CConstaterende dataalsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Jaarrekening 2024 Omgevingsdienst NZKG

3.Raad (besluitvormend) 26 juni 2025, gemeente aalsmeerBij agendapunt: Jaarrekening 2024, 1ste begrotingswijziging 2025 en Meerjarenbegroting 2026-2029 Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG)26.544 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

3.2 Onderhoud kapitaalgoederen

De kapitaalgoederen die de OD NZKG in bezit heeft, bestaan uit apparatuur, automatisering, meubilair en de verbouwing van het gehuurde pand Ebbehout in Zaandam. Als afschrijvingstermijn wordt de economische levensduur als uitgangspunt genomen (conform de financiële verordening). In 2024 zijn door OD NZKG geen nieuwe investeringen gedaan in de materiële vaste activa.

3.3 Financiering In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeleid van de OD NZKG. Dit zijn onder andere het risicobeheer (vooral rente- en kredietrisico) en de financieringspositie. Voor uitvoering van de financieringsfunctie gelden de kaders uit de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en de bijhorende ministeriële regelingen. In deze wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. Er zijn voorschriften voor een verplicht financieringsstatuut (treasury-statuut) en een financieringsparagraaf in begroting en jaarrekening. De OD NZKG werkt volgens het treasury statuut dat is vastgesteld op 9 december 2015. Een van de doelstellingen van dit statuut is het beschermen van vermogens- en renteresultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals genoemd binnen de Wet Fido: renterisico’s, koersrisico’s, liquiditeitsrisico’s en kredietrisico’s.

40 van 71

Financierings- en schuldpositie De OD NZKG gaat uitsluitend leningen aan in de Europese geldeenheid (de euro). In 2013 is bij BNG Bank een lening afgesloten van € 1,1M met een looptijd van vijf jaar en een rente van 1,45%. De lening is per 31-12-2018 volledig afgelost. Kasbeheer De OD NZKG beperkt interne liquiditeitsrisico’s door treasury-activiteiten te baseren op een adequate liquiditeitsplanning. Doordat we overtollige liquide middelen moeten aanhouden in de schatkist (op een rekeningcourant bij het agentschap van het ministerie van Financiën) zijn er geen kredietrisico’s. Om het renterisico te beperken, is vastgelegd dat de kasgeldlimiet en de renterisiconorm niet worden overschreden. We stemmen nieuwe leningen en uitzettingen af op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning. De rentetypische looptijd en het renteniveau van de lening of uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie. Binnen deze kaders streven we naar spreiding in de rentetypische looptijden van uitzettingen.

41 van 71

3.4 Bedrijfsvoering Verplichte beleidsindicatoren Vanuit het BBV is het verplicht te verantwoorden op ongeveer veertig beleidsindicatoren. De indicatoren zijn vooral voor gemeenten opgesteld en daarom grotendeels niet van toepassing op de OD NZKG. De indicatoren die wel van toepassing zijn, passen allemaal binnen het programma Bedrijfsvoering. Formatie en bezetting De formatie voor 2024 is vastgesteld op 590,4 fte op basis van een omzet van € 87,4M. De bezetting op 31-12-2024 was in totaal 552,8 fte. Een tekort van 37,6 fte. Aan het begin van het jaar was de bezetting echter nog maar 478,6 fte en in de maand mei 507,6 fte. Pas later in het jaar heeft er een forse stijging in fte's plaatsgevonden. Zo zijn er in de maand september 25 medewerkers in dienst gekomen. Hoewel er volop is geworven, zijn veel medewerkers dus pas later in het jaar ingestroomd. Omdat de groei voor een groot deel later in het jaar heeft plaatsgevonden, bleven ook de gemaakte uren en omzet achter bij de begroting. H3.4 Beleidsindicatoren Bedrijfsvoering.xlsx Naam indicator Formatie

Berekening Fte per 1.000 inwoners

Realisatie 2024

Toelichting Nvt Niet te berekenen per inwoner. De formatie bedraagt 590,4 FTE (excl. inhuur) per 31-122024 Nvt Niet te berekenen per inwoner. De bezetting bedraagt 552,8 FTE (excl. inhuur) per 31-122024 Nvt Niet te berekenen per inwoner. De apparaatskosten bedragen € 75.648K

Bezetting

Fte per 1.000 inwoners

Apparaatskosten

Kosten per inwoner

Apparaatskosten

Niet te berekenen per inwoner

75.648

Externe Inhuur

Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur extern

23,0%

Personele overhead

% van de totale lasten

18,9%

Materiële overhead

% van de totale lasten

14,4%

Nieuwe cao provinciale sector In 2024 is een nieuwe cao afgesloten. Deze cao heeft een looptijd van 1 januari 2024 tot en met 30 juni 2025. Enkele belangrijke wijzigingen uit de cao in 2024: -

Salarisverhoging: per 1 januari 2024 is het salaris eerst nominaal met € 25 verhoogd en procentueel met 4,25%

-

Per 1 september 2024 is het salaris met 2,5% verhoogd

-

Verhogingen per 1 januari 2024 werden met terugwerkende kracht doorberekend

-

Het Persoonlijk Budget Duurzame Inzetbaarheid (PBDI): Het PBDI van € 5.000 (voor een periode van 5 jaar) werd verhoogd met € 1.000 en is ingekaderd zodat duidelijk is welk percentage aan welk doel van duurzame inzetbaarheid besteed kan worden

-

Mogelijkheid tot een versnelde doorgroei in salaris bij bevordering: van 3% naar 6%

-

Er komt een RVU-regeling voor medewerkers met 41 ABP-dienstjaren en de laatste 10 jaar werkzaam in de provinciale sector. Maximaal 2 jaar vóór de AOW-datum kan gebruik worden gemaakt van de RVU.

De onderhandelingen voor de cao vanaf 30 juni 2025 zullen gaan starten in 2025.

42 van 71

Boter bij de Vis 54 medewerkers ontvingen in 2024 de flexibele beloning ‘Boter bij de vis’. Daarnaast hebben diverse medewerkers op basis van bijzondere geleverde prestaties een gratificatie ontvangen zoals cadeaus, cadeaubonnen, of geheel of gedeeltelijke vergoeding van opleidingskosten etc. Zowel op individueel- als op teamniveau. Verzuim Het organisatie breed verzuim is in 2024 gedaald met 0,25% van 5,64% in 2023 naar 5,39% in 2024. De meldingsfrequentie is van 1,03 in 2023 toegenomen tot 1,06 in 2024. Het aantal personen dat zich 3 of meer keer heeft ziekgemeld is gestegen in 2024. Van 65 personen in 2023 naar 77 personen in 2024. Hier is aandacht voor middels het voeren van zogenaamde frequent verzuimgesprekken en training van leidinggevenden hierin. Er is een daling waarneembaar van het aantal medewerkers dat langdurig ziek is. Het aantal medewerkers hierbij langer dan een jaar ziek is gedaald van 12 in 2023 naar 9 in 2024. Al deze dossiers zijn goed in beeld en de medewerkers krijgen de nodige begeleiding. Gestuurd wordt op verdere preventie van verzuim. Hiervoor zijn diverse acties ingezet. Aandacht voor en training op de balans werk-privé bij het Tijd- en Plaatsbewust Werken (TPBW) en acties met betrekking tot de duurzame inzetbaarheid en vitaliteit van medewerkers.

