CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Samenvatting Hoofdstuk 3 Toelichting

Gemeenteraad 30 maart 2021, gemeente VenrayBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan en MER De Spurkt4.356 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

Hoofdstuk 3

Locatiekeuze

Volgens artikel 7.7 van de Wet milieubeheer worden in een MER de 'redelijkerwijs in beschouwing te nemen' alternatieven beschreven. In de eerste fase van de m.e.r.-procedure, het bepalen van reikwijdte en detailniveau, zijn locatiealternatieven voor het bedrijventerrein onderzocht. Hierbij zijn de mogelijke locaties beschouwd op basis van de geschiktheid van de locatie en risico's op milieueffecten waarbij ook is bezien of de locaties hierin onderling verschillen. In een aantal stappen is getrechterd van enkele potentiële locaties voor het bedrijventerrein binnen de gemeente Venray naar voorkeurslocatie De Spurkt. Locatie De Spurkt is gelegen ten noorden van bedrijventerrein Smakterheide. In paragraaf 3.1 zijn de trechteringsstappen nader uitgewerkt. In paragraaf 3.2 is de locatiekeuze voor De Spurkt samengevat.

3.1

Trechtering locatiealternatieven bedrijventerrein

In het locatieonderzoek is bekeken welke gebieden geschikt zijn voor de ontwikkeling van het bedrijventerrein. In een aantal stappen is getrechterd naar potentiële locaties die redelijkerwijs in beschouwing kunnen worden genomen, met als doel te komen tot een voorkeurslocatie waar én voldoende ruimte aanwezig is voor de ontwikkeling van het bedrijventerrein én die de minste risico's heeft op milieueffecten en hinder voor de omgeving. Onderstaand zijn de stappen toegelicht. Stap 1. Ligging binnen gemeente Venray In het kader van de Regionale visie bedrijventerreinen is afgesproken 30 ha netto bedrijventerrein te ontwikkelen in de gemeente Venray. Voor potentiële locaties wordt daarom gezocht binnen de gemeentegrenzen van Venray. Locaties buiten Venray zijn buiten beschouwing gelaten. Stap 2. Aansluitend op bestaande bedrijventerreinen Het Provinciale Omgevingsplan Limburg (POL, 2014) bevat een aantal basisprincipes voor de ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen. Zo dient de ontwikkeling te passen binnen de geformuleerde verstedelijkingsprincipes van de provincie Limburg, waaronder de Ladder voor duurzame verstedelijking. Twee belangrijke uitgangspunten daarbij zijn: 1. Nieuwe stedelijke ontwikkelingen moeten een plek krijgen binnen het bebouwd gebied.

Als dat in uitzonderingsgevallen niet kan, dan toch zoveel mogelijk aansluitend daaraan én met een stevige tegenprestatie voor het verlies aan omgevingskwaliteiten. 2. Goed gebruik maken van reeds bestaande voorzieningen (benutten bestaande voorraad, optimaal benutten wegen door verkeer- en vervoersmanagement, meervoudig ruimtegebruik e.d.). Sinds 2012 de Ladder voor duurzame verstedelijking (hierna: Ladder) van toepassing op bestemmingsplannen. Het doel van de Ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De Ladder volgt een aantal criteria, waaronder het ruimtelijk verzorgingsgebied, de nut en noodzaak en de ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Voor de ontwikkeling van een nieuw bedrijventerrein buiten bestaand stedelijk gebied moet gemotiveerd worden waarom niet binnen bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Dat is bijvoorbeeld vanwege de beoogde milieucategorieën, kavelgroottes en bestaande functies die al aanwezig zijn. In dit geval is er behoefte aan middelgrote en grootschalige kavels en ruimte voor bedrijvigheid met een milieu impact die gerelateerd is aan de maakindustrie, agrofood en logistieke sector. Het bedrijventerrein richt zich op zowel middelgrote bedrijven vanaf circa 2 hectare, als op grootschalige bedrijven vanaf circa 5 hectare.

