20230926 Programmabegroting 2024 Aalsmeer - definitief
Tekst van het document
Programmabegroting 2024
77
Gemeente Aalsmeer
De werkelijke waardestijging 2023/2024 is in december bij het vaststellen van de OZB-tarieven 2024 bekend. Voor de bepaling van het OZB-tarief 2024 wordt dan rekening gehouden met de laatste gegevens. De vastgestelde WOZ-waarde is voor de opbrengst 2024 niet meer dan een verdeelmaatstaf om tot de geraamde OZB-opbrengst te komen. Door de herrekening van het tarief op het laatste moment wordt zo nauwgezet mogelijk aangesloten op de vastgestelde opbrengst in de begroting 2024. In de begroting 2022 is op basis van de motie RAP voor het tarief van de OZB Niet-woningen nader uitgewerkt om stapsgewijs tot een regionaal gemiddelde te komen. Voor belastingjaar 2024 betekent dit dat de opbrengst naast de inflatiecorrectie van 3,9% dient te worden verhoogd met circa 8%. Bij de vaststelling van het tarief 2024 wordt vanzelfsprekend wel gecorrigeerd voor de gestegen WOZ-waarde.
Roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting Roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting (RZB) is een gemeentelijke belasting op roerende woon- en bedrijfsruimten. Voorbeelden hiervan zijn woonschepen. De roerende zaakbelasting bestaat uit twee soorten belasting: een eigenaren- en een gebruikersbelasting. Het tarief is gelijk aan de onroerende zaakbelasting.
Afvalstoffenheffing De gemeente heeft de verplichting huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. Om de kosten voor de inzameling en de verwerking van de afvalstoffen te dekken wordt afvalstoffenheffing geheven. Het gemeentelijk beleid is een tarief dat maximaal 100% kostendekkend is. Op basis van het raadsbesluit "Van afval naar grondstoffenbeleid" is vanaf 2022 de grondslag voor de tariefstelling gewijzigd van inhoud van de rolemmer naar een tarief voor één- en meerpersoonshuishoudens. De kostenopbouw, gekoppeld aan 100% kostendekkendheid leidt tot een tarief stijging van het tarief met 11% in 2024. Deze tariefstijging is noodzakelijk om de aangekondigde stijging van de tarieven van de Meerlanden in 2024 op te kunnen vangen. Deze stijgen in 2024 met 14,5% als gevolg van een door de Meerlanden gehanteerde systematiek waarbij de in de begroting opgenomen indexatie achter is gebleven bij de werkelijke indexatie. Dat wordt nu gecorrigeerd. Om dit effect en het effect van overige stijgingen volledig te kunnen opvangen zou een tariefstijging van 22% noodzakelijk zijn. Het verschil wordt onttrokken aan de egalisatievoorziening die hierna uitgeput is. In 2025 is een aanvullende tariefsverhoging daarom noodzakelijk. In onderstaande tabel zijn de voorgestelde tarieven voor 2024 opgenomen. Afvalstoffenheffing
2020
2021
2022
2023
2024
80 liter bak
237
243,52
nvt
nvt
nvt
120 liter bak 240 liter bak
250 291
256,88 299
nvt nvt
nvt nvt
nvt nvt
Eén persoonshuishouden Meerpersoons huishouden
nvt nvt
nvt nvt
267 333
267 333
296 370
Programmabegroting 2024
78
Gemeente Aalsmeer
De mate waarin de afvalstoffenheffing kostendekkendheid is, is opgenomen in onderstaand overzicht. x € 1.000 2024
Kostendekking afval Saldo taakveld
4.134
Mutatie voorziening
-423
Overige toe te rekenen kosten Overheadtoerekening
177
Straatvegen
224
Compensabele BTW
915
Handhaving
66
Kwijtschelding
72
Totaal kostenbasis
5.165
Afvalstoffenheffing
4.572
Kostendekking
89%
Rioolheffing De kosten van het beheer en het in stand houden van het gemeentelijk rioolstelsel zijn de basis voor de berekening van het tarief van de rioolheffing. De heffing wordt geheven in de vorm van een aansluitrecht waarbij de eigenaar de belastingplichtige is. Als meer dan 400 m3 water wordt afgenomen, wordt daarboven per 10 m3 door de gebruiker een bedrag betaald. Uitgangspunt is dat met het vastgestelde tarief het rioolstelsel in meerjarenperspectief kostendekkend beheerd en in stand gehouden kan worden. De uitvoering hiervan is gebaseerd op het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2021-2026. Er wordt buiten de indexatie van 2% een aanvullende tariefswijziging van nogmaals 2% verwacht. Dit is het gevolg van de stijging van de kosten van Meerlanden waardoor overige toegerekende kosten stijgen. Daarnaast stijgt de toevoeging aan de voorziening conform de uitgangspunten in het gemeentelijke rioleringsplan (GRP 2021-2026). Met deze aanvullende indexatie van 2% volgt de tariefontwikkeling de eerder vastgestelde uitgangspunten voor de tariefsontwikkeling uit het GRP. Rioolheffing Tarief
2020
2021
2022
2023
2024
173,62
173,62
177,09
180,63
187,93
Programmabegroting 2024
79
Gemeente Aalsmeer
De mate waarin de rioolheffing kostendekkendheid is, is opgenomen in onderstaand overzicht. x € 1.000 2024
Kostendekking riool Saldo taakveld
1.861
Dotatie voorziening
630
Overige toe te rekenen kosten Overheadtoerekening
260
Straatvegen / Baggeren
166
Compensabele BTW
418
Totaal kostenbasis
3.335
Rioolrecht
3.142
Kostendekking
94%
Hondenbelasting Iedereen, die één of meer honden heeft, moet hondenbelasting betalen. Voor 2024 worden de tarieven verhoogd met het indexcijfer van 3,9%. In de volgende tabel is de tariefontwikkeling hondenbelasting 2020 - 2024 opgenomen. Hondenbelasting
2020
2021
2022
2023
2024
1 hond Tweede (en volgende) hond
79,68 96,30
81,87 98,95
83,51 100,93
85,18 102,95
88,50 106,97
Kennel Totaal aantal honden
316,55 1.400
325,26 1.350
331,77 1.350
338,41 1.320
351,61 1.200
Leges Leges wordt geheven op basis van de legesverordening en worden geheven als vergoeding van de kosten die een gemeente maakt voor dienstverlening aan individuele burgers en bedrijven. De verordening bestaat uit drie onderdelen: •
Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening
Dit betreft vooral de leges die wordt geheven voor de burgerlijke stand, reisdocumenten en identiteitskaarten en rijbewijzen. Voor een aantal van de producten stelt het Rijk jaarlijks het maximum tarief vast. • Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet Dit betreft de leges die wordt geheven voor onder andere bouwvergunningen. Per 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. Zoals onder het kopje beleid al eveneens staat vermeld moeten er door invoering van de Omgevingswet in 2024 veel inhoudelijke keuzes worden gemaakt en zijn de structurele financiële gevolgen in deze fase nog moeilijk in te schatten. De uitkomsten van de keuzes die zijn gemaakt worden in de loop van 2024 gepresenteerd. •
Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2.
