CConstaterende datWijdemeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Printversie transcript

gemeenteraad 10 juni 2021, gemeente WijdemerenBij agendapunt: Opening32.630 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

4 alinea's met “vreemd”: 4 33 78 154

Maar kijk, als ik begrijp voor amendement A2, met alle respect, wij vonden de dekking al dun, maar we verwachten toch wel, als we nou een maand later in dit voorstel zitten … De heer Voigt: Mijnheer Van Balen. De heer Van Balen: Ja. De heer Voigt: U gaat nou weer toelichten wat u in het … De heer Van Balen: Nee, nee. Nee. Ik hoor namelijk … Kijk, amendement A14.2 wordt ontraden, terwijl het volstrekt duidelijk is dat de inhuur niet tot 1 september is, maar tot eind van het jaar. Dus daar moeten we nou niet … De raad gaat hier over het geld. Dus vind ik, als we daar een, laten we zeggen, de cyclus van oktober van maken, dan moet dat voorstel wel op tafel komen. Wat u vindt u daarvan? Dan kan het toch wel? De heer Voigt: Dank u, mijnheer Van Balen. Ja, mijnheer Zagt heeft ook een interruptie. Dan kunnen we die beide tegelijk zo beantwoord. Mijnheer Zagt, gaat uw gang.

De heer Zagt: Ja voorzitter, twee korte vragen naar aanleiding van het betoog of de reactie van de burgemeester. Ik heb geen antwoord gehoord op de vraag: waarom is het rapport zo laag? Dat is vraag één. De tweede vraag is: ik hoorde de burgemeester zeggen: de organisatie is druk met allerlei werk, dus we kunnen zo snel niet, nou, allerlei dingen opleveren, maar daar zei ze ook bij, met het verwerken van het rapport van Necker van Naem. Dat begrijp ik niet, dat laatste. Want ik stel me toch voor dat er met de raad een overleg plaats gaat vinden en dat er dan besloten gaat worden wat de aanpak gaat worden. De heer Voigt: Dank u wel mijnheer Zagt. Mevrouw Larson. De voorzitter: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ten aanzien van de vraag met betrekking tot de reden van vertraging … Er vond een interruptie plaats. Dus ik was hem niet vergeten, maar dat geeft niet. De reden voor vertraging is dus dat wij van oordeel waren dat het kwalitatief in kwalitatieve zin onvoldoende verdieping in zat en onvoldoende onderbouwing was ten aanzien van cijfers en analyses. Dus wij vonden geen rapport in de eerste versie waar men een besluit op kon nemen en die niet tegemoet aan de informatievraag die er lag. Dus wij hebben … Wij hebben gevraagd om een verdieping daarvan. Dus het ging niet om een oordeel over de uitkomsten daarvan.

Het ging om een oordeel over de onderbouwing en dat die onvoldoende was. Ja. Dan was er een vraag over … Daar ben ik even de vraag kwijt, voorzitter. U moet me even helpen. Ik dacht dat ik had meegeschreven. De heer Voigt: De vraag van wie bedoelt u? De voorzitter: Mijnheer Zagt had nog een tweede vraag. De heer Voigt: Mijnheer Zagt, kunt u hem herhalen? De heer Zagt: Ja zeker. Ja burgemeester, u zei dat de organisatie druk was met allerlei dingen, gelet op de vragen die gesteld worden in de moties en amendementen. Maar daarbij zei u ook: druk met het verwerken van de resultaten van het rapport van Necker van Naem. Die begreep ik niet. De voorzitter: Ja. De heer Voigt: Mevrouw Larson. De voorzitter: Sorry voorzitter, dank u wel. Het is gebruikelijk als een dergelijk rapport wordt opgeleverd, dat er een reactie komt vanuit het college ten aanzien van, nou, conclusies die worden getrokken en dat er een … Dat krijgt u ook altijd bij de Rekenkameronderzoeken. Dat krijgt u ook bij overige onderzoeken. Dat bedoel ik dan, dat afhankelijk van die conclusies die daaruit voortkomen, kan ik me voorstellen dat u als raad ook behoefte hebt aan een nadere duiding vanuit het college ten aanzien van een aantal zaken die er misschien in staan. iemand van de afdeling Financiën neemt deel uit van de Begeleidingscommissie ook ten aanzien van het onderzoeksrapportage.

Dus het is niet de bedoeling om zonder deze raad al stappen te gaan zetten, maar het is wel goed denk ik dat er wel enige duiding vanuit het college wordt gegeven als het gaat om de conclusies. Daar doelde ik dan op. De heer Voigt: U bent nu door uw beantwoording heen, mevrouw Larson? De voorzitter: Ja, ik hoop dat ik niets ben vergeten. Dank u wel.

De heer Voigt: Oké. Dan gaan wij over naar tweede termijn, dames en heren, waarin u uw standpunt kenbaar kunt maken over het raadsvoorstel en over de amendementen en de moties en waarin u als u dat wil met elkaar in debat kunt gaan. De voorzitter: O, voorzitter. De heer Voigt: Ja, wat is er, mevrouw Larson? De voorzitter: Ik had gezegd dat ik klaar was, maar ineens bedenk ik me dat er een vraag was van de heer Van Balen nog over of oktober haalbaar was. Ik wil u wel de toezegging doen om dat in oktober te willen doen. Ik hoop dat ik die toezegging waar kan maken, maar ik doe hem even zonder ruggenspreek en organisatie. Maar als bestuurder denk ik ook wel dat u daar recht op hebt om in oktober over de informatie te kunnen beschikken. Dus we gaan ontzettend ons best doen. De heer Voigt: De toezegging wordt in ieder geval genoteerd, mevrouw Larson. Aan u de taak om hem waar te maken. We gaan naar de tweede termijn, zoals ik net zei, standpunt kenbaar maken en als u daar behoefte aan heeft met elkaar in debat. Ik wil graag zien wie het woord wil voeren door het opsteken van uw gele hand. Ik zie in ieder geval mijnheer Zagt. U mag beginnen. Mijnheer Zagt, gaat uw gang. De heer Zagt: Ja, dank u wel voorzitter. Ik wilde mijn hand weer laten zakken, maar ‘…’. Dat is in ieder geval de bedoeling.

Ja voorzitter, algemeen betoogje en ik zal ook, zoals u net vroeg, ingaan op dan de amendementen en de moties. Voorzitter, in de commissie, en ik ga zeker niet de commissie herhalen, maar zei ik wel … Begon ik ook ongeveer met dat het voorstel een hoog Covid-gehalte had. Niet dat ik daar wat afding of afdoe aan de ernst van Covid, begrijp ons goed, maar naar onze mening zit achter die façade, is het wel duidelijk dat zaken totaal niet op orde zijn. We illustreerden dat, voorzitter, al in de laatste begrotingsbehandeling en de begrotingsbehandeling en de bijdrage van de lokale partijen. U herinnert zich vast nog de bulldozer met een berg aan projecten, plannen, klusjes. Het werd steeds meer en steeds meer. Het rapport van de organisatie, het onderzoek, dat blijft uit. Het zou er voor het reces zijn. Nou, we hoorden er daarnet wat over, maar we zien dit ook als een teken. Helemaal nu we dus horen dat het wel oktober wordt dat we resultaten krijgen. Het rapport zou nog niet klaar zijn. Nu blijkt dat het rapport zeg maar kwalitatief niet voldoende is. Kan ik begrijpen. Het voldoet niet aan de vraag zeg maar die is neergelegd, als ik het zo mag vertalen. Nou, daar moet je zeker op reageren. Maar ja, wat zou er dan aan de hand zijn? Beginnen wij ons toch meer af te vragen.

Waarom is het zo laat? 14 mei volgens mij, collega’s, heeft Necker van Naem … 11 mei was het zelfs, gesproken met de vertegenwoordigers van fracties. Toen zeiden ze: joh, in juni is het er zeker. Nou ja, het is nu juni. Het is er dus ook, maar het voldoet niet. Ja voorzitter, wij zien dit raadsvoorstel als een beetje poetsen. Neem me niet kwalijk dat ik het weer zo met zo een nare term neerzet, maar de kwaal wordt niet aangepakt. Wellicht is het middel zelfs erger dan de kwaal. De structurele aanpak ontbreekt. De bulldozer, die blijft en die bleef vooruitschuiven en die staat nu gewoon stil. Hij staat te slippen. De wielen spinnen met een hele berg ervoor, allerlei plannen, allerlei dingen die in gang gezet zijn en het bergje is steeds hoger geworden. Voorzitter, wij denken dat er keuzes gemaakt moeten worden. Ik richt me ook nadrukkelijk tot de collega’s, zeker niet alleen tot het college. Ik kom er later nog op terug. We roepen al jaren dat het fout gaat. Ik zie mijnheer Verbruggen kijken. Ik kijk u nu ook aan, mijnheer Verbruggen, in die mooie Bomenlaan. Maar u lachte dat steeds weg. Kijk nu eens, mijnheer Verbruggen, naar de antwoorden op de vragen van het CDA. Klik de presentatie van financiën nog eens aan die we, pak hem beet, twee weken geleden kregen van de heer Van Wricht. De cijfers van de gemeente zijn in duikvlucht naar beneden gegaan de laatste jaren.