Er bestaat een aanvullende behoefte aan bedrijfskavels in Venray. In Venray is er een verwachte behoefte van 45-85 hectare tot en met 2029 met name in het segment groter dan 2 hectare. Binnen het primaire verzorgingsgebied is de komende tien jaar een vraag naar maximaal circa 250-300 hectare bedrijventerrein. Ook binnen het secundaire verzorgingsgebied is er een

11

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

aanvullende vraag naar bedrijventerreinen de komende tien jaar. In verband met de uitstraling van bedrijven in deze sectoren en van deze omvang op de omgeving, is de ontwikkeling van het bedrijventerrein binnen bestaand stedelijk gebied niet mogelijk. Volgens de uitgangspunten in het POL dient de ontwikkeling van het bedrijventerrein zoveel mogelijk aan te sluiten op bestaand stedelijk gebied, en dient goed gebruik te worden gemaakt van reeds bestaande voorzieningen. Daarom is gezocht naar locaties waar aangesloten kan worden op bestaande bedrijventerreinen. Bestaande bedrijventerreinen kennen al milieueffecten zoals geluidseffecten, landschappelijke effecten en effecten op luchtkwaliteit. Het aansluiten op bestaande bedrijventerreinen zorgt ervoor dat deze bestaande effecten worden gebundeld met de toekomstige effecten van het nieuwe bedrijventerrein. Dit is in de geest van de Ladder voor duurzame verstedelijking. Door deze bundeling worden er zo min mogelijk 'nieuwe' omwonenden belast met mogelijke effecten. Daarbij hebben bestaande bedrijventerreinen infrastructuur die erop is gericht de bedrijventerreinen zo goed als mogelijk te bedienen en het bestemmingsverkeer goed af te wikkelen. Er is in deze stap gekeken naar locaties in de nabijheid van bedrijventerreinen die qua schaalniveau vergelijkbaar zijn met de ambitie van 30 ha netto bedrijventerrein.

Bij bestaande bedrijventerreinen van een kleinere schaal zullen de effecten juist flink worden vergroot als er 30 ha nieuw bedrijventerrein bij komt. Bedrijventerreinen van een kleine schaal zijn daarom niet meegenomen in de trechtering van het locatieonderzoek. Figuur 3-1 toont alle bestaande grootschalige bedrijventerreinen binnen of grenzend aan de gemeente Venray.

Figuur 3-1 Bedrijventerreinen binnen of grenzend aan de gemeente Venray Er zijn vijf grootschalige (>30 ha) bestaande bedrijventerreinen binnen of grenzend aan de gemeente Venray: 1. De Blakt en Witte Vennen. Deze terreinen liggen tegen elkaar aan, aan de oostkant van het knooppunt van de N270 en de A73 (zie nr. 1 in Figuur 3-1). 2. De Hulst II. Dit terrein ligt tussen de kernen van Oostrum en Venray ten noordoosten van het

12

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

knooppunt N270 en A73 (zie nr. 2 in Figuur 3-1). 3. Smakterheide en Keizersveld. Deze terreinen liggen aan de noordkant van Venray, ten westen van de A73 (zie nr. 3 in Figuur 3-1). 4. Wanssum. Dit terrein ligt ten oosten van Wanssum, aan de noordkant van de N270 (zie nr. 4 in Figuur 3-1). 5. Venrayseweg II in Horst aan de Maas. Dit terrein ligt ten westen van de A73 aan weerszijden van de N553 (Venrayseweg). Het terrein zelf ligt net buiten de gemeentegrenzen van Venray, maar aan de noordzijde zou op grondgebied van Venray kunnen worden aangesloten bij dit bedrijventerrein. De locatie is om deze reden meegenomen in de trechtering. Voor deze grootschalige bedrijventerreinen is gekeken of er rond die terreinen ruimte is voor een nieuw bedrijventerrein binnen de gemeente Venray. Hierop zijn vijf locaties bepaald voor een eventueel nieuw bedrijventerrein. Deze zijn weergegeven in Figuur 3-2: Locatie 1 ligt ten zuiden van bedrijventerrein De Blakt Locatie 2 ligt ten noorden van bedrijventerrein De Hulst Locatie 3 ligt ten noorden van bedrijventerrein Smakterheide Locatie 4 ligt ten oosten van bedrijventerrein Wanssum Locatie 5 ligt ten zuiden van Castenray

Figuur 3-2 Locaties die aansluiten op bestaande bedrijventerreinen met schaalgrootte >30ha Stap 3. Voldoende ruimte voor ambitie 30 ha netto De ambitie van 30 ha netto bedrijventerrein is sterk gekoppeld aan de onderliggende financiële businesscase die voor een dergelijk terrein is opgesteld. Om aan de behoefte voor middelgrote en grootschalige bedrijventerreinen voor de maakindustrie, agrofood en logistiek in Venray te voldoen, is een oppervlakte van 30 ha netto nodig. Dit is nodig om minimaal kostenefficiënt het bedrijventerrein te kunnen uitbaten in een situatie dat het tegen zit.