Programmabegroting 2024
80
Gemeente Aalsmeer
De hoogte van de legestarieven wordt begrensd door 100% kostendekkendheid. Uitgangspunt is toetsing op verordeningenniveau, waarbij de geraamde lasten van alle benoemde activiteiten worden gedekt door de gezamenlijke baten uit de te heffen leges. Een verwacht overschot bij de ene activiteit wordt hierbij gebruikt voor de dekking van een verwacht tekort bij een andere activiteit. Dit principe wordt aangeduid als kruissubsidiëring. De gemeente is hierbij vrij te bepalen hoe dit toe te passen binnen de verordening. In afwijking van de uitgangspunten in de Kadernota 2024 worden de legestarieven in 2024 met 8,7% verhoogd. Dit geldt uiteraard niet voor de producten waarvoor een wettelijk tarief geldt. Een toelichting hierop is opgenomen onder beleid van de lokale heffingen. BOUWLEGES
2024
1. Taakveld Bouwen en Wonen; omgevingsvergunningen 1a. lasten 1b. baten, exclusief heffingen
826
1c. netto kosten taakveld bouwvergunningen
826
2. Overige toe te rekenen kosten 2a. overhead
628
2b. BTW 2c. vergoedingen welstandscommissie
188 69
2d. overige toe te rekenen kosten 3. Totaal voor bouwleges relevante kosten
885 1.711 N
4. Opbrengst bouwleges 4a. geraamde opbrengst excl. evt. tariefvoorstel 4b. evt. tariefvoorstel 2024 4c. totale opbrengst bouwleges
-890 -35 -924 V
5. Saldo kosten -/- heffing
787 N
6. Dekkingspercentage
54,0%
BURGERZAKEN
2024
1. Taakveld Burgerzaken 1a. lasten 1b. baten, exclusief heffingen
1.121
1c. netto kosten taakveld Burgerzaken
1.121
2. Overige toe te rekenen kosten 2a. overhead
579
2b. BTW 2c. overige toe te rekenen kosten 3. Totaal voor Burgerzaken relevante kosten
173 752 1.874 N
4. Opbrengst Burgerzaken 4a. geraamde opbrengst excl. evt. tariefvoorstel
-594
4b. evt. tariefvoorstel 2024 4c. totale opbrengst Burgerzaken
-594 V
Programmabegroting 2024
81
Gemeente Aalsmeer
BURGERZAKEN
2024
5. Saldo kosten -/- heffing
1.279 N
6. Dekkingspercentage
31,7%
APV
2024
1. Taakveld Openbare orde en Veiligheid 1a. lasten 1b. baten, exclusief heffingen
314
1c. netto kosten taakveld OOV, APV
314
2. Overige toe te rekenen kosten 2a. overhead
238
2b. BTW 2c preventie
67 3
2d. overige toe te rekenen kosten 3. Totaal voor APV relevante kosten
308 622 N
4. Opbrengst APV 4a. geraamde opbrengst excl. evt. tariefvoorstel 4b. evt. tariefvoorstel 2024 4c. totale opbrengst APV
-35
5. Saldo kosten -/- heffing
587 N
6. Dekkingspercentage
5,6%
-35 V
Grafrechten Het beheer en onderhoud van de begraafplaats wordt gefinancierd uit de inkomsten van de grafrechten en onderverdeeld in lijkbezorgingsrechten en onderhoudsrechten begraafplaats. In beginsel zullen de tarieven worden verhoogd met de prijsinflatie van 3,9%. De tarieven voor de afzonderlijke belastbare feiten zijn opgenomen in de tarieventabel behorende bij de verordening lijkbezorgingsrechten. In de volgende tabel is de ontwikkeling van het grafrecht 2020-2024 opgenomen. Bij het opstellen van de programmabegroting 2023 is geconstateerd dat de vrijval uit de voorziening afkoopsommen begraven € 20.000 te hoog was. Daarbij is geconstateerd dat het nadelig effect hiervan effect heeft op de tarieven. In 2023 zijn deze hierop niet bijgesteld. Om de weggevallen dekking te compenseren dienen de tarieven in 2024 alsnog worden bijgesteld. De tariefstijging wordt daarmee 8,2%. Grafrechten
2020
2021
2022
2023
2024
Algemeen
1.193
955
974
995
1.077
Programmabegroting 2024
82
Gemeente Aalsmeer
De mate waarin de grafrechten kostendekkendheid zijn is opgenomen in onderstaand overzicht.
Kostendekking begraven Saldo taakveld Mutatie voorziening
x € 1.000 2024 547 -1
Overige toe te rekenen kosten Overheadtoerekening
159
Totaal kostenbasis
705
Begraafrechten
520
Kostendekking
74%
Precariobelasting Precario wordt geheven voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. De tarieven voor precariobelasting zijn conform de uitgangspunten verhoogd met de prijsindexatie (3,9%).
Water-/toeristenbelasting De verblijfsbelasting betreft de watertoeristen- en de toeristenbelasting. De belastingen worden geheven voor het betaald verblijf binnen de gemeente door personen die geen ingezetene zijn van Aalsmeer. Het gaat daarbij dus niet alleen om toeristen. De opbrengst hiervan komt ten goede aan de algemene middelen van de gemeente. Verblijfbelasting/Toeristenbelasting Toeristenbelasting wordt geheven bij overnachtingen binnen de Aalsmeer door personen die niet in de basisadministratie van de gemeente staan ingeschreven. Omdat het voor deze belastingen niet alleen om toeristen gaat wordt deze heffing in Aalsmeer in de verordening aangeduid als verblijfsbelasting. De hoogte ervan betreft een vast bedrag per persoon per overnachting. De verblijf- /toeristenbelasting stijgt in 2024 met 3,9% tot € 3,65. Voor een nacht op de camping wordt 50% van het tarief betaald. Waterverblijfsbelasting/ watertoeristenbelasting Waterverblijfsbelasting is een belasting voor niet-inwoners van de gemeente voor het betaald gebruik van gemeentelijke voorzieningen en faciliteiten. Het gaat hierbij om iedereen die niet staat ingeschreven in de gemeente en betaalt voor een verblijf op vaartuigen die aanwezig zijn in wateren van de gemeente. Er kan geen waterverblijfsbelasting worden geheven van passerende bootjes en dagjes mensen die geen betaalde diensten afnemen.
