Bijlage 1 Regionaal Risicoprofiel VRHM 2023-2026
Tekst van het document
Regionaal Risicoprofiel
De aard van de bebouwing, de omgeving, het gebruik van de bebouwing of de grootte van de brand kunnen een brand complex maken. De bebouwing in Hollands Midden kenmerkt zich door een aantal factoren die de kans op een complexe brand kunnen vergroten. Zo bestaan de historische binnensteden van bijvoorbeeld Leiden, Gouda en Schoonhoven uit gebouwen die aan andere brandpreventieve eisen voldoen dan recente bouwwerken. Ook hebben oude binnensteden een hoge bebouwingsdichtheid en smalle straten waardoor een in beginsel kleine brand gemakkelijker kan ontwikkelen tot een grote brand. Bovendien is bij een brand in oude panden de kans groter dat asbestvezels vrijkomen. Asbest kan grote gevolgen hebben voor de omgeving, zowel op het gebied van gezondheid als milieu.
30
Conclusie
In Hollands Midden vinden er veel transportbewegingen plaats. Met uitzondering van het wegvoer, is het risico op luchtvaart-, spoor- en incidenten op of onder water klein. Onder invloed van verdichting zal het aantal vervoersbewegingen blijven toenemen, waardoor het risico op incidenten ook toeneemt.
E Catastrofaal D Zeer ernstig
Hoog risico
Luchtvaartincidenten
C Ernstig
4.5.1
B Aanzienlijk
De aanjagers die van invloed zijn op deze crisistypen zijn: hyperconnectiviteit, digitale afhankelijkheid, klimaatverandering en verdichting.
4.5.2 Risicodiagram
A Beperkt
• Luchtvaartincidenten; • Incidenten op of onder water; • Wegvervoerincidenten; • Spoorvervoerincidenten.
Impact
Onder dit thema vallen de volgende crisistypen:
Spoorvervoerincidenten
Regionaal Risicoprofiel
4.5 Mobiliteit in infrastructuur
Bovendien worden alle vormen van vervoer steeds afhankelijker van digitale- en automatiseringssystemen. In combinatie met de stijgende hyperconnectiviteit van de samenleving, betekent dit dat vervoer gerelateerde incidenten steeds verder reikende gevolgen kunnen hebben. Om deze reden is het van belang om inzicht te krijgen op welke manier de digitalisering van de samenleving het risico op vervoers- en incidenten op of onder water beïnvloed. Daarnaast bevindt zich in Hollands Midden ook een aantal tunnels en wordt binnenkort de Corbulotunnel in gebruik genomen. Incidentbestrijding in tunnels is complex en het blijft daarom belangrijk om hier specifiek aandacht aan te besteden.
Wegvervoerincidenten Scheepvaartincidenten
Laag risico Zeer onwaarschijnlijk A
Onwaarschijnlijk B
Mogelijk C
Waarschijnlijk D
Zeer Waarschijnlijk E
Waarschijnlijkheid
31
4.5.3 Algemene bevindingen Incidenten op of onder water
In regio Hollands Midden bevinden zich geen luchthavens. In de omliggende regio’s bevinden zich twee luchthavens, Schiphol Amsterdam Airport en Rotterdam The Hague Airport. De kans op een luchtvaartincident is zeer laag27. Omdat gemeenten Zuidplas, Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Hillegom binnen een straal van 10 kilometer liggen van een luchthaven is de kans hier iets groter in vergelijking met de rest van de regio. De impact van een luchtvaartincident is afhankelijk van het type ongeval, de grootte van het vliegtuig en de hoeveelheid (dodelijke) slachtoffers die erbij betrokken zijn.
Hollands Midden wordt doorkruist door een aantal (hoofd) vaarwegen. Deze vaarwegen zijn belangrijk voor het vervoer van goederen en gevaarlijke stoffen. De kans op scheepvaartincidenten (als een ongeval tussen vaartuigen of brand op een vaarweg) is klein en de impact is over het algemeen beperkt. Naast de beroepsvaart vindt in de regio ook veel waterrecreatie plaatst. Onder invloed van klimaatverandering zal (extreem) warm weer vaker voorkomen waardoor recreatie op onder water zal toenemen. Hierdoor wordt de kans op een incident tijdens waterrecreatie of een aanvaring tussen recreatievaart en een binnenvaartschip iets groter. Dit verklaart de langwerpige ovaalvorm en positionering van het crisistype ‘scheepvaartincidenten’ in het risicodiagram.