Ook wordt frequenter overleg met de bedrijfsarts, teammanagers en HR gevoerd, om ook meer preventief interventies te kunnen inzetten. Daarnaast wordt goed samengewerkt tussen de bedrijfsarts en de bedrijfsmaatschappelijk werker. Rechtmatigheid De OD NZKG heeft de verbijzonderde interne controle (VIC) uitbesteed. De OD NZKG kan door de uitbesteding van de VIC de onafhankelijke rol beter borgen, de eigen organisatie is hiervoor te klein. Andere reden is dat de OD m.i.v. 2020 de financiële en personeelsadministratie volledig in eigen beheer heeft genomen. Het belang van het toetsen van de opzet, bestaan en werking van de financiële en personeelsprocessen werd daardoor groter. In 2024 zijn de volgende processen ge-audit: UVO-beheerproces Debiteurenproces Personeelsproces – instroom/doorstroom/uitstroom Inkoop- en crediteurenproces WABO-leges Aanbestedingen De keuze voor deze processen is bepaald o.b.v. de financiële materialiteit. De uitkomst van de audits is dat de opzet, bestaan en werking van de processen op orde is. In 2024 zijn er net als in 2023 lijncontroles uitgevoerd. Hieruit zijn geen bijzonderheden naar voren gekomen. Voor onze opdrachtgevers worden elk kwartaal legesrapportages opgesteld. Deze rapportages bevatten geen bijzonderheden in 2024

Rechtmatigheidsverklaring

In 2022 heeft de Tweede Kamer ingestemd met de Wet versterking decentrale rekenkamers. Met deze wet is ook de invoering van de zogenaamde rechtmatigheidsverantwoording (RMV) een feit. Dit betekent dat wij, net als vorig jaar in de jaarrekening 2024 verantwoording afleggen over de rechtmatigheid van baten en lasten en balansmutaties. Daarmee heeft de interne toetsing een wettelijke status gekregen.

43 van 71

In het controleprotocol van 2024 is de RMV duidelijk verwoord en zijn de verantwoordingsgrenzen voor 2024 vastgesteld. Ook zijn de 3 rechtmatigheidscriteria toegelicht die niet expliciet uit het overzicht van baten en lasten blijken. Het gaat om het begrotings-, voorwaarden- en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze verklaring geven directie en dagelijks bestuur aan in hoeverre deze criteria zijn nageleefd. Verantwoordingsgrens De verantwoordingsgrens is een door het Algemeen Bestuur vastgesteld bedrag, waarboven het Dagelijks Bestuur de afwijkingen (fouten en onduidelijkheden) moet opnemen in de rechtmatigheidsverantwoording. De verantwoordingsgrens valt binnen de bandbreedte van 0% tot 3% van de totale lasten van Omgevingsdienst Noorzeekanaalgebied inclusief de dotaties aan de reserves. Het uitgangspunt is om de verantwoordingsgrens gelijk te houden aan de goedkeuringstolerantie voor de accountantscontrole, i.c. 1% van de totale lasten van Omgevingsdienst Noorzeekanaalgebied, inclusief de dotaties aan de reserves en is vastgesteld op € 873,5K. Rapportagegrens Het Dagelijks Bestuur is verplicht om onrechtmatigheden toe te lichten in de bedrijfsvoering paragraaf indien de geconstateerde onrechtmatigheid de verantwoordingsgrens (1% van de totale lasten) overschrijdt. Dit als toelichting/aanvulling op hetgeen is opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.

Het Dagelijks Bestuur hecht waarde aan het gesprek over de bevindingen uit de rechtmatigheidscontroles. Daarom beperkt het Dagelijks Bestuur zich niet alleen tot het geven van een toelichting louter bij het overschrijden van de verantwoordingsgrens. Het Dagelijks Bestuur rapporteert derhalve alle bevindingen omtrent de financiële rechtmatigheid boven de rapportagegrens in de paragraaf bedrijfsvoering met een toelichting vanuit haar actieve informatieverstrekking richting Algemeen Bestuur. De rapporteringtolerantie wordt door het Algemeen Bestuur vastgesteld, met inachtneming van bovengenoemde minimumeisen, op 0,3% van de begroting. Deze grens is voor 2024 een bedrag van € 262K. Bevindingen 2024 OD NZKG heeft de verbijzonderde interne controle (VIC) uitbesteed. De uitbreiding van de controle werkzaamheden in 2023 is voorgezet in 2024. Hieronder volgt een korte samenvatting van de VIC 2024 •

UVO beheerproces: In de VIC’ zijn geen bijzonderheden geconstateerd. Wel is het wenselijk dat de UVO’s voor start van het kalenderjaar zijn ondertekend.

•

Debiteuren en overige baten: Met betrekking tot de uitvoering van de VIC op de Overige baten zijn geen bevindingen geconstateerd

•

Crediteuren en Inkoop: Met betrekking tot de uitvoering van de VIC op inkopen zijn er geen bevindingen geconstateerd die hoger zijn dan de rapportagegrens.

•

Personeel in dienst: In de VIC is vastgesteld dat de arbeidsovereenkomst niet altijd voor de startdatum van indiensttreding is ondertekend. We zijn mogelijkheden aan het verkennen om op een nieuwe wijze de workflow in ons financieel systeem in te richten waarbij een mutatie (zoals instroom of doorstroom) geen doorgang kan vinden zolang de stukken nog niet zijn ondertekend door teammanager en medewerker In de VIC is bij 1 medewerker geconstateerd dat de opgave loonheffing te laat is ondertekend. Bij HR is deze constatering onder de aandacht gebracht.

•

Personeel doorstroom: In de VIC is vastgesteld dat bij functiewijzigingen de addenda niet altijd tijdig zijn ondertekend. Als beheersmaatregel legt de HR helpdesk meer nadruk op behandeltermijnen voordat zij mutatieverzoeken in behandeling neemt. Daarnaast zijn we mogelijkheden aan het verkennen om op een nieuwe wijze de workflow in ons financieel systeem in te richten waarbij een mutatie (zoals instroom of doorstroom) geen doorgang kan vinden zolang de stukken nog niet zijn ondertekend door teammanager en

44 van 71

medewerker. •

Personeel uit dienst: Bij 1 medewerker komt het dienstverband zoals vermeld in de ontslagbevestiging niet overeen met de ontslagbrief van de medewerker. Met functioneel beheer van ons HR systeem wordt verkend of de datum van ontslag indienen automatisch overgenomen kan worden. Hierdoor kunnen er geen fouten worden gemaakt door een HR Helpdesk medewerker in de brief betreffende de uitdienst melding

•

Personeel salarismutaties: De VIC 2024 is in lijn met 2023 uitgebreid met extra controles op salarismutaties, er zijn geen bijzonderheden geconstateerd.

Begrotingsrechtmatigheid Er zijn geen fouten geconstateerd die hoger zijn dan onze rapporteringsgrens. Afwijkingen; Geen Voorwaardencriterium In 2024 is het inkoop- en aanbestedingsbeleid wederom getoetst met het opstellen van een spend analyse. Deze analyse heeft tot doel om vast te stellen of per leverancier de aankopen conform ons inkoop- en aanbestedingsbeleid zijn verlopen. De spend analyse is zo een hoeksteen in het drieluik van het aankoopbeleid. Het draagt bij aan de juiste aanbesteding kalender van het volgend jaar. Het geeft niet alleen welke aanbestedingen nog extra nodig zijn, maar ook welke aanbestedingen veranderen in aard (bijvoorbeeld van meervoudig onderhands naar Europees). Zo wor dt de aanbesteding niet alleen gevoed vanuit het contractmanagement waar de einddatum van het contract de volgende aanbesteding bepaalt. Er zijn geen fouten geconstateerd die hoger zijn dan onze rapporteringsgrens. Afwijkingen;

-

Geen

Misbruik- en oneigenlijk gebruik De OD heeft niet te maken gehad met misbruik- en oneigenlijk gebruik van onze organisatie door externen. Conclusie Het dagelijks bestuur is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grenzen.

3.5 Openbaarheidsparagraaf

Dit is de openbaarheidsparagraaf van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (hierna: OD NZKG). De openbaarheidsparagraaf is sinds 2022 een terugkerende paragraaf in het jaarverslag. We vinden het belangrijk om expliciete aandacht te besteden aan openbaarheid, en zijn daar inmiddels ook toe verplicht. Deze verplichting komt aanvankelijk voort uit het besluit tot actieve openbaarmaking van informatie, de plannen ter verbetering van de informatiehuishouding bij de ministeries en artikel 3.5 van de Wet open overheid (Woo), waarin wordt bepaald dat een bestuursorgaan in de jaarlijkse begroting en verantwoording aandacht besteedt aan de beleidsvoorn emens en uitvoering van de Woo. De focus van deze openbaarheidsparagraaf is de beschrijvende en kwalitatieve verantwoording op hoofdlijnen over de activiteiten die zijn uitgevoerd in 2024 op de thema’s verbetering van de informatiehuishouding, actieve openbaarmaking en passieve openbaarmaking.

