CConstaterende datZwartewaterland
Koppel je AI →
Document · PDF

a. Bijlage 1 - Beleidskader Erfmolens in de gemeente Zwartewaterland

Informatieavond 1 december 2022, gemeente ZwartewaterlandBij agendapunt: Raadsvoorstel beleidskader erfmolens en kleine zonnestroomsystemen;2.515 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Beleidskader voor erfmolens in de gemeente Zwartewaterland

Figuur 1 Voorbeeld van een erfmolen op een agrarisch erf in Dalfsen

Opgesteld door afdeling duurzaamheid 2022

Inhoud 1.

Inleiding ................................................................................................................................ 3

2.

Bestaande beleidskaders ........................................................................................................ 4

3.

4.

2.1

Bestaande wet- en regelgeving ........................................................................................ 4

2.2

Provinciaal beleid ............................................................................................................ 4

2.3

Gemeentelijk beleid ........................................................................................................ 4

Beleidskader erfmolens........................................................................................................... 5 3.1

Afbakening begrip erfmolen............................................................................................. 5

3.2

Afwegingskader .............................................................................................................. 6

3.3

Locaties ......................................................................................................................... 6

3.4

Landschappelijke inpassing ............................................................................................. 6

3.5

Communicatie met de omgeving ...................................................................................... 7

3.6

Overige aspecten ............................................................................................................ 8

Beleidsregel Erfmolens in de gemeente Zwartewaterland .......................................................... 9

2

1. Inleiding In 2050 willen we in Zwartewaterland alle energie duurzaam opwekken. In het Programma Energietransitie van Zwartewaterland staat dat we in 2030 minimaal 49% van alle energie die we in Zwartewaterland gebruiken, binnen onze gemeentegrenzen duurzaam willen opwekken. Om deze doelen te behalen, is een spreiding van bronnen verstandig. Er wordt al veel elektriciteit uit zon opgewekt. Door ook elektriciteit uit wind beschikbaar te maken, wordt spreiding van elektriciteitsopwekking verbeterd, wat de noodzaak voor en mate van opslag vermindert en het elektriciteitsnet minder belast. Erfmolens zijn kleine windturbines die op of rondom een erf worden geplaatst met als doel het opwekken van energie ten behoeve van het erf. Vanuit verschillende initiatiefnemers is er behoefte is aan elektriciteitsopwekking met behulp van erfmolens. Dit is nu al mogelijk om in een klein deel van Zwartewaterland. Met dit nieuwe beleid worden de mogelijkheden voor erfmolens verruimd. Dit kader is gericht op energieopwekking voor eigen gebruik. Dat betekent dat het gaat om kleine installaties die niet meer opwekken dan de energievraag van het adres. In principe gaat het om hoeveelheden elektriciteit die binnen de huidige netcapaciteit kunnen worden getransporteerd. Met voorliggend beleidskader heeft de gemeente een toetsingskader bij indiending van een aanvraag voor de plaatsing van een erfmolen.

Met dit beleidskader nemen we een helder standpunt in ten aanzien van erfmolens en scheppen we duidelijkheid over de mogelijkheden en voorwaarden voor de plaatsing van erfmolens. Dit zal voor een soepele procedure omgevingsvergunning zorgen. Het beleidskader is een hulpmiddel voor inwoners om inzicht te geven in het soort initiatieven met erfmolens dat de gemeente ondersteunt en de procedure die hier bij hoort. Een erfmolen zal niet hetzelfde rendement opleveren als een hoge turbine. Maar het faciliteren van deze burgerinitiatieven is belangrijk voor het verkrijgen van een gevarieerde, duurzame energiemix. Daarnaast vergroot het de betrokkenheid van de inwoners bij het behalen van de gemeentelijk energiedoelstellingen. Erfmolens hebben impact op het landschap en de omgeving. Als gemeente willen we de ontwikkeling van erfmolens mogelijk maken, mits er voldoende waarborgen zijn voor de landschappelijke inpassing en maatschappelijke acceptatie. Het beleidskader geeft duidelijkheid over:  waar plaatsing van erfmolens is toegestaan;  welke eisen gesteld worden aan de erfmolens en de locatie;  wat een initiatiefnemer moet onderzoeken voordat hij zijn aanvraag kan doen.

