5. Kadernota 2026-2029.pdf
Tekst van het document
Kadernota 2026-2029
Gemeente Woudenberg
Kadernota 2026-2029
1
Inhoud Pagina Hoofdstukken: 1.
Inleiding
3
2.
Beleidsontwikkelingen
6
3.
Financiële effecten kerntakendiscussie 2024-2025
24
4.
Toelichting dashboard financiële gezondheid 2025 Woudenberg (update)
33
5.
Financiële positie (reserves/weerstandsvermogen)
36
Bijlagen: A.
Dashboard financiële gezondheid 2025 Woudenberg
B.
Kostenontwikkeling Sociaal Domein 2025-2026
C.
Kerntakendiscussie : C.1 Doen Overzicht 4 juni 2025 C.2 Dilemmadiscussie_-_Inwonerspanel C.3 Dilemmadiscussie_-_Toegankelijkheidspanel C.4 Dilemmadiscussie_-_ASD C.5 Dilemmadiscussie_-_gemeenteraad C.6 Zienswijze Kerntakendiscussie ASD C.7 Digitaal advies inwonersgroep C.8 Zienswijze Kerntakendiscussie - OR C.9 Zienswijze Kerntakendiscussie Toegankelijkheidspanel C.10 College reacties op de zienswijze C.11 Niet doen Overzicht 4 juni 2025
Kadernota 2026-2029
2
Hoofdstuk 1. Inleiding 1.1. Algemeen Jaarlijks stelt de gemeenteraad voor de zomer de kadernota voor het daaropvolgende jaar vast. In de kadernota worden de ambities van het gemeentebestuur en nieuwe ontwikkelingen vertaald naar een (financieel) meerjarenperspectief. Leidend daarbij is onder andere het Coalitieakkoord 2022-2026 en het Collegewerkprogramma. Deze kadernota is vooral financieel gericht. Zij geeft de uitgangspunten weer die de basis vormen voor de op te stellen concept begroting die in september aan de gemeenteraad wordt aangeboden. De kadernota is dus ook een compacter stuk dan de begroting, die uitgebreidere beleidsteksten kent.
1.2. Bestuurlijk financieel kader Al een aantal jaar op rij zijn er landelijk vragen over de houdbaarheid van de financiering van gemeenten. Ook de gemeente Woudenberg wordt door deze landelijke discussies geraakt. Naast een terugval in de algemene uitkering, wordt de gemeente ook geraakt door de herverdelingssystematiek van de algemene uitkering. Beide ontwikkelingen zetten de financiën van de gemeente Woudenberg onder druk. Kabinet voorjaarsnota De Voorjaarsnota van het kabinet vormt traditioneel een belangrijk ijkmoment voor het opstellen van het gemeentelijk financieel perspectief. Uit de Voorjaarsnota 2025 blijkt dat het Rijk terughoudend blijft met het structureel toekennen van aanvullende middelen aan gemeenten. Hoewel voor de jaren 2026 en 2027 op enkele punten compensatie wordt geboden, ontstaat er juist voor 2028 en in lichte mate voor 2029 een toename van het structurele tekort. Dit verslechtert het meerjarig beeld en onderstreept de aanhoudende financiële onzekerheid voor gemeenten in de tweede helft van de meerjarenbegroting. VNG (begrotingsadvies) De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft medio mei 2025 haar advies gedeeld over het omgaan met de structurele tekorten en onzekerheden in het gemeentefonds, met name rond de jeugdzorg.
Het advies bevat onder andere de oproep om de begroting voor 2026 en 2027 sluitend te maken en daarbij transparant de effecten van kortingen en bezuinigingen weer te geven. Daarnaast wordt het inzetten van de verwachte incidentele middelen voor jeugd (2023–2024) aangemoedigd om toekomstige tekorten in 2026 en 2027 op te vangen of te investeren in structurele verbeteringen. Voor de jaren 2028 en 2029 adviseert de VNG om, vooruitlopend op het tweede advies van de commissie Van Ark, met stelposten te werken. En om realistisch om te gaan met de verwachte kostenstijging in de jeugdzorg. In hoofdstuk 3 van deze kadernota (Financiële effecten kerntakendiscussie 2024-2025) wordt puntsgewijs toegelicht welke onderdelen van het begrotingsadvies van de VNG worden overgenomen en welke zijn verwerkt in het financiële beeld van 2026-2029. Provinciaal toezicht Eind mei 2025 heeft de provincie Utrecht in een aanvulling op de begrotingscirculaire 2026 aangegeven hoe zij de diverse punten uit de Voorjaarsnota 2025 van het Rijk en het begrotingsadvies VNG beoordelen in het kader van structureel en reëel begrotingsevenwicht. Bij de afronding van deze kadernota moet er nog afstemming plaatsvinden met de provincie over het financiële kader en de uitwerking van de VNG-begrotingsadviezen zoals deze verwerkt zijn in de Kadernota 2026-2029
3
kadernota 2026-2029. Deze gesprekken worden met de provincie gevoerd zodra zij de concept kadernota 2026-2029 hebben kunnen beoordelen. Hun feedback en adviezen over onder andere de verwerkte financiële effecten kerntakendiscussie kunnen nog invloed hebben op de uiteindelijke financiële kaders en worden verder verwerkt in de begroting 2026-2029. De afgelopen jaren heeft de gemeente Woudenberg kunnen rekenen op aanvullende inkomsten voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Hierdoor lieten de jaarrekeningen over 2022, 2023 en 2024 aanzienlijke overschotten zien. Ook de voorjaarsrapportage 2025 toont opnieuw een positief saldo. Dit geeft het college een dubbel gevoel: de inzet op opvang is noodzakelijk en moreel juist, maar het positieve financiële effect voelt wrang gezien de aanleiding. Voor 2026 geldt dat de provincie, als financieel toezichthouder, nadrukkelijk stuurt op een andere inzet van deze incidentele baten. Structurele tekorten mogen niet langer worden gedekt met deze tijdelijke middelen, wat de noodzaak tot structurele keuzes – zoals verankerd in de kerntakendiscussie – onderstreept. Kerntakendiscussie In 2024 is de kerntakendiscussie gestart als reactie op het oplopende meerjarig tekort. Doel is heldere keuzes te maken over welke taken en ambities passen binnen de financiële ruimte van de gemeente Woudenberg.
In een breed participatief traject zijn zeven beleidsdilemma’s besproken met inwoners, de raad en het college. Het conceptpakket aan maatregelen is voorgelegd aan de Adviesraad Sociaal Domein, de inwonerswerkgroep kerntakendiscussie, het toegankelijkheidspanel en de Ondernemingsraad van de gemeente Woudenberg. Hiermee is actief ingezet op een breder participatief proces met transparantie, inclusiviteit en betrokkenheid voorop. Als gevolg is een zorgvuldig en breed gedragen besluitvormingsproces tot stand gebracht, waarin de perspectieven en belangen van diverse betrokken partijen – waaronder inwoners, ervaringsdeskundigen, maatschappelijke adviesorganen en medewerkers – zijn meegenomen. De inbreng van de diverse betrokken partijen is door het college zorgvuldig meegenomen in de overwegingen bij het opstellen van het definitieve pakket aan maatregelen. Het definitieve pakket aan maatregelen is verwerkt in de kadernota. Na besluitvorming door de raad zal verdere uitwerking hiervan volgen bij de begroting 2026-2029.
1.3. Financiële stand van zaken 2026-2029 De meerjarenbegroting 2026-2029 wordt u voor de raadsvergadering van 30 oktober 2025 aangeboden. De onderliggende kadernota heeft ten doel de financiële kaders voor deze begroting te schetsen en u te vragen zich over de hoofdlijnen uit te spreken. De voorstellen in deze nota resulteren in het volgende eindbeeld: Begrotingsresultaten 2025-2028 Mutaties Kadernota 2026-2029 (hoofdstuk 2) Kadernota 2026-2029 (excl. kerntakendiscussie) Totaal ontwikkelingen, ambities & wensen (hoofdstuk 3) Saldo na Ontwikkelingen, Ambities & Wensen Kerntakendiscussie - Maatregelen (hoofdstuk 3) Kadernota 2026-2029 (incl. kerntakendiscussie)
2026 2027 2028 2029 -960.888 -740.566 -550.122 -550.122 210.704 56.847 -392.793 12.207 -750.184 -683.719 -942.915 -537.915 -300.000 -797.000 -1.169.000 -1.391.000 -1.050.184 -1.480.719 -2.111.915 -1.928.915 665.000 1.316.000 1.933.000 1.933.000 -385.184 -164.719 -178.915 4.085 + = begrotingsoverschot - = begrotingstekort
Cijfers kadernota 2026-2029 (excl. Kerntakendiscussie) Kadernota 2026-2029
4
De kadernota exclusief de kerntakendiscussie laat zien dat voor alle begrotingsjaren er een tekort is variërend van € 538.000 tot € 943.000. Bij deze cijfers is alleen voor begrotingsjaar 2026 financieel rekening gehouden met opvang van Oekraïners. De opvang Oekraïners is in 2026 budgettair neutraal verantwoord ( uitgaven gelijk aan de inkomsten). Dit is gedaan om een zuiver beeld te geven van de tekorten over alle begrotingsjaren. Onze toezichthouder provincie Utrecht zal bij de beoordeling van onze begroting financieel ook geen rekening houden met die opvang van Oekraïners aangezien deze uitgaven en inkomsten incidenteel zijn.