45 van 71

Actieve openbaarmaking Gedurende 2024 zijn er wederom meer middelen vrij gemaakt voor de implementatie van de Woo. De nieuwe wet vereist van bestuursorganen de actieve openbaarmaking van een aantal bij wet aangewezen categorieën en spreekt van een inspanningsverplichting om naast deze verplichte categorieën te onderzoeken welke aanvullende informatiecategorieën eveneens gepubliceerd zouden kunnen worden. Deze inspanningsverplichting veronderstelt dat de overheid zich bij elk document actief de vraag moet stellen waarom het niet openbaar gemaakt zou moeten worden, ‘openbaar, tenzij’. De samenleving heeft immers het recht te weten wat er in de leefomgeving speelt. De OD NZKG staat volledig achter de bedoeling van deze wet en tracht hier door middel van een projectmatige aanpak invulling aan te geven. De implementatie zal evengoed enkele jaren duren, conform de planning vanuit het Rijk. Het artikel over de actieve openbaarmaking is nog niet volledig in werking getreden, de OD NZKG is echter wel al begonnen met de implementatie ervan. Er is ten eerste onderzocht welke categorieën de OD NZKG wettelijk gezien dient te openbaren en er is gekeken naar de eerder benoemde aanvullende categorieën waarvan we informatie willen gaan publiceren.

Hiervoor is inmiddels een plan van aanpak opgesteld, met daarin onder andere aandacht voor de cultuurverandering binnen de organisatie waar de wet om vraagt en een projectplanning. In de komende jaren zal dit plan ten uitvoer worden gebracht. In 2024 zijn de eerste wettelijk verplichte categorieën bekend gemaakt en ook verplicht gesteld, de OD NZKG voldoet dan ook aan deze wettelijke vereisten. Tevens heeft de OD NZKG actief deelgenomen aan de landelijke werkgroep inzake de openbaarmaking van handhavingsbeschikkingen. Deze werkgroep zal in 2025 voortgezet worden en momenteel verkent de OD NZKG intern de verdere mogelijkheden om tot maximale openbaarmaking over te gaan. Het e-data loket zal verbeterd worden, overzichtelijker en completer zodat documenten voor eenieder goed te vinden zijn. Passieve openbaarmaking Sinds een aantal jaren is het aantal Woo-verzoeken – waaronder ook de zeer omvangrijke verzoeken – flink toegenomen. De begroting is daarom de afgelopen jaren fors omhoog bijgesteld (van 1.755 uur in 2022 tot 10.821 uur in 2024) en valt de Woo sinds 2023 onder Programmaoverstijgend. In de begroting van 2024 was rekening gehouden met 10.821 uur voor de Woo. Er is in totaal 8.928 uur geschreven. Dit verschil is met name toe te rekenen aan het niet tijdig kunnen invullen van openstaande vacatures.

Het Woo-proces is arbeidsintensief, omdat er ook zogenoemd ‘handwerk’ bij komt kijken, zoals het beoordelen van documenten op de zogenaamde uitzonderingsgronden in de Woo en de grote hoeveelheid documenten die op verzoek openbaar worden gemaakt. Daarnaast vergt dit proces soft skills van de medewerkers. De juristen dienen onze medewerkers namelijk voortdurend op de hoogte te houden over de ontwikkelingen met betrekking tot de Woo, maar ook verzoekers stellen het steeds vaker op prijs om gedurende het verzoek vaak op de hoogte te worden gesteld. Op deze manier weten wij in sommige dossiers bezwaar en/of beroep te voorkomen. Ook in 2024 zijn de processen inzake de passieve openbaarmaking verder verbeterd. Verschillende aspecten binnen het Woo-proces zijn geautomatiseerd en geactualiseerd, waardoor dit minder inspanning vergt van de medewerkers (het ‘handwerk’ neemt af). Dit zal uiteindelijk een positief effect hebben op de termijnafhandeling van de dossiers. Met het vergroten van de actieve openbaarmaking hopen we bovendien op den duur een afname te creëren in het aantal Woo verzoeken. Het is belangrijk hierbij te vermelden dat er enkele jaren overheen kunnen gaan voordat dit effect zichtbaar wordt. Verbetering van de informatiehuishouding Om de processen goed te laten verlopen is het belangrijk om overheidsinformatie correct op te slaan.

Als we onze informatie op orde hebben, kunnen we als OD NZKG beter samenwerken, open, transparant en betrouwbaar zijn. Op deze manier kunnen wij ook op de juiste wijze, en in lijn met onze kernwaarden, verantwoording afleggen. Allereerst dienen de systemen op orde te zijn en zo ingericht te worden, dat de informatie duurzaam toegankelijk is en blijft. Het huidige zaaksysteem fungeert tevens als archiefsysteem en hierin is momenteel alle informatie te vinden. Ook

46 van 71

dit systeem is continu aan controle en verbeteringen onderhevig, waarbij allerlei methoden worden toegepast om informatie vindbaar te maken, maar ook om het in de eerste plaats op correcte wijze op te slaan. Zo wordt continu gemonitord welke aanpassingen mogelijk zijn, als er binnen de systemen aanpassingen nodig zijn. Vanaf 2022 zijn we volop bezig met het optimaliseren van ICT-processen rond de afhandeling van de Woo-verzoeken. In 2025 zal worden overgegaan op een nieuw zaaksysteem en dit heeft tot gevolg gehad dat er veel tijd is besteed aan deze processen om ervoor te zorgen dat het nieuwe zaaksysteem ons Woo-proces op efficiënte wijze zal blijven ondersteunen.

47 van 71

4 Financiële jaarrekening

4.1 Overzicht baten en lasten Het financiële resultaat van de OD NZKG over 2024 is € 4,5M positief. Bij de halfjaarrapportage was al een positief saldo voorzien van € 2,6M. Het jaarrekeningresultaat is € 1,8M positiever dan begroot. Het saldo bestaat ten opzichte van de begroting uit lagere baten ad € 4,4M en lagere lasten ad € 6,1M. Resultaatmodel en grafieken 2024.xlsx

Totaal

Aangepaste begroting

Lasten Baten Saldo

84.258 -86.906 -2.648

Realisatie 78.133 -82.619 -4.486

Realisatie vs. Aangepaste begroting -6.125 4.287 -1.839

Tabel: overzicht baten en lasten per programma Resultaatmodel en grafieken 2024.xlsx

Op hoofdlijnen betreft het onderstaande afwijkingen ten opzichte van de begroting. Het totaal van de baten is € 4,3M lager dan begroot door: -

€ 4,2M lagere UVO-baten, bij alle primair proces programma’s zijn de baten lager dan begroot. € 654K hogere baten voor projecten en offertes € 594K lagere subsidie-inkomsten € 148K lagere overige baten

Het totaal van de lasten is € 6,1M lager dan begroot door: -

€ 3,1M lagere apparaatslasten primair proces bij de programma’s Bouw, Bodem, Milieu en Randvoorwaardelijk. € 3,2M lagere lasten bij het programma bedrijfsvoering: minder instroom door krapte arbeidsmarkt, lagere implementatiekosten nieuw VTH-systeem, lagere kosten voor groot onderhoud, lagere dotatie aan de voorziening gekocht verlof en lagere kosten voor PBDI.

