CConstaterende datVenray
Koppel je AI →
Document · PDF

04 Landschappelijke inpassing

Commissie Wonen 12 oktober 2021, gemeente VenrayBij agendapunt: Afgeven ontwerp weigering verklaring van geen bedenkingen Zonneweide Spurkt.5.872 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Landschappelijk Inpassingsplan

Zonnepark Sporkehout Venray

Laan 1914 no.35 3818 EX AMERSFOORT Transport & Planning Trade register number: 56515154 +31 88 348 20 00 telefoon +31 33 463 36 52 fax info@rhdhv.com e-mail royalhaskoningdhv.com internet

Landschappelijk inpassingsplan Titel document Zonnepark Venray Definitief Status 26 juni 2020 Datum BG6746 Projectnummer Mark van Esdonk Auteur(s) Luc Jenniskens Rick van Nielen Rick van Nielen Opgesteld door Urban van Aar Gecontroleerd door 23 juni 2020 Datum/Initialen Thijs Sommers Goedgekeurd door 24 juni 2020 Datum/Initialen Disclaimer: No part of these specifications/printed matter may be reproduced and/or published by print, photocopy, microfilm or by any other means, without the prior written permission of HaskoningDHV Nederland B.V.; nor may they be used, without such permission, for any purposes other than that for which they were produced. HaskoningDHV Nederland B.V. accepts no responsibility or liability for these specifications/printed matter to any party other than the persons by whom it was commissioned and as concluded under that Appointment. The integrated QHSE management system of HaskoningDHV Nederland B.V. has been certified in accordance with ISO 9001:2015, ISO 14001:2015 and OHSAS 18001:2007.

Amersfoort

Inhoudsopgave p. 5

1 - Inleiding

p. 6

2 - Het Projectgebied

p. 9 p. 9 p. 9 p. 10

3 - Cultuurhistorie en landschappelijk karakter 3.1 Historische ontwikkeling 3.2 ‘Spurkt’ en ‘Smakt’; twee bijzonder lokale namen 3.3 Landschappelijke karakteristiek

p. 12

4 - Beleid provincie en gemeente

p. 15 p. 15 p. 16 p. 17 p. 18 p. 20 p. 21

5 - Ontwerp Inpassingsplan 5.1 Autonome ontwikkeling 5.2 Hoofdlijnen inrichting zonnepark 5.3 Opstelling zonnepanelen 5.4 Versterking historische landschapsstructuur 5.5 Verbeteren ecologische waarde 5.6 Profielen

p. 23 p. 23 p. 23 p. 24 p. 24 p. 25 p. 25 p. 25 p. 26 p. 26 p. 26

6 - Beplanting, ecologie en beheer 6.1 Algemeen: soortenkeuze en beheer 6.2 Extra kruiden- en bloemrijke zoom 6.3 Kruidenrijk grasland 6.4 Struweelhaag 6.5 Bossingels en bosvakken 6.6 Amfibieën poel en ruigte 6.7 Maatregelen versterking dassenkernleefgebied 6.8. Insectenhotels en -heuvels 6.9 Monitoring 6.10 Impressie

- 4 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

1 - Inleiding Tomorrow Energy is voornemens een zonnepark te realiseren ten noorden van de kern Venray. De projectlocatie aan de weg genaamd ‘Spurkt’, heeft een omvang van ruim 13,9 hectare en kan volgens de eerste berekeningen potentieel een vermogen opwekken van ca. 10 MWp. In september 2019 diende Tomorrow Energy een verzoek in tot medewerking bij de gemeente Venray met daarbij een document, de zogenaamde ‘Ruimtelijke Onderbouwing’ (Royal HaskoningDHV, 2019). Daarin wordt aangetoond dat de voorgenomen ontwikkeling voorziet in een goede ruimtelijke ordening. In die Ruimtelijke Onderbouwing is het Landschappelijk Inpassingsplan voor het zonnepark verwerkt. Nadien werd door de gemeente Venray een nieuwe beleidsdocument vastgesteld namelijk KODE (KODE Venray, Kader voor Opwekking Duurzame Energie, vastgesteld door de gemeenteraad d.d. 29 oktober 2019). Vanwege de eisen en criteria in KODE is het Landschappelijk Inpassingsontwerp op een aantal punten aangevuld. De hoofdopzet van het ontwerp zoals eerder ingediend is gehandhaafd. Alle informatie en overwegingen

betreffende de landschappelijke inpassing van het zonnepark aan Spurkt zijn in dit Landschappelijk Inpassingsplan verwerkt. In dit document wordt naar de Ruimtelijke Onderbouwing verwezen worden voor meer gedetailleerde informatie over onderwerpen zoals beleid, ecologie, archeologie, onderzoeken enzovoort.

Hoofdstuk 3 bevat een studie van de cultuurhistorie van het gebied en van de landschappelijke karakter van het projectgebied en omgeving. Hoofdstuk 4 vat het beleid van gemeente en provincie op het gebied van landschap en zonne-energie samen. Hoofdstuk 5 beschrijft het landschappelijk inpassingsontwerp

Leeswijzer Dit Landschappelijk Inpassingsplan voor het Zonnepark aan Spurkt te Venray is als volgt opgebouwd: Hoofdstuk 2 bevat een beschrijving van de bestaande situatie op de kavel en in de directe omgeving.