Cijfers kadernota 2026-2029 (incl. Kerntakendiscussie) De kadernota inclusief de kerntakendiscussie laat zien dat voor de begrotingsjaren 2026 tot en met 2028 er een tekort is variërend van € 165.000 tot € 385.000 en voor begrotingsjaar 2029 een klein overschot van € 4.000 .
1.4. Sluitende begroting 2026-2029 Onze toezichthouder de provincie Utrecht verlangt van gemeenten een sluitende begroting in het eerste jaar (2026) of in het laatste jaar (2029). Met deze cijfers uit de kadernota 2026-2029 (incl. Kerntakendiscussie) verwachten we daar aan te voldoen. De komend periode wordt met de toezichthouder afgestemd of Woudenberg met de financiële kaders van deze kadernota op de goede weg is om te komen tot een sluitende begroting 2026-2029.
1.5. Inhoud diverse hoofdstukken van de kadernota In hoofdstuk 2 worden de beleidsontwikkelingen zowel inhoudelijk als financieel nader toegelicht. Daarbij is er een aantal beleidsontwikkelingen met een grotere omvang. Zo is in programma 1 – naast diverse kleinere ontwikkelingen – een bedrag van € 1.368.000 aan hogere uitgaven opgenomen ter dekking van de hogere zorgkosten Jeugdzorg, Wmo en Coöperatie de Kleine Schans (zie bijlage B bij deze kadernota voor de achterliggende kostenontwikkeling). Een andere grote ontwikkeling – welke door alle programma’s heen gaat – is de kostenstijging als gevolg van loon- en prijsontwikkelingen. Deze zien we terug in de gemeentelijke organisatie (Cao 2025-2027), bij onze verbonden partijen en in diverse aanbestedingen. We verwachten dat deze ontwikkeling slechts ten dele door het Rijk wordt gecompenseerd. In hoofdstuk 3 wordt het proces en de financiële effecten van de kerntakendiscussie Woudenberg 2024/2025 in beeld gebracht. In hoofdstuk 4 wordt een update gegeven van het dashboard financiële gezondheid 2024 Woudenberg. Met de raad is afgesproken dat minimaal één keer per jaar (bij de kadernota of de begroting) een update plaatsvindt. In hoofdstuk 5 volgt een overzicht van de financiële positie van de gemeente, waarbij de reserves, de voorzieningen, het weerstandsvermogen en de weerstandscapaciteit aan bod komen.
Kadernota 2026-2029
5
Hoofdstuk 2. Beleidsontwikkelingen In dit hoofdstuk worden zowel inhoudelijk als financieel de beleidsontwikkelingen toegelicht.
Programma 1. Samenleving Visie Inwoners doen naar vermogen mee en zien om naar elkaar. Samen met inwoners en maatschappelijke organisaties komt de gemeente tot collectieve en individuele oplossingen voor het activeren van inwoners en het bieden van ondersteuning en zorg. Waarbij het vertrouwen in de mogelijkheden van de inwoners centraal staat.
Ontwikkelingen Sociaal domein Loon- prijsstijging en autonome groei Voor zowel Jeugdwet als Wmo geldt dat wegens indexering (loon- en prijsstijging) de kosten bijgesteld dienen te worden. Daarnaast leiden demografische en maatschappelijke ontwikkelingen in alle leeftijdsgroepen tot een toenemende vraag aan Wmo-voorzieningen. Er is vooral meer vraag naar woningaanpassingen, rolstoelvoorzieningen en vervoersoplossingen. De begroting is op deze onderdelen aangepast. Dezelfde ontwikkelingen leiden ook tot een toenemende vraag aan Jeugdwet-voorzieningen. Voor de Jeugdwet heeft dit geleid tot een bijstelling van € 647.680. Voor Wmo is dit een bijstelling van € 527.272. Dit is een totaal van € 1.174.952. Huishoudelijke hulp/ eigen bijdrage (stelpost) Het kabinet gaat de huidige vaste eigen bijdrage in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) vervangen door een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage (ivb) per 1 januari 2027. Vanaf 1 januari 2027 betekent dit: hoe hoger het inkomen en vermogen, hoe hoger de eigen bijdrage. Zo betalen alleenstaanden met een inkomen tot ongeveer € 24.500 per jaar niet meer dan de minimale bijdrage van € 23,60 per maand. Voor meerpersoonshuishoudens ligt de inkomensgrens op ongeveer € 34.000 per jaar. De eigen bijdrage loopt vanaf dat inkomen op tot maximaal € 328 per maand.
Deze hogere bijdrage geldt voor alleenstaanden met een jaarinkomen vanaf ongeveer € 61.000 en voor meerpersoonshuishoudens met een jaarinkomen vanaf ongeveer € 70.500. Deze bijdrage staat los van de omvang van de beschikking(en). Vanaf 2027 wordt stapsgewijs aan inkomsten € 20.000 meegenomen oplopend naar € 60.000 in 2029. Subsidie Coöperatie De Kleine Schans Zoals elk jaar heeft Coöperatie de Kleine Schans de subsidieaanvraag voor het komende jaar ingediend. Als gevolg van de salarisstijging conform cao wordt in deze begroting een hoger budget voor personeelskosten aangevraagd. Naast de lonen stijgen ook de overige kosten bedrijfsvoering. Voor 2026 wordt een hogere subsidie aangevraagd van € 192.920. GGDrU De gemeentelijke bijdrage voor de GGDrU wordt structureel verhoogd met € 63.610 op basis van de ontwerpbegroting 2026. Kadernota 2026-2029
6
Hoewel er geen inhoudelijke wijzigingen zijn, heeft de kaderbrief van de GGDrU wel financiële consequenties voor de gemeentelijke begroting. Voor de gemeente Woudenberg verandert de gemeentelijke bijdrage door indexatie. Daarnaast dragen de jaarlijkse loon- en prijsstijgingen bij aan de kosten, evenals de verhoging van de kind- en inwonersbijdragen als gevolg van de groei van de gemeente. Deze kosten nemen jaarlijks toe. Bibliotheek Voor 2025 en 2026 ontvangt de gemeente, via het gemeentefonds, een decentralisatie-uitkering voor openbare bibliotheken van € 100.000. Deze uitkering is bedoeld voor het versterken van het bibliotheekwerk. Minimabeleid Door een toename van het aantal bijstandsgerechtigden verwachten we dat de kosten minimaregelingen vanaf 2026 zullen stijgen met € 17.000. Kosten re-integratie De toename van het aantal bijstandsgerechtigden vraagt ook om meer inzet van reintegratietrajecten. Daarnaast leiden loon- en prijsstijgingen tot hogere kosten van trajecten. Hierom is er een verhoging nodig van het re-integratiebudget te hoogte van € 40.000. Opvang Oekraïne We gaan er vanuit dat het rijk vanaf 1 januari 2026 minimaal één jaar het normbedrag garandeert voor het aantal opvangplekken dat op dit moment wordt geleverd door Woudenberg. Voorzichtigheidshalve komt dit neer op een bedrag van € 4.500.000.
