CConstaterende datWoudenberg
Koppel je AI →
Document · PDF

04. Kaderbrief 2027-2030

Gemeenteraad 9 juli 2026, gemeente WoudenbergBij agendapunt: 19: Kaderbrief 2027-203019.191 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Niet gevonden in dit document.

Kaderbrief 2027-2030

25

Overzicht ingevoerde maatregelen Titel maatregel

Bedragmax

2026

2027

2028

2029

191.000 50.000 78.000 10.000 20.000 19.000 35.000 40.000 15.000 57.000 -

191.000 50.000 225.000 22.500 50.000 78.000 10.000 20.000 19.000 35.000 50.000 40.000 15.000 100.000 50.000 57.000 100.000 35.000

191.000 50.000 450.000 45.000 50.000 78.000 10.000 20.000 19.000 35.000 50.000 40.000 15.000 200.000 100.000 69.000 57.000 200.000 35.000

191.000 50.000 450.000 45.000 50.000 78.000 10.000 20.000 19.000 35.000 50.000 40.000 15.000 200.000 100.000 69.000 57.000 200.000 35.000

150.000 10.000

150.000 -

150.000 10.000

10.000 150.000 10.000

10.000 150.000 10.000

1.884.000

665.000

1.307.500

1.884.000

1.884.000

Stelpost vrijval BTW-compensatiefonds Kostendekkendheid leges OZB verhogen: stijging tarief Toeristenbelasting verhogen: Schatkistbankieren Gemeentehuis op vrijdag sluiten Abonnementen versoberen/ verminderen Onvoorzien wegen verlagen Vervallen kapitaalslasten nieuwe fietsverbinding en speelvoorzieningen Beëindigen toevoeging reserve I BOR Dividend uitkering ROVA naar algemene middelen Geen aanvulling reserve Omgevingsvisie/ omgevingsplan Bijstelling van het budget onafhankelijke clientondersteuning Geen ambulante begeleiding J eugd meer door zorgaanbieder Meer inzetten op collectieve voorzieningen (J eugd) Beperken toegang jeugdzorg Besparing door transformatie jeugdzorg Strengere toegang huishoudelijke hulp Ambulante begeleiding door Sociaal Team Procesverbetering aanvraag leerlingenvervoer / Langere beschikkingen leerlingenvervoer en ouders geld geven om vervoer zelf te regelen Onderbesteding Openbare Ruimte Niet meer monitoren van het vegen van de goten door extern bureau

191.000 50.000 450.000 45.000 50.000 78.000 10.000 20.000 19.000 35.000 50.000 40.000 15.000 200.000 100.000 69.000 57.000 200.000 35.000

Totaal

Kaderbrief 2027-2030

10.000

26

Voortgang, monitoring en evaluatie van maatregelen Naar aanleiding van de in 2025 gevoerde kerntakendiscussie en de daaropvolgende besluitvorming zijn de vastgestelde maatregelen in de begroting verwerkt en grotendeels in uitvoering genomen. Deze maatregelen zijn gericht op het structureel verbeteren van het financiële perspectief van de gemeente en het realiseren van een sluitende meerjarenbegroting. Monitor realisatie maatregelen 2026-2029 e.v. Peildatum 15 april 2026 Maatregelen 150 Bijstelling budget onafhankelijke cliëntondersteuning 155 Geen ambulante begeleiding jeugd door zorgaanbieder 156 Meer inzetten op collectieve voorzieningen (Jeugd) 159 Beperken toegang jeugdzorg 160 Besparing door transformatie jeugdzorg 161 Strengere toegang huishoudelijke hulp 163 Ambulante begeleiding door Sociaal Team 190 Procesverbetering/ langere beschikking leerlingenvervoer Subtotaal programma 1 214 Onderbesteding Openbare ruimte 233 Niet meer monitoren vegen goten door extern bureau 69 Onvoorzien wegen verlagen 70 Vervallen kapitaallasten nieuwe fietsverbinding en speelvoorzieningen Subtotaal programma 2 127 Geen aanvulling reserve Omgevingsvisie/plan 2 Kostendekkenheid leges Subtotaal programma 4 1 Stelpost vrijval BTW-compensatiefonds 11 Gemeentehuis op vrijdag sluiten 16 Abonnementen versoberen/verminderen Subtotaal programma 5 3 OZB verhogen : stijging tarief 4 Toeristenbelasting

verhogen : stijging tarief 7 Schatkistbankieren 83 Dividenduitkering ROVA naar algemene middelen Subtotaal algemene dekkingsmiddelen 71 Beëindigen toevoeging reserve IBOR Subtotaal reserves Eindtotaal

Ingeboekte besparing Status Stand van zaken

Gerealiseerde besparing

2026 15.000 0 0 0 57.000 0 0 0 72.000 150.000 0 20.000 19.000

2027 15.000 100.000 50.000 0 57.000 100.000 35.000 0 357.000 150.000 10.000 20.000 19.000

2028 2029 e.v. 15.000 15.000 200.000 200.000 100.000 100.000 69.000 69.000 57.000 57.000 200.000 200.000 35.000 35.000 10.000 10.000 686.000 686.000 150.000 150.000 10.000 10.000 20.000 20.000 19.000 19.000

2026

189.000 40.000 0 40.000 Financiële maatregel is verwerkt in de begroting 2026-2029 en afgerond. 191.000 78.000 10.000 279.000 Financiële maatregel is verwerkt in de begroting 2026-2029 en afgerond. 0 Financiële maatregel is verwerkt in de begroting 2026-2029 en afgerond. 0 De opbrengst voor 2026 gaan we realiseren. Nog niet duidelijk voor de volgende jaren.50.000 Financiële maatregel is verwerkt in de begroting 2026-2029 en afgerond. 0 50.000 Financiële maatregel is verwerkt in de begroting 2026-2029 en afgerond. 35.000 35.000

199.000 40.000 50.000 90.000 191.000 78.000 10.000 279.000 225.000 22.500 50.000 50.000 347.500 35.000 35.000

199.000 40.000 50.000 90.000 191.000 78.000 10.000 279.000 450.000 45.000 50.000 50.000 595.000 35.000 35.000

199.000 40.000 50.000 90.000 191.000 78.000 10.000 279.000 450.000 45.000 50.000 50.000 595.000 35.000 35.000

665.000

1.307.500

1.884.000

1.884.000

Financiële maatregel is verwerkt in de begroting 2026-2029 en afgerond.

Financiële maatregel is verwerkt in de begroting 2026-2029 en afgerond.

2027

2028

2029 e.v.

0

0

0

0

19.000

19.000

19.000

19.000

19.000 40.000

19.000 40.000

19.000 40.000

19.000 40.000

40.000 191.000

40.000 191.000

40.000 191.000

40.000 191.000

191.000 0 0 50.000 0 50.000 35.000 35.000

191.000 225.000 22.500

191.000 450.000 45.000

191.000 450.000 45.000

50.000 297.500 35.000 35.000

50.000 545.000 35.000 35.000

50.000 545.000 35.000 35.000

335.000

582.500

830.000

830.000

Groen geeft aan dat de maatregel is gerealiseerd. Oranje betekent dat de maatregel in uitvoering is, waarbij nog onzekerheid bestaat over de tijdige realisatie. Rood duidt erop dat de maatregel nog niet is opgestart, maar op korte termijn zal worden opgestart.

Kaderbrief 2027-2030

27

De uitvoering bevindt zich momenteel in de fase van borging en monitoring. Daarbij wordt nadrukkelijk aandacht besteed aan de daadwerkelijke realisatie van de beoogde besparingen, de effecten op de dienstverlening en de maatschappelijke impact. Waar nodig wordt bijgestuurd om ongewenste neveneffecten te beperken en de beoogde doelen te blijven realiseren. De getroffen maatregelen zijn per programma onder te verdelen in administratieve en inhoudelijke maatregelen. Administratieve maatregelen hebben vooral een financieel-technisch karakter en werken direct door in de begroting en reserves. Deze zijn direct verwerkt en de besparing is in theorie meteen gerealiseerd. Inhoudelijke maatregelen hebben daarnaast effect op de organisatie, de dienstverlening en de fysieke leefomgeving en kennen daarmee een extra inhoudelijke impact. De daadwerkelijke realisatie van deze besparingen kan pas achteraf, na afloop van het jaar, worden vastgesteld. Bij de kadernota 2028–2031 kan de werkelijk gerealiseerde besparing vervolgens worden weergegeven.

Programma 1 Binnen het sociaal domein is een aantal maatregelen getroffen die gefaseerd worden ingevoerd vanaf 2026 en 2027. Deze maatregelen zijn gericht op het beheersen van de kostenontwikkeling, het versterken van de eigen kracht en het efficiënter organiseren van ondersteuning. Tegelijkertijd wordt nadrukkelijk aandacht besteed aan de toegankelijkheid en kwaliteit van voorzieningen.

