21 05 Recreatieschap Jaarstukken 2020
Tekst van het document
Voor de overige activiteiten is ook geen sprake is van een fiscale onderneming omdat geen sprake is van structurele vermogensoverschotten of wordt het standpunt ingenomen dat een vrijstelling kan worden toegepast, zodat geen vennootschapsbelasting is verschuldigd. Aangezien het ingenomen standpunt van de recreatieschappen (nog) niet is afgestemd met de Belastingdienst, blijft de vennootschapsbelasting een risico. Dit is niet te kwantificeren en wordt derhalve beschouwd als een pro memorie-post. 2, Economische grondzaken Bodemverontreiniging (algemeen risico). In een gebied als Voorne-Putten kunnen milieuverontreinigingen aanwezig zijn die momenteel niet bij het schap bekend zijn en waarvan de veroorzaker na ontdekking niet kan worden aangesproken. In een aantal gevallen kan het schap echter wel verantwoordelijk gehouden worden voor de kosten van sanering. De kosten hiervoor zullen pas bekend worden wanneer een dergelijke milieuverontreiniging wordt aangetroffen. In een aantal gebieden binnen Voorne-Putten bevindt zich vervuild havenslib. Het schap heeft hier een plicht om de aanwezige leef lagen op voldoende dikte te houden. Om de kosten goed in te schatten moet een inventarisatie worden gehouden. Wanneer er nieuwe ontwikkelingen komen voor bestaande gebieden, zal nagegaan moeten worden of er vervuiling is.
Indien er sprake is van vervuiling zal eerst een saneringsplan moeten worden opgesteld.
29
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
Groot onderhoud op verhuurde gronden (incidenteel risico): In beginsel is het recreatieschap verantwoordelijk voor het groot onderhoud van de gronden en daarop aanwezige beplanting (denk aan essentakziekte), oevers e.d., mits de huurder het dagelijks onderhoud naar behoren heeft uitgevoerd. COVID-19 (Corona) Het COVID-19 (Corona) virus heeft financiële gevolgen gehad voor de jaarrekening 2020. Voornamelijk in de debiteurenpositie, hiervoor is een voorziening getroffen in de jaarrekening 2020. Naar verwachting zal COVID19 ook in 2021 en wellicht de jaren daarna op veel beleidsterreinen van onze begroting impact hebben. Hoe groot de financiële impact zal zijn is onmogelijk te bepalen. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Onze organisatie loopt geen risico voor de continuïteit. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren. Tot slot Momenteel wordt met betrekking tot de financiële positie nagedacht over de advisering rondom risico’s en reserves. Hierover zal een notitie worden opgesteld.
30
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
Ratio Weerstandsvermogen Zoals hiervoor aangegeven wordt de ratio weerstandsvermogen berekend om te bepalen of het schap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. De stand van de Algemene Reserve is per eind 2020 ca. € 1,3 miljoen. Rekening houdend met het voorstel van de resultaatbestemming (ca. 60.000 euro) van deze jaarrekening bedraagt de Algemene Reserve ca. € 1,4 mln. De gekwantificeerde risico’s zijn op PM gesteld. Daarmee is de ratio van het Weerstandsvermogen uitstekend te noemen. De maatstaf waaraan beoordeeld wordt of de reserves toereikend zijn, in relatie tot het weerstandsvermogen, is een bestuurlijke keuze. In opdracht van uw vergadering wordt een notitie voorbereid met betrekking tot de risico’s om daarmee een beeld te creëren van het vrij te besteden deel. Kengetallen BBV In het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is bepaald dat de jaarstukken de kengetallen weergeven. De kengetallen staan in onderstaande tabel.
Kengetallen
Rekening 2020
netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte
-105% -105% 69% 0%
Deze kengetallen geven enig inzicht in de financiële positie en de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de organisatie. De netto schuldquote geeft een beeld van het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Bij de “netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen” worden ook de verstrekte leningen meegenomen. Een negatieve schuldquote geeft in feite aan dat er per saldo geen sprake is van een schuld. De solvabiliteitsratio wordt berekend als het percentage van het totale eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen van het recreatieschap. Dit geeft inzicht in de mate waarin het schap in staat is om aan haar financiële verplichtingen te voldoen De solvabiliteitsratio is ruim positief. Het kengetal “structurele exploitatieruimte” geeft aan of de structurele baten groter zijn dan de structurele lasten. Dit wordt in het kengetal als percentage van de totale baten uitgedrukt. Dit kengetal zegt in feite iets over het structurele jaarrekeningsaldo, d.w.z. zonder alle incidentele baten en lasten. Het percentage is positief, wat betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van de leningen) te dekken. 31
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
4.2 Onderhoud kapitaalgoederen Het goed onderhouden van de gebieden is een belangrijke taak voor het recreatieschap om duurzaam gebruik mogelijk te maken. Als basis voor het plannen van regulier- en groot onderhoud en vervangingsinvesteringen wordt het Terrein Beheer Model (TBM) gehanteerd. Dit model is gebaseerd op zogenaamde doeltypen (bijvoorbeeld speel- en ligweide, strand of bos) waarvoor een gestandaardiseerde inrichting met daarbij behorende onderhoudscycli en normkosten zijn bepaald. Het totaal aan oppervlaktes, stuks en lengte van de aanwezige doeltypes bepaalt met de cycli en de normkosten de geplande uitgaven voor meerjarig duurzaam onderhoud. Het Terrein Beheer Model wordt periodiek herijkt. Voorziening groot onderhoud De geplande uitgaven van groot onderhoud fluctueren van jaar tot jaar. Dit kan een direct en groot effect hebben op het jaarresultaat en daarmee op de jaarlijkse deelnemersbijdrage. Om dit ongewenste effect zoveel mogelijk te voorkomen heeft het recreatieschap ervoor gekozen om een egalisatievoorziening groot onderhoud in te stellen. Jaarlijks wordt een vastgestelde dotatie ten laste van de exploitatie gebracht en de werkelijke onderhoudslasten worden ten laste van de voorziening groot onderhoud verantwoord.
