Conceptjaarstukken 2021 Hecht
Tekst van het document
Impact niet merkbaar (1)
klein (2)
gemiddeld (3)
wekelijks (4)
5
6
maandelijks (3)
1, 2, 3, 10
groot (4)
Kans
dagelijks (5)
jaarlijks (2)
8, 9
> jaarlijks (1)
23
4, 7
desastreus (5)
Specificatie van de risico’s en beheersmaatregelen Belangrijkste risico’s Nr. Risico's
1
* 1.000
Totaal
Toelichting
Maatregelen
Bestuurlijk
€
Uitkomsten Hecht24.
Niet alle besparingen zullen worden gerealiseerd.
€ 2.630
150 Managen van de projecten en door het niet te optisch ramen van de kosten en opbrengsten worden mogelijke tegenvallers beperkt.
Primaire taken
€
2
Verlies aanvullende opdrachten.
Door verlies van opdrachten is er geen continuïteit op bepaalde onderdelen. Afbouw van onderdelen kost geld.
Volgen ontwikkelingen en opvangen van grootste schommelingen met flexibele schil.
3
Onjuiste registratie leidt tot omzet verlies en mogelijk imago schade.
Door onjuist gebruik van systemen of onjuiste vastlegging in de systemen is er geen volledigheid in de registratie en de ingebouwde interne controles werken onvoldoende.
Continu proces van verbetering inrichting en instructie, gericht op standaard gebruik.
4
Uitgestelde zorg leidt op een bepaald moment tot te grote druk.
830
Door gebrek aan capaciteit maar ook doordat door uitstel van de vraag de problemen groter zijn geworden.
Interne controles moeten problemen en impact zichtbaar maken en leiden tot betere sturingsmechanismen. Scenarioplanning en op de hoogte blijven van de ontwikkelingen bij de verschillende gemeenten.
Informatiemanagement
€
5
Digitalisering leidt tot aanpassingen problemen bij medewerkers.
Voortdurende ontwikkeling en veranderingen van de systemen en de digitalisering van hele processen leidt tot problemen bij bepaalde medewerkers.
Opleidingen en continue ondersteuning aanpassen op deze groep medewerkers.
6
Onvoldoende beveiligde systemen (cyber security).
Door de bekendheid van de organisatie is er een groot risico op (bewust of onbewust) ongewenste toegang tot de systemen wat leidt tot grote extra reparatie uitgaven.
Zorgdragen dat alle systemen upto-date zijn en er uitwijkmogelijkheden zijn bij calamiteiten.
7
Data lekken GGD en ICAMclaim
de overheid heeft een claim ontvangen t.a.v. schade door dataregistratie voor alle NL. inclusief WOB verzoek
VWS en GGD NL werken samen om de claim af te wenden; dit gaat mogelijk veel geld kosten aan juristen en advocaten.
Financiën
€
Afwijkingen tussen de begroting en realisatie leidt tot grote (negatieve) resultaten.
Door verschillende factoren kan de realisatie afwijken wat leidt tot grote negatieve resultaten.
Deels door sturing en wendbaarheid, deels accepteren en aanhouden van een financiële buffer.
Stijging personeelskosten hoger dan de index in de begroting.
De vaststelling van de index op de begroting van een jaar is ver voor dat jaar vastgesteld. Afwijking in de realisatie kan leiden tot grote structurele verliezen door verkeerde inschattingen.
Aanvullende financieringsafspraken of oplossen uit reserve.
Vaste kosten organisatie betaald uit variabele subsidie opbrengsten
Een belangrijk deel van de vaste kosten van de organisatie (overhead) wordt bekostigd uit de opbrengsten voor aanvullende subsidies. De wettelijke taken van de GGD zijn hierdoor relatief goedkoop.
Door wegvallen van aanvullende omzet ontstaan er frictiekosten of worden door de toegenomen overheadkosten de tarieven hoger voor de deelnemers.
Totaal
€
8
9
10
650
1.000
2.630
24
3.8.2
Kengetallen
De kengetallen geven een indicatie van de financiële gezondheid van de organisatie. In onderstaande tabel zijn de voorgeschreven kengetallen gepresenteerd en vervolgens verder toegelicht.
2021
2021
2021
2020
2020
2020
GGD/GHOR/ZVH
RAV
HECHT GGD/GHOR
RAV
RDOG
Solvabiliteitsratio
10,41%
7,11%
14,12%
22,20%
9,80%
14,20%
Netto Schuldquote
0,74%
35,57%
13,22%
0,50%
36,70%
11,80%
Structurele exploitatieruimte
1,60%
1,76%
1,60%
5,60%
4,20%
5,60%
Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de organisatie in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Als signaalwaarde voor de solvabiliteitsratio geldt een percentage van 20%. De solvabiliteitsratio is iets gedaald van 14,2% naar 14,1%. Dit ligt nagenoeg op het niveau van vorig jaar. Met dit percentage kan de financiële positie van Hecht als enigszins kwetsbaar worden aangemerkt. Netto schuldquote Investeringen worden niet betaald met reserves maar met geld. Als dat niet op de bank staat, dan moet dat worden geleend. Daarmee stijgt de schuld. Als signaalwaarde voor de netto schuldquote geldt: als de netto schuld groter is dan 130% van de inkomsten, is er sprake van een erg hoge schuld. Het licht staat dan op rood. Maar al bij een netto schuld die 100% van de inkomsten te boven gaat, springt het licht op oranje. De netto schuldquote van Hecht is gestegen van 11,88 naar 13,22%. Dat is toereikend om aan de schuldverplichtingen te voldoen. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de jaarrekening is, afgezet tegen de inkomsten.
Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. De structurele ontwikkelingen zijn meegenomen in de begrotingswijzigingen 2019-2020 en de meerjarenbegroting 2021-2023. De structurele lasten van de begroting en meerjarenraming zijn gedekt door structurele baten. De structurele baten van Hecht zijn in 2021 groter dan de structurele lasten. De structurele exploitatieruimte is 1,60% positief door een andere baten-lasten verhouding. De structurele ontwikkelingen zijn meegenomen in de begrotingswijzigingen en de meerjarenbegroting. De structurele lasten van de begroting en meerjarenraming zijn gedekt door structurele baten. Het structurele resultaat is toegelicht in paragraaf 4.6.7.
3.8.3
Financiering
Algemeen In 2018 heeft het Algemeen Bestuur van Hecht een geactualiseerd Treasurystatuut vastgesteld. Dit treasurystatuut regelt de verantwoordelijkheden en randvoorwaarden voor het aangaan, garanderen en verstrekken van geldleningen. Het treasurystatuut verbiedt het gebruik van financiële derivaten. Hecht beschikt over reserves om schommelingen in de exploitatie en markttaken te kunnen opvangen. Financiering Het programma GGD wordt voor het basispakket gefinancierd door de deelnemende gemeenten naar rato van hun inwonertal. De aanvullende diensten zijn gefinancierd op basis van door het Algemeen Bestuur vastgestelde tarieven of op basis van met deze afnemers gesloten overeenkomsten. Geplande investeringen worden gefinancierd uit de beschikbare liquide middelen. De financiering van het programma GHOR geschiedt sinds 1 januari 2014 door de deelnemende gemeenten van Hecht. Geplande investeringen worden gefinancierd uit de beschikbare liquide middelen. 25
De zorgverzekeraars financieren het programma RAV op basis van contractafspraken. Saldo financieringsfunctie De specificatie van het saldo van de financieringsfunctie is opgenomen in onderstaande tabel. * € 1.000
2021
2020
Afschrijvingen
3.221
3.218
Rente langlopende schulden
280
383
Rente kortlopende schulden
3
5
Totaal lasten
3.504
3.606
Doorberekende afschrijvingen
3.221
3.218
278
386
4
2
3.504
3.606
0
0
Doorberekende rente Ontvangen rente Totaal baten Saldo financieringsfunctie
Kasgeldlimiet Artikel 4 van de Wet financiering decentrale overheden bepaalt dat gelijktijdig met het jaarverslag gerapporteerd dient te worden over de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. De toegestane kasgeldlimiet is 8,2% van de grondslag, te weten het totaal van de lasten van de laatste begrotingswijziging, zijnde € 173.204k x 8,2% = € 14.203k. € 1.000 Omvang vlottende korte schuld
1e kwartaal
2e kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal
1.102
179
1.884
0
Vlottende middelen
12.567
6.459
18.245
25.193
Totaal netto vlottend overschot
11.465
6.280
16.361
25.193
Toegestane kasgeldlimiet
14.203
14.203
14.203
14.203
Ruimte
25.668
20.483
30.564
39.396
Renterisico De renterisiconorm wordt niet overschreden. Het renterisico is nihil. Er zijn geen gelden uitgezet voor langer dan een jaar. Het pand aan de Parmentierweg te Leiden is in 2003 gefinancierd met een 20-jarige lineaire lening van de BNG Bank. De rentevaste periode voor de financiering is gelijk aan de aflossingsperiode. In 2011 zijn twee 50-jarige leningen afgesloten voor de financiering van de nieuwbouw van de RAV in Leiden en Gouda. De rentevaste periode voor beide geldleningen bedraagt 25 jaar, met een rentewijziging in 2037. De eerste aflossing van beide leningen was in januari 2013. Medio 2012 is een aanvullende 49,5-jarige lening afgesloten voor de RAV. De aflossingen en rentevaste periode daarvan lopen synchroon met de beide 50-jarige leningen. De rente van deze drie leningen wordt volledig vergoed door de zorgverzekeraars. Voor de aanschaf van ambulances is in 2019 een financial leaseovereenkomst afgesloten met de ING Bank. De rente bedraagt 1,25% en wordt volledig vergoed door de zorgverzekeraars.