Monitor realisatie maatregelen 2026-2029 e.v. Peildatum 15 april 2026 Maatregelen 150 Bijstelling budget onafhankelijke cliëntondersteuning 155 Geen ambulante begeleiding jeugd door zorgaanbieder 156 Meer inzetten op collectieve voorzieningen (Jeugd) 159 Beperken toegang jeugdzorg 160 Besparing door transformatie jeugdzorg 161 Strengere toegang huishoudelijke hulp 163 Ambulante begeleiding door Sociaal Team 190 Procesverbetering/ langere beschikking leerlingenvervoer Subtotaal programma 1

Ingeboekte besparing Status

2026 15.000 0 0 0 57.000 0 0 0 72.000

2027 15.000 100.000 50.000 0 57.000 100.000 35.000 0 357.000

2028 2029 e.v. 15.000 15.000 200.000 200.000 100.000 100.000 69.000 69.000 57.000 57.000 200.000 200.000 35.000 35.000 10.000 10.000 686.000 686.000

Gerealiseerde besparing 2026

2027

0

2028

0

2029 e.v.

0

0

Bijstelling budget onafhankelijke cliëntondersteuning (ingegaan in 2026) (Inhoudelijke maatregel)

Het budget is aangepast op basis van realisatiecijfers. De verwachting is dat de ondersteuning binnen de beschikbare middelen kan worden voortgezet, waarbij blijvend wordt gemonitord of de vraag zich binnen deze kaders ontwikkelt. Op basis van de toegekende subsidie en de recentste managementrapportage liggen we momenteel op koers en lopen we in de pas met de afgesproken bezuiniging.

Geen ambulante begeleiding jeugd door zorgaanbieder (ingang 2027) (Inhoudelijke maatregel)

Deze maatregel houdt in dat ambulante begeleiding minder via externe zorgaanbieders wordt ingezet. Dit leidt tot een kostenbesparing, maar vraagt om alternatieve vormen van ondersteuning en een zorgvuldige overgang voor cliënten. In combinatie met MetMaya wordt hier al een slag in geslagen. Alleen begeleiding met behandeldoeleinden worden door MetMaya aangenomen. Dit betekent wel dat de Kleine Schans de andere vormen van begeleiding moeten kunnen bieden of dat hier een alternatief voor gevonden moet worden. Er wordt samen met MetMaya nog gesproken over “de grijze gebieden” en hoe die opgevangen kunnen worden.

Kaderbrief 2027-2030

28

Meer inzetten op collectieve voorzieningen (Jeugd) (ingang 2027) (Inhoudelijke maatregel)

Er wordt meer nadruk gelegd op collectieve en preventieve voorzieningen. Dit draagt bij aan kostenbeheersing en versterking van het voorliggend veld, maar kan betekenen dat individuele voorzieningen minder snel worden ingezet. Dit is in gang gezet. Er wordt onderzocht op welke manieren we de sociale basis in Woudenberg verder kunnen versterken d.m.v. bijvoorbeeld een extra samenwerking Humanitas (vrijwilligers). Ook wordt er goed gebruik gemaakt van het trainingsaanbod van de Kleine Schans en kijken we regionaal waar we eventueel samenwerkingen aan kunnen gaan.

Beperken toegang jeugdzorg (ingang 2028) (Inhoudelijke maatregel)

De toegang tot jeugdzorg wordt aangescherpt. Dit leidt tot een daling van het aantal trajecten, maar vraagt om zorgvuldige afwegingen om te waarborgen dat passende ondersteuning beschikbaar blijft voor kwetsbare inwoners. De weg naar specialistische zorg wordt nu aangescherpt. Aan de voorkant (dus naar de Kleine Schans) zijn hier nog geen afspraken over gemaakt. Dit is wel iets wat regionaal op de agenda staat. We hadden de hoop dat de nieuwe wet Reikwijdte jeugdwet hier meer sturing aan zou geven, helaas is dit niet het geval. Daarom hebben wij een reactie vanuit centrumgemeente Amersfoort ondersteund zodat het Rijk de nieuwe wet kan herzien.

Besparing door transformatie jeugdzorg (ingegaan in 2026) (Inhoudelijke maatregel)

Door ingezette veranderingen in de organisatie en werkwijze van de jeugdzorg worden structurele besparingen gerealiseerd. Tegelijk blijft aandacht nodig voor de effecten op kwaliteit en wachttijden. Op dit moment levert dit nog geen besparing op. MetMaya heeft in 2025 meer geld gevraagd en ook nu staan de financiën weer ter discussie. Het blijft wel, dat wanneer het beter loopt, er uiteindelijk een kostenbesparing mogelijk is. Waarbij er rekening gehouden moet worden met de landelijke trend dat er steeds meer zwaardere problematiek onder jongeren te zien is en hierdoor zwaardere en duurdere trajecten naar MetMaya gaan.

Strengere toegang huishoudelijke hulp (ingang 2027) (Inhoudelijke maatregel)

De toegang tot huishoudelijke hulp wordt herijkt en aangescherpt. Dit leidt tot lagere kosten, maar kan impact hebben op inwoners die minder snel in aanmerking komen voor ondersteuning. Momenteel wordt een participatietraject doorlopen naar de uitbreiding van ondersteuningsvormen binnen de huishoudelijke ondersteuning, in combinatie met een aangescherpte toegang. Doel is het versterken van de regie bij inwoners en het realiseren van kostenbesparingen. De uitkomsten worden betrokken bij het inkooptraject. Daarnaast spelen twee landelijke ontwikkelingen: • Per 1 januari 2028 (i.p.v. 2027) wordt naar verwachting een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage binnen de Wmo ingevoerd. • Per 1 januari 2029 vervalt de huishoudelijke ondersteuning in de huidige vorm als maatwerkvoorziening, met een beperkter gemeentelijk vangnet. Omdat de wetgeving en het overgangsrecht nog in ontwikkeling zijn, is de te realiseren besparing onzeker. Dit betekent dat ook de besparingsopgave voor 2027 op dit moment niet eenduidig kan worden vastgesteld.

Ambulante begeleiding door Sociaal Team (ingang 2027) (Inhoudelijke maatregel)

Een groter deel van de begeleiding wordt door het Sociaal Team zelf uitgevoerd. Dit kan efficiënter zijn en de integraliteit van ondersteuning versterken, maar vraagt voldoende capaciteit en expertise binnen het team. Het inkoopproces rondom de Wmo-begeleiding is nog in volle gang. Daarom is hier nog geen update over te geven.

Kaderbrief 2027-2030

29

Procesverbetering / langere beschikking leerlingenvervoer (ingang 2028) (Inhoudelijke maatregel)

Door procesoptimalisatie en het verlengen van beschikkingen wordt administratieve last verminderd en efficiënter gewerkt. Dit levert een besparing op en vergroot de voorspelbaarheid voor inwoners. Waar mogelijk wordt vanaf schooljaar 2026/2027 met meerjarige beschikkingen gewerkt. Deze procesaanpassing vermindert de administratieve last voor de gemeente en de aanvrager. Dit levert mogelijk ook een financiële besparing op. Daarnaast is er aandacht voor de opzet en leesbaarheid van de beschikkingen.

Programma 2 Binnen het domein openbare ruimte is een aantal maatregelen doorgevoerd, gericht op het realiseren van besparingen en het efficiënter inzetten van beschikbare middelen. Deze maatregelen zijn deels administratief van aard, maar hebben ook effect op het beheer- en onderhoudsniveau van de fysieke leefomgeving. Daarbij blijft aandacht bestaan voor het bewaken van de kwaliteit en veiligheid van de openbare ruimte.

Monitor realisatie maatregelen 2026-2029 e.v. Peildatum 15 april 2026 Maatregelen 214 Onderbesteding Openbare ruimte 233 Niet meer monitoren vegen goten door extern bureau 69 Onvoorzien wegen verlagen 70 Vervallen kapitaallasten nieuwe fietsverbinding en speelvoorzieningen Subtotaal programma 2

Ingeboekte besparing Status

2026 150.000 0 20.000 19.000 189.000

2027 150.000 10.000 20.000 19.000 199.000

2028 2029 e.v. 150.000 150.000 10.000 10.000 20.000 20.000 19.000 19.000 199.000 199.000

Gerealiseerde besparing 2026

2027

2028

19.000 19.000

19.000 19.000

19.000 19.000

2029 e.v.

