeling regels

De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: Hoofdstuk 1: inleidende regels; met daarin definities en de wijze van meten en berekenen en de reikwijdte van dit bestemmingsplan. Hoofdstuk 2: bestemmingsregels; die het hart van ieder bestemmingsplan vormen. Ze zijn opgebouwd uit een bestemmingsomschrijving, waarin een omschrijving wordt gegeven van de aan de grond toegekende functies. Per bestemming worden bouwregels gegeven, waarin voor alle bouwwerken de van toepassing zijnde bouwbepalingen worden geregeld. Hoofdstuk 3: algemene regels; deze hebben betrekking op in beginsel alle voorafgaande regels. Hierbij gaat het onder meer om de anti-dubbeltelbepaling, algemene gebruiksregels, algemene bouwregels algemene afwijkingsbevoegdheid. Hoofdstuk 4: overgang- en slotregels. De regels in hoofdstuk 1 en de algemene regels in hoofdstuk 3 gelden voor het bestemmingsplan als geheel. Zij werken door in de diverse bestemmingen.

3.2.2

Artikelsgewijze beschrijving regels en bestemmingen

Hoofdstuk 1 Inleidende regels Begrippen (artikel 1) Hierin worden de begrippen gedefinieerd die in de planregels worden gebruikt. Wijze van meten (artikel 2) Hierin wordt aangegeven hoe de diverse maten worden gemeten en de inhoud en oppervlakte van bouwwerken worden berekend om zo een eenduidige toepassing van de bebouwingregeling te bewerkstelligen. 13

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels De nieuwe bedrijfskavels zijn bestemd als 'Bedrijf - 2'. Binnen deze bestemming zijn voor functies dan wel wijzigingen die een parkeervraag genereren specifieke parkeernormen opgenomen. Hiervoor wordt de afgifte van een omgevingsvergunning voor bouwen afhankelijk gesteld van de aanwezigheid van voldoende parkeerplaatsen. Binnen een aantal bestemmingen is een stelsel van nadere eisen, zoals bedoeld in artikel 3.6 lid 1 sub d. Wro, opgenomen. In die gevallen kan Burgemeester en Wethouders ten aanzien van in het plan omschreven onderwerpen of onderdelen nadere eisen aan de te verlenen omgevingsvergunning verbinden. Bedrijf - 1 (artikel 3) Deze bestemming is toegepast bij de bestaande bedrijfspercelen langs de verbindingsweg tussen Middenweg en Aalsmeerderweg. Voor deze twee percelen is uitgegaan van de bestaande situatie, met name ten aanzien van de bebouwingssituatie (bouwvlak en bouwhoogtes). Wel is rekening gehouden met een concrete uitbreiding van het bestaande bedrijfsgebouw op het perceel Middenweg 1. Overige uitbreiding van de gebouwen is niet mogelijk via het voorliggende bestemmingsplan. Bedrijf - 2 (artikel 4) Deze bestemming is toegepast voor de nieuwe en recente bedrijfskavels in deelgebied 4, waarbij ook rekening is gehouden met het bestaande gebruik als Schipholparkeren op een perceel langs de Middenweg.

De nieuwe bedrijfskavels mogen voor maximaal 70% per bouwperceel worden bebouwd met bedrijfsgebouwen, tenzij er toepassing wordt gegeven aan een afwijkingsbevoegdheid om het maximum bebouwingspercentage te verruimen naar 80%. Het totaal bruto vloeroppervlak binnen de bestemming mag, ook na eventuele toepassing van de afwijkingsbevoegdheid, niet meer dan 47.000 m² bedragen. Bedrijf - 3 (artikel 5) Deze bestemming heeft betrekking op het zuidelijk deel van perceel Middenweg 7, welke nu en straks wordt gebruikt voor Schipholparkeren. Binnen deze bestemming zijn ook gebouwen toegestaan zodat een intensivering van de gronden mogelijk is tot maximaal 2.820 parkeerplaatsen. Gebouwen mogen binnen deze bestemming tot aan een zijdelingse bouwperceelgrens worden gebouwd. Gemengd (artikel 6) Door het gemengde gebruik van de zone achter de lintbebouwing van de Aalsmeerderweg is in het bestemmingsplan ook uitgegaan van een gemengde bestemming. Binnen deze bestemming zijn zowel groenvoorzieningen, water als tuinen en erven toegestaan. Ook is rekening gehouden met enkele bestaande bedrijven die gehandhaafd blijven. Binnen de bestemming zijn in beginsel alleen bestaande bedrijfsgebouwen en bestaande bedrijven toegestaan. Nieuwe bedrijven zijn wel mogelijk maar alleen na toepassing van een afwijkingsbevoegdheid.

