CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

20251028 Bijlage 2 - Was-Wordt-Waarom-ASV-2026 (1)

3.Raad (besluitvormend) 13 november 2025, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Vaststellen Algemene Subsidieverordening Aalsmeer 20265.383 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Algemene Subsidieverordening 2026

Was Artikel 1. Begripsomschrijvingen

Wordt Artikel 1. Definities

Artikel 2. Toepasselijkheid van de verordening 1. Deze verordening is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college, met uitzondering van subsidies waarvoor bij afzonderlijke verordening een uitputtende regeling is getroffen. 2. Bij nadere regels kan van deze verordening worden afgeweken, maar niet van de artikelen 3, 8 en 12. 3. Indien het college subsidie verstrekt voor activiteiten, die mede door andere bestuursorganen worden gesubsidieerd, kan het college afwijken van deze verordening.

Artikel 2 Toepasselijkheid van de verordening 1. Deze verordening is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college. 2. Bij nadere beleidsregels kan van deze verordening worden afgeweken, maar niet van de artikelen 3, 9 en 13. 3. Indien het college subsidie verstrekt voor activiteiten die mede door andere bestuursorganen worden gesubsidieerd kan het college afwijken van de bepalingen van deze verordening.

Artikel 3. Subsidiebevoegdheid en nadere regels 1. Het college kan subsidies als bedoeld in artikel 4.21 van de Awb verstrekken met inachtneming van de in de gemeentebegroting opgenomen financiële middelen of het subsidieplafond en - indien de begroting nog niet is vastgesteld dan wel goedgekeurd - onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld. 2. Het college kan nadere regels vaststellen die bepalingen bevatten met betrekking tot de te subsidiëren activiteiten, de personen of instellingen die voor subsidie in aanmerking kunnen komen, het subsidieplafond en de wijze waarop de beschikbare gelden worden verdeeld.

Artikel 3 Subsidiebevoegdheid en nadere subsidieregels 1. Het college kan subsidies als bedoeld in artikel 4:21 van de wet verstrekken met inachtneming van de in de gemeentebegroting opgenomen financiële middelen of het subsidieplafond en – indien de begroting nog niet is vastgesteld dan wel goedgekeurd – onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld. 2. Het college kan nadere beleidsregels vaststellen die bepalingen bevatten met betrekking tot de te subsidiëren activiteiten, de personen of instellingen die voor subsidie in aanmerking kunnen komen, het subsidieplafond en de wijze waarop de beschikbare gelden worden verdeeld.

Waarom De definities zijn geactualiseerd op basis van de gebruikte termen in de verordening.

2.1: De uitzondering komt te vervallen. 2.2: ‘Nadere regels’ is vervangen door ‘nadere beleidsregels’ omdat ‘beleidsregels’ het instrument is waarmee bestuursorganen hun bevoegdheden nader kunnen invullen. Daarnaast zijn de artikelnummers aangepast op basis van de geactualiseerde verordening. 2.3: Tekstuele wijziging.

3.2: Tekstuele wijziging

3. Nadere regels kunnen bepalen dat de subsidie kan worden vastgesteld zonder voorafgaande verleningsbeschikking, alsmede dat afdeling 4.2.8 van de Awb van toepassing is.

Nieuw artikel

3. Nadere beleidsregels kunnen bepalen dat de subsidie kan worden vastgesteld zonder voorafgaande verleningsbeschikking, alsmede dat afdeling 4.2.8 van de wet van toepassing is. 4. Het college draagt zorg voor interne toetsing van subsidieaanvragen en de tussentijdse monitoring op gesubsidieerde instelling.

Artikel 4. Staatssteunregels 1. Voor zover dat ten behoeve van het voldoen aan een Europees steunkader noodzakelijk is, kan het college bij subsidieregeling afwijken van deze verordening en deze aanvullen. 2. Bij subsidieregelingen waarbij is bepaald dat toepassing kan worden gegeven aan een Europees steunkader, verwijst de subsidieregeling naar het desbetreffende steunkader. 3. Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, verwijst de verleningsbeschikking naar de toepasselijke bepalingen van het steunkader. 4. Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen alleen de activiteiten, doelstellingen, resultaten en kosten voor vergoeding in aanmerking die voldoen aan de eisen van het desbetreffende steunkader. 5. Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen ondernemingen alleen in aanmerking voor zover de subsidieverstrekking voldoet aan de voorwaarden van het desbetreffende steunkader.