19.000 19.000

Onderbesteding Openbare Ruimte (ingegaan in 2026) (Inhoudelijke maatregel)

Structurele onderbesteding is verwerkt als besparing in de begroting. Dit leidt tot een financieel voordeel, maar vraagt om blijvende monitoring om te voorkomen dat dit op termijn resulteert in kwaliteitsverlies of achterstallig onderhoud. Voor dit groeiseizoen is er minder toezicht en monitoring op de onkruidbeheersing van de verharding ingehuurd, wat in eerste instantie een kostenbesparing oplevert. Indien echter blijkt dat extra monitoring of toezicht op de uitvoering van de onkruidbeheersing noodzakelijk is, bijvoorbeeld naar aanleiding van meldingen of eigen constateringen van kwaliteitsverlies, zal hier in de toekomst alsnog op worden ingezet. Daarnaast besteden we minder werkzaamheden uit aan derden en proberen we meer werkzaamheden in eigen beheer uit te voeren. Ondanks de onderbezetting binnen de eigen dienst, die naar verwachting nog tot in ieder geval begin juni 2026 aanhoudt, heeft dit tot op heden niet geleid tot kwaliteitsverlies of significant achterstallig onderhoud. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat het groeiseizoen pas net is gestart.

Niet meer monitoren vegen goten door extern bureau (ingang 2027) (Inhoudelijke maatregel)

De externe monitoring van het vegen van goten wordt beëindigd in 2027. Dit levert een directe kostenbesparing op, maar betekent dat er minder onafhankelijk inzicht is in de kwaliteit van uitvoering. Interne sturing en signalering worden hierdoor belangrijker. Jaarlijks wordt de externe monitoring voor de beeldkwaliteit een nieuw offerte opgevraagd bij een externe partij, dus komend jaar zal dit niet meer gedaan worden. Er is hiervoor geen doorlopend contract opgesteld.

Onvoorzien wegen verlagen (ingegaan in 2026) (Inhoudelijke maatregel)

Het budget voor onvoorziene uitgaven binnen wegen is verlaagd. Dit draagt bij aan het verbeteren van het begrotingssaldo, maar beperkt de flexibiliteit om onverwachte tegenvallers op te vangen, waardoor mogelijk prioritering of uitstel van werkzaamheden nodig is. Geen actieve verandering in beleid of werkwijze, maar scherper budget beheer.

Kaderbrief 2027-2030

30

Vervallen kapitaallasten nieuwe fietsverbinding en speelvoorzieningen (ingegaan in 2026) (Administratieve maatregel)

Door het niet uitvoeren of uitstellen van geplande investeringen vervallen de bijbehorende kapitaallasten. Dit levert een structurele besparing op. Door vervallen kapitaalslasten geen investering gedaan, wensen van actielijst laten vervallen.

Programma 3 Geen maatregelen in dit programma.

Programma 4 Monitor realisatie maatregelen 2026-2029 e.v. Peildatum 15 april 2026 Maatregelen 127 Geen aanvulling reserve Omgevingsvisie/plan 2 Kostendekkenheid leges Subtotaal programma 4

Ingeboekte besparing Status

2026 40.000 0 40.000

2027 40.000 50.000 90.000

2028 2029 e.v. 40.000 40.000 50.000 50.000 90.000 90.000

Gerealiseerde besparing 2026 40.000

2027 40.000

2028 2029 e.v. 40.000 40.000

40.000

40.000

40.000

40.000

Binnen het ruimtelijk domein en op het gebied van gemeentelijke inkomsten zijn maatregelen getroffen die bijdragen aan het versterken van de financiële positie van de gemeente. Deze maatregelen hebben met name betrekking op het beperken van reserveringen en het vergroten van kostendekkendheid.

Geen aanvulling reserve Omgevingsvisie/omgevingsplan (ingegaan in 2026) (Administratieve maatregel)

Vanaf 2026 vindt geen verdere aanvulling van deze reserve plaats. Dit levert een structurele besparing op en draagt bij aan het verbeteren van het begrotingssaldo. Tegelijkertijd beperkt dit de beschikbare financiële ruimte voor toekomstige planvorming.

Kostendekkendheid leges (ingang 2027) (Inhoudelijke maatregel)

De legestarieven worden stapsgewijs aangepast om de kostendekkendheid te vergroten. Dit zorgt voor hogere gemeentelijke inkomsten en een eerlijkere verdeling van de kosten onder de gebruikers van gemeentelijke diensten. In het tweede kwartaal is een applicatie aangeschaft waarmee de kostendekkendheid van de leges kan worden berekend. De uitkomsten hiervan worden gebruikt bij de besluitvorming en vormen de basis voor een gefaseerde aanpassing van de tarieven.

Programma 5 Binnen het domein gemeentelijke inkomsten zijn een aantal maatregelen doorgevoerd die bijdragen aan het versterken van het financiële perspectief van de gemeente. Deze maatregelen hebben uiteenlopende effecten op de organisatie en dienstverlening.

Monitor realisatie maatregelen 2026-2029 e.v. Peildatum 15 april 2026 Maatregelen 1 Stelpost vrijval BTW-compensatiefonds 11 Gemeentehuis op vrijdag sluiten 16 Abonnementen versoberen/verminderen Subtotaal programma 5

Kaderbrief 2027-2030

Ingeboekte besparing Status

2026 191.000 78.000 10.000 279.000

2027 191.000 78.000 10.000 279.000

2028 2029 e.v. 191.000 191.000 78.000 78.000 10.000 10.000 279.000 279.000

Gerealiseerde besparing 2026 191.000

2027 191.000

2028 2029 e.v. 191.000 191.000

191.000

191.000

191.000

191.000

31

Stelpost vrijval BTW-compensatiefonds (ingegaan in 2026) (Administratieve maatregel/inhoudelijke maatregel )

De stelpost voor de vrijval van het BTW-compensatiefonds is vanaf 2026 verwerkt in de begroting. Dit leidt tot een structureel financieel voordeel in begroting. De daadwerkelijke realisatie blijft afhankelijk van landelijke ontwikkelingen en de omvang van declaraties. Uit de Voorjaarsnota 2026 van het kabinet blijkt dat de opbrengst van het BTW-compensatiefonds lager uitvalt dan eerder als besparing is ingeboekt. De ingeboekte besparing zal daarom niet volledig worden gerealiseerd in 2026. De stelpost zal jaarlijks kunnen fluctueren. Om die reden wordt elk jaar geëvalueerd wat de daadwerkelijk gerealiseerde besparing is en in hoeverre bijstelling nodig is.

Gemeentehuis op vrijdag sluiten (ingegaan in 2026) (Inhoudelijke maatregel)

Het gemeentehuis is vanaf 2026 op vrijdag gesloten. Dit zou resulteren in een besparing op personele en facilitaire lasten. De impact op de dienstverlening wordt beperkt door het aanbieden van alternatieve contactmogelijkheden en spreiding van openingstijden over de overige werkdagen. Ervaringen vanuit de organisatie De invoering van de vrijdagsluiting heeft in de beginfase impact gehad op medewerkers. Met name de communicatie vooraf en de praktische uitvoerbaarheid (zoals alternatieve werkplekken bij nietthuiswerken) werden als aandachtspunt ervaren. Na een periode van circa drie maanden is zichtbaar dat de situatie zich heeft gestabiliseerd. Medewerkers hebben hun weg gevonden binnen de nieuwe werkwijze en de ervaren impact is afgenomen. Impact op dienstverlening en spoedaanvragen Sinds de invoering van de vrijdagsluiting zijn er: • geen klachten ontvangen over het ontbreken van spoedmogelijkheden op vrijdag; • geen signalen van gemiste reizen; • geen schadeclaims of escalaties geregistreerd. Dit wijst erop dat de continuïteit van de (spoed)dienstverlening voldoende is geborgd. Wel is zichtbaar dat de vraag zich meer concentreert op de overige openingsdagen. Dit leidt tot een hogere belasting op zowel het telefoonverkeer als de balies. Dit effect is beheersbaar, maar vraagt blijvende aandacht in de planning en spreiding van capaciteit.

Abonnementen versoberen/verminderen (ingegaan in 2026) (Inhoudelijke maatregel)

Het aantal en de omvang van abonnementen zijn kritisch beoordeeld en waar mogelijk teruggebracht. Dit zou een structurele kostenbesparing opleveren, met beperkte gevolgen voor de bedrijfsvoering en ondersteuning van de organisatie.

Programma Algemene dekkingsmiddelen Monitor realisatie maatregelen 2026-2029 e.v. Peildatum 15 april 2026 Maatregelen 3 OZB verhogen : stijging tarief 4 Toeristenbelasting verhogen : stijging tarief 7 Schatkistbankieren 83 Dividenduitkering ROVA naar algemene middelen Subtotaal algemene dekkingsmiddelen

Ingeboekte besparing Status

2026 0 0 50.000 0 50.000

2027 225.000 22.500 50.000 50.000 347.500

2028 2029 e.v. 450.000 450.000 45.000 45.000 50.000 50.000 50.000 50.000 595.000 595.000

Gerealiseerde besparing 2026 0 0 50.000 0 50.000

2027 225.000 22.500

2028 2029 e.v. 450.000 450.000 45.000 45.000

50.000 297.500

50.000 545.000

50.000 545.000

Naast de maatregelen binnen de verschillende beleidsdomeinen is een aantal generieke maatregelen doorgevoerd die bijdragen aan het verbeteren van het begrotingssaldo. Deze maatregelen hebben effect op de gemeentelijke begroting en op inwoners.