Voorwaarden daarbij is dat de bedrijven tot maximaal milieucategorie 1 behoren en dat er voldoende parkeergelegenheid is. Vanwege de richtafstand tussen de als 'Bedrijf - 1', 'Bedrijf - 2' en 'Bedrijf - 3' bestemde bedrijfskavels en gevoelige functies zijn eventuele binnen de bestemming 'Gemengd' gelegen achtererven van de woningen aan de Alsmeerderweg geen erf zoals bedoeld in artikel 1 behorende bij bijlage II van het Besluit omgevingsrecht, voor zover het gaat om voor bewoning gebruikte bijbehorende bouwwerken. Op de achtererven zijn zodoende geen vergunningsvrije uitbouwen of andere voor bewoning bedoelde bijgebouwen (mantelzorg) toegestaan. Vanwege het gemeentelijk lintenbeleid is in de bestemming een uitsterfregeling voor de bestaande bedrijven opgenomen. Dat betekent dat het toegestane gebruik als bedrijf kan worden geschrapt als de activiteiten van het betreffende bedrijf zijn beëindigd en niet op korte termijn zullen worden voortgezet. Verkeer (artikel 7) Onder de verkeersbestemming zijn gebracht de verkeerswegen ten dienste van gemotoriseerd verkeer, fiets- en voetpaden, alsmede geluidwerende voorzieningen. In dit specifieke geval gaat het om de beugelweg van deelgebied 4 (Andorraweg).

14

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

Wonen - Lintbebouwing (artikel 9) Deze bestemming is toegepast bij een tweetal stroken achter Aalsmeerderweg 94 en achter Aalsmeerderweg 132 en 134 en bij enkele bestaande ontsluitingswegen van (positief) bestemde bedrijven in de bufferzoe (zie de uitleg bij de bestemming 'Gemengd'. Binnen de bestemming 'Wonen Lintbebouwing' zijn woonpercelen in het lint van de Aalsmeerderweg toegestaan. Woningen langs linten zijn gespecificeerd en de regels zijn conform het lintenbeleid. Woningen dienen binnen het bouwvlak te worden gerealiseerd in overeenstemming met de aangeduide maximale goot- en bouwhoogte. Bij woningen zijn onder voorwaarden aan-huis-gebonden-activiteiten toegestaan en worden regels gegeven voor erfbebouwing. Omdat er ter plaatse van de stroken achter Aalsmeerderweg 94 en achter Aalsmeerderweg 132 en 134 geen bouwvlak is toegepast mogen hier uitsluitend bijbehorende bouwwerken en bouwwerken geen gebouwen zijnde worden gerealiseerd. Waarde - Archeologie (artikel 10) Een deel van de gronden in/bij de lintbebouwing van de Aalsmeerderweg zijn conform het geldende bestemmingsplan "Landelijk Gebied Oost" dubbelbestemd ter bescherming van de archeologische waarden.

