SD 2026 Verordening SD okt
Tekst van het document
8.3.2 Professionele of niet-professionele hulp
volgende voorwaarden:
1. Bij het vaststellen van de hoogte van het pgb, wordt
a. De inwoner kan voldoende voor haar eigen
onderscheid gemaakt tussen professionele en nietprofessionele hulp.
belangen opkomen. Daardoor kan zij de taken die bij het pgb horen op een verantwoorde manier
2. Van professionele hulp is sprake als de hulp
uitvoeren, eventueel met hulp van iemand uit
verleend wordt door onderstaande personen, met
het sociale netwerk, of met iemand die haar
uitzondering van bloed- of aanverwanten in de 1e of
vertegenwoordigt.
2e graad van de inwoner: a. iemand die in dienst is van een instelling die
b. De inwoner maakt de gemeente duidelijk waarom zij een pgb wil ontvangen. Gaat het om
bedrijfsmatig de hulp verleent en ingeschreven
jeugdhulp, dan moet de inwoner motiveren
staat in het Handelsregister (artikel 5
waarom hulp-op-maat door een aanbieder van
Handelsregisterwet 2007); of
de gemeente, niet passend is.
b. iemand die als zelfstandige zonder personeel
c. De hulp die de inwoner met het pgb wil betalen,
beroepsmatig de hulp verleent en ingeschreven
is van goede kwaliteit. De hulp moet veilig en
staat in het Handelsregister (artikel 5
doeltreffend zijn en op de inwoner gericht. Dit
Handelsregisterwet 2007).
moet duidelijk worden uit het pgb-plan van de
3. De inwoner mag het pgb besteden aan hulp die
inwoner.
wordt gegeven door een professionele hulpverlener,
2. De gemeente kan een pgb in elk geval weigeren in
als deze persoon voldoet aan de volgende
de volgende situaties:
voorwaarden. Deze persoon:
a. De inwoner kan het pgb niet zelf beheren en wil
a. moet de diploma’s hebben die nodig zijn om de
het pgb laten beheren door de hulpverlener.
hulp te kunnen geven;
b. De gemeente heeft eerder hulp-op-maat of een pgb toegekend, en dit besluit is herzien of ingetrokken. c. De inwoner vraagt een pgb voor kosten die zijn gemaakt, voordat de aanvraag is gedaan. d. Soms is zelf ingekochte zorg duurder dan zorg in natura. Dat is geen reden om een pgb te weigeren. Maar de gemeente hoeft ook geen extra geld uit te geven. De gemeente mag beslissen dat de inwoner alleen het bedrag krijgt dat de zorg in natura zou kosten. De meerkosten betaalt de inwoner dan zelf. 3. Het pgb is bedoeld voor hulp, maar kan niet aan alle kosten die daarmee te maken hebben worden besteed. Het pgb kan niet besteed worden aan: a. kosten voor bemiddeling, tussenpersonen of belangenbehartigers;
45
Verordening SD
b. moet op verzoek van de gemeente, een
offerte. De gemeente stelt de hoogte van het pgb
‘verklaring omtrent gedrag natuurlijke personen
vast op het bedrag van de laagste offerte.
(VOG)’ overleggen, specifiek screeningsprofiel
4. De hoogte van het pgb voor professionele hulp voor
45, ‘Gezondheidszorg en welzijn van mens en
hulp-op-maat (individueel, groep en logeren),
dier’; De verklaring mag niet ouder zijn dan
persoonlijke verzorging, behandeling (individueel
3 maanden, voorafgaand aan de datum van de
en groep), wonen en gezins- en woonvormen en
aanvraag.
hulp bij het (zelfstandig) wonen stelt de gemeente
c. moet voor het bieden van jeugdhulp
vast op basis van het laagst geoffreerde tarief op
aantonen de meldcode huiselijk geweld en
dienstverleningsniveau binnen de aanbesteding
kindermishandeling te gebruiken en Stichting
van hulp in natura voor de Wmo en Jeugdwet. Het
Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ) of Beroepen
pgb is toereikend voor de aanschaf van het product
in de individuele gezondheidszorg (BIG)
of dienst bij minimaal 1 aanbieder. Maatwerk is
geregistreerd zijn.
mogelijk.
4. Van niet-professionele hulp is sprake als:
5. De hoogte van het pgb voor niet-professionele hulp
a. de hulp geboden wordt door personen, al dan niet
voor hulp-op-maat in het kader van de Jeugdwet,
uit het sociaal netwerk, die niet voldoen aan de
respijtzorg en Wmo-ondersteuning is gelijk aan
criteria als genoemd in lid 2;
het wettelijk minimum (uur)loon. Het gaat om het
b. de hulp wordt geboden door personen die voldoen
uurloon bij een 36-urige werkweek per 1 januari van
aan de criteria als genoemd in lid 2, maar bloed-
het jaar waarin het pgb wordt verstrekt, inclusief
of aanverwanten in de 1e of 2e graad zijn van de
vakantiegeld, vakantie-uren en sociale lasten.
inwoner.
6. Voor respijtzorg uitgevoerd door niet-professionele
5. De inwoner mag het pgb besteden aan hulp
hulp bestaat ook een tegemoetkoming per kalender-
die wordt gegeven door een niet-professionele
maand zoals genoemd in het besluit nadere regels.
hulpverlener, als deze persoon voldoet aan de
7. Het pgb is voldoende om hulp in te kunnen kopen
volgende voorwaarden. Deze persoon:
die voldoet aan de kwaliteitseisen die staan in
a. heeft aannemelijk gemaakt dat de hulp niet tot
de wet, deze verordening en het Besluit nadere
overbelasting leidt en dat zij kwalitatief goede
regels. En het is geschikt voor het doel waarvoor het
hulp kan bieden, en
pgb wordt toegekend.
b. moet op verzoek van de gemeente, een ‘verklaring omtrent gedrag natuurlijke personen (VOG)’ overleggen, specifiek screeningsprofiel 45, ‘Gezondheidszorg en welzijn van mens en dier’. De verklaring mag niet ouder zijn dan 3 maanden voor de datum van de aanvraag. 8.3.3 Hoogte en tarief pgb 1. De gemeente stelt de hoogte van het pgb voor een product vast aan de hand van, en tot het maximum van de kostprijs van de in de situatie van de inwoner goedkoopst compenserende hulp in natura. Het pgb is toereikend voor de aanschaf van het product bij minimaal 1 aanbieder. 2. De gemeente houdt bij het vaststellen van de hoogte van het pgb voor een product rekening met de levensduur van het product en met de kosten voor onderhoud en verzekering. Met uitzondering van een woonvoorziening, de inwoner is hierbij zelf verant woordelijk voor de verzekering van het product. 3. De gemeente kan de hoogte van het pgb voor een product vaststellen op basis van minimaal twee offertes van de aanbieder uit het goedgekeurde pgb-plan en/of een door de gemeente opgevraagde
46
De vorm van de hulp
8. De gemeente stelt in het besluit nadere regels
van fictief aantal te leveren uren voor beschermd
de hoogte van het pgb vast op basis van de in dit
wonen van 8 uur ondersteuning per week.
artikel vermelde regels. Aanpassing van de lopende pgb-budgetten vindt, indien nodig, plaats door
8.3.6 Verantwoording pgb
middel van een overgangsregeling.
1. De gemeente kan de inwoner vragen om duidelijk te maken hoe het pgb is besteed en welke
8.3.4 Hoogte van het persoonsgebonden budget
resultaten de hulp voor de inwoner heeft gehad.
bestemd voor hulp-op-maat beschermd
De inwoner is verplicht die informatie te geven. De
wonen
gemeente kan daarvoor een formulier vaststellen
1. De hoogte van het pgb voor beschermd wonen:
dat de inwoner moet gebruiken. 2. Als een inwoner hulp-op-maat in de vorm van een
a. wordt gebaseerd op de kostprijs van de goedkoopst passende voorziening in natura, en;
pgb krijgt, wordt alleen de hulp uitbetaald die echt
b. bedraagt bij: •
•
•
geleverd is.
professionele en gediplomeerde hulp: maximaal de kostprijs van de goedkoopst
8.3.7 Opschorten pgb
passende voorziening in natura;
De gemeente kan aan de Sociale Verzekeringsbank
gediplomeerde ZZP’ers (zelfstandig
(SVB) vragen om de uitbetaling uit het pgb helemaal of
ondernemer zonder personeel), maximaal
gedeeltelijk uit te stellen totdat een besluit is genomen
90% van de goedkoopst passende voorziening
om het pgb weer voort te zetten of in te trekken. Dit
in natura;
kan de gemeente doen als zij een sterk vermoeden
De hoogte van het pgb voor niet-professionele
heeft dat:
hulp voor hulp-op-maat beschermd wonen
a. de inwoner onjuiste of onvolledige informatie heeft
is gelijk aan het wettelijk minimum (uur)
gegeven, terwijl het geven van de juiste of volledige
loon. Het gaat om het uurloon bij een
informatie zou hebben geleid tot een andere
36-urige werkweek per 1 januari van het
beslissing van de gemeente;
jaar waarin het pgb wordt verstrekt, inclusief
b. de inwoner niet voldoet aan de voorwaarden die
vakantiegeld, vakantie-uren en sociale lasten.