-

Mutatie op reserve van € 57K

Begroten, afrekenen en valideren onder de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging Sinds 1 januari 2017 werkt de OD NZKG met prestatiegerichte financiering (PGF). Via de PGF-begrotingsmethodiek betaalt elke opdrachtgever voor zijn eigen producten. Hierbij maken we onderscheid in outputproducten, regieproducten en een randvoorwaardelijk pakket. Outputproducten worden begroot en afgerekend tegen een vaste prijs per product. Regieproducten worden begroot op een aantal uren per product en afgerekend tegen het werkelijk aantal ingezette uren. Aan outputproducten liggen kengetallen en ervaringscijfers ten grondslag. Als gevolg van werken onder de omgevingswet bevat de PDC-outputproducten zonder in de praktijk getoetste kengetallen. Bestuurlijk is daarom in 2023 besloten om voor een periode van minimaal 2 jaren een aangepaste begrotings en afrekening systematiek te hanteren. Dit betreft:

48 van 71

Het effect van deze bestuurlijk afspraak zien we voor het eerst terug in deze jaarrekening Voor elke individuele opdrachtgever is voor de outputproducten op werkveld niveau berekend of de inzet in uren meer/ minder is geweest dan 5% afwijking t.o.v. de vastgestelde begroting (6-maands rapportage) c.q. de fixed price afspraak. Als gevolg van deze bestuurlijke afspraak zijn de totale baten OD NZKG in 2024 voor de outputproducten € 965K lager. Voornamelijk veroorzaakt doordat de extra uren die zijn gerealiseerd niet in rekening zijn gebracht bij de opdrachtgevers omdat dit kon worden opgevangen binnen de eigen begroting.

49 van 71

Resultaten per programma

(bedragen x €1.000) Gewijz. begroting Gewijz. Gewijz. 2024 begroting begroting lasten 2024 baten 2024 saldo

Realisatie 2024 lasten

Realisatie 2024 Realisatie baten 2024 saldo

Bouw

10.651

-17.939

-7.288

9.911

-17.296

-7.385

Bodem

4.719

-7.279

-2.560

4.319

-6.578

-2.259

Milieu / BRZO

29.178

-48.036

-18.858

27.259

-46.190

-18.931

Randvoorwaardelijk

11.099

-11.826

-727

11.057

-10.760

298

Bedrijfsvoering

28.191

-1.580

26.611

25.030

-1.471

23.558

- Kosten overhead

28.191

-

28.191

25.030

-

25.030

- Onvoorzien

-

-

-

-

-

-

- Venootschapsbelasting

-

-

-

-

-

-

Saldo voor mutaties reserves

83.838

-86.661

-2.823

77.577

-82.295

-4.719

Mutaties reserves

420

-245

175

556

-324

232

Toevoegingen

420

420

556

Onttrekkingen

-

-245

-245

-

-324

-324

84.258

-86.906

-2.648

78.133

-82.619

-4.486

Saldo na mutaties reserves

556

(-/- = voordeel, + = nadeel)

4.2 Dekkingsmiddelen De OD NZKG realiseert het grootste deel van de dekkingsmiddelen via uitvoeringsovereenkomsten (UVO’S) met de opdrachtgevers. Er zijn UVO’s afgesloten met elf opdrachtgevers waaronder de founding fathers (gemeente Amsterdam, gemeente Zaanstad, gemeente Haarlemmermeer en de provincie Noord-Holland), de AM-gemeenten (AmstellandMeerlanden) en de contractpartners provincie Flevoland en Utrecht. De overige dekkingsmiddelen bestaan uit opbrengsten voor offertes, subsidies, extern detacheren van personeel en onttrekkingen uit reserves. In bijlage 2 zijn de dekkingsmiddelen verder gespecificeerd. H6 Bijlage 2 Bijdrage per deelnemer 2024.xlsx

Uitvoeringsovereenkomst Totaal dekkingsmiddelen via UVO's Overige baten Onttrekking reserves Vrijval voorziening Totaal dekkingsmiddelen

Gewijzigde begroting OD NZKG 2024 80.487 80.487 5.784 245 390 80.171 86.906

UVO 2024 80.171 80.171

50 van 71

(bedragen x € 1.000) Realisatie 2024 76.287 76.287 5.738 324 270 82.619

(bedragen x € 1.000) Afwijking 2024 -4.200 -4.200 -46 79 -120 -4.287

4.3 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. Deze voorschriften zijn verder uitgewerkt in de financiële verordening van de OD NZKG. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. De activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarde. Voor zover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn. In het controleprotocol dat door het Algemeen Bestuur op 20-09-2024 is vastgesteld wordt het normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht ACTIVA Vaste activa Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd op basis van verkrijgings- of vervaardigingsprijs en worden lineair afgeschreven in vijf jaar. Materiële vaste activa met economisch nut De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs en worden lineair afgeschreven. •

15 jaar: technische installaties in bedrijfsgebouwen

•

10 jaar: veiligheidsvoorzieningen bedrijfsgebouwen en kantoormeubilair

•

3 tot 5 jaar: software, automatiseringsapparatuur, telefooninstallaties

•

1 tot 10 jaar: verbouwingen, termijn afhankelijk van looptijd huurcontract, inclusief optietermijn verlenging

Afschrijving start op jaarbasis in het jaar nadat de investering gereed is gekomen of is verworven. Activa met een verkrijgingsprijs van minder dan € 25K per stuk hoeven niet te worden geactiveerd. Deze activa worden in het jaar van aanschaf ten laste van de exploitatie gebracht. Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Aangezien de debiteuren alleen publieke en geen private partijen zijn, is de kans op oninbaarheid klein. Er is dan ook geen voorziening dubieuze debiteuren gevormd. De uitzettingen omvat ook het rekeningcourantsaldo in de schatkist bij het ministerie van Financiën. Liquide middelen De liquide middelen zijn tegen de nominale waarde opgenomen. Overlopende activa Dit zijn de transitoria tegen nominale waarde waarmee lasten en baten in het juiste jaar worden verantwoord.

51 van 71

PASSIVA Vaste passiva Algemene reserve De algemene reserve wordt gebruikt voor de vorming van een weerstandsvermogen om risico’s op te kunnen vangen. Bestemmingsreserve Een bestemmingsreserve is een reserve waaraan het Algemeen Bestuur een bepaalde bestemming heeft gegeven. Gerealiseerd resultaat Het gerealiseerde rekeningresultaat is het resultaat in het boekjaar. Dit wordt ter bestemming voorgelegd aan het Algemeen Bestuur. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting of het voorzienbare verlies. Vaste schulden Langlopende schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. Deze schulden hebben een rentetypische looptijd van 1 jaar of langer. Vlottende passiva Netto-vlottende schulden De netto-vlottende schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde en hebben een looptijd van minder dan 1 jaar. Overlopende passiva Dit zijn de transitoria tegen nominale waarde waarmee lasten en baten in het juiste jaar worden verantwoord.

4.4 Toelichting baten en lasten In deze paragraaf staat een toelichting op de afwijkingen tussen de begroting en realisatie in 2024 voor zowel de baten als de lasten. Afwijkingen zijn in ieder geval per programma toegelicht. De richtlijn voor toelichtingen op afwijkingen is gesteld op € 100K. Baten

€ 4,3M nadeel

De baten zijn ten opzichte van de begroting op verschillende onderdelen € 4,3M lager uitgevallen. Bouw (€ 643K nadeel) De baten op het programma Bouw blijven € 643K achter ten opzichte van de begroting. We zien dat de arbeidsmarktproblematiek met name bij Constructieve Veiligheid en Toezicht ervoor zorgt dat niet alle baten gerealiseerd konden worden. Bodem (€ 641K nadeel)

52 van 71

De baten voor het programma Bodem zijn 641K lager dan begroot. De werkdruk was in de eerste helft van 2024 hoog, waardoor de baten in deze periode te veel omhoog zijn bijgesteld. Milieu en Brzo (€ 1,9M nadeel) De lagere baten komen voort uit een optelsom van verscheidene categorieën, zoals de uitvoeringsovereenkomsten, maar ook subsidies. Kijkende naar de uitvoeringsovereenkomsten (UVO) is het resultaat € 1,6M negatief en deze lagere baten zijn met name toe te schrijven aan lagere inzet dan begroot op een aantal onderwerpen, deels vanwege het niet of niet tijdig genoeg vervullen van vacatures wat weer gerelateerd is aan de arbeidsmarktproblematiek en deels vanwege externe factoren (e.g. Groen Staal, vraag-gestuurd werk). Dit vertaalt zich ook door naar een onderbesteding op het materieel budget. Bij de categorie Subsidies is er een onderschrijding van € 594K t.o.v. de aangepaste begroting, welke toe te schrijven is aan een lagere realisatie op de Specifieke Uitkeringen (SPUK’s, i.e. Groen Staal en IBP). Dit nadeel wordt enigszins opgevangen door een voordeel op offertes en externe detacheringen, waar € 300K meer baten zijn gerealiseerd dan begroot. Randvoorwaardelijk (€ 1,1M nadeel) De opbrengsten van het programma Randvoorwaardelijk laten een nadeel zien wat voornamelijk wordt veroorzaakt door minder uren voor het product Omgevingswet extra werkzaamheden (€ 855K).

