03.b Halfjaarcijfers 2023 STEV.pdf
Tekst van het document
Financiële Halfjaar rapportage
Januari t/m juni 2023
Halfjaarcijfers STEV 2023
1
1. Algemeen Bijgaand vindt u het overzicht van de ontwikkeling van de financiën van STEV over het 1e half jaar 2023. In december 2022 is de begroting vastgesteld, die voor 2023 een positief saldo liet zien van € 427.158. Dit positieve resultaat was opgebouwd uit twee te onderscheiden onderdelen: a. Op uitgaven NPO middelen was een resultaat begroot van € 407.532. Zoals bekend verondersteld wordt hebben wij ten gevolge van eventueel ontstane leerachterstanden als gevolg van het afstandsonderwijs tijdens de coronaperiode, NPO middelen van het Rijk ontvangen. Deze middelen zijn ons toegekend in februari 2021 en werden geacht uitgegeven te zijn gedurende de schooljaren 21/22 en 22/23. Als gevolg van de grote krapte op de arbeidsmarkt is dat de afgelopen kalenderjaren slechts ten dele gelukt. Uit het overzicht dat wij u nu presenteren blijkt dat dat beter is gelukt. b. Daarnaast, als tweede onderdeel was voor de reguliere exploitatiebegroting een positief saldo van € 19.626 begroot. De begroting 2023 is opgesteld in het najaar en vastgesteld in december 2022. In die tijd waren er net de eerste modellen van de nieuwe bekostigingssystematiek bekend en hebben we de begroting opgesteld op basis van die modellen.
Belangrijkste wijziging van de nieuwe bekostigingssystematiek is dat niet langer gewerkt werd met teldatum 01-10- (t-/-1), maar dat er vanaf 01-01-2023 gewerkt wordt met teldatum 01-02 (t-/-1). Nu blijkt dat de modellen goed hebben gewerkt en dat de begrote rijksbijdragen uit die modellen kloppen. In dit eerste jaar van de nieuwe bekostiging is ook de indexering vanuit de overheid aangepast, en krijgen we in september 2023 één indexering. (in voorgaande jaren werd er ook een tweede indexering met terugwerkende kracht toegepast). Bij het opstellen van de begroting 2023 hebben we een deel van de verwachte indexering opgenomen omdat daar in de huidige CAO ook al rekening mee was gehouden. In de cijfers is geen rekening gehouden met de verdere indexering van de rijksbijdrage en de gevolgen die dat heeft voor de indexering van de lonen. Datzelfde geldt voor de indexering van de lasten; deze zijn evenmin opgenomen. Bij het opstellen van de begroting veronderstelden wij dat een groot deel van de Oekraïense kinderen waaraan wij les mogen geven, weer zouden terugkeren naar huis. Die verwachting is niet uitgekomen als gevolg van de voortdurende oorlogssituatie in de Oekraïne. Gedurende dit kalenderjaar is de regelgeving ten aanzien van onderwijs aan Oekraïense leerlingen gewijzigd.
De TOV-klassen (Tijdelijke Onderwijs Voorziening) zijn gestopt, en er zijn taalklassen nieuwkomers gevormd, waarin alle nieuwkomers geacht worden samen onderwijs te ontvangen. STEV heeft separate taalklas nieuwkomers gevormd in Scherpenzeel, Barneveld, Soest en Baarn. Dat leidt tot een toename van het aantal nieuwkomersleerlingen. Voor nieuwkomers is aanvullende bekostiging beschikbaar, waarbij opgemerkt moet worden dat de (hoge) bekostiging dit kalenderjaar voor het 2 e jaar fors naar beneden is bijgesteld. Dit jaar is ook het laatste jaar dat we NPO-middelen ontvangen. Ondertussen is de regelgeving omtrent de NPO-middelen gewijzigd, en zijn deze extra middelen onderdeel geworden van de lumpsum. In februari 2023 heeft het Rijk een nieuwe subsidieregeling opengesteld: de subsidie basisvaardigheden. Een aantal scholen heeft deze subsidie toegekend gekregen, in totaal gaat het om een bedrag van € 1.224.000 voor de schooljaren 23/24 en 24/25. Deze subsidie dient uitgegeven te worden aan dezelfde maatregelen die ook eerder mogelijk waren binnen uitgaven NPO middelen (de zogenaamde menu-kaart). Afspraak binnen STEV is dat scholen – volgens gemaakte plannen – allereerst de subsidie basisvaardigheden aanspreken, en vervolgens de NPO-middelen. Om de subsidie basisvaardigheden definitief toegekend te krijgen dienen scholen activiteitenplannen op te stellen.