3.3: Tekstuele wijziging

Nieuw lid, 3.4: De verantwoordelijkheid van het college om zorg te dragen voor de interne toetsing en tussentijdse monitoring is vastgelegd in de verordening. Toevoeging artikel 4 op basis van het VNGmodel. Door de toevoeging van dit artikel verspringen alle artikelnummers.

Artikel 4. Subsidieplafonds en begrotingsvoorbehoud 1. Het college kan subsidieplafonds vaststellen binnen de financiële kaders van de raad. In dat geval bepaalt zij bij subsidieregeling de wijze van verdeling van de betrokken subsidie. 2. Het college kan een subsidieplafond verlagen als: a. het wordt vastgesteld voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd; en b. de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd. 3. Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van verlaging en de gevolgen daarvan voor reeds ingediende aanvragen. 4. Voor zover een subsidie wordt verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, kan deze alleen worden verleend onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking zullen worden gesteld.

Artikel 5. Tijdvak van subsidies 1. Het tijdvak waarvoor een subsidie wordt verleend is maximaal vier jaar.

Artikel 5. Subsidieplafonds 1. De raad stelt jaarlijks de financiële kaders voor subsidiëring vast in de programmabegroting. 2. Het college kan subsidieplafonds vaststellen binnen de financiële kaders van de raad. In dat geval bepaalt zij bij subsidieregeling de wijze van verdeling van de betrokken subsidie. 3. Het college kan een subsidieplafond verlagen als: a. het plafond wordt vastgesteld voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd; en b. de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd. 4. Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van verlaging en de gevolgen daarvan voor reeds ingediende aanvragen. 5. Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de verleningsbeschikking wordt daarop gewezen. Artikel 6 Tijdvak van subsidies 1. Het tijdvak waarvoor een subsidie wordt verleend is maximaal vier jaar.

Nieuw lid, 5.1: In artikel 5.1 wordt vastgelegd waar en hoe de raad de financiële kaders voor subsidie vaststelt. 5.2: Tekstuele wijziging

Geen wijzigingen

2. Een meerjarige subsidie wordt verleend onder het voorbehoud dat de raad jaarlijks voldoende financiële middelen in de gemeentebegroting ter beschikking stelt. Artikel 6. Aanvraag 1. De aanvraag voor een subsidie wordt ingediend met behulp van een door het college vastgesteld aanvraagformulier en vermeldt in elk geval: a. een beschrijving van activiteiten waarvoor de subsidie wordt gevraagd; b. de doelen of resultaten die daarmee worden nagestreefd, hoe de activiteiten daaraan kunnen bijdragen en in welke mate deze zijn gericht op de gemeente of haar ingezetenen en op door de gemeente vastgestelde doelen of beleidsterreinen; c. een begroting van de kosten van de activiteiten en een dekkingsplan met de verwachte inkomsten; d. als ook andere subsidies worden gevraagd, een overzicht daarvan; e. indien van toepassing bij een jaarlijkse subsidie, de stand van de egalisatiereserve en/of de bestemmingsreserve op het moment van de aanvraag; f. voor zover het gaat om een aanvraag voor een jaarlijkse

2. Een meerjarige subsidie wordt verleend onder het voorbehoud dat de raad jaarlijks voldoende financiële middelen ter beschikking worden gesteld. Artikel 7 Aanvraag 1. Het college schrijft het gebruik van een aanvraagformulier voor. 2. Een aanvraag vermeldt in ieder geval: a. een beschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd; b. de doelen of resultaten die daarmee worden nagestreefd, hoe de activiteiten daaraan kunnen bijdragen en in welke mate deze zijn gericht op de gemeente of haar ingezetenen en op door de gemeente vastgestelde doelen of beleidsterreinen; c. een begroting van de kosten van de activiteiten en een dekkingsplan; d. voor zover de subsidieaanvrager voor dezelfde begrote kosten ook subsidie of een andere financiële bijdrage heeft aangevraagd bij een ander bestuursorgaan, doet hij daarvan mededeling in de aanvraag, onder vermelding van de stand van zaken van de beoordeling van die aanvraag; e. indien van toepassing bij een jaarlijkse subsidie, de stand van de egalisatiereserve en/of de bestemmingsreserve(s) op het moment van de aanvraag; f. voor zover het gaat om een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie vanaf € 100.000 de meest recente jaarrekening als bedoeld in artikel 2:361 Burgerlijk Wetboek en artikel 4:76 van de wet. Indien een jaarrekening ontbreekt een

