CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Jaarstukken Vervoerregio 2023 Concept

3.Raad (besluitvormend) 11 juli 2024, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Voorlopige jaarstukken 2023 en de kadernota 2025 van de Vervoerregio Amsterdam (VRA).31.150 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Met dit percentage zit de Vervoerregio bij de bovenste 25%. 2.4.2 PARAGRAAF FINANCIERING In de paragraaf Financiering is opgenomen hoe de Vervoerregio haar activiteiten financiert en wat daarvan de gevolgen zijn. De paragraaf geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente eventueel aan investeringen en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte. Inkomsten en Solvabiliteit

pagina 47 van 83

De Vervoerregio ontvangt middelen van het Rijk, met de Brede Doeluitkering Verkeer & Vervoer (BDU) als belangrijkste inkomstenbron. Wij keren deze middelen uit aan openbaarvervoerbedrijven en aan wegbeheerders die infrastructuur aanleggen, beheren en onderhouden. In 2023 ontving de Vervoerregio ruim € 471 mln aan brede doeluitkering. Daarvan is in 2023 100% besteed. De regeling BDU V&V staat toe de jaarlijks niet bestede middelen in volgende begrotingsjaren in te zetten. In 2023 wordt van dit saldo € 7,5 miljoen ingezet. De solvabiliteit geeft de verhouding van het eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen weer. Aangezien de Vervoerregio geen eigen vermogen kent en het saldo nog niet uitgegeven BDU formeel als vreemd vermogen wordt beschouwd, is de solvabiliteit nihil. Uitgangspunten Treasuryfunctie en beleid Het doel van het treasurybeleid is het beheersen, sturen, verantwoorden en toezichthouden op de financiële vermogenswaarden, geldstromen en posities en de hieraan verbonden risico’s. De wettelijke kaders voor de uitvoering van de treasuryfunctie liggen vast in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido) en de daarbij behorende ministeriële regelingen. Schatkistbankieren De (tijdelijk) overtollige middelen zijn conform de Regeling Schatkistbankieren decentrale overheden ondergebracht bij het Rijk. De Vervoerregio heeft heel 2023 voldaan aan de gestelde eisen.

Op geen enkel moment is meer dan 2% van het begrotingstotaal buiten de Rijksschatkist aangehouden. Verstrekte Bussenleningen De Vervoerregio kent sinds april 2015 de Verordening op de subsidieverstrekking voor bussenlening. De subsidie wordt verstrekt ten behoeve van de financiering van het verwerven van bussen en of laadinfrastructuur of de herfinanciering deze activa. De bussenlening draagt bij aan het verduurzamen van het openbaar vervoer én biedt de mogelijkheid voor een gemakkelijke overdracht van de voertuigen naar een andere vervoerder, bij afloop van de concessie. De leningen leiden tot 2022 niet tot een financieringsbehoefte. In 2023 is er voor gekozen om voor de nieuwe bussenlening voor de concessie Zaanstreek-Waterland (EBS), gezien de hoogte van het maximale krediet (€ 183 miljoen) en de liquiditeitsprognose, (deels) extern te financieren. De aangetrokken lening en de lening worden met eenzelfde looptijd en rentepercentage uitgezet. De vervoerder betaald bovenop de basisrente van de bank een wettelijk vereiste marktconformiteitstoeslag. In 2023 is bij de BNG een lening faciliteit geopend voor maximaal € 131,8 miljoen. Daarvan heeft EBS € 20,4 miljoen getrokken tot eind 2023.

Per 31 december 2023 bedraagt het uitstaande saldo van verstrekte bussenleningen € 88,2 mln, waarvan € 63,9 mln voor Connexxion en € 24,3 mln (€ 20,4 mln via BNG en € 3,9 mln eigen middelen) voor EBS. Het risico dat deze aflossingen niet worden terugbetaald is minimaal, omdat deze met de periodieke bevoorschotting van de concessievergoeding worden verrekend. In paragraaf 3.4 is een toelichting op het verloop van de bussenleningen in 2023 opgenomen. Financieringswijze strategische activa GVB In 2019 besloot de regioraad dat de Vervoerregio garant staat voor de GVB-leningen voor investeringen in de Strategische Activa, voor de volgende maximale bedragen:

pagina 48 van 83

1.

2.

Externe financiering door GVB Activa BV, voor een bedrag van maximaal € 725 miljoen waarvan € 150 miljoen langlopende vastrentende lening, € 350 miljoen Revolving Credit Facility1 (RCF) en € 225 miljoen in optie (‘accordeon’); Zogenaamde ‘forward starting’ leningen vanaf 2025 (te converteren vanuit de RCF die onder 1 is genoemd) voor een bedrag van € 142 miljoen (investering 15G-trams en M7-metro’s) en € 56 miljoen (investering Zero Emissie-bussen EB1 en EB2);

Op het aan te schaffen materieel wordt een pandrecht gevestigd. De Vervoerregio subsidieert aan GVB Exploitatie BV de kapitaallasten (afschrijvings- en rentekosten) van de voertuigen, waarmee GVB in staat wordt gesteld om aan de aflossing- en renteverplichtingen ten aanzien van de financiële instellingen te kunnen voldoen. Daarbij staat de Vervoerregio garant voor de termijnbetalingen, maar niet voor de hoofdsom van de lening (met andere woorden: de hele lening is niet in één keer opvorderbaar als de vervoerder niet aan de betalingsverplichtingen kan voldoen). GVB Activa BV heeft per 31 december 2023 in totaal € 225 miljoen opgenomen van de onder 1 genoemde faciliteiten (€ 140 miljoen vastrentende lening en € 85 miljoen RCF-faciliteit). Liquiditeit, Kasgeldlimiet en Renterisiconorm Bij het opstellen van de primitieve begroting 2023 is een liquiditeitsprognose afgegeven van € 39,7 miljoen voor het eind van 2023. In de 2e Bestuursrapportage 2023 is deze naar boven bijgesteld op € 105,0 miljoen. Daarbij werd wel de kanttekening geplaatst dat de ervaring uit het verleden leert dat de realisatie ten opzichte van de begroting meestal achterblijft. Eind 2023 kent de Vervoerregio een stand van de liquiditeiten van € 217,1 miljoen. De grootste posten die het verschil verklaren zijn lagere lasten van € 85,8 miljoen en afname van de vorderingen op derden van € 20,8 miljoen.

De actualisatie van de liquiditeitsprognose vanaf 2024 (periode 2024-2025) op basis van de uitkomsten 2023 wordt in de 1e Bestuursrapportage 2024 opgenomen. Deze verschijnt gelijktijdig met de Jaarstukken 2023. De Vervoerregio kent geen kortlopende leningen (rentetypische looptijd van maximaal een jaar) waardoor zij geen risico loopt de kasgeldlimiet te overschrijden. De aangetrokken langlopende financiering (€ 20,4 miljoen) zijn leningen die naar EBS (zie Verstrekte bussenleningen) zijn doorgeleend. Hierdoor is er voor de Vervoerregio geen renterisico aanwezig. Deze methodiek maakt dat de rentelasten en rentebaten tegen elkaar wegvallen in de berekening van de renterisiconorm. Omdat de Vervoerregio geen andere langlopende leningen heeft afgesloten heeft zij in 2023 voldaan aan de eisen van de renterisiconorm. Renteresultaat (Rentelasten en Rentebaten) De Vervoerregio kent een renteresultaat van € € 9,9 miljoen, waarvan € 10,1 baten en € 0,2 lasten. De baten zijn te verdelen in € 7,7 miljoen rente over het uitstaande saldo bij het Rijk en € 2,4 miljoen aan rente over de uitstaande bussenleningen en garantstellingen (markconformiteitstoeslag). Rentevisie

1

RCF Revolving Credit Facility, geeft de mogelijkheid, binnen de gestelde (jaar) niveaus, flexibel trekkingen (opnames) en aflossingen te doen die aan sluiten bij de financieringsbehoefte van GVB Activa BV.

pagina 49 van 83

De Vervoerregio heeft geen specifieke rentevisie ten aanzien van door haar verschuldigde of door haar verstrekte gelden. Voor zover nodig baseert de Vervoerregio haar visie op de rentevisies van de banken DNB en BNG. 2.4.3 PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING Bestuur & communicatie In het jaar 2023 heeft het team Bestuur en Communicatie gewerkt aan de verdere positionering van de Vervoerregio, het nog beter adviseren van het bestuur, het vergroten van de bekendheid van de MRA met de Vervoerregio, het vasthouden aan de MIRT afspraken en het tegengaan van versobering in het openbaar vervoer (ov) en verhoging BDU. Ook zetten het team de medewerkers aan tot het schrijven van betere en eenvoudigere stukken. Er zijn twee succesvolle moties ingediend in de Tweede Kamer: een over het stoppen van de verschraling in het ov en de motie Bikker. Bij het MIRT is er door Bestuur en Communicatie voor gezorgd dat bij instandhoudingsopgaven ook aandacht moet zijn om meekoppelkansen te benutten zodat nieuwe initiatieven alsnog van de grond komen en afgesproken toekomstbeelden Auto, OV en Fiets overeind te houden. Tenslotte dat de instandhoudingsopgave met een samenhangende set van alternatieve maatregelen om de bereikbaarheid te waarborgen, zoals fietsmaatregelen, gedragsaanpak, waaronder werkgeversaanpak, normeren en fiscale maatregelen.

