CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

20240326 Integraal Huisvestingsplan onderwijs Aalsmeer 2024-2039

1b. Commissie Ruimte Oordeelsvormend 2 april 2024, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Integraal Huisvestingsplan onderwijs Aalsmeer 2024-203914.066 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Integraal huisvestingsplan onderwijs Aalsmeer 2024 – 2039

Pagina

Datum: december 2023 Opgesteld door: Anja van Leeuwen

Z23-083791; D23-388710

2 van 48

Pagina

3 van 48

Inhoudsopgave 1.

Voorwoord .....................................................................................................5

2.

Samenvatting en leeswijzer .............................................................................7

2.1

IHP vanaf 2025 verplicht ..............................................................................7

2.2

Leerlingenprognoses ....................................................................................8

2.3

Overzicht voorzieningen onderwijshuisvesting 2024-2027 ................................8

2.4

Leeswijzer ..................................................................................................9

3.

Wettelijk kader ............................................................................................. 10

3.1

WPO, WVO, WEC ....................................................................................... 10

3.2

Wet passend onderwijs .............................................................................. 10

3.3

Kinderopvang en voor-en vroegschoolse educatie .......................................... 11

3.4

Wmo, Jeugdwet en Participatiewet .............................................................. 12

3.5

Wet samen sterker door vereenvoudiging samenwerkingsschool ..................... 12

3.6

Wet meer ruimte voor nieuwe scholen ......................................................... 12

3.7

Wet toekomstbestendig onderwijsaanbod ..................................................... 12

3.8

Klimaatwet en Klimaatakkoord .................................................................... 12

3.9

Conclusie ................................................................................................. 12

4.

Relevante beleidsthema’s binnen de gemeente Aalsmeer ................................... 13

4.1

Brede samenwerking ................................................................................. 13

4.2

Eigendomssituatie, beheer & exploitatie gebouwen ........................................ 14

4.3

Duurzaamheid en Frisse Scholen ................................................................. 16

4.4

Flexibiliteit en ruimtebehoefte ..................................................................... 17

4.5

Spreiding van kinderen per kern ................................................................. 17

4.6

Bewegingsonderwijs .................................................................................. 17

4.7

Internationalisering/Nieuwkomersonderwijs .................................................. 18

4.8

Schoolpleinenplan ..................................................................................... 19

4.9

Tieneronderwijs ........................................................................................ 19

5.

Ruimtelijke analyse ....................................................................................... 21

5.1

Aalsmeer-Dorp .......................................................................................... 22

5.1.1 OBS Samen Een, Schoolstraat 15 ................................................................ 23 5.1.2 IKC Triade, Dreef 1A ................................................................................. 24 5.1.3 Taalsmeer, Dreef 1A (tijdelijk Catharina-Amalialaan 66) ................................ 25 5.1.4 Jozefschool, Gerberastraat 2 en Baccarastraat 3 ........................................... 26 5.1.5 Kinderopvang ........................................................................................... 27 5.1.6 Bewegingsonderwijs .................................................................................. 27 5.1.7 Duurzaamheid .......................................................................................... 28 5.2

Kudelstaart ............................................................................................... 29

5.2.1 OBS Kudelstaart, Zonnedauwlaan 65 ........................................................... 30 5.2.2 KC De Ruimte, Schweitzerstraat 136 ........................................................... 31

Pagina

4 van 48

5.2.3 Antoniusschool, Zonnedauwlaan 59 ............................................................. 32 5.2.4 Kinderopvang ........................................................................................... 32 5.2.5 Bewegingsonderwijs .................................................................................. 33 5.2.6 Duurzaamheid .......................................................................................... 33 5.3

Aalsmeer-Oost .......................................................................................... 34

5.3.1 De Zuidooster, Catharina-Amalialaan 66a .................................................... 35 5.3.2 De Brug, Catharina-Amalialaan 66d ............................................................. 36 5.3.3 De Oosteinder, Catharina-Amalialaan 66b .................................................... 36 5.3.4 IKC in Oosteindedriehoek ........................................................................... 37 5.3.5 Kinderopvang ........................................................................................... 38 5.3.6 Bewegingsonderwijs .................................................................................. 38 5.3.7 Duurzaamheid .......................................................................................... 39 6.

Uitvoeringsprogramma .................................................................................. 40

6.1

Ontwikkelingen 2024-2027 ......................................................................... 40

6.1.1 Uitgangspunten onderwijshuisvesting .......................................................... 40 6.1.2 Inhoudelijke thema’s ................................................................................. 40 6.1.3 Aalsmeer-Dorp ......................................................................................... 40 6.1.4 Kudelstaart .............................................................................................. 41 6.1.5 Aalsmeer-Oost .......................................................................................... 42 6.2

Ontwikkelingen 2028-2031 ......................................................................... 42

6.2.1 Inhoudelijke thema’s ................................................................................. 42 6.2.2 Aalsmeer-Dorp ......................................................................................... 42 6.2.3 Kudelstaart .............................................................................................. 42 6.2.4 Aalsmeer-Oost .......................................................................................... 42 6.3 7.

Ontwikkelingen 2032-2039 ......................................................................... 43 Financiën ..................................................................................................... 44

Bijlage A Zienswijze schoolbesturen, kinderopvang en ESA .......................................... 46 Bijlage B Afkortingen ............................................................................................... 47 Bijlage C Gebouwenbestand ..................................................................................... 48

Pagina

5 van 48

1. Voorwoord

Iedereen is het erover eens dat goed onderwijs essentieel is voor de toekomst van onze kinderen. En om dat goede onderwijs te kunnen bieden zien wij een school graag als meer dan alleen een gebouw. Het moet een inspirerende leer-, werk- en zorgomgeving zijn. Kinderen en medewerkers moeten zich er prettig voelen en er met plezier naar toe willen gaan. Het schoolgebouw van de toekomst is in die benadering flexibel, zodat een integraal aanbod van kinderopvang, sport, welzijn, zorg en cultuur mogelijk is. De school is daarmee ook een belangrijke ontmoetingsplek en speelt een grote rol in het veilig, liefdevol en gezond opgroeien van kinderen. Zodat zij hun talenten optimaal kunnen ontwikkelen. Om aan te geven hoe er is samengewerkt aan dit Integraal Huisvestingsplan Aalsmeer 20242039, citeer ik graag delen uit de reactie van de schoolbesturen AURO, JongLeren en SKOA samen met de kinderopvangbesturen FloreoKids, Partou en Solidoe en de Exploitatie Sportaccommodaties Aalsmeer (ESA): “Dit is een compleet plan waarin veel zaken, in onderlinge afstemming, zijn vastgelegd. Daarnaast geeft het ruimte om maatwerk te verlenen. De besturen streven er met de gemeente naar om nieuwe kindcentra te realiseren met een ENG norm.

Pagina

6 van 48

Kinderen zijn onze toekomst. Net als de leerkrachten en pedagogisch medewerkers hebben ze recht op een goede en gezonde ontwikkelomgeving met geschikte ruimtes voor leren, sporten en bewegen (binnen en buiten). Kinderen hebben (beweeg)ruimte nodig. We willen dat met elkaar realiseren vanuit een goede samenwerking tussen alle betrokken partijen. De kinderopvang- en onderwijsbesturen ervaren de samenwerking met alle betrokkenen als zeer constructief en hopen ook de komende jaren met gemeente(raad) verder op te kunnen trekken om goede, toekomstbestendige opvang en onderwijs voor álle kinderen in Aalsmeer te realiseren.” De genoemde goede en constructieve samenwerking met alle partijen heeft ook de gemeente als zodanig ervaren. Er is gesproken over de ontwikkelingen die er op ons afkomen, of alle schoolgebouwen nog wel voldoende toekomstbestendig zijn, welke schoolgebouwen en ontwikkelingen eerst aan de beurt zijn en welke later, en over welke maatregelen en investeringen van zowel de gemeente als de schoolbesturen nodig zijn. Goed onderwijs is bovendien een belangrijk middel om de effecten van armoede en kansenongelijkheid te verkleinen. Het nieuwkomersonderwijs voorkomt dat kinderen op de basisschool beginnen met een taalachterstand en levert een belangrijke bijdrage aan volwaardige deelname van alle kinderen aan onze samenleving.