Hoofdstuk 3 Algemene regels Anti-dubbeltelregel (artikel 11) Deze bepaling dient om te voorkomen dat bijvoorbeeld een grondoppervlak dat in een bepaald geval al eens als berekeningsgrondslag voor de toelaatbare oppervlakte aan bebouwing heeft gediend, later nog eens als berekeningsgrondslag voor een ander bouwwerk wordt gebruikt, maar dat dan tot gevolg heeft dat in het eerste geval een situatie ontstaat die afwijkt van het plan. Algemene bouwregels (artikel 12) In dit artikel wordt aangegeven in welke gevallen de in dit plan aangegeven bestemmingsgrenzen, bouwgrenzen en/of hoogtematen overschreden mogen worden. Dit betreffen bijvoorbeeld liftkokers, schoorstenen en balkons. Ook zijn in het artikel regels opgenomen ten aanzien van ondergronds bouwen en is bepaald welke afstand er geldt ten aanzien van watergangen. Bestaande gebouwen die qua maatvoering afwijken van het bepaalde in de bestemmingen in hoofdstuk 2 zijn onder bepaalde voorwaarden toegestaan. Algemene gebruiksregels (artikel 13) In dit artikel worden de algemene regels omtrent gebruik vastgelegd. Naast het algemene verbod om gronden en opstallen in strijd met de bestemming te gebruiken, zijn er een aantal specifieke gebruiksverboden opgenomen. Tevens zijn de regels ten behoeve van voldoende waterberging opgenomen.

Algemene aanduidingsregels (artikel 14) Binnen de gebiedsaanduiding 'geluidszone - industrie' liggen de gronden binnen de invloed van een gezoneerd industrieterrein (Schiphol) liggen. Hierbinnen zijn geen geluidsgevoelige gebouwen toegestaan tenzij de geluidsbelasting voldoen aan een geldende of verkregen hogere grenswaarde. Verder is aangegeven waar de gronden binnen de gebiedsaanduidingen en vrijwaringszones (Luchtvaartverkeerzones LIB) voor bedoeld zijn. Afhankelijk van welk artikel uit het Luchthavenindelingbesluit van toepassing is gelden beperkingen voor bouwen en gebruik. Algemene afwijkingsregels (artikel 15) In dit artikel wordt bepaald in het kader van welke algemene afwijkingen in het plangebied gebruik gemaakt kan worden. Algemene procedureregels (artikel 16) In dit artikel staat aangegeven in welke procedures er gelden in geval van het toepassen van de nadere eisenregeling in de bestemmingen van hoofdstuk 2.

15

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Overgangsrecht (artikel 17 Samengevat wordt hierin gewaarborgd dat bouwwerken en gebruiksvormen die bij de totstandkoming van het plan reeds bestaan, maar nu in strijd raken met het plan, mogen blijven bestaan. Daarbij wordt het hierin mogelijk gemaakt om op te treden tegen eerder ontstaan illegaal gebruik. Slotregel (artikel 18) Voor de duidelijkheid, o.a. bij benoeming en verwijzing, is hierin een eenduidige naam voor het gehele plan inclusief de toelichting aangegeven.

16

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

Hoofdstuk 4 4.1

UIT VOERBAARHEID

Actuele regionale behoefte

In het Besluit ruimtelijke ordening is de verplichting opgenomen om in het geval van nieuwe stedelijke ontwikkeling in de toelichting een onderbouwing op te nemen van nut en noodzaak van de nieuwe stedelijke ruimtevraag en de ruimtelijke inpassing. Hierbij wordt uitgegaan van de 'ladder voor duurzame verstedelijking 2.0' die per 1 juli 2017 in werking is getreden. De 'stappen van de ladder' worden is artikel 3.1.6, lid 2 Bro als volgt omschreven: 1. De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling 2. Indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, geeft de toelichting een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Voor het voorliggende bestemmingsplan is van belang dat het bestemmingsplan 'N201-zone' dat gold voor de inwerkingtreding van de beheersverordening (zie volgende alinea) voor deelgebied 4 voorzag in een uitwerkingsverplichting en daarmee een planologisch onbenutte mogelijkheid bood. Onbenutte planologische mogelijkheden mogen worden opgenomen in een nieuw bestemmingsplan, zonder dat hoeft te worden voldaan aan de in de artikel 3.1.6. tweede lid van het Bro genoemde voorwaarden (zie onder meer ABRvS 1 juli 2015, zaaknummer 201401417/1/R1.