Leeswijzer

In het volgende hoofdstuk wordt ingegaan op bestaande wet- en regelgeving en het ruimtelijk beleid van de provincie en gemeente. In de hoofdstukken daarna komt het beleidskader voor erfmolens en de beleidsregel aan bod.

3

2. Bestaande beleidskaders In dit hoofdstuk worden enige beleidskaders genoemd die relevant zijn ten aanzien van het plaatsen van erfmolens in de gemeente Zwartewaterland. De verantwoordelijkheid om te zorgen voor een haalbaar en uitvoerbaar plan ligt bij de initiatiefnemer. 2.1 Bestaande wet- en regelgeving Toetsingskader ten aanzien van bestaande wet- en regelgeving voor de aanvrager (en toetser) is:  Externe veiligheid (voldoende afstand tot objecten en infrastructuur);  Kleinwind-keurmerk (richtlijnen technisch ontwerp);  Bouwbesluit (landelijke regels voor bouwwerken);  Activiteitenbesluit (regels in par. 3.2.3), waaronder geluidsnormen en slagschaduw;  Wet natuurbescherming (flora en fauna). Verder moeten windturbines voldoen aan Europese en nationale normen en richtlijnen. 2.2 Provinciaal beleid Ten aanzien van windturbines wordt in de Omgevingsvisie met name gekeken naar de meer grootschalige windturbines. De verantwoordelijkheid om planologisch ruimte te maken voor windturbines wordt door de provincie bij de gemeente gelegd. De provincie stelt het kader voor locatiekeuze en ontwerp. Voor alle initiatieven voor windenergie gelden dat locatiekeuze en ontwerp passend moeten zijn bij de gebiedskenmerken. Ook binnen Nationale Landschappen (ja, mits) en het Nationaal NatuurNetwerk (NNN) (nee, tenzij) wordt meer ruimte dan voorheen geboden voor de opwek van windenergie.

Windturbines binnen kernen zijn niet toegestaan. 2.3 Gemeentelijk beleid Het merendeel van het ruimtelijk beleidskader voor het buitengebied is vastgelegd in het bestemmingsplan “Buitengebied Zwartewaterland”. Hierin staat dat binnen de bestemming ‘Agrarisch’ maximaal één windturbine met een maximale ashoogte van 15 meter binnen het bouwvlak mag worden geplaatst. Om een hogere windturbine mogelijk te maken moet een buitenplanse procedure worden gevolgd. Tot op heden is hier nog geen medewerking aan verleend. Voorliggend beleidskader past het bestemmingsplan vooralsnog niet aan en daarmee verandert ook de procedure niet. Met dit beleidskader geeft de gemeente aan hoe ze om wil gaan met verzoeken voor erfmolens die niet passen binnen het bestemmingsplan. Daarmee biedt dit beleidskader een verruiming van de mogelijkheden voor het plaatsen van een erfmolen binnen de gemeente Zwartewaterland.

4

3. Beleidskader erfmolens Dit hoofdstuk geeft een toelichting op bepaalde bepalingen uit de beleidsregel in het volgende hoofdstuk. 3.1 Afbakening begrip erfmolen ‘Erfmolen’ is een abstract begrip dat voor verschillende soorten turbines kan worden gebruikt. Er zijn tal van vormen, toepassingen en hoogtes mogelijk. Daarom is het belangrijk om af te bakenen wat binnen dit beleidskader wordt verstaan onder erfmolen. Met erfmolens bedoelen we windturbines met een ashoogte van maximaal 25 meter. De ashoogte van een windturbine wordt gemeten vanaf het peil tot aan het midden van de wieken(as) van de windturbine. Voor de totale hoogte komt daar de lengte van de rotorbladen bij. Dit wordt ook wel de tiphoogte genoemd. Erfmolens kunnen voorkomen in de vorm van horizontale as-turbines (HATs) of als verticale asturbines (VATs). De verschillende rotor-typen reageren elk anders op de wind. HATs zijn vooral geschikt voor open gebied, waarbij de wind van één kant komt, terwijl VATs meer geschikt zijn voor bebouwd gebied, met veranderlijke wind.