In de afgelopen jaren zijn de kwaliteitseisen die aan een schoolgebouw worden gesteld verhoogd en aangescherpt. Zo is er steeds meer aandacht voor duurzaamheid en voor het binnenklimaat en ventilatie in een schoolgebouw. We werken gestaag toe naar het voldoen van alle gebouwen aan deze verhoogde kwaliteitseisen en willen uiteindelijk zorgen dat de gebouwen duurzaam verwarmd en gekoeld kunnen worden. Al met al een mooie en grote opgave waar wij als gemeente, schoolbesturen en andere betrokken partners gezamenlijk invulling aan willen (blijven) geven. Bart Kabout, Wethouder onderwijs

Pagina

7 van 48

2. Samenvatting en leeswijzer Voor u ligt het Integraal Huisvestingsplan (IHP) onderwijs 2024-2039. Een IHP is een planningsinstrument dat meerjarig de opgave voor onderwijshuisvesting en de daarmee gemoeide kosten toont. Het is gemaakt in nauw overleg met de schoolbesturen. Ook de vertegenwoordigers van kinderopvangorganisaties en de Exploitatie Sportaccommodaties Aalsmeer (ESA) zijn in het traject aangesloten en hebben meegedacht over de verschillende maatregelen en scenario keuzes. Het IHP wordt door de gemeenteraad vastgesteld in 2024, maar kijkt vooruit tot in 2039. Voor de eerste vier jaren wordt de uitvoering concreet ter hand genomen (2024-2027). Voor de vervolgjaren betreft het een indicatieve fasering. Het IHP wordt vierjaarlijks herijkt. Daarmee kan de gemeenteraad haar ambities, prioritering en inzet van financiële middelen periodiek wegen en telkens de opgave voor de korte termijn en de lange termijn duiden en (her)ijken. Met het IHP hebben gemeente en schoolbesturen houvast voor het maken van lange termijn keuzes. 2.1 IHP vanaf 2025 verplicht Naar verwachting is het vanaf 1 januari 2025 voor gemeenten verplicht eenmaal in de vier jaar een IHP vast te stellen met een doorkijk van nog minstens twaalf jaar.

Het doel van deze wetswijziging is, dat gemeenten en schoolbesturen komen tot een meer planmatige en doelmatige aanpak voor bouw, beheer en onderhoud van schoolgebouwen in het funderend onderwijs. De veranderingen in de wet zijn: • Een verplichting voor het vaststellen van een IHP voor gemeenten en meerjarenonderhoudsplan (MJOP) voor schoolbesturen; • Renovatie wordt een voorziening in de huisvesting waar de gemeente voor verantwoordelijk is; • Het investeringsverbod in het primair onderwijs wordt opgeheven; • Een zorgplicht voor het schoolbestuur voor een gezond binnenklimaat. De PO-raad, VO-raad en VNG hebben gezamenlijk een aantal kanttekeningen geplaatst en adviezen gegeven op de voorgestelde wetswijzigingen1. Zo pleiten zij voor eenduidige minimumeisen aan de inhoud van het IHP, zodat alle IHP’s kunnen fungeren als monitorinstrument. Minimale begrippen als NEN 27672, Frisse Scholen3, daadwerkelijk verbruik en energielabel zouden verplicht onderdeel moeten uitmaken van het IHP. Verder vinden zij het wenselijk dat er een visie wordt opgenomen over de samenwerking met partners in het schoolgebouw, zoals regulier onderwijs, kinderopvang en zorg. Scholen ouder dan 40 jaar moeten voortaan in het IHP worden opgenomen. De gemeente en schoolbesturen gaan vroegtijdig met elkaar in overleg over de te nemen maatregelen.

Wordt het renovatie, nieuwbouw of zijn er andere werkzaamheden noodzakelijk? Belangrijk hierbij is te melden dat niet alleen de gemeente, maar de schoolbesturen financieel verantwoordelijk zijn voor de te nemen maatregelen. Als voor renovatie wordt gekozen gaat men uit van een levensduurverlenging van minstens 25 jaar. Het primair onderwijs kan in geval van een overschot op de van het Rijk verkregen middelen, dat overschot aanwenden voor de kosten van de voorzieningen in de huisvesting. De voorwaarden voor het mee-investeren door schoolbesturen wordt nog vastgesteld in een AMvB. 1 2

Brief Adviesaanvraag op wetswijzigingsvoorstel onderwijshuisvesting.pdf (poraad.nl)

NEN 2767 is de norm voor conditiemeting van een schoolgebouw. Met behulp van inspecties op basis van de NEN 2767 kan de meerjarenonderhoudsplanning (MJOP) en daaruit de meerjarenonderhoudsbegroting worden opgesteld en actueel worden gehouden. 3 Een Frisse School is een schoolgebouw met een laag energieverbruik en een gezond binnenmilieu. In een Frisse School is aandacht voor energie, luchtkwaliteit, temperatuur, licht en geluid.

Pagina

8 van 48

De gemeente is verantwoordelijk voor een gezond gebouw bij oplevering na nieuwbouw of renovatie. Het bevoegd gezag is verantwoordelijk voor het juiste gebruik van de voorzieningen. Het is onduidelijk wie verantwoordelijk is voor bestaande gebouwen die (nog) niet voldoen aan de eisen. In paragraaf 4.3 gaan we nader in op het thema duurzaamheid en Frisse Scholen. Vooruitlopend op de wetswijziging wordt in dit IHP zoveel mogelijk ingespeeld op de eisen die aan een IHP vanaf 2025 worden gesteld. Eisen waar we (nog) niet aan kunnen voldoen, worden als taakstelling in de eerste vier jaar opgenomen. 2.2 Leerlingenprognoses Jaarlijks worden de leerlingenprognoses voor de negen basisscholen voor de korte en lange termijn opgesteld en geactualiseerd. Hiervoor gelden de bevolkingsprognose 2023, de woningbouwprognose 2023 en de leerlingentellingen per 1 oktober 2022 als basisinformatie. De leerlingenprognose wordt opgesteld volgens het programma van eisen vastgesteld in de Wet primair onderwijs. Aan de hand van de prognoses kunnen we de ruimtebehoefte en het aantal klokuren bewegingsonderwijs per school bepalen. De leerlingenprognose 2023 is besproken in het Lokaal Educatieve Agenda (LEA) in juni 2023. De leden van het LEA gaan ermee akkoord dat op basis van deze cijfers beleid wordt gemaakt. In onderstaande grafiek is te zien dat het aantal leerlingen vanaf 2025 gestaag doorgroeit.

Leerlingenprognose PO Aalsmeer, maart 2023 2.850 2.800 2.750 2.700 2.650 2.600

2.550 2.500 2.450 2.400

2.3 Overzicht voorzieningen onderwijshuisvesting 2024-2027 In de Kadernota 2024 is € 160.000 beschikbaar gesteld om verder onderzoek te doen naar de toekomstbestendigheid van de gymlokalen De Rozen en De Baccara. Hier wordt de toekomst van OBS Samen Een in meegenomen. Het budget voor de realisatie van de nieuwbouw IKC Oosteindedriehoek is in de Kadernota 2024 verhoogd en de fasering is aangepast. Voor de grondverwerving is een bedrag van € 860.000 opgenomen.

