CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Terugkoppeling inwonersavond 21 juni.pdf

Informatiebijeenkomst 28 september 2023, gemeente Woudenberg1.307 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Terugkoppeling inwonersavond Samen werken aan een gezond en weerbaar Woudenberg Tafel 1: Inwoners hebben een gezonde en actieve leefstijl: Wat opviel: ❖ Het belang van sporten wordt onderschreven. Onder meer omdat sporten een ontmoetingsplek is, voor sociale contacten zorgt en bijdraagt aan elkaar kennen en dus voor elkaar kunnen zorgen. ❖ Er wordt aandacht gevraagd voor verschillende doelgroepen: ➢ Ouderen: ▪ Voor ouderen is de drempel om te sporten hoog; ▪ Zij ondervinden bij het wandelen soms fysieke drempels door bijv. scheve stoeptegels; ▪ De huidige mogelijkheden sluiten niet aan bij de behoeften en mogelijkheden van de ouderen. ➢ Kinderen met een rugzakje: ▪ Buurtgezinnen zou de kinderen waar zij respijtzorg voor bieden kunnen stimuleren om te gaan sporten; ▪ Er zou meer aandacht kunnen zijn voor kinderen die buiten Woudenberg naar school gaan en daardoor bij de sportvereniging in een groep komen die elkaar wel kent van school, maar waarin zij niemand kennen; ▪ De buurtsportcoaches zouden ook meer aandacht kunnen besteden aan kinderen uit het speciaal onderwijs; ▪ Wat zou kunnen helpen is als kinderen in het begin bij een sportvereniging een buddy hebben die hen introduceert en wegwijs maakt.

➢ Huishoudens met een minimuminkomen: ▪ Deelname aan het Jeugdsportfonds; ▪ Het verhogen van de contributie voor mensen die het kunnen betalen, zodat er een potje ontstaat waaruit mensen die het niet kunnen betalen (een deel van) de contributie vergoed kunnen krijgen. ➢ Een overkoepelende actie is dan dat professionals en verenigingen weten wat er is aan mogelijkheden en regelingen, zodat ze mensen daarnaar kunnen verwijzen. ❖ Rol van de gemeente: ➢ Een stimulerende rol, maar geen dwingende rol. Oftewel wel beïnvloeden, maar niet bemoeien: ▪ Deze rol kan onder meer ingevuld worden door beter te kijken naar wat inwoners nodig hebben om te sporten en daarop in te spelen. Denk hierbij aan aspecten als het overwinnen van schaamte, financiële drempels, fysieke drempels etc.; ▪ De gemeente kan middels subsidie een regulerende rol spelen bij de contributies, waardoor sporten voor meer huishoudens betaalbaar is; ▪ Meer aandacht voor communicatie over mogelijkheden om te sporten en de voorzieningen die daarvoor al beschikbaar zijn. Deze communicatie moet niet alleen gericht zijn op inwoners, maar ook professionals en verenigingen.

Tafel 2: Inwoners met lichte hulpvragen kunnen terecht bij laagdrempelige ondersteuning Wat opviel: ❖ Men kan zich op zich vinden in de beweging om bij lichte hulpvragen laagdrempelige ondersteuning te bieden. Het is belangrijk dat er een zorgkaart is, zodat mensen (letterlijk) weten waar ze met een hulpvraag terecht kunnen. En we moeten opletten dat ingewikkelde zorgvragen niet bij vrijwilligers komen liggen. ❖ Er wordt aandacht gevraagd voor vrijwilligers en mantelzorgers: ➢ Hoe voorkom je overbelasting bij deze mensen?; ➢ Zorg dat respijtzorg geboden wordt; ➢ Luister naar de behoefte van mantelzorgers; ➢ Zorg dat het makkelijker en minder belastend wordt om vrijwilligerswerk en mantelzorgtaken te doen. Bijvoorbeeld door ondersteuningsvragen in kleinere taken op te delen of vorm te geven in kortdurende projecten. Zo zal het meer mensen aanspreken om hulp te vragen en te bieden; ➢ Mantelzorg moet niet verplicht worden onder de noemer ‘eigen kracht’; ➢ Inwoners (zonder expertise) die willen helpen, kunnen niet verantwoordelijk gehouden worden. De verantwoordelijkheid moet bij het sociaal team of een hulpverlener blijven liggen. ❖ Veel ondersteuning wordt geboden vanuit de kerk. Voor mensen die niet kerkelijk zijn, kan dit een drempel vormen. Voor hen is er dan te weinig aanbod.

❖ De combinatie van doelgroepen (zoals jongeren en ouderen) worden als een kans gezien: ➢ In gezamenlijke woonprojecten: Ouderen hebben dan aanspraak en krijgen ondersteuning. Jongeren hoeven minder huur te betalen in ruil voor klusjes en hulp; ➢ In de opa en oma databank, waar ouderen gematcht worden met kinderen: vermindert eenzaamheid, ontlast ouders en is leuk voor kinderen; ➢ Voor laagdrempelig ontmoeten wordt ook de combinatie van doelgroepen genoemd als kans. ❖ Ideeën voor normaliseren/laagdrempelige ondersteuning: ➢ Centraal praatpunt begeleid door een psycholoog/docent/lotgenoten en normaliseren in praktijk; ➢ Cultuurhuis/koffie inloopochtenden om netwerk op te bouwen; ➢ Ouderencafé; ➢ Menza voor 50+ (goedkoop samen eten); ➢ Plekken voor jongeren. ❖ Ideeën t.a.v. de laagdrempelige plekken: ➢ Hoeft geen vaste plek te zijn; ➢ Hoeft niet voor maar 1 doelgroep te zijn; ➢ Laagdrempelig ontmoeten kan ook een wandeling zijn; ➢ Zouden de scholen als locatie kunnen dienen (die staan ’s avonds leeg).

