08 Bodemonderzoek 15c
Tekst van het document
AANVULLEND VERKENNEND BODEMONDERZOEK FASE II LAAGHEIDSEWEG 15 TE VENRAY
Rapportage aanvullend verkennend bodemonderzoek fase II Laagheidseweg 15 te Venray Opdrachtgever
V-snaar projecten Timmermannsweg 26a 5813 AN Ysselsteyn
Rapportnummer Versienummer
6368.001 D1
Status
Eindrapportage
Datum
27 oktober 2020
Vestiging
Brabant Heinz Moormannstraat 1b 5831 AS Boxmeer 088 - 5001600 boxmeer@econsultancy.nl
Opsteller
drs. T.E. van den Hemel
Paraaf
Kwaliteitscontrole
ing. M.G.H. Botden
Paraaf
Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteitssysteem, zoals beschreven in het kwaliteitshandboek. Ons kwaliteitssysteem is gecertificeerd volgens de kwaliteitsborgingsnormen van de NEN-EN-ISO 9001:2015. Betrouwbaarheid Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Daarnaast betreft het bodemonderzoek een momentopname. Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde bodemonderzoek neemt.
In dit kader dient ook opgemerkt te worden dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING .................................................................................................................................. 1
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE ................................................................................... 1
3
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM ................................................................. 2 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10
Geraadpleegde bronnen ................................................................................................... 2 Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie ............................................................... 2 Toekomstige situatie ......................................................................................................... 3 Calamiteiten ...................................................................................................................... 4 Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie ........................................ 4 Asbestinventarisaties ........................................................................................................ 4 Aangrenzende terreindelen/percelen ............................................................................... 4 Terreininspectie ................................................................................................................ 5 Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten ......................................................... 5 Bodemopbouw en geohydrologie ..................................................................................... 5
4
CONCLUSIES MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM (ONDERZOEKSOPZET) 6
5
VELDWERK ................................................................................................................................ 6 5.1 5.2 5.3
6
LABORATORIUMONDERZOEK ................................................................................................ 9 6.1 6.2 6.3
7
Algemeen.......................................................................................................................... 6 Uitgevoerde werkzaamheden ........................................................................................... 6 Zintuiglijke waarnemingen ................................................................................................ 7 5.3.1 Grond.................................................................................................................. 7 5.3.2 Grondwater ......................................................................................................... 8 5.3.3 Bemonstering ..................................................................................................... 9
Uitvoering analyses .......................................................................................................... 9 Toetsingskader ............................................................................................................... 10 Resultaten grond- en grondwatermonsters .................................................................... 12
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES ........................................................................ 13
BIJLAGEN: 1. 2a. 2b. 3. 4a. 4b. 5. 6.
- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto's onderzoekslocatie - Boorprofielen - Analysecertificaten - Getoetste analyseresultaten Circulaire bodemsanering - Toetsingskader Circulaire bodemsanering - Eerder uitgevoerd bodemonderzoek
1
INLEIDING
V-snaar projecten heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een aanvullend verkennend bodemonderzoek fase II op de locatie Laagheidseweg 15 te Venray. Het bodemonderzoek betreft een aanvulling op een reeds uitgevoerd verkennend bodemonderzoek fase I (Econsultancy, rapportnummer: 6368.001, d.d. 7 februari 2019) en is uitgevoerd in het kader van de bestemmingsplanwijziging alsmede de voorgenomen nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het verkennend bodemonderzoek heeft tot doel met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op de onderzoekslocatie een grond- en/of grondwaterverontreiniging aanwezig is, teneinde te bepalen of er milieuhygiënische belemmeringen zijn voor de bestemmingsplanwijziging alsmede de voorgenomen nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek". Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740+A1:2016 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond". Het veldwerk en de bemonstering zijn uitgevoerd onder certificaat op grond van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek", protocollen 2001 en 2002 en de daarin gestelde eisen.
De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor de protocollen 2001 en 2002 van de BRL SIKB 2000. In dat kader verklaart Econsultancy geen eigenaar van de onderzoekslocatie te zijn of te worden.
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE
Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem omvat de onderzoekslocatie en direct hieraan grenzende terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 5.060 m²) is gelegen aan de Laagheidseweg 15 te Venray (zie bijlage 1). De onderzoekslocatie is kadastraal bekend gemeente Venray, sectie C, nummers 12309, 12161 (ged.) en 12162 (ged.). Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 21,5 m +NAP en zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 195.000, Y = 394.722.
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 1 van 14
3
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM
Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is reeds uitgevoerd tijdens het verkennend bodemonderzoek fase I (Econsultancy, rapportnummer: 6368.001, d.d. 7 februari 2019). Tijdens fase I is de gehele onderzoekslocatie onderzocht. Hierbij is deellocatie C, het gedeelte van de voormalige stallen, buiten beschouwing gelaten en is ervoor gekozen dit bodemonderzoek uit te laten voeren wanneer de stallen verwijderd zijn. Tevens dient tijdens fase II een voormalige ondergrondse tank op deellocatie C onderzocht te worden. Aanvullend wordt tijdens fase II een aangrenzend weiland en groenstrook, deellocatie D, onderzocht. 3.1
Geraadpleegde bronnen
Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden is een milieuhygiënisch vooronderzoek bodem uitgevoerd op basis van de NEN 5725. In tabel I zijn de in het kader van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem geraadpleegde bronnen weergegeven. Van de locatie en de directe omgeving zijn uit verschillende informatiebronnen gegevens verzameld over het historische, huidige en toekomstige gebruik, eventuele calamiteiten, eventueel eerder uitgevoerde bodemonderzoeken, de bodemopbouw en geohydrologie, verhardingen, kabels en leidingen. Tabel I.
Geraadpleegde bronnen Onderdeel
Bron
Historisch, huidig en toekomstig gebruik
Opdrachtgever (contactpersoon de heer J. Michels), d.d. 17 september 2020
Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek
Gemeente Venray (contactpersoon mevrouw F. çaylak), d.d. 2 maart 2018
Locatiegegevens van internet: - historisch topografisch kaartmateriaal - basisregistratie grootschalige topografie - kadastrale gegevens - hoogtekaart - luchtfoto's - Google streetview - provinciale bodeminformatie - bodemopbouw - geo(hydro)logie - kabels en leidingen
www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl www.ahn.nl webservices.gbo-provincies.nl/lufo/services/wms maps.google.nl www.bodemloket.nl maps.bodemdata.nl www.dinoloket.nl www.kadaster.nl/klic-wion
Terreininspectie
Uitgevoerd door Econsultancy, d.d. 14 maart 2018
3.2
Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie
Volgens historisch kaartmateriaal uit omstreeks 1900 was de locatie, alsmede de omgeving ervan, destijds in agrarisch gebruik (figuur 1). Rond het jaar 1977 werd op de onderzoeklocatie een woonboerderij met 2 grote stallen gerealiseerd (figuur 2). De locatie werd oorspronkelijk gebruikt als konijnenfokkerij en voor de opslag van mest. Later werden er ook varkens gehouden op de locatie. Omstreeks 1993 werd er een derde stal bijgebouwd. Het gebruik van de onderzoekslocatie is sindsdien niet wezenlijk veranderd (figuur 3).