13

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

Voor de vijf locaties uit stap 1 en 2 is gekeken of het op voorhand mogelijk is om hier 30 ha netto bedrijventerrein te ontwikkelen. Concreet is er gekeken of er voldoende percelen zijn die op voorhand geen grote planologische en juridische belemmeringen hebben. Belemmeringen komen enerzijds voort uit een gebrek aan fysieke ruimte, in dit geval vanwege de aanwezigheid van woonkernen en/of bestaande bebouwing, en anderzijds door mogelijke grote juridische belemmeringen vanuit huidige weten regelgeving. In dit tweede geval is gekeken naar de aanwezigheid en/of nabijheid van wettelijk en provinciaal beschermde natuurgebieden (Natura 2000-gebieden en Goudgroene natuurzone uit het POL2014). Gebieden met een dergelijke status zijn niet realistisch geacht voor de ontwikkeling van een bedrijventerrein in het geval er locatiealternatieven zijn, die niet in dit type gebieden zijn gelegen. Uit deze analyse komt naar voren dat de locaties 1 t/m 3 de mogelijkheid bieden om 30 ha netto bedrijventerrein te ontwikkelen. Locatie 4 (ten oosten van bedrijventerrein Wanssum) kent mogelijkheden aan de oost- en westkant van het bestaande bedrijventerrein. De beschikbare oppervlakte is niet voldoende om invulling te kunnen geven aan de ambitie van 30 ha netto. Ook is het ontwikkelen van 2 aparte locaties omwille de flexibiliteit in de uitgeefbaarheid van de (grootschalige) kavels niet wenselijk.

Ter plaatse van Locatie 5 ligt de Goudgroene natuurzone. De Goudgroene natuurzone is streng beschermd natuurgebied waarin, volgens de Provinciale Omgevingsvisie Limburg (POL, 2014), geen nieuwe activiteiten zijn toegestaan die de wezenlijke kenmerken en waarden van het gebied aantasten. Daarom is deze locatie is buiten beschouwing gelaten in het locatieonderzoek. Om bovengenoemde redenen zijn de locaties 1 t/m 3 meegenomen naar stap 4. Stap 4. Milieueffecten De locaties die na stap 3 nog over zijn, zijn op hoofdlijnen met elkaar vergeleken op basis van een aantal milieuaspecten met als doel te komen tot een voorkeurslocatie dat in het MER wordt uitgewerkt en beoordeeld. Deze beoordeling van de milieueffecten is op kwalitatieve wijze uitgevoerd. Waar zinvol is met (richt)afstanden gewerkt. Er zijn geen berekeningen uitgevoerd. Reden hiervoor is dat er in dit stadium nog geen concrete terreinen en inrichtingen binnen de locatiealternatieven zijn uitgewerkt. De milieuaspecten en criteria die in deze stap zijn beschouwd, zijn in Tabel 3-1 weergegeven. De locaties zijn beoordeeld volgens een driepuntschaal. Daarbij zegt een '+' dat er zich een kans voordoet binnen het genoemde milieuaspect. Dit kan een kans zijn op vermindering van milieueffecten of een kans voor de verdere invulling van het zoekgebied (afhankelijk van het aspect).

