CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray Motivering

Gemeenteraad 23 september 2025, gemeente VenrayBij agendapunt: TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22c, Nieuw Medisch Centrum Venray30.218 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Niet gevonden in dit document.

Motivering

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray Gemeente Venray

TAM-OMGEVINGSPLAN - Motivering -

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray Gemeente Venray

IDN-nummer:

NL.IMRO.0984.TAM24005-va01

Status:

vastgesteld

Datum:

23 september 2025

Locatie Nijmegen Wijchenseweg 102 6538 SX Nijmegen 024 - 322 45 79 info@pouderoyentonnaer.nl www.pouderoyentonnaer.nl

Locatie Rosmalen Berlicumseweg 6D 5248 NT Rosmalen

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding

5

1.1 1.2 1.3 1.4

5 5 6 7

Aanleiding Aanduiding plangebied Het vigerend (tijdelijk) omgevingsplan van rechtswege Leeswijzer

Hoofdstuk 2 Huidige situatie en nieuwe situatie

9

2.1 2.2 2.3

9 12 12

Beschrijving huidige situatie Locatieonderzoek Beschrijving nieuwe situatie

Hoofdstuk 3 Toetsing aan beleid

15

3.1 3.2 3.3 3.4

15 18 19 21

Toetsing rijksbeleid Toetsing provinciaal beleid Toetsing beleid waterschap Toetsing gemeentelijk beleid

Hoofdstuk 4 Aspecten fysieke leefomgeving en milieu

25

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14 4.15 4.16

25 25 26 29 32 36 40 43 48 52 55 60 62 64 67 69

Algemeen uitgangspunt Bodem Geluid Luchtkwaliteit Externe Veiligheid Flora en Fauna Archeologie en cultuurhistorie Geur Gezondheid Duurzaamheid en klimaat Verkeer en parkeren Bedrijven en milieuzonering Molenbiotoop Water Niet gesprongen explosieven Plan-mer-beoordeling

Hoofdstuk 5 Participatie

73

5.1 5.2 5.3

73 73 73

Verplichte participatie Intaketafel/omgevingstafel Participatie omgeving

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

3

Hoofdstuk 6 Conclusie evenwichtige toedeling van functies aan locaties

75

Hoofdstuk 7 Jurdische opzet

77

7.1 7.2

Een omgevingsplan Artikelsgewijze toelichting

77 78

Hoofdstuk 8 Financiële haalbaarheid

81

8.1 8.2 8.3

Algemeen Kostenverhaal Nadeelcompensatie

81 81 82

Hoofdstuk 9 Procedure

83

9.1 9.2 9.3 9.4

83 83 83 84

De te volgen procedure Kennisgeving Afstemming met ketenpartners Ontwerp en vaststelling

Motivering

4

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

VieCuri is voornemens om het huidige ziekenhuis aan de Merseloseweg 130 te Venray te verplaatsen naar het honkbalveld van sportcomplex De Wieën op de hoek In de Wieën/Leunseweg te Venray. De huidige locatie van VieCuri Venray is gedateerd, te groot en helaas niet om te vormen tot een moderne en duurzame ziekenhuisvoorziening. Er is derhalve een concrete behoefte aan een modern gebouw met het accent op planbare zorg, poliklinische behandelingen en nog nader uit te werken diagnostiek. Om te komen tot een nieuwe medisch centrum wordt een zorgvuldig proces doorlopen in samen spraak met zorgverzekeraars en andere (keten)partners. Ook vanwege de vergrijzing en toenemende zorgvraag in deze regio is het noodzakelijk om de toenemende zorgvraag in de toekomst goed op te kunnen blijven vangen. Medische zorg in de vorm van een medisch centrum is en blijft dan ook wenselijk in de regio Venray om daarmee de zorg rondom patiënten dichtbij de dagelijkse omgeving te organiseren. In dat kader heeft inmiddels het nodige overleg en afstemming met de gemeente Venray plaatsgevonden. Dit heeft er inmiddels in geresulteerd dat de gemeente bestuurlijk te kennen heeft gegeven om principemedewerking te verlenen aan dit planvoornemen. Daarnaast ligt er een overeenkomst tussen de gemeente en VieCuri om de noodzakelijke gronden voor het nieuwe medisch centrum te verweven.

Daarnaast is het voornemen om de locatie van het huidig medisch centrum te verkopen aan een ontwikkelaar om hier een woongebied te creëren. Hiermee is een toekomstige invulling van deze 'oude' locatie bekend. Echter dit maakt verder geen onderdeel uit van dit planvoornemen. Hiervoor zal te zijner tijd een aparte ruimtelijke procedure worden doorlopen. Op basis van het (tijdelijk) omgevingsplan van rechtswege (voormalig bestemmingsplan 'Venray') heeft het plangebied waar het nieuwe medisch centrum voor Venray is voorzien de bestemming 'Recreatie'. Binnen deze vigerende bestemming 'Recreatie' is de realisatie van een medisch centrum qua functie en activiteiten niet mogelijk. Om op dit sportcomplex, ter plaatse van het plangebied, een nieuwe medisch centrum (planologisch-juridisch) mogelijk te maken is een ruimtelijke procedure derhalve noodzakelijk. Omdat het plan nog onvoldoende concreet is en flexibiliteit gewenst is, is een wijziging van het (tijdelijk) omgevingsplan van rechtswege noodzakelijk. Aan de hand van onderhavige tijdelijke alternatieve maatregel (TAM) wordt om een wijziging van het omgevingsplan verzocht bij het bevoegd gezag via de IMRO-standaard.

Op een later moment kan deze wijziging van het omgevingsplan op basis van TAM-IMRO in het geconsolideerde omgevingsplan worden opgenomen door een nieuwe wijzigingsbesluit te nemen conform de standaard officiële publicaties (STOP) met bijbehorende toepassingsprofielen (TPOD). Deze toelichting c.q. ruimtelijke motivering met bijbehorende bijlagen dient als onderbouwing en verantwoording van dit planvoornemen om een nieuwe medisch centrum in Venray te realiseren.

1.2

Aanduiding plangebied

Het plangebied is gelegen in de bebouwde kom van Venray op de hoek In de Wieën/Leunseweg, nabij de op- en afritten van de provinciale weg N270 (Deuneseweg). Momenteel is het plangebied in gebruik als sportcomplex, in het bijzonder als honkbalveld. Het plangebied is kadastraal bekend als gemeente Venray, sectie L, perceelnummer 5640 (ged) en sectie N, perceelnummer 2078 (ged). Het oppervlak van het plangebied bedraagt ongeveer 1,8 tot 2,0 ha.

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

5

luchtfoto met situering en begrenzing plangebied

1.3

Het vigerend (tijdelijk) omgevingsplan van rechtswege

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet (per 1 januari 2024) zijn alle ruimtelijke plannen (bestemmingsplannen, evt. beheersverordeningen, wijzigingsplannen en uitwerkingsplannen) van rechtswege omgezet naar één omgevingsplan. Deze ruimtelijke plannen maken onderdeel uit van het zogenaamde tijdelijke deel van het omgevingsplan van de gemeente Venray. In het nieuwe deel van het omgevingsplan zijn nog geen regels opgenomen voor onderhavig plangebied. Binnen het plangebied waar het nieuwe medisch centrum is voorzien is hierom het voormalige bestemmingsplan 'Venray' geraadpleegd. Het plangebied heeft hierin de bestemmingen 'Recreatie' en 'Groen' met de dubbelbestemming 'Waarde Archeologie 4'. Tevens zijn de gebiedsaanduidingen 'overige zone - radarverstoringsgebied' en 'vrijwaringszone - molenbiotoop' van toepassing.

