Plan van Aanpak Verkenning
Tekst van het document
Plan van Aanpak Verkenning herindeling Wijdemeren
Datum: september 2023
1
Inhoudsopgave Inleiding................................................................................................................................................................... 3 Doel van de Verkenning .......................................................................................................................................... 6 Projectorganisatie ................................................................................................................................................... 8 Planning................................................................................................................................................................. 10 Financiën ............................................................................................................................................................... 12 Communicatie ....................................................................................................................................................... 14 Bijlagen .................................................................................................................................................................. 15 Bijlage 1: Doelen toekomstperspectief 2026 gemeente Wijdemeren ..............................................................
15 Bijlage 2: Beoordelingscriteria herindelingsadviezen ....................................................................................... 16
2
Inleiding De raad van Wijdemeren heeft het in de eerste helft van 2023 een intensief en indringend proces doorlopen om de vraag te beantwoorden wat het Toekomstperspectief 2026 van de gemeente zou kunnen zijn. In dit zoekproces zijn door de raad doelen (bijlage 1) voor het Toekomstperspectief 2026 geformuleerd en zijn vier varianten voor een oplossing verkend: 1) bestuurlijk en organisatorisch zelfstandig blijven 2) bestuurlijk zelfstandig blijven in combinatie met intensief regionaal samenwerken 3) bestuurlijk zelfstandig blijven maar ambtelijk fuseren 4) bestuurlijk en organisatorisch zelfstandigheid opgeven door te fuseren met een andere gemeente. Voorgenomen besluit tot bestuurlijke fusie Op 12 juli 2023 heeft de gemeenteraad van Wijdemeren het voorgenomen besluit genomen om te opteren voor variant 4, een fusie met een andere gemeente in de regio Gooi- en Vechtstreek. Daarbij is het amendement ‘kwaliteit voor tijd’, met 13 stemmen voor en 5 stemmen tegen, aangenomen. Dit bevat de volgende beslispunten: 1. Te komen tot een bestuurlijke fusie van de gemeente met als streefdatum 1 januari 2026(voorgenomen besluit); 2. In september 2023 met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties in gesprek te gaan over dit voorgenomen besluit; 3.
In de Raad van 5 oktober 2023 een definitief besluit te nemen tot bestuurlijke fusie, als bedoeld onder punt 1, en onmiddellijk daarna de verkenning te starten naar de meest gerede partner(s) op basis van een door het college voorgesteld plan van aanpak waarbij onder andere de inbreng van de gemeenschap in brede zin zwaar meeweegt; 4. Op basis van de resultaten van deze verkenning de definitieve keuze te maken voor (een) partner (s); 5. Nadat definitief een keuze als bedoeld onder punt 4 is gemaakt, zo spoedig als mogelijk intensief ambtelijk te gaan samenwerken met deze gemeente(n); 6. Voor het gehele proces met alle stakeholders een helder participatietraject te doorlopen. In lijn met dit voorgenomen besluit (beslispunt 2) is in september 2023 de gemeenteraad in gesprek gegaan met inwoners, bedrijven en instellingen over dit voorgenomen besluit. De opbrengsten uit deze gesprekken, aangevuld/ aangescherpt met de beelden van college- en raadsleden, worden vastgelegd in een uitgangspuntennotitie. Met voorliggend plan van aanpak doet het college (conform beslispunt 3) een voorstel aan de raad hoe de verkenningsfase vorm en inhoud te geven. Voornoemde beslispunten hebben daarbij als kader gediend.
Mede op basis van de uitgangspuntennotitie én het plan van aanpak wordt beoogd in de raadsvergadering van 5 oktober 2023 het besluit van 12 juli 2023 (waarin de raad uitspreekt te willen komen tot een bestuurlijke fusie van de gemeente Wijdemeren met een of meerdere gemeenten) te bekrachtigen. Direct aansluitend wil de raad overgaan tot een proces van verkenning naar een passende fusiepartner. Doel van de bestuurlijke fusie Door het realiseren van een bestuurlijke fusie wil de gemeenteraad van Wijdemeren haar bestuurskracht versterken en de dienstverlening aan de inwoners, bedrijven en instellingen verbeteren zonder dat dit leidt tot een aanzienlijke lastenverzwaring voor de inwoners. Hierbij staat voorop dat het unieke karakter van de dorpen en het plassengebied behouden blijft.