Programma groot onderhoud Binnen het programma Groot Onderhoud waren in 2020 de volgende projecten aan de orde: Uitvoering groot onderhoud Bos & Beplanting: In 2020 is houtoogst uitgevoerd in samenwerking met het team Hout van Staatsbosbeheer. Daarbij worden de boswerkzaamheden uitgevoerd per werkblok, in een cyclus van 6 jaar. Elk werkblok wordt dus één keer per 6 jaar onder handen genomen. In een ‘schouw’ vooraf wordt bepaald of er bijvoorbeeld een dunning moet plaatsvinden, eindkap of geen maatregel. Hierbij wordt dus meer dan voorheen toekomstgericht naar het bos gekeken. Maatregelen staan in het teken van behoud en/of ontwikkeling van duurzaam bos op de langere termijn. In 2020 is de uitvoering van werkblok 1 gestart:
Stand voorziening Groot onderhoud per 01-01 Dotatie planning materiële uitgaven inclusief indexering planning personele uitgaven materiële uitgaven op werken uit jaarschijf 2020 inclusief indexering personele uitgaven op werken uit jaarschijf 2020 Stand voorziening groot onderhoud per 31-12
De materiële uitgaven op werken uit de jaarschijf 2020 heeft voornamelijk betrekking op de steigers en vlonders. Zie daarvoor ook het krediet ‘Investeringsimpuls en Groot Onderhoud Steigers en harde oevers Voorne-Putten’ onder programma beheer, onderhoud en exploitatie.
32
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
4.3 Financiering Kasgeldlimiet Tot het kasgeld behoren alle vlottende schulden < 1 jaar, de contante gelden in kas, de uitgaande gelden < 1 jaar en de tegoeden / schulden rekening-courant. Doel van de kasgeldlimiet is het beperken van de renterisico’s op de korte schuld. De korte schuld is bedoeld voor de lopende uitgaven en zodoende is de limiet gekoppeld aan het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is bij ministeriële regeling vastgesteld op 8,5 % van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar. In 2020 zijn geen kasgeldleningen afgesloten. Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een limiet aan het renterisico over de lange termijn financiering. Het renterisico is het geldbedrag aan leningen dat in een bepaald jaar aan renteherziening en herfinanciering onderhevig is. Het renterisico mag maximaal 20% van het begrotingstotaal per 1 januari van het betreffende kalenderjaar bedragen. De renterisiconorm benadrukt het belang van een goede spreiding van de leningenportefeuille en de renterisico’s. In 2020 zijn geen vaste geldleningen aangegaan. Er zijn op balansdatum 2020 drie uitstaande geldleningen zonder renteherziening gedurende de looptijd. Er is geen sprake van herfinanciering. Derhalve is er geen renterisico. Ten aanzien van het risicobeheer van de huidige leningen zijn er geen beleidsvoornemens.
Het renteresultaat is gelijk aan de rentelasten en bedraagt 80.799 euro. Tevens is er geen sprake van een financieringsbehoefte. Schatkistbankieren Bij het schatkistbankieren wordt dagelijks het saldo bij een vastgesteld drempelbedrag overgeboekt op een bankrekening ten gunste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Omgekeerd kan het saldo ook worden aangevuld ten laste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Voor het schap zijn de benodigde overeenkomsten met het Rijk afgesloten. In 2020 is het drempelbedrag van € 250.000 niet overschreden. Zie verder het overzicht in de toelichting op de balans, onderdeel Schatkistbankieren.
33
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
EMU saldo De berekening van het EMU-saldo is op transactiebasis. Dit betekent dat de daadwerkelijke betaling van belang is. De berekeningswijze is vergelijkbaar met het kasstelsel, dat voor het Rijk van toepassing is. De decentrale overheden, waaronder de provincies, voeren echter een administratie uit op basis van het baten-lastenstelsel. Dit stelsel is voor de decentrale overheden verplicht op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten). Het EMU-saldo wordt berekend door, afhankelijk van de kasmutatie, bij het exploitatiesaldo enkele posten op te tellen of af te trekken. Om sch r i jv i n g T el l i n g Ex ploit a t iesa ldo v óór t oev oeg in g a a n c.q. on t t r ek kin g u it r eser v es A fsch r ijv in g en t lv de ex ploit a t ie
Ja a r st u kken
+/+
-5 3
+/+
1 03
Br u t o dot a t ies a a n de post v oor zien in g en t en la st e v a n de ex ploit a t ie
+/+
366
In v est er in g en in (im )m a t er iële v a st e a ct iv a die op de ba la n s w or den g ea ct iv eer d Ba t en u it bijdr a g en v a n a n der e ov er h eden , de Eu r opese Un ie en ov er ig en , die n iet op de ex ploit a t ie zijn v er a n t w oor d en n iet a l in m in der in g zijn g ebr a c h t op in v est er in g en in (im )m a ter iële v a st e a ct iv a A a n k oop v a n g r on d en u it g a v en a a n bou w -, w oon r ijp m a ken La st en op ba la n spost V oor zien in g en v oor zov er deze t r a n sa ct ies m et der den bet r effen A a n deel i n EMU-sa l do
-/-
27 3
+/+
0
-/-
0
-/-
0
143
34
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
4.4
Grondbeleid
Algemeen Het dagelijks bestuur van het recreatieschap heeft begin 2016 de nota grondbeleid vastgesteld waarin de volgende uitgangspunten centraal staan: - Grond is een middel en geen doel. - Bij en met de inzet van grond en vastgoed wordt financiële optimalisatie nagestreefd. - Met de inzet van grond wordt samenwerking met gebiedspartijen gezocht. - Hoewel het schap zelf geen grond- of opstalexploitaties voert, heeft zij in haar aanpak een actieve houding. Hierbij stuurt zij – in samenwerking met de andere gebiedspartijen – actief op programmering, kostenbeheersing en opbrengstoptimalisatie. - Het schap werkt innovatief en extern gericht, zoekt naar nieuwe verbanden en geeft waar mogelijk ruimte aan nieuwe technologieën en duurzame toepassingen. - Het schap neemt in beginsel niet risicodragend deel in gebieds- en vastgoed)ontwikkelingen en niet zelf grond- of opstalexploitaties voert. - Bij de inzet van grond en vastgoed werkt het schap transparant en marktconform.
Financieel Naast het algemene uitgangspunt van financiële optimalisatie is de inzet vooral gericht op het behoud van het huidige niveau van inkomsten in de schapsbegroting, zulks in relatie tot de met eigendom/erfpacht samenhangende kosten. Schapsspecifiek In programma 2 van de jaarrekening wordt ingegaan op de specifieke grond- en vastgoedontwikkelingen in het schap en de daarbij gerealiseerde resultaten. Daarnaar wordt verwezen. Grondpositie Grondpositie per 31 december 2020:
Oppervlakte: Totaal
31-12-2019
31-12-2020*
824 ha
826 ha
Toelichting mutatie:
Verkrijging recht van erfpacht op de zuidwestoever Oostvoornsemeer van de gemeente Westvoorne.