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 2 van 14
Figuur 1. 1900
Figuur 2. 1988
Figuur 3. 2015
De onderzoekslocatie was bebouwd met 3 stallen. Het overige terrein is altijd onbebouwd geweest en in gebruik als weiland. De huidige onderzoekslocatie is onbebouwd. Het terreindeel noordelijk grenzend aan de onderzoekslocatie is sinds 2014 in gebruik als boomkwekerij. Gezien het feit dat de boomkwekerij pas sinds 2014 in gebruik is genomen, is er geen sprake van het gebruik van chloorbestrijdingsmiddelen, dan wel andere middelen die in het kader van de Wet bodembescherming als milieubelastend kunnen worden aangemerkt. Rond de stallen is een gebroken asfaltverharding op de locatie aanwezig geweest. Volgens de opdrachtgever is dit asfalt niet teerhoudend en is het ruim 20 jaar geleden aangebracht zonder funderingslaag (direct op de teelaarde). Omstreeks 1982 is een ondergrondse huisbrandolie(hbo)-tank (5.000 liter) geplaatst. Volgens informatie van de gemeente Venray is deze HBO-tank in het jaar 1996 buiten werking gesteld. De tank is hoogstwaarschijnlijk in 1996 verwijderd. Het is onbekend of er bodemonderzoek heeft plaatsgevonden ter plaatse van de voormalige tank. Er zijn geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. Uit de Hinderwetvergunning verleend door de gemeente Venray uit 1982 blijkt dat bij de bouw van de eerste stal asbestverdachte golfplaten zijn toegepast (Hinderwetvergunning, kenmerk: IB8200694, d.d.
28 jan 1982). Echter is er bij deze schuur een dakgoot aanwezig en kan uitspoeling van asbest naar de bodem worden uitgesloten. In bijlage 6 is de eerder uitgevoerde bodemrapportage opgenomen. Hierin is in bijlage 6 een overzicht gegeven van de verleende bouw- en milieuvergunningen, de aanwezige boven- en ondergrondse tanks, alsmede een overzicht van de uitgevoerde milieucontroles op de onderzoekslocatie. In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie. 3.3
Toekomstige situatie
De initiatiefnemer is voornemens de bedrijfswoning te herbestemmen naar burgerwoning en er worden twee nieuwe burgerwoningen gerealiseerd.
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 3 van 14
3.4
Calamiteiten
Voor zover bij de opdrachtgever bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan en zijn geen gegevens bekend dat op deze locatie, als ook in de directe nabijheid, met schuim is geblust. Ook uit informatie van de gemeente Venray blijkt niet, dat er zich in het verleden bodembedreigende calamiteiten hebben voorgedaan. 3.5
Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie
Op de onderzoekslocatie zijn, voor zover bekend, geen bodemonderzoeken uitgevoerd. 3.6
Asbestinventarisaties
In 2009 is door Analyse Bureau Safety BV een asbestinventarisatie uitgevoerd (projectnummer: 081201.8, d.d. 14 januari 2009). Uit de inventarisatie blijkt dat het golfplaten dak van de meest zuidelijke varkensstal asbesthoudend is. De overige bebouwing bevat geen asbesthoudende materialen. In 2020 is door VDM een asbestinventarisatie uitgevoerd (projectnummer: M200144, d.d. 19 februari 2020). Vier varkensstallen en een berging zijn onderzocht. Uit de inventarisatie blijkt dat het golfplaten dak van 3 stallen asbesthoudend is. De overige stal en berging bevat geen asbesthoudende materialen (zie afbeelding 4).
Afbeelding 4. In rood de 3 (voormalige) varkensstallen met asbesthoudende dakbedekking, in groen de (voormalige) varkensstal en berging zonder asbesthoudende dakbedekking.
In 2020 is het terrein asbest vrij gegeven door Roba Inspecties (rapportnummer: 20/8356, d.d. 10 juli 2020). 3.7
Aangrenzende terreindelen/percelen
In paragraaf 3.1 zijn de geraadpleegde informatiebronnen voor de omliggende terreindelen en aangrenzende percelen binnen 25 meter van de onderzoekslocatie opgenomen. Het bodemgebruik van de omliggende terreindelen is als volgt:
aan de noordzijde bevindt zich een woonboerderij met stallen en akkerland; aan de oostzijde bevindt zich akkerland; aan de zuidzijde bevindt zich de Nieuwe Overloonseweg met aan de overzijde een woonwijk; aan de westzijde bevindt zich de Laagheidseweg met daaraan grenzend akkerland.
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 4 van 14
In 2019 is een verkennend bodemonderzoek fase I uitgevoerd noordelijke en zuidelijk grenzend aan de onderzoekslocatie (Econsultancy, rapportnummer: 6368.001, d.d. 7 februari 2019). Zintuiglijk zijn in zowel de boven- als ondergrond geen verontreinigingen aangetroffen. De bovengrond is (plaatselijk) licht verontreinigd met cadmium, kwik, lood, zink en PCB. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. Het grondwater was in eerste instantie sterk verontreinigd met cadmium, matig verontreinig met nikkel en licht verontreinigd met barium, kobalt en zink. Na herbemonstering is het grondwater nog matig verontreinigd met cadmium en nikkel en licht verontreinigd met kobalt, koper en zink. Ter plaatse van de voormalige hbo-tank naast het woonhuis, ten zuiden van de huidige onderzoekslocatie, zijn zowel zintuiglijk als analytisch geen verontreinigingen aangetoond. Er werd geconcludeerd om ter plaatse van de stallen en de HBO-tank aanvullend bodemonderzoek uit te voeren nadat de stallen gesloopt zijn. Uit de verzamelde informatie blijkt, dat er vanuit de omliggende percelen geen grensoverschrijdende verontreinigingen zijn te verwachten. 3.8
Terreininspectie
De terreininspectie is reeds uitgevoerd in het fase I onderzoek, zie bijlage 6. 3.9
Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten
Regionaal komen verhoogde concentraties van metalen in het grondwater voor. De provincie Limburg heeft specifieke beleidslijnen geformuleerd met betrekking tot deze regionaal verhoogde concentraties van metalen in het grondwater (zie “Beleidskader bodem, actualisatie 2016”, vastgesteld door Gedeputeerde Staten van Limburg op 26 juli 2016). Met het nieuwe handelingskader is heel Nederland verdacht op het voorkomen van deze stoffen. Als bij het ontgraven of saneren sprake is van afvoer van de grond naar elders, is het voor de toepassing elders of de acceptatie bij een grondbank, verwerker of stortplaats noodzakelijk om onderzoek te doen naar PFAS. De onderzoekslocatie is met betrekking tot de bovengrond gelegen binnen de bodemkwaliteitszone "Landbouw/Natuur”, van het gebied waarvoor de gemeenten Beesel, Bergen, Echt-Susteren, Gennep, Horst aan de Maas, Leudal, Maasgouw, Mook & Middelaar, Nederweert, Peel en Maas, Roerdalen, Roermond, Venlo, Venray en Weert, gezamenlijk een “Nota bodembeheer Limburg Noord 20202029” hebben opgesteld. Met betrekking tot de ondergrond is de onderzoekslocatie gelegen binnen de bodemkwaliteitszone "Landbouw/Natuur”. 3.10 Bodemopbouw en geohydrologie De originele bodem bestaat volgens de bodemkaart van Nederland uit gooreerdgrond, die volgens de Stichting voor Bodemkartering voornamelijk is opgebouwd uit leemarm en zwak lemig fijn zand.