3
Beleidskaders Een bestuurlijke fusie is voor een deel een wettelijk traject. De wet Arhi schrijft voor hoe de herindeling tot stand komt vanaf het moment dat de betreffende gemeenten het besluit genomen hebben dat zij willen gaan fuseren. De wet schrijft echter niet voor hóe de fase van verkenning moet verlopen, deze fase is vormvrij. In het Beleidskader gemeentelijke herindeling (2019) staan ten behoeve van reguliere herindelingen vier criteria beschreven (bijlage 2) op basis waarvan de minister van BZK een herindelingsadvies uiteindelijk beoordeelt: 1. Draagvlak; 2. Bestuurskracht; 3. Interne samenhangen nabijheid van bestuur; 4. Regionale samenhang. Met het realiseren van draagvlak wil de Minister bereiken dat er voldoende steun is voor de fusie zowel bij de direct betrokken gemeenten en hun inwoners als bij de provincie, de buurgemeenten en andere (bestuurlijke) organisaties in de regio. Onder bestuurskracht wordt verstaan ‘het vermogen van gemeenten om hun wettelijke en niet-wettelijke taken uit te voeren en de daarvoor benodigde maatschappelijke en bestuurlijke relaties aan te gaan’. Lokale omstandigheden verschillen en de kenmerken van bestuurskracht zijn situationeel van aard maar uitgangspunt is dat er een gezonde balans moet zijn tussen opgaven en dienstverlening van de gemeente en het vermogen om de opgaven adequaat tegemoet te treden.
Gemeenten moeten aantonen op welke wijze de fusie bijdraagt aan het versterken van de bestuurskracht. Met het beschrijven van interne samenhang en nabijheid van bestuur wil het Kabinet dat de fuserende gemeenten hun onderliggende verschillen en overeenkomsten onderkennen en een hierop passende besturingsfilosofie ontwikkelen. Van het nieuwe bestuur wordt verwacht dat zij zich inzet om zoveel mogelijk nabijheid van bestuur en betrokkenheid van inwoners te borgen en versterken, bijvoorbeeld door en dorpenen kernenbeleid te ontwikkelen. Ook na een fusie vindt het Kabinet het belangrijk dat de regionale samenhang geborgd blijft. Alle gemeenten maken deel uit van diverse samenwerkingsverbanden en ook na herindeling blijft samenwerking nodig. Bij een herindeling zal daarom gekeken worden naar de gevolgen hiervan op de samenwerkingsrelaties en andere bestuurlijke ontwikkelingen in de regio. Met het oog op de duurzaamheid van de herindeling zal ook overwogen worden of het logisch is om andere gemeenten bij de fusie te betrekken. Verkenning is ‘vormvrij’ De wettelijke besluitvorming over een herindeling ‘van onderop’ (geïnitieerd door de gemeenten zelf) start formeel met het vaststellen van een herindelingsontwerp en kort daarop het -advies door de raden van de betrokken gemeenten. Daar gaat een verkennend proces aan vooraf waar de wet Arhi geen voorschriften voor bevat.
Gemeenten zijn vrij in de manier waarop zij hier invulling aan geven. Bij de verkenning van een gemeentelijke herindeling is het wel belangrijk aandacht uit te laten gaan naar de inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties binnen de betreffende gemeenten en naar omliggende gemeenten, provincies en samenwerkingsverbanden. Dit met het oog op het feit om gelegitimeerd tot besluiten op lokaal niveau te komen, alsook om in het herindelingsadvies invulling te kunnen geven aan de toetsingscriteria. Plan van aanpak verkenning Na 5 oktober wil de gemeenteraad de verkenning starten naar de meest gerede partner voor de bestuurlijke fusie. De gemeenteraad heeft het college verzocht om een plan van aanpak op te stellen voor de verkenning en wil dit plan van aanpak in de raad van 5 oktober 2023 vaststellen. Het college geeft invulling aan de opdracht 4
van de gemeenteraad middels dit plan van aanpak waarbij de vier criteria van het Beleidskader gemeentelijke herindeling (2019) het uitgangspunt vormen.
5
Doel van de Verkenning De gemeenteraad wil onderzoeken welke fusiepartner(s) bij Wijdemeren past/passen. Er is nadrukkelijk geen voorkeur voor een partnergemeente uitgesproken. Om tot inzicht in de mogelijke en gewenste herindelingspartners te komen wordt een fase van verkenning doorlopen. In deze verkenningsfase worden alle gemeenten in de regio Gooi & Vechtstreek (Laren, Blaricum, Huizen, Hilversum, Gooise Meren) als ook Amsterdam en Stichtse Vecht gesproken. Daarnaast spreken we de belangrijkste samenwerkingsverbanden / bestuurlijke stakeholders die actief zijn binnen de regio Gooi & Vechtstreek: gemeente Eemnes, het recreatieschap, het waterschap AGV, de Veiligheidsregio Gooi & Vecht, de Regio Gooi & Vecht en de Politie. De verkenning bestaat uit twee delen: een brede verkenning en een verdiepende verkenning. De verkenning eindigt met een zo gelijkluidend mogelijk principebesluit in de gemeenteraden van de herindelende partners.