Hoofdstuk 6 gaat in op hoofdlijnen van beplanting, ecologie en beheer. Hoofdstuk 7 tenslotte visualisaties van het zonnepark.

bevat twee toekomstige

Wat dit ontwerp voor Zonnepark Sporkehout te Venray – naast schone energie - oplevert voor landschap en natuur: • • • •

Meer dan 50 % van het gebied wordt ingericht als bloemrijk grasland, struweel en bos, dat natuurlijk beheerd wordt. Het plan is gebaseerd op onderzoek naar landschap, cultuurhistorie en natuur. Het plan versterkt de landschappelijke structuur met bossingels, struweelhagen en bosvakken. Het plan versterkt de biodiversiteit, biedt extra leefruimte voor insecten, vogels, zoogdieren en amfibieën. De das krijgt volop de ruimte. Het nu gedraineerde terrein kan weer natter worden en daarmee in flora en fauna aansluiten op het natte beekdal. Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 5 -

2 - Het Projectgebied Locatie De beoogde locatie van het zonnepark bevindt zich ten noorden van de kern Venray, direct ten westen van de A73 en langs het Afleidingskanaal. Kadastraal staat het plangebied bekend als Venray, sectie U, percelen 174, 200, 201, 202 en 203. Deze percelen beslaan samen een oppervlakte van 13,9 ha en zijn alle in privaat eigendom van dezelfde grondeigenaar. In figuur 1-1 is de begrenzing van de locatie weergeven. In de huidige situatie projectgebied uit akkerland.

bestaat

het

Huidige situatie

Figuur 2-1: Begrenzing projectlocatie (rode omlijning). - 6 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

Het plangebied ligt in het Loobeekdal. De Loobeek / Afleidingskanaal stroomt hier van het zuidwesten naar het noordoosten doorheen. Dit dal wordt in het Ruimtelijk Kwaliteitskader van de gemeente Venray (2010) specifiek benoemd als een open gebied ten noorden van Venray. Historisch gezien zijn deze gronden langs de beek altijd open weidegebieden geweest. Nog steeds kenmerkt het gebied zich landschappelijk door de open ruimte, doorspikkeld met kleine bosjes. Deze open ruimte wordt begrensd door hoger gelegen

bosrijke natuurgebieden, de Overloonse Duinen en de Boschhuizerbergen. Op circa 500 meter afstand ten zuiden van het plangebied is het bedrijventerrein Smakterheide (Venray) gelegen. Het betreft hier een 138 hectare groot bedrijventerrein. De gemeente heeft een uitbreidingsplan voor dit bedrijventerrein vastgesteld waarmee het bedrijventerrein zal grenzen aan het projectgebied. Het projectgebied ligt dan tussen het bedrijventerrein, de A73 en het natuurgebied langs het Afleidingskanaal. In de huidige situatie is het plangebied in gebruik als weide- en akkerbouwgrond, net als de gronden in de directe omgeving van het plangebied aan de zuidzijde van de Loobeek. Ten noorden van de Loobeek zijn de gronden in gebruik als natuurgebied, voornamelijk bestaande uit weidegronden. Het Afleidingskanaal maakt onderdeel uit van het Loobeekdal. Waterschap Limburg is in het kader van de Europese Kaderrichtlijn Water (verbeteren ecologische toestand en waterkwaliteit) gestart met de herinrichting van het Loobeekdal.

Zichtbaarheid van het projectgebied In de huidige situatie is het projectgebied alleen zichtbaar vanaf de landelijke weg Spurkt en vanaf de A73. Vanf de overzijde is het projectgebied niet zichtbaar omdat de wandelpaden aan die zijde door het bos lopen. Vanaf dit bospad is het beekdal ook in de winter nauwelijks zichtbaar. Deze foto’s geven een beeld van de omgeving en het ruimtelijke karakter van het projectgebied. 1. Het Afleidingskanaal met het projectgebied aan de linker zijde. Hier is de openheid van het beekdal goed zichtbaar.

loopt de provinciegrens tussen NoordBrabant en Limburg. In de verte zijn de vrachtwagens op de A73 goed zichtbaar. Het lawaai van de snelweg verstoort de rust in het beekdal. Vanaf de overzijde van het beekdal is het projectgebied niet zichtbaar. De paden lopen daar namelijk door het bos en vanaf de bospaden ontnemen bos, onderbegroeiing en hoogteverschillen het uitzicht op het beekdal en het projectgebied. In hoofdstuk 8 zijn meer beelden te vinden van de huidige en de toekomstige situatie.

2. Het projectgebied gezien vanaf de A73 richting Venray. Het projectgebied ligt op de voorgrond en is nu in gebruik als grasakker. 3. Weide naast het erf van de huidige grond eigenaar met bestaand bosvak. 4. Beekdal ten noorden van het projectgebied. Periodiek natte weiden die beheerd worden als natuurterrein. Het bos aan de linkerzijde is hoofdzakelijk naaldbos op droge zandgrond. Langs de bosrand Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 7 -

1.

2.

3.

4.