6

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

(tijdelijk) omgevingsplan van rechtswege (voormalig bestemmingsplan 'Venray') met plangebied (rode contour) Daarnaast is ook het bestemmingsplan 'Venray 2e partiële herziening (reparatie diverse)' van toepassing en geraadpleegd. Dit bestemmingsplan, als onderdeel van het (tijdelijk) omgevingsplan van rechtswege, heeft geen aanvullende regels voor het plangebied. Dit betreft uitsluitend de reparatie van diverse locaties en is verder niet van toepassing op het plangebied. Het planvoornemen, bestaande uit de realisatie van een nieuw medisch centrum , is in strijd met het (tijdelijk) omgevingsplan van rechtswege qua functie en activiteiten (o.a. bouwen). Om het planvoornemen mogelijk te maken is een wijziging van het (tijdelijk) omgevingsplan van rechtswege noodzakelijk. Vanwege het ontbreken van een voldoende concreet planvoornemen en de gewenste flexibiliteit is hiervoor gekozen in plaats van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA).

1.4

Leeswijzer

Na dit inleidende hoofdstuk wordt in hoofdstuk 2 de huidige en nieuwe situatie (planvoornemen) omschreven. In hoofdstuk 3 vindt de toetsing aan het Rijks-, provinciale, regionale en gemeentelijke beleid plaats alsmede het beleid van het waterschap. In hoofdstuk 4 vindt de toetsing aan alle relevante aspecten van de fysieke leefomgeving plaatst. In hoofdstuk 5 wordt een weergave gegeven van de participatie die heeft plaatsgevonden in de vorm van een omgevingsdialoog. Dit resulteert in hoofdstuk 6 in de conclusies met betrekking tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Tot slot wordt in hoofdstuk 7, 8 en 9 respectievelijk de juridisch opzet, financiële haalbaarheid en de doorlopen procedure toegelicht.

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

7

8

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

Hoofdstuk 2 situatie 2.1

Huidige situatie en nieuwe

Beschrijving huidige situatie

De omgeving van het plangebied wordt gekenmerkt door een aantal te onderscheiden ruimtelijke clusters. Dit betreffen de clusters: dienstenterrein De Brier aan de oostzijde, de kern Leunen en provinciale weg N270 (Deurneseweg)aan de zuidzijde en het sportcomplex zelf aan de west en noordkant. Hierin nemen de bedrijvigheid en het agrarische bedrijf aan de overzijde van de provinciale weg alsmede MC Wieënhof (gezondheidscentrum) een bijzonder plaats in.

Impressie dienstenterrein De Brier

Impressie kern Leunen

Impressie provinciale weg N270 (Deurneseweg) ter hoogte van het plangebied

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

9

Impressie oprit provinciale weg N270 (Deurneseweg) met rechts het plangebied

Impressie sportcomplex gezien van uit de Leunseweg

Impressie bedrijvigheid aan de zuidzijde van de provinciale weg N270 (Deurneseweg)

Impressie agrarisch bedrijf

10

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

Impressie MC Wieënhof (gezondheidscentrum) Door de ligging van het plangebied aan de provinciale weg N270 (Deurneseweg) en de Leunseweg grenst het plangebied aan belangrijke ontsluitings- en uitvalswegen binnen de gemeente Venray en de kern Venray zelf in het bijzonder. Het plangebied zelf maakt momenteel onderdeel uit van het sportcomplex De Wieën en is ingericht als een honkbalveld. Dit honkbalveld bestaat concreet uit een grasveld met werpheuvel. De zuidzijde van het plangebied bestaat uit een groenstrook met een bomenrij als afscheiding tussen de oprit naar de provinciale weg en het sportcomplex.

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

11

2.2

Locatieonderzoek

Om te komen tot een locatie voor het nieuwe medisch centrum is een locatieonderzoek uitgevoerd (zie Bijlage 1). In dit locatieonderzoek zijn in totaal 10 locaties in ogenschouw genomen. Deze locaties zijn beoordeeld op een groot aantal aspecten in de vorm van een matrix: fysiek voldoende ruimte; eigendomssituatie/verwervingsmogelijkheid; bestaande opstellen en transformatie mogelijkheid; bestemmingsplan mogelijkheden (thans tijdelijk omgevingsplan); komst VieCuri - kwaliteit omgeving (groen, monumentaal, etc.); bereikbaarheid vanaf A73 - Venray (auto); bereikbaarheid overig verkeer (fiets o.a.); zichtbaarheid; extra benodigde investeringen vastgoed extra benodigde investeringen infrastructuur; verbinding met zorginfrastructuur Venray.

Matrix beoordeling locaties Uit de beoordeling van de locaties is gebleken dat de locatie sportvelden Wieën het beste scoort. Derhalve is in overleg met de gemeente besloten om op deze locatie het nieuwe medisch centrum te gaan realiseren. In dat kader is er ook al een overeenkomst tussen de gemeente en VieCuri over de verwerving van de gronden door VieCuri, met ontbindende voorwaarden.

2.3

Beschrijving nieuwe situatie

Het planvoornemen voorziet in de realisatie van een nieuwe medisch centrum voor Venray ter vervanging van het bestaande medisch centrum aan de Merseloseweg 130 te Venray. Het betreft een polikliniek met medische beeldvorming waar alleen dagbehandeling plaatsvindt. Het nieuwe medisch centrum zal bestaan uit een gebouw met een maximum vloeroppervlakte van 7.500 m2 in drie bouwlagen met daar bovenop ruimte voor de benodigde installaties. Om deze installaties aan het zicht te onttrekken wordt voorzien in een bouwhoogte van maximaal 13,0 meter. Het gebouw voor het nieuwe medisch centrum wordt daarbij zoveel mogelijk in het oostelijk deel van het plangebied gesitueerd worden, aan de achterzijde van MC Wieënhof (gezondheidscentrum). De overige gronden binnen het plangebied zijn nodig voor de ontsluiting en de overige bijbehorende

12

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

voorzieningen, zoals weg- en parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorziening.

Situatietekening en bouwmassa met indicatief de situering van het gebouw aangegeven (hieraan kunnen geen rechten worden ontleent) Het plangebied wordt enerzijds ontsloten, via de weg In de Wieën, door middel van een in- en uitrit die aangesloten wordt op de bestaande oprit naar de provinciale weg N270 (Deurneseweg) en anderzijds, via de oostzijde, door middel van enkel een uitrit die over het bestaande parkeerterrein wordt aangesloten op de Leunseweg. De in- en uitrit die aansluit op de provinciale weg wordt hierbij zodanig gesitueerd dat de bestaande bomenrij langs de oprit gehandhaafd kan blijven en er geen bomen gekapt hoeven te worden. Voor het beoordelen van het aspect verkeer en de noodzakelijke onderzoeken waarbij de verkeersaantrekkende werking van invloed is, is worst-case uitgegaan van 1.700 motorvoertuigen per etmaal. Dit is het huidige aantal voertuigen vanuit de Merseloseweg , inclusief functies die in de nieuwe onderhavige situatie komen te vervallen zoals de OK-productie. Wanneer de aspecten waar sprake is van een verkeersaantrekkende werking voldoen onder het worst-case scenario, zal er naar verwachting ook worden voldaan aan een realistischer scenario waarbij de verkeersaantrekkende werking lager zou zijn. Er is verder nog geen concrete inrichtingstekening met de beoogde inrichting van het plangebied. Onderhavige

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

13

wijziging van het omgevingsplan middels TAM-IMRO voorziet dan ook in de (planologisch-juridische) kaders om de realisatie van het nieuwe medisch centrum mogelijk te maken, waarbij voorzien wordt in de benodigde en gewenste flexibiliteit op basis waarvan het planvoornemen verder uitgewerkt en geconcretiseerd kan worden. Op het moment dat het planvoornemen verder is uitgewerkt en geconcretiseerd dient het ontwerp van het gebouw, de verkeerskundige ontwerpen (incl. parkeren) en landschappelijke inpassing voorgelegd te worden aan en goedgekeurd worden door het AOK (welstand). Dit is wenselijk en noodzakelijk gezien de aard en omvang van het toekomstige gebouw. Dit zal gedaan worden bij de uiteindelijke aanvraag van de omgevingsvergunning.