Kaderbrief 2027-2030

32

OZB verhogen: stijging tarief (ingang 2027) (Administratieve maatregel)

Het tarief van de onroerendezaakbelasting zal worden verhoogd vanaf 2027. Dit leidt tot een structurele toename van de gemeentelijke inkomsten en versterkt het begrotingssaldo. Voor inwoners betekent dit een hogere jaarlijkse belastingafdracht, maar draagt bij aan de financiële stabiliteit van de gemeente.

Toeristenbelasting verhogen: stijging tarief (ingang 2027) (Administratieve maatregel)

Het tarief voor de toeristenbelasting zal worden verhoogd in 2027. Dit verhoogt de inkomsten uit verblijfstoerisme en helpt de kosten van gemeentelijke voorzieningen mede te dekken. Het effect op toeristische bezoekers is beperkt, maar draagt bij aan een rechtvaardige verdeling van kosten naar gebruikers.

Schatkistbankieren (Ingegaan in 2026)(Administratieve maatregel/inhoudelijke maatregel)

De gemeente neemt deel aan schatkistbankieren conform landelijke verplichtingen. Dit leidt tot een lager renteresultaat op gemeentelijke middelen, maar beperkt tegelijkertijd financiële risico’s en draagt bij aan een beheerste kaspositie. De verwachting is dat de renteopbrengsten uit schatkistbankieren in 2027 onzeker zijn. Dit hangt samen met de geplande investeringen, onder andere voor de Camp en het cultuurhuis. Deze investeringen leiden tot hogere uitgaven en daarmee tot een lager saldo dat kan worden aangehouden in de schatkist. Hierdoor bestaat het risico dat de ingeboekte renteopbrengst niet volledig wordt gerealiseerd.

Dividenduitkering ROVA naar algemene middelen (ingang 2027) (Administratieve maatregel)

Dividenduitkeringen van ROVA worden toegevoegd aan de algemene middelen. Dit levert een directe versterking van de begroting op en kan worden ingezet ter dekking van structurele uitgaven. Reserves

Monitor realisatie maatregelen 2026-2029 e.v. Peildatum 15 april 2026 Maatregelen 71 Beëindigen toevoeging reserve IBOR Subtotaal reserves

Ingeboekte besparing Status

2026 35.000 35.000

2027 35.000 35.000

2028 2029 e.v. 35.000 35.000 35.000 35.000

Gerealiseerde besparing 2026 35.000 35.000

2027 35.000 35.000

2028 2029 e.v. 35.000 35.000 35.000 35.000

Beëindigen toevoeging reserve IBOR (ingegaan in 2026) (Administratieve maatregel)

De structurele toevoeging aan de reserve IBOR is beëindigd (ingegaan in 2026). Dit leidt tot een direct positief effect op het begrotingssaldo. Tegelijkertijd neemt de omvang van de reserve minder snel toe, waardoor de financiële buffer voor toekomstig beheer en onderhoud van de openbare ruimte beperkter wordt.

Kaderbrief 2027-2030

33

Hoofdstuk 4. Dashboard financiële gezondheid 2026 Woudenberg (totaal beeld 2025 t.o.v. 2024) Jaarlijks wordt bij de kadernota/brief een actualisatie van het dashboard financiële gezondheid Woudenberg bijgevoegd. Dit naar aanleiding van de wens van de gemeente Woudenberg om de financiële gezondheid van de gemeente nu en in de toekomst in beeld te hebben en te houden. Bij de behandeling van de begroting 2025-2028 zijn via een memo bij vijf relevante indicatoren een target of streefwaarde vastgesteld. Via een jaarlijkse update wordt inzichtelijk gemaakt of bij deze vijf relevante indicatoren de vastgestelde target of streefwaarde is gehaald. De vijf relevante indicatoren zijn: 1. Eigen vermogen (per inwoner); 2. Weerstandsratio; 3. Actualiseren beheer- en investeringsplannen; 4. Investeringsquote (%); 5. Raming (herverdeling) gemeentefonds. De externe deskundige die het Woudenbergse dashboard heeft ontwikkeld, heeft dit voorjaar het dasboard geactualiseerd. In bijlage A bij deze kaderbrief treft u de geactualiseerde versie, te weten het dashboard financiële gezondheid 2026, aan. In dit dashboard is nog geen rekening gehouden met de cijfers uit het positieve jaarresultaat 2025. Bij het totaalbeeld en voor de vijf bovengenoemde indicatoren zijn in de bijlage voor een goed vergelijk zowel de actuele scores van 2025 als de scores van 2024 weergegeven.

Hierna wordt ten aanzien van bovengenoemde vijf indicatoren kort ingegaan op de verschillen ten opzichte van het dashboard 2025 (totaal beeld 2024). 1. Eigen vermogen (per inwoner)

streefwaarde met minimale ondergrens

€ 1.500 € 1.000

Het eigen vermogen per inwoner is een maat voor de buffer die de gemeente heeft voor het opvangen van tegenvallers en deze wordt berekend aan de hand van de stand van de reserves. In het uitgebrachte dashboard 2025 stond deze voor Woudenberg op € 1.450 per inwoner (cijfers jaarrekening 2023). Door de toevoeging van het jaarrekeningresultaat 2024 is de streefwaarde bereikt. In het dashboard 2026 staat het eigen vermogen per inwoner voor 2024 namelijk op € 1.660. Dit is een forse stijging en procentueel een hogere stijging dan de stijgingen van het gemiddelde van Nederland en van de referentiegemeenten. Het gemiddelde eigen vermogen per inwoner berekend over het gemiddelde in Nederland is in het nieuwe dashboard namelijk gestegen van € 2.242 (cijfers 2023) naar € 2.412 (cijfers 2024). Bij de referentiegemeenten is een stijging zichtbaar van € 1.882 (cijfers 2023) naar € 2.105 (cijfers 2024). Hoewel Woudenberg nog niet in de buurt van deze gemiddelden komt, is Woudenberg door de forse toevoegingen aan de reserves wel dichter naar deze gemiddelden toegegroeid. Als bij de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2025 echter wederom een (forse) toevoeging aan de algemene reserves en/of bestemmingsreserves wordt gedaan, is het de verwachting dat het eigen vermogen per inwoner in 2025 de streefwaarde van 1.500 haalt.

Gezien de kerntakendiscussie, de ontwikkelingen, wensen en ambities voor de komende jaren wordt het moeilijk de gerealiseerde streefwaarde van 1.500 in 2026 de komende periode vast te houden.

Kaderbrief 2027-2030

34

2. Weerstandsratio

absolute ondergrens van 4

De weerstandsratio betreft de omvang van de geïnventariseerde risico’s ten opzichte van de aanwezige reservecapaciteit. Daardoor wordt deze ratio door twee componenten beïnvloed, namelijk de aanwezige reservecapaciteit en de geïnventariseerde risico’s. De hiervoor onder “1. Eigen vermogen (per inwoner)” beschreven toevoegingen aan de algemene reserves vanuit het jaarrekeningresultaat 2024 heeft dan ook direct effect op het weerstandsratio. Waar de weerstandsratio in het dashboard 2024 voor 2024 op 5,71 was gesteld, is deze in het dasboard 2025 voor 2025 gedaald naar 4,31. Daarmee is de absolute ondergrens van 4 in 2025 gehaald. Indien vanuit het jaarrekeningresultaat 2025 bijvoorbeeld een (forse) toevoeging aan de algemene reserves gedaan wordt, is de kans groot dat het weerstandsratio verder stijgt dan 4,31 mits de geïnventariseerde risico’s niet stijgen. Echter wordt voor 2026, gezien de in deze kaderbrief gepresenteerde cijfers, verwacht dat het eigen vermogen zal dalen. Verder is in de begroting 2026 de benodigde weerstandscapaciteit gestegen met 2 miljoen door alle ingeschatte risico’s. Dit zorgt voor een lagere weerstandratio onder de 4. 3. Actualiseren beheer- en investeringsplannen vanaf begroting 2027 is 80% < 5 jaar Stapsgewijs worden, waar nodig, de beheer- en investeringsplannen geactualiseerd.