De recreatieve luchtvaart heeft de afgelopen jaren een sterke vlucht genomen. Het vliegveld bij Valkenburg is toegankelijk voor zweef- en modelvliegtuigen, en het laagvlieggebied bij Gouda wordt gebruikt voor bijvoorbeeld sport- en dronevluchten. Hoewel de kans op incidenten toeneemt, is de impact van een ongeval tijdens recreatieve luchtvaart over het algemeen beperkt. Door de toename in recreatieve luchtvaart schuift het crisistype ‘luchtvaartincidenten’ een klein stukje op naar rechts in vergelijking met het vorige risicoprofiel.
Veel vaarwegen vormen de grens tussen twee of meer veiligheidsregio’s. Wanneer incidenten, zowel in de commerciële vaart als tijdens waterrecreatie, op dit grensgebied plaatsvinden, krijgt de hulpverlening een bovenregionaal karakter. Daarnaast zijn incidenten op het water vaak moeilijk te bereiken voor de hulpdiensten. Om hulpverleners ter plaatse te krijgen is in dat geval de inzet van vaartuigen van de politie, brandweer, KNRM en Rijkswaterstaat noodzakelijk.
Regionaal Risicoprofiel
Luchtvaartincidenten
27 IFV (2011). Handreiking Crisisbeheersing op luchthavens.
32
Spoorvervoerincidenten
De meeste vervoersbewegingen vinden plaats via auto (snel) wegen. De hoofdwegen die door Hollands Midden lopen zijn de A4, A12, A20, A44 en N11. Over deze hoofdwegen mogen ook gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Daarnaast heeft provincie Zuid-Holland alle provinciale wegen vrijgegeven voor het transport van gevaarlijke stoffen. Vanwege het vele dagelijkse wegverkeer is de kans op een grootschalig of complex incident op de weg groter dan bij andere vormen van transport. Denk hierbij aan een grote brand of explosie in een tunnel of een grote kettingbotsing door mist. Op wegen waar veel verkeersongevallen plaatsvinden en waar het is toegestaan om gevaarlijke stoffen te transporteren, is het risico op een ongeval met een gevaarlijke stoffen ook verhoogd. Dit risico wordt bovendien versterkt door verdichting en de hiermee gepaard gaande toename in reisbewegingen. De impact van een wegvervoerincident is afhankelijk van de omvang, de aard en het tijdstip (in of buiten de spits) van het incident.
Nederland beschikt over een uitgebreid spoorwegennetwerk wat zorgt voor een goede verbinding van Hollands Midden met binnen- en buitenland. Het spoor wordt zowel gebruikt voor het vervoeren van mensen als goederen, waaronder gevaarlijke stoffen. De kans op een complex spoorvervoerincident is relatief klein. Ook de impact zal in de meeste gevallen beperkt zijn.
Een belangrijke ontwikkeling in Hollands Midden is de aanleg van de RijnlandRoute, de nieuwe wegverbinding tussen Katwijk, via de A44, en de A4 bij Leiden. Onderdeel van de RijnlandRoute is de Corbulotunnel. Het is toegestaan om via de deze tunnel gevaarlijke stoffen te transporteren. Brand, verkeersongevallen en incidenten met gevaarlijke stoffen in tunnels brengen extra risico’s met zich en maken incidentbestrijding dan ook complexer dan op een ‘open’ bovengrondse weg.
Het spoorvervoer is daarnaast relatief gevoelig voor digitale incidenten. Om het toenemende spoorverkeer zo veilig en efficiënt mogelijk te laten plaatsvinden, wordt er flink geïnvesteerd in digitale en automatiseringssystemen. De keerzijde van deze toenemende afhankelijkheid van digitale systemen is dat in geval van een storing de kans toeneemt dat het gehele spoorwegennetwerk getroffen of zelfs stilgelegd wordt. Bovendien zorgt de hyperconnectiviteit van de samenleving dat een verstoring van het treinverkeer verreikende effecten kan hebben op de samenleving als geheel. Om deze reden is het crisistype ‘spoorvervoerincidenten’ met een cirkel in het midden van het risicodiagram geplaatst.
