Agendabundel
Tekst van het document
Inwoners krijgen voldoende ruimte om eigen ideeën uit te voeren
18%
De gemeente moedigt ideeën vanuit de samenleving aan
Ik weet waar ik met mijn ideeën terecht kan
21%
20%
Ik heb voldoende vertrouwen in de gemeente om met een idee naar de gemeente te gaan
Helemaal eens
Eens
Niet eens/ niet oneens
37%
11% 6%
27%
23%
29%
27%
24%
Oneens
Inwonerinitiatieven
Helemaal oneens
38%
28%
3%
24%
8%
19%
14%
5% 11%
Weet ik niet/ geen mening
46
Toelichting ontevredenheid inwoners
Kunt u uitleggen waarom u het niet (helemaal) eens bent met de uitspraak: Inwoners krijgen voldoende ruimte om eigen ideeën uit te voeren: Inwoners twijfelen aan de bereidheid van de gemeente om naar inwoners te luisteren en hun ideeën serieus te nemen. Ook is volgens respondenten het niet altijd duidelijk waar inwoners terecht kunnen met hun ideeën.
De gemeente moedigt ideeën vanuit de samenleving aan: Over het algemeen ervaren inwoners frustratie over het gebrek aan openheid voor ideeën, het niet uitvoeren van ingediende suggesties en het ontbreken van effectieve betrokkenheid van inwoners.
Ik weet waar ik met mijn ideeën terecht kan: Het is voor inwoners niet altijd duidelijk wie het aanspreekpunt is voor verschillende zaken binnen de gemeente. Over het algemeen ervaart men verwarring en onzekerheid over waar en hoe inwoners betrokkenheid kunnen tonen en ideeën kunnen delen. Ik heb voldoende vertrouwen in de gemeente om met een idee naar de gemeente te gaan: Inwoners die aangeven niet voldoende vertrouwen in de gemeente te hebben om met een idee naar de gemeente te gaan, geven onder andere aan dat dit komt door ontevredenheid over de gemeentelijke participatieprocessen. Dit komt weer voort uit negatieve ervaringen uit het verleden en onduidelijkheden in het heden.
Inwonerinitiatieven
47
Veel inwoners vinden dat de gemeente wat kan verbeteren aan het ondersteunen van ideeën
Kan de gemeente Aalsmeer nog wat verbeteren aan het ondersteunen van ideeën van inwoners?
Wat er volgens inwoners verbeterd kan worden aan het ondersteunen van ideeën van inwoners is onder andere:
38% Ja
40%
• • • • • •
39% 3% Nee
Wat kan volgens u verbeterd worden?
5% 4%
Betere communicatie en informatievoorziening Luisteren naar inwoners Ideeën serieus nemen Betrokkenheid van inwoners vergroten Duidelijke kanalen voor het indienen van ideeën Betere samenwerking tussen inwoners en de gemeente
58% Weet ik niet/ geen mening
55% 57%
Geen lid participatieplatform (n=275) Lid participatieplatform (n=167) Inwoners totaal (n=442)
Inwonerinitiatieven
48
De ruime meerderheid is niet bekend met het Right to Challenge
Bent u bekend met het Right to Challenge (het Recht om uit te dagen)?
1% Ja dit ken ik, en ik heb er gebruik van gemaakt
0% 1% 5%
Ja dit ken ik, maar ik heb er (nog) geen gebruik van gemaakt
18% 10% 93%
Nee dit ken ik niet
82% 89%
Geen lid participatieplatform (n=275) Lid participatieplatform (n=167) Inwoners totaal (n=442)
Inwonerinitiatieven
49
Inleiding interviews Kwalitatief onderzoek
Onderzoeksopzet interviews Benaderen doelgroep Er zijn verschillende partijen benaderd voor een interview over participatie. We hebben alle actieve wijkoverleggen uitgenodigd voor een gesprek over participatie. Ook de Adviesraad Sociaal Domein en Nieuw Aalsmeer zijn uitgenodigd voor een interview. Alle partijen zijn uitgenodigd per mail. We hebben ze telefonisch benaderd indien er geen reactie kwam op de uitnodigingsmail.