Tafel 3: Inwoners hebben de mogelijkheden zich te ontwikkelen Wat opviel: ❖ Investeer in gezinnen: die zijn de sociale basis. Investeer ook in ouders/ouderschap, partnerrelaties. ❖ Er is nu te weinig aanbod voor de doelgroep 12-16-jarigen. Bij het uitbreiden van activiteiten voor deze doelgroep is belangrijk dat jongeren deze zelf kunnen ontwikkelen. ❖ Er is te weinig aandacht voor ouderen die niet digitaalvaardig zijn. Voor hen moet face-to-face, analoog en telefonische contact mogelijk blijven. ❖ Woningvraagstuk: het zou mooi zijn als er een plek is voor kinderen die uit huis willen en af en toe (geen 24/7) zorg nodig hebben vanwege een kwetsbaarheid. Bijv. zoiets als de Grasboom (dat zijn woning voor mensen met ASS). ❖ Het is belangrijk om oog te hebben voor verschillende doelgroepen, zoals ouderen, jongeren en gezinnen. Zonder dat je deze doelgroepen in een zoek zet. Een voorbeeld hiervan is eenzaamheid bij ouderen.

Tafel 4: Inwoners hoeven niet in armoede te leven. Wat opviel: ❖ Men was verdeeld over de stelling: De eisen en voorwaarden van regelingen moeten streng zijn zodat mensen waar het eigenlijk niet voor bedoeld is het ook niet krijgen. (Ook al zullen daardoor anderen, mensen voor wie het wel bedoeld is, hierdoor buiten de boot vallen.) Uiteindelijk wilden de meesten de gulden midden weg: iedereen met recht moet het krijgen en iedereen zonder recht niet. Maar er waren ook mensen die vonden dat je er niet aan ontkomt dat mensen het krijgen die er eigenlijk geen recht op hebben. En dat beperkt misbruik altijd zal bestaan, maar dit percentage zo laag is, dat je die niet als meetlat moet gebruiken. ❖ Velen waren voorstander van maatwerk. Dat je rekening kan houden met de specifieke mogelijkheden, intenties en behoeften van mensen. Bijvoorbeeld door onderscheid te maken tussen mensen met schulden en mensen die wel financieel overzicht hebben. Of denk aan zelf weten waar het geld van minimaregelingen aan wordt uitgegeven, eventueel m.b.v. een budgetcoach. ❖ Kinderen moeten mee kunnen doen. Regelingen die bestemd zijn voor kinderen, moeten ook daadwerkelijk bij kinderen terecht komen.

❖ Rol gemeente: ➢ Zorgen dat de regelingen helder, redelijk en billijk zijn; ➢ Zorgen dat er een vangnet is voor mensen die buiten de regelingen vallen, maar wel hulp nodig hebben; ➢ Zorgen dat inwoners weten welke regelingen er zijn. Ideeën voor het bereiken van de doelgroep die geopperd werden waren: ▪ Thuiszorg (ouderen); ▪ Verenigingen; ▪ Scholen; ▪ Kerken.

Tafel 5: Inwoners krijgen passende hulp als dat nodig is. Wat opviel: ❖ Men was het eens met de stelling dat het leven niet maakbaar is. Maar dit vraagt een cultuuromslag die niet eenvoudig te bereiken is. En die begint bij het omarmen van de gedachte dat niet iedereen hetzelfde is. En dat je goed bent, zoals je bent. ❖ Ideeën t.a.v. het sociaal team: ➢ Zorg voor voldoende diversiteit in het team; ➢ Investeer in ervaringsdeskundigheid. ❖ Ideeën t.a.v. werkwijze bij het verstrekken van zorg: ➢ Langere indicaties ▪ Ieder (half) jaar gesprekken en moeten toelichten wat niet gaat om indicatie te laten verlengen is belastend voor ouders en kind; ▪ Kijken naar uitbreiding mogelijkheden om zorgtrajecten vaker op een waakvlam te zetten. In principe staat de persoon/het huishouden dan weer op eigen benen, maar is er nog af en toe contact om de vinger aan de pols te houden. ➢ Betrekken gezin/netwerk ▪ Als ouders met een hulpvraag van een kind komen en het probleem eigenlijk bij de ouders blijkt te liggen, ga dan samen met hen aan de slag. Maar zorg dat het kind ondertussen wel de hulp krijgt die het nodig heeft; ▪ Zorg dat je het hele gezin/systeem betrekt. Vraag hierbij ook ieder gezinslid apart wat volgens diegene het kernprobleem is/bij wie dat ligt. Mogelijk krijg je dan een ander antwoord dan vooraf gedacht; ▪ Dring geen netwerk op waar dat niet gaat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/2512/documents/48022