Beantwoording Technische vragen Commissie M + F 8 oktober 2024 OPENBAAR
Tekst van het document
Technische vragen Commissie M + F (openbaar) gemeente Waddinxveen – 8 oktober 2024
Agendapunten: Agendapunt 4: Lijst Ingekomen Stukken Partij:
Vraag (kort en bondig)
Antwoord
CDA
1. Implementatie Hervormingsagenda Jeugd; a Wanneer wordt de raad geïnformeerd over de doorontwikkeling van Wadwijzer?
1. a. Medio 2025 wordt de raad over de uitkomsten van de doorontwikkeling geïnformeerd. Tot die tijd wordt onder begeleiding van een extern bureau gewerkt aan de doorontwikkeling van Wadwijzer.
b. Het besparingspotentieel is 524k. Kunt u aangeven hoe dit zal worden gerealiseerd?
b. Aan de maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd is een besparingspotentieel gekoppeld. We zijn regionaal en lokaal bezig met het onderzoeken van en implementeren van maatregelen uit de Hervormingsagenda. Dat doen wij door in te zetten op de acties zoals benoemd in het regionale uitvoeringsprogramma Hervormingsagenda Jeugd die is toegelicht in de raadsmemo. Een gedeelte van de vereisten uit de Hervormingsagenda Jeugd vragen lokaal om actie.
2. Nieuwe werkwijze verbeteren toegankelijkheid: a. Is er ook gebruik gemaakt van andere kanalen dan Waddsup?
b. Is het mogelijk dat de gemeente zelf de meldingen uit fixi haalt als blijkt dat de melding om meer gaat dan klein onderhoud?
2. a. Nee. Wel is in de communicatie naar inwoners via sociale media, de maillijst van Waddsup en een artikel in Hart van Holland Waddinxveen duidelijk gemaakt dat inwoners zonder smartphone of computer een afspraak konden maken met een medewerker van het Publieksplein. Om zo naar het gemeentehuis te komen en samen met een medewerker een melding te maken. Ook heeft de projectleider een dag in het Anne Frank Centrum gezeten om input te vragen. Verder zijn een aantal meldingen via de mail binnengekomen die daarna door een medewerker in de Waddsup actie zijn gezet. b. In beginsel kan dat, maar dat proces vinden we niet efficiënt. Het contactformulier is het beste middel om meldingen die groter zijn dan
klein onderhoud te registreren. Het aansluiten op dit bestaande kanaal voorkomt verwarring en zorgt ervoor dat meldingen altijd bij de juiste persoon terecht komen. Inwoners maken ook regelmatig Fixi meldingen zonder hun persoonsgegevens achter te laten. Hierdoor kunnen wij het contactformulier niet altijd voor hun invullen. En ook als ze wel alle gegevens invullen is het de vraag of we vanwege privacyregelgeving de persoonsgegevens van een melder vanuit de Fixi applicatie in het contactformulier mogen zetten. Daarom hebben we besloten op deze manier te werken. c. Is er ook nagedacht om naar de doelgroep toe te gaan en een spreekuur te houden bijv. in het Anne Frank?
c. Ja. Op afroep kunnen wij naar een locatie gaan, waarvoor geen vaste tijden nodig zijn. Naar een locatie toegaan maakt het spreekuur namelijk het meest toegankelijk. Voor inwoners met een fysieke beperking is het nooit te ver weg omdat we naar hen toekomen als ze zelf niet naar een verdere locatie als het gemeentehuis kunnen komen en voor inwoners met een niet-fysieke beperking kan het zijn op een locatie waar zij het meest comfortabel mee zijn. Een vast spreekuur op een vaste voor de doelgroep geschikte locatie kan ook zorgen voor een toegankelijker spreekuur dan wanneer dit bijvoorbeeld op het gemeentehuis zou zijn. Ook wordt tegenwoordig elke woensdagmiddag van 13:00 tot 15:00 uur door verschillende medewerkers in een wijk gewerkt. Zodat de gemeente beter toegankelijk wordt. Hierbij is echter niet altijd een medewerker van aandachtsgebied Ruimte aanwezig met kennis van toegankelijkheid. Maar dit kan natuurlijk wel een plek zijn waar inwoners in contact kunnen worden gebracht met de juiste medewerker. Via dit contact kan dan tussen de inwoner en de medewerker ruimte met kennis van toegankelijk een afspraak worden gemaakt om een locatie te bezoeken indien nodig. Beide opties voor de inrichting van het spreekuur zijn overwogen, waarbij er op dit moment voor is gekozen om op afroep naar locaties te gaan in plaats van een vast spreekuur met vaste locatie/tijd in te richten.
