20250520 Getekend raadsvoorstel MPP Buitenruimte Aalsmeer 2025-2028
Tekst van het document
Signed By: Oude Kotte, G.E. (Gido) 21/05/2025 12:45:40 CEST ID: 08a0cb17-e64c-481e-9dad-6c90ec30cdfc Auth: Scribble
RAADSVOORSTEL
Signed By: Vellenga, Sj. (Sjoerd) 21/05/2025 12:16:16 CEST ID: 08a0cb17-e64c-481e-9dad-6c90ec30cdfc Auth: Scribble
Zaaknummer:
Z25-040779
Voorstel van:
college van burgemeester en wethouders
Datum: Portefeuillehouder:
Behandelend ambtenaar:
Bas van Viegen 06-10115188 b.van.viegen@amstelveen.nl Projecten en Advies Buitenruimte
20 mei 2025 wethouder ing. S.A.S. Spaargaren
Onderwerp
Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2025-2028 Raadsbesluit
Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor te besluiten:
1. kennis te nemen van het Meerjarenprojectenplan (MPP) Buitenruimte Aalsmeer 20252028, verwerkt in een budgettenlijst (geheime bijlage 1), een indicatieve planningslijst (bijlage 2) en een tekstuele toelichting (bijlage 3); 2. de jaarschijven 2025 tot en met 2028 van het Meerjarenprojectenplan te verwerken in de meerjarenbegroting, inclusief de bijbehorende mutaties van de betreffende reserves, conform de uitwerking in de financiële paragraaf hieronder, het raadsvoorstel en de bijlagen 1 tot en met 3; de verwachte onttrekking aan de Reserve Buitenruimte ten behoeve van het MPP is in 2025 € 2.977.703, de verwachte storting in de Reserve Dekking Kapitaallasten Groen is in 2024 € 169.400; 3. het exploitatiebudget spelen te integreren in het MPP Buitenruimte en daartoe de dotatie aan de reserve buitenruimte vanaf 2025 structureel op te hogen met € 25.000 (budgetneutraal), om hiermee recht te doen aan de wens van de raad om speeltuinen op niveau te brengen en te houden; 4. de neerwaartse bijstelling in 2025 van de kredietbedragen riolering beschikbaar te houden voor het Meerjarenprojectenplan vanaf 2029. Samenvatting
Het beheer van de openbare buitenruimte is een dynamisch proces en vereist regelmatig bijstelling naar aanleiding van nieuwe inzichten. Het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 20252028 (MPP) bevat project- en beheerbudgetten voor onderhoud, vernieuwing en herinrichting van de buitenruimte. Dit meerjarenprogramma wordt jaarlijks geactualiseerd en volgt de P&C-cyclus. Wat via de P&C-cyclus wordt voorgelegd is een momentopname die in de begroting wordt verwerkt. De projectenlijst omvat werken die veelal een langere doorlooptijd hebben dan één jaarschijf, op het gebied van wegen, verkeer, verlichting, kunstwerken, groen, water, spelen en riolering. Het MPP biedt een doorkijk naar de maatregelen die de komende jaren noodzakelijk en wenselijk zijn, met een indicatieve planning en grove financiële doorrekening erbij. De maatregelen zijn onder andere gebaseerd op beleids- en beheerplannen, inspecties, leeftijd/opbouw van het areaal, het coalitieprogramma en bekende maatschappelijke en politieke wensen en knelpunten. Doel
-
Planmatig op orde houden en verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte. Financiële dekking verkrijgen voor de uitvoering van werken in de periode 2025-2028 om dit te bereiken. Inzicht geven in de uit te voeren projecten en beheermaatregelen, de verwachte uitgaven en inkomsten en de ontwikkeling van de reserve voor de buitenruimte.
[.docx] 101/F105a/ICT
Pagina
-
2 van 13
We willen ervoor zorgen dat de financiële en economische belangen van de gemeente niet geschaad worden door het openbaar maken van de budgettenlijst van het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte.
Prestatie
Het beheer van de openbare buitenruimte is een dynamisch proces en vereist regelmatig bijstelling naar aanleiding van nieuwe inzichten. Het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 20252028 (MPP) bevat project- en beheerbudgetten voor onderhoud, vernieuwing en herinrichting van de buitenruimte. Dit meerjarenprogramma wordt jaarlijks geactualiseerd en volgt de P&C-cyclus. Het MPP is dus een levend document. Wat via de P&C-cyclus wordt voorgelegd is een momentopname die in de begroting wordt verwerkt. De projectenlijst omvat werken die veelal een langere doorlooptijd hebben dan één jaarschijf. Het MPP bestaat uit de volgende onderdelen: 1. wegen en kunstwerken 2. openbare verlichting 3. groen, water, spelen 4. verkeer en verkeersregelinstallaties 5.
riolering De hoofdlijn van het programma voor de komende jaren is als volgt samen te vatten: (middel)groot onderhoud aan en vervanging van asfalt- en elementenverhardingen en civieltechnische kunstwerken reconstructie van woonwijken of straten waarbij riolering en verharding wordt vervangen en direct functionele verbeteringen worden doorgevoerd op het gebied van klimaatbestendigheid, verkeer en groen vervanging van openbare verlichting en verkeersregelinstallaties renovatie van beplantingsvakken, bomen en speelvoorzieningen projecten op het gebied van verkeersveiligheid, verkeersafwikkeling en bereikbaarheid verbeteren van fietsroutes onderzoeken, inspecties en voorlichting Bijlage 1 bevat een lijst met alle geplande werken inclusief de begrote budgetten. Het gaat hierbij om reguliere beheerbudgetten en eenmalige projectbudgetten. Deze lijst is geheim. Een vergelijkbare lijst zonder budgetten, maar met indicatieve planning, is te vinden in bijlage 2. Deze is wel openbaar. Een uitgebreide tekstuele toelichting is opgenomen in bijlage 3. Niet alle buitenruimtewerkzaamheden vinden plaats via de MPP-budgetten. Een deel van het werk wordt gefinancierd via aparte exploitatiebudgetten buiten het MPP om.
