CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Ontwerp-programmabegroting 2026 - 2029 ODMH

Besluitvormende raadsvergadering 11 juni 2025, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Zienswijze ontwerp-programmabegroting 2026 – 2029 ODMH16.511 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

3 alinea's met “financiën”: 34 178 917

Specialistische taken De ODMH voert alle milieutaken uit inclusief in- en externe advisering op het gebied van bodem en ondergrond, geluid, lucht, ecologie, externe veiligheid en andere aspecten uit de fysieke leefomgeving. Bodem en Archeologie De ODMH ondersteunt en adviseert bij besluitvorming van wettelijke taken en bij de inrichting en het beheer van de openbare ruimte. Zo zorgen we dat er niet gebouwd wordt op ernstig verontreinigde grond, houden toezicht op het verantwoord toepassen van grond, stimuleren we hergebruik van grond en beschermen we archeologische waarden. Ook kan bodemonderzoek via de ODMH worden uitgevoerd. Daarnaast worden onze opdrachtgevers geïnformeerd over wijzigingen in de bodemregelgeving en geadviseerd hoe hiermee om kan worden gaan. Geluid en Lucht De meeste klachten die jaarlijks binnenkomen bij de ODMH hebben betrekking op geluid en lucht. Om die hoeveelheid klachten te verminderen en waar mogelijk te voorkomen voert de ODMH, bij voorkeur in een zo vroeg mogelijk stadium, bedrijfscontroles en metingen uit. Daarnaast adviseren wij op deze ’ evenementenvergunningen. Daarnaast ondersteunt de ODMH zijn opdrachtgevers in de breedte op ’ B dersteuning bij de uitvoering van de doelen uit het Schone Lucht Akkoord.

Ruimtelijke Ordening en Milieu (ROM), Ecologie en Externe veiligheid Het cluster ROM adviseert en ondersteunt op milieugebied bij ruimtelijke plannen in de regio MiddenHolland. In een zo vroeg mogelijk stadium brengt de ODMH de benodigde randvoorwaarden in kaart om ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken. Gezien dat ruimte steeds schaarser wordt, is dit meer en meer relevant. Ook hebben we aandacht voor kansen om de kwaliteit van de leefomgeving te verhogen.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

25 van 49

De ecologen van de ODMH waarborgen de ecologische inbreng in de ruimtelijke planvorming en ondersteunen de omgevingsvergunningverleners bij het uitvoeren van hun taak. Ook ondersteunen zij bij biodiversiteitsvraagstukken van onze opdrachtgevers. B x ’ productiefases van gevaarlijke stoffen (produceren, behandelen of vervoer) in kaart gebracht. We ’ et planvormingsproces.

4.3

Wat gaat het kosten? € 12.492.829. De complete begroting voor

het jaar 2026 ziet er als volgt uit:

Programmabegroting 2026 Milieu Baten

Lasten

Contractuele bijdragen Overige bijdragen Projectbaten Onttrekking reserves

-16.321.690 -67.511 -1.832.634 -277.748

Personeelskosten Apparaatskosten Directe productkosten Projectlasten Financieringslasten Dotatie reserves

10.171.142 366.766 110.754 1.832.634 11.534

Totaal baten

-18.499.582

Totaal lasten

12.492.829

Saldo van baten en lasten

-6.006.753

Voor de gemeentelijke en provinciale bijdragen voor het programma milieu wordt verwezen naar bijlagen 1 en 2.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

26 van 49

5

Programma bouw- en woningtoezicht

De ODMH voert naast de milieutaken, ook taken op het gebied van bouw- en woningtoezicht en ruimtelijke ordening (BWT-taken) uit voor de gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Waddinxveen en Zuidplas en de provincie Zuid-Holland. De afdeling Bouw- en woningtoezicht bestaat uit drie teams (team Juridische Zaken, team Toezicht en Handhaving en team Vergunningverlening).

5.1

Wat willen we bereiken?

De ODMH draagt bij aan een veilige, duurzame en gezonde leefomgeving. De afdeling BWT van de ODMH ziet namens de opdrachtgevers toe op de veilige bouw en het toegestane gebruik van gronden en bouwwerken. Wij doen dat door vergunningverlening, toezicht, handhaving en advisering op het gebied van bouwregelgeving en ruimtelijke ordening. De ODMH voert voor vier gemeenten de taken op het gebied van bouw- en woningtoezicht uit. Door de overdracht van de BWT-taken van gemeenten aan de ODMH wordt een betere dienstverlening aan ondernemers en inwoners mogelijk. De bundeling van kennis en taken leidt bovendien tot meer specialisme en minder kwetsbaarheid in de dienstverlening. De kwaliteit verbetert ook door een meer eenduidige wijze van vergunningverlening, toezicht en handhaving in de regio.

5.2

Wat gaan we daar voor doen?

De programmabegroting van de ODMH is gebaseerd op een inschatting van het aantal uur dat wij zullen leveren aan de opdrachtgevers. Deze inschatting maken we door het te verwachten aantal producten per opdrachtgever (gemeente/provincie) te vermenigvuldigen met het kental. Voor producten die vanwege hun aard of omvang niet geschikt zijn om op grond van een kental af te rekenen, zoals het voeren van vooroverleg op grond van conceptaanvraag en het afhandelen van principeverzoeken tot vaststelling van de vergunbaarheid, maken we een inschatting van het benodigde aantal uur per jaar. Na afronding van het product volgt een nacalculatie op het ‘ handhavingszaken en bezwaarprocedures inclusief me ’ Ook kunnen we op offertebasis aparte afspraken maken met de opdrachtgever (maatwerk). Deze maatwerkproducten rekenen we na afronding af op basis van de daadwerkelijk gemaakte uren. De algemene taken bundelen we in een regionaal budget en verdelen we op basis van de verdeelsleutel inwoneraantal. De regionale uren bestaan uit het organisatorisch inrichten en operationeel hebben van een klantencontactcentrum voor de gemeenten (frontoffice), het delen van gebiedskennis of datamanagement en het up-to-date houden van modellen.

Omgevingsvergunningverlening Voor de vier gemeenten die hun BWT-taken hebben overgedragen aan de ODMH handelen wij de aanvragen en het toezicht op de vergunning ingevolge de Omgevingswet af. Een omgevingsvergunning kan op meerdere activiteiten betrekking hebben zoals bouwen, slopen, kappen, reclame, aanleg, inritten en brandveilig gebruik. Leges De inning van de leges is en blijft een verantwoordelijkheid van de betreffende gemeente. Wel levert de ODMH de benodigde informatie voor de legesinning, zoals NAW-gegevens, de opgegeven Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

27 van 49

bouwkosten en de hoogte van de op te leggen legesaanslag. Ook kan de ODMH, als daar behoefte aan is, adviseren bij bezwaarprocedures. Toezicht en handhaving Toezicht Op grond van beleidsplannen en uitvoeringsplannen (Nota VTH) wordt, aan de hand van de gemeentelijke criteria, bepaald welk toezichtniveau noodzakelijk is per verleende omgevingsvergunning of activiteit. Vervolgens voeren we op basis van het vastgestelde toezichtniveau één of meerdere controles uit en stellen we een rapportage op van deze controles. Handhaving Naast toezicht voert de ODMH ook de handhaving uit. Handhaving is er op gericht illegale situaties te beëindigen. Het omvat onder meer het versturen van een voorwaarschuwing of een voornemen tot het opleggen van een last onder dwangsom of bestuursdwang, en het stilleggen van werkzaamheden. De B ’ inspecteurs en toezichthouders. Juridische aspecten en diverse Naast het behandelen van de aanvragen voor omgevingsvergunningen en uitvoeren van het toezicht en handhaving, voert de ODMH ook andere Omgevingswet-gerelateerde werkzaamheden uit die samenhangen met BWT-activiteiten.

