04. Geotechnisch bodemonderzoek - doc.nr. 23ZP1506-adv-01, ontvangen op 09-07-2024
Tekst van het document
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer Documentnummer: 23ZP1506-adv-01
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics Ekkersrijt 2058 | 5692 BA Son en Breugel Postbus 94 | 5690 AB Son en Breugel T 0499-471792 | zuid@inpijn-blokpoel.com KvK 17052457 www.socotec.nl
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer Opdrachtnummer: 23ZP1506
Rapport betreffende Resultaten geotechnisch onderzoek Fundering
Documentnummer 23ZP1506-adv-01 Versie 1.0 Datum rapport 19 december 2023 Opdrachtgever Bouwbedrijf Hendriks Gemert B.V. Scheiweg 62 5421 XH Gemert
Opgesteld door: Ir. P.W.S.M.P. Straver
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
Gecontroleerd door: Ir. N.T. Debets
Project Opdracht Document
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 23ZP1506-adv-01
INHOUDSOPGAVE 1.
INLEIDING ........................................................................................................................................1
2.
PROJECTGEGEVENS .....................................................................................................................2
2.1 2.2 2.3 2.4
Projectlocatie .................................................................................................................................2 Bouwplan .......................................................................................................................................2 Overzicht gegevens zendmast ......................................................................................................2 Historie projectlocatie ....................................................................................................................2
3.
ONDERZOEK ...................................................................................................................................3
3.1 3.2 3.3 3.4
Sondering ......................................................................................................................................3 Boringen ........................................................................................................................................3 Uitzetten en waterpassen ..............................................................................................................3 Foto’s .............................................................................................................................................3
4.
BODEMOPBOUW EN GRONDWATER...........................................................................................4
4.1 4.2 4.3
Hoogteligging maaiveld .................................................................................................................4 Beschrijving bodemopbouw ...........................................................................................................4 Grondwater ....................................................................................................................................4
5.
FUNDERING .....................................................................................................................................5
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9
Funderingswijze .............................................................................................................................5 Uitgangspunten..............................................................................................................................5 Beschrijving paalsysteem ..............................................................................................................5 Paalpuntniveau ..............................................................................................................................6 Draagkracht op druk ......................................................................................................................6 Draagkracht op trek .......................................................................................................................6 Vervorming ....................................................................................................................................7 Veercoëfficiënt ...............................................................................................................................7 Richtlijnen uitvoering en kwaliteitszorg avegaarpalen ...................................................................8
BIJLAGEN: A Situatietekening en foto’s B Waterpasstaat C Sondeergrafiek D Boorstaten E Verklaring codering F Berekening fundering G Algemene richtlijnen uitvoering avegaarpalen
VERZENDLIJST: Per mail aan Bouwbedrijf Hendriks Gemert BV te Gemert, t.a.v. dhr. H. Manders (harrie@hendriksgemert.nl) Per mail aan Leegte Bouwadvies te Waalre, t.a.v. dhr. T. van der Leegte (info@leegtebouwadvies.nl)
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
Project Opdracht Document
1.
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 23ZP1506-adv-01
INLEIDING
Op verzoek van Bouwbedrijf Hendriks Gemert B.V. is ten behoeve van een zendmast aan de Hornweg 187 te Aalsmeer (opstelpunt Site VF14642) een grondonderzoek uitgevoerd conform de namens de opdrachtgever aangegeven opzet en omvang. Op basis van het onderzoek wordt in het navolgende een funderingsadvies gegeven. Parallel aan het geotechnisch onderzoek is een milieuonderzoek uitgevoerd. De resultaten van dit onderzoek zijn weergegeven in rapport 23ZP1506-adv-01-milieu, d.d. 15 december 2023.
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
Pagina 1 van 8
Project Opdracht Document
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 23ZP1506-adv-01
2.
PROJECTGEGEVENS
2.1
Projectlocatie
De projectlocatie is gelegen aan de Hornweg 187 te Aalsmeer. De locatie is momenteel braakliggend. Voor de ligging van de projectlocatie wordt verwezen naar de situatietekening en de foto’s onder bijlage A. 2.2
Bouwplan
Het plan omvat de bouw van een holle buisvakwerk zendmast. Volgens verstrekte gegevens wordt de zendmast geplaatst op een vierkante betonplaat met een grondvlak van 6,5 x 6,5 m2. De zendmast reikt tot een hoogte van 40,0 m. De betonplaat heeft een dikte van 1,0 m en wordt op 0,9 m - omliggend maaiveld aangelegd. De betonplaat inclusief zendmast zal op een viertal palen worden gefundeerd. De belasting van de palen komt voort uit het eigen gewicht van de constructie in combinatie met een uitwendig windmoment. De rekenwaarde van de drukbelasting op de palen bedraagt onder invloed van het eigen gewicht en de windbelasting volgens opgave maximaal 861 kN. De maximale trekbelasting bedraagt 364 kN. Geadviseerd wordt genoemde belastingen en uitgangspunten te verifiëren voordat met de resultaten uit voorliggende rapportage wordt verder gewerkt. 2.3
Overzicht gegevens zendmast
Tabel 1. Overzicht gegevens zendmast
• • • • • • • • 2.4
Nummer zendmast Type zendmast Afmetingen betonplaat Eigen gewicht betonplaat (representatief) Rekenwaarde paalbelasting (druk) Rekenwaarde paalbelasting (trek) H.o.h. afstand palen Hoogte mast
: Site VF14642 : holle buis vakwerkmast (VDL-mast (2021)) : 6,5 x 6,5 x 1,0 m : 1014 kN : 861 kN (4 paalspoer) : 364 kN (4 paalspoer) : 5,44 m : 40,0 m
Historie projectlocatie
Omtrent de historie van de projectlocatie zijn ons geen gegevens bekend. Als er om enige reden aanleiding is om te veronderstellen dat sprake kan zijn van bijvoorbeeld geroerde grond of obstakels en verontreinigingen, dan dient te worden nagegaan in hoeverre dit mogelijk een knelpunt is voor het ontwerp of de uitvoering.
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
Pagina 2 van 8
Project Opdracht Document
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 23ZP1506-adv-01
3.
ONDERZOEK
3.1
Sondering
Ter plaatse van het opstelpunt van de zendmast is één sondering gemaakt met een elektrische conus conform NEN-EN-ISO 22476-1. De sondering is uitgevoerd door een sondeertruck. De sondeerdiepte reikte tot 25 m minus maaiveld. Bij de sondering is naast de conusweerstand tevens de plaatselijke wrijving gemeten en geregistreerd. De relatie tussen conusweerstand en plaatselijke wrijving, het wrijvingsgetal, geeft beneden het grondwaterniveau een indicatie van de verschillende grondsoorten. Voor de sondeergrafiek wordt verwezen naar bijlage C; de locatie van het sondeerpunt is aangegeven op de situatietekening SIT-01 onder bijlage A. Voor een verklaring van de op de tekening gebruikte tekens wordt verwezen naar de “Verklaring Codering” die onder bijlage E aan dit rapport is toegevoegd. 3.2
Boringen
Ter aanvulling op de sondering zijn twee boringen uitgevoerd. In de boorgaten is, indien mogelijk, de actuele grondwaterstand gemeten. Voor de boorprofielen wordt verwezen naar bijlage D; de locatie van de boringen is aangegeven op de situatietekening SIT-01 onder bijlage A. Voor een verklaring van de op de tekening en de boorprofielen gebruikte tekens wordt verwezen naar de “Verklaring Codering” die onder bijlage E aan dit rapport is toegevoegd. 3.3
Uitzetten en waterpassen
Met behulp van een GNSS meetsysteem zijn de locaties van de onderzoekspunten uitgezet in RDcoördinaten en is de hoogte van het maaiveld ter plaatse van ieder onderzoekspunt bepaald ten opzichte van NAP. Voor de omschrijving van het referentiepunt en voor de resultaten van de inmeting en waterpassing wordt verwezen naar de inmeet- en waterpasstaat onder bijlage B. Omdat er ter controle in de omgeving van het bouwproject geen andere NAP-hoogte beschikbaar was, is het nodig na te gaan of het resultaat van onze waterpassing overeenstemt met andere gegevens ten aanzien van de hoogteligging van het terrein. 3.4
Foto’s
Tijdens de uitvoering van het veldwerk zijn enkele foto’s gemaakt. Voor de foto’s en een tekening waarop met pijlen is aangegeven vanuit welke positie en in welke richting de foto’s zijn gemaakt wordt verwezen naar bijlage A.