De afzettingen, waarin deze bodem is ontstaan, behoren geologisch gezien tot de Formatie van Boxtel. De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 20 m +NAP, waardoor het grondwater zich op ± 1,5 m -mv zou bevinden. Het water van het eerste watervoerend pakket stroomt volgens de isohypsenkaart van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO in noordelijke richting. Er liggen geen pompstations in de buurt van de onderzoekslocatie die van invloed zouden kunnen zijn op de grondwaterstroming ter plaatse van de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie ligt niet in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied.
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 5 van 14
4
CONCLUSIES MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM (ONDERZOEKSOPZET)
Ten behoeve van het bodemonderzoek is, op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem, een aantal deellocaties geïdentificeerd. In tabel II zijn de onderzoeksstrategieën, die van toepassing zijn op de betreffende deellocaties, weergegeven. Tabel II.
Onderzoeksstrategie Deellocatie
Oppervlakte
AA Voormalige stallen
± 3.790 m
C
Voormalige ondergrondse hbo-tank (5.000L)
D
Weiland en groenstrook
2
Verwachte stoffen
Onderzoeksstrategie
metalen, minerale olie en PAK
VED-HE
< 10 m3
minerale olie
VEP-OO
± 1.270 m2
-
ONV-NL
Onderzoeksstrategieën volgens NEN 5740: ONV-NL : Onverdacht, niet lijnvormig VEP-OO : Verdacht, plaatselijke bodembelasting, één of meer ondergrondse opslagtank(s) VED-HE-NL: Verdacht, diffuse bodembelasting, heterogene verontreiniging, niet lijnvormig
Uit de reeds bekende gegevens concludeert Econsultancy dat atmosferische depositie naar verwachting de enige (beperkte) bron van PFAS-verontreiniging op de locatie is. Van atmosferische depositie is bekend dat dit tot beperkt verhoogde PFAS-gehalten in bodem en water kan leiden. Indien bij het ontgraven of saneren sprake is van afvoer van de grond naar elders, is het voor de toepassing elders of de acceptatie bij een grondbank, verwerker of stortplaats noodzakelijk om onderzoek te doen naar PFAS. Op aangeven van de opdrachtgever maakt PFAS geen deel uit van onderhavig onderzoek.
5
VELDWERK
5.1
Algemeen
Tijdens het opstellen van het boorplan is rekening gehouden met de doelstellingen en de richtlijnen, die geformuleerd zijn in de inleiding. Daarnaast is rekening gehouden met de gegevens voortvloeiend uit het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem en de ligging van kabels en leidingen. Bijlage 2a bevat de locatieschets met daarop aangegeven de situering van de boorpunten en de peilbuizen. In bijlage 3 zijn de boorprofielen opgenomen. 5.2
Uitgevoerde werkzaamheden
Aan de hand van de geldende onderzoeksstrategieën zijn de werkzaamheden uitgevoerd zoals die in tabel III zijn vermeld. Het veldwerk is op 8 oktober 2020 uitgevoerd onder kwaliteitsverantwoordelijkheid van de heer D.J.G. Salden. Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2001 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek".
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 6 van 14
Tabel III.
Uitgevoerde werkzaamheden
Deellocatie
Veldwerk Boringen/peilbuizen
Analyses Verharding
Grond
Grondwater
AA
Voormalige stallen Fase II
12 (0,5 m -mv) 2 (2,0 m -mv) 1 (peilbuis)
onverhard
standaardpakket 3x (3x verdachte laag, 1x ondergrond)
standaardpakket (1x)
C
Voormalige ondergrondse hbotank Fase II
1 (1,0 m -mv) 1 (peilbuis)
onverhard
olie (2x)
olie/aromaten (1x)
D
Weiland en groenstrook
6 (0,5 m -mv) 1 (2,0 m -mv) 1 (peilbuis)
onverhard
standaard 2x (1x bovengrond, standaardpakket (1x) 1x ondergrond)
De boringen zijn geplaatst met behulp van een edelmanboor, riverboor en zuigerboor. Van het opgeboorde materiaal is een boorbeschrijving conform de NEN 5104 gemaakt en zijn er grondmonsters genomen over trajecten van ten hoogste 0,5 m, waarbij bodemlagen met verontreinigingskenmerken of een afwijkende textuur separaat bemonsterd zijn. Het opgeboorde materiaal van deellocatie C is tevens middels een olie-waterreactie beoordeeld op de aanwezigheid van olie(gerelateerde) producten. Voor de geplaatste peilbuizen geldt dat het onderste gedeelte van de peilbuis (het peilfilter) is geperforeerd en de ruimte tussen de wand van het boorgat en het peilfilter is opgevuld met filtergrind. Boven het filtergrind is een laag zwelklei aangebracht, zodat er géén verontreinigingen van bovenaf in de peilbuis kunnen migreren. De filterstelling is bepaald op basis van de grondwaterstand, zoals deze tijdens de veldwerkzaamheden op 8 oktober 2020 is ingeschat. De peilbuizen zijn direct na plaatsing afgepompt en na een wachttijd van minimaal een week is het grondwater bemonsterd. 5.3 5.3.1
Zintuiglijke waarnemingen Grond
Deellocatie AA: Voormalige stallen Fase II De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot sterk siltig, matig fijn tot matig grof zand. De bovengrond is bovendien zwak tot matig humeus en zwak tot matig grindig. De ondergrond is plaatselijk zwak tot matig humeus en zwak gleyhoudend. De bovengrond ter plaatse van boringen AA05, AA09, AA10 en AA13 is afgegraven. Tabel IV geeft een overzicht van de zintuiglijk waargenomen bodemvreemde bijmengingen, die in het opgeboorde materiaal zijn aangetroffen.
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 7 van 14
Tabel IV.