Het gaat onder meer om: • informatieverstrekking over procedures en criteria; • bouwplantoetsing inclusief het geven van juridisch advies bij omgevingsplanwijzigingen; • advies over het restaureren of verbouwen van monumenten; • (coördinatie van) de toetsing van constructieberekeningen en –tekeningen; • het opstellen van rapportages en brieven ten aanzien van de constateringen bij toezichtbezoeken; • het opsporen van illegale Omgevingswet-gerelateerde activiteiten en het rapporteren hier over; • advisering t.a.v. asbesthandhaving, het beoordelen van asbestinventarisatierapporten en het begeleiden van asbestonderzoeken; • bezwaar- en beroepschriften en overige juridische procedures die verband houden met de BWTtaken (het opstellen van verweerschriften, om de vertegenwoordiging tijdens hoorzittingen in bezwaar- en beroepzaken en om het opstellen van besluiten op bezwaar); • afhandeling van verzoeken om planschade voor de gemeente Gouda • Afhandeling van Woo-verzoeken. Ook beschikt de ODMH over een wachtdienst die bouwgerelateerde voorvallen afhandelt. In het kader van de rampenbestrijding bemensen we onder meer de teams Bouwbeheer en Milieubeheer. Samen met een aantal gemeenten voert de ODMH een pilot uit toezicht op goed verhuurderschap.

Waar nodig voeren onze medewerkers het overleg met betrokken partijen zoals gemeenten, welstands- en monumentencommissies, de regionale brandweer en de waterschappen ten behoeve van bovenstaande werkzaamheden en taken. De niet-Omgevingswet gerelateerde zaken in bezwaar- en beroepsprocedures, alsmede juridische advies voor de niet Omgevingswet-taken blijven bij de gemeenten (met uitzondering van de afhandeling van verzoeken om planschade voor de gemeente Gouda).

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

28 van 49

5.3

Wat gaat het kosten?

Het begrotingstotaal van het programma bouw- en woningtoezicht bedraagt € 7.090.937. De complete begroting voor het jaar 2026 ziet er als volgt uit:

Programmabegroting 2026 BWT Baten

Lasten

Contractuele bijdragen Overige bijdragen Projectbaten Onttrekking reserves

-8.547.952 -30.000 -30.107 -130.172

Personeelskosten Apparaatskosten Directe productkosten Projectlasten Financieringslasten Dotatie reserves

6.856.079 189.423 15.328 30.107 -

Totaal baten

-8.738.231

Totaal lasten

7.090.937

Saldo van baten en lasten

-1.647.296

Voor de gemeentelijke en provinciale bijdragen voor het programma BWT wordt verwezen naar bijlagen 1 en 2.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

29 van 49

6

Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien

6.1

Overhead

Het BBV f en bouw- en woningtoezicht bevatten geen kosten en opbrengsten van overhead meer. I

BB

f

’

‘A ’

Overhead bestaat in elk geval uit: 1. Leidinggevenden primair proces (hiërarchisch). Projectleiding valt hier buiten. Het betreft alle hiërarchische leidinggevenden in het primair proces. Zij hebben een personele verantwoordelijkheid waaronder het voeren van functioneringsgesprekken. Niet: projectleiding en coördinatoren. 2. Financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie. Het betreft functies als controllers, financieel adviseurs en specialisten, planning & control, financiële verantwoording, administratieve organisatie, risicomanagement, (EDP) auditing, interne kwaliteitszorg, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie; 3. Human Resource (HR). Het betreft salarisadministratie, HRM-advies, organisatie- en formatieadvies, OR-ondersteuning, mobiliteitscentrum, coaching, leren en ontwikkelen, bedrijfsmaatschappelijk werk, ARBO, recruitment, arbeidsvoorwaarden, HR-control. Het is exclusief opleidingen, welke door HR gegeven worden en gericht zijn op de directe uitvoeringspraktijk. 4. Inkoop (inclusief aanbesteding en contractmanagement). 5. Interne en externe communicatie m.u.v. klantcommunicatie (KCC). Het gaat om zowel interne als externe communicatie. Niet: projectcommunicatie en medewerkers die bij een projectbureau werken. 6. Juridische zaken.

Het betreft juridische medewerkers die op de bedrijfsvoering afdeling werken of belast zijn met een bedrijfsvoeringstaak op een afdeling. Niet: afhandeling van bezwaar- en beroepschriften. Niet: juristen die primaire taken verrichten (bijvoorbeeld vergunningverlening). 7. Bestuurszaken en bestuursondersteuning. Het betreft bestuursadviseurs en bestuursondersteuner, zijnde de ambtelijke ondersteuning en beleidsadvisering van de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders. Niet: raadsgriffie (behoort tot facilitering bestuursorganen, taakveld 0.1). 8. Informatievoorziening en automatisering (ICT). Het betreft medewerkers informatisering en automatisering, systeem-en netwerkbeheer, werkplekondersteuning, helpdesk, ontwikkeling ICT projectmanagement, technisch applicatiebeheer en functioneel applicatiebeheer dat door bedrijfsvoering medewerkers wordt gedaan (het is exclusief functioneel beheer ten behoeve van primaire proces systemen). 9. Facilitaire zaken en Huisvesting. Het is inclusief receptie, beveiliging en catering en gebouwenbeheerders. 10. DIV.

Het betreft medewerkers die kaders stellen en richtlijnen ontwikkelen, zich bezighouden met expertise-ontwikkeling, adviseren bij procesinrichting en –aansluitingen op e-depot, DMS inrichten en beheren, zich bezighouden met postregistratie en e-depot, archiefonderzoeken en coördineren (niet zijnde leidinggevende), fysieke en digitale documenten verwerken, vernietigen en overbrengen en fysiek en digitaal archief opbouwen en beheren.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

30 van 49

11.

Managementondersteuning primair proces. Het betreft secretariaten, office management en management assistentie in het primair proces.