De week van de toegankelijkheid 2025 (oktober) is een logisch moment om dit te evalueren.
Agendapunt 7: Visie Jeugdbeleid 2025-2029 Partij:
Vraag (kort en bondig)
Antwoord
PvdA GL
1. Wanneer is het uitvoeringsprogramma gereed? Wij nemen aan in 2025.
1. Voor de zomer van 2025.
2. U stelt: Daarom zijn we van plan gedurende de looptijd van deze beleidsvisie verder onderzoek te doen en keuzes te maken om ons aanbod uit te breiden en beter af te stemmen op alle jongeren, waarbij recreatie, sport, kunst en cultuur centraal staan. Vraag: Komen deze keuzes niet in het uitvoeringsprogramma, maar pas later tot mogelijk 2029.
2. De keuzes om het aanbod uit te breiden en af te stemmen op alle jongeren worden deels in het uitvoeringsprogramma gemaakt, maar kunnen ook na afloop van de huidige beleidsvisie worden genomen.
3. Er is geen extra geld beschikbaar, maar een eigen accommodatie voor jongeren, een belangrijke wens van onder meer jongeren, kost toch extra geld?
3. De inloopvoorziening kost geen extra geld, omdat dit binnen de bestaande subsidieplafonds is meegenomen.
4. Hoeveel leden in de leeftijdsgroep 12-23 hebben de sportverenigingen in Waddinxveen? Landelijk 34,9%. In Waddinxveen sport 74% bij een vereniging of sportschool. Als de sportverenigingen in Waddinxveen de landelijk trend volgen, betekent dit dat ongeveer 1700 jongeren in Waddinxveen de sportschool bezoeken. Wij denken dat dit cijfer niet klopt. Graag uw standpunt. 5. Bij de vraag over mentale gezondheid voelt 81,7% zich meestal gelukkig en 43,6% voelt zich eenzaam. Deze cijfers lijken op gespannen voet te staan met elkaar. Wordt niet bedoeld 43,6% voelt zich SOMS eenzaam? Of heeft u een andere verklaring? Hoe betrouwbaar zijn dit soort cijfers?
4. De landelijke cijfers voor jongeren van 15 tot en met 25 jaar verschillen van de lokale cijfers, die gebaseerd zijn op leerlingen uit klas 2 en 4 van het voortgezet onderwijs. Vanwege deze verschillende meetmethoden kunnen de cijfers niet direct met elkaar worden vergeleken, en kunnen we op basis hiervan geen precieze aantallen vaststellen. 5. In de data van RIVM wordt gesproken over eenzaamheid, variërend van enigszins tot sterk. Desondanks ervaren mensen in alle gevallen eenzaamheid. Iemand die zich mentaal gezond voelt, kan ook eenzaam zijn, of dit nu in lichte of sterke mate is. Het een sluit het ander niet uit; ze kunnen naast elkaar bestaan.
D66
1. Is de groep van jongeren waarmee gesproken is, representatief voor de hele groep die het college met dit beleid wil bereiken?
1. De representativiteit van de groep jongeren is niet het doel van de participatie. Het gaat erom dat alle jongeren in Waddinxveen de gelegenheid krijgen om invloed uit te oefenen op het beleid.
2. Komt het uitvoeringsplan dat hieruit voortvloeit nog naar de raad?
2. Het uitvoeringsplan valt onder de bevoegdheid van het college en wordt daarom niet voorgelegd aan de raad.
3. Over 10 jaar zijn er heel veel jongeren in Triangel. Op welke manier wordt er gezorgd dat het aanbod aan voorzieningen ook is waar de vraag het grootste is? En/of dat er spreiding plaatsvindt over de gemeente? 4. Eén van de observaties is dat meer dan de helft van de jongeren te weinig beweegt. Op welke manier wordt de sportverenigingen ook betrokken bij het uitrollen van dit plan? En gaan zij ook actief aan de slag met de werving van de jongeren?