7.1: Tekstuele wijziging

subsidie vanaf € 100.000,00 een gewaarmerkte begroting van de subsidieaanvrager van het jaar waarop de aanvraag voor een subsidie betrekking heeft; g. voor zover het gaat om een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie vanaf € 100.000,00 een overzicht van de bezoldiging van de directie en bestuurders naar functie; h. als de aanvrager een ondernemer is en indien relevant: • een opgave van subsidies, vergoedingen of tegemoetkomingen, in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die al zijn of zullen worden ontvangen voor de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd; • een volledig ingevulde en ondertekende deminimisverklaring. 2. Een rechtspersoon die de eerst keer subsidie vraagt, voegt een scan of screenshot van het meest recente digitale bankafschrift toe waaruit het IBAN rekeningnummer blijkt. Artikel 7. Aanvraag- en beschikkingstermijnen 1. Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie wordt ingediend uiterlijk 1 oktober in het jaar

verslag inzake de financiële positie gewaarmerkt door het bestuur; g. voor zover het gaat om een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie vanaf € 100.000 een overzicht van de bezoldiging van de directie en bestuurders naar functie; h. als de subsidieaanvrager een onderneming is: i. een opgave van subsidies, vergoedingen of tegemoetkomingen, in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die al zijn of zullen worden ontvangen voor de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd; 1. een volledig ingevulde en ondertekende de-minimisverklaring. 2. Subsidieaanvragers kunnen de subsidieaanvraag schriftelijk wijzigen of intrekken voordat de verlening plaatsvindt. 3. Een rechtspersoon die voor de eerste keer subsidie aanvraagt, legt tevens over: een exemplaar van de oprichtingsakte of de statuten, alsmede van het jaarverslag, de jaarrekening of de balans van het voorgaande jaar.

Artikel 8 Aanvraag- en beslistermijnen 1. Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie, wordt uiterlijk 1 oktober voor het begin van het betrokken jaar ingediend. Het college beschikt

7.3: Aanpassing vanuit het VNG-model om fraude tegen te gaan.

voorafgaand aan het jaar, of de jaren waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft. Het college beschikt hierop uiterlijk 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag. In bijzondere gevallen kan het college deze termijn verlengen. 2. Eenmalige aanvragen voor subsidie worden vóór het begin van de te subsidiëren activiteiten ingediend. Het college besluit binnen dertien weken na ontvangst van de volledige aanvraag. In bijzondere gevallen kan het college deze termijn verlengen. 3. Het college kan de subsidieaanvrager op diens schriftelijke gemotiveerde verzoek uitstel verlenen voor het indienen van een aanvraag. 4. Bij aanvragen om een subsidie die overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag worden aangemeld bij de Europese Commissie wordt de termijn verdaagd totdat de Europese Commissie een eindbeslissing heeft genomen. Artikel 8. Algemene weigeringsgronden 1. Een subsidie wordt in elk geval geweigerd voor zover de verlening een steunmaatregel zou vormen die in strijd is met artikel 107 of 108 van het Verdrag. 2. Een subsidie kan in elk geval worden geweigerd: a. voor zover de te subsidiëren activiteiten in strijd zijn met een wettelijke regeling; b. als ernstig gevaar bestaat dat de subsidie mede zal worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld

hierop uiterlijk dertien weken na ontvangst van de volledige aanvraag. 2. Een aanvraag voor een eenmalige subsidie wordt uiterlijk vóór het begin van de te subsidiëren activiteiten ingediend. Het college beschikt hierop uiterlijk dertien weken na ontvangst van de volledige aanvraag. 3. Het college kan de subsidieaanvrager op diens schriftelijke gemotiveerd verzoek uitstel verlenen voor het indienen van een aanvraag. 4. Het college kan een beschikking op een aanvraag voor de duur van maximaal dertien weken verdagen. 5. Bij aanvragen om een subsidie die overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag worden aangemeld bij de Europese Commissie wordt de termijn verdaagd totdat de Europese Commissie een eindbeslissing heeft genomen. Artikel 9 Weigeringsgronden 1. Een subsidie wordt in elk geval geweigerd voor zover de verlening een steunmaatregel zou vormen die in strijd is met artikel 107 of 108 van het Verdrag. 2. Onverminderd het vorige lid weigert het college subsidie in ieder geval als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een Europees steunkader omdat: a. subsidie verstrekt zou worden aan een aanvrager die een onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld in het desbetreffende steunkader, of;

Nieuw lid, 8.4: 8.4 Hiermee wordt de maximale behandeltermijn (met verlenging) beperkt.

