CConstaterende datWestvoorne
Koppel je AI →
Document · PDF

22 02 Goudhoekweg 14 bijlage 2

Commissie GG & Milieu 7 februari 2022, gemeente WestvoorneBij agendapunt: Ontwikkeling en planschadeovereenkomst Goudhoekweg 14 Oostvoorne2.815 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Memo: maart 2021, nr. 21021 Onderwerp: ruimtelijke onderbouwing wijzigen gebruik Goudhoekweg 14 Oostvoorne Van: R3advies Aan: gemeente Westvoorne -----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Inhoudsopgave

pag.

Hoofdstuk 1

Omschrijving initiatief

2

Hoofdstuk 2

Gemeentelijk beleid/regelgeving

3

Hoofdstuk 3

Omgevingsaspecten

6

Hoofdstuk 4

Conclusies

14

Bijlagen -akoestisch onderzoek (Kraaij akoestisch advies, 23 maart 2021, nr. BP.2104.R01)

Hoofdstuk 1 - Omschrijving initiatief Inleiding Initiatiefnemer heeft het plan opgevat om het kantoorpand aan de Goudhoekweg 14 in Oostvoorne te verbouwen tot woning. Daarbij wordt de oppervlakte van de bestaande bebouwing niet gewijzigd. Aanleiding voor dit plan is het feit dat het kantoorpand qua opzet, indeling en ligging in een woonwijk niet meer goed geschikt is voor een gebruik voor bedrijfsdoeleinden. Er is wel behoefte aan woningen in Oostvoorne. Om deze reden is het plan opgevat om het gebruik te wijzigen. Ligging plangebied Het plangebied ligt in het centrum van Oostvoorne. Het perceel is kadastraal bekend gemeente Oostvoorne sectie D nummer 2987. Het perceel heeft een oppervlakte van 1.000 m².

Figuur 1.1: locatie plangebied

Hierna wordt ingegaan op relevante gemeentelijke beleidsmatige aspecten en op diverse omgevingsaspecten, afgesloten met een conclusie.

2

Hoofdstuk 2 - Gemeentelijk beleid/regelgeving Omgevingsvisie Westvoorne 2030 Op 24 januari 2017 heeft de gemeenteraad van Westvoorne de Omgevingsvisie Westvoorne 2030 vastgesteld. In deze visie worden de verschillende belangen vanuit landschap, de kernen, recreatie en toerisme, de agrarische sector en de gemeenschap samengesmolten tot een integrale ontwikkelingsrichting voor de periode tot 2030. Voor woningbouw is het volgende in de Omgevingsvisie Westvoorne opgenomen: Een evenwichtige bevolkingsopbouw is van groot belang. Nieuwe ontwikkelingen zoals woningbouw zijn vooral een middel om dit te bereiken (en geen doel op zichzelf). De gemeente streeft naar een gevarieerde woningvoorraad waar ruimte is voor diverse leeftijds-, huishoudens- en inkomensgroepen. De gemeente vindt het belangrijk dat de inwoners, maar ook mensen van buiten kunnen kiezen uit verschillende aantrekkelijke woonmilieus. Speerpunten daarbij zijn de huisvestingsmogelijkheden voor jongeren en het verder versterken van het wonen in een aantrekkelijke, groene omgeving. De bijzondere kwaliteiten die het wonen in de gemeente Westvoorne aangenaam maken, willen de gemeente hierbij benutten. Een hoge ruimtelijke kwaliteit in bestaand en nieuw bebouwd gebied is daarbij van groot belang. Het initiatief ziet toe op een hergebruik van een bestaand gebouw, waarbij de kantoorfunctie wordt gewijzigd in een woonfunctie.

Dit vindt plaats in een bestaande woonwijk. Dit past in het streven tot het verder verbeteren van het wonen in een aantrekkelijke woonomgeving.

Geldend bestemmingsplan Ter plaatse geldt het bestemmingsplan ‘Dorpsgebied Oostvoorne’ vastgesteld door de gemeenteraad van Westvoorne op 25 juni 2013.