Bovenstaande indeling kan teruggebracht worden tot de volgende uitgangspunten als men naar de gehele organisatie kijkt. • Directe kosten zoveel mogelijk direct toerekenen aan de betreffende taakvelden. • Ondersteunende taken zijn niet direct dienstbaar aan de externe klant of het externe product en behoren derhalve tot de overhead. Wanneer deze ondersteunende taken worden uitbesteed, behoren de uitbestedingskosten bedrijfsvoering tot de overhead (bijvoorbeeld uitbesteding salarisadministratie). • Sturende taken vervuld door hiërarchisch leidinggevenden behoren tot de overhead. De bijbehorende loonkosten behoren ondeelbaar tot de overhead. • De positionering van een functie binnen de organisatie heeft geen invloed op de beoordeling of er sprake is van overhead. Specifiek voor de ODMH kunnen de volgende conclusies getrokken worden: • De afdeling Bedrijfsvoering wordt toegerekend aan de overhead met uitzondering van het cluster Functioneel en Gegevensbeheer, welke de systemen van het primair proces in beheer heeft. • De huisvestingslasten zijn overhead met uitzondering van de kosten die gemaakt worden voor de Zwanebloem. • Alle loonkosten van MT-leden en teamleiders van de afdelingen milieu en BWT behoren tot de overhead. • Alle loonkosten van de bedrijfskundige en communicatiemedewerkers behoren tot de overhead.

• De juristen op het gebied van milieu en BWT behoren tot het primair proces. Juristen op het gebied van bedrijfsvoering en bestuursondersteuning behoren tot de overhead. • Beleidsadvisering op het gebied van milieu en BWT behoort tot het primair proces.

6.2

Vennootschapsbelasting

Per 1 januari 2016 is de Wet Modernisering Vennootschapsbelastingplicht Overheidsondernemingen in werking getreden. Ondersteund door een fiscalist van Deloitte heeft de ODMH onderzocht welke gevolgen deze wet heeft voor de dienst. Geconcludeerd is dat de ODMH aangemerkt wordt als ondernemer in de zin van de wet voor een beperkt aantal van haar aanvullende taken. Niet voor de primaire taken voor milieu en BWT. Omdat op deze aanvullende taken geen winst behaald wordt, is de ODMH volledig vrijgesteld van aangifte én van de administratieve rompslomp die daarbij komt kijken. Om ook in de toekomst gevrijwaard te blijven van aangifte, moet de ODMH deze en eventuele nieuwe taken blijven monitoren.

6.3

Onvoorzien

De ODMH heeft net als voorgaande jaren geen post onvoorzien opgenomen in haar begroting.

6.4

Wat gaat het kosten? € 8 399.350. De complete begroting voor het jaar

2026 ziet er als volgt uit:

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

31 van 49

Programmabegroting 2026 Overhead Baten

Lasten

Contractuele bijdragen Overige bijdragen Financieringsbaten Onttrekking reserves

-498.758 -200.000 -46.543

Personeelskosten Apparaatskosten Directe productkosten Projectlasten Financieringslasten Dotatie reserves

5.553.611 2.779.142 66.596 -

Totaal baten

-745.301

Totaal lasten

8.399.350

Saldo van baten en lasten

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

7.654.049

32 van 49

7

Paragrafen

Artikel 26 van het BBV schrijft de volgende paragrafen voor.

7.1

Lokale heffingen

De paragraaf betreffende de lokale heffingen is voor het ODMH niet van toepassing.

7.2

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

De paragraaf weerstandsvermogen dient te omvatten: a. Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover het ODMH beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; b. Een inventarisatie van de risico's, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Hierbij dient bijvoorbeeld te ’ ingen, rechtmatigheid, garantieverplichtingen, voldoen aan formele voorschriften met betrekking tot de uitvoering van regelingen door het ODMH; c. ’ Weerstandsvermogen Bij het weerstandsvermogen gaat het om de mate waarin de ODMH in staat is middelen vrij te maken om substantiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd moet worden. Een buffer is daarom wenselijk. Bij het weerstandsvermogen gaat het dus om de robuustheid van de begroting. In de regeling voor de ODMH is bepaald dat de kosten, die niet uit andere inkomsten kunnen worden gedekt, ten laste van de deelnemende organisaties komen. Dat impliceert dat de financiële gevolgen ’ en worden opgevangen, uiteindelijk ten laste van de deelnemende organisaties zullen worden gebracht. Deze bepaling zou tot de opvatting kunnen leiden, dat het voor de ODMH niet nodig is om over weerstandscapaciteit te beschikken.

Daartegen staan de volgende argumenten: • De ODMH is zelfstandig rechtspersoon met eigen bevoegdheden en verantwoordelijkheden. • Het is onwerkbaar voor de ODMH (en voor de provincie en gemeenten) als de ODMH zich voor iedere tegenvaller tot hen moet wenden, met het verzoek om een (incidentele of structurele) verhoging van de bijdrage. Weerstandscapaciteit Wanneer een risico zich voordoet, welke niet kan worden opgevangen in de reguliere exploitatie, zal in eerste instantie een beroep gedaan worden op de weerstandscapaciteit. Tot de aanwezige weerstandscapaciteit kunnen worden gerekend (in volgorde van aanspreken bij het voordoen van een risico): 1. Algemene reserve 2. Verhoging jaarlijkse bijdrage 3. Verzilveren eventuele stille reserves De hoogte van de weerstandscapaciteit op basis van de geprognosticeerde standen is als volgt: Algemene reserve: € 1.400.653 (geprognosticeerde stand per begin 2026)

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

33 van 49

’ ’ in 2024 geactualiseerd en ook financieel vertaald. Om aan te sluiten bij algemeen aanvaarde grondslagen is hierbij gebruik gemaakt van NARIS, de methodiek van het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR). De uitkomsten van de initiële risicoanalyse volgens deze methode zijn meegenomen in de Nota Weerstandsvermogen & Risicomanagement 2018. De uitgevoerde risico-inventarisatie inclusief kwantificering is een logische basis voor het bepalen van het gewenste weerstandsvermogen. Bij de actualisatie van 2024 is vooral gekeken naar de invloed van de Omgevingswet op onze werkzaamheden. Deze nieuwe wetgeving zorgt voor een gewijzigde ’ van de tijdsbesteding. De arbeidsmarkt is nog steeds moeizaam en zorgt daarmee ook voor een risicoverhogend effect. Dit effect wordt door ons bestreden door het inzetten van goed scorende wervingsacties, al dan niet optrekkend met de andere omgevingsdiensten in Zuid-Holland. In de loop van 2025 zal een uitgebreide actualisatie van de risico-inventarisatie plaatsvinden. Hiermee stappen we over op NARIS Next, een verbeterde versie van de gebruikte software en gaan we de ’ veel aandacht geschonken zal worden aan de gevolgen en de ’ de bezuinigingsopdracht, die ook zijn weerslag heeft op de gemeenschappelijke regelingen.