Op basis van ervaringscijfers verwachten we € 2.636.000 aan kosten maken voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen voor 2026. In dit bedrag zijn ook de loonkosten opgenomen van het vakteam Oekraïne op het gemeentehuis. Conform de begrotingsuitgangspunten 2026 van onze toezichthouder de provincie Utrecht wordt het verschil ad. € 1.864.000 toegevoegd aan de algemene reserve. Stichting Beheer Sportpark De Grift Stichting Beheer Sportpark De Grift heeft een overeenkomst met de gemeente die loopt tot en met 2025. Vanaf 2026 zal er een nieuwe overeenkomst van kracht zijn. Momenteel wordt er door een bureau een nulmeting uitgevoerd om de benodigde investering voor de komende jaren in kaart te brengen. Er wordt rekening gehouden met een stijging door indexering en verhoogde materiaalkosten. De mogelijke financiële consequenties zullen worden meegenomen in de Begroting 2026-2029. Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 1 ten opzichte van de begroting 2025-2028 bedragen € 12.000 vanaf 2026. Dit betreft: Indexering bijdrage binnen- en buitensport Indexering huur zalen gymnastiekonderwijs
Kadernota 2026-2029
7
Financiële wijzigingen in programma 1 Programma 1. Samenleving Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgett en programma 1 (Samenleving) Jeugd WMO Huishoudelijke hulp/ eigen bijdrage (stelpost) Subsidie CDKS Gemeentelijke bijdrage GGDrU Bibliotheek Minimabeleid Re-integratie Rijksvergoeding opvang Oekraïne Uitgaven opvang Oekraïne Overschot exploitatie opvang Oekraïne voorlopig naar reserve Overige (kleine) posten Totaal
2026 -647.680 -527.272 -192.920 -63.610 -100.000 -17.000 -40.000 4.500.000 -2.636.000 -1.864.000 -12.000 -1.600.482
2027 -647.680 -527.272 20.000 -192.920 -63.610 -17.000 -40.000 -12.000 -1.480.482
2028 2029 -647.680 -647.680 -527.272 -527.272 40.000 60.000 -192.920 -192.920 -63.610 -63.610 -17.000 -17.000 -40.000 -40.000 -12.000 -12.000 -1.460.482 -1.440.482
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2026-2029
8
Programma 2. Leefomgeving Visie Inwoners en ondernemers voelen zich thuis en participeren in een veilige leefomgeving. Een ruimte waar een ieder vrij in kan bewegen, die ook beleefd en gevoeld wordt als gemeenschappelijk, als openbaar, als van ons allen.
Ontwikkelingen Grafdelven (uitbesteden) Om de continuïteit te kunnen waarborgen wordt voorgesteld het grafdelven in z’n geheel uit te besteden aan derden. De kosten voor het uitbesteden worden jaarlijks geraamd op € 16.000. Tegenover de extra kosten staat een bedrag van € 8.000 aan lagere personeelskosten. Op jaarbasis is 200 uur minder capaciteit nodig bij de buitendienst aangezien deze werkzaamheden komen te vervallen. Afval Beleidsherijking 2026 en verder Het in februari 2024 door het college vastgestelde Uitwerkingsplan Grondstoffenbeleid 2024-2025 (gedeeld met de raad in maart 2024) geeft aan via welke maatregelen de gemeente haar doelstellingen – zoals afvalpreventie en verbetering van kwaliteit van ingezamelde grondstoffen – tracht te bereiken. Omdat het huidige beleidsplan aan herijking toe is, is vastgelegd dat de gemeente de evaluatie van het huidige beleid en de beschrijving van het nieuwe beleid na de raadsverkiezingen in de tweede helft van 2026 met de nieuwe gemeenteraad oppakt. De herijking is belangrijk, omdat de gemeente Woudenberg al eerder Diftar heeft ingevoerd en het bespaarpotentieel van de huidige Diftar-aanpak, ook uitgaande van dezelfde Diftar-tarieven, grotendeels al benut is. In het na de raadsverkiezingen geplande traject zullen eventueel nog niet benutte opties verkend worden.
Hierbij kunnen maatregelen overwogen worden om de hoeveelheid te verbranden restafval verder terug te dringen door afvalpreventie en verdergaande scheiding in grondstoffen. Ontwikkelingen In de laatste 10 jaar is er vanuit de overheid een beweging op gang gekomen om de Nederlandse economie te transformeren van een wegwerp-economie naar een circulaire economie. Dit doel, gedreven vanuit een op termijn te verwachten grondstoffen schaarste, betekent dat Nederland haar economie wilt laten draaien zonder dat eenmaal gewonnen grondstoffen vernietigd worden. Het vraagt van de gemeente en haar partners een integrale aanpak van afvalpreventie, inzameling van kwalitatief goede grondstoffen en zo min mogelijk te verbranden restafval en regie op hoogwaardige verwerking/recycling. Europese wetgeving vraagt van producenten dat ze verantwoordelijk blijven voor de producten die zij op de markt hebben gezet, ook nadat de producten zijn gebruikt. Dit maakt dat producenten de verplichting hebben om zorg te dragen dat producten langdurig gebruikt kunnen worden, repareerbaar zijn en, na afdanking, op een goede manier ingezameld en verwerkt kunnen worden. Door deze wetgeving krijgen de producenten direct belang bij en invloed op de zorgplicht van gemeenten.
Producentenorganisaties en publieke spelers zullen gezamenlijk vorm en inhoud moeten geven aan de circulaire doelstellingen én aan producenten-verantwoordelijkheid. In vervolg op de opzegging van de Ketenovereenkomst Verpakkingen tussen de VNG en de producentenorganisatie Verpact medio 2025 wordt nu hard gewerkt aan de totstandkoming van een nieuwe overeenkomst. Verwacht wordt dat de nieuwe overeenkomst in de loop van 2025 aan de gemeenten ter accordering wordt voorgelegd. De gemeenten trachten te komen tot het vergroten van de circulariteit van vergoedingenstructuur, die inspanningen vergoedt en kwaliteit beloont. Kadernota 2026-2029
9
Kostentoename en inkomstenderving Er zijn diverse ontwikkelingen, waardoor de kosten de komende jaren gaan toenemen: A. De recyclingbedrijven komen verder onder druk te staan. Dure energie, hoge loonkosten en fors afnemende afzetmogelijkheden voornamelijk door goedkope grondstoffen en producten uit China en India, leiden hiertoe. De Europese markt van afgedankt textiel stagneert. Fast-fashion uit Azië verdringt het kwalitatief hoogwaardigere textiel, waardoor de kwaliteit van het Europese ingezamelde afgedankte textiel afneemt en Europa dit ingezamelde textiel ook niet meer op markten buiten Europa kan afzetten. Ook de Europese markt voor ingezameld plastic stagneert. Zolang de kosten van nieuw geproduceerd plastic lager zijn dan de kosten van gerecycled plastic, komt de recycling hiervan onvoldoende tot stand. De inkomsten van deze en ook andere ingezamelde grondstoffen staan onder druk. B. De kwaliteit van de ingezamelde grondstoffen PMD en GFT blijft aandacht vragen. Daarom gaan we ook de komende periode door met de uitvoering van controles op de kwaliteit van PMD en starten we met de uitvoering van controles van GFT. Dit vraagt extra inzet van diverse betrokkenen, waarbij verbetering niet van vandaag op morgen gerealiseerd zal zijn. De verwachting is dat de inzet op verbetering kwaliteit er aan bij draagt dat de kosten minder stijgen dan wanneer hier niet op ingezet wordt.
Financieel gezien zal dus eerder sprake zijn van minder meerkosten dan van verlaging van kosten. C. Vanaf 2026 wordt er rekening mee gehouden dat, naast de afvalstoffenbelasting, een te betalen CO2-heffing per verbrande ton restafval geldt. Deze CO2-heffing loopt na 2026 naar verwachting verder op. Daardoor loopt het tarief per ton te verbranden restafval ook verder op:
Contractueel zijn door de AVU eisen voor wat betreft de CO2-afvang vastgelegd, waardoor wordt uitgegaan van de verwachte CO2-heffing bij uitstootbeperkende maatregelen. Bedrag loopt op van minimaal € 4.400 in 2026 naar minimaal € 40.700 in 2030. D. De lachgasproblematiek speelt naar verwachting ook in 2026 en verder. Sinds het lachgasverbod per 1 januari 2023, treft de sector lachgascilinders aan in de openbare ruimte, op de milieustraat en in het restafval. De jaarlijkse kosten voor verwijdering uit de openbare ruimte en van milieustraten vallen toe aan gemeenten. Ook de kosten voor verwijdering uit het restafval komen bij gemeenten op het bord. AVU adviseert hiervoor rekening te houden met een bedrag van € 25 per ton te verwerken (grof) huishoudelijk restafval. Bij een geraamd tonnage van 1.180 ton restafval en 40 ton grof huishoudelijk afval (uit: ontwerpbegroting 2026 AVU) is hiervoor in 2026 een bedrag van 1.220 ton x € 25 = € 30.500 nodig. Ook voor de jaren daarna dient met een dergelijk (te indexeren) bedrag rekening gehouden te worden. E. Vervanging toegangspassen milieubrengstation: De huidige toegangspassen hebben niet (meer) de functie om geregistreerd en gecontroleerd toegang te verlenen. De voorbereidingen zijn gestart om te komen tot een voorstel tot vervanging van de huidige toegangspassen door ROVA toegangspassen.
