04. Kaderbrief 2027-2030.pdf
Tekst van het document
Kaderbrief 2027-2030
Gemeente Woudenberg
Kaderbrief 2027-2030
1
Inhoud Pagina Hoofdstukken: 1.
Inleiding
3
2.
Beleidsontwikkelingen
6
3.
Monitor realisatie maatregelen 2026-2029
25
4.
Toelichting dashboard financiële gezondheid 2026 Woudenberg (update)
34
5.
Financiële positie (reserves/weerstandsvermogen)
37
Bijlagen: A.
Dashboard financiële gezondheid 2026 Woudenberg
B.
Kostenontwikkeling Sociaal Domein 2026-2027
Kaderbrief 2027-2030
2
Hoofdstuk 1. Inleiding 1.1. Algemeen In verband met de gemeenteraadsverkiezingen is er dit jaar geen kadernota, maar een kaderbrief 2027 – 2030 opgesteld. In de kaderbrief worden diverse autonome ontwikkelingen en –actualisaties gepresenteerd, met een effect op de beschikbare financiële ruimte. Eventuele wensen op verschillende beleidsterreinen zijn financieel niet meegenomen in deze kaderbrief. De kaderbrief is opgebouwd uit de volgende hoofdstukken: 1. Inleiding 2. Beleidsontwikkelingen (financieel perspectief) 3. Monitor realisatie maatregelen 2026-2029 4. Toelichting dashboard financiële gezondheid 2026 Woudenberg (update) 5. Financiële positie (reserves/weerstandsvermogen) De kaderbrief is puur informatief waarbij aan de raad wordt gevraagd deze voor kennisgeving aan te nemen. De ontwikkelingen en actualisaties dienen als basis voor de nog op te stellen gemeentebegroting 2027-2030. In deze begroting wordt nieuw beleid en het Coalitieakkoord 20262030 inhoudelijk en financieel vertaald.
1.2. Bestuurlijk financieel kader Al een aantal jaar op rij zijn er landelijk vragen over de houdbaarheid van de financiering van gemeenten. Ook de gemeente Woudenberg wordt door deze landelijke discussies geraakt. Naast een terugval in de algemene uitkering, wordt de gemeente ook geraakt door de herverdelingssystematiek van de algemene uitkering. Beide ontwikkelingen zetten de financiën van de gemeente Woudenberg onder druk. Met de gehouden kerntakendiscussie in 2025 hebben we het ravijnjaar (was 2026, nu 2028) en de nadelige herverdeling algemene uitkering (tot en met 2029) opgelost, echter door oplopende kosten (meer dan geprognotiseerd) jeugdzorg en ICT staan we ondanks de enorme stappen die we hebben gezet toch weer voor een uitdaging.
Kabinet voorjaarsnota
De Voorjaarsnota van het kabinet vormt traditioneel een belangrijk ijkmoment voor het opstellen van het gemeentelijk financieel perspectief. Uit de Voorjaarsnota 2026 blijkt dat het Rijk terughoudend blijft met het structureel toekennen van aanvullende middelen aan gemeenten. Het vorige kabinet heeft de financiële druk voor gemeenten tijdelijk verlicht tot en met 2027. De adviezen van de Commissie Van Ark (jeugdzorg) van januari 2025 zijn echter slechts deels overgenomen en met name vanaf 2028 is de Rijksbegroting voor de lokale praktijk onhaalbaar. De rijksbegroting gaat uit van een afname van circa 35-40% voor de jeugdzorg. Zo’n enorme krimp is in geen enkel ander zorgdomein geprobeerd, laat staan gerealiseerd. Daarom zal het rijk het financieel kader vanaf 2028 structureel moeten aanpassen voor gemeenten. Bij het overhedenoverleg (VNG/Rijk) is bevestigd dat de afspraken over de nieuwe Commissie Van Ark (over 2028 en verder) staan. Hiermee heeft het kabinet bevestigd dat dit advies zwaarwegend en maatgevend is en de VNG verwacht dan ook dat het rijk dit advies zal opvolgen. Op dit moment praten nieuwe coalities in gemeenten over de vertaling van hun plannen naar uitvoering. Gemeenten hebben grote onzekerheid over de financiële situatie vanaf 2028.
Het is belangrijk dat het rijk zich ook uitspreekt over een realistisch financieel kader voor de jeugdzorg en zich uitspreekt voor het respecteren van de afspraken rondom de commissie Van Ark zodat we ook vanaf 2028 in ordentelijke financiële en interbestuurlijke verhoudingen terecht komen. Kaderbrief 2027-2030
3
VNG (begrotingsadvies)
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft medio mei 2026 haar advies gedeeld over het omgaan met de structurele tekorten en onzekerheden in het gemeentefonds, met name rond de jeugdzorg. Het advies bevat onder andere de oproep om begrotingsjaar 2027 sluitend te maken en vanaf 2028 de baten en lasten voor jeugdzorg in balans te brengen met stelposten waarbij de lasten voor jeugdzorg zo realistisch mogelijk wordt geraamd. Daarnaast wordt geadviseerd een stelpost te gebruiken voor HH Wmo en in de risicoparagraaf van de gemeente de verschillende stelposten te benoemen. Het begrotingsadvies van de VNG wordt de komende periode ambtelijk afgestemd met onze toezichthouder de provincie Utrecht.
Monitor realisatie maatregelen 2026-2029 (n.a.v. de kerntakendiscussie)
In de gemeenteraad van juli 2025 is een besluit genomen over het definitieve pakket aan maatregelen naar aanleiding van de kerntakendiscussie. Het definitieve pakket aan maatregelen is ingevoerd en verwerkt in de begroting 2026-2029. Voor de periode vanaf 2026 ligt de focus op de uitvoering van de gemaakte keuzes en het monitoren van de effecten van de ingevoerde maatregelen. Daarbij wordt periodiek inzicht gegeven in de voortgang, de financiële ontwikkeling en de mate waarin de beoogde doelen worden gerealiseerd. Indien nodig worden op basis van deze monitoring bijsturingsmaatregelen voorgesteld. In deze kaderbrief wordt een eerste stand van zaken gegeven van de realisatie ingevoerde maatregelen 2026-2029.
1.3. Tussentijds financieel beeld 2027-2030 De meerjarenbegroting 2027-2030 wordt u voor de raadsvergadering van 29 oktober 2026 aangeboden. De onderliggende kaderbrief heeft ten doel de financiële kaders voor deze begroting te schetsen en u daarover te informeren. De beleidsontwikkelingen in deze brief resulteren in het volgende tussentijds financieel beeld: Begrotingsresultaten (x € 1.000) Vaststellingbegroting2026-2029 (raad okt 2025)
2027 2028 2029 2030 Totaal 310 165 257 257 989
Tussentijdse aanpassingen n.a.v. raadsbesluiten: Toekomstbestendige griffie (raadsbesluit 2 febr 2023) Begrotingsresultaten (incl. tussentijdse raadsbesluiten)
0
0
0
0
0
310
165
257
257
989
Aanpassingen n.a.v. de Kaderbrief 2027-2030: Voorstel beleidsontwikkelingen (hfd 2) Voorstel wijzigingen bezuinigingsmaatregelen (hfd 3)
-519 -63
-679 -63
-723 -63
-321 -2.242 -63 -252
Verwachte begrotingsresultaten concept kaderbrief
-272
-577
-529
-127 -1.505
+=begrotingsoverschot - =begrotingstekort
De kaderbrief laat zien dat voor alle begrotingsjaren er een tekort is variërend van € 127.000 tot € 577.000. Bij deze cijfers is alleen voor begrotingsjaar 2027 financieel rekening gehouden met opvang van Oekraïners. De opvang Oekraïners is in 2027 budgettair neutraal verantwoord ( uitgaven gelijk aan de inkomsten). Dit is gedaan om een zuiver beeld te geven van de tekorten over alle begrotingsjaren. Onze toezichthouder provincie Utrecht zal bij de beoordeling van onze begroting financieel ook geen rekening houden met die opvang van Oekraïners aangezien deze uitgaven en inkomsten incidenteel zijn.
