CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 concept kadernota veranderopgave inburgering (VOI) Aalsmeer juli.docx

2c.Commissie Maatschappij en Bestuur - historie tot 10-03-2022 2 september 2021, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Vaststelling kaders veranderopgave inburgering (VOI)16.192 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Dit gebeurt in het kader van verwachtingsmanagement én bovenal het vergroot het doenvermogen van de kandidaat.16 Bij vrouwen van buitenlandse afkomst die weinig participeren in de samenleving wordt de thuissituatie in beeld gebracht met behulp van het assessment ‘De deur uit’ van VU-NT2 en het Oranje Fonds. Ondertussengroep: De ‘ondertussengroep’ is de groep statushouders die nog niet kunnen profiteren van de nieuwe wet, omdat ze voor januari 2022 zijn begonnen met hun inburgering. Gemeenten weten nu niet wie deze mensen zijn, omdat zij nog niet een wettelijke taak in inburgering hebben en door de privacyregels (AVG). Om deze groep toch zoveel mogelijk te bereiken stuurt de gemeente via instanties die betrokken zijn bij de inburgering van de ondertussengroep (DUO, vluchtelingenwerk of aanbieders inburgering) een brief aan inburgeraars 14 Zie ook de jaarlijkse monitor ‘Gemeentelijk beleid arbeidstoeleiding vluchtelingen” van Kennisplatform Integratie en Samenleving (KIS) in samenwerking met Divosa. 15 Aanbevelingen aan gemeenten voor invoering veranderopgave inburgering (Kennisatelier van Kennisplatform Integratie en Samenleving (KIS) heeft op basis van praktijkervaring gemeenten hele praktische tips gegeven over hoe je de nieuwe inburgering kunt oppakken als gemeente.

16 In tegenstelling tot bij ‘denkvermogen’, gaat het bij ‘doenvermogen’ volgens de WRR om zaken als in actie komen, met tegenslag en emoties omgaan, zelfcontrole uitoefenen, en volhouden. Dit vermogen is net als het denkvermogen, deels erfelijk bepaald maar kan bijvoorbeeld ook door (tijdelijke) omstandigheden worden aangetast. Intelligentie (denkvermogen) en doenvermogen gaan niet altijd gelijk op volgens de WRR. Er zijn mensen die heel slim zijn en veel weten, maar desondanks grote moeite hebben om hun leven op orde te brengen en omgekeerd zijn er ook veel mensen die cognitief niet zo sterk zijn maar wel met vaste hand richting weten te geven aan hun leven. Uit: WRR (2017); Weten is nog geen doen. Een realistisch perspectief op redzaamheid.

20

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

uit Aalsmeer die tegen het eind van hun inburgeringstraject zitten en hun lening grotendeels hebben uitgeput. Zij worden uitgenodigd voor een inloopspreekuur. Kwaliteit taalaanbod: De gemeente Amsterdam heeft een convenant met taalaanbieders in onze regio om de kwaliteit van het aanbod zoveel en zo goed mogelijk te waarborgen. Dit zijn niet de aanbieders die volop in het nieuws zijn geweest met wanprestaties. Training Re-integratie Anderstaligen op het Werkplein (vooruitlopend op de Z-route) Veel van de deelnemers aan deze training zouden in de nieuwe wet aangewezen zijn op het aanbod van de zelfredzaamheidsroute. De training kenmerkt zich door een groepsgewijze aanpak, de introductie in de woonplaats, het openen van een netwerk en Meet & Greets met werkgevers. De training is op het Werkplein AA ontwikkeld vanuit de dagelijkse praktijk en heeft een eigen aanpak: Interculturele vaardigheden door dialoog (zaken bespreekbaar maken) Verhogen taalvaardigheid en durven spreken (mogelijkheden verkennen, rollenspel en pitchen) Werknemersvaardigheden trainen en in contact komen met de werkvloer (jezelf presenteren aan werkgevers, bezoek accountmanagers/werkgevers/projecten) Als er lange tijd te weinig aandacht voor hen is, kunnen met name de vrouwen uit deze groep in een kwetsbare positie komen.

Voor de kwetsbare vrouwen wordt het assessment ‘de deur uit’ getest en een informeel taalaanbod geboden (leeskring op het Werkplein of in buurthuizen). De leeskring is bedoeld om op een laagdrempelige manier bijna spelenderwijs contact te maken en mensen in dezelfde situatie te leren kennen en in aanraking te komen met taal in een vriendelijke setting. Op dat moment kan ook bezien worden aan welke ondersteuning behoefte is (meer taal, aanbod gericht op zelfredzaamheid, opdoen praktische vaardigheden of het organiseren van praktische hulp). 3.4.

Klantreis asielmigranten

Deze klantreisbeschrijving betreft de klantreis voor statushouders (asielmigranten). Zij krijgen een wettelijk verplicht aanbod van de gemeente. De klantreis asielmigranten vormt de basis van het werkproces. Gaandeweg zal het werkproces aangepast worden in overeenstemming met de nieuwe aanpak en uitvoeringspraktijk. De inburgeringsketen (de schakels) Het ministerie van SZW heeft de inburgeringsketen inzichtelijk gemaakt. Deze keten bestaat uit 5 schakels.

Vaststellen inburgeringsplicht

1. 2. 3. 4. 5.

Voorbereiding inburgering

Brede intake en PIP

Inburgering en perticiperen (traject)

Afronden inburgering

Vaststellen inburgeringsplicht (IND en DUO) Voorbereiden op inburgering (COA en gemeente) Afnemen brede intake en vaststellen PIP (gemeente) Inburgeren en participeren (gemeente) Afronden inburgering (gemeente en DUO)

Werkproces en stappen (taken gemeente): 1. Brede intake in AZC 2. Inplaatsing in gemeente (huisvesting, uitkering, start Maatschappelijke Begeleiding) 3. Introductiebijeenkomst(en) op het Werkplein 4. PIP 5. Start traject Schakel 1: Vaststellen inburgeringsplicht: De asielprocedure start bij de aankomst in Nederland en wordt afgesloten met uitplaatsing in een AZC. De statushouder heeft dan zijn of haar vergunning en is door het COA gekoppeld aan een gemeente en geplaatst in een AZC in de regio. Vanuit ons gezichtspunt (het perspectief vanuit de gemeente) is dit het voortraject voor huisvesting in de gemeente.

21

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

In Ter Apel melden mensen zich aan en worden zij geregistreerd. In één van de vijf Proces Opvang Locaties wordt vervolgens de identiteit vastgesteld, het vluchtverhaal vastgelegd en een screening gedaan. Indien iemand een tijdelijke vergunning krijgt worden de gegevens opgenomen in het Taakstelling Volg Systeem (TVS). Na ontvangst van een voorlopige verblijfsvergunning stelt de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) de inburgeringsplicht vast. In deze eerste schakel hebben gemeenten geen rol. Schakel 2: Voorbereiden op inburgering: Aan de hand van het screening- of huisvestingsgesprek wordt bepaald waar de statushouder gehuisvest kan worden. Hierbij wordt rekening gehouden met ‘harde plaatsingscriteria (eerstegraadsfamilie in Nederland, gezinshereniging, medische behandeling en een arbeidscontract of inschrijving bij een onderwijsinstelling). Daarnaast worden ‘zachte plaatsingscriteria’: (werkervaring, gevolgde opleidingen, aanwezigheid van een (sociaal) netwerk in Nederland en ambities voor de toekomst) mee gewogen. Dit wordt vastgelegd in een regio-advies. De statushouder wordt gekoppeld aan een gemeente. Het regioadvies wordt opgenomen in het TVS van het COA en gedeeld met de gemeente. Om een snelle start van participatie en inburgering te bevorderen wil Aalsmeer zo vroeg mogelijk starten met de begeleiding van inburgeraars die zich in onze gemeente vestigen. Actiepunten 20.