Figuur 2 Onderdelen van en type erfmolens

Doorgaans geldt hoe groter/hoger de windturbine, hoe meer rendement. Maar ook de impact op de omgeving (zichtbaarheid, geluid en schaduwwerking) neemt met de hoogte toe. Een belangrijk verschil met grotere turbines is dat kleine turbines een lokale uitstraling hebben. Ze komen niet of nauwelijks boven andere structuren in de omgeving uit. Verder wordt de opgewekte elektriciteit van erfmolens in de directe omgeving gebruikt.

5

3.2 Afwegingskader Een erfmolen voorziet in de kleinschalige opwek van energie voor eigen gebruik. Twee erfmolens wordt doorgaans gezien als voldoende om hierin te kunnen voorzien. Met een ashoogte van 25 meter wordt aangesloten bij het beleid van omliggende gemeenten. Ook voor de tiphoogte is een maximale hoogte opgenomen, om onvoorziene uitschieters te voorkomen. De erfmolens mogen geen beperkende effecten hebben op omliggende erven van derden. Dit is inclusief de uitbreidingsmogelijkheden die redelijkerwijs te voorzien zijn op deze erven. Zwartewaterland kent weidevogelgebieden. Bij aanvragen voor erfmolens in deze gebieden moet onderzoek aantonen dat de erfmolen geen significant negatieve effecten oplevert voor de weidevogelpopulatie. Dit onderzoek moet bij de vergunningaanvraag worden aangeleverd. Van de energieopwekking uit wind- en zonne-energiesystemen voor erven gaat de voorkeur uit naar zon op dak. Wanneer zon op dak niet mogelijk is of onvoldoende energie levert is het mogelijk om één of twee erfmolens te plaatsen. 3.3 Locaties Erfmolens zijn met name interessant voor locaties waar een hogere energievraag speelt dan een gemiddelde huishouding. Dit zal in veel gevallen bij (agrarische) bedrijven het geval zijn. Daarnaast hebben erfmolens een impact op hun directe omgeving, zowel qua uitstraling als door bijvoorbeeld slagschaduw.

Om die reden en ter bescherming van het woonklimaat zijn erfmolens toegestaan in het buitengebied. Ter bescherming van leidingen, wegen, woningen, enz. worden in de beleidsregel bepalingen opgenomen over de afstand tussen een erfmolen en deze objecten of beschermingszones. 3.4 Landschappelijke inpassing Voor de landschappelijke inpassing van erfmolens moet aansluiting worden gezocht bij de landschapskenmerken zoals opgenomen in het “Landschapontwikkelingsplan Zwolle-ZwartewaterlandKampen”. Om een goede inpassing van de erfmolen te borgen wordt een landschapinpassingsplan van een ervenconsulent gevraagd. Ter stimulering van een goede ruimtelijke inpassing wordt in de beleidsregel aangegeven waar op of nabij het terrein een erfmolen geplaatst mag worden. Figuur 2 geeft globaal weer op welke locaties een erfmolen op of nabij een erf denkbaar is en op welke locaties niet.