Kaderbrief 2027-2030
4
1.4. Vervolgstappen richting begroting 2027-2030 Onze toezichthouder de provincie Utrecht verlangt van gemeenten een sluitende begroting in het eerste jaar (2027) of in het laatste jaar (2030). Met deze cijfers uit de kaderbrief 2027-2030 voldoen we daar niet aan. In de komende maanden richting de begroting zetten we de volgende stappen die tot een mogelijk sluitende meerjarenbegroting leiden: Uitwerking van plannen voor beperking van de overschrijdingen op het sociaal domein; Het verwerken van de meicirculaire 2026 (incl. besluitvorming herverdeling gemeentefonds) en een raming opnemen van de septembercirculaire algemene uitkering 2026. Als deze stappen niet leiden tot een sluitende meerjarenbegroting, zijn er nog een aantal andere mogelijkheden om tot een sluitende meerjarenbegroting te komen zoals bijvoorbeeld: Aanvullende maatregelen uit de Niet Doen Lijst Kentakendiscussie 2024-2025 voorstellen en verwerken in de begroting 2027-2030; Algemene reserve inzetten als dekking; Verwerkte ambities en wensen begroting 2026-2029 uitstellen of terugdraaien (renovatie Cultuurhuis, Sporthallen en Schoolgebouwen); OZB tarieven extra verhogen.
1.5. Inhoud diverse hoofdstukken van de kaderbrief In hoofdstuk 2 worden de beleidsontwikkelingen zowel inhoudelijk als financieel nader toegelicht. Daarbij is er een aantal beleidsontwikkelingen met een grotere omvang. Zo is in programma 1 – naast diverse kleinere ontwikkelingen – een bedrag van € 1.154.000 aan hogere uitgaven opgenomen ter dekking van de hogere zorgkosten Jeugdzorg, Wmo en Coöperatie de Kleine Schans. Een grote ontwikkeling, welke reeds bekend is bij de raad zijn de hogere kosten ICT samenwerking. Een andere grote ontwikkeling – welke door alle programma’s heen gaat – zijn de kostenstijgingen als gevolg van loon- en prijsontwikkelingen. Deze zien we terug in de gemeentelijke organisatie (Cao 2027 en verder), bij onze verbonden partijen en in diverse aanbestedingen. We verwachten dat deze ontwikkeling slechts ten dele door het Rijk wordt gecompenseerd. In hoofdstuk 3 wordt een eerste stand van zaken gegeven van de realisatie ingevoerde maatregelen 2026-2029. In hoofdstuk 4 wordt een update gegeven van het dashboard financiële gezondheid 2026 Woudenberg. Met de raad is afgesproken dat minimaal één keer per jaar (bij de kadernota/brief of de begroting) een update plaatsvindt. In hoofdstuk 5 volgt een overzicht van de financiële positie van de gemeente, waarbij de reserves, de voorzieningen, het weerstandsvermogen en de weerstandscapaciteit aan bod komen.
Kaderbrief 2027-2030
5
Hoofdstuk 2. Beleidsontwikkelingen In dit hoofdstuk worden zowel inhoudelijk als financieel de beleidsontwikkelingen toegelicht.
Programma 1. Samenleving Visie Inwoners doen naar vermogen mee en zien om naar elkaar. Samen met inwoners en maatschappelijke organisaties zet de gemeente zich in voor collectieve en individuele oplossingen om inwoners te activeren. Daarnaast bieden we samen met onze inwoners zorg en ondersteuning. Hierin staat het vertrouwen en het eigen doen vermogen van de inwoner centraal. Ontwikkelingen Sociaal domein Loon- prijsstijging en autonome groei
Voor zowel Jeugdwet als Wmo geldt dat wegens indexering (loon- en prijsstijging) de kosten bijgesteld dienen te worden. Kijkend naar de aantallen en kosten over 2025 en de geraamde indexering over 2026 en 2027 is de verwachting dat kosten Jeugdwet stijgen met in totaal € 971.200 en de kosten Wmo met in totaal € 20.000. De kosten MetMaya zal de grootste stijging zijn binnen jeugd. Binnen de Wmo verwachten we op bepaalde onderdelen minder kosten waardoor per saldo, rekening houdend met loon- en prijsstijging, de kosten voor Wmo licht stijgen. Voor verdere toelichting zie bijlage B. Kostenontwikkeling Sociaal Domein 2026-2027.
Huishoudelijke hulp (Wmo)
Huishoudelijke hulp als maatwerkvoorziening binnen de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) wordt met ingang van 1 januari 2029 geschrapt. In het coalitieakkoord is een bezuiniging van € 435 miljoen opgenomen door de huishoudelijke hulp in de Wmo per 1 januari 2029 niet langer aan te bieden. Er staat dat mensen die dat kunnen, zelf gaan betalen voor hun huishoudelijke hulp. Voor de mensen die niet zelf hulp kunnen regelen, blijft de gemeente daarin voorzien met een vangnet voor wie huishoudelijke hulp niet zelf kan regelen. In de Voorjaarsnota van het rijk is deze maatregel financieel ingevuld met een uitname van € 1,01 miljard uit het Gemeentefonds en een intensivering in de Wlz van € 575 miljoen vanaf 2029. De VNG roept op deze uitname van € 1,01 miljard terug te draaien, omdat deze voorbarig is. De achterliggende maatregel is nog niet uitgewerkt en dus zijn de financiële en maatschappelijke consequenties ervan nog niet onderzocht. Dat geldt tevens voor de effecten op mensen die getroffen worden door een stapeling van maatregelen. Bovendien blijft er weinig geld over om mensen te helpen via een vangnet bij zo'n grote uitname. Zeker als daarbij in ogenschouw wordt genomen dat die volgt op de uitname van € 0,3 miljard voor de geplande invoering van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage (IVB) in de Wmo.
In 2026 wordt HH opnieuw aanbesteed en vanaf 2027 gaan we nieuwe contracten krijgen. Bij de aanbesteding wordt rekening gehouden met de besparingsopgave die via de kerntakendiscussie reeds is afgesproken. De financiële consequenties voor Woudenberg op dit dossier zijn medio mei 2026 nog onduidelijk. Daarom zijn in deze kaderbrief nog geen financiële aanpassingen meegenomen.
Subsidie Coöperatie De Kleine Schans
Zoals elk jaar heeft Coöperatie de Kleine Schans de subsidieaanvraag voor het komende jaar ingediend. Voor 2027 wordt een hogere subsidie aangevraagd van € 290.800. Hiervan heeft € 162.800 betrekking op stijging personeelskosten als gevolg van hogere cao en € 128.000 op de Kaderbrief 2027-2030
6
doorontwikkeling van de Coöperatie (terugdringen wachtlijsten, welzijnsopdracht en kwaliteit organisatie). De stijging personeelskosten als gevolg van hogere cao ad. € 162.800 is financieel verwerkt in deze kaderbrief. Vanwege de uitbreiding met 1 fte, die al is toegekend via de kerntakendiscussie, en de huidige status van het college is het bedrag ad. € 128.000 voor de doorontwikkeling van de Coöperatie niet opgenomen in de kaderbrief.
GGDrU
De gemeentelijke bijdrage voor de GGDrU wordt structureel verhoogd met € 24.000 op basis van de kaderbrief 2027. Hoewel er geen inhoudelijke wijzigingen zijn, heeft de kaderbrief van de GGDrU wel financiële consequenties voor de gemeentelijke begroting. Voor de gemeente Woudenberg verandert de gemeentelijke bijdrage door indexatie. Daarnaast dragen de jaarlijkse loon- en prijsstijgingen bij aan de kosten, evenals de verhoging van de kind- en inwonersbijdragen als gevolg van de groei van de gemeente. Deze kosten nemen jaarlijks toe. In de kostenstijging ad. € 24.000 is nog geen rekening gehouden met mogelijke aanpassingen in het maatwerk door de GGDrU voor Woudenberg vanaf 2027.
Bibliotheek Nieuwe Bibliotheekwet en zorgplicht:
In een tijd waarin informatie en kennis steeds belangrijker worden, is de bibliotheek van onschatbare waarde. Het kabinet wil dat iedereen toegang heeft tot een volwaardige bibliotheek. Om dit te garanderen wordt de Bibliotheekwet aangepast en komt er een zorgplicht voor de gemeenten.
Status nieuwe Bibliotheekwet:
De ministerraad is akkoord met de nieuwe Bibliotheekwet (Wsob). De gewijzigde wet gaat nu naar de Tweede Kamer voor de wetsbehandeling, eerder had de Raad van State geen opmerkingen bij het wetsvoorstel. De verwachting is dat de wet medio-eind 2026 in werking treedt.
