Agendabundel
Tekst van het document
Programmabegroting 2024
64
Gemeente Aalsmeer
Kostentoerekening Zie voor een toelichting op deze mutatie: hoofdstuk 4.1, onderdeel: ‘Gehanteerde uitgangspunten bij het opstellen van de begroting 2024’. Dit betreft de per saldo budgetneutrale verdeling van de dienstverleningsbijdrage over de programmabudgetten binnen de diverse programma’s.
Verbonden partijen Bij de realisering van de doelstellingen van programma Overhead is betrokken: • Centrumregeling ambtelijke samenwerking Aalsmeer en Amstelveen Een nadere toelichting op de belangrijkste ontwikkelingen, financiële positie, risico’s en de financiële bijdrage 2024 van bovenstaande partij is opgenomen in de paragraaf Verbonden partijen van deze begroting.
Programmabegroting 2024
65
Gemeente Aalsmeer
2.8 Algemene dekkingsmiddelen Inleiding Onder de algemene dekkingsmiddelen vallen de inkomsten waarvan de besteding niet gebonden is aan een bepaald programma. Niet vrij besteedbare middelen, zoals bijvoorbeeld specifieke uitkeringen en rioolen afvalstoffenheffing (retributies) worden rechtstreeks verantwoord op de programma’s ter dekking van de betreffende kosten. Algemene dekkingsmiddelen bestaan voor het grootste deel uit de uitkering gemeentefonds en uit de algemene belastingen, zoals de onroerende zaak belastingen. Naast deze inkomenscomponenten ontvangt de gemeente uit haar deelnemingen en uitgezette middelen dividend en rente. Hieronder volgt een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen. Daarna worden de onderdelen kort toegelicht. Taakvelden per thema Aan dit programma zijn gekoppeld de taakvelden: 0.5 Treasury 0.61 OZB Woningen, 0.62 OZB Niet-woningen, 0.64 Belastingen overig, 0.7 Algemene uitkering uit het gemeentefonds en overige uitkeringen 0.8 Overige baten en lasten; en 0.9 Vennootschapsbelasting (Vpb).
Financiën Bedrag x € 1.000
Rekening Begroting
Begroting 2024
Programma
2022
2023 Lasten
2025
2026
2027
0.5 Treasury
184
324
6
563
557
90
-482
-703
0.61 OZB Woningen
4.305
5.605
482
6.472
5.990
5.990
5.990
5.990
0.62 OZB Niet woningen
5.054
5.225
154
7.358
7.204
7.628
7.628
7.628
0.64 Belastingen overig
231
661
32
301
269
269
269
269
46.535
44.551
0
49.060
49.060
51.560
49.123
50.331
3.045
-4.301
748
0
-748
-2.768
-4.647
-7.614
0.9 Vennootschapsbelasting (VPB)
-11
0
0
0
0
0
0
0
Totaal saldo van baten en lasten
59.343
52.065
1.422
63.755
62.333
62.770
57.882
55.901
Reservemutatie
4.380
216
839
442
-398
-2.202
487
25
Resultaat
63.723
52.281
2.261
64.196
61.935
60.568
58.368
55.926
0.7 Algemene uitkering en overige
Baten
Begroting Begroting Begroting
Saldo
uitkeringen Gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten
Programmabegroting 2024
66
Gemeente Aalsmeer
Treasury Op het taakveld treasury worden de lasten en baten van de verschillende deelnemingen en de rekening bij het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVN) opgenomen, evenals de lasten en baten van de financieringsfunctie (rente aangetrokken geldleningen, ontvangen rente). Dividenden Aalsmeer ontvangt dividend van de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG), Afvalsturing Friesland NV (Omrin), Stedin en De Meerlanden Holding NV. Daarnaast ontvangt de gemeente een rentevergoeding van het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVN). Saldo financieringsfunctie Dit saldo bevat het renteresultaat van de financieringsfunctie. Dit is het verschil tussen onze interne rentetoerekening (0,1%) en de werkelijke rentekosten. Het renteresultaat is voor 2024 afgerond € 0,1 miljoen negatief. In de paragraaf Financiering wordt nader ingegaan op de financieringsfunctie. OZB woningen en niet-woningen Onder de lasten zijn de kosten opgenomen die te maken hebben met de invordering van belastingen, het opleggen van aanslagen en de kosten voor de waardering van Wet waardering onroerende zaken (WOZ) objecten. Een deel van de invorderingskosten wordt terugontvangen door deze te verhalen. De baten bestaan uit de onroerende zaak belastingen. In de paragraaf lokale heffingen staat een nadere onderbouwing van de opbrengsten belastingen en heffingen en de verschillende tarieven.