Pagina

9 van 48

De ontwikkelingen met betrekking tot de huisvesting van Taalsmeer is in de Kadernota 2024 benoemd. De wens om Taalsmeer weer terug te verhuizen naar Aalsmeer-Dorp in de nabijheid van IKC Triade wordt onderkend en hiervoor is nader onderzoek nodig. Voorstel is om een budget van € 160.000 aan te vragen bij de Kadernota 2025. De gemeente en het schoolbestuur van de Jozefschool gaan met elkaar in overleg om de mogelijkheden van renovatie in combinatie met verduurzaming te bespreken. De eventuele financiële consequenties voor de gemeente komen in de periode 2024-2027 aan het licht en worden in een actualisatie van het IHP meegenomen. Voor de realisatie van een robuuste school met ruimten voor kinderopvang en buitenschoolse opvang en indien nodig een sportvoorziening in de kern Kudelstaart is onderzoek nodig. In dit onderzoek wordt ook de staat van onderhoud van het schoolgebouw van KC De Ruimte meegenomen. Voorstel is om een budget van € 160.000 aan te vragen bij de Kadernota 2025. In een overzicht ziet het uitvoeringsprogramma 2024-2027 er als volgt uit:

Uitvoeringsprogramma 2024-2027 Reeds vastgesteld in Kadernota 2024 1. Nieuwbouw IKC in Oosteindedriehoek - voorbereidingskosten - investeringskosten - grondverwerving 2. Locatieonderzoek gymlokalen De Rozen en De Baccara, incl. renovatie of vervanging OBS Samen Een Totaal Nog vast te stellen in Kadernota 2025 3. Locatieonderzoek robuuste school Kudelstaart 4. Locatieonderzoek nieuwbouw Taalsmeer 5. Renoveren in combinatie met verduurzamen Jozefschool Totaal

Totale investering € x 1.000

1.336 15.364 860 160 17.720

160 160 PM 320

2.4 Leeswijzer In hoofdstuk 3 is een overzicht en een korte toelichting gegeven op wetgeving die de onderwijshuisvesting raakt. Hoofdstuk 4 zoomt in op beleidsthema’s die relevant zijn voor het onderwijsaanbod in combinatie met kinderopvang en sport in onze gemeente. Per kern (Aalsmeer-Dorp, Kudelstaart, Aalsmeer-Oost) worden de scholen en hun schoolgebouwen uitgelicht in hoofdstuk 5. Ook wordt een overzicht gegeven van het bewegingsonderwijs en de kinderopvangorganisaties al dan niet opgenomen in het schoolgebouw. Aan de hand van de ruimtelijke analyses is een uitvoeringsprogramma (hoofdstuk 6) van de voorzieningen opgesteld voor de korte termijn en een doorkijk naar de volgende 12 jaar. In het laatste hoofdstuk 7 vindt u de financiële consequenties, maar zijn ook te lezen in paragraaf 2.3. De schoolbesturen, kinderopvangorganisaties en de ESA hebben hun zienswijze gegeven op dit IHP en deze is opgenomen in bijlage A. In onderwijsland wordt veel gebruik gemaakt van afkortingen. In bijlage B zijn alle afkortingen die in dit document worden gebruikt, uitgeschreven. In bijlage C is een overzicht van het gebouwenbestand van de scholen en sportvoorzieningen gegeven.

Pagina

10 van 48

3. Wettelijk kader Dit hoofdstuk brengt het relevante wettelijke kader in beeld. Een visie op onderwijshuisvesting houdt rekening met huidige en toekomstige wet- en regelgeving en wordt binnen de gestelde beleidskaders opgesteld. De visie zoals in het volgende hoofdstuk beschreven biedt samen met de wet- en regelgeving de basis voor de onderwijshuisvesting in de gemeente Aalsmeer op de korte, middellange en lange termijn. Naast de kaders voor onderwijs, zijn ook de kaders voor kinderopvang en zorg en welzijn van invloed op de inhoud van deze strategische visie. Wet- en regelgeving die medebepalend zijn voor deze strategische visie zijn: Wet op het primair onderwijs (WPO); Wet op het voortgezet onderwijs 2020 (WVO); Wet op de expertisecentra (WEC); Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Aalsmeer 2016; Wet Meer ruimte voor nieuwe scholen; Wet markt en overheid (heeft betrekking op huurbeleid). Regelgeving die van invloed is: Wet passend onderwijs; Wet kinderopvang; Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo); Participatiewet; Jeugdwet; Wet samen sterker door vereenvoudiging samenwerkingsschool; Wet toekomstbestendig onderwijsaanbod; Klimaatwet en Klimaatakkoord; Regeling specifieke uitkering ventilatie in scholen (SUVIS). In de navolgende paragrafen wordt een beknopte strekking van de relevante kader uiteengezet.

3.1 WPO, WVO, WEC In de WPO, WVO en WEC is de verantwoordelijkheid van de gemeente en schoolbesturen ten aanzien van onderwijshuisvesting geregeld. Per 1 januari 2015 zijn de WPO en de WEC gewijzigd. De wetswijzigingen houden in dat de zorgplicht voor onderhoud en aanpassing van schoolgebouwen voor gemeenten is vervallen. Vanaf 1 januari 2015 ontvangen de schoolbesturen de hiervoor benodigde vergoeding rechtstreeks van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Naast de taakverantwoordelijkheid die schoolbesturen al hadden, hebben zij vanaf dat moment ook een financiële verantwoordelijkheid ten aanzien van onderhoud en (functionele) aanpassing van gebouwen. De gemeente Aalsmeer heeft uitsluitend onderwijshuisvestingsverplichtingen voor het basisonderwijs. Wij hebben geen speciaal (voortgezet) onderwijs in onze gemeente. Yuverta biedt in Aalsmeer vmbo, mavo en mbo aan. Yuverta valt onder de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB). Het vmbo en de mavo maken hier deel vanuit en vormen daarmee een zogenaamde verticale scholengemeenschap. De bekostiging en huisvesting van Yuverta is geregeld volgens de WEB en als gevolg daarvan heeft de gemeente geen huisvestingsverplichting voor het vmbo en de mavo. 3.2 Wet passend onderwijs Sinds 1 augustus 2014 is de Wet passend onderwijs in werking getreden. Passend onderwijs gaat over alle leerlingen in het PO, VO, SO en mbo.

In de praktijk gaat het vooral om leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. Deze ondersteuning kan nodig zijn vanwege

Pagina

11 van 48

een lichamelijke of verstandelijke beperking, een chronische ziekte, een gedragsprobleem of een leerstoornis. Het doel van deze wet is dat meer leerlingen binnen de ‘reguliere’ scholen onderwijs zullen genieten, waardoor minder leerlingen aan het (V)S(B)O deelnemen. Ook dienen scholen maximaal toegerust te zijn op een veranderende ‘onderwijsvraag’ (toegankelijkheid, veiligheid, MIVA-toiletten, lift, time-out ruimten/zorgruimten etc.). Dit heeft vooralsnog niet geleid tot aanpassing van de regelgeving en/of vergoedingen rondom onderwijshuisvesting. De conclusie van de evaluatie op passend onderwijs is dat het aanbod voor leerlingen die extra hulp nodig hebben is verbeterd sinds de invoering van passend onderwijs, maar op te veel plekken nog niet goed genoeg is. Met een kamerbrief d.d. 4 november 20204 kondigde minister Slob een verbeteraanpak aan, bestaande uit 25 maatregelen die leiden tot een verbetering van het passend onderwijs voor leerlingen, ouders en leraren. In de brief geeft minister Slob aan dat hij streeft naar inclusiever onderwijs. Het doel van de inzet op inclusiever onderwijs is dat leerlingen met en zonder ondersteuningsbehoeften vaker samen dicht bij huis naar dezelfde school kunnen, als het kan in dezelfde klas zitten en elkaar ontmoeten op het schoolplein. Een routekaart moet het Nederlandse onderwijs in de komende jaren inclusiever maken.

In een brief aan de Tweede Kamer d.d. 23 november 20225 schrijft minister Wiersma dat schoolgebouwen bij nieuwbouw of renovatie meteen geschikt gemaakt moeten worden voor inclusief onderwijs. Met name voor inclusief onderwijs zijn de wettelijke eisen op dit moment niet duidelijk genoeg. Een werkgroep van deskundigen moet in kaart brengen wat nodig is om inclusief onderwijs in het kader van onderwijshuisvesting te realiseren. 3.3 Kinderopvang en voor-en vroegschoolse educatie De gemeente is verantwoordelijk voor het aanbieden van kindplaatsen gericht op voorschoolse educatie. Daarnaast biedt de gemeente peuterarrangementen voor kinderen die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. De gemeente biedt subsidie aan kinderopvangorganisaties voor het realiseren van dit aanbod in de peuteropvang. Het aanbod vroegschoolse educatie is de verantwoordelijkheid van het schoolbestuur. Per 1 januari 2018 is de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk van kracht. Deze wet zorgt ervoor dat peuterspeelzalen aan dezelfde kwaliteitseisen moeten voldoen als kinderopvang en dat peuterspeelzalen dezelfde juridische status krijgen als kinderopvang. Vanaf dat moment is de term ‘peuterspeelzaal’ vervangen door ‘peuteropvang’. Dit betekent dat ouders kinderopvangtoeslag kunnen ontvangen voor peuteropvang, mits zij hier recht op hebben.