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
Pagina 3 van 8
Project Opdracht Document
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 23ZP1506-adv-01
4.
BODEMOPBOUW EN GRONDWATER
4.1
Hoogteligging maaiveld
De hoogte van het maaiveld ter plaatse van het sondeerpunt en de boorpunten varieerde ten tijde van het onderzoek van 3,94 m - tot 3,82 m - NAP. Voor meer informatie over de hoogteligging wordt verwezen naar de waterpasstaat onder bijlage B. 4.2
Beschrijving bodemopbouw
Vanaf het maaiveld worden tot 10,5 m - NAP weinig vaste klei- en siltafzettingen gevonden met een geringe conusweerstand. Hieronder wordt tot de maximaal verkende diepte een matig vast tot vast zandpakket geregistreerd met een conusweerstand van 4 à 6 tot 8 à 30 MPa. Plaatselijk en op wisselende diepte komen in dit pakket teruggangen in de conusweerstand voor, die vermoedelijk worden veroorzaakt door afzettingen met een geringere pakkingsdichtheid of een grovere gradatie. 4.3
Grondwater
In het sondeergat en in de boorgaten werd tijdens het grondonderzoek op 7 december 2023 een grondwaterstand gepeild van 4,52 m - à 4,55 m - NAP. Er wordt op gewezen dat dit een momentopname is en dat de stand onder invloed van seizoensafhankelijke factoren zal fluctueren.
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
Pagina 4 van 8
Project Opdracht Document
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 23ZP1506-adv-01
5.
FUNDERING
5.1
Funderingswijze
De bodemopbouw in combinatie met de aard van de nieuwbouw geeft aanleiding uit te gaan van een fundering op palen. In dit rapport wordt een fundering op avegaarpalen nader uitgewerkt. Tijdens de uitvoering worden bij dit paaltype nagenoeg geen trillingen opgewekt en is er vanuit dit oogpunt geen risico voor schade aan bebouwing in de omgeving. De aanwezigheid van slappe lagen beneden maaiveld legt beperkingen op aan de vervaardiging van avegaarpalen. Van belang is dat de uitvoerende partij aantoonbare expertise heeft in vergelijkbare grondslag. De expertise dient eruit te bestaan dat men de betonsamenstelling en uitvoering (wijze van trekken, treksnelheid en betontoevoer) weet af te stemmen op de beperkte steundruk van de boorgatwand. Dit om 1) het beton omhoog te kunnen krijgen en het oververbruik te beperken, 2) te komen tot een schachtdoorsnede die zich laat controleren door middel van akoestisch doormeten en 3) te komen tot een paalschacht via welke de belasting op de diepere zandlagen kan worden overgedragen. 5.2 • • • • • • •
• • • •
5.3 • • • • •
Uitgangspunten Projectgegevens zoals beschreven in hoofdstuk 2. Situering nieuwbouw zoals weergegeven op situatietekening onder bijlage A. Het project is ingedeeld in Geotechnische Categorie 2. Fundering op avegaarpalen. Funderingselementen worden verticaal centrisch belast. De berekening van het paaldraagvermogen en de vervormingen is gebaseerd op NEN 9997-1:2017 (geotechnisch ontwerp van constructies). Voor de berekening van de draagkracht zijn de navolgende factoren aangehouden. - paalklasse punt αp = 0,56 - paalvoetvorm β = 1,0 - paalvoetdwarsdoorsnede s = 1,0 - paalklasse schacht αs = 0,006 - paalklasse schacht trek αt = 0,0045 Er wordt aangenomen dat de oorspronkelijke, op natuurlijke wijze gesedimenteerde bodemopbouw aanwezig is. Het terrein zal niet significant worden opgehoogd of ontgraven. Er is rekening gehouden met negatieve kleef op de palen. De in dit rapport berekende draagkracht betreft het geotechnisch draagvermogen dat wordt ontleend aan de ondergrond. Door de constructeur moeten constructieve aspecten van de funderingspalen, waaronder de sterkte, worden beoordeeld. Beschrijving paalsysteem Een avegaarpaal is een in de grond gevormde paal. De paal wordt gemaakt middels een avegaar die bestaat uit een holle as met daar omheen een doorgaand schroefblad.
De avegaar die aan de onderzijde is voorzien van een losse afdichting (deksel), wordt op maaiveld geplaatst en vervolgens rechtsom draaiend en grondverwijderend op diepte geschroefd. De holle buis van de avegaar wordt vervolgens volgepompt met mortel- of betonspecie. Ten behoeve van het lossen van het deksel wordt de avegaar circa 0,1 m gelicht, waarna de avegaar stilstaand of langzaam rechtsom roterend uit de grond wordt getrokken en zodoende de paalschacht wordt gevormd. Gedurende dit proces moet het gehele systeem onder een voldoende speciedruk worden gehouden.
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
Pagina 5 van 8
Project Opdracht Document
• •
• 5.4
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 23ZP1506-adv-01
Direct na het vervaardigen van de paalschacht wordt de wapening in de verse specie aangebracht. De paal wordt afgewerkt en de stelling kan worden verplaatst. In beginsel dienen de palen gemaakt te worden vanaf een zodanig werkniveau dat de stijghoogte van grondwater in de dieper gelegen watervoerende zandlagen niet hoger is dan de freatische grondwaterstand. Voor het opnemen van trekbelasting dienen de palen over de volledige lengte te zijn gewapend. Paalpuntniveau
In de tabel wordt voor de sondering en het paalpuntniveau gegeven waarvoor de draagkracht is berekend. Tabel 2. Paalpuntniveau. Sondering nr.
