14 Eindrapport zienswijzen
Tekst van het document
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
Gemeente Venray Postbus 500 5800 AM Venray
Samengesteld door Team Ruimtelijke Ontwikkeling
1
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
2
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
Inhoud 1
Inleiding
5
2
Zienswijzen
6
3
Zienswijze 1
6
Zienswijze 2
10
Zienswijze 3
15
Zienswijze 4
19
Vervolgprocedure
22
Niet openbaar: Bijlage A Overzicht indieners zienswijzen + inhoudelijke zienswijzen (deze bijlage heeft een vertrouwelijk karakter in verband met persoonsgegevens die niet ter inzage worden gelegd)
3
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
4
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
1
Inleiding
Deze nota bevat de gemeentelijke reactie op de binnengekomen zienswijze naar aanleiding van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan ‘Kerkweg ong. Ysselsteyn’ met identificatienummer NL.IMRO.0984.BP21029-on01. Het ontwerpbestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn heeft ter visie gelegen van 30 juli 2021 tot en met 9 september 2021. Tijdens de inzage termijn heeft een ieder het recht gehad een schriftelijke of mondelinge zienswijze in te dienen bij de gemeenteraad. In deze nota wordt ingegaan op de ingediende zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan. Er zijn 4 zienswijzen binnengekomen tegen het ontwerpbestemmingsplan. Deze zienswijzen zijn binnen de daartoe gestelde termijn verzonden naar de gemeente en dus ontvankelijk. In hoofdstuk 2 volgt de inhoudelijke behandeling van deze zienswijze. De reacties worden samengevat weergegeven en van een gemeentelijk standpunt voorzien. Daarbij is aangegeven of en in hoeverre de reactie tot aanpassing van het vast te stellen bestemmingsplan leidt. Bijlage A bevat de gegevens van de reclamanten en de inhoudelijke reacties.
5
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
2
Zienswijzen
Het ontwerpbestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn heeft ter visie gelegen van 30 juli 2021 tot en met 9 september 2021. In deze periode was het voor eenieder mogelijk om zienswijzen in te dienen tegen het plan. Gedurende deze periode zijn er 4 schriftelijke reacties binnengekomen. De persoonsgegevens van de natuurlijke personen van de indiener van de zienswijze zijn geanonimiseerd verwerkt in het Eindrapport zienswijzen, in verband met de bescherming van de privacy van de gegevens op internet. 1. xxx, xxx (reclamant 1), ingekomen op 9 september 2021; 2. xxx, xxx (reclamant 2), ingekomen op 9 september 2021; 3. Hekkelman advocaten, mr. A.A. van den Brand, namens xxx, xxx (reclamant 3), ingekomen op 9 september 2021; 4. Hekkelman advocaten, mr. A.A. van de Brand namens xxx, xxx (reclamant 4), ingekomen op 9 september 2021. Aan alle indieners van zienswijze is een uniek nummer toegekend. Dit overzicht van nummers inclusief adresgegevens staat opgenomen in de bijlage A. Onderstaand zijn deze zienswijzen samengevat en beantwoord. Per zienswijze is aangegeven of deze binnen de gestelde termijn is ontvangen, daarnaast inhoudelijk onderbouwd is en of de zienswijzen ontvankelijk worden verklaard. De termen reclamant en indiener van zienswijze worden door elkaar gebruikt en hebben een identieke betekenis.
Zienswijze 1 Ontvankelijkheid
Schriftelijke zienswijze d.d. 7 september 2021, ontvangen op 9 september 2021.
De zienswijze is binnen de gestelde termijn ingediend.
De zienswijze is inhoudelijk onderbouwd.
De zienswijze is dan ook ontvankelijk.
Zienswijze a. Reclamanten zijn in verwarring omdat er bij het voornemen is gesproken over het bestemmingsplan “In de Wei” en bij het ontwerpbestemmingsplan “Kerkstraat ong. Ysselsteyn”. Is er wel op de juiste wijze gepubliceerd? b. Reclamanten zijn niet gekend in de omgevingsdialoog. De verslaglegging komt niet overeen met de werkelijkheid.
6
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
c.
Het is niet duidelijk welk type woningen op welke locatie in het plangebied zal worden gerealiseerd. Hierdoor is het mogelijk dat het beoogde appartementencomplex op korte afstand van de woning van reclamant komt te staan. Reclamanten vrezen hierdoor een aantasting van hun woongenot vanwege overlast en de beperking van hun privacy.
d. Bij de aankoop van hun woning in het plan Achter de Jera zijn reclamanten ervan uitgegaan dat er weliswaar woningbouw zou worden gerealiseerd maar geen hoogbouw. Men zal derhalve een claim indienen vanwege de planschade die men hierdoor lijdt. e. De beoogde hoogbouw en dichte bebouwing passen volgens reclamanten niet binnen de Structuurvisie Ysselsteyn. Op basis van deze visie hadden reclamanten meer groen en minder bebouwing verwacht. f.
Reclamanten vragen zich af of er wel behoefte bestaat aan de verschillende typen woningen die worden gebouwd. Uit een behoefteonderzoek van 2019 lijkt weinig vraag naar appartementen. De reeds gerealiseerde plannen in Ysselsteyn voorzien al in deze vraag.
Standpunt gemeente a. Zowel in de kennisgeving als bij de bekendmakingen van het ontwerpbestemmingsplan is gesproken over het bestemmingsplan “Kerkweg ong. Ysselsteyn”. Aanvullend hierop is in beide bekendmakingen het juiste (en hetzelfde) identificatienummer (NL.IMRO.0984.BP20029-on01) gehanteerd. In de stukken en op www.ruimtelijkeplannen.nl is abusievelijk wel de term ‘In de Wei’ komen te staan. De term ‘In de Wei’ is een werktitel. Deze werktitel heeft echter geen juridische status. Wanneer vervolgens wordt doorgeklikt naar de toelichting en regels van het ontwerpplan, is de titel ‘Kerkweg ong. Ysselsteyn’. Zoals gebruikelijk binnen de gemeente Venray worden straatnamen gehanteerd om de locatie aan te duiden. Aangezien de plannaam en het identificatienummer in de stukken en de publicaties de juiste zijn en consequent zijn toegepast, zijn de stukken op de juiste wijze gepubliceerd. Reclamanten hebben tijdig een zienswijze ingediend. Hierdoor is het niet aannemelijk, dat door het hanteren van meerdere namen, reclamanten in hun belangen zijn geschaad. Deze grond leidt niet tot een aanpassing van het (ontwerp)bestemmingsplan ‘Kerkweg ong. Ysselsteyn. b.