Onderhoudsprojecten/beheerbudgetten worden ten laste van de Reserve Buitenruimte gebracht en voor investeringsprojecten wordt gebruik gemaakt van aparte begrotingsposten voor afschrijvingslasten binnen de producten. De beide financiële bronnen hangen nauw met elkaar samen omdat de beheer- en investeringsprojecten en de afschrijvingslasten jaarlijks nogal fluctueren. Het saldo tussen de begrotingsruimte voor afschrijvingslasten en de werkelijk benodigde/geboekte afschrijvingslasten wordt zowel bij een negatief als bij een positief resultaat in mindering gebracht op dan wel toegevoegd aan de dotatie aan de Reserve Buitenruimte. Het exacte saldo is bekend bij de 2e bestuursrapportage. Dan zal ook de besluitvorming over deze storting of onttrekking plaatsvinden. De verantwoording van het MPP Buitenruimte vindt plaats via de P&C-cyclus. Voorgeschiedenis en context
Pagina
3 van 13
In 2019 is het voormalige Uitvoeringsprogramma werken buitenruimte verder gegaan als Meerjarenprojectenplan (MPP) Buitenruimte. Het MPP omvat zowel projectbudgetten als beheerbudgetten. De beheerbudgetten zien op middelgroot en groot onderhoud en daarmee samenhangende onderzoeken, maatregelen en voorbereidingsbudgetten. Ook zijn er beheerbudgetten voor kleine maatregelen die geen investering of onderhoud betreffen, zoals verkeersmaatregelen. Buiten het programma worden er allerhande werkzaamheden verricht voor klein dagelijks beheer en onderhoud. Deze behoren niet onder het MPP te vallen, maar zijn uitbesteed aan de Meerlanden, worden door de kernorganisatie Aalsmeer uitgevoerd of verlopen via exploitatiebudgetten op de gemeentewerf. Deze werkzaamheden zijn in het algemeen niet planmatig van aard. Het MPP geeft een doorkijkje naar de projecten die onderzocht en voorbereid worden, biedt de mogelijkheid om combinaties van werken te zoeken en geeft een indruk of de noodzakelijke en gewenste maatregelen passen binnen de financiële mogelijkheden die er zijn. Het is wel zo, dat naarmate een project dichter bij komt in de tijd, de benodigde maatregelen, kosten en planning beter kunnen worden ingeschat. Een belangrijke reden om met een meerjarenprojectenplanning te werken, is dat veel projecten over meerdere jaarschijven verdeeld worden.
Het projectbudget wordt dan ook over meerdere jaren gespreid. Het is vaak tot op het laatste moment lastig in te schatten hoeveel kosten in jaar x gemaakt worden en hoeveel in jaar x+1. Dat komt nu eenmaal omdat de wisseling van het jaar in de winterperiode plaatsvindt en er vaak onzekerheid is over de weersomstandigheden. Ook externe factoren zijn van invloed op de planning, zoals werkzaamheden van nutsbedrijven, de aannemersmarkt en de grondstof- en energiemarkt. In 2022 is de financieringssystematiek voor de buitenruimte op verzoek van de raad volledig herzien, met als doel het toewerken naar een structureel gezonde financiële positie van de gemeente Aalsmeer. Alle investeringsprojecten voor de openbare ruimte zijn in één investeringsprogramma terecht gekomen en de hiervoor benodigde afschrijvingslasten zijn op een aparte plek in de begroting ondergebracht. Alleen de onderhouds- en exploitatiemaatregelen worden nu gefinancierd via de reserve buitenruimte. Binnen de nieuwe financiële kaders is het mogelijk gebleken een duurzaam meerjarenprogramma voor de buitenruimte vast te stellen dat recht doet aan alle beheer- en beleidsplannen die er inmiddels liggen, aan de staat van het areaal en de opdracht van de raad, en dat alles zonder dat er structureel extra budget nodig was, en waarbij er ook ruimte is voor nieuwe projecten.
Het programma Bovenwijkse Voorzieningen is geïntegreerd in het MPP Buitenruimte. Meer informatie over de huidige financieringswijze is te vinden in bijlage 3. Hierbij was in eerste instantie gekozen voor een harde koppeling tussen het resultaat op de stelpost kapitaallasten en de reserve buitenruimte. Deze stelpost wordt de komende jaren omgezet naar begrote afschrijvingslasten per taakveld. In de eerste jaren zijn er nog weinig afschrijvingslasten te verwachten en wordt de reserve buitenruimte opgebouwd. Na verloop van tijd nemen de afschrijvingslasten voor de buitenruimte toe, worden deze hoger dan de reservering op de begroting en zal de reserve buitenruimte langzaam aan dalen door het tekort voor de afschrijvingslasten aan deze reserve te onttrekken. Daarmee is de financiering van de buitenruimte voor de komende dertig jaar naar verwachting gewaarborgd, tenzij er tussentijds besloten wordt zaken te wijzigen in de systematiek, zoals het verlagen van de dotatie aan de reserve, het eenmalig onttrekken van middelen aan de reserve of het wijzigen van de functie van de reserve. Daarmee komt de langetermijnfinanciering onder druk te staan. Dat kan dus betekenen dat projecten die nu geprogrammeerd zijn niet meer uitgevoerd kunnen worden. Het implementeren van de nieuwe systematiek heeft veel tijd en werk gekost en het duurt een aantal jaar voordat het effect ervan zichtbaar wordt.