Voor ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag, biedt de gemeente Aalsmeer gesubsidieerde peuterplaatsen aan. Gelijktijdig met deze wet is ook de Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang (IKK) geïmplementeerd. Deze wet zorgt ervoor dat de kinder- en peuteropvang aan hogere kwaliteitseisen moeten voldoen dan voorheen verplicht was. Met het (uitgestelde) plan van het kabinet om in 2027 de kinderopvang bijna-gratis te maken moet ertoe leiden dat de kinderopvang eenvoudiger en betaalbaarder wordt voor ouders. Er wordt vanuit gegaan dat goede en betaalbare kinderopvang een prikkel zou zijn om meer te gaan werken. Echter, het Centraal Planbureau en het Sociaal Cultureel Planbureau pleiten ervoor de plannen te heroverwegen, omdat het op de lange termijn het maar weinig oplevert. Hoewel het realiseren van ruimte voor kinderopvang geen inspanningsverplichting is voor de 4 5

Verbeteraanpak passend onderwijs en route naar inclusiever onderwijs pdf (overheid.nl)

https://www.naarinclusieveronderwijs.nl/content/download/OCW-Kamerbrief-update-aanpak-verouderde-schoolgebouwen-23112022.pdf

Pagina

12 van 48

gemeente, dienen we in het kader van het realiseren van integrale kindcentra er wel rekening mee te houden als in de toekomst de vraag naar kinderopvang verandert. 3.4 Wmo, Jeugdwet en Participatiewet De gemeenten hebben sinds 1 januari 2015 extra taken door drie grote decentralisaties. Het gaat om de overheveling van taken uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) naar de Wmo, Jeugdwet en Participatiewet. De decentralisaties zijn een ontwikkeling naar een steeds grotere verantwoordelijkheid van de gemeenten. 3.5 Wet samen sterker door vereenvoudiging samenwerkingsschool In juli 2017 is de Wet samen sterker door vereenvoudiging samenwerkingsschool door de Eerste Kamer aangenomen. Hiermee wordt de vorming van samenwerkingsscholen vereenvoudigd. 3.6 Wet meer ruimte voor nieuwe scholen Het Wetsvoorstel meer ruimte voor nieuwe scholen is in de Tweede Kamer en de Eerste Kamer aangenomen. Op 1 juni 2021 is de wet in werking getreden. De wet maakt het mogelijk om een school op een andere/eenvoudigere wijze te stichten. Wel blijft voor nieuwe scholen de stichtingsnorm van toepassing. De stichtingsnorm voor de gemeente Aalsmeer is gesteld op 270 leerlingen. De instandhoudingsnorm is 162 leerlingen. 3.7 Wet toekomstbestendig onderwijsaanbod Op 6 juni 2017 heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel toekomstbestendig onderwijsaanbod aangenomen.

Dit wetsvoorstel maakt het eenvoudiger voor scholen om de richting om te zetten, uit te breiden met een richting of te verplaatsen (dit heeft zowel betrekking op denominatie als op onderwijsrichting). Door deze maatregelen worden schoolbesturen beter in staat gesteld om te anticiperen op eventuele leerlingendaling. 3.8 Klimaatwet en Klimaatakkoord In de Klimaatwet is vastgesteld dat we in 2050 95% minder broeikasgassen moeten uitstoten ten opzichte van 1990. De inhoudelijke maatregelen gericht op de wijze waarop dit doel bereikt gaat worden, zijn in het Klimaatakkoord vastgelegd. In juni 2019 heeft het kabinet het Klimaatakkoord gepresenteerd. Voor de gebouwde omgeving (dus ook voor schoolgebouwen) geldt dat deze op basis van de afspraken in 2050 gasloos moet zijn. Dat betekent isoleren en gebruikmaken van duurzame warmte en elektriciteit. Dit is een enorme opgave voor gemeenten en schoolbesturen. Voor nieuwe gebouwen kan hierop geanticipeerd worden, maar ook de bestaande gebouwen moeten verduurzaamd worden om aan deze afspraken te kunnen voldoen. In het Klimaatakkoord wordt ook verwezen naar het wetsvoorstel dat in voorbereiding is om het opstellen van een IHP voor gemeenten verplicht te maken. Samen met de verplichting voor schoolbesturen om een MJOP op te stellen, biedt dit mogelijkheden om planmatig invulling aan de afspraken uit het Klimaatakkoord te geven.

3.9 Conclusie Niet alleen het onderwijs, maar het gehele (sociale) domein is volop in ontwikkeling; nieuwe wetgeving en (uitvoerings)regels zijn in sommige gevallen nog maar recentelijk in werking getreden. Deze nieuwe regels vragen om een andere kijk op onderwijshuisvesting. Een gevolg hiervan kan aanpassing van de onderwijshuisvesting, een wens tot het beter benutten van het aantal m2 huisvesting en/of integrale samenwerking zijn.

Pagina

13 van 48

4. Relevante beleidsthema’s binnen de gemeente Aalsmeer 4.1 Brede samenwerking In Aalsmeer is in de drie kernen sprake van een goede samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang. In bijna alle schoolgebouwen is kinderopvang aanwezig of is de kinderopvang in de nabijheid van de scholen beschikbaar. Maar ook de samenwerking met cultuur, sport en andere maatschappelijke organisaties wordt als onmisbaar ervaren. Het gezamenlijk doel van deze brede samenwerking is altijd gericht op het welzijn van de kinderen. Het samenwerken tussen de basisschool en de partners kan op verschillende manieren. Door ‘verticaal’ samen te werken ontstaat een doorgaande leer- en ontwikkellijn van 0 tot 13 jaar, maar ook richting het voortgezet onderwijs. ‘Horizontaal’ samenwerken is juist tussen partijen in eenzelfde leeftijdsjaar: bijvoorbeeld tussen de school, de BSO en een sportvereniging. Deze horizontale samenwerking is er ook om ouders te ontlasten. Een dergelijk aanbod geeft rust en structuur. In een Integraal Kindcentrum (IKC) is sprake van een intensieve samenwerking tussen het basisonderwijs en de kinderopvang. Kenmerkend voor een goede samenwerking is een gezamenlijk aanbod vanuit één pedagogische visie, waarbij iedere partner zijn/haar expertise bijdraagt.

Voor de gemeente Aalsmeer zijn IKC’s een belangrijke ontwikkeling met betrekking tot de beleidsthema’s kansengelijkheid, het voorkomen van onderwijsachterstanden, preventie en vroegsignalering en jeugdhulp. Naast deze meerwaarde op inhoudelijke thema’s heeft de IKC-ontwikkeling ook gevolgen voor de onderwijshuisvesting. Er is in Nederland geen eenduidige definitie van een IKC en er is geen sprake van regelgeving die voorschrijft aan welke voorwaarden een kindcentrum moet voldoen. De gemeente Aalsmeer heeft de overtuiging dat een IKC kan variëren in vorm, huisvesting en mate van samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang. Wel is een aantal voorwaarden van belang om de samenwerking tussen onderwijs en opvang als een IKC te bestempelen. Wat de gemeente Aalsmeer betreft is sprake van een IKC wanneer minimaal aan de onderstaande kenmerken wordt voldaan.

