CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

ALS_visie_op_participatie_2024_def

2a.Commissie Maatschappij en Bestuur Beeldvormend 21 maart 2024, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Participatie visie Aalsmeer 202421.124 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Iedere partij heeft een ander beeld bij hoe ze kunnen helpen bij ideeën van inwoners en waar ze staan wat betreft participatieniveau. De Adviesraad zet in op hun netwerk en contacten leggen, terwijl Nieuw Aalsmeer inhoudelijke ondersteuning wil bieden. Participatie kent verschillende niveaus. De wijkoverleggen zitten op het niveau van beperkte participatie. Het is goed mogelijk om door te groeien naar hogere niveaus, maar het blijkt dat de wijkoverleggen de mogelijkheden (nog) niet in beeld hebben om zich te ontwikkelen op het gebied van participatie en inwoners zo te helpen met hun ideeën.

Nieuw Aalsmeer Nieuw Aalsmeer geeft aan themabijeenkomsten te kunnen organiseren op basis van vragen van inwoners, om hen zo te laten meedenken en meepraten met wat er speelt. Daar zouden ze ook graag een stap verder in willen zetten, om echt het gesprek met elkaar aan te gaan, bijvoorbeeld met een burgerberaad. Daarbij hebben ze wel hulp nodig van de gemeente: het is werk voor iemand met een betaalde baan en niet voor een vrijwilliger. Wel geeft Nieuw Aalsmeer aan dat ze zelf doen wat ze kunnen, ze hebben kennis in huis. Het moet echter niet vanuit één kant komen.

Wijkoverleggen Wijkoverleg De Dorper ziet zijn rol niet als adviserend, maar eerder als facilitator van gesprekken tussen inwoners. Samen kijken ze waar inwoners tegenaan lopen en welke ideeën ze hebben. Als er uit deze gesprekken ideeën komen die relevant zijn voor de gemeente, enthousiasmeert het wijkoverleg inwoners om naar de gemeente te gaan. De Dorper vindt inwoners medeverantwoordelijk op dit gebied. Wijkoverleg Kudelstaart beschouwt zijn rol als het delen van kennis en het zenden van informatie. Ze helpen inwoners om in contact te komen met de juiste personen binnen de gemeente en op die manier een schakel te vormen. Wanneer het contact is gelegd, treedt het wijkoverleg naar de achtergrond. Wijkoverleg Hornmeer helpt door het organiseren van klankbordgroepen. Ze verwachten hier wel hulp bij vanuit de gemeente. Ze weten niet hoe ze zelf actief ideeën van inwoners kunnen ondersteunen.

Kwalitatieve onderzoeksresultaten

57

Wanneer is participatie geslaagd? Op basis van de interviews met Adviesraad Sociaal domein, Nieuw Aalsmeer en de wijkoverleggen De Dorper, Kudelstaart en Hornmeer zijn er verschillende aspecten die naar voren komen als we het hebben over het ideaalbeeld van participatie, ofwel: wanneer is participatie geslaagd?

Serieuze betrokkenheid & waardering De Adviesraad benadrukt het belang van het serieus nemen van inbreng van inwoners. Het wordt gewaardeerd als er wat met de input wordt gedaan. Hierbij wordt tevens benadrukt dat ‘nee’ ook een antwoord kan zijn, maar dat het wel cruciaal is om goed te communiceren waarom bepaalde input dan niet wordt overgenomen. Dit dient effectief gecommuniceerd te worden naar inwoners, zodat zij beslissingen begrijpen en zich serieus genomen voelen. Ook wijkoverleg Hornmeer geeft aan dat een gevoel van waardering een positief effect heeft op de slagingskans van participatie. Ze willen meer samenwerking zien tussen de gemeente en verschillende partijen, zodat het serieuzer wordt genomen door inwoners.

Samengevat Er zijn overkoepelende thema’s als we kijken naar wanneer participatie geslaagd is. Deze zijn de waardering voor inbreng, transparantie communicatie, streven naar co-creatie en het actief betrekken van inwoners. Het streven naar deze thema’s in toekomstige participatieprocessen zal een positief effect hebben volgens de geïnterviewde partijen.