Op termijn is het wellicht wenselijk te gaan werken met een
Pagina
4 van 13
voorziening voor instandhouding van de buitenruimte, maar dit zou opnieuw vragen om een herziening van de systematiek. Dit is nu niet opportuun. Achter het MPP gaat een rekenmodel schuil, dat het programma voor een periode van 30 jaar financieel doorrekent qua afschrijvingslasten en gevoed wordt met structurele en incidentele dotaties, verwachte afdrachten vanuit gebiedsontwikkelingen en investeringsruimte op basis van begrote afschrijvingslasten. Daarbij was ook een aanzienlijke ruimte gereserveerd voor nog niet geprogrammeerde projecten waarvoor op termijn naar verwachting financiële ruimte moet worden gezocht, bijvoorbeeld omdat ze verder weg in de tijd liggen, of omdat ze nadere politieke afweging vergen. Zo waren in 2022 enkele grote investeringsprojecten voor de doorrekening toegevoegd, waaronder een volledige reconstructie van de Uiterweg, investeringen in het project Van Cleeffkade-Raadhuisplein-Stationsweg, in het MRA-hoofdfietsnet en het verbeteren van de bereikbaarheid van Kudelstaart. In totaal ging het in deze doorrekening om meer dan 20 miljoen euro. Door de financieel onzekere toekomst door het ravijnjaar 2026 en met de projecten samenhangende stijgende rentelasten is het voorstel om deze grote projecten en andere grote investeringen momenteel niet te programmeren.
Wel wordt voorgesteld om een meer sobere renovatie van alleen de verhardingen van de Uiterweg in het MPP op te nemen vanaf jaarschijf 2027 en op deze manier ook renovaties van de Van Cleeffkade en het Raadhuisplein op een later moment te programmeren. Voor een deel hiervan kan gebruik worden gemaakt van reeds aanwezige gereserveerde budgetten in het MPP. Afwijkingen programma's 2025 ten opzichte van de 2e burap en de jaarrekening 2024 Bij de 2e Bestuursrapportage 2024 lag voor 2025 een netto bestedingsplan van € 23,7 miljoen. Bij de jaarrekening zijn restantbudgetten van 2024 doorgeschoven naar 2025. Dit heeft geleid tot ophoging van het netto bestedingsplan van 2025 naar € 27,7 miljoen. Bij de huidige actualisatie van het programma wordt het bestedingsplan naar beneden bijgesteld naar € 15,1 miljoen. Het MPP is een omvangrijk programma met vele projecten. De prognoses van vrijwel alle beheeren projectbudgetten worden gedurende het jaar bijgesteld. Soms kunnen de verwachte kosten wat omlaag, bijvoorbeeld omdat risico's zich niet voordoen of bepaalde werkzaamheden kunnen worden uitgesteld. Soms doen zich juist wel risico's voor en moeten budgetten wat omhoog worden bijgesteld of worden werkzaamheden uitgesteld.
Het komt ook voor dat nieuwe projecten aan het programma worden toegevoegd, bijvoorbeeld op basis van inspecties, wensen vanuit bewoners, urgente schades aan objecten in de buitenruimte, etcetera. Zoals bekend wordt bewust gewerkt met ogenschijnlijk 'planningsoptimisme', omdat op voorhand duidelijk is dat er bij bepaalde projecten vertraging op zal treden, maar niet te zeggen is bij welke projecten. Bij het aantrekken van financiële middelen wordt hiermee rekening gehouden. Op deze manier is er op projectniveau naar verwachting voldoende budget om voortgang te kunnen maken, maar op programmaniveau sprake van een overplanning. Ook nu worden diverse budgetten ten opzichte van de 2e bestuursrapportage en de jaarrekening naar boven of naar beneden bijgesteld. Vaak gaat het hierbij om fasering of herprioritering. Een belangrijke verklaring hiervoor is de volgende. Naast de jaarlijks terugkerende beheerbudgetten worden de projecten die op afzienbare termijn in beeld zijn doorgaans geprogrammeerd binnen de tijdshorizon van het MPP (vier jaar). Niet alle projecten zijn daarbij urgent, zodat bij de bijstellingen van het MPP (na inspecties en onderzoeken) opnieuw naar de prioriteiten gekeken kan worden. Daarbij worden bij de 2e bestuursrapportage vooral budgetten bijgesteld van het lopende jaar, waarbij deze gefaseerd moeten worden indien de risico's zich voordoen uit de vorige alinea.