Brede verkenning Eén deel van de verkenning bestaat uit een brede oriënterende verkenning. In deze verkenningsfase worden alle gemeenten in de regio Gooi & Vechtstreek (Laren, Blaricum, Huizen, Hilversum, Gooise Meren), Amsterdam en Stichtse Vecht gesproken. Daarnaast spreken we de belangrijkste samenwerkingsverbanden / stakeholders die actief zijn binnen de regio Gooi & Vechtstreek; gemeente Eemnes, het recreatieschap, het waterschap AGV, de Veiligheidsregio Gooi & Vecht, de Regio Gooi & Vecht, de Provincie en de Politie. Agenda gesprekken De breed verkennende gesprekken worden, in opdracht van de gemeenteraad, vanuit de zijde van Wijdemeren gevoerd door de burgemeester, gemeentesecretaris en de externe projectleider. Wij nodigen een delegatie van gelijke strekking (vertegenwoordiging college/ bestuur met top-ambtelijke ondersteuning) uit vanuit de gesprekspartner Wijdemeren brengt vooraf de door de raad op 5 oktober vastgestelde uitgangspuntennotitie in bij de gesprekspartners, alsmede de toetsingscriteria vanuit het beleidskader gemeentelijke herindelingen. Een agendavoorstel wordt vanuit Wijdemeren gedaan, aan te vullen met specifieke bespreekpunten aan te dragen vanuit en per gesprekspartner.
Verdiepende verkenning Naast de brede verkenning zal met de gemeenten die aangeven dat zij geïnteresseerd zijn in een herindeling met de gemeente Wijdemeren én die blijk geven van (in behoorlijke mate) aansluiting op de uitgangspuntennotitie, verdiepende gesprekken gevoerd worden. Agenda gesprekken De verdiepende gesprekken zullen zo veel als mogelijk plaatsvinden tussen de voltallige colleges van de partnergemeenten. De agenda wordt in gesprek met de betrokken gemeente(n) opgesteld. Ook hier staat de uitgangspunten notitie centraal die op 5 oktober door de gemeenteraad vastgesteld wordt alsmede de toetsingscriteria vanuit het beleidskader, nadrukkelijk dus aangevuld met uit de brede verkenning opgekomen gespreksthema’s. Ook wordt concreter vooruit gekeken naar (de impact van) beoogde processtappen van beide partners. In deze fase van de verkenning wordt rekening gehouden met de informatie die moet worden verwerkt in het principebesluit. De vraag: ‘hoe wil de gemeente het proces naar het principe besluit en naar de herindeling inrichten’ zal daarom een belangrijke rol spelen binnen deze overleggen.
6
Gezamenlijk principe besluit fuserende gemeenten Afhankelijk van hoe de verkenningsfase zich ontwikkeld en de verdiepende gesprekken verlopen komt de gemeente Wijdemeren tot herindelingspartner(s). Colleges en raden zullen elkaar nog frequenter dan één verdiepend gesprek ontmoeten. Ook kan het zijn dat de partnergemeente aanvullende stappen moet zetten met eigen raad en/ of samenleving. Het exacte verloop van deze stappen is nu nog ongewis. Het college van Wijdemeren zal de raad proactief en zeer frequent over deze ontwikkelingen meenemen, betrekken en in positie brengen om koers te bepalen. Uiteindelijk is de laatste stap van de verkenningsfase het voorbereiden en het nemen van het principebesluit door de raden van de gemeenten die voornemens zijn om te gaan fuseren. Met dit besluit wordt in alle beoogde fusie gemeenten een (zo) gelijkluidend (als mogelijk) voornemen tot herindeling uitgesproken en wordt aan de colleges van B&W opdracht gegeven om een herindelingsontwerp op te stellen. Het principebesluit moet de volgende elementen bevatten: a.
b. c. d.
dat de gemeente tot herindeling beoogt over te gaan en daartoe opdracht geeft aan het college van B&W te komen tot in eerste instantie een herindelingsontwerp (en daarop volgend herindelingsadvies) om de consequenties van dit principebesluit te kunnen overzien, alvorens tot een definitief besluit over te gaan; in welke samenstelling (met wie) de gemeente wil herindelen; wanneer de beoogde datum van herindeling is; hoe de gemeente het proces om te komen tot een herindelingsontwerp en -advies wil inrichten.
De stappen richting en de exacte strekking van het principebesluit worden verder uitgewerkt in samenspraak met de beoogde fusiepartner om eenduidigheid en gezamenlijkheid vanaf het begin van het traject uit te stralen.