Binnen het IKC: − wordt onderwijs en opvang aangeboden met als leidend principe een integraal aanbod tussen 07.00-19.00 uur; − is sprake van een gezamenlijke visie tussen onderwijs en opvang op leren, ontwikkelen en samenwerken; − is sprake van doorgaande leerlijnen en doorgaand ouderbeleid; − is er, naast de samenwerking tussen onderwijs en opvang, ook samenwerking en afstemming binnen een netwerk in de wijk met andere kinderopvangpartijen, andere scholen alsook jeugdhulpverlening, wijkpartners en GGD; − zijn de visie, samenwerkingsafspraken en huisvestingsafspraken in een overeenkomst vastgelegd. Deze samenwerkingsovereenkomst kent dezelfde looptijd als de huurovereenkomst en beschrijft wat de procedure is bij het niet (kunnen) nakomen van afspraken. In overleg met de schoolbesturen en kinderopvangorganisaties wil de gemeente komen tot een gezamenlijk beleid op het gebied van IKC-ontwikkeling. De gemeente kiest hierbij voor een regierol vanuit haar verantwoordelijkheid voor onderwijsachterstandenbeleid, jeugdhulp en welzijn en een faciliterende rol vanuit haar zorgplicht voor onderwijshuisvesting. Het is aan de schoolbesturen en kinderopvangpartijen om gezamenlijk inhoud aan deze ontwikkeling te geven die door de gemeente zo optimaal mogelijk wordt gefaciliteerd.

Pagina

14 van 48

Ondanks dat het voor een IKC niet noodzakelijk is, is vaak het streven bij een IKC om onderwijs en opvang onder één dak te huisvesten. Het uitgangspunt vanuit de gemeente Aalsmeer is dat het schoolbestuur aan zet is voor wat betreft de keuze voor een opvangpartner (hele dagopvang en BSO) en dat de gemeente aan zet is als eigenaar voor wat betreft het vastgoedbeheer. Hierbij is gewenst dat de ‘inhoud’ leidend is en dat huisvesting c.q. vastgoed faciliterend is. Om inhoud en huisvesting op elkaar te laten aansluiten, is het van belang dat de keuze voor een kinderopvangpartij door het schoolbestuur wordt afgestemd met de gemeente alvorens tot een samenwerkingsovereenkomst over te gaan. Als het gaat om de keuze voor een opvangpartner voor peuteropvang met Voorschoolse Educatie en peuterarrangementen is de gemeente ook inhoudelijk gesprekspartner. In het kader van het Didam-arrest is het van belang een gezamenlijke uitvraag te formuleren en te publiceren om kinderopvangorganisaties voldoende gelegenheid te bieden om mee te dingen naar beschikbare ruimten. De gemeente Aalsmeer heeft daartoe selectiecriteria6 opgesteld die aanvullend zijn op de selectiecriteria van het schoolbestuur, die meer inhoudelijk van aard zijn. Voor de komende jaren is de gezamenlijke ambitie om te komen tot IKC-vorming voor alle basisscholen, waarbij aandacht is voor maatwerk in iedere kern.

4.2 Eigendomssituatie, beheer & exploitatie gebouwen Steeds vaker komt het voor dat binnen een nieuwbouwproject voor onderwijs, zowel onderwijs, kinderopvang en sport onder één dak worden gerealiseerd. Meerdere gebruikers in een gebouw leidt tot de behoefte aan nadere afspraken met betrekking tot de eigendomssituatie en beheer & exploitatie. Hierbij geldt dat de gemeente Aalsmeer ‘inhoud’ vooropstelt (lees: samenwerking en integraal aanbod) en dat vastgoed een middel is om dat zo optimaal mogelijk te faciliteren. Er zijn drie eigendomsvarianten in Aalsmeer aanwezig: a. het schoolbestuur is juridisch eigenaar; b. de gemeente is juridisch eigenaar; c. er is een Vereniging van Eigenaars. Schoolbestuur is juridisch eigenaar Dit is de meest gangbare eigendomsvariant. Het schoolbestuur realiseert met beschikbaar gestelde gelden van de gemeente een schoolgebouw en is daarmee direct juridisch eigenaar van het gebouw en het schoolterrein. Het schoolbestuur kan met de gemeente overeenkomen dat de gemeente het schoolgebouw realiseert, waarna het gebouw en terrein aan het schoolbestuur worden overgedragen. Het beheer en exploitatie liggen volledig in handen van het schoolbestuur. Voor het onderhoud en de exploitatie ontvangt het schoolbestuur bekostiging vanuit het Rijk.

De gemeente is bij wet verplicht de onroerendzaakbelasting (eigenaren en gebruikers) en de opstal- en inboedelverzekering te betalen, en ook de kapitaallasten. Voorbeelden van scholen in Aalsmeer waarvan het schoolbestuur juridisch eigenaar is zijn KC de Ruimte, Jozefschool en OBS Samen Een.

6

Selectiecriteria verhuur maatschappelijk vastgoed kinderopvang

Pagina

15 van 48

Gemeente is juridisch eigenaar In het geval van De Mikado, waar drie basisscholen in zijn gehuisvest, is het juridisch eigenaarschap niet overgedragen aan de schoolbesturen, maar zijn de onderwijsruimten in gebruik gegeven met een zogenaamde ingebruikgevingsovereenkomst. De kinderopvangruimten en de sportruimten worden door de gemeente verhuurd. Beheerstichting De Mikado is opgericht, die het beheer & exploitatie van de gemeente (de eigenaar) heeft overgenomen. Een en ander is vastgelegd in een exploitatieovereenkomst. Vereniging van Eigenaars (VvE) Bij deze constructie hebben verschillende partijen in een gebouw recht op een vast omschreven deel van het gebouw. Samen vormen ze een Vereniging van Eigenaars. Het eigendom is via een splitsingsakte verdeeld. Partijen kunnen afspreken een bepaald deel van het gebouw samen te gebruiken. Iedere partij is verantwoordelijk voor zijn/haar eigen gebouwdeel en de VvE is verantwoordelijk voor de gemeenschappelijke gedeelten van het gebouw. VvE De Rietpluim bestaat uit vier eigenaren: twee schoolbesturen, kinderopvang en de gemeente. VvE Dreef 1a en b Aalsmeer (IKC Triade) kent twee eigenaren: het schoolbestuur en de kinderopvang. Het beheer & exploitatie van het totale gebouw wordt in beide gevallen gezamenlijk opgepakt. Corporatie als eigenaar Een vierde eigendomsvariant is dat een corporatie eigenaar is van het gebouw.

Er zijn voorbeelden in het land waar (woning)corporaties eigenaar zijn van een schoolgebouw. Zo is Stichting Maatschappelijk Vastgoed7 (SMV) een zelfstandige en onafhankelijke instelling voor onderwijshuisvesting en gemeentelijke accommodaties. Zij ontwikkelen huisvesting op maat en treden op als verhuurder. De voordelen voor de gemeenten zijn onder andere dat de gemeente geen activering, afschrijving en financiering heeft over het schoolgebouw. De huurlasten zijn doorgaans lager dan kapitaallasten en de gemeente vervult haar bekostigende rol. SMV is daarnaast risicodragend en neemt het bouwheerschap over van de gemeente. Maar de invloed van de gemeente blijft volledig intact en de gemeente behoud ook haar grondpositie. Met Huren als een Eigenaar8 bieden zij een uniek concept, waarbij de gemeente haar zorgplicht richting het onderwijs blijvend nakomt. Voor onderwijsinstellingen is het voordeel dat zij zich kunnen focussen op hun kerntaak; goed onderwijs. Zij zetten enkel hun MI-vergoeding voor onderhoud en energie in en met de lage lasten worden huren binnen bekostigingsnormen gerealiseerd. Er zijn geen onderhoudsrisico’s meer maar toch is de school baas in eigen huis. Als een nieuw schoolgebouw wordt gerealiseerd bepalen de verschillende partijen in gezamenlijkheid de gewenste eigendomsvariant. De huidige eigendomssituaties blijven gehandhaafd.

Als het gaat om het waarborgen van de continuïteit van het kinderopvangaanbod, en met name het aanbod Voorschoolse Educatie en Peuterarrangementen, wil de gemeente Aalsmeer direct een huurrelatie aangaan met de kinderopvangpartij, die voor zowel het onderwijs als de gemeente een samenwerkingspartner kan zijn.