De Efteling zou jaloers zijn op zo een duikvlucht, maar dan is het een attractie en dat is het hier niet. Mevrouw Vermeulen was verrast door de omvang van de problemen. Hebben we ook te maken met een structureel probleem? Vroeg zij zich hardop af. Voorzitter, met geld alleen

red je dit niet. Het roer om. Niet pappen en nathouden. Geen brandjes blussen met een tuinslang, terwijl de hele zaak in de fik staat. Het zijn niet de mooiste woorden, voorzitter, maar wel een schets om ons gevoel weer te geven. Nee voorzitter, wij hebben geen inhuurbudget verlaagd. De begroting die uiteindelijk vastgesteld is, was het voorstel van het college. Het evenwichtsscenario. Hoe anders kijk je nu naar die titel? Voorzitter, de lokale partij gaat dit voorstel niet steunen. Het pakt de clown niet aan. Ook alle amendementen die aanvullend zijn op het raadsvoorstel steunen we daarom niet. De coalitie, hoe pijnlijk, zal deze pijn moeten nemen, waar ze zelf ook grote veroorzaker van is. Het is te gemakkelijk, ik zei het al, ik kom erop terug. Het is te gemakkelijk het college de volledige schuld te geven. Voor de lokale partij is het duidelijk dat ingrijpende rigoureuze keuzes gemaakt moeten worden. Dat is meer dan brandjes blussen en hier en daar wat poetsen. Wij zien uit naar wat echt nodig is. We wachten met smart op het organisatieonderzoek. Voorzitter, en dan ga ik in vogelvlucht langs de ik meen in totaal vijf amendementen en moties. A14.1, van de Partij van de Arbeid, over met name het klimaat. Niet onverstandig, mijnheer Poels. Nou, heel verstandig moet ik eigenlijk zeggen. De opzet.

Maar het komt toch ook weer neer op meer vragen, de burgemeester zei het eigenlijk al, meer vragen van de organisatie. Wat levert u ervoor in? Wij zien het niet. Wij zullen deze niet steunen, mijnheer Poels. Hoe triest eigenlijk onder dit gesternte. Dan het amendement A14.2, van de VVD. Ja voorzitter, de burgemeester heeft er al wat van gezegd. Ik neem dat even mee. Dat lukt natuurlijk niet hè, om in september al iets voor te leggen, maar dat is ook overbodig, voorzitter. In onze normale rapportages wordt het college gewoon geacht verantwoording af te leggen, ook over de kredieten. Dat komt gewoon in de najaarsnota, zit dat er in de bijlage bij. Ik heb nog wel de vraag gesteld, inmiddels al twee keer, eerst schriftelijk, vorige week in de commissie en nu weer voor de derde keer: hebben wij die kredieten eigenlijk wel vrijgegeven? Ik herinner het college nog maar eens even aan de motie of amendement, maar in ieder geval, we hebben een besluit genomen over dat vele kredieten langs de raad moeten komen om het budget vrij te geven. Het enige waar wij het volledig mee eens zijn, mijnheer Van Balen, bij uw amendement A14.2, is dat de onderbouwing van het gevraagde krediet onvoldoende is. Maar ja, dat staat in de toelichting. Dan Snel naar Haarlem. Ja, ik dacht in eerste oogopslag Hilversum, begint ook met een H. Ja, het is een beetje snel.

Weliswaar zegt mijnheer Poels: van onderop en we moeten gezamenlijk optrekken, maar ja, wij denken dat het passender zou zijn om eerst maar eens goed orde op zaken te stellen zelf, alvorens we wat dan ook doen, want zo een beste bruid zijn we op dit moment niet, of bruidegom. Verliezen of blunders van Wijdemeren, die gaan andere collega’s, wie dat dan ook mogen zijn in deze regio, echt niet betalen. Daarnaast vinden wij het uitermate belangrijk dat inwoners in zo een wellicht zo een exercitie meegenomen worden. Maar goed, dat kan de heer Poels in zijn woorden van onderop verdisconteerd hebben. Dus daar kan ik hem dan niet specifiek op wijzen. Wij zullen … Wij vinden op dit moment deze zeker niet aan de orde. Wij zullen deze niet steunen, voorzitter. Dan kom ik bij motie 14.2. Ja, overbodig, VVD en D66. Kijk eerst eens naar jezelf. De raad wil duidelijkheid hebben van het college over de manier waarop zij de penibele financiële situatie van de gemeente wil aanpakken. Ik heb daarbij gezet: en de coalitie dan? Niet alles bij een ander leggen, mijnheer Van Balen. Ik zeg het ook tegen de andere coalitiefracties. Wat nodig zal zijn, is nog veel meer temporiseren, faseren of zelfs schrappen, tot een algemene reserve historisch laag punt is beland en dat die nog verder naar beneden gaat.

Nou, we hebben het gezien in de antwoorden op de vragen van het CDA en in de presentatie een paar weken geleden. Dan de laatste motie denk ik, 14.3 van de VVD. Nou ja, als daar nou staat: draagt het college op in plaats van verzoeken, zo spoedig mogelijk dat conceptrapport aan de raad ter beschikking te stellen en dan wel uiterlijk 16 juni, dan zit er nog één collegevergadering voor, nou, dan zouden we misschien zeggen: oké, dan doen we mee. Maar wij denken dat dit een kansloze missie is op deze wijze, voorzitter. Ik kijk even of ik het daarmee heb gehad. Ja, de bijlage. Ja, dan heb ik het gehad, voorzitter. De heer Voigt: Dank u, mijnheer Zagt. De heer Zagt: Dank u wel.

De heer Voigt: Dan ga ik over naar de tweede spreker in tweede termijn, de heer Van Balen, gaat uw gang. De heer Van Balen: Voorzitter, vi… Ik heb al heel veel gezegd. Vindt u het erg als ik als laatste spreek? Want ik wil eventueel nog een aantal zaken wijzigen. De heer Voigt: Ja. De heer Van Balen: Dan kan ik even horen wat de anderen ervan vinden. De heer Voigt: Ja. Prima, mijnheer Van Balen. Vind ik niet erg. Ik zal het onthouden. Als ik het vergeet, moet u maar aan de bel trekken. Mijnheer Verbruggen, u bent de volgende op mijn lijstje. De heer Verbruggen: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik begin maar met dezelfde woorden als de heer Zagt dat we zeker de commissie niet over gaan doen. Wij hebben daar uitgebreid ons verhaal gedaan met wat voor een dilemma wij worstelen. Dank overigens voor de antwoorden die vanmiddag nog schriftelijk zijn gekomen op onze vragen over de financiële positie en specificatie van de extra uren door corona. Ik zei het al, het is voor de CDA-fractie echt een dilemma. Dat werd al duidelijk natuurlijk in de commissie. Waar kies je voor? Kies je voor uitvoering? De ambitie waar de heer Zagt het ook over heeft wat bij het CDA altijd hoog in het vaandel staat. Of kies je voor de financiën? Ik kan u op voorhand zeggen dat de CDA-fractie wellicht verdeeld zal stemmen vanavond over dit raadsvoorstel.

Wij hebben uitgebreid overleg gehad en wij worden door dit dilemma ook heen en weer geslingerd in: wat willen we nu met Wijdemeren en wat willen we nu met dit raadsvoorstel? U geeft aan dat het de extra inhuur is, drieledig door corona en door extra ziekte en door functie elders, zal ik maar zeggen. Klinkt een beetje vreemd uit de mond van CDA. Dat vinden wij zeker ook erg onduidelijk, omdat we al jaren en zo gaf u dat ook aan in de commissie, worstelt met de extra inhuur. Dat is in u te prijzen dat u zegt van: oké, dat is al jaren zo en daarom kom ik met een raadsvoorstel. Maar we vinden het wel jammer dat het zeg maar op deze manier wordt aangevlogen. Want als je gewoon zegt van: nou, wij hebben … Wij gaan extra inhuren, meer dan dat in de begroting staat, dus wij doen dat als college netjes en wij zien een overschrijding en wij vinden dat het nodig is, wij komen met een raadsvoorstel. Dan ook de woorden van de heer Zagt aan te halen: met alleen geld kom je er niet. Maar daarna kan ik niet met mijnheer Zagt meegaan, omdat hij zegt: er moet nog meer getemporiseerd worden en er moeten zelfs dingen geschrapt worden. Nou, dat is nou juist wat het CDA niet wil. Als je geen ambitie meer hebt, dan gebeurt er ook steeds minder. Dat hebben we gewoon gezien. Dat weet je gewoon uit ervaring. Dat is gewoon zo.