De tweede helft van het jaar stond in het teken van de vervroegde verkiezingen. Daarom is door Bestuur & Communicatie focus aangebracht in onze lobby: MIRT afspraak is MIRT afspraak, vergroten BDU, aandacht voor fiets(veiligheid) en fiscaliteit. Public Affairs , MIRT en Europa In 2023 is er veel gedaan op het gebied van Public Affairs. Het jaar begon met een urgentieconferentie waarin de problematische staat van het ov met alle relevante partijen en het Rijk is besproken. Toen hieruit geen concrete investering in het ov volgde is met de partners een succesvolle lobby richting de Tweede Kamer gevoerd die resulteerde in de ‘motie Bikker’ waarmee € 300 miljoen (+/- €85 miljoen voor de Vervoerregio) jaarlijks beschikbaar is gesteld voor het regionale OV. Hierover is uitgebreid gecommuniceerd vanuit de Vervoerregio kanalen. In juni is - voorafgaand aan het notaoverleg MIRT - met het evenement ‘Nederland weer Verbonden’ aandacht gevraagd voor de belangrijkste projecten in onze regio (doortrekken NZ-lijn, Zuidasdok, sluiten Ringlijn, IJmeerverbinding). In het platform Mobiliteit hebben bestuurders aan de hand van position paper inzet afgesproken in aanloop naar BO MIRT najaar en doorkijk verkiezingen en nieuw kabinet. In de aanwezigheid van Tweede Kamerleden is een constructieve dialoog gevoerd die later doorklonk in het debat. Op 7 juli viel het Kabinet.

Hier is direct actie op genomen door het afgesproken position paper aan te passen en dit nog voor augustus met Kamerleden en andere politici te delen. Ook is in de zomer een analyse gemaakt van de verkiezingsprogramma’s van de politieke partijen en zijn succesvolle amenderingsvoorstellen gedaan waardoor projecten binnen onze regio bij naam worden genoemd in de programma’s van D66 en VVD. Kort voor de verkiezingen in november waren wij mede-organisator van een verkiezingsdebat in Pakhuis de Zwijger. De herprioritering van mobiliteitsgelden door minister Harbers raakte het project doortrekken NZ-lijn. Later kwamen daar ook nog eens de kostenoverschrijdingen voor het project Zuidasdok bij. Eind november zijn de voorbereidingen gestart voor een lobby richting nieuwe Tweede Kamer en formatie om aandacht te vragen voor deze projecten. Onderdeel van de lobby was het vergroten van de BDU. Bestuur & Communicatie heeft hier focus aangebracht; de BDU moet groeien met aantal inwoners en areaaluitbreiding van ons infranetwerk.

pagina 50 van 83

In het BO MIRT zijn afspraken gemaakt met medeoverheden om de komende jaren meekoppelkansen te identificeren tussen de beheer- en onderhoudsprojecten van Rijkswaterstaat en projecten in uitvoeringsprogramma’s. Daarnaast is er als regio aandacht gevraagd voor een samenhangende inzet van alternatieve maatregelen om de bereikbaarheid in goede banen te leiden, zoals beter benutten van de bestaande netwerken, fietsmaatregelen en het inzetten op doorfietsroutes, gedragsmaatregelen, de werkgeversaanpak en normerende en fiscale maatregelen. Het resultaat is dat het Rijk samen met de regio een landelijke aanpak mobiliteitstransitie in 2024 gaat uitwerken en laat vaststellen. Vervoerregio in Europa In 2023 is er meerdere keren naar verschillende congressen in Europa gereisd voor internationale kennisuitwisseling. Op deze plekken is het (inter)nationale netwerk versterkt maar zijn ook presentaties gegeven over het werk van de Vervoerregio. Daarnaast is er voor de vorming van het Brusselse netwerk ook meermaals naar Brussel gereisd. Op deze momenten is er gesproken met contactpersonen in Brussel, zijn de belangrijke commissievergaderingen bijgewoond, en is er gewerkt op de gedeelde werkplek ter plaatse. Onder de resultaten van 2023 is de plek van onze regio op het internationale mobiliteitsnetwerk (Trans European Transport Network TEN-T).

Hier is de Vervoerregio van het uitgebreide netwerk naar het kernnetwerk gegaan. Dit levert ons in de toekomst meer kansen op voor subsidies uit de transportgelden. Daarnaast wacht de Vervoerregio op de uitslag over de vernieuwde subsidieaanvraag voor Zuidasdok en werkt de Vervoerregio aan aanvragen voor de Noord/Zuidijn en Guisweg. Bestuurszaken 2023 was voor het cluster Bestuurszaken een jaar van veel resultaten. Op het gebied van relatiebeheer zijn er weer portefeuillehouders overleggen georganiseerd, zowel in de regio als in het nieuwe Huis van de Regio. Ook is verdere invulling gegeven aan de themasessies van de Werkgroep Verkeer en Vervoer. En uit de goede opkomst hierbij blijkt dat de interne en externe bekendheid hiervan is gegroeid. De Regioraad van de Vervoerregio is een steeds bekender orgaan in de regio. Dat blijkt uit het aantal insprekers dat de Regioraad weet te vinden. Meer en meer is de Regioraad een plek voor burgers en organisaties om hun mening te geven. Dit brengt extra verantwoordelijkheden met zich mee, maar biedt ook kansen om de positie van de Vervoerregio als toonaangevende vervoersautoriteit te versterken. De Regioraad vergaderde in 2023 zes keer in plaats van de gebruikelijke vijf keer. Dit in verband met het grote aantallen besluiten dat het DB voorlegde aan de Regioraad.

De in september geplande Regiomiddag is niet doorgegaan omdat er te weinig aanmeldingen waren. Desalniettemin blijkt uit de evaluatie van deze Regiomiddag dat er in de regio wel degelijk interesse is voor zo’n middag. Als besloten wordt tot het organiseren van een Regiomiddag in 2024 hebben we nu meer handvatten om hier een succes van te maken. Onze organisatie geniet steeds meer bekendheid in bestuur en media. Dit vraagt om inspelen op mogelijke politieke vragen en discussies en scherpe besluiten in duidelijke taal. Bij de grote dossiers van de Vervoerregio (zoals beleidskader, concessies OV) trekt Bestuur en Communicatie in een vroeg stadium intensief met onze collega's om ze te helpen met de voordrachten aan het bestuur en de communicatie uitingen naar buiten. We bieden ook een cursus begrijpelijke taal aan om onze collega's te leren in eenvoudig Nederlands complexe onderwerpen te omschrijven (schrijven op B1 niveau). Communicatie In 2023 is de Vervoerregio verdergegaan met het positioneren van de Vervoerregio op verschillende thema’s zoals duurzaamheid, fiets, toegankelijk openbaar vervoer en verkeersveiligheid. Zo is ingezoomd op het nieuwe beleidskader, de Green Deal fiets, de Amsteltram, fietsveiligheid en de OV-coach. Maandelijks verspreidt de

pagina 51 van 83

Vervoerregio een nieuwsbrief met de belangrijkste achtergrondartikelen en nieuws- en persberichten. Deze nieuwsbrief gaat naar ruim 1000 geïnteresseerden. De nieuwsbief wordt tegenwoordig ook gedeeld als LinkedIn artikel. Deze onlineversie wordt gemiddeld 16000x bekeken. De Vervoerregio en verschillende belangrijke dossiers zijn afgelopen jaar volop in het nieuws geweest. Denk hierbij aan het stoppen van de verschraling van het ov, diverse verkeersveiligheidscampagnes zoals de week van het verkeer en MONO maar ook de bestuurlijke besluiten over de Guisweg en AVANT. Daarnaast is het op diverse onderwerpen gelukt om artikelen te laten publiceren in vakbladen. Voorbeelden hiervan zijn onder meer de Bremer constructie bij de Uithoornlijn in OV Magazine, publieke mobiliteit of de BRT. De sociale mediakanalen hebben in 2023 weer een groei doorgemaakt. Afgelopen jaar heeft het sociale media bereik op de Vervoerregio-kanalen geleid tot 17,8 miljoen impressies. LinkedIn groeit op dit moment relatief het hardst. Met 624 nieuwe volgers dit jaar staat de teller nu op 4.253 volgers. Op X (voorheen Twitter) is er een wereldwijde afname sinds de ontstane perikelen bij dit platform. Het aantal volgers op dit platform is licht afgenomen van 3005 naar 2955. Op Facebook wordt sinds 2021 wat minder ingezet. De platforms LinkedIn en X sluiten vooralsnog beter aan bij onze doelgroepen.