Voorafgaand aan de tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan heeft de initiatiefnemer een omgevingsdialoog gevoerd met de bewoners en eigenaren van de woningen, die grenzen aan het planvoornemen, te weten de bewoners en eigenaren van de Kerkweg, Achter de Jera, Harrie Philipsenstraat en de bewoners van de Ringweg. Vanwege de gestelde richtlijnen van het RIVM met betrekking tot Covid-19, heeft een informatieavond niet in fysieke vorm plaats kunnen vinden. Derhalve is initiatiefnemer langs geweest bij alle omwonenden, met uitzondering van één omwonende, die aangaf hier geen behoefte aan te hebben. Ook zijn er enkele woningen nadien van eigenaar gewisseld, maar de ontwikkelaar neemt aan, dat de verkopende partijen de kopers hierover hebben geïnformeerd. Eén koper heeft om uitleg gevraagd en gaf te kennen
7
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
geen bezwaren te hebben. Bijna alle omwonenden waren ervan op de hoogte dat de locatie ooit bebouwd zou worden. Met alle omwonenden is het oorspronkelijke stedenbouwkundig plan persoonlijk besproken, bij enkele omwonenden is de afspraak via Teams verlopen. Reclamanten zijn door initiatiefnemer gekend in de omgevingsdialoog. Uit deze zienswijze volgt niet dat er zaken onjuist zijn weergegeven of op welke punten het verslag van de omgevingsdialoog onwaarheden zou bevatten. Aan reclamanten is de mogelijkheid geboden zich te melden bij initiatiefnemer als er nog punten waren, waarin zij zich niet konden vinden doch reclamanten hebben geen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid. De indieners van zienswijze 2 hebben wel gebruik gemaakt van deze gelegenheid. Uit het verslag en de zienswijzen kan worden opgemaakt dat initiatiefnemer heeft getracht de directe omgeving te betrekken bij het planvoornemen. Tevens volgt uit de plantoelichting dat de omgevingsdialoog en de reacties vanuit de omgeving tot enkele aanpassing hebben geleid in het plan. Naar aanleiding van het voorgaande wordt de zienswijze ongegrond verklaard en leidt deze niet tot aanpassingen aan onderhavig bestemmingsplan. c.
Op de verbeelding zijn de verschillende typen woning vastgelegd per locatie, hierbij is gebruik gemaakt van de betreffende bouwaanduidingen ‘gestapeld’, ‘twee-aaneen’ en ‘vrijstaand’. Aanvullend hierop is in alle bouwvlakken een maatvoering opgenomen die aangeeft hoeveel woningen ter plekke mogen worden gerealiseerd. De bouwaanduidingen en maatvoeringen zijn geborgd in de planregels (artikel 5.2.2 sub d). De verschillende typen en hoeveelheden woningbouw kunnen niet worden uitgeruild. De appartementen (bebouwing ter plaatse van de bouwaanduiding ‘gestapeld’) kan uitsluitend worden gerealiseerd aan de westzijde van het plangebied. De woningen van reclamanten zijn gelegen aan de (noord)oostzijde van het plangebied, waar op grond van de opgenomen bouwaanduidingen twee-onder-één-kapwoningen mogen worden gebouwd. Het is niet mogelijk deze bebouwingstypen uit te wisselen, dus de vrees dat er een appartementengebouw wordt gerealiseerd nabij de woningen van reclamanten is ongegrond. Deze grond leidt niet tot een aanpassing van het (ontwerp)bestemmingsplan ‘Kerkweg ong. Ysselsteyn. Zoals aangegeven beoogd het bestemmingsplan om achter de woning van reclamanten twee-onder-één-kapwoningen mogelijk te maken.
Binnen het grotere bouwvlak mogen maximaal 6 woningen worden gerealiseerd, met een maximale goothoogte van 6 meter en binnen het kleinere bouwvlak maximaal 2 wooneenheden, met een goothoogte van maximaal 4 meter.
d. Voor de gemeente is het onduidelijk wat reclamanten bedoelen met hoogbouw. Uit de planregels volgt namelijk dat zowel de twee-onder-één-kapwoningen als de gestapelde woningen bestaan uit maximaal 2 bouwlagen met een kap waarbij de goothoogte is
8
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
gemaximeerd op 6 meter. Deze goothoogte is gelijk aan de maximale goothoogtes in de directe omgeving van het plangebied. Indien reclamanten menen schade te lijden vanwege de nieuwbouw, hebben zij het recht om hiervoor, na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan, een planschadeverzoek in te dienen bij de gemeente. Bij de beoordeling van dit verzoek zal rekening worden gehouden met de voorzienbaarheid van de nieuwbouw alsmede met het ‘normaal maatschappelijk risico’ waardoor een deel van de planschade in ieder geval voor eigen rekening van reclamanten zal blijven. e. Zoals ook al volgt uit de beantwoording van de zienswijze onder d. bevat het plan geen hoogbouw. De massa van de te bouwen volumes bestaat uit 1 tot maximaal 2 lagen met een kap. Het feit dat er op sommige plekken appartementen op de verdieping worden gerealiseerd doet niets af aan het stedenbouwkundig beeld van het plan met volumes die aansluiten bij de bebouwingsmassa’s in de omgeving. Het plan is verder ruimtelijk op gezet met een relatief laag uitgeefbaar percentage woningbouwgrond en een fors aandeel groen. De woningen zijn namelijk gesitueerd rondom een groen middengebied, waardoor er geen sprake is van een dichte bebouwingopzet. De grond leidt niet tot aanpassing van onderhavig bestemmingsplan. f.