7
Projectorganisatie De projectorganisatie geeft aan welke structuur en rollen nodig zijn om de verkenning effectief en efficiënt uit te voeren. Bestuurlijk opdrachtgever De gemeenteraad is de bestuurlijk opdrachtgever. Zij geeft aan het college de opdracht om een verkenning uit te voeren en te onderzoeken welke partner(s) met de gemeente Wijdemeren willen fuseren. Zij geven als kader voor deze verkenning de uitgangspunten notitie mee aan het college. De voltallige gemeenteraad wordt eens per maand, of vaker als nodig, in de beslotenheid bijgepraat over de voortgang van de verkenning. Wanneer er bijzonderheden zijn die de stuurgroep direct wil melden zal zij de voltallige raad hier in de beslotenheid over informeren. De gemeenteraad is het besluitvormende orgaan, zij neemt in de openbaarheid het principe besluit over de toekomstige fusiepartner(s) of andere besluiten aangaande kaders of andere politiek richtinggevende keuzes. Bestuurlijk opdrachtnemer Het college is de bestuurlijk opdrachtnemer en heeft de verantwoordelijkheid om de opdracht van de raad uit te voeren. De Burgemeester (bestuurlijke aangelegenheden) is de portefeuillehouder. Het college bereidt de besluitvorming in de gemeenteraad voor. Het college neemt voltallig deel aan de verdiepende gesprekken. Ambtelijk opdrachtgever De gemeentesecretaris is de ambtelijk opdrachtgever en als zodanig lid van de stuurgroep.
Regiegroep De regiegroep bestaat uit de voltallige gemeenteraad. De regiegroep bewaakt als het centrale gremium de voortgang van de verkenning op inhoud en proces. Stuurgroep De stuurgroep bestaat uit: de Burgemeester, de Portefeuillehouder financiën/1e loco burgemeester, de gemeentesecretaris en de griffier. Op deze manier zorgen we ervoor dat in de eerste verkennende fase alle drie de gremia (Raad, College, ambtelijke organisatie) vertegenwoordigd zijn zodat we samen sterk op kunnen trekken. Het doel van de stuurgroep is het vervullen van een initiërende, signalerende en op doelstellingen bijsturende rol. Aan de overleggen met de stuurgroep nemen de externe projectleider, de interne projectleider en de projectsecretaris deel als adviseurs en ondersteuners van het proces. Extern projectleider De externe projectleider is een externe adviseur met aantoonbare ervaring in herindelingsprocessen. Hij voegt specifieke kennis, ervaring, onafhankelijkheid en objectiviteit toe aan het project. De externe projectleider begeleidt de raad, het college én het ambtelijk apparaat in het project van verkenning, neemt deel aan de diverse verkennende gesprekken, koppelt uitkomsten van de verkenning terug aan de gemeenteraad, het college en het ambtelijk apparaat en zorgt voor de college- en raadsvoorstellen en eventuele andere benodigde tussentijdse rapportages en notities.
Hij is penvoerder van kerndocumenten in het proces om de besluitvorming en informatievoorziening te faciliteren. De externe projectleider legt verantwoordelijkheid af over de voortgang van zijn opdracht aan de stuurgroep. De griffier (raad), burgemeester (college/ overall proces) en interne projectleider (ambtelijke organisatie) zijn daarbij zijn eerste aanspreekpunten in de dagelijkse werksfeer.
8
Interne projectleider De interne projectleider is verantwoordelijk voor de dagelijkse aansturing van de werkzaamheden die in de eigen organisatie moeten gebeuren tijdens de verkenning. Zij stuurt de projectgroep aan en legt verantwoordelijkheid af aan de stuurgroep. Projectgroep De projectgroep werkt in opdracht van de stuurgroep en is verantwoordelijk voor uitvoeren van werkzaamheden die in de eigen organisatie gebeuren tijdens de verkenningsfase. De projectgroep zal bestaan uit de interne projectleider, communicatie adviseur, financieel adviseur, MT lid en de projectsecretaris. Daar waar nodig wordt nog meer expertise aan de projectgroep toegevoegd.
9
Planning De verkenningsfase bestaat uit twee sub-fases; breed oriënterende fase, de verdiepende fase en resulteert in een principe besluit bij alle fuserende gemeenten. De planning kan onderhevig zijn aan verandering, afhankelijk van de reactie van de potentiële partner(s). De data die hierin genoemd staan zijn onder voorbehoud.
Planning verkenningsfase Draagvlak inwoners peilen Informatie avond raad pva verkenning Commissie besluit tot verkenning Gemeenteraad besluit tot verkenning Breed oriënterende gesprekken Terugkoppeling voortgang regiegroep Verdiepende gesprekken Terugkoppeling voortgang regiegroep Terugkoppeling voortgang regiegroep Principe besluit ambtelijk voorbereiden Terugkoppelen voortgang raad regiegroep & voorbereiden gezamenlijke raadsbijeenkomst Principe besluit in het college Bijeenkomst gemeenteraden herindelende gemeenten Commissie principe besluit Principe besluit Participatie
Sep-23 11-14 sep 21 sep
Okt-23
Nov-23
Dec-23
Jan-24
Feb-24
N.t.b.
N.t.b.
N.t.b.