De streefwaarde van 80 % van de beheer-en investeringsplannen vanaf de begroting 2027 geactualiseerd te hebben zal waarschijnlijk niet gehaald worden. Bij de begroting 2027-2030 zal aangegeven worden welke beheer- en investeringsplannen we in 2027 gaan actualiseren. Ook zal in deze begroting een classificering van financiële importantie worden gekoppeld aan de lopende beheer- en investeringsplannen waar deze van toepassing is. 4. Investeringsquote (%)

consequent en tijdig ramen

De investeringsquote is de indicator die de toename van de vaste activa op de balans de achterliggende vier jaar meet ten opzichte van de baten van de gemeente. Het is een indicator van de instandhouding van het voorzieningenniveau van de gemeente. Het dashboard 2026 laat ten aanzien van de investeringsquote een onveranderd beeld zien ten opzichte van de quote in het dasboard 2025. Met 0,64 voor 2024 blijft deze ruim onder de signaalwaarde van 2 en ruim onder het gemiddelde van Nederland (3,6) en van de referentiegemeenten (7,8). De afgelopen jaren zijn er weinig nieuwe investeringen gedaan. Vanaf 2025 zijn wel meer investeringen opgenomen. De verwachting is dat de investeringsquote van Woudenberg stijgt naar 6,44 in 2027. Dit is ten opzichte van de houdbaarheid van de begroting een gunstige ontwikkeling. 5. Raming (herverdeling) gemeentefonds

lobby en aandacht blijven vragen

De uitkomst van de herverdeling van het Gemeentefonds in 2022 laat zien dat de gemeente Woudenberg er structureel € 115 per inwoner op achteruitgaat. Om de financiële effecten hiervan geleidelijk te laten landen, is er een ingroeipad afgesproken dat loopt tot en met 2025, met een maximum nadeel van € 37,50 per inwoner per jaar. Dit ingroeipad is verwerkt in de begroting. In de begroting 2026–2029 is daarnaast rekening gehouden met een verdere afbouw van deze demping. Vanaf 2027 is daarom jaarlijks een aanvullend nadeel van € 15 per inwoner opgenomen, in lijn met de verwachting dat het ingroeipad na 2026 verder wordt voortgezet of afgebouwd richting het volledige structurele effect. Het risico vanaf 2027 (conform kamerbrief) en verder is verwerkt in het financieel beeld voor de kaderbrief 2027-2030 (inclusief cijfers kerntakendiscussie) en wordt meegenomen in het creëren van een sluitend perspectief. Daarmee is er sprake van een gezond uitgangspunt. Ten aanzien van de raming van het gemeentefonds biedt de Voorjaarsnota 2026 van het Rijk weliswaar enige verlichting voor de financiële positie van gemeenten, maar deze is onvoldoende om Kaderbrief 2027-2030

35

de onderliggende problematiek structureel op te lossen. De financiële druk op gemeenten blijft daarmee onverminderd aanwezig. Het college zal zich daarom, samen met andere gemeenten en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), net als in de afgelopen periode, blijven inzetten voor een eenduidig en krachtig appel richting de landelijke politiek. Doel hiervan is om aandacht te vragen voor de financiële positie van gemeenten en de uitvoerbaarheid van hun wettelijke taken, zodat deze op een duurzame en verantwoorde wijze kunnen worden geborgd. Daarnaast blijft de ambtelijke organisatie actief betrokken bij de financiële kopgroep van de K80. Vanuit deze betrokkenheid wordt blijvend aandacht gevraagd voor de specifieke financiële positie van kleine gemeenten. Tevens wordt via deze kopgroep aangesloten gebleven bij de lopende onderzoeken naar de herverdeling van het gemeentefonds, zodat ontwikkelingen tijdig worden gevolgd en waar mogelijk invloed kan worden uitgeoefend op de verdere uitwerking.

Conclusie Alles overziend hebben de forse toevoegingen aan de reserves vanuit het jaarrekeningresultaat 2024 geleid tot een stijging van zowel het eigen vermogen per inwoner als het weerstandsvermogen. De indicator voor het eigen vermogen per inwoner voldoet daarmee aan de afgesproken streefwaarde van € 1.500. Ook het weerstandsvermogen komt boven de vastgestelde absolute ondergrens van 4 uit. Hoewel de streefwaarden op dit moment worden gehaald, is de verwachting dat het de komende jaren uitdagend wordt om dit niveau te behouden. Onder andere de uitkomsten van de kerntakendiscussie, diverse (autonome) ontwikkelingen, toenemende wensen en ambities, en een stijging van de geïnventariseerde risico’s zorgen ervoor dat zowel de streefwaarde voor het eigen vermogen per inwoner als de ondergrens voor het weerstandsvermogen onder druk komen te staan. Ten aanzien van het actualiseren van de beheer- en investeringsplannen en de investeringsquote wordt bij de begroting 2027–2030 een geactualiseerd overzicht opgenomen. Hiermee wordt inzicht geboden in de meerjarige investeringsopgave en de bijbehorende financiële consequenties. Tot slot blijft het van belang om aandacht te houden voor de raming en de herverdeling van het gemeentefonds, aangezien deze van grote invloed zijn op de toekomstige financiële positie van de gemeente.

Kaderbrief 2027-2030

36

Hoofdstuk 5. Financiële positie (reserves/ weerstandsvermogen) Bij het beoordelen van de financiële positie van de gemeente spelen het weerstandsvermogen en de risico’s een belangrijke rol. In deze notitie komen de reservepositie en de risico’s aan de orde. Eerst geven we een beeld bij welke reserves en voorzieningen er per 1 januari 2026 een mutatie plaatsvindt als gevolg van de jaarrekening 2025 en reeds genomen raadsbesluiten, daarna komt de reservepositie (reserves beschikbaar voor algemene middelen) en het weerstandsvermogen van de gemeente aan de orde.

Reserves en voorzieningen De stand van de reserves en voorzieningen per 1 januari 2026 is als volgt (het resultaatbestemming 2025 ad. € 3,6 miljoen is nog niet in deze cijfers verwerkt): Oudsaldo

Mutaties

Mutaties

Nieuwsaldo

01-01-2026

bij

af

01-01-2026

Algemene reserve

10.249.000

-

-

10.249.000

Algemene reserve grondbedrijf

3.377.000

-

-

3.377.000

Reserve overlopende kredieten

1.295.000

-

-

1.295.000

Reserve dorpsvoorzieningen

1.702.000

-

-

1.702.000

Reserve kapitaallasten Centrumplan fase 2

522.000

-

-

522.000

Reserve speelvoorzieningen

21.000

-

-

21.000

1.021.000

-

-

1.021.000

268.000

-

-

268.000

Reserve opleidingskosten personeel

73.000

-

-

73.000

Reserve co-financiering

367.000

-

-

367.000

Reserve kapitaallasten machinepark

172.000

-

-

172.000

Reserve sociaal domein

677.000

-

-

677.000

Reserve huisvestingbasisonderwijs

608.000

-

-

608.000

Reserve wegen Reserve civiele kunstwerken

Reserve onderhoud gebouwen

1.352.000

-

-

1.352.000

Reserve IBOR

208.000

-

-

208.000

Reserve ICT

195.000

-

-

195.000

Reserve omgevingswet

272.000

-

-

272.000

Reserve omgevingsplan en visie

264.000

-

-

264.000

Reserve duurzaamheid

758.000

-

-

758.000

Reserve Sportpark De Grift

240.000

-

-

240.000

Reserve ontheemden

300.000

-

-

Subtotaal reserves

23.941.000

Voorzieningpensioenregelingwethouders

1.593.000

-

-

1.593.000

549.000

-

-

549.000

Voorzieningverlofdagen Voorzieningegalisatie afvalstoffenheffing Voorzieningegalisatie riolering Voorzieningsociaal statuut

300.000 23.941.000

295.000

-

-

295.000

6.820.000

-

-

6.820.000

1.000

-

-

1.000

Voorzieningafbouwregelingvergoedingoud papier Subtotaal voorzieningen

7.000 9.265.000

-

-

7.000 9.265.000

TOTAAL

33.206.000

-

-

33.206.000

Kaderbrief 2027-2030

37

Reserves Enkele reserves worden nader toegelicht: Algemene reserve

Saldo per 1-1-2026: € 10.249.000 Met het oog op de continuïteit van de bedrijfsvoering is het wenselijk een robuuste algemene reserve aan te houden. De reserve dient als buffer voor het opvangen van risico’s en verplichtingen waar geen voorzieningen voor zijn gevormd en ter dekking van onverwachte tekorten op de jaarrekening. Het saldo van de algemene reserve bedraagt per 31 december 2025 € 10.249.000, zoals verwerkt in de jaarrekening 2025. Een eventuele toevoeging vanuit het resultaatbestemming 2025 ad. € 3,6 miljoen is nog niet in het saldo per 31 december 2025 verwerkt. Er zijn reeds verplichtingen aangegaan voor een bedrag van € 3,5 miljoen vanwege investeringskredieten die nog ten laste komen van de algemene reserve (zie verloop algemene reserve verderop in dit hoofdstuk).