Toch is het aantal volgers op Facebook gestegen: van 1903 geïnteresseerden in 2022 naar 1973 in 2023. De stijging zet door op Instagram: 601 mensen volgden in 2022 onze berichten. Dit aantal is in 2023 gestegen tot bijna 700 volgers. Verkeerskunde congres 1 en 2 november Meer dan 400 verkeerskundigen en mobiliteitsprofessionals uit het hele land wisten elkaar te vinden tijdens het Nationaal Verkeerskundecongres 2023. Het précongres vond plaats op 1 november in Amsterdam, met een excursie vanuit het nieuwe kantoor van de Vervoerregio Amsterdam en een borrel en uitgebreid diner in Levenslang. Op donderdag 2 november vond het congres plaats in De Meervaart in Amsterdam. Spoor Bestuur & Communicatie verzorgt voor de MRA de inzet van de Strategische OV- en Spoorcoördinatie. In het overleg zitten vertegenwoordigers van Almere, Flevoland, Amsterdam, provincie Noord-Holland en de Vervoerregio. De kracht van het coördinatieoverleg is dat er naast het bundelen van regionale belangen tot een gezamenlijk standpunt, ook vervoerkundige kennis en expertise wordt geleverd aan spoorprojecten en programma’s. Hier is de Vervoerregio uniek in Nederland, het ministerie van IenW, ProRail en NS waarderen deze inzet. Deze betrokken partijen dragen elk 40.000 euro bij aan de strategische OV en Spoorcoördinatie tafel, dus ook de Vervoerregio.

Bijgevoegd zit een begroting van de uitgaven/ inkomsten 2023. Dit is ook vastgesteld in het DO MRA Platform Mobiliteit. Belangrijke resultaten zijn dat er in afstemming met de MRA partners een brief is gestuurd over de uitgeklede dienstregelingenvoorstellen voor NS in 2024. Samen met het samenwerkingsverband voor decentrale ovautoriteiten (DOVA) heeft de Vervoerregio het voortouw genomen om de nieuwe NS-concessie zo in te richten dat NS in de toekomst nauwer moet gaan samenwerken met de regio. Tot slot heeft de Vervoerregio zich sterk gemaakt om het in 2019 met veel moeite tot stand gekomen Toekomstbeeld OV 2040 van het ministerie van IenW overeind te houden ondanks de bezuinigingen, de aanstaande bekendmaking van de instandhoudingsopgave spoorinfrastructuur en de achterblijvende groei in het ov. Bedrijfsvoering Huisvesting en Facilitair Op maandag 6 februari opende de secretaris-directeur ons nieuwe kantoor in Amsterdam-Noord, in gebouw The Pulse. Deze accommodatie past echt bij de ambitie van de Vervoerregio als aanvoerder van de mobiliteitsopgave. Ook ondersteunt deze huisvesting de organisatie in de ambitie om op een professionele

pagina 52 van 83

manier samen te werken. De hele inrichting stelt hybride werken centraal, zo zijn alle vergader- en gespreksruimtes voorbereid en ingericht voor digitale vergaderingen. Bij het betreden van het kantoor is het secretariaat de eerste plek die men ziet. Door die centrale ligging voorkomen we dat mensen door het gebouw moeten dwalen, op zoek naar hun contactpersoon of vergaderlocatie. Voor onze medewerkers bestaan geen vaste plekken, maar zij kunnen de ruime flexibele plekken in een app reserveren. Een deel van die werkplekken ligt in stiltegebieden. De grote centrale ruimte, de Plaza, benutten we voor grotere bijeenkomsten. Anders dan in het verleden kunnen we bijeenkomsten voor medewerkers nu effectief in ons eigen huis organiseren. Dit eerste jaar in The Pulse bleek wel dat (kleinere) gebreken moesten worden hersteld of aangepast. Problemen bestonden met klimatologische instellingen, het netwerk en de vergaderfaciliteiten. Deze zaken zijn goed opgelost. Een groter punt bleek de kwaliteit van de vloerbedekking, met name op de looppaden: die voldeed niet aan de eisen, maar ook was de kleur te kwetsbaar voor vervuiling. In het laatste kwartaal is die vloerbedekking onder de garantie vervangen.

In The Pulse zijn wij zelf de huurder, wat betekent dat we nu zelf moeten zorgdragen voor de inrichting van de facilitaire dienstverlening, zoals entree, toegangsbeheer, koffie- en theefaciliteiten, schoonmaak en dagelijks beheer. Er zijn wat opstartproblemen geweest, maar inmiddels ervaren we dat het goed is georganiseerd. Tabel 2. 12 Investering Huisvesting (bedragen in € 1000,-) Investeringskrediet

Budget

Realisatie

Verschil

Huisvesting

3.455

3.427

28

Tabel 2.13 Specificatie investering huisvesting (bedragen in € 1000,-)

Soort Activa

Afschrijf-termijn

Budget

Totaal Realisatie

budget ruimte

Inrichting nagelvast

15

1.780

1.756

24

Overige Installaties

10

660

663

-3

Audio & Visueel

7

190

187

3

Investering ICT

5

200

290

-90

Meubilair

10

460

531

-71

Onvoorzien 5%

15

165

-

165

3.455

3.427

28

Tabel 2.14 Specificatie afschrijvingskosten investering huisvesting (bedragen in € 1000,-) Afschrijving 2023 Afschrijving 2024 Afschrijving 2025 Afschrijving 2026 Afschrijving 2027 Budget

309

309

309

309

309

Realisatie

294

321

321

321

321

Verschil

15

-12

-12

-12

-12

We zijn binnen budget gebleven , maar komen wel hoger uit in de afschrijvingslasten in 2024 en verder. Dit komt doordat de hogere ICT uitgaven in 5 jaar worden afgeschreven en voor de post Onvoorzien met 15 jaar is gerekend. Het verschil is € 12.389 per jaar en kan worden opgevangen binnen het budget van Bedrijfsvoering. pagina 53 van 83

ICT Met de verhuizing heeft het eerder opgestelde ICT-verbeterprogramma verder vorm gekregen. Op basis van Office 365 is de digitale samenwerkingsomgeving voor teams en projecten ingericht. Hieronder valt ook de migratie naar één ICT-werkplek, passend bij de nieuwe huisvesting. Speciale aandacht bestaat er nog steeds voor de fysieke en digitale veiligheid (cyber security), met als belangrijk onderdeel een verplichte digitale leergang voor alle medewerkers. Dit past ook bij de ambitie die de Vervoerregio zich heeft gesteld als aanvoerder voor alle mobiliteitsopgaven. HR In 2023 hebben de HR-medewerkers het imago van de Vervoerregio als werkgever kleur gegeven, om ook in een krappe arbeidsmarkt gerichte arbeidscommunicatie in te kunnen zetten. In die krappe arbeidsmarkt zijn we een aantrekkelijke werkgever, wat wel blijkt uit het gegeven dat in 2023 zo’n veertig mensen bij ons begonnen, in vaste dienst of tijdelijk als inhuurkracht. Vaak konden we dit zelf organiseren, maar met die krappe arbeidsmarkt hebben we ook externe werving- en selectiebureaus ingeschakeld. Daarnaast lag de focus op personeel door uitvoering te geven aan het meerjarig strategisch personeelsplan. Hierbij is meer inzicht gegeven in het streven naar een gezonde instroom, doorstroom en uitstroom.