3 okt 5 okt Vanaf 6 oktober
Breed oriënterende gesprekken De breed oriënterende gesprekken worden gevoerd in de periode van 6-20 oktober. Het college wordt wekelijks tijdens de collegevergadering bijgepraat over de voortgang van de gesprekken. In oktober vindt de eerste informele bijeenkomst plaats met de regiegroep (gemeenteraad) waarin de gemeenteraad bijgepraat wordt over de voortgang van de verkenning. De medewerkers worden maandelijks bijgepraat over het proces van herindeling.
10
Verdiepende gesprekken De verdiepende gesprekken vinden plaats in november / december. In deze fase wordt het college wekelijks bijgepraat over de voortgang van de gesprekken. In november vindt de tweede informele bijeenkomst met de regiegroep (gemeenteraad) plaats en in december vindt de derde informele bijeenkomst. De medewerkers worden maandelijks bijgepraat over het proces van herindeling. Ook in januari zal de regiegroep (gemeenteraad) bijgepraat worden tijdens een informele sessie. Komen tot een principebesluit Volgens de planning wordt in januari samen met de meest gerede gemeente een principebesluit voorbereid. Deze planning is niet afgestemd met onze mogelijke partner(s) en kan daarom aan wijziging onderhevig zijn. De verkenning wordt afgerond met het vaststellen van het principebesluit door betrokken gemeenteraden. In Wijdemeren wordt hiervoor rekening gehouden met de commissie en de raad van februari. Voorafgaand aan de raadscyclus over dit principebesluit zullen de gemeenteraden bijeen komen om elkaar te leren kennen en met elkaar het gesprek te voeren over het principe besluit. Dit overleg wordt in samenspraak met de mogelijker partner(s) gepland.
11
Financiën Aan de verkenningsfase zijn financiële gevolgen gekoppeld. Deze extra kosten zijn voornamelijk verbonden aan de inhuur nodig voor de project organisatie en de burgerparticipatie trajecten. Daarnaast worden er ambtelijke uren besteed ingezet door medewerkers in de project-/ stuurgroep en de griffie. De kosten zijn berekend op basis van de periode oktober 2023 tot en met februari 2024 (principe besluit). Na de verkenningsfase (vaststellen van het principebesluit) zal er een nieuw plan van aanpak moeten worden geschreven (met de fusiepartner) om te komen tot een herindelingsontwerp en –advies. Inzet Uren externe medewerkers Externe projectleider Communicatie adviseur Financieel adviseur Project secretaris Subtotaal Participatie Communicatie bureau Overige kosten Zaalhuur/catering etc Totaal
Inzet Uren ambtelijk organisatie Interne projectleider Gemeentesecretaris Communicatie medewerker (website) MT lid Secretariële ondersteuning Uren griffie Griffier Totaal
Tarief
Aantal uur pw
Eind bedrag (28 weken)
€ 1.450,- per dag € 100,- per uur € 100,- per uur € 75,- per uur
24 (3 dagen) 12 4 12
€ 121.800,€ 33.600,€ 11.200,€ 25.200,€ 191.800,-
PM
PM
PM
PM
PM
PM € 191.800
Uren per week
Totaal aantal uren
12 16 4
336 448 112
8 3
224 84
4
112 1.204 uur
Dekking Voorgesteld wordt om de kosten voor de externe medewerkers te dekken uit het inhuurbudget. Een deel van de kosten vallen in 2023, een deel van de kosten in 2024. De kosten voor de ambtelijke organisatie zullen opgevangen worden door focus aan te brengen in de taken van de betrokken collega’s. Indien dit niet mogelijk is wordt een voorstel voor inhuur gedaan aan het MT. De kosten voor participatie en eventuele overige kosten zijn momenteel nog niet inzichtelijk. Te zijner tijd komt hiervoor een separaat voorstel, inclusief dekking, naar het college. 12
Subsidie Binnen de provincie Noord Holland zijn er subsidiemogelijkheden ter dekking van een deel van de kosten. De subsidieregeling kent een maximum subsidie en gaat uit van cofinanciering. Dat houdt in dat de gemeente altijd een deel van de kosten voor eigen rekening zal nemen. Bijdrage gemeentefonds Gemeenten die een herindelingsontwerp vaststellen krijgen een extra bijdrage uit het gemeentefonds op grond van de verdeelmaatstaf herindeling. Dit om frictiekosten (lasten die zonder herindeling niet gemaakt zouden zijn) te compenseren. Deze extra bijdrage wordt uitgekeerd over een periode van vier jaar, ingaande het jaar voor herindeling. Het is op dit moment niet in te schatten hoe hoog deze compensatie zal zijn, maar deze bedragen lopen incidenteel in de miljoenen euro’s en zijn sterk afhankelijk van het aantal deelnemende gemeenten in de fusie en het totale inwoneraantal.