26
3.8.4
Onderhoud kapitaalgoederen
Huisvesting Eind 2021 is er verder invulling gegeven aan het Strategisch Huisvestingsplan. De keuzes uit dit plan zullen op verschillende meerjarenplannen zichtbaar worden.
3.8.5
Bedrijfsvoering
Herinrichting ERP-systeem In 2020 is gestart met de herinrichting van het ERP-systeem, dit systeem is op 1 januari 2021 live gegaan. De ontwikkeling is onderdeel van het programma Hecht24. Programma Hecht24 Hecht24 (eerder RDOG2024) is een programma gericht op een vereiste organisatieontwikkeling binnen Hecht, en de samenwerking met haar doelgroepen, opdrachtgevers en ketenpartners. De ambitie van Hecht24 is om Hecht dusdanig te versterken dat er in 2024 een wendbare, moderne en klantgerichte organisatie staat. Hecht wordt gefinancierd door middel van een door de deelnemende gemeenten goedgekeurde businesscase. In de begroting 2022 is rekening gehouden met een structurele verlaging van de kosten van € 718k (incidentele bijdrage 2020). . Vennootschapsbelasting Hecht heeft haar vennootschapsbelasting (vpb) positie fiscaal getoetst. Op grond van deze toetsing door een fiscalist concludeert Hecht dat de activiteiten niet leiden tot vpb-plicht respectievelijk tot heffing van vpb. De Belastingdienst is op basis van de fiscale toetsing en de beoordeling van vpb-plicht gevraagd te bevestigen dat Hecht bij ongewijzigde omstandigheden vanaf 2016 niet zal zijn onderworpen aan de heffing van vpb. Hierop heeft de Belastingdienst in haar schriftelijke reactie aangegeven dat zij niet kan bevestigen dat Hecht met ingang van 1 januari 2016 niet vennootschapsbelastingplichtig is.
De reactie van de Belastingdienst geeft geen aanleiding om de analyse en conclusie van de fiscale toetsing bij te stellen waar het de handelwijze met betrekking tot de beoordeling van vpb-plicht betreft. Indien Hecht wel onderworpen zou zijn aan vpb-heffing, dan ontstaat overigens een aanzienlijke post te verrekenen verliezen, waardoor van feitelijke betaling van vpb in de komende jaren naar verwachting geen sprake zal zijn. Het financiële risico wordt voor de komende jaren op nihil geschat.
3.8.6
Rechtmatigheid
Relevante wet- en regelgeving De jaarstukken van Hecht zijn opgesteld onder het regime van verschillende door het Algemeen Bestuur vastgestelde verordeningen, waaronder de controleverordening, het bijbehorende programma van eisen accountantscontrole en het normenkader rechtmatigheid. In het normenkader is de relevante wet- en regelgeving in het kader van de rechtmatigheid opgenomen, alsmede de goedkeurings- en rapportagetoleranties. In de Financiële verordening RDOG Hollands Midden wordt een adequate administratieve organisatie en verbijzonderde interne controle voorgeschreven. Analyse van de begrotingsrechtmatigheid In de jaarverantwoording zijn de volgende niet begrote lasten opgenomen. Voor een specificatie, zie paragraaf 4.5.1, 4.5.3 en 4.5.4. De overschrijding is het verschil tussen de realisatie en de begroting na wijziging. In de tabel is een onderschrijding aangegeven met een positief bedrag, een overschrijding met een negatief bedrag.
27
2021 excl. overhead
2021 incl. overhead
2020 excl. overhead
2020 incl. overhead
Lasten programma GGD
2.076
654
18.839
15.178
Lasten programma ZVH
-109
-652
Lasten programma GHOR
331
169
87
65
Lasten programma RAV
899
-167
-347
-368
-3.704
-
14.875
14.875
€1.000
Lasten Overhead
-3.195
Totaal
3
3
Onder- en overschrijdingen zijn stelselmatig gemeld in de rapportages aan het Algemeen Bestuur. Bij de 2 e bestuursrapportage 2021 is een 1e begrotingswijziging 2021 ingediend. Het Algemeen Bestuur heeft met deze rapportage en begrotingswijziging ingestemd met de onder- en overschrijdingen van de drie programma’s. In het Algemeen Bestuur van 8 december 2021 heeft het bestuur ingestemd met afwijkingen realisatie ten opzichte van de inschatting van corona werkzaamheden in 2021 en bijbehorende kosten. De overschrijdingen na de begrotingswijziging zijn vermeld in de jaarstukken en toegelicht in paragrafen 4.5.1, 4.5.3 en 4.5.4. Voor de investeringen zijn de begrote en werkelijke uitgaven als volgt. 2021 begroting
2021 realisatie
2021 verschil
2020 begroting
2020 realisatie
2020 verschil
Gebouwen
250
87
163
150
17
133
Vervoermiddelen
600
52
548
1.084
237
847
Machines, apparaten, installaties
300
122
178
350
629
-279
Overig (ICT)
600
810
-210
860
478
382
Overig
190
117
73
150
233
-83
Totaal
1.940
1.188
753
2.594
1.594
1.000
* € 1.000
De overschrijdingen zitten in de ICT-middelen. De verschuivingen zijn veroorzaakt door een aangepaste focus als gevolg van de corona werkzaamheden. Het Algemeen Bestuur heeft op 8 december 2021 ingestemd met afwijkingen in de investeringsbegroting.
28
3.8.7
VWS-verantwoording
In de verantwoordingsinstructie van VWS is opgenomen dat er in het jaarverslag een Covid-19 paragraaf wordt opgenomen. Hierin wordt alle relevante informatie over Covid-19 beschreven waarvan de kosten door VWS zijn vergoed (zie onderstaande tabel). Kostensoort
Totaal 2021 ontvangen voorschot 21.683.437
Totaal 2021 kosten RvE Corona 14.476.670
Bemonstering
27.255.076
16.408.139
COVID-19 vaccinatie
28.947.500
31.856.117
Bron- en contactonderzoek
10.910.342
-7.206.767 -10.846.937 2.908.616 0 0 0 0 0 0 0 0 0 23.617 0 0 0 0 179.017 10.910.342
11.112.975
11.112.975
-263.699
-263.699 0 0 0 0 314.806 0 0 147.135 54.708 0 0 0 -67.383 0
Overige Meerkosten Infectieziektebestrijding (IZB) Tuberculosebestrijding (TBC) Medische Milieukunde (MMK) Technische Hygiënezorg (THZ) / Toezicht Seksuele Gezondheid (inclusief SOA poli) Reizigerszorg Gezondheidsbevordering (GB) Algemene Gezondheidszorg (AGZ) Jeugdgezondheidszorg (JGZ), incl. Rijksvaccinatie
23.617
Openbare GGZ / Sociaal medische advisering Veilig Thuis Forensische Zorg (For) Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Overig
179.017
Ondersteuning Subtotaal
0
Overschot
Minder inkomsten (verrekend met minder uitgaven) Infectieziektebestrijding (IZB) Tuberculosebestrijding (TBC) Medische Milieukunde (MMK) Technische Hygiënezorg (THZ) / Toezicht Seksuele Gezondheid (inclusief SOA poli) Reizigerszorg
314.806
Gezondheidsbevordering (GB) Algemene Gezondheidszorg (AGZ) Jeugdgezondheidszorg (JGZ), incl. Rijksvaccinatie
147.135
Openbare GGZ / Sociaal medische advisering
54.708
Veilig Thuis Forensische Zorg (For) Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Overig
-67.383
Ondersteuning Subtotaal Totale voorlopige uitgaven 2021
29
0
185.567
185.567
77.886.012
74.039.468
-3.846.544
4
Jaarrekening
Hierna wordt de financiële verantwoording afgelegd over het in het jaar 2021 gerealiseerde beleid via de balans met toelichting en het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening met toelichting.