horen bij het ontvangen van het pgb; c. de inwoner het pgb niet of voor een ander doel
8.3.5 Aanvullende ondersteuning in uitzonderlijke
(heeft) gebruikt;
gevallen bij beschermd wonen
d. de inwoner in een instelling verblijft als bedoeld in de Wet langdurige zorg (Wlz) of de
1. Indien uit het onderzoek blijkt dat een cliënt structureel behoefte heeft aan aanvullende
Zorgverzekeringswet; of als
ondersteuning kan in uitzonderlijke gevallen een
e. de inwoner een modulair pakket thuis of volledig
toeslag intensieve ondersteuning toegekend worden.
pakket thuis ontvangt vanuit de Wet langdurige zorg;
Deze toeslag wordt toegekend indien er:
8.4 Kostprijs
a. als een gevolg van een lichamelijke of somatische aandoening, inzet van (verpleegkundige)
[Jeugdwet, Wmo]
ondersteuning nodig is aanvullend op de
De kostprijs van een product of dienst wordt als volgt
ondersteuningsvorm Beschermd Wonen en/of;
bepaald: a. voor hulp-op-maat in natura of voor een algemene
b. er sprake is van dermate complexe psychiatrische problematiek, in combinatie met ernstige
voorziening uit deze verordening: door een
gedragsproblematiek, waardoor er inzet
aanbesteding, na het raadplegen van aanbieders of
van begeleiding nodig is aanvullend op de
na overleg met de aanbieder;
ondersteuningsvorm Beschermd Wonen.
b. voor een hulpmiddel wordt de kostprijs ook bepaald
2. Indien uit het onderzoek blijkt dat een cliënt
door de vraag of de inwoner dit product in bruikleen
behoefte heeft aan een geregisseerde dagbesteding,
of eigendom krijgt. De kostprijs is inclusief de
kan er een toeslag dagbesteding aanvullend op de
kosten van verzekeringen, beheer en onderhoud.
ondersteuningsvorm Beschermd Wonen worden
c. de kostprijs voor een woningaanpassing die in
toegekend.
eigendom is verstrekt, is gelijk aan het bedrag van
3. Voor de toepassing en berekening van de
de offerte dat moet worden voldaan na afronding
tariefdifferentiatie, zoals bedoeld in artikel 8.3.5 lid
van de woningaanpassing.
1 van deze verordening, wordt in de basis uitgegaan
d. de kostprijs voor een woningaanpassing die
47
Verordening SD
in bruikleen is verstrekt, is gelijk aan het
is ingesteld en de rechter dit verzoek heeft
aanschafbedrag, plaatsingskosten, verzekeringen,
toegewezen (artikel 394 van Boek 1 van het
beheer en onderhoud;
Burgerlijk Wetboek); en voor
e. voor hulp-op-maat in de vorm van een pgb
b. degene die samen met de ouder het gezag
wordt de kostprijs vastgesteld op basis van laagst
uitoefent over een minderjarige inwoner, maar
geoffreerde tarief op dienstverleningsniveau
die niet zelf een ouder is.
binnen de aanbesteding van zorg in natura voor
5. De inwoner betaald een bijdrage in de kosten voor
Wmo en Jeugdwet. Het gaat om ondersteuning
maatschappelijke opvang rekening houdend met
(wmo-ondersteuning en respijtzorg), persoonlijke
artikel 3.20 uitvoeringsbesluit Wmo 2015.
verzorging, behandeling (individueel en groep),
6. De opvanginstelling mag personen die verblijven in
wonen en gezins- en woonvormen. Het pgb is
de acute opvang een redelijke vergoeding vragen
toereikend voor de aanschaf van de voorziening bij
voor verstrekte maaltijden.
minimaal 1 aanbieder. Maatwerk is mogelijk.
7. De gemeente vraagt geen bijdrage voor: a. de onder lid 1 genoemde hulp-op-maat aan
8.5 Bijdrage in de kosten
inwoners die gehuwd zijn of een gezamenlijke
[Wmo]
huishouding voeren en waarvan 1 van de
1. De inwoner betaalt een bijdrage in de kosten voor
partners de Aow-leeftijd nog niet heeft bereikt;
Wmo hulp-op-maat, zolang de inwoner gebruik
b. een rolstoel voor dagelijks zittend gebruik en het
maakt van die hulp of voor de periode waarvoor
onderhoud daarvan;
een pgb is verstrekt. Gaat het om een product, dan
c. sportvoorzieningen;
betaalt de inwoner een bijdrage totdat de kostprijs is
d. ondersteuning bij verhuizing en inrichting van de
betaald. De inwoner betaalt de bijdrage per maand
nieuwe woonruimte; e. het gebruik van de winteropvang tijdens de
aan het Centraal Administratiekantoor (CAK). De hoogte van deze periodieke bijdrage is gelijk aan
duur van de winter- en/of kouderegeling.
het bedrag dat maximaal betaald moet worden op
f. acute opvang gedurende de onderzoeksperiode.
grond van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. De
Tot een maximum van 2 weken.
hoogte van de bijdrage in de kosten voor hulp bij
Als er verdiepend onderzoek nodig is kan het
het (zelfstandig) wonen in de vorm van beschermd
college deze termijn verlengen.
wonen en opvang is afhankelijk van het inkomen
8. De inwoner betaalt een eigen bijdrage in de kosten
en vermogen van de inwoner en diens eventuele
voor de maatschappelijke opvang, zolang de inwoner
echtgenoot op grond van het Uitvoeringsbesluit
gebruik maakt van die hulp. De inwoner betaalt
Wmo 2015.
de bijdrage [per maand] aan de gecontracteerde
2. Lid 1 geldt niet voor collectief taxivervoer
aanbieder voor Maatschappelijke Opvang, Moveoo
Omnibuzz. Hiervoor stelt de gemeente de
of Leger des Heils. Moveoo of Leger des Heils stelt
hoogte van de bijdrage vast. Deze eigen bijdrage
de hoogte van de bijdrage in de kosten voor hulp bij
wordt geïnd bij werkelijk gebruik en is per zone/
het (zelfstandig) wonen in de vorm van beschermd
kilometer(s).
wonen en opvang vast. De hoogte is afhankelijk
3. De inwoner betaalt een bijdrage in de kosten
van het inkomen en vermogen van de inwoner
van respijtzorg in de vorm van logeren vanuit
en diens eventuele echtgenoot op grond van het
ondersteuning mantelzorger, zolang de inwoner
Uitvoeringsbesluit Wmo 2015.
gebruik maakt van die hulp en als deze ingezet wordt door middel van hulp-op-maat. De inwoner betaalt de bijdrage per maand aan het Centraal Administratiekantoor (CAK). De hoogte van de periodieke bijdrage van de inwoner is gelijk aan het bedrag dat maximaal betaald moet worden op grond van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. 4. Gaat het om de kosten van een woningaanpassing voor een minderjarige inwoner, dan betalen de onderhoudsplichtige ouders de bijdrage. Die verplichting geldt ook voor: a. de ouder tegen wie een vaderschapsactie
48
Afspraken tussen inwoner en gemeente
9 Afspraken tussen inwoner en gemeente Dit hoofdstuk gaat over de manier waarop de gemeente en de inwoner met elkaar omgaan. Het gaat over de manier waarop de gemeente zich moet gedragen en wat er van de inwoner wordt verwacht. Als de inwoner rechten heeft, dan staan daar plichten tegenover. Houdt de inwoner daar onvoldoende rekening mee, dan kan de gemeente de bijstandsuitkering of voorziening beëindigen, terugvorderen of verlagen. De gemeente gaat hierbij uit van een realistisch mensbeeld en neemt daarbij het gedrag en het doen-vermogen van de inwoner mee. Hieronder staan de hoofdregels die daarvoor gelden.
Voor dit hoofdstuk gelden in ieder geval de volgende kernwaarden:
Inwoners zijn in de eerste plaats (als het mogelijk is) zelf verantwoordelijk om hun eigen doelen te realiseren en zetten zich daar ook voor in.
De gemeente Venray bevordert preventie, een sterke omgeving en een duurzame uitstroom en voorkomt instroom.
Gemeente Venray gaat voor maatwerk (hulp op maat voor wie dat echt nodig heeft).