Co-creatie Nieuw Aalsmeer geeft aan dat we moeten streven naar co-creatie waarbij de gemeente niet alleen meningen ophaalt, maar ook actief samenwerkt met inwoners op het gebied van beleidsontwikkeling. Ze pleiten voor het oprichten van klankbordgroepen of nog liever burgerberaden om participatie verder vorm te geven.

Betrokkenheid van inwoners Zowel wijkoverleg De Dorper en het wijkoverleg Kudelstaart benadrukken hoe belangrijk het is dat inwoners actief betrokken worden. Dit moet niet alleen vanuit het bestuur en de gemeente komen. De betrokkenheid van inwoners is in die zin een maatstaaf voor hoe effectief participatie is.

Kwalitatieve onderzoeksresultaten

58

Wanneer is participatie niet geslaagd? Op basis van de interviews met Adviesraad Sociaal domein, Nieuw Aalsmeer en de wijkoverleggen De Dorper, Kudelstaart en Hornmeer hebben de volgende aspecten, volgens hen, een negatieve invloed op participatie. Zij geven antwoord op de vraag: wanneer is participatie niet geslaagd?

Gebrek aan impact Het wijkoverleg Hornmeer noemt dat besluitvorming grotendeels wordt beheerst door college en raad en dat participatie niet kan slagen zolang dat het geval is. Inwoners voelen daardoor dat hun inspanningen geen impact hebben en dat hun stem niet word gehoord. Ze doen daardoor niet mee met participatietrajecten.

Opvolging De Adviesraad Sociaal Domein geeft aan dat gebrek aan opvolging een teken is dat participatie niet is geslaagd. Als er een aanzienlijke vertraging optreedt tussen de daadwerkelijke participatie en de opvolging, kan dit leiden tot verwarring en frustratie bij de betrokkenen.

Betrokkenheid gemeente Nieuw Aalsmeer geeft aan dat participatie niet goed verloopt wanneer de gemeente niet voldoende actieve betrokkenheid toont en niet openstaat voor initiatieven. De gemeente zou meer moeite kunnen doen om “het stille midden” te betrekken en zelf risico’s kunnen nemen om vernieuwende vormen van participatie te proberen.

Samengevat Er zijn diverse risico’s te identificeren die invloed hebben of participatie wel of niet geslaagd is. Uit de interviews blijkt dat de partijen denken dat slechte opvolging, weinig betrokkenheid van de gemeente, slechte deelname van inwoners, ontevredenheid in de samenleving en gebrek aan impact er voor kunnen zorgen dat participatie niet slaagt in gemeente Aalsmeer.

Deelname inwoners Het wijkoverleg De Dorper noemt dat participatie niet succesvol is wanneer het niet lukt om inwoners daadwerkelijk te betrekken. Als het niet lukt om hen te enthousiasmeren en deel te laten nemen, is participatie niet geslaagd. “Het stille midden” in kaart brengen en laten deelnemen is belangrijk voor succesvolle participatie.

Ontevredenheid Het wijkoverleg Kudelstaart geeft aan dat participatie niet geslaagd is wanneer inwoners ontevreden zijn en er veel onduidelijkheid is. Het gebrek aan goede uitleg en afstemming kan dus participatieproblemen veroorzaken.

Kwalitatieve onderzoeksresultaten

59

Toekomst van het wijkoverleg Rol bij Omgevingswet

Algemeen toekomstige rol van het wijkoverleg

Er is geen duidelijk beeld welke rol het wijkoverleg kan gaan innemen bij de Omgevingswet, volgens wijkoverleg De Dorper. Ze hopen hierbij op uitleg en meer duidelijkheid van de gemeente. Wijkoverleg Kudelstaart geeft daarbij aan wel een rol te willen vervullen op dat gebied en dat digitale participatie misschien kan helpen om het effectief vorm te geven. Wel moeten we oppassen dat dit niet de fysieke participatiemogelijkheden vervangt. Wijkoverleg Hornmeer vraagt zich daarentegen af of het wijkoverleg daar wel een rol in moet hebben. Ze geven aan dat het wijkoverleg nu niet goed de inwoners vertegenwoordigd, vooral de jongeren niet.