Extra Rijksmiddelen voor lokale bibliotheekvoorzieningen:
Het Rijk heeft sinds 2023 extra middelen vrijgemaakt voor het versterken van lokale bibliotheekvoorzieningen. In 2023 en 2024 ging het om (incidentele) SPUK-middelen. In 2025 en 2026 om een (incidentele) decentralisatie-uitkering van €2,95 per inwoner met een ondergrens van € 100.000 per gemeente. Vanaf 2027 zal het gaan om een structurele toevoeging aan het Gemeentefonds van €2,90 per inwoner met een ondergrens van € 100.000 per gemeente. Hiervoor dient de nieuwe bibliotheekwet aangenomen te worden. Wanneer deze wet precies aangenomen gaat worden en of dit gaat gebeuren is onzeker. In afwachting van de nieuwe bibliotheek wet wordt voor de jaren 2027 en verder voorlopig geen aangepaste budgetten meegenomen in deze kaderbrief. De ontwikkelingen rondom de bibliotheek zijn als risico verwerkt in de risicoparagraaf van de gemeente (zie hoofdstuk 5 van deze kaderbrief).
Schuldhulpverlening
Op basis van de cijfers over het eerste kwartaal 2026 is inmiddels duidelijk dat Woudenberg een flinke overschrijding gaat krijgen op de schuldhulpverlening (Stadsring) in 2026. De instroom bij trajecten schuldregeling ligt aanzienlijk hoger dan begroot. We zijn uitgegaan van 6 trajecten, terwijl de huidige prognose uitkomt op circa 20 trajecten. Voor kortdurend advies en budgetbeheer zien we op dit moment geen afwijkingen, deze blijven naar verwachting binnen de begroting. De oorzaak lijkt met name te liggen in de overgang Verder en vervolgens naar Stadsring. Inwoners die in 2025 op de wachtlijst stonden bij Verdergroep, zijn alsnog ingestroomd bij Stadsring, waardoor nu het effect zichtbaar wordt. We verwachten dat de stijging Kaderbrief 2027-2030
7
van het aantal trajecten nog in 2027 nodig zal zijn. We houden rekening met een overschrijding van € 25.000 voor 2027.
Belastingen onderwijshuisvesting
Door de uitbreiding van twee scholen en extra stijging van de OZB tarieven niet woningen stijgen de kosten van belastingen scholen met € 18.000. Scholen krijgen de OZB belastingen vergoed van de gemeente.
Inkomensondersteuning en participatievoorzieningen
Het Rijk werkt aan een lange termijn aanpak voor ontheemden uit Oekraïne na afloop van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming (RTB) per 5 maart 2027. Onderdeel hiervan is de invoering van een zogenoemd transitiedocument: een tijdelijke reguliere verblijfsvergunning voor maximaal drie jaar. Hiermee wordt beoogd de rechtspositie van ontheemden te normaliseren en hen zoveel mogelijk onder te brengen in reguliere voorzieningen. Voor het sociaal domein en het programma Werk & Inkomen betekent dit naar verwachting dat een deel van de Oekraïense ontheemden vanaf 2027 niet langer onder het huidige opvang- en leefgeldregime valt, maar mogelijk een beroep gaat doen op reguliere gemeentelijke voorzieningen. Daarbij moet met name rekening worden gehouden met een mogelijke toename van aanvragen op grond van de Participatiewet, omdat niet alle ontheemden voldoende zelfstandig inkomen zullen hebben. Het Rijk zet weliswaar in op maximale arbeidsparticipatie, maar verwacht tegelijkertijd dat een substantieel deel van de groep aanspraak kan maken op een aanvullende of volledige bijstandsuitkering. Daarnaast brengt deze ontwikkeling uitvoeringsvraagstukken met zich mee voor gemeenten. In de verzamelbrief wordt expliciet benoemd dat een gefaseerde overgang naar de Participatiewet noodzakelijk zal zijn om de uitvoering behapbaar te houden.
Ook wordt aangegeven dat hiervoor mogelijk aanpassing van wet- en regelgeving nodig is, om te voorkomen dat tijdelijk geen vangnet beschikbaar is. Voor gemeenten is op dit moment nog onvoldoende duidelijk wat de precieze financiële, organisatorische en juridische consequenties zullen zijn. Het Rijk heeft aangekondigd deze in samenhang verder uit te werken en gemeenten hierover in het kader van de voorjaarsbesluitvorming 2026 nader te informeren. Voor de gemeente Woudenberg is het daarom van belang deze ontwikkeling te volgen, omdat deze vanaf 2027 gevolgen kan hebben voor de uitvoeringslasten en de druk op inkomensondersteuning en participatievoorzieningen.
Opvang Oekraïne
In de begroting 2027-2030 zal alleen voor begrotingsjaar 2027 de exploitatie opvang Oekraïense vluchtelingen financieel worden meegenomen. Vanaf maart 2027 zal de bekostiging vanuit het rijk voor de opvang flink wijzigen. Het overschot opvang Oekraïne zal vanaf 2027 flink dalen door de nieuwe bekostiging van het rijk. Een deel van de exploitatiekosten zal bekostigd worden op basis van werkelijke kosten en een deel op basis van normbedragen. Op basis van ervaringscijfers verwachten we in 2027 € 2.700.000 aan kosten te maken voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Door wijziging van de bekostiging door het rijk zullen de inkomsten voor de opvang globaal € 3.000.000 bedragen. Conform de begrotingsuitgangspunten 2026 van onze toezichthouder de provincie Utrecht wordt het voordelig verschil 2027 ad. € 300.000 toegevoegd aan de algemene reserve.
Kaderbrief 2027-2030
8
Overige (kleine) posten
De overige kleine verschillen in programma 1 ten opzichte van de begroting 2026-2029 bedragen € 19.016 nadelig in 2027 aflopend naar € 18.364 nadelig in 2030. Dit betreft: Participatie (aanpassing a.g.v. wijziging algemene uitkering) Indexering bijdrage binnen- en buitensport Indexering bijdrage Cultureel Centrum De Camp Indexering huur zalen gymnastiekonderwijs
Financiële wijzigingen in programma 1 Programma 1. Samenleving Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 1 (Samenleving) Jeugd WMO Subsidie CDKS Gemeentelijke bijdrage GGDrU Schuldhulpverlening Belastingen onderwijshuisvesting RijksvergoedingopvangOekraïne Uitgaven opvangOekraïne Overschot exploitatie opvangOekraïne voorlopignaar reserve Overige (kleine) posten Totaal
2027 2028 2029 2030 -971.200 -971.200 -971.200 -971.200 -20.000 -20.000 -20.000 -20.000 -162.800 -162.800 -162.800 -162.800 -24.000 -24.000 -24.000 -24.000 -25.000 -18.000 -18.000 -18.000 -18.000 3.000.000 -2.700.000 -300.000 -19.016 -12.096 -12.090 -18.364 -1.240.016 -1.208.096 -1.208.090 -1.214.364
- =nadelig +=voordelig
Programma 2. Leefomgeving Kaderbrief 2027-2030
9
Visie Inwoners en ondernemers voelen zich thuis en participeren in een veilige leefomgeving. Een ruimte waar een ieder vrij in kan bewegen, die ook beleefd en gevoeld wordt als gemeenschappelijk, als openbaar, als van ons allen. Ontwikkelingen Openbaar groen (inhuur personeel)
Het groenonderhoud in de wijken wordt voor een groot deel gedaan door medewerkers van Amfors en Groen uitzendbureau. In de begroting 2026-2029 was rekening gehouden met een loonindexering van 5 % voor 2026. De werkelijke loonindexering voor 2026 bij Groen uitzendbureau is 15 %. Rekening houdend met de hogere loonindexering voor 2026 en een geraamde loonindexering voor 2027 van 5 % stijgen de inhuurkosten 2027 ten opzichte van de begroting 2026-2029 met structureel € 32.500.
Kapitaallasten vervanging geluidsscherm Het Zeeland
In 2026 wordt een groot deel van de geluidsschermen Het Zeeland vervangen. De geluidsschermen zijn aangelegd in 1998. De bestaande houten geluidsschermen worden vervangen door nieuwe geluidsschermen bestaande uit een stalenframe met een kunststofvulling en met een levensduur van naar verwachting 30 jaar. De investering voor het vervangen van de geluidsschermen bedraagt € 350.000 en wordt in 30 jaar afgeschreven. De jaarlijkse kapitaallasten ad. € 11.666 worden gedekt via de reserve kunstwerken. In de reserve kunstwerken is voldoende budget beschikbaar om deze investering uit te bekostigen.