9.2 : Toevoeging vanuit het VNG-model.

waardeerbare voordelen te benutten, of om strafbare feiten te plegen, een en ander als bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur; c. voor zover activiteiten niet verenigbaar zijn met het gemeentelijk beleid; d. voor zover activiteiten zich niet in hoofdzaak richten op de gemeente of haar inwoners, tenzij de subsidie wordt gedekt door een specifieke uitkering van het Rijk die mede is bestemd voor andere gemeenten; e. voor zover activiteiten gericht zijn op het uitdragen van levensbeschouwelijke, godsdienstige of politieke overtuigingen; f. voor zover bepaalde groepen van deelname worden uitgesloten en daarmee naar het oordeel van het college niet een nuttig doel wordt gediend, zodat sprake is van ontoelaatbare discriminatie; g. voor zover activiteiten primair zijn gericht op het maken van winst; h. als de aanvrager een bij of krachtens deze verordening gestelde verplichting niet

b. de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in het desbetreffende steunkader. 3. Een subsidie kan in elk geval worden geweigerd: a. voor zover de subsidieontvanger op enigerlei wijze handelt in strijd met de fundamentele rechtsbeginselen; b. voor zover de te subsidiëren activiteiten in strijd zijn met een wettelijke regeling; c. voor zover activiteiten niet verenigbaar zijn met het gemeentelijk beleid dan wel het college de belangenafweging maakt dat de betreffende activiteiten in dat kader onvoldoende prioriteit hebben; d. voor zover activiteiten zich niet in hoofdzaak richten op de gemeente of haar inwoners, tenzij de subsidie wordt gedekt door een specifieke uitkering van het Rijk die mede is bestemd voor andere gemeenten; e. voor zover activiteiten gericht zijn op het uitdragen van levensbeschouwelijke of politieke overtuigingen; f. voor zover bepaalde groepen van deelname worden uitgesloten en daarmee naar het oordeel van het college geen nuttig doel wordt gediend, zodat sprake is van ontoelaatbare discriminatie; g. als de aanvrager een bij of krachtens deze verordening gestelde verplichting niet nakomt of als hij niet voldoet aan een daar gestelde voorwaarde om voor subsidie in aanmerking te komen; h. indien het subsidieplafond is bereikt; i. de kosten van de activiteiten niet in een redelijke verhouding staan tot de voorgenomen

Nieuw lid, 9.3h: Het bereiken van een subsidieplafond kon eerder niet als weigeringsgrond worden gebruikt, tenzij

nakomt of als hij niet voldoet aan een daar gestelde voorwaarde om voor subsidie in aanmerking te kunnen komen; i. de kosten van de activiteiten niet in een redelijke verhouding staan tot de voorgenomen doelstellingen en de daarvan te verwachten resultaten; j. de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende gelden kan beschikken om de kosten van zijn activiteiten te dekken; k. de aanvrager voor dezelfde activiteiten subsidie ontvangt van een ander bestuursorgaan; l. als de aanvrager voor het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft met een functionaris een bezoldiging als bedoeld in artikel 1.1, onder e, van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector overeenkomt of is overeengekomen die hoger is dan het bedrag bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van die wet, tenzij de aanvrager bij de indiening van de aanvraag aannemelijk maakt dat de subsidie niet wordt besteed aan die bezoldiging;

doelstellingen en de daarvan te verwachten resultaten; j. de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende gelden kan beschikken om de kosten van zijn activiteiten te dekken; k. de aanvrager voor dezelfde activiteiten subsidie ontvangt van een ander bestuursorgaan; l. als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie verenigbaar is met de interne markt;

dit in een van de nadere beleidsregels stond vermeld.

m. als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie verenigbaar is met de interne markt. Artikel 9. Verplichtingen subsidieontvanger 1. Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet of niet geheel zullen worden verricht of dat niet of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen wordt voldaan, meldt de subsidieontvanger dat onverwijld aan het college. 2. Bij subsidies van meer dan € 50.000,00 informeert de subsidieontvanger het college onverwijld schriftelijk over: a. beslissingen of procedures die zijn gericht op beëindiging van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, of tot ontbinding van de gesubsidieerde rechtspersoon; b. relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische verhouding met derden; c. wijzigingen van de statuten voor zover het betreft de vorm van de gesubsidieerde rechtspersoon, de persoon van de bestuurder of bestuurders en het doel van de rechtspersoon.