6

Figuur 2 Schematische weergave erfmolen op of nabij erf

3.5 Communicatie met de omgeving De gemeenteraad en het college van Zwartewaterland hechten veel waarde aan participatie. Dit blijkt ook uit de onlangs vastgestelde beleidsdocumenten met betrekking tot duurzame energieopwek. Daarnaast is participatie een belangrijk element uit de Omgevingswet. In dat kader wordt de initiatiefnemer van een erfmolen verzocht om in gesprek te gaan met de omgeving. Van dit participatietraject wordt een verslag gemaakt. Dit verslag is onderdeel van het verzoek om medewerking. Gevraagd wordt om alle betrokkenen het verslag te laten ondertekenen voor gezien. Dit is overigens geen bindende voorwaarde. Daarnaast zal een omgevingsvergunning voor het mogen realiseren van een erfmolen volgens de gebruikelijke procedure ter inzage worden gelegd. Een ieder kan gebruik maken van de reguliere mogelijkheden voor bezwaar en beroep.

7

3.6 Overige aspecten Planschade Het plaatsen van erfmolens leidt mogelijk tot planschade. De gemeente is niet aansprakelijk voor deze planschade. Daarom wordt een planschadeovereenkomst gesloten met de initiatiefnemer. Hiervoor moet de initiatiefnemer een planschaderisicoanalyse aanleveren bij zijn verzoek om principemedewerking. Keurmerk Om te zorgen dat enkel veilige erfmolens worden geplaatst, moeten de erfmolens zijn voorzien van een keurmerk. Procedure Dit beleid biedt een afwegingskader wanneer verzocht wordt om medewerking aan een erfmolen, anders dan de mogelijkheid die het bestemmingsplan biedt. Daarmee zorgt dit beleid niet voor een andere, snellere procedure. Past een initiatief voor een erfmolen niet binnen het bestemmingsplan, dan is en blijft een aanvraag omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan nodig. Dit beleid geeft de kaders om een dergelijk initiatief te beoordelen.

8

4. Beleidsregel Erfmolens in de gemeente Zwartewaterland Artikel 1 Begrippen  ashoogte van een erfmolen: a. HAT-type: vanaf het peil tot het middelpunt van de as van de wieken; b. VAT-type: vanaf het peil tot de onderzijde van de rotor;  erfmolen: een windturbine met een ashoogte van maximaal 25 meter gerekend vanaf het peil, welke op of nabij een erf of bedrijf staat en energie levert voor eigen gebruik.  HAT-type: horizontale as-turbine  peil: a. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; c. indien in of op het water wordt gebouwd: het Normaal Amsterdams Peil (of een ander plaatselijk aan te houden waterpeil);  rotordiameter: doorsnede van de volledige cirkel die de ronddraaiende wieken of rotorbladen maken;  tiphoogte van een erfmolen: a. HAT-type: de ashoogte van een erfmolen en de rotorradius; b. VAT-type: de ashoogte van een erfmolen en het deel van de rotor dat daarbovenuit steekt.  VAT-type: verticale as-turbine Artikel 2 Doel De gemeente Zwartewaterland wilt ruimte bieden aan kleinschalige opwekking van elektriciteit door wind.

Hiermee wordt bedoeld: elektriciteitsopwekking door wind voor eigen gebruik. We streven naar de ontwikkeling van zelfvoorzienende (agrarische) erven in het buitengebied van onze gemeente. Artikel 3 Afmeting erfmolen 1. Een erfmolen, geplaatst op het maaiveld, mag een maximale ashoogte van 25 meter hebben. 2. Een HAT-type erfmolen mag een maximale tiphoogte van 40 meter hebben. 3. Een VAT-type erfmolen mag een maximale tiphoogte van 32 meter hebben. Artikel 4 Afwegingskader erfmolens 1. In het buitengebied zijn erfmolens toegestaan, uitgezonderd daar waar de hoofdfunctie natuur of bos is. 2. Een erfmolen wordt geplaatst: a. binnen het bouwvlak; b. achter de voorste voorgevel op het erf; c. maximaal 25 meter buiten het bouwvlak, waarbij de erfmolen achter de denkbeeldige voorgevelrooilijn van de voorste voorgevel wordt geplaatst en de erfmolen en het erf één erfensemble vormen. 3. Per erf zijn maximaal twee erfmolens toegestaan. 4. De onderlinge afstand tussen erfmolens bedraagt minimaal drie keer de rotordiameter (bij HAT-type). 5. Erfmolens mogen niet leiden tot beperking van de gebruiksmogelijkheden op aangrenzende gronden. Hierbij moet rekening worden gehouden met: a. zichtlijnen of visuele hinder; b. het optreden van slagschaduw; of c. de mogelijkheden tot voortzetten danwel uitbreiding van een bestaand bedrijf. 6.