Deze budgetten schuiven dan door naar het jaar erna. Dat gebeurt ook bij de jaarrekening voor de lopende projecten. Na bijstelling van de begroting is er dan doorgaans sprake van een te hoge en niet meer realistische begroting in het jaar dat het hele MPP weer wordt geactualiseerd. Dat leidt in de regel weer tot het doorschuiven van andere projecten met een jaar. De investeringsruimte dient hierbij beschikbaar te blijven voor volgende jaren. Hierbij dient aangetekend te worden dat het
Pagina
5 van 13
programma van 2026 nog steeds omvangrijk is en naar verwachting in de loop van dit jaar of volgend jaar weer moet worden bijgesteld. Op voorhand is echter niet te zeggen bij welke projecten de genoemde vertragingsrisico's daadwerkelijk optreden. Daarom wordt vooralsnog uitgegaan van een wat ruimer programma dan gerealiseerd gaat worden. In de liquiditeitsprognose van de gemeente wordt rekening gehouden met een wat lagere financieringsbehoefte. De grootste afwijkingen ten opzichte van de 2e Bestuursrapportage en de jaarrekening zijn: Het onderhoudsbudget asfalt is in 2025 verlaagd met € 400.000. Dit wordt gereserveerd voor het asfalteren van de Ophelialaan-noord in 2026, dat als apart beheerproject is toegevoegd. De verkeersregelinstallatie op de Schweitzerstraat in Kudelstaart functioneert nog goed. De vervanging van de installatie wordt daarom opnieuw een jaar doorgeschoven. We bekijken dit van jaar tot jaar. De aanleg van het laatste deel van de Burgemeester Hoffscholteweg kan van start. Het tracé is inmiddels vrijgemaakt van opstallen en de voorbelasting kan naar verwachting in het tweede kwartaal van dit jaar worden aangebracht. Verder is een oplossing gevonden voor de ontsluiting van Polderzoom 2 voor langzaam verkeer. Op het noordelijk deel van de weg kan alsnog een vrijliggend fietspad en voetpad worden ingepast.
Het project 'Voetgangersbrug met trap' vervalt en de werkzaamheden worden geïntegreerd in het afmaken van de Hoffscholteweg. Voor alle laatste werkzaamheden op de Hoffscholteweg is naar verwachting een aanvullend budget nodig van € 2.000.000. Dit staat vooralsnog geprogrammeerd voor 2026, met een risicoreservering op 2027. Als de voorbereidingen en de aanbesteding vlotten, kan mogelijk een deel al in 2025 worden gerealiseerd. Bij de 2e bestuursrapportage wordt de prognose in dat geval bijgesteld. De budgetverhoging heeft drie oorzaken. Ten eerste is de ondergrond van het nog aan te leggen wegvak dermate slecht dat er glasschuim moet worden aangebracht onder het asfalt. Dat materiaal is duur en hier was oorspronkelijk geen rekening mee gehouden. Ten tweede is het terugbrengen van het Spoorlijnpad voorgefinancierd uit het resterende budget voor de Hoffscholteweg, in afwachting op uitwerking en raming van het resterende tracé. Ten derde is het aanbrengen van een vrijliggend fiets- en voetpad langs het noordelijk deel van weg toegevoegd aan de scope. De reconstructie van de eerste fase van de Machineweg nadert de afronding. Voor de tweede fase (kruising met de Aalsmeerderweg e.o.) staat op twee projectnummers nog ruim 3,5 miljoen gereserveerd. Voor deze 3,5 miljoen is helaas geen rotonde te maken op de kruising met de Aalsmeerderweg.
Zoals eerder al aangekondigd, zou deze rotonde door de ingewikkelde technische constructies meer dan 5 miljoen gaan kosten. Daarom is het ontwerp voor deze kruising heroverwogen en is een alternatief met verkeerslichten uitgewerkt. Zeker omdat ook bij andere projecten de kosten stijgen en de gemeente voor een financieel lastige periode staat, is het verstandiger voor deze variant te kiezen. Hierdoor kan het totale projectbudget voor de Machineweg aanzienlijk worden verlaagd. De reconstructie van de Uiterweg rond de Kees Hansenbrug is afgerond. Voor dit project was nog een risicoreservering begroot in 2025. Het restantbudget kan vrijvallen, wat een aanzienlijke meevaller oplevert. Project Fietspaden Wissel-Baanvak-Spoorlijnpad is in uitvoering. De verwachting is dat ook hier een kleine risicoreservering niet nodig blijkt. Deze risicoreservering wordt voorlopig doorgeschoven naar 2026. Na afronding van het project wordt het project financieel definitief afgesloten. De aanleg van de brug in de Lijnbaan en de herinrichting van de weg worden duurder dan eerder verwacht. De uitvoering start in 2025 met de aanleg van de brug. De rijbaan volgt dan in 2026. Het budget van 2025 wordt iets verlaagd en het budget van 2026 wordt opgehoogd. Waar mogelijk en waar nodig worden diverse projecten getemporiseerd of lopen deze om uiteenlopende redenen vertraging op in de voorbereiding.
Dit speelt bij de projecten Herinrichting Ophelialaan, Aanpak rioleringsknelpunt Gerberastraat, Vernieuwen delen van de Oosteinderweg, Fietsroutes Hornweg en Mijnsherenweg en de reconstructie van de Hoofdweg. De voorbereiding van de aanpak van de N231-zuid door de provincie duurt langer dan gepland. Het onderzoek naar en de werkvoorbereiding van de capaciteitsvergrotende maatregelen is nu
Pagina
-
-
6 van 13
weer opgepakt door de provincie. De gemeente neemt deel aan de regionale projectgroep hiervoor. Daardoor schuift de gemeentelijke bijdrage, die na afronding van het werk betaald wordt, ook door. De renovatie van de Stommeerkade wordt afgeschaald naar onderhoud daar waar nodig. De renovatie van de Herenweg wordt daarentegen juist uitgebreid. Per saldo wordt het totaal benodigde budget iets opgehoogd. Enkele nieuwe projecten zijn toegevoegd of afgesplitst van verzamelbudgetten.