13
Communicatie Gemeenteraad De voltallige gemeenteraad wordt maandelijks als regiegroep geïnformeerd in een besloten informatieavond door de externe/ interne projectleider en de Burgemeester. College Het college wordt wekelijks bijgepraat door de Burgemeester en gemeentesecretaris. Medewerkers Voor de medewerkers van de gemeente gaat er veel veranderen. De WOR bestuurder informeert de OR actief in elke OV vergadering. De gemeentesecretaris (in haar rol als algemeen directeur) informeert de medewerkers actief via diverse kanalen en belegt maandelijks een bijeenkomst met de medewerkers om ze bij te praten over de voortgang. Daarnaast zullen alle leidinggevenden de medewerkers meenemen in het proces. Uiteraard wordt in de verkenningsfase geen informatie gedeeld over de richtingen in de verkenning, zolang de raad daarin (in een openbare bijeenkomst) nog geen koers heeft bepaald. De informatie aan de organisatie zal zich dan beperken tot procesinformatie. Inwoners, bedrijven, instellingen & overige partners Voor de communicatie richting de inwoners, bedrijven, instellingen en overige partners vragen wij een communicatiebureau om een communicatie advies uit te brengen. Zoals nu reeds het geval informeren wij de belangstellenden sowieso via de website, social media en het lokale weekblad.
14
Bijlagen Bijlage 1: Doelen toekomstperspectief 2026 gemeente Wijdemeren Om het Toekomstperspectief 2026 van de gemeente Wijdemeren te kunnen bepalen en het voorgenomen besluit tot een bestuurlijke fusie te kunnen nemen, hebben de fracties in het eerste half jaar van 2023 gezamenlijk de onderstaande tien doelen geformuleerd. Vastgestelde doelen
1 De gemeente ondersteunt het karakter van de dorpen en plassen en zorgt voor heldere kaders, afweging van belangen en samenhang in het gemeentelijke beleid; 2 De gemeente levert sobere dienstverlening op alle wettelijke taken. Dat geldt ook voor de uitvoering van de niet-wettelijke taken. Efficiëntie staat veelal voorop in de afweging van gemeente behalve in sociaal domein; 3 De gemeente stelt zich met betrekking tot de komende maatschappelijke opgaven proactief op, gericht op het zo goed mogelijk invulling geven aan de maatschappelijke opgaven; 4 Gemeente met een hoge (gelijkblijvende) lastendruk (onderkant hoogste kwartiel in COELO benchmark); 5 De gemeente kiest voor bouwen waar dat binnen de gemeentegrenzen te combineren is met behoud van het bestaande arsenaal aan natuur en recreatie (conform huidige beleid om 700 woningen te bouwen); 6 De raad stelt op hoofdlijnen kaders o.a. op basis van de Toekomstvisie 2026 vast. De controle vindt eveneens op basis van de kaders plaats. De raad is rolvast en gericht op kaderstelling en controle; 7 Het College is dienstbaar aan de raad en aan de samenleving. Het college vervult een proactieve rol. Elke handeling is een volgende stap om de Toekomstvisie 2026 te realiseren. Het college is rolvast en investeert in het samenspel in de driehoek: raad, college en organisatie; 8 De organisatie is proactief naar bestuur en samenleving.
Het werkt efficiënt en professioneel. Het adviseert op basis van kennis en kunde, is eerlijk en standvastig in haar oordeel en werkt dienstbaar aan de Toekomstvisie 2026. Het krijgt in het samenspel daartoe alle professionele ruimte van raad en college die nodig is en vult deze ook goed in; 9 De gemeente neemt deel aan de samenwerkingsverbanden die wettelijk vereist zijn en aan samenwerkingen die efficiëntie voordelen opleveren. Wijdemeren levert zowel bestuurlijk als ambtelijk een bijdrage; 10 Sluitende jaarlijkse begroting tot 2026-2030. Verder is de minimale hoogte van de algemene reserve € 5 mln. en de schuldquote hoger dan 135% maar lager dan 150%.
15
Bijlage 2: Beoordelingscriteria herindelingsadviezen Draagvlak: lokaal bestuurlijk, regionaal en maatschappelijk Het kabinet zal het draagvlak voor de herindeling beoordelen naar lokaal bestuurlijk, regionaal en maatschappelijk draagvlak. Het streven van gemeenten en provincies moet zijn gericht op herindelingen die op een zo groot mogelijk draagvlak kunnen rekenen. Het kabinet verwelkomt dan ook voorstellen die op de steun van alle betrokken gemeenten en een zo groot mogelijke meerderheid van hun inwoners kunnen rekenen. Dit betekent evenwel niet dat unanimiteit bij gemeentebesturen of steun onder een meerderheid van de inwoners altijd een vereiste is. Het kan voorkomen dat bij evidente bestuurskrachtproblemen een herindeling door de provincie noodzakelijk wordt geacht om de lokale en regionale opgaven adequaat het hoofd te kunnen bieden en om de dienstverlening aan de inwoners te kunnen garanderen. Ook moet worden voorkomen dat herindelingsdiscussies tussen gemeenten jarenlang voortduren zonder reëel zicht op een bevredigende uitkomst. Het kabinet vraagt in die gevallen een solide onderbouwing waarom bij een gebrek aan breed draagvlak toch een herindeling gewenst wordt.