De deadline daarvoor is 13 oktober. De subsidie basisvaardigheden is niet opgenomen in de
Halfjaarcijfers STEV 2023
2
begroting 2023, aangezien deze eerst gedurende dit kalenderjaar is opengesteld. Bij de jaarrekening 2023 zullen we hier nader op terugkomen. Zoals eerder opgemerkt lijkt het dat we de dit jaar begrote NPO middelen bijna geheel gaan uitgeven gedurende 2023. Dan resteert nog een reserve NPO middelen van ongeveer € 1,2 milj. Zoals we ook in de kaderbrief hebben aangegeven zullen we de reguliere begroting voor 2024 opstellen met een € 0 resultaat. Uit de subsidiebasisvaardigheden en NPO middelen kunnen we aanvullende interventies plegen om het onderwijs te verbeteren. Voorziening groot onderhoud In dit voorjaar is er uitsluitsel gekomen over de verwerking van de voorziening groot onderhoud. Dit onderwerp speelde al meerdere jaren en in de verschillende begrotingen is daar aandacht aan geschonken. Kort gezegd zijn er twee keuzes voor een bestuur; ofwel we gaan investeringen en afschrijven, ofwel we vullen de voorziening groot onderhoud conform de nieuwe regelgeving. STEV heeft reeds eerder gekozen voor het aanvullen van de voorziening groot onderhoud. STEV heeft besloten om die verandering door te voeren per 1 januari 2023. Dit besluit is terug te zien in de tabel op bladzijde 7; de voorziening groot onderhoud stijgt van € 1.216.508 per 31-12-2022 naar € 3.600.648 per 01-01-2023.
De nu ontstane hoogte van de voorziening geeft ons de middelen om de maatregelen ten aanzien van het onderhoud van gebouwen te nemen die onze verantwoordelijkheid zijn. Door deze wijziging per 01-01-2023 door te voeren kunnen we de begrotingsgesprekken voor 2024 en verder voeren zonder met die wijziging rekening te houden. Daarom is er dit jaar in tegenstelling tot voorgaande jaren een balansoverzicht in deze halfjaarcijfers opgenomen.
Halfjaarcijfers STEV 2023
3
2. Uitputting t/m 1e halfjaar 2023 Deze halfjaar rapportage bevat financiële gegevens over de eerste helft van 2023. De cijfers t/m juni zijn tot stand gekomen op basis van de gegevens uit de boekhouding. De prognose tot eind 2023 is tot stand gekomen op basis van de uitputting t/m juni, het formatieplan voor 2023-2024 en een inschatting van de ontwikkeling van de kosten en opbrengsten in de 2 e helft van het jaar; de uitgaven over de 1e zes maanden van een half jaar zijn niet te verdubbelen tot uitgaven voor een heel kalenderjaar, aangezien het nieuwe schooljaar (in dit geval 23/24) rekening houdt met uitgaven op basis van het vastgestelde bestuursformatieplan. Baten en lasten worden zoveel mogelijk toegerekend aan de betreffende verslagperiode. Onderstaand staat de huidige situatie en de prognose voor het einde van het jaar 1: Begroting Omschrijving
tm juni 2023
Prognose
2023
Begroot
Werkelijk
Verschil
2023
16.217.736
8.587.557
9.392.622
805.065
17.297.666
Overige overheidsbijdragen
405.414
202.707
240.421
37.714
631.965
Overige baten
210.224
110.862
177.028
66.166
304.219
Totaal baten
16.833.374
8.901.126
9.810.071
908.946
18.233.851
Personeelslasten
13.902.045
7.162.481
7.690.587
528.106
15.172.197
Afschrijvingen
322.900
157.273
148.172
(9.101)
311.689
1.226.377
615.272
617.925
2.653
1.255.330
945.893
472.947
800.168
327.222
1.358.729
16.397.216
8.407.972
9.256.852
848.880
18.097.945
3.989
3.989
28.130
Rijksbijdragen OCW
Huisvestingslasten Overige lasten Totaal lasten
Financiële baten
0
Financiële lasten
9.000
4.500
1.935
(2.565)
4.766
Financiële baten en lasten
(9.000)
(4.500)
2.054
6.554
23.364
Resultaat
427.158
488.653
555.273
66.620
159.270
Het resultaat van het 1e halfjaar is € 555.273, terwijl we een resultaat hadden begroot van € 488.653. Daarmee is dat € 66.620 beter dan we hadden begroot. Zoals eerder gemeld hadden we voor 2023 een resultaat van € 427.158 begroot (NPO en reguliere bedrijfsvoering gezamenlijk). Nu prognosticeren we uit te komen op € 159.270, wat € 267.438 minder is dan begroot. Dit verschil wordt met name veroorzaakt door de uitgaven NPO. Hieronder een nadere toelichting.