Alle aanpassingen leiden tot een verlaging van het programma van 2025 met 12,6 miljoen euro. Het programma van 2026 neemt toe met 7,6 miljoen. Voor een gedetailleerd overzicht van mutaties in 2025 wordt verwezen naar bijlage 1. De netto-kostenstijging in het programma van 2026 komt vooral door de gestegen verwachte kosten op de projecten Burgemeester Hoffscholteweg en Lijnbaan-Dorpsstraat. Daarnaast is voor meer dan 5 miljoen aan projecten vanuit 2025 doorgeschoven naar 2026. In de bijlagen 1 tot en met 3 staat meer achtergrondinformatie. In de geheime bijlage 1 staat het totaaloverzicht van beheer- en projectbudgetten voor de komende vier jaar. In bijlage 2 staat een indicatieve planning per beheer- en projectbudget. Deze is in een aparte bijlage opgenomen omdat deze indicatieve planning niet geheim hoeft te worden verklaard. In bijlage 3 staan omschrijvingen per project en vindt u nog een uitgebreidere toelichting op de opbouw van het programma en de achterliggende beleidsvelden.
De grootste projecten die naar verwachting geheel of deels in 2025 worden gerealiseerd, zijn de afronding van project Machineweg 1e fase (traject Hornweg-Japanlaan), de aanleg van de verlengde Molenvlietweg met rotonde bij de Aalsmeerderweg, reconstructie van een deel van de Hortensialaan, reconstructie van de Aalsmeerderweg-zuid, het vervangen van twee betonnen bruggen in de Karperstraat, de aanleg van een brug in de Verlengde Lijnbaan, het verbeteren van de fietsroutes Wissel-Baanvak en Spoorlijnpad, de reconstructie van het Weteringplantsoen en de Rozenstraat en de aanpak van het parkeerterrein bij tennisclub All Out aan de Sportlaan. En daarnaast gaat het reguliere jaarlijkse vervangings- en beheerwerk gewoon door, zoals: vervangen van beplanting, speelplaatsen en openbare verlichting vervangen van speelplaatsen aanpassen van allerhande verkeerssituaties groot onderhoud aan en vervanging van asfaltwegen en elementenverhardingen herstel van kabelsleuven beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken kleine maatregelen op het gebied van water en recreatie baggeren Overwegingen die hebben geleid tot het voorgestelde besluit
Programma is financieel haalbaar binnen bestaande financiële kaders Door het MPP Buitenruimte vast te stellen, de begrotingswijzigingen te verwerken en de budgetten beschikbaar te stellen kunnen de werken uit Bijlage 1 voorbereid en in uitvoering gebracht worden. De geprogrammeerde projecten kunnen in de periode 2025-2028 gedekt worden met bestaande beschikbare middelen. Hierbij is uitgegaan van: de jaarlijkse dotatie aan de reserve buitenruimte de reeds besloten jaarlijkse investeringsruimte wegen het vastgestelde Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) de reeds in de begroting opgenomen begrotingsposten voor afschrijvingslasten de reeds besloten gewijzigde investeringssystematiek Programma zorgt ervoor dat beleid wordt uitgevoerd en het areaal op orde wordt gehouden
Pagina
7 van 13
Het programma en de financieringssystematiek leiden ertoe dat de vastgestelde beleidsplannen kunnen worden uitgevoerd en dat er financiële ruimte is om het areaal op orde te houden met budgetten die aansluiten bij deze beleidsnota's. Het MPP bevat daarnaast ruimte voor gewenste bovenwijkse infrastructuur en kwaliteitsimpulsprojecten en sluit aan bij de Nota Wegen, de Nota Civieltechnische Kunstwerken, de Bomennota en de Mobiliteitsagenda. Geheimhouding is van belang Bijlage 1 'Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2025-2028 (budgettenlijst) wordt geheim verklaard, omdat diverse werken moeten worden aanbesteed. Keuzemogelijkheden/alternatieven
De financiën van de gemeente staan momenteel flink onder druk als gevolg van bezuinigingen van rijkswege op het gemeentefonds en door stijgende rentes. Het is niet uitgesloten dat in de komende jaren keuzes gemaakt moeten worden die gevolgen hebben voor het onderhoud aan de buitenruimte. Er ontstaat dan minder ruimte voor kwaliteitsimpulsprojecten, werkzaamheden zullen waar mogelijk moeten worden uitgesteld en kwaliteitsvermindering is dan onvermijdelijk. Hoe groot de daadwerkelijke impact wordt, is erg afhankelijk van de uitkomsten van de gesprekken tussen gemeenten en Rijk. Vooralsnog past terughoudendheid bij programmering van nieuwe werken. Ook hebben wij daar waar mogelijk projecten getemporiseerd. Om deze reden zijn de volgende projecten momenteel niet geprogrammeerd in het MPP: Volledige herinrichting Van Cleeffkade-Stationsweg-Raadhuisplein Volledige reconstructie Uiterweg 3e en 4e fase (wel renovatie verhardingen) Ontsluiting Weteringstraat-Burg.Kasteleinweg Aanvullende investeringen hoofdfietsroutes Capaciteitsvergroting N231-zuid 2e fase Aanpassen rotondes Burgemeester Kasteleinweg naar de Vathorstvariant (of anders) Voor de herinrichting van de Van Cleeffkade, Stationsweg en Raadhuisplein is een voorbereidingsbudget beschikbaar gesteld door de raad. In overleg met belanghebbenden is een inrichtingsplan gemaakt om de kwaliteit van de openbare ruimte te verbeteren.