Belastingen overig Dit betreffen de opbrengsten hondenbelasting, reclamebelasting en roerende zaakbelasting. De opbrengsten forensen- en (water)toeristenbelasting, rioolheffing, afvalstoffenheffing en begraafrechten zijn geen onderdeel van dit programma, maar worden op de respectievelijke programma’s (3. Economie en duurzaamheid en 4. Openbare ruimte) verantwoord. Algemene uitkering uit het gemeentefonds In de raming van de algemene uitkering uit het gemeentefonds is rekening gehouden met de financiële effecten uit de Kadernota 2024. Verder is ook de meicirculaire 2023 verwerkt in de ramingen voor 2024 tot en met 2027. In bovenstaande cijfers is de impact van het zogenaamde ravijnjaar 2026 zichtbaar door een daling van de algemene uitkering met € 2,4 miljoen. Overige baten en lasten Onder de overige baten en lasten zijn bedragen opgenomen die niet verwerkt zijn in de programma’s, omdat deze vrijwel niet toe te delen zijn. Het meerjarig oplopende saldo hiervan wordt voornamelijk veroorzaakt door de reservering voor loon- en prijsstijgingen, de stelpost behoedzaamheid en de stelpost knelpunten. Voor de structurele ontwikkeling van lonen en prijzen is een stelpost opgenomen. De stelpost nominaal gaat uit van een trendmatige loonontwikkeling en een prijsontwikkeling voor de jaren 2025 en verder. Met deze
Programmabegroting 2024
67
Gemeente Aalsmeer
trendmatige handelswijze wordt voorkomen dat jaarlijkse fluctuaties in de nominale ontwikkeling direct noodzaken tot begrotingsbijstellingen. Met het besluit over de Kadernota 2024 en de meicirculaire 2023 is de stelpost nominaal weer aangevuld om de loon- en prijsstijgingen op te kunnen vangen. Onderdeel van de overige lasten is de stelpost onvoorzien. Deze bedraagt € 31.900. Ontwikkeling programmasaldo (bedrag x € 1.000)
2024
2025
2026
2027
Saldo Programmabegroting 2023
52.795
52.643
52.242
51.793
1e Wijziging programmabegroting - CUP 2023
2.178
1.618
918
Kadernota 2024
4.036
3.195
2.958
1.903
Begroting 2024 Kapitaallasten
-265
-81
-10
4
Actualisatie beheerslasten MPP
-300
-345
-390
-435
-295
-295
-295
1.446
Budget energielasten naar stelpost behoedzaamheid Verhoging rentebaten schatkistbankieren
350
Inzet stelpost behoedzaamheid
242
897
1.434
1.445
1.452
Kadernota 2024
-82
-72
-72
-55
Kostentoerekening
1.548
1.552
1.555
1.555
10
10
10
60.568
58.368
55.926
Indexering
LED verlichting en handbalveld Saldo Programmabegroting 2024
61.935
Toelichting op financiële ontwikkelingen CUP 2023 Het raadsprogramma 2022-2026 is vertaald in een College-agenda. De budgetten die nodig zijn voor de uitvoering ervan zijn gealloceerd binnen de programmabegroting. Hiervoor heeft de raad op 3 november 2022 een begrotingswijziging vastgesteld. Kadernota 2024 Op 6 juli 2023 heeft de raad de Kadernota 2024 vastgesteld en besloten de daarin opgenomen mutaties overeenkomstig te verwerken in de programmabegroting 2024. Kapitaallasten Zie voor een toelichting op deze mutatie: hoofdstuk 4.1, onderdeel: ‘Gehanteerde uitgangspunten bij het opstellen van de begroting 2024’ Dit betreft de mutatie als gevolg van het actualiseren van de kapitaallasten. Budget energielasten naar stelpost behoedzaamheid In de programmabegroting 2023 is een structurele stelpost opgenomen om de hogere energielasten op te kunnen vangen. In de 1e bestuursrapportage 2023 en Kadernota 2024 is op deze stelpost voor de jaren 2023 en 2024 een beroep gedaan. Voor het opvangen van de risico’s en onzekerheden is in de programmabegroting 2023 een stelpost behoedzaamheid gevormd binnen programma 8. Deze middelen worden overgeheveld naar die stelpost om in geval dat het noodzakelijk is een beroep te kunnen doen.
Programmabegroting 2024
68
Gemeente Aalsmeer
Rentebaten schatkistbankieren Als gevolg van de verwachting dat het saldo in de schatkist in 2024 positief is en de thesaurie weer rente vergoed worden rentebaten opgenomen in de begroting over het saldo in de schatkist. Over de eerste acht maanden van 2023 bedroeg het rentepercentage 2,88%, waarbij sinds januari sprake is van een oplopend percentage. Voor de rentebaten schatkistbankieren 2024 is voorzichtigheidshalve uitgegaan van 2,5% dagrente. Stelpost loon- en prijs en behoedzaamheid Zoals in hoofdstuk 4 Financieel meerjarenbeeld is toegelicht is het voorstel om het nog niet gedekte gedeelte van de begroting te dekken uit de stelpost behoedzaamheid. Loon- en prijscompensatie (indexering) Zie voor een toelichting op deze mutatie: hoofdstuk 4.1, onderdeel: ‘Gehanteerde uitgangspunten bij het opstellen van de begroting 2024’ Dit betreft een per saldo budgetneutrale mutatie over de verschillende programma’s van deze programmabegroting. De dekking van de indexatie van de programmabudgetten binnen de diverse programma’s wordt gedekt uit de stelpost loon-prijs. Kostentoerekening Zie voor een toelichting op deze mutatie: hoofdstuk 4.1, onderdeel: ‘Gehanteerde uitgangspunten bij het opstellen van de begroting 2024’. Dit betreft de per saldo budgetneutrale verdeling van de dienstverleningsbijdrage over de programmabudgetten binnen de diverse programma’s.
Diverse correcties Kadernota 2024 Bij de aansluiting van de mutaties in de 1e BURAP 2023 en de Kadernota 2024 is een tweetal mutaties in de Kadernota 2024 onjuist opgenomen. Het betreft de kostenverhogende BTW van de dienstverleningsbijdrage en de geraamde OZB opbrengsten. Beide worden met deze mutatie gecorrigeerd. Diverse correcties Kadernota 2024 Bij de aansluiting van de mutaties in de 1e BURAP 2023 en de Kadernota 2024 is een tweetal mutaties in de Kadernota 2024 onjuist opgenomen. Het betreft de kostenverhogende BTW van de dienstverleningsbijdrage en de geraamde OZB opbrengsten. Beide worden met deze mutatie gecorrigeerd. LED verlichting en handbalveld In hoofdstuk 4.2 zijn onder de investeringen het aanbrengen van LED verlichting bij de sportverenigingen en de vervanging van het handbalveld naast RKDES opgenomen. De kapitaallasten worden gedekt uit de stelpost kapitaallasten binnen dit programma.
Verbonden partijen Bij de realisering van de doelstellingen van programma Algemene dekkingsmiddelen zijn betrokken: • • •
De Meerlanden Holding NV Afvalsturing Friesland NV (Omrin) Samenwerking belastingen Amstelland-Meerlanden
• •
Bank Nederlandse Gemeenten; en Stedin Groep (Netwerkbedrijf).
Programmabegroting 2024
69
Gemeente Aalsmeer
Een nadere toelichting op de belangrijkste ontwikkelingen, financiële positie, risico’s en de financiële bijdrage 2024 van bovenstaande partijen is opgenomen in de paragraaf Verbonden partijen van deze begroting.