9.1 Hoe gaan we met elkaar om?
e. De gemeente streeft naar eenvoudige
[Jeugdwet, Wmo, PW, IOAW, IOAZ, Wgs, Llv,
aanvraagformulieren. Daarmee kan de inwoner een
Gemeentewet, Awb]
bijstandsuitkering of voorziening aanvragen.
9.1.1 De rol van de gemeente
Het is voor de inwoner duidelijk waar die
1. De gemeente zoekt samen met de inwoner naar
aanvraagformulieren verkrijgbaar zijn.
een oplossing voor haar probleem. Gemeente en
f. De gemeente informeert de inwoner over procedures
inwoner gaan daarbij op een respectvolle manier
die worden gevolgd. De gemeente zorgt ervoor dat
met elkaar om. De gemeente zorgt voor het
deze procedures zo eenvoudig mogelijk zijn.
volgende:
g. De gemeente respecteert zoveel mogelijk de privacy
a. Voor de inwoner is het duidelijk wie er namens
van de inwoner. De gemeente maakt binnen de
de gemeente contact met haar onderhoudt. De
wettelijke mogelijkheden gebruik van gegevens die
gemeente houdt het aantal contactpersonen zo
al binnen de gemeente aanwezig zijn. De gemeente
beperkt mogelijk.
vraagt alleen gegevens die nodig zijn voor het beoordelen van de hulpvraag.
b. De inwoner heeft, om haar probleem te bespreken, altijd recht op een gesprek met een medewerker.
h. De gemeente wijst de inwoner op cliënt-
c. De gemeente helpt de inwoner om haar probleem
ondersteuning.
bij een andere organisatie te bespreken, als het
2. De gemeente reageert op een professionele manier
bieden van hulp bij dit probleem een taak is voor
op ontoelaatbaar gedrag van de inwoner. De
die organisatie.
gemeente zorgt voor het volgende:
d. De websites van de gemeente voldoen aan erkende
a. De inwoner wordt op tijd geïnformeerd over:
kwaliteitseisen.
-
49
rechten en plichten;
Verordening SD
-
wat er van de inwoner wordt verwacht;
-
welk gedrag niet deugt;
-
wat de reactie van de gemeente is op gedrag
-
van de inwoner. Dit geldt ook als de hulp al is toegekend. b. De inwoner houdt zich aan termijnen die de
dat niet deugt; en
gemeente heeft gesteld. De gemeente geeft
waarom de gemeente tegen het gedrag
duidelijk aan hoeveel tijd de inwoner krijgt om
optreedt.
alle informatie aan te leveren.
De gemeente zorgt ervoor dat de inwoner voldoende
c. De inwoner brengt de gemeente zo snel mogelijk
geïnformeerd blijft over deze punten.
op de hoogte van veranderingen in haar situatie,
b. De gemeente geeft de inwoner de kans om haar
als die van belang kunnen zijn voor de gemeente.
mening te geven vóórdat de gemeente beslist om
9.2 Het verlagen van een bijstandsuitkering
op het gedrag van de inwoner te reageren door een maatregel te nemen.
9.2.1 Wanneer wordt de bijstandsuitkering
c. De reactie van de gemeente op ontoelaatbaar
verlaagd?
gedrag past bij: -
de ernst van het gedrag;
[PW, IOAW, IOAZ, Awb]
-
de mate waarin dat de inwoner verweten kan
1. De gemeente verlaagt een bijstandsuitkering
worden; en
als dat volgens de regels van de wet en deze
-
de persoonlijke situatie van de inwoner; en
verordening past bij de houding of het gedrag van
-
is gericht op het veranderen van dit gedrag bij
de inwoner.
de inwoner.
2. Als de gemeente besluit om de bijstandsuitkering te
d. De gemeente stuurt de inwoner een brief met
verlagen, houdt de gemeente rekening met:
daarin duidelijk vermeld wat de gemeente gaat
a. de ernst van het gedrag dat tot het verlagen van
doen als reactie op het gedrag, wat dit precies
de bijstandsuitkering heeft geleid;
betekent voor de inwoner en wat de inwoner
b. de mate waarin de inwoner het gedrag verweten
daartegen kan doen.
kan worden; en c. de persoonlijke situatie van de inwoner.
e. De gemeente maakt de inwoner ook duidelijk op welke manier de inwoner het gedrag kan
3. Voordat een bijstandsuitkering wordt verlaagd, geeft
aanpassen, zodat de relatie hersteld wordt en
de gemeente de inwoner de kans om haar mening te
de gemeente eventueel de dienstverlening zal
geven. De inwoner kan dat doen met een brief of in
voortzetten (als die is stopgezet).
een persoonlijk gesprek.
9.1.2 De rol van de inwoner
9.2.2 Afstemming verlaging
1. De inwoner is in de eerste plaats zelf
[PW, IOAW, IOAZ, Awb]
verantwoordelijk voor het oplossen van haar
1. De gemeente kan de verlaging op de
probleem. De gemeente vult de mogelijkheden
bijstandsuitkering aanpassen als de gemeente
van de inwoner en haar sociale netwerk aan als dat
daarvoor dringende redenen ziet. Dan wordt de
nodig is. De inwoner zorgt voor het volgende:
inwoner op de hoogte gebracht.
a. De inwoner gaat eerst na welke mogelijkheden zij
2. De gemeente verlaagt de bijstandsuitkering niet als:
zelf heeft om haar probleem op te lossen.
a. het gedrag de inwoner niet te verwijten is;
b. Als de gemeente hulp verleent, werkt de inwoner
b. er meer dan 1 jaar ligt tussen het gedrag van de
mee aan de oplossing van haar probleem. De
inwoner en het moment waarop de gemeente dat
inwoner doet wat nodig is om de hulp van de
gedrag heeft vastgesteld;
gemeente tot een minimum te beperken.
c. door een gedraging al een weigering van de bijstandsuitkering op grond van de IOAZ of
c. De inwoner zorgt ervoor dat de hulp van de
IOAW heeft plaatsgevonden.
gemeente niet langer duurt dan nodig is. 2. De inwoner denkt mee en heeft inspraak in de manier waarop haar probleem zo snel mogelijk kan
9.2.3 Het besluit om de uitkering te verlagen
worden opgelost. Dat betekent het volgende:
De gemeente stuurt de inwoner een brief als de
a. De inwoner informeert de gemeente zo snel en
bijstandsuitkering wordt verlaagd. In die brief staat in
zo volledig mogelijk over alles wat van belang
ieder geval:
is voor het beoordelen van de hulpvraag, de
a. waarom de bijstandsuitkering wordt verlaagd;
persoonlijke situatie en de rechten en plichten
b. hoe hoog de verlaging is;
50
Afspraken tussen inwoner en gemeente
9.2.7 Niet nakomen andere verplichtingen in
c. wanneer de verlaging ingaat;
verband met werk en tegenprestatie
d. hoe lang de verlaging duurt; en
[PW, IOAW, IOAZ, Awb]
e. waarom de gemeente afwijkt van de hoofdregels, als dat het geval is.
1. De gemeente verlaagt de bijstandsuitkering een maand met 50% van de uitkeringsnorm, als de
9.2.4 Ingangsdatum en periode verlaging
inwoner:
[PW, IOAW, IOAZ, Awb]
a. jonger is dan 27 jaar en niet of niet voldoende
De verlaging gaat in op de eerste dag van de
meewerkt aan het opstellen, uitvoeren of
kalendermaand die op het besluit volgt. De verlaging
evalueren van
duurt 1 maand of langer. Als de bijstandsuitkering
i. een plan van aanpak als bedoeld in artikel 44a
tijdens die periode wordt beëindigd, dan kan de
Participatiewet, of
verlaging niet volledig worden uitgevoerd. De gemeente
ii. een werkplan waarin de stappen richting werk
legt dan het overgebleven deel van de verlaging
worden vastgelegd;
alsnog op, als de inwoner binnen 12 maanden na
b. niet of niet voldoende meewerkt aan het
de beëindiging opnieuw een bijstandsuitkering gaat
afleggen van een taaltoets uit artikel 18b van de
ontvangen.