Artikel 10 Verplichtingen subsidieontvanger 1. Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht of dat niet, niet tijdig of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen wordt voldaan, meldt de subsidieontvanger dat onverwijld schriftelijk aan het college. 2. Bij een jaarlijkse subsidie van meer dan € 50.000 informeert de subsidieontvanger het college onverwijld schriftelijk over: a. beslissingen of procedures die zijn gericht op beëindiging van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, of tot ontbinding van de gesubsidieerde rechtspersoon; b. relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische verhouding met derden; c. wijzigingen van de statuten voor zover het betreft de vorm van de gesubsidieerde rechtspersoon, de persoon van de bestuurder of bestuurders en het doel van de rechtspersoon.

3. Bij een jaarlijkse subsidie van meer dan € 100.000,00 behoeft de subsidieontvanger toestemming van het college voor handelingen als vermeld in artikel 4:71 van de Awb. 4. Bij een jaarlijkse subsidie van meer dan € 100.000,00 maakt de subsidieontvanger op zijn website een overzicht openbaar van de bezoldiging van de directie en de bestuurders naar functies en de laatst vastgestelde jaarrekening. 5. De subsidieontvanger verstrekt het college op verzoek die informatie, die zij voor de beoordeling van de rechtmatigheid en de doelmatigheid van de besteding van de subsidie noodzakelijk achten. 6. De subsidieontvanger verleent op verzoek alle medewerking aan de rekenkamer(functie) bij elk onderzoek dat door dit orgaan wordt uitgevoerd en geeft een volledig inzicht in alle gevraagde informatie en documenten. 7. Het college kan aan de subsidieverlening de verplichting verbinden dat de subsidieontvanger in publicaties, persberichten en presentaties aangeeft dat de activiteiten mede tot stand zijn gekomen dankzij een financiële bijdrage van de gemeente Aalsmeer. 8. De subsidieontvanger dient een aanvraag tot vaststelling in binnen in artikel 13 gestelde termijnen. 9. Het college kan aan een subsidieontvanger ook andere verplichtingen dan genoemd in artikel 4:37, eerste lid, van de Awb opleggen als ze strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie.

d. de laatst vastgestelde jaarrekening en een overzicht van de bezoldiging van de directie en de bestuurders. 3. Bij een jaarlijkse subsidie van meer dan € 50.000 behoeft de subsidieontvanger toestemming van het college voor handelingen als vermeld in artikel 4:71 van de wet. 4. Bij een jaarlijkse subsidie van meer dan €50.000 stelt de subsidieontvanger in overleg met de gemeente doelstellingen op die bij aanvraag en vaststelling van de subsidie worden meegenomen in het activiteitenplan en het inhoudelijke verslag. 5. De subsidieontvanger verstrekt het college op verzoek die inlichtingen, die zij voor de beoordeling van de rechtmatigheid en de doelmatigheid van de besteding van de subsidie noodzakelijk achten. 6. De subsidieontvanger verleent op verzoek medewerking aan de rekenkamer (functie) bij elk onderzoek dat door dit orgaan wordt uitgevoerd en geeft een volledig inzicht in alle gevraagde informatie en documenten. 7. Het college kan aan de beschikking tot subsidieverlening de verplichting verbinden dat de subsidieontvanger in publicaties, persberichten en presentaties aangeeft dat de activiteiten mede tot stand zijn gekomen dankzij een financiële bijdrage van de gemeente Aalsmeer. 8. Het college kan aan een beschikking tot subsidieverlening ook andere verplichtingen verbinden dan genoemd in artikel 4:37, eerste

10.2.d. Voor sommige organisaties ligt het op de website openbaar maken van deze gegevens gevoelig. Hierdoor is besloten dit niet openbaar te publiceren, maar alleen met de gemeente te delen. Artikel 9.4 komt te vervallen. Nieuw lid, 10.4: Uit de aanbevelingen van de rekenkamer kwam naar voren dat de doelmatigheid van de subsidies beter in beeld moet worden gebracht. Als uitwerking hiervan is dit lid in de verordening opgenomen.