Programmabegroting 2024
70
Gemeente Aalsmeer
3. Paragrafen
Programmabegroting 2024
71
Gemeente Aalsmeer
3.1 Lokale heffingen Inleiding De paragraaf lokale heffingen bevat een overzicht van de inkomsten, het beleid ten aanzien van de lokale heffingen en een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen, de lokale lastendruk en een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid. In de Gemeentewet en een aantal bijzondere wetten is geregeld welke heffingen (belastingen en retributies) een gemeente mag opleggen. De raad bepaalt de invoering, wijziging of intrekking van een gemeentelijke belastingverordening. Belastingen Belastingen zijn heffingen waarvan de opbrengst vrij besteedbaar is. Aalsmeer kent de volgende belastingen: • • •
onroerende zaakbelastingen roerende zaakbelasting forensenbelasting
• • •
(water)toeristenbelasting hondenbelasting reclamebelasting; en
•
precariobelasting.
Retributies Retributies zijn heffingen waarbij een bepaalde vergoeding wordt betaald voor een specifieke dienst. De geraamde opbrengsten van een retributie mogen niet hoger zijn dan de geraamde kosten. Aalsmeer kent de volgende retributies: • • •
afvalstoffenheffing rioolheffing leges (algemene
• •
omgevingsvergunning en dienstverlening vallend onder dienstverleningsrichtlijn) marktgeld; en grafrechten.
dienstverlening,
dienstverlening
vallend
onder
fysieke
leefomgeving/
De grafrechten zijn onderverdeeld in lijkbezorgingsrechten, zoals inkopen eigen graf, begraving, gebruik aula en dergelijke en onderhoudsrechten begraafplaats. Voor Aalsmeer wordt de belastingheffing uitgevoerd door de samenwerking Gemeentebelastingen Amstelland. Deze voert de belastingheffing eveneens uit voor de gemeenten Amstelveen, Diemen, Uithoorn, Ouder-Amstel en De Ronde Venen. De paragraaf lokale heffingen bevat een overzicht van de geraamde inkomsten lokale heffingen 2024. Daarnaast wordt inzicht gegeven in het beleid dat de gemeente hanteert voor de bepaling van de hoogte van de heffingen 2024, wordt een uiteenzetting per belasting en heffing gegeven en worden de belangrijkste gegevens vergeleken met die van omliggende gemeenten. De verordeningen met daarin de tarieven voor de lokale heffingen 2024 worden door de raad vastgesteld in de vergadering van 21 december 2023.
Programmabegroting 2024
72
Gemeente Aalsmeer
Inkomsten lokale heffingen In de volgende tabel zijn de geraamde inkomsten voor de belastingen en retributies opgenomen uit de primitieve begroting 2024, het geraamde bedrag van het vorig begrotingsjaar (2023) na wijziging en het gerealiseerde bedrag van het voorvorig begrotingsjaar (2022) opgenomen. Bij het bepalen van de opbrengsten 2024 is rekening gehouden met de in deze paragraaf opgenomen uitgangspunten. Soort lokale heffing
Begroting na
Begroting
2022 wijziging 2023
2024
Belastingen OZB-eigenaren woningen
5.905
6.140
6.424
Compensatie woonlasten OZB-eigenaren niet -woningen
-1.243 2.946
3.838
4.277
OZB gebruikers niet - woningen Roerende zaak belasting
2.240 72
2.767 74
3.120 77
Forensenbelasting Verblijfsbelasting
94 404
88 590
91 612
Waterverblijfsbelasting Hondenbelasting
138 109
136 109
401 113
Reclamebelasting Precariobelasting
107 3
107 0
111 0
10.775
13.849
15.226
Retributies Afvalstoffenheffing
4.227
4.119
4.572
Rioolheffing Marktgeld
2.796 15
2.975 22
3.142 23
219 201
265 235
275 244
3.093
3.598
1.663
10.551
11.214
9.919
21.326
25.063
25.145
bedrag (x € 1.000)
Lijkbezorgingsrechten Onderhoudsrechten begraafplaats Leges
Totaal inkomsten lokale heffingen
Werkelijk
De toename van de opbrengsten waterverblijfsbelasting is het gevolg van het eerdere besluit van de raad om de watertoeristenbelasting met € 250.000 te verhogen. De daling van de legesinkomsten is met name het gevolg van lagere inkomsten omgevingsvergunningen. Zowel in 2022 als 2023 was er sprake van een aantal grote vergunningen.
leges
In de onderstaande grafiek is de verdeling van de belastingopbrengsten naar belastingsoort voor 2024 opgenomen.
Programmabegroting 2024
73
Gemeente Aalsmeer
De onroerende zaakbelastingen, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing vormen met 85% procent de opbrengst lokale heffingen.
Belastingdruk Uit de COELO-atlas 2023 blijkt dat de woonlasten van Aalsmeer, in verhouding met de overige gemeenten in Nederland, is gestegen. Dit is het gevolg van het vervallen van de "Eenmalige belastingkorting voor huishoudens in 2022" ad € 96 per huishouden. Met plek 277 1) in de ranglijst van de COELO-atlas zijn de woonlasten weer op een vergelijkbaar niveau als in 2021. In de ranglijst van de COELO-atlas (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden) heeft nummer 1 de laagste woonlasten. Het streven van het college is om, ondanks de sterk toegenomen inflatie, de woonlasten zo laag mogelijk te houden en een gezonde financieel beleid voor de toekomst te voeren. Jaar
Plaats
Aantal gemeenten (deelnemers COELO)
2023
277
352
2022
190
349
2021
273
370
2020
305
377
1) voor een woningeigenaar met een meerpersoonshuishouding. Voor een huurder met een meerpersoonshuishouden staat Aalsmeer op nr. 63.
Programmabegroting 2024
74
Gemeente Aalsmeer
De hoogte van de OZB (woningen), de afvalstoffenheffing en de rioolheffing tezamen, wordt geduid met het begrip “lokale lastendruk”. De lokale lastendruk wordt in Nederland door het COELO bijgehouden. In onderstaande tabel is opgenomen hoe de lokale lastendruk zich in de periode 2020 tot en met 2024 ontwikkelen. Hierbij wordt uitgegaan van de cijfers zoals deze in de laatste overzichten van het COELO staan vermeld. Ook is de historische ontwikkeling van de woonlasten in de regio (voor een woningeigenaar) in totaal en voor de drie belangrijkste heffingen in beeld gebracht. Soort lokale heffing
2020
2021
2022
2023
2024
OZB aanslag woning eigenaar
414
425
505
529
550
Rioolheffing eigenaar
174
174
177
181
188
Afvalstoffenheffing gebruiker
291
299
237
330
370
Woonlasten
879
898
919
1.040
1.108
Eenmalige belastingkorting voor huishoudens in 2022
-96
Woonlasten na belastingkorting
879
898
823
1.040
1.108
% toename t.o.v. vorig jaar
2,8%
2,2%
2,3%
n.v.t.