Participatiewet; c. niet of niet voldoende een opgedragen
9.2.5 Berekening verlaging
tegenprestatie uitvoert; of
[PW, IOAW, IOAZ, Awb]
d. alleenstaande ouder is en niet wil meewerken
1. De bijstandsuitkering wordt verlaagd met een
aan activiteiten om dichter bij werk te komen;
percentage van de uitkeringsnorm. De uitkerings-
De gemeente heeft daarom de ontheffing van
norm is de bijstandsuitkering die de inwoner in haar
de arbeidsplicht uit artikel 9a, eerste lid, van de
situatie maximaal kan krijgen. Krijgt de inwoner
Participatiewet, ingetrokken.
bijstand, dan gaat het om de bijstandsnorm,
e. Niet of niet voldoende de in artikel 56a, 2e lid, van
voor een inwoner in de leeftijd 18 tot en met 20
de Participatiewet neergelegde verplichting nakomt.
jaar gaat het ook om de aanvullende bijzondere
Het gaat hierbij om meewerken aan het betalen
bijstand. Krijgt de inwoner een IOAW- of IOAZ-
van huur, gas, water en stroom en de verplichte
uitkering, dan is het de grondslag uit de IOAW
zorgverzekering, gedurende een periode van 6
of IOAZ. Hieronder staat met welk percentage de
maanden, gerekend vanaf de dag waarop het recht
uitkeringsnorm verlaagd wordt.
op bijstand ontstaat. De gemeente verricht die
2. De verlaging wordt berekend over de uitkeringsnorm
betalingen uit de toegekende bijstand in naam van
die geldt in de maand(en), waarin de verlaging
de inwoner.
wordt toegepast.
2. De gemeente verlaagt de bijstandsuitkering een
3. De verlaging kan ook worden toegepast op de
maand met 100% van de uitkeringsnorm, als de
bijzondere bijstand, indien de inwoner bijzondere
inwoner niet voldoende probeert werk te vinden.
bijstand ontvangt en het verwijtbare gedrag van de
3. De gemeente verlaagt de IOAW- of IOAZ-uitkering
inwoner ziet op de bijzondere bijstand.
een maand met 50% van de uitkeringsnorm als de inwoner:
9.2.6 Niet nakomen wettelijke
a. niet of niet voldoende gebruikmaakt van een
arbeidsverplichtingen
aangeboden voorziening. Dit gedrag heeft er niet
[PW, Awb]
toe geleid dat de voorziening niet doorging of te
De gemeente verlaagt de bijstandsuitkering voor de
vroeg moest worden beëindigd;
duur van een maand met 100% van de uitkeringsnorm,
b. niet of niet voldoende meewerkt aan een
als de inwoner een verplichting uit artikel 18, 4e lid
onderzoek naar de mogelijkheden om te werken;
van de Participatiewet niet nakomt. Het gaat om
c. niet of niet voldoende meewerkt aan het
bijzondere verplichtingen in verband met (onbetaald)
opstellen, uitvoeren of evalueren van een
werk. De verlaging kan over maximaal 3 maanden
werkplan waarin de stappen richting werk worden
worden uitgesmeerd, dit doet de gemeente alleen als
vastgelegd;
dit past bij bijzondere omstandigheden van de inwoner.
d. door houding of gedrag moeilijker aan het werk komt; e. niet of niet voldoende een door de gemeente opgedragen tegenprestatie uitvoert; of
51
Verordening SD
9.2.9 Ontoelaatbaar gedrag (zeer ernstige
f. alleenstaande ouder is en niet wil meewerken aan activiteiten om dichter bij werk te komen.
misdragingen)
De gemeente heeft daarom de ontheffing van
[PW, IOAW, IOAZ, Awb]
de arbeidsplicht uit artikel 9a, eerste lid, van de
De gemeente verlaagt de bijstandsuitkering van een
Participatiewet, ingetrokken.
inwoner die zich ontoelaatbaar gedraagt tegenover
4. De gemeente verlaagt de IOAW- of IOAZ-uitkering
personen en instanties die de Participatiewet, de IOAW
een maand met 100% van de uitkeringsnorm, als de
en IOAZ uitvoeren. De bijstandsuitkering wordt een
inwoner:
maand verlaagd met 50% van de uitkeringsnorm bij
a. niet voldoende probeert werk te vinden;
fysiek geweld tegen materiële zaken en bij mondelinge
b. aangeboden werk niet accepteert;
of schriftelijke bedreigingen gericht op deze personen
c. door eigen schuld ontslagen wordt of ontslag
en instanties. De bijstandsuitkering wordt een maand
neemt; of
verlaagd met 100% van de uitkeringsnorm bij fysiek
d. niet of niet voldoende gebruikmaakt van een door
geweld tegen deze personen.
de gemeente aangeboden voorziening, en dit gedrag er toe geleid heeft dat de voorziening niet
9.2.10 Niet nakomen van andere verplichtingen
doorging of te vroeg is beëindigd.
[PW, Awb]
5. De gemeente kan besluiten de bijstandsuitkering
1. De gemeente verlaagt de bijstandsuitkering als de
niet te verlagen, als het de eerste keer is dat de
inwoner een opgelegde verplichting uit artikel 9
inwoner zich niet aan de verplichtingen van dit
(anders dan het niet nakomen van geüniformeerde
artikel houdt.
verplichtingen zoals genoemd in artikel 18 Participatiewet), 55 of 57 van de Participatiewet
9.2.8 Te weinig besef van verantwoordelijkheid
niet of niet voldoende nakomt. Het gaat om een
[PW, Awb]
verplichting die hieronder wordt genoemd. De
1. De gemeente verlaagt de bijstandsuitkering
verlaging duurt een maand en is:
van een inwoner die te weinig beseft dat
a. 10% van de uitkeringsnorm, als het gaat om de
zij zelf verantwoordelijk is voor haar eigen
verplichting om op een bepaalde tijd en plaats te
levensonderhoud. Door dat gedrag heeft de
verschijnen voor een gesprek in het kader van de
inwoner eerder, meer of langer uitkering nodig,
uitvoering van de wet;
dan als de inwoner zich verantwoordelijk had gedragen. De gemeente is daardoor benadeeld. De verlaging hangt af van het bedrag dat de gemeente meer of eerder heeft uitbetaald dan nodig was (benadelingsbedrag). 2. De verlaging duurt een maand en is: a. 10% van de uitkeringsnorm, bij een benadelingsbedrag tot € 1.000; b. 20% van de uitkeringsnorm, bij een benadelingsbedrag vanaf € 1.000 tot € 2.000; c. 50% van de uitkeringsnorm, bij een benadelingsbedrag vanaf € 2.000 tot € 4.000; d. 100% van de uitkeringsnorm, bij een benadelingsbedrag vanaf € 4.000; e. 100% van de uitkeringsnorm, als het benadelingsbedrag niet kan worden vastgesteld. 3. De bijzondere bijstand kan geheel of gedeeltelijk worden geweigerd bij tekortschietend besef van verantwoordelijkheid.
52
Afspraken tussen inwoner en gemeente
b. 20% van de uitkeringsnorm, als het gaat om
3. Bij opnieuw een herhaalde verlaging op grond
verplichtingen die gericht zijn op het krijgen van
van artikel 18 Participatiewet binnen 12 maanden
werk of een verplichting in verband met bijstand
bedraagt de verlaging volgens de Participatiewet 3
die in een bepaalde vorm (bijvoorbeeld in natura)
maanden van de bijstandsnorm.
of voor een specifiek doel wordt verstrekt; verplichting die is gericht op vermindering van de
9.3 Handhaving in de Wet Inburgering 2021
bijstand;
9.3.1 Verplichtingen
c. 50% van de uitkeringsnorm, als het gaat om een
1. De inburgeringsplichtige is verplicht om:
d. 100% van de uitkeringsnorm, als het gaat om
a. na de oproep te verschijnen bij de brede intake
een verplichting die is gericht op beëindiging van de bijstand.
en hieraan mee te werken; en b. de afspraken in het PIP na te komen, waaronder
2. De gemeente kan besluiten de bijstandsuitkering niet te verlagen, als het de eerste keer is dat de
deelname aan voortgangsgesprekken en
inwoner de verplichting uit het eerste lid, onder a,
aan activiteiten in het kader van de Module
niet nakomt.
Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) en het PVT.
9.2.11 Samenloop van gedragingen
2. De asielstatushouder is daarnaast ook verplicht deel
[PW, IOAW, IOAZ, Awb]
te nemen aan de taallessen en andere activiteiten
1. Een gedraging waardoor de inwoner meerdere
van de gevolgde leerroute.
verplichtingen niet nakomt, leidt tot 1 verlaging. 9.3.2 Handhaving verplichtingen bij de brede
De bijstandsuitkering wordt dan verlaagd met het
intake
hoogste percentage dat voor het niet nakomen van 1 van de verplichtingen geldt.