3. Dit maakt deel uit van het uitvoeringsprogramma.
4. De beleidsvisie is kaderstellend, en het uitvoeringsprogramma zal bepalen hoe we dit in de praktijk gaan brengen. De verenigingen zullen hierbij betrokken worden. De exacte invulling van de 'hoe' moet nog verder vorm krijgen, daarom is het op dit moment nog niet mogelijk om daar een definitief antwoord op te geven.
5. In hoeverre wordt er in het kader van gezonde leefstijl ook aandacht besteed aan het belang van gezond voedsel?
5. Dit maakt deel uit van het uitvoeringsprogramma.
6. In hoeverre wordt er aandacht besteed seksuele gezondheid van jongeren? Denk aan aan grenzen aangeven, grensoverschrijdend gedrag, veilig vrijen, SOA's etc.?
6. Dit maakt deel uit van het uitvoeringsprogramma.
7. Hoeveel jaar op rij verslechtert de score van fysiek en mentale gezondheid al in Waddinxveen?
7. De meeste lokaal beschikbare data uit de Jeugdmonitor gaat terug tot 2019. Wat betreft mentale gezondheid laten de cijfers sindsdien een daling zien. Voor fysieke gezondheid zien we in de Jeugdmonitor daarentegen een lichte stijging in het aantal jongeren dat beweegt en naar sport gaat. Tegelijkertijd zien we een toename in middelengebruik, wat uiteraard ook samenhangt met de fysieke gezondheid.
PCW
1. “Het gebruik van alcohol, sigaretten en cannabis neemt licht af, maar nieuwe trends zoals vapen komen op.” In bijlage zie ik dat bij jeugd tot 16 jaar dit afneemt maar middelengebruik neemt juist toe in tabel op blz 22. Hoe verklaart u de lichte afname in gebruik?
.1. Dit is niet een op een te verklaren, omdat het samenhangt met meerdere factoren
2. “Daarom zijn we van plan gedurende de looptijd van deze beleidsvisie verder onderzoek te doen en keuzes te maken om ons aanbod uit te breiden en beter af te stemmen op alle jongeren, waarbij recreatie, sport, kunst en cultuur centraal staan.” Op basis waarvan zullen deze keuzes worden gemaakt?
2. De keuzes zullen gebaseerd worden op verschillende factoren, zoals lopende beleidsontwikkelingen, bijvoorbeeld het uitvoeringsprogramma Maatschappelijke voorzieningen en de ontwikkelingen bij de Sniep. Daarnaast spelen ook evaluaties van bestaande initiatieven, zoals de inloopvoorziening en het online jongerenwerk, een rol. Sommige onderdelen zijn al in gang gezet, wat invloed heeft op de keuzes voor de komende jaren. Een van de ambities is om de bekendheid van de bestaande voorzieningen te vergroten. Bijvoorbeeld, als blijkt dat jongeren meer gebruikmaken van een bestaand voetbalveld, kan dit invloed hebben op de behoefte aan een Cruyff Court. Maar hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor de inloopvoorziening. Als dit veel jongeren aantrekt, is het wellicht interessant om te onderzoeken of er in de toekomst ook een locatie in de Triangel geopend dient te worden.
3. Hoeveel JOP’s komen er in de nabije toekomst in Waddinxveen en hoeveel waren er?
3. Het zijn er nu twee, maar dat worden er vier. In de komende jaren zal worden gemonitord hoe deze worden bezocht en of dit voldoende is, of dat er eventueel meer nodig zullen zijn.
4. Jeugdmonitor wordt afgenomen op middelbare scholen. Worden deze gegevens alleen van het Coenecoop College of ook bv van de Goudse scholen meegenomen in uitkomsten? Inwoners van Waddinxveen die in andere plaats naar school gaan?
4. De woonplaats is bepalend, ongeacht waar de jongeren naar school gaan.
5. Talentontwikkeling jongeren past mooi bij maatschappelijke diensttijd die Coenecoop aanbiedt samen met MAD. Is er contact (geweest) met de organisatie MAD?
5. Nee, dit heeft niet plaatsgevonden, aangezien de beleidsvisie vooral kaderstellend is. Nu gaan we in het uitvoeringsprogramma dieper in op de inhoud, zoals de ‘hoe’ en ‘met wie’.