Algemene reserve grondbedrijf

Saldo per 1-1-2026: € 3.377.000 Deze reserve dient ter dekking van alle risico’s die de gemeente loopt ten aanzien van grondexploitaties. Ook afwaardering van gronden komt ten laste van deze reserve. De reserve wordt gevoed uit de resultaten van de lopende grondexploitaties. De raad heeft in april 2016 besloten de voordelige en nadelige exploitatieresultaten van de deelprojecten herontwikkeling Woudenberg-Oost te labelen in de algemene reserve grondbedrijf. Verderop in dit hoofdstuk wordt een meerjarig verloop van deze reserve in beeld gebracht. Het meerjarig verloop van deze reserve is uitgesplitst in een algemeen deel en een deel Woudenberg Oost.

Reserve overlopende kredieten

Saldo per 1-1-2026: € 1.295.000 Bij de vaststelling van de najaarsrapportage 2020 (raad december 2020) is besloten de reserve overlopende kredieten in te stellen. Het komt regelmatig voor dat incidentele budgetten/kredieten een doorlooptijd hebben van meer dan een jaar of door uitstel opnieuw aangevraagd worden via de gebruikelijke tussentijdse financiële rapportages. Op dit moment hebben we nog verplichtingen in de algemene reserve betreffende restant investeringskredieten die een vertekend beeld geven van wat er nog in de algemene reserve beschikbaar is aan algemene middelen ter dekking van een begrotingstekort of ingeschatte risico’s. Daarom is besloten deze posten op te nemen in de nieuwe reserve overlopende kredieten. Investeringskredieten, die nog niet zijn afgerond en doorlopen naar een volgend jaar, worden voortaan verwerkt in de reserve overlopende kredieten. Voorbeelden hiervan zijn het krediet doorontwikkeling buitendienst en een verwachte aanpassing algemene uitkering onderdeel WOZ 2024.

Reserve ontheemden

Saldo per 1-1-2026: € 300.000 De gemeente behaalt een positief resultaat op de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Op dit moment worden ongeveer 270 plekken aangeboden. Dit gebeurt op meerdere gemeentelijke locaties. Omdat de opvang efficiënt georganiseer is, is de regeling van het Rijk ruim voldoende om de opvang te creëren. Waar sommige gemeenten hebben gekozen voor opvang in bijvoorbeeld hotels, zijn de locaties van de gemeente Woudenberg in eigen beheer. Inmiddels wordt voor elke locatie wel huur betaald. Een deel van het werk dat plaatsvindt voor de doelgroep (koken en vertalen) vindt plaats door Oekraïense vluchtelingen die de gemeente Woudenberg in dienst heeft. Dit gaat om tijdelijke dienstverbanden, waarvan we weten dat we die ook alleen tijdelijk kunnen aanbieden. Dit is immers geen werk wat de gemeente blijvend zal uitvoeren. We voorzien vanwege de langdurige Kaderbrief 2027-2030

38

opvang, maar ook vanwege de mogelijke taakstelling uit de spreidingswet dat de gemeente kosten zal maken om ontheemden (Oekraïne en asiel) op te vangen. Met deze reserve kan een deel van die kosten worden opgevangen.

Reserve dorpsvoorzieningen

Saldo per 1-1-2026: € 1.702.000 Ter bestemming van de rekeningresultaten 2022 tot en met 2024 is in totaal € 1.700.000 (2 x € 350.000 en 1 x € 1.000.000) toegevoegd aan de reserve dorpsvoorzieningen. Vervolgens zijn bij de recente P&C documenten memo’s gevoegd met concrete bestedingen vanuit de reserve dorpsvoorzieningen. Hierna volgt een overzicht met de stand van zaken per 1 januari 2026. Onderwerp

Inschatting ten Verantwoord in tijde van najaars- de jaarrekening rapportage 2025 2025

Saldo reserve dorpsvoorzieningen per 1 jan 2026

Inschatting per 1 januari 2026

919.011

783.160

1.000.000

-1.000.000

0

1 Openbare ruimte Dorpshart - incidentele maatregelen

-9.591

0

-9.591

2 Dorpsrand

-50.000

0

-50.000

Toevoeging vanuit jaarrekening resultaat 2024

3 Businesscase Cultuurhuis - krediet vervolgonderzoek

1.702.171

-125

0

-125

4 Onderzoek toekomst sporten Woudenberg

-100.000

56.600

-43.400

5 Toegangshek voormalige buitenplaats Groenewoude

-22.000

0

-22.000

6 Onderzoek horeca

-10.240

10.240

0

7 Subsidieaanvraag 't Schilt

-150.000

150.000

0

8 Actualiseren monumentenlijst

-50.000

0

-50.000

9 Evaluatie verkeerscirculatie centrum

-31.880

0

-31.880

10 Subsidie modulaire hal

-1.100.000

0

-1.100.000

11 Locatiegebonden kosten modulaire hal

-250.000

0

-250.000

12 Kosten onderzoek restauratie/onderhoud toren dorpskerk

-23.000

0

122.175

0

-23.000 122.175

Resterende ruimte +=voordelig - =nadelig

1. Openbare ruimte Dorpshart - incidentele maatregelen

Oorspronkelijk budget € 25.615. De kleine verbeteringen in het dorpshart zijn in 2024 en 2025 doorgevoerd voor het bedrag van € 16.024. Er is nog en restant budget beschikbaar van € 9.591 in 2026.

2. Dorpsrand

Voor de ontwikkelingen in de zuidelijke dorpsrand (onderdeel Sport & Spel) is in september 2024 door de raad een krediet van € 50.000 beschikbaar gesteld ten laste van de reserve dorpsvoorzieningen. De € 50.000 is een gedeelte van het totaal netto investeringskrediet Zuidelijke Dorpsrand van € 625.000. De uitname uit de reserve dorpsvoorzieningen wordt in 2026 verwacht.

3. Businesscase Cultuurhuis - krediet voor vervolgonderzoek

In november 2023 heeft de raad het college de opdracht gegeven om ten aanzien van twee scenario’s uit het rapport “Scenariostudie Cultuurhuis Woudenberg” een financieel dekkingsplan op te laten stellen. Hiervoor heeft de raad eenmalig een bedrag van € 40.000 beschikbaar gesteld welke gefinancierd wordt vanuit de reserve dorpsvoorzieningen. De uitgaven voor 2024 en 2025 zijn in totaal € 39.875. Het vervolgonderzoek is afgerond. Het restant budget van € 125 kan gebruikt worden binnen de reserve dorpsvoorzieningen voor andere onderwerpen.

Kaderbrief 2027-2030

39

4. Onderzoek toekomst sport in Woudenberg

Oorspronkelijk is in de reserve dorpsvoorzieningen € 100.000 gereserveerd voor onderzoek toekomst sport in Woudenberg. In juli 2024 is voor het onderzoek naar sport in Woudenberg door de raad een krediet beschikbaar gesteld van € 65.000. De kosten voor het onderzoek bedragen € 56.600 en zijn in 2025 ten laste gebracht van de reserve dorpsvoorzieningen. Het onderzoek is afgerond waardoor het restant gereserveerde bedrag van € 43.400 gebruikt kan worden binnen de reserve dorpsvoorzieningen voor andere onderwerpen.

5. Restauratie toegangshek voormalige buitenplaats Groenewoude

In 2026 wordt het rijksmonument toegangshek voormalige buitenplaats Groenewoude gerestaureerd. De kosten voor de restauratie van het hek bedragen € 22.000. De restauratiekosten worden gedekt uit de reserve dorpsvoorzieningen.

6. Onderzoek horeca

Naar aanleiding van de Visie op de Retail, die wijst op de noodzaak van een beperkte uitbreiding van dag- en/of avondhoreca in het centrum, is er een onderzoek uitgevoerd naar de versterking van de horeca. Het onderzoek heeft een analyse gemaakt van de huidige horecasituatie en onderzocht of er marktruimte en behoefte is. De conclusie van dit onderzoek is dat er zeer beperkte uitbreidingsmogelijkheden zijn om vraag en aanbod in balans te houden. Het is vooral belangrijk dat het centrum van Woudenberg een trekker heeft waardoor de horeca en detailhandel worden versterkt. In de voorjaarsrapportage 2025 is door de raad besloten het onderzoek naar de versterking van de horeca ad. € 10.240 te bekostigen uit de reserve dorpsvoorzieningen. Het onderzoek heeft in 2025 plaatsgevonden en is afgerond. 7. Subsidieaanvraag ’t Schilt In september 2024 is door de raad besloten om Tennisvereniging ’t Schilt een subsidie te verstrekken van € 150.000 als bijdrage voor het plaatsen van een padelhal. Deze subsidie is in 2025 verstrekt.

8. Actualiseren monumentenlijst

In de begroting 2025 is een eenmalig investeringskrediet van € 50.000 opgenomen voor het actualiseren van de monumentenlijst. Het eenmalig investeringskrediet wordt gedekt uit de reserve dorpsvoorzieningen. De uitgaven zullen vanaf 2026 worden gemaakt.