Na invoering is de toegang voor inwoners geregistreerd en daarmee gecontroleerd. Indien mogelijk worden in dit voorstel eventuele andere verbeteringen, die tegelijk met de werkzaamheden meegenomen kunnen worden,
Kadernota 2026-2029
10
opgenomen. Het streven is om de financiële consequenties op te nemen in de ontwerpbegroting 2026. Via ROVA wordt vanaf 2024 voorloopcontroles gedaan om vervuiling in het aangeboden PMD van mini-containers te verminderen en de vervuiling van GFT in minicontainers te monitoren. De jaarlijkse extra kosten bedragen € 17.000. De kosten voor 2025 worden ten laste gebracht van de egalisatievoorziening afval. Voor 2026 en verder worden de kosten gedekt via aanpassing van de afvaltarieven. Stijging tarieven afval vanaf 2026 Vanaf 2024 lopen de kosten afval op door loon- en prijsstijgingen. De verwachting is dat de voorziening egalisatie afvalstoffenheffing stapsgewijs zal dalen naar € 150.000. Gezien de stijgende kosten en alle ontwikkelingen, zoals bovenstaand is vermeld, zal de komende jaren de tarieven voor afvalstoffenheffing stijgen aangezien dekking via de voorziening afvalstoffenheffing dan niet meer mogelijk is. We verwachten in 2026 de extra kosten deels nog ten laste te kunnen brengen van de egalisatievoorziening en deels te dekken via aanpassing van de afvaltarieven. Waarschijnlijk zal vanaf 2027 de extra kosten volledig gedekt moeten worden via aanpassing van de afvaltarieven. Aan kosten en opbrengsten afval wordt in deze kadernota € 114.000 meegenomen. Dat is ongeveer € 20 per huishouden (5.700 huishoudens x € 20).
Afboeken deel investering verkeersmaatregelen Europaweg- Stationsweg West In de raad van januari 2025 is besloten een nieuw krediet van € 550.000 beschikbaar te stellen voor de herinrichting van de rotonde Europaweg – Stationsweg West. De nieuwe investering is een relevante aanpassing op de in 2023 afgeronde investering ”Verkeersmaatregelen Europaweg/Stationsweg-West” van circa € 900.000 (excl. subsidie). Aangezien de investering van 2023 opnieuw wordt ingericht, dient deze investering deels versneld te moeten worden afgeschreven volgens de financiële regelgeving. Besloten is € 325.000 versneld af te schrijven van de investering van € 900.000. Het versneld afschrijven gaat in zodra de nieuwe herinrichting is afgerond (planning 2026). De versnelde afschrijving in 2026 ad. € 325.000 zijn eenmalige kosten die worden gedekt via eenmalige uitname uit de algemene reserve. Opbrengst begrafenisrechten Op basis van de ervaringscijfers 2022-2024 kan de opbrengst begrafenisrechten structureel met € 10.000 verhoogd worden. Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 2 ten opzichte van de begroting 2025-2028 bedragen € 5.625 vanaf 2026. Dit betreft: Kapitaallasten rotonde Europaweg (raadsbesluit jan 2025)
Kadernota 2026-2029
11
Financiële wijzigingen in programma 2 Programma 2. Leefomgeving Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgett en programma 2 (Leefomgeving) Uitbesteden grafdelven Afval (uitgaven) Afval (inkomsten) Afboeken deel investering verkeersmaatregelen Europaweg - Stationsweg Begrafenisrechten Overige (kleine) posten Totaal
2026 -16.000 -114.000 114.000 -325.000 10.000 -5.625 -336.625
2027 -16.000 -114.000 114.000 10.000 -5.625 -11.625
2028 -16.000 -114.000 114.000 10.000 -5.625 -11.625
2029 -16.000 -114.000 114.000 10.000 -5.625 -11.625
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2026-2029
12
Programma 3. Veiligheid Visie Woudenberg is een gemeente waarin inwoners zich veilig voelen, weerbaar zijn, omzien naar elkaar en waar respect de basisnorm is. En waarin overlast en (ondermijnende) criminaliteit een uitzondering zijn en integraal worden aangepakt.
Ontwikkelingen Fysieke veiligheid Een belangrijke partner die een bijdrage levert aan een veilige fysieke leefomgeving is de Veiligheidsregio Utrecht (VRU). Samen met VRU wordt de brandweerzorg in Woudenberg en de crisisbeheersing georganiseerd, en verder organiseert de VRU advies en toezicht bij de leefomgeving t.a.v. brandveiligheid. In 2025 wordt besluitvorming voorbereid op drie belangrijke ontwikkelingen bij de VRU: de toekomstscenario’s, het dekkingsplan en de visie op de huisvesting. In deze toekomstscenario’s worden verschillende bestuurlijke keuzes gemaakt t.a.v. besparingen en investeringen. Er komen vijf scenario’s: -3% krimp scenario, een nullijn scenario en drie scenario’s met investeringen (op orde, op koers en op kop). De bestuurlijke keuze voor één van de scenario’s en de financiële gevolgen hiervan zullen als zienswijze aan de raad worden voorgelegd eind 2025/2026. Gelijk met de keuze voor een toekomstscenario zullen ook keuzes in de huisvesting en dekkingsplan voorgelegd worden. Bij de huisvesting gaat het om keuzes waarbij de huisvesting in toenemende mate samen - met alle 26 gemeentes - gedragen wordt. De huisvesting van de brandweerpost wordt nu door gemeente ingericht, onderhouden en bekostigd. Deze keuzes hebben gevolgen voor de ontwikkelingen en projecten bij de VRU en de geldelijke bijdrage voor de gemeente vanaf 2026 en verder.
Niet alleen groeit Woudenberg en de regio, ook veranderen de risico’s. In eerdere kadernota’s en begrotingen is aangegeven dat de crises langduriger en complexer worden, zoals de coronacrisis. In 2025 zijn er echter ook nieuwe risico’s explicieter geworden: netcongestie en hierdoor mogelijk langdurige grootschalige stroomuitval, de gevolgen van extreem weer door klimaatverandering, zoals natuurbranden door droogte, militair hybride dreigingen door geopolitieke spanningen. Deze risico’s nopen tot het versterken van de veerkracht en weerbaarheid van de samenleving en Woudenberg. Integraal Veiligheidsplan basisteam Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg 2024-2027 Sinds 2024 hebben we al gemeente Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg (ZBLW) de handen ineen geslagen met Openbaar Ministerie en politie en met onze inwoners als partner. Ook in 2026 is het streven weer een leefbare en veilige samenleving. Een veilige samenleving is veelomvattend. Het gaat van minder huiselijk geweld tot aan minder inbraken en het tegengaan van cybercrime. Van 2024 tot en met 2027 zijn dit de speerpunten: Georganiseerde ondermijnende (drugs) criminaliteit inclusief mensenhandel Het doel bij dit speerpunt: Samen met professionals en inwoners signaleren, voorkomen en bestrijden van de onzichtbare criminaliteit die het gezag ondermijnt en het vertrouwen van Kadernota 2026-2029
13
de samenleving in de autoriteiten aantast. De gemeenten ZBLW maakt haar inwoners weerbaarder tegen ondermijnende criminaliteit.
Digitale veiligheid en cybercriminaliteit Het doel bij dit speerpunt: Inwoners in ZBLW weerbaar maken tegen digitale veiligheid en cybercriminaliteit.
Maatschappelijke onrust en maatschappelijke verbinding Het doel bij dit speerpunt: Een wendbare en stabiele samenleving in vrijheid en verbondenheid.
Zorg en veiligheid Het doel bij dit speerpunt: Een goede onderlinge verbinding tussen het zorgdomein en het veiligheidsdomein. We kennen elkaars aanpak, we maken afspraken en leren van casuïstiek en leggen lokaal en bovenlokaal benodigde verbindingen.