Partijen Er is een gesprek geweest met wijkoverleggen Kudelstaart, De Dorper en Hornmeer. Met wijkoverleg Aalsmeer Oost is het niet gelukt tijdig een interview in te plannen. Wijkoverleg Uiterweg gaf aan geen interesse te hebben in een interview, aangezien zij van mening zijn dat ze geen zinvolle bijdrage kunnen leveren na de gesprekken die reeds zijn gevoerd over participatie en inspraak. De partijen Adviesraad Sociaal Domein en Nieuw Aalsmeer hebben beiden deelgenomen aan het interview.
Resultatenweergave Verschillende thema’s en onderzoeksvragen zijn behandeld tijdens de interviews. Op de volgende pagina’s ziet u bovenaan de pagina het besproken thema met daaronder een korte samenvatting wat de verschillende partijen daarover hebben gezegd met vervolgens de hoofdlijnen geresumeerd. De samenvatting van de hoofdlijnen is een grijs vlak weer gegeven.
Kwalitatieve onderzoeksopzet
51
Resultaten interviews Kwalitatief onderzoek
Huidige rollen op het gebied van participatie Adviesraad Sociaal Domein
Samengevat
De Adviesraad Sociaal Domein noemt dat hun rol wettelijk verplicht is. Ze hebben een signalerende taak en kijken wat er speelt in de samenleving. Dat koppelt de Adviesraad, gevraagd en ongevraagd, terug aan de gemeente. Ook zijn er verschillende werkgroepen op het gebied van participatiewet, Wmo en jeugd. De Adviesraad vertegenwoordigt inwoners en geven advies aan de gemeente namens hun doelgroep. Zij geven aan dat ze dit positief ervaren. De Adviesraad wil graag dat inwoners hen beter kunnen vinden. Ook al is de agenda van hun vergaderingen openbaar, ze ervaren dat inwoners niet proactief deelnemen aan participatie.
De rollen en impact van participatie van de geïnterviewde partijen verschilt. Dat komt deels omdat de context van de partijen divers is. Dit zie je ook terug in hun beschrijving over wat hun rol is op het gebied van participatie. Zo zijn er verschillen tussen de wijken en we zien dit terug in de gesprekken. Ieder wijkoverleg beschrijft zijn rol wat anders en ook hun contact met de gemeente verschilt daarin. In de gesprekken blijkt ook dat iedereen participatie anders definieert en operationaliseert. Het ene wijkoverleg ziet het meer als een informerende rol en een ander erkent ook andere niveaus van participatie.
Nieuw Aalsmeer Nieuw Aalsmeer heeft een andere rol dan de Adviesraad. Zij nemen het initiatief om belangrijke onderwerpen te bespreken met inwoners en gemeente. Nieuw Aalsmeer wil de inwoner vertegenwoordigen, maar dit is geen formele rol die ze hebben gekregen van de gemeente. Ze ervaren dat gemeente Aalsmeer hen wel goed weet te vinden, maar de inwoners wat minder. Daar is nog ruimte voor verbetering.
Wijkoverleggen De wijkoverleggen geven verschillende reacties. De Dorper geeft aan dat er weinig gebeurt op het gebied van participatie. Ze proberen in contact te blijven met inwoners, hen te informeren en informatie op te halen. Ze werken vaak met klankbordgroepen als er iets gebeurt vanuit de gemeente. In Kudelstaart worden de wijkoverleggen goed bezocht. De functie van het wijkoverleg zien zij zelf als het zenden en ophalen van informatie; een schakel zijn tussen gemeente en inwoners op het gebied van informatie. Wijkoverleg Hornmeer ervaart het anders. Zij geven aan dat het eenrichtingsverkeer is en dat ze veel moeite moeten doen om informatie te verzamelen bij de gemeente en om dit terug te koppelen naar de inwoners. Wijkoverleg Hornmeer ziet hun rol als doorgeefluik van de gemeente naar inwoner, waarbij de gemeente initiatief neemt. Wijkoverleg Hornmeer geeft aan dat er het een en ander moet veranderen, als zij deze rol omtrent het verspreiden van informatie onder inwoners goed willen innemen.