4.1
Balans
ACTIVA (€1.000)
31-12-2021
31-12-2020
Vaste activa Investeringen met een economisch nut Materiële vaste activa
4.4.3
18.714 18.714
20.618 20.618
Overige langlopende leningen Financiële vaste activa
4.4.1
22 22
24 24
Totaal vaste activa
18.736
20.642
Vlottende activa Gereed product en handelsgoederen Voorraden Debiteuren Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Overige vorderingen Uitzettingen met een looptijd korter dan één jaar Banksaldi Kassaldi Liquide middelen Te ontvangen subsidies Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen Overlopende activa
38 38
32 32
4.4.2
5.687 502 26.670 160 33.019
3.489 2.716 13.110 96 19.411
4.4.3
466 0 466
435 2 437
4.4.4
2.051 1.986 4.037
5.729 2.552 8.281
Totaal vlottende activa
37.560
28.161
Totaal activa
56.296
48.803
30
PASSIVA (€1.000)
31-12-2021
31-12-2020
Vaste passiva Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat Eigen vermogen Egalisatievoorzieningen Voorziening premie WW Voorzieningen Onderhandse leningen van binnenlandse banken Leaseverplichtingen Overige langlopende schulden Schulden met een looptijd van één jaar of langer
4.4.5
4.860 2.993 1.828 9.681
1.745 2.081 3.888 7.714
4.4.6
318 0 318
230 77 307
4.4.7
6.708 2.621 101 9.430
7.176 3.517 101 10.794
Totaal vaste passiva
19.429
18.815
Vlottende passiva Banksaldi Overige schulden Schulden met een looptijd korter dan één jaar In het begrotingsjaar opgebouwde verplichtingen Van overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen Overlopende passiva
4.4.8
0 17.570 17.570
93 13.367 13.460
4.4.9
11.569 7.728 19.297
9.879 6.649 16.528
Totaal vlottende passiva
36.867
29.988
Totaal passiva
56.296
48.803
31
Jaarrekening: Staat van baten en lasten
4.2
Overzicht van baten en lasten
Onderstaande cijferoverzicht is opgesteld op basis van de huidige BBV-regels. De baten en lasten per programma (GGD, GHOR en RAV) vallen niet samen met de indeling in programma’s omdat de overhead uit de programmaverantwoordingen er uitgehaald zijn en apart weergegeven. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten in hoofdstuk 4.5 staan cijferoverzichten op basis van de oude BBV-regels. De baten en lasten per programma (GGD, GHOR, ZVH en RAV) vallen dan samen met de indeling in programma’s omdat de overhead er niet is uitgehaald. Hierdoor is een vergelijking met voorgaande jaren mogelijk en zijn de integrale kosten per programma zichtbaar.
€1.000
Realisatie Realisatie Begroting primaire Overhead 2021 incl. 2021 na Verschil taken overhead wijziging 2021
Lasten Programma GGD Programma GHOR Programma ZVH Programma RAV Gerealiseerde lasten Toevoeging aan reserves GGD Toevoeging aan reserves GHOR Toevoeging aan reserves ZVH Toevoeging aan reserves RAV Subtotaal toevoeging aan reserves Totaal lasten
97.416 1.317 13.557 28.570 140.860
20.311 674 5.066 5.439 31.490
117.727 1.991 18.623 34.009 172.350
118.904 2.160 18.231 33.842 173.137
1.177 169 -392 -167 787
76 0 0 0 76
325 0 161 0 486
401 0 161 0 562
372 0 138 0 511
-29 0 -23 0 -52
140.936
31.976
172.912
173.648
735
108.726 2.224 19.193 34.108 164.251
9.639 2 103 397 10.141
118.365 2.226 19.296 34.505 174.392
118.059 2.227 19.152 33.767 173.205
306 -1 144 738 1.187
0 0 0 0 0
281 0 67 0 348
281 0 67 0 348
441 20 118 0 579
-160 -20 -51 0 -231
164.251
10.489
174.740
173.784
956
Baten Programma GGD Programma GHOR Programma ZVH Programma RAV Gerealiseerde baten Onttrekking aan reserves GGD Onttrekking aan reserves GHOR Onttrekking aan reserves ZVH Onttrekking aan reserves RAV Subtotaal toevoeging aan reserves Totaal Baten Saldo
Programma GGD Programma GHOR Programma ZVH Programma RAV Gerealiseerde saldo van baten en lasten
11.310 907 5.636 5.538 23.391
-11.195 -672 -5.223 -5.042 -22.132
115 235 413 496 1.259
-845 67 921 -75 68
960 168 -508 571 1.191
Onttrekking en toevoeging aan reserves GGD Onttrekking en toevoeging aan reserves GHOR Onttrekking en toevoeging aan reserves ZVH Onttrekking en toevoeging aan reserves RAV
-76 0 0 0
479 0 166 0
403 0 166 0
69 20 -20 0
334 -20 186 0
Subtotaal mutatie reserves
-76
645
569
69
500
23.315
-21.487
1.828
137
1.691
Gerealiseerd resultaat
Toelichting Het Algemeen Bestuur heeft op 8 december 2021 ingestemd met een aanpassing van de begroting. Ten opzichte van deze inschatting heeft Hecht een hoger resultaat dan voorzien. Deze afwijking wordt voornamelijk veroorzaakt doordat de niet ingezette middelen van het project Hecht24 van € 1.050k en het verwachte overschot bij Veilig Thuis welke niet zijn meegenomen in de Berap 2. De toelichting van de baten en lasten per programma is opgenomen in paragraaf 4.5. De toelichting op de overschrijding van de lasten in het kader van begrotingsrechtmatigheid is opgenomen in paragraaf 3.8.6.
33
Jaarrekening: Waarderingsgrondslagen
4.3
Grondslagen voor balanswaardering en resultaatbepaling
4.3.1
Inleiding
De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft.
4.3.2
Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening
De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen en schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar.
Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten, bijvoorbeeld door reorganisaties, dient wel een verplichting opgenomen te worden.
4.3.3
Grondslagen voor de waardering van de balans
Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde als deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken. De waardering en afschrijving van materiële vaste activa behorend tot het programma RAV die vallen onder de voorschriften van de NZa kunnen te eniger tijd worden gewijzigd door de NZa. In die gevallen prevaleren de voorschriften ter zake van NZa. Gronden en terreinen worden altijd geactiveerd, maar niet afgeschreven. Activa met een verkrijgingsprijs van minder dan €5.000 (GGD en GHOR) of €2.500 (RAV) en investeringen in en onderhoud van kunstwerken worden niet geactiveerd.
Jaarrekening: Waarderingsgrondslagen
De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn in de volgende tabel vermeld. Omschrijving
Afschrijvingstermijn
Bedrijfsgebouwen Bedrijfsgebouwen RAV Bedrijfsgebouwen Renovatie en restauratie Kantineopbouw Parmentierweg te Leiden Verbouwingen Verbouwingen RAV
50 jaar 40 jaar 25 jaar 20 jaar 15 jaar 10 jaar
Vervoermiddelen Ambulances RAV; overige vervoermiddelen RAV; overige vervoermiddelen
5 jaar
Machines, apparaten en installaties Nieuwe technische installaties in bedrijfsgebouwen Veiligheidsvoorzieningen bedrijfsgebouwen; veiligheidsvoorzieningen RAV; noodstroomvoorziening; röntgenapparatuur; audiometers; hogedrukreiniger RAV Overige kantoorapparatuur Overige materiële vaste activa Verrijdbaar archief en documentatiecentrum Meubilair; nagelvaste voorzieningen bedrijfsgebouwen; kantoorinventaris en overige bedrijfsmiddelen RAV Telefooninstallaties; verbindingsapparatuur/-netwerk RAV Kantoorautomatisering, automatiseringsapparatuur, -infrastructuur en software Overige kantoorinventaris; medische inventaris RAV en (overige) voorzieningen (in gebouwen)
15 jaar 10 jaar 5 jaar 15 jaar 10 jaar 5 jaar 5 jaar 5 jaar
Financiële vaste activa De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Voorraden De voorraden gereed product en handelsgoederen zijn gewaardeerd tegen historische kostprijs. Uitzettingen met een looptijd korter dan één jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Overlopende activa De overlopende activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting of het voorzienbare verlies. De overige voorzieningen zijn gebaseerd op (jaarlijkse) schattingen van de te verwachten kosten. Schulden met een looptijd van één jaar of langer Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
35
Jaarrekening: Toelichting op de balans
4.4
Toelichting op de balans
4.4.1
Financiële vaste activa
Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het boekjaar is in het volgende overzicht weergegeven. (€1.000)
31-12-2020
Toevoeging
Aflossing
31-12-2021
Lening aan personeelsstichting RDOG Hollands Midden
24
0
2
22
Totaal
24
0
2
22
In 2008 is een 20-jarige lening uitgegeven aan de personeelsstichting RDOG Holland Midden voor de aankoop van een sloep. Deze sloep dient als onderpand van de lening. In verband met onvoorziene onderhoudskosten is in 2018 een aanvullende lening verstrekt. Op het lening bedrag wordt met ingang van 2019 €2k per jaar afgelost.