De bedrijfskavels zijn ten opzichte van het voorgaande bestemmingsplan planologisch gezien daardoor niet nieuw waardoor het aantonen van de behoefte niet noodzakelijk zou zijn. Sinds 2017 geldt de beheersverordening 'Green Park Aalsmeer 2017'. Deze beheersverordening is vastgesteld omdat het voorgaande bestemmingsplan ouder dan 10 jaar dreigde te worden en er daardoor geen leges meer zouden kunnen worden geheven. De beheersverordening is te beschouwen als een tijdelijke overbrugging tussen bestemmingsplan 'N201-zone' en het nu voorliggende bestemmingsplan. In vergelijking met de nu geldende beheersverordening zijn de in het het voorliggende bestemmingsplan mogelijk gemaakte bedrijfskavels functioneel gezien al wel mogelijk (aangezien de gronden een bedrijfsbestemming hebben) maar gebouwen zijn grotendeels niet mogelijk aangezien er uit is gegaan van bestaande bedrijfsbebouwing. In het navolgende zal daarom volledigheidshalve toch in worden gegaan op de behoefte aan bedrijfskavels binnen de regio. De MRA behoort binnen Nederland tot de economisch goed presterende regio's. Zowel in bevolking als in banen wordt op langere termijn een groei verwacht die op of boven die voor Nederland als geheel ligt.

Ten aanzien van de regio Amstelland-Meerlanden is aangegeven dat deze regio zich binnen de MRA onderscheidt dankzij haar goede bereikbaarheid en internationale aantrekkingskracht op burgers en bedrijven. De Mainport Schiphol en de Greenport Aalsmeer zijn belangrijke economische trekkers en bieden o.a. kansen aan de sectoren Logistiek en Agrofood. Ook in de zakelijke dienstverlening is de regio sterk. Voor de regio Amstelland-Meerlanden is voor de periode van 2016-2030 een ruimtevraag van 135 tot 180 ha voorzien. Als alle harde planaanbod van 307 ha wordt gerealiseerd en rekening wordt gehouden met circa 10 ha vervangingsvraag dan is er sprake van een overaanbod van circa 115 tot 160 ha. Zowel Green Park Aalsmeer als Royal FloraHolland maken met respectievelijk 54,5 ha en 20 ha onderdeel uit van het harde planaanbod waarvoor regionale afstemming niet meer nodig is. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet daarmee voor een gedeelte in de behoefte aan bedrijventerreinen en voldoet voor wat betreft de bedrijfskavels aan het Besluit ruimtelijke ordening.

17

Green Park Aalsmeer deelgebied 4

4.2

Verkeerstechnische uitvoerbaarheid

Het verkeer van en naar het te realiseren deelgebied 4 krijgt grotendeels een lokale functie. Een goede bereikbaarheid is evengoed wel van belang. Deze goede bereikbaarheid is in beginsel aanwezig doordat het plangebied zich in de directe nabijheid van de provinciale weg N201 bevindt. Deze weg speelt een belangrijke rol in zowel de huidige als de toekomstige ontsluiting van Green Park Aalsmeer, inclusief de ontsluiting van deelgebied 2. Green Park Aalsmeer is via de N201 direct aangesloten op de rijksweg A2. De op- en afritten van de N201 zijn vanuit deelgebied 4 direct via de Middenweg te bereiken. Het bestemmingsplan maakt de herontwikkeling van deelgebied 4 mogelijk maar herontwikkeling was ook al mogelijk in het voorheen geldende bestemmingsplan. Omdat voor het overige deel geen wezenlijk andere ontwikkelingen mogelijk zijn gemaakt staat het voorliggende bestemmingsplan in planologische zin geen substantiële toename van het verkeer toe. In feitelijk opzicht zal er als gevolg van de herontwikkeling van deelgebied 4 echter wel een toename van het verkeer gaan ontstaan aangezien de gronden in deelgebied 4 momenteel deels niet in gebruik zijn. In het kader van het bestemmingsplan is onderzoek noodzakelijk om de verkeersgevolgen van deelgebied 4 maar ook de rest van Green Park Aalsmeer inzichtelijk te maken.