Erfmolens mogen geen significant negatieve effecten opleveren voor de weidevogelpopulatie. 7. Een erfmolen is toegestaan als aanvulling voor zon op dak of wanneer zon op dak geen optie is op het betreffende erf.

9

Artikel 5 Energieopwekking voor eigen gebruik De opgewekte energie van een erfmolen mag enkel ten dienste komen van de eigenaar of gebruiker van het erf. Bij de ruimtelijke onderbouwing moet aannemelijk worden gemaakt dat de opgewekte energie daadwerkelijk besteed wordt op het erf. Artikel 6 Verboden locaties erfmolens Plaatsing van een erfmolen is niet toegestaan: a. binnen 20 meter van de hartlijn van de gasleiding, gelegen in het midden van de bestemming ‘Leiding – Gas’ zoals opgenomen in het daar geldende bestemmingsplan, tenzij de netbeheerder instemt met een kortere afstand; b. binnen tenminste de maximale werkafstand bij het nominaal toerental van de erfmolen, vanaf de hartlijn van de hoogspanning, gelegen in het midden van de bestemming ‘Leiding – Hoogspanning’ zoals opgenomen in het daar geldende bestemmingsplan, tenzij de netbeheerder instemt met een kortere afstand; c. binnen 30 meter van de openbare weg of vaarweg; d. binnen een afstand van twaalf keer de rotordiameter, met een minimum van 100 meter, tot de woning van derden; e. binnen een beschermd stads- of dorpsgezicht; f. wanneer dit leidt tot onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat van aangrenzende gronden. Artikel 7 Landschappelijk inpassing en welstand 1. Een erfmolen moet zorgvuldig worden ingepast.

Daarom moet bij de ruimtelijke onderbouwing een ruimtelijke inpassingsplan worden opgesteld door een ervenconsulent, waarin aandacht wordt besteed aan: a. zichtlijnen; b. maat en kleurstelling in relatie tot de bebouwing en begroeiing; c. vormgeving; d. aansluiting bij de natuur- en landschapswaarden van het buitengebied; e. aansluiting bij de erfstructuren. 2. Er mogen geen reclame-uitingen op of aan de erfmolen worden bevestigd. 3. Er mogen geen reflecterende materialen worden gebruikt. 4. Rondom de erfmolen moeten zo min mogelijk bijbehorende elementen worden geplaatst. 5. Wanneer meerdere erfmolens worden geplaatst, moeten deze identiek zijn. Artikel 8 Planschade 1. Tussen de initiatiefnemer en de gemeente wordt een planschadeovereenkomst gesloten, waaruit blijkt dat de initiatiefnemer verantwoordelijk is voor eventuele planschade. Hiertoe levert de initiatiefnemer een planschaderisicoanalyse aan. 2. Er wordt geen medewerking verleend aan het initiatief wanneer geen planschadeovereenkomst is getekend door de betrokken partijen. Artikel 9 Keurmerk De erfmolen is voorzien van een keurmerk. Artikel 10 Afwijkingsmogelijkheid Het college kan gemotiveerd afwijken van het bepaalde in deze beleidsregel.

Artikel 11 Overgangsrecht Aanvragen om omgevingsvergunningen die zijn ingediend voor de inwerkingtreding van deze beleidsregel, en waar nog niet op is beslist, worden afgehandeld op basis van deze beleidsregel. Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na die van haar bekendmaking. 2. Deze beleidsregel wordt aangehaald als “Beleidsregel erfmolens in de gemeente Zwartewaterland”.

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12111982/2