6,5%
Beleid van de lokale heffingen De lokale heffingen vormen een belangrijk bron van inkomsten en zijn onderdeel van de gemeentelijke beleidsvrijheid. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in heffingen waarbij de besteding van de opbrengsten vrij is (de zogenaamde belastingen) en heffingen waarvan de opbrengst gebonden is (zogenaamde heffingen en retributies). In de begroting wordt een raming afgegeven van de verwachte opbrengst aan belastingen en heffingen, die berekend is op basis van de kadernota 2024 (uitgangspunten voor de tariefontwikkeling) en de begroting 2023 (bedragen). De definitieve vaststelling van de tarieven gebeurt echter niet bij de begroting, maar separaat bij raadsbesluit eind 2023, waar de belastingverordeningen 2024 worden vastgesteld. De belangrijkste uitgangspunten voor het gemeentelijk tarievenbeleid zijn: • •
Het toepassen van een jaarlijkse indexering voor loon- en prijsontwikkeling, voor zover wettelijk toegestaan; Het hanteren van maximaal kostendekkende tarieven;
•
Terughoudendheid ten aanzien van verhoging lokale lastendruk.
Indexering De definitieve tarieven worden in de raadsvergadering van december, tegelijk met de belastingverordeningen 2024, vastgesteld. De uitgangspunten, zoals vastgelegd in hoofdstuk 3 van de Kadernota 2024, zijn Indexatie (in percentage) Heffingen (80% loon/ 20% prijs) Inkomsten (belastingen, huren et cetera)
2024 4,94
2025 4,96
2026 4,16
2027 3,68
3,9
1,6
1,6
1,6
Besluitvorming over bovenstaande uitgangspunten heeft plaatsgevonden in de raadsvergadering van 6 juli 2023. Na besluitvorming over de Kadernota 2024 is het definitieve percentage waarmee de dienstverleningsbijdrage van de AA organisatie wordt verhoogd bekend geworden (8,7%). Omdat het merendeel van de activiteiten die resulteren in leges worden uitgevoerd door de AA-organisatie doen wij een
Programmabegroting 2024
75
Gemeente Aalsmeer
gewijzigd tariefvoorstel: de legestarieven worden verhoogd met 8,7% met uitzondering van die waarvoor een wettelijk gemaximeerd tarief geldt. Voor de retributies zoals bouwleges, grafrechten, afvalstoffenheffing en rioolheffing wordt uitgegaan van kostendekkendheid. Om de begrote opbrengsten te realiseren kunnen als gevolg van nadere preciseringen/ontwikkelingen nog kleine afwijkingen ontstaan in de nu vermelde tarieven. Kostendekkende tarieven retributies Uitgangspunt bij de retributies is maximaal 100% kostendekkendheid. Daarbij geldt dat voor alle kosten die we kunnen toerekenen dat ook doen. In 2023 wordt daarnaast een nader onderzoek uitgevoerd naar de kostendekkendheid van de leges. Door de invoering van de Omgevingswet in 2024 moeten er veel inhoudelijke keuzes worden gemaakt en zijn de structurele financiële gevolgen in deze fase nog moeilijk in te schatten. Ook op landelijk niveau zijn nog niet alle financiële effecten van de stelselwijziging volledig in beeld. De uitkomsten van de keuzes die zijn gemaakt worden in de loop van 2024 gepresenteerd. Toerekening van kosten straatvegen en baggeren Voor wat betreft de kosten van straatvegen en baggeren is een matrix opgesteld ter onderbouwing van het deel van de toe te rekenen kosten aan de rioolheffing en de afvalstoffenheffing.
Deze matrix is een handreiking van de VNG waarbij een beredeneerde inschatting is gemaakt van de toe te rekenen kosten in de Aalsmeerse situatie. Naar aanleiding van een extern onderzoek in 2021 naar de kostendekkendheid van tarieven (voortvloeiend uit de motie RAP-raad) is de matrix geactualiseerd en verder verfijnd.
Overhead Voor het bepalen van kostendekkendheid van lokale heffingen moet extracomptabel overhead worden toegerekend. Conform de financiële verordening vindt toerekening van overhead plaats op basis van directe ambtelijke capaciteitsinzet. In programma 7 Overhead is de berekening van het overheadpercentage (2024: 77%) opgenomen. Dit overheadpercentage wordt in alle kostenopstellingen voor tariefberekeningen gehanteerd.
Programmabegroting 2024
76
Gemeente Aalsmeer
Ontwikkelingen In 2023 zijn in heel Nederland substantieel meer WOZ-bezwaarschriften ingediend tegen de vastgestelde WOZ-waarde. Met name door zogenaamde “No Cure No Pay” bedrijven die handig gebruik maken van de wettelijke proceskostenvergoedingen die substantieel ruimer zijn dan hun gemiddelde kosten die aan een bezwaarschrift hangen. Staatssecretaris Van Rij (Fiscaliteit en Belastingdienst) is bezig met reparatiewetgeving om dit oneigenlijke gebruik van de proceskostenvergoeding in te perken. Indien het echter niet lukt, om dit voor belastingjaar 2024, vastgesteld te krijgen zal het aantal WOZ-bezwaarschriften voor 2024 naar verwachting niet dalen. Door de ontstane situatie is er het risico dat de afhandeling van WOZ-bezwaarschriften niet met de beschikbare capaciteit is te realiseren binnen de wettelijke termijn. Het financiële risico is dat hiervoor extra inhuur noodzakelijk is, de te betalen proceskosten stijgen en mogelijke extra kosten van immateriële schadevergoeding.
Uitwerking financiële kaders per belasting/heffing Per belasting of heffing worden de volgende onderwerpen toegelicht: -
het gemeentelijk beleid voor de heffing;
-
een tarievenvoorstel voor 2024; een overzicht tariefontwikkeling van de laatste jaren (indien relevant); een vergelijking van tarieven in de regio (indien relevant);
-
de mate van kostendekkendheid (indien van toepassing).