Deze tabel betreft de grondpositie; in het onderdeel “gebiedsbeheer” van programma 2 wordt ingegaan op het beheerareaal en eventuele mutaties hierin. Peildatum voor deze tabel is de kadastrale registratie per 31 december 2020. *Afgerond op hele getallen Deze tabel betreft de grondpositie. Hierin zijn niet meegenomen de gronden die het schap op basis van persoonlijke overeenkomsten (o.a. huur) in gebruik en onderhoud heeft. Peildatum voor deze tabel is de kadastrale registratie per 31 december 2020. 35
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
4.5
Bedrijfsvoering
De afspraken over de dienstverlening door Staatsbosbeheer aan het natuur- en recreatieschap zijn vastgelegd in de Samenwerkingsovereenkomst (SOK). De personele component van de dienstverlening door SBB blijkt uit de volgende tabel.
Productomschrijving
Beheer, onderhoud en exploitatie gebieden
Gebiedsbeheer Economisch beheer Regelgeving & handhaving Communicatie Planvorming & gebiedsontwikkeling Marketing & productontwikkeling Bestuursproducten Juridische ondersteuning & advisering Financiën
443.200 60.300 363.600 10.400
Subtotaal
877.500
Dienstverlening in uitgaven voorziening Groot Onderhoud
133.300
Totaal
Ontwikkeling
Algemene dekkingsmiddelen
Overhead
91.877 11.700 55.100
443.200 60.300 363.600 10.400 108.400 91.877 11.700 55.100
158.677
1.144.577
108.400 -
108.400
-
Totaal
133.300 1.277.877
36
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
JAARREKENING 2020
37
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
5.1
Balans per 31 december 2020
ACTIVA
31 december 2020
31 december 2019
Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met economisch nut Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut
2.940.633 252.288 2.688.345
2.770.477 302.087 2.468.390
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd < dan 1 jaar Overige vorderingen
6.294.082 285.544 5.932.796 75.742
7.203.032 360.811 6.763.732 78.489
Liquide middelen Banksaldi
167.154 167.154
250.482 250.482
Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
346.709
554.997
264.190
456.962
82.519
98.035
9.748.578
10.778.988
31 december 2020
31 december 2019
Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat
4.142.545 1.336.930 2.741.774 63.841
4.195.950 1.994.968 1.869.461 331.521
Voorzieningen Onderhoudsegalisatievoorzieningen
2.096.335 2.096.335
1.730.004 1.730.004
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Waarborgsommen Vooruitontvangen afkoopsommen erfpacht Onderhandse leningen van: - binnenlandse banken en overige financiële instellingen
2.603.836 87.703 1.036.481
2.739.695 87.703 1.009.192
1.479.652
1.642.800
236.552 236.552
144.507 144.507
669.310
1.968.832
97.377
164.565
565.293
1.799.655
6.640
4.612
9.748.578
10.778.988
Totaal
PASSIVA
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden rentetypische looptijd < 1 jaar Overige schulden Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen' voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen Totaal
38
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
5.2
Overzicht van baten en lasten 2020
Programma
Rekening 2019
Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020
Resultaat
Lasten Programma Beheer, Onderhoud en Exploitatie Programma Ontwikkelingen Algemene dekkingsmiddelen Overhead Totaal lasten
3.063.575 104.800 629 196.649 3.365.653
2.979.265 108.400 500 176.100 3.264.265
3.061.413 118.400 500 184.700 3.365.013
2.953.993 116.664 9.500 230.522 3.310.679
107.420 V 1.736 V 9.000 N 45.822 N 54.334 V
Baten Programma Beheer, Onderhoud en Exploitatie Programma Ontwikkelingen Algemene dekkingsmiddelen Overhead Totaal baten
1.045.555 2.640.905 3.686.460
1.073.280 2.203.271 3.276.551
1.073.280 2.203.271 3.276.551
1.074.243 2.205.048 3.279.292
963 V 1.777 V 2.741 V
Saldo gewone bedrijfsvoering
320.807
12.286
(88.462)
(31.387)
57.075 V
Kredieten Lasten kredieten Baten kredieten (bijdragen derden) Saldo kredieten
48.169 14.657 (33.513)
-
71.921 6.671 (65.250)
174.473 (196.491) (22.018)
246.394 V 203.162 N 43.232 V
Totaal saldo van baten en lasten
287.294
12.286
(153.712)
(53.405)
100.307 V
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo toevoegingen en ontrekkingen aan reserves
47.813 92.040 44.227
42.000 29.714 (12.286)
598.300 752.012 153.712
598.300 715.546 117.246
36.466 N 36.466 N
Gerealiseerd resultaat
331.521
-
-
63.841
63.841 V
Het overzicht van lasten en baten is als volgt opgebouwd: Reguliere lasten en baten bedrijfsvoering Dit onderdeel betreft de exploitatielasten en –baten van de structurele activiteiten. Dit zijn de jaarlijks min of meer in dezelfde vorm terugkerende activiteiten. Op basis van deze informatie kunnen meerjarige trends en ontwikkelingen worden geschetst. Diverse lasten en baten bedrijfsvoering In tegenstelling tot de reguliere lasten en baten komen deze exploitatielasten en – baten slechts incidenteel voor door de aard hiervan en/of de oorzaak. Het gaat hierbij om o.a. de effecten van periodieke herzieningen van voorzieningen, de financiële consequenties van uitspraken op beroeps- en bezwaarschriften die niet voorzien kunnen worden en terugontvangen bedragen. Deze zaken, welke niet zijn begroot, worden separaat gepresenteerd om de vergelijkbaarheid over de jaren heen eenvoudiger te maken. Kredieten De kredieten hebben betrekking op uitgaven gerelateerd aan activiteiten die zorgen voor veranderingen in de natuur- en recreatiegebieden, zoals investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte. Deze uitgaven worden gedekt vanuit bijdragen derden (subsidies, bijdragen) en/of onttrekkingen aan de algemene of bestemmingsreserves. Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Dit onderdeel omvat alle mutaties (stortingen en onttrekkingen) in de reserves. 39
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
5.3
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften, die het Besluit begroting en verantwoording (BBV) en de Wet Normering Bezoldiging Topfunctionarissen Publieke en Semipublieke sector daarvoor geven. Voor zover niet anders vermeld, worden de activa en passiva gepresenteerd in afgeronde bedragen van € 1.
Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. Het bestuur heeft een onderzoek laten uitvoeren naar mogelijke toekomstscenario’s voor het recreatieschap. Gekozen is het schap met vier deelnemers voort te zetten. De huidige waarderingsgrondslagen zijn voor 2020 gehandhaafd. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Baten en lasten worden verantwoord tot hun brutobedrag.