14

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

Hoofdstuk 3 3.1

Toetsing aan beleid

Toetsing rijksbeleid

3.1.1 Nationale omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is door het Rijk opgesteld in het kader van de Omgevingswet. Aan de hand van een toekomstperspectief is hierin de lange termijnvisie in beeld gebracht. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Hiervoor worden de volgende vier prioriteiten onderscheiden: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en verandering energievoorziening. 2. Duurzaam economisch groeipotentieel. 3. Sterke en gezonde steden en regio's. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Om invulling te kunnen geven aan deze vier prioriteiten hanteert het Rijk de volgende drie afwegingsprincipes: 1. 2. 3.

Combinaties van functies gaat voor enkelvoudige functies. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Afwentelen wordt voorkomen.

Met de NOVI wordt gebouwd aan sterke, aantrekkelijke en gezonde steden, waarbij wordt gestreefd naar de verder ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland. De wens is om daar naartoe te groeien en een goed bereikbaar netwerk van steden en regio's te realiseren. Een belangrijk aspect van de NOVI betreft daarnaast het creëren van prettige woonmilieu's (prioriteit 'Sterke en gezonde steden en regio's'). Hierbij wordt vooral gestuurd op inbreiding in plaats van uitbreiding. Het waarborgen van het noodzakelijk en benodigd voorzieningenniveau is hierbij van cruciaal belang. De realisatie van een nieuw medisch centrum dat voldoet aan de wensen en eisen van deze tijd draagt hier in belangrijk mate aan bij. Met de realisatie van dit medisch centrum wordt ook voor de toekomst voorzien in de noodzakelijke medische zorg in de regio Venray. Dit draagt bij aan een sterke en gezonde stad in de regio. Daarnaast wordt het nieuwe medisch centrum gerealiseerd binnen de bebouwde kom van Venray grenzend aan belangrijke ontsluitingswegen. Hierdoor is sprake van inbreiding en is het nieuwe medisch centrum vanuit de regio goed bereikbaar. 3.1.2 Instructieregels Rijk (AMvB's) De Omgevingswet werkt door in vier algemene maatregelen van bestuur: het Omgevingsbesluit, het Besluit activiteiten leefomgeving , het Besluit bouwwerken leefomgeving en het Besluit kwaliteit leefomgeving.

In deze AMvB's staan regels voor het praktisch uitvoeren van de wet. Omgevingsbesluit Het Omgevingsbesluit richt zich tot alle partijen die in de fysieke leefomgeving actief zijn: burgers, bedrijven en de overheid. Het Omgevingsbesluit regelt in aanvulling op de wet onder meer welk bestuursorgaan het bevoegd gezag is om een omgevingsvergunning te verlenen en welke procedures gelden. Ook regelt dit besluit wat de betrokkenheid is van andere bestuursorganen bij de besluitvorming en een aantal op zichzelf staande onderwerpen, zoals de milieueffectrapportage en financiële bepalingen. Besluit activiteiten leefomgeving Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) bevat, samen met het Besluit bouwwerken leefomgeving, de algemene regels waaraan burgers, bedrijven en overheden zich moeten houden als ze bepaalde activiteiten

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

15

uitvoeren in de fysieke leefomgeving. Ook bepaalt het besluit voor welke van deze activiteiten een omgevingsvergunning nodig is. Dit besluit bevat regels om het milieu, waterstaatswerken, wegen en spoorwegen, zwemmers en cultureel erfgoed te beschermen. De regels ter bescherming van het spoor en de zwemmers worden met het Invoeringsbesluit Omgevingswet ingevoegd. Besluit bouwwerken leefomgeving Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) bevat, samen met het Besluit activiteiten leefomgeving, de algemene regels waaraan burgers en bedrijven zich moeten houden als ze bepaalde activiteiten uitvoeren in de fysieke leefomgeving. Dit besluit bevat regels over veiligheid, gezondheid, duurzaamheid en bruikbaarheid bij het (ver)bouwen van een bouwwerk, de staat van het bouwwerk, het gebruik van het bouwwerk en het uitvoeren van bouw- en sloopwerkzaamheden.

Besluit kwaliteit leefomgeving Het Besluit kwaliteit leefomgeving bevat regels ter bescherming van de nationale belangen aan de hand van instructieregels, waaronder : waarborgen van veiligheid (paragraaf 5.1.2) beschermen van waterbelangen (paragraaf 5.1.3) beschermen van gezondheid en milieu (paragraaf 5.1.4), waaronder instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht, trillingen, geluid en geur en bodemkwaliteit; beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed (paragraaf 5.1.5), waaronder de ladder voor duurzame verstedelijking; het behoud van ruimte voor toekomstige functies (paragraaf 5.1.6) voor autowegen, buisleidingen, natuur- en recreatiegebieden; het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten (paragraaf 5.1.7), waaronder landsverdediging en nationale veiligheid, elektriciteitsvoorziening, rijksvaarwegen en luchtvaart, fiets- en wandelroutes, aanwijzing van woningbouwcategorieën. In Hoofdstuk 4 van deze motivering worden de aspecten van de fysieke leefomgeving behandeld. Voor zover de instructieregels relevant zijn voor de voorliggende ontwikkeling, worden deze regels in Hoofdstuk 4 bij het betreffende aspect behandeld.

In het bijzonder zijn verder op basis van het Besluit kwaliteit leefomgeving de volgende gebiedsaanwijzingen van toepassing: gebieden waar windturbines het radarbeeld kunnen verstoren; uitsluitingsgebieden hyperscale datacentra. Echter met de realisatie van een nieuw medisch centrum wordt niet voorzien in de realisatie van windturbines dan wel hyperscale datacentra. Het betreft uitsluitend de realisatie van een nieuw medisch centrum met een beperkte bouwhoogte. Gezien de beperkte hoogte van 13,0 meter vindt er geen verstoring van het radarbeeld plaats. 3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking De Ladder voor duurzame verstedelijking is een instructieregel voor plannen die worden aangemerkt als nieuwe stedelijke ontwikkeling. Op grond van Artikel 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) heeft de Ladder voor duurzame verstedelijking betrekking op een stedelijke ontwikkeling die voldoende substantieel is. De aard en omvang van het woningbouwplan in relatie met de omgeving bepaalt of het plan voldoende substantieel is. Hierbij wordt rekening gehouden met de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling en, indien de ontwikkeling buiten het stedelijk gebied is voorzien, de mogelijkheden om binnen het stedelijk gebied in die behoefte te kunnen voorzien.

16

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

De instructieregel in artikel 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de Ladder is vereist. Deze instructieregel geldt ook voor een omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Dit regelt artikel 8.0b Bkl. Deze instructieregel geldt niet voor de omgevingsvisie. Artikel 5.129g Bkl geeft geen ondergrens aan voor een stedelijke ontwikkeling. In uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zijn hiervoor lijnen uitgezet (ABRvS 16 september 2015; ECLI:NL:RVS:2015:2921). Bij woningbouw is vanaf 12 woningen (ABRvS 25 maart 2015; ECLI:NL:RVS:2015:953) sprake van een stedelijke ontwikkeling, die ladderplichtig is. De Laddertoets moet alleen worden uitgevoerd wanneer de stedelijke ontwikkeling 'nieuw' is. Met de realisatie van een nieuw medisch centrum is sprake van een stedelijk ontwikkeling gezien de schaal en omvang van het planvoornemen. Derhalve dient de laddertoets te worden uitgevoerd en de behoefte zowel in kwalitatieve zin als kwantitatieve zin te worden aangetoond. De huidige locatie van het ziekenhuis VieCuri is gelegen aan de Merseloseweg 130 te Venray, binnen het stedelijk gebied van de gemeente Venray. Het huidige gebouw van het ziekenhuis dateert uit 1970.

Gezien de 'ouderdom' voldoet het huidige medisch centrum niet meer aan de wensen en eisen van deze tijd. Zoals op onderstaande figuur te zien is, voorzien het medisch centrum VieCuri, samen met Maasziekenhuis Pantein de medische zorg in de regio Venray. Het verzorgingsgebied van het medisch centrum VieCuri reikt derhalve tot buiten de gemeentelijke grenzen en het medisch centrum voorziet dan ook in een belangrijke behoefte voor zorg vanuit de regio. Vanuit de behoefte voor zorg vanuit de regio is het van belang dat het bestaan van het medisch centrum VieCuri geborgd is. Ook vanuit de gemeente Venray is de wens uitgesproken dat het medisch centrum van VieCuri als primaire voorziening binnen de gemeente Venray blijft.