Afval Ontwikkelingen Eind 2020 heeft de gemeenteraad het Grondstoffenbeleidsplan 2021-2025 vastgesteld. Hierin is beleid op het gebied van preventie, inzameling en verwerking van huishoudelijke afval- en grondstoffen vastgelegd. Vervolgens is middels de uitvoering van diverse maatregelen en activiteiten uit het Uitwerkingsplan 2021-2023 en uit het Uitwerkingsplan 2024-2025 erop ingezet om de doelstellingen in dit beleidsplan te halen. Gebleken is dat de doelstelling in genoemd Grondstoffenbeleidsplan 2021-2025 om het restafvalaanbod terug te dringen te rigide is. Landelijk is de doelstelling meer komen te liggen op het gebied van kwaliteitsbehoud en -verbetering van grondstoffen in combinatie met minder rigide, maar wel doorgaande reductie van het restafvalaanbod. In de 2e helft van 2026 gaan we daarom aan de slag met de herijking van ons beleid, bij welk traject de raad betrokken wordt. Na raadsvaststelling van het nieuwe beleid stelt het college daarna een nieuw Uitwerkingsplan voor de periode 2026-2030 vast. Bij de opstelling van het nieuwe beleid en het nieuwe Uitwerkingsplan wordt bekeken of en zo ja, welke nieuwe budgetten nodig zijn. Landelijk is ervoor gekozen om rijksheffingen zoals de afvalstoffenbelasting en de CO₂- heffing de komende jaren flink te laten stijgen. Deze stijgingen bepalen in toenemende mate het totale verwerkingstarief van (fijn en grof) restafval.
Hierdoor gaat het verwerkingstarief voor fijn en grof restafval steeds meer uit belastingen bestaan. De stijgingen leiden ook tot verdergaande stijging van de afvalstoffenheffing, die huishoudens dienen te betalen. Gemeenten kunnen die kostenstijging naar verwachting slechts beperkt dempen door bijvoorbeeld het restafvalaanbod (niet te rigide) terug te dringen via afvalpreventie, diftar systemen (zoals het diftar-systeem dat nu in Woudenberg in werking is) en verbetering van de kwaliteit van afvalscheiding, zodat de schone grondstoffen voldoende geld blijven opbrengen dan wel in de verwerking minder duur zijn dan restafval. Deze
Kaderbrief 2027-2030
10
maatregelen zijn effectief, maar wegen mogelijk niet op tegen de omvang van de landelijke belastingstijgingen.
Overige (kleine) posten
De overige kleine verschillen in programma 2 ten opzichte van de begroting 2026-2029 bedragen € 4.000 voordelig vanaf 2027. Dit betreft: Opbrengst begrafenisrechten (indexering 2027 = 2,1 %)
Financiële wijzigingen in programma 2 Programma 2. Leefomgeving Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 2 (Leefomgeving) Openbaar groen (indexeringinhuur) Kapitaallasten vervanginggeluidsscherm Het Zeeland Overige (kleine) posten Totaal
2027 -32.500 -11.666 4.000 -40.166
2028 -32.500 -11.666 4.000 -40.166
2029 -32.500 -11.666 4.000 -40.166
2030 -32.500 -11.666 4.000 -40.166
- =nadelig +=voordelig
Kaderbrief 2027-2030
11
Programma 3. Veiligheid Visie Woudenberg is een gemeente waarin inwoners zich veilig voelen, weerbaar zijn, omzien naar elkaar en waar respect de basisnorm is. Overlast en (ondermijnende) criminaliteit zijn een uitzondering en worden integraal aangepakt. Ontwikkelingen Fysieke veiligheid
In 2025 is de keuze gemaakt voor het toekomstscenario ‘op orde’ voor de VRU. Dit scenario betekent dat alle 26 gemeentes investeren zodat de VRU op orde kan komen door knelpunten op te lossen. Belangrijke drijfveren zijn goede brandweerzorg, zorgvuldig voorbereide en uitgevoerde crisisbeheersing en het feit dat de Veiligheidsregio Utrecht juist extra taken krijgt, zoals rondom veerkracht en weerbaarheid. Voor 2027 en verder zijn de financiële gevolgen van deze keuze nu bekend. In 2026 gaat de verkenning en besluitvorming verder t.a.v. de visie op de huisvesting, dit kan gevolgen hebben voor de financiering van 2027 en verder. Bij de huisvesting gaat het om keuzes waarbij de huisvesting in toenemende mate samen - met alle 26 gemeentes - gedragen wordt. De huisvesting van de brandweerpost wordt nu door gemeente ingericht, onderhouden en bekostigd. In 2025 is veel aandacht gekomen voor crises die veel veerkracht en weerbaarheid van de samenleving vragen. Zo’n crisis heeft op iedereen impact, een voorbeeld is langdurige stroomuitval. Eind 2025 is het plan van aanpak veerkracht vastgesteld. Eind 2026 of begin 2027 volgt een uitvoeringsplan; hier worden de geplande activiteiten, de benodigde inzet en de bijbehorende kosten verder uitgewerkt voor 2027 en verder.
Integraal Veiligheidsplan basisteam Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg 2024-2027
Sinds 2024 hebben we als gemeente Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg (ZBLW) de handen ineen geslagen met Openbaar Ministerie en politie en met onze inwoners als partner. Ook in 2027 is het streven weer een leefbare en veilige samenleving. Een veilige samenleving is veelomvattend. Het gaat van minder huiselijk geweld tot aan minder inbraken en het tegengaan van cybercrime. Tot en met 2027 zijn dit de speerpunten: Georganiseerde ondermijnende (drugs) criminaliteit inclusief mensenhandel
Het doel bij dit speerpunt: Samen met professionals en inwoners signaleren, voorkomen en bestrijden van de onzichtbare criminaliteit die het gezag ondermijnt en het vertrouwen van de samenleving in de autoriteiten aantast. De gemeenten ZBLW maakt haar inwoners weerbaarder tegen ondermijnende criminaliteit.
Digitale veiligheid en cybercriminaliteit
Maatschappelijke onrust en maatschappelijke verbinding
Zorg en veiligheid
Het doel bij dit speerpunt: Inwoners in ZBLW weerbaar maken tegen digitale veiligheid en cybercriminaliteit. Het doel bij dit speerpunt: Een wendbare en stabiele samenleving in vrijheid en verbondenheid. Het doel bij dit speerpunt: Een goede onderlinge verbinding tussen het zorgdomein en het veiligheidsdomein. We kennen elkaars aanpak, we maken afspraken en leren van casuïstiek en leggen lokaal en bovenlokaal benodigde verbindingen.
Kaderbrief 2027-2030
12
Aangezien het huidige IVP loopt tot en met 2027, zal worden gestart met het opstellen van een nieuw gezamenlijk IVP, gericht op het formuleren van nieuwe prioriteiten en doelstellingen die aansluiten bij de lokale veiligheidssituatie.
Uitvoeringsplan basisteam Zeist, Bunnik, Leusden en Woudenberg 2026-2027
Bijhorend bij het IVP is een uitvoeringsplan vastgesteld voor de jaren 2026 en 2027. In 2027 gaan we aan de slag met de volgende acties. Digitale veiligheid en cybercriminaliteit Hackshield wordt bij jeugd van 8-12 jaar verder onder de aandacht gebracht. Er worden workshops digitale weerbaarheid voor senioren georganiseerd, zodat zij beter online fraude kunnen herkennen en weten hoe te handelen als zij slachtoffer worden. Voor ondernemers blijven we cybercrime-trainingen aanbieden, gericht op het herkennen van digitale dreigingen en het versterken van hun cyberweerbaarheid. Daarnaast wordt de doorontwikkeling van het cyberbeeld voortgezet. Samen met ketenpartners werken we aan een beter inzicht in daders en slachtoffers door blijvende aandacht voor meldingen en aangiften, zodat de aanpak van cybercriminaliteit effectiever kan worden ingericht. Georganiseerde ondermijnende (drugs)criminaliteit De opname en aansluiting van de goudbranche op het Digitaal Opkopersloket en -Register wordt afgerond, waardoor beter zicht ontstaat op transacties en mogelijke criminele geldstromen. Ook voeren we integrale controles uit gericht op het signaleren en tegengaan van mensenhandel, met speciale aandacht voor illegale prostitutie. Ondermijning in de zorg blijft daarbij een structureel aandachtspunt.
Het onderwerp staat vast op de agenda van de werkgroep ondermijning, waarbij kennis wordt gedeeld, signalen worden opgepakt en expertise wordt versterkt om zowel preventief als repressief te kunnen optreden. Maatschappelijke onrust en maatschappelijke verbinding We benutten het lokaal signaleringsoverleg om signalen van maatschappelijke onrust, radicalisering en extremisme vroegtijdig op te vangen en te duiden. De uitkomsten van het onderzoek naar online monitoring door gemeenten worden verder toegepast in de praktijk, zodat ook online signalen beter kunnen worden herkend en meegewogen. Daarnaast blijven we investeren in trainingen voor professionals op het gebied van radicalisering en extremisme, zodat zij signalen tijdig herkennen en beschikken over passend handelingsperspectief. Verbinding Zorg en Veiligheid De lokale persoonsgerichte aanpak is structureel ingebed en wordt ingezet voor inwoners met complexe problematiek op het snijvlak van zorg en veiligheid. Waar nodig vindt opschaling plaats naar het Zorg- en Veiligheidshuis. Binnen de Learning Community Zorg & Veiligheid blijven gemeenten en ketenpartners kennis en ervaringen met elkaar delen, zodat de gezamenlijke aanpak verder wordt verdiept en verbeterd. Lokale acties Via een veiligheidskalender informeren we inwoners en ondernemers doorlopend over veiligheidsthema’s zoals ondermijning en digitale veiligheid.