Balans Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de daarop verrichte lineaire afschrijvingen. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. De afschrijvingen geschieden op basis van de verkrijgings- of aanschaffingsprijs en de geschatte economische levensduur. Gronden uitgegeven in erfpacht worden gewaardeerd conform de daarvoor geldende regels in de notitie erfpacht van de BBV. De volgende richtlijnen zijn grotendeels gehanteerd voor de afschrijvingstermijnen: - gronden en terreinen geen afschrijving - bedrijfsgebouwen 25-35 jaar - grond- weg- en waterbouwkundige werken 7-35 jaar - overige materiële vaste activa 5-35 jaar
Het BBV onderscheidt de navolgende investeringen: 1. Investeringen met economisch nut 2. Investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte
40
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Investeringen met economisch nut Investeringen hebben een economisch nut wanneer ze verhandelbaar zijn en/of indien ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen. Investeringen met economisch nut boven € 25.000 worden geactiveerd. Investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk moeten m.i.v. 1 januari 2018 worden geactiveerd. De richtlijn is dat investeringen met een maatschappelijk nut boven € 25.000 worden geactiveerd. Indien investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut worden geactiveerd, vindt de afschrijving hiervan eveneens lineair plaats. Door de invoering van de nieuwe systematiek blijven verschillen bestaan in de wijze waarop mag worden afgeschreven op investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut die voor het begrotingsjaar 2018 zijn gedaan. Om inzicht te geven in het deel van de activa dat wel vergelijkbaar is qua systematiek is in het verloopoverzicht in de toelichting op de balans aangegeven welk bedrag volgens de nieuwe systematiek is verantwoord en welk deel volgens een andere systematiek. Uitzettingen met een rente typische looptijd < 1 jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen.
Liquide middelen De banksaldi worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Overlopende activa De overlopende activa (nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen) worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Eigen vermogen Dit betreft de Algemene Reserve, de bestemmingsreserves en het gerealiseerde resultaat. Voorzieningen De onderhoudsegalisatievoorzieningen zijn gebaseerd op een meerjarenraming van het uit te voeren grootonderhoud aan de kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen die is opgenomen in het jaarverslag is het beleid ter zake nader uiteengezet. De voorzieningen van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden, worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer, de netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar en de overlopende passiva Deze posten worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
41
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
5.4
Toelichting op de balans
Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut De boekwaarde van de investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut had het volgende verloop: Investeringen met een economisch nut
Boekwaarde 1-1-2020
Investeringen
Extra afschrijvingen
Afschrijvingen
Bijdrage van derden
Afwaarderingen
Afgeronde activa
Boekwaarde 31-12-2020
Bedrijfsgebouwen
162.688
0
0
15.976
0
0
0
146.712
Overige materiële activa
139.399
0
0
33.823
0
0
0
105.576
302.087
0
0
49.799
0
0
0
252.288
Investeringen met een economisch nut Van de gronden die in eigendom zijn van Recreatieschap Voorne Putten (totaal 620 ha, 87% van 709 hectaren totaal beheergebied) zijn enkele gronden uitgegeven in erfpacht, met name aan exploitanten. Dit leidt jaarlijks tot erfpachtopbrengsten. Met deze exploitanten zijn langdurige erfpachtcontracten afgesloten. In 2019 hebben geen transacties plaatsgevonden waarbij erfpachtovereenkomsten voor meerdere jaren of eeuwigdurend zijn afgekocht. Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut Gronden en Terreinen
Boekwaarde 1-1-2020
Investeringen
Extra afschrijvingen
Afschrijvingen
Bijdrage van derden
Afwaarderingen
Afgeronde activa
Boekwaarde 31-12-2020
1.064.451
0
0
0
0
0
0
1.064.451
Grond- weg- en waterbouwkundige werken
405.005
0
0
42.415
0
0
0
362.590
Overige materiële activa
73.666
0
0
10.519
0
0
0
63.147
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
0 0
29.500 235.000
29.500 235.000
925.268
2.164.685
0
0
1.891.795
0
-264.500
933.658
2.468.390
2.164.685
0
52.934
1.891.795
0
0
2.688.345
Ten laste van Afschrijvingsreserve afschrijving op basis van gewijzigde wetgeving Bedrijfsgebouwen Grond- weg- en waterbouwkundige werken activa in bewerking: Grond- weg- en waterbouwkundige werken
Activa in bewerking waarvan de bewerking is afgerond en welke in gebruik wordt genomen wordt gepresenteerd naar de categorie Grond-, weg- en waterbouwkundige werken en overige activa. Deze presentatie is te zien in kolom “afgeronde activa”. Vanaf het moment van afronding bewerking en ingebruikname vindt afschrijving plaats.
42
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan een jaar Vorderingen op openbare lichamen 2020 285.544 285.544
Debiteuren Saldo
2019 360.811 360.811
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan 1 jaar 2020 5.932.796 5.932.796
Uitzettingen in 's Rijks schatkist < 1 jaar Totaal
2019 6.763.732 6.763.732
Sinds 2014 is het schatkistbankieren van toepassing. Hieronder zijn de bedragen weergegeven die op kwartaalbasis in de schatkist zijn aangehouden en de drempel die van toepassing was. De drempel is in 2020 niet overschreden. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
250 Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
125
149
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
125
101
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
(2)
Kwartaal 4
170
124
80
126
-
-
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
3.306 3.306 -
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een Drempelbedrag minimum van €250.000
250
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
11.399
13.520
15.675
11.401
91
91
92
92
125
149
170
124
Er is geregeld dat op de bankrekening van het schap niet meer saldo kan staan dan het drempelbedrag. Dagelijks wordt het saldo bij een vooraf vastgesteld bedrag automatisch overgeboekt (afroming) naar de rekening-courant die het schap heeft bij ’s Rijks schatkist.