Onroerende zaakbelasting (OZB) De onroerende zaakbelastingen betreffen een drietal belastingen, te weten; • • •
een onroerende zaakbelasting voor eigenaren van woningen; een onroerende zaakbelasting voor eigenaren van niet-woningen; een onroerende zaakbelasting voor gebruikers van niet-woningen.
Voorstel tarieven 2024 In de kadernota 2024 is besloten de OZB-opbrengst 2024 conform inflatieverwachting met 3,9% te verhogen ten opzichte van de opbrengst 2023. De OZB wordt berekend als percentage van de waarde die voor de Wet Waardering onroerende zaakbelastingen (WOZ) is vastgesteld voor dat jaar. De WOZ-waarde wordt jaarlijks vastgesteld op basis van transacties rond de waardepeildatum 1 januari van het jaar voorafgaand aan het betreffende belastingjaar. De taxaties voor belastingjaar 2024 zijn nog in volle gang. Uit de eerste geprognosticeerde taxaties blijken de woningen en niet-woningen, bedrijven, redelijk in lijn te liggen met de landelijke waardestijging. Landelijk wordt rekening gehouden met waardestijgingen van 3% voor woningen en 2% voor niet-woningen, zoals vermeld in de meicirculaire 2023. De inschatting voor Aalsmeer ligt hieraan, zoals het er nu naar uitziet, ongeveer gelijk. De markt is op dit moment nogal onduidelijk is. Het schiet nog steeds alle kanten op. Het is daardoor uiterst speculatief om nu een enigszins verantwoorde in schatting op de maken.
Programmabegroting 2024
77
Gemeente Aalsmeer
De werkelijke waardestijging 2023/2024 is in december bij het vaststellen van de OZB-tarieven 2024 bekend. Voor de bepaling van het OZB-tarief 2024 wordt dan rekening gehouden met de laatste gegevens. De vastgestelde WOZ-waarde is voor de opbrengst 2024 niet meer dan een verdeelmaatstaf om tot de geraamde OZB-opbrengst te komen. Door de herrekening van het tarief op het laatste moment wordt zo nauwgezet mogelijk aangesloten op de vastgestelde opbrengst in de begroting 2024. In de begroting 2022 is op basis van de motie RAP voor het tarief van de OZB Niet-woningen nader uitgewerkt om stapsgewijs tot een regionaal gemiddelde te komen. Voor belastingjaar 2024 betekent dit dat de opbrengst naast de inflatiecorrectie van 3,9% dient te worden verhoogd met circa 8%. Bij de vaststelling van het tarief 2024 wordt vanzelfsprekend wel gecorrigeerd voor de gestegen WOZ-waarde.
Roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting Roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting (RZB) is een gemeentelijke belasting op roerende woon- en bedrijfsruimten. Voorbeelden hiervan zijn woonschepen. De roerende zaakbelasting bestaat uit twee soorten belasting: een eigenaren- en een gebruikersbelasting. Het tarief is gelijk aan de onroerende zaakbelasting.
Afvalstoffenheffing De gemeente heeft de verplichting huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. Om de kosten voor de inzameling en de verwerking van de afvalstoffen te dekken wordt afvalstoffenheffing geheven. Het gemeentelijk beleid is een tarief dat maximaal 100% kostendekkend is. Op basis van het raadsbesluit "Van afval naar grondstoffenbeleid" is vanaf 2022 de grondslag voor de tariefstelling gewijzigd van inhoud van de rolemmer naar een tarief voor één- en meerpersoonshuishoudens. De kostenopbouw, gekoppeld aan 100% kostendekkendheid leidt tot een tarief stijging van het tarief met 11% in 2024. Deze tariefstijging is noodzakelijk om de aangekondigde stijging van de tarieven van de Meerlanden in 2024 op te kunnen vangen. Deze stijgen in 2024 met 14,5% als gevolg van een door de Meerlanden gehanteerde systematiek waarbij de in de begroting opgenomen indexatie achter is gebleven bij de werkelijke indexatie. Dat wordt nu gecorrigeerd. Om dit effect en het effect van overige stijgingen volledig te kunnen opvangen zou een tariefstijging van 22% noodzakelijk zijn. Het verschil wordt onttrokken aan de egalisatievoorziening die hierna uitgeput is. In 2025 is een aanvullende tariefsverhoging daarom noodzakelijk. In onderstaande tabel zijn de voorgestelde tarieven voor 2024 opgenomen. Afvalstoffenheffing
2020
2021
2022
2023
2024
80 liter bak
237
243,52
nvt
nvt
nvt
120 liter bak 240 liter bak
250 291
256,88 299
nvt nvt
nvt nvt
nvt nvt
Eén persoonshuishouden Meerpersoons huishouden
nvt nvt
nvt nvt
267 333
267 333
296 370
Programmabegroting 2024
78
Gemeente Aalsmeer
De mate waarin de afvalstoffenheffing kostendekkendheid is, is opgenomen in onderstaand overzicht. x € 1.000 2024
Kostendekking afval Saldo taakveld
4.134
Mutatie voorziening
-423
Overige toe te rekenen kosten Overheadtoerekening
177
Straatvegen
224
Compensabele BTW
915
Handhaving
66
Kwijtschelding
72
Totaal kostenbasis
5.165
Afvalstoffenheffing
4.572
Kostendekking
89%
Rioolheffing De kosten van het beheer en het in stand houden van het gemeentelijk rioolstelsel zijn de basis voor de berekening van het tarief van de rioolheffing. De heffing wordt geheven in de vorm van een aansluitrecht waarbij de eigenaar de belastingplichtige is. Als meer dan 400 m3 water wordt afgenomen, wordt daarboven per 10 m3 door de gebruiker een bedrag betaald. Uitgangspunt is dat met het vastgestelde tarief het rioolstelsel in meerjarenperspectief kostendekkend beheerd en in stand gehouden kan worden. De uitvoering hiervan is gebaseerd op het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2021-2026. Er wordt buiten de indexatie van 2% een aanvullende tariefswijziging van nogmaals 2% verwacht. Dit is het gevolg van de stijging van de kosten van Meerlanden waardoor overige toegerekende kosten stijgen. Daarnaast stijgt de toevoeging aan de voorziening conform de uitgangspunten in het gemeentelijke rioleringsplan (GRP 2021-2026). Met deze aanvullende indexatie van 2% volgt de tariefontwikkeling de eerder vastgestelde uitgangspunten voor de tariefsontwikkeling uit het GRP. Rioolheffing Tarief