Zintuiglijk waargenomen bodemvreemde bijmengingen
Boornummer
Einddiepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Waargenomen verontreinigingen
AA01
3,50
0,00 - 0,30
matig betonhoudend, zwak baksteenhoudend
AA02
2,00
0,00 - 0,10
zwak baksteenhoudend
AA03
2,00
0,00 - 0,10
zwak baksteenhoudend
0,10 - 0,30
zwak baksteenhoudend
AA04
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
AA08
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
AA11
1,00
0,00 - 0,10
zwak baksteenhoudend
AA12
1,00
0,00 - 0,30
zwak baksteenhoudend
AA14
1,00
0,00 - 0,30
zwak baksteenhoudend
AA15
1,00
0,00 - 0,20
matig betonhoudend, zwak baksteenhoudend
Deellocatie C: Voormalige ondergrondse hbo- tank Fase II De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot matig siltig, matig fijn tot matig grof zand. De bovengrond is bovendien zwak humeus en zwak grindig. De ondergrond is plaatselijk zwak humeus. Geen olie-water reactie is waargenomen. Tabel V geeft een overzicht van de zintuiglijk waargenomen bodemvreemde bijmengingen, die in het opgeboorde materiaal zijn aangetroffen. Tabel V.
Zintuiglijk waargenomen bodemvreemde bijmengingen
Boornummer
Einddiepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
C01
1,00
0,00 - 0,20
matig betonhoudend, zwak baksteenhoudend
0,20 - 0,30
zwak betonhoudend
0,00 - 0,20
matig betonhoudend, matig baksteenhoudend
0,70 - 1,00
zwak baksteenhoudend
C02
3,50
Waargenomen verontreinigingen
Deellocatie D: Weiland en groenstrook De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot matig siltig, matig fijn zand. De bovengrond is bovendien zwak tot matig humeus. In het opgeboorde materiaal zijn zintuiglijk geen verontreinigingen waargenomen. Wel is de bovengrond van boringen D06 en D07 geroerd. 5.3.2
Grondwater
Stroomafwaarts en centraal op de onderzoekslocatie zijn 3 peilbuizen geplaatst. De filterstelling is bepaald op basis van de grondwaterstand, zoals deze tijdens de veldwerkzaamheden op 8 oktober 2020 is ingeschat.
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 8 van 14
5.3.3
Bemonstering
De grondwaterbemonstering is op 15 oktober 2020 uitgevoerd door de heer K.J.H. Schouren. Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". De bemonstering is uitgevoerd conform de NEN 5744:2011. Tabel VI geeft een overzicht van de peilbuisgegevens en de resultaten van de veldmetingen. Tabel VI. Peilbuisnummer
Overzicht gegevens peilbuizen en veldmetingen grondwater Situering peilbuis
Filterstelling (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
Elektrisch Geleidingsvermogen (μS/cm)
Troebelheid (NTU)
Zuurgraad (pH)
2,45-3,45
1,95
504
365
5,9
2,50-3,50
1,90
583
365
5,9
2,20-3,20
1,53
903
365
5,9
Deellocatie AA: Voormalige stallen Fase II AA01-1-1
stroomafwaarts van hbo-tank
Deellocatie C: Voormalige ondergrondse hbo- tank Fase II C02-1-1
ter plaats van de voormalige hbo-tank
Deellocatie D: Weiland en groenstrook D01-1-1
6 6.1
stroomafwaarts
LABORATORIUMONDERZOEK Uitvoering analyses
Alle grond- en grondwatermonsters zijn aangeboden aan een laboratorium dat is erkend door de Raad voor Accreditatie en AS3000-geaccrediteerd is voor milieuhygiënisch bodemonderzoek. In het laboratorium zijn in totaal 8 grondmengmonsters samengesteld (5 grondmengmonsters van de bovengrond en 3 grondmengmonsters van de ondergrond). De zintuiglijk meest verontreinigde grondmonsters zijn gebruikt bij de samenstelling van de grondmengmonsters. De 8 grondmengmonsters en de grondwatermonsters zijn geanalyseerd op de volgende pakketten: Grond: standaardpakket: droge stof, lutum en organische stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) en minerale olie; -
minerale olie en vluchtige aromaten: droge stof, organische stof, vluchtige aromaten (BTEX), naftaleen en minerale olie.
Grondwater: standaardpakket: metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten (BTEX), styreen, naftaleen, gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOX) en minerale olie. -
minerale olie en vluchtige aromaten: vluchtige aromaten (BTEX), naftaleen en minerale olie.
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 9 van 14
Tabel VII geeft een overzicht van de samenstelling van de grond(meng)monsters en de analysepakketten. Tabel VII.
Overzicht van de samenstelling van de grond(meng)monsters en de analysepakketten
Grond(meng)monster
Traject (m -mv)
Analysepakket
Bijzonderheden
Deellocatie AA: Voormalige stallen Fase II MMAA1
AA01 (0,00 - 0,30), AA03 (0,00 - 0,10), AA05 (0,00 - 0,50), AA15 (0,00 - 0,20)
standaardpakket grond
bovengrond (matig betonhoudend, zwak baksteen-
MMAA2
AA02 (0,00 - 0,10), AA08 (0,00 - 0,50), AA11 (0,00 - 0,10), AA12 (0,00 - 0,30)
standaardpakket grond
bovengrond (zwak baksteenhoudend)
MMAA3
AA06 (0,00 - 0,50), AA09 (0,00 - 0,50), AA10 (0,00 - 0,50), AA13 (0,00 - 0,50)
standaardpakket grond
bovengrond (zintuiglijk schoon)
MMAA4
AA01 (1,50 - 2,00), AA02 (0,50 - 1,00), AA02 (1,00 - 1,50), AA03 (1,00 - 1,50), AA03 (1,50 - 2,00), AA04 (0,50 - 1,00), AA12 (0,50 - 1,00)
standaardpakket grond
ondergrond (zintuiglijk schoon)
houdend)
Deellocatie C: Voormalige ondergrondse hbo- tank Fase II MMC1
AA01 (1,50 - 2,00), AA01 (2,00 - 2,30), C02 (1,50 - 2,00), C02 (2,00 - 2,50)
minerale olie
ondergrond (zintuiglijk schoon)
MMC2
AA01 (0,00 - 0,30), AA01 (0,30 - 0,50), C01 (0,30 - 0,50), C01 (0,50 - 0,70), C02 (0,20 - 0,50), C02 (0,50 - 0,70)
minerale olie
bovengrond (zintuiglijk schoon)
Deellocatie D: Weiland en groenstrook
6.2
MMD1
D01 (0,00 - 0,40), D02 (0,20 - 0,60), D03 (0,00 - 0,40), D04 (0,00 - 0,50), D05 (0,00 - 0,50), D06 (0,00 - 0,50), D07 (0,00 - 0,50), D08 (0,00 - 0,50)
standaardpakket grond
bovengrond (zintuiglijk schoon)
MMD2
D01 (0,40 - 0,70), D01 (1,00 - 1,50), D02 (0,60 - 1,00), D02 (1,50 - 2,00)
standaardpakket grond
ondergrond (zintuiglijk schoon)
Toetsingskader
De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). Dit toetsingskader voor de beoordeling van de gehalten en/of concentraties van verontreinigingen is gegeven in de toetsingstabel en bevat voor grond en grondwater elk drie te onderscheiden waarden met de verschillende niveaus: -
achtergrondwaarde: deze waarde ("AW") geeft de gehalten aan zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen;
-
streefwaarde: deze waarde ("S") geeft het milieukwaliteitsniveau aan voor grondwater, waarbij als nadelig te waarderen effecten verwaarloosbaar worden geacht;
-
tussenwaarde: deze waarde ("T") is de helft van de som van de achtergrondwaarde (of in het geval van grondwater de streefwaarde) en de interventiewaarde. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek moet worden uitgevoerd, omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat;
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 10 van 14
-
interventiewaarde: deze waarde ("I") geeft het niveau voor verontreinigingen in grond en grondwater aan waarboven ernstige vermindering of dreigende vermindering optreedt van de functionele eigenschappen, die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Bij gehalten en/of concentraties boven de interventiewaarde is er sprake van een sterke verontreiniging. Bij overschrijding van de interventiewaarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid van de sanering te bepalen. Wanneer het boven de tussenwaarde of interventiewaarde gelegen gehalte een natuurlijke oorsprong heeft, is uitvoering van vervolgonderzoek meestal niet noodzakelijk.