4.4.2
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar zijn als volgt gespecificeerd. (€1.000)
31-12-2021
31-12-2020
Debiteuren Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen Voorziening dubieuze debiteuren
5.767 502 26.670 160 -80
3.592 2.716 13.110 96 -103
Totaal
33.019
19.411
Schatkistbankieren Onderstaand overzicht toont het gemiddelde saldo van de liquide middelen die buiten de schatkist zijn gebleven.
1e kwartaal
2e kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal
40
266
-276
741
Limiet
1.299
1.299
1.299
1.299
Ruimte ten opzichte van de limiet
1.593
579
630
556
(€ 1.000) Gemiddeld saldo per kwartaal
Het maximale gemiddelde saldo per kwartaal van buiten de schatkist gebleven middelen is gelijk aan 0,75% van het begrotingstotaal van de primitieve begroting. Dat is een bedrag van €173.204k x 0,75% = €1.299k. Het gemiddelde saldo van buiten de schatkist gebleven middelen bedraagt €193k (2020: €118k). Negatieve saldi zijn als nihil verantwoord. De gemiddelde liquiditeit van Hecht is €13.234k (2020: €913k). De organisatie heeft een gemiddeld bedrag van €9.329k uitstaan als opgenomen kredietfaciliteit.
4.4.3
Liquide middelen
De rekening-courant bij de huisbankiers is niet rentedragend.
Jaarrekening: Toelichting op de balans
4.4.4
Overlopende activa
De post overlopende activa kan als volgt onderscheiden worden. (€1.000)
31-12-2021
31-12-2020
Nog te ontvangen subsidies2
2.051
5.729
Nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen
1.376 610
1.803 749
Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen3
1.986
2.552
Totaal
4.037
8.281
4.4.5
Eigen vermogen
Algemene reserve Hecht heeft een algemene reserve GGD en GHOR voor het opvangen van eventuele tegenvallers in de bedrijfsvoering van de GGD en de GHOR. Hecht heeft een Reserve Aanvaardbare Kosten (RAK) voor het opvangen van fluctuaties in de exploitatie van de RAV. Het resultaat dient volledig ten goede te komen aan de RAV. Indien de gelden van de RAK niet worden besteed aan de RAV, dan wordt dat bedrag door de zorgverzekeraars in mindering gebracht op het initiële budget van het daaropvolgende boekjaar. Bestemmingsreserves Hecht heeft per einde boekjaar de volgende bestemmingsreserves: − reserve verplichtingen voormalig personeel GGD − reserve programma Hecht24 − reserve ERP − reserve onderhoud huisvesting − reserve GHOR OvDG De reserve verplichtingen voormalig personeel wordt voor het programma GGD ingesteld om de kosten van WWuitkeringen en het risico op ontslagvergoedingen te kunnen dragen. De dotatie is 0,1% van de brutolonen van medewerkers als compensatie voor het 3e WW-jaar conform de cao CAR-UWO en 0,9% over de loonkosten GGD. De reserve ERP is een reserve om de kosten van de her implementatie van het ERP-systeem (AFAS) te financieren. GHOR OvDG betreft bestemmingsreserve. Het doel is de kosten van werving en opleiding van nieuwe crisisfunctionarissen te bekostigen.
Toelichting op het eigen vermogen Hieronder staat het eigen vermogen na de bestemming van het resultaat over het boekjaar 2020. De saldi per 31 december 2020 zijn overgenomen uit de jaarrekening 2020. Na de verdeling van het resultaat over 2021 resteert het saldo per 1 januari 2021. Dit is inclusief de herverdeling zoals goedgekeurd door het Algemeen Bestuur op 8 december 2021. Dit staat in de laatste cijferkolom.
2
3
De post ‘nog te ontvangen subsidies’ betreft ‘de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel’. De post ‘overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen’ betreft ‘overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen’.
37
Jaarrekening: Toelichting op de balans
€1.000
Na Resultaat bestemming Resultaat bestemming 1 31-12-2020 Resultaat Sub-totaal in bestemming (jaarrekening jaarrekening 11-2021 2021) 2021
Algemene reserve GGD
990
Algemene reserve GHOR
94
Reserve aanvaardbare kosten RAV
661
Algemene reserve ZVH Algemene reserve Reserve verplichtingen voormalig personeel Reserve markttaken GGD
0 1.745 574
1-1-2021
2.418
3.408
-352
3.056
-1.248
1.808
123
217
-123
94
0
94
2.008
0
2.008
0
2.008
1.347 0 3.888
0
475
475
475
950
5.633
0
5.633
-773
4.860
574
0
574
300
874
0
447
0
447
0
447
-447
0
176
0
176
0
176
0
176
Reserve frictiekosten Corona
0
0
0
0
0
0
0
Reserve programma RDOG 2024
0
0
0
0
0
920
920
Reserve onderhoud huisvesting
783
0
783
0
783
0
783
Reserve project OvDG
101
101
0
101
0
101
Bestemmingsreserves
2.081
0 0
2.081
0
2.081
773
2.854
Onverdeeld resultaat GGD
2.418
0
2.418
-2.418
0
0
0
Onverdeeld resultaat ZVH
0
0
0
0
0
0
0
Onverdeel resultaat GHOR
123
0
123
-123
0
0
0
Onverdeeld resultaat RAV
1.347
0
1.347
-1.347
0
0
0
Onverdeeld resultaat
3.888
0
3.888
-3.888
0
0
0
Eigen vermogen
7.714
3.888
11.602
-3.888
7.714
0
7.714
GGD
5.489
-352
5.137
-475
4.662
GHOR
217
-123
94
0
94
RAV
2.008
0
2.008
0
2.008
0
475
475
475
950
7.714
0
7.714
0
7.714
Reserve ERP
ZVH Eigen vermogen
De volgende tabel geeft de vermogensmutaties in het boekjaar weer. Van ieder programma zijn de vermogensmutaties over het jaar 2021 weergegeven en in de laatste kolom staat de stand per eind 2021.
€1.000
Algemene reserve GGD
1-1-2021 Storting Onttrekking Resultaat
31-122021
1.808
0
0
1.808
94
0
0
94
2.008
0
0
2.008
950
0
0
950
Algemene reserve Reserve verplichtingen voormalig personeel Reserve ERP
4.860
0
0
874
486
200
1.160
176
0
147
29
Reserve programma RDOG 2024
920
0
0
920
Reserve onderhoud huisvesting
783
0
0
783
Reserve project OvDG
101
0
0
101
Bestemmingsreserves
2.854
486
347
0
2.993
0
0
0
518
518
Algemene reserve GHOR Reserve aanvaardbare kosten RAV Algemene reserve ZVH
Onverdeeld resultaat GGD
38
0
4.860
Jaarrekening: Toelichting op de balans
Onverdeeld resultaat GHOR
0
0
0
235
235
Onverdeeld resultaat RAV
0
0
0
496
496
Onverdeeld resultaat ZVH
0
0
0
579
579
Onverdeeld resultaat
0
0
0
1.828
1.828
Eigen vermogen
7.714
486
347
1.828
9.681
GGD
4.662
486
347
518
5.319
GHOR
94
0
0
235
329
RAV
2.008
0
0
496
2.504
ZVH
950
0
0
579
1.529
7.714
486
347
1.828
9.681
Eigen vermogen
Het eigen vermogen is gestegen met € 1.967k. Het resterende nog te bestemmen resultaat is €1.828k.