In de programmabegroting is vanaf 2024 een verhoging opgenomen van de waterverblijfsbelasting. Het tarief voor de watertoeristenbelasting wordt conform de uitgangspunten van de begroting 2023 verhoogd. Het tarief voor de watertoeristenbelasting 2023 bedraagt € 1,53 per persoon per etmaal en zal met ingang van 1 januari 2024 worden verhoogd naar € 2,85 per persoon per etmaal.
Programmabegroting 2024
83
Gemeente Aalsmeer
De ontwikkeling van de tarieven is opgenomen in onderstaande tabel: Verblijfsbelasting
2020
2021
2022
2023
2024
Toeristenbelasting
3,50
3,50
3,50
3,50
3,65
Watertoeristenbelasting
1,42
1,46
1,50
1,53
2,85
Reclamebelasting De reclamebelasting wordt geheven in twee winkelgebieden: winkelgebied Ophelialaan en het winkelgebied centrum Aalsmeer. Deze belasting wordt geheven op reclameobjecten zichtbaar vanaf de openbare weg. De opbrengsten uit de reclamebelasting worden, na aftrek van de administratieve kosten, als subsidie uitgekeerd aan de door ondernemers opgerichte uitvoeringsorganisatie. De besteding van de gelden wordt door de ondernemers zelf bepaald. Het tarief reclamebelasting bedraagt in 2024 met € 885,07. Dit is een vast bedrag, ongeacht het aantal reclameobjecten.
Forensenbelasting Deze belasting wordt geheven van personen die geen hoofdverblijf hebben in de gemeente Aalsmeer en voor zichzelf of hun gezin een gemeubileerde woonruimte beschikbaar houden. De opbrengsten forensenbelasting nemen in 2024 met 3,9% toe. Bij de bepaling van het tarief wordt rekening gehouden met de waardeontwikkeling van de woonruimte.
Marktgeld Met het marktgeld worden de kosten gedekt die moeten worden gemaakt om de wekelijkse markt mogelijk te maken. Voor 2024 worden de tarieven met 3,9% verhoogd. De kostendekkendheid voor 2024 ligt op circa 80%. Zie onderstaande tabel. 2024
Kostendekking leges marktgelden Saldo taakveld
28
Overige toe te rekenen kosten - straatvegen
0
Overige toe te rekenen kosten - btw
1
Overheadtoerekening Totaal kostenbasis
29
Leges marktgelden
23
Kostendekking
80,56%
Programmabegroting 2024
84
Gemeente Aalsmeer
Kwijtscheldingsbeleid Gemeenten in Nederland mogen kwijtschelding van gemeentelijke belastingen verlenen. Geheel of gedeeltelijke kwijtschelding wordt verleend indien een belastingschuldige als gevolg van financiële omstandigheden niet in staat is de belastingaanslag te betalen. Kwijtschelding wordt verleend voor de afvalstoffenheffing en hondenbelasting (alleen voor de eerste hond). Bij de beoordeling van het kwijtscheldingsverzoek wordt uitgegaan van 100% van de bijstandsnorm. Uitgaande van het werkelijk aantal kwijtscheldingen voor 2022 en de prognose voor 2023 wordt voor 2024 uitgegaan van 360 kwijtscheldingsverzoeken. Ongeveer 70% van de kwijtscheldingen wordt, na toestemming van belanghebbende, verleent door bevraging van het Inlichtingenbureau. Inwoners hoeven dan geen kwijtscheldingsaanvraag formulier in te vullen maar krijgen direct kwijtschelding. Van de zogenaamde handmatige papieren aanvragen wordt circa 50% toegewezen. De overige worden hoofdzakelijk afgewezen op gronden zoals te hoog banksaldo en/of inkomen. Ten behoeve van kwijtschelding is een budget geraamd van € 71.700 (2023: € 69.000).
Programmabegroting 2024
85
Gemeente Aalsmeer
3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het weerstandsvermogen van een gemeente is “het vermogen van de gemeente om financiële risico’s op te vangen zonder dat het gevolgen heeft voor de uitvoering van de dagelijkse taken”. Het weerstandsvermogen wordt bepaald door een relatie te leggen tussen de beschikbare weerstandscapaciteit (financiële buffer) en de financiële gevolgen van risico’s die de gemeente loopt (en waarvoor geen andere, specifieke voorzieningen zijn gevormd). In deze paragraaf wordt achtereenvolgens aandacht besteed aan: • het beleid van de gemeente Aalsmeer voor wat betreft de weerstandscapaciteit en de risico’s; • het benodigd weerstandsvermogen; • • •
het beschikbaar weerstandsvermogen; de weerstandscapaciteit; en de financiële kengetallen.
Het beleidskader is vastgelegd in de nota Weerstandsvermogen en risicobeheersing gemeente Aalsmeer 2023, dat vastgesteld is op 8 juni 2023. Aan de hand van de risicoanalyse (kans x gevolg = financieel gevolg) is het totaal van alle risico’s in geld uitgedrukt. Omdat niet alle risico’s zich op hetzelfde moment voordoen wordt een zekerheidspercentage van 90% aangehouden voor de bepaling van de benodigde hoeveelheid weerstandscapaciteit om de financiële gevolgen van de benoemde risico’s af te dekken.
Risicobeleid De risico’s die in deze begroting worden genoemd zijn een herijking van de risico’s die in de jaarstukken 2022 zijn opgenomen. De eerder opgenomen risico’s zijn beoordeeld op het nog steeds van toepassing zijn en of het opgenomen risicobedrag nog valide is. Daar waar nodig zijn aanpassingen doorgevoerd en zijn nieuwe risico’s opgevoerd en niet meer van toepassing zijnde risico’s verwijderd. Evenals bij de jaarstukken zijn de risico’s inzichtelijk gemaakt aan de hand van een globale kansberekening. Daarbij is per risico aangeven wat de kans is dat het risico zich voordoet en wat het mogelijke financieel gevolg is. Uit de risico-inventarisatie volgen 78 risico’s. De risico’s met de grootste financiële impact zijn in onderstaande tabel opgenomen. Wanneer de 10 grootste risico’s zich tegelijkertijd en in hun volle omvang voordoen, leidt dat tot € 85.140.000 aan kosten. Voor de overige 68 kleinere risico’s gaat het om een aanvullend bedrag van € 89.286.000. Met de ingevoerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie wordt uitgevoerd, omdat het reserveren van het maximale bedrag (€ 174.426.000) ongewenst is. De risico's treden niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang op. Uit de simulatie volgt dat 90% zeker is dat alle risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 18.221.115.
