Gespreksverslag (additioneel gesprek) informateur met GroenLinks-PvdA
Tekst van het document
Samenvattend verslag coalitiebesprekingen 2026 Additioneel gesprek van de informateur met GroenLinks-PvdA
Datum en tijdstip
:
28 maart 2026, 12:00 uur
Plaats
:
Raadzaal, Stadhuis Wageningen
Gespreksleider
:
Selçuk Akinci
Procesadviseur
:
Gerald Gnodde (Griffier)
Verslaglegging
:
Hanna Verhoeven
Vertegenwoordigers :
Rosanne Groot en Jan Daenen
Opening De informateur deelt zijn conclusie dat alle partijen in de verkennende gesprekken hebben aangegeven dat het wenselijk is dat GroenLinks-PvdA zal deelnemen aan het nieuwe college. Afgelopen donderdag is landelijk bekend geworden dat de nieuwe naam van GroenLinks-PvdA ‘PRO’ is. Deze naam wordt nog niet gehanteerd in Wageningen. Gespreksonderwerpen Aan de hand van een aantal onderwerpen die vooraf zijn gedeeld wordt het gesprek gevoerd: Persoonlijke verhoudingen In de afgelopen gesprekken is aan de orde gekomen dat tussen leden van Stadspartij en GroenLinks-PvdA wat kou uit de lucht genomen moest worden. Welke stappen zijn ondernomen? Vrijdagochtend, 27 maart, is er een goed gesprek geweest. De spanning is uit de lucht genomen. De spanning die ontstaan is in de raadsvergadering van 12 mei, was het enige onderwerp van gesprek. Omdat over persoonlijke verhoudingen werd gesproken vond het gesprek niet in een openbare setting plaats. Aanwezig bij het gesprek waren namens de Stadspartij: Ingrid Hijman, Rien Bor en Henk van de Beek en namens GroenLinks Tutku Yüksel en Rosanne Groot. Welk resultaat heeft dat opgeleverd? De kou is uit de lucht. Reflectie op de gesprekken Welke punten neemt GroenLinks-PvdA mee uit de gesprekken met andere partijen? Mooi om te zien hoe de gesprekken in de openbaarheid gaan in Wageningen. Dit is nieuw voor Jan Daenen, maar bevalt hem goed.
Algemeen beeld is nogal gemengd. Wel duidelijke lijnen die GroenLinks-PvdA kan onderschrijven: recht doen aan verkiezingsuitslag; de bestuurssamenstelling moet een goede representatie van de stad zijn, zorg over versnippering in de raad (vijf kleine partijen). Ook tegenstrijdigheden gehoord: Dat in het college niet te veel kiezers mogen worden vertegenwoordigd (te groot machtsblok) maar een brede representatie ook weer wel gewenst is. Ook is aangegeven dat de afspraken niet te veel moeten worden dichtgetimmerd, maar een coalitie met grote politieke verschillen ook gewenst is. Er wordt door een aantal partijen om een raadsakkoord gevraagd (verschillende definities gehanteerd). Daarnaast wordt er ook een frictie gezien tussen de wens om een raadsakkoord te sluiten en het
feit dat daar dan de drie grote drie partijen ook aan meedoen en dus een machtsblok kunnen vormen. Conclusie van GroenLinks-PvdA: het is ingewikkeld om aan alle wensen te voldoen, ze hebben zeker wel alle wensen gehoord. De optie voor een coalitie met de drie grote partijen ligt voor GroenLinks-PvdA wel op tafel. Bij een coalitie met de drie grote partijen, heb je immers een groot draagvlak onder de kiezers, wat goed is in de roerige tijden die er mogelijk aan komen. De genoemde basisvarianten hebben misschien wel een meerderheid, maar wel een relatief kleine. GroenLinks-PvdA geeft aan dat je juist bij een brede coalitie op hoofdlijnen kunt blijven, waardoor je juist meer ruimte voor debat in de raad hebt. Andere partijen zien dit juist anders. De onderliggende zorg heeft GroenLinks-PvdA ook meegekregen, dat de kleine partijen niet gehoord worden. GroenLinks-PvdA wil juist de kleine partijen de ruimte geven. Bij een afspiegelingsvariant wordt er volgens GroenLinks-PvdA meer ruimte op de inhoud gegeven. Het gaat hier om macht en tegenmacht. De informateur constateert dat de tegenmacht (kleine oppositie) zich te weinig in positie voelt staan om bij moeilijke dossiers tegenkracht te geven.