Echter, in de huidige situatie treden er twee grote problemen op rondom het functioneren van medisch centrum VieCuri. Ten eerste geldt dat het huidig medisch centrum VieCuri niet meer voldoet aan de eisen en wensen van deze tijd gezien de 'ouderdom'. Gedurende de jaren is de organisatie rondom de zorg zo veranderd, dat nu sprake dient te zijn van 'de juiste zorg op de juiste plek'. Dit houdt in dat een en ander op een andere wijze wordt georganiseerd. In dit kader zijn in het verleden reeds een aantal afdelingen van het ziekenhuis gesloten of verplaatst. Ten tweede geldt dat de zichtbaarheid/waarneembaarheid en de bereikbaarheid van het medisch centrum slecht is vanwege de ligging in bosrijk gebied. Gezien de twee optredende problemen, bestaat vanuit het medisch centrum de wens om te kunnen verplaatsen en vernieuwen. Middels verplaatsing en vernieuwing kan VieCuri aan de huidige eisen aan en wensen voor zorg voldoen en kan het zich tevens op een duurzame manier voorbereiden op de vraag naar zorg in de toekomst. Om het functioneren van medisch centrum VieCuri te borgen, dan wel te verbeteren, is het daarom noodzakelijk dat verplaatsing en vernieuwing plaatsvinden. Door de realisatie van een nieuwe medisch centrum komt de huidige locatie als ziekenhuis te vervallen.

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

17

VieCuri wenst de huidige locatie van het ziekenhuis te verkopen. Deze krijgt een andere invulling met naar verwachting een woningbouwontwikkeling. Hierdoor vervalt ook de maatschappelijke functie van deze locatie waardoor zich hier geen nieuwe of andere maatschappelijk functies meer mogelijk zijn. Voor de woningbouwontwikkeling zal te zijner tijd een afzonderlijke wijziging van het (tijdelijk) omgevingsplan van rechtswege plaatsvinden. In de nieuwe situatie wordt het nieuwe medisch centrum qua schaal en omvang ook kleiner dan in de huidige situatie. Er wordt hiermee recht gedaan aan de concrete behoefte vanuit VieCuri om te kunnen (blijven) voorzien in adequate zorg in de regio van Venray.

3.2

Toetsing provinciaal beleid

3.2.1 Provinciale Omgevingsvisie Limburg (POVI) In oktober 2021 hebben de Provinciale Staten de 'Omgevingsvisie Limburg' vastgesteld. Hierin is een lange termijnvisie beschreven, waarin wordt vooruit geblikt richting 2030-2050. De Provincie geeft hierin aan hoe toekomstbestendige ontwikkelingen gaan plaatsvinden en hoe daarbij steeds de balans wordt gezocht tussen het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. De Omgevingsvisie gaat uit van het zoeken naar de balans tussen het beschermen én benutten van de fysieke leefomgeving waarin wordt geleefd, gewoond, gewerkt, geleerd en waar vrije tijd wordt besteed. Limburg kiest voor maatwerk en houdt rekening moet het karakter en mogelijkheden van een gebied en de afweging van belangen op lokale schaal. Limburg stelt een drietal hoofdopgaven: 1. Een aantrekkelijke, sociale, gezonde en veilige leefomgeving; 2. Een toekomstbestendige, innovatieve en duurzame economie; inclusief landbouwtransitie; 3. Klimaatadaptie en energietransitie. De drie hoofdopgaven worden ten alle tijden ondersteund door de Limburgse principes: Streven naar een inclusieve, gezonde en veilige samenleving; De kenmerken en identiteit van gebieden staan centraal; Meer stad, meer land; Zorgvuldig omgaan met ruimte en voorraden; boven- én ondergronds; Procesmatige uitgangspunten.

De leefbaarheid en vitaliteit van de kernen in het landelijk gebied is dus belangrijk. Een aantal kernen vervult op sommige terreinen een regionale verzorgende functie met onderwijs, zorg, cultuur, winkels en werklocaties. De zorg voor een goede kwaliteit van de leefomgeving en een goede bereikbaarheid zijn hierbij belangrijke uitgangspunten. Limburgse steden en dorpen moeten ook in de toekomst een aantrekkelijke en leefbare thuisbasis voor de inwoners zijn. De Limburgse steden en dorpen krijgen de komende decennia dan ook te maken met grote gecompliceerde vraagstukken en transities. Bij veel vraagstukken in het bebouwd gebied geldt dat de overheid, maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven samen oplossingen moeten vinden. Een belangrijke rol ligt hiervoor bij de gemeenten. Een toenemend aantal vraagstukken overstijgt echter het lokale niveau en vraagt om gezamenlijk optrekken van gemeenten in regionaal verband. Compacte steden en dorpen blijven het uitgangspunt. Nieuwe stedelijke ontwikkelingen moeten zoveel mogelijk een plek krijgen binnen het bebouwde gebied. Dit om de diversiteit tussen stad/dorp en land, tussen dynamisch en rustig wonen, werken en recreëren als kwaliteit van de leefomgeving te kunnen behouden. Daarbij is aandacht voor compacte binnensteden/dorpen, het behouden van basisvoorzieningen en leefbaarheid.

Ten aanzien van het thema gezondheid(szorg) is aangegeven dat er vanuit de provincie geen directe wettelijke taken aan de orde zijn, maar gelet op de schaal van de gesignaleerde opgaven en de samenhang pakt de provincie onder andere een autonome coördinerende rol. Bij provinciale opgaven neemt de provincie

18

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

gezondheid steeds vanuit de brede definitie als uitgangspunt mee. De brede definitie van gezondheid gaat uit van de gezondheid van groepen en/of de gezondheid binnen gebieden. Daardoor is het gemakkelijker om vraagstukken op lokaal, regionaal en provinciaal niveau te benaderen. Een medisch centrum is een belangrijke basisvoorziening in de regio Venray om noodzakelijke zorg te kunnen blijven bieden, zodat gezondheidszorg goed blijft gewaarborgd. Om hierin te kunnen voorzien is de realisatie van een nieuwe medisch centrum noodzakelijk ter vervanging van het huidige medisch centrum. Met het nieuwe medisch centrum wordt voldaan aan de eisen en wensen van deze tijd, zodat adequate zorg in de regio Venray blijft gewaarborgd. Daarnaast wordt een oud gebouw vervangen door een nieuwe gebouw waardoor tevens wordt voorzien in een klimaatadaptieve omgeving en een bijdrage wordt geleverd aan de energietransitie door een gasloos gebouw te realiseren. 3.2.2 Omgevingsverordening Limburg (OvL) De Omgevingsvisie, zoals beschreven in voorgaande paragraaf, vormt het beleidskader voor het provinciaal ruimtelijk beleid. Het juridische kader voor dit beleid is vastgelegd in de omgevingsverordening Limburg. De verordening vormt derhalve een belangrijk uitvoeringsinstrument voor de provincie om haar doelen te realiseren.

In de subparagrafen hieronder worden de artikelen die van toepassing zijn op het plangebied toegelicht. Instructieregel reserveringszone provinciale wegen (artikel 2.1) De functie reserveringszone provinciale weg is van toepassing op een zone van 15 meter aan weerszijden grenzend aan de buitenste kantstreep van een op de kaart aangeduide provinciale weg. Binnen een dergelijk reserveringszone zijn geen bouwwerken toegestaan. Het plangebied grenst aan de provinciale weg N270 (Deurneseweg) en is als zodanig aangeduid op de kaart. Echter de reserveringszone gemeten vanuit de buitenste kantstreep van de oprit reikt niet tot aan het toekomstige eigendom van het nieuwe medisch centrum. De bestaande groenstrook met bomenrij draagt zorg voor het waarborgen van deze afstand van 15 meter. Klimaatadaptatie (artikel 3.5) In dit artikel is opgenomen dat een planvoornemen dat voorziet in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling voorziet in een beschrijving van de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de risico's en gevolgen van klimaatverandering en een beschrijving van de maatregelen en voorzieningen die worden getroffen om de risico's en gevolgen van klimaatverandering (wateroverlast, overstroming en droogte) te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. Hierin wordt voorzien door een duurzaam gebouw te realiseren (gasloos, evt.

zonnepanelen, goede isolatie) en de bebouwing en verharding volledig af te koppelen en het hemelwater binnen het plangebied op te vangen en te infiltreren, conform de richtlijnen van de gemeente en het waterschap. Tevens wordt voorzien in de aanleg van het nodige groen waardoor sprake is van een klimaatadaptieve omgeving.