De toekomst en hun rol daarin vinden de wijkoverleggen enigszins onzeker. Zo zegt wijkoverleg De Dorper dat het even afwachten is hoe het wijkoverleg zich ontwikkelt. Ze hopen in de toekomst op het niveau van vroeger te komen, toen er nog een contactpersoon participatie was. Wijkoverleg Kudelstaart hoopt dat er over 5 jaar nog steeds wijkoverleggen zijn, maar geeft aan dat het lastig is om daarvoor een bestuur te vinden en inwoners betrokken te houden. Het is belangrijk dat jongeren ook voldoende aandacht krijgen en goed vertegenwoordigd zijn. Wijkoverleg Hornmeer sluit zich hierbij aan, zij geven ook aan dat er onvoldoende jonge mensen betrokken zijn. Ze hebben behoefte aan mankracht vanuit de gemeente om wijkoverleggen voldoende houvast te geven voor de toekomst.

Samengevat De wijkoverleggen staan er voor open om een rol te gaan spelen bij de Omgevingswet, maar geven daarbij aan ondersteuning nodig te hebben van de gemeente om dat goed vorm te geven.

Rol bij sociaal maatschappelijke ontwikkelingen Op dit moment vervult geen enkel wijkoverleg een rol op het gebied van sociaal maatschappelijke ontwikkelingen. De Dorper geeft daarbij aan dat het een lastig onderwerp is. Wijkoverleg Kudelstaart staat er wel voor open om meer op sociaal maatschappelijk gebied te gaan doen. Zij geven wel aan dat het lastig is om dat juist te doen. Het zou mooi zijn als de gemeente hen hierbij wil ondersteunen. Tenslotte noemt wijkoverleg Hornmeer dat dit een onderwerp is voor professionele organisaties en niet voor een wijkoverleg. Daarentegen kan het wijkoverleg wel voorlichtingen van de professionele organisaties organiseren.

Samengevat De wijkoverleggen vinden de toekomst allemaal wat onzeker. Daarbij is wijkoverleg Kudelstaart wat positiever dan de andere twee wijkoverleggen. Ze maken zich zorgen om de betrokkenheid en dan met name die van jongeren. Ze geven aan dat dit cruciaal is om de toekomst van wijkoverleggen veilig te stellen.

Samengevat De wijkoverleggen vinden het lastig om invulling te geven aan sociaal maatschappelijke ontwikkelingen en staan daar ook niet allemaal open voor.

Kwalitatieve onderzoeksresultaten

60

Bijlagen

Bijlage I - Achtergrondvariabelen Inwoners

Wat zijn de 4 cijfers van uw postcode? (n=442)

1431

Leeftijd (n=442)

< 29 jaar

49%

30 - 39 jaar 1432

6% 9%

27% 40 - 49 jaar

1433

Buiten de gemeente

21%

2%

15%

50 - 59 jaar

22%

60 - 69 jaar

22%

70 - 79 jaar > 79 jaar

18% 8%

Binnen dit panelonderzoek zijn de resultaten gewogen naar leeftijd en kern. Hiermee zijn de resultaten gecorrigeerd om de mogelijke invloed van de niet geheel representatieve steekproef weg te nemen. Op deze pagina staan ongewogen resultaten. De rest van de rapportage zal gewogen resultaten bevatten. Meer informatie over de weging staat in bijlage 2 weergegeven.

Bijlage I

62

Bijlage I - Achtergrondvariabelen Ondernemers

In welke sector(en) is uw onderneming/bedrijf actief? (n=52) Zakelijke diensten

50%

Detailhandel

17%

Recreatie & Toerisme

15%

Informatie & Communicatie

13%

Bouw

10%

Landbouw

10%

Zorg

8%

Financiële instellingen

6%

Industrie

6%

Kunst & Cultuur

6%

Onderwijs

6%

Horeca

4%

Overheid

4%

Transport

4%

Landgoederen Overig

Wat is uw functie? (n=52)

Eigenaar

100%

Bestuurder

Anders, namelijk:

13% 2%

0% 23%

Bijlage I

63

Bijlage I - Achtergrondvariabelen Ondernemers

Wat zijn de 4 cijfers van de postcode van uw bedrijf? (n=51)