Hoogte maaiveld * [m t.o.v. NAP]
Paalpuntniveau [m t.o.v. NAP]
3,82 m -
23,0 m -
DKM001 * Niveau ten tijde van onderzoek
5.5
Draagkracht op druk
Het draagvermogen van een paal bestaat uit de som van het puntdraagvermogen en het schachtdraagvermogen. Voor de berekening van het puntdraagvermogen is onder meer de paalklassefactor αp benodigd. Voor een voldoende draagkracht dient de centrisch aangrijpende maximale paalbelasting kleiner te zijn dan de netto draagkracht van de palen: Fc;d ≤ Rc;d - Fnk;d of te wel Fc;d ≤ Rc;d;netto. De draagkracht is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 3. Draagkracht op druk. Paalafmeting Maximale draagkracht (Rc;d) [m] [kN] 0,45 0,50 0,55
1031 1188 1354
Negatieve kleef (Fnk;d) [kN]
Netto draagkracht (Rc;d;netto) [kN]
69 77 85
962 1111 1269
Voor de berekening wordt verwezen naar bijlage F op pagina 1 en op pagina 6 en 7 is aan de hand van een sondering een voorbeeldberekening gegeven met verwijzing naar de van toepassing zijnde artikelen uit genoemde norm. De vermelde draagkracht betreft het geotechnisch draagvermogen dat wordt ontleend aan de ondergrond. Door de constructeur moeten constructieve aspecten van de funderingspalen, waaronder de sterkte, worden beoordeeld. 5.6
Draagkracht op trek
Voor een voldoende draagkracht dient de maximale trekbelasting kleiner te zijn dan de som van de draagkracht op trek en het eigen gewicht van een paal: Ft;d ≤ Rt;d + Gpaal;d. Tabel 4. Draagkracht op trek. Paalafmeting [m] 0,45 0,50 0,55
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
Maximale draagkracht op trek Rtrek;d [kN] 338 380 422
Pagina 6 van 8
Project Opdracht Document
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 23ZP1506-adv-01
Bij de berekening zijn de navolgende uitgangspunten gehanteerd:
• De trekkracht is berekend bij een paalpuntniveau van 23,0 m - NAP; • Er is rekening gehouden met groepswerking. Maatgevend is gesteld een paal uit een paalgroep van vier paalspoer h.o.h.-afstand 5,44 m, waarbij de trekkracht van de poer door maximaal twee palen gelijktijdig kan worden opgenomen; Toegepast worden avegaarpalen; αt = coëfficiënt voor schachtwrijving = 0,0045; ξ3 = ξ4 = factor afhankelijk van het aantal sonderingen en aantal palen = 1,39 (één sondering en één paal); γs;t = materiaalfactor = 1,35; γm;var;qc = factor invloed belastingwisseling = 1,5; De palen worden in de maatgevende situaties wisselend belast. De maatgevende trekkracht bedraagt 364 kN en maatgevende drukkracht bedraagt 861 kN; Het eigen gewicht van de paal is verdisconteerd in de draagkracht op trek.
• • • • • • •
Om deze trekkracht te kunnen overdragen dienen de palen daartoe voldoende gewapend te zijn, conform geldende richtlijnen. Op bijlage F op pagina 5 zijn de uitgangspunten en de resultaten nogmaals weergegeven met verwijzing naar de NEN 9997-1 +C2 : 2017 (geotechnisch ontwerp van constructies). 5.7
Vervorming
De vervormingen binnen de funderingsconstructie dienen zodanig te zijn dat in de bouwconstructie geen uiterste grenstoestand of bruikbaarheidsgrenstoestand wordt overschreden. Tenzij specifieke vervormingseisen zijn gesteld wordt voor de uiterste grenstoestand veelal een relatieve rotatie β van maximaal 1:100 aangehouden. Voor de bruikbaarheidstoestand wordt in het algemeen aangenomen dat de scheefstand ω en/of de relatieve rotatie β de waarde van 1:300 niet mag overschrijden. Uiterste Grenstoestand: Bruikbaarheidstoestand:
-Rotatiecriterium: -Rotatiecriterium:
Δs/ℓ ≤ 1:100 Δs/ℓ ≤ 1:300
Bij overschrijding van de bruikbaarheidstoestand zijn de vervormingen van dien aard dat binnen de bouwconstructie ongewenst verlies aan bruikbaarheid optreedt. In de regel zal deze toestand maatgevend zijn. Vervormingen binnen de funderingsconstructie kunnen indicatief worden bepaald aan de hand van de last-zakkingsresultaten die zijn toegevoegd aan bijlage F op pagina 2 t/m 4. 5.8
Veercoëfficiënt
Voor de statische secant veercoëfficiënt van de kop van een vrijstaande op druk belaste paal geldt kv;rep = Fc;rep / s1;bgt. waarbij s1 de paalkopzakking betreft als zijnde de som van sel, de elastische verkorting van de paal en sb, de zakking van de paalpunt nodig voor het mobiliseren van het paaldraagvermogen. De rekenwaarde van de veercoëfficiënt is bepaald als kv;d = kv;rep / γm;k waarbij γm;k = 1,3. Bij concentraties van palen waarbij de hart-op-hart-afstand kleiner is dan tien maal de kleinste paalvoetdoorsnede, dient in principe in de paalkopzakking, de zakking te worden verdisconteerd in de lagen beneden het niveau van vier maal de kleinste dwarsafmeting van de paalpunt. Voor de veercoëfficiënt geldt in dat geval kv;rep = Fc;rep / (s1;bgt.+ s2;bgt.) waarbij s2 de extra zakking is als gevolg van het groepseffect in de dieper gelegen lagen.
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
Pagina 7 van 8
Project Opdracht Document
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 23ZP1506-adv-01
Uitgaande van de last-zakkingsgrafiek voor de bruikbaarheidstoestand is sprake van een niet lineaire veerkarakteristiek. In dit rapport is ter indicatie voor sondering DKM001 op een paalpuntniveau op 23,0 m - NAP in onderstaande tabel voor een vrijstaande paal de statische veerstijfheid gepresenteerd bij een representatieve belasting die 80 % van de paalcapaciteit bedraagt. Tabel 5. Veercoëfficiënt vrijstaande paal. Paalafmeting [m] 0,45 0,50 0,55
Statische veercoëfficiënt [kN/mm] Representatief (kv;rep) Rekenwaarde (kv;d) 70 80 90
55 60 70
Voor de veercoëfficiënten wordt verwezen naar bijlage F op pagina 2 t/m 4, met intervallen van 10% de statische veerstijfheid berekend voor een belasting variërend van 10 tot 100 % van de paalcapaciteit. Opgemerkt wordt dat de gepresenteerde veerstijfheden zijn berekend voor een vrijstaande paal waarbij het hiervoor genoemde groepseffect niet is meegenomen. 5.9
Richtlijnen uitvoering en kwaliteitszorg avegaarpalen
Onder bijlage G zijn met betrekking tot de toepassing van een fundering op avegaarpalen algemene richtlijnen gegeven. Onder meer wordt ingegaan op het belang van de controle van uitgangspunten en aannamen en op aspecten die van toepassing zijn op het werkterrein, de uitvoering en controle van de paalkwaliteit. Geadviseerd wordt hiervan kennis te nemen. Bij toepassing van avegaarpalen vindt normaliter vijf dagen na het aanbrengen van de palen een kwaliteitscontrole plaats die onder meer inhoudt dat de palen akoestisch worden doorgemeten. Deze controle kan desgewenst door ons bureau worden verzorgd.
Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
Pagina 8 van 8
BIJLAGE A Situatietekening en foto’s
7 16
9
16
1
z Bra
17
ilië laa
3
17
n
HB002
8
HB001
DKM001
F001
5 17 Put001
F002
F003
9 17
1
18
3
18
5
18
ch Ma
7
18
we
ine g
n laa ilië z a Br
7 18
0
50m
Opdrachtomschrijving / locatie:
Omschrijving tekening:
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer
Situatietekening
N Deze situatietekening dient om inzicht te geven in de locatie van de meet- en onderzoekspunten. De tekening dient niet voor andere doeleinden te worden gebruikt.