6. Is er naast participatie onder jongeren ook participatie geweest met de betrokken partijen zoals Coenecoop College en GroUp etc?
6. Ja, er hebben gesprekken met deze partijen plaatsgevonden.
7. Vindt er tussentijds evaluatie plaats van beleid?
7. Ja, dit vindt plaats.
WeWa
1. Blz. 5 alinea 1. Wat is de hoogte van de subsidie? Waar wordt deze uit gedekt? Wat zijn de voorwaarden hiervoor? Hoe kunnen de jongeren de initiatieven hiervoor aandragen?
1. Dit valt onder onze reguliere subsidiebeleid en is onderdeel van de subsidie aan WijkWallet. Jongeren kunnen zelf een aanvraag indienen via de WijkWallet, maar ze kunnen ook ondersteuning vragen bij het jongerenwerk.
2. Blz, 16. 5.3.2 Wat wordt de onderzoeksvraag en wanneer is het onderzoek afgerond?
2. In het kader van deze tekst verwijst het onderzoek naar een verkenning die we zullen uitvoeren met verschillende partijen om te bepalen hoe we de politieke participatie vorm willen geven. Op dit moment kan er nog geen exacte datum worden gegeven voor de afronding van dit onderzoek, maar het zal in ieder geval binnen de looptijd van de beleidsvisie plaatsvinden.
3. Blz. 18 punt meer Data; Zijn er nog meer hiaten in de data dan de genoemde leeftijdsgroepen? Wat omvat de inzet van de uitbreiding over de dataverzameling?
3. Dit maakt deel uit van het uitvoeringsprogramma.
CDA
Raadsvoorstel Doelgroep van de visie: 1. Klopt het dat het in de visie om jongeren gaat die mogelijk extra ondersteuning nodig hebben en niet om alle jongeren van 12 t/m 23 jaar in Waddinxveen?
1. De visie richt zich op alle jongeren van 12 tot en met 23 jaar in Waddinxveen, maar de rol van de gemeente varieert.
2. Zo ja, om hoeveel % van het totaal van 4355 jongeren van 12 t/m 23 jaar gaat het dan? Beleidsvisie
2. Zie bovenstaande.
3. Blz 5. Zijn er voorbeelden te geven van initiatieven van de jeugd de afgelopen jaren die de gemeente heeft ondersteund?
3. Recent is er een aanvraag ingediend voor een graffiti-project, en deze wordt door ons ondersteund.
4. Blz 9: Hoe worden jongeren nu gestimuleerd deel te nemen aan sportverenigingen?
4. Door middel van activiteiten en ondersteuning vanuit het jongerenwerk, waarbij ze worden aangemoedigd om een actieve en gezonde levensstijl te ontwikkelen.
5. Blz 14. Hoeveel jongeren maken gebruik van de pilot inloopvoorziening
5. Dit initiatief is recent van start gegaan, waardoor er nog geen uitspraken over de resultaten gedaan kunnen worden. De eerste evaluatie zal in 2025 plaatsvinden.
6.Blz 15. We verwachten dat het jongerenwerk het model van de positieve gezondheid als leidraad neemt. Kunt u dit met het jongerenwerk afspreken en vastleggen?
6. Ja, dat is mogelijk.
7.Blz 16, Wanneer gaat u onderzoek doen naar de mogelijkheden voor politiek participatie door jongeren?
7. Dat is nog niet bekend, maar het zal in ieder geval binnen de looptijd van de beleidsvisie plaatsvinden.
8.Blz 17. Waar en wanneer wordt voorlichting gegeven aan jongeren, hun ouders etc. over sociale veiligheid?
8. Dit maakt deel uit van het uitvoeringsprogramma.
9. Blz 18. Wanneer wordt gestart met inzetten op het uitbreiden van de dataverzameling?
9. Dat is nog niet bekend, maar het zal in ieder geval binnen de looptijd van de beleidsvisie plaatsvinden.
10. Paragraaf 4.1 en 5.1.2 Voor welke activiteiten wordt er in het Uitvoeringsplan Maatschappelijke voorzieningen rekening gehouden met de gesignaleerde behoeften? Of komt er een apart uitvoeringsprogramma?