7

https://www.mvastgoed.nl/diensten/onderwijshuisvesting/

8

Brochure Onderwijshuisvesting zonder zorgen van Stichting Maatschappelijk Vastgoed

Pagina

16 van 48

4.3 Duurzaamheid en Frisse Scholen In het Klimaatakkoord zijn afspraken gemaakt om de gebouwde omgeving (dus ook schoolgebouwen) in 2050 gasloos te laten zijn. Dit betekent dat in dat jaar alle energie die in Aalsmeer gebruikt wordt, van hernieuwbare energiebronnen afkomstig is (van binnen of van buiten de gemeentegrenzen). Voor onderwijshuisvesting geldt dat sprake is van een split incentive. De gemeente financiert in nieuwbouw, verbouw of renovatie onderwijshuisvesting en het schoolbestuur betaalt als gebruiker de energielasten. Dat maakt dat verduurzaming van het vastgoed een gezamenlijke verantwoordelijkheid is voor de gemeente en schoolbesturen. Bij de realisatie van nieuwe schoolgebouwen wordt minimaal aan de eisen uit het vigerende Bouwbesluit voldaan. Dit betekent dat bij alle nieuwbouwprojecten vanuit de gemeente minimaal BENG (Bijna Energie Neutrale) gebouwen worden gerealiseerd. Bij nieuwbouw houdt de gemeente zich aan het vigerende bouwbesluit en bouwt en financiert BENG. De schoolbesturen hebben de ambitie een stap verder te gaan en bij nieuwbouw ENG (Energie Neutrale) gebouwen te willen realiseren. Hierbij worden de extra investeringen gefinancierd door het schoolbestuur en andere betrokken partijen, met als kanttekening dat per situatie wordt gekeken naar de financiële draagkracht van het schoolbestuur.

Als de financiële draagkracht niet toereikend is, wordt BENG gerealiseerd. Het verduurzamen van bestaande gebouwen wordt maatwerk. Per locatie wordt er gekeken naar een kostenverdeling. In ieder geval wordt er bij vervanging van onderdelen aan het gebouw gekozen voor duurzame middelen. Verduurzamingsmaatregelen die binnen 5-7 jaar terugverdiend kunnen worden, worden door de gebruikers bekostigd. Denk hierbij aan LED-verlichting en bewegingssensoren bij buitenverlichting, maar ook energiezuinige warmteopwekking.9 Een Frisse School is een schoolgebouw met een laag energieverbruik en een gezond binnenmilieu. In een Frisse School is aandacht voor energie, luchtkwaliteit, temperatuur, licht en geluid. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) stelde in 2016 richtlijnen op voor binnen- en buitenmilieu voor basisscholen. Het RIVM adviseert onder andere over luchtverversing (ventileren en luchten). Ventileren is het voortdurend verversen van lucht. De buitenlucht vervangt telkens (een deel van) de binnenlucht die vervuild is door vocht, gassen zoals geurtjes en ziekteverwekkers. Luchten is het in korte tijd verversen van alle vervuilde binnenlucht door ramen en/of buitendeuren wijd open te zetten. Om te controleren of het ventileren en luchten ook zorgt voor een goed binnenmilieu is een CO2-meter een hulpmiddel.

Ten tijde van de Coronapandemie werd een optimale ventilatie van scholen een belangrijk thema voor het welbevinden van leerlingen en onderwijspersoneel. Geconcludeerd werd dat alle schoolgebouwen moesten voldoen aan de huidige eisen voor ventilatie in het Bouwbesluit 2012. Er volgde een inventarisatie gericht op de aanwezigheid van de ventilatiesystemen. Voor scholen die niet voldeden aan Frisse Scholen Klasse C (bestaande bouw) of Klasse B (voor bouw na 2012) kon een uitkering worden aangevraagd om het binnenklimaat van deze scholen te verbeteren. De Specifieke Uitkering Ventilatie in Scholen (SUVIS) bedroeg maximaal 30% van de totale bouw- en installatiekosten. De resterende 70% diende door de gemeente en/of het schoolbestuur gefinancierd te worden. Hoewel alle scholen voldoen aan tenminste Frisse Scholen 9

https://www.rvo.nl/sites/default/files/2020/04/erkende-maatregelenlijst-onderwijsinstellingen-april2020.pdf

Pagina

17 van 48

Klasse C was voor vier schoolgebouwen verbetering mogelijk door het toevoegen van mechanische ventilatie in plaats van de aanwezige natuurlijke ventilatie. Deze scholen kwamen in aanmerking voor een SUVIS-aanvraag, maar om verschillende redenen is in gezamenlijkheid (gemeente en schoolbesturen) besloten geen aanvraag in te dienen. Eén van de redenen was een financiële; een bijdrage van €2.284.765 (prijspeil 2021) diende door gemeente en/of schoolbestuur gefinancierd te worden. In 2022 stelde het ministerie van OCW voor iedere school geld beschikbaar voor de aanschaf van CO2-meters en is een handreiking “Optimaal Ventileren op scholen” opgesteld, die scholen, schoolbesturen en gemeenten helpt om stap voor stap tot een optimaal geventileerde school te komen. 4.4 Flexibiliteit en ruimtebehoefte Door de continue ontwikkelingen binnen het onderwijs, is er sprake van een veranderende ruimtebehoefte. Zo leiden bijvoorbeeld ontwikkelingen met betrekking tot passend- en gepersonaliseerd onderwijs tot de behoefte om kinderen steeds meer buiten de klaslokalen te laten leren op zogenoemde speel-/leerpleinen of begeleiding in overlegruimten te bieden. Daarnaast maken steeds meer kinderopvangaanbieders medegebruik van onderwijsruimtes na schooltijd voor buitenschoolse opvang. Flexibiliteit bij nieuwbouwprojecten is een belangrijk thema.

Een onderwijsgebouw moet het onderwijsproces faciliteren en zo optimaal mogelijk aansluiten bij de onderwijsvisie van de school, het onderwijsconcept van de school en de visie van de kinderopvangpartij. Het is een uitdaging om een gebouw te realiseren dat niet alleen de huidige visie op het onderwijs faciliteert, maar ook de visie op het onderwijs voor de komende 40 jaar. Omdat het niet te overzien is welke ontwikkelingen de komende jaren gaan ontstaan, is het uitgangspunt om nieuwe onderwijsgebouwen met een hoge mate van flexibiliteit te realiseren, onder andere door het beperken van het aantal dragende wanden. Hierdoor zijn de ruimtes met simpele ingrepen in te zetten voor andere functies en kan er worden geanticipeerd op de leerlingenprognoses door middel van inkrimpen of uitbreiden van het gebouw. Het flexibiliseren van bestaande bouw is complexer. Als een wijziging van een onderwijsvisie of -concept van een bestaande school consequenties heeft voor het schoolgebouw, dan dienen de benodigde inpandige aanpassingen door het schoolbestuur gefinancierd te worden. Op het moment dat inpandige aanpassingen worden uitgevoerd met als doel het efficiënter inzetten van de beschikbare ruimten, geldt dat de gemeente deze aanpassingen financiert.

4.5 Spreiding van kinderen per kern Bij de spreiding van het aantal leerlingen over de scholen per kern is de keuzevrijheid van ouders essentieel. Ouders moeten wat te kiezen hebben. Momenteel is per kern een aanbod van drie basisscholen, van elke denominatie één. Belangrijk voor de keuzevrijheid is, dat iedere school toekomstperspectief heeft. Dat komt de kwaliteit van het onderwijsaanbod ten goede en geeft de ouders zekerheid dat de school voor hun kind(eren) in stand blijft. Door het dalend aantal leerlingen tot en met 2025 gaat een aantal scholen een onzekere toekomst tegemoet. De schoolbesturen zijn van mening dat hierbij gekeken moet worden naar wat de wijk nodig heeft. De intentie is om daarin samen te werken, afspraken met elkaar te maken om zo een divers onderwijsaanbod te bieden. 4.6 Bewegingsonderwijs Voor het verzorgen van het bewegingsonderwijs heeft de gemeente Aalsmeer de verplichting gymruimte aan te bieden. In elke kern zijn voldoende gymlokalen en andere sportruimten

Pagina

18 van 48

aanwezig. Exploitatie Sportaccommodaties Aalsmeer (ESA) verzorgt het beheer en exploitatie van de sportvoorzieningen. De schoolbesturen ontvangen halfjaarlijks een klokuurvergoeding van de gemeente Aalsmeer. Voor het bepalen van het aantal klokuren bewegingsonderwijs gelden de beleidsregels uit de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Aalsmeer 2016. Een basisschool heeft recht op 1,5 klokuurvergoeding bewegingsonderwijs per week, per groep leerlingen van 6 jaar en ouder. Het schoolbestuur mag meer uren bewegingsonderwijs bieden, mits het gymrooster daar ruimte voor biedt. De kosten van de extra uren, boven op de klokuurvergoeding, zijn voor rekening van het schoolbestuur. Als een school in leerlingenaantal groeit, er meer behoefte aan bewegingsonderwijs ontstaat en dit precies binnen het beschikbare aantal uren van de betreffende sportvoorziening past, kan de school geen aanspraak maken op het extra aantal klokuren dat zij zelf heeft gefinancierd. Met een in februari 2020 door de Tweede Kamer aangenomen amendement is vastgesteld dat er in het primair onderwijs minimaal twee uren bewegingsonderwijs moet worden gegeven. In een toelichting op het amendement is door de opstellers aangegeven dat dit twee lesuren van 45 minuten betreft, waarmee het minimaal aantal klokuren bewegingsonderwijs overeenkomt met de in de verordening aangehouden capaciteit van 1,5 klokuren.