43
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Overige vorderingen 2020 75.742 75.742
Debiteuren Saldo
2019 78.489 78.489
Onder het saldo van de debiteuren is een post van 49.119 euro opgenomen voor oninbare geachte vorderingen (voorziening dubieuze debiteuren). Liquide middelen Banksaldi 2020 167.154 167.154
Rekening-courant bank
2019 250.482 250.482
Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Project Rijksbijdrage Natuurmonumenten SNL bosbijdrage Overige Nederlandse overheidslichamen Hygiënebestek Maasvlakte 2 Inrichting Oostvoornse Meer Kwaliteitsverbetering Ruiterpaden ZH Kwaliteitsimpuls Vaarnetwerk LT Bernisse Kwaliteitsimpuls Vaarnetwerk LT Hellevoetsluis Kwaliteitsimpuls Quackstrand LT Haringvliet Kwaliteitsimpuls Quackstrand Gem. Hellevoetsluis Kwaliteistimpuls Quackstrand LT Voorne-Putten
Totaal
Saldo 1-1-2020
Toevoegingen
Ontvangen bedragen
Saldo 31-12-2020
12.588 25.283 37.871
41.587 25.283 66.870
54.175 25.283 79.458
0 25.283 25.283
3.012 2.477 0 36.273 34.812 314.098 28.419 0 419.091
0 63.571 50.876 11.302 7.361 193.277 135.581 50.000 511.968
3.012 55.592 0 0 42.173 427.375 164.000 0 692.152
0 10.456 50.876 47.575 0 80.000 0 50.000 238.907
456.962
578.838
771.610
264.190
44
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen 2020 12.330 25.818 0 40.728 2.630 1.013 82.519
Bijdrage Kwaliteitsimpuls Quackstrand Vooruitbetaald Nog door te belasten Compensabele BTW Nog te ontvangen Ondernemers BTW
2019 65.883 7.718 228 12.297 9.344 2.565 98.035
Vaste passiva Eigen vermogen Het verloop van de reserves in 2020 wordt in het hierna volgende overzicht weergegeven. Stand per 01-01-2020 Algemene Reserve
Bestemming Toevoegingen Onttrekkingen Resultaat 2019 in 2020 in 2020
Stand per 31-12-2020
Claims na 2020
1.994.968
0
0
658.038
1.336.930
1.994.968
0
0
658.038
1.336.930
886.347 1.100 264.286 150.792 566.936 0
305.283 0 0 0 0 26.238
556.300 0 42.000 0 264.500 0
261.947 0 33.823 0 0 26.238
1.485.983 1.100 272.463 150.792 831.436 0
833.805 0 272.463 0 831.436 0
Totaal bestemmingsreserves
1.869.461
331.521
862.800
322.008
2.741.774
1.937.704
Totaal
3.864.429
331.521
862.800
980.046
4.078.704
1.947.904
Totaal Algemene reserve
10.200
Bestemmingsreserves Investeringsreserve Reserve Kwaliteitsimpuls gebieden Reserve Rotterdamse Reddingsbrigade Reserve Vervangingsinvesteringen Afschrijvingsreserve Provinciale reserve
45
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
ALGEMENE RESERVE De algemene reserve heeft als belangrijkste functie het vormen van een buffer voor financiële tegenvallers. Saldo 1 januari Bij: bestemming resultaat jaarrekening 2018 Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december Specificatie onttrekkingen: - onttrekking naar investeringsreserve, Quackstrand - onttrekking naar investeringsreserve, Bodemverontreiniging - onttrekking, resultaat 1e begrotingswijziging 2020 - onttrekking, naar investeringsreserve - onttrekking, Placemaking BE Kredieten: - Actualisatie Grondprijsbrief Totaal onttrekkingen
2020 1.994.968 0 0 658.038 1.336.930
2019 1.969.001 58.368 0 32.401 1.994.968
235.000 244.000 90.748 77.300 10.000 990 658.038
BESTEMMINGSRESERVES a) Investeringsreserve Het doel van de investeringsreserve is het dekken van de kosten van nieuwe investeringen.
Saldo 1 januari Bij: bestemming resultaat jaarrekening 2019 Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 886.347 305.283 556.300 261.947 1.485.983
Specificatie toevoegingen: - toevoeging vanuit Algemen reserve, Bodemverontreiniging - toevoeging vanuit Algemen reserve, Quackstrand - toevoeging vanuit Algemen reserve Totaal toevoegingen
244.000 235.000 77.300 556.300
Specificatie onttrekkingen: Overboeking naar reserve afschrijvingen Kredieten: - Kwaliteitsimpuls Voorne Putten - Kwaliteitsimpuls Quackstrand - Verkenning Voorne-Putten - Actual. Algemene- en legesverordening Totaal onttrekkingen
2019 916.271 0 0 29.924 886.347
238.262 -21.298 -4.250 43.495 5.738 261.947
46
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
b) Reserve Kwaliteitsimpuls gebieden Deze reserve is gevormd voor het dekken van de kosten van nieuwe ontwikkelingen. 2020 1.100 0 0 1.100
Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2019 1.100 0 0 1.100
c) Reserve Rotterdamse Reddingsbrigade Deze reserve is bestemd voor het dekken van de kosten van vervangingsinvesteringen voor de Rotterdamse Reddingsbrigade. Jaarlijks wordt hiervoor een bijdrage van € 42.000 van de gemeente Rotterdam ontvangen.
Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 264.286 42.000 33.823 272.463
Specificatie toevoegingen: - toevoeging reserve R'damse Reddingsbrigade Totaal toevoegingen
42.000 42.000
Specificatie onttrekkingen: - Afschrijvingslasten Totaal onttrekkingen
33.823 33.823
2019 252.000 42.000 29.714 264.286
d) Reserve Vervangingsinvesteringen Deze reserve is gevormd als dekking voor de toekomstige vervangingsinvesteringen. Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 150.792 0 0 150.792
2019 150.792 0 0 150.792
e) Afschrijvingsreserve Deze reserve is gevormd om de te activeren componenten af te schrijven. Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 566.936 264.500 0 831.436
Specificatie toevoegingen: - toevoeging vanuit de Investeringsreserve Totaal toevoegingen
264.500 264.500
2019 561.123 5.813 0 566.936
47
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
f) Provinciale reserve Vanuit de boekjaarsubsidie is vanuit PZH vastgesteld dat van het positieve resultaat een deel naar de reserve Provinciale gelden gaat. Saldo 1 januari Bij: bestemming resultaat Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 0 26.238 0 26.238 0
Specificatie onttrekkingen: Overboeking naar reserve afschrijvingen Totaal onttrekkingen
26.238 26.238
2019 0 0 0 0 0
GEREALISEERD RESULTAAT 2020 63.841 63.841
Gerealiseerd resultaat
2019 331.521 331.521
Voorzieningen Het verloop van de voorzieningen in 2020 wordt in het hierna volgende overzicht weergegeven. Stand per 01-01-2020
Toevoegingen Onttrekkingen in 2020 in 2020
Stand per 31-12-2020
Onderhoudsegalisatievoorzieningen
1.730.004
706.000
339.669
2.096.335
Totaal
1.730.004
706.000
339.669
2.096.335
48
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