Gelijk met de verhuizing zijn we overgegaan naar Shuttel, een duurzame en efficiënte mobiliteitsvoorziening met een reispas en een mobiliteitsapp. Shuttel ontzorgt onze organisatie op het gebied van mobiliteit, met één mobiliteitskaart die toegang geeft tot alle vormen van vervoer, inclusief bijkomende diensten als reiskosten- en thuiswerkvergoedingen. Voor zowel medewerkers als organisatie betekent dit een forse vermindering van de administratieve lasten. Financiën Het team Financiën, werkt mee aan het realiseren van de opgave van de Vervoerregio. Belangrijke waarden als risicoherkenning, vaktechnische kennis, rolvastheid, transparantie en adviesvaardigheden dragen in de samenwerking bij aan een goed gezamenlijk resultaat. Planning & control documenten zoals de Kaderbrief 2024, Ontwerp- en definitieve Begroting 2024, 1e en 2e Bestuursrapportage 2023 en de Jaarstukken 2022 zijn op tijd voorgelegd aan de rekeningcommissie en de regioraad. Deze producten zijn goedgekeurd door de regioraad waarbij voor de jaarstukken 2022 en ontwerpbegroting 2024 de veertien gemeentes via de zienswijzeprocedure zijn betrokken. Vanaf 2023 moet het dagelijks bestuur de rechtmatigheidsverantwoording bij de verantwoording in de jaarrekening opnemen.

Al in 2022 en 2023 hebben de concerncontroller en het team Financiën samengewerkt om samen met de organisatie verbeteringen in de rechtmatigheid te realiseren volgens het ‘drie lijnen model’ als onderdeel van het beheersingsmodel. Er is specifieke aandacht besteed aan training en opleiding, waaronder organisatie brede fiscale training en BBV voor medewerkers en management in 2023. Medewerkers en leidinggevenden hebben hiermee hun fiscale bewustzijn vergroot wat nodig is in het kader van risicomanagement bij grote projecten en samenwerkingsverbanden door gerichte training. Binnen het Team Financiën is de besturing gericht op het eenduidig en vanuit concernkaders en uitgangspunten geven van ondersteuning en advies. Andere prestaties omvatten ondermeer de kassiersfunctie voor de bussenfinanciering (BNG-EBS), het realiseren van voortgang bij de projecten die over zijn gekomen vanuit AMRI, de verdere tot standkoming van de inbesteding concessie Amsterdam (start 1-1-2022) volgens OV Governance en er is een start gemaakt met de integratie van de PDCA met de P&C cyclus en het creëren van een dashboard waarmee we indicatoren gaan monitoren. Het Team Financiën heeft geïnvesteerd in capaciteit, waarbij in 2023 zes nieuwe teamleden zijn begonnen. We hebben geïnvesteerd in activiteiten om de teamgeest te versterken en de samenwerking binnen het team te pagina 54 van 83

verbeteren. Bovendien hebben we kritisch gekeken naar hoe we onze adviesrol kunnen verbeteren en hoe we beter kunnen samenwerken om met elkaar de opgave van de Vervoerregio te realiseren. De collega’s hebben individueel en als Team mooie stappen gezet waarbij aandacht is besteed aan reflectie, doorontwikkeling, capaciteitsgroei en de groei van administrateurs, financiële adviseurs, controllers en kostendeskundige adviseurs. Het streven naar groei en ontwikkeling blijft een prioriteit voor de toekomst. Tabel Rechtmatigheid met afwijkingen volgen nog.

2.4.4 PARAGRAAF VERBONDEN PARTIJEN De Vervoerregio is een samenwerking van 14 gemeenten volgens de Wet Gemeenschappelijke Regeling. Voor een verbonden partij is vereist dat er sprake is van zowel bestuurlijke zeggenschap als een financieel belang in een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie. Omdat de Vervoerregio vanaf 23 december 2021 een prioriteitsaandeel in GVB Holding N.V. heeft, is deze als verbonden partij aangemerkt. Naast deze verbonden partij neemt de Vervoerregio deel aan diverse samenwerkingsverbanden op strategisch, tactisch en operationeel niveau. Zo participeert de Vervoerregio in het regionale samenwerkingsverband van de MRA. Voor een groter geografisch gebied dan de vervoerregio vindt daar afstemming plaats op het gebied van mobiliteit en de inbreng richting het Rijk via het Programma Sbab en het Bestuurlijk Overleg MIRT. Vanuit haar rol en verantwoording op het gebied van OV wordt regelmatig opgetrokken met andere decentrale OV-autoriteiten in het Samenwerkingsverband DOVA en het Nationaal OV Beraad. Intensievere samenwerking is er met de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). In de toelichting bij het subprogramma OSS worden de landelijke en regionale samenwerkingsverbanden genoemd waar de Vervoerregio personele inzet voor levert en zowel inhoudelijk als financieel aan bijdraagt. GVB Holding N.V.

De Vervoerregio is samen met de gemeente Amsterdam eigenaar van GVB Holding. De Vervoerregio heeft één prioriteitsaandeel en de gemeente Amsterdam bezit de overige 20.000 aandelen in GVB Holding N.V. Wijze van belang: de Vervoerregio bezit een prioriteitsaandeel, hetgeen betekent dat bepaalde besluiten, overwegend betrekking hebbende op de dochters GVB Infra B.V. en GVB Exploitatie B.V., alleen in unanimiteit met de gemeente Amsterdam genomen kunnen worden. Openbaar belang: het prioriteitsaandeel verschaft de Vervoerregio de mogelijkheid tot het inbesteden van de concessie Amsterdam en tot het voeren van een betere governance op aanschaf, beheer en onderhoud van strategische activa en railinfrastructuur. Grootte van het belang: per 23/12/2021: 1 aandeel ad nominaal € 1.000 Tabel 2.15 Grootte belang verbonden partijen (bedragen in € 1.000)

Deelneming

Vestigingsplaats

GVB Holding Amsterdam N.V.

Aandeel

Subprogramma

1 aandeel, vertegenwoordigen de een belang van 0,005%

Concessies en AMRI

Eigen vermogen 31/12/2022

Vreemd vermogen 31/12/2022

100.378

448.735

Netto winst 2022 1.043

Het financieel risico voor de Vervoerregio met betrekking tot deze deelneming is beperkt tot de nominale waarde van het prioriteitsaandeel. De Vervoerregio heeft met het prioriteitsaandeel geen economisch belang in GVB Holding N.V.. pagina 55 van 83

Tijdens de aandeelhoudersvergaderingen in 2023 heeft de directie van GVB Holding N.V. aan de Vervoerregio om goedkeuring/besluitvorming op bepaalde (strategische) besluiten gevraagd. Besluiten waarover tijdens de AVA en/of buiten de vergadering over besloten is, zijn onder meer: • • •

Vaststelling Jaarstukken 2022 Vaststelling jaarplan en de begroting 2024 Investeringsvoorstellen voor 2024

Daar waar het GVB Infra B.V. en GVB exploitatie BV betreft, vereisen de statuten dat Amsterdam en Vervoerregio in unanimiteit tot besluitvorming komen. Deze systematiek is op basis van de regels inzake inbesteden noodzakelijk om te kunnen blijven spreken van een situatie dat de Vervoerregio toezicht houdt op deze vennootschappen als ware het haar eigen dienst. 2.4.5 PARAGRAAF WET OPEN OVERHEID De Wet open overheid (Woo) regelt het recht op informatie over alles wat de overheid doet. De wet gaat uit van een actieve openbaarmaking van besluiten. Dit is een inspanningsverplichting, er bestaat niet zoiets als een absolute plicht tot actieve openbaarmaking van overheidsinformatie. In ieder geval zijn besluiten van dagelijks bestuur en regioraad beschikbaar via het bestuurlijk informatiesysteem op de eigen website, behoudens die besluiten die vertrouwelijk zijn (stukken met de status ‘Kabinet’). Algemeen verbindende voorschriften publiceren we via het publicatieblad gemeenschappelijke regelingen. In die gevallen dat besluiten of documenten niet onder de actieve openbaarmaking vallen, kan eenieder om deze informatie verzoeken. Dergelijke verzoeken worden dan aan de Woo getoetst, met name aan de uitzonderingsgronden uit hoofdstuk 5 van die wet. In 2023 zijn twee verzoeken tot openbaarmaking ingediend: -

Verlening van de concessie Zaanstreek-Waterland aan EBS

Het verzoek is deels gehonoreerd: stukken die betrekking hebben op onderbouwing van de concessieverlening bevatten bedrijfsvertrouwelijke informatie en vallen onder de uitzonderingsgronden van de Woo; de overige stukken zijn gedeeld. -

Meldingen Bijzondere Voorvallen Metro

Het verzoek is deels gehonoreerd: GVB, als verantwoordelijke vervoerder, moet alle incidenten op en aan het spoor melden bij ILT, de Inspectie Leefomgeving en Transport; Vervoerregio Amsterdam ontvangt een afschrift van deze meldingen ter kennisname. De beschikbare stukken zijn gedeeld.

pagina 56 van 83

3 JAARREKENING 2023 In de jaarrekening zijn de financiële overzichten met toelichtingen opgenomen over de bestede en ontvangen middelen van en door de Vervoerregio Amsterdam.