Een '-' geeft aan dat er een risico is op milieueffecten door de ontwikkeling van een bedrijventerrein binnen deze locatie. Bij een '0' zijn er geen kansen of risico's voorzien. Tabel 3-1 Milieuaspecten voor de beoordeling van locatie alternatieven Aspect

Criterium

Verkeer

Ontsluiting en bereikbaarheid

Woon- en leefmilieu

Afstand tot 'gevoelige' bestemmingen (woningen)

Natuur

Afstand tot Natura 2000

Toelichting Een bedrijventerrein is bij voorkeur goed ontsloten en ligt dichtbij een snelweg. Bij voorkeur vindt verkeersafwikkeling plaats via wegen waar zo min mogelijk omwonenden last van hebben. Gekeken wordt naar woonbebouwing rondom de locaties. Hoe dichterbij en hoe omvangrijker de bewoning, hoe meer kans op verslechtering van het woon- en leefmilieu door bijvoorbeeld een toename van de geluidsbelasting, een verslechtering van luchtkwaliteit of een hoger risico vanuit externe veiligheid. Gekeken wordt naar de afstand tot Natura 2000-gebieden. Hoe kleiner de afstand, hoe groter de kans is dat er een effect optreedt vanuit het bedrijventerrein op het Natura 2000-gebied.

14

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

Ligging in provinciaal Gekeken wordt naar de ligging in goud- en zilvergroene beschermde natuur (goud- en natuurzone zoals opgenomen in de Geconsolideerde zilvergroene natuurzone) versie Omgevingsverordening Limburg 2014. Gekeken wordt naar de ligging in bronsgroene Ligging in provinciaal / landschapszones zoals opgenomen in de Landschap gemeentelijk beschermde Geconsolideerde versie Omgevingsverordening Limburg landschapszones 2014, en het Ruimtelijk kwaliteitskader van de gemeente Venray (2010). Bodem & Gekeken wordt naar het voorkomen van 'bodemlocaties' Bodemverontreiniging archeologie volgens het ondergrondportaal van de provincie Limburg. Gekeken wordt naar archeologische verwachting en Archeologische verwachting AMK-terreinen volgens het ondergrondportaal van de provincie Limburg. Ligging in Gekeken wordt naar ligging in Water grondwaterbeschermingsgebie milieubeschermingsgebieden volgens de den Omgevingsverordening Limburg 2014. Gekeken wordt naar potentie voor opwekken van Mogelijkheden opwekken Duurzaamhei duurzame energie op de locaties. Hierbij is gekeken naar duurzame energie, geothermie d aansluitingspunten op het elektriciteitsnetwerk en en Warmte Koude Opslag grondwaterbeschermingsgebieden. Gekeken wordt naar de fysieke ruimte voor de inpassing Mogelijkheden van klimaatadaptieve maatregelen zoals groenstructuren, klimaatadaptatie retentiegebied en infiltratie.

Gekeken wordt naar ruimte voor maatregelen om het Duurzame inpassing bedrijventerrein landschappelijk in te passen, en de bedrijventerrein in het ligging ten opzichte van bestaande stedelijke en landschap landschappelijke structuren. Inpasbaarheid grootschalige Gekeken wordt naar de bestaande landschapsstructuren Inpasbaarheid bedrijfskavels binnen en lijnen en of hierbinnen voldoende flexibiliteit is om verkaveling bestaande grootschalige verkaveling toe te passen. landschapsstructuren

In Tabel 3-2 is een beoordeling voor de criteria uit Tabel 3-1 uitgevoerd. Tabel 3-2 Beoordeling locaties op milieueffecten Aspect

Criterium

Verkeer

Ontsluiting en bereikbaarheid

Loc 1 Loc 2 Loc 3 Toelichting 0 0 Bij locaties 1 (Deurneseweg – Nobelstraat – A73) en 3 (Spurkt – Metaalweg – A73) liggen ontsluitingswegen met voldoende capaciteit om een verkeerstoename als gevolg van het bedrijventerrein af te kunnen wikkelen. Bij locatie 2 (De Hulst) ligt geen goede bestaande ontsluitingsweg: de gemeente streeft naar het verkeersluwer maken van de Stationsweg tussen de A73 en sluit niet aan op de A73. Deze weg loopt door de woonkernen Oostrum en Venray, waardoor er risico is op overlast (verkeer, langzaam verkeer, geluid). Bij de locaties 1 en 3 is dit niet het geval.