ONDERHOUDSEGALISATIEVOORZIENINGEN Onderhoudsegalisatievoorziening Het doel van deze voorziening is het gelijkmatig verdelen van de lasten van groot onderhoud over de jaren. Hiertoe wordt jaarlijks een gelijkblijvende dotatie ten laste van de exploitatie gebracht. De werkelijke grootonderhoudskosten worden direct ten laste van de voorziening verantwoord. Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Aanwendingen Saldo 31 december
2020 1.730.004 706.000 339.669 2.096.335
Specificatie toevoegingen: - dotatie conform begroting 2020 Totaal toevoegingen
706.000 706.000
Specificatie aanwendingen: - uitgevoerde werkzaamheden GO Totaal aanwendingen
339.669 339.669
2019 1.811.699 772.205 853.900 1.730.004
Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Waarborgsommen
Boekwaarde 1 januari Vermeerderingen Aflossingen Saldo 31 december
2020 87.703 0 0 87.703
2019 89.303 0 1.600 87.703
2020 1.009.192 37.693 10.404 1.036.481
2019 1.030.000 0 20.808 1.009.192
2020 1.642.800 163.148 1.479.652
2019 1.804.616 161.816 1.642.800
Er is geen sprake van een rentelast. Vooruit ontvangen afkoopsommen erfpacht Boekwaarde 1 januari Vermeerderingen Aflossingen Saldo 31 december
Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen
Saldo per 1 januari Af: aflossingen Saldo per 31 december
De rentelasten in het boekjaar bedragen € 80.799. 49
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar Overige schulden 2020 236.552 236.552
Crediteuren Totaal
2019 144.507 144.507
Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume 2020 73.573 2.568 21.236 97.377
Nog te ontvangen facturen Ondernemer BTW Nog te betalen rente geldlening Totaal
2019 137.228 3.829 23.508 164.565
De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren De specificatie van deze balanspost is als volgt: Project
Rijksbijdage Compensatiegelden A15 Zandsuppletie Quackstrand
Overige Nederlandse overheidslichamen Hygiënebestek januari t/m april 2021 Rotterdamse Reddingsbrigade Kwaliteistimpuls Quackstrand LT Voorne-Putten Kw.impuls Quackstrand Areaal ZWD (via H'sluis)
Totaal
Saldo 1-1-2020
Ontvangen bedragen
Vrijgevallen of terugbetaalde bedragen
Saldo 31-12-2020
195.261 1.473.313 1.668.574
0 0 0
37.283 1.126.587 1.163.870
157.978 346.726 504.704
53.333 7.256
53.333 0
53.333 0
53.333 7.256
25.274 45.218 131.081
0 0 53.333
25.274 45.218 123.825
0 0 60.589
1.799.655
53.333
1.287.695
565.293
Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
Havenbedrijf Rotterdam afkoop ingroeiregeling Calandpark Vergunningen Totaal
2020 57.451 6.640 64.091
2019 0 4.612 4.612
50
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen Langlopende verplichtingen De meerjarige contracten zijn geïnventariseerd.
De belangrijkste resterende verplichtingen (> € 100.000) per eind 2020 voor dit schap zijn: * Hygiëne bestek – 252.307 euro * Samenwerkingsovereenkomst recreatieschap en Staatsbosbeheer € 1.157.700 Gebeurtenissen na balansdatum Het COVID-19 (Corona) virus heeft financiële gevolgen gehad voor de jaarrekening 2020. Voornamelijk in de debiteurenpositie, hiervoor is een voorziening getroffen in de jaarrekening 2020. Naar verwachting zal COVID19 ook in 2021 en wellicht de jaren daarna op veel beleidsterreinen van onze begroting impact hebben. Hoe groot de financiële impact zal zijn is onmogelijk te bepalen. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Onze organisatie loopt geen risico voor de continuïteit. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren.
51
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
5.5
Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2020
Programma – Beheer, onderhoud en exploitatie gebieden Programma Beheer, onderhoud en exploitatie Rekening 2019 Primitieve Begroting na Rekening 2020 gebieden begroting 2020 wijziging 2020 Lasten Inrichting, beheer en exploitatie Regelgeving & handhaving Communicatie Totaal lasten
Resultaat
2.683.903 363.600 16.073 3.063.575
2.592.065 364.400 22.800 2.979.265
2.674.213 364.400 22.800 3.061.413
2.579.993 363.600 10.400 2.953.993
94.220 V 800 V 12.400 V 107.420 V
Totaal baten
1.045.555 1.045.555
1.073.280 1.073.280
1.073.280 1.073.280
1.074.243 1.074.243
963 V 963 V
Saldo gewone bedrijfsvoering
(2.018.020)
(1.905.985)
(1.988.133)
(1.879.750)
108.383 V
6.671 6.671 -
224.696 (196.491) 28.205
231.367 V 203.162 N 28.205 V
Baten Inrichting, beheer en exploitatie Regelgeving & handhaving Communicatie
Kredieten Lasten kredieten Baten kredieten (bijdragen derden) Saldo kredieten Totaal saldo van baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo toevoegingen en ontrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat
38.767 14.657 (24.111)
-
(2.042.131)
(1.905.985)
(1.988.133)
(1.851.545)
136.588 V
47.813 59.638 11.825
42.000 29.714 (12.286)
521.000 508.714 (12.286)
521.000 487.276 (33.724)
21.438 N 21.438 N
(2.030.306)
(1.918.271)
(2.000.419)
(1.885.269)
115.150 V
Toelichting: Minder kosten: De richtlijnen naar aanleiding van Covid-19 in het 1e kwartaal van 2020, hebben geleid tot het afsluiten van gebieden en niet openen van de toiletvoorzieningen en daaruit voortvloeiende werkzaamheden in de eerste fase van de Lock down. Aanbestedingsvoordeel RO In de begroting was rekening gehouden met 160.000 aan kosten voor de Maasvlakte II, de kosten zijn echter lager uitgevallen (plus minus 40K). Zie ook de verklaring bij de baten. Meer kosten De richtlijnen naar aanleiding van Covid-19 en daaruit voortvloeiende werkzaamheden hebben tot extra kosten geleid; intensief reinigen toiletvoorzieningen en afzetten parkeerplaatsen en zetten bebording. In het eerste kwartaal is er stormschade geweest na een paar hevige stormen. Met het aanscherpen van het afvalbeleid van gemeenten is sprake van een toenemend aantal illegale stortingen in het gebied. De analyse van de gedumpte stortingen en het opruimen van gekwalificeerde stoffen, brengen extra kosten in het regulier onderhoud met zich mee. Vervanging bebording door vandalisme Pad naar de Fluisterboot in Heenvliet is gerealiseerd. Heropenen van parkeerplaats Abbenbroek. Deze parkeerplaats is eerder afgesloten als bezuinigingsmaatregel. De verrommeling en de vraag naar parkeerplaatsen op deze locatie nam toe, waarop besloten is de parkeerplaats weer te openen. 52
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
-
Realiseren afscheiding bij parkeerplaats Geuzekreek. In verband met onwenselijk parkeergedrag is nabij de Geuzenkreek een afscheiding geplaatst tussen de parkeerplaats en het fietspad.