10. Vanuit het jeugdbeleid leveren we input aan het uitvoeringsprogramma Maatschappelijke voorzieningen, gebaseerd op de gesignaleerde behoeften. Dit is een lopend proces, waardoor er momenteel geen specifieke activiteiten kunnen worden genoemd. Voor het jeugdbeleid komt er daarnaast een apart uitvoeringsprogramma.
11.Bijlage 1: Hoe kwam deze lijst tot stand, waarom ontbreken verenigingen en andere dan de genoemde religieuze instellingen?
11. Er is gekeken naar partijen die veel met jongeren te maken hebben op verschillende leefgebieden tegelijkertijd. In het kader van het uitvoeringsprogramma zullen er gesprekken gevoerd worden met verenigingen om de ‘hoe’ verder te concretiseren.
12.Bijlage 2: het verschil in ‘voelt zich eenzaam’ tussen de landelijke en de lokale meting is zeer groot. Is daarvoor een verklaring?
12. Dit is niet een op een te verklaren, omdat het samenhangt met meerdere factoren.
Agendapunt 8: Wijziging GR Promen ronde 2 Partij:
Vraag (kort en bondig)
Antwoord
PvdA/GL
Uiteraard wordt de raad meegenomen in het proces wanneer er een nieuwe wijziging plaatsvindt luidt de tekst. Wat bedoelt U met de Raad wordt meegenomen?
CDA
GR Promen artikel 17. De directeur fungeert als algemeen secretaris van het algemeen en dagelijks bestuur. Artikel 18 …secretaris ondertekenen. Hoe wordt voorkomen dat de directeur functioneert als lid van het dagelijks en algemeen bestuur?
Hiermee wordt bedoeld dat als er een nieuwe wijziging plaatsvindt de Raad eerst wordt gevraagd om haar zienswijze hierop in te dienen. Promen zal deze zienswijze dan verwerken in een nieuwe versie en deze zal ter goedkeuring aan de Raad worden voorgelegd. De werkwijze zal dus hetzelfde zijn als voor de voorliggende wijziging. De GR-regeling is op dit betreffende artikel niet gewijzigd. Zowel het Algemeen Bestuur als het Dagelijks Bestuur vergaderen in het algemeen in aanwezigheid van de Algemeen Directeur van Promen, in diens rol als secretaris. Desgevraagd kan hij zijn mening geven ten aanzien van een bepaald onderwerp. Ook kan hij de eventuele consequenties voor Promen van een bepaald besluit duiden. Daarmee
kan de Algemeen Directeur van Promen dus een informerende rol spelen, maar de besluitvorming is aan de AB- en DB-leden. Daar heeft de Algemeen Directeur geen rol in.
Agendapunt 11: Transformatie Noordkade voorstel deel A Partij:
Vraag (kort en bondig)
Antwoord
PvdA/GL
Is er geen risico dat het bestemmingsplan businesspark Vredenburgh vertraging oploopt en eventueel niet wordt goedgekeurd?
D66
1. Verwacht u problemen voor het project wanneer grondeigenaren die nu nog niet akkoord zijn, niet meedoen? En zo, welke problemen?
- Het risico dat het proces via de Raad van State verloopt is aanwezig. Dit zou voor het bestemmingsplan van Businesspark Vredenburgh fase 2 een vertraging betekenen. Voor het project Noordkade is deze vertraging te overzien. Naar verwachting zullen de eerste bedrijven aan de Noordkade pas verplaatsen nadat het proces bij de Raad van State is doorlopen. - Het risico dat het bestemmingsplan door de Raad van State niet wordt goedgekeurd wordt als klein ingeschat. 1. Er wordt in mindere mate problemen verwacht. De focus ligt op het gebied waarbinnen de drie grootste grondeigenaren zich bevinden, aangevuld met de kavels waarop Wvg is gevestigd. Wanneer deze kavels worden ontwikkeld is een groot deel van het project gerealiseerd. De verwachting is dat de situatie van grondeigenaren die nu nog niet willen of kunnen transformeren later in het proces verandert. 2. Deze kans wordt om twee redenen als klein geacht. a. de gronden op Businesspark Vredenburgh fase 2 worden tegen gereduceerd, maar marktconform tarief verkocht; b. bedrijven die willen verplaatsen hebben een andere locatie nodig. 1. Dit klopt, echter voordat het stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan aan de raad wordt aangeboden zal eerst nog participatie plaatsvinden.