Door Goudappel is daarom een actualisatie van het verkeerskundig onderzoek uitgevoerd (kenmerk: 008880.20210712R1.03, d.d. 7 februari 2022, zie bijlage 2). In het onderzoek is rekening gehouden met de huidige inzichten voor de invulling van de verschillende deelgebieden van Green Park Aalsmeer (inclusief deelgebied 4), de ontwikkelingen in de omgeving en het recente regionale verkeersmodel (NHZ 3.0). Voor deelgebied 4 is voor de toekomstige situatie uitgegaan van een programma van 26.000 m² logistiek, 21.000 m² specialistische handel, 15.000 m² te handhaven bedrijven met uitbreiding, 2.820 parkeerplaatsen voor Schipholparkeren en 13.500 m² kantoren.

Effecten verkeersintensiteiten Ten behoeve van de verkeerskundige analyse zijn twee situaties berekend met behulp van het verkeersmodel. Het betreft: 1. De autonome situatie 2035 conform de vigerende ruimtelijke plannen; 2. De plansituatie 2035 conform de meest recente beoogde invulling (inclusief deelgebied 2). Uit de verkeersberekeningen komt naar voren dat de effecten als gevolg van de beoogde invulling relatief beperkt zijn. De grootste toename is te verwachten op de Middenweg. Hier neemt de verkeersintensiteit toe met 1.300 tot 2.000 motorvoertuigen per etmaal. Deze toename is met name het gevolg van de gewijzigde invulling van de deelgebieden 2, 4 en 5. Relatief gezien gaat het om een intensiteitstoename van circa 20 % tot 25 %. Verder is op het noordelijk deel van de Machineweg een toename van de verkeersintensiteiten te verwachten met 800 motorvoertuigen per etmaal (+14%). Deze toename is een direct gevolg van de gewijzigde invulling van deelgebied 2. Het verkeer gerelateerd aan de N201 rijdt daarbij deels via de Middenweg en de Machineweg naar dit gebied. Op de Aalsmeerderweg neemt het verkeer juist af met 200 motorvoertuigen per etmaal (-3%). De gewijzigde verkeersstromen als gevolg van de nieuwe invulling kunnen effect hebben op de verkeersafwikkeling op kruispuntniveau.

In het verkeersonderzoek is daarom ook gekeken naar de verkeersafwikkeling van de maatgevende kruispunten.

Verkeersafwikkeling Voor de maatgevende kruispunten is onderzocht of het verkeer afgewikkeld kan worden met de beoogde inrichting. Dit betreft de locaties waar als gevolg van de gewijzigde invulling de grootste verkeerseffecten optreden. De verkeersafwikkeling is inzichtelijk gemaakt voor de volgende locaties: De aansluiting van de Middenweg op de N201 west (locatie 1).

18

Green Park Aalsmeer deelgebied 4 De aansluiting van de Middenweg op de N201 oost (locatie 2). De aansluiting van de Catharina Amalialaan op de Machineweg (locatie 3). De aansluiting van de Aalsmeerderweg op de Machineweg (locatie 4).