In het buitengebied wordt verder gewerkt met Samen Veilig Ondernemen, waarbij publieke en private partijen samenwerken aan een weerbare en veilige omgeving voor ondernemers. Daarnaast wordt gewerkt aan het opzetten en benutten van een bondgenotenoverleg met lokale sleutelfiguren, om signalen eerder op te vangen en de verbinding tussen overheid en samenleving te versterken. Binnen de verbinding zorg en veiligheid ligt in Woudenberg veel nadruk op jeugd. Het casusoverleg van het actieteam jeugd wordt voortgezet en ketenpartners blijven nauw samenwerken bij signalen van jeugdoverlast. Door gerichte aanwezigheid van jongerenwerkers, wijkagenten en boa’s op overlastlocaties wordt ingezet op vroegtijdige signalering, preventie en snelle opvolging. Kaderbrief 2027-2030
13
Tot slot blijft het vergroten van de meldingsbereidheid een belangrijk aandachtspunt. We blijven inwoners en ondernemers actief stimuleren om signalen te melden, onder andere via duidelijke communicatie, persoonlijke contacten en deelname aan passende Meld Misdaad Anoniem-campagnes. Door te investeren in vertrouwen en interactie verwachten we dat meldingen blijven toenemen en gerichter kunnen worden opgepakt.
Bijdrage Veiligheidsregio Utrecht
De ontwikkeling van het gemeentefonds is van invloed op de begroting van de VRU. De ontwerpbegroting 2027 VRU is gebaseerd op de septembercirculaire 2025 van het gemeentefonds. In de ontwerpbegroting 2027 VRU is rekening gehouden met een stijging van de rijksbijdrage voor gemeenten vanwege loon- en prijsstijgingen. Deze stijging van de rijksbijdrage wordt door gemeenten ingezet om de stijging van de kosten van de VRU op te vangen. De stijging ad. € 68.000 wordt veroorzaakt door de aanpassing van de ijkscores 2026, loon- en prijsstijgingen 2026 en 2027 en ontwikkeling brandweerzorg 2027 en volgende jaren (toekomstscenario’s). De bijdrage van Woudenberg aan de VRU is voor 2027 begroot op € 1.008.000 oplopend naar € 1.043.000 in 2030. In de raad van februari 2026 heeft reeds besluitvorming plaatsgevonden over de verwachte bijstelling van de bijdrage voor Woudenberg en de toekomstscenario’s. De hogere bijdrage van de gemeente Woudenberg voor de komende jaren is als volgt: Bijdrage VRU gemeente Woudenberg Reeds begroot Bijstellingontwerpbegroting2027
Totaal gemeentelijke bijdrage Woudenberg
2027 940.000 68.000 1.008.000
2028 940.000 98.000 1.038.000
2029 940.000 98.000 1.038.000
2030 940.000 103.000 1.043.000
Dierenwelzijn
Vanaf 2027 geldt in Nederland een landelijke chipplicht voor huiskatten. Dit betekent dat iedere kat verplicht gechipt en geregistreerd moet zijn. Op de langere termijn kan dit leiden tot een afname van het aantal vermiste katten en zwerfkatten. In Woudenberg worden dieren die zonder eigenaar worden aangetroffen opgehaald door de Dierenambulance Woudenberg. Zij worden voornamelijk opgevangen bij Dierentehuis Zeist. Het gaat hierbij vooral om katten. In 2026 vinden contractonderhandelingen plaats tussen Dierentehuis Zeist, Woudenberg en een aantal andere gemeenten. Deze onderhandelingen hebben gevolgen voor de financiering vanaf 2027 en de jaren daarna.
Overige (kleine) posten
De overige kleine verschillen in programma 3 ten opzichte van de begroting 2026-2029 bedragen € 2.000 nadelig vanaf 2027. Dit betreft: Kosten crisisbeheersing (piketregeling communicatie)
Kaderbrief 2027-2030
14
Financiële wijzigingen in programma 3 Programma 3. Veiligheid Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 3 (Veiligheid) Bijdrage aan de VRU Overige (kleine) posten Totaal
2027 -68.000 -2.000 -70.000
2028 -98.000 -2.000 -100.000
2029 -98.000 -2.000 -100.000
2030 -103.000 -2.000 -105.000
- = nadelig + = voordelig
Kaderbrief 2027-2030
15
Programma 4. Ruimte, wonen en ondernemen Visie Een vitaal Woudenberg met ruimte voor wonen, werken en samenleven. Ontwikkelingen Duurzaamheid Soorten Management Plan Er is gestart met de implementatie van het SMP in onze bestaande processen. Daarnaast wordt er ook gezorgd dat we kunnen gaan monitoren op het SMP. Er wordt subsidie aangevraagd om deze implementatie mogelijk te maken. Mogelijk hebben we hier nog circa 0,25 FTE voor nodig om de uitvoering en monitoring van het SMP te waarborgen. Koersdocument Circulair denken, regionaal doen. - Vervolg circulaire economie In november 2025 hebben we als gemeente het koersdocument circulair denken, regionaal doen ondertekend. De werkgroepen starten voor de zomer hiermee. Vanuit deze werkgroepen kunnen acties volgen die mogelijk om financiering vragen. In de reserve duurzaamheid staat nu een bedrag van € 11.200 gereserveerd voor circulaire economie. Deze kan eerst gebruikt worden. Mocht er nog meer budget nodig zijn dan komen we daarop terug. Overige ontwikkelingen De ontwikkelingen o.g.v. duurzaamheid zijn: - Warmteprogramma: in 2026 wordt deze vastgesteld. Hierin is een planning opgenomen welke warmteoplossingen in welke wijken van toepassing zijn. Hier wordt d.m.v. wijkuitvoeringsplannen op ingezet.
- Netcongestie: heeft invloed op de gehele energietransitie (zowel opwek als warmte) - Onderzoeken haalbaarheid beschikbare warmtebronnen in de gemeente - Onderzoeken mogelijkheden energiehubs - Inzet op circulair gebruik materialen De uitvoering van het duurzaamheidsprogramma wordt grotendeels uitgevoerd met subsidies en SPUK-gelden. Daarnaast worden onderzoeken e.d. veelal bekostigt uit de bestemmingsreserve. Twee keer per jaar wordt een actueel overzicht gegeven van de uitputting van de reserve. Een actueel overzicht van de reserve duurzaamheid is terug te vinden in hoofdstuk 5 Financiële positie van deze kaderbrief.
Netcongestie
Alle lange tijd kent de regio Utrecht netcongestie voor nieuwe grootverbruik aansluitingen. De mogelijkheid bestaat dat medio 2026 ook netcongestie van toepassing is voor nieuwe klein verbruik aansluitingen. Het zal direct gevolgen hebben voor de bouw van nieuwe woningen en bedrijven, maar ook voor de verduurzaming van panden. De aanleiding voor de netcongestie vormt het uitblijven van de noodzakelijke verbetering/uitbreiding van het hoogspanningsnetwerk en de toename van gebruik en opwek van elektra. Deze netcongestie vraagt om aanpassingen in beleid en investering in tijdelijke alternatieve oplossingen. Maar zal ook gevolgen hebben voor de inkomsten van de gemeente, stilvallen van de bouw van woningen houdt in minder lege inkomsten, achterstand in de grondexploitaties. Netcongestie is als risico verwerkt in de risicoparagraaf van de gemeente (zie hoofdstuk 5 van deze kaderbrief).