3.3

Toetsing beleid waterschap

3.3.1 Waterschapsverordening In de waterschapsverordening van het Waterschap Limburg staan regels over wat er wel en niet mag in en rondom het water in het werkingsgebied van Waterschap Limburg. Met deze regels worden dijken, watergangen en grondwaterstanden beschermd. Zo mogen bepaalde activiteiten bij oppervlaktewater, watergangen of waterkeringen allen als melding wordt gedaan of een vergunning wordt aangevraagd. Voor activiteiten die van invloed zijn of kunnen zijn op oppervlaktewateren, watergangen of waterkeringen gelden de volgende specifieke doelcriteria: de activiteiten mogen geen nadelige effecten hebben voor de dimensionering van oppervlaktewateren,

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

19

watergangen en of waterkeringen zoals vastgelegd in de legger, waardoor deze niet meer beantwoorden aan het doel waarvoor het is aangelegd dan wel niet meer voldoet aan de daarvoor geldende normstelling. de activiteiten mogen geen nadelige effecten hebben voor de goede werking van het watersysteem dan wel de goede werking van de waterkering, waardoor de veiligheid niet kan worden gewaarborgd. de activiteiten mogen geen nadelige effecten hebben voor het kunnen uitvoeren van onderhoud door of namens het waterschap en de bereikbaarheid van het watersysteem dan wel waterkering. de activiteiten mogen geen nadelige effecten hebben voor de waterkering in die zin dat toekomstige capaciteitsvergroting wordt belemmerd binnen de zone van het waterstaatswerk en de bijbehorende beschermingszones, als ook in het door het dagelijks bestuur voor waterkeringen aan te wijzen profiel van vrije ruimte.

Uitsnede legger Waterschap Limburg met daarop het plangebied aangegeven met een rode cirkel Op basis van de legger van het Waterschap Limburg kan geconcludeerd worden dat het plangebied niet gelegen is in de nabijheid van oppervlaktewater, watergangen dan wel waterkeringen met een beschermingszone. De dichtstbijzijnde watergang die vanuit het waterschap van belang is loopt ten zuiden van het plangebied door de kern Leunen van oost naar west. De afstand tussen deze watergang en het plangebied is dermate groot dat de belangen van het waterschap niet worden geschaad met het planvoornemen. Verder wordt het hemelwater afkomstig van de toekomstige bebouwing en verharding volledig afgekoppeld en binnen het plangebied geïnfiltreerd. Hiervoor wordt voorzien in een bergingseis van 60 mm per m2 bebouwing/verharding. Er wordt geen hemelwater op oppervlaktewater geloosd. Verder vinden er met het planvoornemen ook geen wateronttrekkende activiteiten plaats.

20

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

3.3.2 Waterbeheerprogramma 2022-2027 Elke zes jaar leggen waterschappen vast welke aanpak en welke maatregelen op hoofdlijnen nodig zijn om het watersysteem en de waterkeringen op orde te brengen en te houden. Het programma geeft invulling aan het bestuursprogramma uit 2019 en de meerjarenbegroting waarin de koers voor de periode 2022-2027 is uitgezet. Kort samengevat zijn de belangrijkste speerpunten in het Waterbeheerprogramma: Hoogwaterbescherming Maasvallei: bescherming tegen overstromingen vanuit de Maas; Klimaatadaptatie: balans tussen water afvoeren én water vasthouden; Waterkwaliteit en ecologie: het water is schoon en wateren zin natuurlijk ingericht; Zuiveren en waterketen: zuiveren rioolwater en grondstoffen terugwinnen en gebruiken. Deze indeling is niet scherp, want water kent geen grenzen en is verbonden met andere thema's. Duurzamer grondgebruik in het stroomgebied van de Maas en de beken zorgt voor een gelijkmatiger afvoerdynamiek. Regenwater infiltreren in stedelijk gebied helpt daar ook bij: voorkomt dat riolen overstorten en ontlast onze zuiveringen. Een constantere aanvoer in de zomer verlaagt de kans op waterkwaliteitsproblemen door droogte en hitte. Kortom: alle uitdagingen moeten in samenhang met elkaar worden bekeken. Met de maatregelen worden het liefst meerdere problemen tegelijk opgelost: een integrale aanpak.

Met name klimaatadaptatie is relevant in het kader van het planvoornemen, met als relevant uitgangspunt: elke druppel vasthouden en pas afvoeren als het moet. Het hemelwater afkomstig van de bebouwing en verhardingen binnen het plangebied moet dan ook afgekoppeld worden en op eigen terrein geïnfiltreerd worden. De waterschapsverordening (zie paragraaf 3.3.1) is de opvolger van de keur na de (recente) inwerkingtreding van de omgevingswet. Hierin zijn alle regels die het waterschap binnen haar beheersgebied stelt over de fysieke leefomgeving opgenomen. In paragraaf 1.2.1 van de waterschapsverordening heeft het algemeen bestuur van het waterschap doelcriteria vastgesteld. Deze criteria zijn bepalend voor de vraag of een handeling in het watersysteem kan worden toegestaan of niet. Het dagelijks bestuur heeft deze doelcriteria voor concrete situaties uitgewerkt in stroomschema's, vastgelegd in het document 'Uitvoeringsregels Keur Waterschap Limburg 2019'. De uitvoeringsregels bestaan uit stroomschema's toelichting op de zorgplicht, vergunningplicht, algemeen verbod en algemene regels met bijbehorende toelichting. Voor het planvoornemen is in dit kader van belang de gestelde bergingseis van 60 mm waaraan voldaan dient te worden voor de opvang van het hemelwater om dit vervolgens te infiltreren in de bodem.

3.4

Toetsing gemeentelijk beleid

3.4.1 Omgevingsvisie In haar omgevingsvisie laat de gemeente Venray zien voor welke uitdagingen de gemeente staat en waar de gemeente naar toe wilt in de toekomst. Deze omgevingsvisie vormt de ruimtelijke vertaling van de strategische visie: Onze toekomstvisie 2030 'Venray loopt voorop'. De gemeente wilt de belangrijke waarden van Venray beschermen en versterken. De gemeente zet zich hiervoor de komende jaren in. Er wordt daarbij rekening gehouden met verschillende opgaven zoals de klimaatverandering, de energietransitie en de woningbouw om het woningtekort op te lossen. Dit doet de gemeente aan de hand van haar ambities. Hoe ziet de gemeente er over 10 jaar uit? Deze ambities zijn: Groen wonen voor iedereen. Een gezond Venray heeft toekomst. Venray bloeit, bruist en boeit. Natuurlijk Venray!

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

21

Ambities in regionaal perspectief. Daarnaast worden in de visie een aantal thema's en waarden onderscheiden. Relevant voor onderhavig planvoornemen zijn. Thema duurzaamheid Duurzaamheid gaat over het leefbaar houden van de aarde op de langere termijn. Met de realisatie van een nieuwe medisch centrum wordt een duurzaam gebouw gerealiseerd dat voldoet aan de eisen en wensen van deze tijd. Een belangrijke bijdrage hierbij is een gasloos gebouw met een goede isolatie en eventuele zonnepanelen. Thema gezondheid Gezondheid in het kader van de Omgevingswet richt zich op drie perspectieven: het beschermen, het bevorderen en het faciliteren. Met de realisatie van het nieuwe medisch centrum wordt gefaciliteerd in een goede gezondheidszorg binnen de regio Venray. Door qua zorg te voldoen aan de eisen en wensen van de tijd wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan de noodzakelijke gezondheidszorg bij een steeds ouder wordende maatschappij. Thema voorzieningen Voorzieningen zijn de hulpmiddelen in de gemeente waar bewoners gebruik van kunnen maken. Voorzieningen zijn nodig om fijn te kunnen wonen in een dorp of stad. Denk aan de winkel, de huisarts, culturele voorzieningen, een buurtcentrum en de sportschool. Het is belangrijk dat er voldoende voorzieningen in de buurt zijn en dat deze van goede kwaliteit en toegankelijk zijn.