Voorafgaand aan de voorbereidingen van onderhavig bestemmingsplan is op basis van de op dat moment bekende gegevens uit Progneff ingeschat dat onderhavig plan passend is binnen de bestaande woningbouwbehoefte in Ysselsteyn. Initiatiefnemer heeft vervolgens in het kader van de bestemmingsplanprocedure onderbouwd dat er inderdaad een woningbouwbehoefte is en dat het programma uit het planvoornemen deze behoefte zowel kwalitatief als kwantitatief invult (zie hiervoor Ladderonderbouwing Kerkweg Ysselsteyn) Onderhavig woningbouwplan past binnen de gemeentelijke nota Koers op wonen. In dit beleidsdocument is vastgelegd, dat de gemeente haar focus wil leggen op het sneller, duurzamer en groener bouwen van wonen. Met aansluiting op de huidige en toekomstige vraag naar wonen. In alle kernen van Venray is er sprake van vergrijzing in de komende jaren. Dat betekent woningen bouwen voor starters en senioren, waardoor starters de gelegenheid krijgen om in hun kern en woonomgeving te blijven wonen. Hetzelfde voor senioren die vaak in een te ruime woningen wonen, maar waarvoor geen passend aanbod beschikbaar is. We zetten daarin op het bouwen van kleine woningen voor starters en levensloopbestendige woningen voor senioren. In alle kernen van de gemeente. Betaalbare woningen in het sociaal- en middensegment (huur en koop).
Hierdoor kunnen senioren in hun eigen woonomgeving blijven wonen en komen er woningen vrij voor de doorstroming. Het belang van het bovenstaande wordt in de brief van de dorpsraad van Ysselsteyn bevestigd. Er is behoefte in de kern Ysselsteyn aan een gedifferentieerd aanbod van woningen (huur en koop), met keuzemogelijkheden voor alle woningzoekenden in de
9
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
kern Ysselsteyn. Onderhavig woningbouwproject biedt kansen om een dergelijk aanbod te realiseren en aan te bieden. Dit draagt ook bij aan de leefbaarheid en vitaliteit van de kern.
Conclusie De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassingen van het bestemmingsplan.
Zienswijze 2 Ontvankelijkheid
Schriftelijke zienswijze d.d. 25 augustus 2021, ontvangen op 9 september 2021.
De zienswijze is binnen de gestelde termijn ingediend.
De zienswijze is inhoudelijk onderbouwd.
De zienswijze is dan ook ontvankelijk.
Zienswijze a. Reclamanten zijn van mening dat hun bezwaren, argumenten en voorstellen in het kader van de omgevingsdialoog niet serieus zijn genomen en ze voelen zich compleet genegeerd. Verschillende (aanvullende) verslagen zijn nooit opgenomen bij het bestemmingsplan. Meerdere belanghebbenden zijn helemaal niet benaderd voor de dialoog. De omgevingsdialoog is dan ook niet conform de werkelijkheid en kan niet dienen als onderbouwing vanuit de buurt. b. Reclamanten stellen voor om de positionering van de wadi om te ruilen met de appartementen waardoor er een grote groene buffer ontstaat tussen het perceel van reclamanten en de appartementen. Dit zou volgens de gemeente niet mogelijk zijn vanwege ‘stedenbouwkundige redenen’. Er zou ‘tijdelijk’ een doodlopende weg ontstaan waardoor de laatste huizen moeilijker bereikbaar zijn voor hulpdiensten en het onderhoud van de wadi lastiger zou worden. Reclamanten zijn juist van mening dat de door hen voorgestelde indeling een aantal voordelen heeft. De bewoners aan de Ringweg hebben veel minder overlast en inkijk vanuit de appartementen en de bewoners van de appartementen hebben minder overlast van de bewoners aan de Ringweg en geen ‘afgetimmerd balkon’ maar vrij uitzicht op de wadi. Reclamanten vinden de (stedenbouwkundige) argumentatie tegen de door hen aangedragen oplossing ontoereikend.
Tevens zijn reclamanten van mening dat de door hen aangedragen oplossingen wel meegenomen hadden kunnen worden wanneer het binnengebied integraal zou worden ontwikkeld. c.
Door de realisatie van het planvoornemen verdwijnt het woongenot van reclamanten. De (nieuwe) achterburen kunnen direct in de tuin en in het huis van reclamanten kijken, vooral in de winter als de haagbeuk op de erfafscheiding zijn blad verliest.
10
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
d. Door de komst van de appartementen, kijken reclamanten straks tegen een massief bouwblok aan. In de regels van het bestemmingsplan is niet geborgd waar welke woningen (koop dan wel sociaal) of appartementen kunnen worden gerealiseerd. e. Reclamanten verwachten geluidoverlast. Door de hoogte van de balkons draagt het geluid volgens reclamant een stuk verder. Daarnaast kunnen reclamanten straks zelf niet meer vrijuit praten omdat de bewoners elkaars gesprekken zouden kunnen volgen. f.
Vanwege het hoogteverschil tussen hun perceel en het plangebied verwachten reclamanten wateroverlast. De door reclamanten voorgestelde indeling waarbij de wadi aan de achterkant van de tuin wordt gerealiseerd, zou hiervoor een oplossing zijn. Daarnaast is volgens reclamanten een verkeerde bergingseis opgenomen in het bestemmingsplan. Dit moet 60mm in plaats van 40mm regenwater zijn. Het advies van het Waterschap waarnaar wordt verwezen is niet terug te vinden in de stukken.
g. Volgens de Structuurvisie Ysselsteyn zijn afnemende bebouwingsdichtheden te verwachten. Appartementen passen totaal niet in deze structuurvisie volgens reclamanten. h. Reclamanten vragen zich af of er wel behoefte bestaat aan dit plan. Uit de woningbehoefte enquête uit 2019 volgt dat er slechts beperkt behoefte bestaat voor appartementen. In deze behoefte wordt al voorzien door een ander project. Daarnaast is niet duidelijk wat wordt verstaan onder een betaalbare starterswoning of onder een sociale huur-of koopwoning en op welke wijze dit is geborgd in de regels van het bestemmingsplan. Bovendien is het niet rendabel om sociale huurappartementen te realiseren en is het niet duidelijk om hoeveel appartementen het dan gaat. i.
Reclamanten verwachten dat hun woning minder waard en zij verwachten planschade te lijden. Zij zullen hiervoor een planschadeclaim indienen.