Artikel 10. Vermogensvorming 1. Een subsidieontvanger mag een bestemmingsreserve vormen na schriftelijke toestemming van het college. Daarbij geeft subsidieontvanger in ieder geval aan: het doel van de bestemmingsreserve en het benodigde maximum. Hierbij geldt dat: • het college de maximale hoogte van de bestemmingsreserve bepaalt, alsmede de maximale jaarlijkse toevoeging aan deze reserve; • de bestemmingsreserve alleen mag worden aangewend voor het vastgestelde doel waarvoor deze is gevormd. Bij het vervallen of aanwenden van de bestemmingsreserve wordt het (resterende) bedrag terugbetaald aan de gemeente. • Een subsidieontvanger mag een egalisatiereserve vormen na schriftelijke toestemming van het college. Het college kan nadere regels stellen inzake de

lid, van de wet, als ze strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie. 9. Het college kan in aanvullende beleidsregels verplichtingen opleggen aan een subsidie, ook als die verplichtingen niet direct bijdragen aan het doel van de subsidie. Dit mag, zolang de verplichtingen gaan over de manier waarop of met welke middelen de gesubsidieerde activiteit wordt uitgevoerd. Artikel 11 Egalisatiereserve en bestemmingsreserve 1. Bij verleningsbeschikking kan worden bepaald dat de subsidieontvanger van een per kalenderjaar of boekjaar verstrekte subsidie van meer dan € 50.000 een egalisatiereserve als bedoeld in artikel 4:72 van de wet vormt. 2. Is een jaarlijkse subsidie verleend voor een in de loop van een kalenderjaar uit te voeren activiteitenplan en blijkt dat daarvoor niet de gehele subsidie nodig was, dan kan de aanvrager het college verzoeken een egalisatiereserve of bestemmingsreserve te mogen vormen. In dat geval is artikel 4:72 van de wet van overeenkomstige toepassing.

11.1: Het vormen van een egalisatiereserve is alleen mogelijk voor subsidieontvangers die een jaarlijkse subsidie ontvangen vanaf €50.000.

maximale hoogte van de egalisatiereserve. Artikel 11. Voorschotten 1. Op een verleende subsidie kunnen voorschotten worden verleend voordat ze is vastgesteld. 2. Indien besloten wordt tot bevoorschotting van de subsidie, worden in het besluit tot subsidieverlening de hoogte en de termijnen van de voorschotten bepaald. Artikel 12. Wijzigen en intrekken van de subsidie 1. Als na de verlening blijkt dat subsidiëring een steunmaatregel vormt die in strijd is met artikel 107 of 108 van het Verdrag, wordt de subsidie gewijzigd of ingetrokken. 2. Een subsidie kan worden gewijzigd of ingetrokken als na de verlening alsnog blijkt dat ernstig gevaar bestaat dat de subsidie mede zal worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten, of om strafbare feiten te plegen, een en ander als bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. 3. Het college vordert een subsidie met rente terug als dit nodig is ter uitvoering van een terugvorderingsbesluit van de Europese Commissie of een onherroepelijke rechterlijke uitspraak. Artikel 13. Aanvraag tot vaststelling

Artikel 12 Voorschotten 1. Op een verleende subsidie kunnen voorschotten worden verleend voordat ze is vastgesteld. 2. Indien besloten wordt tot bevoorschotting van de subsidie, worden in de verleningsbeschikking de hoogte en de termijnen van de voorschotten bepaald. Artikel 13 Wijzigen en intrekken van de subsidie 1. Als na de verlening blijkt dat de subsidieverstrekking een steunmaatregel vormt die in strijd is met artikel 107 of 108 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, wordt de subsidie gewijzigd of ingetrokken. 2. Een subsidie kan worden gewijzigd of ingetrokken als na de verlening alsnog blijkt dat ernstig gevaar bestaat dat de subsidie mede zal worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten, of om strafbare feiten te plegen, een en ander als bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. 3. Het college kan een subsidie met rente terugvorderen als dit nodig is ter uitvoering van een terugvorderingsbesluit van de Europese Commissie of een onherroepelijke rechterlijke uitspraak. Artikel 14 Aanvraag tot vaststelling 1. Een aanvraag om vaststelling van een jaarlijkse subsidie per kalenderjaar wordt

Geen wijzigingen

Artikel 12.3 betreft een kanbepaling

Artikel 14: Tekstuele wijziging.