1
De prognose is opgesteld zonder de subsidies van arbeidsmarkttoelage en basisvaardigheden. Deze subsidies hebben geen invloed op het resultaat, en verhoogt zowel de opbrengsten als de kosten. Halfjaarcijfers STEV 2023
4
Verklaring resultaat Begroting
tm juni 2023
Prognose
2023
Begroot
Werkelijk
Verschil
2023
Resultaat NPO
407.532
468.424
229.572
(238.852)
47.144
Resultaat gewone bedrijfsvoering
19.626
20.229
325.701
305.472
112.126
Resultaat totaal
427.158
488.653
555.273
66.620
159.270
NPO-middelen. Het resultaat wordt in grote mate bepaald door de NPO-middelen. We hadden begroot dat we t/m juni een resultaat op NPO-middelen zouden behalen van € 468.424, maar dat is € 229.572 geworden. De uitgaven zijn gedaan conform de eerder opgestelde NPO plannen van de scholen. De conclusie is tweeledig: enerzijds kunnen we concluderen dat we meer medewerkers aan onze scholen hebben kunnen binden om de kwaliteit van onderwijs te verhogen. Anderzijds moeten we constateren dat de uitgaven aan personeel hoger zijn door de inhuur van medewerkers via ZZP-constructies of uitzendbureaus. Desalniettemin zijn wij van mening dat de uitgaven NPO passen binnen de doelstelling van NPO. De NPO-middelen ontvangen we nog tot en met juli 2023. In de periode daarna zullen we alleen nog de eerder ontvangen en niet uitgegeven NPO-middelen gaan uitgeven. We verwachten voor dit jaar dat we nagenoeg alle dit jaar ontvangen middelen voor NPO gaan uitgeven en dat we nog € 47.144 overhouden over dit kalenderjaar. Dat betekent dat we prognosticeren dat de bestemmingsreserve NPO ultimo 2023 uit zal komen op 1,2 milj.
Resultaat bedrijfsvoering Het resultaat voor de gewone bedrijfsvoering (dus de exploitatie zonder de NPO-middelen) was begroot t/m juni 2023 op € 20.229. Het werkelijke resultaat tot nu toe is € 325.701. Dat is voor een groot deel het gevolg van stijging van de rijksbijdrage, door groei bekostiging en bekostiging nieuwkomers, wat hieronder zal worden toegelicht. Anderzijds hebben wij fors meer uitgaven aan (ziekte)vervanging moeten doen. Begroot voor een half jaar was € 200.000 en werkelijk is € 400.000). Ook in het 2e half jaar voorzien wij extra uitgaven voor (ziekte)vervanging waardoor het verwachte resultaat zal € 112.126 zal bedragen.
Rijksbijdrage De rijksbijdrage neemt toe. Dat is het gevolg van de berekening van groei van het totaal aantal leerlingen binnen STEV: Wanneer het aantal leerlingen met 4% (geen afronding) of meer is gegroeid ten opzichte van het totaal aantal leerlingen op de teldatum (1 februari t-1), dan wordt groeibekostiging voor die maand toegekend. De bekostiging bedraagt dan 1/12e deel van het reguliere bedrag per leerling (de basisbekostiging). Als gevolg van deze groei (met name door het gegroeide aantal nieuwkomers dat wij onderwijs mogen geven) is ons reeds € 468.000 als extra inkomsten toegekend. STEV is fors gegroeid: van 1931 leerlingen op 1 februari 2022 tot 2063 leerlingen op 1 februari 2023. Groeibekostiging is niet te voorspellen en wordt (dus) ook niet begroot. In totaal zullen wij € 568.000 ontvangen aan groeibekostiging. Naast de groeibekostiging ontvangen wij ook bijzondere bekostiging voor leerlingen die hun 1e jaar in Nederland onderwijs volgen. Deze middelen worden ingezet om het onderwijs aan deze leerlingen te organiseren. Het aantal nieuwkomers waaraan wij onderwijs mogen geven is aan vele wisselingen onderhevig. Aangezien we wel verplichtingen aangaan, met name ten aanzien van de aanname van personeel, zijn er in bijna alle gemeenten garanties afgesproken met de betreffende gemeenten.