De in NARIS uitgevoerde risicosimulatie op basis van de inventarisatie in 2024 levert de volgende tabel met de bij de zekerheidspercentages behorende bedragen voor het benodigde weerstandsvermogen op:

Zekerheidspercentage 10% 25% 50% 75% 80% 90% 95% 99%

Bedrag € 404 910 € 598 452 € 874 109 € 1 232 735 € 1 336 382 € 1 625 571 € 1 887 293 € 2 465 820

Uitgaande van het door het NAR geadviseerde zekerheidspercentage van 90% voor het totaal aan ’ f deze risico€ 1 625 571 Conform de wens van het algemeen bestuur om het weerstandsvermogen van de ODMH te compartimenteren in een BWT- en een milieudeel, wordt het weerstandsvermogen in 2 delen ’ B T s verdeelsleutel : 13% B T 31% ’ 56% die verhouding verdeeld. Het gewenste gecompartimenteerde weerstandvermogen ziet er dan als volgt uit:

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

34 van 49

Gewenst weerstandvermogen: Aandeel BWT € 480 282 Aandeel milieu € 1 145 289 Totaal € 1.625.571

f € 1 625 571 weerstandscapaciteit bedraagt op 1 januari 2026 € 1 400 653 worden dat de berekende aanwezige weerstandscapaciteit in 2026 naar verwachting 86,1% van het gewenste weerstandvermogen bedraagt. Ondanks het gecompartimenteerde weerstandsvermogen behoudt de ODMH één algemene reserve. Deze wordt dus niet feitelijk gesplitst, maar slechts gelabeld conform de risico-inventarisatie. Kengetallen Op grond van een ministeriële regeling moeten de volgende financiële kengetallen weergegeven worden. Verloop van de kengetallen

Kengetallen: netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte grondexploitatie belastingcapaciteit

Verslag 2024 5,9% 5,9% 20,8% 1,6% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2026 6,4% 6,4% 22,2% -1,2% n.v.t. n.v.t.

Verloop van de kengetallen

Kengetallen: netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte grondexploitatie belastingcapaciteit

Begroting 2025 9,0% 9,0% 16,8% 0,0% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2027 5,4% 5,4% 18,8% -1,2% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2028 4,3% 4,3% 18,5% 0,0% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2029 3,5% 3,5% 18,2% 0,0% n.v.t. n.v.t.

De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Normaliter ligt de netto schuldquote tussen 0% en 90%. Pas bij 100% wordt de kritische norm bereikt. De ODMH voldoet dus ruim aan de norm. Het corrigeren voor alle verstrekte leningen wijzigt de netto schuldquote niet. De ODMH verstrekt immers geen leningen. Solvabiliteit gaat over de vraag of een organisatie in staat is om aan alle financiële verplichtingen te voldoen. De VNG hanteert als richtlijn een minimum omvang van 20% als norm. De solvabiliteit van de ODMH fluctueert rond die norm. De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Uit de resultaten blijkt dat de structurele baten en lasten van de ODMH gelijk zijn, hetgeen een financieel gezonde situatie weergeeft.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

35 van 49

De kengetallen voor de grondexploitatie en de belastingcapaciteit zijn niet van toepassing op de ODMH.

7.3

Onderhoud kapitaalgoederen

In deze paragraaf dient inzicht te worden gegeven in de realisatie van het beleid ten aanzien van het onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties ten opzichte van de begroting. Het gaat hierbij tevens om het verlangde onderhoudsniveau, de (lange termijn) onderhoudsplanning voor alle belangrijke activa en het voorzieningenbeleid ter zake. Sinds begin 2015 is het Midden-Hollandhuis eigendom van de ODMH. Voor het meerjaren onderhoud is een voorziening beschikbaar, die gebaseerd is op het meerjaren onderhoudsplan. In het begin van 2025 het meerjaren onderhoudsplan van het Midden-Hollandhuis geactualiseerd. Op basis van dit geactualiseerde onderhoudsplan is met ingang van 2024 de dotatie aan de voorziening voor het € 68 000 dekking van de afschrijvingslasten, die voortvloeien uit de investeringen, die de ODMH de komende jaren moet gaan plegen voor de verduurzaming van het Midden-Hollandhuis. Hiervoor zijn twee ’ 2025 besluiten welk scenario gevolgd gaat worden. Afhankelijk van de scenariokeuze, de subsidiemogelijkheden en de besparingen die de verduurzaming zal opleveren, kan bepaald worden of deze dekking voldoende is.

7.4

Financiering

In deze paragraaf dient de realisatie van de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille te worden opgenomen. In de vergadering van het algemeen bestuur van de ODMH van 14 maart 2019 is het actuele Treasurystatuut vastgesteld. In dit statuut wordt de beleidsmatige infrastructuur van de treasuryfunctie vastgelegd in de vorm van uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten. Het statuut maakt een objectieve en transparante verantwoording vooraf en achteraf mogelijk. Jaarlijks wordt zowel in de begroting als in de jaarrekening een treasuryparagraaf opgenomen. In deze paragraaf worden de specifieke beleidsvoornemens respectievelijk de uitvoering van het beleid op het gebied van de treasury vastgelegd. In het kort wordt de huidige situatie weergegeven met betrekking tot een aantal aandachtspunten: Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden voorzien in de vorm van kortlopende middelen. Volgens de wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) bedraagt de kasgeldlimiet 8,2% van het totaal van de (primitieve) € 26,0 miljoen, f € 2,1 miljoen. De confrontatie van de kasgeldlimiet aan de netto vlottende schuld vindt per kwartaal plaats. Geldstromenbeheer “ ï “ B N BN betalingsverkeer is zoveel mogelijk uitgevoerd door de BNG.

Vanaf december 2013 heeft de overheid het schatkistbankieren voor o.a. de gemeenschappelijke regelingen verplicht gesteld. De ODMH bezit geen aandelen en financiële derivaten. Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

36 van 49

Renterisicobeheer Bij het aantrekken van langlopende financiering stelt de wet Fido een norm waaraan het renterisico van de langlopende opgenomen leningen als geheel moet voldoen. Deze norm wordt aangeduid als de renterisiconorm en bedraagt 20% van het begrotingstotaal. De aflossingen en renteherzieningen van de bestaande leningenportefeuille mogen jaarlijks deze norm niet overschrijden. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal van € 28,0 f € 5 6 miljoen. De toetsing van het renterisico aan de norm laat zien dat de ODMH binnen de norm blijft. De berekening van deze toetsing is als volgt: Renterisico's Renteherzieningen 2026 Aflossingen 2026 Renterisico 2026

67 67

Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal 2026 Percentage conform regeling Renterisiconorm 2026

27.983 20% 5.597

Toetsing renterisco aan norm Renterisico Renterisiconorm Onderschrijding

67 5.597 5.530

Bedragen x € 1.000,-

Financiering Tegelijk met het pand heeft de ODMH de bijbehorende geldlening van het ISMH overgenomen. Op 1 januari 2026 € 2 111.176. De lening is annuïtair en het rentepercentage bedraagt sinds 1 juli 2024 3,34% met een rentevastperiode van 10 jaar. De geldlening eindigt na die 10 jaar op 30 juni 2033. ’ f van de exploitatielasten niet noodzakelijk. Renteschema Het vernieuwde BBV stimuleert een eenduidige handelwijze met betrekking tot rente (harmonisering) en het eenduidig inzichtelijk maken van de wijze waarop de overheden met rente zijn omgegaan (transparantie). Daarbij is het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt uitgegaan van de (verwachte) werkelijke rentelasten.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

37 van 49

Renteschema Externe lasten over de korte en lange financiering Externe baten Saldo rentelasten en rentebaten Aan projectfinanciering toe te rekenen rente Aan taakvelden toe te rekenen externe rente Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld Treasury

Bedrag 66.596 -200.000 -133.404 0 0 0 0 0 0 -133.404

De ODMH betaalt alleen rente over haar geldlening voor het pand en rekent deze toe aan het taakveld 0.5 Treasury. Het renteresultaat is nihil. In onderstaand schema is de toerekening aan het pand omschreven als projectfinanciering.