Dit bedrag is onderdeel van het “benodigde weerstandsvermogen”.
Programmabegroting 2024
86
Gemeente Aalsmeer
# Risico
Gevolgen
Kans
Financieel gevolg
1 Onvoorziene omstandigheden met een niet kwantificeerbare kans of impact
Financieel - Reservering van bedrag van € 1.000 per huishouden (13.712 huishoudens per 2023) afgerond op hele miljoenen
15% max.€ 14.000.000
2 Niet realiseren van (afgesproken) taakstellingen
Financieel - Tekorten op de begroting
50% max.€ 4.000.000
3 Garantstelling GPAG BV
Financieel - GPAG heeft ten behoeve van het realiseren van de grondexploitatie een leningfaciliteit tot een maximum van € 90 miljoen. In geval de BV niet aan de betalingsverplichtingen kan voldoen worden de aandeelhoudende gemeenten (UIthoorn en Aalsmeer) hierop aangesproken.
5% max.€ 30.000.000
4 Fouten in belastingverordeningen
Financieel - Bij ernstige fouten kan verordening ontbindend verklaard worden, waardoor belastingaanslagen niet opgelegd kunnen worden. Imago - Foutieve belastingaanslagen en bij onbindendheid wordt de landelijke pers gehaald.
10% max.€ 12.500.000
5 Raad neemt besluiten in afwijking van eerdere Financieel - Schadevergoeding aan derde partijen. besluitvorming die leidt tot schade bij derde Waarvan € 3 miljoen verminderde partijen grondopbrengsten GPAG die volledig aan Aalsmeer worden toegerekend. Daarnaast € 3 miljoen niet nader gespecificeerde schade van bedrijven die op basis van eerdere planvorming contracten hebben gesloten en in dat geval een claim neer gaan leggen bij GPAG en daarmee bij Aalmeer. Imago - Betrouwbaarheid gemeente Aalsmeer als strategische partner in de ontwikkeling staat ter discussie.
20% max.€ 6.000.000
6 Extra financiële bijdrage aan deelneming/gesubsidieerde instelling/verbonden partij
Financieel - Niet sluitende exploitatie bij verbonden partijen waardoor deelnemers aanvullende bijdrage moeten doen.
70% max.€ 1.640.000
7 Uitkomsten van CAO afspraken zijn onvoorspelbaar
Financieel - Extra kosten
70% max.€ 1.500.000
8 Tegenvallende verkoop GPAG
Financieel - Exploitatieverlies
30% max.€ 3.500.000
9 Virussen en/of hacking
Financieel - Stagnatie van werkzaamheden, Performance verlies en/of verlies gegevens, mogelijk betalen van losgeld om gegevens weer beschikbaar te krijgen. Imago - Uitlekken van vertrouwelijke gegevens.
30% max.€ 3.000.000
10 Fouten in verordeningen retributies (kostendekkende leges)
Financieel - Onverbindend verklaren van de verordeningen betekent geen heffing kunnen opleggen voor een bepaalde periode. Imago - Onverbindend verklaren van de verordeningen haalt de landelijke pers.
10% max.€ 9.000.000
In de top 10 zijn de volgende risico's ten opzichte van de paragraaf weerstandsvermogen in de jaarrekening 2022 (dit is de laatst opgestelde paragraaf weerstandsvermogen) gewijzigd: - Het risico in het kader van deelgebied deel 2 West GPAG BV is verlaagd van 85% naar 20% omdat besluitvorming door de raad heeft plaatsgevonden. Restrisico heeft betrekking op vergelijkbare zaken waarover de raad nog wel een besluit moet nemen. - In 2023 wordt binnen GPAG een aantal uitgiftes voorzien waardoor de financieringsbehoefte van GPAG BV afneemt en daarmee de garantstelling door aandeelhoudende gemeenten.
Programmabegroting 2024
87
Gemeente Aalsmeer
Bouw- / projectgerelateerde risico's De hoogte en de beheersing van risico’s van grote projecten en grondexploitaties is een belangrijk speerpunt. Door middel van risicoanalyse met behulp van de Monte Carlo methode is de benodigde weerstandscapaciteit in beeld gebracht. Mede op basis hiervan kan besluitvorming plaatsvinden over de te nemen beheermaatregelen en het moment waarop deze genomen kunnen worden. Voor de dekking van de bekende tekorten in lopende gemeentelijke exploitaties is een voorziening getroffen. Dat geldt ook voor verliesgevende projecten faciliterend grondbeleid. Zie voor nadere toelichting de paragraaf grondbeleid. Basis voor het risicoprofiel is de laatste actualisatie van de Meerjarenprognose grondexploitaties. De raad heeft op 6 juli 2023 de actualisatie van de meerjarenprognose grondexploitaties Aalsmeer 2023 vastgesteld.
Resumé risicoprofiel Bij de bepaling van de benodigde weerstandscapaciteit (A) van de gemeente Aalsmeer is rekening gehouden met de maximale financiële gevolgen van de risico's en een weging op basis van de verwachte frequentie dat het risico zich voordoet. Dit leidt tot het volgende risicoprofiel: Bedragen x € 1.000 Bouw- / project gerelateerde risico's Overige geïnvesteerde risico's Totaal
Risicoprofiel 6.802 18.221 25.023
Weerstandscapaciteit In het BBV is niet voorgeschreven welke bestanddelen behoren tot de weerstandscapaciteit. Bij het beschikbaar weerstandsvermogen gaat het om vrij besteedbare middelen die eenmalig ingezet kunnen worden om de financiële gevolgen van de risico’s die zich voordoen te kunnen opvangen. Het beschikbaar weerstandsvermogen bestaat uit de algemene reserve, de onbenutte belastingcapaciteit en de post onvoorzien. Algemene reserve De geprognosticeerde stand van de algemene reserve op 31 december 2023, na verwerking van de resultaatbestemming 2022 en de onttrekkingen 2023 waarover door de raad reeds een besluit is genomen, is € 29.796.000. Stille reserves Stille reserves zijn de meerwaarden van activa die te laag of op nul zijn gewaardeerd doch die direct verkoopbaar zijn indien men dat zou willen. Een stille reserve kan alleen maar deel uitmaken van de beschikbare weerstandscapaciteit als deze activa snel te verkopen zijn, of dat besluit (expliciet) al is genomen. Gezien de geringe verhandelbaarheid van de meeste gemeentelijke eigendommen van Aalsmeer of wenselijkheid van het bezit daarvan is eerder al besloten deze niet mee te nemen in de berekening van de beschikbare weerstandscapaciteit. Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves zijn reserves die met een raadsbesluit een specifieke aanwending/bestemming hebben gekregen.