Kwalitatieve onderzoeksresultaten
53
Betrokken worden door de gemeente Adviesraad Sociaal Domein Op dit moment is de Adviesraad Sociaal domein tevreden met de manier waarop zij betrokken worden bij de gemeente. Doordat het wettelijk is ingeregeld, gaat het veelal goed. Graag willen ze nog meer en verder betrokken worden, eigenlijk zien ze graag dat hun rol verder uitgebreid wordt. Bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van nieuwbouwwijken, zodat inwoners daar beter bij betrokken worden en hun behoeften voldoende gewaarborgd kunnen worden.
Nieuw Aalsmeer Nieuw Aalsmeer wil het liefst dat de gemeente hun kennis en betrokkenheid meer gebruikt. Nieuw Aalsmeer vindt dat er op dit moment vrijwel geen participatie is in de gemeente: ze doen alleen wat moet, wat verplicht is volgens wet- en regelgeving en dat functioneert niet naar behoren volgens Nieuw Aalsmeer. Innovatieve participatieoplossingen ziet Nieuw Aalsmeer als een mogelijkheid om inwoners mee te krijgen. Een goede informatievoorziening is daarbij erg belangrijk. Nieuw Aalsmeer pleit voor een activistische vorm van participatie.
naar de wijkoverleggen dient te komen. Ook zouden ze graag een terugkoppeling ontvangen op de input die het wijkoverleg ophaalt. Doordat dat nu niet gebeurt, voelen ze zich niet gezien. Ze zien wel mogelijkheden om de samenwerking tussen de gemeente en wijkoverleggen te verbeteren.
Samengevat Over het algemeen willen alle geïnterviewde partijen meer betrokken worden bij projecten en plannen die spelen in gemeente Aalsmeer. Het niveau waarop en hoe de partij de samenwerking voor zich ziet, verschilt wel. Duidelijke communicatie, vroegtijdige betrokkenheid, actief gebruik van input en een terugkoppeling zijn algemene thema’s die partijen als wens uitspreken voor wanneer zij betrokken worden door de gemeente.
Wijkoverleggen We zien dat elk wijkoverleg meer betrokken wil worden door de gemeente. De Dorper geeft aan dat er in het verleden een betere samenwerking was tussen de gemeente en het wijkoverleg. Nu is er een streven naar meer betrokkenheid bij alles wat de wijk raakt. Ook zouden ze graag meer bij projecten op het gebied van leefbaarheid en sociaal domein betrokken willen worden. Nu gaat het vooral over het fysieke domein. Wijkoverleg Kudelstaart wil graag dat gemeente hen actiever en breder betrekt bij alles wat de wijk aan gaat. Ook zij erkennen dat de samenwerking beter kan en dat de gemeente het wijkoverleg meer zou kunnen gebruiken om inwoners te bereiken. Als belangrijke randvoorwaarden voor participatie noemt het wijkoverleg Kudelstaart de communicatie en duidelijkheid over wat er met de input van inwoners wordt gedaan. Wijkoverleg Hornmeer geeft aan dat ze vinden dat de gemeente het initiatief moet nemen en met informatie
Kwalitatieve onderzoeksresultaten
54
Samenwerking met de gemeente Adviesraad Sociaal Domein De Adviesraad Sociaal Domein geeft aan dat de samenwerking met de gemeente goed verloopt. Er is positief contact en specifieke ambtenaren zijn beschikbaar voor directe communicatie. Wel zijn er verbeterpunten. Zo wijst de Adviesraad op noodzakelijke terugkoppeling van de gemeente na participatieprojecten. Terugkoppelingen en vervolgacties zijn belangrijk om betrokkenheid te houden en te vergroten. Er is behoefte aan duidelijkheid over wat er met de input gebeurt. De Adviesraad benadrukt dat het belangrijk is om inwoners die de moeite nemen om mee te denken, te belonen met adequate terugkoppeling en opvolging.
Samengevat Zowel de Adviesraad Sociaal Domein als Nieuw Aalsmeer geeft aan dat er wat ruimte is voor verbetering in de samenwerking met de gemeente. Ze hebben beide concrete ideeën over hoe de participatie effectiever vorm kan worden gegeven.