3.1 RECHTMATIGHEIDSVERKLARING Verantwoordelijkheid dagelijks bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door de raad vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door de regioraad op 14 december 2021 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door de raad bepaald en bedraagt 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 15.232.170,-.

Bevinding Het college is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. De geconstateerde afwijkingen betreffen[16]: In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met de raad aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het college ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.

Pagina 57 van 83

3.1 OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN Tabel 3.1

Overzicht baten en lasten per (sub)programma (x € 1.000)

(Sub)Programma

Jaarrekening

Jaarrekening

Jaarrekening Saldo

Primitieve begroting

Primitieve begroting

Primitieve begroting

Gewijzigde begroting (na 2e Bestuursrapportage)

Gewijzigde begroting (na 2e Bestuursrapportage)

Gewijzigde begroting (na 2e Bestuursrapportage)

Jaarrekening

Jaarrekening

Jaarrekening Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

2022

2022

2022

2023

2023

2023

2023

2023

2023

2023

2023

2023

Programma Verkeer en Vervoer Investeringsagenda Mobiliteit

2.081

132.680

130.599

0

105.648

105.648

5.609

139.940

134.331

10.958

128.872

117.914

Amsteltram

28.660

45.060

16.400

1.615

35.717

34.102

1.692

48.748

47.056

464

42.633

42.169

0

0

0

0

1.000

1.000

0

500

500

0

0

0

115.334

218.111

102.777

6.318

94.063

87.745

39.337

163.559

124.222

699

103.903

103.204

AMRI

94

88.817

88.723

0

116.699

116.699

1.723

149.484

147.761

2.323

144.421

142.098

Activa GVB

31

17.705

17.674

200

26.897

26.697

0

57.852

57.852

0

54.145

54.145

1.634

7.895

6.261

2.110

9.110

7.000

1.363

8.363

7.000

763

6.270

5.507

Grote projecten schaalsprong OV Concessies

Onderzoek, Studie en Samenwerking (OSS) Apparaatskosten Verkeer & Vervoer Totaal Verkeer & Vervoer Overhead

65

8.975

8.910

0

10.373

10.373

0

11.222

11.222

129

10.431

10.302

147.899

519.244

371.345

10.243

399.506

389.264

49.724

579.668

529.944

15.336

490.674

475.338

314

11.475

11.161

140

11.132

10.992

202

13.551

13.349

388

12.843

12.455

Algemene dekkingsmiddelen Jaarbijdrage BDU

443.265

435.714

470.401

470.401

Mutatie saldo BDU (dekking uit BDU voorgaande jaren)

-63.952

-36.929

64.160

7.503

Overige algemene inkomsten Totaal Algemene dekkingsmiddelen

2.971

0

382.284

0

-382.284

1.992

522

400.777

522

-400.255

9.042

309

543.603

309

-543.294

10.051

162

487.955

162

-487.793

Pagina 58 van 83

Totaal voor mutatie reserves

530.497

Toevoeging aan reserves

530.719

222

411.160

411.160

0

593.529

0

593.528

0

503.679

0

-1

0

Onttrekking van reserves

222

Saldo mutaties reserves

222

0

-222

0

0

0

0

0

0

0

0

0

530.719

530.719

0

411.160

411.160

0

593.529

593.528

0

503.679

503.679

0

Saldo resultaat

pagina 59 van 83

0

503.679

0

0

Het jaarverslag (hoofdstuk 2) bevat per subprogramma een analyse van de afwijking en tussen begroting (na wijzigingen) en de realisatie over 2023.

3.2 GRONDSLAGEN VOOR WAARDERINGEN RESULTAATBEPALING Algemeen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV).

Grondslagen voor resultaatbepaling Voor de jaarrekening is het lasten-batenstelsel gebruikt. Dat betekent dat we lasten en baten hebben toegerekend aan het jaar waarin de diensten of goederen zijn geleverd. Winsten worden alleen in aanmerking genomen als ze gerealiseerd zijn. Verliezen en risico’s die hun oorsprong hebben in het boekjaar, worden opgenomen als zij bekend zijn geworden voor opstelling van de jaarcijfers.

Gebruik van schattingen Bij het opstellen van de jaarrekening kan het dagelijks bestuur schattingen en veronderstellingen doen die medebepalend zijn voor de opgenomen bedragen. Dit gebeurt in overeenstemming met algemeen geldende grondslagen. Wanneer bij posten significante schattingselementen in aanmerking zijn genomen, wordt dit nader toegelicht bij de betreffende post.

Waarderingsgrondslagen Activa A1 Vaste Activa Materiële vaste activa De Vervoerregio Amsterdam activeert vaste activa als gebouwen, installaties of andere duurzame activa. Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs min de afschrijvingen. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. Meubilair, computers, communicatieapparatuur en vergelijkbare kosten worden in het jaar van aanschaf ten laste van de exploitatie gebracht indien de omvang beneden € 250.000 op jaarbasis blijft. Bij de waardering van de vaste activa met economisch nut, wordt rekening gehouden met waardevermindering, indien die deze naar verwachting duurzaam is. Indien sprake is van een naar verwachting duurzaam lagere marktwaarde ten opzichte van de boekwaarde, wordt dus een duurzame waardevermindering verantwoord. Een overzicht van de afschrijvingstermijnen voor de verschillende soorten activa is in onderstaande tabel weergegeven. De afschrijvingen vinden plaats volgens het lineaire systeem, dus in gelijke jaarlijkse termijnen.

Pagina 60 van 83

Tabel 3.2 Afschrijvingstermijnen

Soort Activa

Afschrijftermijn

Inrichting nagelvast

15

Overige Installaties

10

Audio & Visueel

7

Investering ICT

5

Meubilair

10

Financiële vast activa Sinds 2022 is de Vervoerregio Amsterdam in het bezit van één prioriteitsaandeel in GVB Holding NV. A1331a Leningen aan openbare lichamen De door de Vervoerregio verstrekte leningen zijn gewaardeerd tegen 'verkrijgingsprijs'. Die is feitelijk gelijk aan de nominale waarde, verminderd met de aflossingen. Eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de leningen. A2 Vlottende Activa Alle vlottende activa (waaronder vorderingen, overlopende activa en liquide middelen) zijn gewaardeerd tegen 'verkrijgingsprijs'. Die is feitelijk gelijk aan de nominale waarde. Eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde.