Uitvoeringsplan basisteam Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg 2026-2027 Op dit moment zijn de gemeenten ZBLW nog bezig met het schrijven van het uitvoeringsplan (bijhorend bij het integraal veiligheidsplan) voor 2026-2027. Het uitvoeringsplan 2026-2027 is nog in concept en moet dus nog vastgesteld worden. Wel kan er al benoemd worden dat in het uitvoeringsplan weer ingegaan wordt op de vier speerpunten, die ook hierboven benoemd zijn. Het weerbaarder maken van jeugd 8-12 jaar, jeugd 12-25 jaar en senioren tegen cybercriminaliteit komt terug. In 2025 is in ZBLW de pilot ‘doorontwikkeling cyberbeeld’ gestart. Met ketenpartners willen we meer inzicht krijgen in gedrag van daders en slachtoffers door aangifte- en meldingsbereidheid te vergroten. Op basis van voornoemde inzichten kan de aanpak van cybercrime verder doorontwikkeld worden. Een fenomeen wat steeds vaker voorbij komt is ondermijning in de zorg. De ZBLW gemeenten willen dan ook investeren in de awareness op dit thema. Specifieke acties voor 2026 gaan nog vastgesteld worden. Meldingsbereidheid vergroten Ook in 2026 blijft de meldingsbereidheid vergroten een doel voor de gemeente Woudenberg. Sinds september 2023 is gemeente Woudenberg aangesloten bij Meld Misdaad Anoniem.
Daarnaast blijven acties ondernomen worden als: proactieve communicatie over veiligheidsproblemen, betere communicatie over waar en hoe meldingen gedaan kunnen worden en het interactief samenwerken tussen gemeente en politie. Bijdrage Veiligheidsregio Utrecht In de ontwerpbegroting 2026 is rekening gehouden met een stijging van de rijksbijdrage vanwege loon- en prijsstijgingen. Deze stijging van de rijksbijdrage wordt ingezet om de stijging van de kosten van de VRU op te vangen. De stijging ad. € 38.000 wordt veroorzaakt door de aanpassing van de ijkscores 2025, loon- en prijsstijgingen 2025 en 2026 en ontwikkeling brandweerzorg 2026. De bijdrage van Woudenberg aan de VRU is voor 2026 en verder begroot op € 940.000. De hogere bijdrage van de gemeente Woudenberg voor de komende jaren is als volgt: Bijdrage VRU gemeente Woudenberg Reeds begroot Bi js tel li ng ontwerpbegroti ng 2026
Totaal gemeentelijke bijdrage Woudenberg
Kadernota 2026-2029
2026 902.000 38.000 940.000
2027 902.000 38.000 940.000
2028 902.000 38.000 940.000
2029 902.000 38.000 940.000
14
Dierenwelzijn Vanaf 2025 is de post dierenwelzijn afgesplitst van de post crisisbeheersing om zo inzicht te geven in dit budget. In de begroting 2025-2028 is het budget voor dierenwelzijn verhoogd naar € 9.000 op jaarbasis. Het bedrag van € 9.000 is gebaseerd op de ervaringscijfers over de jaren 2021-2023. Bij het opstellen van de jaarrekening 2024 is een inschatting gemaakt van de verwachte kosten dierenwelzijn voor 2024 aangezien er nog geen afrekening is binnengekomen over het 2 e halfjaar. De verwachting is dat het structurele budget van € 9.000 de komende jaren niet voldoende is. Dit komt door prijsstijgingen in de afgelopen jaren. De twee grootste contracten (dierenambulance Woudenberg e.o. en dierentehuis Zeist) in deze post zijn al jaren niet geïndexeerd. Zodra de afrekening 2024 binnen is wordt bekeken of structurele verhoging vanaf 2025 noodzakelijk is. Dit wordt dan meegenomen bij de begroting 2026-2029. Overige (kleine) posten Geen.
Financiële wijzigingen in programma 3 Programma 3. Veiligheid Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgett en programma 3 (Veiligheid) Bijdrage aan de VRU Overige (kleine) posten Totaal
2026 -38.000 -38.000
2027 -38.000 -38.000
2028 -38.000 -38.000
2029 -38.000 -38.000
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2026-2029
15
Programma 4. Ruimte, wonen en ondernemen Visie Een vitaal Woudenberg met ruimte voor wonen, werken en samenleven.
Ontwikkelingen Wonen Omdat in 2025 de huisvestingsverordening wordt geactualiseerd, naar aanleiding van regionaal gemaakte afspraken en toezeggingen, hoeft dit niet meer in 2026 gedaan te worden wanneer de huidige verordening initieel zou aflopen. Hiervoor waren geen budgetten/investeringen gereserveerd, maar door het naar voren halen van werkzaamheden, kan dit wel iets betekenen voor de overige werkzaamheden in 2025 en 2026. Concreet is hier in 2025 geen capaciteit voor geraamd, waardoor dit mogelijk met inhuur moet worden opgelost. Dit zou dan ten koste kunnen gaan van het beschikbare budget van 2026. In 2026 gaat de Wet versterking regie volkshuisvesting naar verwachting in. Dit betekent dat er vanuit Wonen en WoonZorg toegewerkt moet worden tot o.a. een gezamenlijk en integraal volkshuisvestingsprogramma. Dit staat momenteel nog niet opgenomen in de beoogde budgetten en investeringen. Dit volkshuisvestingsprogramma gaat de woonvisie en de woonzorgvisie vervangen. In 2027 staat momenteel de actualisatie van de Woonvisie 2024-2032 op de planning. In het verlengde van het vorige punt, naar verwachting opstellen volkshuisvestingsprogramma in 2026, of deze werkzaamheden plaats gaan vinden. Duurzaamheid De ontwikkelingen o.g.v. duurzaamheid zijn: - Warmteprogramma: in 2026 wordt deze vastgesteld.
Hierin is een planning opgenomen welke warmteoplossingen in welke wijken van toepassing zijn. Hier wordt d.m.v. wijkuitvoeringsplannen op ingezet. - Netcongestie: heeft invloed op de gehele energietransitie (zowel opwek als warmte) - Onderzoeken haalbaarheid beschikbare warmtebronnen in de gemeente - Onderzoeken mogelijkheden energiehubs - Inzet op circulair gebruik materialen De uitvoering van het duurzaamheidsprogramma wordt grotendeels uitgevoerd met subsidies en SPUK-gelden. Daarnaast worden onderzoeken e.d. veelal bekostigt uit de bestemmingsreserve. Twee keer per jaar wordt een actueel overzicht gegeven van de uitputting van de reserve. Een actueel overzicht van de reserve duurzaamheid is terug te vinden in hoofdstuk 5 Financiële positie van deze kadernota. RUD De RUD en ODRU worden per 1 januari 2026 samengevoegd tot één omgevingsdienst Utrecht. De voorbereidingen om te komen tot één omgevingsdienst Utrecht zijn in volle gang. Recent zijn aan het gezamenlijk algemeen bestuur de financiële uitgangspunten voorgelegd die zullen worden gebruikt bij de jaarrekeningen 2025 en de begrotingen 2026 van de latende organisaties.
Kadernota 2026-2029
16
De Ontwerpbegroting 2026 ODU wordt na het zomerreces 2025 voor zienswijzen aangeboden aan de raden en staten. Zolang er nog geen ontwerpbegroting 2026 ODU is gaan we ervan uit dat de reeds geraamde gemeentelijke bijdrage van Woudenberg ad. € 458.000 voor 2026 en volgende jaren voldoende is. Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 4 ten opzichte van de begroting 2024-2028 bedragen € 1.500 vanaf 2026. Dit betreft: Bijdrage pakket routes en paden en Routebureau (indexering)
Financiële wijzigingen in programma 4 Programma 4. Ruimte, wonen en ondernemen Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgett en programma 4 (Ruimte, wonen en ondernemen) Bijdrage RUD Overige (kleine) posten Totaal
2026 -1.500 -1.500
2027 -1.500 -1.500
2028 -1.500 -1.500
2029 -1.500 -1.500
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2026-2029
17
Programma 5. Dienstverlening Visie Inwoners, ondernemers en organisaties ervaren de gemeente Woudenberg als dienstverlener en partner. Ontwikkelingen ICT Indexering 2025 en aanschaf ID burger Het budget voor software en licentiekosten wordt jaarlijks geïndexeerd als gevolg van de loon- en prijsstijgingen. Voor 2025 is een indexering van 5 % meegenomen. De ICT kosten stijgen door de indexering met € 23.500. Nieuwe DVO (Dienstverleningsovereenkomst) met de gemeente Veenendaal Gemeente Veenendaal is onze huidige leverancier voor ICT-diensten. De overeenkomst die we momenteel hebben (DVO) is niet meer up-to-date. Vooral maatregelen met betrekking tot het beheer van werkplekken, het Service Level Agreement (SLA) en de toenemende eisen op het gebied van informatieveiligheid vereisen meer maatregelen. We zijn in gesprek met de gemeente Veenendaal over de huidige DVO. Over de ICT kosten wordt op dit moment een benchmark uitgevoerd. De meerkosten die de gemeente Veenendaal toerekent aan Woudenberg zijn geraamd op € 180.000. In afwachting van de nog af te sluiten DVO wordt het berekende extra bedrag voorlopig al wel financieel verwerkt in deze voorjaarsrapportage en de kadernota 2026-2029. In de begroting 2025-2028 was al structureel € 40.000 meegenomen. Per saldo dient het ICT budget voor de komende jaren nog met € 140.000 verhoogd te worden.