Standpunt gemeente a. De wijze waarop de omgevingsdialoog heeft plaatsgevonden is onder 1b. nader uiteengezet. Vanwege de geuite bezwaren in de eerste bijeenkomst ten behoeve van de omgevingsdialoog heeft tussen initiatiefnemer en reclamanten een vervolggesprek plaatsgevonden. De initiatiefnemer heeft daarin aangegeven, dat slechts ten dele tegemoet gekomen kon worden aan de bezwaren, onder andere door het verschuiven van de woningen met circa 3 meter, waardoor er meer afstand tot de woningen aan de Ringweg is gecreëerd en het aanbod om een groenblijvende erfafscheiding te realiseren. Daarbij heeft ontwikkelaar geschetst welke stedenbouwkundige uitgangspunten gelden en dat en waarom bepaalde oplossingsrichtingen vanuit de bewoners daar niet in pasten. Initiatiefnemer heeft van dit gesprek een verslag gemaakt. Reclamanten konden zich niet vinden in de verslaglegging. Aangezien geen overeenstemming is bereikt over de inhoud van het verslag van de omgevingsdialoog, is dit verslag niet als bijlage bij de toelichting gevoegd. Dit neemt niet weg dat de omgevingsdialoog, ook met deze bewoners, heeft plaatsgevonden. De uitkomsten van het overleg met de 2 bewoners zijn ook voor zover mogelijk meegenomen in de verdere planvorming. Dit blijkt o.a. uit het
11
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
feit dat, zoals ook is opgenomen in de toelichting op het ontwerpplan, naar aanleiding van de omgevingsdialoog de gestapelde woningen met circa 3 meter zijn verschoven, waardoor er meer afstand tot de woningen aan de Ringweg is gecreëerd. b. Het plan borduurt in stedenbouwkundige zin voort op de 1e fase die hier ongeveer 10 jaar geleden is gerealiseerd. In het bestemmingsplan Achter de Jera (2009) is namelijk een schetsmatige een doorkijk gegeven hoe dit binnengebied verder ontwikkeld zou kunnen worden. Hierbij is rekening gehouden met een groene inrichting, ontsluitingswegen en de plaatsing van de bouwblokken. Met de opzet zoals die nu is gekozen kan in een eventuele latere fase ook weer aangesloten worden op het planvoornemen. Er is dus in het kader van onderhavig bestemmingsplan gekeken naar de ontwikkelingsmogelijkheden voor het gehele binnengebied en de samenhang tussen deze gefaseerde ontwikkelingen. Zoals door reclamant wordt aangegeven is er verschillende keren gesproken tussen onder meer gemeente en reclamant. Wij herkennen ons echter niet in het beeld dat reclamant schetst over wat in deze gesprekken zou zijn gesteld en/of aangegeven. Er is uitgebreid naar de planopzet gekeken, maar de door reclamant voorgestelde verschuiving van de wadi naar de buitenkant van het plangebied is om verschillende redenen onwenselijk.
Zo zou deze aanpassing leiden tot een onlogische stedenbouwkundige structuur die bovendien de aansluiting van toekomstige verkeers- en ontsluitingsstructuren zou bemoeilijken. Het vervallen van de groene ruimte met speelvoorziening zou ervoor zorgen dat een smalle woonstraat ontstaan, wat de ruimtelijke- en woonkwaliteit niet ten goede zou komen. Ook zou het gebied minder goed bereikbaar worden voor onder meer de hulpdiensten. Door de ligging tussen de achterzijden van woningen is er nauwelijks sprake van enige belevings- en gebruikswaarde van de openbare ruimte, worden - mede vanwege het feit dat ook de parkeervoorzieningen verplaatst zouden moeten worden - beheer en onderhoud moeilijker en neemt het risico op sociaal onveilige situaties toe. Met reclamant is hierover enkele malen gesproken. Door reclamanten wordt gesteld dat er een integrale ontwikkeling zou moeten plaatsvinden, waarbij ook de ten noorden van het plangebied gelegen gronden van eigenaar […] zouden moeten worden betrokken. Met reclamant zijn wij van mening dat de uiteindelijk te realiseren plannen in ruimtelijk en stedenbouwkundig opzicht op elkaar aan dienen te sluiten en in die zin ‘integraal’ moeten zijn. Echter, de verschillende partijen hebben in dit geval – om wat voor reden dan ook - niet de bereidheid om tot één gezamenlijke ontwikkeling te komen.
Overigens zou een gelijktijdige ontwikkeling (die wij niet wenselijk achten vanwege het grote aantal woningen dat in dat geval tegelijk zou worden ontwikkeld) waarschijnlijk niet leiden tot een andere (stedenbouwkundige) planopzet. Immers, bij de uitwerking van het nu voorliggende plan door de initiatiefnemer nadrukkelijk voorzien in de mogelijkheid tot een toekomstige (fasegewijze) integrale ontwikkeling. In de stedenbouwkundige opzet is als
12
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
gezegd rekening gehouden met de mogelijkheid voor een aantakking van een toekomstige ontwikkeling aan de noordzijde en op de wijk Achter de Jera. c.
In het plan is sprake van acceptabele afstanden tussen de functies die in een woonkern als aanvaardbaar betiteld kunnen worden. Tevens is op de verbeelding tussen de achtertuinen van de woningen aan de Ringweg en de appartementen een strook met een groenbestemming opgenomen. Binnen deze groenbestemming is geen bebouwing toegestaan en deze is bestemd om een groene afscheiding tussen de bestaande en nieuwe woningen te creëren. Initiatiefnemer wil graag in gesprek met omwonenden om hier een goede invulling aan te geven en door deze wijze van bestemmen is dit mogelijk. De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassing van onderhavig plan.
d. Op de verbeelding zijn de verschillende typen woning vastgelegd per locatie, hierbij is gebruik gemaakt van de betreffende bouwaanduidingen ‘gestapeld’, ‘twee-aaneen’ en ‘vrijstaand’. Aanvullend hierop is in alle bouwvlakken een maatvoering opgenomen die aangeeft hoeveel woningen ter plekke mogen worden gerealiseerd. De verschillende typen en hoeveelheden woningbouw kunnen niet worden uitgeruild. De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassing van onderhavig plan. e. Reclamanten stellen geluidsoverlast vanaf de balkons te verwachten. Geluid(soverlast) vanaf het balkon door stemgeluiden is geen thema dat wordt meegenomen in de toetsing van milieugevolgen in het kader van een bestemmingsplanprocedure. In de stedenbouwkundige opzet van een plan wordt hier wel rekening mee gehouden. Zo ook in dit plan waar de afstand tussen de bestaande en de nieuwe bebouwing zo groot mogelijk is gemaakt. Hierdoor worden de nieuwe woningen op een afstand van 24 tot circa 26 m van de bestaande woningen worden gerealiseerd. Op deze afstand is het niet aannemelijk dat (normaal) stemgeluid nog hoorbaar is. f.