Regionaal Risicoprofiel
Wegvervoerincidenten
33
4.6.1 Conclusie
4.6.2 Risicodiagram Hoog risico
C Ernstig
De volksgezondheid gaat over de algemene gezondheidstoestand van de bevolking. De gezondheid van de bevolking kan op verschillende manieren worden bedreigd. Door bijvoorbeeld klimaatverandering kunnen nieuwe soorten ziektegolven ontstaan. Bepaalde virussen, bacteriën en parasieten zullen toenemen of veranderen van leefomgeving28.
E Catastrofaal
De volgende aanjagers hebben invloed op dit crisistype en incidenttypen (zoönose en ziektegolf): hyperconnectiviteit, klimaatverandering en verdichting.
Bij het bestrijden en voorkomen van infectieziekten is een belangrijke taak van de GGD en GHOR weggelegd. De GGD doet dit onder andere door het opsporen van ziektebronnen en contacten en het geven van voorlichting. De GHOR coördineert samenwerking tussen de witte kolom en de andere hulpverleningsdiensten.
D Zeer ernstig
• Bedreiging volksgezondheid.
Impact
Onder dit thema valt het volgende crisistype:
Regionaal Risicoprofiel
4.6 Gezondheid en Veiligheid
Klimaatverandering zorgt er op den duur voor dat andere ziekten op gaan duiken en de toenemende hyperconnectiviteit zorgt voor snellere verspreiding. Er vinden namelijk steeds meer reisbewegingen plaats en door verdichting wonen mensen ook steeds dichter op elkaar, waardoor ziektes zich snel kunnen verspreiden. Belangrijk is om aandacht te hebben voor de kwetsbaarheden en afhankelijkheden voor de continuïteit van de vitale sectoren. Daarnaast heeft Covid-19 ons ook geleerd dat opgelegde maatregelen, zoals lockdowns, om de verspreiding tegen te gaan voor beperkingen kunnen zorgen.
A Beperkt
B Aanzienlijk
Bedreiging volksgezondheid
28 Domusmedica.nl. Klimaatverandering leidt tot nieuwe pathogenen. Geraadpleegd op 10 januari 2022
Laag risico Zeer onwaarschijnlijk A
Onwaarschijnlijk B
Mogelijk C
Waarschijnlijk D
Zeer Waarschijnlijk E
Waarschijnlijkheid
34
4.6.3 Algemene bevindingen Bedreiging volksgezondheid Bovendien zorgen zowel verstedelijk als klimaatverandering dat (wilde) dieren en mensen steeds dichter op elkaar leven. Het leefgebied van virussen wordt daardoor steeds kleiner en de kans dat zo’n virus op een mens overspringt wordt steeds groter30.
• •
Een zoönose is een infectieziekte die ontstaat bij dieren en vervolgens overspringt op de mens (denk aan COVID-19, Ebola en de Q-koorts). We spreken van een ziektegolf als veel mensen te gelijk ziek zijn en dit kan op verschillende manieren ontstaan (bijvoorbeeld een virus, besmet voedsel of een besmettelijke ziekte). Hollands Midden kenmerkt zich door een combinatie van (grote) steden en landelijk gebied. Intensieve veehouderij, wat beperkt voorkomt in Hollands Midden, vergroot de kans dat een virus overspringt van dier op mens. Daarnaast zorgt de nabijheid van de agrarische sector ten opzichte van de stedelijke gebieden, de hoge bevolkingsdichtheid en de vele reisbewegingen dat een dergelijk virus zich gemakkelijk over de rest van regio (en mogelijk daarbuiten) verspreidt. De huidige trend van verdichting waarbij landelijke en stedelijke gebieden steeds meer met elkaar vermengen, maakt dat de kans op/verspreiding van een zoönose alleen maar groter wordt.
29 De effecten van dit type bedreigingen zijn namelijk pas zichtbaar op veel langere termijn, is niet gecentreerd op één ‘besmet’ moment en niet overdraagbaar waardoor er geen sprake is van snelle verspreiding.
Regionaal Risicoprofiel
De gezondheid van de bevolking kan op verschillende manieren worden bedreigd. Echter zijn voor VRHM niet alle type bedreigingen van de volksgezondheid relevant. Denk hierbij aan de effecten van langdurige luchtvervuiling29. Daarom worden onder dit crisistype twee (op mens overdraagbare) incidenttypen beschreven: Zoönose Ziektegolf.
30 Eenvandaag.nl. Klimaattop in Nederland tijdens coronacrisis belangrijker dan ooit. Geraadpleegd op 2 december 2021.
35
4.7.1 Conclusie
E Catastrofaal D Zeer ernstig
Extreem geweld
C Ernstig
De aanjager die van invloed is op deze crisistypen is polarisatie en radicalisering.