Kaderbrief 2027-2030
16
ODU
De Omgevingsdienst Utrecht (hierna: ODU) is per 1 januari 2026 formeel van start gegaan met de taakuitvoering die tot en met 2025 door de RUD Utrecht en ODRU werd uitgevoerd. Daarmee is een belangrijke stap gezet in het versterken en bundelen van de milieutaakuitvoering in de provincie Utrecht. De ODU werkt voor alle gemeenten en de provincie in de provincie Utrecht aan de missie: “Een gezonde, veilige en duurzame provincie Utrecht; nu en in de toekomst.” De begroting 2027 vormt het financiële en beleidsmatige kader voor het tweede jaar na oprichting van de ODU en markeert een wezenlijke overgang in de ontwikkeling van de organisatie. Waar de jaren 2025 en 2026 in het teken stonden van samenvoeging, harmonisatie en het creëren van organisatorische stabiliteit, is 2027 een richtinggevend jaar: het jaar waarin de ODU vanuit een geconsolideerd fundament expliciete keuzes maakt die bepalend zijn voor de ontwikkeling naar de omgevingsdienst van de toekomst. Hoewel 2027 geen jaar is van majeure beleidsintensiveringen of taakuitbreidingen, is het nadrukkelijk ook geen beleidsarm jaar. Juist in deze fase is het noodzakelijk om richting te geven aan de ontwikkeling van de ODU, ten aanzien van landelijke ontwikkelingen, regionale opdrachten, sturing op kwaliteit en maatschappelijke effecten en de inzet van financiële en personele middelen.
In de Ontwerpbegroting 2027 ODU wordt voorgesteld de gemeentelijke bijdrage voor Woudenberg te verhogen naar € 467.800. In de begroting van Woudenberg was rekening gehouden met een bijdrage van € 445.300. De stijging van € 22.500 is het gevolg van een combinatie van loon- en prijsstijging, aanpassing gecontracteerde uren en bezuiniging. De hogere bijdrage van de gemeente Woudenberg voor de komende jaren is als volgt: Bijdrage ODU gemeente Woudenberg Reeds begroot Bijstelling ontwerpbegroting 2027
Totaal gemeentelijke bijdrage Woudenberg
2027 445.300 22.500 467.800
2028 445.300 22.500 467.800
2029 445.300 22.500 467.800
2030 445.300 22.500 467.800
Inzet verhuiscoach
Per 1 januari 2026 is er vanuit Omnia Wonen een verhuiscoach actief in de gemeente Woudenberg. De verhuiscoach draagt bij aan de doorstroming op de woningmarkt door ouderen te helpen bij het verhuizen naar een passende woning. De gemeente Woudenberg kent op dit moment een voorrangsregeling voor mensen, die een grote sociale huurwoning achterlaten en verhuizen naar een kleinere, passende woning. De bijdrage voor de inzet van een verhuiscoach door de gemeente is jaarlijks € 15.000. De gemeente en Omnia Wonen verkennen de mogelijkheid om naast de voorrangsregeling ook financiële prikkels in te voeren. Vanuit Omnia Wonen gaat dit om een woonlastengewenning, vanuit de gemeente om een verhuispremie. Met deze financiële prikkels wordt de drempel om te verhuizen verder verlaagd en wordt de doorstroming bevordert. In het kader van de Prestatieafspraken 2027 zal het college gedurende het restant van 2026 een besluit nemen over de wenselijkheid van een verhuispremie.
Overige (kleine) posten Geen.
Kaderbrief 2027-2030
17
Financiële wijzigingen in programma 4 Programma 4. Ruimte, wonen en ondernemen Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 4 (Ruimte, wonen en ondernemen) Bijdrage ODU Inzet verhuiscoach Overige (kleine) posten Totaal
2027 -22.500 -15.000 -37.500
2028 -22.500 -15.000 -37.500
2029 -22.500 -15.000 -37.500
2030 -22.500 -15.000 -37.500
- = nadelig + = voordelig
Kaderbrief 2027-2030
18
Programma 5. Dienstverlening Visie We zijn een klantgerichte gemeente. We zien en horen onze inwoners, ondernemers en organisaties en werken samen waar het kan. Ontwikkelingen ICT
Indexering 2027 kosten software en licenties Het budget voor software en licentiekosten wordt jaarlijks geïndexeerd als gevolg van de loon- en prijsstijgingen. Voor 2027 is een indexering van 5 % meegenomen. De ICT kosten stijgen door de indexering met € 22.500. Nieuwe DVO (Dienstverleningsovereenkomst) met de gemeente Veenendaal In de raadsvergadering van mei 2026 heeft de raad besloten akkoord te gaan met de voortzetting van de samenwerking op het gebied van ICT met de gemeente Veenendaal. De nieuwe DVO ICT Veenendaal laat zien dat de ICT kosten dienstverlening Veenendaal vanaf begrotingsjaar 2027 structureel voor Woudenberg stijgen met € 305.000.
Inhuur personeel derden/ flexibele schil (indexering uurtarieven)
Voor inhuur personeel derden (flexibele schil) is vanaf 2025 jaarlijks € 150.000 beschikbaar. De afgelopen periode zijn de uurtarieven van inhuur personeel derden flink gestegen. We stellen voor het budget met € 22.500 te verhogen (dat is een stijging van 15 %).
Personele kosten (CAO raming 2027)
De huidige Cao gemeenten loopt tot en met 31 maart 2027. Centraal Plan Bureau geeft in haar raming maart 2026 aan dat de loonvoet sector overheid 2027 wordt geschat op 4,2 %. Voor 2027 wordt rekening gehouden met een loonstijging van 3,15 % (= 9 maanden x 4,2 %). Voor 2028 en volgende jaren wordt rekening gehouden met een loonstijging van 4,2 %. Het extra bedrag aan salariskosten voor de jaren 2027-2030 wordt dan als volgt:
Ramingsalariskosten periode 2027-2023 Geschatte hogere salariskosten a.g.v. nieuwe Cao Verschil
2027 292.000 292.000
2028 389.000 389.000
2029 389.000 389.000
2030 389.000 389.000
Personele kosten (periodieke verhogingen)
In 2027 wordt rekening gehouden met € 25.000 verhoging van de personele kosten als gevolg periodieke verhogingen (tredenverhoging). Medewerkers, die nog niet op hun maximum salarisschaal zitten, komen in aanmerking voor een verhoging binnen hun salarisschaal bij goed functioneren.
Raadsvergoedingen (indexatie)
Als gevolg van het doorberekenen van de indexatie van de cao-lonen stijgen de raadsvergoedingen vanaf 2026 met 5,3 %. Voor 2027 wordt rekening gehouden met een stijging van 4 %. De raadsvergoedingen stijgen hierdoor structureel met € 16.800.
Raadsvergoedingen (uitbreiding 2 raadsleden/ raadsbesluit oktober 2025)
De gemeenteraad heeft in oktober 2025 besloten het aantal zetels in de gemeenteraad uit te breiden van 15 naar 17. Met de uitbreiding naar 17 raadsleden stijgen de raadsvergoedingen vanaf 2026 met € 42.500. Kaderbrief 2027-2030
19
Kosten VNG Fonds GGU
Gemeenten werken via VNG Fonds GGU samen op gebied van veel maatschappelijke en organisatorische vraagstukken. Via de GGU en het bijbehorende fonds GGU spreken gemeenten standaarden af, kopen ze samen in en werken ze samen aan nieuwe diensten, producten. Denk bijvoorbeeld aan de Informatiebeveiligingsdienst, de gezamenlijke inkoop van ICT en telefonie, het Ketenbureau i-Sociaal Domein en het GGI-netwerk, een beveiligd landelijk datanetwerk voor gemeenten. De kosten voor het lidmaatschap VNG Fonds GGU voor Woudenberg stijgen als gevolg van toename inwoneraantal en een hogere bijdrage per inwoner (indexering). De bij raming bedraagt € 20.000 structureel voor Woudenberg.
Overheidsbrede dienstverlening
De SPUK Informatiepunten Digitale Overheid (IDO) wordt vanaf 2026 omgezet naar de decentralisatie-uitkering Overheidsbrede Dienstverlening. Via deze decentralisatie-uitkering worden gemeenten gefaciliteerd om laagdrempelige en empathische ondersteuning te bieden bij regelzaken met de (digitale) overheid en om hun regierol in het lokale netwerk in te vullen. Hiervoor is vanaf 2026 een structurele bijdrage van € 15,4 miljoen beschikbaar vanuit het rijk. Met deze decentralisatie-uitkering kunnen gemeenten, vanuit hun regiorol, lokaal bepalen waar en welke vorm van ondersteuning het meest passend is. De verdeling van de middelen over gemeenten is gebaseerd op het aantal inwoners en het aantal lager opgeleiden in gemeenten. Voor de komende jaren ontvangt de gemeente, via het gemeentefonds, een decentralisatie-uitkering voor overheidsbrede dienstverlening van € 11.812. Deze uitkering kan ingezet worden voor overheidsbrede dienstverlening.