Afbeelding: onderzochte kruispunten

Uit de kruispuntanalyses blijkt dat in de plansituatie voor deze locaties geen knelpunten optreden. Met de beoogde inrichting kan het verkeer goed worden afgewikkeld in het prognosejaar 2035. Uit het regionaal verkeersmodel komt de verkeersafwikkeling op het kruispunt N201-N231 naar voren als knelpunt, met name tijdens de maatgevende avondspitsperiode. Door dit knelpunt op de verkeersafwikkeling ontstaat in de avondspitsperiode een ongewenste route van het verkeer tussen Bedrijventerrein Amstelveen Zuid en de N201 via de Legmeerdijk, Machineweg en Middenweg. Dit omdat het verkeer het kruispunt N201-N231 vermijdt. Het betreffende knelpunt ten aanzien van de verkeersafwikkeling is echter niet direct gerelateerd aan de gewijzigde invulling voor Greenpark. Dit betreft een knelpunt dat separaat opgepakt zal worden. Hiervoor dient nader onderzoek plaats te vinden en waar nodig dienen er maatregelen te worden getroffen moeten voor de inrichting van het kruispunt. Naar verwachting kan worden volstaan met een aanpassing van de regeling van de verkeerslichten op de kruising zodat er geen fysieke aanpassing van het kruispunt nodig is. Omdat het een kruispunt van twee provinciale wegen betreft zal nadere afstemming met de provincie plaats moeten vinden.

Verkeerseffecten gewijzigde invulling deelgebied 4 Na de uitvoering van het hiervoor beschreven verkeersonderzoek uit 2022 is gebleken dat er voor deelgebied 4 sprake is van een gewijzigde invulling (meer bruto vloeroppervlak). Door Goudappel is

19

Green Park Aalsmeer deelgebied 4 gekeken naar de verkeerseffecten van deze gewijzigde invulling (kenmerk: 017272.20240227.B1.01, d.d. 27 februari 2024, zie bijlage 3). Daaruit blijkt dat als gevolg van de gewijzigde invulling er circa 250 extra ritten per etmaal van en naar deelgebied 4 zullen ontstaan (125 ritten heen en 125 ritten terug). met een vergelijkbare verkeersverdeling zoals ook opgenomen in het eerdere onderzoek. De ontsluiting van deelgebied 4 vindt plaats via de Middenweg waarna het grootste deel van het verkeer gebruik zal maken van de N201. Op de Middenweg bedraagt de verkeersintensiteit tussen deelgebied 4 en de N201 circa 8.800 motorvoertuigen per etmaal. De toevoeging van de extra ritten zal naar verwachting niet leiden tot een relevante wijziging in de verkeersstromen en de verkeersafwikkeling.

4.3

Economische uitvoerbaarheid

Op grond van vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dient de toelichting van een bestemmingsplan vergezeld te gaan van een beoordeling van de economische uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan, in het bijzonder die van nieuwe ontwikkelingen ten opzichte van het voorheen geldende planregime.

4.3.1

Financieel-economische haalbaarheid

Voor de beoogde herontwikkeling van het plangebied is een grondexploitatie opgesteld. De grondexploitatie is dekkend.

4.3.2

Exploitatieplan

De gemeente is op grond van artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening verplicht om bij het mogelijk maken van een bouwplan als bedoeld in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening, een exploitatieplan vast te stellen ten behoeve van het verhalen van de door de gemeente te maken kosten, tenzij voorafgaand aan de vaststelling van de bestemmingswijziging een overeenkomst tot stand is gekomen waarin dit kostenverhaal is verzekerd. Voorliggend project voorziet onder meer in in de bouw van nieuwe bedrijfsgebouwen, de verdere aanleg van een beugelweg en beperkte uitbreiding van een bestaand bedrijfsgebouw. Op grond van artikel 6.2.1 sub b van het Bro betreft het derhalve een bouwplan waarvoor in principe een exploitatieplan dient te worden opgesteld. De gemeente heeft een groot deel van de gronden in eigendom. Met alle overige relevante eigenaren is ten behoeve van de onderhavige grondexploitatie, een anterieure overeenkomst gesloten waarin de kosten voor de grondexploitatie worden verhaald op aanvragers. Het is niet nodig een tijdvak of fasering of regels danwel een uitwerking van regels publiekrechtelijk op te leggen. Hiermee is het verhaal van kosten anderszins verzekerd en het opstellen van een exploitatieplan is derhalve niet noodzakelijk.