Minder Baten De kosten voor de Maasvlakte II waren geraamd op 160.000 euro en worden volledig vergoed door de gemeente Rotterdam. De kosten zijn echter lager uitgevallen waardoor ook de vergoeding lager uitkomt. Meer baten Vestiging opstalrecht 28.600, vergoeding aanleg glasvezel 9.000 Overzicht van de incidentele baten en lasten Incidentele baten Omschrijving Vestiging opstalrecht Krabbewg/Br.Vee WSHD comp.aanl.vispaaiplaatsen BM Vergoeding glasvezelkabel SVHW teruggaaf Inzet medewerkers tbv RAPL rooien struiken en bomen Kredieten Kwaliteitsimpuls Quackstrand Kwaliteitsimpuls VP - Bernisse Kwaliteitsimpuls VP - Brielse Meer
Incidentele lasten Begroting 2020 Realisatie 2020 na wijziging Omschrijving 28.568 3.596 8.946 466 400
-221.199 14.362 10.346
Onttrekkingen aan reserves Reserve Reddingsbrigade Algemene Reserve - Bodemverontreiniging (AB 13/12/18) - Quackstrand (AB 22/11/18) Kredieten Kwaliteitsimpuls Voorne Putten Kwaliteitsimpuls Quackstrand
244.000 235.000
Totaal Saldo
330.104 33.366
33.823
Onroerendzaakbelasting
Kredieten 6.671 Kwaliteitsimpuls Quackstrand Kwaliteitsimpuls Voorne Putten
Realisatie 2020
Begroting 2020 na wijziging
434
-225.450 754
6.671
Toevoegingen aan reserves 29.714 Reserve Rotterdamse Reddingsbrigade Investeringsreserve 244.000 - Bodemverontreiniging (AB 13/12/18) 235.000 - Quackstrand (AB 22/11/18)
42.000
42.000
244.000 235.000
244.000 235.000
515.385 Totaal
296.738
527.671 12.286
-23.954 -4.250
53
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Programma – Ontwikkeling Programma Ontwikkelingen
Rekening 2019
Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020
Resultaat
Lasten Planvorming & gebiedsontwikkeling Totaal lasten
104.800 104.800
108.400 108.400
118.400 118.400
116.664 116.664
Baten Planvorming & gebiedsontwikkeling Totaal baten
-
-
-
-
(104.800)
(108.400)
(118.400)
(116.664)
1.736 V
-
-
600 (600)
990 (990)
390 N 390 N
(104.800)
(108.400)
(119.000)
(117.654)
1.346 V
-
-
10.600 10.600
10.990 10.990
390 V 390 V
(104.800)
(108.400)
(108.400)
(106.664)
1.736 V
Saldo gewone bedrijfsvoering Kredieten Lasten kredieten Baten kredieten (bijdragen derden) Saldo kredieten Totaal saldo van baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo toevoegingen en ontrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat
1.736 V 1.736 V -
Toelichting: Geen bijzonderheden Overzicht van de incidentele baten en lasten Incidentele baten Omschrijving
Incidentele lasten Begroting 2020 Realisatie 2020 na wijziging Omschrijving
Kredieten
Kredieten Actualisatie Grondprijsbrief
Onttrekkingen aan reserves Algemene Reserve - Traject Placemaking - Actualisatie grondprijsbrief
Toevoegingen aan reserves 10.000 990
10.000 600
Totaal Saldo
10.990 10.000
10.600 Totaal 10.000
Realisatie 2020
Begroting 2020 na wijziging
990
600
990
600
54
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen
Rekening 2019
Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020
Resultaat
Lasten Deelnemersbijdrage Overige structurele lasten Totaal lasten
629 629
500 500
500 500
9.500 9.500
9.000 N 9.000 N
Baten Deelnemersbijdrage Overige structurele baten Totaal baten
1.191.231 1.449.674 2.640.905
1.078.022 1.125.249 2.203.271
1.078.022 1.125.249 2.203.271
1.078.022 1.127.026 2.205.048
1.777 V 1.777 V
Saldo gewone bedrijfsvoering
2.640.276
2.202.771
2.202.771
2.195.549
7.222 N
Kredieten Lasten kredieten Baten kredieten (bijdragen derden) Saldo kredieten
-
Totaal saldo van baten en lasten
-
2.640.276
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo toevoegingen en ontrekkingen aan reserves
Gerealiseerd resultaat
2.202.771
-
-
2.202.771
-
2.202.771
2.195.549
7.222 N
90.748 90.748
90.748 90.748
-
2.293.519
2.286.297
7.222 N
-
2.640.276
-
Toelichting: Een vordering die nog op de balans stond i.v.m. de Landtong Rozenburg was onterecht en is afgeboekt. Overzicht van de incidentele baten en lasten Incidentele baten Omschrijving
Incidentele lasten Begroting 2020 Realisatie 2020 na wijziging Omschrijving
Afw.verschil Kw.Imp.Bernisse Overige baten
1.774 3
corr.bijdr.R'dam ivm Landtong R'burg diversen afboekingen
Onttrekkingen aan reserves - Algemene reserve
90.748
Toevoegingen aan reserves 90.748 -
Totaal Saldo
92.525 83.196
90.748 Totaal 90.748
Realisatie 2020
Begroting 2020 na wijziging
9.223 106
9.329
0
55
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Overhead Overhead
Rekening 2019
Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020
Resultaat
Lasten Bestuurlijke aangelegenheden Totaal lasten
196.649 196.649
176.100 176.100
184.700 184.700
230.522 230.522
Baten Bestuurlijke aangelegenheden Totaal baten
-
-
-
-
Saldo gewone bedrijfsvoering
(196.649)
(176.100)
(184.700)
(230.522)
45.822 N
9.402 (9.402)
-
64.650 (64.650)
49.233 (49.233)
15.418 V 15.418 V
(206.051)
(176.100)
(249.350)
(279.755)
30.405 N
32.402 32.402
-
77.300 141.950 64.650
77.300 126.533 49.233
15.418 N 15.418 N
(173.649)
(176.100)
(184.700)
(230.522)
45.822 N
Kredieten Lasten kredieten Baten kredieten (bijdragen derden) Saldo kredieten Totaal saldo van baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo toevoegingen en ontrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat
45.822 N 45.822 N -
Toelichting: In het AB van december is akkoord gegeven voor een hogere uitgave op de bestuursproducten. Echter is deze bestuurlijke goedkeuring niet vastgelegd in een formele begrotingswijziging, waardoor een negatief resultaat op de bestuursproducten is gerealiseerd. Overzicht van de incidentele baten en lasten Incidentele baten Omschrijving