Ook het aantal uren op WOO-verzoeken bleef achter, mede als gevolg van krapte op de arbeidsmarkt (€ 220K). Tevens zijn er minder uren gemaakt op verweer in bezwaar en beroep (€ 113K). In de eerste maanden van het jaar zijn er veel zaken geweest waardoor de halfjaarsrapportage naar boven is bijgesteld. De verwachting was dat het aantal bezwaar en beroepszaken nog verder zouden toenemen als gevolg van de invoering van de Omgevingswet, maar dit is niet gebeurd. Bedrijfsvoering (€ 109K nadeel) Er ontstaat een nadeel als gevolg van een lagere vrijval van de voorziening personeel dan begroot (€ 120K), mede door het ontstaan van nieuwe verplichtingen. Tevens wordt de vergoeding voor de contractbreuk met de ICT-leverancier gespreid over 2 jaar omdat ook volgend jaar nog compensatie nodig is (€ 140K). Naast deze nadelen is er ook een voordeel uit hogere rentebaten (€ 173K). Lasten

€ 6,2M voordeel

Ten opzichte van de begroting zijn de lasten € 6,3M lager uitgevallen. Bouw (€ 739K voordeel) Vanwege de inzet op de Omgevingswet en de hoge werkvoorraad zien we een hoge productiviteit binnen het werkveld Bouw. Aan de lastenkant ontstaat hierdoor een voordeel van € 739K. Bodem (€ 400K voordeel) De lasten voor Bodem zijn 400K lager dan begroot. Bij de lasten is vooral aan de toezichtkant in 2024 nog sprake van een tijdelijke onderbezetting door de tijdspan tussen uitstroom en instroom van personeel. Milieu en BRZO (€ 1,9M voordeel) Capaciteit-lasten (loon en inhuur) zorgen voor € 1,3M minder lasten dan begroot. Dit is voornamelijk gerelateerd aan niet ingevulde-vacatures vanwege de krapte op de arbeidsmarkt. Bij de materiële lasten is er € 605K minder aan lasten dan begroot. Dit is voornamelijk gerelateerd aan externe factoren (e.g. Groen Staal, MER-aanvragen) en een verdere algemene onderbesteding. Randvoorwaardelijk (€ 42K voordeel) Het programma Randvoorwaardelijk heeft een voordeel van € 42K ten opzichte van de begroting.

53 van 71

De lagere lasten zijn met name het gevolg van het niet (tijdig) kunnen invullen van vacatures door krapte op de arbeidsmarkt (€ 42K). Bedrijfsvoering (€ 3,2M voordeel) Het programma Bedrijfsvoering komt uit op een positief resultaat van € 3,2M. Dit heeft verscheidene oorzaken. Zo zijn er door krapte op de arbeidsmarkt medewerkers later ingestroomd dan verwacht wat heeft geleid tot lagere loonkosten ad € 600K. Uitstel implementatie van het nieuwe VTH-systeem ad € 525K. Tevens was voor 2024 een post onvoorzien opgenomen ad € 500K voor o.a. kosten voor groot onderhoud en aanloopkosten voor de verbouwing van het pand om deze aan te passen aan het nieuwe werken. Door een vertraging zijn deze kosten niet gemaakt in 2024. In 2024 is veel meer verlof gekocht dat voorheen (€ 1,0M), maar is er ook veel meer opgenomen waardoor de toevoeging aan de voorziening veel minder hoog hoefde te zijn. Dit levert een voordeel op van € 394K. Mede als gevolg van de invoering van de Omgevingswet, zijn er minder uren voor PBDI opgenomen dan was begroot (€ 556K). Door dalende energielasten in 2024 ten opzichte van 2023 bleek het voorschotbedrag van de gemeente Zaanstad te hoog en is deze in de loop van het jaar naar beneden bijgesteld. Dit leidde tot een voordeel van € 225K.

54 van 71

H4.1 en Bijlage 3 Financiele kengetallen 2024.xlsx

4.5 Incidentele baten en lasten

Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Er zijn geen structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves.

4.6 Informatie Wet normering bezoldiging topfunctionarissen Op grond van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) moeten we in het financieel verslaggevingsdocument verschillende gegevens van topfunctionarissen en niet-topfunctionarissen publiceren. Dit geldt ook voor (eventueel onbezoldigde) bestuursleden. Topfunctionarissen In 2024 is er een functionaris die valt onder de WNT. De vastgestelde norm 2024 bij een volledige dienstbetrekking is 233K. De norm 2023 was € 223K. Dit betreft de functie van algemeen directeur, die van 1-1 t/m 31-12 is vervuld door mw. L. de Maat. De maximale norm is berekend voor de periode van de werkzaamheden

55 van 71

Tabel: inkomens topfunctionarissen H5.3 Tabel specificatie top functionarissen 31-12-2024.xlsx 2024

Naam

Mw L.de Maat

Functie

Algemeen directeur

Duur dienstverband in 2024

01.01 - 31-12

Omvang dienstverband (fte)

1

Gewezen topfunctionaris

Nee

Dienstbetrekking

Ja

Bezoldiging Beloning

€

Belastbare onkostenvergoeding

€

171.831 -

Beloning betaalbaar op termijn (aanspraken)

€

23.291

Totale bezoldiging

€

195.122

€

233.000

Individueel toepasselijk Bezoldigingsmaximum

2023

Niet-topfunctionarissen De OD NZKG had in 2024 geen niet-topfunctionarissen in dienst van wie de bezoldiging het maximum heeft overschreden.

56 van 71

Bestuursleden De leden van het Algemeen Bestuur van de OD NZKG zijn onbezoldigd. Uit hoofde van hun functie als bestuurder bij deelnemende gemeenten/provincie zijn zij lid van het AB. H5.3 Tabel bestuursleden.xlsx Per 31-12-2024 Naam

Functie

Tjapko Poppens

burgemeester gemeente Amstelveen (voorzitter)

Jelle Beemsterboer

gedeputeerde provincie Noord-Holland

Jeroen Olthof

gedeputeerde provincie Noord-Holland

Alexander Scholtes

wethouder gemeente Amsterdam

Zita Pels

wethouder gemeente Amsterdam

Charlotte van der Meij

wethouder gemeente Haarlemmermeer

Marianne Schuurmans-Wijdeven

burgemeester gemeente Haarlemmermeer

Stephanie Onclin

wethouder gemeente Zaanstad

Joke Geldhof

burgemeester gemeente Ouder-Amstel

Hans Prins

wethouder gemeente Diemen (vervanger E. Boog)

Willem Kikkert

wethouder gemeente Aalsmeer

Ferry Hoekstra

wethouder gemeente Uithoorn

Loes de Maat

directeur Omgevingsdienst NZKG (secretaris)

Directie In 2024 hebben er geen wisselingen plaats gehad binnen het directieteam. Wel is Jacob Jan Feenstra tijdelijk aangesteld als vervanger van Colinda Geertsma omdat zij haar functie van directeur een deel van het jaar niet heeft kunnen uitoefenen.