Waarderingsgrondslagen Passiva P1 Vaste Passiva P112 Bestemmingsreserves: Door de regioraad vastgestelde reserves ter dekking van specifieke kosten worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Bestedingen voor het bestemde doel in het verslagjaar worden ten laste van de reserve gebracht. De Vervoerregio kent op dit ogenblik geen bestemmingsreserves. P12 Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting of het voorzienbare verlies. P2 Vlottende Passiva Alle vlottende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

pagina 61 van 83

3.3 BALANS Tabel 3.3 Balans Activa

Eindsaldo 2022

Eindsaldo 2023

A1 Vaste activa

Eindsaldo 2022

Eindsaldo 2023

P1 Vaste passiva

Investeringen met een economisch nut:

P12 Voorzieningen

A123 Materiële vaste activa: Bedrijfsgebouwen

1.665.709

1.649.113

A129 Materiële vaste activa: Overig

1.586.856

1.483.304

1.000

1.000

74.718.369

88.194.240

6.369

15.994

77.978.303

91.343.651

15.371.921

A1311 Financiële vaste activa: Kapitaalverstrekking aan deelnemingen A1331a Financiële vaste activa: Leningen aan openbare lichamen

Passiva

P133 Vaste schuld: Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen Totaal Vaste passiva

19.000

48.000

0

20.400.000

19.000

20.448.000

P2 Vlottende passiva P213 Vlottende schuld: Overige vlottende schulden

35.844.329

8.230.565

P29b Overlopende passiva: Vooruit ontvangen bijdragen van het Rijk

262.734.293

254.666.064

2.052.179

6.786.101

14.980.574

P29c Overlopende passiva: Vooruit ontvangen bijdragen van overige overheid P29d Overlopende passiva: Overige overlopende passiva

98.802.254

98.916.529

210.420.349

216.725.444

Totaal Vlottende passiva

399.433.055

368.599.259

A224 Uitzettingen: Overige vorderingen

23

106.101

Totaal Passiva

399.452.055

389.047.259

A23 Liquide middelen (kas- en banksaldi)

392.306

402.331

0

7.495.412

375.561

935.966

A1331b Financiële vaste activa: Overige langlopende leningen Totaal Vaste activa A2 Vlottende activa A221 Uitzettingen: Vorderingen op openbare lichamen A223a Uitzettingen: Rekening courant verhouding met het Rijk

A29b Nog te ontvangen bijdragen van het Rijk A29c Overlopende activa: Nog te ontvangen bijdragen van overige overheid A29d Overlopende activa: Overige overlopende activa

94.913.592

57.057.781

Totaal Vlottende activa

321.473.752

297.703.608

Totaal Activa

399.452.055

389.047.259

Pagina 62 van 83

3.4 TOELICHTING OP DE BALANS A1 Vaste Activa: A123 Materiële vaste activa met een economisch nut Soort Activa A123 MVA Bedrijfsgebouwen A129 MVA machines, apparaten en installaties Totaal lening

Boekwaarde 2022

Investeringen 2023

Afschrijvingen 2023

Afwaarderingen 2023

Boekwaarde 2023

1.665.709

90.743

107.339

-

1.649.113

1.586.856 3.252.565

83.510 174.254

187.062 294.401

0

1.483.304 3.132.417

De investeringen 2022 betreffen de hele inrichting van het nieuwe pand dat begin 2023 in gebruik is genomen. De Vervoerregio Amsterdam kent geen materiële vaste activa met een economisch nut waarvoor een heffing kan worden geheven en geen materiële vaste activa met een maatschappelijk nut. A1311 Financiële vaste activa: Kapitaalverstrekking aan deelnemingen Per 2021 is de Vervoerregio Amsterdam in het bezit van één prioriteitsaandeel in GVB Holding b.v. met een nominale waarde van € 1.000. A1331a Leningen aan openbare lichamen (art. 1a Wet Fido) Omschrijving lening (in euro's)

Datum ingang

Datum aflossing

Eindsaldo 2022

Toevoegingen 2023

Aflossingen 2023

Eindsaldo 2023

Lening u/g 15 jaar (Connexxion)

18-12-17

04-11-32

70.228.325

-

6.316.085

63.912.240

Lening u/g 4 jaar (EBS-ze)

31-08-18

10-12-23

4.490.044

-

4.490.044

-

Lening u/g 10 jaar (EBS-ze ZaWa) Totaal lening

18-07-23

11-12-33

-

24.282.000

-

24.282.000

74.718.369

24.282.000

10.806.130

88.194.240

Nb. In voormelde saldi is geen sprake van een voorziening wegens oninbaarheid. Langlopende uitgaande leningen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer moeten worden geclassificeerd onder de financiële vaste activa. De uitgaande lening aan Connexxion kent een looptijd van 2017 tot 2032. Daarbij staat de gehele looptijd het rentepercentage vast. De totale hoofdsom bedraagt € 100 miljoen. De uitgaande lening aan vervoerder EBS (4 jaar) kende een looptijd tot 2023 (voor de ZE bussen). Deze is in 2023 volledig afgelost. De nieuwe lening aan EBS is voor nieuwe Concessie Zaanstreek-Waterland. De looptijd van de EBS-lening (EBS-ZE) is gelijk aan de looptijd van de concessie in Zaanstreek en Waterland. EBS kan onder deze bussenlening in totaal voor € 140 miljoen lenen. Per trekking wordt de rente vastgesteld. Op de lening wordt jaarlijks startend in 2024 afgelost. A1331b Financiële vaste activa: Overige langlopende leningen Sinds 2021 geeft de Vervoerregio zijn medewerkers de mogelijkheid een renteloze lening (maximaal € 2.000) met een looptijd van 5 jaar af te sluiten voor de aankoop van een (elektrische) fiets. Omschrijving lening (in euro's)

Eindsaldo 2022

Toevoegingen 2023

Aflossingen 2023

Eindsaldo 2023

Lening Personeel

6.369

11.874

2.249

15.994

Totaal lening

6.369

11.874

2.249

15.994

Pagina 63 van 83

A2 Vlottende Activa A221 Vorderingen op openbare lichamen (in euro's)

Eindsaldo 2022

Eindsaldo 2023

Gemeenten

874.918

950.758

Publiekrechtelijke Lichamen

80.308

9.186.843

Rijk

14.416.695

4.842.973

-waarvan Belastingdienst Totaal Activa

14.416.695

4.805.781

15.371.921

14.980.574

In bovengenoemde saldi is geen sprake van een voorziening wegens oninbaarheid. De stijging bij de Publiekrechtelijke Lichamen wordt verklaart door een tweetal posten van totaal € 8,9 miljoen. A223a Rekening courant verhouding met het Rijk (in euro's)

Eindsaldo 2022

Eindsaldo 2023

BNG Schatkistbankieren

210.420.349

216.725.444

Totaal Vlottende activa

210.420.349

216.725.444

Totaal Rekening courant Rijk

210.420.349

216.725.444

De rekening-courant betreft het totaal van de liquiditeiten die bij het Rijk zijn weggezet in het kader van het Schatkistbankieren. Wet Fido: drempelbedrag schatkistbankieren en realisatie per kwartaal In het kader van de Wet Fido is onderstaande aanvullende informatie opgenomen: Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)

Drempelbedrag

8.223 Kwartaal 1

(2) (3a) = (1) > (2) (3b) = (2) > (1)

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

(4b)

(4c)

pagina 64 van 83

Kwartaal 3

Kwartaal 4

400

383

400

7.828

7.823

7.841

7.823

-

-

-

-

Verslagjaar Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

Kwartaal 2

396

(1) Berekening drempelbedrag (4a)

2023

411.161 411.161

-

(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.

Drempelbedrag

8223

(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

(5a)

(5b) (2) - (5a) / (5b)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

35.601

36.403

35.190

36.801

90

91

92

92

396

400

383

400

A224 Overige vorderingen (in euro's)

Eindsaldo 2022

Eindsaldo 2023

Overig

23

106.101

Debiteuren privaatrechtelijke partijen Totaal Overige voorderingen

23 23

106.101 106.101

In bovengenoemde saldi is geen sprake van een voorziening wegens oninbaarheid. A23 Liquide middelen (kas- en banksaldi) (in euro's)

Eindsaldo 2022

Eindsaldo 2023

BNG NL46 BNGH 0285 1682 74 HFD

392.306

402.331

Totaal Liquide middelen

392.306

402.331

Deze post betreft de direct opeisbare tegoeden bij de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG). A29b+c Nog te ontvangen bijdragen : (in euro's)

Eindsaldo 2022

toevoeging 2023

ontvangsten 2023

Eindsaldo 2023

0

7.495.412

0

7.495.412

A29c Overige overheid

890.175

421.353

375.561

935.966

Totaal nog te ontvangen

890.175

7.916.764

375.561

8.431.378

A29b het Rijk

In bovengenoemde saldi is geen sprake van een voorziening wegens oninbaarheid. Het betreft hier nog te ontvangen bijdragen voor projecten en de van het te ontvangen transitievergoeding OV 2023 (€ 6,5 miljoen) .

pagina 65 van 83

A29d Overige overlopende activa (in euro's)

Eindsaldo 2022

Eindsaldo 2023

84.332.219

40.905.425

Verkeer en Vervoer

105.422

4.792.178

Openbaar vervoer

83.295.293

37.111.230

Overhead

12.101

119.808

Algemene Dekkingsmiddelen

919.402

2.942.228

Vooruitbetaalde bedragen

10.581.373

12.092.336

Verkeer en Vervoer

735.113

1.806.252

Openbaar vervoer

9.549.000

9.857.895

Overhead

297.260

428.189

Eindtotaal

94.913.592

52.997.761

Nog te ontvangen bedragen

In bovengenoemde saldi is geen sprake van een voorziening wegens oninbaarheid. Het saldo van de overlopende activa bij Openbaar Vervoer bestaat voor het merendeel uit een drietal posten. Dit zijn: • • •

De Beschikbaarheidsvergoeding 2021-2022 Afrekening Concessies Voorschot AMRI 2024

€ 21,4 miljoen € 15,7 miljoen € 9,9 miljoen.