7.5

Bedrijfsvoering

De afdeling Bedrijfsvoering levert diensten aan de overige afdelingen van de ODMH. Ook worden diensten aan HECHT (GGD), Regio Midden-Holland en het Streekarchief geleverd. Dit gebeurt op basis van dienstverleningsovereenkomsten met genoemde organisaties. De afdeling Bedrijfsvoering ondersteunt de uitvoering van het programma. Het welslagen van het programma is mede afhankelijk van de doelmatigheid, transparantie en kwaliteit van de bedrijfsvoering. De externe dienstverlening is gebaat bij een goede interne bedrijfsvoering. De paragraaf bedrijfsvoering dient inzicht te geven in de stand van zaken en de realisatie van de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. Hierbij gaat het om de volgende onderwerpen: Human Resource (HR): Tot de reguliere taken van HR behoren onder andere het HR-beleid, werving en selectie, advisering en de personeels- en salarisadministratie. De ODMH streeft ernaar een inclusieve overheidsorganisatie te zijn, waar vacatures zijn voor hoog- en minder hoogopgeleiden maar ook voor participatiebanen. Wij voeren een actief stagebeleid en ondernemen gezamenlijke acties met andere omgevingsdiensten in de regio, met name op het terrein van arbeidsmarktcommunicatie. Dit om de krapte op de arbeidsmarkt het hoofd te bieden. Daarom zetten wij in op competenties van onze (nieuwe) medewerkers, geven ruimte aan ontwikkeling en groei.

Externe inhuur In de vergadering van het algemeen bestuur van 13 maart 2025 is besloten dat de ODMH 4% bezuinigt vanaf 2026. De ODMH ziet mogelijkheden om die bezuinigingsopdracht voor ongeveer 2,5% in te vullen door de flexibele schil te verkleinen. Voor functies die nu ingevuld worden door inhuur zullen vaste medewerkers gezocht worden. In de huidige, krappe arbeidsmarkt zal dat een uitdaging worden, die we graag aangaan. Een kleinere flexibele schil blijft nodig om schommelingen in de personele behoefte op te kunnen opvangen met zo min mogelijk gevolgen voor ons personeel in vaste dienst. Schommelingen worden veroorzaakt door onder andere de conjunctuur en veranderingen in wetgeving zoals de Omgevingswet, Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en de overdracht van provinciale bodemtaken naar gemeenten onder de Omgevingswet.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

38 van 49

Financieel beheer en Administratieve organisatie: Bij de vaststelling van de Financiële Verordening artikel 216 van de Provinciewet en Controle verordening artikel 217 van de Provinciewet f ’ geactualiseerd: - reserves en voorzieningen iedere 4 jaar; - tarieven op verzoek van algemeen bestuur; - weerstandsvermogen en risicomanagement iedere 4 jaar; Facilitaire zaken: Tot de facilitaire taken behoren inkoop, receptie- en reprowerkzaamheden. Ook zorgt dit cluster voor het beheer van het pand aan de Thorbeckelaan 5, het Midden-Hollandhuis. Duurzaam inkopen De ODMH streeft naar duurzame keuzes. Naast kwaliteit en doelmatigheid, is duurzaamheid een belangrijk uitgangspunt in ons inkoopproces. Op dit moment speelt onder andere de verduurzaming van ons kantoorpand. Informatisering en automatisering De in gebruik zijnde data bij de ODMH is in meerdere opzichten waardevol. In eerste plaats uiteraard aangaande de eigen dienstverlening. Er zijn echter ook externe partijen die interesse tonen in deze gegevens. Zolang dit een bij ons bekende partij is, is dit uiteraard conform onze richtlijnen en verloopt dit dataverkeer legitiem en gecontroleerd. Helaas zijn er ook partijen die op illegale wijze zich toegang proberen te verschaffen tot de infrastructuur bij de ODMH. Onze dienst beschikt echter over een geavanceerde firewall. Al het verkeer wordt hierop gemonitord.

Dat gebeurt actief (directe controle van de systemen en logs) alsmede passief (controle van geautomatiseerde processen). De aandacht van ongewenste partijen is volop aanwezig, dit wordt duidelijk uit die controles. Slechts een klein percentage van de aanlogpogingen is legitiem, het overgrote deel is ongewenst. De zwakste schakel is een interessant doelwit voor deze illegale entiteiten. Deze schakel vormt de mens en in deze context meer precies: de medewerker bij de ODMH. Uiteraard wordt hier vanuit ICT op geacteerd: inloggen middels password en een separate uitvraag op de mobiele telefoon van de werknemer vormt de eerste beperking, de zogenaamde MFA (multi-factor authenticatie). Ook wordt er op verschillende manieren gewerkt aan de bewustwording bij de medewerker, onder andere door middel van trainingen. Een betrouwbare back-up van essentieel belang. De ODMH heeft daarom de reguliere dagelijkse back-ups op de hoofdlocatie. Deze worden direct gerepliceerd naar een CoLocatie in een datacenter. Ook wordt er een extra back-up in de cloud gecreëerd en eveneens op een fysieke gegevensdrager. Deze laatste wordt wekelijks naar een externe kluis gebracht. De hier bovenstaande maatregelen zijn een aantal belangrijke maatregelen met als doel de integriteit van de data bij de ODMH te bewaken en daardoor te kunnen garanderen.