2020
2021
2022
2023
2024
173,62
173,62
177,09
180,63
187,93
Programmabegroting 2024
79
Gemeente Aalsmeer
De mate waarin de rioolheffing kostendekkendheid is, is opgenomen in onderstaand overzicht. x € 1.000 2024
Kostendekking riool Saldo taakveld
1.861
Dotatie voorziening
630
Overige toe te rekenen kosten Overheadtoerekening
260
Straatvegen / Baggeren
166
Compensabele BTW
418
Totaal kostenbasis
3.335
Rioolrecht
3.142
Kostendekking
94%
Hondenbelasting Iedereen, die één of meer honden heeft, moet hondenbelasting betalen. Voor 2024 worden de tarieven verhoogd met het indexcijfer van 3,9%. In de volgende tabel is de tariefontwikkeling hondenbelasting 2020 - 2024 opgenomen. Hondenbelasting
2020
2021
2022
2023
2024
1 hond Tweede (en volgende) hond
79,68 96,30
81,87 98,95
83,51 100,93
85,18 102,95
88,50 106,97
Kennel Totaal aantal honden
316,55 1.400
325,26 1.350
331,77 1.350
338,41 1.320
351,61 1.200
Leges Leges wordt geheven op basis van de legesverordening en worden geheven als vergoeding van de kosten die een gemeente maakt voor dienstverlening aan individuele burgers en bedrijven. De verordening bestaat uit drie onderdelen: •
Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening
Dit betreft vooral de leges die wordt geheven voor de burgerlijke stand, reisdocumenten en identiteitskaarten en rijbewijzen. Voor een aantal van de producten stelt het Rijk jaarlijks het maximum tarief vast. • Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet Dit betreft de leges die wordt geheven voor onder andere bouwvergunningen. Per 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. Zoals onder het kopje beleid al eveneens staat vermeld moeten er door invoering van de Omgevingswet in 2024 veel inhoudelijke keuzes worden gemaakt en zijn de structurele financiële gevolgen in deze fase nog moeilijk in te schatten. De uitkomsten van de keuzes die zijn gemaakt worden in de loop van 2024 gepresenteerd. •
Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2.
Programmabegroting 2024
80
Gemeente Aalsmeer
De hoogte van de legestarieven wordt begrensd door 100% kostendekkendheid. Uitgangspunt is toetsing op verordeningenniveau, waarbij de geraamde lasten van alle benoemde activiteiten worden gedekt door de gezamenlijke baten uit de te heffen leges. Een verwacht overschot bij de ene activiteit wordt hierbij gebruikt voor de dekking van een verwacht tekort bij een andere activiteit. Dit principe wordt aangeduid als kruissubsidiëring. De gemeente is hierbij vrij te bepalen hoe dit toe te passen binnen de verordening. In afwijking van de uitgangspunten in de Kadernota 2024 worden de legestarieven in 2024 met 8,7% verhoogd. Dit geldt uiteraard niet voor de producten waarvoor een wettelijk tarief geldt. Een toelichting hierop is opgenomen onder beleid van de lokale heffingen. BOUWLEGES
2024
1. Taakveld Bouwen en Wonen; omgevingsvergunningen 1a. lasten 1b. baten, exclusief heffingen
826
1c. netto kosten taakveld bouwvergunningen
826
2. Overige toe te rekenen kosten 2a. overhead
628
2b. BTW 2c. vergoedingen welstandscommissie
188 69
2d. overige toe te rekenen kosten 3. Totaal voor bouwleges relevante kosten
885 1.711 N
4. Opbrengst bouwleges 4a. geraamde opbrengst excl. evt. tariefvoorstel 4b. evt. tariefvoorstel 2024 4c. totale opbrengst bouwleges
-890 -35 -924 V
5. Saldo kosten -/- heffing
787 N
6. Dekkingspercentage
54,0%
BURGERZAKEN
2024
1. Taakveld Burgerzaken 1a. lasten 1b. baten, exclusief heffingen
1.121
1c. netto kosten taakveld Burgerzaken
1.121
2. Overige toe te rekenen kosten 2a. overhead
579
2b. BTW 2c. overige toe te rekenen kosten 3. Totaal voor Burgerzaken relevante kosten
173 752 1.874 N
4. Opbrengst Burgerzaken 4a. geraamde opbrengst excl. evt. tariefvoorstel
-594
4b. evt. tariefvoorstel 2024 4c. totale opbrengst Burgerzaken
-594 V
Programmabegroting 2024
81
Gemeente Aalsmeer
BURGERZAKEN
2024
5. Saldo kosten -/- heffing
1.279 N
6. Dekkingspercentage
31,7%
APV
2024
1. Taakveld Openbare orde en Veiligheid 1a. lasten 1b. baten, exclusief heffingen
314
1c. netto kosten taakveld OOV, APV
314
2. Overige toe te rekenen kosten 2a. overhead
238
2b. BTW 2c preventie
67 3
2d. overige toe te rekenen kosten 3. Totaal voor APV relevante kosten
308 622 N
4. Opbrengst APV 4a. geraamde opbrengst excl. evt. tariefvoorstel 4b. evt. tariefvoorstel 2024 4c. totale opbrengst APV
-35
5. Saldo kosten -/- heffing
587 N
6. Dekkingspercentage
5,6%
-35 V
Grafrechten Het beheer en onderhoud van de begraafplaats wordt gefinancierd uit de inkomsten van de grafrechten en onderverdeeld in lijkbezorgingsrechten en onderhoudsrechten begraafplaats. In beginsel zullen de tarieven worden verhoogd met de prijsinflatie van 3,9%. De tarieven voor de afzonderlijke belastbare feiten zijn opgenomen in de tarieventabel behorende bij de verordening lijkbezorgingsrechten. In de volgende tabel is de ontwikkeling van het grafrecht 2020-2024 opgenomen. Bij het opstellen van de programmabegroting 2023 is geconstateerd dat de vrijval uit de voorziening afkoopsommen begraven € 20.000 te hoog was. Daarbij is geconstateerd dat het nadelig effect hiervan effect heeft op de tarieven. In 2023 zijn deze hierop niet bijgesteld. Om de weggevallen dekking te compenseren dienen de tarieven in 2024 alsnog worden bijgesteld. De tariefstijging wordt daarmee 8,2%. Grafrechten
2020
2021
2022
2023
2024
Algemeen
1.193
955
974
995
1.077
Programmabegroting 2024
82
Gemeente Aalsmeer
De mate waarin de grafrechten kostendekkendheid zijn is opgenomen in onderstaand overzicht.