De capaciteit per gymzaal biedt 26 klokuren per week. 4.7 Internationalisering/Nieuwkomersonderwijs In Aalsmeer is er een internationale doelgroep die zich voor lange tijd in Nederland vestigt. De kinderen van deze doelgroep, bestaande uit onder andere kennismigranten, arbeidsmigranten en statushouders, hebben recht om deel te nemen aan het Nederlandstalige onderwijs. Om deze leerlingen voor te bereiden op het Nederlandstalige onderwijs, zijn de drie schoolbesturen en de gemeente een samenwerking aangegaan, opgetekend in een convenant, om taalonderwijs aan te bieden aan nieuwkomers-kinderen. Hiervoor is Taalsmeer opgericht en is gekoppeld aan IKC Triade. Kinderen van nieuwkomers krijgen in de taalklas niet alleen intensieve begeleiding bij het leren van de Nederlandse taal, maar er wordt ook aandacht besteed aan rekenonderwijs en kennismaking met de Nederlandse cultuur, school- en leefomgeving. Bewegen is een belangrijk onderdeel in de taalschool. Zo worden er gymlessen en zwemlessen aangeboden. De leeftijd van de kinderen in Taalsmeer is vanaf 6 jaar, dus vanaf groep 3. Kinderen in de leeftijd van groep 1 en 2 worden direct geplaatst in het reguliere basisonderwijs. In het convenant is afgesproken dat een klas een maximale groepsgrootte heeft van maximaal 15 leerlingen.

Na ongeveer 1 à 1,5 jaar stromen de kinderen door naar de ‘stamschool’, de school naar keuze, waar de kinderen hun basisschool afmaken. Als gevolg van de oorlog in Oekraïne kreeg Taalsmeer te maken met een flinke stijging van het aantal aanmeldingen. In korte tijd is Taalsmeer gegroeid naar 2 groepen. In 2022 is voor de extra groep tijdelijke huisvesting gevonden in de nabijheid van IKC Triade. Echter, door de groei van het aantal leerlingen op IKC Triade was in het voorjaar van 2023 geen ruimte meer in het schoolgebouw voor de andere groep van Taalsmeer. Taalsmeer is met beide groepen tijdelijk verhuisd naar De Mikado in Aalsmeer. In hoofdstuk 5, onder paragraaf 5.1.3, wordt de huisvesting van Taalsmeer verder toegelicht en hiervoor een duurzame oplossing voorgesteld. Kinderen van nieuwkomers in de middelbare schoolleeftijd worden geplaatst in Internationale Schakelklassen (ISK). Deze worden verzorgd door SGM Panta Rhei en het Novacollege; beiden gevestigd in Amstelveen.

Pagina

19 van 48

Nieuwkomers die zich voor korte tijd willen vestigen in Aalsmeer kunnen geen gebruik maken van Taalsmeer en ISK. Veelal gaan de kinderen naar het internationale onderwijs, waar in het Engels het onderwijs wordt aangeboden. In Amstelveen zijn twee particuliere Internationale scholen gevestigd, maar vragen een forse ouderbijdrage die niet door iedere nieuwkomer betaald kan worden. Daarom is in 2019 in Amstelveen Internationaal Georiënteerd Basisonderwijs (IGBO) gestart. Deze school is gevestigd in Westwijk en vraagt een aanzienlijk lagere ouderbijdrage. 4.8 Schoolpleinenplan De basisscholen willen groene en uitdagende schoolpleinen die aansluiten bij hun visie op het onderwijs. De gemeente wil optimaal gebruik maken van de beschikbare openbare ruimte voor de kinderen in de wijk. Ook is er behoefte aan gezamenlijke eenduidige afspraken gericht op het beheer en onderhoud van de schoolpleinen en de afhandeling van schade door vandalisme. In 2021 is intensief overleg gevoerd en dit heeft geresulteerd in het feit dat bijna alle schoolpleinen na schooltijd ook beschikbaar zijn voor de kinderen in de wijk. De consequentie hiervan is dat zowel het schoolbestuur als de gemeente financieel verantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud van deze schoolpleinen. De afspraken zijn per basisschool voor onbepaalde tijd vastgelegd in een convenant. De convenanten worden in 2024 geëvalueerd.

Ook de kwaliteit van de schoolpleinen maakt onderdeel uit van de afspraken. De doelstelling is om alle schoolpleinen, op termijn, te laten voldoen aan de zogenoemde 0-situatie: voldoende speelwaarde, vervanging verouderde speeltoestellen en aansluiting op huidige speelbehoeften. Om aan deze 0-situatie te kunnen voldoen, heeft de gemeente een eenmalige investeringsbijdrage van € 5.000 overgemaakt aan de basisscholen. Daarnaast betaalt de gemeente 50% van de beheer- en onderhoudskosten aan het schoolbestuur. 4.9 Tieneronderwijs “De overgang van het primair onderwijs naar het voortgezet onderwijs is voor veel leerlingen een kwetsbaar moment, zeker voor kansarme leerlingen. Scholen kunnen met 10-14 onderwijs een bijdrage leveren aan kansengelijkheid.” Zo schreef minister Slob in 2018 in een brief aan de leden van de Tweede Kamer. Vanaf het schooljaar 2017/2018 is een pilot gestart met twaalf 10-14 scholen. Deze pilot is gemonitord door bureau Oberon en in 2021 is de eindrapportage “Een soepele overgang” gepresenteerd.10 Er wordt uitgegaan van twee hoofddoelen: − het optimaliseren van de schoolloopbaan van leerlingen door het selectiemoment voor het voortgezet onderwijs uit te stellen; en − het bieden van maatwerk aan leerlingen, met oog voor een brede talentontwikkeling en door de inzet van gepersonaliseerd leren.

10

https://www.oberon.eu/media/byxpsrdi/een_soepele_overgang_-_eindrapportage_monitor_1014_onderwijs.pdf

Pagina

20 van 48

Oberon concludeert dat de initiatieven het eens zijn over de twee hoofddoelstellingen, maar dat de uitwerking enorm verschilt. Wat betreft de doelgroep, samenstelling van de groepen, grootte, huisvesting en onderwijsconcept is een grote diversiteit.

De schoolbesturen in Aalsmeer willen het tieneronderwijs met elkaar verder onderzoeken om samen met de gemeente te bepalen of in Aalsmeer een tienerschool gewenst is. Dat deze ontwikkeling consequenties heeft voor de onderwijshuisvesting is evident. In een volgend IHP komt dit beleidsthema terug.

Pagina

21 van 48

5. Ruimtelijke analyse Leeswijzer In dit hoofdstuk wordt een ruimtelijke analyse gegeven voor het onderwijs, kinderopvang en bewegingsonderwijs. De analyse is per kern uitgevoerd, gebaseerd op de prognoses vanuit de wijkindeling van het CBS op postcodes. Postcode 1431 is kern Aalsmeer-Dorp, postcode 1432 is kern Aalsmeer-Oost en postcode 1433 is kern Kudelstaart.