57 van 71

4.7 Balans H4.7 Tabel Balans 2024.xlsx

58 van 71

Tabel: Niet uit de balans blijkende verplichtingen H4.7 Tabel Niet uit de balans blijkende verplichtingen 31-12-2024.xlsx

Activa Vaste activa Immateriële vaste activa: € 0K In 2020 is de investering van het eigen zaaksysteem volledig afgeschreven. In 2022 is gestart met de aanbesteding ter verlenging of vervanging van het zaaksysteem. Inmiddels is de aanbesteding afgerond en is de implementatie gestart. In maart 2025 zal het nieuwe zaaksysteem in gebruik worden genomen. Het nieuwe zaaksysteem wordt conform BBV niet geactiveerd. Tabel: verloopoverzicht immateriële vaste activa H5.5 Tabellen verloop immat en mat activa 31122024.xlsx

Materiële vaste activa: € 582K In 2024 hebben geen investeringen plaatsgevonden in de materiële vaste activa.

59 van 71

Tabel: verloopoverzicht materiële vaste activa H5.5 Tabellen verloop immat en mat activa 31122024.xlsx

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar: € 48,2M Vorderingen op openbare lichamen: € 0K Uitzettingen in ’s Rijksschatkist: € 36,9M De OD NZKG is verplicht de overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist bij het Ministerie van Financiën, genaamd het schatkistbankieren. Per 31 december 2024 bedraagt het uitstaand bedrag € 36,9M. Dit saldo is vooral een tegenhanger van de Crediteuren € 3,3M, Omzetbelasting € 2,8M, Af te dragen ABP-premie € 657K, Nog te betalen bedragen € 8,3M en Vooruitontvangen bedragen € 22,3M Debiteuren: € 11,3M Het saldo van de vorderingen per 31-12-2024 bedraagt € 11,3M. De debiteuren groter dan € 100K zijn: Gemeente Amsterdam Nog te ontvangen uit afrekening 2023: Provincie Noord-Holland Voorschot UVO 1e kwartaal 2025: Rijkswaterstaat detachering: Tata Steel LOD:

€ 563K € 9,9M € 123K € 498K

Op 31 januari 2025 is reeds € 10,7M van deze vorderingen ontvangen. Liquide middelen: € 184K ABN-AMRO Bank: € 184K Het saldo op de ABN-AMRO rekening per 31 december 2024 is € 184K. De ABN-AMRO rekening wordt alleen gebruikt als betaalrekening. Met ingang van 1 januari 2016 mag het saldo van deze rekening niet hoger zijn

60 van 71

0,75 % van de totale begroting (in 2024 een bedrag van € 623K) gemiddeld per kwartaal. Hiervoor vindt 'Saldo regulering' plaats via de schatkist rekeningcourant bij het ministerie van Financiën. Het saldo is per 31-12 € 184k omdat kleine ontvangsten zijn gedaan in de laatste week van 2024 terwijl de laatste saldoregulering op 20 december, de laatste dag van betaling, is gedaan. Op kwartaalbasis zit OD NZKG in 2024 ruim onder het gemiddelde bedrag van € 623K omdat Saldo Regulering regelmatig is toegepast. Overlopende activa: € 745K Vooruitbetaalde bedragen: € 428K De facturen die vooruitbetaald zijn hebben betrekking op ICT-kosten. Veel contracten voor licenties zijn afgesloten met gebroken jaren en lopen vaak van juli tot en met juni, waarbij de kosten vooruit worden betaald en dus voor de helft de factuur voor 2025 al is voldaan, de kosten die betrekking hebben op 2025 zijn als vooruitbetaalde bedragen opgenomen. Nog te ontvangen bedragen: € 316k Op nog te ontvangen zijn de nog in rekening te brengen uren van de offertes (€ 630K) en de projecten (€ 117K) voor het 4e kwartaal opgenomen, deze zijn in januari 2025 in rekening gebracht. Aan Omgevingsdienst.nl moeten nog bedragen (totaal € 172k) voor de subsidies Meerjarenagenda Versterking Omgevingsveiligheid MVO in rekening worden gebracht.

Aan DCMR moet nog een bedrag van € 12K in rekening worden gebracht voor MeerJarenAfspraak (MJA). Kleine posten voor een saldo van € 9K behoeven verder geen toelichting.

61 van 71

Passiva Vaste passiva Eigen vermogen: € 4,9M Tabel: verloopoverzicht eigen vermogen H5.5 Tabellen reserves & voorzieningen 31122024.xlsx

Algemene reserve: € 3,1M In 2023 was sprake van een positief rekening resultaat van € 3,7M. Met de bestemming van dit resultaat heeft het AB besloten om € 1,9M ten gunste van de algemene reserve te brengen. Een bedrag van € 500K is toegevoegd aam de reserve Omgevingswet. En een bedrag van € 1,3M is terugbetaald aan de opdrachtgevers. Per 31 december 2024 is de reserve € 3,1M. In 2024 is er een positief resultaat van € 4,5M. Dit bedrag zal worden terugbetaald aan onze opdrachtgevers. WW & re-integratie: € 115K Deze reserve is bedoeld voor re-integratie inspanningen bij langdurige ziekte. In 2024 is er geen mutatie geweest voor deze reserve. Omgevingswet: € 1,0M De reserve is ingesteld om de extra kosten die voortvloeien uit de invoering van de Omgevingswet te kunnen dekken. In 2024 is een bedrag van € 500K toegevoegd aan de reserve om het project Omzetting Milieubelastende Activiteiten (MBA’s) te kunnen bekostigen, dit project is bijna afgerond. In 2024 is een bedrag van € 168K aan kosten gemaakt. Voorgesteld wordt om de resterende middelen aan een ander onderwerp gerelateerd aan de Omgevingswet in te zetten. Bij het afbakenen van het project van inrichting naar mba is het daadwerkelijk aanpassen van de vergunningen en/of vergunningvoorschriften niet opgenomen.

Het aanpassen/ actualiseren van de vergunningen (milieu) is een direct gevolg van de Omgevingswet en de nieuwe mba indeling. De Omgevingswet is dan in de vergunningen geïmplementeerd. Het betreft hier géén werkzaamheden als gevolg van achterstanden. Gelijktijdig met de jaarrekening 2024 wordt een separaat voorstel aangeboden om de reserve in te zetten voor deze werkzaamheden. Persoonlijk Budget Duurzame Inzetbaarheid (PBDI): € 672K Medewerkers hadden recht op een persoonlijk opleidingsbudget dat binnen 5 jaar ingezet kan worden van € 5000 (2018 tot en met 2022). Vanaf 1 januari 2023 is opnieuw een budget voor 5 jaar van € 6000 toegekend onder de naam PBDI. Dit budget kan worden ingezet voor opleidingen en voor medewerkers van 60 jaar en ouder bestaat de mogelijkheid om dit budget volledig om te zetten in verlofdagen ten behoeve van vitaliteit. In 2024 is er een bedrag van € 155K onttrokken ten behoeve van Gekocht verlof vitaliteit 2024. Dit bedrag is ten gunste gebracht van de voorziening gekocht verlof. Het restant budget voor PBDI voor een bedrag van € 556K is toegevoegd aan de reserve PBDI om de PBDI aanvragen voor de komende 4 jaar op te vangen. Gerealiseerd resultaat: € 4,5M

62 van 71

Het gerealiseerde saldo van baten en lasten over 2024 betreft een resultaat van € 4,5M positief. Voorzieningen: € 3,0M Tabel: verloopoverzicht voorzieningen (afrondingsverschil 1k t.o.v. de balans) H5.5 Tabellen reserves & voorzieningen 31122024.xlsx

Voorziening Personeel: € 286K De OD NZKG is eigen risicodrager voor WW- en ZW kosten. In 2024 zijn meerdere personen aan ander werk gekomen waarvoor wij in de voorziening bedragen hadden gereserveerd, dit heeft geresulteerd in een vrijval van € 270K. Daarnaast is in 2024 voor € 96K aanspraak gemaakt door meerdere personen ten laste van deze voorziening. Voorziening Restant verlof: € 2,7M Deze voorziening is getroffen om capaciteitskosten te compenseren wanneer medewerkers gespaard verlof voor een langere periode in één keer opnemen. Dit heeft te maken met wijzigingen in de cao per 1 januari 2018. Daarin is besloten dat de huidige maximale spaarperiode van vijf jaar vervalt voor (aangekocht) bovenwettelijk verlof en daarmee ongelimiteerd is. In 2024 is het aankopen van verlof toegenomen daarmee is het saldo verlof in 2024 gegroeid. Om toekomstige kosten van langdurig verlof en vervroegd pensioen op te vangen is daarom een toevoeging gedaan van € 518K, dit is te verdelen in € 363K gekocht verlof en de aankoop van verlof ten laste van het PBDI door 60 plus medewerkers ad € 155K. Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar: € 6,7M Crediteuren: € -35K Het saldo van crediteuren bestaat uit 4 kleine facturen (< € 1K) die in de laatste week van december zijn ontvangen.