1430

Hoeveel werkzame personen telt uw onderneming/bedrijf, inclusief uzelf? (n=51)

2%

43%

1 (ZZP)

1431

2 t/m 4

41%

31%

5 t/m 9 1432

14%

29% 10 t/m 19

1433

27%

20 t/m 49

Waar is uw onderneming gevestigd? (n=51) Bedrijventerrein

2%

50 t/m 99

0%

100 t/m 249

0%

250 en meer

2%

Wil ik niet zeggen

2%

12%

Centrum

31%

Buitengebied

29%

Anders, namelijk:

6%

27%

Bijlage I

64

Bijlage II - Onderzoeksverantwoording Betrouwbaarheid en nauwkeurigheid

Weging

Elke steekproef geeft afwijkingen ten opzichte van de werkelijkheid, maar de uitkomsten moeten een zo goed mogelijk beeld geven van de populatie. In kwantitatief onderzoek is het gebruikelijk om te spreken van een statistisch betrouwbaar verschil, als de afwijking zo groot is dat deze niet door toeval wordt veroorzaakt. Het betrouwbaarheidsniveau is gedefinieerd als 1 (100%) minus het significantieniveau. Het is gangbaar uit te gaan van een significantieniveau van 5%. Dan is er sprake van een betrouwbaarheidsniveau van 95%. Dat wil zeggen dat, als het onderzoek op dezelfde wijze en op hetzelfde moment zou worden herhaald, de uitkomsten in 95% van de gevallen hetzelfde beeld zouden geven.

Binnen dit panelonderzoek zijn de resultaten gewogen naar leeftijd en kern. Hiermee zijn de resultaten gecorrigeerd om de mogelijke invloed van de niet geheel representatieve steekproef weg te nemen. Dit is een gangbare werkwijze in statistisch kwantitatief onderzoek. Personen in ondervertegenwoordigde groepen krijgen een gewicht groter dan 1 en tellen relatief zwaarder mee in het totaalresultaat, personen in groepen met een oververtegenwoordiging krijgen een gewicht kleiner dan 1.

De nauwkeurigheid (uitgedrukt in foutmarge) geeft het gebied van waarden aan, waarbinnen de werkelijke waarde in de populatie ligt. Een foutmarge van bijvoorbeeld 5%, betekent dat de werkelijke waarde van de totale populatie 5% hoger of lager kan liggen dan de waarde van de steekproef. Concreet: indien een onderzoeksuitkomst van de steekproef aangeeft dat 50% van de respondenten een rapportcijfer 8 geeft voor een bepaald aspect, dan ligt dit percentage in werkelijkheid maximaal 5% boven of 5% onder deze 50%, ofwel tussen de 45% en 55%. Een foutmarge van 5% is gangbaar en algemeen geaccepteerd bij (statistisch) kwantitatief onderzoek.

Vanwege de ondervertegenwoordiging van respondenten jonger dan 30 jaar met postcode 1433, krijgt een respondent uit deze groep bijvoorbeeld weegfactor 2,47 en een respondent tussen de 60 en 69 jaar met postcode 1432 (die oververtegenwoordigd is) weegfactor 0,59. Weegfactoren mogen niet te groot zijn (een groep in een steekproef met een aandeel van bijvoorbeeld 5%, kan niet worden ‘opgeblazen’ tot 50%). Doorgaans wordt een maximale weegfactor van 3 en een minimale weegfactor van 0,5 gehanteerd. Een weegfactor tot 5 wordt echter geaccepteerd. Indien gewenst kan de tabel met alle gehanteerde weegfactoren opgevraagd worden. Door de weging zijn de resultaten representatief over leeftijd en kern.

Met het omvangrijke aantal respondenten dat heeft deelgenomen (494) kunnen met 95% betrouwbaarheid en 4,61% nauwkeurigheid uitspraken worden gedaan op een algemeen niveau. De hoge betrouwbaarheid en nauwkeurigheid maken de data geschikt voor verdere analyses.

Bijlage II

65

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=d33f41f0-4e43-4756-9d1e-d9ad91ae9bf9