Figuur 2-2: Foto’s projectgebied (Bronnen: 2 en 3 Street Smart, 1 en 4 RHDHV locatiebezoek 5 april 2020 - 8 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

3 - Cultuurhistorie en landschappelijk karakter 3.1

Historische ontwikkeling

Het projectgebied ligt deels in het beekdal en deels op de zuidoostelijke rand daarvan. Op topografische kaarten uit 1850 is te zien dat weidegronden langs de beek zijn ontgonnen in de vorm van kleine kaveltjes met ontwateringssloten en bomensingels dwars op de beek. De ontginning van de heidevelden op de hoge zandgronden komt op gang. Rond 1900 is deze heideontginning rond het dorpje Loobeek verder gevorderd. De bebossing van de heide is gestart. Rond 1940 is het projectgebied en omgeving geheel ontgonnen en zijn al vele kleine kaveltjes samengevoegd. Grote heidegebieden zijn bebost. Door de ruilverkaveling in de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw is de van oorsprong kleine kavelmaat langzaam getransformeerd naar de huidige grotere kavelmaat, wat ook in het projectgebied zelf terug te zien is. Nieuw is ook de aanleg van de A73 die het gebied doorsnijdt. De heide is verdwenen. Vermeldenswaard is nog dat de provinciegrens tussen Noord-Brabant en Limburg vlak langs het terrein loopt, namelijk langs bosrand van de

Overloonsche Duinen. In de loop der eeuwen zijn de machthebbers aan weerszijden vele malen gegaan en gekomen maar de grens is daar steeds blijven liggen.

3.2

‘Spurkt’ en ‘Smakt’; twee bijzonder lokale namen

De raadselachtige plaatsnaam ‘Spurkt’, zo heet ook de weg waaraan het zonnepark ligt, betekent waarschijnlijk ‘daar waar Spork of Sporkehout groeit’ (Zie ook: Nederlandse plaatsnamen verklaard Reeks Nederlandse plaatsnamen deel 12 Gerald van Berkel en Kees Samplonius, 2018, blz 73). Sporkehout of ook wel Vuilboom (Rhamnus frangula) komt voor op natte en venige grond zoals vroeger en nu ook nog lokaal aanwezig in het beekdal. In vroeger tijden gebruikte men het sporkehout voor houtskool en buskruit en bijvoorbeeld voor spaanders en bonenstaken. Men kon thee maken van de boom en die gebruiken als geneesmiddel. Vandaar dat het zin had een terrein te vernoemen naar de bijzondere plantensoort die er voorkwam.

Wij verwijzen naar deze oude toponiem in de naam van het project: ‘Zonnepark Sporkehout’. Spurkt is de weg die naar Smakt loopt, een dorpje even verderop langs de beek. Zou die naam dan een soortgelijke afkomst kunnen hebben? Het lijkt erop. Oude botanische boeken (zie ook: Taalryk register der plaatofte figuur-beschryvingen der ..., Volume 4, Johann Wilhelm Weinmann 1748, blz 259) bevat uitleg over de plantnaam ‘Smak’. De tekst verwijst onder andere naar de plant Gagel (Myrica gale) een aromatische plant van periodiek natte en droge gronden die inderdaad ook voorkomt in de omgeving. Gagel kende diverse toepassingen; bij het leerlooien, als bitterstof voor bier, om insecten te verdrijven en als medicijn.

‘Smak’: Gagel - Myrica gale Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 9 -

3.3

Landschappelijke karakteristiek

Het landschap in en rond het projectgebied wordt bepaald door de open laagte van het beekdal, met aan weerszijden hogere gronden. Aan de noordzijde wordt het beekdal begrensd door de bosrand en aan de zuidzijde door de kleinschalige verkaveling van de hogere zandgronden. De ontsluitingsweg Spurkt loopt op de rand van de hogere gronden. Het Afwateringskanaal, de bosrand en de weg Spurkt zijn historisch gezien de structurerende elementen. In dit landschap staan boom- en bossingels haaks op de beek en ook zijn er verspreid kleine bosvakken. Rond het erf staat ook opgaande beplanting. Nieuw element is de snelweg A73 die het beekdal doorsnijdt. Waterloop en weg zijn omgeleid om de snelweg te kunnen kruisen. Daarmee heeft de snelweg een grote invloed op het landschap.

Sporkehout ofwel vuilboom Rhamnus frangula

Het ontoegankelijke beekdal en de snelweg dragen bij aan het afgelegen en rustige karakter van het gebied.

- 10 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

Ecologische aspecten en water In de Ruimtelijke Onderbouwing zijn de resultaten van studie naar natuur en ecologie opgenomen. In het projectgebied en omgeving komen diverse beschermde diersoorten en algemene zoogdiersoorten voor. Belangrijk zijn de wettelijk beschermde das en zeer waarschijnlijk vleermuizen. Het plangebied is gelegen in het dassenkernleefgebied Loobeekdal. In het kernleefgebied komen een aantal burchten voor, waaronder de burcht in het plangebied. Beschermde vaatplanten, vissen, reptielen, amfibieën en ongewervelden komen binnen het plangebied niet voor. Ten noorden van het plangebied zijn waarnemingen bekend van de boomkikker. Het plangebied zelf vormt echter geen geschikt leefgebied voor de boomkikker. Er is ook advies gevraagd aan de waterbeheerder, Waterschap Limburg dat in het kader van de beekdalontwikkeling samen met de provincie toewerkt naar een beekdal-brede, robuuste en duurzame watersysteem. Dat betekent voor het projectgebied dat langs het Afwateringskanaal een zone van minimaal 20 meter breed vrij moet blijven van

beschaduwing door begroeiing en dat het projectgebied potentieel kan worden gebruikt voor inundatie. Verharding of afstroming van verhard oppervlak dient te worden voorkomen. In de natuurtoets zijn enkele aanbevelingen gedaan voor het ecologisch inpassen van het planvoornemen, zoals: • • •

•

Aansluiting zoeken op / versterking van structuur van bosvakken en houtwallen; Aanleg van een poel met braamstruweel voor de beschermde boomkikker; Inzaaien van de onderhoudspaden, bermen en ruimte tussen de zonnepanelen met een bloemenmengsel; Plaatsen van de zonnepanelen op hoogte boven het maaiveld voor voldoende licht en regen toetreding voor ontwikkeling van vegetatie onder de panelen.