Maar wat ons betreft … De burgemeester zal misschien zeggen: ja, wij gaan pas wat doen op het moment dat het rapport Necker van Naem komt, maar als er nu extra werk is in de organisatie, het aantal fte’s wat beschikbaar is, staat onder druk. Dan moet echt een burgemeester en een gemeentesecretaris die verantwoordelijk is voor het personeel voor, tussen of achter het personeel gaan staan en zeggen: wij gaan deze klus klaren. Wij gaan er zoveel mogelijk aan doen en wij gaan naast de ambtenaren staat om te zeggen van: wat is je probleem? Waar kunnen we je helpen? waar kan een ander wat doen? Dat is belangrijk en dat is ook het ondernemerschap, ja, wat volgens mij veel in de CDA-fractie leeft dat wij vaak missen. Dat hebben wij ook bij andere raadsvoorstellen hebben wij dat gezegd. Was er maar een beetje meer ondernemerschap bij de gemeente. Daarmee wil ik overigens niet zeggen dat de ambtenaren niet hun best doen en niet hard werken, maar ik denk dat het zeker een taak is wat u, en vooral ook in coronatijd waarin er mensen thuis zitten, wanneer dus ‘…’ kwijtraken of ik weet niet wat, maar daarom is er ook extra aandacht voor mensen, om de mensen actief bezig te houden. Ja, en wij vinden het daarom ook heel erg jammer om te horen dat het rapport van Necker van Naem niet, geen goede uitkomst heeft naar uw oordeel. Er is niet genoeg verdieping in.

Maar als ik dan weer hoor van dat er ook weer een aantal ambtenaren druk zijn met het onderzoeken en weer druk zijn met van dit en van dat, dan denk ik: ja, jongens, zo komen we er nooit. Dit … Dat is ook iets wat veranderen moet. We hebben de zeven punten van de basis op orde, is

zaakgericht werken, is … Nou, u kent ze allemaal uit uw hoofd. Maar dat moet echt meer en meer doordringen in de organisatie. Voor wat betreft de dekking inderdaad, dat vinden wij, dat heb ik ook al aangegeven in de commissie, gewoon heel apart dat dat niet in een raadsvoorstel van het college komt dat er geen dekking is. Tussen neus en lippen door zegt u in de commissie van: ja nee, voor de duidelijkheid, dat gaat uit de algemene reserve. Maar als je gaat temporiseren, hoe erg we dit op dit moment ook vinden, dan denk ik: dan blijft er binnen het programma, blijft er misschien ook financiële ruimte. Dus wij zouden graag zien, als dat zo is, dat dan ook ten laste van het programma gaat. Algemene reserve. Voorzitter, ik ga afsluiten met de moties en amendementen, amendementen en moties. Amendement van Partij van de Arbeid GroenLinks, ja, die snappen wij natuurlijk helemaal. Dat kan niet anders dan dat de Partij van de Arbeid GroenLinks die, daarmee komt. Ik ben heel blij dat andere partijen niet ook een lijstje hebben ingevuld van: dit willen wij wel en dit willen wij niet, want dat zou echt een Poolse landdag worden, maar hier kunnen wij niet mee instemmen, hoe belangrijk wij het ook vinden. Maar ik denk: er ligt een taak voor de gemeente om dat bij dat de aanvang bij de begroting weer op te pakken, dus op dit moment zullen wij daar niet mee instemmen.

Amendement 14.2, ja, daar vinden wij … Als ik spreek, wij, de CDA-fractie, dan is dat een deel van de fractie, misschien het overgrote deel van de fractie wel. Kunnen we positief op reageren en misschien vooral wat de heer Van Balen overweegt om daar oktober van te maken. Dat is ook, ja, gewoon om duidelijkheid te krijgen van: jongens, waar staan we nu? Wat gaan we doen? Dan ga ik naar … Eens even kijken, wat hadden we nog meer? De moties, M14.1. M14.1, en dat is de Partij van de Arbeid GroenLinks. De heer Voigt: Ja, Snel naar Haarlem. De heer Verbruggen: Snel naar Haarlem. Ja, inderdaad, ook dat is natuurlijk een motie van de Partij van de Arbeid GroenLinks. Bij het minste of geringste wordt er ons weer ingewreven van dat we maar zo snel mogelijk fuseren. Wij hebben aan de burgemeester gevraagd van: ziet u dat wij zelfstandig kunnen blijven? Daar heeft ze uiteindelijk volmondig ja op gezegd. Meer dan honderd procent gaat ze zich daar voor inzetten en niet alleen zei, maar ik denk dat we dat met zijn allen moeten doen.

Dat moeten we ook als raad, als college, als ambtelijke organisatie en ook als inwoners doen, dat we zeggen: wij willen op dit moment niet naar Haarlem, wij willen op dit moment niet naar Hilversum, maar wij gaan kijken of we uit deze crisis komen en mogelijk … Want bij de begroting hebben we natuurlijk gehoord van de toenmalige financiënwethouder op onze vraag van: waarom heeft u niet meer rekening gehouden in de begroting met de coronacrisis? Omdat er vanuit het Rijk werd gezegd van dat het ons niks gaat kosten. Dus wellicht komt er nog een extra potje uit Den Haag. Dat is misschien nog wel een goede tip om het ook bij het VNG aan te kaarten. Motie 14.2, spreekt ons zeker aan. We hebben er nog geen echt overleg over gehad. Kunnen we denk ik in de schorsing wel even doen. Vooral de tweede bullet blijkt toch weer ambitie uit en ik denk dat wij daardoor ook wel mee in zullen stemmen. Motie 14.3, rapport zo spoedig mogelijk aan de raad voor te stellen. Ja, wat niet is, is niet. Wij hebben het ook liever vandaag dan morgen om te kijken: jongens, wat kunnen we gaan doen? Ook daarin zullen we verdeeld stemmen. Tot zover, voorzitter. De heer Voigt: Dank u, mijnheer Verbruggen. Ga ik over naar de heer Poels, Partij van de Arbeid GroenLinks. De heer Poels: Dank u voorzitter. Ik ben al aan het woord geweest, dus ik zal het proberen kort te houden.

Voorzitter, ik sluit voor een belangrijk deel mij aan bij wat de heer Zagt gezegd heeft, dus dat hoef ik allemaal niet te herhalen. Wij zullen tegen het voorstel stemmen wat er nu ligt. Wij zien daar geen lijn in. Wij zien daar geen prioriteiten in en nou, blij dat de heer Verbruggen ziet: ik had niet anders verwacht van de Partij van de Arbeid GroenLinks, maar ik had het juist leuk gevonden als u met zijn allen wel keuzes had gemaakt en wel prioriteiten had gesteld, want daarin kun je namelijk ook politiek kleur bekennen. Ik wijs jullie er even op dat in

het rood staat: hoorzittingen. Maar dan komen we kijken bij ‘…’ aan hè, maar daar komen we bij het volgende agendapunt kom ik nog wel op ‘…’ over te spreken. U amendeert dat niet, zal ik maar zeggen, dus ik ga ervan uit dat u het daar dan ook mee eens bent. Maar goed, voorzitter, wij zitten anders in deze discussie, tegenwoordig heet dat heel stoer anders in de wedstrijd, dan de meesten hier aan tafel. Voorzitter, wij maken ons ernstig zorgen over deze gemeente. We maken ons zorgen over de medewerkers die onder grote druk en met heel veel inspanning … Nogmaals, grote lof voor onze medewerkers, elke dag hun klus moeten klaren. Daar hebben we … We hebben grote angst voor de financiële positie. Die twee dingen hangen natuurlijk met elkaar samen. Dan moet je op een bepaald moment zeggen: komen we hier nog zelf uit of komen we hier niet uit? Voorzitter, u kent onze mening en die verkondigen wij niet sinds 2021, dat verkondigen wij al vanaf 2014, voorzitter, dat deze gemeente uiteindelijk te klein is om een goede en een betaalbare dienstverlening te kunnen bieden. Ik begrijp dat het veel beter is en ook veel leuker is om te zeggen: wij blijven zelfstandig. Ik zou dat ook heel graag willen zeggen, voorzitter, maar wij zien het niet. Als de wethouder zegt, of de portefeuillehouder zegt: ja, dat is veel te snel naar Haarlem gaan, voorzitter, deze discussie speelt al vanaf 2014.