Om deze reserves daadwerkelijk in te kunnen zetten om tegenvallers/calamiteiten op te Programmabegroting 2024
88
Gemeente Aalsmeer
vangen, is een raadsbesluit nodig om de bestemming te wijzigen. De mate van “hardheid” (ingezet beleid, aangegane verplichtingen) kan ook per reserve verschillen. Om deze reden worden bestemmingsreserves in principe niet gerekend tot de weerstandscapaciteit. Dit is conform het uitgangspunt in de gemeentelijke nota weerstandsvermogen en risicobeheersing. Aalsmeer heeft een bestemmingsreserve sociaal domein. Deze reserve is bedoeld om tekorten binnen het sociaal domein binnen het programma op te lossen, vanwege een aantal open einde regelingen die binnen dat programma zijn opgenomen met de bijbehorende risico’s. Deze risico's maken onderdeel uit van de 78 risico's uit onze risico-inventarisatie. Om die reden mag de bestemmingsreserve sociaal domein worden meegeteld voor het beschikbaar weerstandsvermogen. Hetzelfde geldt voor de bestemmingsreserve voorlopige winsten grondexploitaties. Ook hiervoor geldt dat de risico's onderdeel zijn van de risico-inventarisatie en daarmee de benodigde weerstandscapaciteit. Dat valideert het opnemen weerstandsvermogen.
van
deze
bestemmingsreserve
als
onderdeel
van
het
beschikbare
Onbenutte belastingcapaciteit Een belangrijke inkomstenbron voor gemeenten is de Onroerende zaakbelasting (OZB). Het is de individuele gemeente die de hoogte hiervan vaststelt. Er is geen limiet aan de OZB gesteld, een gemeente mag deze verhogen (of verlagen) naar eigen inzicht. Op het moment dat een gemeente in de financiële problemen komt en beroep doet op de artikel 12 status, eist het Rijk dat de OZB op een bepaald niveau wordt gebracht. Het verschil tussen het daadwerkelijke OZB-tarieven van een gemeente en het artikel 12 niveau, wordt de onbenutte belastingcapaciteit genoemd. De onbenutte belastingcapaciteit van Aalsmeer bedraagt € 3.535.944. Post onvoorzien Iedere gemeente moet in de begroting een budget voor onverwachte tegenvallers opnemen, de stelpost onvoorzien. Deze post kan worden ingezet als dekking voor kleine onvoorziene kosten. In Aalsmeer bedraagt deze post € 31.900. Samengevat bedraagt het geprognosticeerd beschikbaar weerstandsvermogen in deze begroting 2024: Algemene reserve (per 1 januari 2024) Onbenutte belastingcapaciteit Bestemmingsreserves
29.796.000 3.536.000
- sociaal domein - voorlopige winsten grondexploitaties Onvoorzien
2.541.000 5.914.000 31.900
Beschikbaar weerstandsvermogen (B)
41.818.900
Het beschikbaar weerstandsvermogen is ten opzichte van dat opgenomen in de jaarstukken 2022 toegenomen door enerzijds een uitname van de algemene reserve ter dekking van nieuw beleid 2023 (€ 1.291.000), maar anderzijds een toevoeging aan de reserve voorlopige winsten grondexploitaties op basis van de Meerjarenprognose Grondexploitaties 2023. In 2024 en 2025 vindt conform besluitvorming door de raad op 3 november 2022 aanvulling van de onttrekking voor nieuw beleid uit de algemene reserve vanuit de stelpost nieuw beleid plaats.
Programmabegroting 2024
89
Gemeente Aalsmeer
Weerstandsratio De weerstandsratio geeft de verhouding weer tussen het beschikbare en benodigde weerstandsvermogen op basis van de gekwantificeerde risico’s. In onderstaande tabel wordt weergegeven welke kwalificatie aan de verschillende waarden van de ratio’s wordt toegekend: Ratio
Oordeel
> 2.0
Uitstekend
> 1.4 - < 2.0
Ruim voldoende
> 1.0 - < 1.4
Voldoende
> 0.8 - < 1.0
Matig
> 0.6 - < 0.8
Onvoldoende
< 0.6
Ruim onvoldoende
In de nota Risicomanagement en weerstandsvermogen van Aalsmeer is opgenomen dat de gemeente streeft naar een weerstandsratio die ruim voldoende is en daarom 1,5 dient te zijn. Op basis van het geïnventariseerde benodigd weerstandsvermogen en het berekende beschikbare weerstandsvermogen is de weerstandsratio: Bepaling weerstandsratio
*1.000 euro
A
Benodigde weerstandscapaciteit
25.023
B B/A=C
Beschikbaar weerstandsvermogen Ratio weerstandscapaciteit
41.819 1,7
Met een weerstandsratio van 1,7 heeft Aalsmeer nog steeds de kwalificatie “ruim voldoende” en wordt voldaan aan de eigen norm.
Kengetallen Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeente (BBV) schrijft voor dat gemeenten een aantal kengetallen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing van de begroting en de jaarstukken opnemen. Dat zijn: de netto schuldquote, de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, de solvabiliteitsratio, de structurele exploitatieruimte, de grondexploitatie en de belastingcapaciteit. De kengetallen maakt het de gemeenteraad gemakkelijker om inzicht te krijgen in de financiële positie van de gemeente. In het BBV zijn geen te behalen minimum of maximum waarden opgenomen. Wel heeft de provincie Noord Holland, als financieel toezichthouder, zogenaamde signaleringswaarden gedefinieerd. Deze signaleringswaarden moeten worden gezien als een hulpmiddel om het risico per kengetal in te schatten. De provincie onderscheidt drie categorieën, namelijk A: minst risicovol, B: gemiddeld risico en C: meest risicovol. Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken.
Programmabegroting 2024
90
Gemeente Aalsmeer
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid gemaakt in het kengetal inclusief en exclusief de doorgeleende gelden. Op die manier wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast. De wijze van berekening van de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen is gelijk aan de netto schuldquote, met dien verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden opgenomen. De toelichting die is gegeven bij de netto schuldquote is ook van toepassing op de netto-schuldquote voor alle verstrekte leningen. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin Aalsmeer in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen: het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten.