Hoog risico
B Aanzienlijk
• Verstoring openbare orde; • Extreem geweld.
A Beperkt
Onder dit thema vallen twee crisistypen:
4.7.2 Risicodiagram
Impact
4.7 Publieke veiligheid
Regionaal Risicoprofiel
In een samenleving waarin verschillen tussen groepen burgers uitgroeien tot tegenstellingen (polarisatie) kan radicalisering optreden. De komende jaren wordt een toename verwacht van verstoringen van de openbare orde en (extreem) geweld. De afgelopen tijd is ook een trend te zien van protesten die steeds meer gepaard gaan met openbare orde verstoringen en geweld. De politie (in samenwerking met onder andere de AIVD, het OM en de gemeente) is hierbij de belangrijkste partner voor de veiligheidsregio. Het is van belang de samenwerking met de politie te borgen, binnen het gehele werkveld van de veiligheidsregio.
Verstoring openbare orde
Laag risico Zeer onwaarschijnlijk A
Onwaarschijnlijk B
Mogelijk C
Waarschijnlijk D
Zeer Waarschijnlijk E
Waarschijnlijkheid
36
4.7.3 Algemene bevindingen Extreem geweld
Om te spreken van verstoring van de openbare orde, dient het te gaan om een verstoring van enige betekenis van de normale gang van zaken in of aan een betreffende openbare ruimte31. Hierbij kan worden gedacht aan demonstraties, zoals de boerenprotesten (oktober 2019) of de avondklokrellen (23-26 januari 2021) op verschillende plekken in Nederland. Met name op momenten waarbij grote groepen mensen bijeen zijn, zoals bij evenementen, kan een verstoring van de openbare orde ontstaan. De verschijningsvormen van verstoring openbare orde zijn erg divers, dit is in het risicodiagram weergegeven met een grillige vorm.
Bij extreem geweld gaat het niet om de ideologische motieven van de dader(s) maar om het doel om (veel) slachtoffers te maken32. Dit kunnen uitingen van terrorisme zijn, maar dat hoeft dus niet. Een recent meer voorkomende vorm van extreem geweld is extreem crimineel geweld. Denk hierbij aan afrekeningen in het criminele circuit, maar ook buiten het criminele circuit. Indien crisissituaties ontstaan wordt door VRHM een beroep gedaan op een breder netwerk, bijvoorbeeld de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) en het Openbaar Ministerie (OM). In Nederland is sinds 2005 het Alerteringssysteem Terrorismebestrijding (ATb) operationeel. Dit systeem is primair gericht op het waarschuwen van vitale bedrijfssectoren en niet op het waarschuwen van burgers. Het alerteringssysteem zal in geval van nood of bedreiging alle benodigde personen en diensten snel kunnen waarschuwen, waardoor deze diensten aanvullende maatregelen kunnen treffen. Het NCTV gebruikt het systeem om bestuurders, politie, hulpdiensten en anderen te informeren over bijvoorbeeld de dreiging van een aanslag en te komen tot adequate maatregelen.
Net als andere regio’s zal VRHM rekening moeten houden met maatschappelijke trends als polarisatie en radicalisering, onrust in probleemwijken en een dalend vertrouwen in de overheid. Verstoringen van de openbare orde kunnen ook een indirect effect hebben op de continuïteit van vitale voorzieningen. Een voorbeeld hiervan zijn de branden van verschillende zendmasten in 2020. Nauw contact met de politie is voor de aanpak van verstoringen van de openbare orde essentieel.
Regionaal Risicoprofiel
Verstoring openbare orde
De impact van extreem geweld kan, afhankelijk van de aard en omvang, heel groot zijn en de kans dat het voorkomt lijkt ook toe te nemen. Het NCTV signaleert een toename van personen die online dreigen met geweld33. Ook de toename van polarisatie sinds de coronapandemie zorgt voor meer maatschappelijke onrust en voor een grotere kans op extreem geweld (ook tegen hulpdiensten). De verwachting is dat deze trend de komende jaren door blijft zetten.
31 Hoge Raad arrest, 30 januari 2007, LJN: AZ2104
32 Inspectie Justitie en Veiligheid (2020). De voorbereiding op hulpverlening na een terroristische aanslag 33 NCTV (2018). Toename van rechts-extremistisch geweld in West-Europa
37