De verwachting is dat met deze maatregelen de biodiversiteit in het projectgebied sterk zal toenemen. Met name de toevoegingen van bloemrijk gras en struweel zal de lokale natuur ten goede komen. Figuur 3-1: Schema landschappelijke karakteristieken Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 11 -

4 - Beleid provincie en gemeente Ruimtelijk kwaliteitskader gemeente Venray Voor de landschappelijke inpassing van een zonnepark in dit gebied is de landschappelijke ligging in een beekdal, tussen de hogere bosrijke gebieden, van groot belang. Vanuit provinciaal beleid worden beekdalen in Limburg gekoesterd als sterke landschapsstructuren. Hierin geldt het water als ordenend principe. In navolging hiervan stelt de gemeente Venray als uitgangspunt voor grootschalige energieopwekking dat een initiatief zoals een zonnepark in een beekdal niet is toegestaan, tenzij deze om goede redenen alsnog landschappelijk inpasbaar is. In het geval van het initiatief van Tomorrow Energy wordt de beoogde ingreep in het beekdal gekoppeld aan de snelweg A73, welke in de huidige situatie al een doorbreking van het beekdal vormt. Daarbij worden aanvullende ingrepen rondom het zonnepark voorzien ter versterking van de landschappelijke structuur van het beekdal.

Figuur 4-1: Streefbeeld Merselo (RKK) - 12 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

In het Ruimtelijk Kwaliteitskader (2010) van de gemeente wordt de ‘mozaïekstructuur met openheid naar het beekdal’ beschreven als een van de landschappelijke

kwaliteiten van dit gebied. De huidige landschapsstructuur en de bijbehorende maat van het landschap zijn leidend voor nieuwe ontwikkelingen in het gebied. De beek vormt hierin een belangrijk ordenend principe, ook omdat deze als ecologische verbindingszone verder versterkt dient te worden. Deze ambitie is gedetailleerd terug te vinden in het Masterplan Loobeekdal (2005). Hierin wordt het kleinschalige landschap rond de Loobeek benadrukt. De gronden rondom de beek bieden kansen voor het aanleggen van nieuwe natuur (in relatie tot de ecologische verbinding), het aanleggen van retentiegebieden en extensief graslandbeheer. Ruimtelijk kwaliteitskader en Beeldkwaliteitsplan 2010 Venray Naast het bestemmingsplan buitengebied (zie paragraaf 1.5) heeft gemeente Venray voor ruimtelijke ontwikkelingen nog twee beleidskaders vastgesteld: het Ruimtelijk kwaliteitskader (RKK) en het Beeldkwaliteitsplan (BKP). Het RKK geeft randvoorwaarden waarbinnen een ruimtelijke ontwikkeling kan plaatsvinden, het BKP gaat specifiek in op de ruimtelijke en esthetische randvoorwaarden

die de gemeente Venray stelt aan de beeldkwaliteit. Het streefbeeld van Merselo sluit aan op de visie van de Loobeek: ‘Samen puzzelen voor de toekomst’ waarbij wordt ingezet op beekherstel in het Loobeekdal en het dal van de Weverlosebeek. Water is het ordenend principe en de beek krijgt de ruimte die hij nodig heeft. Toetsing van de ontwikkeling Het plangebied is volgens het RKK gelegen binnen het deelgebied Merselo, dat gekenmerkt wordt door het Loobeekdal. Ten noorden van Venray is het gebied redelijk open en heeft een grootschalig karakter. Er komt weinig bebouwing voor (enkele rundveebedrijven) en de gronden worden voornamelijk voor graslanden gebruikt. Kleine bosjes doorbreken de openheid gedeeltelijk en zorgen voor een afwisselend landschap. Binnen het plangebied zijn de landschapstypen ‘beekdal’, ‘kleinschalige landschappen’ en ‘bos en natuur’ gelegen. In het BKP zijn voorbeelden gegeven hoe bebouwing (bedrijfsbebouwing en woningen) en erfinrichting ingepast

kunnen worden in deze landschapstypen. Deze richtlijnen zijn gebruikt in het ontwerp voor het Inpassingsplan, zie hoofdstuk 5. KODE Venray KODE Venray geeft het beleid weer voor vestiging van energieopwekking, met name windenergie en zonne-energie in de gemeente Venray. Het is een uitnodigingskader, tot stand gekomen in samenspraak met verschillende partners en belangenorganisaties en uiteindelijk vastgesteld door de gemeenteraad. De kwaliteit van de landschapscomponent (van landschap tot kavel tot objecten) en de participatieve component (van omgevingsdialoog tot partnerschap) staat voorop. Gebieden waar zonneparken uitgesloten worden zijn natuurgebieden, essen en beekdalen. Beekdalen vervullen een belangrijke rol in de waterhuishouding van een gebied. Deze hydrologische waarde in combinatie met de landschappelijke en ecologische waarde, maakt dat het realiseren van zonneparken in beekdalen niet wenselijk is.

Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 13 -

Het beleid gaat uit van een 5 -tal sporen, waarvan spoor 4 betrekking heeft op de ‘Oude ontginningen’ waarin het projectgebied valt. Daarin is in totaal tot maximaal 50 hectare zonnepark mogelijk. Een goede ruimtelijke inpassing van een zonnepark vraagt volgens KODE Venray een ruimtelijke aansluiting bij de kenmerken van de plek en omgeving. Dit vraagt telkens om andere oplossingen en een voor die plek passend plan. Iedere plek heeft daarbij zijn eigen bodem en waterhuishouding, historie, verhaal en kenmerken zoals bebouwingsstructuren, verkavelingspatronen en landschapselementen. Zowel voor kleine als grootschalige zonneparken moet het landschap leidend zijn voor de inrichting en vormgeving. KODE Venray beschrijft in een bijlage aan welke eisen landschappelijke inpassingsplannen moeten voldoen. Deze eisen zijn verwerkt in dit ontwerp voor Zonnepark Sporkehout.