Inhuur derden/ Opbrengsten leges paspoorten Voor de piek aan uitgifte paspoorten in de jaren 2024 t/m 2028 zijn extra budgetten geraamd. Aan de uitgaven kant € 40.000 voor personeelslasten en aan de inkomsten kant € 40.000 voor opbrengst leges paspoorten. Vanaf 2029 vervalt de piek aan uitgifte paspoorten. In 2029 worden de budgetten voor personeelslasten en opbrengst leges paspoorten structureel naar beneden gesteld met € 40.000. Archiefkosten (bijdrage archief Eemland) De verhoging van de gemeentelijke bijdrage aan Archief Eemland wordt stapsgewijs ingevoerd. In de begroting 2025-2028 is rekening gehouden met een structurele stijging vanaf 2025. Voor 2026 valt de bijdrage € 25.000 lager uit. Cao personeel (raming 2026) De huidige Cao loopt tot en met 31 maart 2025. In april 2025 is een nieuwe Cao overeengekomen voor de periode 1 april 2025 tot en met 31 maart 2027. Deze nieuwe Cao wordt in juni 2025 definitief. De loonstijging voor de periode van 2 jaar wordt in vijf stappen doorgevoerd. De loongroei voor de hogere salarisschalen is 7 % en voor de lagere salarisschalen 8,5 %. Voor 2025 is reeds rekening gehouden met een loonstijging van 4,4 %. Voor 2026 en volgende jaren wordt een extra bedrag aan salariskosten geraamd van:
Kadernota 2026-2029
18
Raming salariskosten a.g.v. nieuwe Cao 2025-2027 Geschatte hogere salariskosten a.g.v. nieuwe Cao Reeds geraamd aan hogere salariskosten in begroting 2025-2028 Nog bij te ramen in de Kadernota 2026-2029
2026 2027 2028 2029 449.464 640.462 640.462 640.462 -346.650 -346.650 -346.650 -346.650 102.814 293.812 293.812 293.812
Raadsvergoedingen (indexatie) Als gevolg van het doorberekenen van de indexatie van de cao-lonen stijgen de raadsvergoedingen vanaf 2025 met 7,3 %. Voor 2026 wordt rekening gehouden met een stijging van 3 %. De raadsvergoedingen stijgen hierdoor structureel met € 21.250. Raadsvergoedingen (aanpassing rechtspositie/ raadsbesluit maart 2025) Op grond van rechtspositiebesluit politieke ambtsdragers is onlangs besloten per jaar een bedrag toe te kennen waarmee een raadslid voorzieningen kan treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden. Het gaat om een bedrag ter hoogte van een het bedrag van de vergoeding van de werkzaamheden voor één maand. De raadsvergoedingen stijgen hierdoor structureel met € 25.300. Kapitaallasten groot onderhoud en renovatie gemeentehuis (raadsbesluit april 2025) Voor het groot onderhoud en renovatie van het gemeentehuis is in de raad van april 2025 een aanvullend investeringskrediet van € 446.810 beschikbaar gesteld. Een groot deel van dit investeringskrediet wordt in 25 jaar afgeschreven. De jaarlijkse hogere kapitaallasten hiervan bedragen € 10.360. Kosten BGT (Basisregistratie Grootschalige Topografie Kosten landmeetkundige inwinning en mutatiesignalering stijgen door loon- en prijsstijgingen. Daarnaast verwachten we stijging van de kosten deel BGT wat is uitbesteed aan de gemeente Veenendaal door indexering.
De kosten BGT zullen naar verwachting structureel stijgen met € 11.500. Wet open overheid (Woo) De Woo verplicht overheden om in 17 informatiecategorieën actief informatie openbaar te maken. Deze wettelijke verplichting wordt gefaseerd ingevoerd: vanaf 1-11-2024 geldt deze voor de informatiecategorieën ‘Organisatie en werkwijze’ en ‘Bereikbaarheidsgegevens’. De gemeente Woudenberg voldoet aan deze wettelijke verplichting. De invoering van de tweede fase van informatiecategorieën is voorlopig uitgesteld omdat er vanuit het Rijk gewerkt aan aanvullende technische voorzieningen voor publicatie voor documenten. De werkdefinities van alle 17 informatiecategorieën zijn inmiddels vastgesteld door het ministerie van BZK. Samen met DIV worden aan de hand van deze werkdefinities de documenten in 17 informatiecategorieën geïnventariseerd. Naar verwachting zal dit project in mei/juni 2025 zijn afgerond. Door de plicht tot actieve openbaarmaking moet onze organisatie meer ‘Woo-bewust’ gemaakt worden. Daarom is in het kader van een afstudeerproject een 4 e jaar Hbo-student in januari 2025 begonnen met een onderzoek naar het huidige kennisniveau van onze organisatie over de Woo. Op basis van dit onderzoek zal deze student vervolgens een communicatieactieplan opstellen en eerste aanzet/aanbevelingen geven voor de uitvoering daarvan.
Een eigen publicatieplatform (themawebsite) is nodig om aan de wettelijke verplichting van actieve openbaarmaking te kunnen voldoen. Momenteel worden de mogelijkheden onderzocht en worden gesprekken gevoerd met leveranciers. Hierbij is ook aandacht voor de juiste archivering van Kadernota 2026-2029
19
documenten in het kader van de Archiefwet en de samenhang met de Omgevingswet (digitale ter inzagelegging). Verder moet er rekening worden gehouden met de wettelijke voorschriften voor duurzaamheid en participatie (voorzieningen voor o.a. gebruikers met een visuele beperking). Naar verwachting zal het komende jaar een deel van het budget worden ingezet voor de bouw van een themawebsite en eventueel voor het onderhoud en beheer van de themawebsite (mogelijke inzet van fte of inhuur daarvoor). Overige (kleine) posten De overige kleine verschillen in programma 5 ten opzichte van de begroting 2025-2028 bedragen € 24.450 vanaf 2026. Dit betreffen: Bijdrage IBMN (indexering) Belastingsamenwerking GBLT (indexering) Verschuiving salariskosten naar begraafplaats (grafdelven wordt uitbesteed) Vervallen opbrengsten invordering belastingen (invordering loopt via GBLT) Kosten rekenkamer (indexering en toename inwoners) Kosten BAG (indexering DVO Veenendaal) Contributie VNG (indexering en toename inwoners)
Financiële wijzigingen in programma 5 Programma 5. Dienstverlening Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 5 (Dienstverlening) ICT (software en licentiekosten) ICT samenwerking Inhuur derden (team Burgerzaken) Opbrengsten paspoorten Archiefkosten (kosten archief Eemland) Cao personeel (raming 2026) Vergoeding raadsleden (indexering 2025/2026) Vergoeding raadsleden (aanpassing rechtspositie) Huisvestingskosten (kapitaallasten renovatie gemeentehuis) Kosten BGT (Basisregistratie Grootschalige Topografie) Overige (kleine) posten Totaal
2026 -23.500 -140.000 25.000 -102.814 -21.250 -25.300 -10.360 -11.500 -24.450 -334.174
2027 -23.500 -140.000 -293.812 -21.250 -25.300 -10.360 -11.500 -24.450 -550.172
2028 -23.500 -140.000 -293.812 -21.250 -25.300 -10.360 -11.500 -24.450 -550.172
2029 -23.500 -140.000 40.000 -40.000 -293.812 -21.250 -25.300 -10.360 -11.500 -24.450 -550.172
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2026-2029
20
Algemene dekkingsmiddelen Algemene uitkering De berekening van de algemene uitkering is gebaseerd op de septembercirculaire 2024 en de decembercirculaire 2024 en een inschatting van de meicirculaire 2025. In deze kadernota is een inschatting van de meicirculaire 2024 verwerkt in de verwachte begrotingsresultaten omdat anders het financiële beeld onevenredig zwaar belast wordt terwijl de praktijk van de afgelopen jaren leert dat compensatie reëel is. De inschatting van de meicirculaire 2025 brengt daarmee ook risico’s met zich mee omdat het een inschatting betreft. Dit risico is verwerkt bij de programmarisico’s in hoofdstuk 5 (onderdeel Weerstandsvermogen) van deze kadernota. Algemene uitkering (septembercirculaire 2024) De mutaties in de algemene uitkering naar aanleiding van de septembercirculaire 2024 zijn als volgt voor de jaren 2026-2029: Mutaties algemene uitkering (septembercirculaire 2024) Algemeen (accres) Wet Betaalbare huur (programma 4) Openbare bilbiotheek (programma 1) Participatie (programma 1) Totaal