In bijlage 5 is de toetsingstabel opgenomen uit de eerder genoemde circulaires. Deze bijlage bevat de achtergrondwaarden en de interventiewaarden voor een standaardbodem (10% organische stof en 25% lutum). De gemeten gehalten zijn door middel van een BoToVa-toetsing, met behulp van de door het laboratorium bepaalde waarden voor het organische stof- en lutumgehalte, omgerekend naar gehalten in een standaardbodem en vervolgens getoetst. De gebruikte analysetechnieken zijn weergegeven op de certificaten in bijlage 4a. Om de mate van verontreiniging aan te geven wordt de volgende terminologie gebruikt: Grond: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:
gehalte < achtergrondwaarde en/of detectielimiet; gehalte > achtergrondwaarde en < tussenwaarde; gehalte > tussenwaarde < interventiewaarde; gehalte > interventiewaarde.
Grondwater: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:
concentratie < streefwaarde en/of detectielimiet; concentratie > streefwaarde en < tussenwaarde; concentratie > tussenwaarde < interventiewaarde; concentratie > interventiewaarde.
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 11 van 14
6.3
Resultaten grond- en grondwatermonsters
Tabel VIII geeft een overzicht van de parameters in de grond die de geldende toetsingskaders overschrijden. Tabel VIII.
Overschrijdingen toetsingskaders grond
Grond(meng)monster
Traject (m -mv)
Gehalte > AW
Gehalte > T
Gehalte > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
Deellocatie AA: Voormalige stallen Fase II MMAA1
AA01 (0,00 - 0,30), AA03 (0,00 - 0,10), AA05 (0,00 - 0,50), AA15 (0,00 - 0,20)
minerale olie PAK
-
-
MMAA2
AA02 (0,00 - 0,10), AA08 (0,00 - 0,50), AA11 (0,00 - 0,10), AA12 (0,00 - 0,30)
minerale olie PAK
-
-
MMAA3
AA06 (0,00 - 0,50), AA09 (0,00 - 0,50), AA10 (0,00 - 0,50), AA13 (0,00 - 0,50)
-
-
-
MMAA4
AA01 (1,50 - 2,00), AA02 (0,50 - 1,00), AA02 (1,00 - 1,50), AA03 (1,00 - 1,50), AA03 (1,50 - 2,00), AA04 (0,50 - 1,00), AA12 (0,50 - 1,00)
-
-
-
Deellocatie C: Voormalige ondergrondse hbo- tank Fase II MMC1
AA01 (1,50 - 2,00), AA01 (2,00 - 2,30), C02 (1,50 - 2,00), C02 (2,00 - 2,50)
-
-
-
MMC2
AA01 (0,00 - 0,30), AA01 (0,30 - 0,50), C01 (0,30 - 0,50), C01 (0,50 - 0,70), C02 (0,20 - 0,50), C02 (0,50 - 0,70)
-
-
-
Deellocatie D: Weiland en groenstrook MMD1
D01 (0,00 - 0,40), D02 (0,20 - 0,60), D03 (0,00 - 0,40), D04 (0,00 - 0,50), D05 (0,00 - 0,50), D06 (0,00 - 0,50), D07 (0,00 - 0,50), D08 (0,00 - 0,50)
kwik lood
-
-
MMD2
D01 (0,40 - 0,70), D01 (1,00 - 1,50), D02 (0,60 - 1,00), D02 (1,50 - 2,00)
-
-
-
Tabel IX geeft een overzicht van de parameters in het grondwater die het geldende toetsingskader overschrijden. Tabel IX.
Overschrijdingen toetsingskader grondwater
Grondwatermonster
Situering peilbuis
Concentratie > S
Concentratie > T
Concentratie > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
Deellocatie AA: Voormalige stallen Fase II AA01
centraal op deellocatie
koper nikkel
-
-
-
-
-
barium koper nikkel
-
-
Deellocatie C: Voormalige ondergrondse hbo- tank Fase II C02
ter plaats van de voormalige hbotank
Deellocatie D: Weiland en groenstrook D01
stroomafwaarts
Bijlage 4a bevat de door het laboratorium aangeleverde analysecertificaten. Bijlage 4b bevat de getoetste analyseresultaten aan de Circulaire bodemsanering.
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 12 van 14
7
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES
V-snaar projecten heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een aanvullend verkennend bodemonderzoek fase II op de locatie Laagheidseweg 15 te Venray. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van bestemmingsplanwijziging alsmede de voorgenomen nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Op de onderzoekslocatie zijn de volgende deellocaties onderzocht: Deellocatie AA: Voormalige stallen Fase II Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat deze deellocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "heterogeen verdacht, niet lijn vormig" (VED-HE-NL). De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot sterk siltig, matig fijn tot matig grof zand. De bovengrond is bovendien zwak tot matig humeus en zwak tot matig grindig. De ondergrond is plaatselijk zwak tot matig humeus en zwak gleyhoudend. De bovengrond is over vrijwel de gehele deellocatie zwak baksteenhoudend. Verder is de bovengrond ter plaatse van boringen AA01 en AA15 matig betonhoudend. De bovengrond ter plaatse van boringen AA05, AA09, AA10 en AA13 is afgegraven. De bovengrond is licht verontreinigd met minerale olie en PAK. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen geconstateerd. Het grondwater is licht verontreinigd met koper en nikkel. De lichte minerale olie- en PAK verontreinigingen houden mogelijk verband met de voormalige agrarische bedrijfsactiviteiten.
De vooraf gestelde hypothese dat de onderzoekslocatie ter plaatse van deellocatie AA als "heterogeen verdacht" dient te worden beschouwd, wordt aanvaard. Echter, gelet op de aard en mate van verontreiniging, bestaat er géén reden voor een nader onderzoek en bestaan er met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem géén belemmeringen voor de nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Deellocatie C: Voormalige ondergrondse hbo- tank Fase II Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat deze deellocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "verdacht, plaatselijke bodembelasting, één of meer ondergrondse opslagtank(s)" (VEP-OO). De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot matig siltig, matig fijn tot matig grof zand. De bovengrond is bovendien zwak humeus en zwak grindig. De ondergrond is plaatselijk zwak humeus. De bovengrond is zwak tot matig baksteenhoudend en zwak tot matig betonhoudend. De ondergrond is ter plaatse van boring C02 zwak baksteenhoudend. Er is geen olie-water reactie waargenomen. In de boven- en ondergrond zijn geen verontreinigingen geconstateerd. In het grondwater zijn eveneens geen verontreinigingen geconstateerd. De vooraf gestelde hypothese dat de onderzoekslocatie ter plaatse van deellocatie C als "plaatselijk verdacht" dient te worden beschouwd, wordt verworpen.