Op grond van de ‘Toetssteen Openbare Ruimte’ van de gemeente dient bij het ontwerp van een toekomstige infiltratievoorziening o.a. rekening te worden gehouden met een de toekomstige (totale) bergingscapaciteit van minimaal 40mm (het aangesloten verharde oppervlak vermenigvuldigd met 40 mm geeft de benodigde bergingscapaciteit in m³). In het inrichtingsplan, dat ten grondslag heeft gelegen aan de anterieure overeenkomst is uitgewerkt welke maatregelen dienen te worden getroffen, alsook is een bergingsberekening gemaakt, vooruitlopend op de uitwerking van het bouwplan. In het kader van het planvoornemen wordt conform de huidige verkaveling een bergingsbehoefte van (verharde openbare ruimte 2.916 m2 x 0,04mm =) 116,64 m3 in de vorm van een wadi voorzien. Tevens zal rekening gehouden worden met (eventuele) verschillen in grondhoogte tussen de kavels. De uitvoering en realisatie van voldoende infiltratievoorzieningen is tevens geborgd in artikel 8.2 (voorwaardelijke verplichting waterberging). Ook hierbij wordt uitgegaan van een bergingsvoorziening met een minimale omvang van 40 mm per m² verhard oppervlak. Pas als deze voorziening is gerealiseerd, is het gebruik van en het in gebruik
13
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
laten nemen van gronden en bouwwerken binnen de bestemmingen Wonen en Verkeer toegestaan. In het kader van het wettelijk voorgeschreven vooroverleg (artikel 3.1.1 Bro) en de publicatie van het ontwerpplan (artikel 3.8, eerste lid onder a Wro) is het Waterschap Limburg in de gelegenheid gesteld kennis te nemen van en te reageren op het planvoornemen/het ontwerpbestemmingsplan. In beide fasen is Waterschap Limburg geïnformeerd over onderhavig plan, maar het plan heeft geen aanleiding gevormd voor het Waterschap Limburg voor het geven van een inhoudelijke reactie. g. Zoals ook al volgt uit de beantwoording van de zienswijze onder 1d. bevat het plan te bouwen volumes bestaande uit 1 tot maximaal 2 lagen met een kap. Het feit dat er op sommige plekken appartementen op de verdieping worden gerealiseerd doet niets af aan het stedenbouwkundig beeld van het plan met volumes die aansluiten bij de bebouwingsmassa’s in de omgeving. Het plan is verder ruimtelijk op gezet met een relatief laag uitgeefbaar percentage woningbouwgrond en een fors aandeel groen. De woningen zijn namelijk gesitueerd rondom een groen middengebied, waardoor er geen sprake is van een dichte bebouwingopzet. In het DOP uit 2010 zijn de binnengebieden – zoals huidige plangebied - in Ysselsteyn overigens al benoemd als potentiele locaties voor toekomstige woningbouwontwikkeling.
De grond leidt niet tot aanpassing van onderhavig bestemmingsplan. h. In de zienswijzenbeantwoording onder 1f is reeds ingegaan op de behoefte aan woningen. Een sociale koopwoning wordt, evenals een sociale huurwoning gedefinieerd, in artikel 1.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Onder een sociale koopwoning (sub e.) wordt verstaan: ‘koopwoning met een koopprijs vrij op naam van ten hoogste € 200.000, waarbij de instandhouding voor de in een gemeentelijke verordening omschreven doelgroep voor een in de verordening vastgesteld tijdvak van ten minste een jaar en ten hoogste tien jaar na ingebruikname is verzekerd’ Een sociale huurwoning (sub d.) is: ‘huurwoning met een aanvangshuurprijs onder de grens als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag, waarbij de instandhouding voor de in een gemeentelijke verordening omschreven doelgroep voor ten minste tien jaar na ingebruikname is verzekerd’ In de plantoelichting staat opgenomen dat er 20 appartementen worden gerealiseerd. Van deze appartementen zullen er tien appartementen, welke zijn gelegen op de begane grond, bestemd als levensloopbestendige woningen voor senioren in de prijsklasse
14
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
betaalbare / sociale koop. De andere tien bovenwoningen zijn bestemd voor starters en zullen worden verhuurd in de prijsklasse sociale huur. Het is aan de initiatiefnemer om te bepalen of hij een gebouw volledig gaat verhuren en/of het andere gebouw te verkopen, maar dat alle gestapelde woningen vallen onder een sociale huur-of koopwoning is privaatrechtelijk verankerd. De realisatie van sociale koop- en/of huurwoningen kan niet in het bestemmingsplan worden geborgd. Dit omdat de gemeente Venray (nog) niet beschikt over een doelgroepenverordening. Uit het Bro volgt dat het voeren van doelgroepenbeleid een doelgroepenverordening vereist is. Om te borgen dat de sociale huurwoningen worden gerealiseerd en in stand worden gehouden, zijn hierover (privaatrechtelijk) afspraken gemaakt in de anterieure overeenkomst. Deze zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassingen aan onderhavig bestemmingsplan. i.
Er wordt een weging gemaakt door de gemeente in het kader van het algemeen belang. In een enkel geval kan dit niet overeenkomen met een individueel belang. Uitgaande van het planvoornemen zal de waardevermindering van naastgelegen percelen naar verwachting niet buitenproportioneel zijn. Indien reclamanten van mening zijn dat hier sprake van is, kan een gemotiveerde planschadeclaim worden ingediend. Deze kan pas in behandeling worden genomen zodra het desbetreffende bestemmingsplan vastgesteld en onherroepelijk in werking is getreden, hier is op dit moment nog geen sprake van. Deze zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassing ven het bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn.