2026 236.810 9.311 100.000 4.566 350.687
2027 191.776 652 0 4.679 197.107
2028 142.136 -1.481 0 4.777 145.432
2029 142.136 -1.481 0 4.777 145.432
Algemene uitkering inschatting meicirculaire 2025 De verwachting is dat het gemeentefonds in de meicirculaire 2025 meer duidelijkheid zal geven aan gemeenten over compensatie 2025 en volgende jaren vanwege de hoge loon- en prijsstijgingen. Onze externe ondersteuner bij de berekening van de algemene uitkering heeft aangegeven op welke manier gemeenten een inschatting kunnen maken van de mogelijke opbrengsten uit de algemene uitkering die verwacht kan worden bij de meicirculaire 2025. Op basis van hun advies is een inschatting gemaakt. De ingeschatte opbrengsten voor 2026-2029 zijn als volgt: Inschatting algemene uitkering (meicirculaire 2025) Hogere algemene uitkering Totaal
2026 1.730.000 1.730.000
2027 1.720.000 1.720.000
2028 1.110.000 1.110.000
2029 1.495.000 1.495.000
Algemene uitkering (stelpost jeugd conform begrotingsadvies VNG) De afgelopen periode hebben het Rijk en de gemeenten intensieve gesprekken gevoerd om invulling te geven aan onze gezamenlijke verantwoordelijkheid met betrekking tot de jeugdzorg en de financiële situatie van gemeenten. Voor 2025 tot en met 2027 is er door het Rijk incidenteel extra geld beschikbaar gesteld voor gemeenten. Vanaf 2028 worden gemeenten gekort vanwege maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd om de jeugdzorg beheersbaar te maken. Via aanvullende maatregelen worden gemeenten vanaf 2028 gekort voor € 328 miljoen per jaar. De aanvullende maatregelen betreffen eigen bijdrage jeugdzorg en sturen op trajectduur jeugdzorg. Kadernota 2026-2029
21
In de afgelopen jaren heeft de VNG twee keer een begrotingsadvies gegeven aan gemeenten. Ook in 2025 heeft de VNG een begrotingsadvies gegeven voor de begroting 2026-2029. Dat richt zich op de uitkomsten van de voorjaarsnota van het Rijk en met name op de Deskundigencommissie Hervormingsagenda jeugd 2023-2028 (hierna commissie Van Ark) met betrekking tot de kosten die gemeenten maken voor de jeugdzorg. Eén van de onderdelen van het begrotingsadvies van de VNG is dat gemeenten de korting van het Rijk van € 328 miljoen betreffende eigen bijdrage jeugdzorg en sturen op trajectduur jeugdzorg budgetneutraal (korting versus besparing/inkomsten) in hun begroting mogen meenemen. Via een stelpost mogen gemeenten deze inboeken. Het is nog onduidelijk of de invoering van wet- en regelgeving over de eigen bijdrage en trajectduur tijdig gerealiseerd zal worden. Bij uitstel of afstel van wet- en regelgeving geldt dat dit voor rekening en risico van het Rijk is. Omdat gemeenten al wel gekort zijn voor € 328 miljoen mag eenzelfde bedrag als stelpost opgenomen worden voor de jaren 2028 en 2029. Voor Woudenberg gaat het om een bedrag van € 190.000 voor de jaren 2028 en 2029. De VNG geeft aan dat de provincies als toezichthouder akkoord gaan met deze werkwijze. OZB (inflatie 2026) We stellen voor het tarief voor OZB woningen (eigenaar) te laten stijgen met 2,6% wegens inflatiecorrectie.
Het percentage van 2,6 is een inschatting op basis van de raming Centraal Planbureau februari 2025 (inflatie, nationale consumenten-prijsindex cpi 2026). In lijn met 2025 wordt voorgesteld de tarieven voor OZB niet-woningen (eigenaar en gebruiker) te laten stijgen met het dubbele van 2,6 % namelijk 5,2%. OZB (aanpassing o.b.v. ervaringscijfer 2025) De totale opbrengst OZB wordt voor 2026-2029 met € 115.000 naar boven bijgesteld op basis van de opgelegde belastingaanslagen en de te verwachten verminderingen in 2025. Hondenbelasting (inflatie 2026) We stellen voor het tarief voor hondenbelasting te laten stijgen met 2,6 % wegens inflatiecorrectie. Toeristenbelasting (inflatie 2026) We stellen voor het tarief voor toeristenbelasting te laten stijgen met 2,6 % wegens inflatiecorrectie. Uitname algemene reserve In de raad van januari 2025 is besloten een nieuw krediet van € 550.000 beschikbaar te stellen voor de herinrichting van de van de rotonde Europaweg – Stationsweg West. De nieuwe investering is een relevante aanpassing op de in 2023 afgeronde investering ”Verkeersmaatregelen Europaweg/Stationsweg-West” van circa € 900.000 (excl. subsidie). Aangezien de investering van 2023 opnieuw wordt ingericht, dient deze investering deels versneld te moeten worden afgeschreven volgens de financiële regelgeving.
Besloten is € 325.000 versneld af te schrijven van de investering van € 900.000. Het versneld afschrijven gaat in zodra de nieuwe herinrichting is afgerond (planning 2026). De versnelde afschrijving in 2026 ad. € 325.000 zijn eenmalige kosten die worden gedekt via eenmalige uitname uit de algemene reserve. Toevoeging reserve Sportpark De Grift (indexering) Op dit moment wordt jaarlijks € 56.473 toegevoegd aan de reserve Sportpark De Grift voor vervangingsinvesteringen. Momenteel wordt er door een bureau een nulmeting uitgevoerd om de benodigde investering voor de komende jaren in kaart te brengen. Er wordt rekening gehouden met een stijging door indexering en verhoogde materiaalkosten. De mogelijke financiële consequenties
Kadernota 2026-2029
22
zullen worden meegenomen in de Begroting 2026-2029. Vooruitlopend hierop wordt vanaf 2026 voorlopig een hogere toevoeging meegenomen van € 2.825 (= indexering van 5 %). Toevoeging reserve onderhoud gebouwen (indexering) Op dit moment wordt jaarlijks € 50.000 toegevoegd aan de reserve onderhoud gebouwen voor groot onderhoud. Recent zijn door een extern bureau de MJOP’s van de gemeentelijke gebouwen opgesteld. Op dit moment worden de MJOP’s financieel doorgerekend om te kunnen bepalen welke jaarlijkse toevoeging aan de reserve nodig is om het groot onderhoud aan de gemeentelijke gebouwen te kunnen bekostigen. Er wordt rekening gehouden met een stijging door indexering en verhoogde materiaalkosten. De mogelijke financiële consequenties zullen worden meegenomen in de Begroting 2026-2029. Vooruitlopend hierop wordt vanaf 2026 voorlopig een hogere toevoeging meegenomen van € 2.500 (= indexering van 5 %).
Financiële wijzigingen in algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen/ mutaties in reserves Binnen dit onderdeel zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Algemene dekkingsmiddelen/ reserves Algemene uitkering (septembercirculaire 2024) Algemene uitkering (inschatting meicirculaire 2025) Algemene uitkering (stelpost Jeugdzorg begrotingsadvies VNG) OZB (inflatie 2026) OZB (aanpassing o.b.v. ervaringscijfer 2025) Hondenbelasting Toeristenbelasting Uitname algemene reserve Toevoeging reserve Sportpark De Grift Toevoeging reserve onderhoud gebouwen Totaal
2026 236.810 1.730.000 111.000 115.000 2.000 7.000 325.000 -2.825 -2.500 2.521.485
2027 191.776 1.720.000 111.000 115.000 2.000 7.000 -2.825 -5.325 2.138.626
2028 142.136 1.110.000 190.000 111.000 115.000 2.000 7.000 -2.825 -5.325 1.668.986
2029 142.136 1.495.000 190.000 111.000 115.000 2.000 7.000 -2.825 -5.325 2.053.986
- = nadelig + = voordelig
Recapitulatie aanpassing budgetten als gevolg van beleidsontwikkelingen op de vijf programma’s, de algemene dekkingsmiddelen en de reserves: In de onderstaande tabel zijn de financiële consequenties in totalen per programma weergegeven.