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 13 van 14
Deellocatie D: Weiland en groenstrook Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat deze deellocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "onverdacht" (ONV). Bij onverdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem niet verontreinigd is. De bodem bestaat voornamelijk uit zwak tot matig siltig, matig fijn zand. De bovengrond is bovendien zwak tot matig humeus. In het opgeboorde materiaal zijn zintuiglijk geen verontreinigingen waargenomen. Wel is de bovengrond van boringen D06 en D07 geroerd. De bovengrond is licht verontreinigd met kwik en lood. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen geconstateerd. Het grondwater is licht verontreinigd met barium, koper en nikkel. De vooraf gestelde hypothese dat de onderzoekslocatie ter plaatse van deellocatie D als "onverdacht" dient te worden beschouwd wordt, op basis van de lichte verontreinigingen, verworpen. Echter, gelet op de aard en mate van verontreiniging, bestaat er géén reden voor een nader onderzoek en bestaan er met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem géén belemmeringen voor de nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Algemeen Indien er bij werkzaamheden grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden hergebruikt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit, het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAShoudende grond en baggerspecie (d.d.
2 juli 2020) of de regionale bodemkwaliteitskaart van toepassing.
Econsultancy Boxmeer, 27 oktober 2020
Rapport 6368.001 versie D1
Pagina 14 van 14
Bijlage 1
Topografische ligging van de locatie
Schaal 1:25.000 Deze kaart is noordgericht
#2 3
23
3
.61
" ,7../7../1. .61
#
76.
" ,7../7../1. 76.
761
" ,7../7../1. 761
! $4
-6.
" ,7../7../1. -6.
$4
-61
" ,7../7../1. -61
86.
" ,7../7../1. 86.
*
861
" ,7../7../1. 861
06.
" ,7../7../1. 06.
!
061
" ,7../7../1. 061
"
16.
" ,7../7../1. 16.
# $4
$
" ,7../7../1. $
5
$
" ,7../7../1. $
, .61
9.
, 76.
7-.
, 761
7-. .61
, -6.
7-. 76.
# $ "
3
%
$4
",
"
! $4
$4
$
! $
54
, 861
#
, 06.
%
, 061
7-. 06.
, 16.
7-. 061
# &
3
! ( ) * $ + $ $ $ $ # $ ,-../0./1.
, 86.
7-. 761 7-. -6. 7-. -61 7-. 86. 7-. 861
$ ,
7-. 16.
:
$ ,
,8./8./1. .61
" ;%(#4
" ,8./8./1.
,8./8./1. 76.
" ;!4
" ,8./8./1. .61
,8./8./1. 761
" ;<4
" ,8./8./1. 76.
,8./8./1. -6.
:
" ,8./8./1. 761
,8./8./1. -61
%(#4 $
" ,8./8./1. -6.
,8./8./1. 86.
!4 $
" ,8./8./1. -61
,8./8./1. 861
<4 $
" ,8./8./1. 86.
,8./8./1. 06.
:
" ,8./8./1. 861
,8./8./1. 061
%(#4 $
" ,8./8./1. 06.
,8./8./1. 16.
!4 $
" ,8./8./1. 061
,8./8./1. $
<4 $
" ,8./8./1. 16.
,8./8./1. $
:
" ,8./8./1. $
.614
" ,8./8./1. $
76.4
)
" ,7../7../1.
'$ $
, -61
#
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 1.
Foto 2.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 3.
Foto 4.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 5.
Foto 6.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 7.
Foto 8.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 9.
Foto 10.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 11.
Foto 12.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 13.
Bijlage 3
Boorprofielen
Profielen boringen
AA01
Boring: Datum veldwerk:
8-10-2020
0
2
braak
30
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, matig betonhoudend, zwak baksteenhoudend, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor
50
50 3
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak grindig, geen olie-water reactie, neutraal beigebruin, Edelmanboor
4
Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraal bruinbeige, Edelmanboor
100 120
5 150
150 6
200
200 7
230
8
Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraal bruinbeige, Edelmanboor
0
8-10-2020 1
0
braak
10
Zand, matig fijn, sterk siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
50
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraal bruinbeige, Edelmanboor
2 50 3
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor 100
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
4 150 5 200
200
Zand, matig fijn, sterk siltig, matig humeus, geen olie-water reactie, donkerbruin, Zuigerboor handmatig Zand, matig fijn, matig siltig, zwak gleyhoudend, geen olie-water reactie, Zuigerboor handmatig
9 300
300
350
350
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, geen olie-water reactie, neutraalbeige, Edelmanboor
Datum veldwerk:
250
250
Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraalbeige, Zuigerboor handmatig Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraalbeige, Zuigerboor handmatig
AA03
Boring:
AA02
Boring:
0
1
Datum veldwerk:
Pagina 1 van 4
8-10-2020 1 2
braak
10
Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
30
3
50
50 4
100
100
AA04
Boring:
0
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak grindig, zwak baksteenhoudend, neutraalbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, sterk siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
Datum veldwerk:
8-10-2020 0
0
gras Zand, matig fijn, sterk siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
50
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
2 100
100
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donker beigebruin, Edelmanboor
5 150
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor 6 200
200
AA05
Boring: Datum veldwerk:
8-10-2020 0
0
50
Projectcode: 6368.001
Datum veldwerk:
50
8-10-2020 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor, BOVENSTE LAAG AFGEGRAVEN
1
AA06
Boring: braak
Zand, matig fijn, sterk siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
braak
50
Boormeester:
Marc Timmermans
Getekend volgens NEN 5104
Profielen boringen
AA07
Boring: Datum veldwerk:
Pagina 2 van 4
8-10-2020 0
0
Datum veldwerk:
50
50
8-10-2020 0
0
Zand, matig fijn, sterk siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
AA08
Boring: braak
Zand, matig fijn, sterk siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
50
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
2 100
100
AA09
Boring: Datum veldwerk:
8-10-2020 0
0
50