15

-

-

0

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

Woon- en leefmilieu

Natuur

Afstand tot 'gevoelige' bestemmingen (woningen)

-

-

-

-

0

0

-

-

-

0

0

0

-

-

-

0

0

0

Afstand tot Natura 2000 gebied

Ligging in provinciaal beschermde natuur (goud- en zilvergroene natuurzone)

Landschap

Ligging in provinciaal / gemeentelijk beschermde landschapszones

Bodem & archeologie

Bodemverontreiniging

Archeologische verwachting

Water

Ligging in grondwaterbescherming s-gebieden

De drie locaties liggen allen buiten de richtafstand van de VNG (300 meter). Locatie 1 en 2 liggen op een kleinere afstand van woonkernen dan locatie 3 (de kern Oirlo ligt binnen 350 meter van locatie 1; de kernen Oostrum, Antoniusveld en Landweert liggen binnen 350 meter van locatie 2). De dichtstbijzijnde woonkern de Brabander bij locatie 3 ligt op ca 800 meter afstand. Op kortere afstanden zijn ook enkele woningen aanwezig voor de verschillende locaties. De risico's op overlast is daarom bij locatie 1 en 2 groter dan bij locatie 3. Geen van de locaties ligt in Natura 2000-gebied. Alle locaties zullen mogelijk effecten kunnen hebben op Natura 2000-gebied als gevolg van stikstofdepositie als gevolg van aanleg en gebruik van het bedrijventerrein. Hierbij ligt Locatie 2 op de kortste afstand tot Natura 2000-gebied Boschhuizerbergen (ca 500 meter), waardoor het risico op effecten voor deze locatie het grootst is. De andere locaties liggen verder van het Natura 2000-gebied: locatie 1 ligt op ca 3 km, locatie 3 op ca 1 km. Geen van de ontwikkellocaties liggen in de zilvergroene natuurzone. Alleen locatie 1 kent risico's voor de goudgroene natuurzone. Locatie 1 en 3 liggen binnen gebied dat is aangewezen als bronsgroene landschapszone. Zoals onder 'natuur' aangegeven, ligt locatie 1 tevens in de goudgroene natuurzone.

Locatie 2 ligt in een essenlandschap volgens het Ruimtelijk Kwaliteitskader Venray. Geen van de locaties kent bekende bodemverontreinigingen. Alle locaties kennen een hoge archeologische verwachting volgens de Archeologische Verwachtingskaart Venray (RAAP, 2011). Locatie 1 ligt dichtbij een archeologisch monument. Geen van de locaties ligt binnen grondwaterbeschermingsgebied. Locatie 1 grenst aan de boringsvrije zone Venloschol.

16

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

+

+

+

-

+

+

-

+

+

-

+

+

Mogelijkheden Duurzaamhei opwekken duurzame d energie

Mogelijkheden klimaatadaptatie

Duurzame inpassing bedrijventerrein in het landschap

Inpasbaarheid grootschalige Inpasbaarhei bedrijfskavels binnen d verkaveling bestaande landschapsstructuren

Alle locaties kennen kansen voor het opwekken van duurzame energie zoals zonne-energie. Windenergie is op geen van de locaties haalbaar in verband met de radarverstoringszone Volkel. Op locatie 1 is beperkt ruimte beschikbaar voor klimaatadaptieve maatregelen (er is zeer beperkt ruimte beschikbaar voor groene en blauwe structuren). De andere twee locaties hebben deze ruimte wel en bieden om deze reden kansen voor de uitwerking van voldoende klimaatadaptieve maatregelen. Locatie 1 heeft zeer weinig ruimte voor landschappelijke inpassing en sluit in mindere mate direct aan bij bestaand stedelijk gebied en bestaande landschapsstructuren. Locatie 2 en 3 bieden, door hun aansluiting op bestaand stedelijk gebied en de ruimte die er is, kansen voor een duurzame landschappelijke inpassing van het bedrijventerrein. Grootschalige bedrijfskavels zijn in mindere mate inpasbaar binnen Locatie 1 dan bij de locaties 2 en 3. Locatie 1 kent vanuit de huidige landschappelijke structuur en vorm beperkte mogelijkheden voor het inpassen van grootschalige kavels. Bij Locatie 2 en 3 biedt de aanwezige landschappelijke structuur de mogelijkheid wel.