3

Figuur 1.3: deel verbeelding bestemmingsplan ‘Dorpsgebied Oostvoorne’

Op het perceel Goudhoekweg 14 ligt de bestemming ‘Kantoor’. Daarnaast is de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’ van toepassing. Ten slotte is ook de gebiedsaanduiding ‘geluidzone industrie’ op het perceel van toepassing. Het gebruiksplan is in strijd met het bestemmingsplan ‘Dorpsgebied Oostvoorne’. Het gebruiken van een kantoor voor woondoeleinden is niet toegestaan. Beoordeling bouwplan Initiatiefnemer is van plan de bestaande bebouwing langs de Goudhoekweg intern aan te passen tot woning. De oppervlakte van de bebouwing blijft gelijk, er zal slechts intern worden verbouwd.

4

Figuur 1.2 afbeelding bebouwing perceel Goudhoekweg 14

De gemeente Westvoorne is in principe bereid medewerking te verlenen aan het plan tot het wijzigen van het gebruik van de bebouwing. Het pand ligt in een woonwijk, het transformeren van een gebruik als kantoor in een woongebruik is daardoor zeker aanvaardbaar. De gemeente kan in juridische zin medewerking verlenen door een omgevingsvergunning te verlenen om af te wijken van het bestemmingsplan, dit laatste met toepassing van artikel 4 lid 9 van Bijlage II van het besluit omgevingsrecht. In deze memo wordt ingegaan op de vraag of vanuit het oogpunt van wet en regelgeving medewerking zou kunnen worden verleend aan het plan tot het wijzigen van het gebruik.

5

Hoofdstuk 3 – Omgevingsaspecten In dit hoofdstuk worden de relevante omgevingsaspecten behandeld. 3.1 Geluid Spoorweglawaai Het perceel ligt niet binnen een geluidscontour van een spoorweg. Industrielawaai Het perceel ligt in de geluidszone van het industrieterrein ‘Maasvlakte - Europoort’. Om die reden is akoestisch onderzoek ingesteld (Kraaij akoestisch advies, 23 maart 2021, nr. BP.2104.R01). Deze rapportage is als bijlage bij deze memo gevoegd. Bij industrielawaai is de voorkeursgrenswaarde 50 dB(A) en de maximale ontheffingswaarde 55 dB(A)..Uit de uitkomst van het akoestisch onderzoek blijkt, dat de geluidbelasting vanwege industrielawaai 53 dB(A) bedraagt. De voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) uit de Wet geluidhinder wordt overschreden. De maximale ontheffingswaarde van 55 dB(A) wordt niet overschreden. Wegverkeerslawaai Bij wegverkeerslawaai moet worden bezien of een geluidsgevoelige bestemming zoals een woning binnen een geluidszone van wegen ligt. Langs wegen bevinden zich geluidszones, tenzij het wegen betreft waarvoor een maximum snelheid van 30 km per uur geldt. De Goudhoekweg vormt onderdeel van een 30 km/uur zone. Het perceel Goudhoekweg 14 ligt wel binnen de geluidszone van de Voorweg en De Ruy. Het hiervoor genoemde akoestisch onderzoek gaat ook in op het wegverkeerslawaai.

De geluidbelasting vanwege de Voorweg en de De Ruy op de planlocatie bedraagt ten hoogste 33 dB. Vanwege deze wegen wordt daarmee overal voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB uit de Wgh. Omdat de voorkeursgrenswaarde niet wordt overschreden, zijn deze wegen niet relevant voor het woon- en leefklimaat bij de planlocatie en is maatregelenonderzoek naar de mogelijkheden om het geluid vanwege deze wegen op de planlocatie te reduceren niet noodzakelijk, evenals het aanvragen van een hogere waarde. Gemeentelijk geluidbeleid Aangezien de geluidbelasting ten gevolge van industrielawaai hoger is dan de voorkeursgrenswaarde, kan er alleen medewerking worden verleend aan het initiatief na verlenen van een hogere geluidswaarde. In het akoestisch onderzoek is het initiatief getoetst aan dat gemeentelijk geluidsbeleid.