Nieuw Aalsmeer De samenwerking tussen de gemeente en Nieuw Aalsmeer wordt als minder effectief ervaren door laatstgenoemde. Er wordt aangegeven dat de gemeente niet proactief betrokken is bij burgerinitiatieven. Ze vinden dat de gemeente de betrokkenheid van inwoners niet volledig benut. Nieuw Aalsmeer verwacht dat de gemeente ook een rol pakt bij participatie en dat ze initiatief neemt. Ze benadrukken in het gesprek dat een toegewijd contactpersoon vanuit de gemeente helpt bij het ondersteunen en stimuleren van participatie-initiatieven. Ook vinden ze het belangrijk dat de gemeente meer gaat doen met de resultaten van een participatieproces, om zo te laten zien dat de input van inwoners serieus wordt genomen. Concreet advies van Nieuw Aalsmeer aan de gemeente: vertel hoe je de inbreng van inwoners gebruikt.
Kwalitatieve onderzoeksresultaten
55
Rol van wijkoverleggen Rol van wijkoverleggen in participatie
Naar een zelfsturend en proactief wijkoverleg
Wijkoverleg De Dorper geeft aan dat het wijkoverleg kan fungeren als een schakel tussen de inwoners en de gemeente. Enerzijds kan het wijkoverleg informatie van de gemeente zenden aan inwoners, anderzijds kan het wijkoverleg informatie over wat er speelt onder inwoners doorzetten naar de gemeente. Hiervoor hebben ze een goed bestuur nodig en ook ondersteuning vanuit de gemeente. Ze willen graag één verantwoordelijke ambtenaar hiervoor. Ook wijkoverleg Kudelstaart geeft aan dat ze een rol kunnen spelen bij het oppikken van signalen en het ophalen van wat er speelt onder inwoners. Ze zien het wijkoverleg als een tussenpersoon om signalen van inwoners aan te kaarten bij de gemeente. Ze zien meer ruimte voor betrokkenheid bij cohesie in de wijk. Het zou mooi zijn als het wijkoverleg inwoners kan stimuleren om meer naar elkaar om te kijken en dergelijke initiatieven op de agenda kan zetten, mogelijk met ondersteuning van de gemeente. Wijkoverleg Hornmeer ziet het anders, zij benadrukken dat de gemeente actiever en proactiever moet zijn bij het opstellen van een agenda van de wijkoverleggen. Daarbij geeft het wijkoverleg aan dat ze zichzelf niet zien als participatieplatform maar als een communicatieschakel tussen de inwoners en de gemeente. Ze geven wel aan dat ze meer kunnen doen op het gebied van participatie als het wijkoverleg een meer divers publiek kan aantrekken.
Het komt echter nog niet goed van de grond.
Het wijkoverleg De Dorper heeft behoefte aan betrokken en gemotiveerde bestuursleden en bewoners. Hoewel er voldoende subsidie vanuit de gemeente komt, hebben ze er nog niet veel mee kunnen doen. Het is lastig om samen te werken met andere wijkoverleggen. Ook willen ze meer representatief zijn en jongere bewoners betrekken, maar dat blijkt lastig. Ze hopen dat de gemeente hen hierbij kan helpen. Wijkoverleg Kudelstaart benadrukt het belang van een vast contactpersoon bij de gemeente. Zij ervaren dit als een cruciale succesfactor voor participatie. Verder proberen ze zo zelfsturend en proactief mogelijk te zijn door de gemeentepolitiek actief te volgen, zelf informatie op te halen bij de gemeente en de juiste contacten te leggen binnen de gemeente Aalsmeer. Wijkoverleg Hornmeer benadrukt dat er veel nodig is vanuit de gemeente en noemt de noodzaak van betrokkenheid, informatie, onderwerpen en een contactpersoon vanuit de gemeente.
Samengevat De mate van proactiviteit en zelfsturing verschilt per wijkoverleg. Wel erkennen ze alle drie dat een vast contactpersoon bij de gemeente helpt om meer proactief en zelfsturend te werk te gaan. Dit geeft een zetje om participatie verder door te ontwikkelen.
Samengevat In de interviews komt naar voren dat wijkoverleggen kunnen fungeren als een brug tussen inwoners en gemeente, waarbij ze signalen van inwoners kunnen doorgeven aan de gemeente. Samenwerking met inwoners en de gemeente zien ze wel als een belangrijke succesfactor.