Conclusie De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassingen van het bestemmingsplan.
Zienswijze 3 Ontvankelijkheid
Schriftelijke zienswijze d.d. 8 september 2021, ontvangen op 9 september 2021.
De zienswijze is binnen de gestelde termijn ingediend.
De zienswijze is inhoudelijk onderbouwd.
De zienswijze is dan ook ontvankelijk.
Zienswijze a. Reclamanten zijn eigenaar van de gronden ten noorden van en direct grenzend aan het plangebied. Reclamanten willen deze percelen transformeren naar woningbouw. Reeds in het kader van de planvorming ‘Achter de Jera’ is gekeken naar een totaalinvulling zoals opgenomen in het gelijknamige bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan. In het
15
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
onderhavige bestemmingsplan wordt weinig tot geen rekening gehouden met het eerder door reclamant opgestelde bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan. Dit is gezien het eerder doorlopen traject met de gemeente Venray volgens reclamant volledig onterecht. Waarom wordt nu afgeweken van deze totaalvisie en waarom is deze afwijking acceptabel? De eerdere uitgangspunten zijn namelijk nog steeds van toepassing. b. De in het ontwerpbestemmingsplan gekozen hoofdstructuur en ontsluiting gaan tot nadelige gevolgen leiden. De Kerkweg wordt veel verder belast met ontsluitingsverkeer dan eerder voorzien. Verder zullen er verdere beperkingen optreden voor toekomstige aansluitingen in noordelijke richting en richting het gebied ‘Achter de Jera’. De door omwonenden ingediende zienswijzen waarin o.a. wordt verzocht om verplaatsing van de woonbebouwing en de wadi, zou hiervoor een oplossing kunnen bieden die tevens in overeenstemming is met de eerdere totaalvisie. c.
In november 2020 hebben reclamanten een principeverzoek ingediend om de eerdere totaalvisie, in combinatie met onderhavig plan, verder te brengen. In februari 2021 is dit principeverzoek nogmaals ingediend en is verzocht om een integrale benadering van het gehele inbreidingsgebied. B&W van Venray hebben echter besloten om niet voor deze integrale benadering te kiezen maar om wel het onderhavig initiatief te faciliteren en hiervoor een ontwerpbestemmingsplan ter visie te leggen. Reclamant acht dit een gemiste kans en pleit alsnog voor een integrale benadering omdat dit volgens hem leidt tot een betere plankwaliteit op het gebied van ontsluitingsmogelijkheden, groen en water en tot een betere afstemming op woningtypologie, de fasering en de beeldkwaliteit daarvan. Door het volgen van de totaalvisie kunnen bovendien de bezwaren van omwonenden worden weggenomen.
d. In de Toelichting en/of de regels van het ontwerpplan wordt niet uiteengezet, gedefinieerd en/of geborgd wat moeten worden verstaan onder sociale koop-en huurwoningen. Daarnaast is de feitelijke realisatie van deze woningen, mede door de huidige grondprijzen, de hoogte van de bouwkosten en het verhaal van de gemeentelijke plankosten, discutabel zodat de economische uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan niet vaststaat. Deze uitvoerbaarheid is door de gemeente bovendien niet objectief onderbouwd en/of onderzocht. Het enkel dekken van gemeentelijke kosten is daarbij onvoldoende. e. Initiatiefnemer heeft niet met reclamanten over het beoogde bouwplan gesproken, dan wel daar enige dialoog over gevoerd. Standpunt gemeente a. In het bestemmingsplan Achter de Jera (2009) is inderdaad een schets opgenomen die aangeeft hoe het plangebied en de gronden ten noorden van het plangebied verder ontwikkeld zouden kunnen worden. Deze schets vormt echter niet meer dan een mogelijke visie op de toekomstige inrichting van het plangebied en de gronden te noorden hiervan. De schets heeft geen juridische status. Tevens is de schets niet
16
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
overgenomen in het latere bestemmingsplan Ysselsteyn (2017), aangezien er op korte termijn geen nieuwe woningbouw werd verwacht in Ysselsteyn. Aangezien uit het bestemmingsplan Ysselsteyn wel volgt dat het beeldkwaliteitsplan van kracht blijft, is er in onderhavig bestemmingsplan qua stedenbouwkundige structuur in grote mate aangesloten bij het beeldkwaliteitsplan van Achter de Jera en is het plangebied zo ingericht dat het plan ook verder richting de gronden in het noorden doorontwikkeld kan worden in een eventuele latere fase. Qua beeldkwaliteit en architectuur zal ook aangesloten worden op de reeds bestaande woningen. Dit zal bij de verdere uitwerking van de woningen ook worden getoetst. De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassing van onderhavig plan. b. Het plangebied zal worden ontsloten via de Kerkweg. Daarnaast is er een tweede ontsluiting voorzien richting Achter de Jera. Deze ontsluiting werd reeds beoogd in het bestemmingsplan Achter de Jera uit 2009, maar is vanwege de eigendomssituatie nog niet mogelijk. Daarom zal deze tweede ontsluiting in de eerste plaats worden ingericht als calamiteitenontsluiting. Als gevolg van de woningbouw zal er op een gemiddelde werkdag sprake zijn van een toename van (gemiddeld) 184 verkeersbewegingen per etmaal.
Aangezien de wegen qua profiel en capaciteit zijn berekend op een toename van het aantal verkeersbewegingen, zullen als gevolg van de realisatie van de woningen geen nadelige effecten ontstaan. Het plangebied is verder ook goed ontsloten voor langzaam verkeer. Daarnaast wordt het plangebied zodanig ingericht dat het mogelijk blijft om de toekomstige ontwikkelingen, inclusief de gewenste noordelijke ontsluitingsweg, te laten aansluiten op het plangebied. Ook in dit opzicht leidt onderhavig bestemmingsplan niet tot beperkingen. De verplaatsing van de woonbebouwing en de wadi is geen optie (zie hiervoor ook zienswijze 2 onder b). Bovendien zou dat mogelijk juist een beperking opleveren voor de ontwikkeling van de gronden ten noorden van het plangebied, deze gronden zijn in eigendom is van reclamanten, en de gewenste aansluiting op de Ringweg. In de totaalvisie/stedenbouwkundige opzet voor het gehele gebied werd juist uitgegaan van een centrale groene buffer waar permanente waterberging plaatsvindt. Dit wordt ook beschreven in het stedenbouwkundig plan dat als bijlage bij het beeldkwaliteitsplan ‘Achter de Jera’ is gevoegd. De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassing van onderhavig plan. c.