Kostendekking begraven Saldo taakveld Mutatie voorziening
x € 1.000 2024 547 -1
Overige toe te rekenen kosten Overheadtoerekening
159
Totaal kostenbasis
705
Begraafrechten
520
Kostendekking
74%
Precariobelasting Precario wordt geheven voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. De tarieven voor precariobelasting zijn conform de uitgangspunten verhoogd met de prijsindexatie (3,9%).
Water-/toeristenbelasting De verblijfsbelasting betreft de watertoeristen- en de toeristenbelasting. De belastingen worden geheven voor het betaald verblijf binnen de gemeente door personen die geen ingezetene zijn van Aalsmeer. Het gaat daarbij dus niet alleen om toeristen. De opbrengst hiervan komt ten goede aan de algemene middelen van de gemeente. Verblijfbelasting/Toeristenbelasting Toeristenbelasting wordt geheven bij overnachtingen binnen de Aalsmeer door personen die niet in de basisadministratie van de gemeente staan ingeschreven. Omdat het voor deze belastingen niet alleen om toeristen gaat wordt deze heffing in Aalsmeer in de verordening aangeduid als verblijfsbelasting. De hoogte ervan betreft een vast bedrag per persoon per overnachting. De verblijf- /toeristenbelasting stijgt in 2024 met 3,9% tot € 3,65. Voor een nacht op de camping wordt 50% van het tarief betaald. Waterverblijfsbelasting/ watertoeristenbelasting Waterverblijfsbelasting is een belasting voor niet-inwoners van de gemeente voor het betaald gebruik van gemeentelijke voorzieningen en faciliteiten. Het gaat hierbij om iedereen die niet staat ingeschreven in de gemeente en betaalt voor een verblijf op vaartuigen die aanwezig zijn in wateren van de gemeente. Er kan geen waterverblijfsbelasting worden geheven van passerende bootjes en dagjes mensen die geen betaalde diensten afnemen.
In de programmabegroting is vanaf 2024 een verhoging opgenomen van de waterverblijfsbelasting. Het tarief voor de watertoeristenbelasting wordt conform de uitgangspunten van de begroting 2023 verhoogd. Het tarief voor de watertoeristenbelasting 2023 bedraagt € 1,53 per persoon per etmaal en zal met ingang van 1 januari 2024 worden verhoogd naar € 2,85 per persoon per etmaal.
Programmabegroting 2024
83
Gemeente Aalsmeer
De ontwikkeling van de tarieven is opgenomen in onderstaande tabel: Verblijfsbelasting
2020
2021
2022
2023
2024
Toeristenbelasting
3,50
3,50
3,50
3,50
3,65
Watertoeristenbelasting
1,42
1,46
1,50
1,53
2,85
Reclamebelasting De reclamebelasting wordt geheven in twee winkelgebieden: winkelgebied Ophelialaan en het winkelgebied centrum Aalsmeer. Deze belasting wordt geheven op reclameobjecten zichtbaar vanaf de openbare weg. De opbrengsten uit de reclamebelasting worden, na aftrek van de administratieve kosten, als subsidie uitgekeerd aan de door ondernemers opgerichte uitvoeringsorganisatie. De besteding van de gelden wordt door de ondernemers zelf bepaald. Het tarief reclamebelasting bedraagt in 2024 met € 885,07. Dit is een vast bedrag, ongeacht het aantal reclameobjecten.
Forensenbelasting Deze belasting wordt geheven van personen die geen hoofdverblijf hebben in de gemeente Aalsmeer en voor zichzelf of hun gezin een gemeubileerde woonruimte beschikbaar houden. De opbrengsten forensenbelasting nemen in 2024 met 3,9% toe. Bij de bepaling van het tarief wordt rekening gehouden met de waardeontwikkeling van de woonruimte.
Marktgeld Met het marktgeld worden de kosten gedekt die moeten worden gemaakt om de wekelijkse markt mogelijk te maken. Voor 2024 worden de tarieven met 3,9% verhoogd. De kostendekkendheid voor 2024 ligt op circa 80%. Zie onderstaande tabel. 2024
Kostendekking leges marktgelden Saldo taakveld
28
Overige toe te rekenen kosten - straatvegen
0
Overige toe te rekenen kosten - btw
1
Overheadtoerekening Totaal kostenbasis
29
Leges marktgelden
23
Kostendekking
80,56%
Programmabegroting 2024
84
Gemeente Aalsmeer
Kwijtscheldingsbeleid Gemeenten in Nederland mogen kwijtschelding van gemeentelijke belastingen verlenen. Geheel of gedeeltelijke kwijtschelding wordt verleend indien een belastingschuldige als gevolg van financiële omstandigheden niet in staat is de belastingaanslag te betalen. Kwijtschelding wordt verleend voor de afvalstoffenheffing en hondenbelasting (alleen voor de eerste hond). Bij de beoordeling van het kwijtscheldingsverzoek wordt uitgegaan van 100% van de bijstandsnorm. Uitgaande van het werkelijk aantal kwijtscheldingen voor 2022 en de prognose voor 2023 wordt voor 2024 uitgegaan van 360 kwijtscheldingsverzoeken. Ongeveer 70% van de kwijtscheldingen wordt, na toestemming van belanghebbende, verleent door bevraging van het Inlichtingenbureau. Inwoners hoeven dan geen kwijtscheldingsaanvraag formulier in te vullen maar krijgen direct kwijtschelding. Van de zogenaamde handmatige papieren aanvragen wordt circa 50% toegewezen. De overige worden hoofdzakelijk afgewezen op gronden zoals te hoog banksaldo en/of inkomen. Ten behoeve van kwijtschelding is een budget geraamd van € 71.700 (2023: € 69.000).