4.4.6
Voorzieningen
Het verloop van de voorzieningen wordt in het hierna opgenomen overzicht weergegeven. (€1.000)
31-12-2020
Storting
Onttrekking
Vrijval
31-12-2021
Onderhoud ambulances
230
88
0
0
318
Egalisatie voorziening
230
88
0
0
318
De RAV heeft het onderhoud van de ambulances in eigen beheer. Voor het onderhoud heeft de RAV een onderhoudsvoorziening gevormd. De voorziening is gebaseerd op de ingeschatte onderhoudskosten op basis van een gebruiksperiode van 5 jaar en 300.000 gereden kilometers.
Onderhoud gebouwen Door onzekerheid met betrekking tot toekomstige huisvesting is er de afgelopen jaren bijna geen onderhoud uitgevoerd aan ons hoofdkantoor op de Parmentierweg 49 in Leiden. In de loop van 2021 is een Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) geactualiseerd door een externe partij. Hieruit is concreet naar voren gekomen welke punten de komende jaren aangepakt moeten worden. Voor een groot deel van deze kosten is reeds een reservering gevormd. In 2021 is ook de beslissing genomen om niet te verhuizen en de Parmentierweg volledig te renoveren. De renovatie wordt nu in gang gezet en het MJOP wordt hierin meegenomen. Volgens de planning zou eind 2023 het gebouw volledig gerenoveerd zijn.
4.4.7
Schulden met een looptijd van één jaar of langer
Deze balanspost betreft vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer en bevat onderhandse leningen van binnenlandse banken en financiële instellingen en verplichtingen uit hoofde van vaststellingsovereenkomsten. (€ 1.000)
31-12-2021
31-12-2020
Onderhandse leningen Financial lease ambulances
6.708 2.621
7.176 3.517
Vaststellingsovereenkomsten
101
101
9.430
10.794
Totaal
Hecht heeft vier langlopende leningen opgenomen bij de BNG Bank. Het rentepercentage van de lening voor het gebouw aan de Parmentierweg 49 te Leiden staat gedurende de gehele looptijd vast. De drie leningen voor de RAV zijn per 2 januari 2021 opnieuw afgesloten met een vast rentepercentage tot het einde van de looptijd (2 januari 2062).
39
Jaarrekening: Toelichting op de balans
Bij de ING Bank is in 2019 een financial leaseovereenkomst afgesloten voor de aanschaf van ambulances. De looptijd is 58 maanden. Hecht heeft ten gunste van de lessor een pandrecht gevestigd op het bedrijfsmiddel en de verzekering van het bedrijfsmiddel als aanvullende zekerheid verschaft. (€ 1.000)
Nummer
Hoofdsom
Start
Lening Parmentierweg, Leiden Lening nieuwbouw Leiden en Gouda, RAV Lening nieuwbouw Leiden en Gouda, RAV Lening nieuwbouw Leiden en Gouda, RAV Financial lease ambulances
4096855 40106139 40106499 40107567 203948-MX-0
6.400 4.000 2.000 1.400 max 4.500
2003 2011 2011 2012 2019
Looptijd
Rente
20 jaar 50 jaar 50 jaar 49½ jaar 58 mnd
4,35% 4,95% 5,25% 3,52% 1,25%
Hieronder staat de onderverdeling en het verloop van de vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar. Na de kolom met de stand per 31 december van het boekjaar is weergegeven wat het aandeel in lening bedrag is waarvan de resterende looptijd nog meer dan 5 jaar is. In de laatste kolom staat het rentebedrag over de lening in het boekjaar. De aflossingen op de langlopende leningen vinden jaarlijks plaats per 1 januari voor de leningen van de RAV en per 1 maart voor de Lening Parmentierweg, Leiden. (€ 1.000)
31-12-2020
Toevoeging
Aflossing
31-12-2021
>5 jaar
Rente 2021
2.880 1.440 1.008 5.328
30 118 62 30 240
Lening Parmentierweg, Leiden Lening nieuwbouw Leiden en Gouda, RAV Lening nieuwbouw Leiden en Gouda, RAV Lening nieuwbouw Leiden en Gouda, RAV Subtotaal onderhandse leningen
960 3.360 1.680 1.176 7.176
-320 -80 -40 -28 -468
640 3.280 1.640 1.148 6.708
Financial lease ambulances
3.517
-895
2.622
Totaal
10.693
-1.363
9.330
4.4.8
39 5.328
279
Schulden met een looptijd korter dan één jaar
Deze post omvat de volgende netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar. (€1.000)
31-12-2021
31-12-2020
Banksaldi
93
Kasgeldlening Crediteuren Overige schulden
5.000 12.570 17.570
5.000 8.367 13.367
Totaal*--
17.570
13.460
De banksaldi zijn niet rentedragend. De kasgeldlening heeft een looptijd van een jaar, het rentepercentage is 0,00%.
40
Jaarrekening: Toelichting op de balans
4.4.9
Overlopende passiva
De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt: (€1.000)
31-12-2021
31-12-2020
Loonheffing en pensioenpremies Overige nog te betalen lasten Te verrekenen met zorgverzekeraars Omzetbelasting
7.548 3.021 969 31
5.440 3.956 471 12
In het begrotingsjaar opgebouwde verplichtingen4
11.569
9.879
Vooruit ontvangen gemeentelijke bijdragen per inwoner Voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel Voorschotten en vooruit ontvangen
2.413 5.217 98
3.121 3.501 27
Van overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen5
7.728
6.649
Totaal
19.297
16.528
De te ontvangen omzetbelasting is in de jaarrekening gesaldeerd met de nog te betalen omzetbelasting.
4.4.10 Niet uit de balans blijkende financiële verplichtingen Hecht is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende, niet uit de balans blijkende, financiële verplichtingen. Hierna volgt een opsomming van de belangrijkste van deze verplichtingen. Huurverplichtingen De looptijd van de huurverplichtingen inzake onroerend goed verschilt per gehuurd object. De totale jaarlijkse verplichting bedraagt voor het programma GGD €1.519k. De grootste post betreft huurverplichtingen rond de vestiging in Gouda (€394k) met een looptijd tot aan 2024. De overige verplichtingen lopen door tot in 2021. Daarnaast bedragen de huur- en serviceverplichtingen voor JGZ-locaties €1.125k. Enkele verplichtingen kennen een langere looptijd en lopen door tot aan 2032. Deze huren en overige huisvestingskosten worden jaarlijks door de betrokken gemeenten vergoed. De GHOR heeft huurverplichtingen van €45k. De RAV heeft huurverplichtingen inzake onroerend goed. De totale jaarlast bedraagt €404k. De looptijd van de huurverplichtingen verschilt per standplaats. Naast de huurverplichting Vondellaan Leiden met een looptijd van 25 jaar, heeft geen van de verplichtingen een looptijd langer dan 5 jaar.
Verplichtingen uit hoofde van meerjarige overeenkomsten Deze verplichtingen betreffen overeenkomsten ter zake van softwarelicenties, mobiele telefonie en dergelijke, met een inkoopwaarde van circa €3,3m per jaar. Verplichtingen uit hoofde van investeringen en onderhoudscontracten van de RAV bedragen €0,7m per jaar. De overeenkomsten hebben verschillende looptijden.
4
5
De post ‘in het begrotingsjaar opgebouwde verplichtingen’ betreft ‘verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidsgerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume’. De post ‘van overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen’ betreft de ‘van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren’.
41
Jaarrekening: Toelichting op de balans
Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Dit betreft de in de volgende tabel vermelde saldi. Het saldo van de opgebouwde vakantiegelden betreft alleen de RAV, bij de programma’s GGD, ZVH en GHOR zijn de opgebouwde vakantiegelden door de invoering van het individueel keuzebudget in de exploitatie verantwoord. Het bedrag aan niet opgenomen vakantie-uren betreft voor de programma’s GGD, ZVH en GHOR €3.690k (2020: €1.937k) en voor de RAV €984k (2020: €2.5817). GGDGHOR/ZVH
RAV
31-12-2021
GGDGHOR
RAV
31-12-2020
Opgebouwde vakantiegelden Niet opgenomen vakantie-uren Overwerk, onregelmatigheid en PLB-uren RAV
0 3.690 0
557 1.236 1.189
557 4.926 1.189
0 1.937 0
606 984 991
606 2.921 991
Totaal
3.690
2.982
6.672
1.937
2.581
4.518
(€ 1.000)
In de vakantie-uren voor het programma GGD zijn ook nog corona uren opgenomen die nog dienen te worden uitbetaald in 2022. De precieze omvang daarvan zal nog in de loop van 2022 worden bepaald.