Tevens is een credit nota van € 38K ontvangen die nog niet kon worden verrekend. Deze facturen zijn binnen de termijn van 30 dagen afgehandeld. Af te dragen loonheffing en premies ABP: € 3,9M De betaling van de premies voor het ABP over de maand december is in januari 2025 achteraf gedaan, vandaar een nog te betalen bedrag van € 657K op de eindbalans. Daarnaast is via de salarisadministratie de te betalen Loonheffing over December 2024 geboekt; dit betreft een bedrag van € 3,3M. Af te dragen omzetbelasting: € 2,9M Met ingang van 1 januari 2020 wordt de Omgevingsdienst aangemerkt als onderneming voor de Omzetbelasting. Dit betekent dat op alle werkzaamheden de volledige 21% BTW wordt doorberekent op de facturen. De betaalde BTW op crediteuren facturen wordt in de vooraftrek daarop in mindering gebracht. Per saldo is de berekende afdracht voor het 4 e kwartaal 2024 € 2,9M. Overlopende passiva: € 30,5M Nog te betalen bedragen: € 8,3M Per balansdatum is een bedrag van € 8,3M opgenomen alsnog te betalen. Een gedeelte van dit bedrag, namelijk € 4,7M, wordt gevormd door de voorlopige afrekening van de uitvoeringsovereenkomsten over 2024 met opdrachtgevers. De definitieve afrekening zal, na instemming AB, in 2025 aan de betreffende opdrachtgevers betaald worden. Het betreft gemeente Amsterdam (€ 1,2M), gemeente Haarlemmermeer (€ 127K), provincie Noord-Holland (€ 1,3M), gemeente

63 van 71

Zaanstad (€ 1,1M) gemeente Aalsmeer (€ 362K), gemeente Amstelveen (€ 36K), gemeente Diemen (€ 81k), gemeente Uithoorn (€ 127K), gemeente Ouder- Amstel (€ 95K), Provincie Utrecht (€ 242K) en provincie Flevoland (€ 50K), Het restant is als volgt te splitsen, € 1,4M wordt veroorzaakt door te betalen facturen voor de inhuurkosten van december 2024 welke in rekening wordt gebracht in januari. En € 2,2M bestaat uit facturen voor overige materiele kosten en waarvoor de prestatie reeds in 2024 is geleverd, de grootste facturen hiervan zijn: de kosten voor de milieucontroles (€ 255K), Afvalwater bemonstering (€ 62K), diverse hard- en software kosten bij de firma Duvak (€ 78K), Comon Invent huur E-noses (€ 65K), LOD nog te betalen aan Provincie Noord-Holland voor € 554K en het restant zijn nog te betalen facturen met een bedrag lager dan € 50K. Vooruit ontvangen bedragen: € 22,3M Het bedrag vooruit ontvangen bedragen betreft de bijdragen van de Founding Fathers voor het eerste kwartaal 2025 voor een totaalbedrag van € 20,1M, een abusievelijk opgelegde en betaalde factuur voor de gemeente Aalsmeer (€ 628K). Dit moet nog terugbetaald worden. Er is een bedrag van € 280K voor de jaren 2024-2025 opgenomen voor een vaststellingsovereenkomst van een ICT-leverancier om extra kosten die we moeten maken voor dienstverlening. Hier resteert voor 2025 nog € 140K voor.

Voor extra werkzaamheden voor bodemtoezicht in het kader van de invoering Omgevingswet was in 2024 € 200K gereserveerd, hiervan is € 100K gebruikt en resteert nog € 100K welke in 2025 worden besteed. Daarnaast hebben we van het Rijk specifieke uitkeringen in voorschot ontvangen, namelijk de SPUK Energiebesparing, restant € 539K, de SPUK Groen Staal, restant € 374K en de SPUK IBP VTH, restant € 344K. Het restant ad € 45K zijn kleine vooruitbetalingen onder de € 50K.

64 van 71

4.8 Model rechtmatigheidsverantwoording

Verantwoordelijkheid dagelijks bestuur OD NZKG De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings‐, voorwaarden‐, en misbruik‐ en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het Dagelijks Bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings‐, voorwaarden‐, en misbruik‐ en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met de door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en financiële verordening en met bepalingen in de relevante wet‐ en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het Algemeen Bestuur op 2009-2024 het vastgestelde normenkader van de relevante wet‐ en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het Algemeen Bestuur bepaald en bedraagt 1 % van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 873,5K .

De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV van oktober 2024.

Conclusie Het Dagelijks Bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen € 0,- bedraagt. Dit is lager dan de daarvoor gestelde grens van € 873,5K.Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het Dagelijks Bestuur overigens een bedrag van € 0,- acceptabel op basis van door het Dagelijks bestuur vastgestelde afspraken .

65 van 71

Bijlage 1 Overzicht taakvelden per programma Resultaatmodel en grafieken 2024.xlsx (bedragen x € 1.000)

Taakveld, programma, kostensoort Programma Bouw Inkomsten Salarislasten Inhuur Materieel Taakveld 8.3 Wonen en bouwen Totaal programma Bouw

Gewijzigde begroting 2024 lasten

6.553 3.431 666 10.651 10.651

Programma Bodem Inkomsten Salarislasten Inhuur Materieel Taakveld 7.4 Milieubeheer Totaal programma Bodem

4.077 408 234 4.719 4.719

Programma Milieu Inkomsten Salarislasten Inhuur Materieel Taakveld 7.4 Milieubeheer Totaal programma Milieu / BRZO

19.972 5.154 4.053 29.178 29.178

Gewijzigde begroting 2024 baten

Gewijzigde begroting 2024 saldo

Realisatie 2024 lasten

-17.939

-17.939 6.553 3.431 666 -7.288 -7.288

5.487 4.212 212 9.911 9.911

-7.279 4.077 408 234 -2.560 -2.560

3.391 894 35 4.319 4.319

-48.036 19.972 5.154 4.053 -18.858 -18.858

19.100 4.798 3.361 27.259 27.259

-7.924 5.682 1.396 359 -487 -3.903 2.799 688 177 -240 -727

5.642 1.344 422 7.408 2.779 662 208 3.649 11.057

-1.580

-1.190 13.104 2.320 12.377 26.611 26.611

12.002 1.969 11.059 25.030 25.030

-17.939 -17.939

-7.279

-7.279 -7.279

-48.036

-48.036 -48.036

Programma Randvoorwaardelijk Inkomsten Salarislasten Inhuur Materieel Taakveld 7.4 Milieubeheer Inkomsten Salarislasten Inhuur Materieel Taakveld 8.3 Wonen en bouwen Totaal programma Randvoorwaardelijk

2.799 688 177 3.663 11.099

Programma Bedrijfsvoering Inkomsten Salarislasten Inhuur Materieel Taakveld 0.4 Overhead Onvoorzien Taakveld 0.8 Overige baten en lasten Taakveld 0.9 Vennootschapsbelasting Totaal programma Bedrijfsvoering

13.104 2.320 12.767 28.191 28.191

Saldo voor mutaties reserves

83.838

-86.661

-2.823

420 420

-245 -245

84.258

-86.906

Programma Bedrijfsvoering Taakveld 0.10 Mutaties reserves Totaal programma Bedrijfsvoering Saldo na mutaties reserves

