CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

04 Regels Oude Heerweg - Berkenstraat

Gemeenteraad 30 maart 2021, gemeente VenrayBij agendapunt: Voorstel tot vaststellen bestemmingsplan Oude Heerweg - Berkenstraat Blitterswijck10.338 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Niet gevonden in dit document.

Berkenstraat-OudeHeerweg Blitterswijck

Verantwoording en Status

Titel:

Bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck, gemeente Venray

Opdrachtgever:

WeJeBe Garage BV Blitterswijck

Concept:

10 december 2019

Ontwerp:

14 oktober 2020

Definitief:

Post-en kantooradres: Steeg 12 5975 CE Sevenum M: 06-30202996/06-48800953

© 2020 Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening Dit document is eigendom van de opdrachtgever en mag door hem gebruikt worden voor het doel waarvoor het is vervaardigd en met inachtneming van de rechten die voortvloeien uit de wetgeving op het gebied van het intellectuele eigendom. De auteursrechten van dit document blijven berusten bij Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening. Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening.

Pagina | 2 Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening geeft in ieder geval geen toestemming aan de opdrachtgever om dit document te gebruiken of te laten gebruiken indien facturen niet of niet volledig voldaan zijn. Alle rechten voorbehouden.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 3

Inhoudsopgave Regels

4

Hoofdstuk 1 Inleidende Regels Artikel 1 Artikel 2

Begrippen Wijze van meten

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7

Bedrijf Wonen Leiding - Riool Waarde - Archeologie - 2 Waarde - Archeologie - 4

Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16

5 5 15

16 16 20 25 27 29

31

Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene aanduidingsregels Algemene gebruiksregels Wro-zone - wijzigingsgebied Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Algemene procedureregels Overige regels

31 32 33 34 35 36 37 38 39

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

40

Artikel 17 Overgangsrecht Artikel 18 Slotregel

Bijlagen Bijlage 1

Staat van bedrijfsactiviteiten

Bijlage 2

Landschappelijke inkleding en uitstraling Berkenstraat

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

40 41

Pagina | 4

Regels

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 5

Hoofdstuk 1 Inleidende Regels Artikel 1

Begrippen

1.1 Plan Het bestemmingsplan "Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck" van de gemeente Venray; 1.2 Bestemmingsplan De geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0984.BP20006-on01 met de bijbehorende regels en bijlagen 1.3 Aanduiding Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4 Aanduidingsgrens Grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5

Ambachtelijk

Door middel van handwerk, op traditionele wijze. 1.6 Antenne-installatie Installatie bestaande uit een antenne, een antenne-drager, de bedrading en de al dan niet in een of meer techniekkasten opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie. 1.7 Archeologische waarde De aan een gebied toegekende waarde in verband met de kennis en de studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteit uit het verleden. 1.8 Architectonische waarde De aan een bouwwerk toegekende waarde in verband met de vormgeving, het materiaalgebruik en/of detaillering. 1.9 Bebouwing Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 1.10 Bebouwingspercentage Een op de verbeelding of in de regels aangegeven percentage, dat de grootte aangeeft van het deel van het bouwperceel dat ten hoogste mag worden bebouwd. 1.11 Bed & breakfast Het bieden van de mogelijkheid tot recreatief nachtverblijf met ontbijt aan personen die hun hoofdverblijf elders hebben door de eigenaar of hoofdbewoner van de desbetreffende woning.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 6

1.12 Bedrijf Een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, beroepen aan huis daaronder niet begrepen. 1.13 Bedrijf aan huis Het beroepsmatig uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, in tegenstelling tot het beroep aan huis, gericht op consumentenverzorging geheel of gedeeltelijk door middel van handwerk en waarbij de omvang van de activiteiten zodanig is dat als deze in een woning en bijgebouwen wordt uitgeoefend de woonfunctie in overwegende mate wordt gehandhaafd. 1.14 Bedrijfsgebouw Een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de uitoefening van één of meer bedrijfsactiviteiten. 1.15 Bedrijfsvloeroppervlak De totale oppervlakte van de ruimte die wordt gebruikt voor (dienstverlenend) bedrijf of instelling, inclusief opslag- en administratieruimten. 1.16 Bedrijfswoning Een woning in of bij een gebouw, te bewonen door (het huishouden van) een persoon wiens huisvesting ter plaatse noodzakelijk is, gelet op het feitelijk gebruik van het gebouw in overeenstemming met de bestemming. 1.17 Begane grond De natuurlijke oppervlakte van het terrein, zonder enige kunstmatige verhoging c.q. verlaging, alsmede dat gedeelte van een gebouw dat met die oppervlakte gelijk is.

Is er sprake van hoogteverschillen in het terrein, dan geldt: de hoogte van het hoogst gelegen aangrenzend maaiveld. 1.18 Beroep aan huis De uitoefening van een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten aan huis op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied dat door zijn beperkte omvang in een woning en bijgebouwen met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend; hieronder dient niet te worden begrepen de uitoefening van prostitutie. 1.19 Bestaand Ten tijde van de inwerkingtreding van het plan aanwezig. 1.20 Bestemmingsgrens De grens van een bestemmingsvlak. 1.21 Bestemmingsvlak Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 7

1.22 Bijbehorend bouwwerk Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak. 1.23 Bijgebouw Een aangebouwd of vrijstaand gebouw of ander bouwwerk met een dak die door de vorm onderscheiden kan worden van het op hetzelfde perceel gelegen hoofdgebouw, die in architectonisch opzicht ondergeschikt zijn en functioneel dienstbaar aan dit hoofdgebouw. Een bijgebouw is een bijbehorend bouwwerk als bedoeld in de Wabo. 1.24 Bouwen Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats. 1.25 Bouwgrens De grens van een bouwvlak. 1.26 Bouwlaag Een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond. 1.27 Bouwperceel Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.28 Bouwperceelsgrens De grens van een bouwperceel. 1.29 Bouwvlak Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.