Nadere toelichting aspecten Onderstaand is voor de aspecten natuur, landschap, verkeer, inpasbaarheid verkaveling en woon- en leefmilieu een nadere toelichting gegeven op de effecten zoals opgenomen in tabel 3-2. De onderstaande figuur laat de verschillende natuur- en landschappelijke waarden zien, zoals opgenomen in de in de Geconsolideerde versie Omgevingsverordening Limburg 2014.

17

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

Figuur 3-3 Locaties en de verschillende natuur- en landschappelijke waarden Landschap Voor de locaties 1, 2 en 3 geldt dat de locatieaanduiding ruim is gekozen, omdat er nog geen afbakening en inpassing van een bedrijventerrein heeft plaatsgevonden. Voor alle drie de locaties geldt dat deze aanduiding in meer of mindere mate in de bronsgroene zone ligt. Voor de locaties 1 en 3 geldt dat bij de verdere inpassing van het bedrijventerrein en/of inperking naar logische ontwikkelruimte dat aansluit op bestaand bedrijventerrein altijd sprake zal zijn van ruimtebeslag op de bronsgroene zone. Deze locaties zijn daarom negatief beoordeeld (-). Voor locatie 2 geldt dat binnen de locatie ontwikkelruimte beschikbaar is om een ligging in de bronsgroene zone te vermijden. Locatie 2 ligt echter wel in een waardevol essenlandschap conform het Ruimtelijk Kwaliteitskader Venray, waardoor ook deze locatie negatief (-) is beoordeeld op landschap. Natuur Zoals aangeven bij het aspect landschap geldt dat voor locaties 1, 2 en 3 de locatieaanduiding ruim is gekozen, omdat er nog geen afbakening en inpassing van een bedrijventerrein heeft plaatsgevonden. Binnen de zoekgebieden van locaties 2 en 3 bevinden zich zilvergroene natuurzones.

Voor de locaties 2 en 3 geldt dat bij de verdere inpassing van het bedrijventerrein en/of inperking naar logische ontwikkelruimte dat aansluit op bestaand bedrijventerrein ruimtebeslag op de zilvergroene zone uitgesloten kan worden. Binnen het zoekgebied van locatie 1 is aantasting van de goudgroene zone, door een mogelijke ligging ten westen van de A73, niet op voorhand uit te sluiten. Met een worst-case beoordeling is locatie 1 voor het aspect natuur negatief (-) beoordeeld t.o.v. de neutrale (0) beoordelingen bij locatie 2 en locatie 3. Verkeer Alle locatiealternatieven liggen - hemelsbreed - op relatief korte afstand van de A73 (zie figuur 3-4, 3-5 en 3-6). Bij locatie 1 kan het verkeer ontsloten worden via Nobelstraat en Deurnseweg richting de A73.

18

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

Bij locatie 3 kan het verkeer afgewikkeld worden via de Spurkt en Metaalweg richting de A73. Deze wegen zijn ingericht om dit type verkeer af te wikkelen. Op dit beoordelingsniveau hebben deze wegen voldoende capaciteit om een verkeerstoename als gevolg van de voorgenomen activiteit af te kunnen wikkelen. De huidige weginfrastructuur bij locatie 2 voorziet niet in een goede ontsluiting. Het realiseren van een nieuwe afslag is daarbij ook een complexe en mogelijk niet haalbare ingreep, waardoor het niet meegenomen is in de locatieafweging. Eerder is bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van bedrijventerrein de Blakt een nieuwe aansluiting op de A73 door Rijkswaterstaat resoluut afgewezen. Afwikkeling op de A73 zou bij locatie 2 plaats moeten vinden via de Stationsweg. De gemeente streeft naar het verkeersluwer maken van de Stationsweg tussen de A73 en de woonbebouwing van Oostrum vanwege de verkeersleefbaarheid en de aanwezige drukke fietsroute tussen de kern Venray en het treinstation. Op deze ontsluitingsweg is het als gevolg van de beperkte ruimte namelijk niet mogelijk dit fietsverkeer adequaat te scheiden van het gemotoriseerde verkeer. De ontsluitingswegen van locatie 1 en 3 lopen niet door een woonkern. Ook kan het fietsverkeer bij de genoemde wegen van locatie 1 (oostzijde A73) en 3 wel gescheiden van gemotoriseerd verkeer worden afgewikkeld.