Het is primair de verantwoordelijkheid van de betrokken gemeentebesturen (en bij provinciaal initiatief ook van de provincie) om het maatschappelijk draagvlak voor een herindeling te beoordelen en daarin te investeren. Daarvoor vraagt het kabinet aan de betrokken gemeenten in een logboek bij te houden op welke wijze inwoners en maatschappelijke organisaties betrokken zijn bij het herindelingsproces en op welke wijze het maatschappelijk draagvlak is vastgesteld, inclusief de ingediende zienswijzen. Daarnaast vraagt het kabinet aan gemeenten respectievelijk provincies om de omliggende of anderszins betrokken gemeenten uit te nodigen een zienswijze in te dienen. Indien een negatieve zienswijze van een omliggende gemeente niet wordt overgenomen, vraagt het kabinet dit te motiveren. Het kabinet kijkt dus niet alleen naar het draagvlak bij de direct betrokken gemeenten en hun inwoners, maar ook naar de opvatting van de provincie en de buurgemeenten en andere (bestuurlijke) organisaties in de regio. Bestuurskracht Hoewel de redenen om te kiezen voor een herindeling kunnen verschillen, speelt de wens of noodzaak om de bestuurskracht te versterken vaak een belangrijke rol. Een veel gehanteerde definitie van bestuurskracht is het vermogen van gemeenten om hun wettelijke en niet-wettelijke taken uit te voeren en daarvoor de benodigde maatschappelijke en bestuurlijke relaties aan te gaan.
In 2010 is een Handreiking bestuurskrachtonderzoek verschenen waar deze definitie in is opgenomen. De handreiking is een gezamenlijke uitgave van IPO, VNG, het Kwaliteitsinstituut Nederlandse Gemeenten(KING), de Unie van Waterschappen en het ministerie van BZK. De definitie impliceert een verhouding tussen de opgaven en dienstverlening van gemeenten enerzijds en het vermogen om deze opgaven adequaat tegemoet te treden anderzijds. De definitie laat ook zien dat gemeenten hun taken niet volledig zelf(standig) hoeven te vervullen om bestuurskrachtig te zijn: zij kunnen dit ook doen in samenwerking met bijvoorbeeld andere gemeenten en private partijen. Hieruit volgt ook dat bestuurskracht behalve een lokale (gemeentelijke) ook een regionale dimensie kent. Gemeenten hebben elkaar nodig om op meerdere schaalniveaus resultaten te behalen. Een weinig bestuurskrachtige gemeente beïnvloedt in dat opzicht ook de kwaliteit van de regionale samenwerking. Wat ervoor nodig is om bestuurskrachtig te zijn, verschilt dus per gemeente en is onder meer afhankelijk van (de complexiteit van) het lokale en regionale opgavenprofiel, de ambities op korte en lange termijn en de gemeentelijke visie op samenwerking en democratische legitimiteit.
Omdat de lokale omstandigheden verschillen, en de kenmerken van bestuurskracht situationeel afhankelijk zijn, zijn onderstaande kenmerken van een bestuurskrachtige gemeente niet uitputtend. De opsomming is dan ook niet bedoeld als checklist op basis waarvan een herindeling al dan niet noodzakelijk is.
16
Een herindeling zou wel kunnen bijdragen aan deze punten. • De gemeente is in staat adequate dienstverlening richting inwoners te organiseren en tot het leveren van de nodige bijdrage aan het realiseren van maatschappelijke opgaven die lokaal of in de regio aan de orde zijn. • De gemeente is responsief naar de samenleving. • De gemeente is in staat haar rol te pakken naar medeoverheden en maatschappelijke partners, bijvoorbeeld door in een keten of netwerk van organisaties te opereren die gezamenlijk aan een maatschappelijk gewenste situatie werken. • De gemeente is in staat haar maatschappelijke opgaven te vertalen naar een relevante uitvoeringsagenda, een samenwerkingsagenda of bijvoorbeeld een strategische beleidsagenda. • De gemeente heeft een professionele gemeentelijke organisatie (bestuurders met de juiste kwaliteiten en een ambtenarenapparaat dat in staat is om taken en verantwoordelijkheden adequaat uit te oefenen). • De organisatie van de gemeente is in personele zin robuust (weinig kwetsbaar) en in staat voldoende gekwalificeerd personeel aan te trekken. • Het gemeentebestuur is in staat sturing te geven aan besluitvorming over, uitvoering van en verantwoording over beleid. • De gemeente is in de context van verdergaande gemeentelijke taakuitbreiding (decentralisaties) duurzaam in staat haar opgaven te formuleren en het hoofd te bieden.