1.30 Bouwwerk Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.31 Carport Een overkapping van lichte constructie, bestemd om te dienen als overdekte stalling voor een motorrijtuig, welke geen tot de constructie behorende wanden heeft. 1.32 Coffeeshop Een horecabedrijf, waarin uitsluitend alcoholvrije dranken en eventueel kleine eetwaren worden verstrekt voor gebruik ter plaatse en waar softdrugs worden verstrekt voor gebruik ter plaatse of gebruik elders.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 8

1.33 Cultuur en ontspanning Vrijetijdsbesteding door middel van diensten, voorzieningen en/ of activiteit(en) met een creatieve, culturele, sportieve, educatieve, sociale en/of sociaal-culturele inslag, waarbij kan worden gedacht aan: een atelier, creativiteitscentrum, museum, muziekschool, theater, speeltuin, sauna. 1.34 Cultuurhistorische waarde De aan gebied of opstal toegekende waarde, gekenmerkt door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis van dat bouwwerk of dat gebied heeft gemaakt, zoals dat onder meer tot uitdrukking komt in reliëf, verkaveling, slotenpatroon, architectuur of beplanting. 1.35 Detailhandel Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.36 Dienstverlening Het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen. 1.37

Erf

Een gedeelte van het perceel, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, waarbij geldt: Achtererf: Erf achter de met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied evenwijdig gelegen lijn, die het hoofdgebouw raakt: 1. aan een niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerde zijgevel, op 1 meter achter het snijpunt met de voorgevel, en, 2. aan een naar openbaar toegankelijk gebied gekeerde zijgevel, op het snijpunt met de achtergevel. Voorerf: Erf dat geen onderdeel is van het achtererf. Zijerf: Het gedeelte van het erf dat zich bevindt aan de zijkant van het hoofdgebouw, startend bij de voorkant en eindigend bij de achterkant van het hoofdgebouw. Het zijerf maakt onderdeel uit van het voorerf wanneer het grenst aan openbaar gebied, als dit niet zo is dan maakt het onderdeel uit van het achtererf vanaf 1 m achter de voorgevelrooilijn. 1.38 Garagebedrijf Handel in- en reparatie van motorvoertuigen. 1.39 Gebouw Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

1.40 Geluidszoneringsplichtige inrichting Een inrichting, zoals genoemd in bijlage I, onderdeel D van het Besluit omgevingsrecht, bij welke ingevolge de Wet geluidhinder rondom het terrein van vestiging in een bestemmingsplan een geluidszone als bedoeld in die wet moet worden vastgesteld.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 9

1.41 Gevel Buitenmuur van een gebouw, waarbij geldt: Voorgevel: de gevel aan de voorzijde van een hoofdgebouw. Zijgevel: de gevels van een hoofdgebouw die haaks staan op de voorgevel. Achtergevel: de gevel van een hoofdgebouw die zich aan de tegenovergestelde kant van de voorgevel bevindt. 1.42 Hoofdgebouw Een of meerdere panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. 1.43 Horeca Het bedrijfsmatig verstrekken van ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken, het bedrijfsmatig exploiteren van zaalaccommodatie en/of het bedrijfsmatig verstrekken van nachtverblijf, zoals opgenomen in de Staat van Horeca activiteiten. 1.44 Huishouden een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren of willen voeren.

1.45 Kampeermiddel Een tent, een tentwagen, een kampeerauto, caravans of stacaravans, vouwwagens en campers; Enig ander onderkomen of enig ander voertuig, gewezen voertuig of gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde, waarvoor ingevolge artikel 2.1 lid 1a van de Wabo een omgevingsvergunning voor het bouwen vereist is, een en ander voor zover genoemde onderkomens of voertuigen geheel of gedeeltelijk blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf. 1.46 Kleinschalige verblijfsrecreatie Recreatie met een oppervlakte van maximaal 100 m² waarbij overnachting plaatsvindt, in de vorm van een recreatiewoning, groepsaccommodatie, logiesvoorziening of bed and breakfast. 1.47 Kunstwerk Object van artistieke kunstuiting. 1.48 Landschappelijke waarde De aan een gebied toegekende waarde gekenmerkt door het waarneembare deel van het aardoppervlak, die wordt bepaald door de onderlinge samenhang en beïnvloeding van de levende en niet-levende natuur. 1.49 Luifel Bovenkant van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat een overdekte ruimte vormt zonder dan wel met ten hoogste één wand. 1.50 Maaiveld Bovenkant van het terrein dat een gebouw/bouwwerk omgeeft.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 1 0

1.51 Maatschappelijke dienstverlening Het verlenen van diensten door organisaties op het gebied van openbaar bestuur respectievelijk het verlenen van diensten door religieuze en andere levensbeschouwelijke organisaties, gezondheids-, welzijns- en veterinaire diensten, zorginstellingen, verenigingen alsmede sociale organisaties en onderwijs. 1.52 Maatvoeringsvlak Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge een maatvoeringssymbool in het betreffende vlak bepaalde afmetingen, percentages, oppervlakten, hellingshoeken en/of aantallen, zowel ten aanzien van het bouwen als ten aanzien van het gebruik, zijn toegelaten. 1.53 Milieucategorie Weergave van de zwaarte van bedrijvigheid, zoals die in de handreiking Bedrijven en milieuzonering aan ieder type bedrijvigheid is toegekend, en in dit plan is vertaald naar een Staat van bedrijfsactiviteiten. 1.54 Milieuhygiënische uitvoerbaarheid Overkoepelend begrip voor relevante milieuaspecten zoals bodem, geluid, geurhinder, luchtkwaliteit, externe veiligheid, etc. aan welke bijbehorende wettelijke kaders getoetst dient te worden, zodat omliggende bedrijven niet in hun bedrijfsvoering worden belemmerd en een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse is geborgd. 1.55 Monumenten Alle bouwwerken conform artikel 1.1 van de Erfgoedwet.

1.56 Nieuwbouw Het oprichten van een nieuw gebouw waarbij geen rekening wordt gehouden met de verschijningsvorm van een eventueel gesloopt gebouw op die locatie. 1.57 Nutsvoorziening Een voorziening ten behoeve van de distributie van gas, water en elektriciteit, en de telecommunicatie alsmede soortgelijke voorzieningen van openbaar nut, waaronder n ieder geval worden begrepen ondergrondse afvalvoorzieningen, transformatorhuisjes, pompstations, gemalen, telefooncellen en zendmasten, plus voorzieningen voor warmte- en koudeopslag of voorzieningen van soortgelijke aard met bijbehorende bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.58 Omgevingsvergunning Omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1 of 2.2 Wabo. 1.59 Onderbouw Een gedeelte van een gebouw dat maximaal 1,50 meter boven peil is gelegen en niet als bouwlaag wordt aangemerkt. 1.60 Ondergeschikte activiteit Activiteit die afwijkt van de hoofdfunctie, maar die hieraan niet gelijkwaardig is vanwege: de oppervlakte; de activiteit beslaat in oppervlakte maximaal 35% van het vloeroppervlak van het gebouw, of;