1. De aanvraag voor een subsidievaststelling wordt ingediend met behulp van een door het college vastgesteld formulier. 2. Een aanvraag om vaststelling van een jaarlijkse subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt wordt uiterlijk 1 juni na het betrokken jaar ingediend. Het college beschikt hierop binnen dertien weken. In bijzondere gevallen kan het college deze termijn verlengen. 3. Een aanvraag om vaststelling van een eenmalige subsidie of een jaarlijkse subsidie die niet per kalenderjaar wordt verstrekt, wordt ingediend uiterlijk dertien weken nadat de laatste gesubsidieerde activiteit heeft plaatsgevonden. Het college beschikt hierop binnen dertien weken. In bijzondere gevallen kan het college deze termijn verlengen. 4. Het college kan de subsidieaanvrager op diens schriftelijke gemotiveerde verzoek uitstel verlenen voor het indienen van een aanvraag tot vaststelling. 5. Is een aanvraag om vaststelling niet tijdig ingediend, dan kan het college een nieuwe termijn stellen. Is de aanvraag niet binnen die termijn ingediend, dan kan het college de subsidie ambtshalve vaststellen.

uiterlijk op 1 juni na het betrokken jaar ingediend. Het college beschikt hierop uiterlijk dertien weken na ontvangst van de volledige aanvraag. Een aanvraag om vaststelling van een projectsubsidie of een jaarlijkse subsidie per boekjaar dat afwijkt van een kalenderjaar wordt ingediend uiterlijk dertien weken nadat de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht. Het college beschikt hierop uiterlijk dertien weken na ontvangst van de volledige aanvraag. 2. Het college kan de aanvrager op diens schriftelijke verzoek uitstel verlenen voor het indienen van een aanvraag tot vaststelling voor de duur van maximaal vier weken. 3. Het college kan een beschikking op een aanvraag voor de duur van maximaal vier weken verdagen. 4. Bij nadere beleidsregels kunnen andere termijnen worden vastgelegd.

Artikel 14. Rekening en verantwoording 1. Een subsidie van niet meer dan € 10.000,00 wordt direct vastgesteld, tenzij het college anders besluit. In dat geval geeft het college aan op welke wijze de subsidieontvanger de verantwoordingsaanvraag moet indienen.

Artikel 15 Verantwoording subsidies tot € 10.000 1. Een subsidie van niet meer dan € 10.000 kan bij verlening direct ambtshalve worden vastgesteld. 2. De subsidieontvanger toont op verzoek van het college aan dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht, hoe deze

15.1: Een subsidie tot €10.000 kan direct worden vastgesteld, maar dit hoeft niet. Dit om per subsidie deze afweging te kunnen maken.

2. Een aanvraag tot vaststelling van een subsidie van meer dan € 10.000,00 doch ten hoogste € 100.000,00 gaat vergezeld van: a. een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht; en b. een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten. c. de jaarrekening (als een subsidieontvanger ingevolge wettelijk voorschrift verplicht is tot het opstellen van een jaarrekening als bedoeld in artikel 361 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek). 3. Een aanvraag tot vaststelling van een subsidie van meer dan € 100.000,00 gaat vergezeld van: a. een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht; b. een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten; c. de jaarrekening (als een subsidieontvanger ingevolge wettelijk voorschrift verplicht is tot het opstellen van een jaarrekening als bedoeld in

hebben bijgedragen aan de gemeentelijke doelstellingen en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de verleende subsidie zijn verbonden. 3. Het college behoudt de bevoegdheid om achteraf te controleren en om verantwoording te vragen. Artikel 16 Verantwoording subsidies vanaf € 10.000 tot € 100.000 1. Een aanvraag tot vaststelling van een subsidie van meer dan € 10.000 doch ten hoogste € 100.000 gaat vergezeld van: a. een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan en hoe de activiteiten hebben bijgedragen aan de gemeentelijke doelstellingen; en b. een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten. 2. Bij nadere beleidsregels kunnen andere gegevens worden verlangd. Artikel 17 Verantwoording subsidies vanaf € 100.000 1. Een aanvraag tot vaststelling van een subsidie van meer dan € 100.000 gaat vergezeld van: a. een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan en hoe de activiteiten

15.2: Toevoeging op basis van de aanbevelingen van de Rekenkamer betreffende de doelmatigheid van de subsidies.