Op 4 november 2020 is door reclamanten een principeverzoek ingediend voor het realiseren van 25 woningen op enkele percelen die aan de noordzijde onder andere grenzen aan de Harrie Philipsenstraat en onderhavig plangebied. Daarbij was overigens geen sprake van een voorstel om dit in combinatie met het thans voorliggende initiatief
17
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
te realiseren, het betrof een zelfstandig verzoek. Dit verzoek is afgewezen waarbij aan reclamanten is meegedeeld dat geen medewerking aan hun verzoek werd verleend vanwege het feit dat binnen afzienbare termijn verschillende bouwplannen worden gerealiseerd en daarmee naar verwachting in de kwantitatieve en kwalitatieve woningbouwbehoefte van Ysselsteyn voor de korte termijn kan worden voorzien. Tevens is aangegeven dat de locatie van reclamanten voor de toekomst wel degelijk als potentiele woningbouwlocatie wordt gezien. In reactie hierop hebben reclamanten op 15 februari 2021 opnieuw een verzoek gedaan, waarbij wel werd gesproken over een integrale planontwikkeling. Omdat het voorliggende initiatief voldoende ruimte laat om in de toekomst op een goede manier – zowel stedenbouwkundig als op het gebied van verkeer, openbare ruimte en programmatisch – aan te sluiten en uit verschillende gesprekken met partijen duidelijk was dat er vanuit beide zijden onvoldoende basis bestond om tot samenwerking te komen, bestond er geen reden om het verzoek van reclamant te heroverwegen. d. Voor de definitie van sociale koop-en huurwoningen wordt verwezen naar de definitie in artikel 1.1.1 Bro. Voor de borging van deze woningen in het bestemmingsplan alsmede de economische uitvoerbaarheid van het plan, wordt verwezen naar hetgeen hierover is opgemerkt onder punt h. bij zienswijze 2.
De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassingen van onderhavig bestemmingsplan. e. Initiatiefnemer heeft diverse gesprekken gevoerd met reclamanten over een mogelijke samenwerking (zie ook hiervoor onder 1), waarbij beide bedrijven aangaven, dat zij reclamanten vertegenwoordigden. Bij pogingen van ontwikkelaar om met (een van beide) reclamanten rechtstreeks in overleg te treden en/of dialoog te voeren, is (steeds) verwezen naar genoemde bedrijven. Nadat bleek dat een samenwerking met deze bedrijven niet tot de mogelijkheden behoorde, heeft ontwikkelaar deze pogingen gestaakt. Dat door reclamanten wordt gesteld dat door initiatiefnemer geen dialoog is gezocht komt overigens niet overeen met wat er is vermeld in de tweede brief met betrekking tot hun principeverzoek van 15 februari 2021. Daarin is namelijk aangegeven dat zij met initiatiefnemer hebben gesproken over het planvoornemen. Deze zienswijze is ongegrond en leidt daarmee niet tot aanpassing aan onderhavig bestemmingsplan. Conclusie De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassingen van het bestemmingsplan.
18
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
Zienswijze 4 Ontvankelijkheid
Schriftelijke zienswijze d.d. 8 september 2021, ontvangen op 9 september 2021.
De zienswijze is binnen de gestelde termijn ingediend.
De zienswijze is inhoudelijk onderbouwd.
De zienswijze is dan ook ontvankelijk.
Zienswijze a. Reclamant is eigenaar van het perceel dat direct ten oosten van het plangebied ligt. Uit het onderhavig ontwerpbestemmingsplan blijkt dat het de bedoeling is dat er een calamiteitenontsluiting wordt aangelegd en deze weg uiteindelijk te verbinden op de weg Achter de Jera. Op dit moment is ter plaatse een speeltuin gelegen. Het is reclamant volstrekt onduidelijk hoe de voorgenomen ontsluiting gerealiseerd kan worden, omdat dit perceel in eigendom is van reclamant en hij niet voornemens is dit perceel te verkopen of ter beschikking te stellen voor het realiseren van een ontsluiting. b. Volgens reclamant is mede gelet op de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, sprake van een evident privaatrechtelijke belemmering die aan de vaststelling van het onderhavige bestemmingsplan in de weg staat. Vanwege deze belemmering is onderhavig bestemmingsplan niet uitvoerbaar. c.
Daarnaast is het bestemmingsplan volgens reclamant economisch niet uitvoerbaar, aangezien de gronden nog niet in eigendom zijn van initiatiefnemer. Ervan uitgaande dat de levering van de gronden pas plaatsvindt nadat het bestemmingsplan onherroepelijk is geworden, kan de uiterlijke termijn (november dit jaar) voor de verwerving van de gronden niet worden gehaald.
d. De feitelijke realisatie van het planvoornemen is onzeker zolang de gronden niet worden afgenomen en de calamiteitenontsluiting niet kan worden aangelegd. De economische uitvoerbaarheid staat nog meer onder druk door de hoge bouwkosten, de kleine marges bij de beoogde starterswoningen en daar bovenop de gemeentelijke kosten. e. De uitvoerbaarheid van het plan wordt niet inzichtelijk gemaakt. De verwijzing naar het sluiten van een anterieure overeenkomst en de stelling dat de initiatiefnemer financieel draagkrachtig is, is hiervoor onvoldoende. Daarnaast is de gemeente verplicht om een eigen onderzoek in te stellen naar de uitvoerbaarheid van het plan. f.
Het planvoornemen is volgens reclamant om meerdere redenen niet uitvoerbaar en zou derhalve niet vastgesteld moeten worden.