Kwalitatieve onderzoeksresultaten
56
Helpen bij ideeën van inwoners Adviesraad Sociaal Domein
Samengevat
De Adviesraad geeft aan dat ze inwoners niet altijd zelf kunnen helpen, maar dat inwoners dan wel op de juiste manier doorverwezen worden en men met de juiste personen in contact wordt gebracht. Het netwerk van de Adviesraad Sociaal Domein wordt dus veelvuldig ingezet. Zo worden signalen opgevangen en worden inwoners naar de juiste personen binnen de gemeente geleid. Helaas gebeurt het te weinig dat inwoners initiatief nemen.
Iedere partij heeft een ander beeld bij hoe ze kunnen helpen bij ideeën van inwoners en waar ze staan wat betreft participatieniveau. De Adviesraad zet in op hun netwerk en contacten leggen, terwijl Nieuw Aalsmeer inhoudelijke ondersteuning wil bieden. Participatie kent verschillende niveaus. De wijkoverleggen zitten op het niveau van beperkte participatie. Het is goed mogelijk om door te groeien naar hogere niveaus, maar het blijkt dat de wijkoverleggen de mogelijkheden (nog) niet in beeld hebben om zich te ontwikkelen op het gebied van participatie en inwoners zo te helpen met hun ideeën.
Nieuw Aalsmeer Nieuw Aalsmeer geeft aan themabijeenkomsten te kunnen organiseren op basis van vragen van inwoners, om hen zo te laten meedenken en meepraten met wat er speelt. Daar zouden ze ook graag een stap verder in willen zetten, om echt het gesprek met elkaar aan te gaan, bijvoorbeeld met een burgerberaad. Daarbij hebben ze wel hulp nodig van de gemeente: het is werk voor iemand met een betaalde baan en niet voor een vrijwilliger. Wel geeft Nieuw Aalsmeer aan dat ze zelf doen wat ze kunnen, ze hebben kennis in huis. Het moet echter niet vanuit één kant komen.
Wijkoverleggen Wijkoverleg De Dorper ziet zijn rol niet als adviserend, maar eerder als facilitator van gesprekken tussen inwoners. Samen kijken ze waar inwoners tegenaan lopen en welke ideeën ze hebben. Als er uit deze gesprekken ideeën komen die relevant zijn voor de gemeente, enthousiasmeert het wijkoverleg inwoners om naar de gemeente te gaan. De Dorper vindt inwoners medeverantwoordelijk op dit gebied. Wijkoverleg Kudelstaart beschouwt zijn rol als het delen van kennis en het zenden van informatie. Ze helpen inwoners om in contact te komen met de juiste personen binnen de gemeente en op die manier een schakel te vormen. Wanneer het contact is gelegd, treedt het wijkoverleg naar de achtergrond. Wijkoverleg Hornmeer helpt door het organiseren van klankbordgroepen. Ze verwachten hier wel hulp bij vanuit de gemeente. Ze weten niet hoe ze zelf actief ideeën van inwoners kunnen ondersteunen.
Kwalitatieve onderzoeksresultaten
57
Wanneer is participatie geslaagd? Op basis van de interviews met Adviesraad Sociaal domein, Nieuw Aalsmeer en de wijkoverleggen De Dorper, Kudelstaart en Hornmeer zijn er verschillende aspecten die naar voren komen als we het hebben over het ideaalbeeld van participatie, ofwel: wanneer is participatie geslaagd?
Serieuze betrokkenheid & waardering De Adviesraad benadrukt het belang van het serieus nemen van inbreng van inwoners. Het wordt gewaardeerd als er wat met de input wordt gedaan. Hierbij wordt tevens benadrukt dat ‘nee’ ook een antwoord kan zijn, maar dat het wel cruciaal is om goed te communiceren waarom bepaalde input dan niet wordt overgenomen. Dit dient effectief gecommuniceerd te worden naar inwoners, zodat zij beslissingen begrijpen en zich serieus genomen voelen. Ook wijkoverleg Hornmeer geeft aan dat een gevoel van waardering een positief effect heeft op de slagingskans van participatie. Ze willen meer samenwerking zien tussen de gemeente en verschillende partijen, zodat het serieuzer wordt genomen door inwoners.