Verplichtingen RAV inzake functioneel leeftijdsontslag Per 1 januari 2006 is het Flexibel Pensioen en Uittreden (FPU) afgeschaft. Partijen zijn overeengekomen dat de overbrugging van personeel in de leeftijd van 62 tot 62 jaar en 9 maanden onder andere gedekt zal worden door de inkoop van extra pensioen door de werkgever. Deze inkoop zal voor een deel van de werknemers plaatsvinden door een directe afstorting bij het ABP en voor het overige deel op het moment dat de werknemer 53 jaar wordt.
4.5
Toelichting op het overzicht van baten en lasten
Hierna volgen de toelichtingen van de baten en lasten per programma. De financiële overzichten zijn onderverdeeld naar economische categorieën en worden gevolgd door een beknopte tekstuele toelichting.
42
4.5.1
Programma Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD)
Financieel overzicht GGD (inclusief overhead) Hieronder is het overzicht van de baten en lasten opgenomen, onderverdeeld naar economische categorieën. Begroting 2021
Begr. Incl. wijz 2021
Realisatie 2021
Verschil
€1.000
Salarissen en sociale lasten
36.091
36.125
35.586
539
Tijdelijk personeel
30.561
50.673
49.318
1.355
Overige personeelslasten
1.927
3.273
3.504
-231
Subtotaal personeelslasten
68.579
90.072
88.408
1.664
715
667
665
2
Huisvesting
10.881
14.386
15.940
-1.554
Organisatiekosten
14.259
8.731
9.004
-273
Materialen
3.278
4.564
3.009
1.555
Voorzieningen
-
-
0
0
Kosten meldkamer
-
-
-
-
Onvoorzien
-
-
-
-
Lasten vorig boekjaar
-
484
701
-217
Subtotaal overige lasten
29.134
28.832
29.319
-487
Lasten
97.713
118.904
117.727
1 .177
Gemeenten BPI/BPK
31.471
31.471
31.471
0
Gemeenten overige
5.804
6.674
6.080
-594
Derden
3.127
2.870
5.914
3.044
-
1.479
-
-1.479
55.594
75.565
74.895
-670
-
-
5
5
95.996
118.059
118.365
306
-1.717
-845
638
1.483
Storting reserves
-547
-372
-401
-29
Onttrekking reserves
1.264
441
281
-160
Gerealiseerde resultaat
-1.000
-776
518
1.294
Kapitaallasten
Zorgverzekeraars Rijk Baten vorig boekjaar Baten Gerealiseerde saldo van baten en lasten
Jaarrekening: Toelichting op de baten en lasten van het programma Gemeentelijke Gezondheidsdienst
Toelichting De realisatie 2021 laat ten opzichte van de begroting 2021 (na wijziging) de volgende afwijkingen zien: Het grote deel van de mutaties is het gevolg van de vele wijzigingen in de inzet voor Corona; hierdoor is het gedurende het hele jaar lastig gebleken om een goede inschatting van het verloop te maken. Hierdoor zijn op meerdere categorieën afwijkingen in de realisatie zichtbaar. Er zijn lagere salarislasten door het niet (direct) invullen van openstaande vacatures. Deze vacatures zijn deels ingevuld via inhuur. De post tijdelijk personeel is lager omdat vanuit de berap 2 te hoog is ingezet op de verwachting voor de inzet van uitzendkrachten gedurende de rest van het jaar voor inzet in het tegengaan van Corona. Dit heeft verder geen financiële consequenties omdat alle kosten worden verrekend met het Rijk met betrekking tot Corona. De post overige personeelslasten komt hoger uit onder meer door extra scholingskosten voor RVE-managers. Tevens zijn de kosten toegenomen door opschaling Corona activiteiten. Als gevolg van de Omikron variant zijn er meer vaccinatielocaties ingezet of aangehouden voor het uitvoeren van de boostercampagne, wat heeft geleid tot hogere huisvestingskosten dan eerder geraamd. Er zijn meer organisatiekosten dan geraamd omdat meer is uitgegeven aan opbouwkosten ten aanzien van de vaccinatielocaties (€1.100k).
Daarnaast is er minder uitgegeven aan organisatiekosten voor programma Hecht wegens uitstel in de uitvoering van een aantal activiteiten. Via resultaatbestemming zal worden voorgesteld een aantal nog te realiseren uitgaven door te schuiven naar 2022. De lagere kosten voor materialen is veroorzaakt door kosten van SCAL op te nemen als laboratoriumkosten terwijl het gaat om inhuur derden. Hierdoor was deze post te hoog ingeschat. De lasten voorgaand jaar komen hoger uit door te hoge opgenomen aftrek btw vanuit Corona gerelateerde activiteiten in 2020. De correctie van de gemeente Voorschoten voor de bijdrage Crisis Interventie Team (€ 44k) voor de BPI was nog niet meegenomen in de laatste berap. De overige bijdrage vanuit gemeenten is te hoog ingeschat in verband met lagere opbrengsten voor een aantal subsidies ten aanzien van onder meer Cursusbureau (€ 44k), CJG Leiden & Gouda (€ 85k), € 40k kind naar gezond gewicht. Tevens zijn een aantal opbrengsten verantwoord onder bijdrage derden die eerst nog waren opgenomen onder overige bijdrage gemeenten. De bijdrage derden komt met name hoger uit als gevolg van nog te ontvangen labkosten vanuit het RIVM vanuit Corona. In de berap was eerder alles verantwoord onder bijdrage Rijk. De bijdrage vanuit Zorgverzekeraars is abusievelijk onder de verkeerde categorie opgenomen in de berap 2 en is zo vertaald naar de gewijzigde begroting 2021.
Dit had moeten zijn bijdrage vanuit derden. In de nota reserves en voorzieningen is opgenomen dat er een voorziening voor het onderhoud van gebouwen in 2021 zou komen. In verband met de aankomende verbouwing aan de Parmentierweg en de regels omtrent het vormen van een voorziening is ervoor gekozen om voor dit jaar geen voorziening te vormen.
44
Jaarrekening: Toelichting op de baten en lasten van het programma Gemeentelijke Gezondheidsdienst
Subsidieprojecten Onderstaande tabel bevat een overzicht van de subsidieprojecten met een omvang van meer dan €100k. Het saldo van de ontvangen en bestede bedragen wordt in overleg met de betreffende gemeente afgewikkeld. In onderstaande tabel is de laatste kolom gelijk aan de subsidie minus de besteding van de subsidiegelden. Gemeente
Beschikking
Leiden
4662808
Rotterdam Gouda Alphen aan den Rijn Alphen aan den Rijn
Subsidie Ontvangen Besteed Saldo
19MO00779 1186369 / 20191077
Onderwerp Veilig Thuis (Adv/Meldp huis.Geweld.&kind.mishand) SOA -Sense (Algemene Seksuele Gezondheid) VWS Veilig Thuis (Adv/Meldp huis.Geweld.&kind.mishand)
314095 339614
875.706
875.706
875.706 -
575.881
575.881
575.881 -
321.732
321.732
321.732 -
CJG Dienstverlening
135.883
135.883
94.611
165.994
165.994
165.994 -
247.540
247.540
247.540 -
41.272
Leiden
4662456
Preventieve Logopedische Zorg CTC Wijkgerichte gezondheidsbevordering Leiden
Leiden
Z20/1523192
Opvoedpedagogen
104.312
104.312
104.312 -
Leiden
4664450
Verslavingspreventie regionaal
255.127
255.127
255.127 -
Leiden
Z20/1523192
CJG Dienstverlening
166.587
166.587
166.587 -
Leiden
4662485
Meldpunt Zorg en Overlast en bemoeizorg
173.445
173.445
173.445 -
Gouda
1280863
Preventieve Logopedische Zorg
152.458
152.458
130.221 22.237
Krimpenerwaard
Preventieve Logopedische Zorg
120.192
120.192
120.192 -
Krimpenerwaard
19314524 V210189 per factuur
Preventieve Logopedische Zorg
120.191
120.191
120.191 -
Noordwijk
70119
CJG Dienstverlening
118.188
118.188
118.188 -
45
Jaarrekening: Toelichting op de baten en lasten van het programma Gemeentelijke Gezondheidsdienst
4.5.2
Zorg- en Veiligheidshuis
Financieel overzicht ZVH (incl. overhead) Hieronder is het overzicht van de baten en lasten opgenomen, onderverdeeld naar economische categorieën. Begroting 2021
Begr. Incl. wijz 2021
Realisatie 2021
Verschil
Salarissen en sociale lasten
14.995
13.493
13.606
-113
Tijdelijk personeel
1.008
1.636
1.980
-344
Overige personeelslasten
619
516
504
12
Subtotaal personeelslasten
16.622
15.644
16.090
-446
Kapitaallasten
288
258
280
-22
Huisvesting
340
415
411
4
2.035
1.911
1.831
80
Materialen
1
3
2
1
Voorzieningen
-
-
0
0
Kosten meldkamer
-
-
-
-
Onvoorzien
-
-
-
-
Lasten vorig boekjaar
-
-
9
-9
Subtotaal overige lasten
2.663
2.586
2.533
53
Lasten
19.285
18.231
18.623
-392
Gemeenten BPI/BPK
15.661
15.661
15.661
-
Gemeenten overige
3.314
3.244
3.502
258
195
168
133
-35
-
-
-
-
79
79
-
-79
-
-
-
-
19.250
19.152
19.296
144
-36
921
673
-248
Storting reserves
0
-138
-161
-23
Onttrekking reserves
-0
118
67
-51
Gerealiseerde resultaat
-36
900
579
-321
€1.000
Organisatiekosten
Derden Zorgverzekeraars Rijk Baten vorig boekjaar Baten Gerealiseerde saldo van baten en lasten
46
Jaarrekening: Toelichting op de baten en lasten van het programma Gemeentelijke Gezondheidsdienst
Toelichting Totale resultaat van het ZVH is in 2021 € 320k lager uitgevallen dan in de Berap 2 was voorspeld. Dit komt voornamelijk door hogere inhuur bij Veilig Thuis waar we in samenwerking met BMC de achterstand in openstaande zaken aan het wegwerken zijn. Daarentegen vielen de kosten voor advies wat lager uit en hebben we ook wat meer diensten gefactureerd (o.a. Wijk GGD) dan waar in de Berap 2 rekening mee was gehouden.