Het scheiden van type verkeer is voor locatie 1 aan de westzijde van de A73 niet volledig mogelijk. Bij locatie 2 is er daardoor een groter risico op overlast (verkeer, geluid, et cetera) als gevolg van het extra verkeer van het bedrijventerrein. Alternatief 2 is om deze reden negatief (-) beoordeeld; de locaties 1 en 3 scoren neutraal (0).

Figuur 3-4 Nabije woonkernen, omliggende wegennetwerk en verkavelingspatronen bij locatiealternatief 1

19

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

Figuur 3-5 Nabije woonkernen, omliggende wegennetwerk en verkavelingspatronen bij locatiealternatief 2

Figuur 3-6 Nabije woonkernen, omliggende wegennetwerk en verkavelingspatronen bij locatiealternatief 3

20

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

Inpasbaarheid Verkaveling Locatie 1 kent in tegenstelling tot locatie 2 en locatie 3 een kleinschaligere en onregelmatigere kavelstructuur, aangrenzend aan het huidige bedrijventerrein aan de oostzijde van de A73 . Aan de westzijde van het bestaande bedrijventerrein wordt de rechtlijnige inpasbaarheid van verkaveling bemoeilijkt door de aanwezige natuurzones en het diagonaal doorkruisen van de A73 ten opzichte van de huidige kavelstructuren. Binnen de zoeklocaties van locatie 2 en 3 zijn meer open en langwerpige kavelstructuren aanwezig naast de bestaande bedrijventerreinen (zie figuur 3-5 en 3-6) waardoor de huidige landschapsstructuren meer gerespecteerd kunnen worden bij het inpassen van de voorgenomen activiteit. Voor wat betreft de inpasbaarheid in de bestaande verkaveling is locatie 1 om deze reden als minder geschikt (-) beoordeeld dan de locaties 2 en 3 (+). Woon en leefmilieu De drie locaties liggen allen buiten de richtafstand van de VNG (300 meter). Locatie 2 ligt op circa 350 meter van de kernen Oostrum, Antoniusveld en Landweert (zie figuur 3-5). Wanneer binnen het zoekgebied van locatie 1 de ontwikkeling aangrenzend aan het huidige bedrijventerrein, aan de oostzijde van de A73 komt te liggen, is de afstand tot de woonkern Oirlo op circa 350 meter gelegen (zie figuur 3-4).

Wanneer binnen het zoekgebied van locatie 1 de ontwikkeling aan de westzijde van de A73 komt te liggen is de afstand tot de dichtstbijzijnde woonkern Brukske circa 800 meter. Omdat nog geen afbakening en inpassing van een bedrijventerrein heeft plaatsgevonden is een worst-case benadering gekozen in de beoordeling van alternatief 1. Locatie 3 ligt op circa 800 meter van de dichtstbijzijnde woonkern de Brabander (zie figuur 3-6), daarnaast is het aantal (individuele) woningen dat binnen de potentiële invloedsferen van het bedrijventerrein ligt bij alternatief 3 het kleinst ten opzichte van de overige locaties. Dit tezamen met de grootste afstand tot de woonkernen zorgt ervoor dat de kans op hinder op gevoelige objecten het kleinst is bij alternatief 3. Om deze redenen zijn locatie 1 en 2 negatief (-) beoordeeld en locatie 3 neutraal (0). Conclusie trechtering Voorgaand zijn drie potentiële locaties voor een bedrijventerrein van netto 30 ha beschouwd. Deze locaties liggen binnen de gemeente Venray en liggen aansluitend aan bestaande bedrijventerreinen van een vergelijkbare omvang. Van deze locaties is op hoofdlijnen beschouwd in hoeverre er kansen en /of risico's zijn voor inpassing en milieueffecten en of de locatiealternatieven daarin verschillen. De resultaten van deze beoordeling is samengevat in Tabel 3-3. De niet onderscheidende aspecten zijn niet in Tabel 3-3 opgenomen.