Figuur 4-2: Zonnekaart KODE Venray. - 14 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

5 - Ontwerp Inpassingsplan 5.1

Autonome ontwikkeling

Vanuit provinciaal beleid worden beekdalen in Limburg gekoesterd als sterke landschapsstructuren. Hierin geldt het water als ordenend principe. In navolging hiervan stelt de gemeente Venray als uitgangspunt voor grootschalige energieopwekking dat een initiatief zoals een zonnepark in een beekdal niet is toegestaan, tenzij deze om goede redenen alsnog landschappelijk inpasbaar is. In het geval van het initiatief van Tomorrow Energy wordt de beoogde ingreep in het beekdal gekoppeld aan de snelweg A73 en de uitbreiding van het bedrijventerrein die in de huidige situatie al een doorbrekingen in en langs het beekdal vormen. Daarbij worden aanvullende ingrepen rondom het zonnepark voorzien ter versterking van de landschappelijke structuur van het beekdal. Met de toekomstige ontwikkeling van bedrijventerrein de Spurkt ligt het zonnepark ‘ingeklemd’ tussen een grootschalig bedrijventerrein en de snelweg. Vanwege de ligging tussen deze ‘breuken’ is het ruimtelijk een logische locatie voor een zonnepark en wordt verrommeling van het landschap tegen

Figuur 5-1: Het plangebied van bedrijventerrein de Spurkt aangrenzend (ten oosten) het plangebied de projectlocatie van het zonnepark (Arcadis, 2019). Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 15 -

gegaan. Ook werkt het zonnepark als een buffer tussen de A73 en het natuurlijke beekdal.

5.2

Hoofdlijnen inrichting zonnepark

Op basis van de hierboven genoemde ruimtelijke kenmerken en beleidsambities richt de landschappelijke inpassing van het zonnepark zich op vier kernpunten: • • • •

Het verbeteren van de ecologische waarde in het algemeen; Rekening houden met het dassenkernleefgebied Loobeekdal; Rekening houden met een klimaatbestendig beekdal; Het benadrukken en versterken van de historische gelaagdheid en het karakter van het landschap.

Bestaande bosvakken blijven behouden. Kavelgrenzen worden gerespecteerd: een zeer lange kavel wordt opgedeeld door een struweelhaag. Ter ontsluiting van het projectgebied voor onderhoud aan het zonnepark blijven de bestaande paden vanaf het Spurkt gehandhaafd. Figuur 5-2: Schema landschappelijke inpassing zonnepark. - 16 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

In figuur 5-2 is de landschappelijke inpassing van het zonnepark schematisch weergegeven. Van het projectgebied van ruim 13,9 ha zal een aanzienlijk deel benut worden voor landschappelijke elementen, waardoor netto slechts een deel – minder dan 50% van het gehele gebied door zonnepanelen bezet zal worden. In onderstaande tabel is het grondgebruik conform het landschappelijke inpassingsplan uiteengezet.

5.3

Opstelling zonnepanelen

De zonnepanelen worden aangebracht op zuid-gerichte stellages. Deze opstelling levert een hoog rendement op en biedt bovendien meer ruimte tussen de panelen dan een oost-westopstelling. Deze ruimte wordt benut voor ecologische onderbegroeiing, waardoor het zonnepark ecologische waarde toevoegt. De panelen worden ca 60 cm boven maaiveld op de stellages geplaatst. De maximale bouwhoogte van de zonnepanelen is maximaal 1.7 meter boven maaiveld conform KODE Venray. Het voor het zonnepark benodigde inkoopstation kent een maximale bouwhoogte van circa 3,5 m.

Beschrijving

Grootte

%van

Totale oppervlakte projectgebied

13,9 ha

100%

Netto oppervlakte zonnepanelen

5,5 ha

40%

Bruto oppervlakte zonnepanelen

8,35 ha

60%

Landschappelijke kwaliteitsverbetering 5,6 ha

40%

Oorspronkelijk was het zonnepark ontworpen met zonnepanelen tot 2,4 m hoog, die 80 cm boven de grond geplaatst zijn en onderling op 3 meter afstand staan. Ook met deze hoogte bleek het zonnepark goed in te passen in het landschap. Vanwege de eisen van KODE Venray is de hoogte van de panelen verlaagd tot maximaal 1.70 meter boven maaiveld maar de tussenafstand is op 3 meter blijven staan. Dit betekent dat het percentage zonnepaneel en daarmee de energieproductie afneemt tot een exploitatietechnisch minimum. Geredeneerd vanuit zichtbaarheid en esthetische inpassing is er weinig of geen verschil tussen een paneelhoogte van 1,7 meter en 2,4 meter. Op advies van het Waterschap Limburg, blijft over een strook van 20 meter breedte langs het Afleidingskanaal vrij van bouwwerken en/of begroeiing ter voorkoming van beschaduwing van de beek. Conform het bestemmingsplan is aan de zijde van de A73 de afstand van de zonnepanelen tot de Rand van de Rijksweg op minimaal 50 meter gehouden.