Net als in de begroting 2022 en de jaarstukken 2021 is deze ratio positief. Grondexploitatie Het financiële kengetal “grondexploitatie” geeft aan hoe groot de grondpositie (boekwaarde) is ten opzichte van de jaarlijkse baten. De boekwaarde van de gronden geeft weer of een gemeente veel middelen heeft gestopt in haar grondexploitaties. Dit geld moet namelijk nog terugverdiend te worden. Lokale woonlasten (belastingcapaciteit) Dit kengetal geeft inzicht in hoe de belastingdruk van de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Een percentage onder de 100% betekent dat de belastingdruk van Aalsmeer lager is dan het landelijk gemiddelde. Het Coelo publiceert ieder jaar de totale woonlasten in de Atlas van de lokale lasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde waarde in de gemeente. Door een relatieve daling van de gemiddelde woonlasten 2023 van een gezin ten opzichte van het landelijk gemiddelde is de uitkomst van deze ratio verbeterd. Een toelichting op de ontwikkeling van de lokale woonlasten is opgenomen in de paragraaf lokale heffingen (lokale lastendruk) van deze jaarstukken. In de onderstaande tabel worden de kengetallen en de bijbehorende signaleringswaarden getoond. Aalsmeer scoort op het kengetal solvabiliteit en belastingcapaciteit een score B.
Op alle andere kentallen scoort Aalsmeer een score A. Door het actualiseren van de liquiditeitsprognose loopt de netto schuldquote op, maar deze blijft deze raadsperiode nog binnen categorie A.
Programmabegroting 2024
91
Gemeente Aalsmeer
Kengetallen in percentages
A
B
C
Rekening 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
< 90% 90 - 130% > 130%
12
57
43
49
68
77
< 90% 90 - 130% > 130%
8
55
41
47
66
75
Solvabiliteitsrisico Structurele exploitatieruimte
> 50%
20-50%
< 20%
51
44
47
49
44
41
> 0%
0%
< 0%
5,4
0,2
2,5%
1,1%
0,0%
-1,8%
Grondexploitatie
< 20% 20 - 35%
> 35%
7
0
4
-1
-1
0
Belastingcapaciteit
< 95% 95-105% > 105%
102
104
100
100
100
100
Programmabegroting 2024
92
Gemeente Aalsmeer
3.3 Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding Met investeringen in de openbare buitenruimte wordt een optimale leefomgeving ingericht met als doel de basisfuncties wonen, werken, verkeer en recreatie te waarborgen voor nu en in de toekomst. Van belang is daarbij dat beschikbare middelen optimaal worden ingezet voor de duurzame instandhouding (onderhoud en vervanging) van deze kapitaalgoederen. Daarnaast moet rekening worden gehouden met het veranderen van functies in de openbare buitenruimte en de veranderende eisen die aan de openbare buitenruimte worden gesteld. Het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte (MPP) wordt elk jaar geactualiseerd en voor vier jaar vastgesteld. Het plan bevat het integraal afgestemde planmatig onderhoud voor wegen, verkeer, riolering, groen, water, spelen en verlichting, in relatie tot de beschikbare middelen en prioriteiten. Het MPP vormt een belangrijk kader voor uitvoering en financiën. De vakdisciplines stellen ieder voor zich prioriteiten aan noodzakelijke (renovatie)werken en stemmen dit onderling op elkaar af zodat evenwichtig wordt omgegaan met de beschikbare middelen. In deze paragraaf onderhoud kapitaalgoederen wordt van de belangrijkste duurzame kapitaalgoederen een beschrijving gegeven en wordt het beleidskader aangegeven, voorafgegaan door een totaaloverzicht van de hiervoor beschikbare middelen.
Beleidskader en kwaliteit Het dagelijks onderhoud in de openbare buitenruimte en de daarbij behorende middelen zijn afgestemd op een beheerniveau B van de CROW-werkwijze. Een uitzondering is gemaakt voor de parken, recreatiegebieden en winkelcentra. Deze worden op A-niveau onderhouden. Dit is benoemd in het ‘Beeldkwaliteitsplan Beheer en Onderhoud gemeente Aalsmeer’ (2015) en de bijbehorende beeldcatalogus. De catalogus bevat foto’s van diverse objecten en die maken daarmee inzichtelijk welke kwaliteit op welke locatie wordt nagestreefd. Dit beeld laat zich als volgt samenvatten: Winkel-
Woon-
Hoofdinfra-
centrum
wijk
structuur
Park
Recreatie-
Bedrijven-
Buiten-
gebied
terrein
gebied
Groen
A
B
B
A
A
B
B
Verharding
A
B
B
A
A
B
B
Reiniging
A
B
B
A
A
B
B
Meubilair
A
B
B
A
A
B
B
Civiele kunstwerken
A
B
B
A
A
B
B
Totaaloverzicht van kosten ten behoeve van bestaande kapitaalgoederen Op de programma’s treft u de totaal te verantwoorden budgetten per programma aan. In onderstaande tabel wordt een dwarsdoorsnede van de programma’s gepresenteerd voor zover het de kapitaalgoederen betreft.
Programmabegroting 2024
93
Gemeente Aalsmeer
In de tabel zijn voor de kapitaalgoederen afzonderlijk zowel de kosten van jaarlijks onderhoud als van groot onderhoud en vervanging opgenomen. Onderdeel van deze uitgaven zijn de uitgaven zoals vastgesteld in het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2023-2026 (juli 2023). Het jaar 2027 maakt nog geen onderdeel uit van dit plan en is dan ook niet meegenomen in onderstaande tabel. De kosten van projecten die betrekking hebben op de vervanging van duurzame kapitaalgoederen zijn niet in deze paragraaf opgenomen. Deze worden geactiveerd en afgeschreven conform regelgeving. bedrag x € 1.000
Omschrijving kapitaalgoederen Wegen Civieltechnische kunstwerken Riolering Water Openbaar groen Openbare verlichting Speelplaatsen Gebouwen & binnensportaccommodaties
2024
2025
2026
2027
3.301 310 865 190 3.131 160 50 518
3.086 310 857 190 2.786 160 50 518
3.086 310 857 190 2.714 160 50 518
3.086 310 857 190 2.714 160 50 518
Totaal onderhoud kapitaalgoederen
8.524
7.956
7.884
7.884
Op elk van de vakspecialistische onderdelen volgt onderstaand een korte toelichting.