2017, bestuurskaartonderzoek. We zitten in 2021. We zitten ongeveer zeven jaar na de eerste discussies. Dus om nu te zeggen: dit is allemaal te snel, we wachten het onderzoek wel af, dat verbaast mij enorm. Want daarmee doet u geen recht met wat de afgelopen periode allemaal … Dus in die zin deel ik de mening van de portefeuille ook helemaal niet. Alsof er nu geen urgentie is. Nee, eerst het onderzoek in september en dan zijn we in november en dan gaan we naar de gemeenteraad, et cetera. Het is nu urgent, voorzitter. Ga in overleg met die provincie. Voorzitter, wij zullen motie 14, amendement 14.2, zullen wij zoals hij ‘…’ niet steunen. Wat de heer Van Balen doet, is een overbelaste organisatie nog meer overbelasten. Dat is in feite wat er hier gebeurt. De heer Van Zagt gaf dat ook al aan en volgens mij heeft de portefeuillehouder hem ook ontraden. Gaan wij niet in mee. Wij willen gewoon een normale cyclus volgen hierin en dan zijn we al heel blij als hij netjes gevolgd wordt met een meicirculaire die waarschijnlijk daar ook al is, met een voorjaarsrapportage, met een kaderbrief. Voorzitter, helemaal goed. Laten we die organisatie niet nog meer belasten dan op dit moment aan de orde is. We zullen dat amendement niet ondersteunen. Voorzitter, naar de moties. Ja, motie 14.1, dat zult duidelijk zijn. 14.2, voorzitter, die heeft de portefeuillehouder ontraden.

‘…’ nog meer vragen aan de organisatie. Als de portefeuillehouder zegt: nou, als het in oktober zou kunnen, nou, en dat zou eventueel wel een mogelijkheid zijn, dan gaan wij daar wellicht nog even in mee, maar wij vinden de huidige cyclus vinden wij voldoende. Motie 14.3, ja, het zal, als het college kritisch is over het rapport, dan moet het beter worden. Als de portefeuillehouder een beeldvormende sessie aanbiedt, hartstikke goed, dan kunnen we er met de benen op tafel daar eens goed naar kijken. Maar in algemene zin, voorzitter, laten we durven kijken naar de spanning van deze organisatie. Laten we durven kijken naar de manier waardoor we uit kunnen. Deze manier faseren en prioriteren, dat gaat hem niet worden, voorzitter. Daar zijn we van overtuigd. We zullen tegen het raadsvoorstel stemmen en zoals het ernaar uitziet ook tegen alle moties, behalve uiteraard die van onszelf. Dank u wel. De heer Voigt: Dank u mijnheer Poels. Dan ga ik over naar mevrouw Hennis, van DorpsBelangen. Mevrouw Hennis-Steijn: Dank u wel voorzitter. Ja, nou, dat verbale geweld, dan kom ik weer aan. Ik vind het een prima voorstel, maar ik moet even … Er moet ingegrepen worden. Dat gebeurt … Dat gebeurt nu. De heer Voigt: Wacht even, mevrouw Hennis. Mevrouw Poels, wil u even uw geluid uitzetten? De heer Poels: Excuses. De heer Voigt: Gaat u verder, mevrouw Hennis.

Mevrouw Hennis-Steijn: Gaat het nu beter?

De heer Voigt: Ja. Mevrouw Hennis-Steijn: Het is een noodmaatregel. Nou, dat is heel duidelijk. Ik ga niet in op al die argumenten op dat ontzettende negatieve geluid wat wij gehoord hebben van de Lokale Partij en van de Partij van de Arbeid GroenLinks. Daar worden ze en in de gemeente en de burgers en de medewerkers ook niet vrolijk van. Laten we de handen uit de mouwen steken en gewoon die klus klaren. Dit is een eerste stap. Nou, oké. De amendementen, u kunt zich voorstellen dat wij het amendement van de Partij van de Arbeid GroenLinks niet zullen steunen. Het amendement van de VVD wel. Dat gaan wij wel steunen. Die andere drie moties. Nou, Snel naar Haarlem natuurlijk niet, want we gaan helemaal niet naar Haarlem, behalve misschien om op bezoek te gaan naar een prachtig museum. Dan hebben we motie twee en motie drie. Nou, daar wil ik eigenlijk een beetje overleg hebben met mijn fractie of u daar … Want dat … Daar twijfelen we nog over. Daar hebben we aan het begin van de avond al over getwijfeld en nog steeds twijfelen we daar een beetje over. Ik heb al gehoord dat anderen ook erg veel behoefte hebben aan een schorsing, dus daar kunnen wij mooi op meeliften. Tot zover, dank u wel. De heer Voigt: Dank u wel mevrouw Hennis. Dan hebben we nog mijnheer Roosenschoon, van D66. De heer Roosenschoon: Dank u wel. Dank u wel voorzitter.

Ja, er wordt een heleboel negatief geluid gespuit vanavond. Misschien niet helemaal onterecht, want we zitten in een ontzettend moeilijke situatie. Dat weten we allemaal. Wat jammer is ook, is dat raadsvoorstel komt voordat we het rapport Necker van Naem hebben gezien, want er is toch een zekere samenhang tussen de twee en op een gegeven moment, ja, wat moet je doen in afwachting van zo een rapport? Dan moet je inderdaad urgente maatregelen nemen. Ja, dit voorstel van prioriteren en faseren is daar dan wel een antwoord op? Is dat een … Definitief is dat een beleid? Nee, zeker niet. Het is echt een momentopname. Daar moeten we op dit ogenblik aan voldoen. Dat is een beetje ook een beetje het probleem wat ik heb met het algemeen. Want we hebben het erover gehad, uiteraard, er is gezegd: we hebben de basis op orde gehad. We hebben nu dit nieuwe onderzoek, waar we het rapport dan niet van kennen. We weten ook allemaal dat ook voor de coronacrisis en ook voor de huidige situatie we al een groot probleem hadden en niet zozeer alleen maar een probleem inherent aan onze gemeente, het is ook omdat onze rijksuitkering de op drie twee na laagst is van Nederland. Het is ook omdat we de zogenaamde Rijksbezuinigingen op jeugdzorg en het sociaal domein hebben moeten absorberen.

Het is al deze dingen samen die ons onze financiële positie ontzettend hebben verzwakt en ook niet de mogelijkheden hebben geboden om daar bij te spijkeren. Dat betekent dus ook dat we niet hebben kunnen voldoen aan goed de hoeveelheid inhuur aan fte’s die nodig zou zijn geweest om onze ambities inderdaad waar te maken. Nou, daar komt de huidige situatie bij. Daar komt de coronacrisis bij. Daar komt dit ziektebeeld, daar komt de stress van de organisatie bij, van alle medewerkers die daar echt een zware tol voor hebben betaald. Dat komt allemaal samen op dit ogenblik. Dat is de reden denk ik grotendeels waarom het college heeft besloten om dit voorstel te doen voor prioritering en fasering. Maar collega’s, laten we nou niet direct aan paniekvoetbal gaan doen. Laten we zorgen dat wat we nu kunnen doen, dat we dit nu uitvoeren. Laten we zorgen dat we in ieder geval niet verder wegzinken in deze diepe put. Laten we in ieder geval kijken wat we kunnen doen, wat we kunnen realiseren en niet van tevoren zeggen: dit kan niet, dit mag niet, dit is verkeerd. Laten we met een positievere blik dit grote probleem aanschouwen en beoordelen. Dan kom ik nu eventjes tot de amendementen en de moties. Voor amendement 14.1, ja, de heer Poels weet dat. De onderdelen die hij graag had willen toegevoegd zien, ja, die delen wij volledig. Dat is duidelijk.

Alleen wij zien daar niet op dit ogenblik de middelen voor en als we ergens keuzes moeten maken, dan zal het helaas komen op het ontwikkelen van beleidsplannen die heel veel ambtelijke capaciteit nodig hebben. Dat betekent niet dat we dat aftellen en het duidt geen geval, maar het is wel dat we op dit ogenblik misschien even een pas op de plaats moeten maken. Dus wij zullen we het

amendement niet steunen. 14.2, ik heb al van de heer Van Balen begrepen dat de termijn van september in oktober kon worden gesteld zonder al te grote problemen. Inhoudelijk verandert dat niets aan het amendement. Maar het is wel, laten we zeggen, een realistischer tijdbeeld waar we dan mee te maken hebben. Dan de verschillende moties. Nou, het spreekt vanzelf dat we niet snel naar Haarlem zullen gaan. Dat is echt niet de absolute noodzaak op dit ogenblik. We gaan niet nu zeggen … Wij leggen niet het bijltje erbij neer. Wij gaan werken aan een toekomst en we gaan niet de toekomst afbreken. Dus nou goed, de ambitie tonen voor onszelf, voor onze gemeente en ook voor de verbetering van de organisatie en de mogelijkheden binnen de organisatie. Wat moties 14.2 en 14.3 betreft, ik heb uiteraard de toezegging gehoord van de burgemeester dat zij het zinvol acht om een BVS te organiseren in oktober over deze materie. Dat wil ik ook graag even bespreken uiteraard met de VVD die de …. Dat de initiatiefnemer was van deze twee moties. Tot zover, voorzitter. Maar uiteraard, u zult begrijpen dat wij in deze situatie het raadsvoorstel zullen steunen al of niet geamendeerd.