Tabel 3-3 Conclusie trechtering op onderscheidende aspecten Aspect

Locatie 1 0 -

Locatie 2 Locatie 3 0 0 0 0* + + + +

Verkeer Natuur Woon- en leefmilieu Duurzaamheid Inpasbaarheid verkaveling *Relatief gezien is het risico van effecten op gevoelige objecten bij locatie 3 het kleinst Locatie 1 is goed te ontsluiten via de Deurnseweg. De mogelijke locatie aan de oostzijde van de A73 ligt relatief dichtbij de woonkern Oirlo, op een afstand van 350 meter. Hiermee ligt deze locatie maar net buiten de richtafstand van 300 meter van een woonkern, zoals deze voor geluid in de richtafstandenlijst van de VNG wordt gehanteerd. Op kortere afstand ligt een aantal individuele woningen. Er blijft daarmee een risico op effecten op het woon- en leefmilieu. De locatie heeft zeer beperkte ruimte, door de verkavelingstructuur (Oostzijde A73) of aanwezige natuurwaarden (westzijde A73) en is daardoor erg krap bemeten voor het uitwerken van klimaatadaptieve maatregelen (zoals water en groenstructuren) en

21

bestemmingsplan De Spurkt - NL.IMRO.0984.BP20008-va01 (vastgesteld)

een duurzame landschappelijke inpassing. Ook kent deze locatie door haar vorm en bestaande verkaveling weinig mogelijkheden voor het inpassen en uitgeven van grootschalige bedrijfskavels. Omwille de flexibiliteit in de uitgeefbaarheid van de (grootschalige) kavels is het niet wenselijk om op twee aparte locaties te ontwikkelen. Locatie 2 kent zorgen als het gaat om de ontsluiting van het bedrijfsverkeer. De bestaande wegenstructuur sluit niet aan op de A73 en de ontsluitingsweg langs woningen brengt een risico op overlast (geluid en verkeer) met zich mee. De locatie ligt relatief dichtbij de woonkern Oostrum, op een afstand van circa 350 meter. Ook deze locatie ligt maar net buiten de 300 meter grens voor geluid zoals die in de richtafstandenlijst van de VNG wordt gehanteerd. Op kortere afstand liggen individuele woningen. Er blijft een risico op effecten op woon- en leefmilieu. De locatie heeft voldoende ruimte voor het inpassen van klimaatadaptieve maatregelen en het duurzaam landschappelijk inpassen van het terrein. Locatie 2 heeft de mogelijkheid voor het ontwikkelen / uitgeven van grootschalige kavels. Locatie 3 is goed te ontsluiten via de bestaande uitvalswegen voor bedrijventerrein Smakterheide (Spurkt, Metaalweg). De locatie ligt op relatief grotere afstand van woonkernen (>800 meter).

Er liggen wel enkele individuele (bedrijfs)woningen op kortere afstand van de locatie. In zijn algemeenheid is er niet of nauwelijks risico op effecten op woon- en leefmilieu, wanneer dit vergeleken wordt met de afstanden bij locatie 1 en locatie 2. De locatie kent voldoende ruimte voor het nemen van klimaatadaptieve maatregelen en het duurzaam landschappelijk inpassen van het terrein. Locatie 3 heeft de mogelijkheid voor het inpassen / uitgeven van grootschalige kavels.

3.2

Locatiekeuze bedrijventerrein De Spurkt

Aansluitend op de bovenstaande milieuaspecten zijn passende locaties beoordeeld op een aantal andere inhoudelijke criteria. Deze criteria zijn: bestaande eigendomsverhoudingen, ontsluiting en bereikbaarheid, risicoinschatting, en tijd. Daarnaast is voor de ontwikkeling van bedrijventerrein op de locatie De Spurkt ook de financiële haalbaarheid (minimaal kostenneutraal) en het passend krijgen van de ontwikkeling - met de salderingsafspraken die in regionaal verband gelden - van belang. Uit bovenstaande samenvatting blijkt dat locatie 1 de meeste beperkingen kent, met name veroorzaakt door de beperkte(re) ruimte voor een duurzame inpassing en het inpassen en uitgeven van grootschalige bedrijfskavels en mogelijke aantasting van de goudgroene zone. Locatie 2 kent, vergeleken met locatie 3, meer risico's door de kortere afstand tot woonkernen en door de slechtere ontsluitingsmogelijkheid op bestaande infrastructuur. Voor locatie 3 geldt dat deze voor deze onderscheidende aspecten geen risico's heeft, waardoor locatie 3 als voorkeurslocatie verder is uitgewerkt in het MER.

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9438749/1