P1 Vaste Passiva P112 Bestemmingsreserves

De Vervoerregio kent per einde 2023 geen (bestemmings)reserve. P12 Voorzieningen Eindsaldo 2022

Bij: toevoegingen 2023

Af: vrijval 2023

Af: onttrekking 2023

Eindsaldo 2023

Voorziening Verlofsparen

19.000

43.000

14.000

-

48.000

Totaal

19.000

43.000

14.000

0

48.000

(in euro's)

De CAO Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO) in de mogelijkheid voor werknemers om verlof te sparen dat niet kan vervallen, zoals bij wettelijke en bovenwettelijke uren wettelijk is vastgelegd. Daarmee is er bij verlofsparen sprake van arbeidskostengerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en afbouw kennen. Voor dergelijke saldi dient een voorziening te worden gevormd, conform de regelgeving van het BBV. P133 Vaste schuld: Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen (in euro's) Onderhandse leningen

pagina 66 van 83

Eindsaldo 2022 Vermeerdering 2023

Aflossing 2023

Eindsaldo 2023

-

20.400.000

-

20.400.000

-

20.400.000

-

20.400.000

De Vervoerregio heeft in 2023 lening afgesloten ter dekking van de nieuwe Bussenlening. Deze hebben hetzelfde rentepercentage, looptijd en aflossingsschema als de leningen aan EBS voor de concessie ZaWa. De Vervoerregio financiert EBS een deel uit eigen middelen. Hierdoor zijn de hoofdsommen niet aan elkaar gelijk. P2 Vlottende Passiva P213 Overige vlottende schulden (in euro's)

Eindsaldo 2022

Eindsaldo 2023

Gemeenten

21.378.748

1.562.912

Gemeente Amsterdam

19.154.425

1.383.236

schulden < 1mln.

2.224.323

179.676

Publiekrechtelijke Lichamen

10.556.299

3.258.016

Provincie Noord-Holland

10.556.299

3.232.228

-

25.788

3.909.282

3.409.637

schulden < 1mln. Schulden derden Eindtotaal

35.844.329

8.230.565

De overige vlottende schulden zijn opgenomen voor de nominale waarde. De looptijd van deze posten is minder dan een jaar. De Vervoerregio hanteert een standaard betaaltermijn van twee weken. P29b Overlopende passiva -Vooruitontvangen bijdragen van het Rijk: Dit betreft de post Vooruitontvangen BDU. Hierin zijn de niet bestede uitkeringen uit voorgaande jaren opgenomen. In paragraaf 3.5 is het verloop van deze post opgenomen. Eindsaldo 2022

Bij: ontvangen 2023

Af: vrijgevallen / terugbetalingen 2023

Eindsaldo 2023

Brede Doeluitkering Verkeer en Vervoer

250.892.399

471.827.556

479.330.523

243.389.432

Specifieke Uitkeringen

11.841.894

657.556

1.222.818

11.276.632

Totaal

262.734.293

472.485.112

480.553.341

254.666.064

(in euro's)

P29c Overlopende passiva - Vooruit ontvangen bijdragen van overige overheid Deze post bestaat uit in rekening gebrachte en ontvangen bijdragen van derden in meerjarige samenwerkingsprojecten. Hierbij is het niet uitgegeven deel van de bijdragen als vooruit ontvangen bijdragen opgenomen. Daarmee is dat beschikbaar voor toekomstige jaren. Voor de projecten waarbij de Vervoerregio ook een afgesproken jaarlijkse bijdrage levert, is deze bijdrage verrekend door deze als last onder het betreffende subprogramma op te nemen. (in euro's)

Eindsaldo 2022

Bij: ontvangen 2023

Af: vrijgevallen/ terugbetalingen 2023

Eindsaldo 2023

Vooruitontv. bijdragen 3en Mobiliteit - VENOM

314.421

190.776

333.612

171.585

Vooruitontv. bijdragen Spoordossier tbv MRA

17.799

160.000

16.998

160.801

Vooruitontv.bijdragen 3en MRA Smart Mobility

201.455

363.686

157.322

407.819

Vooruitontv.bijdragen 3en Samen bouwen aan bereikbaarheid (Sbab)

677.897

445.300

458.973

664.224

Vooruitontv.bijdragen 3en ZWASH

729.196

0

15.930

713.266

Vooruitontv.bijdragen 3en ODIN

111.410

0

0

111.410

0

7.642.952

3.085.956

4.556.996

2.052.179

8.802.714

4.068.791

6.786.101

Restpunten MeT Totaal Vooruitontvangen bijdragen

pagina 67 van 83

P29d Overige overlopende passiva Eindsaldo 2022

Eindsaldo 2023

01 Verkeer en Vervoer

21.105.304

10.081.738

02 Openbaar vervoer

76.043.410

84.351.064

Overhead

703.374

3.546.622

Overig (incl. loonheffingen, pensioenpremies)

950.166

937.106

98.802.254

98.916.529

(in euro's) Overige overlopende passiva

Totaal overlopende passiva

De post 01 Verkeer en Vervoer bestaat voor € 7,1 miljoen uit overlopende posten van het subprogramma Amstelveentram. In de overlopende post 02 Openbaar Vervoer is voor € 21,5 miljoen aan nog terug betalen Beschikbaarheidsvergoedingen (BVOV) opgenomen samen met de post voor de eerste 22 dagen van het nieuwe concessiejaar, dat start in december (€ 11,0 miljoen). Tevens een post voor € 19,2 miljoen aan bijdragen voor het subprogramma activa. Borg- en garantstellingen De Vervoerregio staat garant voor drie leningsfaciliteiten ten behoeve van GVB Activa BV voor in totaal maximaal € 725 miljoen. Hiervan is maximaal € 140 miljoen langlopende vastrentende lening, € 400 miljoen is rekening-courant faciliteit (RCF) en € 175 miljoen in optie (‘accordeon’). Daarvan is per balansdatum door GVB Activa BV opgenomen: (in euro's)

Eindsaldo 2022

Eindsaldo 2023

165.000.000

228.000.002

Garantstelling G.V.B. Activa BV

3.5 VERREKENING VOORUITONTVANGEN BDU Tabel 25: Ontwikkeling saldo Vooruitontvangen Brede Doeluitkering Verkeer & Vervoer (x € 1.000) Jaarrekening 2022

Primitieve begroting 2023

Gewijzigde begroting 2023

Jaarrekening 2023

Verschil

Beginstand 1-1

187.143

107.834

250.892

250.892

0

Beschikte jaarbijdrage BDU (niet projectgerelateerd deel)

443.265

435.714

470.401

470.401

0

Totaal Beschikbare BDU

630.408

543.547

721.293

721.293

0

Inzet BDU saldo oude jaren voor projecten Investeringsagenda Mobiliteit in 2022

-202

0

0

0

0

Inzet BDU 2022 (niet projectgerelateerd deel)

-379.314

-411.161

-534.561

-477.904

-56.657

Eindstand saldo 'Vooruitontvangen BDU'

250.892

132.386

186.732

243.389

-56.657

Ontwikkeling saldo nog te besteden BDU

Het overzicht van vooruitontvangen BDU (rijksmiddelen) geeft het verloop van het BDU saldo in 2023 weer. De regel ‘Beschikte jaarbijdrage BDU 2023’ geeft de in 2023 ontvangen BDU van het ministerie van IenW weer. De regels ‘Inzet BDU’ geven weer welke uitgaven in 2023 ten laste van de BDU zijn gebracht. Dit totaal correspondeert met de volgende twee regels uit (Tabel 2.10) ‘Overzicht Baten en lasten’ onder Algemene dekkingsmiddelen: -

Jaarbijdrage BDU Mutatie saldo BDU (dekking uit BDU voorgaande jaren) Totale inzet BDU in 2023

pagina 68 van 83

€ 470,4 miljoen € 7,5 miljoen € 477,9 miljoen

3.6 WET NORMERING TOPINKOMENS (WNT) De Wet Normering Topinkomens (WNT) is van toepassing op De Vervoerregio Amsterdam. Het voor De Vervoerregio Amsterdam toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2023 € 223.000 (het algemene bezoldigingsmaximum). De Vervoerregio Amsterdam voldoet aan de vastgestelde normering van de bezoldiging van topfunctionarissen en publicatie daarvan in de jaarrekening. Dit is conform de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector die in 2013 van kracht werd. Uit het overzicht (tabel 26) blijkt dat de secretaris-directeur met een vaste overeenkomst in 2023 onder de maximale bezoldigingsnorm is gebleven. Tabel 26a: Overzicht leidinggevende topfunctionarissen 2023 Gegevens 2023 bedragen x € 1 Functiegegevens3 Aanvang en einde functievervulling in 2023

Salden, R

Vries, T. de

Secretaris-directeur 1-1-2023

Secretaris-directeur

31-12-2023

n.v.t.

n.v.t.