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 1 1

de duur en frequentie; de activiteit komt incidenteel voor en beslaat qua beoefening dus minder tijd dan de hoofdfunctie, of; de functie in relatie tot de hoofdfunctie; de activiteit wordt uitgeoefend ter ondersteuning van de hoofdfunctie. 1.61 Ondergeschikte bouwdelen Onderdelen van een hoofdgebouw die in architectonisch opzicht ondergeschikt zijn aan het hoofdgebouw en bijgebouwen, zoals erkers, ingangpartijen, luifels, schoorstenen en antennes. 1.62 Ondergeschikte detailhandel Detailhandel-activiteiten die qua uitstraling passen bij de hoofdfunctie, ter ondersteuning dienen van de hoofdfunctie en niet zelfstandig worden uitgeoefend en/of toegankelijk zijn, los van de hoofdfunctie. 1.63 Ondergeschikte horeca Het qua aard en omvang beperkt verstrekken van dranken en etenswaren voor gebruik ter plaatse als ondergeschikte activiteit in direct verband met andere ter plaatse toegestane hoofdactiviteiten (niet zijnde horeca). 1.64 Ondergronds Beneden het peil. 1.65

Onderkomens

Voor verblijf geschikte, al dan niet aan hun bestemming onttrokken voer- en vaartuigen, waaronder begrepen woonwagens, woonschepen, caravans, stacaravans, kampeerauto's, alsook tenten, schuilhutten en keten, al dan niet ingericht ten behoeve van een recreatief buitenverblijf, voor zover deze niet als bouwwerken zijn aan te merken. 1.66 Openbaar toegankelijk gebied Weg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994, alsmede pleinen, parken, plantsoenen, openbaar water en ander openbaar gebied dat voor publiek algemeen toegankelijk is, met uitzondering van wegen uitsluitend bedoeld voor de ontsluiting van percelen door langzaam verkeer. 1.67 Openbare nutsvoorziening Een bouwwerk dat ten dienste staat van het openbaar energietransport dan wel de telecommunicatie, zoals een schakelkast, een elektriciteitshuisje en een verdeelstation. 1.68 Overige bouwwerken Een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct duurzaam met de aarde is verbonden. 1.69 Overkapping een bouwwerk, geen gebouw zijnde met een dak, dat niet of slechts aan één zijde is voorzien van een (bestaande) wand.

1.70 Peil Voor gebouwen waarvan de toegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van de kruin van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang; In andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het bestaande aansluitende afgewerkte | bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 1 2

maaiveld. 1.71 Permanente bewoning Bewoning door een persoon, gezin of andere groep van personen van een gebouw, dan wel een gedeelte daarvan als hoofdverblijf. 1.72 Prostitutie Het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. Raamprostitutie is hieronder mede begrepen. 1.73 Recreatie Activiteiten en mogelijkheden voor ontspanning c.q. vrijetijdsbesteding. 1.74 Risicovolle inrichting a. Een inrichting bij welke ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen een grenswaarde, een richtwaarde voor het risico c.q. een risicoafstand moet worden aangehouden bij het in een bestemmingsplan toelaten van kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten, dan wel; b. een inrichting waarvoor krachtens een artikel 8.40 van de Wet Milieubeheer vastgestelde algemene maatregel van bestuur regels gelden met betrekking tot minimaal aan te houden afstanden bij opslag en/of het gebruik van gevaarlijke stoffen, dan wel; c. bedrijven waarvan de aantoonbare PR10-6/jaar contour is gelegen buiten de inrichtingsgrens. 1.75 Seksinrichting Een voor het publiek toegankelijk gebouw of gedeelte van een gebouw, waarin handelingen, vertoningen en/of voorstellingen van erotische en/of pornografische aard plaatsvinden.

Hieronder wordt mede begrepen een sekswinkel, zijnde een gebouw of een gedeelte van een gebouw, dat is bestemd en/of wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig te koop en/of te huur aanbieden, waaronder mede begrepen uitstalling, verhuren en/of leveren van seksartikelen. Een prostitutiebedrijf en bordeel zijn hieronder mede begrepen. Seks- en/of pornobedrijf is een aparte functie en valt op geen enkele wijze onder enig andere functie c.q. doeleinden c.q. bestemming zoals bedoeld dan wel omschreven in dit bestemmingsplan. Hieronder wordt mede verstaan prostitutie en raamprostitutie. 1.76 Staat van bedrijfsactiviteiten Bedrijfsactiviteitenlijst ontleend aan de VNG uitgave "Bedrijven en Milieuzonering" zoals opgenomen in Bijlage 1 van deze planregels. 1.77 Stedenbouwkundig beeld Het beeld dat wordt bepaald door de bouwmassa's, de gevelindelingen, en de dakvormen van de bebouwing, alsmede de situering en de verschijningsvormen in zijn omgeving. 1.78 Verbeelding De plankaart van het plan.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 1 3

1.79 Verblijfsrecreatie Recreatie waarbij één of meerdere overnachtingen plaatsvinden. Hierbij wordt onder recreatieverblijf verstaan een bouwwerk dat bedoeld is om uitsluitend recreatief door een huishouden of daarmee gelijk te stellen groep van personen, dat het hoofdverblijf elders heeft, gedurende een gedeelte van het jaar te worden gebruikt, zoals een recreatiewoning, chalet, stacaravan of hiermee gelijk te stellen onderkomen; onder recreatief verblijf wordt niet verstaan het verblijf noodzakelijk in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden of arbeid. 1.80 Verbouw Het verrichten van bouwwerkzaamheden waarbij wezenlijke delen van de bestaande bouw aanwezig moeten blijven. 1.81 Verdieping(en) De bouwlaag respectievelijk bouwlagen die boven de begane grondbouwlaag gelegen is/zijn.

1.82 Voorgevelrooilijn Langs een wegzijde met een regelmatige of nagenoeg regelmatige ligging van de voorgevels van de bestaande bebouwing: de evenwijdig aan de as van de weg gelegen lijn, welke, zoveel mogelijk aansluitend aan de ligging van de voorgevels van de bestaande bebouwing, een zoveel mogelijk gelijkmatig beloop van de rooilijn overeenkomstig de richting van de weg geeft; Langs een wegzijde waarlangs geen bebouwing als onder a bedoeld aanwezig is en waarlangs mag worden gebouwd: bij een wegbreedte van ten minste 10 meter, de lijn gelegen op 15 meter uit de as van de weg; bij een wegbreedte geringer dan 10 meter, de lijn gelegen op 10 meter uit de as van de weg. 1.83 Voorzieningen van openbaar nut Een voorziening ten behoeve van de distributie van gas, water en elektriciteit, en de telecommunicatie alsmede soortgelijke voorzieningen van openbaar nut, waaronder in ieder geval worden begrepen ondergrondse afvalvoorzieningen, bovengrondse afvalvoorzieningen, transformatorhuisjes, pompstations, gemalen, telefooncellen en zendmasten, plus voorzieningen voor warmte- en koudeopslag of voorzieningen van soortgelijke aard met bijbehorende bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.84 Wabo Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