1. Wanneer de inburgeringsplichtige na de eerste
2. Als sprake is van meerdere gedragingen die
oproep voor de brede intake niet verschijnt of
ertoe leiden dat meerdere verplichtingen niet
onvoldoende meewerkt, geeft de gemeente een
worden nagekomen, wordt voor iedere gedraging
schriftelijke waarschuwing. De gemeente wijst
een afzonderlijke verlaging opgelegd. Deze
daarbij op de gevolgen voor de inburgeringsplichtige
verlagingen worden gelijktijdig opgelegd en indien
als zij opnieuw niet verschijnt na een oproep of als
nodig uitgesmeerd over meerdere maanden. De
zij op een andere manier onvoldoende meewerkt
gemeente stelt de verlaging naar beneden bij, als de
aan de brede intake. De gemeente nodigt de
gedragingen nauw met elkaar samenhangen en de
inburgeringsplichtige opnieuw uit om te verschijnen
totale verlaging niet meer in verhouding staat tot de
binnen 2 maanden.
ernst van de gedragingen.
2. Wanneer de inburgeringsplichtige na deze volgende
3. Er wordt geen verlaging opgelegd, als voor het niet-
oproep niet verschijnt of onvoldoende meewerkt,
nakomen van een of meerdere verplichtingen door 1
legt de gemeente de inburgeringsplichtige een boete
gedraging een bestuurlijke boete wordt opgelegd.
op. De hoogte van de boete is vastgesteld in artikel
4. Bij het niet-nakomen van een of meerdere
7.1.1 van het Besluit inburgering 2021.
verplichtingen voor meerdere gedragingen wordt
3. Voordat de gemeente een boete oplegt, wordt
per gedraging een bestuurlijke boete of verlaging
onderzocht waarom de inburgeringsplichtige
opgelegd, tenzij dit niet verantwoord is.
niet komt of onvoldoende meewerkt. De inburgeringsplichtige krijgt in een gesprek hierover
9.2.12 Herhaling (recidive)
de gelegenheid een verklaring te geven. Wanneer
[PW, IOAW, IOAZ, Awb]
de inburgeringsplichtige niet verschijnt bij dit
1. De duur van de verlaging wordt 2 maanden als
gesprek, biedt de gemeente haar de gelegenheid
de inwoner binnen 12 maanden na het eerste
haar zienswijze binnen 2 weken per brief of digitaal
verlagingsbesluit zich opnieuw zo gedraagt,
duidelijk te maken.
bij een verplichting anders dan artikel 18 lid 4
4. De gemeente legt geen boete op wanneer
Participatiewet.
aannemelijk is dat de inburgeringsplichtige niets te
2. De verlaging bedraagt 100% van de bijstandsnorm
verwijten valt.
gedurende 2 maanden bij een herhaalde gedraging
5. De gemeente legt een lagere boete op dan
op grond van artikel 18 Participatiewet lid 4 binnen
vastgesteld in artikel 7.1.1 van het Besluit
12 maanden na verlagingsbesluit.
inburgering 2021, als op basis van de reactie van
53
Verordening SD
de inburgeringsplichtige aannemelijk is dat de boete
het verkleinen van de afstand tot de arbeidsmarkt,
vanwege bijzondere omstandigheden te hoog is.
dan vindt bij voorkeur verlaging van de uitkering
Als de gemeente al op de hoogte is van bijzondere
plaats op grond van artikel 18 Participatiewet en
omstandigheden, wordt daarmee bij het opleggen
de verordening zoals bedoeld in artikel 9.2.1.
van de boete rekening gehouden.
De gemeente legt voor hetzelfde gedrag dan geen bestuurlijke boete op grond van de Wet
6. In de brief (beschikking) waarmee de boete wordt opgelegd, nodigt de gemeente de
inburgering 2021 op.
inburgeringsplichtige opnieuw uit om binnen 2
2. Houdt een inburgeringsplichtige met een
weken alsnog te verschijnen of mee te werken.
bijstandsuitkering zich niet aan verplichtingen en
Wanneer de inburgeringsplichtige hieraan niet
afspraken uit het PIP, waarin de nadruk ligt op het
voldoet, legt de gemeente weer een boete op
vergroten van de taalbeheersing en aan overige
met inachtneming van artikel 7.1.1 van het
afspraken en verplichtingen in het PIP, dan legt
Besluit inburgering 2021 en de brede intake
de gemeente bij voorkeur een boete op grond
wordt dan voltooid zonder medewerking van de
van de Wet inburgering 2021 op. De gemeente
inburgeringsplichtige.
verlaagt in dat geval voor hetzelfde gedrag de bijstandsuitkering niet.
9.3.3 Handhaving tijdens het inburgeringstraject
3. Bij de keuze tussen i) handhaven op grond van de
1. De gemeente legt een boete op als de
Participatiewet door een verlaging van de uitkering
inburgeringsplichtige de afspraken in het PIP
en ii) handhaven op grond van de Wet inburgering
tijdens het inburgeringstraject verwijtbaar niet of
2021 via een boete, weegt de gemeente ook af wat
onvoldoende nakomt.
het best bijdraagt aan het succesvol voltooien van
2. De gemeente legt de inburgeringsplichtige een boete
het inburgeringstraject.
op als zij verwijtbaar niet of onvoldoende deelneemt
4. Wanneer gedrag leidt tot een overtreding van
aan de activiteiten van de gekozen leerroute.
de Participatiewet en artikel 18 of 18b van de
3. Voordat de gemeente een boete oplegt, wordt
Participatiewet laat de gemeente geen ruimte om af
onderzocht waarom de afspraken in het PIP
te zien van verlaging van de bijstand, dan legt de
of de afspraken over de activiteiten bij de
gemeente een maatregel op en geen boete op grond
gekozen leerroute niet zijn nagekomen. De
van de Wet inburgering 2021.
inburgeringsplichtige krijgt in een gesprek hierover
5. In de brief (beschikking) aan de
de gelegenheid een verklaring te geven. Wanneer
inburgeringsplichtige vermeldt de gemeente of er
de inburgeringsplichtige niet verschijnt bij dit
een boete op grond van de Wet inburgering 2021
gesprek, biedt de gemeente haar de gelegenheid
wordt opgelegd of dat de uitkering wordt verlaagd
haar zienswijze binnen 2 weken per brief of digitaal
op grond van de Participatiewet.
kenbaar te maken. 9.3.5 Verrekening boete met bijstandsuitkering
4. Mede op basis van het gesprek met de inburgeringsplichtige dan wel haar schriftelijke
De gemeente kan de bestuurlijke boete die
zienswijze bepaalt de gemeente de mate van
op grond van de Wet inburgering 2021 aan de
verwijtbaarheid. De gemeente beoordeelt of er
inburgeringsplichtige is opgelegd, verrekenen met de
sprake is van opzet, van grove schuld, van normale
algemene bijstandsuitkering. Onder verrekenen wordt
verwijtbaarheid of van verminderde verwijtbaarheid
in dit artikel verstaan verrekenen zoals geregeld in
en stemt de boete daarop af met inachtneming van
artikel 4:93 van de Awb. De gemeente houdt hierbij
artikel 7.1 van het Besluit inburgering 2021.
rekening met een fictieve draagkracht van 5% van de bijstandsnorm die van toepassing is, inclusief
5. De gemeente legt geen boete op wanneer aannemelijk is dat de inburgeringsplichtige niets te
vakantietoeslag.
verwijten valt.
9.4 Terugvorderen uitkering 9.3.4 Samenhang met handhaving op grond van
[PW, IOAW, IOAZ]
de Participatiewet
1. De gemeente vordert gemeentelijke uitkeringen terug in de gevallen die in de wet zijn beschreven.
1. Houdt een inburgeringsplichtige met een bijstandsuitkering (Participatiewet) zich niet aan
De gemeente volgt hierbij de regels van de wet en
verplichtingen en afspraken uit het PIP, waarin de
de gemeentelijke beleidsregels, welke te vinden zijn
nadruk ligt op het bevorderen van participatie en
op www.overheid.nl. De gemeente vordert niet terug
54
Afspraken tussen inwoner en gemeente
als terugvordering onaanvaardbare gevolgen heeft
voor een voorziening. De gemeente houdt dan
voor de inwoner.
wel rekening met een redelijke overgangsperiode.
2. Bij de incasso zorgt de gemeente ervoor dat
2. De voorziening kan met terugwerkende kracht
inwoners een inkomen blijven houden dat past
worden beëindigd (ingetrokken). De gemeente trekt
bij hun persoonlijke situatie. Dit inkomen is in
dan het toekenningsbesluit in. 3. De gemeente kan een besluit om een pgb toe
ieder geval gelijk aan de beslagvrije voet. Dat is het bedrag dat de inwoner in ieder geval moet
te kennen intrekken, als de inwoner het pgb niet
overhouden van zijn inkomen.
binnen 3 maanden na toekenning heeft gebruikt om de voorziening te betalen waarvoor het pgb is
9.5 Beëindigen en terugvorderen voorziening
bestemd, tenzij: a. de gemeente een langere termijn heeft bepaald;
9.5.1 Beëindiging voorziening
of
[Jeugdwet, Wmo, PW, IOAW, IOAZ, Wgs, Llv,
b. de inwoner niet te verwijten is dat zij het pgb
Gemeentewet]
niet binnen die termijn heeft gebruikt.