16.1.a: Toevoeging op basis van de aanbevelingen van de Rekenkamer betreffende de doelmatigheid van de subsidies.

artikel 361 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek); en d. een gewaarmerkte controleverklaring opgesteld door een onafhankelijk accountant.

Artikel 15. Betaling en verrekening 1. Het subsidiebedrag wordt overeenkomstig de beschikking tot subsidievaststelling, waarin de betalingstermijn staat opgenomen, na de subsidievaststelling betaald. Indien een voorschot is verleend, wordt dit voorschot op het subsidiebedrag in mindering gebracht. 2. Het college kan aan de gemeente verschuldigde bedragen terzake van huur of andere verplichtingen, verband houdend met de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, verrekenen met de te betalen subsidiebedragen. Artikel 16. Overige bepalingen 1. Bij het hanteren van een prijsindexcijfer wordt uitgegaan van een prijsindexcijfer zoals vastgelegd in de programmabegroting.

hebben bijgedragen aan de gemeentelijke doelstellingen; b. financieel verslag; c. een balans van het afgelopen subsidietijdvak en een toelichting daarop; en d. een controleverklaring opgesteld door een onafhankelijk accountant; e. als een subsidieontvanger ingevolge wettelijk voorschrift verplicht is tot het opstellen van een jaarrekening als bedoeld in artikel 361 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, legt hij deze jaarrekening tevens over. 2. Bij nadere beleidsregels kunnen andere gegevens worden verlangd. Artikel 18 Betaling en verrekening 1. Het subsidiebedrag wordt overeenkomstig de beschikking tot subsidievaststelling binnen vier weken na de subsidievaststelling betaald. Indien een voorschot is verleend, wordt dit voorschot op het subsidiebedrag in mindering gebracht. 2. Het college kan aan de gemeente verschuldigde bedragen terzake van huur of andere verplichtingen, verband houdend met de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, verrekenen met de te betalen subsidiebedragen.

Vervalt

17.1.a: Toevoeging op basis van de aanbevelingen van de Rekenkamer betreffende de doelmatigheid van de subsidies.

18.1: Tekstuele wijziging.

2. Bij subsidie waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen alleen die tarieven en kostenbegrippen in aanmerking die voldoen aan de eisen van het toepasselijk steunkader. Artikel 17. Hardheidsclausule Het college kan, in bijzondere gevallen, een artikel of artikelen van deze verordening buiten toepassing laten of daarvan afwijken, met uitzondering van de artikelen 2 en 3 voor zover toepassing gelet op het belang van de aanvrager of subsidieontvanger leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.

Artikel 18. Slotbepalingen 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na publicatie en is van toepassing op subsidieaanvragen ingediend na de publicatiedatum. 2. Op de subsidiëring van voordien uit te voeren activiteiten blijft de Algemene Subsidieverordening Aalsmeer 2013 zijn werking behouden. Deze vervalt zodra ze is uitgewerkt. Nieuw artikel

Nieuw artikel

Artikel 19 Hardheidsclausule 1. Het college kan deze verordening, met uitzondering van de artikelen 2 en 3, in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover de toepassing van die bepalingen voor de aanvrager of –ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding met de betrokken bepalingen dient te doelen. 2. Toepassing van het vorige lid wordt gemotiveerd in het besluit.

Vervalt

Artikel 20 Intrekking De Algemene subsidieverordening Aalsmeer 2018 wordt ingetrokken. Artikel 21 Overgangsrecht Voor subsidieaanvragen ingediend voor de inwerkingtreding van deze verordening blijft de Algemene subsidieverordening Aalsmeer 2018 zijn werking behouden.

19.1: Tekstuele wijziging

Nieuw lid, 19.2: Toepassing van de hardheidsclausule wordt gemotiveerd in het besluit. Wordt in de artikelen 20, 21 en 22 benoemd.

Artikel 19. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene Subsidieverordening Aalsmeer 2013.

Artikel 22 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2026. Artikel 23 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene subsidieverordening Aalsmeer 2026.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=9eb35b95-4679-4a68-ba9b-5c986dcffe7f