1.85 Waterhuishoudkundige voorzieningen Boven- en ondergrondse voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, infiltratie en waterkwaliteit. 1.86 Weg Een voor het openbaar verkeer bestemde weg of pad, daaronder begrepen de daarin gelegen bruggen en duikers, de tot de weg of pad behorende bermen en zijkanten, alsmede de aan de weg liggende en als zodanig aangeduide parkeervoorzieningen. 1.87 Woning / wooneenheid Een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van één huishouden.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 1 4

1.88 Woningsplitsing Het bouwkundig en functioneel splitsen van een bestaande woning in twee of meer wooneenheden ten behoeve van de vestiging van meer dan één huishouden.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 1 5

Artikel 2

Wijze van meten

Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 De afstand tot de zijdelingse bouwperceelgrens De kortste afstand tussen enig punt van het op dat bouwperceel voorkomend (hoofd-)gebouw en de zijdelingse grenzen van dat bouwperceel. 2.2 Het bebouwingspercentage Het percentage van een bouwperceel dat met bebouwing mag worden bebouwd. Voor zover op de kaart bouwgrenzen zijn aangegeven wordt het bebouwingspercentage berekend over het gebied binnen de bouwgrenzen. 2.3 De bouwhoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.4 De dakhelling Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.5

De goothoogte van een bouwwerk

Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeiboord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.6 De inhoud van een bouwwerk Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.7 De lengte, breedte en diepte van een bouwwerk De buitenwerks tussen de buitenzijde van de gevels en/of het hart van de scheidingsmuren gemeten grootste afstand. 2.8 De ondergrondse bouwdiepte van een bouwwerk Vanaf peil tot het diepste punt van het bouwwerk, de fundering niet meegerekend. 2.9 De oppervlakte van een bouwwerk Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.10 Ondergeschikte bouwdelen Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen buiten beschouwing gelaten, tot een maximum van 1,00 meter.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 1 6

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3

Bedrijf

3.1

Bestemmingsomschrijving

3.1.1

Algemeen

De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijven die zijn opgenomen in de categorie 1 van de bij deze regels behorende Staat van Bedrijfsactiviteiten; b. bedrijven die zijn opgenomen in de categorie 2 van de bij deze regels behorende Staat van Bedrijfsactiviteiten, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf – categorie 2'; c. uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf – overige niet-agrarische bedrijven' een garagebedrijf met hierbij behorende detailhandelsactiviteiten, niet zijnde ondergeschikte detailhandel en kantooractiviteiten; d. uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning', het wonen in een bedrijfswoning; e. ondergeschikte detailhandelsactiviteiten, mits direct gerelateerd aan de bedrijfsfunctie tot een maximale vloeroppervlakte van 100 m2 ; f. voorzieningen van openbaar nut; een en ander met bijbehorende voorzieningen, waaronder waterhuishoudkundige en parkeervoorzieningen, paden en verhardingen, in- en uitritten en tuinen en erven, met dien verstande dat: g. infiltratie van hemelwater voldoet aan het bepaalde in artikel 9.2; h. parkeervoorzieningen voldoen aan het bepaalde in artikel 9.3 ; 3.1.2

Dubbelbestemmingen en aanduidingen

Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de aangewezen dubbelbestemmingen en aanduidingen zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 16.3.

3.2

Bouwregels

3.2.1

Algemeen

Op en in de voor 'Bedrijf' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. gebouwen ten behoeve van de in artikel 3.1 genoemde bestemming; b. ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning', één bedrijfswoning per bouwperceel; c. bijgebouwen ten behoeve van de in artikel 3.1 genoemde bestemming; d. bouwwerken, geen gebouw zijnde. 3.2.2

Regels voor gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. gebouwen mogen uitsluitend binnen het aangegeven bouwvlak worden gebouwd;

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 1 7

b. het bebouwde oppervlak van het bouwvlak mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' of de aanduiding 'maximum bebouwd oppervlak' is aangegeven, waarbij bouwvlakken welke middels de aanduiding 'relatie' met elkaar verbonden zijn, als één bouwvlak worden beschouwd; c. de goothoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m)' is aangegeven; d. indien een bouwhoogte is aangegeven, dan mag de bouwhoogte van gebouwen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' is aangegeven. 3.2.3

Regels voor bedrijfswoningen

Voor het bouwen van bedrijfswoningen gelden de volgende regels: a. een bedrijfswoning mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd en uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning'; b. per bouwperceel is maximaal één bedrijfswoning toegestaan; c. de goothoogte van bedrijfswoningen mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m)' is aangegeven; d. de bedrijfswoning dient te worden afgedekt met een dak, waarvan de dakhelling ten minste 12° en ten hoogste 65° bedraagt e. de inhoud van de bedrijfswoning inclusief bijgebouwen mag maximaal 1075 m3 bedragen. 3.2.4

Regels voor bijgebouwen

Voor het bouwen van bijgebouwen gelden de volgende regels: a. bijgebouwen mogen zowel binnen als buiten het bouwvlak worden gebouwd voor zover gelegen achter de achtergevelrooilijn; b. de totale oppervlakte aan bijgebouwen bedraagt maximaal 50 m2; c. de goothoogte van bijgebouwen bedraagt maximaal 3 meter; d. de bouwhoogte van bijgebouwen bedraagt maximaal 5 meter; e. de dakhelling van bijgebouwen dient te worden afgestemd op de dakvorm en -helling van de bedrijfswoning. 3.2.5

Regels voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen zowel binnen als buiten het bouwvlak worden gebouwd, met uitzondering van overkappingen welke uitsluitend binnen het bouwvlak mogen worden gebouwd; b. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt maximaal 3 meter, met uitzondering van: 1. erfafscheidingen, die voor de voorgevelrooilijn maximaal 1 meter mogen zijn en achter de voorgevelrooilijn maximaal 2 meter mogen zijn; 2. masten ten behoeve van de (openbare) verlichting, die maximaal 8 meter hoog mogen zijn; 3. vlaggenmasten, die maximaal 10 meter hoog mogen zijn.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 1 8

3.3

Nadere eisen

Ten aanzien van het bepaalde in artikel 3.2 zijn burgemeester en wethouders bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van: a. de situering en afmetingen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde; b. de situering en afmetingen van bouwpercelen; indien zulks noodzakelijk is in verband met één of meer van de volgende aspecten: 1. de woonsituatie; 2. het straat- en bebouwingsbeeld; 3. de verkeers-, sociale en brandveiligheid c.q. brand- en rampenbestrijding; 4. de milieusituatie; 5. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken.