Kaart gehanteerde wijkindeling Aalsmeer IHP

In de navolgende paragrafen wordt per kern een overzicht gegeven van de basisscholen. In de tabellen wordt een vergelijking tussen de capaciteit van het schoolgebouw en de ruimtebehoefte van de school in de komende jaren gemaakt. In de tekst wordt een korte toelichting op deze tabellen gegeven. Vervolgens wordt inzicht gegeven in de kinderopvangpartijen die in of nabij de basisscholen zijn gehuisvest. Ook wordt een vergelijk tussen de gymcapaciteit en de benodigde klokuren bewegingsonderwijs voor de komende jaren gemaakt. Deze vergelijking gaat uit van normatieve klokurenbehoefte en houdt geen rekening met aanvullend gebruik door de school.

Pagina

22 van 48

5.1 Aalsmeer-Dorp

In het noordelijke gedeelte van Aalsmeer-Dorp ligt de Openbare Basisschool Samen Een. In het zuidelijk gedeelte ligt Integraal Kindcentrum Triade. En tussen beide basisscholen in is de Jozefschool gehuisvest in een hoofdlocatie en een dependance. Locatie van de 3 basisscholen in kern Aalsmeer-Dorp Aalsmeer-Dorp School

Schoolbestuur

OBS Samen Een IKC Triade Taalsmeer Jozefschool Jozefschool, dependance

AURO Jong Leren Jong Leren SKOA

1974 2019 2008 1993

SKOA

1990

Bouwjaar

Capaciteit m² bvo 1.497 2.280 122 3.337

2023

2027

2031

2035

2039

188 352 24

208 406 24

215 419 24

222 432 24

228 444 24

436

474

489

505

518

aantal leerlingen Aalsmeer-Dorp

2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040 2041

1.400 1.200 1.000 800 600 400 200 0

De leerlingenprognose laat zien dat het leerlingenaantal van de drie basisscholen toeneemt. In de navolgende tabellen is weergegeven wat het verschil tussen de capaciteit en ruimtebehoefte voor de komende zestien jaar van de drie scholen is. Hieruit blijkt dat bij IKC Triade op enig moment een capaciteitstekort ontstaat.

Echter over het totaal aantal scholen is voldoende capaciteit om dit op te vangen.

Pagina

23 van 48

5.1.1 OBS Samen Een, Schoolstraat 15

OBS Samen Een Aantal leerlingen Ruimtebehoefte in m² bvo Capaciteit in m² bvo Verschil (+overschot, -tekort)

2023 188 1.146 1.497 351

2027 208 1.246 1.497 251

2031 215 1.281 1.497 216

2035 222 1.317 1.497 180

2039 228 1.347 1.497 150

Het schoolgebouw van OBS Samen Een is gelegen aan Schoolstraat 15, midden in het oude centrum en omringd door woningbouw. Het schoolgebouw dateert van 1974 en is bijna 50 jaar oud. Het gebouw heeft twee verdiepingen. In de afgelopen jaren is door het schoolbestuur geïnvesteerd met inpandige aanpassingen om het thematische onderwijs beter in de praktijk te kunnen brengen. Aan weerszijden van het gebouw ligt een plein. Op het plein aan de Weteringstraat bevindt zich de fietsenstalling en is er mogelijkheid om auto’s te parkeren voor het personeel. Aan de andere zijde ligt het speelplein, dat onlangs is opgeknapt met budget van de gemeente, schoolbestuur en sponsormiddelen. Het schoolgebouw heeft voldoende gebouwcapaciteit om de leerlingen op te vangen. Zoals aangegeven is het schoolgebouw bijna 50 jaar en dient er volgens de aankomende wetswijziging een beslissing genomen te worden om bij een gebouw ouder dan 40 jaar deze te vernieuwen of te renoveren. Het schoolbestuur heeft aangegeven dat OBS Samen Een voorlopig goed gehuisvest is. De gemeente wil de aankomende periode gebruiken om samen met het schoolbestuur de toekomstbestendigheid van het schoolgebouw te onderzoeken. Hierin willen we het onderzoek naar de renovatie of het vernieuwen van de gymlokalen De Rozen en de Baccara betrekken (zie paragraaf 5.1.6).

Pagina

24 van 48

5.1.2 IKC Triade, Dreef 1A

IKC Triade Aantal leerlingen Ruimtebehoefte in m² bvo Capaciteit in m² bvo Verschil (+overschot, -tekort)

2023 352 1.985 2.280 295

2027 406 2.259 2.280 21

2031 419 2.325 2.280 -45

2035 432 2.391 2.280 -111

2039 444 2.451 2.280 -171

Het schoolgebouw van IKC Triade is het jongste schoolgebouw in Aalsmeer en dateert van 2019. Schoolbestuur Jong Leren vormt samen met kinderopvang Solidoe een Vereniging van Eigenaars. Rondom het schoolgebouw is de buitenspeelruimte deels verhard en deels groen uitgevoerd. De buitenspeelruimte is openbaar en na schooltijd toegankelijk voor de kinderen in de wijk. Het aantal leerlingen in bovenstaande schema is exclusief de kinderen van Taalsmeer. Voor het reguliere basisonderwijs heeft het schoolgebouw momenteel voldoende capaciteit, maar zal in de toekomst meer capaciteit nodig hebben. Het schoolbestuur heeft aangegeven geen extra capaciteit aan te vragen, zolang er voldoende plaatsen bij de andere scholen beschikbaar zijn. Tot die tijd wordt het aantal leerlingen gereguleerd, zodat de ruimtebehoefte past binnen de capaciteit van 2.280 m² bvo.

Pagina

25 van 48

5.1.3 Taalsmeer, Dreef 1A (tijdelijk Catharina-Amalialaan 66)

Taalsmeer Aantal leerlingen Ruimtebehoefte in m² bvo Capaciteit in m² bvo Verschil (+overschot, -tekort)

2023 24 516 122 -394

2027 24 516 122 -394

2031 24 516 122 -394

2035 24 516 122 -394

2039 24 516 122 -394

IKC Triade biedt naast regulier basisonderwijs ook nieuwkomersonderwijs aan. Taalsmeer was gehuisvest met één groep in het schoolgebouw en mede als gevolg van de oorlog in Oekraïne uitgebreid met nog één groep. Door uitbreiding van het aantal leerlingen in het reguliere onderwijs zijn beide groepen van Taalsmeer tijdelijk verhuisd naar De Mikado in Aalsmeer-Oost, alwaar Taalsmeer twee lokalen met sanitaire en verkeersruimten ter beschikking heeft. Het is lastig om het aantal leerlingen voor nieuwkomersonderwijs te prognosticeren. Het aantal leerlingen per 1 oktober 2022 was 24 leerlingen. Het aantal leerlingen van Taalsmeer schommelt rond dit aantal en is daarom voor de toekomst gelijk gehouden. Het is vooral belangrijk dat de huisvesting voor twee groepen in stand gehouden wordt. Bij de berekening van de ruimtebehoefte is rekening gehouden met een vaste voet van 200 m². Dat is nu niet beschikbaar in De Mikado. Sinds een lange tijd heeft het nieuwkomersonderwijs bestaansrecht en is niet meer weg te denken uit het bestaande onderwijsaanbod in Aalsmeer. Het belang van een permanente locatie verbonden en in de buurt van IKC Triade, zoals de Hornmeer, is groot. De Hornmeer is een centrale locatie in Aalsmeer, die vanuit de andere kernen goed bereikbaar is.

Daarbij maakt het personeel van deze onderwijsvoorziening onderdeel uit van het team IKC Triade en is het van belang dat Taalsmeer weer zo snel als mogelijk is in de nabijheid van IKC Triade wordt gehuisvest.

Voorgesteld wordt om een bedrag van €160.000 aan te vragen bij de Kadernota 2025 voor een locatieonderzoek ten behoeve van permanente huisvesting voor Taalsmeer in de nabijheid van IKC Triade.

Pagina

26 van 48

5.1.4 Jozefschool, Gerberastraat 2 en Baccarastraat 3

Jozefschool incl. dependance Aantal leerlingen Ruimtebehoefte in m² bvo Capaciteit in m² bvo: Gerberastraat 2 (hoofdgebouw) Tijdelijke huisvesting (Kloostertuin) Baccarastraat 3 Af: zolders - niet in te zetten als lesruimte Totale capaciteit Verschil (+overschot, -tekort)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=d3a6cbc1-eaa4-4749-9409-bcaf192af99b