Bewerkt:
CSS
Schaal:
1:1000
Opdrachtnummer:
23ZP1506
Datum:
5 december 2023
Formaat:
A4
Bijlage:
SIT-01
n:\opdrachten\zuid\2023\15\23zp1506\06-veldwerk\04-tekeningen\23zp1506-sit-css.dwg
Project Opdracht Betreft
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Foto’s
F001
F003
Genomen op: 7 december 2023 Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
F002
BIJLAGE B Waterpasstaat
Project Opdracht Betreft
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Meetpunten
OVERZICHT MEETPUNTEN Horizontaal coördinatensysteem (X,Y) Verticale referentie (Z)
Rijksdriehoeksmeting (RD) Normaal Amsterdams Peil
Meetpunt
X-coördinaat [m]
Y-coördinaat [m]
Hoogte (Z) [m t.o.v. NAP]
GWS * Datum uitvoering [m t.o.v. NAP]
DKM001
114483,96
476244,51
-3,82
-4,52
07-12-2023
HB001 HB002
114481,56 114486,83
476243,96 476247,00
-3,85 -3,94
-4,55 -4,54
07-12-2023 07-12-2023
Put001
114482,54
476230,82
-4,04
---
07-12-2023
* Grondwaterstand ten tijde van het onderzoek
Let op: Deze waterpasstaat dient om inzicht te geven in de hoogteligging en locaties van de meet- en onderzoeks-punten ten opzichte van een referentiepunt. Grondwaterstanden zijn ter indicatie en kunnen beïnvloed zijn door de uitgevoerde werkzaamheden. De resultaten dienen niet voor andere doeleinden te worden gebruikt. Ingenieursbureau Inpijn-Blokpoel Zuid B.V. SOCOTEC Geotechnics
BIJLAGE C Sondeergrafiek
Project: Opdracht: Betreft:
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Sondeergrafiek
0 Conusweerstand qc (MPa)
10
20
30
Referentieniveau (Z) =
-3.82
40
m tov NAP
-3 0.5 -4 1.0 -5 1.1 -6 1.4 -7 1.5 -8 1.7 -9 1.8 -10 2.1 -11 2.1 -12 2.2 -13 2.2 -14 2.1 -15 2.3 -16 2.5 2.6 -18 2.7 -19 2.9 -20 3.1 -21 3.2 -22 3.3 -23 3.5 -24 3.8 -25 3.9 -26 3.8 -27 4.2 -28 4.1 -29 4.1
45.22
-30 -31 -32 -33 -34 -35 -36
0 0.05 0.10 0.15 Plaatselijke wrijving (MPa) Uitvoeringsdatum: Norm: Toepassingsklasse: Conusnummer:
0.20
7-12-2023 NEN-EN-ISO 22476-1 3 060113
10 9
X: 114484.0 Y: 476244.5 GWS (m-mv): 0.70
8
7
6
5 4 3 2 1 0 Wrijvingsgetal (%)
DKM001 Pagina: 1/1
Helling in º
Diepte in meters tov NAP
-17
BIJLAGE D Boorstaten
Project: Opdracht: Betreft:
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Boorprofiel
Boring:
HB001
Boornorm: NEN-EN-ISO 22475-1
Identificatie conform NEN-EN-ISO 14688-1
Uitvoering op:
7-12-2023
Grondwaterstand [cm-mv]:
x-coordinaat [m RD]:
114481,55
Uitvoering door:
RBN
y-coordinaat [m RD]:
476243,96
Werknummer:
HB001
Referentiehoogte [m]:
-3.85
70
. N.A.P.
Reden boring gestopt: Einddoel
0.00
-4.00
2
uitkomende grond -5.00
berm Zand middelgrof 200-630, kleiïg, standaardgrijs
1 0.50 0.60
Klei, stevig, standaardgrijs
3
Zand middelgrof 200-630, standaardgrijs 1.40
Silt, stevig, standaardgrijs
4
-6.00 2.40
Silt, slap, donkergrijs 3.00
Boring:
HB002
Boornorm: NEN-EN-ISO 22475-1
Identificatie conform NEN-EN-ISO 14688-1
Uitvoering op:
7-12-2023
Grondwaterstand [cm-mv]:
x-coordinaat [m RD]:
114486,82
Uitvoering door:
RBN
y-coordinaat [m RD]:
476247,00
Werknummer:
HB002
Referentiehoogte [m]:
-3.94
60
Reden boring gestopt: Einddoel
0.00
-4.00
1
0.40
berm Zand middelgrof 200-630, kleiïg, standaardgrijs Zand middelgrof 200-630, donkergeel
uitkomende grond
2 1.10
-5.00
Silt, stevig, standaardgrijs
3 1.70 4
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC geotechnics
2.00
Silt, stevig, lichtgrijs
. N.A.P.
BIJLAGE E Verklaring codering
LEGENDA TEKENINGEN EN VERKLARING AFKORTINGEN SONDERING
BORING
PEILBUIS
MONITORING
ALGEMEEN
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC geotechnics
LEGENDA BOORPROFIELEN (conform NEN-EN-ISO 14688-1) KEIEN / KEITJES
MONSTERS
SILT
KEIEN
SILT
KEIEN, met grind
SILT, met keitjes
geroerd monster ongeroerd monster
KEIEN, met zand
SILT, zwak grindig
KEIEN, met klei
SILT, sterk grindig
KEIEN, met silt
SILT, zwak zandig
KWALITEIT MONSTER
SILT, sterk zandig
GRIND GRIND
KLEI
GRIND met keitjes
KLEI
GRIND, zwak zandig
KLEI, met keitjes
GRIND, sterk zandig
KLEI, zwak grindig
GRIND, kleiig
KLEI, sterk grindig
GRIND, siltig
KLEI, zwak zandig KLEI, sterk zandig
ZAND
PEILBUIS blinde buis
casing hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting
ZAND
VEEN / HUMUS / DETRITUS
bentoniet/mikoliet/klei afdichting
ZAND, met keitjes
VEEN
grind afdichting
ZAND, zwak grindig
VEEN, zwak zandig
filter
ZAND, sterk grindig
VEEN, sterk zandig
ZAND, kleiig
VEEN, kleiig
ZAND, siltig
VEEN, siltig
OVERIG Bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC geotechnics
BIJLAGE F Berekening fundering
Project Opdracht Betreft
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Fundering op palen
Rekenwaarde maximum draagkracht in kN voor groepen Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : Avegaarpaal Paalklassefactor punt Paalvoetvormfactor Paalvoetdwarsdoorsnedefactor Paalklassefactor schacht
: : : :
α p = 0,56 β = 1,00 s = 1,0 α s = 0,006
Bouwwerk Aantal sonderingen ξ -factor Materiaalfactor Belastingsfactor neg.kleef
: niet stijf : N=1 : ξ 3 = 1,39 ; ξ 4 = 1,39 : γ b = γ s = 1,2 : γ f;nk = 1,0
Site VF14642 Rekenwaarde maximum draagkracht Rc;k = min{((Rc;cal)gem/ξ 3),((Rc;cal)min/ ξ 4)} -> maatgevend is (Rc;cal)min/ ξ 4 paalafmeting : 0,450 m 0,500 m 0,550 m Rc;cal : 1719 1981 2258 Rc;k : 1237 1425 1624 Rc;d : 1031 1188 1354 Fnk;d * : 69 77 85 Rc;d netto : 962 1111 1269 paalafmeting 0,450 m Sonderingen Hoogte m.v. [m tov NAP] DKM001 -3,82