3.4

Afwijken van de bouwregels

3.4.1

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in: a. artikel 3.2.2 onder a voor het overschrijden van het bouwvlak, binnen de bestemming, tot maximaal 10%, met dien verstande dat binnen een afstand van minimaal 5 meter tot aan de zijdelingse en achterste perceelsgrens geen nieuwe bebouwing mag worden opgericht; b. artikel 3.2.2 onder c voor het overschrijden van de op de verbeelding aangegeven aanduiding 'maximum goothoogte (m)' met ten hoogste 3 meter; c. artikel 3.2.5 onder b voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot ten hoogste 8 meter. Onder de voorwaarden dat: d. de belangen van de eigenaren en / of gebruikers van de nabij gelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; e. het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig worden geschaad.

3.5

Specifieke gebruiksregels

3.5.1

Verboden gebruik

Onder gebruiken en/of het laten gebruiken in strijd met het bestemmingsplan wordt in ieder geval verstaan het gebruik van gronden en bouwwerken voor en/of als: a. geluidzoneringsplichtige bedrijven; b. risicovolle inrichtingen; c. bedrijven voor opslag en verkoop van motorbrandstoffen (al dan niet met LPG); d. bedrijven waarvoor een vergunningplicht geldt ingevolge de Wabo voor wat betreft de activiteit 'milieu'; e. bedrijven die niet zijn opgenomen in de categorie 1 en 2 van de bij deze regels behorende Staat van Bedrijfsactiviteiten; f. detailhandel, met uitzondering van hetgeen is toegestaan onder 3.1.1 onder c en e; g. woondoeleinden, behoudens het wonen als bedoeld in artikel 3.1.1 onder b; h. (bedrijfs)woningsplitsing; i. het plaatsen van onderkomens en/of kampeermiddelen, van al dan niet afgedankte voer- en vaartuigen en van wagens, geschikt en bestemd voor de uitoefening van handel;

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 1 9

j.

seksinrichting.

3.5.2 Toegestaan gebruik a. Gebruik conform de bestemmingsomschrijving is ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf – overige niet-agrarische bedrijven' toegestaan mits voldaan wordt aan de voorwaarde dat de landschappelijk inkleding en uitstraling welke als bijlage 2 onderdeel uitmaakt van dit bestemmingsplan, binnen 1 jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, wordt uitgevoerd en in stand wordt gehouden; b. Gebruik conform de bestemmingsomschrijving is ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf – overige niet-agrarische bedrijven' toegestaan mits voldaan wordt aan de voorwaarde dat het vervolgonderzoek naar de aanwezigheid van vleermuisverblijven conform het vleermuisprotocol (Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus en Zoogdiervereniging, 2017) is uitgevoerd en indien nodig een ontheffing van de provincie Limburg is verkregen.

3.6

Afwijken van de gebruiksregels

3.6.1

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 3.5.1 onder e, ten behoeve van de vestiging van een bedrijf dat niet is opgenomen in de categorie 1 respectievelijk 2 van de bij deze regels behorende Staat van Bedrijfsactiviteiten, maar hiermee wel naar aard en effect mee is gelijk te stellen.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 2 0

Artikel 4

Wonen

4.1

Bestemmingsomschrijving

4.1.1

Algemeen

De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. beroepen aan huis met een maximum oppervlak van 40 m², overeenkomstig het bepaalde in artikel 4.5.2; c. voorzieningen van openbaar nut; een en ander met bijbehorende voorzieningen, waaronder waterhuishoudkundige en parkeervoorzieningen, paden en verhardingen, in- en uitritten en tuinen en erven, met dien verstande dat: d. infiltratie van hemelwater voldoet aan het bepaalde in artikel 9.2; e. parkeervoorzieningen voldoen aan het bepaalde in artikel 9.3. 4.1.2

Dubbelbestemmingen en aanduidingen

Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de aangewezen dubbelbestemmingen en aanduidingen zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 16.3.

4.2

Bouwregels

4.2.1

Algemeen

Op de voor 'Wonen' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. gebouwen; b. de daarbij behorende bijgebouwen; c. de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde; d. ongeacht het bepaalde in artikel 4.2.2, 4.2.3 en 4.2.4 dient tenminste 50% van het achtererf onbebouwd en onoverdekt te blijven; e. in afwijking van het bepaalde onder b. is het bouwen van bijgebouwen bij gestapelde woningen niet toegestaan. 4.2.2

Regels voor hoofdgebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. per bouwvlak is maximaal één woning toegestaan, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden', het aangeduide aantal woningen/wooneenheden is toegestaan; c. woningsplitsing is niet toegestaan; d. vrijstaande, geschakelde, twee-aaneengebouwde, aaneengebouwde woningen en patiowoningen zijn overal toegestaan; e. de goothoogte van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m)' is aangegeven;

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 2 1

f.

ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' mag de maximale bouwhoogte niet meer bedragen dan is aangegeven; g. elke woning dient te worden afgedekt met een kap, waarvan de dakhelling ten minste 0o en ten hoogste 65o bedraagt; h. de voorgevel van het hoofdgebouw moet ter plaatse van de voorgevelrooilijn worden gebouwd of ten hoogste 3 meter erachter; i. de voorgevelbreedte per woning mag maximaal 12 meter bedragen; j. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt: 1. bij vrijstaande woningen minimaal 3 meter aan beide zijden; 2. bij twee-aan-eengebouwde woningen minimaal 3 meter aan één zijde; 3. bij eindwoningen van aaneengebouwde woningen minimaal 2 meter aan één zijde. 4.2.3

Regels voor bijgebouwen

Voor het bouwen van bijgebouwen gelden de volgende regels: a. voor het bouwen van bijgebouwen bij vrijstaande-, twee-aaneen gebouwde- en aaneengebouwde woningen, gelden de volgende bepalingen: 1. bijgebouwen mogen uitsluitend op het achtererf worden gebouwd; 2. ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand' dient aan één zijde minimaal 7 meter aan opstelruimte ten behoeve van parkeren vrij te blijven; 3. tegen de achtergevel van het hoofdgebouw mag/mogen (een) bijgebouw(en) worden gebouwd over de volledige breedte van die achtergevel, met een diepte van maximaal 4 meter. De oppervlakte hiervan telt niet mee bij de berekening van de oppervlakte als bedoeld onder 4 en 5; 4. bijgebouwen zijn toegestaan met een gezamenlijke oppervlakte van maximaal 50 m2. De oppervlakte van carports blijft bij de berekening van die oppervlakte buiten beschouwing; 5. de gezamenlijke oppervlakte als bedoeld onder 4 mag worden verhoogd tot maximaal 70 m2, mits het achtererf, ook na de bouw van bijgebouwen als bedoeld onder 4 en carports, voor niet meer dan 40% wordt bebouwd; 6. de goothoogte van bijgebouwen mag niet hoger zijn dan: Voor aangebouwde bijgebouwen: 0,3 meter boven de vloer van de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw, of –als het hoofdgebouw geen tweede bouwlaag heeft- even hoog als het hoofdgebouw met een maximum van 3 meter; Voor vrijstaande bijgebouwen 3 meter. 7.