Overige overheidsbijdrage Deze is hoger omdat we afspraken met meerdere gemeente hebben gemaakt over de taalklassen nieuwkomers en de bijdrage van de gemeente daarbij.
Halfjaarcijfers STEV 2023
5
Overige baten De overige baten zijn fors hoger dan begroot. STEV heeft 25 kinderen van de Waterinkschool in Soest vorig schooljaar overgenomen en daarbij hebben we afgesproken dat we de rijksmiddelen van die kinderen mee krijgen (bestuurlijke afspraak met PCBO Baarn Soest). Het gaat om een bedrag tot nu toe van € 96.000.
Personele lasten De personele lasten fors gestegen. Dit heeft te maken met ons hoge ziekteverzuimpercentage. Hierdoor stijgen de uitgaven aan de arbodienst en reintegratie- en begeleidingstrajecten. Maar de grootste stijging wordt veroorzaakt als gevolg van de inzet van vervangend personeel. We hebben in de eerste 6 maanden ongeveer € 400.000 aan vervanging uitgegeven, waarvan de helft via uitbetaling van salarissen en de andere helft via inhuur van medewerkers. Voor het najaar van 2023 hebben we afgesproken dat we, samen met directeuren, een traject zullen doorlopen om het ziektepercentage zoveel als mogelijk is terug te dringen. De krappe arbeidsmarkt waar we meermaals over hebben gesproken leidt tot fors hogere kosten om ziektevervanging te (kunnen) organiseren. De vervangingspools zijn nagenoeg leeg en zoals alle scholen en onderwijskoepels zijn wij aangewezen op het inhuren van collega’s via detacheringsbureaus of ZZP-constructie. Transvita, onze regionale vervangingspool, doet er alles aan om nieuwe doelgroepen te verleiden tot een functie binnen het primair onderwijs. Dit leidt tot de fors hogere kosten. Zoals we weten is de arbeidsmarkt ten aanzien van het primair onderwijs zeer gespannen, en dat zal de komende jaren naar verwachting ook zo blijven.
Huisvestingslasten De huisvestingslasten lopen in de pas met de uitgaven, wel zijn de energielasten een onzekere factor. Er heeft nog steeds geen afrekening plaats gevonden over het kalenderjaar 2022 door de energieleverancier (DVEP) en ook in 2023 zijn tot op heden ook alleen voorschotten verrekend. DVEP stopt aan het einde van het jaar met de levering van energie. Wel zal het bedrijf de afrekeningen over 2022 en 2023 nog opstellen en afrekenen. Er is een vervangende energieleverancier (Engie) gevonden die de portefeuille van DVEP wil overnemen. Bij het opstellen van de begroting 2024 zullen we een inschatting maken van de stijging van energielasten.
Overige lasten. De overige lasten zijn € 327.000 hoger dan begroot. Voor het grootste deel € 227.000 komt dat voort uit extra uitgaven ten laste van NPO die onder deze post vallen. De verdere overschrijding komt voort uit extra uitgaven ten laste van leermiddelen en licenties.
Financiële baten en lasten Tijdens het opstellen van de begroting gingen we nog uit van rentekosten voor onze middelen. Echter, als gevolg van wijzigingen op de financiële markten ontvangen we nu weer renteopbrengsten.
Halfjaarcijfers STEV 2023
6
3. Balans Zoals eerder beschreven en besproken is er als gevolg van een andere waarderingsgrondslag van de voorziening groot onderhoud een extra dotatie aan de voorziening groot onderhoud nodig. We hebben de extra dotatie bepaald op basis van de componentenmethode. De extra dotatie bedraagt € 2.384.140. Dit bedrag halen we uit de algemene reserve die daardoor daalt tot een bedrag van € 226.913. Uit onze eerder opgestelde risico-inventarisatie blijkt dat we een bedrag van € 1,15 miljoen als reserve wensen te hebben om onvoorziene situaties op te kunnen vangen. De algemene reserve moet dus in de komende jaren weer oplopen tot dat bedrag. In de tussentijd hebben we nog een tweetal bestemmingsreserves (De bestemmingsreserve NPO (€ 1.151.110) en de bestemmingsreserve bijzondere bekostiging nieuwkomers (€ 279.636)). De bestemmingsreserve NPO laten we vooralsnog in stand. De bestemmingsreserve bekostiging nieuwkomers bezien we elk jaar, na afloop van het kalenderjaar, op noodzakelijke hoogte. Deze reserve is niet noodzakelijk; immers STEV kent reeds die middelen toe aan scholen die nieuwkomers onderwijs geven die nodig zijn voor het geven van onderwijs. Daarnaast is de ervaring van afgelopen jaren dat er meer middelen binnen komen dan begroot en dat we, als gevolg daarvan, een positiever resultaat hebben dan begroot.