Digitalisering De ODMH zit zich continu in om zijn informatievoorziening goed te laten aansluiten bij de informatiebehoefte van zijn medewerkers, ketenpartners en burgers/bedrijven. In 2026 gaan we verder met het ontwikkelen van slimme informatieproducten, waarmee we ons werk beter en sneller kunnen uitvoeren. Nieuwe regelgeving als de Wet open overheid (Woo) en de Wet modernisering

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

39 van 49

elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv), vergt extra inzet tijdens de implementatie, maar biedt ook kansen om verdere stappen te zetten naar een open overheid en betere dienstverlening. Informatieveiligheid De ODMH hecht grote waarde aan informatiebeveiliging. De ODMH volgt de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). Hieraan verbonden maatregelen zoals back-up, multi-factorauthenticatie, storage zijn doorgevoerd. De ODMH heeft een CISO (Chief Information Security Officer aangesteld om informatiebeveiliging verder te optimaliseren en borgen. Op het gebied van persoonsgegevens heeft de ODMH een Functionaris Gegevensbescherming (FG) aangesteld. Die ziet toe op de naleving van de in de AVG en Wpg vastgelegde bepalingen en adviseert daarover. Het belang van de CISO wordt uiteraard ook door andere omgevingsdiensten onderschreven. Het aantrekken van een volledige fte is slechts voor een enkele omgevingsdienst haalbaar. Daarom gaan de 5 Zuid-Hollandse omgevingsdiensten op dit gebied een samenwerking aan. Een gezamenlijk team van CISO's en AVG-functionarissen, zoals een Functionaris gegevensbescherming en privacyofficers gaat de vijf omgevingsdiensten bedienen. Een groot voordeel is dat de werkzaamheden van de omgevingsdiensten vele overeenkomsten vertonen. Procedures kunnen hierdoor eenvoudiger eenmaal worden ontwikkeld en bij meerdere omgevingsdiensten worden ingezet.

Dit traject zal medio 2025 moeten zijn geïmplementeerd.

7.5.1 Rechtmatigheid Met ingang van verslagjaar 2023 legt het dagelijks bestuur zelfstandig verantwoording af in de jaarrekening over de naleving van de financiële rechtmatigheid. De rechtmatigheidsverantwoording heeft betrekking op drie criteria: begrotingscriterium, voorwaardencriterium en het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium. In navolging van het controleprotocol worden verbijzonderde interne controles (VIC) uitgevoerd, waarbij we in nauwe samenspraak met de accountant de omvang van de steekproeven en de uit te voeren controles bepaald hebben. Hoe we controleren, leggen we jaarlijks vast in het intern controleplan. Met onze interne controles hanteren we de goedkeurings- en rapporteringstoleranties, zoals vastgelegd in het Controleprotocol. Voor 2024 golden de volgende percentages. Rapporteringstolerantie Fouten in de jaarrekening (% lasten) Onduidelijkheden in de controle (% lasten)

Verantwoordingsgrens 1% 1%

Op basis van de programmabegroting zal de verantwoordingsgrens in 2026 circa € 280.000 bedragen. De werkelijke verantwoordingsgrens wordt bepaald door de gerealiseerde lasten in 2026. Begrotingscriterium De begrotingsrechtmatigheid heeft betrekking op het financiële handelen binnen het kader van de geautoriseerde begroting. Dit wordt f : “F ë ten grondslag liggen aan de baten en lasten (exploitatie), alsmede de balansposten (investeringen), dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee ’ Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

40 van 49

Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving, zowel intern als extern. Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Het derde criterium betreft misbruik en oneigenlijk gebruik. De ODMH heeft geen specifiek M&Obeleid. Gelet op de aard van de primaire taken die ODMH uitvoert en de financiële processen die daaraan ten grondslag liggen, achten wij een M&O-beleid niet relevant. Immers, de ODMH verstrekt geen subsidies, uitkeringen of andere voorzieningen of emolumenten waar misbruik of oneigenlijk gebruik van kan worden gemaakt. Ook heft de ODMH geen belastingen of leges. Ook andere omgevingsdiensten, die dezelfde producten leveren en processen hebben ingericht, zien geen aanleiding om M&O-beleid te ontwikkelen. Waar het het risico op fraude betreft, verwijzen wij naar het vastgestelde Integriteitsbeleid, en de waarborgen die zijn getroffen in de (financiële) processen om fraude te voorkomen. Veelal is M&O-beleid geïntegreerd binnen de processen. Qua onderbouwing van de verantwoording op dit gebied kan daarom gebruik worden gemaakt van de procescontroles die worden uitgevoerd om vast te stellen of voldaan is aan het voorwaardencriterium.

7.5.2 Openbaarheid Op 1 mei 2023 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. Deze wet verplicht bestuursorganen om verschillende categorieën documenten uit eigen beweging openbaar te maken (actieve openbaarmakingsplicht). Deze verplichting treedt voor de verschillende informatiecategorieën gefaseerd in werking. In de jaarlijkse verantwoording moet verslag worden gedaan van de uitvoering van de Woo. De ODMH heeft in 2024 als volgt invulling gegeven aan de verplichtingen uit de Woo: de ODMH is aangesloten op de Woo-index: Woo-index Omgevingsdienst Midden-Holland | Overheid.nl en houdt de index actueel. De ODMH maakte in 2024 de volgende informatiecategorieën actief openbaar: bereikbaarheidsgegevens, informatie over de organisatie en werkwijze, de agenda en vergaderstukken van het algemeen bestuur, besluiten van algemene strekking, verordeningen, de besluiten op Woo-verzoeken en sommige beschikkingen. De ODMH bereidt zich voor op de openbaarmaking van de overige informatiecategorieën.

7.6

Verbonden partijen

De ODMH heeft op dit moment geen verbonden partijen (een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeenschappelijke regeling een bestuurlijk én een financieel belang heeft). De relatie tussen de ODMH en de deelnemende provincie en gemeenten valt niet onder deze noemer.

7.7

Grondbeleid

De verplichte paragraaf Grondbeleid is niet van toepassing voor de ODMH.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

41 van 49

8

Vaststelling begroting van baten en lasten 2026 - 2029

Het algemeen bestuur van de omgevingsdienst Midden-Holland, ▪ gezien het voorstel van het dagelijks bestuur van 3 april 2025, ▪ gezien de toezending van de ontwerpbegroting aan de raden van de deelnemende gemeenten en aan Provinciale Staten van de Provincie Zuid-Holland, twaalf weken voor de vaststelling in het algemeen bestuur, BESLUIT: De gewijzigde programmabegroting van baten en lasten voor de jaren 2026 – 2029 vast te stellen.

Aldus besloten in de openbare vergadering van het algemeen bestuur op 26 juni 2025.

De secretaris,

De voorzitter,

………………

………………

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

42 van 49

Bijlagen

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

43 van 49

Bijlage 1: Bijdragen 2026

Organisatie

Milieu Regulier jaarprogramma Overdracht bodemtaken Bezuiniging 1,5% Materieel budget Korting publicatiekosten Totaal milieu

Alphen aan den Rijn

Bodegraven Reeuwijk

Uren

Uren

Bijdrage

Bijdrage

Uren

Bijdrage

3.841.168 14.855,0 16.955 61,0 57.872n.v.t.

1.713.376 17.900,0 7.036 67,0 25.806n.v.t.

2.064.586 21.445,0 7.728 114,0 31.085n.v.t.