Samengevat Er zijn overkoepelende thema’s als we kijken naar wanneer participatie geslaagd is. Deze zijn de waardering voor inbreng, transparantie communicatie, streven naar co-creatie en het actief betrekken van inwoners. Het streven naar deze thema’s in toekomstige participatieprocessen zal een positief effect hebben volgens de geïnterviewde partijen.
Co-creatie Nieuw Aalsmeer geeft aan dat we moeten streven naar co-creatie waarbij de gemeente niet alleen meningen ophaalt, maar ook actief samenwerkt met inwoners op het gebied van beleidsontwikkeling. Ze pleiten voor het oprichten van klankbordgroepen of nog liever burgerberaden om participatie verder vorm te geven.
Betrokkenheid van inwoners Zowel wijkoverleg De Dorper en het wijkoverleg Kudelstaart benadrukken hoe belangrijk het is dat inwoners actief betrokken worden. Dit moet niet alleen vanuit het bestuur en de gemeente komen. De betrokkenheid van inwoners is in die zin een maatstaaf voor hoe effectief participatie is.
Kwalitatieve onderzoeksresultaten
58
Wanneer is participatie niet geslaagd? Op basis van de interviews met Adviesraad Sociaal domein, Nieuw Aalsmeer en de wijkoverleggen De Dorper, Kudelstaart en Hornmeer hebben de volgende aspecten, volgens hen, een negatieve invloed op participatie. Zij geven antwoord op de vraag: wanneer is participatie niet geslaagd?
Gebrek aan impact Het wijkoverleg Hornmeer noemt dat besluitvorming grotendeels wordt beheerst door college en raad en dat participatie niet kan slagen zolang dat het geval is. Inwoners voelen daardoor dat hun inspanningen geen impact hebben en dat hun stem niet word gehoord. Ze doen daardoor niet mee met participatietrajecten.
Opvolging De Adviesraad Sociaal Domein geeft aan dat gebrek aan opvolging een teken is dat participatie niet is geslaagd. Als er een aanzienlijke vertraging optreedt tussen de daadwerkelijke participatie en de opvolging, kan dit leiden tot verwarring en frustratie bij de betrokkenen.
Betrokkenheid gemeente Nieuw Aalsmeer geeft aan dat participatie niet goed verloopt wanneer de gemeente niet voldoende actieve betrokkenheid toont en niet openstaat voor initiatieven. De gemeente zou meer moeite kunnen doen om “het stille midden” te betrekken en zelf risico’s kunnen nemen om vernieuwende vormen van participatie te proberen.
Samengevat Er zijn diverse risico’s te identificeren die invloed hebben of participatie wel of niet geslaagd is. Uit de interviews blijkt dat de partijen denken dat slechte opvolging, weinig betrokkenheid van de gemeente, slechte deelname van inwoners, ontevredenheid in de samenleving en gebrek aan impact er voor kunnen zorgen dat participatie niet slaagt in gemeente Aalsmeer.
Deelname inwoners Het wijkoverleg De Dorper noemt dat participatie niet succesvol is wanneer het niet lukt om inwoners daadwerkelijk te betrekken. Als het niet lukt om hen te enthousiasmeren en deel te laten nemen, is participatie niet geslaagd. “Het stille midden” in kaart brengen en laten deelnemen is belangrijk voor succesvolle participatie.
Ontevredenheid Het wijkoverleg Kudelstaart geeft aan dat participatie niet geslaagd is wanneer inwoners ontevreden zijn en er veel onduidelijkheid is. Het gebrek aan goede uitleg en afstemming kan dus participatieproblemen veroorzaken.
Kwalitatieve onderzoeksresultaten
59
Toekomst van het wijkoverleg Rol bij Omgevingswet
Algemeen toekomstige rol van het wijkoverleg
Er is geen duidelijk beeld welke rol het wijkoverleg kan gaan innemen bij de Omgevingswet, volgens wijkoverleg De Dorper. Ze hopen hierbij op uitleg en meer duidelijkheid van de gemeente. Wijkoverleg Kudelstaart geeft daarbij aan wel een rol te willen vervullen op dat gebied en dat digitale participatie misschien kan helpen om het effectief vorm te geven. Wel moeten we oppassen dat dit niet de fysieke participatiemogelijkheden vervangt. Wijkoverleg Hornmeer vraagt zich daarentegen af of het wijkoverleg daar wel een rol in moet hebben. Ze geven aan dat het wijkoverleg nu niet goed de inwoners vertegenwoordigd, vooral de jongeren niet.