4.3.3

Planschade

'Planschade', is de schade die iemand lijdt doordat hij of zij in een planologisch nadeliger situatie is gekomen als gevolg tussen de nieuwe (onvoorziene) planologische situatie en de bestaande/ oude situatie. In het voorliggende nieuwe bestemmingsplan is uitgegaan van bedrijfskavels en een beugelweg. Het gebruik als bedrijfskavels en toegangswegen is ook al mogelijk in de momenteel geldende beheersverordening 'Green Park Aalsmeer 2017' en eerder in het tot eind 2017 geldende bestemmingsplan 'N201-zone'. In de beheersverordening zijn weliswaar alleen gebouwen toegestaan op plekken waar in 2017 al een gebouw aanwezig was maar in het voorgaande bestemmingsplan waren gebouwen na uitwerking van de uit te werken bestemming in beginsel al mogelijk ter plaatse van de nieuwe bedrijfskavels. Daarnaast zijn de plannen voor Green Park Aalsmeer al decennia bekend doordat de gemeente hier vanaf de jaren '90 in diverse beleidsstukken rekening mee heeft gehouden. De kans

20

Green Park Aalsmeer deelgebied 4 op planschade wordt daarom in het algemeen beschouwd niet aannemelijk geacht. Voor de beoogde herontwikkeling, welke als planontwikkeling is beschreven in subparagraaf 2.2 van deze toelichting, is in de grondexploitatie rekening gehouden met het verhaal van eventueel aan derden te betalen tegemoetkomingen in schade als bedoeld in afdeling 6.1 Wet ruimtelijke ordening en andere nadeelcompensatie.

4.4

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

4.4.1

Inspraak

In het voorheen geldende bestemmingsplan en in de Structuurvisie Green Park Aalsmeer is al uitgegaan van een herontwikkeling naar bedrijvenpark Green Park Aalsmeer met enkele voorzieningen. De herontwikkeling waar in het voorliggende bestemmingsplan van uit is gegaan is daardoor niet nieuw. Het houden van inspraak over het voorontwerpbestemmingsplan heeft daardoor geen directe toegevoegde waarde. Er is daarom afgezien van inspraak op het voorontwerp van dit bestemmingsplan. Wel konden burgers en bedrijven tijdens de ter visie legging van het ontwerpbestemmingsplan reageren (zie paragraaf 4.4.3). Tijdens de periode van ter visie legging is ook een informatieavond georganiseerd.

4.4.2

Bro-partners

In het kader van het wettelijk vooroverleg op grond van het Besluit op de ruimtelijke ordening is het voorontwerp toegezonden aan de hieronder genoemde provinciale en rijksdiensten en andere instanties op 30 juli 2021. De toezending is gedaan met het verzoek om binnen vier weken te reageren en met de mededeling, dat indien niet binnen die termijn zal zijn gereageerd, wordt aangenomen, dat het voorontwerp bestemmingsplan geen aanleiding heeft gegeven tot het maken van opmerkingen. 1. Gedeputeerde Staten van Noord-Holland; 2. Hoogheemraadschap van Rijnland; 3. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Rijkswaterstaat West-Nederland Noord; 4. Steunpunt Monumenten en Archeologie (MOOI Noord-Holland); 5. Kamer van Koophandel voor Amsterdam e.o.; 6. Gasunie; 7. Liander; 8. PWN Noord-Holland; 9. Luchthaven Schiphol Group; 10. Brandweer Amstelland. De instanties welke staan vermeld onder 2 t/m 6 en 8 t/m 9 hebben niet gereageerd, zodat mag worden aangenomen, dat het voorontwerp geen aanleiding heeft gegeven tot het maken van opmerkingen. De instanties onder 1 en 7 hebben aangegeven geen aanleiding te zien voor inhoudelijke reactie. De instantie welke staat vermeld onder 10 heeft inhoudelijk schriftelijk gereageerd op het voorontwerp bestemmingsplan: Opmerking: De brandweer heeft geen opmerkingen ten aanzien van externe veiligheid.