Wegen en civieltechnische kunstwerken Beleidskader Het vigerend beleidskader bestaat uit de Nota Wegen (2019), de Nota Civieltechnische Kunstwerken (2022), de Mobiliteitsagenda Aalsmeer en het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2023-2026. In de Nota Wegen is de investeringsbehoefte voor een periode van vier jaar vastgelegd. Naast een vierjarenplanning wordt ook een doorkijk gegeven van de investeringsbehoefte voor de komende decennia. Het planmatig onderhoud krijgt vorm met behulp van het wegenbeheersysteem in combinatie met visuele inspectie. Dit wordt vastgelegd in een jaarlijks geactualiseerd Meerjarenprojectenplan Buitenruimte. Alle kunstwerken zijn recent geïnspecteerd. De resultaten zijn verwerkt in de Nota Civieltechnische Kunstwerken en de benodigde investeringsruimte en onderhoudsbudgetten zijn opgenomen in het MPP Buitenruimte. Daarmee kan de komende jaren geïnvesteerd worden in behoud en vervanging van het Aalsmeerse areaal. Soort kapitaalgoederen De kapitaalgoederen bestaan uit wegen, voetpaden, fietspaden, trottoirs, parkeervakken en overige verharding in de openbare ruimte. In de Nota Civieltechnische Kunstwerken zijn de kapitaalgoederen bruggen, duikers, viaducten, tunnels, steigers, geluidsschermen, kademuren en beschoeiingen opgenomen. Kademuren en beschoeiingen vallen onder de noemer Water.
Programmabegroting 2024
94
Gemeente Aalsmeer
Riolering Beleidskader In het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) wordt aangegeven hoe de gemeente invulling geeft aan haar zorgplichten voor de riolering- en grondwaterzorg. De beleidskaders zijn het gemeentelijk rioleringsplan 20212026 (beleidsplan GRP) en het actieplan en agenda klimaatadaptatie 2021-2026. De gemeente heeft de volgende wettelijke verplichte watertaken: - zorgen voor de inzameling en transport van stedelijk afvalwater, - zorgen voor de verwerking van afvloeiend hemelwater, - zorgen voor het beperken van de nadelige gevolgen van de grondwaterstand. Het nationale Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie geeft aan dat Nederland in 2050 zo goed mogelijk klimaatbestendig en waterrobuust moet zijn ingericht. De aanpak in het Deltaplan is gericht op vier thema's: wateroverlast, droogte, hitte(stress) en het beperken van de gevolgen van overstromingen (waterveiligheid). Bij herinrichtingsprojecten van de openbare ruimte neemt de gemeente zo veel mogelijk klimaatadaptieve maatregelen mee in het ontwerp, om ervoor te zorgen dat de gevolgen van de klimaatverandering - door bijvoorbeeld extreme regenbuien of hittegolven - voor de openbare ruimte beperkt blijven. Om invulling te geven aan de klimaatadaptatieopgave is inmiddels beleid vastgesteld (Agenda en actieplan klimaatadaptatie Aalsmeer 2021-2026).
Soort kapitaalgoederen De kapitaalgoederen bestaan uit vrij verval riolen, kolken, persleidingen, drainages, minigemalen, rioolgemalen, overstorten, uitstroomconstructies voor hemelwater en een grondwatermeetnet. Er liggen drainages en drainage-infiltratieriolen om grondwaterproblemen te voorkomen. Om een goed beeld te houden van de staat van het rioolstelsel vindt er éénmaal per 10 jaar een reiniging en inspectieronde van de rioolleidingen plaats. De (elektro)technische installaties worden jaarlijks geïnspecteerd.
Water Beleidskader Om voor de toekomst het watersysteem robuust genoeg te houden en invulling te geven aan de ambities en eisen van zowel waterschap als de gemeente zijn de nieuwe afspraken vastgelegd met Rijnland in de vorm van een bestuurlijke strategische agenda. In deze agenda geven de gemeente en het waterschap aan op welke onderwerpen en op welke wijze zal worden samengewerkt. Het gaat nadrukkelijk om een bestuurlijke agenda. De uitwerking van hetgeen bestuurlijk is geagendeerd wordt vervolgens uitgewerkt in bijvoorbeeld gezamenlijke onderzoeks- of uitvoeringsprojecten met een bijbehorend uitvoeringsprogramma. Met Waterschap AGV/Waternet wordt regionaal binnen BOWA/Izariz samengewerkt. Ook voor het thema water zijn de beleidsnota's Civieltechnische Kunstwerken, Klimaatadaptatie, GRP en MPP Buitenruimte leidend. Soort kapitaalgoederen De kapitaalgoederen bestaan uit watergangen, beschoeiingen, kademuren en oevers.
Openbaar groen Beleidskader Het kwaliteitsniveau van het groenonderhoud is vastgelegd is het beeldkwaliteitsplan Beheer en Onderhoud Aalsmeer. Beleid voor de bomen is vastgelegd in het Bomenplan Aalsmeer.
Programmabegroting 2024
95
Gemeente Aalsmeer
Renovaties van het groen zijn verwerkt in het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer 2023-2026 via onder andere de projecten Bomenrenovaties en Heesterrenovaties. Andere relevante beleidsplannen voor het groen zijn het Bomenplan en het Klimaatadaptatieplan. Soort kapitaalgoederen Onder groen wordt verstaan: bomen, bosplantsoen, heesters, gazon, hagen en vaste planten.
Openbare verlichting Beleidskader In het Beleidsplan Openbare Verlichting (2020) zijn de uitgangspunten voor het plaatsen of renoveren van openbare verlichting vastgelegd. Grotere renovaties worden indien mogelijk gecombineerd met groot wegonderhoud. Deze projecten zijn opgenomen in het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte Aalsmeer. Soort kapitaalgoederen De kapitaalgoederen bestaan uit lichtmasten, armaturen, voedingspunten en bekabeling.
Open lucht- en spelrecreatie Speelplaatsen Beleidskader Via het MPP Buitenruimte 2023-2026 worden renovaties en herinrichting van speelplaatsen in Aalsmeer geprogrammeerd. Soort kapitaalgoederen Op de speelplaatsen staan traditionele speeltoestellen zoals veerelementen en klimrekken, maar ook de trapveldjes maken onderdeel uit van de speelplaatsen. De overige recreatieterreinen zijn opgenomen onder wegen en groen.