Programmabegroting 2024
85
Gemeente Aalsmeer
3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het weerstandsvermogen van een gemeente is “het vermogen van de gemeente om financiële risico’s op te vangen zonder dat het gevolgen heeft voor de uitvoering van de dagelijkse taken”. Het weerstandsvermogen wordt bepaald door een relatie te leggen tussen de beschikbare weerstandscapaciteit (financiële buffer) en de financiële gevolgen van risico’s die de gemeente loopt (en waarvoor geen andere, specifieke voorzieningen zijn gevormd). In deze paragraaf wordt achtereenvolgens aandacht besteed aan: • het beleid van de gemeente Aalsmeer voor wat betreft de weerstandscapaciteit en de risico’s; • het benodigd weerstandsvermogen; • • •
het beschikbaar weerstandsvermogen; de weerstandscapaciteit; en de financiële kengetallen.
Het beleidskader is vastgelegd in de nota Weerstandsvermogen en risicobeheersing gemeente Aalsmeer 2023, dat vastgesteld is op 8 juni 2023. Aan de hand van de risicoanalyse (kans x gevolg = financieel gevolg) is het totaal van alle risico’s in geld uitgedrukt. Omdat niet alle risico’s zich op hetzelfde moment voordoen wordt een zekerheidspercentage van 90% aangehouden voor de bepaling van de benodigde hoeveelheid weerstandscapaciteit om de financiële gevolgen van de benoemde risico’s af te dekken.
Risicobeleid De risico’s die in deze begroting worden genoemd zijn een herijking van de risico’s die in de jaarstukken 2022 zijn opgenomen. De eerder opgenomen risico’s zijn beoordeeld op het nog steeds van toepassing zijn en of het opgenomen risicobedrag nog valide is. Daar waar nodig zijn aanpassingen doorgevoerd en zijn nieuwe risico’s opgevoerd en niet meer van toepassing zijnde risico’s verwijderd. Evenals bij de jaarstukken zijn de risico’s inzichtelijk gemaakt aan de hand van een globale kansberekening. Daarbij is per risico aangeven wat de kans is dat het risico zich voordoet en wat het mogelijke financieel gevolg is. Uit de risico-inventarisatie volgen 78 risico’s. De risico’s met de grootste financiële impact zijn in onderstaande tabel opgenomen. Wanneer de 10 grootste risico’s zich tegelijkertijd en in hun volle omvang voordoen, leidt dat tot € 85.140.000 aan kosten. Voor de overige 68 kleinere risico’s gaat het om een aanvullend bedrag van € 89.286.000. Met de ingevoerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie wordt uitgevoerd, omdat het reserveren van het maximale bedrag (€ 174.426.000) ongewenst is. De risico's treden niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang op. Uit de simulatie volgt dat 90% zeker is dat alle risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 18.221.115.
Dit bedrag is onderdeel van het “benodigde weerstandsvermogen”.
Programmabegroting 2024
86
Gemeente Aalsmeer
# Risico
Gevolgen
Kans
Financieel gevolg
1 Onvoorziene omstandigheden met een niet kwantificeerbare kans of impact
Financieel - Reservering van bedrag van € 1.000 per huishouden (13.712 huishoudens per 2023) afgerond op hele miljoenen
15% max.€ 14.000.000
2 Niet realiseren van (afgesproken) taakstellingen
Financieel - Tekorten op de begroting
50% max.€ 4.000.000
3 Garantstelling GPAG BV
Financieel - GPAG heeft ten behoeve van het realiseren van de grondexploitatie een leningfaciliteit tot een maximum van € 90 miljoen. In geval de BV niet aan de betalingsverplichtingen kan voldoen worden de aandeelhoudende gemeenten (UIthoorn en Aalsmeer) hierop aangesproken.
5% max.€ 30.000.000
4 Fouten in belastingverordeningen
Financieel - Bij ernstige fouten kan verordening ontbindend verklaard worden, waardoor belastingaanslagen niet opgelegd kunnen worden. Imago - Foutieve belastingaanslagen en bij onbindendheid wordt de landelijke pers gehaald.
10% max.€ 12.500.000
5 Raad neemt besluiten in afwijking van eerdere Financieel - Schadevergoeding aan derde partijen. besluitvorming die leidt tot schade bij derde Waarvan € 3 miljoen verminderde partijen grondopbrengsten GPAG die volledig aan Aalsmeer worden toegerekend. Daarnaast € 3 miljoen niet nader gespecificeerde schade van bedrijven die op basis van eerdere planvorming contracten hebben gesloten en in dat geval een claim neer gaan leggen bij GPAG en daarmee bij Aalmeer. Imago - Betrouwbaarheid gemeente Aalsmeer als strategische partner in de ontwikkeling staat ter discussie.
20% max.€ 6.000.000
6 Extra financiële bijdrage aan deelneming/gesubsidieerde instelling/verbonden partij
Financieel - Niet sluitende exploitatie bij verbonden partijen waardoor deelnemers aanvullende bijdrage moeten doen.
70% max.€ 1.640.000
7 Uitkomsten van CAO afspraken zijn onvoorspelbaar
Financieel - Extra kosten
70% max.€ 1.500.000
8 Tegenvallende verkoop GPAG
Financieel - Exploitatieverlies
30% max.€ 3.500.000
9 Virussen en/of hacking
Financieel - Stagnatie van werkzaamheden, Performance verlies en/of verlies gegevens, mogelijk betalen van losgeld om gegevens weer beschikbaar te krijgen. Imago - Uitlekken van vertrouwelijke gegevens.
30% max.€ 3.000.000
10 Fouten in verordeningen retributies (kostendekkende leges)
Financieel - Onverbindend verklaren van de verordeningen betekent geen heffing kunnen opleggen voor een bepaalde periode. Imago - Onverbindend verklaren van de verordeningen haalt de landelijke pers.
10% max.€ 9.000.000
In de top 10 zijn de volgende risico's ten opzichte van de paragraaf weerstandsvermogen in de jaarrekening 2022 (dit is de laatst opgestelde paragraaf weerstandsvermogen) gewijzigd: - Het risico in het kader van deelgebied deel 2 West GPAG BV is verlaagd van 85% naar 20% omdat besluitvorming door de raad heeft plaatsgevonden. Restrisico heeft betrekking op vergelijkbare zaken waarover de raad nog wel een besluit moet nemen. - In 2023 wordt binnen GPAG een aantal uitgiftes voorzien waardoor de financieringsbehoefte van GPAG BV afneemt en daarmee de garantstelling door aandeelhoudende gemeenten.
Programmabegroting 2024
87