CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Verordening tot tweede wijziging van de APV Zaltbommel 2022

Raadsvergadering 14 december 2023, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Verordening tot tweede wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Zaltbommel 20222.086 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Verordening tot tweede wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Zaltbommel 2022 De gemeenteraad van de gemeente Z a l t b o m m e l;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van Zaltbommel van 28 november 2023;

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;

besluit

vast de stellen de volgende: verordening tot tweede wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Zaltbommel 2022

Artikel I De Algemene Plaatselijke Verordening Zaltbommel 2022 wordt als volgt gewijzigd:

A Artikel 1:1 wordt als volgt gewijzigd: 1. In de alfabetische rangschikking wordt ingevoegd: 

beperkingengebiedactiviteit: hetgeen daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet;

2. De definities van ‘bevoegd gezag’, ‘bouwwerk’ en ‘gebouw’ komen te luiden:   

B

bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Omgevingswet; bouwwerk: hetgeen daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet; gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving;

Artikel 1:2, derde lid, komt te luiden: 3.

Dit artikel is niet van toepassing op een aanvraag om een omgevingsvergunning.

C Aan artikel 1:4 wordt een derde lid toegevoegd, luidende: 3.

Dit artikel is niet van toepassing op een omgevingsvergunning.

D Voor de bestaande tekst van artikel 1:5 wordt de aanduiding ‘1.’ geplaatst. Toegevoegd wordt een nieuw lid, luidende: 2.

Het eerste lid is niet van toepassing op een omgevingsvergunning.

E Voor de bestaande tekst van artikel 1:6 wordt de aanduiding ‘1.’ geplaatst. Toegevoegd wordt een nieuw lid, luidende: 2.

Het eerste lid is niet van toepassing op een omgevingsvergunning.

F Artikel 2:10 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het tweede lid vervalt en de leden 3 tot en met 8 worden vernummerd tot 2 tot en met 7.

2. Het derde lid (nieuw), onder f, komt te luiden: 1.

beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, provinciale omgevingsverordening of waterschapsverordening.

3. In het vierde (nieuw) tot en met zesde lid (nieuw) wordt ‘bedoeld in het derde lid’ vervangen door ‘bedoeld in het tweede lid’.

G Artikel 2:11 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het tweede en vijfde lid vervallen en de leden 3 en 4 worden vernummerd tot 2 en 3.

2. Het derde lid (nieuw) komt te luiden: 3.

Het verbod is voorts niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, provinciale omgevingsverordening of waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994, de Wegenwet, het Wetboek van Strafrecht of het bepaalde bij of krachtens de Telecommunicatiewet.

H Artikel 2:12, derde lid, komt te luiden:

3.

Het verbod is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, provinciale omgevingsverordening of waterschapsverordening.

I Artikel 2:21, tweede lid, komt te luiden: 2.

Het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door hoofdstuk 10 van de Omgevingswet.

J Artikel 2:23, tweede lid, komt te luiden: 2.

Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht of de provinciale omgevingsverordening.

K Artikel 2:28, tweede lid, komt te luiden: 2.

De burgemeester weigert de vergunning als de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met het omgevingsplan.

L Artikel 2:39, derde lid, onder b, komt te luiden:

b.

de exploitatie van de speelgelegenheid in strijd is met het omgevingsplan.

M Artikel 2:60, eerste lid, aanhef, komt te luiden: a.

Het is verboden op door het college ter voorkoming of opheffing van overlast of schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen, buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, bij dat aanwijzingsbesluit aangeduide dieren:

N Artikel 2:71 komt te luiden: Artikel 2:71 Definitie In deze afdeling wordt onder consumentenvuurwerk verstaan vuurwerk van categorie F1, F2 of F3 dat op grond van artikel 2.1.1 van het Vuurwerkbesluit is aangewezen als vuurwerk dat ter beschikking mag worden gesteld voor particulier gebruik.

O Artikel 2:83, eerste lid, onder b, komt te luiden: b.

de exploitatie of vestiging in strijd is met het omgevingsplan.

P Artikel 2:85 komt te luiden: Deze afdeling is niet van toepassing indien daarin wordt voorzien door de Huisvestingswet of het bij of krachtens het bepaalde in de Omgevingswet.

Q Artikel 2:86, vierde lid, onder g. komt te luiden: g.

de vestiging of de exploitatie in strijd is met het omgevingsplan.

R Artikel 2:86, zevende lid, onder j. komt te luiden: j.

de vestiging of de exploitatie in strijd is met het omgevingsplan.

S Artikel 3:13, eerste lid, onder b, komt te luiden: b.

de vestiging of de exploitatie van de seksinrichting of het escortbedrijf in strijd is met het omgevingsplan.

T Artikel 4:1 wordt als volgt gewijzigd: 1. In de alfabetische rangschikking wordt ingevoegd: -

Activiteitenbesluit milieubeheer: Activiteitenbesluit milieubeheer, zoals dat besluit luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet;

2. De definitie van ‘inrichting’ komt te luiden: -

inrichting: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, met dien verstande dat de artikelen 4:2 tot en met 4:5 uitsluitend van toepassing zijn op inrichtingen type A of type B als bedoeld in het Activiteitenbesluit milieubeheer;

U Artikel 4:5 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het eerste lid, onder c, komt te luiden: 1.

de waarden in in- en aanpandige gevoelige gebouwen, voor zover het woningen betreft, gelden in geluidsgevoelige ruimten als bedoeld in artikel 1 van de Wet geluidhinder en verblijfsruimten als bedoeld in artikel 1.1, onder d, van het Besluit geluidhinder, zoals die wet en dat besluit luidden direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet;

2. Het vierde lid komt te luiden: 4. Als versterkte elementen worden gecombineerd met onversterkte elementen, wordt het hele samenspel beschouwd als versterkte muziek en is dit artikel niet van toepassing.