de bouwhoogte van bijgebouwen mag maximaal 5 meter bedragen; 8. bijgebouwen dienen met de dichtstbijzijnde gevel binnen een afstand van 15 meter van de achter- en/of zijgevels van de woning te worden gebouwd. b. in afwijking van het bepaalde in lid a onder 1 mogen worden gebouwd: 1. carports, zowel op het voorerf als het achtererf, met dien verstande dat: de oppervlakte maximaal 20 m2 mag bedragen; de bouwhoogte maximaal 3 meter mag bedragen; de carport met minimaal één zijde of een deel daarvan tegen de zijgevel van het hoofdgebouw of tegen een voor- of zijgevel van een bijgebouw wordt gebouwd; de carport maximaal 2,5 meter voor de gevellijn mag worden gebouwd; 2. ondergeschikte bouwdelen op het voorerf, met dien verstande dat: de diepte maximaal 1 meter bedraagt; de breedte maximaal 50% bedraagt van de breedte van de gevel van het hoofdgebouw;

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 2 2

de hoogte maximaal 3 meter bedraagt. c. In afwijking cq. aanvulling op het bepaalde in lid a en b, mogen bij patiowoningen geen bijgebouwen worden gebouwd. 4.2.4

Regels voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de maximale bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt 2 meter, met dien verstande dat de hoogte voor erf- en terreinafscheidingen voor zover gelegen vóór de gevellijn maximaal 1 meter mag bedragen; b. in afwijking van het bepaalde onder a mag de hoogte van erf- en terreinafscheidingen aan de zijgevel bij hoekwoningen voor de gevellijn maximaal 2 meter bedragen, mits: 1. de afstand tot de bestemming 'Verkeer' minimaal 0,5 meter bedraagt; 2. de afstand tot de voorgevel minimaal 3 meter bedraagt; 3. het verkeersbelang niet onevenredig aangetast wordt. c. de maximale bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt 3 meter.

4.3

Nadere eisen

Ten aanzien van het bepaalde in artikel 4.2 zijn burgemeester en wethouders bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van: a. de situering en afmetingen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde; b. de situering en afmetingen van de bouwpercelen, indien zulks noodzakelijk is in verband met één of meer van de volgende aspecten: 1. de woonsituatie; 2. het straat- en bebouwingsbeeld; 3. het verkeers-, sociale en brandveiligheid; 4. de milieusituatie; 5. de gebruiksmogelijkheden in aangrenzende bestemmingen.

4.4

Afwijken van de bouwregels

4.4.1

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in: a. artikel 4.2.2 onder e voor het overschrijden van de aanduiding 'maximale goothoogte' tot ten hoogste 6 meter; b. artikel 4.2.2 onder g voor een afwijkende dakvorm dan wel voor een kap met een afwijkende dakhelling; c. artikel 4.2.2 onder i voor het verhogen van de maximale toegestane breedte van het hoofdgebouw; d. artikel 4.2.3 onder a sub 5 voor het overschrijden van de maximale oppervlakte aan bijgebouwen tot maximaal 100 m2, mits de bebouwing met de dichtstbijzijnde gevel op niet meer dan 15 meter van de achtergevel van het hoofdgebouw is gelegen en maximaal 15% van het achtererf mag worden bebouwd; Onder de voorwaarden dat: 1. de belangen van de eigenaren en / of gebruikers van de nabij gelegen gronden niet | bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 2 3

onevenredig worden geschaad; 2. het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig worden geschaad.

4.5

Specifieke gebruiksregels

4.5.1

Verboden gebruik

Onder gebruiken en/of het laten gebruiken in strijd met het bestemmingsplan wordt in ieder geval verstaan het gebruik van gronden en bouwwerken voor en/of als: a. opslag anders dan inherent aan het toegelaten gebruik; b. de uitoefening van detailhandel, met uitzondering van beperkte detailhandel, ondergeschikt aan het beroep aan huis als bedoeld in artikel 4.1.1 onder b; c. zelfstandige bewoning voor zover het vrijstaande bijgebouwen betreft; d. woningsplitsing; e. gebruik van gronden voor de voorgevelrooilijn voor het stallen van voertuigen, caravans en dergelijke, anders dan op de oprit; f. bedrijf aan huis; g. recreatief (mede)gebruik; h. seksinrichting. 4.5.2

Beroep aan huis

Een beroep aan huis is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. een beroep aan huis mag worden uitgeoefend in de woning of in de bijgebouwen; b. de woonfunctie blijft in overwegende mate gehandhaafd en de verschijningsvorm als woning wordt niet aangetast; c. maximaal 40 m² van het vloeroppervlak van de woning inclusief de daarbij behorende bijgebouwen mag als zodanig worden gebruikt; d. degene die de activiteiten uitvoert, is tevens de bewoner van de woning; e. het gebruik mag geen (ernstige of onevenredige) hinder opleveren voor het woonmilieu en geen afbreuk doen aan het woonkarakter van de omgeving; f. in de parkeerbehoefte wordt in voldoende mate voorzien op eigen terrein; g. er vindt geen detailhandel plaats, met uitzondering van beperkte detailhandel, ondergeschikt aan het beroep aan huis.

4.6

Afwijken van de gebruiksregels

4.6.1

Afwijken van de gebruiksregels ten behoeve van een bedrijf aan huis

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 4.5.1 onder f ten behoeve van een bedrijf aan huis, met dien verstande dat de voorwaarden zoals genoemd in artikel 4.5.2 onder a tot en met g in acht worden genomen.

4.6.2

Afwijken van de gebruiksregels ten behoeve van een bed & breakfast

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 4.5.1 onder g van de planregels en kleinschalige verblijfsrecreatieve voorzieningen in de vorm van een bed & breakfast toestaan onder de voorwaarden dat: a. de primaire woonfunctie in ruimtelijke en visuele zin in overwegende mate wordt | bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 2 4

b. c. d. e. f.

gehandhaafd; de voorzieningen in hun totaliteit niet groter zijn dan 100 m²; het woonmilieu niet onevenredig wordt aangetast; sprake is van een goede milieuhygiënische uitvoerbaarheid; de parkeerbalans en verkeersafwikkeling in de directe omgeving niet onevenredig worden benadeeld; detailhandel slechts plaatsvindt voor zover deze beperkt blijft tot verkoop in direct verband met de verblijfsrecreatieve voorziening.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 2 5

Artikel 5 5.1

Leiding - Riool

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Leiding - Riool' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de aanleg en instandhouding van ondergrondse rioolleidingen voor het transport van afvalstoffen en daarmee vergelijkbare doeleinden, waarbij: a. de figuuraanduiding 'hartlijn leiding - riool' de hartlijn van de rioolleiding aangeeft; b. artikel 16.3 in acht dient te worden genomen.