• De gemeente voert een gezonde financiële huishouding. Het kabinet vraagt in het herindelingsadvies onderbouwd uiteen te zetten welke opgaven ten aanzien van bestuurskracht bij de bestaande gemeenten spelen en hoe de voorgestelde herindeling tegemoet komt aan het gericht versterken van de bestuurskracht. Interne samenhang en nabijheid van bestuur Gemeenten die een herindeling overwegen hebben vaak gemeenschappelijke kenmerken waardoor zij goed bij elkaar passen en elkaars natuurlijke partner zijn. Een andere mogelijkheid is dat gemeenten juist complementair aan elkaar zijn. Een voorbeeld hiervan is het combineren van stedelijke voorzieningen met het groene en open landschap van het buitengebied. Samen vergroten zij de leefbaarheid van het gehele gebied. Een gemeentelijke herindeling kan er dus toe leiden dat er meerdere dorpen, kernen en/of steden binnen een nieuwe gemeente komen te liggen, elk met eigen kenmerken, cultuur en identiteit. Dit heeft gevolgen voor het profiel van de nieuwe gemeente, bijvoorbeeld op het gebied van cultuur, identiteit, economie, oriëntatie, maar ook op politiek of sociaal terrein. Het kabinet acht het van belang dat de betrokken gemeenten de gemeenschappelijkheden en verschillen (en de verschillende belangen) onderkennen en hiervoor een passende besturingsfilosofie ontwikkelen.
Dat kan bijvoorbeeld door in het herindelingsadvies te beschrijven op welke wijze de nieuw te vormen gemeente haar inwoners en gemeenschappen zal betrekken bij de vormgeving en uitvoering van beleid en de realisatie van opgaven. Gemeenten hebben te maken met een zogenaamde dubbelopgave wanneer een herindeling wordt overwogen. De ideale schaalgrootte van een gemeente bestaat niet. Het is juist van belang dat de schaal van beleidsontwikkeling goed aansluit bij de schaal waarop (nieuwe) opgaven en kansen zich voordoen. Omdat iedere opgave een eigen schaal kent (meerschaligheid), is het van belang dat gemeenten hierop kunnen inspelen en hier flexibel mee kunnen omgaan. Belangrijk is dat het lokale bestuur ook in de toekomst responsief, nabij, betrokken en benaderbaar blijft. Van de nieuwe gemeente wordt daarom verwacht dat zij zich inzet om zoveel mogelijk de nabijheid van bestuur en betrokkenheid van inwoners te borgen en versterken. Hiervoor zijn vele praktijkvoorbeelden, zoals een actief dorpen- en kernenbeleid, wijkgericht werken, (overige) binnengemeentelijke decentralisatie (zoals bestuurscommissies) en het versterken van participatieve vormen van democratie als aanvulling op de representatieve democratie. Een herindeling biedt hiermee een kans voor vernieuwing van de lokale democratie en dat zou onderdeel kunnen zijn van de visie op de nieuwe gemeente.
Of en in hoeverre (herindelings)gemeenten de representatieve democratie wensen te 17
verrijken met andere participatieve vormen van democratie laat het kabinet graag over aan de inwoners en het bestuur van de gemeenten zelf. Regionale samenhang Voor het aanpakken van maatschappelijke opgaven onderhouden gemeenten relaties met lokale en regionale partners, zoals buurgemeenten, bedrijven en maatschappelijke instellingen. Vanwege het gemeentegrensoverstijgende karakter en de verwevenheid van veel maatschappelijke opgaven is het van belang dat een gemeente in de regio weloverwogen keuzes maakt ten aanzien van het aanpakken van die opgaven. Hiervoor is bijvoorbeeld voldoende beleidscapaciteit nodig, zodat bestuurders goed beslagen ten ijs komen in regionale gremia. Wanneer een gemeente te weinig inzet kan plegen om de opgaven in de regio het hoofd te bieden, beïnvloedt zij daarmee ook de kwaliteit van de regionale samenwerking. Dat kan mede een indicatie zijn van een gebrekkige bestuurskracht. Alle gemeenten maken deel uit van diverse samenwerkingsverbanden en ook na een herindeling blijft samenwerking op tal van terreinen zinvol en nodig. Daarom vraagt het kabinet aan gemeenten om in het herindelingsadvies in te gaan op de gevolgen van de herindeling voor de samenwerkingsrelaties en eventuele andere bestuurlijke ontwikkelingen in de regio.
Met het oog op de duurzaamheid van de herindeling zal tevens afgewogen moeten worden of andere gemeenten in de regio bij de herindeling betrokken zouden moeten worden. Er zijn ook situaties denkbaar waarin er sprake is van een urgente noodzaak om de bestuurskracht van een gemeente te versterken, terwijl een gedragen duurzame oplossing op korte termijn niet mogelijk is. In dergelijke gevallen kan het belang van het versterken van de gemeentelijke bestuurskracht zwaarder wegen dan het op korte termijn realiseren van een regionaal bestuurlijk eindbeeld.
18