Bron: BG746 ontwerp Inpassingsplan zonnepark venray var3_09.04 Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 17 -

k Aanvullende toelichting opstelling: •

4,0m 1,66m

3,0m

• •

16° 0,5m

•

Het hekwerk start circa 20cm boven de grond, waardoor het geen barriere vormt voor kleinere diersoorten. Hekken, transformators en verdeelstations hebben een gedekte kleurstelling. De transformatoren staan verdekt opgesteld achter de houtsingels en zijn tot 2,5 m hoog. Er worden geen betonnen draagconstructies voor zonnepanelen toegepast. De zonnepanelen hebben een donkere kleurstelling die niet schitteren.

Figuur 5-3: Afmetingen panelen

5.4

Versterking historische landschapsstructuur

Het beekdallandschap kent van oorsprong een fijnmazige verkaveling. De kavels worden van oorsprong gescheiden door houtsingels die meestal haaks op de beek staan. Hierdoor ontstaat een kenmerkend landschap waarbij doorzichten over het gehele beekdal gestimuleerd worden. Deze structuur werd door de gemeente omschreven als een “mozaïek met openheid richting het beekdal”. Om de historische landschapsstructuur met zichten over het gehele beekdal sterker terug te brengen worden er enkele van deze houtsingels aangebracht. Aan de oostzijde wordt bosbeplanting toegevoegd aan het bestaande bosje bij de boerderij, wat de dichtere beplantingsstructuur aan de rand van het beekdal versterkt.

Met de inpassing van het zonnepark zal de mozaïekstructuur van houtsingels, bestaande uit o.a. eik, es, els en wilg, zo sterk mogelijk worden teruggebracht. Met houtsingels langs de westelijke en oostelijke rand van het perceel wordt de landschappelijke structuur met houtsingels haaks op de beek versterkt. Bovendien wordt er ook een houtsingel in het midden van het perceel toegevoegd om de kleinschaligheid van het landschap te behouden. Naast houtsingels worden er ook twee hagen van meidoorn- en sleedoornstruweel toegevoegd. Deze vallen ook binnen de landschapsstructuur, maar worden bewust laag gehouden om het formaat van de percelen in het beekdal niet extra te verkleinen. De maat die ontstaat door de grotere houtwallen past bij de historische structuur van het landschap.

- 18 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

De verwachting is dat de houtwal langs de A73 de rust in het beekdal zal versterken, vooral visueel omdat vanuit het beekdal de langs rollende vrachtwagens niet langer prominent in beeld zullen zijn. Vanuit de omgeving is het zicht op het zonnepark beperkt. Alleen vanaf de A73 en een klein deel van het Spurkt zijn de panelen zichtbaar. Vanaf deze plekken is er met name zicht op de zuidkant van het zonnepark, waardoor tegen de voorkant van de panelen wordt aangekeken. Om zicht op de achterzijde van de panelen en de stellages te voorkomen wordt aan de noordzijde langs de A73 een houtsingel en langs het Afleidingskanaal een struweelhaag geplant. De hekwerken die rondom het zonnepark noodzakelijk zijn worden waar mogelijk direct achter de houtsingels geplaatst, zodat deze zo min mogelijk opvallen vanuit de omgeving.

24 juni 2020

Figuur 5-4: Landschappelijke inpassing van het zonnepark

Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 19 -

5.5

Verbeteren ecologische waarde

Het plan voorziet in totaal in ruim 50% groene inrichting in de vorm van kruidenen bloemrijk gras, struweel, bossingels, poel en ruigte. Circa 40 % is bloemrijke berm en natuurlijk struweel en bos met bloeiende en besdragende soorten in de randen. Voor de natuur betekent dit een flinke stap voorwaarts vergeleken met de huidige situatie en een ondersteuning van de ecologische ambities voor het dal van de Loobeek. Deze zuidopstelling van de zonnepanelen laat veel ruimte open tussen de rijen welke benut wordt als kruidenrijk grasland met extensief beheer (inclusief afvoeren maaisel) of begrazing door schapen. Dergelijke graslanden, met kenmerkende plantensoorten als ratelaar, rolklaver, koekoeksbloem en scherpe boterbloem, zijn gelijk aan de ecologisch waardevolle gronden die aan de overzijde van de Loobeek gesitueerd zijn. Hierdoor voegt het zonnepark zich naar de bestaande ecologische verbindingszone. Aan de oostzijde van het perceel wordt op een zonnige locatie een poel met bramenstruweel aangelegd. Deze voegt waarde toe voor de boomkikker welke in dit gebied is aangetroffen.

Over het inpassingsontwerp is door Tomorrow Energy advies gevraagd aan de Stichting Das en Boom en hun adviezen zijn besproken met de project-ecoloog en de landschapsarchitect. Het ontwerp beantwoordt aan een aantal belangrijke aanbevelingen van Das en Boom, zoals ruim 50 % groene inrichting, het rekening houden met de migratieroutes en het aanbrengen van extra hagen. Een aantal wensen van de stichting kon niet ingepast worden; zo is het terrein te nat en te schraal voor een fruitboomgaarden en is er vanwege de exploitatie niet meer ruimte voor éxtra toe te voegen struweelhagen of ‘hidden hedges’ die het zonnepark doorsnijden. Ook het idee van hagen die geplant worden op de taluds van greppels is niet goed inpasbaar omdat de greppels in dit oorspronkelijk natte gebied vaak vol water zullen staan waarbij de haagplanten zullen ‘verdrinken’. Ecologisch gezien is het dan beter te kiezen voor een aanplant waarin diverse soorten waaronder bloeiende en besdragende soorten waaronder soorten als meidoorn en sporkehout kunnen overleven. Wel is extra leefruimte gemaakt voor andere lokale soorten: vogelsoorten, insecten, boomkikker, plantensoorten.