5.2

Bouwregels

Op de gronden met de dubbelbestemming 'Leiding - Riool' mag niet worden gebouwd, met uitzondering van: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, welke noodzakelijk zijn voor het beheer en onderhoud van de leidingen. b. overige bebouwing is uitgesloten, met uitzondering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde - indien onderliggende bestemming bebouwing toelaat - en die zijn overeengekomen met de leidingbeheerder.

5.3

Afwijken van de bouwregels

Bij het verlenen van een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 5.2 ten behoeve van het bouwen binnen, met dien verstande dat: a. de onderliggende (basis)bestemming de bebouwing toelaat; b. door de bouw of plaatsing of de aanwezigheid van een bouwwerk geen schade wordt of kan worden toegebracht aan de in 5.1 omschreven doeleinden; c. alvorens het bevoegd gezag een omgevingsvergunning verleent, de beheersinstantie van de betrokken leidingen wordt gehoord.

5.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.4.1

Verbod

Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning binnen de gebieden met de dubbelbestemming 'Leiding - Riool' de volgende werken of werkzaamheden uit te voeren: a. het verwijderen van de bovenste bodemlaag / bodemlagen (afgraven); b. het opbrengen van grond van elders op de bestaande toplaag (ophogen); c. het verwijderen van een of meer bodemlagen en het daarna weer opbrengen van grond, bestaand uit de oorspronkelijke toplaag en/of grond van elders (vergraven); d. het vermengen, keren van (alle) lagen in het bodemprofiel met een diepte van minimaal 50 centimeter (gemeten vanaf het oorspronkelijke maaiveld) ten behoeve van agrarisch gebruik (diepploegen- en woelen); e. het verwijderen van het microreliëf in de toplaag (feitelijk een combinatie van ophogen en afgraven); f. het diep in de grond indrijven van heipalen of andere voorwerpen; | bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 2 6

g. het aanbrengen van leidingen en daarna weer terugbrengen van de grond, bestaande uit de oorspronkelijke toplaag en/of grond van elders; h. het aanbrengen van drainagebuizen in de grond; i. het bemalen van een of meerdere percelen (aanbrengen onderbemaling); j. het aanleggen van sloten of greppels, verbreden en/of uitdiepen van bestaande sloten of greppels; k. het verwijderen van bomen en/of struiken (solitairen of in de vorm van bos, houtsingels, houtwallen); l. het planten van bomen en/of struiken; m. het aanplanten van gewassen of jonge bomen (ten behoeve van boomkwekerij of sierteelt); n. het aanbrengen van verhardingen van meer dan 200 m2. 5.4.2

Uitzonderingen

Het in artikel 5.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden die: a. het normale onderhoud betreffen. b. beplanting betreft, die voorkomt op de beplantingslijst van de leidingbeheerder; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; d. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning; e. worden uitgevoerd ten behoeve van de instandhouding van de leiding(en); f. het aanbrengen van leidingen in wegbermen binnen de bestemming verkeer betreffen, voor zover deze niet aansluit op de bestemming natuur. 5.4.3 Verlening omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Voor het uitvoeren van de in artikel 5.4.1 genoemde werken, geen bouwwerk zijnde en/of werkzaamheden, kan een omgevingsvergunning worden verleend.

5.4.4

Afwegingskader

Een in artikel 5.4.3 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien door de werken en/of werkzaamheden of door de daarvan (direct of indirect) te verwachten gevolgen de functie van de gronden, zoals omschreven in de bestemmingsomschrijving van onderhavige bestemming, niet onevenredig (kunnen) worden geschaad. De beheerder van de leiding dient te zijn gehoord.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 2 7

Artikel 6 6.1

Waarde - Archeologie - 2

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie - 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende (basis)bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van de archeologische waarden in het gebied, waarbij artikel 16.3 in acht dient te worden genomen.

6.2

Bouwregels

Voor het bouwen op of in de als 'Waarde - Archeologie - 2' aangeduide gronden gelden de volgende regels: a. Op of in de als 'Waarde - Archeologie - 2' aangegeven gronden mag op basis van de onderliggende bestemming worden gebouwd, waarbij de grond voor maximaal 250 m² per bouwperceel (gemeten op maaiveldniveau) wordt verstoord; b. Indien de verstoring meer dan 250 m² bedraagt en deze verstoring dieper gaat dan 50 cm per bouwperceel dient de aanvrager een rapport (bureauonderzoek, inventariserend (verkennend, karterend of waarderend), veldonderzoek d.m.v. proefsleuven of boringen, opgraving, archeologische begeleiding) te overleggen, waaruit blijkt dat de archeologische waarden niet onevenredig (kunnen) worden geschaad; c. Uitsluitend indien archeologische waarde is vastgesteld worden aan de omgevingsvergunning daartoe de volgende voorwaarden verbonden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden. Hierbij kan gedacht worden aan het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag, het gebruiken van alternatieven voor het funderen van bouwwerken zoals heien, of 2. de verplichting tot het doen van opgravingen, of 3.

de verplichting de uitvoering van de (bouw)activiteiten te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties.

6.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 6.3.1

Verboden werken en werkzaamheden

Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerk zijnde en/of werkzaamheden uit te voeren die de archeologische waarden kunnen verstoren, indien bij het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, de verstoring van gronden meer dan 250 m² bedraagt en deze verstoring dieper gaat dan 50 cm: a. het verwijderen van de bovenste bodemlaag / bodemlagen (afgraven); b. het verwijderen van een of meer bodemlagen en het daarna weer opbrengen van grond, bestaand uit de oorspronkelijke toplaag en/ of grond van elders (vergraven); c. het vermengen, keren van (alle) lagen in het bodemprofiel met een diepte van minimaal 50 centimeter (gemeten vanaf het oorspronkelijke maaiveld) ten behoeve van agrarisch gebruik (diepploegen- en woelen); d. het verwijderen van het microreliëf in de toplaag (egaliseren);

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 2 8

e. het diep in de grond indrijven van heipalen of andere voorwerpen; f. het aanbrengen van leidingen en daarna weer terugbrengen van de grond, bestaande uit de oorspronkelijke toplaag en/of grond van elders; g. het aanbrengen van drainagebuizen in de grond; h. het bemalen van een of meerdere percelen (aanbrengen onderbemaling); i. het aanleggen van sloten of greppels, verbreden en/of uitdiepen van bestaande sloten of greppels; j. het aanplanten van gewassen of jonge bomen (ten behoeve van boomkwekerij of sierteelt). 6.3.2

Uitzonderingen

Het in artikel 6.3.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden die: a. het normale onderhoud betreffen; b. blijkens een rapport (voortoets) van een, door van gemeentewege, erkende deskundige de archeologische waarden niet onevenredig (kunnen) worden geschaad. 6.3.3

Afwegingskader

Een in artikel 6.3.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien door de werken en/of werkzaamheden of door de daarvan (direct of indirect) te verwachten gevolgen de archeologische waarden van deze gronden, zoals omschreven in de bestemmingsomschrijving van onderhavige bestemming, niet onevenredig (kunnen) worden geschaad.