Vanaf het moment dat een statushouder is gekoppeld pakt de gemeente de regie op de inburgering. De statushouder verblijft in een AZC (in beginsel in de regio van de koppelgemeente) en wacht daar op een woning. Deze termijn is 10 weken17. Tijdens deze wachttijd krijgt de statushouder een aanbod taallessen ter voorbereiding op inburgering (voorinburgering) van het COA. De wachttijd voor de statushouder is voor de gemeente de zoekperiode voor een woning. Voorinburgering Het COA is verplicht voorinburgering aan te bieden in het AZC. De voorinburgering bestaat uit 121 uur NT2 en 24 uur Kennis van de Nederlandse Maatschappij gericht op het wonen in de gemeente. Deelname aan voorinburgering is vrijwillig. De uitkomst van de voorinburgering is een nulmeting voor inburgering: het taalniveau en de leerbaarheid (langzaam, gemiddeld of snel). Met deze testresultaten kan de gemeente de brede intake afnemen. Inburgering vanuit de gemeente heeft voorrang boven het aanbod voorinburgering van het COA. Dat betekent dat de gemeente in het AZC al aan de slag kan met inburgering. Gemeenten kunnen al beginnen met de brede intake. Dat heeft voorrang op de voorinburgering van het COA Een leerbaarheidstoets is wettelijk verplicht, de gemeente bepaalt waar in het traject deze leerbaarheidstoets wordt afgenomen.

Dat hoeft niet per se in het AZC, gemeente mag zelf bepalen waar in het traject van de brede intake de leerbaarheidstoets kan worden afgenomen. Schakel 3: afnemen brede intake en vaststellen PIP Werkproces gemeente: brede intake Gemeenten kunnen zelf bepalen hoe zij de brede intake vormgeven. Wel wordt op hoofdlijnen vastgelegd welke onderdelen hierin aan bod moeten komen. De intake moet voor iedere inburgeraar resulteren in een persoonlijk Plan Inburgering en Participatie (PIP).

17 De termijn van 10 weken wachttijd voor een woning wordt in de praktijk vaak niet gerealiseerd.

22

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

Gemeente Aalsmeer gaat aan de slag zodra de informatie vanuit het COA over het taalniveau ontvangen is. Dan kan bezien worden hoe de voorinburgering vorm krijgt, wanneer de leerbaarheidstoets kan worden afgenomen en gestart kan worden met een brede intake. Uitgangspunt hierbij is een warme overdracht van de voorinburgering door het COA. De brede intake vindt plaats in het AZC of in de gemeente. Actiepunt 21. Afspraken maken met het COA over de voorinburgering, leerbaarheidstoets, overdracht en brede intake. Werkproces gemeente: Inplaatsing (huisvesting, uitkering, start Maatschappelijke begeleiding)

Na het krijgen van een woning verhuist de statushouder uit het AZC naar de gemeente. Zodra de gemeente een woning beschikbaar heeft is er een warme overdracht tussen gemeente en COA. Dit overdrachtsgesprek kan telefonisch zijn of (bij voorkeur) mondeling. Op de dag van de sleuteloverdracht moeten veel zaken geregeld worden. De gemeente neemt contact op met de woningcorporatie, voert gesprekken met de inburgeraar voor acceptatie van de woning en zorgt voorinschrijving in de Basisregistratie Personen (BRP) van de gemeente. De gemeente zorgt voor de aanvraag uitkering (PW) en de aanvraag inrichtingskosten woning. De vaste lasten worden uit de uitkering doorbetaald (6 maanden ontzorgen). De statushouder krijgt maatschappelijke begeleiding, praktische hulp bij de sleuteloverdracht en de zaken die geregeld moeten worden (woning, uitkering, verzekeringen, scholen kinderen enzovoort).

23

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

De gemeente Aalsmeer wil de maatschappelijke begeleiding (beperkt tot de wettelijke taak: begeleiding bij praktische zaken na vestiging) aanbieden in een vooraf overeengekomen periode. Aanvullend kan ondersteuning worden geboden op basis van een hulpvraag via bijvoorbeeld vluchtelingenwerk of sleutelpersonen. Werkproces gemeente: introductiebijeenkomsten op het Werkplein

We willen aan alle asielmigranten na huisvesting introductiebijeenkomst(en) op het Werkplein aanbieden. Deze bijeenkomsten zijn bedoeld als introductie in de gemeente en de kennismaking met elkaar (groepsproces). Het bekend raken met de sociale kaart en voorzieningen in de woonplaats en het opdoen van een lokaal netwerk. Het doel is het bevorderen van het doenvermogen en het vergroten van de zelfredzaamheid zaken bespreekbaar te maken, uitleg te geven over inburgering, participatie en de arbeidsmarkt. In de bijeenkomsten organiseren we meet en kennismaking met werkgevers, aanbieders inburgering, aanbieders PIP onderdelen zoals Taalpunt en vrijwilligerscentrale enzovoort. Waar mogelijk en bij voorkeur worden de bijeenkomsten over zelfredzaamheid en het bekend raken met de sociale kaart en voorzieningen in de woonplaats voor inburgeraars uit Aalsmeer op locatie in Aalsmeer aangeboden. Gemeente Aalsmeer kiest voor een verlenging van de intake om te bevorderen dat een compleet en gedegen klantbeeld wordt verkregen. Deze introductie wordt daarom ook gebruikt als verlengde intake en observatieperiode (hoe redt iemand zich in een groep, doenvermogen en zelfredzaamheid, leerbaarheid in de praktijk?) waarin bijvoorbeeld assessments kunnen worden ingezet. Op deze manier wordt het samenstellen van een maatwerk aanbod inburgering in een PIP concreter en beter.

Werkproces gemeente: Plan Inburgering en Participatie (PIP) Binnen 10 weken na huisvesting moet het persoonlijk Plan Inburgering en Participatie (PIP) vastgesteld worden. Het PIP heeft de vorm van een beschikking, het is een besluit van de gemeente. De inburgeringsplicht gaat in vanaf datum vaststelling van het PIP. In het PIP worden in ieder geval afspraken opgenomen over inburgering, participatie, ontzorgen en begeleiding.