- 20 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

5.6

Profielen

In onderstaand figuur zijn de locaties van de Profielen te vinden.

1.

3.

2.

4.

5.

Figuur 5-5: Indicatie dwarsprofielen

Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 21 -

- 22 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

6 - Beplanting, ecologie en beheer 6.1

Algemeen: soortenkeuze en beheer

het beheer geëvalueerd worden om waar nodig het beheer aan te scherpen.

De beplanting zal bestaand uit gebiedseigen soorten. Plantensoorten die in het projectgebied en de nabije omgeving thuishoren zijn zowel soorten van laaggelegen en periodieke (zeer) natte zandgronden als soorten van hoger gelegen, droge zandgrond. Daardoor ontstaat er binnen het projectgebied een zonering van zeer nat naar minder nat naar droog.

Indien beplantingen niet mochten aanslaan of afsterven als gevolg van bijvoorbeeld ziekte, dan zullen de beplantingen aangevuld worden met andere soorten. Dood hout kan lokaal blijven staan zolang het geen gevaar oplevert of schade veroorzaakt.

6.2

Extra kruiden- en bloemrijke zoom

Bij de soortenkeuze wordt rekening gehouden met de bijdrage aan de biodiversiteit. Dat betekent dat er veel bloeiende planten worden gezaaid en geplant om de insectenwereld te versterken, en daarmee ook weer soorten insecteneters zoals egel, vleermuis en struweelvogels te ondersteunen. Beheer en onderhoud zijn gericht, uiteraard op de energieopbrengst en binnen die randvoorwaarde op het optimaliseren van de bijdrage aan natuur en biodiversiteit. Een belangrijke factor daarin is het moment waarop gemaaid wordt, de wijze van maaien en het afvoeren van het maaisel. Periodiek zal samen met experts

Element / maatregel: Deze extra kruiden- en bloemrijke zoom ligt rond het gehele zonnepark en bestaat uit onverharde onderhoudspaden langs het Afleidingskanaal, aan de zijde van de A73 en overal elders waar onderhoudspaden nodig zijn.

Soortenkeuze: Ingezaaid met bloemenmengsel (zonder grassen) voor ruderale gebieden (bijvoorbeeld ruderaal mengsel B1 van de Cruydthoeck). Dit mengsel is geschikt voor matig tot zeer voedselrijke gronden en bevat veel verschillende soorten bloemen. Bijdrage aan biodiversiteit: de bloemen trekken verschillende soorten insecten aan zoals solitaire bijen en vlinders. Voldoende insecten zijn van groot belang voor het overleven van vogelsoorten en kan bijdragen aan natuurlijke gewassenbescherming. Daarnaast profiteren zoogdieren zoals konijnen, hazen en egels van deze bloemenstroken als fourageergebied. Beheer: Zal extensief beheerd worden door 1 keer per jaar te maaien en maaisel af te voeren in oktober-februari. In de eerste jaren mogelijk intensiever onderhoud om de vegetatie te verschralen. Oppervlak: ± 7,2 hectare

Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 23 -

6.3

Kruidenrijk grasland

Beheer: Zal extensief beheerd worden door 1 tot 2 keer per jaar te maaien en maaisel af te voeren en / of eventueel enkele weken per jaar te laten begrazen door schapen. Oppervlak: ± 9,4 hectare

6.4

Struweelhaag

Element / maatregel: Dit grasland ligt onder de zonnepanelen. Soortenkeuze: Het kruidenrijke grasland wordt ingezaaid met verschillende grassen en kruiden. Er is voldoende licht voor een gesloten begroeiing, maar deze is minder bloemrijk dat op volledig bezonde grond. Bijdrage aan biodiversiteit: De bodemstructuur van kruidenrijk grasland met verschillende soorten is beter dan van een perceel met alleen (raai)gras. De combinatie van fijne en grove wortels (penwortels) die ook nog eens dieper wortelen, hebben een positief effect op de doorlatendheid en beluchting en zijn daardoor weerbaarder voor extreme neerslag.

Element / maatregel: Struweelhagen worden aangelegd op diverse plaatsen tussen en langs de zonnepanelen. Soortenkeuzen: Aanplant gezoneerd met accent op vochtverdragende soorten zoals wilg, els, sporkehout op de lagere delen en op de hogere delen soorten als meidoorn, sleedoorn, wegedoorn en vlier. e als mix van overwegend doornachtige en / of besdragende struiken zoals de meidoorn, sleedoorn, wegedoorn en vlier. Deze soorten zijn geschikt voor de lokale grondsoort. Een strook van 2 meter breed

- 24 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

wordt in verschoven verband beplant met planten met kluit van 50-60 cm hoogte die eenmaal verplant zijn. Deze aanplant is in staat om snel boven de kruidenopslag (‘onkruid’) uit te groeien en een dichte singel te vormen. Er is voldoende ruimte voor de heesters om uit te groeien. Bijdrage aan biodiversiteit: Algemene zoogdieren als kleine marterachtigen vinden er een rustgebied en de das en de egel kunnen de hagen als veilige migratieroute gebruiken. Tevens worden deze struweelsoorten veelvuldig bezocht door insecten en bieden ze een goede nestgelegenheid voor vogels. Beheer: Gefaseerde snoei langs onderhoudspaden (eenmaal per 2 jaar) en periodieke terugzetting bij circa 4 meter hoogte eenmaal per 3-5 jaar tot 0,5 meter hoog; Afmetingen: hoogte 5 meter, breedte: 5 tot 7 meter. Oppervlak: ± ,4 hectare