Venray kent daarnaast ook een groot aantal regionale voorzieningen. Door digitalisering verandert de wereld snel en door de vergrijzing zien we steeds meer ouderen. Dit leidt tot een andere behoefte en draagkracht voor onze voorzieningen. De realisatie van een nieuwe medisch centrum draagt in belangrijke mate bij aan het voorzieningenniveau van Venray en haar regio. Thema bereikbaarheid Een goede bereikbaarheid is cruciaal voor de samenleving. Het nieuwe medisch centrum wordt op een belangrijk knooppunt qua infrastructuur gesitueerd, namelijk aan een uitvalsweg in zuidelijk richting die uitkomt op de provinciale weg N270 (Deurneseweg). Hiermee is een goede bereikbaarheid van het medisch centrum gewaarborgd. Waarde stedenbouwkundig kader Het stedenbouwkundig kader vormt een belangrijk uitgangspunt voor de verdere uitwerking en concretisering van het planvoornemen (zie paragraaf 3.4.2). 3.4.2 Ruimtelijk kwaliteitskader In het ruimtelijk kwalitietskader heeft de gemeente Venray vastgelegd: Welke waarden en karakteristieken belangrijk zijn om te behouden. Welke randvoorwaarden gelden om toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken. Het ruimtelijk kwaliteitskader vormt een inspiratiedocument voor initiatiefnemers en bevat aanbevelingen die helpen om een initiatief zo goed mogelijk in te passen rekening houdend met de omringende waarden.

Het plangebied maakt onderdeel uit van het deelgebied 'Woongebieden -Wijken Venray', in het bijzonder 'Centrum-West'. Hier is het sportcomplex De Wieën onderdeel van.

22

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

Ruimtelijke kwaliteitskader Centrum-West In dit gebied zijn de volgende uitgangspunten belangrijk om rekening mee te houden bij ontwikkeling. Langstraat, Kempweg, Merseloseweg en Hoenderstraat zijn oude wegen met lintbebouwing. Deze bebouwing is daarom gevarieerd. Tussen deze linten bevindt zicht een rechtlijnig structuur met bebouwing, met heldere lijnen en zichten over groenstructuren. De bebouwing heeft een kleine korrelgrootte hoogbouw in het groen aan de zijde van de singel. Openbare ruimte is groen. Relevante welstandscriteria: Centrum, Historisch gebied, Monumenten en karakteristieke panden, Reclame. De volgende opgaven zijn hierbij van toepassing Voorkomen van leegstand door transformatie van (winkel)panden, met de nadruk op wonen Aantrekkelijke en gezonde leefomgeving door het toevoegen van meer groen Behoud van de historische uitstraling en structuur van het centrum Balanceren tussen de uitstraling van een stad en dorp Verduurzaming van panden door isolatie, duurzame installaties, en toevoegen van zonnepanelen Voor de realisatie van het nieuwe medisch centrum zijn deze uitgangspunten en opgave niet of minder relevant aangezien er ter plaatse van het sportcomplex qua ruimtelijk kader alleen 'waardevolle groenstructuur' aangegeven is.

Bij de verdere uitwerking van het planvoornemen en de inrichting van het plangebied zal hiermee rekening worden gehouden en waar mogelijk worden versterkt.

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

23

3.4.3 Kernwaarden veilige- en gezonde leefomgeving De kernwaarden veilige- en gezonde leefomgeving bevat een 7-tal kernwaarden voor het landelijk gebied. Dit betreffen: Aandacht voor klimaatadaptatie, groen, natuur en water. De omgeving is schoon en veilig en bevordert ontmoeten. Goede milieukwaliteit. De leefomgeving nodigt uit tot bewegen, spelen en sporten. In het bereiken van voorzieningen het stimuleren van fietsen, wandelen en het gebruik van duurzaam (openbaar) vervoer. De openbare ruimte is aantrekkelijk en gevarieerd. Woningen, accommodaties en bedrijven zijn gezond en duurzaam. Al deze thema's hebben raakvlakken en moeten daarom in samenhang worden benaderd en kunnen niet los van elkaar worden gezien. Deze kernwaarden zijn niet alleen van toepassing op het landelijk gebied maar zeker ook toepasbaar op de fysieke leefomgeving in het bebouwde gebied. Ook in onderhavige situatie waar het plangebied in een overgangsgebied ligt tussen enerzijds de bebouwde kom en anderzijds op relatief korte afstand aangrenzende buitengebied. Ook bij de realisatie van het nieuwe medisch centrum zal aandacht zijn voor deze kernwaarden. De bebouwing en de onbebouwde ruimte zal klimaatadaptief worden ingericht en er zal voorzien worden in het nodige groen in combinatie met de opvang en infiltratie van het hemelwater afkomstig van de bebouwing en verharding.

Door de ligging aan belangrijke ontsluitingswegen zal het medisch centrum ook goed bereikbaar zijn voor langzaam verkeer en via het openbaar vervoer. De onbebouwde ruimte zal daarnaast aantrekkelijk en gevarieerd worden ingericht. Tot slot zal de bebouwing duurzaam zijn met een gezond binnenklimaat. Dit zijn met name aandachtspunten bij de nadere uitwerking van het bouwplan voor de bebouwing van het nieuwe medisch centrum en de inrichting van de onbebouwde ruimte.

24

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

Hoofdstuk 4 en milieu 4.1

Aspecten fysieke leefomgeving

Algemeen uitgangspunt

Voor het beoordelen van het aspect verkeer en de noodzakelijke onderzoeken waarbij de verkeersaantrekkende werking van invloed is, is worst-case uitgegaan van 1.700 motorvoertuigen per etmaal. Dit is het huidige aantal voertuigen vanuit de Merseloseweg , inclusief funties die in de nieuwe onderhavige situatie komen te vervallen zoals de OK-productie. Wanneer de aspecten waar sprake is van een verkeersaantrekkende werking voldoen onder het worst-case scenario, zal er naar verwachting ook worden voldaan aan een realistischer scenario waarbij de verkeersaantrekkende werking lager zou zijn.

4.2

Bodem

4.2.1 Wettelijk kader Het aspect bodem(kwaliteit) maakt integraal onderdeel uit van de fysieke leefomgeving. Steeds dient te worden gezocht naar de juiste balans tussen enerzijds het beschermen van de gezondheid en het milieu en anderzijds het benutten van de bodem ten behoeve van maatschappelijke activiteiten. Bij een wijziging van het omgevingsplan dient te worden aangetoond dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (artikel 4.2, eerste lid, Omgevingswet) en uitvoering is gegeven aan de instructieregels vanuit het Rijk (paragraaf 5.1.4.5 Bkl) en de provincie. Als uitgangspunt geldt dat onaanvaardbare risico's voor de gezondheid van de mens vanwege het gebruik van de bodem dienen te worden voorkomen (artikel 2.28, lid 1 Omgevingswet). In dit kader is het van belang om na te gaan wat de kwaliteit van de bodem binnen het plangebied is en of dit nog aanvaardbaar c.q. toelaatbaar wordt geacht voor de beoogde functietoedeling. Bij het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie moet de kwaliteit van de bodem ten minste voldoen aan daarvoor gestelde interventiewaarden (bijlage IIA Bal). 4.2.2 Toetsing Ten behoeve van het planvoornemen is dan ook een verkennend bodem-, asbest- en asbestonderzoek uitgevoerd (Aelmans, rapportnummer E222768.009.R2/SBI, d.d. 17 december 2024, Bijlage 2).