24

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

Het PIP wordt ingevuld op basis van de informatie verkregen in de brede intake en tijdens de introductie. In het PIP wordt onder meer opgenomen: Arbeids- en onderwijsverleden Competenties en vaardigheden (waaronder budgetteren) Taalbeheersing/ mate van alfabetisering (NT2 niveau) Leer en studievaardigheid (uitslag leerbaarheidstoets) Ambitie en motivatie Persoonlijke omstandigheden/ belemmeringen (bijv. schulden) Ondersteunings- en/of zorgbehoefte (mate van zelfredzaamheid) Maatwerkafspraken over ontzorgen (+ budgettraining enz.) Afspraken over de voor- en vroegschoolse educatie van kinderen tussen 2,5 en 5 jaar oud (verplicht)18 Zowel de inburgeraar als de gemeente moeten zich committeren aan het PIP. In het PIP wordt voortgebouwd op de taak die gemeenten hebben voor bijstandsgerechtigden in het kader van de Participatiewet, inclusief handhaven van de plicht om mee te werken aan de uitvoering van het PIP, handhaven van de Taaleis en uitvoering van de tegenprestatie. Na vaststelling van het PIP start het traject inburgering en participatie. Schakel 4: Inburgeren en participeren

Als de brede intake in het AZC is afgenomen en het PIP is vastgesteld gaat het traject inburgering en participatie van start. Tijdens het inburgeren en participeren houdt de gemeente zicht op de voortgang van de inburgeraar. Per leerroute - onderwijsroute, B1-route of Z-route – worden verschillende stappen gezet. Sluit de inburgeraar een van deze leerroutes succesvol af, dan wordt DUO geïnformeerd om tot een afronding van de inburgering te komen. Gemeenten moeten actie ondernemen in de volgende stappen: Aanbieden van leerroutes Indien de leerroute niet haalbaar blijkt, begeleiding bij het schakelen tussen routes binnen een termijn van anderhalf jaar. Aanbieden van het participatieverklaringstraject (PVT). 18 Het amendement van Becks C.S. bepaalt dat het verplicht is om voor inburgeraars met kinderen tussen 2,5 en 5 jaar een afspraak op te nemen in het PIP over voor- en vroegschoolse educatie (VVE) van de kinderen.

25

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

-

Aanbieden en registeren van Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) voor inburgeraars in de B1- route en zelfredzaamheidsroute. Begeleiden bij en toezien op voortgang traject PIP (en eventueel wijzigen PIP). Aanbieden en uitvoeren van de participatiecomponent (Z-route). Toezien op en handhaven bij niet voldoende meewerken aan PIP. DUO informeren over voortgang traject in verband met de afronding inburgering (handhaving DUO). Vaste lasten doorbetalen en aanbieden hulp bij bevorderen financiële zelfredzaamheid.

Schakel 5: Afronden inburgering De inburgering is afgrond als: 1. de inburgeraar in de B1-route het inburgeringsexamen heeft behaald én de overige onderdelen MAP, PVT heeft afgerond. 2. de inburgeraar in de onderwijsroute, na het taalschakeltraject is ingestroomd in het beroepsonderwijs. 3. De inburgeraar in de zelfredzaamheidsroute het verplicht aantal uren (800 uren NT2 gericht op niveau A1en 800 uren gericht op activering en participatie en de overige onderdelen, PVT en MAP) heeft gevolgd en op grond van een eindgesprek een certificaat heeft gekregen. In de vijfde schakel wordt het inburgeringstraject afgerond en stelt DUO vast, met de gegevens die de gemeente heeft verzameld, of de inburgeraar heeft voldaan aan de inburgeringsplicht. Vervolgens bepaalt DUO of de inburgering is voltooid. Is dit het geval, dan stuurt DUO het inburgeringsdiploma naar de IND. Gemeenten spelen alleen een rol bij het nagaan of de inburgeringsplicht nog actueel of inmiddels beëindigd is. Daarover communiceren zij met DUO, waarna de begeleiding of handhaving wordt afgestemd. Ondersteuning na afronding inburgering

Na afronding van het inburgeringstraject blijft de statushouder inwoner van de gemeente en ondersteuning bij zelfredzaamheid, participatie en/of werk ontvangen. Dat kan bestaan uit de ondersteuning naar werk, maar ook ondersteuning bij zelfredzaamheid op het Werkplein en/of de begeleiding op de vijf deelterreinen (Sleutelpersonen, Gezondheid, Taal & Werk, Overheid en Maatschappij). De ondersteuning is vraagafhankelijk en gebaseerd op de ondersteuningsbehoefte van de inburgeraar. Kortom het inburgeringstraject is afgerond maar de ondersteuning blijft zolang deze nodig is. Het kan noodzakelijk of wenselijk zijn dat iemand meer taalles krijgt om het taalniveau te verhogen om de zelfredzaamheid te verbeteren of de kansen op werk te vergroten. In dat geval kan gebruik gemaakt worden van het aanbod voor anderstaligen in de volwasseneneducatie (WEB) of voortzetting van informeel taalaanbod. 3.5.

Klantreis gezinsmigranten en overige migranten

Gezinsmigranten en overige migranten krijgen geen wettelijk verplicht aanbod van de gemeente. Het verschil in positie tussen deze migranten en asielmigranten was een belangrijk thema in de wetsconsultatie. Er is veel gevraagd om het verschil op te heffen. Daar is politiek onvoldoende draagvlak voor. De gezinsmigranten hebben een andere positie: zij hebben een weloverwogen

26

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

keuze gemaakt om naar Nederland te komen en hebben meer houvast dan asielmigranten. In de wet inburgering zijn zij daarom zelf verantwoordelijk voor de inkoop van hun leerroute. Hoewel de gezinsmigranten en overige migranten geen verplicht aanbod inburgering van de gemeente krijgen, worden zij wel door de gemeente begeleid en handhaaft de gemeenten op de meewerkplicht. Gemeentelijke taken: Afnemen brede intake Vaststellen PIP Aanbieden van het participatieverklaringstraject (PVT). Aanbieden en registeren van Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) voor inburgeraars in de B1- route en zelfredzaamheidsroute. Begeleiden bij en toezien op voortgang traject PIP (en eventueel wijzigen PIP). Toezien op en handhaven bij niet voldoende meewerken aan PIP. DUO informeren over voortgang traject in verband met de afronding inburgering (handhaving DUO). De migrant wordt uitgenodigd voor de brede intake na vestiging in de gemeente. De intake resulteert in een persoonlijk Plan Inburgering en Participatie (PIP). Binnen 10 weken na huisvesting moet het PIP vastgesteld worden. De inburgeringsplicht gaat vanaf in vanaf datum vaststelling van het PIP. In het PIP worden in ieder geval afspraken opgenomen over inburgering en begeleiding. Als de brede intake is afgenomen en het PIP is vastgesteld is de migrant zelf verantwoordelijk voor het regelen van het traject inburgering en participatie.

Indien nodig, kan hij of zij de inburgering bekostigen met een lening van DUO. Om de kwaliteit van inburgering voor de gezinsmigranten en overige migranten zoveel mogelijk te waarborgen wordt bij de inkoop van het aanbod inburgering voor asielmigranten de vooraarde opgenomen dat een migrant tegen dezelfde voorwaarden en prijs gebruik kan maken van dit traject. Tijdens het inburgeren en participeren houdt de gemeente zicht op de voortgang van de inburgeraar. Sluit de inburgeraar een van deze leerroutes succesvol af, dan wordt DUO door de gemeente geïnformeerd.