Verkeersregelinstallaties Soort kapitaalgoederen Verkeersregelinstallatie is de verzamelnaam voor alle materialen die samen de verkeerslichten op een kruising(encomplex) aansturen en bestaat uit een regelautomaat, detectielussen, masten/portalen, lampen/armaturen, kabels en software. Ook de panelen van het Dynamisch ReizigersInformatieSysteem (DRIS-panelen) vallen onder verkeersinstallaties. Dit zijn de reizigersinformatiepanelen die op bushaltes staan en de werkelijke vertrektijden en actuele onregelmatigheden aangeven van de bussen op de betreffende halte. De levensduur van verschillende elementen van verkeersregelinstallaties verschillen, maar er wordt een gemiddelde levensduur van 25 jaar aangehouden.
Programmabegroting 2024
96
Gemeente Aalsmeer
Gebouwen Voor gebouwen waarvan een voortgezet gebruik is voorzien, worden jaarlijks de in het meerjarenonderhoudsplan (MOP) opgenomen onderhoudsmaatregelen, mits deze ook bij nadere beoordeling onuitstelbaar blijken, uitgevoerd. Een bedrag ter hoogte van de 20-jaars gemiddelde MOP wordt jaarlijks gedoteerd aan de Voorziening onderhoud gebouwen. Uitgaven komen ten laste van de voorziening. De toereikendheid van de voorziening wordt jaarlijks bij het opmaken van de jaarrekening aan de dan bekende gegevens getoetst. Beheer en onderhoud door derden Beheer en onderhoud van een deel van de gemeentelijke gebouwen is belegd bij andere organisaties: • •
Exploitatie Sportaccommodaties Aalsmeer BV is verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van alle binnen- en buitensportaccommodaties. Green Park Aalsmeer Gebiedsontwikkeling is verantwoordelijk voor het beheer van gronden en
•
gebouwen binnen het eigen exploitatiegebied. Brede school De Mikado wordt beheerd door de beheerstichting De Mikado.
Leegstand en verhuur Met betrekking tot de gebouwen ondervinden wij eigenlijk alleen nog enige leegstand in het kader van aankoop/leegmaken van panden vooruitlopend op herontwikkeling. Ter bestrijding van deze frictieleegstand worden een aantal panden tijdelijk door leegstandsbeheerders beheerd. Verder worden alle gebouwen verhuurd. Met uitzondering van de Molenvlietweg 22 worden er geen gebouwen of gronden verkocht in 2024. In 2022 is de Nota Vastgoed vastgesteld door de gemeenteraad waarin het vastgoed beleid en de wijze van verhuurd zijn vastgelegd.
Programmabegroting 2024
97
Gemeente Aalsmeer
3.4 Financiering Inleiding Treasury is het vakgebied dat zich bezighoudt met de financiering en liquiditeit van een organisatie en de daaruit voortvloeiende financiële risico’s. In deze paragraaf staat de gemeentelijke financieringsfunctie centraal en de beheersing van bijbehorende risico’s. Wettelijk kader De treasuryfunctie kent de volgende kaders: • Wet financiering decentrale overheden (Fido); • Financiële verordening 2023 gemeente Aalsmeer; en •
Treasurystatuut 2023 gemeente Aalsmeer.
Schatkistbankieren Gemeenten hebben de plicht eventuele tegoeden aan te houden in de Nederlandse schatkist. Dit heeft een positief effect op de omvang van de staatsschuld, maar beperkt ook de gemeentelijke vrijheid om zelf een optimaal rendement na te streven op haar eigen liquiditeiten. Wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet HOF) Het totale financieringstekort van de Nederlandse overheid (Economische en Monetaire Unie (EMU-saldo)) mag niet meer bedragen dan 3%. Daar tellen ook gemeenten in mee. Lidstaten moeten deze afspraken omzetten in nationale wetgeving. Hiervoor is in Nederland de Wet houdbare overheidsfinanciën (HOF) in 2013 vastgesteld. EMU-saldo Het EMU-saldo is in 1992 door de Economische en Monetaire Unie ingevoerd om vergelijkingen tussen de verschillende eurolanden mogelijk te maken. Het EMU-saldo (ook wel begrotingssaldo genoemd) is de optelsom van alle inkomsten en uitgaven van de rijksoverheid en de decentrale overheden. Volgens de regels van de EMU, zoals vastgelegd in het Verdrag van Maastricht, mag het vorderingentekort (het EMU-saldo) van een land niet hoger zijn dan 3% van het bruto binnenlands product. Hiermee wil men de economische sterkte van de eurolanden behouden. Het EMU-saldo wordt dus vooral op landelijk niveau gebruikt.
In het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten zijn de gemeenten verplicht in hun begroting ramingen van het EMU-saldo te verstrekken. Het EMU-saldo is voor de individuele gemeente echter geen sturingsvariabele. Dat komt omdat bij het EMU-saldo wordt gekeken naar het saldo van de begroting volgens het kasstelsel, naar welke geldstromen er in een jaar binnen komen en welke er uitgaan. De gemeente werkt echter met een baten-lasten stelsel, waarbij gestuurd wordt op een structureel sluitende (meerjaren)begroting. Door het verschil in gehanteerde stelsel kan het voorkomen dat bij een sluitende begroting, een gemeente toch een negatief EMU-saldo heeft.
Programmabegroting 2024
98
Gemeente Aalsmeer
In de volgende tabel is het geraamde EMU saldo 2024 opgenomen. Het EMU saldo komt voor 2024 uit op /- € 6,0 miljoen. Dit betekent dat in EMU termen de uitgaven € 6,0 miljoen hoger zijn dan de inkomsten.
2024
2025
2026
2027
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
3.088
4.693
-791
-1.587
Mutatie (im)materiële vaste activa Mutatie voorzieningen
12.814 -508
11.724 -124
10.748 701
2.487 745
Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)
-4.213
-4.947
-62
1.219
Berekend EMU-saldo
-6.021
-2.209
-10.776
-4.549
Rente-exploitatie In het hoofdstuk uitgangspunten van de Kadernota 2024 zijn de volgende uitgangspunten voor het toerekening van de werkelijke rentelasten aan de grondexploitaties en de taakvelden opgenomen:
Aalsmeer hanteert het systeem van integrale financiering. Dat wil zeggen dat er niet noodzakelijk een direct verband bestaat tussen individuele investeringen en de financiering van deze investeringen. Na het vaststellen van de Kadernota 2024 is de Staat rente gaan vergoeden op het saldo van de schatkist. In de programmabegroting 2024 is om die reden net als in de programmabegroting 2023 een omslagrente gehanteerd van 0,1%. De rente-exploitatie ziet er als volgt uit:
Programmabegroting 2024
99