Omvang dienstverband (als deeltijd in fte)

1,0

n.v.t.

Dienstbetrekking?

ja

n.v.t.

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

€ 155.057

€ 0,00

Beloningen betaalbaar op termijn

€ 22.563

€ 0,00

Subtotaal

€ 177.620

€ 0,00

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

€ 223.000

€ 223.000

n.v.t.

n.v.t.

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging

€ 177.620

€0

Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan

n.v.t.

n.v.t.

Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling.

n.v.t.

n.v.t.

Gegevens 2022 bedragen x € 1

Salden, R

Vries, T. de

Functiegegevens3

Secretaris-directeur

Secretaris-directeur

Aanvang en einde functievervulling in 2023

n.v.t.

n.v.t.

1-1-2022

30-6-2022

Omvang dienstverband (als deeltijd in fte)

n.v.t.

1,0

Dienstbetrekking?

n.v.t.

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

€ 0,00

€ 86.629

Beloningen betaalbaar op termijn

€ 0,00

€ 11.335

Subtotaal

€ 0,00

€ 97.964

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

€ 209.000

€ 107.122

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag

n.v.t.

n.v.t.

Bezoldiging

€ 0,00

€ 97.964

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling.

*) Onder ‘beloningen betaalbaar op termijn’ wordt het afgedragen werkgeversdeel van de pensioenpremie verstaan.

Pagina 69 van 83

Tabel 26ba: Overzicht leidinggevende topfunctionarissen 2023 Gegevens 2023 en 2022 bedragen x € 1

A. van Olst

Functiegegevens

Secretaties-directeur

Kalenderjaar

2023

2022

Periode functievervulling in het kalenderjaar (aanvang – einde)

N.v.t.

13-06-2022 t/m - 27-122022

Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar

N.v.t.

7

Omvang van het dienstverband in uren per kalenderjaar

N.v.t.

832

Maximum uurtarief in het kalenderjaar

€ 212

€ 206

Maxima op basis van de normbedragen per maand

N.v.t.

24.514

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

Individueel toepasselijke maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 12

€

171.392

[aantal gewerkte uren 2023 x maximum uurtarief 2023 + aantal gewerkte uren 2022 x maximum uurtarief 2022] Bezoldiging (alle bedragen exclusief btw) Werkelijk uurtarief lager dan het maximum uurtarief? Bezoldiging in de betreffende periode Bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12 -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging

Ja N.v.t.

122.554 122.554 N.v.t. 122.554

Het bedrag van de overschrijding, en

N.v.t.

de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan

N.v.t.

Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

N.v.t.

pagina 70 van 83

3.7 STRUCTURELE EN INCIDENTELE BATEN EN LASTEN Huidige gedragslijn structureel versus incidenteel: Op basis van de BBV-nota incidentele baten en lasten, zijn de BDU-ontvangsten als structureel van aard aangemerkt. De aard van de werkzaamheden van de Vervoerregio is structureel, en dus zijn de lastenbudgetten structureel. Dit houdt in dat de projectbudgetten van de Investeringsagenda Mobiliteit en OSS meetellen als structureel, ook al zijn de onderliggende projecten veelal incidenteel van aard. Alleen wanneer een bepaald project additionele bijdragen (van derden of specifieke/absolute bijdragen vanuit de BDU) ontvangt, worden zowel deze bijdragen als de daarmee gefinancierde kosten als incidenteel beschouwd. Met deze uitgangspunten worden op dit moment enkele losse projecten uit de Investeringsagenda Mobiliteit als incidenteel aangemerkt. Net als de projecten onder het subprogramma Amsteltram en Doortrekken N/Z-lijn. Deze projecten kennen namelijk voormelde ‘additionele bijdragen’. Ook eindigen ze na enkele jaren. Tabel 27: Overzicht incidentele baten en lasten 2022 en 2023 Incidentele baten en lasten

Jaarrekening 2022

Primitieve begroting 2023

Begroting 2023

Jaarrekening 2023

28.660

1.615

1.692

464

0

0

0

0

108.576

0

32.809

-3.114

367

175

1.427

1.427

1.198

0

4.082

1.223

138.801

1.790

40.010

0

45.060

35.717

48.748

42.633

0

1.000

500

0

0 0

32.809

-3.114

1.427

1.427

BATEN Amsteltram Grote projecten schaalsprong OV SPUK Concessies - TVOV Absolute BDU SPUK verkeersveiligheidsmaatregelen Totaal incidentele baten LASTEN Amsteltram Grote projecten schaalsprong OV SPUK Concessies - TVOV Investeringsagenda mobiliteit (voor zover uit absolute BDU gefinancierd) SPUK verkeersveiligheidsmaatregelen

108.576 367 1.198

0

4.182

1.223

Totaal incidentele lasten

155.201

36.717

87.666

42.169

SALDO INCIDENTEEL

16.400

34.926

47.656

42.169

Begroting versus realisatie incidenteel in 2023 Het overzicht incidentele baten en lasten laat het effect zien van de niet-structurele begrotingsposten op het resultaat 2023. Als incidenteel zijn aan te merken: Amsteltram, doortrekken N/Z-lijn en projecten gefinancierd met absolute BDU. Net als in 2022, is ook in 2023 de specifieke uitkering verkeersveiligheidsmaatregelen 2020– 20212 en de door het Rijk uitgekeerde transitievergoeding OV als incidenteel aangemerkt. Deze laatste is budgetneutraal, want hij wordt voor een gelijk bedrag uitgekeerd naar de vervoerders.

2

Dit is een rijksbijdrage voor verkeers-veiligheidsmaatregelen. Bijvoorbeeld de aanleg en het verbreden van fietspaden, veilige voetgangers-oversteekplaatsen, het inrichten van schoolzones, het afwaarderen van 50 km/u wegen en de aanleg van kruispuntplateaus en rotondes. De aanvraag voor de deelnemende gemeente loopt via de Vervoerregio. De realisatie vindt over meerdere jaren plaats

Pagina 71 van 83

De afwijkingen tussen begroting en realisatie 2023 en die tussen realisatie 2022 en realisatie 20223worden veroorzaakt door schommelingen in de inkomsten en uitgaven bij de Amsteltram en wijzigingen in de samenstelling van de absolute BDU. Tabel 28: Structureel begrotingssaldo 2023

Saldo baten en lasten voor verrekening met BDU-saldo Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves

Jaarrekening 2022

Primitieve begroting 2023

Begroting 2023

Jaarrekening 2023

63.731

36.929

-64.160

-7.504

222

0

0

0

Saldo na bestemming

63.953

36.929

-64.160

-7.504

Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)

16.400

34.926

47.656

42.169

Structureel saldo

80.353

71.855

-16.504

34.665

Het structureel begrotingssaldo laat zien wat het effect is van de incidentele uitgaven op het structureel saldo. Daar waar in 2023 een saldo tekort van € 16,5 miljoen werd begroot (dat overigens in latere begrotingsjaren omslaat naar een positief structureel saldo (zie de Begroting 2024) is de realisatie van het structureel saldo evenals in 2022 positief. Het verschil wordt veroorzaakt door een onderbesteding in 2023 op de structurele begrotingsposten. Het merendeel zal doorschuiven naar volgende begrotingsjaren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=86e4962a-60e2-4582-9585-9cbaad6ada0e