47
4.5.3
Programma Geneeskundige Hulpverlening (GHOR)
Financieel overzicht GHOR (incl. overhead) Hieronder is het overzicht van de baten en lasten opgenomen, onderverdeeld naar economische categorieën. Begroting 2021
Begr. Incl. wijz 2021
1.365
1.284
1.209
75
Tijdelijk personeel
199
281
281
-
Overige personeelslasten
53
52
66
-14
Subtotaal personeelslasten
1.617
1.617
1.556
61
Kapitaallasten
28
28
33
-5
Huisvesting
48
48
49
-1
Organisatiekosten
533
446
352
94
Materialen
2
2
1
1
Voorzieningen
-
-
-
-
Kosten meldkamer
-
-
-
-
19
19
-
19
-
-
-
-
630
543
435
108
Lasten
2.247
2.160
1.991
169
Gemeenten BPI/BPK
2.224
2.224
2.224
-
Gemeenten overige
-
-
-
-
Derden
3
3
-
-3
Zorgverzekeraars
-
-
-
-
Rijk
-
-
-
-
Baten vorig boekjaar
-
-
2
2
2.227
2.227
2.226
-1
-20
67
235
168
-
-
-
-
Onttrekking reserves
20
20
-
-20
Gerealiseerde resultaat
-
87
235
148
€1.000
Salarissen en sociale lasten
Onvoorzien Lasten vorig boekjaar Subtotaal overige lasten
Baten Gerealiseerde saldo van baten en lasten Storting reserves
Verschil Realisati e 2021
Jaarrekening: Toelichting op de baten en lasten van het programma Geneeskundige Hulpverlening
Toelichting Totale resultaat van de GHOR in 2021 is € 148k positiever uitgevallen dan in de Berap 2 was begroot. Voornaamste oorzaken van deze meevallers waren vacatures bij het personeel waardoor de salariskosten nog lager zijn uitgevallen dan al was voorspeld. Daarnaast zijn er ook zaken in de uitvoering verschoven naar 2022 als het gaat om OTO waardoor de organisatiekosten nog lager zijn uitgevallen dan in de Berap 2 is aangenomen.
49
4.5.4
Programma Regionale Ambulancevoorziening (RAV)
Financieel overzicht RAV (in overhead) Hieronder is het overzicht van de baten en lasten opgenomen, onderverdeeld naar economische categorieën. Begroting 2021
Begr. Incl. wijz 2021
Realisatie 2021
Verschil
23.800
23.416
22.729
687
776
1.114
1.160
-46
Overige personeelslasten
1.428
1.463
2.109
-646
Subtotaal personeelslasten
26.004
25.993
25.998
-5
Kapitaallasten
2.612
2.554
2.528
26
Huisvesting
927
932
942
-10
Organisatiekosten
2.833
2.725
2.670
55
Materialen
1.176
1.171
1.229
-58
-
-
-
-
484
459
634
-175
Onvoorzien
-
-
-
-
Lasten vorig boekjaar
-
8
8
-
Subtotaal overige lasten
8.032
7.849
8.011
-162
Lasten
34.036
33.842
34.009
-167
Gemeenten BPI/BPK
-
-
-
-
Gemeenten overige
-
-
-
-
885
877
4.913
-4.036
Zorgverzekeraars
31.441
31.441
28.343
3.098
Rijk
1.710
1.417
1.216
201
-
32
33
-1
34.036
33.767
34.505
-738
-
-75
496
-571
€1.000
Salarissen en sociale lasten Tijdelijk personeel
Voorzieningen Kosten meldkamer
Derden
Baten vorig boekjaar Baten Gerealiseerde saldo van baten en lasten
Jaarrekening: Toelichting op de baten en lasten van het programma Regionale Ambulancevoorziening
Storting reserves
-
-
-
-
Onttrekking reserves
-
-
-
-
Gerealiseerde resultaat
-
-75
496
-571
Toelichting Het gerealiseerde saldo van baten en lasten is € 571k hoger dan de laatste begrotingswijziging. De baten van de RAV zijn hoger dan begroot. Dit komt door de vergoeding voor een éénmalige uitkering gebaseerd op de nieuw afgesloten CAO ziekenhuizen, een vergoeding voor kosten gemaakt in het kader van de pilot ZCC en een vergoeding voor de meerkosten COVID gemaakt in 2021. In de prognose was rekening gehouden met toekenning van het initieel budget plus benutting van een gereserveerd bedrag à € 350k voor de financiële impact van de toentertijd nog af te sluiten CAO. De vergoeding voor meerkosten COVID is reeds besproken en overeengekomen met de representerende zorgverzekeraars, maar zal uiterlijk 15 mei 2022 definitief worden vastgesteld. Daarnaast is de vergoeding van VWS € 201k lager dan begroot. Dit is met name het gevolg van lagere salarislasten inzake de uitvoering van de FLO-regeling, hierdoor valt de vergoeding van VWS à 95% ook lager uit. De lasten van de RAV zijn lager dan begroot. De salariskosten vallen lager uit door het uitblijven van een indexatie per 1 juli 2021 én door de eerdergenoemde lagere salarislast gerelateerd aan de uitvoering van de FLO-regeling. De overige personeelskosten vallen € 147k hoger uit dan verwacht. Met name de uitgaven op het gebied van werving & selectie, arbo en werkkleding pakten hoger uit.
De overschrijding bij organisatiekosten is grotendeels te verklaren door externe kosten à € 151k ten behoeve van de pilot ZCC. Deze kosten worden volledig vergoed door de zorgverzekeraars. In de jaarcijfers 2021 is de volgende post niet verwerkt, maar deze dient wel vermeld te worden vanwege de mogelijk negatieve impact op het resultaat. 1) Standplaats Gouda. Deze standplaats wordt gehuurd van Promen op basis van een huurcontract met een looptijd van 5 jaar. Per 30/4/2021 liep dit contract af. Deze overeenkomst is automatisch verlengt met een opzegtermijn van 3 jaar. De boekwaarde van standplaats Gouda per 30/4/2024 bedraagt ca. € 1,0 miljoen.
51
4.5.5
Hecht
Financieel overzicht Hecht (volgens BBV, overhead apart weergegeven) Hieronder is het overzicht van de baten en lasten opgenomen, onderverdeeld naar economische categorieën. Het resultaat van Hecht is gelijk aan het totaal van de programma’s GGD, GHOR, ZVH en RAV. De toelichting op de overschrijding van de lasten in het kader van begrotingsrechtmatigheid is opgenomen in paragraaf 3.8.6.