9. Evaluatie verkeerscirculatie centrum

Bij de besluitvorming over de verkeerscirculatie van het centrum in 2016 heeft de gemeenteraad een bedrag van € 50.000 gereserveerd voor de uitvoering van een evaluatie. Dit bedrag zou ten laste komen van de reserve dorpsvoorzieningen. De uitvoering van deze evaluatie is op dit moment in volle gang. De uitgaven tot en met 2025 bedragen € 18.120 en komen ten laste van de reserve dorpsvoorzieningen. Voor 2026 en verder blijft nog beschikbaar € 31.880.

10. Subsidie modulaire hal

In de raadsvergadering van november 2025 is besloten Stichting ABC een eenmalige subsidie te verstrekken van € 1.100.000 ten behoeve van de realisatie van een tijdelijke modulaire hal en deze te dekken uit de reserve dorpsvoorzieningen. In 2026 wordt de subsidie in termijnen aan Stichting ABC verstrekt.

11. Locatiegebonden kosten modulaire hal

De gemeenteraad heeft in november 2025 een maximaal krediet van € 250.000 beschikbaar gesteld voor locatie gebonden kosten welke gemaakt moeten worden om de realisatie van een modulaire hal op de locatie mogelijk te maken. Deze kosten worden in 2026 gemaakt en gedekt uit de reserve dorpsvoorzieningen. Kaderbrief 2027-2030

40

12.Kosten onderzoek restauratie/onderhoud toren dorpskerk

De toren van de dorpskerk is een rijksmonument in gemeentelijk bezit. Vanuit Monumentenwacht en Stichting Oud Woudenberg is aandacht gevraagd voor de staat van de toren. Voor onderzoek naar restauratie/onderhoud is een extern bureau gevraagd een offerte uit te brengen. De kosten voor dit onderzoek bedragen € 23.000. Via het onderzoek wordt een restauratieplan gemaakt inclusief een verkenning van subsidiemogelijkheden. Voorgesteld wordt deze onderzoekskosten ten laste te brengen van de reserve dorpsvoorzieningen. Er is gestart met het onderzoek.

Reserve duurzaamheid

Saldo per 1-1-2026: € 758.000 Vanuit de jaarresultaten 2022 en 2023 is in totaal € 700.000 gestort in de reserve duurzaamheid. Op het gebied van duurzaamheid is de opgave groot. Het Rijk heeft zich gecommitteerd aan de afspraken uit het Parijs-akkoord, waar een stevige reductie van CO2 is afgesproken. De gemeente ontvangt ten aanzien van duurzaamheid gelden van het Rijk die op dit moment alleen ingezet kunnen worden voor het aannemen of inhuren van personeel. Uitvoeringskosten voor relevante projecten dienen bekostigd te worden uit de reserve duurzaamheid of de algemene middelen. Vooral de inzet op isolatieacties blijft de komende 10 jaar de basis. Gelijktijdig willen we inzet plegen op het gebied van de warmtetransitie en alternatieve warmtebronnen onderzoeken; gas als energiebron moet worden afgebouwd. Dit vraagt veel aandacht en geld. Daarnaast zal de focus de komende jaren liggen op het informeren en stimuleren van inwoners en het isoleren van woningen. Tot en met 2030 verwacht het college de reserve duurzaamheid in te gaan zetten voor de volgende projecten: Verloop 2025-2030 Stand van de reserve Duurzaamheid per 1 jan:

2025 863.506

2026 757.569

2027 563.326

2028 436.908

2029 322.213

2030 237.518

Digitaal energieloket

-6.999

-2.195

-2.195

-2.195

-2.195

-2.195

Gemeentelijke bijdrage SMP

5.093

-7.500

-7.500

-7.500

-7.500

-7.500

-15.000

-15.000

-15.000

-15.000

-15.000

-10.000

-10.000

-10.000 -25.000

Ten laste van de reserve:

Energie in Woudenberg ZonOpWoudenberg

-30.000

EDC eigen bijdrage

-9.376

-10.000

-10.000

USET eigen bijdrage

0

-11.723

-11.723

Aardgasvrije wijken

-2.480

-25.000

-25.000

-25.000

-25.000

Overige marketing/ communicatie materialen

-5.000

-5.000

-5.000

-5.000

-5.000

Overige projecten

-10.000

-10.000

-10.000

-10.000

-10.000

-30.000

-30.000

-10.000

-10.000

-10.000

-10.000

436.908

322.213

237.518

102.823

Opstellen verplichte warmteprogramma

-28.875

-21.125

Voortzetting isolatieacties Onderzoek investering alternatieve bronnen

-15.000

Verduurzamen bedrijven

-10.000 -30.000

Investeringskrediet deelmobiliteit

-14.500

-35.500

Circulaire economie

-3.800

-11.200

757.569

563.326

Stand van de reserve Duurzaamheid per 31 dec:

-50.000

Voorzieningen Enkele voorzieningen worden nader toegelicht: Voorziening afbouwregeling vergoeding oud papier

Saldo per 1-1-2026: € 7.000 Vanaf het 4e 2023 kwartaal wordt het oud papier niet meer opgehaald door verenigingen. De vergoeding die zij voor deze werkzaamheden ontvingen zijn gestopt. Als compensatie voor het opvangen van de minder inkomsten is een afbouwregeling overeengekomen. Tot en met 2026 zal er jaarlijks een vergoeding uitgekeerd worden. In 2023 is een voorziening voor het gehele bedrag gevormd. Kaderbrief 2027-2030

41

Voorziening verlofdagen

Saldo per 1-1-2026: € 549.000 Via de jaarrekening 2022 is de voorziening verlofdagen gevormd. Vanaf 2022 dient de gemeente, conform de financiële regelgeving (BBV), de voorziening verlofsparen te hebben gevormd. Bij verlofsparen is er sprake van arbeidskosten gerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw hebben en daarmee ook een onvoorspelbare afbouw kennen. Hiervoor dient een voorziening te worden gevormd. De hoogte van de voorziening zal jaarlijks op nieuw berekend en afgestemd worden met de accountant.

Reservepositie De gemeente Woudenberg heeft twee reserves die beschikbaar zijn voor algemene middelen, financiële tegenvallers en overige risico’s. Per 1 januari 2026 is de stand van deze reserves: Algemene reserve Algemene reserve grondbedrijf Totaal

€ 10.248.884 € 3.376.924 € 13.625.808

Tot en met 2023 verwachten we de volgende mutaties bij de algemene reserve: Saldo eind 2023 mutaties 2024: - toevoeging i.v.m. overschot jaarrekening 2023 - aanwending i.v.m. kosten eenmalige afschrijving Parklaan 6-10 - aanwending i.v.m. externe kosten kerntakendiscussie Saldo eind 2024 mutaties 2025: - toevoeging i.v.m. overschot jaarrekening 2024

6.601.660 2.834.939 -82.500 -24.775 9.329.324 1.400.880

- aanwending i.v.m. kosten inrichting en overdracht aankoop Parklaan 6-10

-8.625

- aanwending i.v.m. externe kosten kerntakendiscussie

-30.225

- aanwending i.v.m. tijdelijke kosten uitbreiding personeel Cultuurhuis - aanwending i.v.m. incidentele dekking korting Rijk via gemeentefonds 2025 Saldo eind 2025 mutaties 2026: - toevoeging i.v.m. overschot jaarrekening 2025 - aanwending i.v.m. kosten inrichting en overdracht aankoop Parklaan 6-10

-50.000 -392.470

- aanwending i.v.m. tijdelijke extra personeelskosten

-133.000

- aanwending i.v.m. versneld afschrijven investering verkeersmaatregelen Europaweg/ Stat weg

-325.000

- aanwending i.v.m. krediet gebiedsvisie focuswijk Beatrixstraat en omgeving

10.248.884 pm -45.375

-125.000

- aanwending i.v.m. overheveling naar reserve onderhoud gebouwen (MJOP) Saldo eind 2026 mutaties 2027: - toevoeging/ aanwending i.v.m. geraamd overschot/ tekort begrotingsjaar 2026

-1.353.684

- aanwending i.v.m. tijdelijke extra personeelskosten Saldo eind 2027 mutaties 2028: - toevoeging/ aanwending i.v.m. geraamd overschot/ tekort begrotingsjaar 2027

-133.000

- aanwending i.v.m. tijdelijke extra personeelskosten - aanwending i.v.m. overheveling naar reserve kapitaallasten verbouwing Cultuurhuis Saldo eind 2028 mutaties 2029: - toevoeging/ aanwending i.v.m. geraamd overschot/ tekort begrotingsjaar 2028 Saldo eind 2029

8.266.825 pm 8.133.825 pm -134.000 -1.211.385 6.788.440 pm 6.788.440

mutaties 2030: - toevoeging/ aanwending i.v.m. geraamd overschot/ tekort begrotingsjaar 2029 Saldo eind 2030