Overige (kleine) posten
De overige kleine verschillen in programma 5 ten opzichte van de begroting 2026-2029 bedragen € 9.000 vanaf 2027. Dit betreft: Vergoeding gemeente Veenendaal voor dienstverlening inzake archivering en jaarlijks vernietigen belastingstukken. Overige kosten bestuur.
Financiële wijzigingen in programma 5 Programma 5. Dienstverlening Binnen dit programma zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Budgetten programma 5 (Dienstverlening) ICT (software en licentiekosten) ICT samenwerking Inhuur personeel derden/ flexibele schil (indexering) Personele kosten (Cao raming2027) Personele kosten (periodieke verhogingen) Vergoeding raadsleden (indexering2027) Vergoeding raadsleden (uitbreiding2 raadsleden) Kosten VNG Fonds GGU Overheidsbrede dienstverlening Overige (kleine) posten Totaal
2027 -22.500 -305.000 -22.500 -292.000 -25.000 -16.800 -42.500 -20.000 -11.812 -9.000 -767.112
2028 -22.500 -305.000 -22.500 -389.000 -25.000 -16.800 -42.500 -20.000 -11.812 -9.000 -864.112
2029 -22.500 -305.000 -22.500 -389.000 -25.000 -16.800 -42.500 -20.000 -11.812 -9.000 -864.112
2030 -22.500 -305.000 -22.500 -389.000 -25.000 -16.800 -42.500 -20.000 -11.812 -9.000 -864.112
- =nadelig +=voordelig
Kaderbrief 2027-2030
20
Algemene dekkingsmiddelen Algemene uitkering De berekening van de algemene uitkering is gebaseerd op de septembercirculaire 2025 en de decembercirculaire 2025 en een inschatting van de meicirculaire 2026. In deze kaderbrief is een inschatting van de meicirculaire 2026 verwerkt in de verwachte begrotingsresultaten omdat anders het financiële beeld onevenredig zwaar belast wordt terwijl de praktijk van de afgelopen jaren leert dat compensatie reëel is. De inschatting van de meicirculaire 2026 brengt daarmee ook risico’s met zich mee omdat het een inschatting betreft. De inschatting is gebaseerd op de cijfers uit voorjaarsnota 2026 van het rijk (maart 2026). Dit risico is verwerkt bij de programmarisico’s in hoofdstuk 5 (onderdeel Weerstandsvermogen) van deze kaderbrief.
Algemene uitkering (september- en decembercirculaire 2025)
De mutaties in de algemene uitkering naar aanleiding van de september- en decembercirculaire 2025 zijn als volgt voor de jaren 2027-2030: Mutaties algemene uitkering(sept/ dec circulaire 2025) Algemeen (accres) Overheidsbrede dienstverlening(programma 5) Participatie (programma 1) Totaal
2027 254.885 11.812 6.816 273.513
2028 234.332 11.812 -104 246.040
2029 207.409 11.812 -110 219.111
2030 615.146 11.812 6.164 633.122
Algemene uitkering inschatting meicirculaire 2026
De verwachting is dat het gemeentefonds in de meicirculaire 2026 meer duidelijkheid zal geven aan gemeenten over compensatie 2026 en volgende jaren vanwege de hoge loon- en prijsstijgingen. Onze externe ondersteuner bij de berekening van de algemene uitkering heeft, op basis van de cijfers uit de voorjaarsnota 2026 van het rijk, aangegeven op welke manier gemeenten een inschatting kunnen maken van de mogelijke opbrengsten uit de algemene uitkering die verwacht kan worden bij de meicirculaire 2026. Op basis van hun advies en ervaringscijfers van de afgelopen 4 jaar is een inschatting gemaakt. De ingeschatte opbrengsten voor 2027-2030 zijn als volgt:
Inschattingalgemene uitkering(meicirculaire 2026) Hogere algemene uitkering Totaal
2027 1.204.000 1.204.000
2028 1.167.000 1.167.000
2029 1.150.000 1.150.000
2030 1.149.000 1.149.000
Herziening verdeling gemeentefonds per 1 januari 2027
De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) heeft begin februari 2026 in 2 delen een adviesaanvraag gestuurd aan de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) over de herziening verdeling gemeentefonds per 1 januari 2027. Aanleiding is, dat de onderzoeken, die op 7 februari 2025 door de minister van BZK aan de Tweede Kamer zijn toegezegd, inmiddels bijna zijn afgerond. In de adviesaanvraag is de ROB gevraagd te reflecteren op de voorliggende aanpassingen van het verdeelmodel en in het bijzonder op de volgende aanpassingen: De keuze voor de alternatieve maatstaf voor de maatstaf Niet-westerse migranten, die per 1 januari 2027 niet langer door het CBS wordt geleverd.
Kaderbrief 2027-2030
21
De keuze om de Huishoudens laag inkomen met drempel uitgedrukt in woonruimten te vervangen door een andere maatstaf. Of het voorgestelde verdeelmodel voor het cluster Wmo een verbetering is ten opzichte van de huidige verdeling van de middelen in dit cluster. Of het voorgestelde verdeelmodel voor het cluster jeugd een verbetering is ten opzichte van de huidige verdeling van de middelen in dit cluster. Het voorstel aangaande de verevening van het bedrag van de OEM en de OZB. De uitlegbaarheid van de effecten van de nieuwe verdeling voor gemeenten. Is er aanleiding om voor specifieke gemeenten een uitzonderingsclausule te creëren naast de algemene uitkering? Het voorgestelde ingroeipad en de bedragen per inwoner per jaar.
Advies ROB De Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) heeft advies uitgebracht over de herziening van de verdeling van het gemeentefonds per 1 januari 2027. De raad ziet waardevolle ideeën, maar acht de meeste voorstellen nog niet rijp voor invoering. De huidige verdeling, die sinds 2023 geldt, wordt door de ROB weliswaar als een verbetering gezien, maar “nog niet goed genoeg”. De voorgestelde aanpassingen moeten bijdragen aan een verdeling die beter aansluit bij verschillen in noodzakelijke uitgaven en belastingcapaciteit van gemeenten. Slechts twee voorstellen direct invoerbaar Van de tien voorgestelde maatregelen adviseert de ROB slechts twee per 2027 in te voeren. Dit betreft het berekenen van de maatstaf ‘huishoudens met een laag inkomen’ met procenten in plaats van honderdtallen en het aanpassen van de ozb-rekentarieven aan de werkelijke gemiddelde tarieven. Beide voorstellen verbeteren volgens de ROB de verdeling zonder grote herverdeeleffecten. Voor het cluster Wmo onderschrijft de ROB het voorstel om de verdeling voorlopig niet te wijzigen. Onderzoek heeft nog niet geleid tot een overtuigend beter alternatief. Belangrijke voorstellen nog onvoldoende uitgewerkt Voor een aantal andere voorstellen ziet de ROB “waardevolle ideeën”, maar deze zijn nog onvoldoende uitgewerkt.
Dit geldt onder meer voor de herziening van de maatstaf ‘huishoudens met een laag inkomen’, die een groot deel van het gemeentefonds verdeelt. De ROB wijst erop dat huishoudens uit het laagste inkomensdeciel mogelijk ten onrechte buiten beschouwing blijven en dat meer onderzoek nodig is naar de kostenoriëntatie. Ook de voorgestelde herverdeling van het cluster Jeugd wordt als een “goede aanzet” gezien, maar sluit nog onvoldoende aan op de werkelijke kosten van gemeenten. De verdeling leidt tot aanzienlijke regionale verschillen, waarbij sommige gemeenten structureel meer ontvangen dan zij uitgeven en andere minder. Onzekerheid over totale herverdeling De ROB benadrukt dat de voorstellen gezamenlijk leiden tot een grote en onduidelijke herverdeling. Hierdoor is de richting van de verdeling “ongewis” geworden. De raad adviseert daarom het ingroeipad van de herverdeling voorlopig te bevriezen op het niveau van 2026. Daarnaast adviseert de ROB om meer gebruik te maken van inhoudelijke expertise en kennis uit de praktijk, en minder te vertrouwen op uitsluitend statistische modellen. Transparantie, zowel bestuurlijk als technisch, blijft daarbij essentieel. De ROB kondigt aan in het najaar met een nader advies te komen over hoe de verdeling van het gemeentefonds structureel kan worden verbeterd, met een combinatie van bestuurlijke afwegingen, expertise en statistiek.
Vervolgtraject Kaderbrief 2027-2030
22
We verwachten dat op korte termijn duidelijkheid komt over het vervolg van het ingroeipad. Mogelijk uitstel van het ingroeipad kan positief effect hebben op de begrotingscijfers 2027-2030 voor Woudenberg. Eventuele herverdeeleffecten herziening verdeelmodel gemeentefonds worden door het rijk gepubliceerd in de meicirculaire 2026.