De toekomst en hun rol daarin vinden de wijkoverleggen enigszins onzeker. Zo zegt wijkoverleg De Dorper dat het even afwachten is hoe het wijkoverleg zich ontwikkelt. Ze hopen in de toekomst op het niveau van vroeger te komen, toen er nog een contactpersoon participatie was. Wijkoverleg Kudelstaart hoopt dat er over 5 jaar nog steeds wijkoverleggen zijn, maar geeft aan dat het lastig is om daarvoor een bestuur te vinden en inwoners betrokken te houden. Het is belangrijk dat jongeren ook voldoende aandacht krijgen en goed vertegenwoordigd zijn. Wijkoverleg Hornmeer sluit zich hierbij aan, zij geven ook aan dat er onvoldoende jonge mensen betrokken zijn. Ze hebben behoefte aan mankracht vanuit de gemeente om wijkoverleggen voldoende houvast te geven voor de toekomst.
Samengevat De wijkoverleggen staan er voor open om een rol te gaan spelen bij de Omgevingswet, maar geven daarbij aan ondersteuning nodig te hebben van de gemeente om dat goed vorm te geven.
Rol bij sociaal maatschappelijke ontwikkelingen Op dit moment vervult geen enkel wijkoverleg een rol op het gebied van sociaal maatschappelijke ontwikkelingen. De Dorper geeft daarbij aan dat het een lastig onderwerp is. Wijkoverleg Kudelstaart staat er wel voor open om meer op sociaal maatschappelijk gebied te gaan doen. Zij geven wel aan dat het lastig is om dat juist te doen. Het zou mooi zijn als de gemeente hen hierbij wil ondersteunen. Tenslotte noemt wijkoverleg Hornmeer dat dit een onderwerp is voor professionele organisaties en niet voor een wijkoverleg. Daarentegen kan het wijkoverleg wel voorlichtingen van de professionele organisaties organiseren.
Samengevat De wijkoverleggen vinden de toekomst allemaal wat onzeker. Daarbij is wijkoverleg Kudelstaart wat positiever dan de andere twee wijkoverleggen. Ze maken zich zorgen om de betrokkenheid en dan met name die van jongeren. Ze geven aan dat dit cruciaal is om de toekomst van wijkoverleggen veilig te stellen.
Samengevat De wijkoverleggen vinden het lastig om invulling te geven aan sociaal maatschappelijke ontwikkelingen en staan daar ook niet allemaal open voor.
Kwalitatieve onderzoeksresultaten
60
Bijlagen
Bijlage I - Achtergrondvariabelen Inwoners
Wat zijn de 4 cijfers van uw postcode? (n=442)
1431
Leeftijd (n=442)
< 29 jaar
49%
30 - 39 jaar 1432
6% 9%
27% 40 - 49 jaar
1433
Buiten de gemeente
21%
2%
15%
50 - 59 jaar
22%
60 - 69 jaar
22%
70 - 79 jaar > 79 jaar
18% 8%
Binnen dit panelonderzoek zijn de resultaten gewogen naar leeftijd en kern. Hiermee zijn de resultaten gecorrigeerd om de mogelijke invloed van de niet geheel representatieve steekproef weg te nemen. Op deze pagina staan ongewogen resultaten. De rest van de rapportage zal gewogen resultaten bevatten. Meer informatie over de weging staat in bijlage 2 weergegeven.