Standpunt gemeente a. De gemeente en de veiligheidsregio achten het wenselijk dat een woongebied via meerdere wegen kan worden ontsloten, dit is echter geen vereiste noch is het noodzakelijk om het planvoornemen passend te laten zijn. Gezien de eigendomssituatie en de stelling van reclamant dat hij hieraan niet wenst mee te werken, is gekeken naar
19
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
een tijdelijk alternatief in de vorm van een calamiteitenroute richting Achter de Jera. De benodigde grond voor het realiseren van een volwaardige ontsluiting zijn gelegen buiten het plangebied en zijn in eigendom van reclamant. Het betreft een minimaal strookje grond van 35 cm breed met de bestemming “Verkeer”. Door aan beide zijden van het strookje de weg aan te leggen, kan de ontsluiting in geval van calamiteiten worden gebruikt. De insteek is om op deze plek een volwaardige ontsluiting te gaan realiseren. Ten behoeve van de realisatie van deze volwaardige ontsluiting is het niet noodzakelijk dat reclamant op dit moment zijn gronden ter beschikking stelt en/of wenst te verkopen, aangezien de betreffende strook grond bestemd is voor verkeersdoeleinden en ook als zodanig mag worden gebruikt. Daarnaast kan de gemeente na de vaststelling van het bestemmingsplan alsnog proberen de strook grond in eigendom te verkrijgen en indien dit niet lukt over te gaan tot onteigening van de betreffende gronden. Deze zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassingen van onderhavig bestemmingsplan. b. Het perceel waarnaar reclamant verwijst, draagt in het bestemmingsplan Achter de Jera (uit 2009) en in het daaropvolgende bestemmingsplan Ysselsteyn (2016) de bestemming ‘Verkeer’.
Daar deze gronden de verkeersbestemming dragen, is het mogelijk om deze gronden ter uitvoering van onderhavig bestemmingsplan te onteigenen. Nu de uitvoering van het bestemmingsplan de grondslag vormt voor de onteigening van de betreffende gronden, volgt uit vaste rechtspraak dat eigendomsverhoudingen geen privaatrechtelijke belemmering vormen die de uitvoering van het voornemen in de weg staan (zie ABRS 29 september 2021, omgevingsvergunning Epe). Op dit moment is er nog geen overeenstemming bereikt met reclamant over de aankoop van de gronden. De gemeente zal binnenkort een aanbod doen aan de reclamant voor de verwerving van het benodigde gronden. Mocht dit niet leiden tot de overdracht van de gronden dan kan de gemeente na de vaststelling van het bestemmingsplan besluiten om – op grond van artikel 77, eerste lid aanhef en onder sub 1 Onteigeningswet – over te gaan tot de verwerving van de betreffende gronden. Hiervoor is geen toestemming van reclamant noodzakelijk. Naar aanleiding van voorgaande is er geen sprake van een evidente privaatrechtelijke belemmering die aan de uitvoering van onderhavig bestemmingsplan in de weg staat. De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassingen aan het bestemmingsplan. c.
Uit een recent overleg met de initiatiefnemer volgt dat de benodigde gronden, welke het plangebied vormen, recentelijk in eigendom zijn verkregen door initiatiefnemer. Initiatiefnemer beschikt daarmee – voor zover dat al nodig zou zijn – over de benodigde gronden om onderhavig planvoornemen ten uitvoer te brengen.
20
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
Op grond van de (actuele) jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak, kan een betoog dat ziet op de (financieel-economische) uitvoerbaarheid van het project, slechts leiden tot vernietiging van het bestreden besluit indien en voor zover het aangevoerde leidt tot de conclusie dat het College van burgemeester en wethouders op voorhand in redelijkheid had moeten inzien dat het project niet kan worden uitgevoerd, zie de uitspraak van 1 augustus 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2544. Aangezien het in onderhavig geval een particulier initiatief betreft, is het in eerste instantie aan de initiatiefnemer om te beoordelen of hij het project kan uitvoeren en of dit voor hem rendabel is. Initiatiefnemer heeft met het college een anterieure overeenkomst alsmede een planschadeverhaalsovereenkomst gesloten. Daarbij heeft ontwikkelaar tevens een financiële onderbouwing aangeleverd, waaruit volgt, dat er sprake is van een sluitende exploitatie, mits het beoogde woningbouwprogramma met gestapelde woningen voor de sociale huur en koopsector wordt gerealiseerd. Niet is gebleken van omstandigheden aan de zijde van initiatiefnemer die het college op voorhand hadden moeten doen inzien dat het project niet uitvoerbaar is. Voorgaande grond is daarmee ongegrond en leidt niet tot aanpassing van onderhavig bestemmingsplan. d. Zie hiervoor de beantwoording onder c. e. Zie hiervoor de beantwoording onder c.
f.
Zie
hiervoor
mede
de
beantwoording
onder
c.
waaruit
volgt
dat
onderhavig
ontwerpbestemmingsplan (financieel-economisch) uitvoerbaar is en kan derhalve worden vastgesteld. Conclusie De zienswijze is ongegrond en leidt niet tot aanpassingen van het bestemmingsplan.
21
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
3
Vervolgprocedure
Vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad is voorzien op 14 december 2021. Het voorstel ziet op het ongewijzigd vaststellen van onderhavig bestemmingsplan. Publicatie van het vaststellingsbesluit dient binnen twee weken na vaststelling van het bestemmingsplan plaats te vinden. Publicatie zal op zijn laatst op 23 december 2021 plaatsvinden. De beroepstermijn van zes weken vangt aan op de dag na de terinzagelegging van het besluit. Dit is dus afhankelijk van wanneer publicatie plaats kan vinden. De beroepstermijn zal op zijn laatst lopen van 25 december 2021 tot en met 4 februari 2022. Het bestemmingsplan treedt in werking op de dag nadat de beroepstermijn is afgelopen, op zijn laatst dus op 5 februari 2022. Hierbij geldt het voorbehoud dat wanneer iemand een voorlopige voorziening aanvraagt en deze wordt toegekend, de inwerkingtreding van het plan kan worden geschorst.
22
Bestemmingsplan Kerkweg ong. Ysselsteyn Eindrapport zienswijzen
Bijlagen Bijlage A (niet publiceren)
23