Hecht (excl. Overhead)
Overhead 2021
Realisatie RDOG 2021
Begroting Hecht 2021
Verschil
Salarissen en sociale lasten Tijdelijk personeel Overige personeelslasten Subtotaal personeelslasten
58.291 47.362 3.676 109.329
14.839 5.377 2.507 22.723
73.130 52.739 6.183 132.052
74.318 53.704 5.303 133.325
1.188 965 -880 1.273
Kapitaallasten Huisvesting Organisatiekosten Materialen Voorzieningen Kosten meldkamer Onvoorzien Lasten vorig boekjaar Subtotaal overige lasten Lasten Gemeenten BPI/BPK Gemeenten overige Derden Zorgverzekeraars Rijk Baten vorig boekjaar Baten Gerealiseerde saldo van baten en lasten Storting reserves Onttrekking reserves Gerealiseerde resultaat
2.267 16.048 7.997 4.084 634 501 31.531 140.860 47.523 9.529 10.383 28.343 68.462 11 164.251 23.391 -76 23.315
1.239 1.294 5.860 157
3.506 17.342 13.857 4.241
3.507 15.782 13.813 5.739
1 -1.560 -44 1.498
217 8.767 31.490 1.833 53 577 7.649 29 10.141 -22.132 -486 348 -21.487
634
459 19 492 39.811 173.136 49.356 9.918 3.918 32.920 77.061 32 173.204 68 -511 579 137
-175 19 -226 -487 786
718 40.298 172.350 49.356 9.582 10.960 28.343 76.111 40 174.392 1.259 -562 348 1.828
336 -7.042 4.577 950 -8 -1.188 1.974 51 231 1.691
Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves De mutaties in de reserves van Hecht zijn toegelicht in de toelichting op het eigen vermogen in paragraaf 4.4.5.
Jaarrekening: Toelichting op de staat van baten en lasten
4.5.6
Hecht op taakvelden
In de definitieve versie zullen de lasten en baten per taakveld worden toegevoegd.
4.5.7
Apparaatskosten
Apparaatskosten, ofwel organisatiekosten, zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel (salarissen) en organisatie-, huisvestings-, automatiseringskosten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken. Apparaatskosten zijn dus alle personele en materiële kosten die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie. Deze worden in de definitieve versie van de jaarrekening nog bijgevoegd. Beleidsindicatoren In onderstaande tabel zijn de beleidsindicatoren vermeld, die worden voorgeschreven in de nieuwe BBVregelgeving. De indicatoren betreffen die van Hecht. Omwille van het inzicht zijn de indicatoren per programma inclusief overhead weergegeven. Realisatie 2021 Omschrijving
Eenheid
GGD
ZVH
GHOR
RAV
Overhead
RDOG
Inwoners
aantal
Apparaatskosten Apparaatskosten per inwoner
€ 1.000,€
23.928 29,6
835 1,03
227 0,28
6.541 8,09
32.273 39,90
63.804 78,88
Bezetting (inclusief inhuur) Bezetting per 1.000 inwoners
fte fte
423,13 0,52
157,72 0,19
8,85 0,01
231,79 0,29
195,46 0,24
1.016,95 1,26
Formatie Formatie per 1.000 inwoners
fte fte
359,06 0,44
146,28 0,18
8,85 0,01
231,79 0,29
177,84 0,22
923,82 1,14
Kosten tijdelijk personeel
€ 1.000,-
49.318
1.980
281
1.160
5.377
58.116
Loonsom (excl. overige personeelslasten) Externe inhuur in % van loonsom
€ 1.000,%
35586 138,6%
13606 14,6%
1209 23,2%
22729 5,1%
14839 36,2%
87.969 66,1%
Overhead
€ 1.000,-
10.716
5.057
672
5.042
21.487
Totale lasten Overhead in % van totale lasten
€ 1.000,%
97.416 11%
13.557 37%
1.317 51%
28.570 18%
140.860 15%
Salarissen en sociale lasten excl. overhead Overhead in % van salarislasten
€ 1.000,%
26.710 40%
11.122 45%
817 82%
19.642 26%
58.291 37%
808.866
53
Jaarrekening: Toelichting op de staat van baten en lasten
Begroting 2021
Omschrijving
Eenheid
GGD
ZVH
GHOR
RAV
Overhead
Hecht
Inwoners
aantal
Apparaatskosten Apparaatskosten per inwoner
€ 1.000,€
4.376 5,4
1.852 2,27
500 0,61
6.888 8,46
21.852 26,83
35.468 43,55
Bezetting (inclusief inhuur) Bezetting per 1.000 inwoners
fte fte
344,14 0,42
141,90 0,17
9,46 0,01
222,40 0,27
140,52 0,17
858,42 1,05
Formatie Formatie per 1.000 inwoners
fte fte
333,35 0,41
144,95 0,18
10,24 0,01
233,10 0,29
147,42 0,18
869,06 1,07
Kosten tijdelijk personeel
€ 1.000,-
733
961
199
426
124
2.443
Loonsom (excl. overige personeelslasten) Externe inhuur in % van loonsom
€ 1.000,%
24722 3,0%
11523 8,3%
914 21,8%
19967 2,1%
12517 1,0%
69.643 3,5%
Overhead
€ 1.000,-
9.854
4.589
449
4.590
19.482
Totale lasten Overhead in % van totale lasten
€ 1.000,%
30.696 32%
14.461 32%
1.800 25%
28.460 16%
75.417 26%
Salarissen en sociale lasten excl. overhead Overhead in % van salarislasten
€ 1.000,%
24.722 40%
11.523 40%
914 49%
19.967 23%
57.126 34%
808.866
Structureel en incidenteel resultaat Structurele resultaat Het structurele resultaat en de structurele exploitatieruimte zijn als volgt samen te vatten. (€ 1.000)
Realisatie 2021 Baten
Lasten
Saldo
Structurele baten en lasten
97.928
95.612
2.316
Incidentele baten en lasten
76.464
77.521
-1.057
Gerealiseerde saldo van baten en lasten
174.392
173.133
1.259
Structurele mutaties van de reserves
-
Incidentele mutaties van de reserves
1.130
561
569
Subtotaal mutaties reserves
1.130
561
569
Gerealiseerde structurele resultaat
97.928
95.612
2.316
Gerealiseerde incidentele resultaat
77.594
78.082
-488
Gerealiseerde resultaat
175.522
173.694
1.828
Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves worden gekarakteriseerd als incidentele onttrekkingen en stortingen. De structurele ontwikkelingen zijn meegenomen in de begroting 2023 en de meerjarenbegroting 2023-2026. De structurele lasten van de begroting en meerjarenraming zijn gedekt door structurele baten.
54
Jaarrekening: Toelichting op de staat van baten en lasten
4.5.8
Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector
Uit hoofde van deze wet wordt de bezoldiging van alle topfunctionarissen verantwoord. Als topfunctionarissen worden aangemerkt de algemeen directeur en de directeur Publieke Gezondheid van Hecht die als hoogst besturende ambtenaar in het organogram van Hecht is opgenomen. Hieronder zijn twee tabellen opgenomen voor de WNT-verantwoording. De eerste betreft de Leidinggevende topfunctionarissen met een dienstbetrekking en de tweede tabel betreft de leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking.
55
Jaarrekening: Toelichting op de staat van baten en lasten
Toelichting onverschuldigde betaling In de verantwoording, zoals deze in de jaarrekening van 2020 is opgenomen, was er sprake van een onverschuldigde betaling. Binnenlandse zaken Directoraat-Generaal Overheidsorganísatie Directie Ambtenaar en Organisatie/ Eenheid toezicht WNT, heeft naar aanleiding van onze WNT-aangifte een onderzoek ingesteld. Hierbij zijn ze tot de conclusie gekomen dat in de jaarrekening 2020 en de WNT-aangifte 2020 het onverschuldigde bedrag te hoog is opgenomen. Dit lagere onverschuldigde betaling van € 8.461,90 exclusief BTW, in plaats van de in de WNTverantwoording verantwoorde onverschuldígde betaling van € 9.647,- exclusief BTW. Het verschil is € 1.185,47, dit verschil is vergoed en verwerkt als rente over de onverschuldigde betaling. Het onverschuldigde bedrag inclusief wettelijke rente is volledig door BeBright terugbetaald. Hierdoor is er in bovenstaande opstelling geen sprake meer van een onverschuldigde betaling.
56
Jaarrekening: Toelichting op de staat van baten en lasten
Bestuursleden Leden van het Algemeen Bestuur en Dagelijks Bestuur ontvangen geen beloning voor hun bestuurslidmaatschap. Hierna zijn de bestuursleden van Hecht genoemd. Het jaar betreft het jaar van aantreden als bestuurslid. Daarnaast is aangegeven of de betreffende persoon lid is van het Algemeen Bestuur (AB), Dagelijks Bestuur (DB) of de Auditcommissie (AC). De voorzitter van het AB en DB was tot 31 december 2021 mevrouw M.M. Damen.