Incidentele lasten Begroting 2020 Realisatie 2020 na wijziging Omschrijving
Realisatie 2020
Begroting 2020 na wijziging
Kredieten Verkenning Voorne-Putten - Actual. Algemene- en legesverordening
43.495 5.738
54.150 10.500
77.300
Toevoegingen aan reserves Investeringsreserve 77.300 - verkenning kansen en ambities (AB13/12/19)
77.300
77.300
43.495 5.738
54.150 10.500
126.533
141.950 Totaal
126.533
141.950
Kredieten -
Onttrekkingen aan reserves Algemene Reserve - Verkenning kansen en ambities Investeringsreserve - Verkenning kansen en ambities - Actual. Algemene- en legesverordening Totaal Saldo
56
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Overzicht van de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Toevoegingen reserves
Omschrijving programma
Raming mutaties reserves begrotingsjaar na wijziging Lasten Waarvan (toevoeging structureel reserve)
Programma Beheer, onderhoud en exploitatie Programma Ontwikkeling Algemene dekkingsmiddelen Programma Overhead
521.000 0 0 77.300
Totaal
598.300
Onttrekkingen reserves
Omschrijving programma
Realisatie mutaties reserves begrotingsjaar Lasten Waarvan (toevoeging structureel reserve) 521.000 0 0 77.300 0
Raming mutaties reserves begrotingsjaar na wijziging Baten Waarvan (onttrekking structureel reserve)
598.300
0
Realisatie mutaties reserves begrotingsjaar Baten Waarvan (onttrekking structureel reserve)
Programma Beheer, onderhoud en exploitatie Programma Ontwikkeling Algemene dekkingsmiddelen Programma Overhead
508.714 10.600 90.748 141.950
29.700
484.619 10.990 90.748 126.533
29.700
Totaal
752.012
29.700
712.890
29.700
57
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT)
Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semi publieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de op Staatsbosbeheer van toepassing zijnde regelgeving. In 2020 is op basis van de afgesloten dienstverleningsovereenkomsten en mandaatregeling, dhr. Thijsen, directeur Staatsbosbeheer, topfunctionaris volgens de WNT. Hij is in loondienst bij Staatsbosbeheer. De in onderstaande tabellen opgenomen bezoldigingen (kosten) zijn niet als zodanig in rekening gebracht bij het Natuur- en Recreatieschap. De inzet (dienstverlening) valt namelijk onder de samenwerkingsovereenkomst met het Natuur- en Recreatieschap en de hiermee samenhangende kosten zijn conform de begroting 2020 in rekening gebracht bij het Natuur- en Recreatieschap (fixedprice). Het bezoldigingsmaximum in 2020 is € 201.000. Dit geldt naar rato van de duur en/of omvang van het dienstverband.
58
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
1a. Leidinggevende topfunctionaris met dienstbetrekking: Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking
Op de bezoldiging van de heer S. Thijsen is het overgangsrecht op basis van artikel 7.3 WNT van toepassing. Daarin is opgenomen dat vanaf 01 januari 2019 een stapsgewijze afbouw zal plaatsvinden tot maximaal 100 % van het bezoldigingsmaximum op 1 januari 2022. Behalve de heer S. Thijsen zijn er geen topfunctionarissen conform de WNT met dienstbetrekking die in 2020 een bezoldiging boven het individuele WNT-maximum hebben ontvangen. Er zijn in 2020 geen ontslaguitkeringen betaald aan overige functionarissen die op grond van de WNT dienen te worden vermeld, of die in eerdere jaren op grond van de WOPT (Wet openbaarmaking uit publieke middelen gefinancierde topinkomens) of de WNT vermeld zijn of hadden moeten worden.
59
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
1b. Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder Naam topfunctionaris functie(s) De heer R.M. van der Kooi De heer H. de Graad De heer A.J. Spoon De heer M. Hamerslag De heer H.S.A. Abrahams De heer P. Schop De heer J.W. Mijnans De heer W.A. Sjoukes De heer G.G.J. Rensen De heer L. Soeterboek Mevr. L. van der Pol De heer T.I. Fransman
voorzitter lid Dagelijks Bestuur lid Dagelijks Bestuur lid Dagelijks Bestuur lid Algemeen Bestuur lid Algemeen Bestuur lid Algemeen Bestuur lid Algemeen Bestuur plv. lid Algemeen Bestuur Plv. lid Algemeen Bestuur plv. lid Algemeen Bestuur plv. lid Algemeen Bestuur
duur van het dienstverband 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020 01/01/2020-31/12/2020
In de kolom “duur van het dienstverband” is de duur van het bestuurslidmaatschap vermeld. In de kolom "duur van het dienstverband" is de duur van het bestuurslidmaatschap vermeld. De genoemde vergoedingen zijn over 2020 nihil en liggen dus onder de daarvoor gestelde wettelijke grens van € 201.000.
60
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
Samenstelling van het bestuur in het verslagjaar Onderstaande tabellen geven een overzicht van de leden van het Dagelijks Bestuur en de leden van het Algemeen bestuur van het recreatieschap Voorne-Putten op 31 december 2020 Leden Dagelijks Bestuur Gemeente Brielle
Naam Dhr. R.M. van der Kooi (Voorzitter)
Westvoorne
Dhr. H.A. de Graad
Nissewaard
Dhr. M. Hamerslag
Hellevoetssluis
Dhr. A.J. Spoon
Nevenfuncties
Leden Algemeen Bestuur Gemeente Brielle
Naam Dhr. H.S.A. Abrahams
Nissewaard
Dhr. J.W. Mijnans
Westvoorne
Dhr. W.A. Sjoukes
Hellevoetssluis
Dhr. P. Schop
Nevenfuncties
61
Jaarstukken 2020 |Jaarrekening
5.6
Bijlage taakvelden
Verdeling taakvelden
lasten 2020
baten 2020
saldo 2020
- Overhead - Treasury - Overige baten en lasten - Openbaar groen en (openlucht) recreatie
230.522 9.500 598.300 2.896.185
715.546 2.004.779
230.5229.500117.246 891.406-
0.11 - Resultaat van de rekening baten en lasten
-
1.078.022
1.078.022
3.734.506
3.798.347
63.841
0.4 0.5 0.8 5.7
Totaaltelling lasten en baten
62