1. De gemeente kan een voorziening geheel of gedeeltelijk beëindigen als dat in de wet of in deze
9.5.2 Terugvordering en verrekening voorziening
verordening is aangegeven. De voorziening kan
[Jeugdwet, Wmo, PW, IOAW, IOAZ, Wgs, Llv,
in ieder geval worden beëindigd, vanaf het moment
Gemeentewet]
dat:
1. De gemeente kan, behoudens de gevallen zoals
a. de voorziening niet langer passend of nodig is;
bedoeld in artikel 9.4, de voorziening, of de waarde
b. de inwoner zich niet houdt aan voorwaarden
daarvan, van de inwoner terugvorderen. Dat kan
en verplichtingen die aan de voorziening zijn
de gemeente doen vanaf het moment waarop
verbonden;
is voldaan aan 1 van de intrekkingsgronden die
c. de gemeente niet langer kan beoordelen of de
genoemd worden in artikel 9.5.1.
inwoner in aanmerking komt voor de voorziening,
2. Hulp-op-maat voorziening Wmo kan alleen worden
omdat de inwoner onvoldoende of onjuiste
teruggevorderd als die voorziening is ingetrokken
informatie geeft, of onvoldoende meewerkt aan
omdat de inwoner opzettelijk onjuiste of onvolledige
een onderzoek naar het recht op de voorziening;
gegevens aan de gemeente heeft verstrekt.
d. de voorziening is verstrekt op grond van onjuiste
3. De gemeente kan een vordering op de inwoner op
of onvolledige gegevens van de inwoner;
grond van dit artikel, verrekenen met een vordering
e. de voorziening voor een ander doel wordt
die de inwoner op de gemeente krijgt op grond
gebruikt dan bedoeld; of
van 1 van de wetten waarop deze verordening is
f. het gemeentelijk beleid is gewijzigd, en de
gebaseerd.
inwoner daarom niet meer in aanmerking komt
55
Verordening SD
9.6 Hoe controleert de gemeente of afspraken worden nagekomen? 9.6.1 Controle [Jeugdwet, Wmo, PW, IOAW, IOAZ] 1. De gemeente controleert regelmatig of de inwoner die een uitkering of voorziening van de gemeente ontvangt, recht heeft op een uitkering of voorziening. De gemeente kan daarvoor onder andere gebruik maken van: a. huisbezoeken: medewerkers van de gemeente gaan langs bij de inwoner en kijken in en om de woning. De gemeente kan een huisbezoek aankondigen, maar dat hoeft niet. Het huisbezoek vindt alleen plaats met toestemming van, en samen met de inwoner; 9.6.3 Privacy bij controle op misbruik en
b. waarnemingen: medewerkers van de gemeente
oneigenlijk gebruik
verzamelen gegevens over de inwoner zonder dat
[Jeugdwet, Wmo, PW, IOAW, IOAZ]
de inwoner hierover vooraf is geïnformeerd. c. bestandsvergelijkingen: de gemeente vergelijkt
De gemeente stelt alles in het werk om misbruik en
de gegevens van de inwoner met de gegevens
oneigenlijk gebruik te voorkomen (preventie). Daarom
die bekend zijn over deze inwoner bij andere
informeert de gemeente inwoners op een duidelijke
organisaties, zoals bij UWV, de Belastingdienst en
en volledige manier over de rechten en plichten. Ook
andere gemeenten;
informeert de gemeente inwoners over de gevolgen
d. signalen en tips van organisaties of particulieren;
van misbruik en oneigenlijk gebruik van uitkeringen en
e. andere onderzoeksmethoden.
voorzieningen. Bij het niet (behoorlijk) nakomen van de
2. Het controleren van voorzieningen is ook bedoeld
inlichtingenplicht kan de gemeente een waarschuwing
om de kwaliteit van de voorziening te beoordelen en
geven of een boete opleggen. De gemeente heeft
om te kijken of de voorziening op de juiste manier
hiervoor beleidsregels opgesteld. belastend is.
wordt gebruikt. 9.6.4 Toezichthouders
3. Het college houden zich aan de regels die horen bij het onderzoek naar rechtmatig gebruik van
[Jeugdwet, Wmo, PW, IOAW, IOAZ]
voorzieningen en uitkeringen.
De gemeente kan een of meer ambtenaren aanwijzen
4. Bij beëindiging van de uitkering of voorziening op
die de taak hebben erop toe te zien dat de wetten
verzoek van de inwoner, informeert de gemeente
en de bijbehorende regels worden nageleefd. Voor
wat de reden is van de beëindiging. De gemeente
hulp-op-maat Wmo geldt dat de gemeente verplicht is
gaat ook na of de uitkering of voorziening tot de
toezichthouders aan te wijzen.
einddatum terecht is verstrekt.
9.7 Handhavingsplan en verantwoording
9.6.2 Voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik
De gemeente stelt een handhavingsplan op voor het
[Jeugdwet, Wmo, PW, IOAW, IOAZ]
bestrijden van misbruik en oneigenlijk gebruik van de
De gemeente stelt alles in het werk om misbruik
Participatiewet, IOAW en IOAZ en de te verwachten
en oneigenlijk gebruik te voorkomen (preventie).
resultaten.
Daarom informeert de gemeente inwoners op een duidelijke en volledige manier over de rechten en
9.8 Aangifte Openbaar Ministerie
plichten. Ook informeert de gemeente inwoners over
Indien het benadelingsbedrag het bedrag, genoemd in
de gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van
de aanwijzing en richtlijn voor strafvordering in sociale
uitkeringen en voorzieningen. Bij het niet (behoorlijk)
zekerheidsmisbruik en oneigenlijk gebruik, overschrijdt
nakomen van de inlichtingenplicht kan de gemeente
wordt door of namens het college proces-verbaal
een waarschuwing geven of een boete opleggen. De
opgemaakt en aangifte gedaan bij het Openbaar
gemeente heeft hiervoor beleidsregels opgesteld.
Ministerie.
56
Inwonerparticipatie
10 Inwonerparticipatie Het beleid dat de gemeente maakt en uitvoert is bedoeld voor de inwoners. Met de ervaringen van de inwoners kan de gemeente haar beleid als het nodig is aanpassen en verbeteren. In dit hoofdstuk is vastgelegd hoe inwoners hun invloed kunnen uitoefenen. Ook is geregeld dat er een adviesraad is en staat de taak van deze raad beschreven. Ten slotte is hier ook geregeld op welke manier inwoners met leveranciers, zoals zorgaanbieders, kunnen overleggen over diensten en producten die bedoeld zijn voor inwoners met een beperking.
Voor dit hoofdstuk geldt in ieder geval de volgende kernwaarde:
Gemeente Venray zet in op vitale inwoners en een sterke omgeving.
10.1 Inspraak van inwoners
doel van de Adviesraad sociaal domein is het geven van
[Jeugdwet, Wmo, PW, IOAW, IOAZ,
advies over beleid van de gemeente bij de uitvoering
Gemeentewet]
van de genoemde wetten.
1. De gemeente kiest ervoor om inwoners inspraak te geven in de onderwerpen die in deze
10.2.1 Samenstelling en werkwijze
verordening worden geregeld. Inwoners kunnen
1. De Adviesraad sociaal domein bestaat uit maximaal
inspraak hebben bij:
12 personen.
a. plannen voor beleid en regels;
2. De leden worden benoemd door het college voor 4
b. de manier waarop de gemeente beleid en regels
jaar. Leden kunnen 1 keer worden herbenoemd. De
uitvoert;
leden van de Adviesraad sociaal domein wijzen uit
2. Inspraak houdt ook in het doen van voorstellen
hun midden een voorzitter en een secretaris aan.
voor ander beleid, andere regels of een andere
3. Inwoners kunnen een vergadering van de
uitvoering.
cliëntenraad bijwonen, behalve als er een
3. De gemeente kan inwoners op verschillende
zwaarwegend belang is om dit niet te doen.
manieren inspraak geven:
Inwoners kunnen bij de cliëntenraad onderwerpen
a. via de Adviesraad sociaal domein
voor de agenda aanmelden. De cliëntenraad
b. door inwoners te raadplegen, bijvoorbeeld met
informeert inwoners waar en wanneer de
enquêtes en bijeenkomsten;
vergaderingen zijn en hoe zij onderwerpen kunnen
c. door samen met inwoners een plan te
aanmelden.
ontwerpen; of
4. De gemeente zorgt voor goede ondersteuning van
d. op andere geschikte manieren.