De heer Voigt: Mijnheer Poels heeft een interruptie op mijnheer Roosenschoon? De heer Poels: Voorzitter, een interruptie, maar ik hoor een motor langskomen, of ben ik de enige die dat? De heer Roosenschoon: Nee, helaas mijnheer Poels, dat is het inherent aan de Noodweg in Loosdrecht. Dat is een klein beetje een racebaan voor motoren en brommers. Gezien de temperatuur hierbinnen heb ik de deur wijd open staan om een klein beetje koelte binnen te krijgen. Dus ‘…’ geluid, helaas. De heer Poels: Mooi. Als u uw microfoon uitdoet, mijnheer Roosenschoon. De heer Roosenschoon: Dan is dat afgelopen. De heer ...: Voorzitter, ik had een klein vraagje aan de heer Roosenschoon naar aanleiding van zijn betoog. Ik herinner de heer Roosenschoon er even aan dat er een collegeprogramma is, een collegeakkoord, een coalitieakkoord heet dat officieel, waarin staat dat dit college streeft om naar één gemeente in de Gooi en Vechtstreek te gaan in 2028. Hoe moet ik dat rijmen met het verhaal wat nu daarnet aangaf, dat Wijdemeren groot, zelfstandig moet zijn en de boel? Want als u echt in 2018 dan nog iets wil zijn, de heer Roosenschoon, dan had u al moeten beginnen. Dat weet u. Dus kunt u dat eventjes aan mij uitleggen? Dank u wel. De heer Roosenschoon: De heer Poels, ten eerste heb ik gezegd dat we gaan zeker niet rennen naar Haarlem.

Ik heb niet gezegd dat we dat nooit zullen doen, maar dat zal dan niet Haarlem zijn. Maar een ander punt is, we hebben inderdaad een coalitieakkoord met een objectief 2028, maar je kunt niet als één gemeente besluiten voor vijf andere gemeentes. Dat zal je zonder enige twijfel ook kunnen aanvaarden. Dus we doen dat niet alleen. Het is onze ambitie. Maar dat betekent niet dat het de ambitie is van alle andere gemeentes in deze regio. De heer Voigt: Mijnheer Poels nog heel even hierover. De heer Poels: Ja voorzitter, en dan stop ik hoor, maakt u zich geen zorgen. De heer Roosenschoon, als u merkt dat andere gemeentes niet in de regio komt, kunt u twee dingen doen. Zorgen dat ze in de regio komen. Zie ik niks van. Of ten tweede, een nieuwe koers uitstippelen. Zie ik ook niks van. Dank u wel voorzitter. De heer Voigt: U hoeft hier niet op te antwoorden, mijnheer Roosenschoon. Ik begrijp, ik kan goed liplezen: dat doe ik ook niet, zei hij. Dus … Mijnheer Van Balen, nu mag u.

De heer Van Balen: Ja voorzitter, dank u wel. Ik had me nog niet uitgelaten over ons standpunt ten aanzien van het amendement A14.1 van de PvdA GroenLinks. Ja, het is opmerkelijk dat ze tegen het raadsvoorstel zijn waarin het college aangeeft krap te zitten en daarom acuut de raad om geld verzoekt, maar anderzijds gewoon nog een amendement indient om er nog wat extra geld bij te doen. Ja, het is werkelijk, het is niet te volgen, dus gaan wij hem niet steunen, natuurlijk. Dat is één. Dan wil ik gelijk die motie … Kijk, ik zei al eerder: dat is … Eigenlijk had die motie moeten heten: te snel naar Haarlem. Want dat … Het is nu niet het moment om zulk soort dingen te doen, voorzitter. Dat achten wij niet opportuun. Het is … We moeten ook niet inderdaad aan paniekvoetbal gaan doen. We moeten wel zaken nader uitzoeken en bespreken met de raad. Daarvoor hebben wij een aantal voorstellen ingediend. We vinden gewoon dat het college en de raad de problematiek gezamenlijk moeten aanpakken en we moeten niet de vuile was buiten de deur gaan hangen, om het zo te zeggen. Dus die gaan we niet steunen. Nou, dan hebben we nog het amendement A14.2. Ik heb geh… We hebben gehoord wat de burgemeester of de portefeuillehouder erover heeft gezegd. Ik stel voor om daar van de genoemde termijn in september oktober van te maken. Dan kan er eenvoudig aan worden voldaan. Dan de motie M14.2 en M14.3.

Ik moet het nog even natuurlijk met onze mede-indiener D66 bespreken, maar ik stel eigenlijk voor om die moties om te bouwen naar het verzoek om een beeldvormende sessie te organiseren in september voor het rapport Necker en van Naem en in oktober voor zeg maar het nader preciseren van zeg maar het hele, zeg maar de hele problematiek die nu toch in dit raadsvoorstel staat, namelijk de bijlage 1. Daar kun je … Daar … Als je zaken parkeert en of temporiseert, dan vallen er natuurlijk budgetten vrij en dan kan er op die manier dekking worden gevonden. Ik denk dat wij als raad recht hebben om daar nader inzicht in te krijgen en dat te bespreken en daar onze conclusies uit te trekken. Maar we gaan het even overleggen en ik denk dat het ook in een beeldvormende sessie kan. Dan kunnen we daar eenvoudig die moties een beetje aanpassen en dan krijgen we eigenlijk wat we willen. Tot zover, voorzitter. Dank u wel. De heer Voigt: Mijnheer Van Balen, ik heb even een … Voor we gaan schorsen, even een misschien een tip aan u. Kijk, de portefeuillehouder heeft toegezegd dat die beeldvormende sessies georganiseerd kunnen gaan worden. De heer Van Balen: Ja. De heer Voigt: Dan hoef je natuurlijk … Dan kan je zeggen: ik trek de motie in en als de wethouder of de portefeuillehouder heeft toegezegd, dan mogen we ervan uitgaan dat dat gebeurt. Het scheelt een beetje tijd. Maar het is aan u.

De heer Van Balen: Nou ja, daar zat ik ook nog aan te denken hoor. Maar dat … Dat hoort u zo meteen. De heer Voigt: Is goed. Nou, gaan we toch even schorsen. De heer Van Balen: Dank u voor de suggestie hoor, voorzitter. De heer Voigt: Ja. Ik zie mevrouw Hennis nog met een handje, hand. Mevrouw Hennis-Steijn: Ja, handje en hand. U vatte keurig netjes samen wat ik naar aanleiding van de opmerking van mijnheer Van Balen wilde zeggen. Als hij die twee moties intrekt en zegt: twee beeldvormende sessies in september en oktober, dan scheelt dat ongeveer anderhalf uur vergaderen en schorsen. Dus ik stel voor dat we dat … Uw suggestie overnemen.

De heer Voigt: Ja. We gaan toch even schorsen, mevrouw Hennis, omdat we allemaal even willen overleggen en ik hoop, mijnheer Van Balen en andere VVD-raadsleden en fractie-assistenten, dat het deze keer geen technische problemen oplevert als u allemaal uit Teams gaat en in Teams met elkaar gaat overleggen, want wij gaan door tot deze vergadering afgelopen is, al wordt het nachtwerk. Maar ja, dat zeg ik nu. Straks is mevrouw Larson weer voorzitter, dus die gaat er dan over. Dus … Dames en heren, het is nu vijf voor tien. Ik schors tien minuten. Vijf over tien zie ik u weer. Dank u wel. Dames en heren, het is 22.05. We hadden afgesproken op deze tijd weer te beginnen, dus ik wil u verzoeken allemaal weer beeld in te schakelen, geluid even dicht te houden tot u wat gaat zeggen. Mijnheer Poels, geluid. De burgemeester ook weer op haar plek. Ik zie haar nog niet, maar ik ga ervan uit. O, ze is onderweg, hoor ik. Ja, burgemeester zit weer. We gaan verder, dames en heren. Mijnheer Van Balen, u wilde nog graag schorsing, want om mogelijk te kunnen leiden tot intrekken van twee moties en een wijziging in uw amendement. Gaat uw gang. De heer Van Balen: Dank u wel voorzitter. Amendement A14.2, hebben wij besloten om bij de punten 4 en 5 de raad in de cyclus van september, maken wij de raad in de cyclus van oktober van. De heer Voigt: Oké.