Kaderbrief 2027-2030

pm 6.788.440

42

In bovenstaand overzicht is het geraamd overschot jaarrekening 2025 p.m. meegenomen. Inmiddels is bekend dat het jaarresultaat 2025 rond de € 3,6 miljoen voordelig zal bedragen. In dezelfde raadsvergadering, als waar deze kaderbrief is geagendeerd, zal de raad een besluit nemen over de bestemming van het voordelig jaarresultaat 2025. De verwachting is dat een deel van het voordelig resultaat 2025 zal worden toegevoegd aan de algemene reserve. Per 1 januari 2026 bedraagt de algemene reserve € 10,2 miljoen en loopt deze terug naar € 6,8 miljoen eind 2028 voornamelijk door:  Versneld afschrijven investering verkeersmaatregelen Europaweg (€ 0,3 mln)  Tijdelijk extra personeelskosten (€ 0,4 mln)  Overheveling naar reserve onderhoud gebouwen MJOP (€ 1,4 mln)  Overheveling naar reserve kapitaallasten verbouwing Cultuurhuis (€ 1,2 mln)

Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is te omschrijven als ‘de mate waarin de gemeente Woudenberg in staat is middelen vrij te maken om incidentele financiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van het bestaande beleid inzake de gemeentelijke dienstverlening’. Het weerstandsvermogen is een graadmeter voor de robuustheid van de financiële positie van de gemeente. Het is immers niet wenselijk dat er direct moet worden bezuinigd en/of omgebogen indien zich onverwachte en substantiële tegenvallers voordoen. Om vast te kunnen stellen of het weerstandsvermogen voldoende is, worden de belangrijke risico’s geïnventariseerd en gerelateerd aan de middelen en mogelijkheden die de gemeente heeft om de financiële gevolgen van dergelijke niet begrote zaken te kunnen opvangen. Prioritering van risico’s vindt plaats aan de hand van een schaalindeling van de kans. De volgende schaalindeling wordt als leidraad gehanteerd. Schalen voor de inschatting van de kans:  Groot (= 60%) : waarschijnlijk, de kans dat de gebeurtenis zich voordoet is groot.  Gemiddeld (= 40%) : mogelijk, de kans dat de gebeurtenis zich voordoet is gemiddeld.  Klein (= 20%) : de kans dat de gebeurtenis zich voordoet is klein. In Woudenberg hebben we 2 soorten risico’s, namelijk : programmarisico’s (structureel en incidenteel) en risico’s die voortvloeien uit de grondexploitatie.

Kaderbrief 2027-2030

43

In de volgende tabel staat een inschatting van de belangrijkste structurele risico’s voor 2027: Programmarisico's

Begroting Risico % 2027

Programma 1 - Samenleving Leerlingenvervoer 676.000 Sociaal domein 10.400.000 Wmo (huishoudelijke hulp) 1.400.000 Bibliotheek 50.000 Totaal programma 1 - Samenleving 12.526.000 Programma 2 - Leefomgeving Volksgezondheid/ groen P.M. Totaal programma 2 - Leefomgeving 0 Programma 4 - Ruimte, wonen en ondernemen Netcongestie 500.000 Totaal programma 4 - Ruimte, wonen en ondernemen 500.000 Programma 5 - Dienstverlening Gemeenschappelijke regelingen 2.900.000 Ontwikkelingen HRM 9.000.000 Uitvoering maatregelen kerntakendiscussie 1.884.000 Totaal programma 5 - Dienstverlening 13.784.000 Algemene dekkingsmiddelen Algemene uitkering 27.500.000 Herijking gemeentefonds (€ 115 - € 82,50 per inw) 487.500 Totaal algemene dekkingsmiddelen 27.987.500 Overige kleine risico's Totaal structurele risico's 54.797.500

Omvang risico

Kans

10% 67.600 10% 1.040.000 25% 350.000 100% 50.000 1.507.600

Bedrag risico

60% 40% 60% 60%

40.560 416.000 210.000 30.000 696.560

0

50.000 50.000

60%

30.000 30.000

100%

500.000 500.000

60%

300.000 300.000

5% 5% 50%

145.000 450.000 942.000 1.537.000

60% 60% 20%

87.000 270.000 188.400 545.400

687.500 487.500 1.175.000 0 200.000 4.969.600

40% 40%

2,50% 100%

275.000 195.000 470.000 20% 40.000 2.081.960

De incidentele programmarisico’s geven het volgende beeld te zien: Programmarisico's Programma 5 - Dienstverlening Voorziening wethouderspensioenen Totaal programma 5 - Dienstverlening Loon- en prijsstijgingen Totaal incidentele risico's

Begroting Risico % 2027 1.600.000 1.600.000 250.000 1.850.000

Omvang risico

10%

160.000 160.000 250.000 410.000

100%

Bedrag risico

Kans

20% 60%

32.000 32.000 150.000 182.000

De risico’s op het gebied van de grondexploitaties zien er als volgt uit: Grondexploitatierisico's

Bouwgronden in exploitatie Hoevelaar fase 2 (3e herziening) Totaal bouwgronden in exploitatie Bouwgronden niet in exploitatie Overige gronden Laagerfseweg Overige gronden Parklaan 6-10 Overige gronden Dorpsstraat 20-22 Totaal bouwgronden niet in exploitatie Bouwgronden nogniet in exploitatie Hoevelaar fase 3 Totaal bouwgronden nogniet in exploitatie Totaal grondexploitatierisico's

Risico

Nogte realiseren winst

370.483 1.172.279 370.483 1.172.279

Voorziening

Omvang risico

0 0

Kans

Bedrag risico

0 0

40%

0 0

1.600.000 1.262.000 700.000 3.562.000

1.600.000 1.262.000 700.000 3.562.000

20% 20% 60%

320.000 252.400 420.000 992.400

4.470.900 4.470.900 8.403.383

4.470.900 4.470.900 8.032.900

40% 1.788.360 1.788.360 2.780.760

In de algemene reserve grondbedrijf is € 3,4 miljoen beschikbaar om de grondexploitatierisico’s te kunnen dekken. Kaderbrief 2027-2030

44

In totaliteit zijn op dit moment de risico’s Programmarisico’s (structureel) Programmarisico’s (incidenteel) Risico’s grondexploitaties Totaal

€ 2.081.960 € 182.000 € 2.780.760 € 5.044.720

Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente Woudenberg beschikt om niet-geraamde kosten die onverwachts en substantieel zijn (bijvoorbeeld in geval van een calamiteit) te dekken. Onderdelen van de weerstandscapaciteit zijn:  het vrije aanwendbare deel van de reserves;  de stille reserves;  post onvoorziene uitgaven;  onbenutte belastingcapaciteit;  vrije begrotingsruimte. In de navolgende tabel is de weerstandscapaciteit voor Woudenberg berekend: WeerstandscapaciteitWoudenberg Weerstandscapaciteit per 1-1-2026: - Algemene reserve - Algemene reserve grondbedrijf - Stille reserves - Onvoorziene uitgaven - Onbenutte belastingcapaciteit * - Vrije begrotingsruimte

10.248.884 3.376.924 0 0 2.258.000 0

Totaal

15.883.808

* Onbenutte belastingcapaciteit: voor de maximale belastingtarieven wordt gebruik gemaakt van de normen voor het artikel 12-beleid. Dit betekent dat indien de gemeente Woudenberg niet meer in staat zou zijn om de structureel zich manifesterende risico’s binnen de exploitatie op te vangen de gemeente door het Rijk gewezen zou worden op de mogelijkheid om de OZB-tarieven te verhogen om zodoende meer structurele opbrengsten te realiseren. Dit noemt men het artikel 12-beleid.

Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en beschikbare weerstandcapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicoberekening voortvloeit, kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit

=

15.883.808 = 5.044.720

3,15

Het weerstandsvermogen is 3,15. Groter dan 1 duidt erop dat de beschikbare weerstandscapaciteit toereikend is om de gekwantificeerde risico’s op korte termijn af te kunnen dekken. Zouden we de onbenutte belastingcapaciteit niet mee rekenen in het weerstandscapaciteit dan komt het weerstandsvermogen uit op afgerond 2,70.

Kaderbrief 2027-2030

45

Gewenst weerstandscapaciteit

Naar aanleiding van het dasboard financiële gezondheid 2024 gemeente Woudenberg is besloten dat het wenselijk is dat ons weerstandscapaciteit minimaal 4 bedraagt. Met 3,15 zitten we ruim onder de gewenste 4. De gewenste weerstandscapaciteit is op 4 gezet zodat de gemeente de geprognosticeerde risico’s in principe voor vier jaar uit de aanwezige reserves zou kunnen dekken indien de risico’s zich allemaal tegelijk en in volle omvang voordoen. In de tussenliggende jaren heeft de gemeente de gelegenheid om de effecten van de risico’s volledig in de reguliere begroting te verwerken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.woudenberg.nl/api/v1/meetings/4287/documents/77106