27

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

4.Financiering Gemeente Aalsmeer staat voor een uitdaging om deze wet en de nieuwe taken uit te voeren. We willen u hierin meenemen. Dit hoofdstuk wordt opgetekend met het voorbehoud dat er op dit moment geen volledig inzicht is in de hoogte van de rijksmiddelen en de uitgaven van de inburgering. Op dit moment is ook niet duidelijk wat de markt straks gaat doen. Wellicht worden trajecten in deze huidige conjunctuur een stuk duurder. Deze kadernota geeft een inschatting van het budget waar gemeente Aalsmeer op moeten inzetten om aan deze wet uitvoering te kunnen geven. Gemeente Aalsmeer maakt de keuze om inburgering (Wet inburgering) te verbinden met participatie (Participatiewet). Dat komt tot uiting in de positionering van de uitvoering van de Wet inburgering op het Werkplein AA. De voorgestelde aanpak is gebaseerd op een intensieve begeleiding door de medewerkers van het Werkplein. Aanleiding voor de veranderopgave inburgering is dat te weinig inburgeraars, ook na het slagen voor hun inburgering, in voldoende mate mee kunnen doen in onze samenleving. De arbeidsparticipatie onder met name asielmigranten en in het bijzonder vrouwen is nog steeds veel te laag in vergelijking met andere bevolkingsgroepen. Om echt zelfredzaam te worden of werk te kunnen vinden, is meer nodig dan een goed inburgeringstraject.

Veelal hebben oud-inburgeraars na hun inburgering ondersteuning bij reintegratie of arbeidstoeleiding nodig. Deze volgtijdelijke ondersteuning (eerst inburgering en dan ondersteuning naar werk of zelfredzaamheid), is één van de knelpunten in het huidige stelsel. Daarom wil de gemeente Aalsmeer dit in samenhang gaan aanbieden en de ondersteuning van de inburgeraar bij inburgering en bij participatie door een vaste contactpersoon / werkmakelaar aanbieden. Los van de inhoudelijke argumenten die aan deze keuze ten grondslag liggen, zal meer integrale aanpak zal op termijn kosten besparen (voorkomen van langdurige bijstandsafhankelijkheid meer hulp, ondersteuning en groter beroep op voorzieningen). De datum inwerkingtreding van de wet is 1 januari 2022. De deadline om de inkoop en inrichting van het systeem in volle breedte geïmplementeerd te hebben is verschoven, maar de inburgeraars krijgen vanaf 1 januari al de ondersteuning van de gemeenten in de geest van de nieuwe wet (ondertussengroep). Het aantal inburgeraars in 2021 zal door uitstel van de inwerkingtreding van de wet niet minder zijn, het aantal in te kopen trajecten of aanbod inburgering wel. Wat gaat gemeente Aalsmeer doen? Ingezet wordt op een optimale uitvoering van de wettelijke taak.

Op basis van het aantal inburgeringsplichtige asielmigranten (tussen de 11 en 16 in 2018)19 en de taakstelling huisvesting van statushouders voor 2020 (22) excl. de achterstand 20, is een schatting van is een schatting van 20 inburgeringstrajecten voor asielmigranten per jaar reëel. Daarnaast zijn er naar schatting 5 gezinsmigranten of overige migranten (mensen die wél een intake, een PIP en PVT en MAP krijgen, maar géén aanbod inburgering)21. Voor deze groep hoeft geen traject ingekocht te worden maar in de bepaling van het uitvoeringsbudget en de taaklast tellen zij wel mee. Deze groep inburgeraars heeft een lening van DUO en betaalt daarmee zelf het 19 Cijfers gebaseerd op DUO: Stand van zaken per: 1-9-2019 https://duo.nl/zakelijk/inburgeren/cijfers-overinburgeren/cijfers-inburgeren.jsp In verband met de privacy worden kleine aantallen onder de 5 niet opgenomen, daarom is er voorgemeente Aalsmeer een marge van 11 tot 16 inburgeringsplichtigen en maximaal 5 reguliere migranten. 20 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/asielbeleid/documenten/brieven/2019/10/15/circulairehuisvesting-taakstelling-vergunninghouders. Het overzicht huisvesting vergunninghouders per 1 januari 2020 toont de taakstelling van de te huisvesten statushouders voor Aalsmeer (10 in eerste half jaar en bevat daarnaast de achterstand in de taakstelling huisvesting per 1-1-2020 (18).

De taakstelling geeft derhalve een indicatie van 20 trajecten. Deze taakstelling wordt in de regio Groot Amsterdam gehanteerd om een inschatting te maken van het aantal leerroutes of inburgeringstrajecten.. 21 Zie DUO overzicht, voetnoot 20.

28

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

traject inburgering, maar ze krijgen wel al de begeleiding op het Werkplein bij inburgering en participatie. 4.1. Benodigd budget 1. 2. 3.

Budget voor de inkoop van inburgering en participatie Uitvoeringsbudget (uitbreiding uitvoeringscapaciteit) Budget voor de ondertussengroep

Budget voor inkoop van inburgering en participatie Het gaat om 20 trajecten inburgering per jaar vanaf 1 januari 2022. Om de hoogte van het benodigde budget in te schatten wordt aangesloten bij de rekentool SPUK van Divosa. Deze hanteert de taakstelling huisvesting asielstatushouders en gaat uit van 70% statushouders tussen 18-65 jaar, en de kosten per traject ad €12.712. Het benodigd budget voor de inkoop van inburgering en participatie komt daarmee uit op €210.000 per jaar vanaf 2022. Uitvoeringsbudget (uitbreiding uitvoeringscapaciteit) In 2018 heeft Regioplan een onderzoek gedaan naar de praktijk en werkprocessen bij de Amsterdamse aanpak.22 Dit onderzoek geeft inzicht in de benodigde werkprocessen en uitvoeringspraktijk van de uitvoering van de Wet inburgering. Uitgegaan wordt van 50 personen caseload statushouders en intensieve begeleiding (1 gesprek per 4 weken) in het eerste half jaar. Op basis hiervan kan de benodigde uitvoeringscapaciteit (formatie-uitbreiding) en het uitvoeringsbudget ingeschat worden op 0,5 FTE klantmanager, 0,5 FTE werkmakelaar en 0,5 FTE accountmanager. Het benodigd budget voor de uitvoering van inburgering komt daarmee uit op €152.000 per jaar vanaf 2022. Na uitstel van de inwerkingtreding van de wet, is 2021 alsnog een voorbereidingsjaar geworden. Daarom is de benodigde uitvoeringscapaciteit in 2021 nog niet op volle sterkte nodig.

Voor uitvoeringskosten in 2021 is er €137.000 beschikbaar. Budget voor de ondertussengroep Inburgeraars die tot 2022 inburgeringsplichtig worden kunnen nog niet profiteren van het nieuwe inburgeringsstelsel. Om deze groep (statushouders die inburgeringsplichtig worden of zijn geworden in de periode 2013 tot 1 januari 2022) zoveel mogelijk te ondersteunen ontvangen gemeenten hiervoor een budget. Met dit budget kan bijvoorbeeld extra taallessen of begeleiding ingezet worden. 4.2. Wettelijke kader: middelen inburgering Macrobudget inburgering Het Rijk stelt een macrobudget voor de inburgering vast. Het macrobudget bestaat uit een budget voor alle inburgeringsvoorzieningen (de trajecten inburgering) en een budget voor de uitvoeringskosten. In het eerste jaar na invoering van het nieuwe inburgeringsstelsel zal zoveel mogelijk rekening worden gehouden met het aantal inburgeringsplichtigen per gemeente. Budget voor inburgeringsvoorzieningen Het budget voor inburgeringsvoorzieningen dient ter financiering van de trajectkosten inburgering. Hieronder vallen alle kosten van een inburgeringsvoorziening, waaronder de kosten van de invulling van de leerroutes, MAP, maatschappelijke begeleiding, het PVT, de MAP en de inzet van tolken23. Het budget ter financiering van de inburgeringsvoorzieningen wordt aan gemeenten uitgekeerd door middel van een specifieke uitkering.