6

Het treffen van bron- of overdrachtsmaatregelen stuit op bezwaren. Uit paragraaf 4.4 van het akoestisch onderzoeksrapport blijkt dat wordt voldaan wordt aan de gemeentelijke voorwaarde in de vorm van de aanwezigheid van een geluidluwe gevel of buitenruimte. Uit de cumulatieberekening blijkt dat cumulatie van geluid in beperkte mate (3 dB) leidt tot een hoger geluidniveau, dan de geluidbelasting vanwege alleen de meest maatgevende bronsoort. Om die reden wordt geadviseerd de karakteristieke geluidwering van de uitwendige gevelconstructie van de woning af te stemmen op de gecumuleerde geluidbelasting op de gevels om een goed akoestisch woon- en leefklimaat in de woning te waarborgen. Dit betekent dat de karakteristieke geluidwering aan de meest kritisch gelegen gevelzijden van de woning in dat geval dienen te worden opgehoogd naar 24 dB(A) voor een verblijfsgebied en 22 dB(A) voor een verblijfsruimte. Dit is bij de bebouwing uitvoerbaar. Conclusie: vanuit akoestisch oogpunt is er geen belemmering voor het wijzigen van het gebruik van de bebouwing op de planlocatie, met dien verstande dat een hogere geluidsgrenswaarde moet worden vastgesteld ten aanzien van het aspect industrielawaai.

3.2 Externe veiligheid Uit de risicokaart blijkt dat in de directe omgeving geen risicovolle inrichtingen zijn gelegen. Daarnaast vindt er in de directe omgeving geen vervoer van gevaarlijke stoffen plaats over de weg, per spoor, over het water of door buisleidingen. Op ruim 600 meter van het plangebied vindt vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg plaats. Op ruim 800 meter van het plangebied vindt vervoer van gevaarlijke stoffen via buisleidingen plaats. Het perceel Goudhoekweg 14 ligt niet binnen de PR 10-6-contour of het invloedsgebied van het groepsrisico van de weg en de buisleidingen. Beide risicobronnen hebben geen externe werking op het plangebied.

7

Goudhoekweg 14

Figuur 3.1: Risicokaart Nederland met pijl bij planlocatie

Vanuit het oogpunt van externe veiligheid kan de ontwikkeling daarom als aanvaardbaar worden bestempeld. 3.3 Luchtkwaliteit In hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer is de regelgeving met betrekking tot luchtkwaliteit vastgelegd. In artikel 5.16 is vastgelegd dat bestuursorganen bevoegdheden, zoals het vaststellen van een bestemmingsplan of het nemen van een projectbesluit, mogen uitoefenen wanneer sprake is van één van de volgende gevallen: a. Er is geen sprake van een (dreigende) overschrijding van de grenswaarden; b. De concentratie van de desbetreffende stoffen in de buitenlucht verbetert of blijft ten minste gelijk; c. Het plan draagt ‘niet in betekenende mate’ bij aan de concentratie van de desbetreffende stoffen in de buitenlucht; d. De ontwikkeling is opgenomen in een vastgesteld programma, zoals het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). 8

Een nadere uitwerking van de regelgeving met betrekking tot het begrip ‘niet in betekende mate’ is vastgelegd in het ‘Besluit niet in betekende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)’ en de ‘Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)’. Voor ontwikkelingen die ‘niet in betekenende mate’ bijdragen aan de luchtverontreiniging, hoeft niet te worden getoetst aan de grenswaarden. In de Regeling zijn categorieën van gevallen benoemd die in ieder geval als ‘niet in betekenende mate’ worden aangemerkt en waarvoor toetsing aan de grenswaarden dus zonder meer achterwege kan blijven. Er is blijkens deze regeling geen onderzoek nodig voor ‘woningbouwlocaties, indien een dergelijke locatie, in geval van één ontsluitingsweg, netto niet meer dan 1.500 nieuwe woningen omvat, dan wel, in geval van twee ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling, netto niet meer dan 3.000 woningen omvat’. De voorgenomen ontwikkeling betreft het wijzigen van het gebruik van een pand van kantoor in woondoeleinden. Het aantal verkeersbewegingen voor een woning kan op basis van CROW-normen worden bepaald op circa 6 á 7 per etmaal. Dit is een beperkt aantal verkeersbewegingen, waarbij komt dat er voorheen ook al sprake was van verkeersbewegingen in relatie tot het kantoormatig gebruik.

Conclusie is dat de planologische wijziging van het gebruik niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is een indicatie van de luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied gegeven. Dit is gedaan aan de hand van de NSL-monitoringstool 2018 (http://www.nsl-monitoring.nl/viewer/) die bij het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit hoort. Uit de NSL-monitoringstool blijkt dat in 2020 de jaargemiddelde concentraties stikstofdioxide en fijn stof langs het plangebied ruimschoots onder de grenswaarden liggen, zie figuur 3.2. Aangezien direct langs deze weg ruimschoots aan de grenswaarden wordt voldaan, zal dit ook ter plaatse van het plangebied het geval zijn. Concentraties luchtverontreinigende stoffen nemen immers af naarmate een locatie verder van de maatgevende weg ligt.