Paalpunt [m tov NAP] -23,00
qb;max [MPa] 3,6
Rb;cal [kN] 577
Rs;cal [kN] 1142
Rc;cal [kN] 1719
paalafmeting 0,500 m Sonderingen Hoogte m.v. [m tov NAP] DKM001 -3,82
Paalpunt [m tov NAP] -23,00
qb;max [MPa] 3,6
Rb;cal [kN] 712
Rs;cal [kN] 1269
Rc;cal [kN] 1981
paalafmeting 0,550 m Sonderingen Hoogte m.v. [m tov NAP] DKM001 -3,82
Paalpunt [m tov NAP] -23,00
qb;max [MPa] 3,6
Rb;cal [kN] 862
Rs;cal [kN] 1396
Rc;cal [kN] 2258
* Negatieve kleef bepaald voor alleenstaande paal, aan de rand van groep, in één rij en in groep met D > Toelichting Maximum puntweerstand Maximum draagkracht punt Maximum schachtwrijvingskracht Berekende maximum draagkracht Representatieve maximum draagkracht Rekenwaarde max draagkracht punt Rekenwaarde schachtwrijving Rekenwaarde maximum draagkracht Rekenwaarde negatieve kleef Rekenwaarde netto draagkracht SOCOTEC Geotechnics B.V. Inpijn-Blokpoel ingenieurs
: : : : : : : : : :
qb;max = 0,5 * α p * β * s * (0,5[qc;I;gem + qc;II;gem] + qc;III;gem) Rb;cal = Ab * qb;max Rs;cal = Op * ∆ L * α s * qc;z;a Rc;cal = Rb;cal + Rs;cal Rc;k = min{((Rc;cal)gem/ξ 3),((Rc;cal)min/ ξ 4)}; min is maatgevend Rb;d = Rb;k/γ b ( Rb;k = Rb;cal/ξ maatgevend ) Rs;d = Rs;k/γ s ( Rs;k = Rs;cal/ξ maatgevend ) Rc;d = Rb;d + Rs;d Fnk;d = Fnk * γ f;nk Rc;dnetto = Rc;d - Fnk;d Bijlage Berekening fundering op palen
(10 x d x h)
[par. 7.6.2.3(e)] [par. 7.6.2.3(e)] [par. 7.6.2.3] [par. 7.6.2.3] [par. 7.6.2.3] [par. 7.6.2.3] [par. 7.6.2.3] [par. 7.6.2.3] [par. 7.3.2.2]
Pagina 1
Project Opdracht Betreft
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Fundering op palen
Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : Avegaarpaal Sondeergroep : Site VF14642 Berekening s2 gebaseerd op sondering DKM001 900
810
720
630
540
450
360
Paalafmeting : 0,450 m Paalpuntniveau : -23,00 m tov NAP
270
180
Rs;d [kN] 90 0
Rb;d [kN] 90 180
270
360
450
540
630
uiterste grenstoestand bruikbaarheidsgrenstoestand
13
26
39
52
65 sb;d [mm] 78
91
Uiterste grenstoestand Fc;dnetto Fnk;d Fc;d sb;d sel;d [kN] [kN] [kN] [mm] [mm] 962 69 1031 87,0 5,4 866 69 935 30,2 4,8 770 69 839 17,5 4,2 673 69 742 11,9 3,7 577 69 646 8,5 3,2 481 69 550 6,4 2,7 385 69 454 4,9 2,3 289 69 358 3,5 1,8 192 69 261 2,3 1,3 96 69 165 1,3 0,8 Bruikbaarheidsgrenstoestand Fc;netto Fnk Fc;rep sb sel [kN] [kN] [kN] [mm] [mm] 740 69 809 9,3 3,3 666 69 735 7,7 3,0 592 69 661 6,4 2,7 518 69 587 5,3 2,4 444 69 513 4,5 2,1 370 69 439 3,6 1,8 296 69 365 2,8 1,5 222 69 291 2,1 1,2 148 69 217 1,4 0,9 74 69 143 0,9 0,6
s1;d s2;d [mm] [mm] 92,4 0,0 35,0 0,0 21,7 0,0 15,6 0,0 11,7 0,0 9,1 0,0 7,1 0,0 5,2 0,0 3,6 0,0 2,1 0,0
s1 s2 [mm] [mm] 12,6 0,0 10,7 0,0 9,2 0,0 7,8 0,0 6,6 0,0 5,4 0,0 4,3 0,0 3,2 0,0 2,3 0,0 1,5 0,0
Toelichting Paalbelasting Rekenwaarde negatieve kleef Netto paalbelasting Rekenwaarde zakking boveneinde paal Rekenwaarde samendrukking diepere lagen Rekenwaarde paalkopzakking Representatieve statische secant veercoëfficiënt
SOCOTEC Geotechnics B.V. Inpijn-Blokpoel ingenieurs
: : : : : : : :
s;d kv;d paal vrijstaand [mm] [kN/mm] 92,4 49 35,0 53 21,7 55 15,6 58 11,7 60 9,1 63 7,1 66 5,2 69 3,6 72 2,1 74
Configuratie paalgroep voor bepaling s2 4-paalspoer x y
y x
hoh-afstand x=y : 5,44 m
s kv;rep paal vrijstaand [mm] [kN/mm] 12,6 64 10,7 68 9,2 72 7,8 76 6,6 78 5,4 81 4,3 86 3,2 90 2,3 93 1,5 96
Fc Fnk;d Fc;netto = Fc - Fnk s1;d = spunt;d + sel;d s2;d sd = s1;d + s2;d kv;rep paal vrijstaand = Fc;rep / s1 kv;rep paal in groep = Fc;rep / (s1 + s2)
Bijlage Berekening fundering op palen
[par. 7.7.1] [par. 7.3.2.2] [par. 7.3.2.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2]
Pagina 2
Project Opdracht Betreft
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Fundering op palen
Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : Avegaarpaal Sondeergroep : Site VF14642 Berekening s2 gebaseerd op sondering DKM001 1000
900
800
700
600
500
400
300
Paalafmeting : 0,500 m Paalpuntniveau : -23,00 m tov NAP 200
Rs;d [kN] 100 0
Rb;d [kN] 100 200
300
400
500
600
700
uiterste grenstoestand bruikbaarheidsgrenstoestand
15
30
45
60
75 sb;d [mm] 90
105
Uiterste grenstoestand Fc;dnetto Fnk;d Fc;d sb;d sel;d s1;d s2;d s;d kv;d paal vrijstaand [kN] [kN] [kN] [mm] [mm] [mm] [mm] [mm] [kN/mm] 1111 77 1188 96,7 5,1 101,8 0,0 101,8 55 1000 77 1077 35,2 4,5 39,7 0,0 39,7 60 889 77 966 18,7 4,0 22,7 0,0 22,7 63 778 77 855 12,6 3,5 16,1 0,0 16,1 66 667 77 744 8,9 3,0 11,9 0,0 11,9 69 556 77 633 6,7 2,6 9,3 0,0 9,3 72 444 77 521 5,1 2,1 7,2 0,0 7,2 75 333 77 410 3,6 1,6 5,2 0,0 5,2 79 222 77 299 2,3 1,2 3,5 0,0 3,5 83 111 77 188 1,3 0,8 2,1 0,0 2,1 86 Bruikbaarheidsgrenstoestand Fc;netto Fnk Fc;rep sb sel [kN] [kN] [kN] [mm] [mm] 855 77 932 9,9 3,1 769 77 846 8,1 2,8 684 77 761 6,7 2,6 598 77 675 5,6 2,3 513 77 590 4,6 2,0 427 77 504 3,7 1,7 342 77 419 2,9 1,4 256 77 333 2,1 1,1 171 77 248 1,5 0,8 85 77 162 0,9 0,6
s1 s2 [mm] [mm] 13,0 0,0 10,9 0,0 9,3 0,0 7,9 0,0 6,6 0,0 5,4 0,0 4,3 0,0 3,3 0,0 2,3 0,0 1,4 0,0
Toelichting Paalbelasting Rekenwaarde negatieve kleef Netto paalbelasting Rekenwaarde zakking boveneinde paal Rekenwaarde samendrukking diepere lagen Rekenwaarde paalkopzakking Representatieve statische secant veercoëfficiënt