V Artikel 4:6, derde lid, komt te luiden: 3.

Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Omgevingswet, de Zondagswet, de Wet openbare manifestaties, het Vuurwerkbesluit of de provinciale omgevingsverordening.

W Artikel 4:6B komt te luiden: Artikel 4:6B Geluidshinder van apparaten 1.

Het in gebruik hebben van één of meer technische of mechanische installaties (zoals een warmtepomp of airco) in de buitenlucht, die niet vallen onder de regels van het Activiteitenbesluit milieubeheer of het Omgevingsplan mag geen geluidshinder veroorzaken en moet de grenswaarde in acht worden genomen zoals aangegeven in het tweede lid en moet tevens het bepaalde in het derde en vierde lid in acht worden genomen.

2.

Het gemiddelde geluidsniveau LAr, LT, op de gevel van een naastgelegen geluidsgevoelig gebouw (zoals een woning) of op 5 meter van het apparaat indien het geluidsgevoelige gebouw verder weg staat, mag niet meer bedragen dan 30 dB(A).

3.

De in tweede lid genoemde waarde op de gevel ook geldt bij gevoelige terreinen op de grens van het terrein.

4.

De controle op dit voorschriften vindt plaats conform de Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai (m.u.v. de toeslag tonaal, want dit zit al verwerkt in de grenswaarde).

X Artikel 4:6C, eerste lid, komt te luiden: 1.

Het is verboden buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer knalapparaten ter verjaging van schadelijk gevogelte in werking te hebben dan wel te gebruiken.

Y Artikel 4:13 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het eerste lid, aanhef, komt te luiden: 1.

Het is verboden op door het college in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of opheffing van overlast dan wel voorkoming van schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen, buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, in de openlucht of buiten de weg de volgende voorwerpen of stoffen op te slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben:

2. Het derde lid komt te luiden: 3.

Dit artikel is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Omgevingswet of de provinciale omgevingsverordening.

Z Artikel 4:15, tweede lid, komt te luiden: 2.

Het verbod is niet van toepassing in gevallen waarin een omgevingsvergunning is verleend en het gevaar en de hinder zijn betrokken bij de afweging.

AA Artikel 4:17 komt te luiden: Artikel 4:17 Definitie In deze afdeling wordt onder kampeermiddel verstaan een niet-grondgebonden onderkomen of voertuig, dat bestemd of opgericht is dan wel gebruikt wordt of kan worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf.

AB Artikel 4:18, eerste lid, komt te luiden: 1.

Het is verboden ten behoeve van recreatief nachtverblijf kampeermiddelen te plaatsen of geplaatst te houden buiten een kampeerterrein dat als zodanig in het omgevingsplan is bestemd of mede bestemd.

AC Artikel 5:5, derde lid, komt te luiden: 2.

Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Wet milieubeheer of het Besluit activiteiten leefomgeving.

AD Artikel 5:6, derde lid, komt te luiden: 3.

Het eerste lid is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de provinciale omgevingsverordening.

AE Artikel 5:18, tweede lid, komt te luiden: 2.

Het college weigert de vergunning wegens strijd met het omgevingsplan.

AF Artikel 5:20, eerste lid, komt te luiden: 2.

AG

Artikel 5:18, eerste lid, is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet of de provinciale omgevingsverordening.

Artikel 5:23, eerste lid, onder a, komt te luiden: a.

wegens strijd met het omgevingsplan;

AH Artikel 5:24, derde lid, komt te luiden: 3.

De verboden zijn niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening of de waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Scheepvaartverkeerswet, het Binnenvaartpolitiereglement of het bepaalde bij of krachtens de Telecommunicatiewet.

AI Artikel 5:25, derde lid, komt te luiden: 3.

Het verbod is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening of de waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door het Besluit bouwwerken leefomgeving of het overige bepaalde bij of krachtens de Omgevingswet, de Wet milieubeheer of het Binnenvaartpolitiereglement.

AJ Artikel 5:28, tweede lid, komt te luiden: 2.

Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, het Binnenvaartpolitiereglement of de provinciale omgevingsverordening.

AK Artikel 5:30, tweede lid, komt te luiden: 2.

Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door het Binnenvaartpolitiereglement, de provinciale omgevingsverordening of het bepaalde bij of krachtens de Omgevingswet.

AL Artikel 5:32, derde lid, komt te luiden:

3.

Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Omgevingswet, afdeling 3.9 van het Besluit activiteiten leefomgeving, de Zondagswet of het Besluit geluidproduktie sportmotoren.

AM Artikel 5:33, vierde lid, onder b, komt te luiden: b.

binnen de bij of krachtens de provinciale omgevingsverordening aangewezen stiltegebieden ten aanzien van motorrijtuigen die bij of krachtens die verordening zijn aangewezen als toestel.

AN Artikel 5:34 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het eerste lid komt te luiden: 1.

Het is verboden in de openlucht afvalstoffen te verbranden buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben.

2. Het vijfde lid komt te luiden:

5.

Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1˚ of 3˚, van het Wetboek van Strafrecht of de provinciale omgevingsverordening.

Artikel II 1. 2.

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip dat de Omgevingswet in werking treedt. In afwijking van het eerste lid treden de onderdelen P en Q van artikel I in werking op de dag direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet.

Aldus vastgesteld in de openbare raadvergadering van 14 december 2023

De raad voornoemd

de raadsgriffier

de burgemeester

H.R.E. (Helene) Hofland

P.C. (Pieter) van Maaren

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13582723/1