22 Onderzoek Regioplan naar Amsterdamse aanpak 23 Met ingang van 2021 worden middelen MB (MB en PVT) onderdeel van de rijksvergoeding voor inburgeringsvoorzieningen.

29

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

Budget voor uitvoeringskosten Voor de uitvoeringskosten ontvangen gemeenten een uitkering via het gemeentefonds. De daartoe benodigde middelen zullen bij inwerkingtreding van de wet structureel worden overgeboekt vanuit het macrobudget naar het gemeentefonds. Macrobudget inburgering voor gemeente Aalsmeer Het budget voor uitvoeringskosten was aanvankelijk vastgesteld op € 101.000 in 2022 en € 111.000 per jaar vanaf 2023. Omdat gemeenten vooruitlopend op de nieuwe wet al kosten hebben moeten maken en deze kosten door uitstel van de wet oplopen, ontvangen gemeenten middelen (compensatiebudget). Deze bedragen €30.000 in 2021 en worden in de komende jaren tot en met 2025 geleidelijk afgebouwd. Voor de ondertussengroep (mensen die inburgeringsplichtig worden of zijn geworden in de periode 2013 tot 1 januari 2022) ontvangt de gemeente een budget van €13.000 in 2022 dat eveneens in de jaren tot en met 2025 wordt afgebouwd. Recapitulatie Financieel kader Nota inburgering Omschrijving / jaar Uitgaven: Incidenteel budget 2021 uitvoering & inkoop Trajecten ondertussengroep Structureel budget uitvoering (*) Structureel budget inkoop (extern) Inkomsten/dekking: Budgetoverheveling 2019/2020, incidenteel Budget ondertussengroep Budget compensatie uitstel Budget uitvoeringskosten gemeentefonds Rijksvergoeding inkoop (SPUK-uitkering) Totaal (*) incl. inkoop in eigen beheer

2021

2022

2023

2024

2025

8.000 152.000

5.000 152.000

3.000 152.000

1.000 152.000

171.000

175.000

173.000

171.000

-8.000 -12.000

-5.000 -6.000

-3.000 -4.000

-1.000 -2.000

-101.000

-111.000

-111.000

-111.000

-67.000

-210.000

-210.000

-210.000

-210.000

0

0

0

0

0

137.000 13.000

-40.000 -13.000 -30.000

4.3. Verantwoording 2020 Gemeenten hebben in 2020 Rijksmiddelen ontvangen voor de veranderopgave vooruitlopend op de nieuwe wet. Dit betreft de invoeringskosten (€37.000) en middelen (€63.000) voor de ondersteuning en begeleiding van de groep inburgeringsplichtigen, die onder het huidige inburgeringsstelsel valt (de ondertussengroep) en om alvast te groeien naar de regierol in het nieuwe stelsel. De invoeringskosten zijn besteed aan de uitgaven die verband houden met de invoering van de wet (beleid, werkmakelaar en accountmanager vanaf 1 juli 2020 enz.). De ondertussenmiddelen zijn ingezet voor een aanbod taalintensivering. Het bereiken van de inburgeringsplichtige asielstatushouders die niet onder het nieuwe stelsel vallen (ondertussengroep) en inventariseren wat zij nodig hebben is lastiger en later op gang gekomen dan voorzien.

30

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

Daarom is €40.000 overgeheveld naar 2021 om deze doelgroep te bereiken en te ondersteunen.

4.4. Beslispunten Beslispunt Ten aanzien van financiën: Incidenteel voor 2021: 12. Een budget voor uitvoeringskosten en ondersteuning beschikbaar stellen van €137.000 13. Een budget voor inkoop van trajecten voor de ondertussengroep beschikbaar stellen van € 13.000 14. Dit bedrag te dekken ten laste van: d) de reservering 2021 (stelpost taakmutaties) van via het gemeentefonds toegekende middelen voor uitvoeringskosten ad. € 30.000 en middelen voor de ondertussengroep ad €13.000; e) het via budgetoverheveling 2020/2021 in 2021 beschikbare budget ondertussengroep ad. € 40.000; f) te ontvangen middelen 2021 voor ondertussengroep en programmakosten inburgering (SPUK-uitkering) en hiervoor een bedrag op te nemen van €67.000 15. Besluiten 12, 13 en 14 te verwerken in de tweede Bestuursrapportage 2021 Structureel vanaf 2022: 16. Een budget voor uitvoeringskosten beschikbaar te stellen van €152.000 per jaar. Dit bedrag te dekken uit: c) de structurele reservering (stelpost taakmutaties) van via het gemeentefonds toegekende middelen voor uitvoeringskosten ad. € 113.000 in 2022, € 117.000 in 2023, € 115.000 in 2024 en € 113.000 vanaf 2025. d) de Rijksvergoeding (SPUK-uitkering) tot een bedrag van € 39.000 in 2022, € 35.000 in 2023, € 37.000 in 2024 en vanaf 2025 € 39.000 17. Een budget voor inkoop beschikbaar te stellen van €210.000 jaar.

Dit bedrag te dekken uit de Rijksvergoeding (SPUK-uitkering) programmakosten inburgering 18. Een budget voor de ondertussengroep beschikbaar te stellen van € 8.000 in 2022, € 5.000 in 2023, € 3.000 in 2024 en € 1.000 vanaf 2025. Dit bedrag te dekken uit de structurele reservering (stelpost taakmutaties) van via het gemeentefonds toegekende middelen voor de trajecten ondertussengroep. 19. Besluiten 16,17 en 18 te verwerken in de tweede Bestuursrapportage 2021.

31

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

5.Actieprogramma Actie 1 De verordening en/of beleidsregels opstellen in samenwerking met de regio. 2 Eind 2021 stand van zaken doornemen met de Adviesraad Sociaal Domein 3 Uitvoering Wet inburgering na een jaar evalueren. 4 Werkproces inburgering beschrijven, digitaal maken en borgen in werkwijze, bedrijfsvoering en ICT. 5 Opstellen draaiboek statushouders voor inplaatsing en vastleggen samenwerkingsafspraken. 6 Afspraken maken met het COA over de overdracht en brede intake. 7 Introductiebijeenkomsten voor alle asielmigranten in gemeente Aalsmeer ontwikkelen. 8 De zelfredzaamheidsroute in Aalsmeer verder uitwerken. Hoe gaan we zelfredzaamheid meten, welk aanbod is er, wat willen wij (kunnen) bieden en hoe sluiten we deze zelfredzaamheidsroute aan op de dienstverlening aan statushouders? 9 Uiterlijk 1 januari 2022 zijn de benodigde trajecten ingekocht. 10 Bij de aanbesteding van het lokale aanbod inburgering de voorwaarde opnemen dat het aanbod inburgering onder dezelfde voorwaarden en voor dezelfde prijs ook geboden wordt aan gezinsmigranten en overige migranten uit Aalsmeer. 11 Onderdelen die we niet inkopen; regelen, organiseren of zelf in de praktijk ontwikkelen. 12 Bepalen invulling van het participatieverklaringstraject (PVT). Voor asielmigranten kan het PVT onderdeel zijn van de introductiebijeenkomsten.