de Adviesraad sociaal domein, bijvoorbeeld door
4. De gemeente kiest die vorm van inspraak die past
a. zorgt het college voor een ambtelijk
bij het onderwerp en bij de groep waar het om gaat.
aanspreekpunt voor de Adviesraad sociaal domein
10.2 Adviesraad sociaal domein
b. geschikte vergaderruimte;
[Jeugdwet, LLV, Wmo, PW, IOAW, IOAZ]
c. voldoende informatie over plannen voor nieuw
De gemeente zet zich ervoor in dat er een Adviesraad
beleid;
sociaal domein is die betrokken wordt bij de
d. voldoende tijd om advies over nieuw beleid te
vraagstukken in het sociaal domein De Adviesraad
kunnen geven. De gemeente zorgt ervoor dat een
sociaal domein vormt een afspiegeling van de
plan voor nieuw beleid tijdig bij de Adviesraad
inwoners die kenmerkend zijn voor de Venrayse
sociaal domein ligt, zodat het gegeven advies nog
samenleving met een inhoudelijke kennis en een
van invloed kan zijn op het te nemen besluit;
aantoonbaar netwerk binnen het sociaal domein. Het
e. Het college zorgt ervoor dat het standpunt van
57
Verordening SD
belanghebbenden in de beleidsontwikkeling
2. De Adviesraad sociaal domein brengt jaarlijks voor
zichtbaar wordt gemaakt en betrekt het advies
1 april aan het dagelijks bestuur verslag uit van de
van de Adviesraad sociaal domein zichtbaar bij
activiteiten en bevindingen over het afgelopen jaar
de besluitvorming. Als het college afwijkt van
en van de besteding van het budget over dat jaar.
het advies van de Adviesraad sociaal domein dan
Budget dat niet in het betreffende jaar is besteed
wordt dit bij het voorstel vermeld en een reden
gaat terug naar de gemeente.
voor genoemd.
3. De leden van de Adviesraad sociaal domein ontvangen een door het college te bepalen
10.2.2 Taken en bevoegdheden
vergoeding.
• 1.De Adviesraad sociaal domein geeft gevraagd en ongevraagd advies over plannen voor nieuw beleid
10.3 Inspraak bij aanbieders
van burgemeester en wethouders of van de
[Jeugdwet, Wmo]
gemeenteraad. De Adviesraad sociaal domein kan
1. Aanbieders zijn verplicht om inwoners die gebruik maken van hun diensten of producten, inspraak
ook advies geven over het geldende beleid. • 2.De Adviesraad sociaal domein houdt zich niet bezig
te geven en daarover regels te maken. Dat kan
met individuele klachten en bezwaarschriften of
bijvoorbeeld door middel van een cliëntenraad of
met andere zaken over een bepaalde inwoner. Ook
andere vormen van inspraak. 2. De gemeente ziet erop toe dat de aanbieder
kan niet geadviseerd worden op het gebied van de gemeentelijke bedrijfsvoering en financiën.
van Wmo-hulp de regels over inspraak naleeft. De gemeente overlegt regelmatig met deze aanbieders
10.2.3 Budget, verslag, vergoeding en
over de dienstverlening en onderzoekt jaarlijks
voorzieningen
hoe tevreden inwoners met de aanbieder zijn. Voor
1. Het college stelt een uitvoeringsbudget beschikbaar
jeugdhulp is het toezicht geregeld in de Jeugdwet.
voor de Adviesraad sociaal domein voor de kosten
De Inspectie voor de Volksgezondheid ziet erop toe
in het kader van deskundigheidsbevordering,
dat de aanbieder van jeugdhulp de regels uit de
bijwonen studiedagen of symposia en voorlichting
Jeugdwet naleeft.
en PR. Op basis van een onderbouwde begroting van de Adviesraad sociaal domein. De Adviesraad sociaal domein moet de begroting uiterlijk in januari van het jaar dat voorafgaat aan het begrotingsjaar aanleveren.
58
Aanmerkingen op de uitvoering
11 Aanmerkingen op de uitvoering De gemeente probeert het beleid en de regels zo goed mogelijk uit te voeren. Toch is het mogelijk dat inwoners het niet eens zijn met de aanpak van de gemeente. Wanneer een inwoner niet tevreden is, vindt de gemeente dit een belangrijk signaal. De gemeente wil dan graag de kritiek met de inwoner bespreken en nagaan of er een oplossing is. Als dit niet mogelijk is, bestaat de mogelijkheid om een klacht in te dienen of bezwaar te maken. In dit hoofdstuk staan enkele regels over de mogelijkheid om een klacht in te dienen of bezwaar te maken. Bij problemen met jeugdhulp, kan de inwoner een vertrouwenspersoon spreken. Dit hoofdstuk sluit aan bij de visie op klachtbehandeling van de Nationale ombudsman.
Voor dit hoofdstuk geldt in ieder geval de volgende kernwaarde:
Gemeente Venray gaat voor maatwerk (hulp op maat voor wie dat echt nodig heeft).
11.1 Doelen klacht- en bezwaarprocedure
3. De inwoner kan kritiek op de uitvoering van wettelijke taken door de gemeente uiten via
[Awb, Gemeentewet]
een eenvoudige en effectieve klachten- en
1. De gemeente ziet een klacht of bezwaar als:
bezwaarprocedure.
a. een aanleiding om een besluit te heroverwegen;
4. De gemeente zorgt ervoor dat klachten en bezwaren
b. een mogelijkheid om de dienstverlening aan
zo snel mogelijk, maar in ieder geval binnen de
inwoners te verbeteren;
wettelijke termijnen, worden afgehandeld.
c. een aanleiding om een vertrouwensbreuk te
5. De gemeente zet zich ervoor in dat de inwoner die
herstellen; en
een klacht of bezwaar heeft ingediend, zich gehoord
d. een aanzet om fouten bij de uitvoering van
voelt.
wettelijke taken te herstellen.
11.2 Klachtenprocedure
2. De inwoner die een klacht of bezwaar heeft ingediend, krijgt de gelegenheid om haar klacht of
[Awb, Gemeentewet]
bezwaar mondeling toe te lichten.
De inwoner kan een klacht indienen over het gedrag van bestuursorganen en medewerkers van de gemeente bij de uitvoering van hun taak. In de Awb en de Klachtenregeling gemeente Venray staan de regels die gelden voor het indienen en behandelen van
@
klachten.
11.3 Klachten over andere personen of organisaties [Awb, Gemeentewet] 1. De inwoner met een klacht over het gedrag van een medewerker van een organisatie die namens de gemeente hulp verleent, kan die klacht indienen bij die organisatie. Die organisatie moet een klachtenregeling hebben en deze met de gemeente hebben gedeeld. Is de inwoner niet tevreden over de behandeling van de klacht, dan kan de inwoner zjin klacht alsnog indienen bij de gemeente.
59
Verordening SD
11.4 Vertrouwenspersoon
2. Als de inwoner niet tevreden is over de manier waarop de klacht door de gecontracteerde persoon
[Jeugdwet]
of organisatie is afgehandeld, verwijst de aanbieder
De gemeente zorgt ervoor dat de inwoner die
de inwoner door naar de gemeente. De inwoner kan
jeugdhulp krijgt, een onafhankelijke vertrouwens-
dan een klacht indienen bij de gemeente.
persoon kan spreken. De vertrouwenspersoon kan
3. De inwoner die geraakt is door geweld of ander
de inwoner ondersteunen bij problemen, klachten en
strafbaar gedrag van personen of van een
vragen in verband met de jeugdhulp.
organisatie die die hulp verlenen op grond van een besluit van de gemeente, kan dit melden bij de
11.5 Bezwaar
gemeente. De gemeente bepaalt hoe die melding
[Awb, Gemeentewet]
wordt behandeld.
1. Als de gemeente een besluit neemt, informeert de gemeente de inwoner over de manier waarop bezwaar kan worden gemaakt tegen dat besluit. 2. De inwoner die het niet eens is met een besluit kan daartegen bezwaar maken volgens de regels die zijn beschreven in de Awb en de verordening commissie bezwaarschriften gemeente Venray.
60
Kwaliteit, inkoop en aanbesteding
12 Kwaliteit, inkoop en aanbesteding De diensten en producten die de gemeente en aanbieders leveren, moeten van goede kwaliteit zijn. Diensten moeten aansluiten bij de behoeften van de inwoner. Producten moeten veilig, degelijk en goed bruikbaar zijn voor de inwoner. De gemeente moet zich bij de inkoop van diensten en producten aan bepaalde regels houden. Dit hoofdstuk gaat over de kwaliteit, de inkoop en de aanbesteding van diensten en producten.
Voor dit hoofdstuk geldt in ieder geval de volgende kernwaarde:
Gemeente Venray normaliseert, versterkt de toegang tot ondersteuning en werkt samen met (zorg)aanbieders.