50
Datum veldwerk: 0
8-10-2020 0 10
1 2
50
50 3
70
Datum veldwerk:
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
AA13 8-10-2020 0
0
0
30
2
50
50 3
100
100
Datum veldwerk:
8-10-2020 0
0 1
30
2 50
4
AA15 8-10-2020 0
0 1 2 3 50
20 30 50
4 100
100
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, matig betonhoudend, zwak baksteenhoudend, neutraalbruin, River
Datum veldwerk:
Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
80
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
C01 0
1 2 3 50 4
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
5 100
braak
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
8-10-2020
0
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraal oranjebeige, Edelmanboor
Zand, matig fijn, sterk siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
Boring: braak
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraal beigebruin, Edelmanboor
100
100
Datum veldwerk:
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak baksteenhoudend, neutraalbeige, Edelmanboor
50
3
Boring:
braak
AA14
Boring: braak
50
50
AA12 8-10-2020 1
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor, BOVENSTE LAAG AFGEGRAVEN
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor, BOVENSTE LAAG AFGEGRAVEN
0
Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
Boring:
Datum veldwerk:
braak
50
Boring: braak
100
100
0
1
Zand, matig fijn, sterk siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
4
8-10-2020
0
50
AA11
Boring:
Datum veldwerk:
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor, BOVENSTE LAAG AFGEGRAVEN
1
AA10
Boring: braak
gras
20 30 50 70
100
braak Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, matig betonhoudend, zwak baksteenhoudend, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak betonhoudend, geen olie-water reactie, neutraalbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraal oranjebruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraal bruinbeige, Edelmanboor
Projectcode: 6368.001
Boormeester:
Marc Timmermans
Getekend volgens NEN 5104
Profielen boringen
C02
Boring: Datum veldwerk:
8-10-2020 0
0 1
20
2 50
50 3
70
4 100
100 5
130
6
150
150 7
200
200 8
D01
Boring: braak Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, matig betonhoudend, matig baksteenhoudend, geen olie-water reactie, neutraalbruin, River
Datum veldwerk:
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor
8-10-2020 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 40
50
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor
2 70
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, donkerbeige, Edelmanboor
3 100 4
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor
150
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, neutraalbruin, Edelmanboor
200
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, donker beigebruin, Edelmanboor
250
5
220
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Zuigerboor 250
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, donker oranjebruin, Edelmanboor
9 300
Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, neutraalbeige, Zuigerboor handmatig
300 320
350
350
D02
Boring: Datum veldwerk:
Pagina 3 van 4
8-10-2020
0 1
braak
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
2 50
60
D03
Boring:
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor
Datum veldwerk:
8-10-2020 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1 40
50
2
60
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbeige, Edelmanboor
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbeige, Edelmanboor
3 100 4 150 5 200
200
D04
Boring: Datum veldwerk:
8-10-2020 0
0
50
Projectcode: 6368.001
Datum veldwerk:
50
8-10-2020 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1
D05
Boring: braak
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1 50
gras
50
Boormeester:
Marc Timmermans
Getekend volgens NEN 5104
Profielen boringen
D06
Boring: Datum veldwerk:
8-10-2020 0
0
50
50
D07
Boring: braak
Datum veldwerk:
8-10-2020 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, geelbruin, Edelmanboor, geroerd
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, geelbruin, Edelmanboor, geroerd
1 50
braak
50
D08
Boring: Datum veldwerk:
Pagina 4 van 4
8-10-2020 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1 50
Projectcode: 6368.001
gras
50
Boormeester:
Marc Timmermans
Getekend volgens NEN 5104
Bijlage 4a Analysecertificaten
(FRQVXOWDQF\ 7DY7RNHYDQGHQ+HPHO +HLQ]0RRUPDQQVWUDDW% $6%2;0((5
$QDO\VHFHUWLILFDDW 'DWXP2FW
+LHUELMRQWYDQJWXGHUHVXOWDWHQYDQKHWQDYROJHQGHODERUDWRULXPRQGHU]RHN &HUWLILFDDWQXPPHU9HUVLH 8ZSURMHFWYHUVODJQXPPHU 8ZSURMHFWQDDP 8ZRUGHUQXPPHU 0RQVWHU V RQWYDQJHQ
$QWRQLXVSOHLQ 2FW
'LWFHUWLILFDDWPDJXLWVOXLWHQGLQ]LMQJHKHHOZRUGHQJHUHSURGXFHHUG 'HDQDO\VHUHVXOWDWHQKHEEHQDOOHHQEHWUHNNLQJRSKHWEHSURHIGHREMHFW 'HJURQGPRQVWHUVZRUGHQWRWZHNHQQDGDWXPRQWYDQJVWEHZDDUGHQZDWHUPRQVWHUVWRWZHNHQQD GDWXPRQWYDQJVW=RQGHUWHJHQEHULFKWZRUGHQGHPRQVWHUVQDGLHQDIJHYRHUG ,QGLHQGHPRQVWHUVODQJHUEHZDDUGGLHQHQWHEOLMYHQYHU]RHNHQZLM8GLWH[HPSODDUXLWHUOLMNZHUNGDJYRRUDIORRS YDQGHVWDQGDDUGEHZDDUSHULRGHRQGHUWHNHQGDDQRQVWHUHWRXUQHUHQ9RRUGHNRVWHQYDQKHWODQJHUEHZDUHQ YDQPRQVWHUVYHUZLM]HQZLMQDDUGHSULMVOLMVW
%HZDUHQWRW 'DWXP
1DDP
+DQGWHNHQLQJ
:LMYHUWURXZHQHURSXZRSGUDFKWKLHUPHHQDDUYHUZDFKWLQJWHKHEEHQXLWJHYRHUGPRFKW8QDDUDDQOHLGLQJYDQGLW DQDO\VHFHUWLILFDDWQRJYUDJHQKHEEHQYHU]RHNHQZLM8FRQWDFWRSWHQHPHQPHWGHDIGHOLQJ9HUNRRSHQ$GYLHV
0HWYULHQGHOLMNHJURHW (XURILQV$QDO\WLFR%9 ,QJ$9HOGKXL]HQ 7HFKQLFDO0DQDJHU
(XURILQV$QDO\WLFR%9 *LOGHZHJ 1%%DUQHYHOG 32%R[ $/%DUQHYHOG1/
7HO %133DULEDV6$ )D[ ,%$11/%13$ (PDLOLQIRHQY#HXURILQVQO %,&%13$1/$ 6LWHZZZHXURILQVQO .Y.&R&1R %7:9$71R1/%
(XURILQV$QDO\WLFR%9LV,62JHFHUWLILFHHUGGRRU7h9 HQHUNHQGGRRUKHW9ODDPVH*HZHVW 29$0HQ'HS2PJHYLQJ KHW%UXVVHOVH*HZHVW %,0 KHW:DDOVH*HZHVW '*51(2:' HQGRRUGHRYHUKHLGYDQ/X[HPEXUJ 0(9
! " #$$ ! $ $$ $ $
, -$$ . $ % $ % & # $ '! # (#
# "
# "
)*+ /'/,
,%#
$
0
$1"231 3
"
43#5
# -
64$$5
))
# 7 -
64$$5
8
64$$5
+
+
5
0
4,,5
$#3#
9
9
0
4,,5
$#3#
9
9
0
4,,5
$#3#
9
9
0
4,,5
$#3#
9
9
0
4,,5
$#3#
*
9
0
4,,*5
$#3#
9
9
4,,*5
$#3#
9
9
0
$
+* 5
!
%& !