Er is nog geen uitvoeringsbudget geprogrammeerd. Het nu uitgewerkte plan kost dermate veel geld dat uitvoering daarvan in de huidige financieel onzekere tijden niet verantwoord is. Met het resterende voorbereidingsbudget wordt een soberder plan uitgewerkt, uitgaande van noodzakelijk onderhoud met kleine functionele verbeteringen en vergroening. De raad zal hier, naar verwachting in de loop van 2025, bij worden betrokken. Het besluit over het project wordt bij een volgende actualisatie in het MPP verwerkt. Ook maatregelen als gevolg van het Verkeerscirculatieplan en het Wegencategoriseringsplan kunnen na besluitvorming daarover in het MPP worden verwerkt bij een volgende actualisatie. Veel projecten binnen het MPP zijn geprogrammeerd omdat er een technische noodzaak is om onderdelen van de buitenruimte te onderhouden, renoveren of vervangen. Aan de beschikbaar gestelde middelen liggen beleids- en beheerplannen ten grondslag. Uitstel van dit type projecten kan soms wel, maar tot op zekere hoogte, zolang er geen kapitaalvernietiging optreedt. Als de achteruitgang van assets te groot wordt, ontstaat fundamentele schade en daardoor kunnen vervangingskosten juist op termijn hoger uitpakken. Met tijdelijk uitstel wordt bovendien slechts op korte termijn wat afschrijvingslastenbudget vrijgespeeld.
Voor veel projecten met een lange afschrijvingsduur gaat het dan vaak maar om enkele duizenden euro's per jaar. Enkele projecten in het programma zijn kwaliteitsverbeteringsprojecten met maatschappelijke, politieke of beleidsmatige oorsprong. Uitstel of schrappen daarvan kan in de regel minder kwaad, maar zou tot maatschappelijk protest kunnen leiden. Vaak gaat een kwaliteitsverbeteringsproject gepaard met onderhoud/renovatie/vervanging (wat op die plekken wel nodig blijft) en met
Pagina
8 van 13
subsidiemogelijkheden, waardoor een subsidie (een deel van) de meerkosten ten opzichte van regelmatig onderhoud kan afdekken.
Participatie
Over het MPP zelf vindt geen participatie plaats. Communicatie en participatie vindt plaats binnen de afzonderlijke projecten. Kanttekeningen en risico’s
Voor 2025 ligt een ambitieus, maar realistisch programma voor met netto € 15,1 miljoen aan programma. Het jaarprogramma voor 2026 is met de huidige inzichten eveneens nog steeds aan de ruime kant met € 20,1 miljoen. Naar verwachting zal het programma voor 2025 en 2026 bij de eerstvolgende actualisatie worden bijgesteld en weer worden herverdeeld over de komende jaren. Gelijktijdig met de 2e bestuursrapportage wordt in beeld gebracht om welke projecten dit gaat en wordt de programmering weer geactualiseerd, met het oog op de liquiditeitspositie van de gemeente. Als gevolg van flinke kostenstijgingen in de infrasector zijn de verwachte kosten van veel projecten momenteel onzeker. In de projecten- en budgettenlijst zijn indicatieve budgetten opgenomen om een meerjarenbeeld van de opgave te kunnen doorrekenen. Naarmate de voorbereiding van een project vordert, onderzoeken zijn gedaan en eventuele varianten zijn verkend en ontwerpen zijn gemaakt, krijgen we steeds beter zicht op de werkelijk te verwachten kosten. Daarbij wordt ook steeds kritisch gekeken naar de scope. Bij erg hoge kostenramingen heroverwegen we de scope en kijken we zorgvuldig welke maatregelen mogelijk zijn om de kosten te drukken. Financiën
In de geheime bijlage 1 wordt zo goed mogelijk weergegeven wat de verschillen zijn ten opzichte van vorig jaar. Hieronder wordt inzicht gegeven in de financiële stand van zaken en de financiële meerjarenplanning op hoofdlijnen. De budgetten per project staan in de vertrouwelijke bijlage. De investeringen uit de vorige versie van het MPP zijn reeds vertaald in begrote afschrijvingslasten op de productbegrotingen. De huidige actualisatie brengt alleen de mutaties op deze lasten in beeld. Stand reserve Buitenruimte per 1-1-2025:
€ 20.925.981
Benodigd voor beheerbudgetten 2025: Benodigd voor beheerbudgetten 2026: Benodigd voor beheerbudgetten 2027: Benodigd voor beheerbudgetten 2028: Gereserveerd voor afronding Waterfront:
€ € € € €
2.808.000 3.280.000 2.800.000 2.755.000 (jaarlijks vanaf 2028) 169.400
Begrote dotaties / verwachte beschikbaar komende middelen voor het programma: Reserve Buitenruimte jaarlijks: € 2.744.900 per jaar Incidentele korting dotatie 2026: € 300.000 -/Afdrachten bovenwijkse projecten 2025+: € 270.000 per jaar (inschatting) Daarnaast is gerekend met een structurele toename van het budget om op lange termijn voldoende budgettaire ruimte voor afschrijvingslasten en beheerbudgetten te krijgen: Ingroeipad beheerlasten MPP naar str.sluitend 2025: € 90.000 Ingroeipad beheerlasten MPP naar str.sluitend 2026: € 135.000
Pagina
-
Ingroeipad beheerlasten MPP naar str.sluitend 2027: Ingroeipad beheerlasten MPP naar str.sluitend 2028: Ingroeipad beheerlasten MPP naar str.sluitend 2029:
€ € €
9 van 13
180.000 225.000 270.000
Dit is vergelijkbaar met de groeiende investeringsruimte wegen in de oude systematiek, om op een toekomstig sluitend jaarlijks budget uit te komen. Naast de eigen financiële bronnen komt er regelmatig ook subsidie vanuit de Vervoerregio beschikbaar voor projecten. In het rekenmodel is rekening gehouden met indicatief verwachte netto-kosten voor de gemeente, na aftrek van mogelijke subsidies, maar de daadwerkelijke hoogte van de bijdragen is niet op voorhand zeker. Voor projecten die op korte termijn in uitvoering gaan, maar waarvan de bijdrage nog niet bekend is, is alleen het uitvoeringsbudget geprogrammeerd. Na bekend worden van de bijdrage ontstaat er dan weer een meevaller op het project. Wijze van financiering In de P&C-cyclus van de gemeente wordt gewerkt op basis van kalenderjaren. De investeringsprojecten houden hier echter geen rekening mee. Hierdoor ontstaat verschil tussen de begrote afschrijvingslasten en de werkelijke afschrijvingslasten. Dit verschil is puur een verschuiving tussen kalenderjaren. Daarom is in 2022 besloten om jaarlijks bij de 2e bestuursrapportage het (gebleken) verschil tussen de begrote en werkelijk geboekte afschrijvingslasten te verrekenen met de dotatie aan de Reserve Buitenruimte.