SOCOTEC Geotechnics B.V. Inpijn-Blokpoel ingenieurs
: : : : : : : :
Configuratie paalgroep voor bepaling s2 4-paalspoer x y
y x
hoh-afstand x=y : 5,44 m
s kv;rep paal vrijstaand [mm] [kN/mm] 13,0 72 10,9 78 9,3 82 7,9 85 6,6 89 5,4 94 4,3 98 3,3 102 2,3 107 1,4 112
Fc Fnk;d Fc;netto = Fc - Fnk s1;d = spunt;d + sel;d s2;d sd = s1;d + s2;d kv;rep paal vrijstaand = Fc;rep / s1 kv;rep paal in groep = Fc;rep / (s1 + s2)
Bijlage Berekening fundering op palen
[par. 7.7.1] [par. 7.3.2.2] [par. 7.3.2.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2]
Pagina 3
Project Opdracht Betreft
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Fundering op palen
Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : Avegaarpaal Sondeergroep : Site VF14642 Berekening s2 gebaseerd op sondering DKM001 1100
990
880
770
660
550
440
330
Paalafmeting : 0,550 m Paalpuntniveau : -23,00 m tov NAP 220
Rs;d [kN] 110 0
Rb;d [kN] 110 220
330
440
550
660
770
uiterste grenstoestand bruikbaarheidsgrenstoestand
16
32
48
64
80 sb;d [mm] 96
112
Uiterste grenstoestand Fc;dnetto Fnk;d Fc;d sb;d sel;d s1;d s2;d s;d kv;d paal vrijstaand [kN] [kN] [kN] [mm] [mm] [mm] [mm] [mm] [kN/mm] 1269 85 1354 106,3 4,9 111,2 3,8 115,0 61 1142 85 1227 40,5 4,3 44,8 3,4 48,2 66 1015 85 1100 20,3 3,8 24,0 3,1 27,1 70 888 85 973 13,6 3,3 16,9 2,7 19,6 74 761 85 846 9,4 2,8 12,3 2,4 14,6 77 635 85 720 7,1 2,4 9,5 2,0 11,5 81 508 85 593 5,3 2,0 7,3 1,7 8,9 85 381 85 466 3,7 1,6 5,3 1,3 6,6 90 254 85 339 2,4 1,1 3,6 0,9 4,5 94 127 85 212 1,3 0,7 2,0 0,6 2,6 99 Bruikbaarheidsgrenstoestand Fc;netto Fnk Fc;rep sb sel [kN] [kN] [kN] [mm] [mm] 976 85 1061 10,5 3,0 879 85 964 8,5 2,7 781 85 866 7,1 2,4 683 85 768 5,9 2,1 586 85 671 4,9 1,9 488 85 573 3,9 1,6 390 85 475 3,0 1,3 293 85 378 2,2 1,0 195 85 280 1,5 0,8 98 85 183 0,9 0,5
s1 s2 [mm] [mm] 13,4 3,0 11,2 2,7 9,5 2,4 8,0 2,1 6,7 1,9 5,5 1,6 4,3 1,3 3,2 1,1 2,3 0,8 1,4 0,5
Toelichting Paalbelasting Rekenwaarde negatieve kleef Netto paalbelasting Rekenwaarde zakking boveneinde paal Rekenwaarde samendrukking diepere lagen Rekenwaarde paalkopzakking Representatieve statische secant veercoëfficiënt
SOCOTEC Geotechnics B.V. Inpijn-Blokpoel ingenieurs
: : : : : : : :
Configuratie paalgroep voor bepaling s2 4-paalspoer x y
y x
hoh-afstand x=y : 5,44 m
s kv;rep paal vrijstaand [mm] [kN/mm] 16,4 79 13,9 86 11,9 92 10,2 96 8,6 100 7,1 105 5,6 111 4,3 117 3,1 122 1,9 128
Fc Fnk;d Fc;netto = Fc - Fnk s1;d = spunt;d + sel;d s2;d sd = s1;d + s2;d kv;rep paal vrijstaand = Fc;rep / s1 kv;rep paal in groep = Fc;rep / (s1 + s2)
Bijlage Berekening fundering op palen
[par. 7.7.1] [par. 7.3.2.2] [par. 7.3.2.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2] [par. 7.6.4.2]
Pagina 4
Project Opdracht Betreft
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Fundering op palen
Rekenwaarde maximum draagkracht op trek in kN per sondering Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : Avegaarpaal Schachtwrijvingsfactor ξ -factor Bouwwerk Aantal sonderingen
: : : :
α t = 0,0045 ξ 3 = ξ 4 = 1,39 niet stijf N=1
paalafmeting : 0,450 m Sonderingen DKM001
Hoogte m.v. [m tov NAP] -3,82
DKM001
Hoogte m.v. [m tov NAP] -3,82
Paalpunt [m tov NAP] -23,00
DKM001
Hoogte m.v. [m tov NAP] -3,82
ƒ 1 = 1,0 γ s;t = 1,35 γ m;var;qc = 1,5 γ γ = 1,1
Paal A Rt;d [kN] 301
Gpaal;d [kN] 37
2-paalspoer Paalpunt [m tov NAP] -23,00
paalafmeting : 0,550 m Sonderingen
: : : :
2-paalspoer
paalafmeting : 0,500 m Sonderingen
Effect verdichting Materiaalfactor Belastingwisselingfactor Partiële factor volume gewicht paalmaterial
Paal A Rt;d [kN] 334
Gpaal;d [kN] 46
2-paalspoer Paalpunt [m tov NAP] -23,00
Paal A Rt;d [kN] 367
Gpaal;d [kN] 55
Configuratie paalgroep voor bepaling s2 2-paalspoer A
x
A
hoh-afstand x : 5,44 m
Toelichting Rekenwaarde draagkracht op trek Gemiddelde paalomtrek Effect verdichting grondlagen door installatie paalgroep Effect ontspanning grondlagen door paalgroep Rekenwaarde conusweerstand Rekenwaarde paalgewicht Rekenwaarde effectief volume gewicht paal SOCOTEC Geotechnics B.V. Inpijn-Blokpoel ingenieurs
L
: : : : : : :
Rt;d = ò Op;gem * ƒ 1 * ƒ 2 * α t * qc;z;d dz = Rt;k/γ s;t Op;gem 0
ƒ1 ƒ2
[par. 7.6.3.3] [par. 7.6.3.3]
qc;z;d = qc;z;a/(γ s;t*γ m;var;qc*ξ ) G'paal;d = Vpaal * γ 'paal;d γ 'paal;d = γ paal/γ γ - γ water
Bijlage Berekening fundering op palen
Pagina 5
Project Opdracht Betreft
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Fundering op palen
Voorbeeldberekening gebaseerd op sondering DKM001 Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : Avegaarpaal Paalpuntniveau : -23 meter tov NAP
paalafmeting : 0,500 m
Correctie conusweerstand bij ontgraving Geen ontgraving, geen correctie van de conusweerstand. Berekening maximum puntweerstand qb;max = 0,5 * α p * β * s * (0,5[qc;I;gem + qc;II;gem] + qc;III;gem) Paalklassefactor Paalvoetvormfactor Paalvoetdwarsdoorsnedefactor Traject I / II / III
: : : :
α p = 0,56 β = 1,0 s = 1,0 14,0 / 7,9 / 2,0 MPa
[par. 7.6.2.3(e)] (f) (g) (h)
qb;max = 3,6 MPa Berekening maximum schachtwrijving Rs;cal = Op * ∆ L * α s * qc;z;a Startdiepte schachtwrijving paalklassefactor Op ∆L
: : : :
diepte [m tov NAP] -11,00 -12,50 -14,00 -15,50 -17,00 -18,50 -20,00 -21,50 -23,00
∆L [m] 0,3 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5