Figuur 3.2 Concentraties luchtkwaliteit op twee rekenpunten rondom het plangebied. 9

Het plan voldoen aan de normen van het aspect luchtkwaliteit.

3.4 Wet natuurbescherming Op basis van de Wet natuurbescherming is het van belang bij de ruimtelijke planvorming vooraf te onderzoeken of en welke dier- en plantensoorten er voorkomen, wat hun beschermingsstatus is en wat de effecten zijn van de ingreep op het voortbestaan van de gevonden soorten. In onderhavig geval gaat het om het intern aanpassen van bestaande bebouwing. De bebouwing is jaren in gebruik geweest als kantoor, het is hierdoor niet aannemelijk dat zich hier beschermde dieren plantsoorten bevinden. Een onderzoek is derhalve niet vereist. Stikstof Vanwege recente jurisprudentie moet er ook aandacht worden besteed aan de vraag of bij een ruimtelijke ontwikkeling sprake zal zijn van een toename van stikstofdepositie in een Natura 2000 gebied. Het perceel Goudhoekweg 14 ligt op nabij het Natura2000 gebied Voornes Duin. Het betreft een plan met beperkte omvang. In de bouwfase gaat het niet om het oprichten van nieuwe bebouwing, maar om verbouwwerkzaamheden die intern plaatsvinden. In de gebruiksfase betreft het één woning met een aangenomen verkeersgeneratie van 6 á 7 verkeersbewegingen per etmaal, in totaal. Dit is in ieder geval vergelijkbaar met de verkeersgeneratie van het voorheen aanwezige gebruik voor kantoordoeleinden.

Om deze redenen kan op voorhand worden geconcludeerd dat het initiatief geen toename van depositie van stikstof oplevert in de genoemde stikstofgevoelige Natura2000 gebied Voornes Duin. Het initiatief is niet in strijd met de regels uit de Wet natuurbescherming.

3.5 Bodem Het plan gaat uit van het veranderen van het gebruik als kantoor naar een woonfunctie. Het ging hier om een functie waar al personen in verbleven en hier komt geen verandering in. Daarnaast gaat het slechts om intern verbouwen en zal de grond niet worden geroerd. Er is daardoor sprake van een aanvaardbare situatie waarvoor geen nader bodemonderzoek is vereist.

10

3.6 Waterhuishouding Voor wat betreft de waterhuishouding is het volgende relevant. Het plan ligt buiten de beschermingszone van een waterkering. De totale hoeveelheid aan verharding op het perceel blijft gelijk, er is om die reden geen sprake van de noodzaak om compenserend oppervlaktewater aan te brengen. De bestaande bebouwing is reeds aangesloten op de aanwezige riolering.

3.7 Archeologie/ cultuurhistorie Uit het bestemmingsplan ‘Dorpsgebied Oostvoorne’ blijkt dat op het perceel de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’ met de specifieke aanduiding ‘specifieke vorm van waarde – 3’ ligt. Er is archeologisch onderzoek nodig bij bodemingrepen die een oppervlakte beslaan van meer dan 200 m². Hier wordt niet nieuw gebouwd maar slechts intern verbouwd. Nu er geen grondroerende werkzaamheden worden uitgevoerd, zullen er geen eventueel aanwezige archeologische waarden worden verstoord. Er is om de reden ook geen archeologisch onderzoek vereist.

3.8 Parkeren Er is bezien hoe de parkeersituatie is in relatie tot dit plan. Op dit moment zijn er op eigen terrein al parkeerplaatsen aanwezig. In de huidige situatie is er een bedrijfsgebouw aanwezig van circa 145 m² bvo. Op grond van de CROW publicatie 381 is er bij dergelijke voorzieningen een parkeerbehoefte van 2,1 tot 2,6 parkeerplaatsen per 100 m² bvo. Op eigen terrein is voldoende ruimte voor het parkeren van minimaal 3 auto’s.