GroenLinks-PvdA geeft aan de koppeling tussen brede meerderheid en inperking tegenmacht te begrijpen, maar stelt dat deze koppeling berust op een aantal aannames die niet per definitie waar zijn. Voor GroenLinksPvdA is het zoeken naar de balans, belangrijk dat de tegenmacht sterk genoeg is. Een optie voor GroenLinks-PvdA zou zijn zorgen voor een coalitieakkoord op hoofdlijnen en daarmee het speelveld zo breed mogelijk maken voor de raad. Verkenning basisvarianten Er kan een coalitie gevormd worden op basis van maximale programmatische overeenstemming (GroenLinks-PvdA en D66) of op basis van samenwerken tussen een bredere diversiteit aan politieke stromingen (GroenLinks-PvdA en Stadspartij). De voor- en nadelen van deze opties worden nader verkend aan de hand van een aantal thema’s. 1. Bestuurlijke stabiliteit GroenLinks-PvdA en D66 Het is bestuurlijk stabiel geweest de afgelopen jaren. We hebben elkaar als coalitiepartijen vrij gelaten in de raad. Soms wisten we niet wat D66 zou stemmen met moties en amendementen, soms onvoorspelbaar wat ze zouden stemmen. GroenLinks-PvdA en Stadspartij Over bepaalde onderwerpen verschillen we van mening. Daarover moeten we afspraken maken. Belangrijk richting de stad om samen verbindend op te treden.
Onderwerpen waar afspraken over gemaakt moeten worden: Financiën; landelijke ontwikkelingen; mobiliteit en de groene stad; duurzame energie en windmolens en het Diversiteit Inclusie en Gelijkwaardigheidbeleid. GroenLinks-PvdA heeft er vertrouwen in dat over deze onderwerpen met de Stadspartij afspraken te maken zijn. Ze zien een positief-constructieve beweging bij de Stadspartij. 2. Slagkracht en uitvoeringskracht Dit onderwerp zal volgens GroenLinks-PvdA bij beide bestuursvarianten goed gaan. GroenLinks-PvdA en D66: De afgelopen acht jaar laten zien dat het kan. Bij D66 is wel een gesprekspunt: snelheid woningbouw. Lastig waar de participatie heengaat zoals D66 dat heeft benoemd in het gesprek met de informateur. Wat hebben de participatiewensen van D66 voor invloed op de slagkracht? Vorige periode geen participatievisie. De raad heeft gevraagd om een visie, aan het einde van de periode is deze behandeld. Deze mist nog een aantal elementen. Hierover zijn in de afgelopen periode veel gesprekken gevoerd. Daarom niet helemaal duidelijk wat D66 wil. Hoeveel extra wil D66 gaan doen? GroenLinks-PvdA en Stadspartij Uitdagingen voor het bestuur groot, keuzes moeten worden gemaakt. Wageningen bokst boven zijn gewichtsklasse. Wat geven we prioriteit, bijvoorbeeld in de fysieke leefomgeving? Keuzes maken is voor elke partij lastig en dus ook voor elke combinatie. 3.