'
00,4545,45,45
845 00,4545,45,4)5,45,4)845
D&"#
" 7#
(* 3 # B2' 3 #
" 7#
..<&@< 3 " 7#
8 #** )):'' " (';*+ )) < ' " :<
" 7#
CC 8
= >45** ?;>45**++ @$ - "A - -
3 " 7#
-$# F!# 7 # ':((1 )+* @- %'. B*# - =E. B'::<)':()+* 3 7 . $ 8 4.0 $# "#5/ 'B,':(:< 7 ' 8 4'B05/7 C 8 4 8&:@C 5 2"2,,:+ " 7 "<; $1#40@.5 '=C.=::<**'
) )+
" #
VA
!"
#
()
$
%
() *
#
"#
&'
+* $
! "##$ % &&#'( )#$ % ")
* &+ ,(+ -./' %0 1$'/2& 3 !!!& 1$'/2&
#"$423&& 5#"6") #" #56#"") 7%7 '"'& #*8 9*"'&")& &&#
-1$'/2:'#&9&253 6 $/ $''$*;9 $< ''$= 9.2 ! 29 > ?&. %@ = #$122 2 ! 2#5@= 82 ! 2>A"-8> ''$ '% $= %)1( .41$-9&
!
!"# #$%"&
"# $ %&%
' ( )*+ ",, -!! .!/0 ",,#12! -2
3 4" #&"))+"## 5/4" #&"))+"00 6** 7 (((
!-%1)),0)) !1-8-2, !-1#)),0)) !98!-1-2)1 99-#0#::+)" !3; <13--2:#" ::"!#
61= !<. ## 8)# 3>< ? < ' ( .<1@ A $. &B ! ' ( !@&B ; ' ( A'C-6*.;A& 2/ %@6<&
!"
#
$
%&
$
!"""# "$
, +-
(
)*+
% & '
./0/+-#*/$
)*+
% ''(
&&
)21,
% 1 .
'
&(
(
$
!.# ($
-+*+%/+3"/+/0//-0+*+3" /+*/*30+4 %0-0+//+45*/67&&8
)(# *'*
)=(&( ;8A #$ (&(& 99* 2@A #$ (&(& 8.89@(' -*B7-/8 ?9*? +===87-/8
9/ 8 8&& &('&' 19 :? 9 && &('&' 91:9 ?& C*C 8 DD& 9; ;8?D( 8 (8DD 89
7-/ +0988/1 . ( :& '0+-0;< "+/)=/+#. !,%8.*$5 +97///)=/+#91!$5+/)=/+#,)>.,$ **?7@7#!$8
(FRQVXOWDQF\ 7DY7RNHYDQGHQ+HPHO +HLQ]0RRUPDQQVWUDDW% $6%2;0((5
$QDO\VHFHUWLILFDDW 'DWXP2FW
+LHUELMRQWYDQJWXGHUHVXOWDWHQYDQKHWQDYROJHQGHODERUDWRULXPRQGHU]RHN &HUWLILFDDWQXPPHU9HUVLH 8ZSURMHFWYHUVODJQXPPHU 8ZSURMHFWQDDP 8ZRUGHUQXPPHU 0RQVWHU V RQWYDQJHQ
$QWRQLXVSOHLQ 2FW
'LWFHUWLILFDDWPDJXLWVOXLWHQGLQ]LMQJHKHHOZRUGHQJHUHSURGXFHHUG 'HDQDO\VHUHVXOWDWHQKHEEHQDOOHHQEHWUHNNLQJRSKHWEHSURHIGHREMHFW 'HJURQGPRQVWHUVZRUGHQWRWZHNHQQDGDWXPRQWYDQJVWEHZDDUGHQZDWHUPRQVWHUVWRWZHNHQQD GDWXPRQWYDQJVW=RQGHUWHJHQEHULFKWZRUGHQGHPRQVWHUVQDGLHQDIJHYRHUG ,QGLHQGHPRQVWHUVODQJHUEHZDDUGGLHQHQWHEOLMYHQYHU]RHNHQZLM8GLWH[HPSODDUXLWHUOLMNZHUNGDJYRRUDIORRS YDQGHVWDQGDDUGEHZDDUSHULRGHRQGHUWHNHQGDDQRQVWHUHWRXUQHUHQ9RRUGHNRVWHQYDQKHWODQJHUEHZDUHQ YDQPRQVWHUVYHUZLM]HQZLMQDDUGHSULMVOLMVW
%HZDUHQWRW 'DWXP
1DDP
+DQGWHNHQLQJ
:LMYHUWURXZHQHURSXZRSGUDFKWKLHUPHHQDDUYHUZDFKWLQJWHKHEEHQXLWJHYRHUGPRFKW8QDDUDDQOHLGLQJYDQGLW DQDO\VHFHUWLILFDDWQRJYUDJHQKHEEHQYHU]RHNHQZLM8FRQWDFWRSWHQHPHQPHWGHDIGHOLQJ9HUNRRSHQ$GYLHV
0HWYULHQGHOLMNHJURHW (XURILQV$QDO\WLFR%9 ,QJ$9HOGKXL]HQ 7HFKQLFDO0DQDJHU
(XURILQV$QDO\WLFR%9 *LOGHZHJ 1%%DUQHYHOG 32%R[ $/%DUQHYHOG1/
7HO %133DULEDV6$ )D[ ,%$11/%13$ (PDLOLQIRHQY#HXURILQVQO %,&%13$1/$ 6LWHZZZHXURILQVQO .Y.&R&1R %7:9$71R1/%
(XURILQV$QDO\WLFR%9LV,62JHFHUWLILFHHUGGRRU7h9 HQHUNHQGGRRUKHW9ODDPVH*HZHVW 29$0HQ'HS2PJHYLQJ KHW%UXVVHOVH*HZHVW %,0 KHW:DDOVH*HZHVW '*51(2:' HQGRRUGHRYHUKHLGYDQ/X[HPEXUJ 0(9
! " # $%% ! " % ! %% !% %
+ ,%% - % & % & ' $ % (" $ )$
+&$
$ #
$ #
$ #
$ #
$ #
$ #
$ #
%
/
* * .(.+
%0#120 2
#
32$4
$ ,
63%%4
5
5
5
5
$ 8 ,
63%%4
7
9
63%%4
5
5
5
55
5
63%%4
*
1
$ 7:%3;%4
(%3(4
%$2$
7
7
*
+%%3+4
%$2$
7
*
7
7
10 3+4
%$2$
*
*
7
7
*
1
3+4
%$2$
*
*
7*
*
1!23<$4
%$2$
7*
7*
7*
7*
/ &0
%$2$
7*
7*
7*
7*
7*
=22
3/4
3=4
%$2$
**
7
7
7
;3)04
%$2$
7
7
*
>23>4
%$2$
*
7
**
/
3++4
%$2$
7
7
7
7
7
/
3++4
%$2$
7*
7*
7*
7*
7*
/
3++4
%$2$
7*
7*
7*
/
3++4
%$2$
7
7
7
/
3++*4
%$2$
*
7*
7*
7*