2.473.466 13.149 37.299-

33.450,0

3.800.251

14.916,0

1.694.605

17.967,0

2.041.229

21.559,0

2.449.316

16.254,0 337.485 5.062n.v.t. 332.423 16.254,0 4.132.674 31.170,0

1.874.736

22.024,0

2.540.248

28.121-

n.v.t.

38.104-

2.823,0 n.v.t.

325.605 4.884-

1.846.615 3.541.221

22.024,0 39.991,0

2.502.144 4.543.374

2.823,0 24.382,0

320.721 2.770.037

2.926,0 36.376,0

Organisatie

Provincie Zuid-Holland

Bouw- en woningtoezicht Regulier jaarprogramma Sloopmelding en -toezicht Bezuiniging 1,5% BRIKS-advisering Totaal bouw- en woningtoezicht Totaal

Uren

Krimpenerwaard

33.303,0 147,0 n.v.t.

Bouw- en woningtoezicht Regulier jaarprogramma Sloopmelding en -toezicht Bezuiniging 1,5% BRIKS-advisering Totaal bouw- en woningtoezicht Totaal

Milieu Regulier jaarprogramma Overdracht bodemtaken Bezuiniging 1,5% Materieel budget Korting publicatiekosten Totaal milieu

Bijdrage

Gouda

2.926,0 n.v.t.

Waddinxveen

Zuidplas

Totaal

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

26.234,0 500,0n.v.t. n.v.t. n.v.t. 25.734,0

3.025.830 57.67044.52254.500 30.0002.948.137

11.729,5 38,0 n.v.t.

1.352.881 4.383 20.359-

18.545,5 73,0 n.v.t.

2.139.038 144.012,0 8.420 32.212-

11.767,5

1.336.904

18.618,5

2.115.246

13.099,5

1.510.896

18.113,0

2.089.153

n.v.t.

22.663-

n.v.t.

13.099,5 24.867,0

1.488.233 2.825.137

18.113,0 36.731,5

n.v.t. 25.734,0

50.000 50.000 2.998.137

Uren

Bijdrage

144.012,0

16.610.344 249.15554.500 30.00016.385.689

69.490,5 5.749,0 31.3372.057.816 75.239,5 4.173.062 219.251,5

8.015.034 663.090 130.17250.000 8.597.952 24.983.641

Index 2026: 2,22% Bezuiniging op tarief 2026: 2,5% Uurtarief 2026: € 115 34

Toelichting uurtarief Het uurtarief voor het jaar 2026 is tot stand gekomen door het uurtarief van 2025 te indexeren met 2,22% en deze vervolgens met 2,5% te verlagen als uitvoering van een deel van de bezuinigingsopdracht. Voor verdere uitleg wordt verwezen naar hoofdstuk 2.1 Uitgangspunten. Toelichting bezuiniging Conform het besluit in de vergadering van het algemeen bestuur op 13 maart 2025 wordt in 2026 in het kader van het zogenaamde Ravijnjaar een bezuiniging op de bijdragen toegepast van 4%. Een deel daarvan wordt uitgevoerd door het tarief in 2026 met 2,5% te verlagen. Dit betreft meteen een structurele bezuiniging, omdat die eenmalige verlaging doorwerkt in de tarieven van de latere jaren. Het andere deel (1,5%) wordt vooralsnog in 2026 en 2027 uitgevoerd door een korting te geven op de bijdragen BWT en milieu. Deze korting wordt gedekt vanuit de bestemmingsreserve Ontwikkelingen. Vooruitlopend op de vaststelling van de jaarrekening 2024 in juni 2026 heeft het algemeen bestuur besloten het resultaat van die jaarrekening te storten in die bestemmingsreserve Ontwikkelingen en Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

44 van 49

deze gelden te gebruiken als tijdelijk dekkingsmiddel in de periode waarin gezocht gaat worden naar structurele bezuinigingen. De gevonden oplossingen zullen vanaf 2028 voor de structurele invulling van de bezuiniging van 1,5% moeten gaan zorgen. Toelichting reguliere jaarprogramma’s milieu ’ zijn voor de gemeenten Alphen aan den Rijn, Bodegraven Reeuwijk, Krimpenerwaard, Waddinxveen en Zuidplas ’ 2025. Bij Alphen aan den Rijn en Bodegraven Reeuwijk zonder de incidentele uren van 2025. Het jaarprogramma van de gemeente Gouda is gebaseerd op de omvang van het jaarprogramma 2024. Voor het jaarprogramma van de Provincie Zuid-Holland geldt dat de uren afnemen door de verdere overdracht van de bodemtaken naar de gemeenten. Omdat de ODMH één uurtarief hanteert, deelt de Provincie ook mee in bezuiniging als gevolg van het verlagen van het tarief. Omdat de Provincie geen bezuinigingsopgave heeft, wordt de korting van 1,5% niet op de bijdrage toegepast. Overdracht bodemtaken Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet hebben een aantal veranderingen plaatsgevonden in de verantwoordelijkheden en bevoegdheden die gemeenten op het beleidsterrein bodem en ondergrond hebben. Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn alle gemeenten bevoegd gezag geworden over de bodem.

In aanvulling op de overdracht in 2024 en 2025 worden in 2026 nog 500 uur overgedragen van de Provincie naar de gemeenten. Dit betekent voor de provincie een verlaging van het aantal uren en voor de gemeenten een verhoging van het aantal uren. Voor een verdere toelichting wordt verwezen naar hoofdstuk 2.1 Uitgangspunten. Klimaatadaptatie In het reguliere jaarprogramma van de gemeente Krimpenerwaard zijn 300 uur opgenomen ten behoeve van klimaatadaptatie. Deze uren zijn incidenteel. Toelichting reguliere jaarprogramma's BWT ’ B T B R , Waddinxveen en Zuidplas zijn ’ 2025. Het jaarprogramma van Gouda is gebaseerd op de realisatiecijfers van 2024. Wkb correctie fase 1 verbouw In 2024 is een bezuiniging doorgevoerd in de programmabegroting van de ODMH voor de invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen met als uitgangspunt dat ‘ 1’ ingevoerd zou worden per 1 januari 2024. Dit blijkt niet het geval: de Wkb is wel in werking getreden voor nieuwbouw in gevolgklasse 1, maar niet voor verbouw. Omdat de verwachting is dat het onderdeel verbouw ook nog niet in 2026 in werking zal treden, moet de afname voor dat onderdeel gecorrigeerd worden. Die correctie hoeft echter niet meer op de aantallen uren toegepast te worden, omdat die aantallen ofwel op het jaarprogramma 2025 ofwel op de realisatie 2024 gebaseerd zijn.