Representativiteit en herkenbaarheid GroenLinks-PvdA en D66 In de gesprekken worden de partijen GroenLinks-PvdA en D66 op één hoop gegooid. Partijen spreken wel degelijk verschillende groepen kiezers aan. De winst van D66 houdt ook verband met het verlies van de VVD. De partijen GroenLinks-PvdA en D66 spreken zeker andere groepen kiezers aan, hoewel ze mogelijk wel wat meer op elkaar lijken in vergelijking met de Stadspartij. GroenLinks-PvdA en Stadspartij Analyse stemgedrag verschillende stembureaus. Representativiteit zit in deze variant goed. Verschil tussen de kiezersgroepen is tussen GroenLinks-PvdA en Stadspartij wat groter. Vooral studenten hebben gestemd op GL-PvdA en PvdD. En de Stadspartij vertegenwoordigt vooral
andere groepen, de geboren Wageningers ‘de Woageningers’. 4. Democratisch vertrouwen GroenLinks-PvdA en D66 Derde keer op een rij als voor deze combinatie wordt gekozen. Dat wordt een voortzetting van wat we aan het doen zijn. Risico dat de scherpte en vernieuwing ontbreekt in deze combinatie. Kiezer die voor verandering heeft gekozen kan in dit geval teleurgesteld raken of afhaken. GroenLinks-PvdA en Stadspartij Als je bruggen wilt slaan tussen verschillende kiezersstromen is dit een voor de hand liggende keuze. Er is echter ook een grote groep kiezers die niet heeft gestemd, daar moeten we ook oog voor houden. Deze combinatie zou verfrissend zijn. Weging van de vier thema’s Alle thema’s zijn belangrijk. GroenLinks-PvdA geeft aan dat slagkracht belangrijk is gezien alle uitdagingen die op de gemeente afkomen, representativiteit en democratisch vertrouwen vinden zij ook belangrijk, net zoals alle andere partijen. Bestuurlijke stabiliteit is ook belangrijk. Dit is zeker relevant ook gezien het ravijnjaar dat er aan komt en de internationale situatie die financiële gevolgen kan hebben voor Wageningen. Afspraken maken als het lastig wordt: de afgelopen vier jaar zijn onder meer deze afspraken gemaakt: Budget volgt beleid en niet direct bij een signaal uit Den Haag meteen bezuinigen (zoals Veenendaal heeft gedaan).
Als iets onvoorziens komt, hoe gaan we dan keuzes maken? Op basis van welke waarden en welk proces? Leiderschap In de verschillende gesprekken is ook aan de orde gekomen welke ruimte er is voor de kleinere stromingen in de raad. Welke verantwoordelijkheid ziet GroenLinks-PvdA voor zichtzelf weggelegd om die ruimte te beschermen en hoe wil de partij hier invulling aan geven? Met betrekking tot de ruimte voor de kleinere partijen in de raad kwam de intentie van GroenLinks-PvdA en de beleving van de andere partijen niet helemaal overeen de afgelopen vier jaren. De afgelopen periode heeft GroenLinks juist als grootste partij geprobeerd rekening te houden met de andere partijen. Vorige periode heeft de raad niet veel initiatief genomen, voorstellen kwamen vooral van het college, waarop als raad is gereageerd. De periode daarvoor is gewerkt met A-dossiers. De raad was als eerste aanzet en maakte zelf een startnotitie. Het college ging er daarna mee aan de slag. Voor kleinere fracties is werken met A-dossiers moeilijk te managen omdat het heel veel tijd vraagt. We moeten lessen trekken uit het verleden. Laten we geen A-dossiers doen, maar wel bepaalde onderwerpen uitgebreid door de raad laten behandelen. Door de raad deze onderwerpen aan de voorkant meer aandacht geven, zowel in gesprek met de stad als in de raad. Deze onderwerpen opnemen in een raadsagenda.
Er is in de verkennende gespreken met alle partijen gesproken over een coalitieakkoord en/of raadsakkoord. Er zijn veel verschillende varianten van raadsakkoorden genoemd. Het gaat om de raad goed in positie te brengen, daar is een raadsagenda een goed middel voor zijn. Vraag aan de kleinere partijen, kunnen jullie met een raadsagenda uit de voeten? De informateur neemt dit mogelijk mee in zijn advies. Bij een coalitie van de drie grote partijen is sprake van een groot machtsblok, dat vraagt veel zelfdiscipline om een akkoord op hooflijnen op te stellen. Dat is wel nodig om ruimte voor een raadsagenda en debat in de raad te hebben. Juist een brede meerderheid, met een coalitieakkoord op hoofdlijnen en raadsagenda kan dus ruimte geven om afwijkend te stemmen, dan kan je als kleine partijen makkelijker meerderheden zoeken.
Slot opmerking Veel partijen geven aan dat het goed is voor de balans als er een derde kleine partij kan aansluiten. GroenLinks-PvdA wil hiermee aangeven dat zij dit gehoord hebben. De informateur vindt het nu nog niet het moment om te spreken over welke partij zou kunnen aansluiten. Dit komt aan de orde bij het volgende gesprek met alle partijen. Dit gesprek vindt plaats donderdag 2 april, om 19.30 uur in het stadhuis.