In de eerste paar jaar leidt dat naar verwachting tot een extra dotatie aan de reserve, in de jaren daarna juist tot een steeds grotere vermindering van de dotatie aan de reserve, omdat de werkelijke afschrijvingslasten dan groter worden dan de begrote afschrijvingslasten. Dat leidt tot een geleidelijke daling van de middelen in de Reserve Buitenruimte. Op deze wijze worden de lasten geëgaliseerd. Omdat project Waterfront volgens de oude systematiek wordt afgerekend, worden de kosten en baten direct ten laste van de Reserve Buitenruimte gebracht en gestort in de Reserve Dekking Kapitaallasten Groen. De verwachte onttrekking aan de Reserve Buitenruimte ten behoeve van het MPP 2025 is € 2.977.703. De verwachte storting in de Reserve Dekking Kapitaallasten Groen wordt in 2025 € 169.400 (indien alle nog resterende middelen voor het Waterfront worden uitgegeven; vermoedelijk zal het om minder gaan in 2025). Investeringsruimte riolering (GRP) Naast de hierboven genoemde middelen is er voor investeringsprojecten riolering een investeringsruimte riolering beschikbaar voor de periode 2021-2026 op basis van het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP). Per 1-1-2025 resteert er nog ongeveer € 5,4 miljoen voor projecten t/m eind 2026. In 2026 wordt het GRP herzien en volgt beschikbaarstelling van nieuw budget voor de periode daarna.
Aan het eind van 2026 is deze investeringsruimte naar verwachting volledig besteed. Voor jaarschijf 2027 en 2028 is gerekend met een investeringsruimte van € 1.850.000 per jaar, die overeenkomt met het gemiddelde van de periode 2021-2026. Om het nu geprogrammeerde MPP inclusief 2027 en 2028 te kunnen realiseren is voor € 9,3 miljoen aan investeringsbudget nodig. De dekking van de voor het investeringsprogramma riolering benodigde kapitaallasten is onderdeel van de besluitvorming over de tariefstelling rioolheffing. Samenvatting verwachte kosten 2025-2028 per taakveld Er is per discipline een prognose van lasten en baten per jaarschijf voor de periode 2025-2028 opgesteld. Deze prognose is een momentopname want de werken hebben veelal een langere doorlooptijd en zijn afhankelijk van diverse, veelal externe, factoren. In de planning kunnen dus gedurende het lopende jaar wijzigingen optreden. Door middel van de reguliere P&C-cyclus wordt hierover gerapporteerd. De werkzaamheden die aan de Meerlanden zijn uitbesteed en de werkzaamheden van de kernorganisatie Aalsmeer vallen niet onder het MPP.
Pagina
10 van 13
Alle hieronder genoemde beheerbudgetten per taakveld zijn exclusief overhead. De overhead wordt niet over alle kosten in rekening gebracht en deze wordt bovendien apart afgerekend en verantwoord op programma 7. Deze is dus als aparte regel opgenomen in de tabel. Bij investeringsbudgetten gaat de overhead mee in het krediet.