De heer Van Balen: Dus dan is er meer tijd voor de organisatie om dat allemaal te bekijken en nou ja, volgens de burgemeester zou dat moeten kunnen, volgens de portefeuillehouder. Dat is één. Twee, en wij … In overleg met D66 hebben we besloten om de moties 14 … M14.2 en M14.3 in te trekken en om te ruilen voor beeldvormende sessies, zoals toegezegd. September Necker en van Naem en oktober zeg maar de financiën. Ja. Tot zover, voorzitter. De heer Voigt: Oké. Dan kijk ik even naar de griffier die hier bij mij zit. Wijzigingen die u aanbrengt in het amendement. Ik kan mij u het verleden nog weleens herinneren dat we dan zeiden: nou, dat is gewoon een mondelinge wijziging, wij weten allemaal dat dat het is, maar moet dit nu ook op papier, griffier? Mevrouw …: Ja, want dat gaat niet anders. Want dan kunnen we niet stemmen via ‘…’. De heer Voigt: Dus kunnen jullie dat wijzigen? Mevrouw …: Ik ben nu een gewijzigd amendement aan het maken waarin staat oktober in plaats van september. De heer Voigt: Twee keer hè? In punt 4 en punt 5. Mevrouw …: O. De heer Voigt: Dus u hoort het, dames en heren, het gaat ge… Officieel gewijzigd worden. De moties M14.2 en M14.3 zijn ingetrokken. Er komt een amendement A14.2A, dames en heren, zo meteen in het systeem. U zal hem weer denk ik weer moeten verversen allemaal. Dat is dan het exemplaar waar september is gewijzigd in oktober.

Dames en heren, als u hem even ververst bovenin de balk, vindt u helemaal onderaan bij dit agendapunt amendement A14.2A. Ik klik hem nu even aan, dan staat er inderdaad in punt 4 en in punt 5 oktober. Dat betekent volgens mij, dat wij over kunnen gaan tot stemming. En dan gaan wij … Heeft u allemaal ververst? Goed, dan gaan wij als eerste stemmen over amendement A-14-1. En dan moet ik aan de griffie vragen of die vrij kan worden gegeven voor stemming. De heer Lachman: Voorzitter, komt een stemverklaring?

De voorzitter: O ja, dat moet ik ook nog vragen, natuurlijk. Even kijken, A-14-1. Die is van u toch, mijnheer Lachman? De heer Lachman: Ja, dat klopt. De voorzitter: Dan gaat u een stemverklaring opgeven … De heer Lachman: Ja. De voorzitter: Op uw eigen amendement? Nou, gaat uw gang. De heer Lachman: Ja. Voorzitter, dank u wel. Ik stem voor, omdat ik de volgende generaties ook een duurzaam leven willen nalaten. Dank u. De voorzitter: Ja, alstublieft. Nu wachten wij even tot wij kunnen zien dat wij kunnen gaan stemmen. Ik zie het nu, stemming over A-14-1. Hij is open en dames en heren, u kunt stemmen. Er zijn 19 stemmen uitgebracht en dan hoor ik zo meteen wat de uitslag is van de stemming. Mevrouw Hörchner: 2 voor, 7 tegen. De voorzitter: 7? 17. Mevrouw Hörchner: 17 tegen. De voorzitter: 2 stemmen voor en 17 tegen, dus de motie is verworpen. Of … Het amendement is verworpen. Dan gaan we nu stemmen over amendement A-14-2a. Mevrouw Hörchner: Stemverklaring? De voorzitter: Wil dan nog iemand een stemverklaring? Dat kan nu even, ja. A-14-2a. Het is duidelijk geweest wat iedereen al gezegd heeft in het tweede termijn. Wij wachten nog even tot hij in beeld verschijnt. Bij mij nog niet te zien. Stemming … Mevrouw Hörchner: Verversen? De voorzitter: Ja, ga ik nu doen. Nog niet. Bovenin de balk. Ik zie hem wel dames en heren, u ook.

Ik heb even ververst bovenin de balk en zie je nu … Als u hem allemaal ook ziet, mag u nu gaan stemmen over amendement A-14-2a. 19 stemmen uitgebracht. Wij wachten op de uitslag. Mevrouw Hörchner: 18 voor … 11 voor en 8 tegen. De voorzitter: 11 voor en 8 tegen, betekent dat dit amendement is aangenomen. En dan gaan wij nu stemmen over het geamendeerde raadsbesluit. Wil iemand nog een stemverklaring afleggen? Ik zie geschud van hoofden. U kunt stemmen dames en heren, over het raadsvoorstel, geamendeerde raadsvoorstel. Er zijn inmiddels 19 stemmen uitgebracht, dank u wel. Mevrouw Hörchner: Raadsbesluit: voor 11, tegen 8.

De voorzitter: 11 voor en 8 tegen. Hamerslag, betekent dat het besluit is aangenomen, geamendeerde raadsbesluit is aangenomen. We hebben nog één motie, dat is de motie M-14-1 van de Partij van de Arbeid, GroenLinks; ‘Snel naar Haarlem’. Is er nog iemand die daar een stemverklaring over wil afleggen? Het was allemaal duidelijk in uw tweede termijn dus. U kunt stemmen over motie M-14-1. U heeft allemaal gestemd. Mevrouw Hörchner: 2 zijn er voor, 17 zijn ertegen. De voorzitter: 17 tegen, 2 stemmen voor, betekent dat de motie is verworpen. Nou dames en heren, nu zijn wij door agendapunt 14 heen. 17. Instellen commissie hoorzittingen De voorzitter: Dan gaan wij door naar agendapunt 17. De heer Poels gaf volgens mij als enige aan dat hij dit agendapunt wil bespreken. Waarschijnlijk volgen er ook nog wel anderen, maar laat ik dan beginnen om de heer Poels als eerste het woord te geven. Mijnheer Poels. De heer Poels: Voorzitter, dank u wel. Het heeft ook te maken met het feit dat dit geen commissiebehandeling heeft gehad. De portefeuillehouder gaf dat ook al aan, dus vandaar dat ik er toch wat tijd en energie in wil steken. Ik heb vier korte opmerkingen voorzitter, als u dat goed vindt, over dit voorstel. Waar wij en dat zal u niet verbazen, tegen zullen stemmen. Maar dat zal ik u op het eind ook even aangeven. Voorzitter, vier kleine opmerkingen.

Ten eerste hebben we net het raadsvoorstel van het college over prioriteit vastgesteld. En ik wijs u er nog maar eens op, ik heb dat ook al net gedaan, dat een rode balk staat: ‘hoorzittingen’. In de rode balk staat: ‘We gaan geen hoorzittingen houden’. Ik constateer dus nu een contrast tussen wat we net afgesproken hebben en tussen het voorstel wat er nu voorligt, maar daar moet u zelf maar even op reageren. Voorzitter, ten tweede: ik heb nu al eerder aangegeven dat de Partij van de Arbeid, GroenLinks … Dat was ook al bij de motie die destijds door u allen is ingediend … Dat wij hoorzittingen niet meer in de huidige tijdsgeest vinden passen. Dat je in een rol komt die je als raadslid … En we hebben laatst weer zo'n mooie training gehad over de drie rollen van raadslid, die je als raadslid zou moeten hebben. En naar onze mening voorzitter, maar ik herhaal mijzelf, past deze rol daar niet meer in. Ik moet u ook zeggen: ik hoor daar in het stuk en met name in het onderdeel risico’s, wat door de portefeuillehouder, door het college is aangegeven, wordt daarin gesterkt. We adviseren de verkeerde kant op en we komen in de verkeerde positie terecht, voorzitter en dat betreur ik. Ten derde voorzitter, zou ik willen opmerken … En dan hoor ik graag niet alleen van de mening van de portefeuillehouder, ook van de collega's.