13 Bepalen invulling van de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP). Voor asielmigranten kan het MAP onderdeel zijn van de introductiebijeenkomsten of het aanbod B1- of Z-route. 14 Ontwikkelen monitoring aan de hand van vooraf op te stellen kritische prestatie indicatoren (KPI's). 15 Jaarlijks deelnemen aan de Divosa Benchmark Statushouders. 16 Formaliseren samenwerking en nadere afspraken maken met de klankbordgroep. 17 Optimaal benutten aanbod NT2 lessen voor nietinburgeringsplichtigen op grond van de Wet Basiseducatie Beroepsonderwijs (WEB). 18 De statushouders zoveel mogelijk maatschappelijk betrekken door een integrale samenwerking met de gemeentelijke initiatieven en plannen gericht op integratie, emancipatie, de inzet van sleutelpersonen, het integraal taalbeleid en de verbetering van de gezondheid van statushouders. 19 Deskundigheid bevorderen met betrekking tot signalering PTSS en uitvoerings- of samenwerkingsafspraken maken met betrekking tot de doorverwijzing voor behandeling van PTSS. 20 Vanaf het moment dat een statushouder is gekoppeld pakt de gemeente de regie op de inburgering. 21 Afspraken maken met het COA over de voorinburgering, leerbaarheidstoets, de overdracht en brede intake.

Afgerond voor: 4e kwartaal 2021 4e kwartaal 2021 3e kwartaal 2022 1 juli 2021 1 juli 2021 1 juli 2021 1 juli 2021 3e kwartaal 2021

1 oktober 2021 1 januari 2022

1 januari 2022 3e kwartaal 2021

3e kwartaal 2021

3e kwartaal 2021 Loopt 1 juli 2021 1 januari 2021

3e kwartaal 2021

1 januari 2022

1 januari 2022 1 januari 2022

32

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

Bijlage 1: Begrippen en afkortingen Asielmigranten (ofwel statushouders) en migranten Alle mensen met een vergunning voor niet-tijdelijk verblijf zijn inburgeringsplichtig. Dat zijn asielzoekers die een vergunning hebben gekregen (asielmigranten of asielstatushouders) maar ook gezinsmigranten of overige migranten die om een andere reden naar Nederland zijn gekomen (migranten met een reguliere vergunning). De Wet inburgering onderscheidt deze groepen als: ‘inburgeringsplichtigen met verblijfsvergunning regulier’ en ‘inburgeringsplichtigen met verblijfsvergunning asiel’ (artikel 13 Wi). In de wet wordt de daarom term asielstatushouders of asielmigranten gehanteerd voor de laatstgenoemde groep. Een asielzoeker is na het verkrijgen van de vergunning (asiel)statushouder en na huisvesting in de gemeente asielmigrant. In de opvang- en asielketen en in de volksmond worden asielmigranten en asielstatushouders ‘statushouders’ genoemd. In deze nota hanteren de begrippen: 1. Asielmigranten of statushouders (aanbod inburgering) 2. Gezinsmigranten of overige migranten met een reguliere vergunning (geen aanbod inburgering)

Aanbod inburgering: gemeenten zijn verantwoordelijk om aan asielmigranten een bij het Plan Inburgering en Participatie (PIP) aansluitend inburgeringsaanbod te doen. Dit aanbod omvat naast één van de drie leerroutes in ieder geval de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP), het Participatieverklaringstraject (PVT) en de benodigde ondersteuning bij het zelfredzaam worden ten aanzien van de financiële huishouding (“ontzorgen”). In de onderwijsroute is MAP geen onderdeel van het aanbod. Gemeenten mogen gecombineerde trajecten van de drie leerroutes met het Participatieverklaringstraject (PVT), Module Arbeidsmarkt & en maatschappelijke begeleiding aanbieden. Aanbodplicht gemeente: de wettelijke plicht van gemeente om er zorg voor te dragen dat de inburgeringsplichtige asielmigrant tijdig een inburgeringsaanbod wordt gedaan dat aansluit bij de inburgeringsroute die in het PIP is vastgelegd. Anders-gealfabetiseerden: anders-gealfabetiseerden zijn mensen die niet in het Latijns schrift, maar wel in de eigen taal gealfabetiseerd zijn. Voor anders-gealfabetiseerden geldt dat zij meer potentie hebben en na alfabetisering in het Latijnse schrift in veel gevallen de reguliere route of onderwijsroute kunnen volgen. Dit geldt zeker voor de groep die hoog opgeleid is in het herkomstland.

Zij starten met alfabetisering los van de leerroute, waarna kan worden ingestroomd in de geadviseerde leerroute.24 Asielmigrant: asielstatushouder of uitgenodigde vluchteling die is opgenomen in het gemeentelijk bevolkingsregister. Inschrijving in het gemeentelijke bevolkingsregister vindt plaats op het moment dat de asielzoeker een verblijfstitel krijgt en de centrale opvang verlaat. Asielstatushouder: asielzoeker van wie het verzoek is ingewilligd en die een (legale) verblijfsstatus heeft gekregen (en erkend is als vluchteling). Als we in deze nota spreken over statushouder, bedoelen we asielstatushouder. Asielzoeker: Een asielzoeker is iemand die asiel heeft aangevraagd maar wacht op een beslissing op zijn of haar aanvraag. In Nederland kan iemand bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) asiel aanvragen, daarna is hij of zij asielzoeker. Deze persoon krijgt een verblijfsvergunning wanneer hij of zij erkend wordt als vluchteling (definitie UNHCR). B1 route of reguliere inburgeringsroute: De B1-route is gericht op het beheersen van het Nederlands als Tweede taal (NT2) op taalniveau B1 volgens het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Moderne vreemde talen van de Raad van Europa.

Aan inburgeraars van wie na aanzienlijke inspanning en via een objectieve toets is vastgesteld dat het B1-examen niet haalbaar is, kan de mogelijkheid worden gegeven om (op onderdelen) op A2 niveau examen te doen. De participatiecomponent binnen de B1-route kan op verschillende wijzen worden ingevuld door gemeenten. Een deel van de nieuwkomers kan snel instromen op de arbeidsmarkt, voor 24 Kamerbrief 15-2-2019 Tussenstand veranderopgave inburgering.

33

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

anderen leveren het opdoen van werkervaring, stage, vrijwilligerswerk, arbeidsmarktoriëntatie en het volgen van trainingen en opleidingen een belangrijke bijdrage aan het vergroten van het perspectief op de arbeidsmarkt. Brede intake: de “brede intake” geeft op individueel niveau inzicht in de startpositie en de ontwikkelmogelijkheden van een inburgeringsplichtige. Daarbij gaat het onder meer om informatie of iemand analfabeet is, welke opleidingen zijn gevolgd, praktische competenties, werknemersvaardigheden, werkervaring, leerbaarheid, motivatie/interesses, mate van zelfredzaamheid en informatie die een effect kan hebben op het inburgeringstraject zoals de gezinssituatie, sociale netwerk en fysieke en mentale gezondheid. Een “brede intake” ondersteunt gemeenten bij het integraal of geïntegreerd werken binnen het brede sociale domein, waaronder de Participatiewet. De intake is van groot belang voor het vervolgtraject; daarom moet deze zo objectief mogelijk zijn en moet een hoge mate van landelijke uniformiteit worden geborgd.