11 van 13
Pagina
Beheerbudgetten: Taakveld
2025
2026
2027
2028
* 1.000 euro TOTAAL
2.1 Verkeer en vervoer
2.077
2.630
2.230
2.230
9.248
5.7 Groen en spelen
501
525
445
400
1.895
5.7 Water
125
125
125
125
500
Overhead
106
Totaal
2.808
3.280
2.800
2.755
11.643
Investeringskredieten (indicatief): Investeringen
2025
2026
2027
2028
* 1.000 euro TOTAAL
2.1 Verkeer en vervoer
9.114
12.967
7.553
1.803
31.435
5.7 Groen en spelen
810
230
230
230
1.500
5.7 Water
257
278
78
78
689
2.121
3.298
1.880
2.000
9.299
12.302
16.772
9.740
4.110
42.924
7.2 Riolering * Totaal
* 7.2 Kosten riolering verlopen via GRP/rioolheffing
Bijbehorende te verwachten afschrijvingslasten investeringen (excl. afronding project Waterfront dat volgens de oude systematiek afgerekend wordt):
Taakveld
* 1.000 euro 2029
2026
2027
2028
2.1 Verkeer en vervoer
182
490
718
774
5.7 Groen en spelen
36
51
67
82
5.7 Water
9
18
20
23
227
559
805
879
42
108
146
186
Totaal 7.2 Riolering *
* 7.2 Kosten riolering verlopen via GRP/rioolheffing
Het geactualiseerde MPP leidt tot de volgende mutaties van de afschrijvingslasten: Taakveld
2026
2027
2.1 Verkeer en vervoer
* 1.000 euro 2028 2029
-291,1
-142,6
0,4
56,4
5.7 Groen en spelen
-1,8
-1,8
-1,8
13,6
5.7 Water
-7,2
-10,5
-10,5
-8,0
-300,1
-154,9
-11,9
62,1
-25,1
-8,6
1,4
14,3
Totaal 7.2 Riolering *
* 7.2 Kosten riolering verlopen via GRP/rioolheffing.
Deze mutaties kunnen worden gedekt via de stelpost kapitaallasten MPP en de reserve buitenruimte:
Mutatie afschrijvingslasten Inzet stelpost kapitaallasten Mutatie reserve buitenruimte *
* 1.000 euro 2029
2026
2027
2028
-300,1
-154,9
-11,9
62,1
0
0
0
45,0
-300,1
-154,9
-11,9
17,1
* Negatief betekent een toevoeging aan de reserve, positief een onttrekking.
Pagina
12 van 13
De verwachte ontwikkeling van de Reserve Buitenruimte wordt in de 2e bestuursrapportage gepresenteerd, omdat dan de gevolgen van de jaarafsluiting 2024 bekend zijn en daarmee ook de afschrijvingslasten van 2025. Afdrachten gebiedsontwikkelingen voor bovenwijkse infrastructuur In 2022 is besloten de afdracht voor bovenwijkse infrastructuur vanuit gebiedsontwikkelingen voortaan in de Reserve Buitenruimte te laten storten en op deze manier mee te laten nemen in de verrekening tussen afschrijvingslasten en dotaties. Na verloop van tijd moet blijken of deze systematiek werkbaar en houdbaar is. Er is nu gerekend met een gemiddelde inkomst van ongeveer € 270.000 per jaar voor de komende jaren. Deze volgt uit de Nota Kostenverhaal Bovenwijkse Voorzieningen, die in 2021 is vastgesteld in de raad. Deze Nota heeft een kortere planhorizon dan het MPP en de inkomsten zijn onzeker. Daarom zijn de totale inkomsten voor de doorrekening van het nieuwe MPP gespreid over 20 jaar en daarmee voorzichtig geraamd. Het nieuwe programma buitenruimte uit de geheime bijlage 1 is doorgerekend voor een periode van 30 jaar en met de beschikbare en hierboven aangegeven financiële bronnen is dit programma haalbaar. Daarmee biedt het huidige programma bovendien voldoende flexibiliteit om onzekerheden op te vangen.
Voorwaarde daarbij is dat de in 2022 vastgestelde systematiek minimaal overeind blijft, dat de jaarlijkse dotatie aan de Reserve Buitenruimte niet wordt gekort en dat de investeringsruimte voor wegen maatschappelijk nut jaarlijks blijft toenemen tot uiteindelijk 1,2 miljoen per jaar. De gevolgen van het programma strekken zich immers over vele tientallen jaren uit. Tussentijdse wijzigingen zijn uiteraard niet ondenkbaar, maar moeten goed voor de lange termijn worden doorgerekend. Vervolgstappen Uitvoering en procesplanning
Bijlage 1 van het 'Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2025-2028 (budgettenlijst)' wordt gepubliceerd in iBABS ten behoeve van raadsleden en fractieassistenten. Deze bijlage is geheim aangezien na het raadsbesluit aanbestedingen volgen en informatie uit de geheime bijlage van invloed kan zijn op het resultaat van de aanbestedingen. De indicatieve planning en de tekstuele toelichting (bijlagen 2 en 3) zijn wel openbaar beschikbaar. Waar mogelijk zijn in bijlage 3 ook budgetten of totaalbedragen benoemd die niet geheim hoeven te zijn. Het MPP wordt gepresenteerd aan de commissie Ruimte en ter besluitvorming aan de raad voorgelegd. Verantwoording vindt plaats in de P&C-cyclus. Evaluatie
Verantwoording vindt plaats in de P&C-cyclus. De gewijzigde financieringssystematiek maakt het plannen en programmeren van werkzaamheden via het MPP tot nu toe ingewikkelder dan volgens de oude systematiek. Duurzaamheidsaspecten
In het MPP zijn diverse maatregelen opgenomen die bijdragen aan een duurzame leefomgeving. Bijlagen
Bijlage 1: MPP Buitenruimte Aalsmeer 2025-2028 (budgettenlijst, geheim) Bijlage 2: MPP Buitenruimte Aalsmeer 2025-2028 (indicatieve planning) Bijlage 3: MPP Buitenruimte Aalsmeer 2025-2028 (tekstuele toelichting) Bijlage 4: MPP Buitenruimte Aalsmeer 2025-2028 (raadsbesluit)
Pagina
De secretaris,
De voorzitter,
drs. Sj. Vellenga
mr. G.E. Oude Kotte
13 van 13
Dit document is elektronisch ondertekend. Zie de elektronische handtekening(en) rechtsboven op pagina 1.