qc;z;a [MPa] 4,3 10,7 14,9 14,2 11,4 8,6 9,4 10,4 9,5
Op [m] 1,57 1,57 1,57 1,57 1,57 1,57 1,57 1,57 1,57
[par. 7.6.2.3(e)]
-10,7 m tov NAP α s = 0,006 omtrek dwarsdoorsnede paalschacht traject schachtwrijving Rs;cal [kN] 12 151 210 200 161 122 132 147 135
[tabel 7.d]
Σ Rs;cal [kN] 12 163 373 573 734 855 988 1135 1269
Berekening maximum draagkracht Rc;cal = Ab * qb;max + Rs;cal
[par. 7.6.2.3(e)]
Oppervlakte paalpunt : Ab = 0,1963 m2 Rc;cal = 712 + 1269 = 1981 kN
SOCOTEC Geotechnics B.V. Inpijn-Blokpoel ingenieurs
Bijlage Berekening fundering op palen
Pagina 6
Project Opdracht Betreft
Site VF14642 aan de Hornweg 187 te Aalsmeer 23ZP1506 Fundering op palen
Voorbeeldberekening gebaseerd op sondering DKM001 Berekening volgens Eurocode 7-1 (NEN 9997 - 1 + C2 : 2017) Paaltype : Avegaarpaal Paalpuntniveau : -23 meter tov NAP
paalafmeting : 0,500 m
Berekening negatieve kleef, geen groepswerking De representatieve waarde van de totale belasting ten gevolge van negatieve kleef (Fnk;rep) moet zijn bepaald met de formule: σ' +σ ' Fnk;rep = Os * Σ hj * K0;j;rep * tanδ j * v;j-1;rep v;j;rep 2
[par. 7.3.2.2(d)]
Dit geldt voor: - alleenstaande palen; - palen in één rij of aan de rand van een paalgroep; - palen binnen een paalgroep waarbij de hart-op-hart afstand van de palen (D) voldoet aan: D>
10 x d x h
waarin: d
is de middellijn van de paalschacht, of de equivalente middelijn van de paalschachten van de groep, in m.
h
is de dikte van de laag of lagen waarin de negatieve kleef werkt, in m.
Uitgangspunten Toekomstig maaiveld Huidig maaiveld Grondwater Bovenbelasting Voorbeeldsondering Os Kv;j;rep tanδ j σ '0;j;rep diepte [m tov NAP] -5,00 -7,50 -9,00 -10,00 -10,70
hj [m] 1,18 2,50 1,50 1,00 0,70
SOCOTEC Geotechnics B.V. Inpijn-Blokpoel ingenieurs
: : : : : : : : : Os [m] 1,57 1,57 1,57 1,57 1,57
-3,82 m tov NAP -3,82 m tov NAP -4,50 m tov NAP 0 kN/m2 DKM001 omtrek dwarsdoorsnede paalschacht representatieve waarde van de neutrale gronddruk in laag j representatieve waarde van de wrijvingshoek tussen paalschacht en grond in laag j representatieve waarde van de effectieve verticale spanning onderin laag j
γ [kN/m3] 18,0 15,0 16,0 15,0 14,0
γ sat [kN/m3] 18,0 15,0 16,0 15,0 14,0
φ [graden] 27,5 22,5 25,0 22,5 17,5
K0*tanδ j 0,280 0,256 0,269 0,256 0,250
σ 'v;j [kN/m2] 16 29 38 43 46
Bijlage Berekening fundering op palen
Fnk;j;rep [kN] 5 23 21 16 12
Σ Fnk;rep [kN] 5 28 49 65 77
Pagina 7
BIJLAGE G Algemene richtlijnen uitvoering avegaarpalen
Betreft
Algemene richtlijnen uitvoering avegaarpalen
Controle uitgangspunten Voorafgaand aan de uitvoering moet worden gecontroleerd: de relatie tussen: maaiveldhoogte, werkhoogte, bouwpeil t.o.v. Ref/NAP, diameter avegaar en te realiseren paallengte in relatie tot grondonderzoek en funderingsadvies, overige relevante uitgangspunten geotechnische rapportages. Uitvoering in relatie tot omgeving Voor zover het in het advies niet aan de orde is gesteld, dient te worden nagegaan of de palen gemaakt kunnen worden zonder risico’s voor bebouwing en infrastructuur in de omgeving. Hiertoe is informatie noodzakelijk omtrent de constructieve opbouw van bebouwing en infra en over de funderingswijze. Uiteraard is ook de bouwkundige staat van belang. Werkterrein/bouwput Het werkterrein dient dermate droog en stabiel te zijn dat verantwoord kan worden gewerkt. Voorkomen moet worden dat eenmaal gemaakte palen beschadigen doordat deze horizontaal worden belast door bijvoorbeeld het manoeuvreren van materieel of door graafwerk rond de paal. Dit geldt vooral bij gedeeltelijk gewapende palen. Let op: in beginsel dienen de palen gemaakt te worden vanaf een zodanig werkniveau dat er geen potentiaalsprong is tussen de freatische grondwaterspiegel en de stijghoogte van het grondwater in dieper gelegen watervoerende lagen (hydrostatisch verloop vanaf het werkniveau).
De ondergrond dient vrij te zijn van obstakels en verstoringen die van invloed kunnen zijn op de uiteindelijke paalkwaliteit. De ligging van kabels en leidingen dient in beeld te zijn gebracht. Uitvoering in relatie tot bodemopbouw De aanwezigheid van slappe lagen beneden maaiveld legt beperkingen op aan de vervaardiging van avegaarpalen. Van belang is dat de uitvoerende partij aantoonbare expertise heeft in vergelijkbare grondslag. De expertise dient eruit te bestaan dat men de betonsamenstelling en uitvoering (wijze van trekken, treksnelheid en betontoevoer) weet af te stemmen op de beperkte steundruk van de boorgatwand. Dit om 1) het beton omhoog te kunnen krijgen en het oververbruik te beperken, 2) te komen tot een schachtdoorsnede die zich laat controleren door middel van akoestisch doormeten en 3) te komen tot een paalschacht via welke de belasting op de diepere zandlagen kan worden overgedragen. Paalafstanden Het maken van een paal mag de verse schacht van een naburige paal niet beïnvloeden. Wanneer twee palen onmiddellijk na elkaar worden vervaardigd moet volgens NEN-EN 1536 de onderlinge hart op hart afstand ten minste vier maal de paaldiameter bedragen met een minimum van 2 m. Een kleinere afstand is toegestaan indien de tijd tussen het maken van de nieuwe paal en de naburige paal zodanig lang is dat de naburige paal voldoende is uitgehard (minstens 4 uur).