OZB (inflatie 2027)
We stellen voor het tarief voor OZB woningen (eigenaar) te laten stijgen met 2,1 % wegens inflatiecorrectie. Het percentage van 2,1 is een inschatting op basis van de raming Centraal Planbureau maart 2026 (inflatie, nationale consumenten-prijsindex cpi 2027). In lijn met 2025 en 2026 wordt voorgesteld de tarieven voor OZB niet-woningen 2027 (eigenaar en gebruiker) te laten stijgen met het dubbele van 2,1 % namelijk 4,2 %.
OZB (aanpassing o.b.v. ervaringscijfers 2025/2026)
De totale opbrengst OZB wordt voor 2027-2030 met € 40.000 naar boven bijgesteld op basis van de opgelegde belastingaanslagen 2026 en de te verwachten verminderingen in 2026.
Hondenbelasting (inflatie 2027)
We stellen voor het tarief voor hondenbelasting te laten stijgen met 2,1 % wegens inflatiecorrectie.
Toeristenbelasting (inflatie 2027)
We stellen voor het tarief voor toeristenbelasting te laten stijgen met 2,1 % wegens inflatiecorrectie.
Toevoeging reserve Sportpark De Grift (indexering)
Op dit moment wordt jaarlijks € 84.773 toegevoegd aan de reserve Sportpark De Grift voor vervangingsinvesteringen. Deze toevoeging voor de jaren 2027 en verder is gebaseerd op prijspeil 2026. Voor 2027 wordt er rekening gehouden met een stijging door indexering en verhoogde materiaalkosten van 5 %. Vanaf 2027 stijgt hierdoor de jaarlijkse toevoeging met € 4.300 (afgerond).
Toevoeging reserve onderhoud gebouwen (indexering)
Op dit moment wordt jaarlijks € 105.325 toegevoegd aan de reserve Sportpark De Grift voor vervangingsinvesteringen. Deze toevoeging voor de jaren 2027 en verder is gebaseerd op prijspeil 2026. Voor 2027 wordt er rekening gehouden met een stijging door indexering en verhoogde materiaalkosten van 5 %. Vanaf 2027 stijgt hierdoor de jaarlijkse toevoeging met € 5.300 (afgerond).
Aanwending reserve kunstwerken (geluidsscherm Het Zeeland)
In 2026 wordt een groot deel van de geluidsschermen Het Zeeland vervangen. De geluidsschermen zijn aangelegd in 1998. De bestaande houten geluidsschermen worden vervangen door nieuwe geluidsschermen bestaande uit een stalenframe met een kunststofvulling en met een levensduur van naar verwachting 30 jaar. De investering voor het vervangen van de geluidsschermen bedraagt € 350.000 en wordt in 30 jaar afgeschreven. De jaarlijkse kapitaallasten ad. € 11.666 worden gedekt via de reserve kunstwerken.
Financiële wijzigingen in algemene dekkingsmiddelen Kaderbrief 2027-2030
23
Algemene dekkingsmiddelen/ mutaties in reserves Binnen dit onderdeel zijn de volgende verschuivingen in de budgetten: Algemene dekkingsmiddelen/ reserves Algemene uitkering (sept/ dec circulaire 2025) Algemene uitkering (inschatting meicirculaire 2026) OZB (inflatie 2027) OZB (aanpassing o.b.v. ervaringscijfer 2026) Hondenbelasting Toeristenbelasting Toevoeging reserve Sportpark De Grift Toevoeging reserve onderhoud gebouwen Aanwending reserve kunstwerken (geluidsscherm Het Zeeland) Totaal
2027 273.513 1.204.000 107.000 40.000 2.000 7.000 -4.300 -5.300 11.666 1.635.579
2028 246.040 1.167.000 107.000 40.000 2.000 7.000 -4.300 -5.300 11.666 1.571.106
2029 219.111 1.150.000 107.000 40.000 2.000 7.000 -4.300 -5.300 11.666 1.527.177
2030 633.122 1.149.000 107.000 40.000 2.000 7.000 -4.300 -5.300 11.666 1.940.188
- =nadelig +=voordelig
Recapitulatie aanpassing budgetten als gevolg van beleidsontwikkelingen op de vijf programma’s, de algemene dekkingsmiddelen en de reserves: In de onderstaande tabel zijn de financiële consequenties in totalen per programma weergegeven. Budgetwijzigingen per programma 1. Samenleving 2. Leefomgeving 3. Veiligheid 4. Ruimte, wonen en ondernemen 5. Dienstverlening Totaal aanpassingbudgetten Algemene dekkingsmiddelen/ reserves Totaal beleidsontwikkelingen
2027 -1.240.016 -40.166 -70.000 -37.500 -767.112 -2.154.794 1.635.579 -519.215
2028 -1.208.096 -40.166 -100.000 -37.500 -864.112 -2.249.874 1.571.106 -678.768
2029 -1.208.090 -40.166 -100.000 -37.500 -864.112 -2.249.868 1.527.177 -722.691
2030 -1.214.364 -40.166 -105.000 -37.500 -864.112 -2.261.142 1.940.188 -320.954
- =nadelig +=voordelig
Kaderbrief 2027-2030
24
Hoofdstuk 3. Monitor realisatie maatregelen kerntakendiscussie 2026-2029 e.v. Inleiding In de gemeenteraad van juli 2025 is een besluit genomen over het definitieve pakket aan maatregelen naar aanleiding van de kerntakendiscussie. Het definitieve pakket aan maatregelen is ingevoerd en verwerkt in de begroting 2026-2029. Voor de periode vanaf 2026 ligt de focus op de uitvoering van de gemaakte keuzes en het monitoren van de effecten van de ingevoerde maatregelen. Daarbij wordt periodiek inzicht gegeven in de voortgang, de financiële ontwikkeling en de mate waarin de beoogde doelen worden gerealiseerd. Indien nodig worden op basis van deze monitoring bijsturingsmaatregelen voorgesteld.
Samenvatting proces kerntakendiscussie 2025 Het proces van de kerntakendiscussie is in augustus 2024 gestart met een ambtelijke analyse van de financiële uitgangspositie, ondersteund door een externe adviseur. Op basis hiervan zijn mogelijke bezuinigingsmaatregelen geïnventariseerd en gecategoriseerd naar impact en bestuurlijke afwegingsruimte. Vervolgens zijn via dilemmadiscussies met raad, inwoners en adviesorganen maatschappelijke en bestuurlijke waarden opgehaald ter ondersteuning van de besluitvorming. Deze input is, samen met ambtelijke en bestuurlijke afwegingen, vertaald naar een conceptpakket aan maatregelen. Het conceptpakket is breed voorgelegd aan verschillende gremia, waarna hun zienswijzen zijn meegewogen bij het opstellen van het definitieve maatregelenpakket. Hierbij is een zorgvuldige balans gezocht tussen financiële haalbaarheid, maatschappelijke impact en uitvoerbaarheid.
Maatregelen Zoals hiervoor beschreven hebben college en gemeenteraad bij het opstellen van het voorgestelde pakket aan maatregelen vorig jaar de uitkomsten van het participatieproces betrokken bij de besluitvorming. Het doel hiervan was het voeren van een waardegedreven gesprek om richting te geven aan de bezuinigingsopgave en tegelijkertijd recht te doen aan de waarden en prioriteiten die in de samenleving leven. De inzet is evenwel gericht op het behouden van een leefbare, zorgzame en financieel gezonde gemeente, ook op de lange termijn.
Financiële stand van zaken 1e monitor realisatie maatregelen Maatregel 1 Stelpost vrijval BTW-compensatiefonds Ingeboekte maatregel 1 Stelpost vrijval BTW-compensatiefonds ad. € 191.000 (structurele inkomsten) dient naar aanleiding van de 1e monitor naar beneden bijgesteld te worden. De verwachting is dat bij de meicirculaire 2026 van het gemeentefonds de definitieve afrekening 2025 BTW-compensatiefonds voor Woudenberg € 128.000 zal bedragen. Dit bedrag mag Woudenberg bij de begroting 2027-2030 als structurele stelpost aan inkomsten meenemen. De ingeboekte stelpost BTW compensatiefonds (in de begroting 2026-2029) van structureel € 191.000 aan verwachte inkomsten gemeentefonds dient naar aanleiding van werkelijke afrekening 2025 naar beneden bijgesteld te worden (= nadeel) met structureel € 63.000 (wordt dus € 128.000). Het structurele nadeel van € 63.000 wordt verwerkt in het financiële beeld 2027-2030 van deze kaderbrief.