In beide zijn de uren voor het onderdeel verbouw alweer opgenomen. Basisniveaus BWT Voor de 4 BWT-gemeenten zijn basisniveaus van toepassing. Deze geven de afgesproken minimale omvang weer ’ B T. In 2026 worden die basisniveaus opgehoogd met de correctie voor het onderdeel Verbouw van fase 1 van de invoering van de Wkb. De basisniveaus zien er in 2026 als volgt uit:

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

45 van 49

Gemeente Bodegraven Reeuwijk Gouda Waddinxveen Zuidplas

Basisniveau 2025 13.763 16.156 7.601 14.468

Correctie ‘verbouw’ 192 258 87 166

Basisniveau 2026 13.955 16.414 7.688 14.634

Toelichting sloopmelding en – toezicht Alphen aan den Rijn en Krimpenerwaard De gemeenten Alphen aan den Rijn en Krimpenerwaard hebben de taken voor sloopmelding en toezicht ondergebracht bij de ODMH. Deze taken ’ milieu, maar de opbrengsten worden in de Programmabegroting toegerekend aan het programma BWT.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

46 van 49

Bijlage 2: Provinciale bijdragen 2024 - 2026

Werkplan

2024 Begroot

Realisatie

2025 Begroot

2026 Begroot

Structurele bijdrage (uren) - Afname bodemtaken 2026 - Materieel budget - E-PRTR - Creditering publicatiekosten - Incidentele inzet OZHZ AT-pool - Bezuiniging 1,5% Subtotaal

2.960.399 (26.840) 54.500 30.0002.984.899

2.960.399 (27.367) 7.257 30.0002.937.656

3.033.804 (26.214) 54.500 2.295 30.00074.0673.060.599

3.025.830 (26.234) 57.67054.500 30.00044.5223.005.807

Variabele bijdrage - Werkplan Spoed en Nazorg - Financiële bijdrage BRIKS-advisering gemeenten - E-PRTR - Extra inzet Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) - Grondwaterkwaliteitstaak - Veiligheidsonderzoek waterbodems - Vervanging zwemwaterborden - Intensivering toezicht - Indirecte lozingen Subtotaal

813.000 50.000 2.319 25.047 170.965 60.000 50.000 60.000 1.231.331

633.732 10.204 2.319 11.030 13.319 40.332 44.490 755.426

1.678.501 50.000 25.047 170.965 60.000 50.000 60.000 24.525 2.119.038

n.t.b. 50.000 n.t.b. 85.483 60.000 50.000 n.t.b. n.t.b. 245.483

Aanvullende bijdrage (meerjarig) - Zwemwaterportaal Subtotaal

60.000 60.000

53.771 53.771

-

-

Aanvullende bijdrage (eenjarig) - Zwemwaterportaal - Projectondersteuning Planstudie N207 zuid - Netwerk nieuwe energie - Aanpak gezonde en veilige circulaire economie - Coördinatie dronetoezicht - Actieplan Circulaire Economie Groene Hart - Provinciedekkend bijenlandschap Subtotaal

24.818 16.545 47.871 59.605 148.839

11.416 165 33.476 43.409 88.466

60.000 50.806 28.933 15.045 154.784

n.t.b. n.t.b. n.t.b. -

Totale provinciale bijdrage voor het werkplan

4.425.069

3.835.320

5.334.421

3.251.290

Toelichting Dit overzicht toont de gerealiseerde provinciale bijdragen voor het jaar 2024 en de begrote bijdragen voor de jaren 2024 tot en met 2026. • • •

De omvang van de bodemtaken neemt in 2026 verder af. Voor de uitleg hieromtrent wordt kortheidshalve verwezen naar hoofdstuk 2.1 Uitgangspunten. De bijdrage voor E-PRTR is met ingang van 2026 met een omvang van 20 uur meegenomen in de structurele bijdrage. De grondwatersaneringstaak zal op termijn onderdeel gaan uitmaken van de structurele bijdrage. De structurele omvang is nog niet bekend. Voor 2026 € 85.843 bij de variabele bijdragen opgenomen.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

47 van 49

Bijlage 3: Begroting op taakvelden

Taakveld Omschrijving 0.1 Bestuur 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van rekening van baten en lasten 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 7.2 Riolering 7.4 Milieubeheer 8.3 Wonen en bouwen Totaal taakvelden

Begroting 2027 Lasten Baten 24 8.497 -510 59 -200 12 -463 299 -359 673 -843 11.786 -17.424 7.248 -8.799 28.598 -28.598

Begroting 2028 Lasten Baten 24 8.584 -521 51 -200 12 -75 302 -367 678 -862 11.871 -17.811 7.309 -8.994 28.831 -28.831

Begroting 2029 Lasten Baten 24 8.778 -533 43 -200 12 -75 308 -375 693 -881 12.134 -18.206 7.472 -9.194 29.465 -29.465

Jaarrekening 2024 Lasten Baten 28 7.724 -659 82 -329 11 -66 880 293 -354 659 -829 11.529 -17.142 6.582 -8.408 25.781 -25.781

Begroting 2025 Lasten Baten 24 8.246 -816 74 -200 12 -75 245 -386 620 -868 10.413 -15.908 6.355 -7.736 25.097 -25.097

Begroting 2026 Lasten Baten 24 8.309 -499 67 -200 12 -454 293 -352 659 -825 11.530 -17.046 7.091 -8.608 27.983 -27.983

Alle bedragen x € 1.000

Taakveld Omschrijving 0.1 Bestuur 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van rekening van baten en lasten 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 7.2 Riolering 7.4 Milieubeheer 8.3 Wonen en bouwen Totaal taakvelden

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

48 van 49

Bijlage 4: Informatie 2026 voor verbonden partijen

24.983.641 126

Alphen aan den Rijn 4.132.674 21

Bodegraven Reeuwijk 3.541.221 18

Eigen vermogen begin jaar Eigen vermogen ultimo jaar Vreemd vermogen begin jaar Vreemd vermogen ultimo jaar Financieel resultaat

2.828.000 2.385.000 8.299.000 8.557.000 -

x x x x x

x x x x x

x x x x x

Gewenst weerstandsvermogen Aanwezige weerstandscapaciteit Aanwezige weerstandscapaciteit in %

1.625.571 1.400.653 86,2%

x x x

x x x

x x x

6,4% 22,2% -1,2%

x x x

x x x

x x x

Omschrijving

Totaal

Belang deelnemer in ODMH Stemverhouding per AB-lid

Netto schuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Belang deelnemer in ODMH Stemverhouding per AB-lid

2.770.037 14

Provincie ZuidHolland 2.998.137 15

Eigen vermogen begin jaar Eigen vermogen ultimo jaar Vreemd vermogen begin jaar Vreemd vermogen ultimo jaar Financieel resultaat

x x x x x

Gewenst weerstandsvermogen Aanwezige weerstandscapaciteit Aanwezige weerstandscapaciteit in % Netto schuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Omschrijving

Krimpenerwaard

Gouda 4.543.374 23

Waddinxveen

Zuidplas

2.825.137 14

4.173.062 21

x x x x x

x x x x x

x x x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

Toelichting stemverhouding: € 100 000 ontstaat voor de betreffende deelnemer één stem. Elke deelnemer heeft twee AB-leden.

Programmabegroting 2026 - 2029, Omgevingsdienst Midden-Holland

49 van 49

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15569471/3