Er wordt hier aangegeven: ‘We doen iets wat in strijd is met de wet’. Dat is toch bijzonder, dat heb ik nog niet veel meegemaakt. Ik weet dat er andere meningen over zijn. Ik zou het toch prettig vinden van de andere partijen om even te horen hoe ze in dat verhaal staan. En ook uiteraard naar de burgemeester, als hoeder, zal ik maar zeggen van … Dat zijn we trouwens allemaal, maar in dit geval heel specifiek over dit voorstel al of niet in strijd met de wet. En vierde voorzitter: we hebben net een voorstel besproken over allerlei problemen in de organisatie met piepen en kraken en die gaan we dan niet herhalen en wat doen we vervolgens? We gaan ambtelijke capaciteit in dit project zetten, dat gaat weer 15.000 euro kosten, daar hoor ik de heer Van Balen dan weer niet over moeilijk zeggen. Voorzitter, de optelsom van de rolvastheid van de raad aan de ene kant … Of van een raadslid aan de ene kant en de andere kant. Het feit dat het eigenlijk gewoon niet kan, niet mag, maakt dat wij en dat zal u niet verbazen … Wij zullen niet voor dit voorstel stemmen, wij zullen ook geen ‘…’ afvaardigen naar de ‘…’ commissie, omdat wij vinden dat het om twee redenen geen goed voorstel is. Daar wou ik het in eerste instantie even bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u mijnheer Poels. Tweede spreker, ik zie de hand van mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen, gaat u gang.

Ik zie en hoor mevrouw Vermeulen niet. ‘…’ wel echt haar hand opgestoken heeft.

De heer Van Balen: Ik zie hem niet meer hoor. De voorzitter: Nee, ik ook niet. Dus … De heer Van Balen: Voorzitter? De voorzitter: Neemt u het over, mijnheer Van Balen? Begrijp ik dat goed? De heer Van Balen: Wat zegt u? De voorzitter: Neemt u het over? De heer Van Balen: Ja, mag ik even die hond naar buiten gooien? Want dit gaat niet goed. ‘…’. De voorzitter: ‘…’ naar buiten, ja. Mevrouw Vermeulen: Voorzitter, gaf u mij het woord? De voorzitter: Ja, u had een hand opgestoken, mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen: Ja. De geluidskwaliteit is bijzonder slecht. Ik heb totaal niet meegekregen wat mijnheer Poels gezegd heeft. Ik weet niet of anderen hier ook last van hebben? De voorzitter: Nou, bij mij is het goed. En ik zie anderen ook knikken dat het goed is, dus het ligt aan uw verbinding, mevrouw Vermeulen. Maar mijnheer Van Balen gaat reageren dan. Mijnheer Van Balen, gaat uw gang. De heer Van Balen: Ja voorzitter. De VVD-fractie is verdeeld over dit voorstel, dat wilde mevrouw Vermeulen waarschijnlijk zeggen. Ik wil best even reageren op wat de heer Poels zegt. Ten eerste begint hij over die 15.000 euro, zo staat het niet in het voorstel. Er staat niet in dat het 15.000 euro kost, we hebben voorheen altijd wat gebruik gemaakt van ambtelijke capaciteit en er was ook gewoon budget voor. Dat is nooit teruggegeven, dus ik denk … Wij denken dat dat er nog is. Dat is één.

En twee: de hele … We hebben natuurlijk heel goed gezien dat hier bepaalde nadelen aan kleven, maar dat is gebaseerd op de gedachte dat wij het college van advies zouden voorzien. Maar dat gaan we helemaal niet doen, wij gaan gewoon die mensen horen. En dan gaan wij gewoon aan de commissie vertellen wat we ervan vinden, aan de raad. Dat wordt op papier gezet en als de wethouder daar misschien een kopietje van wil hebben, mag hij dat ook hebben en dan kan hij kijken wat hij ermee doet. Zo zit het ongeveer, we gaan gewoon eens even testcase draaien en mochten we toch vinden dat het allemaal niet kan, dan kunnen we er altijd weer mee stoppen. Maar voorlopig is daar denk ik, nog heel veel behoefte aan, dus … Tot zover, De voorzitter: Dank u. Ik zie mijnheer Poels. De heer Poels: Ja, voorzitter, heel kort. ‘…’ niet overal op interrumperen. Maar de heer Van Balen, in het stuk staat dat het geld er niet meer is. Staat gewoon in het stuk, het stuk … Die uren zijn allang aan andere taken besteed van diezelfde ambtenaren. En dat staat daar glashelder in, dus het budget … Alsof dat nog ergens in een potje staat … Ik moet u teleurstellen: het budget bestaat niet meer. Dat staat ook gewoon in het stuk, dus er is geen financiële dekking voor dit verhaal. Maar dat even ten overvloede, dank u wel.

De voorzitter: Mijnheer Van Balen, u mag hierop reageren. De heer Van Balen: De heer Poels heeft vanavond al niet voor een noodgreep gestemd, dus dan zal die ook wel niet voor die 15 ‘…’ gaan stemmen, mochten we die nodig hebben. Maar dat vind ik niet zo relevant, dit is een soort principekwestie voor een aantal partijen, inderdaad. Tot zover voorzitter. De voorzitter: Dank u, mijnheer Van Balen. Mijnheer Zagt, gaat uw gang. De heer Zagt: Ja voorzitter, het is niet echt een interruptie, maar gewoon even een korte schets. Mag dat? De voorzitter: Ja, ja. De heer Zagt: Ok. Ze zeggen weleens: ‘Belofte maakt schuld’. We hebben hier met een aantal collega's, waaronder ook u voorzitter, uitgebreid nog over bij stil gestaan, van alle kanten bekeken na de vorige commissie behandeling. Toen we er ook al uitgebreid in de commissie over gehad hebben. Naar onze mening is dit het hoogst haalbare. Er zijn ook toezeggingen gedaan aan veel mensen, veel indieners van zienswijzen. Zowel door raadsleden, als door de portefeuillehouder ruimtelijke ordening. Het is ook logisch, want het was gebruik bij ons. Ik heb nog even de begroting nagekeken, dan ook specifiek naar mijnheer Poels. Nergens, maar dan ook echt nergens, staat in enig scenario dat dit wegbezuinigd zou zijn. Dus waar die bezuiniging dan wel heeft plaatsgevonden … In ieder geval niet bewust gepresenteerd aan de gemeenteraad.

En voorzitter, het schuurt misschien dan enigszins met de wet en dat staat ook bij de kanttekeningen ‘risico's’, maar wij willen hier op een praktische wijze mee omgaan en goede volksvertegenwoordigende rol invullen. Ook een proces, een procedure lopen die, in onze ogen in ieder geval die van degene waarvan ik weet dat hij het voorstel zullen steunen, dat besluitvorming op de kortst mogelijke manier plaats kan vinden. En dat vinden wij ook een waarde. En mijnheer Poels, ik herinner me nog met groot genoegen uw … Volgens mij was het een fractieassistent … Ja, ik noem toch zijn naam, dat mag gewoon een keer: Dirk Vroegindeweij, echt deskundige op dit gebied. Heerlijk ook als je zulke mensen in de commissie hebt. Dus wie weet komt er weer eens zo'n geweldige Partij van de Arbeid, GroenLinks en keert u op uw schreden terug. Dank u wel. De voorzitter: Dank u mijnheer Zagt. Ik zie verder geen sprekers, dat betekent dat wij het voorstel in stemming kunnen gaan brengen. O nee, de portefeuillehouder mag nog reageren. De heer Poels: Dat wou ik net vragen voorzitter, de portefeuillehouder. Dank u wel. De voorzitter: Ik doe dit uit mijn hoofd, maar ik moet gewoon even op mijn lijstje kijken hoe het gaat. Reactie van de portefeuillehouder, mevrouw Larson. Mevrouw Larson: Dank u wel voorzitter. Ja, het is duidelijk, de hoorzittingen is een groot goed hier in de gemeente Wijdemeren.

En ik wil niet nogmaals de discussie voeren over wat je er vervolgens van vindt in de huidige tijdsgeest, maar het is voor de gemeente Wijdemeren, zeker deze raad, nog steeds een groot goed. En waar ik blij om ben, is dat we wel met elkaar uit zijn gekomen dat, datgene wat nu gedaan gaat worden, wel past binnen de wet Artikel 84. En daarbij doel ik op het feit dus, zoals ook in de verordening staat, dat de hoorzitting commissie en raadscommissie is. Dat is de bedoeling van Artikel 84 en dat die adviseert aan de commissie R&E. Dat is de lijn, dat is binnen wettelijk en daar ben ik dus als hoeder van de ‘…’ processen erg blij mee. Dat er een afschrift gaat naar de wethouder, dat zou nog misschien iets anders kunnen suggereren als het gaat om de rol van de raad. Daarom staat ook in het stuk: ‘De wethouder is niet aanwezig bij de hoorcommissie’. Het is een soort van … Zo wordt het niet genoemd, maar zo zie ik dat: een soort cc, wat naar

het college gaat en het college, die hoeft zich niet verder te verklaren over of dat nou wel of niet wordt meegenomen. Het is echt de bedoeling dat het een Artikel 84 commissie is. Het adviseert R&E en daarmee denk ik ook … Maar goed, dat zeg ik vanuit mijn rol, dat het ook een versteviging zou kunnen zijn voor deze gemeenteraad als het gaat om rolvastheid. Want dan is het echt een raadscommissie die de goede lijn volgt in deze. Ik denk dat dat wel een verbetering is, als we het hebben over de kwaliteit van de ‘…’ processen een duidelijke verbetering is ten opzichte van de oude manier van werken, dus daar ben ik wel tevreden over. Waar het gaat om de capaciteit … Die capaciteit wordt … Maar goed, die discussie hebben we al gevoerd, die wordt wel elders ingezet. Mijn voorstel zou zijn hiertoe is: laten we kijken hoeveel hoorzittingen er om gaat, wij komen toch bij u terug in oktober waar het gaat om de inhuur. Mocht het nodig zijn om inhuur te moeten plegen op de hoorzitting, dan zullen we dat zeker agenderen. En zo niet, zullen we kijken op wat voor wijze het dan anders opgevangen moet worden. Dus ik zou ter wille van de tijd, maar ook de discussie, die wellicht ‘…’ voort groeit, zou ik deze discussie willen parkeren en meenemen en die nadere uitwerking, waar het gaat om capaciteit van deze organisatie dus ook ‘…’. De voorzitter: Ok, dank u wel.