-7.924 5.682 1.396 359 7.437

-7.924 -3.903

-3.903 -11.826

-1.190

-390 -1.580

66 van 71

Realisatie Realisatie 2024 2024 baten saldo -17.296

-17.296 -17.296

-6.578

-6.578 -6.578

-46.190

-46.190 -46.190

-7.209

-7.209 -3.551

-3.551 -10.760

-1.201

-17.296 5.487 4.212 212 -7.385 -7.385

-6.578 3.391 894 35 -2.259 -2.259

-46.190 19.100 4.798 3.361 -18.931 -18.931

-7.209 5.642 1.344 422 200 -3.551 2.779 662 208 98 298

-1.471

-1.201 12.002 1.969 10.788 23.558 23.558

77.577

-82.295

-4.719

175 175

556 556

-324 -324

232 232

-2.648

78.133

-82.619

-4.486

-270 -1.471

Bijlage 2 Bijdrage per deelnemer H6 Bijlage 2 Bijdrage per deelnemer 2024.xlsx

Deelnemer Gemeente Amsterdam Provincie Noord-Holland Gemeente Zaanstad Gemeente Haarlemmermeer Gemeente Aalsmeer Gemeente Amstelveen Gemeente Diemen Gemeente Ouder-Amstel Gemeente Uithoorn Provincie Flevoland Provincie Utrecht

Gewijzigde begroting UVO 2024 OD NZKG 2024 27.200 31.684 4.724 11.901 928 981 422 404 485 354 1.089 80.171

(bedragen x € 1.000)

(bedragen x € 1.000)

Realisatie 2024

Afwijking 2024

27.449 32.061 4.224 12.523 737 918 355 329 379 422 1.091 80.487

26.260 30.479 3.632 12.247 566 944 342 309 359 304 846 76.287

-1.189 * -1.582 ** -592 -275 *** -171 26 -13 -20 -20 -118 -245 -4.200

Projecten + Offertes Subsidies Externe detachering Overig Overig - SPUK Onttrekking reserves Voorziening Rente opbrengst Overig baten

676 250 170 256 3.552 245 390 880 6.419

902 231 264 330 2.958 324 270 1.053 6.332

226 -19 94 74 -594 79 -120 173 -87

Totale baten

86.906

82.619

-4.287

Totaal UVO baten

* inclusief € 250K vooruitontvangen bedragen Bouw ** inclusief € 100K vooruitontvangen bedrag Bodem *** inclusief € 472K vooruitontvangen bedrag Bouw en Bodem

67 van 71

Bijlage 3 Berekening financiële kengetallen Hieronder volgt de berekening van de financiële kengetallen en toelichting daarop. Zie paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing voor de beoordeling van en toelichting op de kengetallen. Tabel: netto schuldquote H4.1 en Bijlage 3 Financiele kengetallen 2024.xlsx

Netto schuldquote Vaste schulden Netto vlottende schuld Overlopende passiva Financiële activa (excl. verstrekte leningen) Financiële activa (verstrekte leningen) Uitzettingen < 1 jaar * Liquide middelen Overlopende activa Totale baten (excl. mut. res.) Netto schuldquote

(bedragen x €1.000) Begroting Rekening 2024 2024 4.045 6.731 21.368 30.575

Rekening 2022 4.833 21.367

Rekening 2023 3.765 26.018

28.761 29 556 56.098

35.788 313 1.486 70.383

28.761 29 554 86.661

48.188 184 746 82.295

-6%

-11%

-5%

-14%

De netto schuldquote wordt berekend door het saldo van de schulden en vorderingen te delen door te totale baten.

Tabel: solvabiliteitsratio H4.1 en Bijlage 3 Financiele kengetallen 2024.xlsx

Tabel: structurele exploitatieruimte H4.1 en Bijlage 3 Financiele kengetallen 2024.xlsx

Structurele exploitatieruimte Totale structurele lasten Totale structurele baten Totale structurele toevoegingen aan de reserves Totale structurele onttrekkingen aan de reserves Totale structurele baten Structurele exploitatieruimte De berekening voor structurele exploitatieruimte is het saldo van structurele baten en lasten en structurele toevoegingen en onttrekkingen van reserves. Het resultaat hiervan wordt gedeeld door de structurele totale baten.

68 van 71

Rekening 2022 56.935 56.098 56.098 -1%

(bedragen x €1.000) Rekening Begroting Rekening 2023 2024 2024 65.114 83.249 75.980 69.040 86.661 81.583 69.014 86.661 81.583 6% 4% 7%

Bijlage 4 Meerjarig overzicht risico’s In onderstaande tabel zijn de strategische bedrijfsrisico’s van de OD NZKG opgenomen in een meerjarig overzicht. Per risico is aangegeven wat het geschat financieel effect is. Dit is het maximaal vastgestelde bedrag van het risico. Elk risico kent een kans van optreden. Hoe groter de kans van optreden hoe hoger het risicobedrag is. Op basis van de kans van optreden is voor elk risico het risicobedrag bepaald. Tabel: meerjarig overzicht noodzakelijk weerstandsvermogen

H4.1 Tabellen paragraaf weerstandsvermogen en risico's 2024.xlsx Totaal bedragen x 1.000 euro kans op geschat risico effect

Risico's

Risicobedrag 2024

Risicobedrag 2025

Risicobedrag 2026

Risicobedrag 2027

Risicobedrag 2028

Risicobedrag 2029

Verandering in Wet- en regelgeving a. Extra werk borging operationele kwaliteit Omgevingwet gemid. c. Algemene Verordening Gegevensbescherming erg klein d. Klimaatadaptatie en circulaire programma gemid. e. Terugdringen milieubelasting door wetgeving en rijksprogramma's gemid. f. Verandering rijks- of provinciaal beleid t.a.v. Tata Steel klein

1.529 827 827 827 1.401

635 41 41 41 0

306 41 83 83 0

61 41 165 165 140

61 41 165 165 140

61 41 165 165 140

61 41 165 165 140

Verandering in Wetgeving

5.412

757

513

574

574

574

574

Omzet fluctuaties, conjunctuur en arbeidsmarkt a. omzetfluctuatie door conjuncturele ontwikkelingen klein b. niet realiseren dekkingsbijdrage overhead, arbeidsmarkt en inhuur gemid. c. Afbreuk risico Groen Staal gemid. d. Vertrek Tata uit Nederland klein

2.068 1.241 467 1.526

204 122 0 0

207 248 0 0

414 248 93 153

207 248 0 153

207 248 0 153

207 248 0 153

Omzet fluctuaties, conjunctuur en arbeidsmarkt

5.302

326

455

908

608

608

608

517 1.158 PM

510 60 -

517 579 -

579 -

579 -

579 -

579 -

1.675

570

1.096

579

579

579

579

4.400 660

0 401

0 0

440 330

484 330

532 330

532 330

5.060

401

0

770

814

862

862

17.449

2.055

2.064

2.830

2.574

2.622

2.622

Bedrijfsvoering a. risico nieuw zaaksysteem b. informatiebeveiliging c. Groen Staal niet volledig kunnen leveren

zeer groot groot gemid.

Bedrijfsvoering Prestatiegericht financieren a. afwijking t.o.v. vastgesteld kengetal b. risico onderhandenwerk bouw en bodem

klein groot

Prestatiegericht financieren Totaal

Risico matrix

Financieel gevolg

Prioriteit

laag

hoog

5

5

10

15

20

25

4

4

8

12

16

20

3

3

6

9

12

15

2

2

4

6

8

10

1

1

2

3

4

5

1

2

3

4

5

Kans

69 van 71

hoog

laag

Bijlage 5 Sisa (Single Informatie Single Audit) Sisa__Bijlage_VerantwoordingsInformatie.xlsx

70 van 71

Bijlage 7 Controleverklaring accountant

71 van 71

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=aalsmeer&id=1edf334b-0571-4fb9-afd1-62f04c5d9061