2. Hoe groot acht het college de kans dat de kavels in Businesspark Vredenburgh 2 niet worden verkocht?
VVD
1. Op de 2e pagina van het stedenbouwkundige plan/beeldkwaliteitsplan staat dat het plan in 2023 is aangeboden aan de raad. Ik herinner me de technische voorlichting van januari j.l. met sheets maar geen plan ter bespreking in de raad. Waarom is het stedenbouwkundige plan/beeldkwaliteitsplan rond de jaarwisseling toen dit plan is opgesteld, niet aan de raad aangeboden? 2a. Is dit stedenbouwkundige plan/beeldkwaliteitsplan definitief, zoals op de titelpagina vermeld is?
2a. Deze versie is tijdens het ontwerpproces als definitief bestempeld. Echter kunnen na participatie nog aanpassingen worden gedaan.
2b.Welke rol heeft de gemeenteraad in de vaststelling van deze plannen?
2b. Na participatie worden de aangepaste plannen ter besluitvorming aan de gemeenteraad voorgelegd. Pas na vaststelling door de gemeenteraad zijn de plannen definitief.
3. Ons inziens zijn er keuzes in het stedenbouwkundige plan gemaakt met bandbreedtes (zoals bouwhoogten). Hebben deze keuzes invloed op de GREX?
3. Deze keuzes zijn in de basis bij de (door de gemeenteraad vastgestelde) stedenbouwkundige visie al gedaan en hebben invloed op de GREX.
4. Zijn er door de gemeenteraad nog keuzes te maken m.b.t. het stedenbouwkundige plan/beeldkwaliteitsplan, die een effect kunnen hebben op de GREX?
4. De gemeenteraad zal bij de participatie worden betrokken en tijdens de participatie zijn nog keuzes te maken die invloed hebben op de GREX.
5a. Is bijvoorbeeld nog een keuze te maken over de hoogte van de woonblokken?
5a. Hierin zijn nog keuzes te maken.
5b. En heeft een keuze voor meer bouwlagen in de bouwblokken een positief effect op de GREX?
5b. Dit zou een positief gevolg kunnen hebben. Echter betekent het ook meer kosten, bijvoorbeeld met betrekking tot parkeren en infrastructuur. Het effect van een planwijziging zal met een doorrekening van de GREX (en gebiedsexploitatie) moeten worden aangetoond.
6a. In de GREX is rekening gehouden met investeringen door de gemeente t.b.v. het woonrijp maken. Zit hierin ook de kosten voor de verkeersontsluiting?
6a. In het bouw- en woonrijp maken zijn de kosten opgenomen voor de verkeersontsluitingen binnen het plan. In de GREX (en de gebiedsexploitatie) is met de post “Bijdrage bovenwijks/buitenplans” rekening gehouden met onder andere kosten voor verkeersontsluitingen buiten het plan.
6b. Welke maatregelen voor verkeersontsluiting zitten in deze kosten en welke niet? 6c. Is de geplande realisatie van de Verlengde Beethovenlaan en de aansluiting op de Verlengde Bentwoudlaan van belang voor de verkeersontsluiting van de Noordkade?
WeWa
6b. Zie 6a. Een gedetailleerde raming is nog niet gemaakt. 6c. Uiteindelijk zal dit de ontsluiting van het gebied verbeteren.
6d. Zijn eventuele kosten voor de Verlengde Beethovenlaan (deels) meegenomen in de post woonrijp maken?
6d. Zie 6a.
1. RV blz 5. Is er een schatting te maken van de kosten van de netaansluiting en de invloed op de GREX. Wanneer kunnen we dit verwachten.
1. Dergelijke gedetailleerde ramingen worden in deze fase nog niet gemaakt. Dit zal bij de planuitwerkingen van de grondeigenaren/initiatiefnemers worden uitgewerkt.
2. Wat is de geschatte prognose waarop de aanvraag voor de netverzwaring wordt gedaan?
2. De aanvraag is nog niet gedaan en de prognose is nog niet gemaakt.
3. Geheel Hoe groot is het risico dat er minder sociale of goed betaalbare woningen komen in dit gebied dan de toegezegde 305?