Het Rijk zal criteria en kaders formuleren waaraan de intake in ieder geval moet voldoen om dit te bereiken.25 Onderdeel hiervan is een verplichte, onafhankelijk af te nemen leerbaarheidstoets die door het Rijk wordt ontwikkeld.26 Economische migrant: een economische, reguliere migrant verlaat zijn land doorgaans op vrijwillige basis en vaak in de hoop op een beter leven. Indien de migrant zou willen, kan hij of zij veilig terugkeren. Financieel ontzorgen: gemeenten betalen in de periode van ontzorging (6 maanden) de vaste lasten, zoals huur en energiekosten en de verplichte verzekeringen, uit de bijstand. De statushouder ontvangt wat resteert en ontvangt de toeslagen. Deze doorbetaling is 6 maanden wettelijk verplicht, voortzetting kan op vrijwillige basis. Geestelijke bedienaar (Wi): de persoon die een geestelijk, godsdienstig of levensbeschouwelijk ambt bekleedt, arbeid verricht als geestelijk voorganger, godsdienstleraar of zendeling, dan wel ten behoeve van een kerkgenootschap of een ander genootschap op geestelijke of levensbeschouwelijke grondslag werkzaamheden van overwegend godsdienstige, geestelijke of levensbeschouwelijke aard verricht.

Gezinshereniging: Onder gezinshereniging wordt de vestiging in Nederland verstaan van personen uit gezinnen die al vóór de immigratie bestonden, waarbij één of meer gezinsleden bij gezinsleden gaan wonen die eerder naar Nederland zijn gekomen. Hierbij kan het onder andere gaan om huwelijks(partners), minderjarige kinderen (niet gehuwd, geen geregistreerd partner) of ouders die bij hun kinderen gaan wonen. Gezinshereniging volgt vaak op arbeidsmigratie of asielmigratie. Gezinsmigrant: een migrant die naar Nederland is gekomen in het kader van gezinshereniging, mee migrerende gezinsleden en gezinsvorming. Inburgering: inburgering is de eerste fase van integratie van nieuwkomers in de Nederlandse samenleving. Hierbij wordt gestreefd nieuwkomers door een vlot en intensief programma zo snel mogelijk een vorm van zelfredzaamheid te laten bereiken. Het inburgeringstraject heeft een welzijns- en educatieve component. De educatieve component is een programma dat kan bestaan uit onderwijs in Nederlands als tweede taal (NT2), Kennis van de Nederlandse Samenleving (KNS) en een Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP). Inburgeringsplichtigen: vreemdelingen die in het bezit zijn van een verblijfsvergunning voor een niet-tijdelijk doel inburgeringsplichtig.

Dit zijn zowel asielmigranten en hun familie- of gezinsleden als gezinsmigranten samen met overige inburgeringsplichtigen (geestelijk bedienaren en vreemdelingen met een verblijfsvergunning voor een niet-tijdelijk humanitair verblijfsdoel). Kansrijke koppeling of koppeling: de koppeling van een statushouder die in een AZC verblijft aan een gemeente waar hij of zij gehuisvest gaat worden. Het moment van koppeling is ook het moment waarop gemeenten de regie over de uitvoering van inburgering krijgen. KNS: Kennis van de Nederlandse Samenleving is een module die onderdeel uitmaakt van de inburgeringsroute en de zelfredzaamheidsroute. Hierin worden acht thema’s behandeld. Er worden 25 Kamerbrief 2-7-2018 Hoofdlijnen veranderopgave inburgering. 26 Kamerbrief 15-2-2019 ”Tussenstand veranderopgave inburgering.

34

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

vragen gesteld over 1) hoe wij in Nederland met elkaar omgaan en onze normen en waarden 2) werk en inkomen, 3) wonen, 4) gezondheid en gezondheidszorg, 5) geschiedenis en geografie, 6) instanties, 7) staatsinrichting en rechtsstaat en 8) onderwijs en opvoeding. Voor elk thema zijn eindtermen geformuleerd, die aangeven wat de nieuwkomer moet weten of kunnen om het (centrale) examen met succes af te leggen. Meestal maakt KNS onderdeel uit van de NT2 lessen inburgering. Hoe KNS in de leerroutes wordt geïntegreerd is nog niet uitgekristalliseerd. Leerbaarheidstoets: de leerbaarheidstoets wordt enkele weken nadat iemand inburgeringsplichtig is geworden afgenomen. Voor asielmigranten is dit dus nog tijdens het verblijf op het AZC. De uitslag van de leerbaarheidstoets, die inzicht geeft in de snelheid waarmee een inburgeraar in staat is de Nederlandse taal te leren, gaat helpen bij het vaststellen van de leerroute van de inburgeraar. Maatschappelijke participatie: door middel van de maatschappelijke begeleiding krijgen asielmigranten in de eerste periode van verblijf na vestiging in de gemeente ondersteuning en begeleiding in praktische zaken en voorlichting over leefgebieden en maatschappelijke instituties van de Nederlandse samenleving. Deze begeleiding vindt zo spoedig mogelijk plaats nadat de asielstatushouder vanuit de opvang wordt gehuisvest in de gemeente.

In deze periode moet immers het meest geregeld worden en is de behoefte aan praktische informatie bij de nieuwkomers het grootst. De invulling van de maatschappelijke begeleiding wordt ten opzichte van de huidige Wet inburgering gewijzigd omdat er een samenloop is met de regietaak die gemeenten krijgen binnen het nieuwe stelsel. De huidige componenten ‘hulp bij het opstarten van de inburgering’ en ‘het stimuleren van participatie en integratie’ binnen maatschappelijke begeleiding krijgen immers hun beslag in het PIP. Module Arbeidsmarkt en Participatie: De oriëntatie is erop gericht om de competenties en arbeidskansen van de inburgeringsplichtige op de (lokale) arbeidsmarkt in beeld te brengen en vaardigheden te leren over hoe men een baan vindt. Het participatie-gedeelte betreft het inzetten van een of meerdere praktische activiteiten, waardoor de inburgeraar kennis maakt met de (lokale) arbeidsmarkt. De MAP is voor de inburgeraars in de onderwijsroute geen verplicht onderdeel. Ondertussengroep: de groep asielmigranten die inburgeren in het huidige systeem (zittend bestand) tot inwerkingtreding van de nieuwe wet Inburgering. Onderwijsroute: binnen de onderwijsroute volgen inburgeraars, voordat zij mogen instromen in een opleiding op MBO2-niveau of hoger, een schakelvoorziening. Het is een programma van 1,5 à 2 jaar voor het op niveau brengen van de benodigde vaardigheden.