Kadernota 2026-2029
23
Budgetwijzigingen per programma 1. Samenleving 2. Leefomgeving 3. Veiligheid 4. Ruimte, wonen en ondernemen 5. Dienstverlening Totaal aanpassing budgett en Algemene dekkingsmiddelen/ reserves Totaal beleidsontwikkelingen
2026 -1.600.482 -336.625 -38.000 -1.500 -334.174 -2.310.781 2.521.485 210.704
2027 -1.480.482 -11.625 -38.000 -1.500 -550.172 -2.081.779 2.138.626 56.847
2028 -1.460.482 -11.625 -38.000 -1.500 -550.172 -2.061.779 1.668.986 -392.793
2029 -1.440.482 -11.625 -38.000 -1.500 -550.172 -2.041.779 2.053.986 12.207
- = nadelig + = voordelig
Kadernota 2026-2029
24
Hoofdstuk 3. Financiële effecten kerntakendiscussie 2024-2025 Inleiding In het bestuurlijk kader van zowel de kadernota 2024-2027 als de begroting 2024-2027 is voor een belangrijk deel ingegaan op de financiële situatie op de lange termijn. De gevolgen van de verdere doorvoering van de herijking van het gemeentefonds en het zogenoemde “financiële ravijn” zijn namelijk beide nadelig voor de gemeente Woudenberg. Zodoende heeft de gemeenteraad in juli 2024 besloten om een brede kerntakendiscussie te voeren.
Proces Het proces is in augustus 2024 begonnen met een grondige ambtelijke analyse van de financiële uitgangspositie van de gemeente, gebaseerd op een tool van het externe adviesbureau dat voor de begeleiding bij dit proces is betrokken. Deze tool is vooraf gevuld met cijfers van de recente jaarrekeningen en de meerjarenbegroting. Daarnaast zijn achterliggende beleidsstukken betrokken bij de ambtelijke analyse. Vervolgens zijn de budgethouders door adviseurs van het externe bureau geïnterviewd en is een inventarisatie gemaakt van mogelijke bezuinigingsmaatregelen. Dit betrof alle technisch mogelijke maatregelen waar de gemeente wettelijk keuzeruimte heeft. Hieruit is een overzicht ontstaan met een driedeling; ‘laaghangend fruit’, ‘bestuurlijke keuzes met beperkte impact’ en ‘fundamentele keuzes met grote impact op de samenleving’. Begin dit jaar zijn verschillende gremia met elkaar in debat gegaan over een aantal dilemma’s; namelijk de raadsleden tijdens een informatieavond, de inwonerswerkgroep kerntakendiscussie, de Adviesraad Sociaal Domein en het toegankelijkheidspanel. Het doel van de dilemmadiscussies was om een waardegedrevengesprek te voeren en zo richting te geven aan de maken keuzes in de bezuinigingsmogelijkheden. De resultaten van deze verschillende dilemmadiscussies zijn opgenomen in bijlage C.2 tot en met C.5.
Ambtelijk is vervolgens in samenspraak met de externe adviseur een overzicht opgesteld van mogelijke technische maatregelen, verdeeld in drie categorieën: ‘doen’, ‘niet-doen’ en ‘afweging’. Tijdens twee strategische werksessies heeft het college deze lijsten besproken. In de eerste sessie lag de nadruk op de doen-lijst, gericht op grote posten gezien de omvang van de opgave. Aansluitend zijn ook maatregelen door het college besproken welke op de lijst ‘afweging’ stonden en waarvan de potentiële opbrengst hoger is dan € 25.000. De focus lag in deze sessie aldus op maatregelen met een substantiële financiële impact en kleine ingrepen zijn in deze fase buiten beschouwing gelaten. In de tweede sessie kwamen de mogelijke belastingverhogingen aan bod en zijn de maatregelen met een potentiële opbrengst tussen € 10.000 en € 25.000 uit de doen-lijst besproken. Dit alles met het oog op een sluitende begroting in 2029. Het college heeft de uitkomsten van de dilemmadiscussies zorgvuldig meegewogen bij het opstellen van het conceptpakket aan maatregelen. Dit heeft geleid tot een voorstel waarin financiële haalbaarheid, bestuurlijke uitvoerbaarheid en maatschappelijke impact zijn afgewogen.
Aansluitend is het conceptpakket aan maatregelen voorgelegd aan de Adviesraad Sociaal Domein, de inwonerswerkgroep kerntakendiscussie, het toegankelijkheidspanel en de Ondernemingsraad van de gemeente Woudenberg. Hiermee is actief ingezet op een breder participatief proces met transparantie, inclusiviteit en betrokkenheid voorop. Als gevolg is een zorgvuldig en breed gedragen besluitvormingsproces tot stand gebracht, waarin de perspectieven en belangen van diverse betrokken partijen – waaronder inwoners, ervaringsdeskundigen, maatschappelijke adviesorganen en medewerkers – zijn meegenomen. Het toegankelijkheidspanel, de Adviesraad Sociaal Domein en de Ondernemingsraad hebben via een brief hun zienswijze op de conceptmaatregelen kenbaar gemaakt. Als resultaat van de laatste Kadernota 2026-2029
25
bijeenkomst van de inwonerswerkgroep kerntakendiscussie is een verslag opgesteld welke bestaat uit een visuele weergave en een excelbestand waarbij per maatregel is aangegeven of zij zich erin kunnen vinden of niet, al dan niet voorzien met een aandachtspunt of kanttekening. De zienswijzen van de diverse gremia zijn opgenomen in bijlage C.6 tot en met C.9. Het college heeft op deze zienswijzen een reactie geformuleerd, welke is opgenomen in bijlage C.10. Een maatregel is geschrapt op basis van inhoudelijke argumenten. De zorgen over de impact van de bezuinigingen, met name binnen het sociaal domein, worden erkend. Het college blijft inzetten op maatwerk, monitoring en het bewaken van de menselijke maat. Bij de uitvoering van maatregelen wordt aandacht besteed aan toegankelijkheid, wachttijden en kwaliteit. Om de ondersteuning te versterken, wordt extra capaciteit ingezet met een extra FTE bij CDKS. De inbreng uit de zienswijzen zijn door het college zorgvuldig meegenomen in de overwegingen bij het opstellen van het definitieve pakket aan maatregelen. Deze definitieve lijst met voorgestelde maatregelen is opgenomen als bijlage C.1. De definitieve lijst met maatregelen waarvan het voorstel is om die niet te doen is opgenomen als bijlage C.11. In het definitieve pakket aan maatregelen zijn de gemeenschappelijke regelingen (GR’en) buiten beschouwing gelaten.
Het externe bureau, dat de kerntakendiscussie heeft begeleid, geeft in haar tool aan dat gemeenschappelijke regelingen als ‘niet beïnvloedbaar’ worden aangemerkt. Het college blijft zich samen met andere gemeenten actief inzetten om grip te houden op de financiën van GR’en. Binnen GR’en is het voeren van kerntakendiscussie een goed middel om inkomsten en uitgaven in balans te houden.
Financieel beeld 2026-2029 Het financiële beeld in deze kadernota laat zien dat de gemeente Woudenberg voor wezenlijke keuzes staat. In paragraaf 1.3 van het kadernota (financiële stand van zaken 2026-2029) is de uitgangspositie toegelicht, waarmee een eerste stand van zaken wordt gepresenteerd. Het college heeft de totale financiële ontwikkelingen, de ambities, wensen en de voorgestelde maatregelen uit de kerntakendiscussie, in samenhang beschouwd. Binnen deze context zijn maatregelen voorgesteld om het meerjarig tekort structureel te beperken. De financiële effecten van de kerntakendiscussie geven het volgende financieel beeld voor de jaren 2026-2029: Kadernota 2026-2029 Totaal ontwikkelingen, ambities & wensen Saldo na Ontwikkelingen, Ambities & Wensen Kerntakendiscussie - Maatregelen Totaal