3. De woon- zorgvisie is onverkort van kracht.
4. Bijlage 4. Blz 15. Waarom staat de dependance van het Coenecoop College hier opgenomen?
4. Het programma maatschappelijk vastgoed is nog in ontwikkeling. Pagina 15 van bijlage 4 geeft de stand medio 2023 hetgeen nog indicatief is. In het gegeven overzicht zijn vragen en suggesties opgenomen.
5. Blz. 16 Wat wordt er gedaan met de bunker? Is er contact geweest met Van der Loo over eventuele bestemming?
5. De eigenaar van de bunker is KPN. Er is met KPN nog geen overleg gevoerd over een eventuele bestemming. Met Van der Loo zijn gesprekken gevoerd.
6. Blz 103. Wie gaat de middenhuur bouwen?
6. Dit is nog niet bekend. De grondeigenaren/initiatiefnemers worden aan de woon –zorgvisie gehouden.
7. Wat is de reden dat er geen MGW wordt gebouwd op deze locatie?
7. Als met MGW meergezinswoningen (dus appartementen) wordt bedoeld dan is de vraag niet helder. Er worden namelijk zowel eengezins- als meergezinswoningen gebouwd.
8. Op basis van welke criteria is er gekozen bij de 40% tot 10 % appartementen en 30 % EGW?
8. Deze verhoudingen staan nog niet vast. De grondeigenaren/initiatiefnemers werken de bouwkavels op basis van de spelregelkaart (ontwerpregels) en in overleg met de gemeente verder uit.
9. Zijn er in de grote EGW of appartementen van 170m2 ook kangeroewoningen, zorgwoningen of vormen van mantelzorg opgenomen?
9. Deze specificatie zal in de planuitwerking moeten plaatsvinden.
10. Worden de 30&% EGW levensloopbestendig ingericht?
10. Idem. als 9.
11. Hoe zit het met het vereveningsfonds?
11. Het presidium heeft de themasessie over het vereveningsfonds ingedeeld op 7 november a.s. Definitieve besluitvorming zal plaatsvinden bij de nota kostenverhaal.
12. Wat zou er nodig zijn om in dit plan op te nemen dat deze woningen alleen bestemd worden voor inwoners vanuit Waddinxveen. Hoe zou dit geregeld kunnen worden?
12. Voorrang in de woningtoewijzing voor woningzoekenden met een lokale binding wordt geregeld via de huisvestingsverordening. De huisvestingsverordening van Waddinxveen is van toepassing op alle sociale huurwoningen, nieuwbouw middenhuurwoningen en nieuwbouw betaalbare koopwoningen. Binnen die 3 categorieën woningen mag
binnen elke categorie maximaal de helft met voorrang worden aangeboden aan lokaal gebonden.
CDA
PCW
Raadsvoorstel 1. Blz 2: Ongeveer de helft van de woningen wordt ‘betaalbaar’. Woningcorporaties zijn op dit moment terughoudend. Wanneer moet uiterlijk duidelijk zijn of en hoe woningcorporaties in staat en bereid zijn te bouwen? 3. Blz 5: als niet wordt voldaan aan de eisen voor de subsidie kan dit tot (deels) terugbetalen leiden. Een belangrijks eis is ‘betaalbaar wonen’, daarvoor zijn we afhankelijk van corporaties e.d. Welke mogelijkheden zijn er de subsidie te behouden als dit niet lukt? 1. Het is nog niet zeker dat de transformatie werkelijk gaat plaatsvinden. Wanneer is er een go en waarvan is dat afhankelijk?
2. Wvg-gebieden: a. Hoe zijn de wvg-kavels in het exploitatieresultaat verwerkt? Is het uitgangspunt dat de huidige eigenaren deze uiteindelijk toch zelf (laten) ontwikkelen? Of dat de gemeente deze kavels koopt en doorverkoopt aan een ontwikkelende partij?