Dit verkennend onderzoek is uitgevoerd op basis van de resultaten van het eerder uitgevoerde historisch vooronderzoek ter plaatse van het plangebied. De resultaten van het verkennend onderzoek zijn op te splitsen in een tweetal deellocaties: gravel asfalt Deellocatie: Gravel Uit de analyseresultaten blijkt, dat in de bovengrond, behoudens een marginale kwik verontreiniging in grondmengmonster 4, geen van de onderzochte concentraties de normwaarde (LN) overschrijden. Op basis van een indicatieve toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit kan de bovengrond als klasse Wonen bestempeld worden en de ondergrond als klasse Landbouw/natuur grond worden bestempeld. De bouwstof laag lavalith is analytisch in mengmonster 1 onderzocht. Uit de analyseresultaten blijkt, dat de geen van de onderzochte concentraties de maximale waarde van de samenstellingsparameters voor bouwstoffen overschrijdt. De laag voldoet indicatief als een niet vormgegeven bouwstof op basis van de

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

25

samenstellingsparameters. Het uitlooggedrag van de bouwstof is niet bepaald en hierover kan derhalve geen uitspraak worden gedaan. Gezien de onderliggende bodem niet tot zeer marginaal verontreinigd is met zware metalen, kan worden gesteld dat de bouwstoflaag niet uitloogt. Voor afvoer dan wel toepassing elders van de lavalith kan een partijkeuring conform de protocol 1002 noodzakelijk zijn. Middels een partijkeuring kan de definitieve kwaliteit worden bepaald. Indicatief getoetst als grond is de laag lavalith sterk verontreinigd met nikkel. Gezien lavalith een bouwstof betreft vormt de aangetroffen concentratie nikkel geen directe belemmering voor de beoogde plannen. Deellocatie: Asfalt De deellocatie asfalt is analytisch in de grondmengmonsters 101 t/m 104 onderzocht. Uit de analyseresultaten kan het navolgende worden geconcludeerd: Uit de analyseresultaten blijkt, dat in de bovengrond, behoudens een marginale kobalt verontreiniging in grondmengmonster 101, geen van de onderzochte concentraties de normwaarde (LN) overschrijden. Op basis van een indicatieve toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit kan zowel de boven- als ondergrond als klasse Landbouw/natuur grond worden bestempeld. Overig Verder zijn asbest en asfalt onderzocht.

Ten aanzien van asbest kan gesteld worden dat tijdens het verrichten van het bodemonderzoek zintuiglijk geen asbestverdacht plaatmaterialen zijn aangetoond. Uit het analytisch asbestonderzoek blijkt, dat geen van de concentraties asbest de detectiegrenzen overschrijden (<2 mg/kg ds). Uit het asfaltonderzoek blijkt, dat het gehele asfaltpakket als teervrij kan worden bestempeld. 4.2.3 Conclusie Resumerend kan worden gesteld, dat ondanks de verhoogde concentraties in de bovengrond, dit vanuit milieuhygiënisch oogpunt geen belemmering vormt voor het voorgenomen bouw en herinrichting. Voor wat betreft de onderzoekslocatie is er geen aanleiding om over te gaan tot het uitvoeren van een nader onderzoek. Ter plaatse van de voormalige bebouwing zal in de toekomst aanvullend onderzoek moeten worden uitgevoerd, conform de strategie diffuus verdacht, bij eventuele aanvraag van een omgevingsvergunning. Het overige terrein kan als onverdacht worden onderzocht. Vanwege de diversiteit in bodemlagen dient men er rekening mee te houden, dat voornoemde bodemlagen niet onderling mogen worden vermengd. Bij een tijdelijke uitplaatsing moet de grond na ontgraving in dezelfde volgorde worden herschikt.

4.3

Geluid

4.3.1 Wettelijk kader Het geluid in de fysieke leefomgeving wordt bepaald door wegen, spoorwegen en industrieterreinen. In dit kader zijn railverkeerslawaai en industrielawaai niet aan de orde omdat het plangebied niet gelegen is binnen respectievelijk een geluidaandachtsgebied voor railverkeer en een geluidaandachtsgebied voor industrielawaai. Het plangebied is wel gelegen bij geluidaandachtsgebieden voor gemeentelijke wegen en provinciale wegen. Daarnaast moet onder de omgevingswet aangegeven worden hoe omgegaan dient te worden met indirecte akoestische effecten van veranderend verkeer. Gemeentelijke wegen In artikel 17.5 van de Omgevingsregeling is een overgangsrecht geregeld voor het bepalen van de

26

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

geluidaandachtsgebieden van gemeentewegen, lokale spoorwegen en waterschapswegen. Voordat er een basisgeluidemissie is bepaald bestaat het geluidaandachtsgebied uit het gebied zoals aangegeven in onderstaande tabel.

Als een lokale spoorweg grotendeels is verweven of gebundeld met een gemeenteweg wordt bij de toepassing van het eerste lid het totaal van het aantal sporen of rijstroken beschouwd. Voor nog niet-geprojecteerde geluidsgevoelige gebouwen geldt een standaardwaarde van 53 Lden met een maximale grenswaarde van 70 Lden. Indien de geluidbelasting lager is dan de standaardwaarde dan legt het omgevingsplan geen restricties op aan het planvoornemen. Een omgevingsplan dat een nieuwe geluidsgevoelig gebouw toelaat voorziet erin dat het geluid op het gebouw hoger kan zijn dan de standaardwaarde als: geen geluidbeperkende maatregelen kunnen worden getroffen om aan de standaardwaarde te voldoen; de overschrijding van de standaardwaarde door het treffen van geluidbeperkende maatregelen zoveel mogelijk wordt beperkt; en het geluid op de geluidsgevoelige gebouwen niet hoger is dan de grenswaarde. Wanneer wordt afgeweken van de standaardwaarde, zullen er in het vervolgtraject zodanige maatregelen moeten worden opgenomen dat de geluidbelasting in een verblijfsgebied niet meer bedraagt dan 33 dB. Provinciale wegen Voor provinciale wegen geldt het recht zoals dit gold voor het inwerking treden van de Omgevingswet. Dit is opgenomen in Artikel 3.5 van de Aanvullingswet geluid Omgevingswet.

Dit betekent dat voor wegen in het beheer van de provincie de Wet geluidhinder van toepassing blijft met bijbehorende rekensystematiek. In artikel 3.4 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 staat opgenomen dat het berekende resultaat met een waarde wordt verminderd alvorens de toetsing aan de grenswaarden plaatsvindt. Deze aftrek houdt verband met het stiller worden van voertuigen in de toekomst en bedraagt: 2 dB voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt, tenzij de berekende geluidbelasting zonder aftrek 56 dB of 57 dB bedraagt. Dan geldt namelijk een aftrek van respectievelijk 3 of 4 dB. Voor nog niet geprojecteerde geluidsgevoelige gebouwen geldt een voorkeursgrenswaarde van 48 dB en een maximale ontheffingswaarde van 63 dB. Dit houdt in dat indien de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden, maar de geluidbelasting lager is dan de maximale ontheffingswaarde, kan de gemeente ontheffing verlenen indien maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting tot de voorkeursgrenswaarde, op overwegende bezwaren stuiten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard.

Wanneer het college van B&W een hogere waarde vaststelt, zullen er in het vervolgtraject zodanige maatregelen moeten worden opgenomen dat de geluidbelasting in geluidsgevoelige ruimten niet meer bedraagt dan 33 dB. Indirecte akoestische effecten van veranderend verkeer In paragraaf 5.1.4.2a.5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving is aangegeven hoe omgegaan dient te worden met indirecte akoestische effecten van veranderend verkeer. Dit is van toepassing op het geluid van gemeentewegen met een verkeersintensiteit van meer dan 1.000 motorvoertuigen. In Artikel 5.78af is aangegeven hoe de beoordeling van indirecte akoestische effecten dient plaats te vinden.