Tijdens de uitvoering van de palen moet het niveau van de specie in de reeds gemaakte naburige paal worden gecontroleerd. Wanneer er nazakking of oppersing wordt geconstateerd, moet een andere uitvoeringsvolgorde of een langere verhardingstijd worden aangehouden. De paal waarbij oppersing of nazakking is geconstateerd moet, indien geen vervangende paal wordt gemaakt, na verharding worden gecontroleerd.
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC Geotechnics
Betreft
Algemene richtlijnen uitvoering avegaarpalen
Overige uitvoeringsaspecten Op de avegaar moet een markering worden aangebracht waaruit de juiste paallengte kan worden afgeleid. De avegaar dient voordat met het boren wordt begonnen te worden gecontroleerd op rechtheid en rechtstand, dan wel op de juiste schoorstand. Tevens dient het functioneren van de klep aan de onderzijde van de avegaar te worden gecontroleerd. De volgorde van uitvoering dient zodanig te zijn dat door het aanbrengen van een paal, de positie, de draagkracht en de integriteit van nabij gelegen palen niet negatief wordt beïnvloed. De eerste paal moet zo dicht mogelijk bij of op een sondering worden gemaakt. Het inboren moet geleidelijk geschieden met zo min mogelijk opwaarts grondtransport. Hiervoor dient de boormotor voldoende vermogen te leveren opdat een zo gering mogelijke schraapfactor wordt verkregen. De schraapfactor is het aantal omwentelingen van de boor dat nodig is om de boor over de lengte van eenmaal de spoed te doen zakken. Als indicatie geldt dat een schraapfactor van 2 à 3 veelal voldoet. Zodra de avegaar op diepte is en gevuld is met beton onder voldoende overdruk mag, indien nodig, deze avegaar maximaal 0,1 meter worden gelicht om de deksel te lossen. De avegaar behoort tijdens het trekken óf dezelfde draairichting te hebben als bij het boren óf stil te staan.
De treksnelheid dient in overeenstemming te zijn met de specietoevoer, zodanig dat een continu gevulde schacht verzekerd is. Met name in bodemlagen met een lage sondeerweerstand en een geringere stabiliteit van de boorgatwand is dit van belang. De betondruk moet gemeten en continu geregistreerd worden. Bij het meten aan de bovenzijde van de avegaar zal tijdens het trekken een continue overdruk van 10-20 kN/m2 over het algemeen voldoende zijn. Bij toepassing van een avegaar met grote binnenbuisdiameter (type buisschroefpaal) dient de buis tot tenminste het werkniveau met beton gevuld te zijn. Na het vervaardigen van een paal moet de verwerkte hoeveelheid beton worden vergeleken met de berekende inhoud. Aan de hand van de opgeboorde grond ter plaatse van de punt wordt inzicht verkregen in grondsoort ter hoogte van het gekozen paalpuntniveau. Deze grond moet overeenkomen met hetgeen kan worden afgeleid uit het grondonderzoek. Vastlegging uitvoeringgegevens Datum en nummer palenplan en overige relevante werktekeningen. Conditie werkterrein. Werkniveau t.o.v. Ref/NAP, aanwezigheid eventuele bemalingen. Ingezet materieel. Samenstelling boorploeg. Vermogen boormotor (oliedruk, toerental). Rechtheid avegaar, positie en functioneren van de klep. Boorvolgorde met data. Paaltype, schachtafmeting, paalpuntniveau en wapening(code).
Samenstelling specie (sterkteklasse, milieuklasse, cementgehalte, hulpstoffen e.d.). Datum en tijdstip vervaardiging palen. Bereikt paalpuntniveau t.o.v. Ref/NAP. Schraapfactor per eenheid van diepte. Draaimoment en axiale druk per eenheid van diepte. Speciedrukstaten en plaats van meting per eenheid van diepte. Specieverbruik in relatie tot theoretisch paalvolume /mixerwissel. Inboor- en treksnelheid (begintijd en eindtijd boren en trekken). Wijze van trekken (draaiend of stilstaand).
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC Geotechnics
Betreft
Algemene richtlijnen uitvoering avegaarpalen
Opgeboorde grond ter plaatse van de paalpunt. Wijze afwerking paalkoppen. Bijzonderheden tijdens uitvoering (verschoven piketten, verloop van de avegaar, plaatsafwijkingen, scheefstand, onderbrekingen tijdens trekken of het niet lossen van de deksel en de vervolgens gehanteerde werkwijze, water en/of grond in de boorbuis, stagnatie tijdens uitvoering paal, mee omhoog trekken of wegzakken van de wapening, veranderingen in specieniveau van nabijgelegen palen, plaatsafwijkingen, welpalen, bleeding, rijp op de wapening e.d.).
Controle Door middel van akoestisch doormeten dient de integriteit van palen te worden beoordeeld. Deze metingen kunnen desgewenst door ons bureau worden uitgevoerd vanaf 5 dagen na productie. De meetgegevens geven informatie over o.a. discontinuïteiten, zoals scheuren, insnoeringen en uitstulpingen, over de lengte van de paal en over de kwaliteit van de paalkop. Aan palen waarbij tijdens de uitvoering bijzonderheden werden geconstateerd dient tijdens de kwaliteitscontrole extra aandacht te worden besteed. Visuele controle van de paalkop kan plaatsvinden door deze vrij te graven. Hiervoor dient de paal wel voldoende te zijn gewapend. Indien twijfel bestaat ten aanzien van het draagvermogen van een paal kan afhankelijk van de situatie worden nagesondeerd binnen 1,0 m van de paal, of kan een paal worden proefbelast. Boortoezicht Gezien de vele factoren die het installatieproces en daarmee de kwaliteit van de palen kunnen beïnvloeden wordt geadviseerd om per project na te gaan of onafhankelijk deskundig boortoezicht gewenst is. Desgewenst kan toezicht door ons bureau worden verzorgd. Milieu Er wordt op gewezen dat milieu-aspecten met betrekking tot eventuele aan- en afvoer van grond en lozing van grondwater niet binnen het kader van deze opdracht vallen.
Tot slot Voor meer algemene richtlijnen wordt verwezen naar: NEN-EN 1536 “uitvoering van bijzonder geotechnisch werk –boorpalen”, CUR-aanbeveling 109 “akoestisch doormeten van betonnen funderingspalen”, CUR 2004-1 “beoordelingssysteem voor de begaanbaarheid van bouwterreinen”, CUR-aanbeveling 114 “toezicht op de realisatie van paalfunderingen”. CROW Funderingshandboek
NVN 6724 “in de grond gevormde funderingselementen van beton of mortel”, formeel ingetrokken. BRL-2356 van het KIWA met bijlage A/B, formeel ingetrokken.
Juli 2022
Inpijn-Blokpoel ingenieurs SOCOTEC Geotechnics
Voor meer informatie zie: www.socotec.nl
SOCOTEC NEDERLAND SPECIALIST IN: Geotechniek en milieu-expertise Grondonderzoek Geotechnisch laboratoriumonderzoek Geotechnisch- en geohydrologisch advies Bouwplaats- en grondwater monitoring
Waterveiligheid Uitvoeringsbegeleiding Milieutechniek
Risicobeheer, verzekering en inspecties Claims Controle van de omgeving
Risicoanalyses Waardebepalingen
Gebouw veiligheid & duurzaamheid Binnenklimaat Drinkwaterveiligheid Gebouw- en techniekinspecties
Gebouwprestatie Gebouwinformatie