1. Wat de gemeente betreft zo spoedig mogelijk. De financiële positie van de woningcorporatie(s) en de gevolgen voor onder meer het project Noordkade heeft de aandacht van de gemeente. Er wordt gezocht naar zekerheden en alternatieven. 3. De woon- zorgvisie is onverkort van toepassing. Wanneer een gedeeltelijke terugbetaling dreigt zal er met het ministerie in overleg worden getreden. 1. Dit raadsvoorstel is een belangrijk moment. Met de vaststelling van de gebiedsexploitatie en GREX komt realisatie dichterbij. Planoptimalisatie, het omgevingsplan en de realisatie van Businesspark Vredenburgh fase 2 zijn andere belangrijke onderwerpen waarvan de transformatie afhankelijk is. 2a. De GREX is als actief grondbeleid ingericht, dus met het uitgangspunt dat de gemeente de kavels aankoopt en doorverkoopt aan een ontwikkelende partij.
c. Wat is het effect van de één of de andere keuze op het exploitatieresultaat? Is dat alleen wat onder het kopje risico’s genoemd is? Is er een inschatting van de meerkosten als gevolg van de benoemde risico’s die betrekking hebben op de wvg-gronden?
2c. (2b. ontbreekt) In de gebiedsexploitatie en GREX wordt rekening gehouden met onvoorziene zaken. Dit kunnen ook gebeurtenissen zijn die niet als risico worden omgeschreven.
d. Uitvoering/vervolg: aankoop wvg-kavels is een actiepunt. Het heeft toch de voorkeur dat aankoop vanuit huidige grondeigenaren rechtstreeks plaatsvindt door projectontwikkelaars?
2d. Bij de Wvg kavels heeft het de voorkeur dat de grondeigenaren rechtstreeks aan een ontwikkelende partij verkopen, maar er wordt rekening gehouden met de situatie dat de gemeente de gronden aankoopt.
3. Wat is het gevolg op het exploitatieresultaat als niet alle grondeigenaren mee gaan doen?
3. Dit is afhankelijk van de grondeigenaar die niet mee doet. De grootste grondeigenaren hebben zich geconformeerd aan het plan. Hiermee is het gevolg op het exploitatieresultaat beperkt.
4. Hoe komt het dat fase 1 een exploitatietekort heeft en fase 2 niet?
4. Vanwege een combinatie aan factoren: inbrengwaarde, te realiseren programma, openbaar gebied, etc. Daarnaast is er voor fase 2 een
globale doorkijk gegeven en moet deze berekening in een later stadium nog worden uitgewerkt, 6. In bijlage 4 van het stedebouwkundig plan worden op blz 72 de randvoorwaarden mbt nutsvoorzieningen beschreven. In het plaatje is een gasleiding ingetekend. a. Wordt deze wijk niet gasloos?
6a. De woningen worden gasloos gebouwd. Het zou kunnen dat een andere functie wel gas nodig heeft. Daar is rekening mee gehouden.
b. In diezelfde bladzijde wordt aangegeven dat voorzieningen voor koude-warmteopslag niet in de openbare ruimte toegestaan zijn. Betekent dit dat elk ontwikkelblok (of zelfs elk woongebouw/elke woning) zijn eigen voorziening voor warmte en koude moet maken?
6b. De warmte- koude opslag vindt individueel per bouwblok of gebouw plaats. Er komt dus geen collectieve warmte- koude opslag.
c. Heeft dit geen negatief effect op het exploitatieresultaat? Of anders gezegd: kan een meer collectieve voorziening voor meerdere aangrenzende ontwikkelblokken een positief effect hebben op het exploitatieresultaat?
6c. Naar verwachting heeft dit geen negatief resultaat op het exploitatieresultaat.
7. De realisatie van het plan zal een grote toename van het aantal verkeersbewegingen leiden. a. Wat betekent dit voor de capaciteit van de huidige verkeersafwikkeling? Is deze wel voldoende? Zijn er aanpassingskosten buiten het gebied mbt bijvoorbeeld verkeer? b. Is er in de exploitatieberekening ook rekening gehouden met eventuele aanpassingskosten buiten het plangebied? Zo ja, welke? Zo nee, zijn deze er wel en is bekend welke extra kosten deze met zich meebrengen?
7a. Dit zal bij de uitwerking van het plan en bij de wijziging van het omgevingsplan worden onderzocht. 7b. In de GREX en gebiedsexploitatie is met de post “Bijdrage bovenwijks/buitenplans” rekening gehouden met onder andere kosten voor verkeersontsluitingen buiten het plan.