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

27

Artikel 5.78af Een omgevingsplan dat een toename van de verkeersintensiteit veroorzaakt op een weg of spoorweg voorziet erin dat het geluid door die weg of spoorweg op geluidsgevoelige gebouwen niet meer dan 1,5 dB toeneemt als gevolg van die toename van de verkeersintensiteit. De toename van het geluid wordt bepaald door de situatie in een voor die weg of spoorweg maatgevend jaar na wijziging te vergelijken met de situatie in datzelfde jaar zonder wijziging. Een omgevingsplan kan erin voorzien dat het geluid met meer dan 1,5 dB toeneemt als: a. b.

Geen geluidbeperkende maatregelen kunnen worden getroffen om die toename te voorkomen; De toename van het geluid door het treffen van geluidbeperkende maatregelen zoveel mogelijk wordt beperkt; en c. Het geluid op geluidsgevoelige gebouwen niet hoger is dan de grenswaarde, bedoeld in Artikel 3.35 van het Besluit kwaliteit leefomgeving. Geluidbeperkende maatregelen worden in aanmerking genomen als die financieel doelmatig zijn en daartegen geen overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijk of technische aard bestaan. Als de geluidbelasting meer dan 1,5 dB toeneemt dient eveneens het gecumuleerde geluid op het geluidsgevoelige gebouw beschouwd te worden. 4.3.2 Toetsing Wegverkeer In het kader van het planvoornemen is derhalve een akoestisch onderzoek berekening gevelbelasting als gevolg van het wegverkeer uitgevoerd (Aelmans, rapportnummer M222381.001.002.R3/JME, d.d 7 februari 2025, Bijlage 3). In dit akoestisch onderzoek is de geluidbelasting berekend op de grenzen van het bouwvlak als maximale bebouwingsmogelijkheid. Uit de berekeningen blijkt dat de geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeer op de gemeentelijke wegen de standaardwaarde van 53 dB op geen enkele gevel van het gebouw c.q. bouwvlak. Er hoeven daarom geen maatregelen getroffen te worden.

De geluidbelasting als gevolg van wegverkeer op de provinciale weg N270 (Deurneseweg) overschrijdt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB op de gevels van het gebouw c.q. bouwvlak met maximaal 11 dB. De maximale ontheffingswaarde van 63 dB voor nieuwbouw in stedelijk gebied wordt echter nergens overschreden. Derhalve is het mogelijk om een beschikking hogere waarde aan te vragen bij de gemeente indien er overwegende bezwaren zijn de geluidbelasting door overdrachts- en bronmaatregelen terug te brengen tot de voorkeursgrenswaarde. Bij overdachtsmaatregelen wordt bekeken of de geluidoverdacht tussen geluidbron en ontvanger belemmerd kan worden. Het aanleggen van een geluidwal of geluidscherm (overdrachtsmaatregelen) ontmoet in onderhavige situatie exhter overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke en financiële aard. Een afschermende voorziening dient namelijk dicht bij de bron of ontvanger geplaatst te worden, meer dan 2 meter hoog te zijn en kost bovendien afhankelijk van de uitvoering € 500,-- tot € 2.000,-- per meter, waarmee het niet realistisch is dat het planvoornemen deze extra kosten kan dragen .Een andere overdrachtsmaatregel is het vergroten van de afstand tussen geluidbron en ontvangen. Daar een verdubbeling van deze afstand slechts 3 dB reductie oplevert, is het vergroten van deze afstand niet te kwalificeren als zijnde doeltreffend.

Bij bronmaatregelen wordt bekeken of het geluidniveau van de veroorzaker van het geluid gereduceerd kan worden. Hierbij moet gedacht worden aan stillere voertuigen (alleen door de ontwikkeling van nieuwe technieken en dus niet realistisch), verlaging van de maximum snelheid (hierop heeft de initiatiefnemer van het planvoornemen geen invloed) en aanbrengen van geluidreducerend wegdek (toepassing van geluidreducerend wegdenk ontmoet overwegende bezwaren van financiële aarde gezien de kosten). Het treffen van overdrachtsmaatregelen dan wel bronmaatregelen om de geluidbelasting terug te brengen tot

28

TAM-omgevingsplan Nieuw Medisch Centrum Venray

de voorkeursgrenswaarde ontmoet overwegende bezwaren van diverse aard. Derhalve wordt onderbouwd verzocht hogere waarde te verlenen conform artikel 110a, lid 5 van de Wet geluidhinder. Aangezien het gezamenlijk geluid meer is dan 53 dB dient er een nader onderzoek te worden uitgevoerd ter bepaling van de geluidswering van de gevel. Bij toepassing van de juiste geluidwerende materialen en maatregelen (conform dat nader onderzoek) is een binnenniveau van 33 dB en daarmee een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gewaarborgd. Dit onderzoek zal uiteindelijk uitgevoerd worden in het kader van de aanvraag van de omgevingsvergunning voor de 'technische bouwactiviteit' en is in het kader van de wijziging van het omgevingsplan (nog) niet noodzakelijk. Indirecte akoestische effecten van veranderend verkeer Ten aanzien van de indirecte akoestisch effecten van veranderend verkeer is aanvullende een akoestisch onderzoek uitgevoerd (Aelmans, rapportnummer M222381.001.006.R1/JME, d.d. 28 november 2024, Bijlage 4). Uit de resultaten van dit onderzoek blijkt dat sprake is van een toename van de geluidbelasting van meer dan 1,5 dB bij de omliggende objecten. Dit is een gevolg van de verkeerstoename op de weg In de Wieën. Hierbij is steeds uitgegaan van een worst-case scenario waarbij alle 1.700 motorvoertuigen via dezelfde weg afwikkelen.

In de praktijk zal er sprake zijn van een verdeling van dit verkeer. Aangezien eventuele maatregelen stuiten op bezwaren van financiële, stedenbouwkundige of verkeerskundige aard is de aanvaardbaarheid van het gecumuleerde geluid berekend. Hieruit blijkt dat het effect van de ontwikkeling op het gecumuleerde geluid bij de omliggende geluidgevoelige gebouw niet waarneembaar zal zijn. Om deze reden wordt de ontwikkeling dan ook aanvaardbaar geacht. 4.3.3

Conclusie

Het aspect geluid vormt geen belemmering voor de realisatie van het nieuwe medisch centrum. Als gevolg van de provinciale weg N270 (Deurneseweg) dient er een beschikking hogere waarde bij de gemeente te worden aangevraagd. Daarnaast moet als onderdeel van de uiteindelijke aanvraag voor de omgevingsvergunning voor het 'bouwtechnische deel' wel een nader akoestisch onderzoek voor de bepaling van de geluidswering van de gevel worden uitgevoerd. Om het binnenniveau te waarborgen is op voorhand besloten om de gevels van het gebouw aan alle buitenzijden als 'niet-geluidgevoelige gevel met bouwkundige maatregelen' uit te voeren. Dit is in de bouwregels nader bepaald. Daarnaast heeft de realisatie van het nieuwe medisch centrum geen effect heeft op het gecumuleerde geluid bij de omliggende geluidsgevoelige objecten en wordt het planvoornemen dan ook aanvaardbaar geacht.

4.4

Luchtkwaliteit

4.4.1 Wettelijk kader De luchtkwaliteit wordt bepaald door de aanwezigheid van luchtverontreinigende stoffen. Een slechte luchtkwaliteit kan een gezondheidsklachten tot gevolg hebben en schade aanrichten aan de natuur (zie ook stikstof hierboven). Stoffen die in Nederland vooral belangrijk zijn voor het bepalen van de luchtkwaliteit zijn fijn stof en stikstofdioxide. Daarnaast is geur een belangrijk onderdeel van de luchtkwaliteit (zie paragraaf 4.8). In het besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is aangegeven in welke gevallen een beoordeling van de luchtkwaliteit noodzakelijk is (paragraaf 5.1.4). Of een beoordeling nodig is hangt af van de activiteit, de locatie en het effect van de activiteit en de mate van het effect. In het Bkl staan aandachtsgebieden voor stikstofdioxide en fijn stof vermeld (paragraaf 5.1.4, artikel 5.51 in het Bkl). Aandachtsgebieden zijn locaties met hogere concentraties stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10). Wanneer de activiteiten binnen deze gebieden voor een verhoging van de concentratie veroorzaken, geldt een

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15858649/1