Zo is er naast taallessen Nederlands (gericht op B1 of B2 niveau) in de schakelvoorziening aandacht voor andere vakken en vaardigheden, zoals rekenen, Engels, computervaardigheden en competenties die relevant zijn voor instroom op de arbeidsmarkt (oriëntatie op beroepen, assertiviteit en initiatief nemen). Toegang tot de schakelvoorziening is op het gebied van beheersing van de Nederlandse taal drempelloos (er is geen minimum Taaleis). Een inburgeraar heeft binnen de Onderwijsroute voldaan aan de inburgeringsplicht wanneer deze een diploma MBO2 of hoger heeft behaald en heeft voldaan aan het Participatieverklaringstraject. Deze route zal naar verwachting langer dan drie jaar duren. Participatieverklaringstraject (PVT): het is belangrijk dat inburgeringsplichtigen kennis hebben van de Nederlandse kernwaarden, zoals gelijkheid, vrijheid van religie en vrijheid van meningsuiting. Door ondertekening van de Participatieverklaring tonen inburgeringsplichtigen hun betrokkenheid bij de Nederlandse samenleving en hun bereidheid om daar actief aan bij te dragen. In het nieuwe stelsel wordt het PVT geïntensiveerd. De minimale duur van het traject wordt verhoogd van vier uur naar twaalf uur. Het PVT is onderdeel van het door de gemeente en inburgeraar opgestelde PIP.

Naast het tekenmoment van de verklaring is een vast bestanddeel van het traject een excursie of activiteit waarin aandacht wordt besteed aan één van de waarden. Plan Inburgering en Participatie: de brede intake is het startpunt van een individuele route via inburgering naar participatie en resulteert in een persoonlijk plan: het Plan Inburgering en Participatie (PIP). Een PIP wordt opgesteld voor àlle inburgeringsplichtige nieuwkomers. Dat is maatwerk: een persoonlijk programma voor het leren van de taal in combinatie met werk, vrijwilligerswerk, studie of stage. In het PIP kan ook worden ingegaan op belangrijke rand

35

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

voorwaardelijke zaken als kinderopvang. In dit plan worden ook afspraken vastgelegd over de wijze waarop en voor welke duur ontzorgen aan de orde is. De route naar het te bereiken einddoel wordt in het plan vastgelegd, evenals de looptijd waarin het einddoel behaald moet zijn. Het voldoen aan de inburgeringsplicht maakt daarvan deel uit, evenals de wijze waarop de inburgeringsplichtige hetzij via scholing hetzij via (vrijwilligers)werk naar vermogen meedoet/meekomt in de samenleving. In het PIP wordt voortgebouwd op de taak die gemeenten hebben voor bijstandsgerechtigden op basis van de Participatiewet, inclusief handhaven van de medewerkingsplicht, handhaven van de Taaleis en uitvoering geven aan de tegenprestatie. 27

Reguliere inburgeringsroute of B1 route: de reguliere inburgeringsroute is gericht op het beheersen van het Nederlands als Tweede taal (NT2) op taalniveau B1 volgens het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Moderne vreemde talen van de Raad van Europa. Aan inburgeraars van wie na aanzienlijke inspanning en via een objectieve toets is vastgesteld dat het B1-examen niet haalbaar is, kan de mogelijkheid worden gegeven om (op onderdelen) op A2 niveau examen te doen. De participatiecomponent binnen de B1-route kan op verschillende wijzen worden ingevuld door gemeenten. Een deel van de nieuwkomers kan snel instromen op de arbeidsmarkt, voor anderen leveren het opdoen van werkervaring, stage, vrijwilligerswerk, arbeidsmarktoriëntatie en het volgen van trainingen en opleidingen een belangrijke bijdrage aan het vergroten van het perspectief op de arbeidsmarkt. Sleutelpersonen: sleutelpersonen zijn ervaringsdeskundige statushouders die hun inburgering hebben afgerond en goed geïntegreerd zijn. Met hun kennis van de taal en culturele achtergrond van het geboorteland, kunnen zij een brug slaan tussen statushouders en de Nederlandse samenleving en organisaties die de statushouder begeleiden. Statushouder: een statushouder is een asielzoeker met een voorlopige of voorwaardelijke verblijfsvergunning. Statushouders worden ook wel vergunninghouders of verblijfsgerechtigden genoemd.

Als we in deze nota spreken over statushouder, bedoelen we asielstatushouder. Verblijfsvergunning: document waaruit blijkt dat een niet-Nederlander toestemming heeft om gedurende een bepaalde termijn van langer dan drie maanden in Nederland te verblijven. Er is een vergunning voor bepaalde tijd regulier (vvr-bep) en een voor asiel (vva-bep). De asielvergunning wordt in beginsel voor een periode van 5 jaar verleend. De reguliere vergunning moet in beginsel jaarlijks worden verlengd. Vluchteling: volgens het Vluchtelingenverdrag is een vluchteling iemand die zijn of haar land van herkomst ontvlucht vanwege gegronde vrees voor vervolging. Redenen voor vervolging kunnen zijn: ras of nationaliteit, godsdienst, politieke overtuiging of het behoren tot een bepaalde sociale groep. Een vluchteling kan in eigen land geen bescherming krijgen van de overheid tegen deze vervolging (definitie UNHCR). ‘Voorbereiding op inburgering’ of V-inburgering: een programma dat na vergunningverlening voor alle inburgeringsplichtige statushouders in de opvang beschikbaar is. Aanbod door COA is verplicht, deelname niet. Dit programma bestaat naast Nederlandse taalverwerving uit individuele begeleiding en heeft aandacht voor kennis van de Nederlandse maatschappij (KNM) en oriëntatie op de Nederlandse arbeidsmarkt (ONA).

Warme overdracht: wanneer de statushouder verhuist van het AZC naar de gemeente vindt een warme overdracht plaats. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de gemeente. De informatie van het COA wordt gedeeld via het Taakstelling Volg Systeem (TVS). Z-route of zelfredzaamheidsroute: de leerroute voor inburgeringsplichtigen bij wie tijdens de intake wordt vastgesteld dat zij naar verwachting het A2-niveau niet zullen halen. De Z-route vervangt de ontheffingsmogelijkheid. Het alfabetiseringstraject is (indien van toepassing) onderdeel van de Z-route.

27 Kamerbrief 2-7-2018 Hoofdlijnen veranderopgave inburgering.

36

Kadernota Veranderopgave Inburgering gemeente Aalsmeer, 1 juli 2021

Het is een traject van ongeveer twee jaar met activiteiten die aansluiten bij de persoonlijke integratiedoelen van de inburgeraar: het leren van de Nederlandse taal, waarbij op alle onderdelen wordt gestreefd naar A1 niveau, zelfredzaamheid in de samenleving, activering en participatie. Inburgeraars in de Z-route hebben voldaan aan hun inburgeringsplicht als zij de afspraken in het PIP zijn nagekomen, hieronder valt ook het afleggen van de Participatieverklaring en (aangepaste) inzet op KNM en ONA en in veel gevallen een of meerdere taalexamens. De participatiecomponent kan op verschillende wijzen worden ingevuld door gemeenten. Voor een deel van de nieuwkomers levert het opdoen van werkervaring, stage, vrijwilligerswerk, arbeidsmarktoriëntatie en het volgen van trainingen en opleidingen een belangrijke bijdrage aan het vergroten van het perspectief op de arbeidsmarkt. Daarnaast kunnen gemeenten binnen de Zroute ook inzetten op activiteiten in andere domeinen zoals financiën, gezondheid en het opbouwen van een sociaal netwerk waarmee het spreken van de Nederlandse taal en participatie worden gestimuleerd.

37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=5ccfc3ea-492d-46d0-9eaa-e3992888422f