6.5

Bossingels en bosvakken

Element / maatregel: Bossingels staan dwars op het Afleidingskanaal en benadrukken de landschappelijke structuur. Bosvakken worden op twee plaatsen toegevoegd. Ze worden aangeplant als struweelsingels met daarin boomvormende soorten die uit kunnen groeien. Vrijkomende grond uit het terrein (bijvoorbeeld voor de poel) wordt benut om lokaal in bosvakken en singels hogere en rijkere plekken te maken, waar soorten als zoet kers een plek kan krijgen. Soortenkeuze: als boomvormers komen in aanmerking wilg en els op lagere delen en eik, zoete kers en spaanse aak op drogere delen. De berk komt vanzelf in de aanplant. De bomen worden geplant als hoogstambomen (dat wil zeggen: opgekroonde bomen) met kluit en een plantmaat 12-14. Deze bomen zijn al 3 tot 4

m hoog en zijn in staat boven het struweel uit te groeien. De bomen worden periodiek gesnoeid zodat onderhoudsvoertuigen onder de bomen langs kunnen rijden. Deze bomen groeien uit tot volwassen bomen en worden dus niet op hoogte gesnoeid. Het struweel wordt in principe niet onderhouden. Na verloop van jaren zullen vooral in de randen nog heestersoorten groeien. In het beheer zullen besdragende en bloeiende soorten bevoordeeld worden door andere soorten terug te zetten. Bijdrage aan biodiversiteit: bomen en heesters zijn schuilplaats, nestelplaats en voedselbron voor vele soorten insecten, vogels en zoogdieren. Vroegbloeiers zoals wil en sporkehout zijn belangrijk voor insecten in het vroege voorjaar.

Element / maatregel: Graven poel van circa 2 meter diep met permanent water (gevoed door grondwater) en glooiende oevers. Aan de oostzijde van de poel wordt het terrein op de vrijgekomen bovengrond ingericht als braamstruweel, als favoriete biotoop voor de boomkikker. Ook andere soorten kunnen de poel gebruiken om te drinken en voort te planten. Soortenkeuze rond de poel: braam in groepen, heestersoorten als botanische rozen, meidoorn en vlier. Zoete kers op de voedselrijke verhoging. Bijdrage aan biodiversiteit: Ruimte voor amfibieën, speciaal de boomkikker. Besdragende soorten zijn in trek bij kleine zoogdieren, vogels en das.

Oppervlak: ± 1,8 hectare Oppervlak: ± 0, 3 hectare

6.6

Amfibieën poel en ruigte

6.7

Maatregelen versterking dassenkernleefgebied

Het plangebied maakt onderdeel uit van de het dassenkernleefgebied Loobeekdal. In de landschappelijke inpassing is hier op de volgende manier uitvoering aan gegeven:

Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 25 -

1. Verbinding faunatunnel: Het plangebied wordt nu slechts beperkt gebruikt als foerageergebied. In het plangebied wordt in het verlengde van de faunatunnel een groene corridor gerealiseerd met meidoornen sleedoornstruweel. 2. Inpassing dassenburcht Smakterveld: direct grenzend aan het plangebied bevindt zich de dassenburcht bekend als Smakterveld gelegen in het bosje in het oosten van het plangebied. Het bosje blijft onaangetast en zal worden versterkt (nieuw aan te planten bos) en in verbinding worden gebracht met de Loobeek door nieuw te planten houtwallen.

6.8. Insectenhotels en -heuvels Verspreid in het terrein worden elementen toegevoegd waarin insecten kunnen schuilen en nestelen, de zogenaamde insectenhotels of -heuvels. In de praktijk blijken dergelijke maatregelen aanmerkelijk bij te dragen aan de biodiversiteit, zeker in combinatie met versterking van de bloeiende flora in het gebied.

6.9

Monitoring

De initiatiefnemer Tomorrow Energy verplicht zich tot monitoring van de ontwikkeling van de natuurwaarden in relatie tot het zonnepark. Bij deze monitoring zal gebruik worden gemaakt van landelijke protocollen zoals die momenteel (september 2019) worden ontwikkeld door o.a. TNO en WUR (Wageningen University & Research) in het kader van het landelijke consortiumproject Zon in Landschap. Bij de uitvoering zullen professionele onderzoekers van WUR worden betrokken. De monitoring zal plaatsvinden door een nulmeting uit te voeren voordat de voorbereidingen voor de bouw van het zonnepark starten, gevolgd door extra meetrondes na bv. 2, 5, 10, 15 en 20 jaar na realisatie van het zonnepark. De resultaten van de metingen worden gedeeld met externe partijen en ook intern gebruikt voor het zo nodig bijsturen van het beheer ter optimalisatie van de ontwikkeling van de natuurwaarden. Tijdens de metingen zal aandacht uitgaan naar zowel vegetatie, als vogels, bijen en vlinders op en rond het zonnepark.

- 26 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

6.10 Impressie Hierop volgen een aantal visualisaties om een impressie te geven het uiteindelijke resultaat.

Figuur 6-1: Impressie projectgebied noord voor

Figuur 6-2: Impressie projectgebied noord na Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray - 27 -

Figuur 6-3: Impressie projectgebied midden voor

Figuur 6-4: Impressie projectgebied midden na - 28 - Landschappelijke inpassings- en beheerplan Zonnepark Venray

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10577028/1