12.1 Kwaliteit
12.2 Inkoop en aanbesteding
[Jeugdwet, Wmo, Gemeentewet]
1. De gemeente zorgt er voor dat de kwaliteit van
1. Alle diensten en producten die de gemeente in het
de diensten en producten in het kader van deze
kader van deze verordening aanbiedt moeten van
verordening gegarandeerd is. Bij inkoop en
goede kwaliteit zijn zodat het gewenste resultaat
aanbesteding toetst de gemeente of aanbieders
voor de inwoner wordt bereikt.
rekening houden met de voorwaarden uit artikel
2. De gemeente zorgt voor een goede prijs-
12.1 derde lid.
kwaliteitverhouding door:
2. De gemeente houdt bij het vaststellen van prijzen
a. een vaste prijs te bepalen. Die prijs geldt dan
rekening met:
voor inschrijving op een aanbesteding en voor
a. het soort dienst of product;
een daaropvolgende overeenkomst met een
b. het salaris en andere arbeidsvoorwaarden van
aanbieder; of
werknemers;
b. een reële prijs vast te stellen. Die geldt dan als
c. een redelijke toeslag voor overheadkosten;
ondergrens voor een inschrijving en voor een
d. andere personeelskosten die niet direct met de
overeenkomst met een aanbieder.
dienstverlening te maken hebben, zoals kosten
3. De diensten en producten:
voor werkoverleg, bijscholing, ziekte en verlof
a. passen bij de behoefte van de inwoner;
van werknemers;
b. zijn veilig, geschikt en bruikbaar voor de
e. reis- en opleidingskosten van werknemers;
inwoner;
f. het jaarlijks aanpassen van de reële prijs in
c. voldoen aan normen en eisen die door de
verband met wijziging van de kosten;
beroepsgroep of in het vakgebied algemeen zijn
g. andere kosten die het gevolg zijn van
aanvaard;
verplichtingen voor aanbieders, zoals rapportage-
d. worden afgestemd op andere diensten of
en administratieve verplichtingen.
producten die aan de inwoner worden geleverd; e. worden geleverd volgens een bepaalde structuur, die op tijd aan de inwoner wordt meegedeeld.
61
Verordening SD
13 Begrippenlijst In deze verordening worden allerlei begrippen gebruikt. Deze begrippen hebben dezelfde betekenis als in de wetten waarop deze verordening is gebaseerd. Waarom deze begrippenlijst? • Soms worden bepaalde begrippen in meerdere wetten gebruikt en hebben ze in die wetten een verschillende betekenis. Hier staat wat de betekenis van deze begrippen in deze verordening is. • Voor een aantal begrippen geldt dat ze in deze verordening een ruimere betekenis hebben dan in de genoemde wetten, omdat we zoveel mogelijk aansluiten bij het normale, dagelijkse taalgebruik. • Ook staan er voor de duidelijkheid enkele wettelijke begrippen in de lijst, die in deze verordening wel dezelfde betekenis hebben, maar hier in andere woorden zijn omschreven. • Ten slotte worden in deze verordening ook begrippen gebruikt die niet zijn terug te vinden in de wetten. Ook die zijn hier omschreven.
Aanbieder(s):
de natuurlijke persoon of rechtspersoon die goederen of diensten levert op grond van een besluit van de gemeente.
Aangepast vervoer:
vervoer met een besloten (school)bus, taxi, treintaxi of bustaxi, niet zijnde openbaar vervoer.
Aanvraag:
een schriftelijk verzoek van een inwoner om een schriftelijk besluit te nemen.
Algemeen gebruikelijke voorziening(en):
een voorziening die • niet specifiek bedoeld is voor personen met een beperking; • daadwerkelijk beschikbaar is; • een passende bijdrage levert aan het realiseren van zelfredzaamheid of participatie; en • financieel kan worden gedragen met een inkomen op minimumniveau.
Andere voorziening(en):
een voorziening waarop de inwoner een beroep kan doen voor de hulp die zij nodig heeft, anders dan hulp-op-maat. Het gaat om voorzieningen die buiten de regeling liggen van de aangevraagde voorziening of om voorzieningen die binnen het bereik van die regeling liggen, maar vrij toegankelijk zijn voor de inwoner. Dat kan bijvoorbeeld een andere uitkering zijn, een algemeen gebruikelijke, algemene of voorliggende voorziening, of voorliggende voorzieningen op grond van andere regelingen, zoals alimentatie en toeslagen.
Anw-uitkering:
een maandelijkse uitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet.
Aow-leeftijd:
leeftijd waarop een uitkering (pensioen) op grond van de Algemene ouderdomswet ingaat.
Arbeidsverplichting:
de verplichting om werk te zoeken en te aanvaarden, om mee te werken aan activiteiten om aan het werk te komen, waaronder het onderzoeken van de mogelijkheden, of het leveren van een tegenprestatie, als bedoeld in artikel 9, 18 4e lid en 18a 5e lid van de Participatiewet, artikel 20a 5e lid en 37 van de IOAW en artikel 20a 5e lid en 37 van de IOAZ.
Awb:
Algemene wet bestuursrecht.
62
Begrippenlijst
Basisonderwijs:
onderwijs op een basisschool of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs.
Basisschool:
basisschool als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs.
Benadelingsbedrag:
netto bedrag dat ten onrechte aan bijstand is verstrekt of het bedrag dat de inwoner onverantwoord heeft ingeteerd (te snel opmaken van eigen middelen) waardoor zij eerder een beroep dient te doen op bijstand.
Beperking(en):
de vermindering van mogelijkheden door een lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke, psychische of psychosociale handicap. Dat heeft tot gevolg gehad dat er een belemmering is ontstaan in het sociaal-maatschappelijk functioneren.
Als het om vervoer naar school gaat: het vervoer naar school.
Beschermd wonen:
is een hulp-op-maat voorziening bestaande uit de volgende kenmerken: - wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorende toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen, bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving; en, - de begeleiding wordt planbaar en onplanbaar (24 uur per dag) geboden op gevraagde en ongevraagde momenten, zodat er goed kan worden ingespeeld op de (al dan niet geëxpliceerde) zorgvraag van de cliënt.
Bestuurlijke boete:
een boete, vanwege het niet (behoorlijk) nakomen van de inlichtingenplicht op grond van artikel 17, eerste lid, van de Participatiewet, artikel 13, eerste lid, van de IOAW, artikel 13, eerste lid, van de IOAZ, of artikel 30c van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (BIG):
De Wet BIG geeft regels voor beroepen in de gezondheidszorg en beschermt patiënten tegen ondeskundig en onzorgvuldig handelen. Op grond van de Wet BIG zijn bepaalde zorgverleners verplicht zich in te schrijven in het BIG-register.
Brede intake:
voor de Wet inburgering wordt er een brede intake afgenomen. De brede intake is een onderzoek naar de mogelijkheden die de inburgeringsplichtige heeft om aan de inburgeringsplicht te voldoen. De brede intake bestaat in ieder geval uit een leerbaarheidstoets, een onderzoek over het onderwijs dat is gevolgd en de werkervaring uit het land van herkomst. Daarnaast bestaat de brede intake uit een verkenning naar de persoonlijke omstandigheden. En tot slot een verkenning van de mogelijkheden om het kind van de inburgeringsplichtige deel te laten nemen aan de voorschoolse educatie.
Bijstandsnorm:
de maximale hoogte van de bijstandsuitkering, bedoeld in artikel 5, onderdeel c van de Participatiewet, artikel 5 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) of artikel 5 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikt gewezen zelfstandigen (IOAZ). De hoogte hangt af van de woon- en leefsituatie en de leeftijd van de inwoner.
63
Verordening SD
Bijstandsuitkering:
de algemene bijstand voor levensonderhoud op grond van de Participatiewet, IOAW en IOAZ. Gaat het om een jongere van 18 tot 21 jaar, dan wordt met bijstandsuitkering bedoeld: de algemene bijstand plus de eventuele aanvullende bijzondere bijstand op grond van artikel 12 van de Participatiewet.
Collectief taxivervoer:
vervoer van deur tot deur, op afroep en met een deeltaxi (ook wel collectief vraagafhankelijk vervoer genoemd).
Dichtstbijzijnde school:
school die het dichtst bij de woning of opstapplaats van het kind ligt, gemeten via de kortste route waarlangs het kind veilig kan reizen. Als het kind naar een speciale school voor basisonderwijs gaat, dan is de dichtstbijzijnde school de school in het samenwerkingsverband waarop het kind eerst zat, of een andere speciale school voor basisonderwijs binnen dit samenwerkingsverband, als het vervoer naar die school voor de gemeente goedkoper is.