3.9 Milieuzonering Ter bepaling van de mogelijkheid om milieugevoelige bestemmingen zoals woningen te realiseren in de nabijheid van milieubelastende bestemmingen, wordt gebruik gemaakt van de systematiek van milieuzonering. Voor de afstemming tussen milieugevoelige en milieuhinderlijke functies wordt in het bestemmingsplan een milieuzonering toegepast. Hiervoor wordt gebruikgemaakt van de VNGpublicatie Bedrijven en Milieuzonering (editie 2009). Milieuzonering beperkt zich tot de volgende milieuaspecten met een ruimtelijke dimensie: geluid, geur, gevaar en stof. In gebieden waar bedrijfsactiviteiten en milieugevoelige functies reeds naast elkaar voorkomen of gewenst zijn, kan in plaats van met de systematiek van richtafstanden en afstandsstappen, gewerkt worden met de Staat van Bedrijfsactiviteiten (SvB) ‘functiemenging’. 11

Uit de toelichting van het bestemmingsplan ‘Dorpsgebied Oostvoorne’ blijkt, dat deze situatie van functiemenging zich in de bebouwde kern van Oostvoorne voordoet. In de directe omgeving zijn geen bedrijven aanwezig wiens milieuzone zich uitstrekt tot het perceel Goudhoekweg 14. De dichtstbijzijnde bedrijfsbestemming (detailhandel) is aanwezig op het perceel Goudhoekweg 6, op een afstand van ruim 50 m van het kantoor Goudhoekweg 14. In gebieden met functiemenging zijn detailhandelsbedrijven zelfs direct grenzend aan woningen toegestaan. Dit levert hier derhalve geen frictie op.

Figuur 3.3 bestemmingsfuncties Goudhoekweg 14 en omgeving

Vanuit het aspect milieuzonering zijn er geen belemmeringen voor dit plan.

3.10 Vormvrije Mer Het plan maakt ontwikkelingen mogelijk die vallen onder categorie D11.2 van het Besluit m.e.r. Een m.e.r. beoordeling is in dat geval op basis van de Wet milieubeheer verplicht. In dit plan is al ingegaan op de verschillende onderdelen. Echter hieronder motiveren wij nogmaals dat er geen belangrijke nadelige milieugevolgen ten gevolge van het plan optreden een en ander overeenkomstig de criteria genoemd in Bijlage III van de Europese m.e.r.-richtlijn. 1. Kenmerken van de projecten Bij de kenmerken van de projecten moet in het bijzonder in overweging worden genomen: • De omvang van het project: de omvang van bebouwing blijft gelijk; 12

• • •

De productie van afvalstoffen is niet aanwezig. Huishoudelijk afvalwater wordt via de riolering afgevoerd; Er is geen sprake van verontreiniging en hinder. Verwezen wordt naar onderdeel bedrijven en milieuzonering onder 3.9; Er zijn geen risico's voor de menselijke gezondheid. Verwezen wordt naar het onderdeel externe veiligheid, zoals beschreven onder 3.2.

2. Plaats van het project Bij de mate van kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de projecten van invloed kunnen zijn moet in het bijzonder in overweging worden genomen: • Het bestaande grondgebruik betreft een gebruik als kantoor, dit verandert in een woongebruik; • Het gebied ligt niet in een beschermingszone, ligt binnen het bestaand stedelijk gebied en de herontwikkeling is passend bij het bestaande gebied ter plaatse; • De ingreep is zodanig dat geen archeologisch waarden worden verstoord. Verwezen wordt naar paragraaf 3.7. 3. Kenmerken van het potentiële effect Gezien de beperkte omvang van het project zijn er geen potentiële aanzienlijke effecten te verwachten. Dit is ook beschreven in hoofdstuk 3 van deze ruimtelijke onderbouwing. Het plan maakt geen ontwikkelingen mogelijk die vallen onder het Besluit m.e.r. Een m.e.r.(beoordelings)besluit is in dit geval niet nodig.

13

Hoofdstuk 4 - Conclusie Het plan tot het wijzigen van het kantoorgebruik van het pand Goudhoekweg 14 te Oostvoorne in een gebruik voor woondoeleinden, stemt niet overeen met het geldende bestemmingsplan ‘Dorpsgebied Oostvoorne’. Burgemeester en wethouders van de gemeente Westvoorne kunnen onder bepaalde voorwaarden medewerking verlenen aan het plan door het verlenen van omgevingsvergunning om af te wijken van het bestemmingsplan, dit met toepassing van artikel 4, lid 9 van bijlage II Besluit omgevingsrecht. In deze memo is gemotiveerd dat er geen bezwaren bestaan tegen het verlenen van een dergelijke medewerking.

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11079963/1