6.4

Wijzigingsbevoegdheid

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen en de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 2' geheel of gedeeltelijk te verwijderen, als door middel van archeologisch onderzoek, dat voldoet aan de normen van de archeologische beroepsgroep, geen archeologische waarden zijn vastgesteld of deze zijn gedocumenteerd ("behoud ex situ").

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 2 9

Artikel 7 7.1

Waarde - Archeologie - 4

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie - 4' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende (basis)bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van de archeologische waarden in het gebied, waarbij artikel 16.3 in acht dient te worden genomen. 7.2

Bouwregels

Voor het bouwen op of in de als 'Waarde - Archeologie - 4' aangeduide gronden gelden de volgende regels: a. Op of in de als 'Waarde - Archeologie - 4' aangegeven gronden mag op basis van de onderliggende bestemming worden gebouwd, waarbij de grond voor maximaal 500 m² per bouwperceel gemeten op maaiveldniveau) wordt verstoord; b. Indien de verstoring meer dan 500 m² per bouwperceel bedraagt en deze verstoring dieper gaat dan 50 cm dient de aanvrager een rapport (voortoets, bijvoorbeeld bureauonderzoek, inventariserend veldonderzoek, proefsleuvenonderzoek, opgraving, sleufgraaf, archeologische begeleiding) te overleggen, waaruit blijkt dat de archeologische waarden niet onevenredig (kunnen) worden geschaad; c. Uitsluitend indien archeologische waarde is vastgesteld worden aan de omgevingsvergunning daartoe de volgende voorwaarden verbonden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden. Hierbij kan gedacht worden aan het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag, het gebruiken van alternatieven voor het funderen van bouwwerken zoals heien, of 2. de verplichting tot het doen van opgravingen, of 3.

de verplichting de uitvoering van de (bouw)activiteiten te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties.

7.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 7.3.1

Verboden werken en werkzaamheden

Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerk zijnde en/of werkzaamheden uit te voeren die de archeologische waarden verstoren, indien bij het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, de verstoring van gronden meer dan 500 m² per bouwperceel bedraagt en deze verstoring dieper gaat dan 50 cm: a. het verwijderen van de bovenste bodemlaag / bodemlagen (afgraven); b. het verwijderen van een of meer bodemlagen en het daarna weer opbrengen van grond, bestaand uit de oorspronkelijke toplaag en/ of grond van elders (vergraven); c. het vermengen, keren van (alle) lagen in het bodemprofiel met een diepte van minimaal 50 centimeter (gemeten vanaf het oorspronkelijke maaiveld) ten behoeve van agrarisch gebruik (diepploegen- en woelen); d. het verwijderen van het microreliëf in de toplaag (egaliseren); e. het diep in de grond indrijven van heipalen of andere voorwerpen; f. het aanbrengen van leidingen en daarna weer terugbrengen van de grond, bestaande uit de

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 3 0

oorspronkelijke toplaag en/of grond van elders; g. het aanbrengen van drainagebuizen in de grond; h. het bemalen van een of meerdere percelen (aanbrengen onderbemaling); i. het aanleggen van sloten of greppels, verbreden en/of uitdiepen van bestaande sloten of greppels; j. het aanplanten van gewassen of jonge bomen (ten behoeve van boomkwekerij of sierteelt). 7.3.2

Uitzonderingen

Het in artikel 7.3.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden die: 1. het normale onderhoud betreffen; 2. blijkens een rapport van een door van gemeentewege erkende archeologisch deskundige (voortoets) de archeologische waarden niet onevenredig (kunnen) worden geschaad. 7.3.3

Afwegingskader

Een in artikel 7.3.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien door de werken en/of werkzaamheden of door de daarvan (direct of indirect) te verwachten gevolgen de archeologische waarden van deze gronden, zoals omschreven in de bestemmingsomschrijving van onderhavige bestemming, niet onevenredig (kunnen) worden geschaad.

7.4

Wijzigingsbevoegdheid

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen en de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 4' geheel of gedeeltelijk van de verbeelding te verwijderen, als op basis van archeologisch onderzoek, dat voldoet aan de normen van de archeologische beroepsgroep, geen archeologische waarden zijn vastgesteld of deze zijn gedocumenteerd ("behoud ex situ").

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 3 1

Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 8

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

| bestemmingsplan Berkenstraat-Oude Heerweg Blitterswijck | status: concept |

Pagina | 3 2

Artikel 9 9.1

Algemene bouwregels

Ondergrondse bouwwerken

Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden, behoudens in deze regels opgenomen beperkingen, de volgende regels: a. ondergrondse bouwwerken zijn uitsluitend toegestaan bij bestaande hoofd- en bijgebouwen; b. ondergrondse bouwwerken dienen van binnenuit toegankelijk te zijn; c. de oppervlakte van ondergrondse bouwwerken mag niet meer bedragen dan de toegestane oppervlakte van bouwwerken boven peil; d. de ondergrondse bouwdiepte van ondergrondse bouwwerken bedraagt maximaal 4 meter onder peil.

9.2

Infiltratie

9.2.1

Infiltratieplicht

Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een nieuw gebouw, de uitbreiding van een bestaand gebouw of de verbouw van een bestaand gebouw, wordt uitsluitend verleend indien voor de aanwezige functie op eigen terrein wordt voorzien in infiltratie van hemelwater.

9.2.2

Afwijking

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 9.2.1 voor zover op andere wijze in de nodige infiltratievoorziening wordt voorzien.

9.3

Parkeren

9.3.1

Parkeernorm

Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een nieuw gebouw, de uitbreiding van een bestaand gebouw of de verbouw van een bestaand gebouw, wordt uitsluitend verleend indien op eigen terrein voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. Voldoende parkeergelegenheid betekent dat wordt voldaan aan de normen die zijn neergelegd in "Bijlage 3 Parkeernormen Venray" die als bijlage bij de "Beleidsnota parkeernormen, Gemeente Venray" hoort. Indien deze nota niet toereikend is wordt getoetst aan de CROW publicatie 317 'kencijfers parkeren en verkeersgeneratie'. Indien de beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9745514/1