Wel zijn er enkele aandachtspunten ten aanzien van (a) bereikbaarheid en bluswater en (b) bestrijdbaarheid bouwwerken: a. Uitgangspunt voor hulpverlening is dat het plangebied goed bereikbaar is voor de hulpdiensten en dat er voldoende bluswatervoorzieningen zijn. Informatie hierover staat in de Handreiking Bluswatervoorziening en bereikbaarheid van Brandweer Nederland 2019 en in het Bouwbesluit 2012 (en vanaf 2023 de Omgevingswet). Verzocht wordt om te zijner tijd de nadere uitwerking van de bereikbaarheid van het plan voor de hulpdiensten en de bluswatervoorziening met de brandweer af te (laten) stemmen. b. Bij de ontwikkeling van de bebouwing in het plangebied aspecten aan de orde komen die relevant

21

Green Park Aalsmeer deelgebied 4 zijn voor de (brand)veiligheid en/of voor een mogelijke (repressieve) inzet van de hulpverlening. Bijvoorbeeld grote brandcompartimenten, systemen voor duurzame energie en/of specifieke voorzieningen voor brandweeroptreden zoals toetredingsvoorzieningen, brandweerpanelen of droge blusleidingen). Verzocht wordt om de de brandweer te betrekken bij de uitwerking van dergelijke ontwikkelingen. Reactie gemeente: Bij de herontwikkeling van het plangebied zal rekening worden gehouden met het toepassen van de door de brandweer genoemde aandachtspunten. Omdat de bouwplannen voor het plangebied en de herinrichtingsplannen voor de openbare ruimte nog nader worden uitgewerkt is nu helaas nog niet met zekerheid aan te geven welke maatregelen er op het gebied van (a) bereikbaarheid en bluswater en (b) bestrijdbaarheid bouwwerken zullen worden toegepast, hoe deze maatregelen precies worden vormgegeven en waar deze maatregelen eventueel in het plangebied zullen worden toegepast. De brandweer zal tijdig worden betrokken bij de nadere uitwerking van de plannen. 4.4.3

Zienswijzen

Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 8 december 2023 tot en met 18 januari 2024 voor een ieder ter inzage gelegen. Op 11 december 2023 is een informatieavond voor omwonenden en andere belanghebbenden gehouden. Gedurende de termijn van ter inzage legging heeft een ieder de gelegenheid gekregen om schriftelijk zienswijzen kenbaar te maken. Gedurende deze periode is er 1 zienswijze ingediend. De binnengekomen zienswijze is beantwoord in de Nota van beantwoording zienswijzen, welke onderdeel uitmaakt van het vaststellingsbesluit van het bestemmingsplan.

4.5

Handhaving

4.5.1

Uitvoerings- en handhavingsbeleid

Handhaving op het gebied van ruimtelijke ordening spitst zich toe op het gebruik van de gronden en opstallen, de maatvoering van bouwwerken en het uitvoeren van werken en werkzaamheden waarvoor een omgevingsvergunning nodig is. Handhaving kan kortweg worden omschreven als: elke handeling die er op is gericht de naleving van rechtsregels te bevorderen of een overtreding te beëindigen. Handhaving is geen doel op zich maar draagt bij aan de realisatie van de ruimtelijke doelstellingen die met het bestemmingsplan worden beoogd en de bescherming van de verschillende belangen die worden gewaarborgd. Een bestemmingsplan bevat daarom een handhavingsparagraaf. Hierin wordt een toelichting gegeven op de wijze waarop de gemeente het juridische normenkader van het bestemmingsplan handhaaft, dat door middel van de planregels in samenhang met de planverbeelding in het leven is geroepen. Het niet naleven van een bestemmingsplan komt neer op het ondergraven van één van de meest waardevolle en invloedrijkste instrumenten van de gemeentelijke overheid. Daarnaast is het een inbreuk op en aantasting van de belangrijkste waarborgen die de burger en bedrijven op gemeentelijk niveau hebben. De maatschappij mag immers verwachten en eisen van de gemeentelijke overheid dat zij de regelgeving die zij in het bestemmingsplan heeft opgenomen ook zal handhaven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=497219e8-d9fd-4f7f-914d-ad027c985bd9