Dames en heren, gaan wij over tot stemming. En dan vraag ik aan de griffie om raadsvoorstel 17 stemming vrij te geven, open te zetten … Hoe heet dat precies? Mevrouw Hidding: Sorry voorzitter. De voorzitter: Ja, mevrouw Hidding ‘…’. Mevrouw Hidding: Ja, het spijt me erg, maar ik moet toch van mijn hart. Ik begrijp iets echt dus niet, ik hoor net de voorzitter, mevrouw Larson zeggen dat het wel wettelijk is, terwijl in uw eigen raadsvoorstel staat er 3.3-1: ‘Juridisch advies heeft uitgewezen dat de voorgestelde werkwijze niet conform de wet is’. Ik zou heel graag willen weten hoe het in elkaar zit, want ik wil een goede keuze maken. De voorzitter: Nou, dan gaan we dat toch nog even doen. Mevrouw Hidding: Het spijt me, maar ik hoop dat iemand mij dat kan uitleggen. Maar ik ben niet de enige die confuus is nu. De voorzitter: Mevrouw Larson, kunt u helderheid verschaffen? Mevrouw Larson: Ja, dank u wel. Hiermee wordt aangegeven dat strikt volgens de wet zou die hoorcommissie … Hoorzittingencommissie moet ik zeggen … Geen afschrift moeten doen aan het college van B en W. Dat is niet hun rol, de raad heeft geen adviserende rol richting het college en zo een cc zou ook niet passend zijn eigenlijk, als je daarnaar kijkt binnen het Artikel 84.

Ik denk uit pragmatische overwegingen door op te lossen, door te zeggen van: ‘We zien het als een cc’, waar college niet aan gehouden is om daar enige verantwoording over af te leggen, over inzake hoe zij er verder mee omgaan. Het feit dat de wethouder niet aanwezig is bij de hoorzittingen, proberen we wel duaal stelsel waar wij in opereren, op die manier goed te bewaken. Dus strikt genomen een letter der wet zou ik zeggen: nou, misschien niet helemaal. Maar ik denk in de praktische uitvoerbaarheid waar we naar hebben gezocht, denk ik wel dat we waken over het duaal stelsel en proberen de rolvastheid van de raad hierin zoveel mogelijk te bewaken. De voorzitter: Ok, dat was de toelichting van mevrouw Larson. Nu zie ik …

Mevrouw Hidding: Ik moet bekennen: ik heb u goed gehoord, maar ik blijf het een beetje tegenstrijdig vinden. Maar dank u wel voor de uitleg. De voorzitter: Ik zie nu de hand verschijnen van mijnheer Lachman. De heer Lachman: Dank u wel voorzitter. Ik ben ook even in de war nu, want ik moet ook gaan stemmen, maar als de voorzitter zegt: ‘Het is een duale positie’, of wat dan ook. Maar als een fractie er niet bij zit, bij de hoorzitting, hoe kunt u noemen dat dat dan een duale positie inneemt dan? Want het is helemaal vrij eigenlijk of fracties willen meedoen of niet. En de wet zegt ook, u zegt zelf ook dat het tegenstrijdig is. Alleen uit praktische overweging wilt u dit wel gaan toelaten. Dus ik snap niet: wat zegt de wet? Wat moet ik kiezen, om de praktische redenen of de wet? Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Larson. Mevrouw Larson: Dank u wel voorzitter. Het is … Nou, het feit dat een fractie niet participeert aan de hoorzittingscommissie, wil niet zeggen dat het niet duaal is. Daar kiest een fractie wel of niet voor, net als dat niet alle fracties vertegenwoordigd zijn in de werkgeverscommissie. Die zijn ook niet overal tegenwoordig in de auditcommissie, dus dat schuurt niet aan het duaal stelsel.

Het duaal stelsel is erop gebaseerd dat het college de raad adviseert en de raad, vanuit haar kaderstellende rol of haar controlerende rol, een volksvertegenwoordiger rol ook, maar goed … Dat zij op basis van de informatie die het college voorbereidt, een besluit neemt. Waar het schuurt, is dat er wordt gezegd van: ‘We gaan ook … Er wordt ook een advies cc naar het college gestuurd’. Waarbij het dan wel enigszins schuurt aan het concept, lijkt het te schuren aan het concept van het duaal stelsel. Dat wordt nu … Door die duiding die ik heb gegeven aan het werkproces, kunnen we waarborgen dat die rolvastheid dan er wel in zit en dat de duaal stelsel toch in de praktische zin overeind blijft. Ik denk dat we dan te veel in een juridische hoek gaan zitten als we echt op die millimeter willen, anders moet u er gewoon uithalen dat er een advies gaat richting college. Maar goed, dat is … Ja, dat kan. Dat kan en dan is die wat zuiverder, maar als men eraan hecht dat die erin zit met de afspraak dat het college niet gehouden is aan enige verantwoording erover, dan in praktische zin voldoen we ook … Mevrouw Hörchner: Voorzitter, het werkt weer. De voorzitter: Het werkt weer dames en heren, dan kunnen we verder gelukkig. Formeel moet ik vragen: wil iemand nog een stemverklaring afleggen, maar dat is volgens mij al in de eerste en tweede termijn gebeurd.

Dus wij gaan stemmen over punt 17, raadsvoorstel punt 17. Mevrouw Hidding: Ik wil graag een stemverklaring afgeven. De voorzitter: Ach, dat kan natuurlijk. Mevrouw Hidding: Ja. De voorzitter: Gaat uw gang, mevrouw … Wie was het ook alweer? Mevrouw Hidding: Mevrouw Hidding. De voorzitter: Mevrouw Hidding. Ja, ik hoorde een stem, maar ik zag u niet. O ja …

Mevrouw Hidding: Nee sorry, nu heb ik mijn camera aangedaan. Met de verzekering van de burgemeester in acht nemend dat het weliswaar formeel niet strikt volgens de wet gaat, maar wel op een heuse manier gaat gebeuren, stem ik voor. De voorzitter: Dank u. Nog meer stemverklaringen? Mevrouw Vermeulen. Mevrouw Vermeulen: Ik sluit me daar volledig bij aan voorzitter. De voorzitter: Dank u. Nou, dan gaan wij nu aan de griffie vragen … Mevrouw Vermeulen, even uw handje wegdoen … Om de stemming vrij te geven. Dat is nu gebeurd, je kunt voor of tegen het raadsvoorstel stemmen. Nog twee mensen stemmen. Nog één zie ik nu, dat is mevrouw Zandbergen. Mevrouw Zandbergen: Ja, ik ben aan het verversen, maar hij komt nog niet. Dus ik ben ermee bezig. De voorzitter: Is goed. Ja, mevrouw Zandbergen heeft ook gestemd. Mevrouw Hörchner: 17 voor, 2 tegen. De voorzitter: 17 stemmen voor, 2 stemmen tegen, betekent dat het voorstel is aangenomen. Mijn taak als voorzitter voor vanavond zit erop, ik geef het voorzitterschap weer terug aan mevrouw Larson. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Voigt. Heel hartelijk dank voor het overnemen daarvan en buitengewoon goed gedaan, moet ik zeggen. De heer Voigt: Wat zei u? De voorzitter: En buitengewoon goed gedaan. De heer Voigt: O, dank u. Dank u wel, ik verstond het niet. De voorzitter: U wilde hem gewoon twee keer horen, ik snap het. De heer Voigt: ‘…’.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10336019/2