Die extra middelen kunnen worden dan toegevoegd aan de algemene reserve. Door deze omzetting van het eigen vermogen naar de voorziening is er bij STEV geen sprake meer van bovenmatig vermogen. Voor de begroting van 2024 gaan we uit van de feitelijke leerlingaantallen, en zal er dus, in tegenstelling tot eerdere jaren, geen budget meer beschikbaar zijn om fricties binnen de scholen met extra middelen te kunnen oplossen. De balans ziet er, als gevolg van toepassing van de componentenmethode per 01-01-2023 als volgt uit: (balans 31 december 2023 is gebaseerd op de begroting 2023).
Balans 31 december 2022
Omschrijving
Balans 1 januari 2023
Balans 31 december 2023
Activa Materiele vaste activa Vaste activa Vorderingen
1.550.734
1.550.735
1.712.410
1.550.734
1.550.735
1.712.410
435.378
435.378
435.378
5.755.661
5.755.661
6.301.739
6.191.039
6.191.039
6.737.117
7.741.773
7.741.774
8.449.527
Algemene reserves
2.611.053
226.913
246.539
Bestemmingreserve NPO
1.151.110
1.151.110
1.558.642
279.636
279.636
279.636
4.041.799
1.657.659
2.084.817
Liquide middelen Vlottende activa Totale activa Passiva
Bestemmingreserve bijz. bekostiging Groepsvermogen Personele voorzieningen Voorziening groot onderhoud Voorzieningen Eigen vermogen Kortlopende schulden Vreemd vermogen Totaal Passiva
Halfjaarcijfers STEV 2023
445.730
445.730
445.730
1.216.508
3.600.648
3.881.243
1.662.238
4.046.378
4.326.973
5.704.037
5.704.037
6.411.790
2.037.736
2.037.737
2.037.737
2.037.736
2.037.737
2.037.737
7.741.773
7.741.774
8.449.527
7
4. Conclusie 1. Als gevolg van de toepassing van de componentenmethode per 01-01-2023 is deze wijziging voor STEV met ingang van die datum uitgevoerd. Daarmee voldoen we aan de vereisten die de nieuwe regelgeving aan ons stelt, en het stelt ons in staat om gebouwen te onderhouden conform onze verantwoordelijkheid; 2. Ook gedurende kalenderjaar 2023 ontvangen we rijksbekostiging die we niet hebben begroot. Dat heeft alles te maken met de niet voorziene stijging van het aantal nieuwkomers waaraan wij les mogen geven, als ook aan nieuwe subsidies die het Rijk beschikbaar stelt. We constateren ook dit jaar dat er gedurende een kalenderjaar forse extra inkomsten aan ons worden toebedeeld, waardoor het begroten, en het tussentijds volgen van het resultaat van die begroting, niet eenvoudig is. 3. Het resultaat ultimo 2023 prognosticeren wij op € 159.270. De reguliere bedrijfsvoering loopt grotendeels in de pas, de uitgaven NPO zijn meer dan verwacht. 4. Door de groei van het leerlingaantal hebben we veel extra middelen ontvangen. Helaas hebben we deze middelen grotendeels in moeten zetten in het kader van (ziekte)vervanging. 5. STEV heeft een gezonde financiële positie, het bovenmatig eigen vermogen is als gevolg van rijksregelgeving teruggebracht tot minimale proporties.
Desalniettemin zien wij hierin nauwelijks een risico, aangezien wij, indien nodig, een aantal bestemmingsreserves kunnen inzetten bij calamiteiten.
5. Route van deze notitie Deze notitie is vastgesteld door het CvB en ter kennisname gebracht van het directeurenplatform op 5 september. In de GMR en RvT oktober zal deze notitie worden besproken, waarin aan de GMR advies gevraagd zal worden om toepassing van de componentenmethode per 01-01-2023. Vervolgens zal deze notitie verzonden worden naar de colleges van B&W binnen ons werkingsgebied.
Halfjaarcijfers STEV 2023
8