Bijlage I
62
Bijlage I - Achtergrondvariabelen Ondernemers
In welke sector(en) is uw onderneming/bedrijf actief? (n=52) Zakelijke diensten
50%
Detailhandel
17%
Recreatie & Toerisme
15%
Informatie & Communicatie
13%
Bouw
10%
Landbouw
10%
Zorg
8%
Financiële instellingen
6%
Industrie
6%
Kunst & Cultuur
6%
Onderwijs
6%
Horeca
4%
Overheid
4%
Transport
4%
Landgoederen Overig
Wat is uw functie? (n=52)
Eigenaar
100%
Bestuurder
Anders, namelijk:
13% 2%
0% 23%
Bijlage I
63
Bijlage I - Achtergrondvariabelen Ondernemers
Wat zijn de 4 cijfers van de postcode van uw bedrijf? (n=51)
1430
Hoeveel werkzame personen telt uw onderneming/bedrijf, inclusief uzelf? (n=51)
2%
43%
1 (ZZP)
1431
2 t/m 4
41%
31%
5 t/m 9 1432
14%
29% 10 t/m 19
1433
27%
20 t/m 49
Waar is uw onderneming gevestigd? (n=51) Bedrijventerrein
2%
50 t/m 99
0%
100 t/m 249
0%
250 en meer
2%
Wil ik niet zeggen
2%
12%
Centrum
31%
Buitengebied
29%
Anders, namelijk:
6%
27%
Bijlage I
64
Bijlage II - Onderzoeksverantwoording Betrouwbaarheid en nauwkeurigheid
Weging
Elke steekproef geeft afwijkingen ten opzichte van de werkelijkheid, maar de uitkomsten moeten een zo goed mogelijk beeld geven van de populatie. In kwantitatief onderzoek is het gebruikelijk om te spreken van een statistisch betrouwbaar verschil, als de afwijking zo groot is dat deze niet door toeval wordt veroorzaakt. Het betrouwbaarheidsniveau is gedefinieerd als 1 (100%) minus het significantieniveau. Het is gangbaar uit te gaan van een significantieniveau van 5%. Dan is er sprake van een betrouwbaarheidsniveau van 95%. Dat wil zeggen dat, als het onderzoek op dezelfde wijze en op hetzelfde moment zou worden herhaald, de uitkomsten in 95% van de gevallen hetzelfde beeld zouden geven.
Binnen dit panelonderzoek zijn de resultaten gewogen naar leeftijd en kern. Hiermee zijn de resultaten gecorrigeerd om de mogelijke invloed van de niet geheel representatieve steekproef weg te nemen. Dit is een gangbare werkwijze in statistisch kwantitatief onderzoek. Personen in ondervertegenwoordigde groepen krijgen een gewicht groter dan 1 en tellen relatief zwaarder mee in het totaalresultaat, personen in groepen met een oververtegenwoordiging krijgen een gewicht kleiner dan 1.
De nauwkeurigheid (uitgedrukt in foutmarge) geeft het gebied van waarden aan, waarbinnen de werkelijke waarde in de populatie ligt. Een foutmarge van bijvoorbeeld 5%, betekent dat de werkelijke waarde van de totale populatie 5% hoger of lager kan liggen dan de waarde van de steekproef. Concreet: indien een onderzoeksuitkomst van de steekproef aangeeft dat 50% van de respondenten een rapportcijfer 8 geeft voor een bepaald aspect, dan ligt dit percentage in werkelijkheid maximaal 5% boven of 5% onder deze 50%, ofwel tussen de 45% en 55%. Een foutmarge van 5% is gangbaar en algemeen geaccepteerd bij (statistisch) kwantitatief onderzoek.
Vanwege de ondervertegenwoordiging van respondenten jonger dan 30 jaar met postcode 1433, krijgt een respondent uit deze groep bijvoorbeeld weegfactor 2,47 en een respondent tussen de 60 en 69 jaar met postcode 1432 (die oververtegenwoordigd is) weegfactor 0,59. Weegfactoren mogen niet te groot zijn (een groep in een steekproef met een aandeel van bijvoorbeeld 5%, kan niet worden ‘opgeblazen’ tot 50%). Doorgaans wordt een maximale weegfactor van 3 en een minimale weegfactor van 0,5 gehanteerd. Een weegfactor tot 5 wordt echter geaccepteerd. Indien gewenst kan de tabel met alle gehanteerde weegfactoren opgevraagd worden. Door de weging zijn de resultaten representatief over leeftijd en kern.
Met het omvangrijke aantal respondenten dat heeft deelgenomen (494) kunnen met 95% betrouwbaarheid en 4,61% nauwkeurigheid uitspraken worden gedaan op een algemeen niveau. De hoge betrouwbaarheid en nauwkeurigheid maken de data geschikt voor verdere analyses.
Bijlage II
65